08 Riool- en Waterprogramma (3 bijlage RWP 2022-2026)
Tekst van het document
4.2.2 Doelen Thema 1 Beleven: waterrobuust en klimaatbestendig Groene, gezonde en veilige leefomgeving Door de invoering van integraal beheer leidt het multifunctionele karakter van de te beheren voorzieningen niet tot problemen. Het watersysteem is multifunctioneel en we houden water langer vast in de bebouwde omgeving waardoor de verdroging in deze gebieden nog beperkt is. In het buitengebied ervaren we wel problemen van verdroging bij langdurige perioden zonder neerslag. Het vasthouden van water, het uitbreiden van bergingsgebieden en het verbeteren van bodemstructuur zijn we als mogelijke oplossingen. Om wateroverlast door extreme neerslag in stedelijk gebied te verminderen laten we water zoveel mogelijk op de locatie zelf infiltreren, leggen we hemelwaterriolen aan die het overtollige hemelwater ondergronds bergen en infiltreren. Daar waar door hevige regenval het bergen geen optie is zal dit water via waterpartijen naar watergangen en de beken nabij de dorpsranden worden afgevoerd. In deze waterpartijen wordt het schone hemelwater geborgen en kan het infiltreren. Hemelwater koppelen we af van het gemengde rioolstelsel en infiltreren we waar dit kan. Groenstroken in het dorp zorgen voor verbinding van de groene ruimtes, meer zichtbaarheid van het groen in het dorp en een betere uitstraling van het dorpsgezicht.
Kortom, groen en water vormen een belangrijke factor voor een aantrekkelijk en leefbaar dorp. Door inwoners te betrekken bij de (her)inrichting van de openbare ruimte en het onderhoud, worden groen én water meer verbonden met bewoners en gebruikers in de buurt. Daar waar het initiatief vanuit de gemeente komt, wordt uit het oogpunt van beheer en handhaving over het algemeen gekozen voor een samenhangend gemeentelijk systeem in plaats van losse kleinschalige particuliere infiltratievoorzieningen. Van waterbeleid naar integraal klimaatbestendig beleid Bij reguliere onderhouds- en vervangingsmaatregelen streven we ernaar om het rioleringssysteem en de bijbehorende openbare ruimte zoveel mogelijk klimaatbestendig in te richten. We stemmen hierbij af met andere disciplines (bijvoorbeeld ruimtelijke ordening en beheer openbare ruimte) en maken een gezamenlijke afweging. Hierbij liften we zoveel als mogelijk mee met geplande werkzaamheden in de openbare ruimte., waarbij riolering gelet op haar vervangingscyclus vaak leidend zal zijn. Indien wijkreconstructies en rioolvervanging/verbetering aan de orde zijn, wordt voorafgaand de meest doelmatige manier van hemelwaterverwerking onderzocht. De opgave voor de gemeente is met de berekeningen in de BRP’s inzichtelijk gemaakt.
Bovenop de maatregelen in het gemengde rioolstelsel is bepaald hoeveel verhard oppervlak moet worden afgekoppeld om droge voeten te houden bij een ontwerpbui die eens in de twee jaar valt (Bui 8). Voor de afweging waar hemelwater 19
af te koppelen in het openbaar gebied is het hemelwaterstructuurplan opgesteld, waarbij de openbare verharding en voorkant van de daken worden afgekoppeld. Het gaat in het ontwerp dan ook om het zichtbaar maken van water, het verhogen van de belevingswaarde en integratie van water en groen. Het gemeentelijk hemelwaterbeleid heeft al een belangrijke bijdrage geleverd aan het pakken van kansen die zich voordoen bij ontwikkelingen. Hiermee heeft de gemeente niet bij haar eigen projecten voorgesorteerd op klimaatontwikkelingen, maar hebben ook projecten van derden hieraan bijgedragen. Daar waar door ruimtegebrek geen gescheiden riolering kan worden aangelegd in bestaande dorpskernen, wordt met dit beleid met haar verplichting van het vasthouden van regenwater, een bijdrage geleverd bij herbouw en nieuwbouw. Bij de klimaatbestendige inrichting van de openbare ruimte voor bestaand gebied hebben we stresstesten uitgevoerd en voeren een risicodialoog uit om te komen tot maatwerkoplossingen. Hierin wordt de omgang met locaties waar hittestress, wateroverlast en -tekort voorkomen besproken. Met het uitbreiden het waterbeleid naar een integraal klimaatbestendig beleid willen we bijdragen aan deze oplossingen en gelijktijdig een aantrekkelijke omgeving realiseren. Dit doen we samen met de collega’s van groen, wegen en ruimtelijke ontwikkeling.
We benutten de reikwijdte van de zorgplicht riolering om voor maatregelen die bijdragen aan een goed functionerend stedelijk watersysteem en prettig leefklimaat uren en middelen beschikbaar te stellen. Klimaatmaatregelen nemen als meekoppelkans In het Paraplunota Duurzaamheid 2019-2022 hebben we opgenomen dat we werken aan een duurzame gemeente, met aandacht voor de kwaliteiten van de kernen, ons landschap, de economie en de samenleving. In 2050 zijn we energieneutraal, groen, klimaatbestendig, schoon en circulair. Hierbij gaat het vooral om het tegengaan van opwarming, wateroverlast en verdroging zowel in de bebouwde omgeving als in het omringende buitengebied en de natuur. Op het vlak van stedelijk waterbeheer stellen we ons de ambitie om (binnen gerelateerde projecten) bij te dragen aan andere klimaatthema’s dan wateroverlast zoals droogte, hittestress en biodiversiteit door meekoppelkansen te benutten en belanghebbenden bij elkaar te brengen. De stresstest die voor de regio is uitgevoerd laat zien waar de gevoelige plekken liggen voor hitte-, droogte- en wateroverlast. Daarnaast is een klimaatkaart opgesteld die de kansen in de regio aan klimaatmaatregelen in samenhang met de bodem en atmosfeer in beeld brengen.
We werken als regionale werkgroep het onderdeel klimaatadaptatie binnen de regionale energie- en klimaatstrategie (REKS) op onderdelen uit in de vorm van een uitvoeringsprogramma. Dit met een klimaatbestendige regio als doel om de negatieve gevolgen van de klimaatontwikkeling af te zwakken. De komende jaren gaan we met kansrijke projecten aan de slag in onze gemeente, zoals het verduurzamen van bedrijventerreinen, waterbuffers aanleggen, de bodem weerbaarder maken en bodemleven stimuleren. Verschillende belanghebbenden kunnen deze projecten opstarten of eraan deelnemen. We stemmen de maatregelen en programmering af met de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie vanuit de REKS. Werken aan een robuust en veerkrachtig watersysteem Met de verdere aanleg van hemelwaterstructuurplan in de vorm van hemelwaterriolen bij reconstructies in de wijk zetten we als gemeente een flinke stap in het voorkomen van natte voeten. Echter door klimaatverandering ontstaat een nieuwe opgave. Buien worden extremer en de frequentie waarmee zware buien optreden neemt toe. Om op de toekomst voorbereid te zijn en een goed woon- en vestigingsklimaat te behouden zijn nieuwe investeringen nodig. Extra en grote hoeveelheden regenwater moeten worden verwerkt om waterschade te voorkomen. Het
20
ondergronds afvoeren van deze extremen is kostbaar, maar bovengrondse oplossingen voor berging vergen ruimte en zijn daardoor sterk afhankelijk van andere claims op de bovengrond. Om het water- en rioleringssysteem toekomstbestendig te kunnen blijven houden hebben we sinds 2017 een aangescherpt hemelwaterbeleid ten opzichte van de Keur van het waterschap De Dommel. Bij nieuwbouw én herbouw behoort er waterbergende voorzieningen worden aangelegd vanaf 250 m2. Hiermee wordt de belasting van zuiver water op dit stelsel verminderd, ook op locaties waar door ruimtegebrek of inefficiëntie geen hemelwaterriool zal worden aangelegd. Knelpunten in bestaande dorpskernen kunnen bij herbouw en nieuwbouw hiermee dan toch nog worden verholpen of verminderd. De regenwateropgave verplicht tot het aanbrengen van regenwaterberging en is in lijn met de wateropgave die de waterbeheerder oplegt. Op dit moment is dat tot 60 mm (= factor 1), gelijk aan de Keurkaart algemene regels verhard oppervlak. Mocht na verloop van tijd blijken dat het niet mogelijk is om in de bebouwde omgeving voldoende waterberging te realiseren, dan kan dat tot gevolg hebben dat de ontwerpbelasting van de riolering moet worden aangepast naar een bui met een hogere herhalingstijd. Dit betekent dat het afwateringsstelsel moeten worden aangepast en waterberging moet worden toegevoegd en de kosten fors toenemen.
Als gemeente staan we niet alleen voor deze opgave: op particulier terrein zijn ook maatregelen nodig. Bewustwording door voorlichting en het opstarten van risicodialogen is daarvoor nodig. Deze dialogen kunnen op verschillende niveaus worden opgestart: • met professionele partijen over de algemene aanpak en het programmeren van maatregelen; • in buurten, wijken en bij bedrijventerreinen met de direct betrokkenen. Dit is zeker wenselijk voor locaties waar herontwikkeling gaat spelen; • voor specifieke gebieden waar wateroverlast een ernstig probleem is of waar sprake is van extra kwetsbaarheden, zoals de bereikbaarheid van een bejaardenhuis. Daarbij kunnen ook inrichtingsmaatregelen op perceelniveau worden besproken (gebruik van kelders, aanleg van drempels et cetera). Beschikbare informatie vanuit risicoscans worden gebruikt om de noodzaak aan te geven.
4.2.3 Ambitie Thema 2 Samenleven: Participatie en communicatie In (potentiële) wateroverlastgebieden en gebieden met gunstige condities voor hemelwaterinfiltratie betrekken we bewoners en bedrijven actief bij wateropgaven. Bij nieuwe ontwikkelingen dagen we bewoners en bedrijven uit om met stedelijk water de omgeving een impuls te geven. Het gedrag van de gebruikers van de riolering bepaalt in grote mate de effectiviteit van onze voorzieningen. Om deze reden verstrekken we inwoners en bedrijven informatie over de werking van het stedelijk watersysteem en maken we duidelijk dat we als overheid en maatschappij samen aan de lat staan voor de opgaven waar we voor staan.
4.2.4 Doelen Thema 2 Samenleven: Participatie en communicatie Impuls op particulier terrein Een groot deel van het verharde oppervlak ligt op particulier terrein en is de grond privaat eigendom. Samen met bewoners en bedrijven, maar ook o.a. ontwikkelaars en bouwondernemingen kunnen en moeten we nu onze leefomgeving verbeteren door bijvoorbeeld hemelwater op eigen terrein te bergen, daken te vergroenen, tegels uit de tuin te halen en meer water in de wijk vast te houden. Elke druppel telt! Een mogelijk middel is het verplichten van afkoppelen van verhard oppervlak en het bergen van regenwater op het eigen terrein. We vinden dit dwingende karakter niet passen binnen de
21
Hilvarenbeekse aanpak. Daarnaast is handhaving hierop praktisch en gelet op capaciteit niet efficiënt. Wij richten ons daarom liever op het zelforganiserend vermogen en overtuiging van onze inwoners om hier stappen in te zetten, naast het bestaande hemelwaterbeleid dat zich richt op her- en nieuwbouw. Bewustwordingsprogramma ‘Klimaatmakers Hilvarenbeek’ Om onze inwoners bewust te maken van de effecten van extreme weersomstandigheden is in 2018 het programma ‘Klimaatmakers Hilvarenbeek’ opgestart met acties en deze zullen voor de komende planperiode worden voortgezet. Om samen met inwoners onze gemeente klimaatbestendiger én dus duurzamer te maken, zijn niet altijd grote, dure maatregelen nodig. Kleine aanpassingen kunnen al een groot verschil maken. Dat is het idee achter Klimaatmakers. Onder anderen met het voortzetten bewustwordingsprogramma ‘Klimaatmakers Hilvarenbeek’ proberen we de betrokkenheid van onze inwoners te vergroten. Via doelgerichte communicatie willen we bepaalde doelgroepen aanspreken om samen met gemeente, waterschap en andere partijen in de openbare ruimte een bijdrage te leveren aan een waterrobuuste omgeving. We onderscheiden in onze communicatie verschillende te bereiken stadia: bewust worden, bewust zijn en bewust doen.
Voor elk stadium hebben we andere communicatiedoelstellingen: Bewust worden • Alle inwoners van Hilvarenbeek worden zich de komende vijf jaar bewust van de gevolgen van klimaatverandering en verstening; • Alle inwoners van Hilvarenbeek beseffen dat water op straat vaker zal voorkomen en dat dit een geaccepteerd verschijnsel is; Bewust zijn • Spelers in de openbare ruimte houden rekening met de gevolgen van klimaatverandering, verstedelijking en micro-verontreinigingen; • Ontwikkelende partijen houden rekening met een waterrobuuste inrichting van de openbare ruimte; • Aanvragers van een bouw/omgevingsvergunning zijn op de hoogte van regels op het gebied van stedelijk water; Bewust doen • Voorlopers van waterrobuuste maatregelen op- en om het huis zijn zichtbare ambassadeurs; • Partijen die bijdragen aan onze ambities krijgen extra aandacht in de media; • We nemen een passende rol in binnen projecten die bijdragen aan onze gezamenlijke klimaatopgave • Impactprojecten zijn goed zichtbaar in de openbare ruimte. Communicatiemiddelen Om effectief te kunnen communiceren is een breed aanbod aan communicatiemiddelen beschikbaar. Deze lenen zich in meer of mindere mate voor het bereiken van de communicatiedoelen. Zo richten we ons op social media, lokale media, ontmoetingen, bestuurlijke activiteiten en benutten we contactmomenten (evenementen, bewonersavond).
We geven een vervolg aan het bewustwordingsprogramma Klimaatmakers Hilvarenbeek, steunen initiatieven en gaan de samenwerking aan met bedrijven/organisaties. Als gemeente willen wij een actieve rol innemen met betrekking tot burgerparticipatie. Hierin zal de rol van de gemeente verschillen. Daar waar energie komt vanuit de samenleving zullen we daaraan deelnemen en eventueel mee faciliteren. Dit vraagt om een omgevingsgerichte werkwijze met een 22
overheid in haar participerende rol. We streven naar een praktische aanpak, gaan in dialoog met de bewoners en verstrekken informatie om het bewustzijn te vergroten een interactieve aanpak bevorderen. Ook bedrijven stimuleren we en nodigen we uit om te participeren. Als gemeente geven we het goede voorbeeld door meekoppelkansen binnen onze eigen organisatie te benutten en de meerwaarde die dit oplevert naar buiten te communiceren.
4.2.5 Ambitie Thema 3 Ondernemen: Integraal werken Binnen de reikwijdte van de zorgplichten dragen we bij aan gezamenlijke doelen en streven voortdurend naar synergie. De riolering en het stedelijk water zijn onderdeel van de waterketen en het watersysteem. Naast deze interactie tussen keten en systeem bestaat ook een groeiende interactie tussen onder- en bovengrond. We krijgen als stedelijk waterbeheerder naast de nutsbedrijven, steeds vaker te maken met partijen in de bovengrond zoals woningcorporaties, gebouweigenaren andere beheerders in de openbare ruimte en particulieren. Door samen te werken in de waterketen kunnen we kosten besparen, de kwaliteit verbeteren, de kwetsbaarheid verminderen, kennis uitwisselen en effectiever inspelen op klimaatverandering. We nemen een passende rol in binnen projecten die bijdragen aan deze opgaven.
4.2.6 Doelen Thema 3 Ondernemen: Integraal werken Ontwikkelingen op een duurzame manier De afgelopen planperioden hebben we de samenwerking opgezocht binnen de waterketen en het watersysteem. Dit heeft geleid tot afstemming van maatregelen, uniformering en leren van elkaars kennis en kunde. Met de toenemende aandacht voor klimaatadaptatie neemt de interactie tussen onder- en bovengrond verder toe. Hierdoor krijgen we in toenemende mate te maken met partijen die in de openbare ruimte actief zijn. Het opstellen van een integraal klimaatbestendig beleid vanuit de openbare ruimte zal bijdragen aan de integrale afstemming en het klimaatbestendig ontwikkelen in de vorm van groen/ blauwe structuren. Gebiedsontwikkelingen als een (meekoppel)kans om water/groenstructuren te versterken De thema’s energietransitie, circulaire economie en klimaatadaptatie nopen ertoe dat we over de grenzen van ons eigen werkveld en over de grenzen van onze eigen afdeling werken, zowel intern als extern. We houden hierbij onze eigen doelen en ambities voor ogen en dragen naar eigen draagkracht bij aan gezamenlijke doelen en ambities. Zo gaan we bijvoorbeeld, vanwege de klimaatopgave, intensiever samenwerken met instanties als de GGD en woningbouwcorporaties. Met de huidige samenwerking binnen Hart van Brabant kunnen we de gemeentelijke watertaken doelmatig invullen.
Nieuwe thema’s zoals klimaatadaptatie, de energietransitie en de aanpak van microverontreinigingen zullen meer aandacht vragen, waardoor de noodzaak tot samenwerken en specialiseren verder toeneemt. Waar doelmatig pakken we thema’s op binnen het samenwerkingsverband. Ondanks dat het Bestuursakkoord Water in 2020 is afgelopen, is vanwege de vruchtbare samenwerking ervoor gekozen deze voort te zetten en waarmee de energie kan worden gericht op nieuwe thema’s en het addendum van het Bestuursakkoord Water. Samenhang tussen klimaatopgaven in het buitengebied en het lokaal toeristisch-recreatief profiel De opgaven vanuit de REKS vragen om meer afstemming en samenwerking in het buitengebied. Hierin zal de rol van de gemeente verschillen. Daar waar energie komt vanuit de samenleving zullen we daaraan deelnemen en eventueel mee faciliteren. Dit vraagt om een omgevingsgerichte werkwijze met een overheid in haar participerende rol, waarbij we bij elke ingreep een belangenafweging maken waarin water en klimaat een rol van betekenis speelt. Vanuit deelname aan de werkgroep Klimaatadaptatie binnen de REKS wordt invulling gegeven aan het uitvoeringsprogramma op klimaatmaatregelen. Voor de uitbouw van het lokaal toeristisch23
recreatief profiel zien we een belangrijke samenhang met (klimaat)opgaven in het buitengebied, door bijvoorbeeld de natuurgebieden in Hilvarenbeek te laten functioneren als een spons of recreatie als economische drager te combineren met gebiedsontwikkelingen.
4.2.7 Ambitie Thema 4 Dienstverlenen: Duurzaam en levenscyclusgericht Op basis van de inspectieresultaten, klachten en verbeteringsopgaven wordt een maatregelenprogramma voor het onderhouden, vervangen en renoveren van de bestaande riolering opgesteld. Dit gebeurt met behulp van rioolbeheerprogramma die actuele informatie bevat over de toestand van de riolering. De gemeente is in staat om werkzaamheden in de openbare ruimte integraal af te stemmen. Vervanging van de riolering vindt altijd plaats in combinatie met weg- en/of vernieuwingswerkzaamheden en is hierin leidend voor de andere disciplines. Op deze manier bespaart de gemeente kosten en wordt hinder tot een minimum beperkt. Afhankelijk van de schades in de riolering, omgevingsfactoren en werk met werk maken wordt de manier van herstellen of vervangen bepaald. Tevens wordt gelet of op de locatie een hemelwaterriool moet worden aangelegd. Relining door middel van de kousmethode is een volwaardig en veelal goedkoper alternatief en zal waar mogelijk worden toegepast. De werking van mechanische riolering en watersysteem in het buitengebied heeft onze speciale aandacht. Door inbreidingen kan de draagkracht van het stelsel overbelast raken. In het buitengebied willen we onrechtmatige lozingen van hemelwater op de drukriolering saneren.
Verder houden we dezelfde personele capaciteit aan binnen en buitendienst die het riool- en waterbeheer verzorgt. Hiermee behouden we een eerstelijn-service naar onze inwoner en behouden we kennis van de riolering in onze gemeente. Daar waar noodzakelijk worden diensten ingehuurd. In het Paraplunota Duurzaamheid 2019-2022 hebben we opgenomen dat we werken aan een duurzame gemeente, met aandacht voor de kwaliteiten van de kernen, ons landschap, de economie en de samenleving. Op het vlak van stedelijk waterbeheer stellen we ons de ambitie om (binnen gerelateerde projecten) bij te dragen aan andere klimaatthema’s dan wateroverlast zoals droogte, hittestress en biodiversiteit door meekoppelkansen te benutten en belanghebbenden bij elkaar te brengen. De rol van water en riolering bij verduurzaming (terugwinnen energie) zien we vooral faciliterend. Binnen het samenwerkingsverband zoeken we de kennisdeling ten aanzien van deze duurzame initiatieven actief op. Verder kopen we duurzaam in conform het gemeentelijk aanbestedingsbeleid, passen we circulaire ontwerpprincipes toe en gebruiken we, waar mogelijk, recyclebare materialen. In 2030 stellen we ons de ambitie om maximaal 30 kg restafval per inwoner per jaar in te zamelen. • Daarvoor zal er co-creatie plaatsvinden met inwoners en stakeholders voor draagvlak en streven we naar een schone leefomgeving zonder ‘zwerfafval’.
4.2.8 Doelen Thema 4 Dienstverlenen: Duurzaam en levenscyclusgericht Goede beheerinformatie Om de theoretische analyse te kunnen doen behoort de beheerdata overeen te komen met de praktijk. Het op orde hebben van de beheerdata is hiermee de basis voor verdere besluiten en maatregelen. Voor deze beheerdata zijn in afgelopen planperiode softwarepakketten up to date gehouden met onder andere de beheerdata van de vrijvervalriolering, drukriolering en grote rioolgemalen, om onderhoud uit te voeren en het functioneren te waarborgen, zodat de voornaamste storingen direct kunnen worden verholpen. De meetnetten van de grote rioolgemalen en het grondwater zijn inmiddels ook uitgebreid en uit de opgehaalde data zijn rekenmodellen verfijnd waarmee de te verwachten overlastlocaties beter in
24
beeld zijn gebracht. Dit zorgt ervoor dat we op de juiste locatie de juiste maatregelen kunnen nemen. Rioolbeheerplan opstellen met gedifferentieerd beheer Om het stedelijke watersysteem goed te laten functioneren wordt onderhoud uitgevoerd. Traditioneel worden deze onderhoudsactiviteiten volgens een vaste frequentie uitgevoerd of op basis van kwaliteitsgegevens. Om het rioleringssysteem planmatig te kunnen beheren en onderhouden is inspectie van vrijverval riolering en gemalen noodzakelijk. De afgelopen jaren zijn de inspecties consequent uitgevoerd en is er voldoende zicht op de gesteldheid van het hele stelsel. Er zijn onderdelen die meer aandacht vragen maar ook minder. Tijdens de vorige planperiode is een eerste aanzet gedaan om de afvalwaterketen meer risicogestuurd/gedifferentieerd te gaan beheren. Het gedifferentieerd beheer zal de inspectiestrategie bepalen. We zullen dit gaan vastleggen in het rioolbeheerplan. Goed functioneren riolering De inzameling en het transport van stedelijk afvalwater in de gemeente Hilvarenbeek leidt niet tot volksgezondheid- of milieuproblemen. Hiervoor zijn in het verleden diverse maatregelen getroffen. De gemeente en waterschappen realiseren zich dat lozingen vanuit het rioolstelsel onvermijdbaar zijn en zorgen er gezamenlijk voor dat de effecten op het (water)milieu aanvaardbaar zijn.
Hiertoe volgen de waterpartners een immissiegerichte aanpak met kosteneffectieve maatregelen in plaats van het traditionele normgerichte spoor. Inzicht in het functioneren van het stedelijke watersysteem is hiervoor essentieel (meten & monitoren). Riolering buitengebied transformeert met transitie buitengebied De drukriolering dient nog niet vervangen te worden, echter het buitengebied ondergaat een grote verandering doordat het landschap en de functies erin veranderen. Dit gaat ook gepaard met een ander lozingsgedrag. De kans bestaat dat het systeem in de nabije toekomst niet meer voldoet. In die situaties en bij vervanging van bestaande voorzieningen (drukriolering of een alternatieve voorziening) wordt bewust een heroverweging gemaakt van wat de meest doelmatige oplossing is per specifieke situatie. Er wordt niet standaard dezelfde voorziening teruggeplaatst als alternatieven mogelijk doelmatiger zijn. Daarbij wordt op de drukriolering nog regelmatig hemelwater geloosd, wat wettelijk niet is toegestaan. Om het functioneren van de drukriolering te verbeteren, wordt met het hemelwaterbeleid met daarin de aanwijsgebieden verplichte afkoppeling verder ingekaderd. Aanvullend wordt onderzoek verricht waar de lozing van hemelwater op drukriolering plaatsvindt en wordt dit hemelwater afgekoppeld.
Onrechtmatige lozingen Indien op grond van klachten foutieve aansluitingen worden vermoed, worden deze onderzocht. Dit geldt ook als uit de metingen signalen zijn dat pompen meer draaien dan beoogd of als overstorten vaker in werking gaan dan uit de berekeningen blijkt. Het preventief opsporen van foutieve aansluitingen of rioolvreemd water zonder dat daar aanwijzingen voor zijn, beschouwt de gemeente als niet doelmatig. Naast het opsporen is de wettelijke en juridische borging van groot belang. In dat kader is in dit Programma als bijlage het hemel- en grondwaterbeleid van de gemeente opgenomen. Hierin zijn ook gebieden aangewezen waar het verboden is om hemelwater te lozen op het gemengde of Droog Weer Afvoer (DWA)-riool. Dit geldt ook voor grondwater.
25
5
Uitvoeringsagenda
In dit hoofdstuk is weergegeven welke activiteiten en/of maatregelen we als gemeente Hilvarenbeek in samenwerking met onze waterpartners of zelfstandig verrichten om invulling te geven aan de ambities en watertaken in dit RWP. Omdat maatregelen bijdragen aan meerdere opgaven zijn de maatregelen gegroepeerd weergegeven per type: planvorming en onderzoek, cyclisch onderhoud, vervangings- en verbeteringsmaatregelen en facilitair.
5.1
Gezamenlijk programma
Onze samenwerkingsovereenkomst (SOK) is eind 2020 afgelopen. In 2021 is er besloten gezamenlijk door te gaan met de samenwerking. Wij zijn ons nu aan het bezinnen op welke wijze we de samenwerking voortzetten om invulling te kunnen geven aan nieuwe afspraken. Als gemeente Hilvarenbeek nemen wij deel met 1 medewerker aan de samenwerking in de regio Hart van Brabant. Jaarlijks stellen we een gezamenlijk programma op in de vorm van een jaarplan. De maatregelen en bijbehorende kosten die uit deze samenwerking komen, zijn opgenomen het gemeentelijke uitvoeringsprogramma en is opgenomen als last in het kostendekkingsplan.
5.2
Gemeentelijk uitvoeringsprogramma
In onderstaande tabel zijn per thema vanuit de voorgaande beschreven ambitie en doelen maatregelen gekoppeld die in het gemeentelijke uitvoeringsprogramma worden opgenomen. Deze maatregelen zijn verder beschreven in bijlage 3 en zijn opgenomen in als maatregelen in het kostendekkingsplan in hoofdstuk 6. Thema Ambitie Doel Maatregel code Groene, gezonde en veilige Integraal ontwerpen leefomgeving Van waterbeleid naar Opstellen integraal B1 integraal klimaatbestendig klimaatbestendig beleid beleid Klimaatmaatregelen nemen Klimaatmaatregelen bij B2 Thema 1 Waterrobuust en als meekoppelkans vervangingsprojecten Beleven klimaatbestendig Actualisatie B3 Hemelwaterstructuurplan Klimaatmaatregelen uit B4 REKS Werken aan een robuust en Maatregelen uit BRP’s B5 veerkrachtig watersysteem Meetnet riolering B6 Impuls op particulier terrein Beleid voortzetten
Thema 2 Samenleven
Participatie en communicatie
Bewustwordingsprogramma Acties Klimaatmakers ‘Klimaatmakers Hilvarenbeek’ Subsidie inwonersinitiatief Communicatiemiddelen juist Communicatie en inzetten bewustwording juist gebruik Via lokale en regionale overlegtafels werken aan de klimaatmaatregelen uit de REKS
S1 S2 S3
B4
26
Ontwikkelingen op een duurzame manier
Thema 3 Ondernemen
Integraal werken
Opnemen ontwerpeisen vanuit integraal klimaatbestendig beleid Groen/ blauwe structuren opnemen in ontwerp bij ontwikkelingen Onderzoek vermindering verstening Onderzoek naar koppelkansen toeristischrecreatief profiel (REKS) Revisieverwerking en vullen beheerpakketten NEN keuringen uitvoeren
B1
Rioolbeheerplan opstellen met gedifferentieerd beheer
Implementatie van gedifferentieerd beheer
D3
Riolering buitengebied transformeert met transitie buitengebied
Onderzoek systeemwerking drukriolering Optimalisatie functioneren drukriolering Aanleg peilbuizen bij ontwikkelingen Aanpak lozingen hemelwater op drukriolering
D4
Gebiedsontwikkelingen als een (meekoppel)kans om water/groenstructuren te versterken Samenhang tussen klimaatopgaven in het buitengebied en het lokaal toeristisch-recreatief profiel Goede beheerinformatie
Thema 4 Duurzaam en Dienstverlenen levenscyclusgericht
Grondwaterpeil monitoren Onrechtmatige lozingen
O1
O2 B4
D1 D2
D5
D6 D7
27
5.2.1 Planvorming en onderzoek Planvorming is onmisbaar voor doelmatig rioleringsbeheer. Om inzicht te behouden en verkrijgen in de toestand en het functioneren van het rioleringssysteem is onderzoek noodzakelijk.
5.2.2 Cyclisch onderhoud Onderhoudsinspanningen zijn afgestemd op het in stand houden en goed laten functioneren van het systeem, waarbij risico’s optimaal worden vermeden (asset-management). De activiteiten bestaan uit regulier onderhoud en (reactieve) reparaties. De onderhoudskosten maken een significant deel uit van de totale exploitatie van onze gemeente. Deze kosten bestaan grotendeels uit het jaarlijks onderhoud van rioleringen, gemalen en rand- en hemelwatervoorzieningen.
5.2.3 Vervangings- en verbeteringsmaatregelen Maatregelen zijn afgestemd op het in stand houden en optimaliseren van het functioneren van het systeem. Ten behoeve van de drie zorgplichten is het van belang dat het functioneren van het stelsel in stand gehouden wordt. Het is dus zaak dat oude leidingen tijdig vervangen worden. Het moment van vervangen wordt gebaseerd op de inspectieresultaten en/of optredende problemen en afgestemd met de andere elementen in de openbare ruimte via het meerjarenplan integraal beheer (MJP). Ten behoeve van de verbetering van de afvoercapaciteit en/of een vermindering van de vuiluitworp worden verbeteringsmaatregelen uitgevoerd.
5.2.4 Facilitair / overig Om het stedelijke watersysteem goed te beheren, worden ondersteunende activiteiten verricht en diensten afgenomen. Deze worden gegroepeerd onder ‘Overig’. De personele bezetting per 2021 bedraagt 2,65 fte, bestaande uit ca. binnendienst 1,35 en ca. 1,3 fte buitendienst. Het betreft de taken voor het water-, riolerings- en klimaatadaptatie, bijdrage aan ruimtelijke plannen, plantoetsing, opdrachtgever, rioolbeheerder, toezichthouder, aansturing van de buitendienst en advies van overige afdelingen. Het uitvoeren van hydraulische berekeningen en onderzoeken besteden we uit. De huidige capaciteit wordt voornamelijk besteed aan het dagelijks beheer en vervangingswerkzaamheden. Daarnaast worden vanuit het projectbureau reconstructieprojecten en onderzoeken begeleid. Prioritering blijft bij een kleine organisatie belangrijk om doelmatig de taken in te blijven vullen. In de komende planperiode wordt binnen de werkeenheid Hart van Brabant blijvend aandacht aan de persoonlijke kwetsbaarheid besteed. Benoemde kwetsbaarheden die opgemerkt worden zijn, stand-alone functies, ervaring, de kennis over beheersystemen, aansturing projecten en weinig instroming/vakopleidingen voor de toekomstige invulling van de functies.
Aangedragen oplossingen binnen de huidige bezetting zijn: een strategie om overdrachtstermijnen en uitval op te vangen, zoveel mogelijk kennisdeling, beter bijhouden van beheersysteem en het opzetten van een Marktplaats voor het uitwisselen van formatie.
28
6
Middelen
De vervangingswaarde van het stedelijk watersysteem (riolering en oppervlaktewater) in de gemeente Hilvarenbeek bedraagt ca. € 115 miljoen. Voor het beheer van dit systeem zijn goede mensen en financiële middelen nodig. In de aankomende planperiode geven aan exploitatiemaatregelen en het uitvoeren van projecten hieraan gemiddeld € 1,54 miljoen per jaar uit. Geld dat bewoners en bedrijven via de rioolheffing bijeenbrengen. In dit hoofdstuk gaan we in op de benodigde personele en financiële middelen om invulling te geven aan goed en doelmatig rioleringsbeheer.
6.1 Kosten en kostendekking De financiële gevolgen van het voorgestelde beleid zijn verwerkt in het kostendekkingsplan, waarmee een nieuwe berekening van de rioolheffing tot stand is gekomen. Met de rioolheffing mogen gemeenten de te maken kosten op de inwoners van de gemeente verhalen. De kosten voor de uitvoering van dit beleid staan verderop in dit hoofdstuk opgenomen. De voornaamste overzichten van het kostendekkingsplan zijn opgenomen in bijlage 4.
6.2 Kosten / lasten Bij de uitvoering van de gemeentelijke watertaken maken gemeenten kosten. Deze kosten bestaan uit exploitatielasten en investeringen. Exploitatielasten zijn veelal de jaarlijks terugkerende kosten voor het dagelijks beheer en onderhoud, maar ook onderzoek. Investeringen zijn uitvoeringsprojecten. Zij worden geactiveerd en vervolgens afgeschreven volgens de componentenmethode (zie onderdeel overige uitgangspunten) over een aantal jaren. Exploitatielasten bestaan met name uit: • kosten van reiniging en inspectie; • kosten van renovatie, (groot) onderhoud en reparatie; • energiekosten; • kosten van onderzoek; • kosten van premies, verzekeringen, contributies; • kosten in het kader van nieuwe taken en onderzoeken; • lasten van urenbesteding (eigen en uitbesteed); • fictieve btw-lasten; • kapitaallasten (rente- en afschrijvingslasten).
29
Lastenoverzicht exploitatie 900.000,00 800.000,00 700.000,00
totale jaarlasten
600.000,00 500.000,00 400.000,00 300.000,00 200.000,00 100.000,00
Hoofdriolering Huisaansluitingen IBA's Randvoorzieningen Beheer
2051
2050
2049
2048
2047
2046
2045
2044
2043
2042
2041
2040
2039
2038
2037
2036
2035
2034
2033
2032
2031
2030
2029
2028
2027
2026
2025
2024
2023
2022
0,00
Kolken Rioolgemalen Drukriolering Onderzoeken Kwijtscheldingen
Figuur 1 Lastenoverzicht exploitatie
Onder de investeringen rekent de gemeente: • bouwkundige vervanging van gemalen, drukriolering, persleidingen en vrijvervalriolering; • uitvoering van maatregelen in het kader van klimaatontwikkeling en waterkwaliteit. Een aantal van bovengenoemde lasten lichten we hieronder toe. De eerste aanleg van riolering vindt vaak plaats als onderdeel van een grondexploitatie en wordt dan ook binnen het totaal van die grondexploitatie bekostigd. Bij vervanging van de eerste aanleg, overige vervangingen en een aantal (verbeter)maatregelen uit het RWP activeren we de investering en schrijven daar op af volgens de componentenmethode. Wij hanteren dus niet het alternatieve systeem, waarbij gedurende een aantal jaren gespaard wordt voor de vervanging, die bij vervanging in één keer ten laste van de gespaarde middelen afgeboekt wordt. In de gevallen dat we kosten maken, waarbij we van de leverancier een factuur ontvangen inclusief BTW, kunnen we de te betalen BTW vervolgens declareren bij het BTW-compensatiefonds. Hierdoor drukt de BTW niet als directe kostencomponent op het product riolering. We betrekken de betreffende BTW sinds 2003 wel als fictieve kostencomponent in de berekening van de rioolheffing. Hierdoor komt het aandeel BTW feitelijk als overdekking (meer dan 100 % kostendekkendheid) tot uitdrukking en daarmee als algemeen dekkingsmiddel.
Deze mogelijkheid is in de gemeentewet gecreëerd bij de invoering van het BTW-compensatiefonds in 2003, om te voorkomen dat de gemeenten met een ongewenst nadelig budgettair effect werden geconfronteerd. In het voorliggend RWP rekenen we met een vast bedrag aan fictieve BTW op het niveau van de begroting 2022, zijnde € 155.000,-.
30
De kosten van de urenbesteding bestaan uit de directe salariskosten en een opslag voor overhead. De overheadskosten zijn kosten van ondersteunende activiteiten, zoals kosten van automatisering, financiën en huisvesting. De kapitaallasten bestaan uit een afschrijvingsdeel en een rentedeel. Lastenoverzicht totaal 2.500.000,00
totale jaarlasten
2.000.000,00
1.500.000,00
1.000.000,00
500.000,00
2051
2050
2049
2048
2047
2046
2045
2044
2043
2042
2041
2040
2039
2038
2037
2036
2035
2034
2033
2032
2031
2030
2029
2028
2027
2026
2025
2024
2023
2022
0,00
Totaal exploitatielasten Uren
Totaal exploitatielasten Uren Lopende kapitaallasten
incl. rente incl. rente
Jaar € € €
Kapitaallasten vervangings€ en nieuwe investeringen Fictieve BTW-lasten € Totale lasten € Tabel 2. Overzicht kosten planperiode RWP
2022
2023
2024
2025
2026
839.641 430.686
807.141 430.686
792.141 430.686
777.141 430.686
843.949 430.686
550.160
523.982
521.678
515.077
502.521
0 155.000 1.975.487
20.656 155.000 1.937.465
39.531 155.000 1.939.036
51.047 155.000 1.928.951
57.679 155.000 1.989.835
6.3 Inkomsten / Baten De wettelijke zorgplichten riolering en ambities bekostigen we uit de rioolheffing. Tot en met 2017 hanteerden we een gebruikersheffing per m3 waterverbruik. De gebruikers van ons rioolstelsel betaalden zo mee aan de rioolheffing evenredig naar het aantal m3 water dat ze afvoerden. Hoe meer water ze afvoerden hoe hoger de aanslag rioolheffing was. Daarmee bleven degenen die geen gebruik maakten van ons rioolstelstel – maar wel belang hebben bij een goede hemelwaterafvoer en grondwaterstand - buiten de heffing. De heffing kon worden geduid als een ‘klassieke’ wijze van rioolheffing. Met de vaststelling van de belastingverordeningen 2018 op 9 november 2017 besloot de raad om de heffingssystematiek aan te passen met de volgende argumentatie.
31
Het afvoeren en verwerken van hemelwater wordt door zwaardere buien steeds belangrijker. Hiervoor leggen we bij vervanging van de riolering hemelwaterriolen aan. We pasten daarom de ‘klassieke’ heffingssystematiek vanaf 2018 aan in een ‘verbrede’ wijze van rioolheffing. We belasten daarmee niet alleen de gebruikers van het rioolstelsel, maar ook degenen die profiteren van onze hemelwaterafvoer en van de maatregelen die we nemen voor onze grondwaterstand. Dus ook eigenaren van panden, die geen gebruikers zijn (U kunt hierbij denken aan eigenaren van leegstaande panden of verhuurders (zoals woningcorporaties)). De rioolheffing kent voor agrarische percelen een speciale regeling. Al het water dat zij naar hun perceel toevoeren, lozen zij namelijk niet volledig via de gemeentelijke riolering. De gevolgen van de veranderde heffingssystematiek van de rioolheffing voor de agrariërs minimaliseerden we door een speciale regeling voor agrarische percelen te handhaven. We bepalen de rioolheffing op basis van staffeling in het gebruik, maar de agrarische percelen plaatsen we standaard in de derde staffel van de rioolheffing. Deze staffelcode is van toepassing bij een waterverbruik tussen 251 m3 en 500 m3 per jaar. De tariefstijging in 2022 ten opzichte van 2021 is beperkt tot de trendmatige correctie van 2,25%.
Naast de rioolheffing zetten we ook de opgebouwde voorziening weer jaarlijks voor een deel in. Met een jaarlijkse inzet van een deel van de voorziening konden en kunnen we de tarieven naar huidig inzicht ook voor de komende 17 jaren handhaven op het huidige niveau (exclusief de jaarlijkse indexering). Dit geeft ons de ruimte van ruim drie planperiodes van RWP’s om bij te sturen op de rioolheffing en/of de ambities. Naast de rioolheffing bestaan de inkomsten uit eenmalig aansluitrecht. Bij de aansluiting van de riolering van een pand op de openbare voorziening wordt een aansluitrecht doorberekend op basis van standaard tarief voor een enkelvoudige of dubbele aansluiting tot 10 meter. Daarnaast wordt per strekkende meter boven de afstand van 10 meter een bedrag gerekend. Bij speciale omstandigheden (aansluiting op een drukgemaal of wanneer een persing onder bijvoorbeeld asfalt moet worden gemaakt) wordt een uitwerking in de vorm van een maatwerkbegroting gemaakt. Afrekening vindt plaats op basis van de geraamde kosten.
6.4 Voorziening Riolering en reserve Riolering De afgelopen planperiode is voornamelijk door het uitstellen van grote investeringen minder uitgegeven dan eerder is begroot. Tot op heden hebben we zowel een voorziening riolering (geraamde stand per 01-01-2022 = € 4.584.000) als een reserve riolering (geraamde stand per 01-01-2022 = € 638.000). Hiermee bedraagt de voorziening begin 2022 naar verwachting € 5.222.000,-, terwijl we vanuit het vorige vGRP op 1 januari 2022 een stand voorzagen van € 4.416.500,-. De voorziening zetten we jaarlijks voor een deel in, om daarmee alleen een trendmatige indexering op de tarieven door te hoeven voeren. Daarnaast verrekenen we jaarlijks het verschil tussen de geraamde en werkelijk kapitaallasten (rente en afschrijving) met de voorziening. 32
Zoals gezegd kennen we nu ook nog een reserve riolering. De reserve muteren we jaarlijks met het verschil tussen de geraamde en gerealiseerde laten en baten (exclusief kapitaallasten). We stellen met het voorliggende plan voor om de voorziening en reserve per 01-01-2022 samen te voegen tot één voorziening ‘Egalisatievoorziening Riolering’. Via de voorziening beperken we dan jaarlijks de tariefstijging om de tarieven alleen trendmatig te indexeren en alle verschillen tussen de geraamde en werkelijke lasten/baten te verrekenen. Hetzelfde resultaat, maar dan via één voorziening in plaats van de huidige voorziening en reserve. In het voorliggende RWP zetten we de voorziening gedurende 17 jaar gefaseerd in, waarmee we het tarief (los van de jaarlijkse indexering) constant kunnen houden. Dit geeft ons de ruimte van ruim drie planperiodes van RWP’s om bij te sturen op de rioolheffing al dan niet op de ambitie. Met het voorgestelde tarief zijn we dan toch in staat extra maatregelen te nemen op het gebied van water en riolering, die passen binnen het gekozen ambitieniveau.
Figuur 2. Ontwikkeling voorziening
Verder muteren we de voorziening sinds 2015 jaarlijks met een bedrag gelijk aan het verschil tussen de geraamde en werkelijke kapitaallasten (rente en afschrijving) van enig jaar. Deze werkwijze sluit aan bij de gewijzigde administratieve spelregels op het gebied van riolering en is afgestemd met de accountant.
6.5 Overige uitgangspunten berekeningen • • • •
Kosten van investeringen en andere uitgaven zijn geactualiseerd naar prijspeil 2022; Exploitatielasten zijn geraamd aan de hand van de begroting van 2022, die reeds zijn aangepast op de ervaringen van benodigde budgetten uit de afgelopen planperiode; Kosten van jaarlijks onderhoud en periodiek groot onderhoud komen ten laste van de exploitatie in het jaar dat het (groot)onderhoud plaatsvindt; Investeringen (kapitaaluitgaven die meerdere jaren nut opleveren) schrijven we af volgens de zogenaamde componentenmethode. Dit betekent dat we per soort investering een eigen afschrijvingstermijn hanteren. De jaarlijkse afschrijvingslast komt als onderdeel van de kapitaallasten op de exploitatie tot uitdrukking. o 15 jaar bij elektromechanische onderdelen van gemalen, randvoorzieningen en drukriolering o 45 jaar bij bouwkundige onderdelen van gemalen, randvoorzieningen, retentie- en infiltratievoorzieningen en drukriolering 33
•
•
•
•
o 60 jaar bij vervanging rioolstelsel, duikers en kunstwerken oppervlaktewater Voor wat betreft de kapitaallasten van de leidingen van drukriolering worden de volgende zaken aangepast: o De afschrijvingstermijn voor leidingen van drukriolering wordt aangepast van 60 jaar naar 90 jaar; o Alle huidige projecten met hun kapitaallast worden verlengd met 30 jaar en de kapitaallast dus verdeeld over de resterende jaren; o De nieuw te activeren projecten worden hiermee na de afschrijvingstermijn van 90 jaar opgenomen. Uitgangspunt is dat met piggen (schoonmaken van de leiding) als onderhoudsmaatregel de levensduur van de drukrioolleidingen met 30 jaar kan worden verlengd; o Vervanging van onderdelen in de drukgemaalput wordt zoals voorheen verricht vanuit de exploitatiekosten tijdens het jaarlijks onderhoud; o Hiermee hoeft slechts een deel van het rioolsysteem, voornamelijk de leidingen, worden vervangen. Ook zal de toekomst leren hoe om wordt gegaan met afvalwater in het buitengebied, dat een transitie ondergaat. We rekenen hierom met 25% van de vervangingskosten die in het verleden zijn gedaan. De randvoorzieningen die zorgen voor een tijdelijke opvang bij hevige regen van vervuild rioolwater (weliswaar sterk verdund met regenwater) verliezen met het aanleggen van hemelwaterriolen steeds meer hun functie.
Voor wat betreft de kapitaallasten van de randvoorzieningen worden daarom de volgende zaken aangepast: o Alle huidige projecten met hun kapitaallast blijven dezelfde kenmerken houden; o De nieuw te activeren projecten worden niet meer ingezet; o Vervanging van elektromechanische onderdelen wordt zoals voorgaande jaren eens per 15 jaar verricht alhoewel een deel ook al vanuit de exploitatiekosten tijdens het jaarlijks onderhoud wordt opgelost. We rekenen hierom slechts 50% de vervangingskosten die in het verleden zijn gedaan. Bij de investeringen op het gebied van riolering hanteren we het zogenaamde renteomslagpercentage. Dit is het rentepercentage dat we berekenen over de boekwaarde (aanschafwaarde -/- het deel dat is afgeschreven). Het rente-omslagpercentage wordt jaarlijks berekend bij de begroting volgens een vast omkaderd rekenmodel. Dit rekenmodel geldt voor alle gemeenten vanaf 2017 en bedraagt 0,8% voor de begroting 2022. In het kostendekkingsplan rekenen we hier dan ook mee. De kostendekkendheid is inzichtelijk gemaakt over een periode van 30 jaar.
6.6 Conclusie Het blijkt dat ondanks de benodigde inspanningen vanuit de ambitiekeuzes de rioolheffing gelijk kan blijven. De rioolheffing blijft de komende planperiode gelijk waarbij we rekenen met verwachte totaalinkomsten van € 1.479.000,-. Het daarbij behorende tarief per staffel wordt jaarlijks geïndexeerd met de inflatiecorrectie. De kostendekkingsberekeningen zijn gebaseerd op een doorkijkperiode van 30 jaar. Uiteraard is het moment van uitvoeren van de investeringen en maatregelen aan veranderingen onderhevig. Deze planning van investeringen kan verschuiven. De oorzaak van een verschuiving kan afkomstig zijn door het verleggen van prioritering. De gemeente Hilvarenbeek zal bij het opstellen van het volgende RWP de rioolheffing daarom opnieuw doorrekenen op basis van de inzichten die dan gelden. 34
H7 Communicatie voortgang 7.1 Operationeel jaarplan Het RWP is geen statisch document. Jaarlijks worden werkzaamheden en projecten uitgevoerd. Om college en raad goed te informeren worden jaarlijks operationeel plan opgesteld en voorgelegd aan het college en eventueel de raad middels een raadsinformatiebrief (RIB). In deze operationele programma’s wordt een rapportage en evaluatie opgenomen van de uitgevoerde werkzaamheden uit het RWP. De informatie uit de uitvoering en de inspecties wordt vergeleken met de planning van het RWP. Veranderend inzicht en nieuwe informatie kunnen leiden tot een voorstel voor verschuiving en aanpassing van de planning. Uiteraard wordt ook gekeken of dit past in de financiële strategie van het kostendekkingsplan.
7.2 Waterpartners Bestuurlijk
Middels de jaarlijkse bestuurlijke overleggen met het waterschap De Dommel wordt de voortgang van de afgesproken maatregelen en activiteiten bewaakt. Voor de samenwerking Doelmatig waterbeheer in de regio Hart van Brabant geldt hetzelfde. Hier wordt de voortgang bewaakt met een jaarplan, die behandeld wordt tijdens een bestuurlijke bijeenkomst. Ambtelijk
Naast de bestuurlijke interactie vindt er frequent ambtelijk overleg tussen de gemeenten en waterschappen plaats. Dit betreffen zowel bilaterale afstemmingen als gezamenlijke bijeenkomsten in het samenwerkingsverband.
35
Bijlage 1 Hemel- en grondwaterbeleid Hilvarenbeek Bijlage 2 Evaluatie vGRP 2017-2021 Bijlage 3 Maatregelenoverzicht RWP 2022-2026 Bijlage 4 Kostendekkingsplan Bijlage 5 Afkortingen en begrippen
36