CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

Gemeentelijk rioleringsplan Hillegom 2021-2025 23-09-2020.pdf

Raadscommissie 10 maart 2021, gemeente HillegomBij agendapunt: 10: (22:30) Gemeentelijk rioleringsplan Hillegom 2021-202534.357 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

RAPPORT Gemeentelijk Rioleringsplan Hillegom 2021-2025 Ontwerp Klant:

Gemeente Hillegom

Referentie: BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002 Status:

S0/P01.01

Datum:

23-09-20

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Laan 1914 no.35 3818 EX AMERSFOORT Water Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: Gemeentelijk Rioleringsplan Hillegom

2021-2025 Ondertitel: GRP Hillegom Referentie: BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002 Status: P01.01/S0 Datum: 23-09-20 Projectnaam: GRP Hillegom 2021-2025 Projectnummer: BH2619 Auteur(s): Marco de Kraker Opgesteld door: Liese Sanders, Marco de Kraker Gecontroleerd door: Marco de Kraker Datum:

23 september 2020

Goedgekeurd door: Marco de Kraker Datum: 23 september 2020

Classificatie Projectgerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever.Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd. 23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

i

Projectgerelateerd

Waarom dit plan? (Inleiding) H1

H3

Wat hebben we gedaan in 2016-2020?

Wat hebben we nu?

Algemeen

H2

Waterwet

Blbi

Coalitie Waar akkoord H4 moeten we Om- rekening mee gevings DPRA houden? wet

Wat willen we? H5

Visie Omgevingsvisie

Hoe gaan we er komen?

Afvalwater H6

Hemelwater H7

Zorgplichten

+ Wat verwachten we van anderen?

Grondwater H8

Rioleringsprogramma

Wat gaan we doen? (Maatregelen) H9

Wat zijn de benodigde personele en financiële H10 middelen? 23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

ii

Projectgerelateerd

Inhoud Samenvatting

4

1

Waarom dit gemeentelijk rioleringsplan? Een inleiding

6

1.1

De gemeente heeft zorgplichten

6

1.2

GRP geeft invulling aan zorgplichten

6

1.3

Maatregelen uit GRP worden betaald vanuit rioolheffing

7

1.4

Samenwerken in de waterketen is van belang

7

1.5

Dit GRP loopt van 2021-2025

7

1.6

Een GRP bevat vaktaal

7

1.7

Leeswijzer

7

2

Wat hebben we gedaan in 2016-2020?

8

2.1

We werk(t)en samen met gemeenten en waterschap

8

2.2

We realiseerden een groot deel van de maatregelen in 2016-2020

9

2.3

Ontwikkeling rioolheffing: een forse daling

9

3

Wat hebben we (en hoe functioneert het)?

11

3.1

Een globaal overzicht van het rioleringsstelsel

11

3.2

Kenmerken rioolstelsel

11

3.3

Leeftijdsopbouw van het rioleringsstelsel

12

3.4

Kwaliteit van het rioleringsstelsel

13

3.5

Hydraulisch functioneren van het rioolstelsel

15

3.6

Milieutechnisch functioneren

16

3.7

Riolering buitengebied

17

3.8

Beheer en onderhoud van het rioleringsstelsel

18

3.9

Nieuwe bebouwing

19

4

Waar moeten we rekening mee houden?

20

4.1

De Waterwet geeft een wettelijk kader

20

4.1.1

De Waterwet en dit GRP

20

4.2

Besluit lozen buiten inrichtingen heeft gevolgen voor GRP

20

4.2.1

Het besluit lozen buiten inrichtingen en dit GRP

21

4.3

Het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie geeft input

21

4.3.1 4.3.2

De stand van zaken in Hillegom Het DPRA en dit GRP

21 22

4.4

We houden rekening met de Omgevingswet

22

4.4.1

De omgevingsvisie en dit GRP

22

4.5

Het coalitieakkoord geeft richting

24

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

1

Projectgerelateerd

4.5.1

Het coalitieakkoord en dit GRP

24

5

Wat willen we?

25

5.1

Visie: een gezonde, veilige én aantrekkelijke gemeente

25

5.2

Thema’s voor dit GRP

25

5.2.1 5.2.2

Gezond en veilig: een gezonde en veilige leefomgeving Aantrekkelijk woon- en leefomgeving en vestigingsklimaat

25 26

5.3

Doelen voor dit GRP

26

5.3.1 5.3.2 5.3.3 5.3.4

Geen gezondheidsrisico’s vanuit waterketen en watersysteem Beperken maatschappelijke ontwrichting en schade bij extreme weersomstandigheden Ecologisch gezond en natuurlijk watersysteem Duurzaamheid

26 28 30 30

5.4

Hoe gaan we de doelen bereiken?

31

6

Afvalwaterzorgplicht

32

6.1

Inleiding zorgplicht afvalwater

32

6.1.1

Zorgplicht afvalwater in de Omgevingsvisie

32

6.2

Uitwerking doelen

33

6.3

Doel 1 - Geen gezondheidsrisico’s vanuit waterketen en watersysteem

33

6.3.1 6.3.2 6.3.3 6.3.4 6.3.5

Rioolaansluiting Frequent beheer en onderhoud Rioolvervanging Vervanging pompen en gemalen Voorlichting en communicatie

33 34 34 35 35

6.4

Doel 2 - Beperken ontwrichting en schade bij extreme weersomstandigheden

35

6.5

Doel 3 - Ecologisch gezond en natuurlijk watersysteem

35

6.6

Doel 4 - Duurzaamheid

36

7

Hemelwaterzorgplicht

37

7.1

Inleiding zorgplicht hemelwater

37

7.1.1

Zorgplicht hemelwater in de Omgevingsvisie

37

7.2

Uitwerking doelen

37

7.3

Doel 1 - Geen gezondheidsrisico’s vanuit waterketen en watersysteem

38

7.3.1 7.3.2

Bestaand gerioleerd gebied – rioolvervanging versus relining Nieuwbouw

38 38

7.4

Doel 2 - Beperken ontwrichting en schade bij extreme weersomstandigheden

38

7.4.1 7.4.2 7.4.3 7.4.4 7.4.5 7.4.6

Ambitie anticiperen op klimaatverandering - hydraulisch functioneren Waterberging Knelpunten klimaatstresstest Afkoppelen en aanpassen openbare ruimte Bouwpeil bij verbouw en nieuwbouw Rol inwoners

39 39 40 40 41 41

7.5

Doel 3 - Ecologisch gezond en natuurlijk watersysteem

42

7.6

Doel 4 - Duurzaamheid

42

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

2

Projectgerelateerd

8

Grondwaterzorgplicht

43

8.1

Inleiding zorgplicht grondwater

43

8.1.1

Zorgplicht grondwater in de Omgevingsvisie

43

8.2

Uitwerking doelen

43

8.3

Doel 1 - Geen gezondheidsrisico’s vanuit waterketen en watersysteem

44

8.3.1 8.3.2 8.3.3 8.3.4

Voorkomen van grondwaterproblemen bij nieuwbouw Beleid bestaande bebouwing Tegengaan van nieuwe overlast in bestaand stedelijk gebied Stappenplan bij meldingen

44 45 46 46

8.4

Doel 2 - Beperken ontwrichting en schade bij extreme weersomstandigheden

48

8.5

Doel 3 - Ecologisch gezond en natuurlijk watersysteem

49

8.5.1 8.5.2

Bronneringswater Zorgplicht voor drinkwater

49 50

8.6

Doel 4 - Duurzaamheid

51

9

Wat gaan we doen? (Maatregelen)

52

10

Wat zijn de benodigde personele en financiële middelen?

54

10.1

Algemeen

54

10.2

Kapitaallasten

55

10.3

Nieuwe investeringen planperiode

57

10.4

Exploitatielasten

58

10.5

BTW toerekening

58

10.6

Ontwikkeling aantal heffingseenheden

59

10.7

Berekening kostendekkende heffing

60

10.7.1

Opbouw van de rioolheffing

60

10.8

Vergelijking ontwikkeling rioolheffing

61

10.9

Personele middelen

61

Bijlagen Bijlage 1 Begrippenlijst Bijlage 2 Samenwerken in de waterketen Bijlage 3 Milieutechnisch functioneren – kenmerken overstorten Bijlage 4 Relevante wetgeving Bijlage 5 Klimaatstresstest wateroverlast - resultaten klimaatbuien Bijlage 6 Functionele eisen, maatstaven en meetmethoden Bijlage 7 Personele middelen Bijlage 8 Ontwateringsdiepte Bijlage 9 Vervangingsplan Riolering Bijlage 10 Kostendekkingsplan

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

3

Projectgerelateerd

Samenvatting Inleiding Volgens de Wet Milieubeheer dient elke gemeente te beschikken over een gemeentelijk rioleringsplan (vGRP). Hierin moet staan hoe invulling is gegeven aan de drie zorgplichten (stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater). In dit verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP) is gerapporteerd hoe wij in de periode 2021 tot en met 2025 invulling gaan geven aan de drie wettelijke zorgplichten (afvalwater, hemelwater en grondwater) en hoe de te nemen maatregelen bekostigd worden uit de verbrede rioolheffing. Huidige situatie en terugblik Binnen het stedelijk gebied van de gemeente Hillegom is een groot deel van het rioolstelsel ‘gemengd’, dat wil zeggen dat afvalwater en regenwater door één buis afgevoerd worden naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Door de realisatie van gescheiden stelsels hebben wij ook de afgelopen jaren een grote inspanning geleverd om regenwater niet langer naar de zuivering af te voeren en de kans op wateroverlast te reduceren. Bij bestaande bouw gebeurt dit door zogenaamd afkoppelen van verhard oppervlak (het regenwater dat op deze oppervlakken valt wordt veelal boven-, dan wel ondergronds afgevoerd naar watergangen). Bij nieuwbouw wordt het regenwater en afvalwater volledig gescheiden. Het afvalwater afkomstig van woonboten en woningen buiten de bebouwde kom is aangesloten op de (druk)riolering.

Het hemelwater wordt geloosd op oppervlaktewater. Terugkijkend op afgelopen planperiode 2016-2020 zijn de volgende aspecten opgepakt: • Inzicht in kwaliteit en functioneren van het stelsel is vergroot door: o Uitvoeren van planmatige riool en gemaal inspecties o Het jaarlijks opstellen van operationele plannen; o Het actueel houden van het rioolbeheersysteem; o Hydraulisch doorrekenen van effecten van maatregelen en ingrepen. • Noodzakelijke rioolvervangingen zijn uitgevoerd, al dan niet in combinatie met afkoppeling; o Het stelsel verkeert kwalitatief in een goede staat – hetgeen aangetoond wordt door de relatief lage vervangingsinvesteringen nu en de komende jaren; o Het hydraulisch functioneren is verbeterd, waardoor de kans op wateroverlast wordt gereduceerd. • Door samenwerking binnen HLT Samen en in het cluster Kennemerland is onze kwetsbaarheid afgenomen. Daarnaast hebben wij hiermee efficiency voordeel bereikt – waaronder het realiseren van de (besparings)opgave(n) vanuit het Bestuursakkoord water (BAW). • De rioolheffing is per saldo in 2020 17% tot 19% gedaald ten opzichte van het jaar 2015. Dit is inclusief indexatie. Voornamelijk veroorzaakt door de lage rente en gewijzigde toerekening daarvan. Visie en doelen Wij staan voor de realisatie van een gezond, veilig en aantrekkelijk vestigings- en verblijfsklimaat voor bedrijven en bewoners van de gemeente Hillegom.

Vanuit deze visie hebben wij de doelen voor dit GRP bepaald: • Geen gezondheidsrisico’s vanuit waterketen en watersysteem • Beperken maatschappelijke ontwrichting en schade bij extreme weersomstandigheden • Ecologisch gezond en natuurlijk watersysteem • Duurzaamheid Binnen de afvalwater-, hemelwater- en grondwaterzorgplicht is aangegeven hoe invulling gegeven wordt aan deze doelen. Speerpunten daarbij zijn: • Voorsorteren op de implementatie van de Omgevingswet

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

4

Projectgerelateerd

• • •

Het uivoeren van maatregelen bij urgente hydraulische knelpunten en het vervangen van slechte riolen Het voeren van de risicodialogen en anticiperen op klimaatverandering Het benutten van meekoppelkansen bij ingrepen in de openbare ruimte: afkoppeling, bovengrondse aanpassingen om de kans op wateroverlast te reduceren.

Zorgplicht afvalwater Hoofddoel van de zorgplicht voor afvalwater is een goede volksgezondheid. De functie van het rioolstelsel is het ‘doelmatig inzamelen en transporteren van afvalwater’. Het grootste deel van de rioleringsactiviteiten bestaat uit het beheer en het onderhoud van het rioolstelsel. Goed beheer en onderhoud voorkomt echter niet dat het rioolwater periodiek kan overstorten op oppervlaktewater en zichtbaar wordt. Wij hebben geen achterstallig onderhoud, de voorzieningen verkeren in goede kwaliteit en zijn of worden tijdig vervangen. Ook de komende planperiode zal de nadruk komen te liggen op het goed beheren en onderhouden van bestaande voorzieningen. Zorgplicht hemelwater De Waterwet geeft gemeenten een zorgplicht voor doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater, dat perceeleigenaren redelijkerwijs niet zelf kunnen verwerken. In bestaand bebouwd gebied zijn de mogelijkheden voor perceeleigenaren om zelf het hemelwater te verwerken beperkt. Bij nieuwbouwwijken en inbreidingen is het wel mogelijk om gescheiden te leveren of naar oppervlaktewater af te voeren en binnen het plangebied te bergen. Wij sluiten ons wat betreft nieuwbouw aan bij het beleid van Hoogheemraadschap van Rijnland. Indien hemelwater niet doelmatig ingezameld en verwerkt wordt, kan dit leiden tot wateroverlast.

De afvoercapaciteit van rioolstelsels is en blijft beperkt, waardoor water-op-straat tijdens hevige neerslag onvermijdelijk is. Vaak is water-op-straat kortdurend van aard en leidt dit niet tot noemenswaardige hinder of schade. Wij hebben in dit vGRP gedefinieerd wat wij verstaan onder wateroverlast. Zorgplicht grondwater Het hoofddoel ten aanzien van de grondwaterzorgplicht is het zorg dragen (voor zover mogelijk) dat het grondwater de bestemming van een gebied niet structureel belemmert. In het GRP is vastgelegd is hoe wij dit doel gaan bereiken, wat wij verstaan onder structurele grondwateroverlast en op welke manier wij eventuele grondwateroverlast aanpakken. De hoofdpunten uit de strategie voor de komende periode zijn: • Grondwateroverlast in nieuwbouwsituaties zoveel mogelijk voorkomen; • Zoveel mogelijk voorkomen en beperken van structurele aan de bestemming gebonden grondwateroverlast; bij overlast of onderlast in overleg naar doelmatige oplossingen zoeken; • Bewoners kunnen bij ons terecht voor vragen en/of klachten met betrekking tot (grond)water. Financiën Uit de berekeningen blijkt dat door de rioolheffing de komende jaren niet hoeft te stijgen (behoudens jaarlijkse indexatie) om de taken binnen het taakveld riolering uit te kunnen blijven voeren.

Randvoorwaarde is dat de dotaties aan de voorziening gebruikt worden om het ontstaan van nieuwe kapitaallasten te reduceren. In het kader van dit vGRP is de kostendekkende rioolheffing berekend voor de periode 2021-2050.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

5

Projectgerelateerd

1

Waarom dit gemeentelijk rioleringsplan? Een inleiding

Gemeente Hillegom heeft de ambitie om een groene, gezonde woon- en leefomgeving voor haar inwoners te zijn en zet duurzaamheid hoog op de agenda. Vanuit de gemeentelijke watertaken kunnen we een grote bijdrage leveren aan de ambities van Hillegom. Dit gemeentelijk rioleringsplan (GRP) beschrijft daarom hoe we de aankomende jaren (2021-2025) invullen zullen geven aan onze watertaken en hoe dit bijdraagt aan de ambities een groene, gezonde én klimaatbestendige gemeente te zijn.

1.1

De gemeente heeft zorgplichten

Elke gemeente in Nederland heeft drie watertaken, ook wel zorgplichten genoemd, als het gaat om de (afval)waterketen in de gemeente: de afvalwaterzorgplicht, de hemelwaterzorgplicht en de grondwaterzorgplicht. Deze zorgplichten vormen de basis van het gemeentelijk beleid rondom afval-, hemelen grondwater. Afvalwaterzorgplicht De gemeente is verantwoordelijk voor de inzameling van stedelijk afvalwater. Traditioneel doen gemeentes dit door het aanleggen en onderhouden van een rioleringsstelsel. Dat stelsel vervoert afvalwater van huishoudens en bedrijfspanden naar de waterzuivering. De laatste jaren is er ook aandacht voor decentrale waterzuivering, waarbij afvalwater lokaal gezuiverd en hergebruikt of geloosd wordt. Hemelwaterzorgplicht Daarnaast is de gemeente ook verantwoordelijk voor de inzameling en verwerking van hemelwater (regen, sneeuw en hagel) dat op openbaar terrein terecht komt1. Er zijn verschillende manieren waarop gemeentes dat doen. Hemelwater kan gezamenlijk met het afvalwater via een gemengd rioolstelsel afgevoerd worden. Een meer duurzame en klimaatbestendigere manier om hemelwater te verwerken is gescheiden inzameling. Dan wordt het hemelwater gescheiden van het afvalwater ingezameld en/of afgevoerd. Het schone hemelwater gaat niet naar de zuivering, maar wordt lokaal geïnfiltreerd of geloosd.

Gescheiden inzameling is onder andere herkenbaar aan dubbele putten op straat.

Grondwaterzorgplicht De verantwoordelijkheden van de gemeente op het gebied van grondwater zijn genuanceerder dan de andere twee zorgplichten: er geldt een inspanningsverplichting in plaats van een resultaatverplichting. In het kort stelt de grondwaterzorgplicht gemeentes in sommige gevallen verantwoordelijk voor het zo veel mogelijk beperken van structurele nadelige gevolgen van grondwateroverlast (te hoge) of -onderlast (te lage grondwaterstand)2.

1.2

GRP geeft invulling aan zorgplichten

Voldoen aan de zorgplichten is een wettelijke vereiste voor gemeentes. Hóe we als gemeente voldoen aan de zorgplichten mogen we zelf bepalen. In dit GRP beschrijven we daarom hoe wij, als gemeente Hillegom, invulling geven aan de zorgplichten. We hebben een visie, met bij behorende ambities voor ons waterbeleid: een gemeente met een gezonde en veilige leefomgeving met een aantrekkelijke woon- en leefomgeving en

1 In sommige gevallen heeft de gemeente ook de verantwoordelijkheid voor het hemelwater van particulier terrein. Dat is alleen het geval wanneer er redelijkerwijs niet van de particulier verwacht kan worden dat hij zelf die verantwoordelijkheid draagt. 2 De volledige wettekst luidt als volgt: de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders dragen zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort. (Artikel 3.6 Waterwet)

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

6

Projectgerelateerd

vestigingsklimaat. Die visie en ambities vormen de basis voor de strategie en de maatregelen die per zorgplicht terug te vinden zijn in dit GRP.

1.3

Maatregelen uit GRP worden betaald vanuit rioolheffing

De maatregelen die in dit rapport staan worden betaald vanuit de rioolheffing, een bestemmingsbelasting die gebruikers van percelen van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd betalen aan de gemeente. De inkomsten uit rioolheffing zijn alléén beschikbaar voor uitgaven gerelateerd aan de zorgtaken. We nemen daarom in dit GRP ook alleen maatregelen op die bijdragen aan de zorgplichten.

1.4

Samenwerken in de waterketen is van belang

De waterketen is een aaneengesloten systeem zonder grenzen, waarin taken van verschillende overheden dicht bij elkaar komen. Een voorbeeld is de afvalwaterzorgplicht: de gemeente is verantwoordelijk voor het inzamelen en afvoeren van huishoudelijk afvalwater, terwijl het waterschap verantwoordelijk is voor het verdere transport en de zuivering daarvan. Afstemming en samenwerking is dus belangrijk. Daarom hebben we Hoogheemraadschap van Rijnland (HHR) in een vroegtijdig stadium betrokken bij het opstellen van dit rapport. De belangrijkste aandachtspunten zijn besproken met het waterschap en de input van het waterschap gebruikten we om het ontwerpplan op te stellen.

1.5

Dit GRP loopt van 2021-2025

Als gemeente Hillegom kiezen we voor een looptijd van vijf jaar voor dit GRP: van 2021 tot en met 2025. Halverwege de planperiode doen we een tussenevaluatie. Daarbij kijken we vooral naar de kosten, planning en de voortgang met betrekking tot uitvoering. Jaarlijks vindt een financiële verantwoording plaats.

1.6

Een GRP bevat vaktaal

Om dit rapport voor een zo breed mogelijke doelgroep leesbaar en toegankelijk te maken, wijken we voor veel technische informatie uit naar de bijlagen. Desondanks staan er in dit rapport technische termen en begrippen. Die leggen we uit in de begrippenlijst in bijlage 1.

1.7

Leeswijzer

Dit rapport bestaat uit drie delen, die ook terug te vinden zijn in het schematische overzicht op pagina ii: het inleidende deel (deel één), waarin we de breedte in gaan, en de delen waarin we specifiek ingaan op wat we willen bereiken (deel twee) en hoe we dat gaan doen (deel drie). De delen van het rapport nader toegelicht: deel één: in hoofdstuk 2 kijken we evaluerend terug op de afgelopen planperiode en stellen de vragen “wat is er de afgelopen periode gerealiseerd?” en “hoe verliep de samenwerking met andere gemeenten en het waterschap?” Hoofdstuk 3 beschrijft de huidige situatie van de rioleringsvoorzieningen. We beschrijven in hoofdlijnen de leeftijdsopbouw, de kwaliteit, het beheer en het onderhoud van het rioleringsstelsel. In hoofdstuk 4 kijken we met een brede blik naar de wettelijke kaders en reeds bestaand beleid en inventariseren we de raakvlakken met het GRP. Deel twee: in hoofdstuk 5 staan de visie en ambities centraal, die we bespreken aan de hand van twee thema’s: gezondheid en klimaatbestendig. Deel drie: vanuit de ambities gaan we in op de weg daar naar toe. De vragen “hoe gaan we er komen?” en “wat verwachten we van anderen?” staan centraal in de hoofdstukken 6, 7 en 8. Elk van deze hoofdstukken bespreekt een andere zorgplicht, namelijk: afvalwater (hoofdstuk 6), hemelwater (hoofdstuk 7) en grondwater (hoofdstuk 8).

Wat we gaan doen, staat in hoofdstuk 9: de maatregelen. Gevolgd door hoofdstuk 10, waarin we de benodigde personele en financiële middelen bespreken.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

7

Projectgerelateerd

2

Wat hebben we gedaan in 2016-2020?

In dit hoofdstuk staan we kort stil bij de vorige planperiode van het GRP Hillegom. We evalueren onze samenwerking met andere gemeenten (zowel in HLT-verband, als binnen de subregio Kennemerland) en met het Hoogheemraadschap van Rijnland. Daarnaast evalueren we op hoofdlijnen de maatregelen in 2016-2020 en komt de ontwikkeling van de rioolheffing aan de orde.

2.1

We werk(t)en samen met gemeenten en waterschap

Op het gebied van de waterketen werken we als gemeente Hillegom met verschillende (water)partners op diverse vlakken samen. De voornaamste samenwerkingen zijn die in HLT-verband, samenwerking in de subregio Kennemerland en de samenwerking met HHR. Samenwerking binnen HLT Samen Als gevolg van de ambtelijke fusie van Teylingen, Lisse en Hillegom is de schaalgrootte toegenomen waardoor de kwetsbaarheid afgenomen, de kwaliteit toegenomen en de kosten gereduceerd zijn. Binnen HLT Samen uniformeren we beleid en beheer en onderhoud, daar waar mogelijk en waar dat meerwaarde heeft. Een voorbeeld is de gezamenlijke Lior (leidraad inrichting openbare ruimte). Ook is voor de drie gemeenten gezamenlijk de Stresstest Klimaatbestendigheid uitgevoerd. Samenwerking in subregio Kennemerland Samenwerking moet leiden tot de 3 k’s: kostenbesparing, kwaliteitsverbetering en vermindering van de kwetsbaarheid. Binnen Kennemerland zal voor 2020 een gezamenlijke besparing gerealiseerd moeten worden conform de doelstellingen uit het Nationaal Bestuursakkoord Water Actueel (NBW Actueel). Het gezamenlijk meten en monitoren aan de riolering binnen heel Kennemerland is een goed voorbeeld van het samen oppakken van opgaven.

Ook het overdragen en delen van kennis binnen het samenwerkingsverband pakken we voortvarend op: - We hebben monitoring van het rioolstelsel, met als doel meer inzicht te krijgen in de werking van het rioolstelsel in de praktijk, gezamenlijk opgepakt. Het samen uitvoeren heeft niet alleen financiële voordelen en drukt minder op de personele capaciteit, maar geeft ook meer inzicht in het werkelijk functioneren op grotere schaal. De gemeenten kunnen nu autonoom verder met de implementatie en kalibratie. - In Kennemerland verband wordt een gezamenlijk waterloket ontwikkeld voor alle aangesloten organisaties. Hier kunnen inwoners terecht voor alle (watergerelateerde) vragen. - We hebben samen het Integraal rapport bouwstenen water Omgevingswet SWR2 opgepakt om ons voor te bereiden op de Omgevingswet. - Dit geldt ook voor het WKO-onderzoek en bijvoorbeeld DWAAS/HAAS analyses. Voor meer informatie over samenwerking in de subregio verwijzen we naar bijlage 2.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

8

Projectgerelateerd

Samenwerking met het Hoogheemraadschap van Rijnland Met het waterschap hebben we onder andere samengewerkt op de volgende vlakken: - Afstemming over wateraspecten bij nieuwbouw. - Bij gerealiseerde ombouw van drie verbeterd gescheiden stelsels naar een gescheiden stelsel op bedrijventerreinen. De samenwerking wordt als goed en positief ervaren, zowel met HHR als binnen de subregio; wij blijven ook de komende jaren intensief samenwerken met verschillende (water)partners.

2.2

We realiseerden een groot deel van de maatregelen in 2016-2020

In het kader van de volksgezondheid en veiligheid, het milieu, de wet- en regelgeving, voorkomen ((grond)water) overlast voor inwoners en efficiëntie, formuleerden we de volgende doelen in het GRP 20162020: • inzameling van het binnen het gemeentelijk gebied geproduceerde afvalwater; • doelmatig omgaan met de inzameling van hemelwater; • transport van het ingezamelde afvalwater naar een geschikt lozingspunt; • voorkomen van vuiluitworp naar bodem, grond- en oppervlaktewater; • minimale overlast voor de omgeving; • effectief rioleringsbeheer; • invulling geven aan de grondwaterzorgplicht. Deze doelen hebben we uitgewerkt in onderzoeken en maatregelen. Bijna alle onderzoeken en maatregelen uit het GRP hebben we afzonderlijk of samen met de partners uitgevoerd. Het algehele beeld is dat deze succesvol zijn uitgevoerd, zoals:  Het op orde houden en verbeteren van het inzicht in (kwalitatief en kwantitatief) en het hebben van een goed werkend systeem om water in te zamelen en te verwerken.  Duurzaamheid: het ombouwen van riolering tot gescheiden stelsels en duurzame gebiedsontwikkeling, waaronder het bij nieuwbouw anticiperen op klimaatverandering.  Jaarlijks doelmatig inzetten van het afkoppelbudget (meeliften).  Het uitvoeren van de stresstesten klimaatbestendigheid in stedelijk gebied, conform het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA).

 Het realiseren van de (besparings)opgave(n) vanuit het Bestuursakkoord water (BAW). Inhaalslag uitvoering De afgelopen jaren is een achterstand opgetreden in het realiseren van de uitvoeringsprojecten, met name op het gebied van rioolvervanging en (daardoor) in de bijdrage aan afkoppeling binnen projecten. De voornaamste reden was de aanwezigheid van asbest in de voegenkit tussen rioolbuizen (bestek 2018). In 2020 wordt deze achterstand grotendeels ingelopen (operationele plannen 2018-2020) en wordt de afkoppelbijdrage voor de projecten Nispenpark, Julianpark en Jozefpark geboekt. De mechanische rioleringsprojecten van 2019 en 2020 worden gezamenlijk in 2020 uitgevoerd. Als gevolg van deze inhaalslag wordt de achterstand in de realisatie grotendeels ingelopen, de projecten zijn in voorbereiding om op korte termijn uitgevoerd te worden.3

2.3

Ontwikkeling rioolheffing: een forse daling

De rioolheffing bestaat in Hillegom uit een gebruikersheffing, waarbij onderscheid gemaakt wordt in eenpersoons- en meerpersoonshuishoudens. Daarnaast is de heffing afhankelijk van het leidingwaterverbruik (in klassen). De inkomsten uit de rioolheffing worden gebruikt om alle kosten gelieerd aan het taakveld riolering te dekken, zoals de exploitatielasten, BTW en de kapitaallasten. In het GRP 20163

Als gevolg van de Corona-pandemie zullen niet alle uitvoeringsprojecten conform planning uitgevoerd kunnen worden.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

9

Projectgerelateerd

2020 was berekend dat de rioolheffing de afgelopen planperiode niet hoefde te stijgen om kostendekkend te blijven (exclusief jaarlijkse indexatie van de kosten). De rioolheffing is de afgelopen periode inderdaad jaarlijks enkel geïndexeerd. Uitzondering hierop was het jaar 2017 waarin de heffing 22,7% tot 25,3% verlaagd is als gevolg van wijzigingen in de toerekening van rentelasten (rente naar 0%). Tabel 1 toont de ontwikkeling van de rioolheffing. Per saldo is de rioolheffing in 2020 17% tot 19% gedaald ten opzichte van het jaar 2015. Dit is inclusief indexatie. Voornamelijk veroorzaakt door de lage rente en gewijzigde toerekening daarvan. Ondanks dat bovenstaande voor alle gemeenten geldt steekt de ontwikkeling van de rioolheffing in Hillegom positief af. In 2015 stond Hillegom qua hoogte van de rioolheffing voor meerpersoonshuishoudens op de 35e plaats4. In 2020 neemt Hillegom de 122e plek in (van de thans 355 gemeenten). Voor eenpersoons huishoudens geldt een verschuiving van de 57e in 2015 naar de 148e positie in 2020. Jaar 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2015-2020

Rioolheffing meerpersoonshuishouden € 281,08 € 288,44 +2,6% € 223,--/-22,7% € 227,-+1,8% € 230,25 +1,4% € 233,25 +1,3% -/- 17,0%

Rioolheffing eenpersoonshuishouden € 252,28 € 259,64 +2,9% € 194,--/-25,3% € 198,-+2,1% € 201,25 +1,6% € 204,25 +1,5% -/- 19,0%

Tabel 1 Werkelijke ontwikkeling rioolheffing Hillegom inclusief indexatie

4

Bron COELO. Nummer 1 heeft de hoogste heffing, nummer 393 de laagste

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

10

Projectgerelateerd

3

Wat hebben we (en hoe functioneert het)?

Dit hoofdstuk beschrijft het huidige rioleringsstelsel van gemeente Hillegom. We geven een globaal overzicht van ons rioleringsstelsel. Daarna gaan we dieper in op leeftijdsopbouw, de kwaliteit en het beheer en onderhoud daarvan. Ook besteden we aandacht aan de riolering in het buitengebied van onze gemeente.

3.1

Een globaal overzicht van het rioleringsstelsel

Binnen ons rioolstelsel zijn verschillende typen te onderscheiden. Het grootste gedeelte van het stelsel binnen het stedelijk gebied is aangelegd als een gemengd rioolstelsel (waarbij zowel het afvalwater als het ingezamelde hemelwater naar de zuivering afgevoerd wordt). Bij nieuwbouwwijken en in geval van afkoppeling van verhard oppervlak (al dan niet in combinatie met rioolvervanging) wordt een gescheiden stelsel aangelegd. Een gescheiden stelsel voert geen hemelwater af naar de afvalwaterzuiveringsinstallatie (AWZI). Ons rioolstelsel is verdeeld in een aantal bemalingsgebieden. Via de gemalen Elsbroek en De Vosse wordt het verpompt en naar AWZI Zwaanshoek 5 getransporteerd. De AWZI is in eigendom van het Hoogheemraadschap van Rijnland, zij is vanaf de overnamepunten (hoofdgemalen) verantwoordelijk voor de inzameling, het transport en de zuivering van het afvalwater. Het gezuiverde water (effluent) wordt geloosd op de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder.

Figuur 1Gemengd (boven) en gescheiden (onder) gerioleerd (Paul Maas, Tilburg/Stichting RIONED)

3.2

Kenmerken rioolstelsel

Ons rioleringsstelsel heeft een totale lengte van circa 119 kilometer6. Het aandeel gescheiden riolering neemt de afgelopen decennia toe, als gevolg van nieuwbouw en rioolvervanging. Bij hevig neerslag kan het overtollige water via overstorten afgelaten worden op oppervlaktewater. Deze overstorten voorkomen dat (hemel)water leidt tot wateroverlast. Het rioolstelsel is bereikbaar via putten, die herkenbaar zijn aan de ronde putdeksels, veelal in het wegdek (zie figuur 2). Het rioleringsstelsel van de gemeente Hillegom bestaat uit de volgende onderdelen: • Vrijvervalriolering 93,7 kilometer, waarvan circa 6 km infiltratieriool. • Persleiding 24,6 kilometer • Randvoorzieningen: 1 bergbezinkbassin, 4 bergbezinkleidingen, 8 filterputten. • Aantal putten 2691 stuks • Gemalen 15 stuks • Pompputten 227 stuks Figuur 2 Putdeksel in de gemeente Hillegom

5 AWZI Zwaanshoek is in 1999 gebouwd en heeft een biologische capaciteit van circa 224.000 inwonerequivalenten. De hydraulische capaciteit bij neerslag bedraagt 5.500 m3 per uur. 6 Lengtes conform Rioolbeheerplan 2020 op basis van areaal december 2019 - exclusief Ringoevers deelplan 1-3

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

11

Projectgerelateerd

Wanneer wij de 93,7 km riolering indelen naar stelseltype ontstaat het volgende overzicht: 25%

64%

12% RWA; gescheiden (23,1 km) DWA; gescheiden (11,0 km) Gemengd (59,6 km)

Figuur 3 Overzicht lengte vrijvervalriolering, onderverdeeld in stelseltype

Het aandeel gemengde riolering is met 64% nog veruit het grootst. Desalniettemin neemt het aandeel gescheiden riolering toe, aangezien bij nieuwe aanleg altijd en bij rioolvervanging in veel gevallen gekozen wordt voor een gescheiden inzameling en transport en verwerking van afvalwater en hemelwater. In het beheerplan is circa 6 kilometer aan drainageleidingen verwerkt. Het beeld is nog niet volledig en dient de komende jaren geïnventariseerd en in de database opgenomen te worden (maatregel A1).

3.3

Leeftijdsopbouw van het rioleringsstelsel

De oudste vrijvervalriolering dateert uit de periode 1950-1959. Nagenoeg 80% van de riolering is jonger dan 40 jaar7. Daarmee heeft Hillegom een relatief jong stelsel. Vanaf de jaren ’80 van de vorige eeuw zijn er naast gemengde riolen ook gescheiden stelsels aangelegd. Nu is een gescheiden stelsel bij nieuwbouw standaard. Onderstaande figuur toont de lengte van het huidige rioleringsstelsel van de gemeente Hillegom, onderverdeeld naar periode van aanleg. Een inventarisatie van de aanlegperiodes van ons rioleringsstelsel geeft ons een goede indicatie voor de vervangingstermijn. We gaan hierbij uit van een theoretische levensduur van 70 à 80 jaar. De theoretische levensduur is de periode dat een rioolbuis in Hillegom naar verwachting gemiddeld (minimaal) meegaat.

Figuur 4 Huidig rioleringsstelsel van gemeente Hillegom, onderverdeeld in periode van aanleg

7 Er zijn ook diverse riolen gerelined. De totale lengte bedraagt 13,1 kilometer. Wanneer een relining is aangebracht wordt het oorspronkelijke jaar van aanleg vervangen door het jaar waarin de relining is aangebracht.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

12

Projectgerelateerd

Gebaseerd op de leeftijd van het huidige stelsel, verwachten we vanaf circa 2030 een toename van de vervangingsinvesteringen. Ten opzichte van de huidige opgave verwachten we (met het inzicht van nu) vanaf die periode bijna een verdubbeling van de jaarlijks te vervangen lengte riolering. In de decennia daarna verwachten we dat deze toename gemiddeld genomen gecontinueerd wordt en verder oploopt.

3.4

Kwaliteit van het rioleringsstelsel

We reinigen en inspecteren jaarlijks één van de acht clusters. Hiermee borgen we dat we een volledig, actueel en betrouwbaar beeld hebben van de kwaliteit van ons rioolstelsel. Reiniging en inspectie gaat als volgt in zijn werk: het riool wordt eerst gereinigd. Daarna rijdt er een camera door de rioolbuis en worden bijzonderheden gerapporteerd (geclassificeerd). Dat gebeurt volgens een standaard methode, waardoor het voor de rioolbeheerder van de gemeente duidelijk is of, en zo ja wat, er gerepareerd of vervangen moet worden.

Figuur 5 Een camera wordt het riool in gebracht voor inspectie - Bronvermelding: GAW | stichting RIONED

Na elke inspectieronde worden de inspectiegegevens beoordeeld8 en wordt bepaald of maatregelen nodig zijn om het oorspronkelijk functioneren te herstellen. De resultaten worden jaarlijks verwerkt in een Operationeel Programma waarin voor de komende jaren uit te voeren maatregelen worden beschreven. Na elke inspectieronde wordt dit plan geactualiseerd. Omdat elke streng de afgelopen decennia meerdere keren is geïnspecteerd en een groot deel van de maatregelen inmiddels is uitgevoerd, kan gesteld worden dat de kwaliteit van het rioolstelsel ‘goed’ is. De resterende maatregelen voor de komende jaren zijn opgenomen in het Operationeel Plan (OP) en voor de langjarige doorkijk (investeringsopgave op basis van technische levensduur) in het Rioolbeheerplan. De kwaliteit van ons stelsel is dus goed. De theoretische levensduur is om die reden verlengd naar 70 à 80 jaar (afhankelijk van periode van aanleg), waardoor het belang van inspectie toeneemt: blijft de kwaliteit goed en wanneer wordt ingrijpen noodzakelijk? Ook dát is een reden om niet af te wijken van frequentie van eens in acht jaar. Voor het 8-jaarlijks reinigen en inspecteren van de riolering is jaarlijks een (exploitatie) budget benodigd van € 80.000 (maatregel A2).

8

Beoordelen is het vaststellen van het verschil tussen de aangetroffen situatie en de gewenste situatie.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

13

Projectgerelateerd

In het RBP is voor een periode van 5 jaar bepaald welke investeringsbedragen benodigd zijn voor rioolvervanging. De investeringsbedragen variëren van € 270.000 tot € 290.000 per jaar (maatregel A3). Jaar

Benodigd krediet rioolvervanging

2021

€ 290.000

2022

€ 270.000

2023

€ 280.000

2024

€ 280.000

2025

€ 280.000

Figuur 6 Benodigd budget voor rioolherstel periode 2021-2025 conform RBP 2020

De bedragen voor 2023-2025 zijn cursief weergegeven omdat deze bedragen een inschatting zijn voor de benodigde kosten. De afgelopen jaren is gebleken dat er na elke inspectieronde circa € 280.000 benodigd is om de voorgestelde maatregelen uit te voeren. Voor de periode vanaf 2026 gaan we conform het Rioolbeheerplan uit van de berekening van de vervangingskosten op basis van de combinatie van theoretische levensduur 9 en kwaliteit op basis van inspecties (blijkend uit de periodiek uit te voeren inspecties; lichtblauwe staven in de staafdiagram). Door verlenging van de technische levensduur naar 70 jaar voor riolen met een aanlegjaar voor 1970 en 80 jaar voor riolen vanaf 1970, verschuiven de verwachte pieken (op basis van leeftijd in combinatie met inspecties) in de tijd, om die reden is er een investeringsluwe periode tussen 2041 en 2050. Om de vervangingskosten reëel te maken, zijn deze in perioden van vijf jaar opgedeeld (paarse staven). De jaarlijkse kosten zijn gedurende vijf jaar gelijk en bedragen ieder jaar 20% van de cumulatieve kosten van de beschouwde periode. Het is reëel te veronderstellen dat er in de periode 2041-2050 ook riolen vervangen worden, zeker wanneer er meegelift wordt bij overige ingrepen in de openbare ruimte én de openbare ruimte in het kader van Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie uiterlijk in 2050 klimaatadaptief ingericht dient te zijn.

Om deze reden zijn de investeringen voor de periode 2041-2065 gefinetuned (zie groene lijn).

9

In het beheerpakket is voor strengen met een aanlegjaar tot en met 1969 uitgegaan van een theoretische levensduur van 70 jaar en vanaf 1970 van 80 jaar. Zie het Rioolbeheerplan voor de gehanteerde eenheidsprijzen en overige uitgangspunten.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

14

Projectgerelateerd

Figuur 7 Theoretische vervangingsinvesteringen op basis van rioolbeheerpakket (bron RBP 2020)

3.5

Hydraulisch functioneren van het rioolstelsel

Het Basis Rioleringsplan (BRP) is in 2020 geactualiseerd. Op basis van de verbeteringsmaatregelen en afkoppelingen die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd zijn nieuwe hydraulische berekeningen uitgevoerd. In de praktijk zijn enkele locaties bekend met een hoger dan gemiddeld risico op water-op-straat. Bij de Voltstraat en de Ampèrestraat treedt periodiek waterhinder op. De afgelopen jaren hebben wij de mogelijkheden in kaart gebracht om dit risico te beperken. Voordat wij over kunnen gaan tot het realiseren van de maatregelen, moet er nog overleg gevoerd worden met de perceeleigenaar. Ook de omgeving Trompstraat - Michiel de Ruijterstraat worden hydraulische maatregelen doorgerekend en uitgevoerd om de bestaande hinder te reduceren. Voor genoemde en nader te bepalen hydraulische maatregelen is binnen de planperiode 2021-2025 jaarlijks € 100.000 benodigd (maatregel H2). In het algemeen leidt water-op-straat niet tot wateroverlast en schade. Een van de redenen is dat wij al vroegtijdig hebben ingezet op het preventief vergroten van de berging in het stelsel door afkoppeling. Wij hebben tot doel gesteld (norm) om bij de bui 0810 een beperkte mate van water op straat te accepteren, maar géén wateroverlast (en schade).

Uit de hydraulische berekeningen blijkt dat er bij bui 08 op enkele plaatsen theoretisch water op straat ontstaat, veelal echter van geringe omvang zoals uit de volgende figuur blijkt.

10

Een staandaard bui van 19.8 mm in 1 uur, die theoretische gemiddeld eens in de 2 jaar valt (Stichting RIONED)

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

15

Projectgerelateerd

Figuur 8 Theoretisch water op straat bij bui 08 (standaardbui die eens in de 2 jaar voorkomt, Kennisbank Stedelijk Water, Stichting RIONED), bron Actualisatie rioolmodel Hillegom 2020, RHDHV (BG8253)

Wanneer wij met het oog op klimaatverandering zwaardere (extreme) buien in ogenschouw nemen, neemt het aantal locaties en de omvang van potentiële wateroverlast toe. Extreme buien kunnen in de praktijk leiden tot overlast en schade. Om meer inzicht te krijgen in het afstromingsgedrag van het water dat op straat komt te staan, hebben wij gebruik gemaakt van maaiveldanalyses en 2D-modelberekeningen. Het doel van deze analyses en berekeningen is om inzicht te krijgen in gevoelige locaties en maatregelen te definiëren die de komende decennia uitgevoerd kunnen worden (werk met werk maken) om het overtollige water naar locatie te leiden waar het minder of geen schade aanricht. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling om al het water in rioleringsbuizen te bergen.

3.6

Milieutechnisch functioneren

De afgelopen vijftien jaar is circa 20 hectare verhard oppervlak afgekoppeld van de gemengde rioolstelsels. De afgelopen jaren betrof het de afkoppeling van de Hoofdstraat, N208, Meerlaan, Valkslootlaan en de ombouw van een drietal verbeterd gescheiden stelsels tot een gescheiden stelsel of VGS 2.0). In totaal is ruim 100 hectare verhard oppervlak aangesloten op de gemengde / vuilwaterriolering en ruim 60 hectare op de regenwaterstelsels. Daarnaast is 9 hectare aangesloten op het stelsel van De Zilk. Van het hemelwater dat valt op de in totaal 170 hectare verhard oppervlak, wordt ruim 35% derhalve niet afgevoerd naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

16

Projectgerelateerd

Het gemeentelijke rioolstelsel kent 17 externe riooloverstorten en 3 nooduitlaten. Daarnaast zijn er 76 regenwater lozingspunten. Voor een overzicht van de kenmerken van de overstorten en lozingspunten wordt verwezen naar bijlage 3. De vuilemissie vanuit de rioolstelsels van Hillegom voldoet al ruim tien jaar aan de eisen die gesteld werden vanuit de basisinspanning. Uit de meer recente waterkwaliteitstoetsing volgt dat wij, naar aanleiding van de uitvoering van een aantal maatregelen, ook voldoen aan het waterkwaliteitsspoor. Op dit moment zijn er vanuit de praktijk geen waterkwaliteitsissues (achter riooloverstorten) bekend.

3.7

Figuur 9 Polders Hillegom, bron: www.rijnland.net

Riolering buitengebied

Alle percelen in het buitengebied zijn aangesloten op drukriolering. Daarnaast zijn er 19 woonboten voorzien van een rioolaansluiting (middels een eigen pomp), waarmee alle aansluiting gerealiseerd zijn. Het beheer van de pompjes van de woonboten valt onder de taken van de gemeente. In 2020 worden de maatregelen uitgevoerd naar aanleiding van de in 2018 uitgevoerde inspecties. Het areaal in het buitengebied bestaat uit 227 pompunits (minigemalen) en 15 hoofdgemalen. Wij bezitten circa 23 kilometer druk- en persriolering. Deze leidingen zijn relatief jong en hoeven naar verwachting de komende decennia niet vervangen te worden11. Om de staat van de mechanische riolering te toetsen en waarborgen vindt er periodiek beheer en onderhoud plaats en worden storingen adequaat verholpen. Het stelsel functioneert goed en voldoet aan de technische eisen.

Bij wijzigingen in (intensiviteit van het) gebruik of bij het aantreffen van niet gerioleerde panden, zoeken we naar een maatwerkoplossing. Uitgangspunt is dat de perceeleigenaar verantwoordelijk is voor de lozing c.q. het lozingsgedrag, waardoor eventuele kosten voor aansluiting of aanpassingen (ook aan het gemeentelijk stelsel) primair bij de perceeleigenaar liggen.

11 Uitgaande van de theoretische levensduur, worden de eerste vervangingen rond 2040 uitgevoerd. De totale vervangingswaarde bedraagt circa € 1 miljoen.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

17

Projectgerelateerd

Ook bij nieuwbouw heeft de gemeente de zorgplicht voor de inzameling van huishoudelijk afvalwater dat binnen de gemeentegrens geproduceerd wordt. Wij zamelen het afvalwater in, tenzij het debiet te hoog is en de capaciteit van het stelsel dientengevolge uitgebreid moet worden, dan wel wanneer er nog geen riolering aanwezig is. De kosten worden door de initiatiefnemer c.q. ontwikkelende partij gedragen. Indien dat wettelijk toegestaan is, mag er bij nieuwbouw een IBA aangelegd worden. De perceeleigenaar draagt zorg voor de aanschaf en het beheer en onderhoud van de IBA. De perceeleigenaar is eigenaar van de installatie en is verantwoordelijk voor een goede werking daarvan. In de planperiode zal voor gemiddeld € 200.000 aan elektromechanische vervangingen van pompen en gemalen plaatsvinden (maatregel A5). Onderstaande figuur toont de theoretisch benodigde vervangingsinvesteringen voor de middellange en lange termijn (zowel elektromechanische als bouwkundige vervangingen).

Figuur 10 Theoretische vervangingsinvesteringen mechanische riolering (totaal), bron RBP 2020

3.8

Beheer en onderhoud van het rioleringsstelsel

Het dagelijks beheer en onderhoud van de riolering wordt sinds 2011 uitgevoerd door De Meerlanden. In de dienstverleningsovereenkomst (DVO) is overeengekomen met welke frequentie welk onderhoud uitgevoerd wordt. Ten behoeve van het vernieuwen van de DVO zijn de onderhoudsfrequenties met Meerlanden geëvalueerd en opnieuw vastgelegd. Op basis van de positieve ervaringen met Meerlanden de afgelopen jaren zien wij geen aanleiding om aanpassingen door te voeren. Het onderhoud wordt uitgevoerd naar aanleiding van een klachtenregistratie en vanaf 2012 aan de hand van inspectierapportages en onderhoudsplannen. Op operationeel niveau stellen we concrete maatregelen vast. Voor het opstellen van het operationeel uitvoeringsplan maken we een integrale afweging, waarbij ook ‘wegen’ en ‘groen’ een rol spelen. Mede op basis van de rioolinspectieresultaten en de in het Rioolbeheerplan opgenomen toetsingscriteria, nemen we in het operationeel plan een meerjarenplanning op voor reparatie, vervanging en relining. Kleine reguliere werkzaamheden worden hierbij uitgevoerd op basis van de DVO met De Meerlanden. De planmatige (terugkerende) onderhoudswerkzaamheden betreffen: - Reiniging en inspectie van vrijvervalriolen (maatregel A2) - Rioolvervanging en -herstel (maatregel A3) - Inspectie pompen en gemalen (maatregel A4)

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

18

Projectgerelateerd

-

Vervangen pompen en gemalen, in planperiode enkel elektromechanische vervangingen (maatregel A5) Inspectie en herstellen voedingskabels (maatregel A6-A7) Inspectie centrale voedingskasten (CVK) (maatregel A8) Periodiek actualiseren tekening CVK voedingskabels (maatregel A9) Beheer van telemetriesysteem (maatregel A10) Reiniging en inspectie bergbezinkvoorzieningen en riooloverstorten voorzien van telemetrie (maatregel A11) Kalibreren telemetriesysteem (maatregel A12) Archiveren en overdragen meetdata (maatregel A13)

Voor de inhoudelijke afweging en (wettelijke) frequenties wordt verwezen naar het Rioolbeheerplan 2020 en het jaarlijkse Operationeel plan. De kosten voor de maatregelen en investeringen zijn in het kostendekkingsplan van dit GRP verwerkt, zie de maatregelen en kostentabel in hoofdstuk 6.

3.9

Nieuwe bebouwing

De afgelopen jaren zijn gemiddeld 125 woningen per jaar gebouwd. Dit bouwtempo ligt in lijn met de behoefte voor de komende jaren. Volgens de ramingen zijn tot circa 2030 circa 1.550 extra woningen nodig12. Vanaf 2030 wordt verondersteld dat het aantal woningen constant blijft. In het kader van de ontwikkeling van de beheer- en onderhoudskosten (uitbreiding areaal) en van het aantal heffingseenheden voor de rioolheffing (meer heffingseenheden) zijn de netto woningbouwprognoses van belang. Ook het Hoogheemraadschap wil graag weten of er groei te verwachten is, vooral met het oog op toekomstige afvalwaterstromen naar AWZI Zwaanshoek.

12

Citaat uit Woningmarktonderzoek RIGO 2019

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

19

Projectgerelateerd

4

Waar moeten we rekening mee houden?

In dit hoofdstuk gaan we in op de belangrijkste (wettelijke) kaders en randvoorwaarden voor dit gemeentelijk rioleringsbeleid (GRP). We beschrijven de kaders vanuit de Waterwet en de gevolgen voor het GRP vanuit het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi). Daarnaast gaan we in op het coalitieakkoord 2018-2022 en het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA), die beide in meer of mindere mate richting geven aan dit GRP. Tenslotte gaan we kort in op de Omgevingswet die in januari 2022 in werking zal treden13. Dit GRP zal een plek moeten krijgen in de daaruit voortvloeiende omgevingsvisie en het uitvoeringsprogramma, we sorteren daar op voor, door in dit GRP vast aandacht de besteden aan de omgevingsvisie. Voor een nadere toelichting op de relevante wet- en regelgeving wordt verwezen naar bijlage 4.

4.1

De Waterwet geeft een wettelijk kader

In de Waterwet is een aantal ‘oude’ wetten gewijzigd of aangevuld, waaronder de Wet milieubeheer, de Gemeentewet en de Wet op de waterhuishouding. De zorgplichten van de gemeente zijn verbreed en uitgewerkt. Gemeenten hebben de zorgtaak voor: a. Afvalwater. De doelmatige inzameling en het transport van het stedelijke afvalwater (huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater, eventueel gemengd met hemelwater en/of grondwater), dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen; b. Hemelwater. De doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater; c. Grondwater. Het in openbaar gebied treffen van doelmatige maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of te beperken. Ook het bekostigingssysteem van de rioolheffing is gewijzigd. Voorheen werden kosten van de aanleg en het beheer van voorzieningen voor stedelijk afvalwater uit de rioolheffing bekostigd. Sinds de Waterwet is sprake van de verbrede rioolheffing. Die zorgt er voor dat ook kosten die voortvloeien uit de aanleg en het beheer van voorzieningen voor hemelwater en grondwater uit de rioolheffing betaald mogen worden. De rioolheffing is een belasting. Dat betekent dat het verband tussen het directe belang van de betalers en de gemeentelijke voorzieningen is losgelaten.

Toch is de rioolheffing daarmee nog niet een ‘normale’ belasting. Anders dan bij bijvoorbeeld de onroerendezaakbelasting (OZB) mogen de opbrengsten van de rioolheffing maar aan één doel worden uitgegeven, namelijk: de gemeentelijke watertaken. Dit was voorheen zo en is ongewijzigd gebleven in de Waterwet. Ook na in werking treden van de Omgevingswet zal deze restrictie niet wijzigen.

4.1.1

De Waterwet en dit GRP

De Waterwet heeft dus twee belangrijke consequenties voor dit GRP: de gemeentelijk zorgplichten spelen een belangrijke rol en er geldt een verplichting de inkomsten uit de rioolheffing alleen te besteden aan de zorgplichten. We gaan daarom in deel 3 uitgebreid in op de zorgplichten (hoofdstukken 6, 7 en 8). Alle maatregelen die we voorstellen in de GRP dragen bij aan het vervullen van één of meerdere zorgplichten.

4.2

Besluit lozen buiten inrichtingen heeft gevolgen voor GRP

Regels vanuit het Besluit lozen buiten inrichtingen In 2011 is het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi) in werking getreden. Als gevolg hiervan is de vergunningplicht voor (riool)overstorten afgeschaft. Daarvoor in de plaats is een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) gekomen, waarin is bepaald dat overstorten worden uitgezonderd van heffingsbetaling 13 Op 1 april 2020 heeft de minister van Milieu en Wonen aangekondigd dat de invoering van de Omgevingswet, die gepland stond voor januari 2021, uitgesteld wordt tot januari 2022.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

20

Projectgerelateerd

aan het waterschap. De Rijksoverheid heeft besloten om de overstortvergunning te laten vervallen. De algemene regel is dat een overstort moet zijn opgenomen in het GRP.

4.2.1

Het besluit lozen buiten inrichtingen en dit GRP

Voor Hillegom heeft de beoordeling van milieugevolgen plaats gevonden in het BRP Hillegom. Voor de uitgangspunten, (stelsel)kenmerken en berekeningsresultaten (het milieutechnisch functioneren van het rioolstelsel) verwijzen we naar het BRP. In bijlage 3 van dit GRP is een overzicht opgenomen van de riooloverstorten en hemelwateruitlaten.

4.3

Het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie geeft input

In 2018 is het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) toegevoegd aan het Nationale Deltaprogramma. Dit DPRA heeft als doel: een klimaatbestendige en water robuuste inrichting; in 2020 in handelen en in 2050 gerealiseerd in de inrichting. Dit betekent dat vanaf 2020 bij iedere ruimtelijke ingreep rekening wordt gehouden met weersextremen. Het DPRA richt zich op vier thema’s: wateroverlast, hittestress, overstroming en droogte. Om op die thema’s een klimaatbestendige en water robuuste inrichting te verwezenlijken, werkt het DPRA met zeven ambities: 1. Kwetsbaarheid in beeld brengen 2. Risicodialoog voeren en strategie opstellen 3. Uitvoeringsagenda opstellen 4. Meekoppelkansen benutten 5. Stimuleren en faciliteren 6. Reguleren en borgen 7. Handelen bij calamiteiten

4.3.1

Figuur 11 De zeven ambities van het DPRA - Bron: Deltacommissaris.nl

De stand van zaken in Hillegom

De eerste stap (Weten) is een objectieve analyse van het gebied om inzicht te krijgen in de kwetsbaarheden en kansen ten aanzien van klimaatverandering (de stresstest). In de tweede stap (Willen) worden de ambities voor het gebied geformuleerd, met daarin de gewenste doelen en resulterende opgaven, en wordt de benodigde strategie bepaald om die doelen te halen. In de derde stap (Werken) worden de ambities en strategieën geborgd in het beleid en komen tot uitvoering. In het DPRA is afgesproken dat de stresstest ongeveer iedere 6 jaar wordt geactualiseerd om het beeld van de kwetsbaarheden bruikbaar te houden. Om de eerste stap (Weten) te zetten voor het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) hebben de samenwerkende gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen (HLT Samen) in 2019 een stresstest klimaatbestendigheid uitgevoerd. In 2019 is een begin gemaakt met het voeren van de risicodialogen in HLT Samen (Willen). In verschillende klimaatateliers worden de opgedane inzichten van de stresstest gedeeld met een brede groep van partijen die actief zijn in de openbare ruimte. Ook worden de ambities en knelpunten bepaald en verder uitgewerkt. In de stap Werken worden de uitkomsten van de risicodialogen vertaald naar een HLT-brede adaptatiestrategie met mogelijke oplossingsrichtingen en maatregelen voor korte en lange termijn.

Het resultaat vormt een aanzet voor de paragraaf Klimaatadaptatie in een Omgevingsvisie.

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

21

Projectgerelateerd

4.3.2

Het DPRA en dit GRP

Resultaten uit het DPRA-proces (stappen Willen en Werken) zijn een nuttige toevoeging voor een GRP. We nemen de resultaten dan ook mee in dit GRP. Daarbij ligt de nadruk op de klimaatstresstest wateroverlast: de hemelwaterstresstest (wateroverlast). Deze resultaten hebben namelijk (ook op de korte en middellange termijn) direct invloed op maatregelen die bekostigd (kunnen) worden uit de rioolheffing. In 2020 heeft er een actualisatie van het rioleringsmodel plaatsgevonden en is het effect van extreme buien doorgerekend (klimaatbuien). In bijlage 5 zijn de resultaten van deze berekeningen visueel weergegeven die als input dienen voor de risicodialoog. In een parallel traject voeren wij een risicodialoog met alle relevante gebiedspartners ten behoeve van het vergroten van het bewustzijn over de kwetsbaarheid voor klimaatextremen, de mate waarin wij overlast accepteren en vervolgens het beperken van deze kwetsbaarheid met concrete maatregelen. Vervolgens stellen wij een uitvoeringsagenda op op basis van de stresstest en de risicodialoog. Hierin staan afspraken over wie wat gaat doen op welke termijn (maatregel ALG4). De resultaten hiervan zijn niet op tijd beschikbaar om in dit GRP te verwerken. Wij anticiperen hierop door jaarlijks een investeringsbedrag op te nemen voor klimaatadaptieve maatregelen, gelieerd aan de gemeentelijke zorgplichten.

4.4

We houden rekening met de Omgevingswet

In januari 2022 wordt de Omgevingswet van kracht. Deze wet vereenvoudigt bestaande wetgeving voor de fysieke leefomgeving. Gemeentes zijn verplicht om één integrale visie op te stellen voor alle beleidsterreinen in de fysieke leefomgeving, zoals natuur, ruimtelijke ordening en verkeer en vervoer. Op basis van de opgestelde omgevingsvisie stellen gemeentes uitvoeringsprogramma’s en omgevingsplannen op. Samenwerken, participatie en integraal werken zijn belangrijke pijlers onder de nieuwe wet.

4.4.1

De omgevingsvisie en dit GRP

De komst van de Omgevingswet betekent dat de planverplichting voor het opstellen van een GRP verdwijnt. De drie waterzorgplichten blijven echter bestaan, net als de verplichting om de financiën te verantwoorden. Die onderwerpen krijgen een plek in de omgevingsvisie, die gemeente verplicht zijn op te stellen (uiterlijk gereed op 1 januari 2024). Op het gebied van water dient in de Omgevingsvisie namelijk ten minste de visie op de (drie) gemeentelijke watertaken beschreven te worden. De uitvoering wordt concreet gemaakt in het uitvoeringsprogramma Wateren rioleringsprogramma, terwijl in het omgevingsplan alle relevante gemeentelijke verordeningen samengevoegd worden. Figuur 12 geeft hier Figuur 12 Schematische weergave van de verhouding tussen het huidige GRP een schematisch overzicht van. en de toekomstige situatie onder de Omgevingswet

Vooruitlopend op de overgang naar de Omgevingswet hebben we dit GRP zo ingedeeld dat de onderdelen relatief eenvoudig overgenomen kunnen worden in de nieuwe planvormen (Omgevingsvisie en -plan). Hiervoor verwijzen we ook naar de schematische weergave op pagina ii. Tevens sorteren we voor op de overgang naar de Omgevingswet, met zijn integrale karakter, door verschillende domeinen te betrekken in

23-09-20

GRP HILLEGOM

BH2619-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0002

22

Projectgerelateerd

de totstandkoming van dit GRP. We kijken hoe we onze individuele belangen, die samenhangen met de zorgplichten, kunnen versterken om zo bij te dragen aan de ambities in dit GRP. Het gemeentelijk rioleringsplan moet op grond van artikel 4.22 van de Wet milieubeheer door de gemeenteraad worden vastgesteld. De Tweede Kamer heeft op 1 juli 2015 ingestemd met de voorgestelde Omgevingswet, waarin het gemeentelijk rioleringsplan overgeheveld wordt naar artikel 3.13 van de Omgevingswet als facultatief programma dat wordt vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. De komende planperiode zal duidelijk worden hoe gemeenten hier vanaf 2022 exact invulling aan (kunnen) geven. In 2025 stellen wij de opvolger van dit GRP op, te weten het Rioleringsprogramma 2026-2030 op (Uitvoeringsprogramma, zie figuur 13), maatregel ALG3. Hillegom heeft in 2018 een Omgevingsvisie vastgesteld. Deze wordt in 2020 geheel herzien, parallel aan het GRP proces. Voor beide beleidssporen geldt dat het Integraal rapport bouwstenen water Omgevingswet SWR2 (zie hoofdstuk 5) als kapstok dient. Hierdoor hanteren we in beide planvormen dezelfde doelen. Voorgesteld wordt dat tijdens de tussenevaluatie van dit GRP (maatregel ALG1), de verweving van het GRP met de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het Uitvoeringsprogramma plaatsvindt.

Dit sluit goed aan bij de (voorlopig) uiterste datum voor het gereed hebben van de Omgevingsvisie, 1 januari 2024. Bruidsschat – eigen regels stellen Het omgevingsplan dat van rechtswege ontstaat, bevat alle vigerende bestemmingsplannen en een aantal verordeningen, waaronder een eventuele Verordening afvoer hemel- en grondwater (als de gemeente die had vastgesteld). Dit omgevingsplan voldoet nog niet aan de eisen van het nieuwe stelsel. Voor gemeenten geldt een overgangstermijn tot 2029. Het Rijk voorziet in overgangsrecht voor de regels die nu nog op rijksniveau zijn gesteld in onder andere het Besluit lozing afvalwater huishoudens, het Activiteitenbesluit milieubeheer en het Bouwbesluit 2012, maar in het nieuwe stelsel niet terugkeren op rijksniveau. Dit overgangsrecht voor voormalige rijksregels wordt de bruidsschat genoemd. De bruidsschat wordt van rechtswege toegevoegd aan ieder omgevingsplan. Direct vanaf inwerkingtreding van de Omgevingswet kunnen gemeenten de bruidsschatregels aanpassen of schrappen. En bruidsschatregels die zij goed vinden, kunnen ze behouden. Voor het waterbeheer zijn met name de regels over aansluiten op de riolering en over afvalwaterlozingen in de bruidsschat relevant. Dit betreft onder andere de lozing van grondwater, afstromend hemelwater en huishoudelijk afvalwater in de bodem, de riolering en het oppervlaktewater.

Daarnaast zijn er specifieke lozingsregels voor bedrijfstakken opgenomen in de bruidsschat. De belangrijkste voorbeelden hiervan zijn het lozen bij kleinschalige voedselbereiding (zoals de vetafscheider bij de horeca), lozen bij telen en kweken van gewassen (zoals spoelwater uit kassen), lozen bij het maken van beton, lozen bij het wassen van motorvoertuigen en lozen bij het opslaan van mest of kuilvoer. Voor het toekomstig specificeren en eigen maken van de bruidsschat wordt verwezen naar het integraal rapport bouwstenen water Omgevingswet - Samenwerking Waterketen Regio Rijnland, subregio Kennemerland, waarin op watefgebied een aantal bouwstenen is opgenomen: aansluiten op de riolering. lozingen: het lozen van huishoudelijk afvalwater, het lozen van afvloeiend hemelwater inclusief een afkoopregeling voor berging in openbaar gebied, het lozen van grondwater bij ontwatering (permanente drainage), het lozen in een schoonwaterriool en het tijdelijk stopzetten van het lozen van bemalingswater (grondwater) op het riool wanneer sprake is van overbelasting. voorschrijven van een minimaal vloerpeil drinkwaterbelang Voor een deel gaan de bouwstenen over onderwerpen die ook in de bruidsschat zitten, maar die beter kunnen worden vormgegeven dan de bruidsschat doet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/146/documents/15848