CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

Db10 Raadsbrief Voortgangsinformatiebrief Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek.pdf

Gemeenteraad 30 juni 2022, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken25.550 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Hillegom

Raadsbrief Voortgangsinformatiebrief Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek

aan:

de raad van de gemeente Hillegom

zaaknummer: Z-22-241495 datum collegevergadering: 14 juni 2022 portefeuillehouder: Mw. K. Hoekstra behandelend ambtenaar: Greetje Heck emailadres: G.Heck@hltsamen.nl telefoon: 14 0252 embargo: ☐

Inleiding Wij hebben u regelmatig met voortgangsinformatiebrieven op de hoogte gehouden van de voortgang van de werkzaamheden van het project Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek (MNDBS). Het doel van dit project is om met een pakket maatregelen de bereikbaarheid van onze regio te verbeteren voor alle vervoerwijzen, de leefbaarheid te verhogen en om de verkeersveiligheid te verbeteren. Op 10 juni jl. is overeenstemming bereikt tussen de partners in dit project over een voorkeurspakket van maatregelen. Wat voorafging Na het besluit van de provincie Noord-Holland om de werkzaamheden aan het project Duinpolderweg stop te zetten, hebben de provincie Zuid-Holland, Holland Rijnland en de gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk en Teylingen samengewerkt aan een verbeterde ontsluiting van onze regio. Deze samenwerking kwam in een stroomversnelling op het moment dat Provinciale Staten van Zuid-Holland bij de begrotingsbehandeling 2022 het beschikbare bedrag voor de ontsluiting van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek verlaagde met € 20 miljoen. Wel gaven Provinciale Staten met het aannemen van een motie de regio de mogelijkheid aan te tonen dat het bedrag noodzakelijk is voor de te nemen infrastructurele maatregelen.

De regio werd opgeroepen om in het tweede kwartaal van 2022 een gezamenlijk gedragen voorstel voor een voorkeurspakket van mobiliteitsmaatregelen aan de Staten aan te bieden. Dit voorstel diende onderbouwd te zijn met een Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse. Maatregelen moeten ook ingaan op alle vervoerwijzen. Op basis van het voorstel zullen de Staten de discussie over de voorgenomen bezuiniging van € 20 miljoen heropenen. Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse Het voorstel voor een totaalpakket van mobiliteitsmaatregelen wordt onderbouwd met een Maatschappelijke Kosten Batenanalyse (MKBA). Voor de uitvoering hiervan is opdracht verleend aan Decisio, een economisch onderzoeks- en adviesbureau, dat brede ervaring heeft bij het opstellen van MKBA’s. In de eerder aangehaalde motie worden twee doelen aan het MKBA gegeven: •

•

De Stuurgroep Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek ondersteunen in het maken van een voorstel voor het verbeteren van de bereikbaarheid voor alle vervoerwijzen, het verbeteren van de verkeersveiligheid en het verhogen van de leefbaarheid. Een goede onderbouwing bieden voor Provinciale Staten van Zuid-Holland voor de inzet van budgetten voor de realisatie van infrastructurele maatregelen. Deze onderbouwing helpt ook andere financiers, zoals Holland Rijnland, voor een verantwoorde besteding van hun middelen.

De resultaten van de MKBA vormen dus niet het voorstel zelf, maar vormen een ondersteuning in het formuleren van het voorkeurspakket mobiliteitsmaatregelen. Aanvullende beoordelingscriteria MKBA-uitkomsten vormen een onderdeel van de bredere afweging voor het maken van keuzen als het gaat om het verbeteren van de bereikbaarheid en de verkeersveiligheid en het verhogen van de leefbaarheid. MKBA-uitkomsten bieden inzicht in de maatschappelijke en financiële kosten en baten van verschillende alternatieven. Ze vergelijken deze alternatieven met een situatie waarin voorgenomen beleid en ruimtelijke ontwikkelingen tot uitvoer worden gebracht, zonder dat er extra infrastructurele maatregelen worden genomen. Daarmee is een MKBA ‘technisch’ van karakter. De stuurgroep Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek heeft om die reden een aantal indicatoren benoemd die een beeld geven van de realisatiemogelijkheden van maatregelen. Dan gaat het om bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak, financieringsmogelijkheden van andere partijen dan Holland Rijnland en de provincie ZuidHolland en realisatietijd. Deze aanvullende criteria zijn beschreven en in de stuurgroep besproken als onderdeel van het gesprek om te komen tot het voorkeurspakket van mobiliteitsmaatregelen.

Aanvullende indicatoren: Bijdrage aan de lange termijn visie van de Duin- en Bollenstreek De in 2021 vastgestelde Ruimtelijke Omgevingsagenda en de Regionale Strategie Mobiliteit (en de subregionale bijdragen) beschrijven de lange termijnvisie als gaat om ruimtelijke economische ontwikkelingen en de bijbehorende mobiliteit. Maatschappelijk draagvlak Onder maatschappelijk draagvlak worden de opvattingen van bijvoorbeeld cultuurhistorische organisaties, ondernemersverenigingen, belangengroepen van inwoners gevat, maar ook om ‘technische’ beperkingen, zoals neergelegd in het Pact van Teylingen. Bestuurlijk draagvlak Het bestuurlijk draagvlak is gebaseerd op het beleid van de verschillende partijen die vertegenwoordigd zijn in de stuurgroep. Financieringsmogelijkheden Bij financieringsstrategieën gaat het om koppelkansen met andere werkzaamheden en om financiële bijdragen van overheids- en private partijen. Realisatietijd Het betreft de beoordeling van de te verwachte realisatietijd van de structurele maatregelen. Hierbij moet gedacht aan procedures voor de aanpassing van een bestemmingsplan of het omgevingsplan, grondverwervingsprocessen enzovoort.

Collegebesluit 14 juni 2022 Op 14 juni hebben ook de colleges van de andere deelnemende gemeenten in de Stuurgroep hetzelfde besluit genomen. Het Dagelijks Bestuur van Holland Rijnland heeft tijdens haar vergadering van 2 juni ingestemd met dit voorkeurspakket. Hiermee heeft

Voorkeurspakket Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek •

•

•

Het OV-lijnennetwerk - HOV Noordwijk-Schiphol - Verbeteren lijn 50 (Haarlem-Leiden) - (H)OV-verbindingen tussen Hillegom en verschillende locaties in Haarlemmermeer Netwerk van regionale doorfietsroutes - Katwijk-Schiphol - Leiden-Haarlem – Robuuste weginfrastructuur voor de Noordelijke Duin- en Bollenstreek bestaande uit: - verbinding N207-N442 gecombineerd met een verbinding N442 - N206 - verbinding vanaf rijksweg A44 nabij Abbenes naar de N208 ten zuiden van Lisse. (Daarbij ontstaat de doorontwikkelingsmogelijkheid voor een doorgetrokken verbinding parallel aan de N443 naar de N206 bij Noordwijkerhout)

Holland Rijnland opnieuw bevestigd dat het beschikbare budget van € 12,5 miljoen beschikbaar blijft voor de verbetering van de ontsluiting van de regio, mits er een gemeenschappelijk gedragen voorstel ter tafel blijft. Voorstel stuurgroep MNDBS aan Provinciale Staten van Zuid-Holland De stuurgroep biedt gezamenlijk via gedeputeerde Zevenbergen een voorkeurspakket van maatregelen aan Provinciale Staten van Zuid-Holland aan, dat de bereikbaarheid van de Duin- en Bollenstreek verbetert, de leefbaarheid verhoogt en de verkeersveiligheid verbetert. En dit voor alle vervoerswijzen. De afspraken die de stuurgroep heeft gemaakt bestaat uit het voorkeurspakket aan mobiliteitsmaatregelen en een aantal financiële afspraken. Voorkeurspakket mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin en Bollenstreek:

•

•

•

Openbaar vervoermaatregelen ͱ HOV lijn Noordwijk – Schiphol ͱ verbeteren van de doorstroming op lijn 50 (Haarlem – Leiden) ͱ OV-verbindingen Hillegom – Haarlemmermeer Maatregelen voor de fiets ͱ De stuurgroep gaat investeren in het fietsnetwerk. Hierbij is het realiseren van de doorfietsnetwerken van Holland Rijnland en de provincie Zuid-Holland als belangrijk aangemerkt. De plannen voor deze lokale en regionale netwerken worden vertaald in een uitvoeringsprogramma, waar met prioriteit uitvoering aan wordt gegeven. ͱ De MKBA noemt twee kansrijke fietsverbindingen: Katwijk – Schiphol en Leiden – Haarlem. Deze fietsverbindingen maken deel uit van het uitvoeringsprogramma. Robuust autonetwerk De stuurgroep onderschrijft het eindbeeld als het gaat om verbindingen aan de noordzijde van de Duin- en Bollenstreek (ter hoogte van Hillegom) en in het midden (nabij Lisse en Sassenheim). Er worden twee verbindingen met prioriteit geconcretiseerd: ͱ de verbinding tussen rijksweg A44 bij Abbenes en de N208 ten zuiden van Lisse. De provincie Zuid-Holland is trekker van het project om deze verbinding te concretiseren en te realiseren. ͱ de verbinding tussen de N207 via een aftakking naar de N442 (en station Hillegom) naar de N206. Voor de concretisering hiervan zijn de regionale partijen leidend. De provincie hecht belang aan het onderzoek naar de spooronderdoorgang en werkt daaraan mee.

Het lijkt mogelijk om deze verbinding gefaseerd uit te voeren, waarbij gestart wordt met het deel tussen de N207 en de N442, met doortrekking naar station Hillegom. De verbinding tussen N208 en N206 bij Noordwijk, parallel aan de huidige N443 vormt onderdeel van het geschetste eindbeeld, waarbij verdere uitwerking plaatsvindt als economisch ruimtelijke ontwikkelingen hiervoor aanleiding geven.

Financiële afspraken: • Van de momenteel beschikbare budgetten van de provincie Zuid-Holland (47,2 miljoen euro) en Holland Rijnland (12,5 miljoen euro) wordt een bedrag van ongeveer 10 miljoen aan OV-verbetering en de genoemde fietsmaatregelen gereserveerd. Hieronder vallen ook de meerkosten van de fietstunnel in de N208 nabij Lisse. Kosten voor de HOV-lijn Noordwijk – Schiphol maken hiervan geen deel uit. • De beschikbare gelden vanuit de Provincie Zuid-Holland en vanuit Holland Rijnland worden aangewend voor de realisatie van de twee in het voorstel genoemde autoverbindingen. Als onderdeel van het robuuste autonetwerk. De provincie start daarbij met de voorbereidingen voor de verbinding tussen rijksweg A44 bij Abbenes en de provinciale weg N208; de regio start met de voorbereidingen voor de verbinding tussen N207 via een aftakking naar de N442 (en station Hillegom) naar de N206. • Alle partijen uit de stuurgroep zetten zich actief in voor extra financiën voor de realisatie van het gehele maatregelenpakket. Wanneer dergelijk budgetten beschikbaar komen voor planonderdelen blijven de gereserveerde gelden vanuit Holland Rijnland en de provincie Zuid-Holland beschikbaar voor de uitwerking van andere planonderdelen van het mobiliteitspakket ten behoeve van de verbetering van de bereikbaarheid van de noordelijke Duin- en Bollenstreek.

De inhoudelijke en financiële afspraken worden in een overeenkomst vastgelegd. Tot slot Wij zijn verheugd dat we met onze buurgemeenten in de Duin- en Bollenstreek, met Holland Rijnland en met de provincie Zuid-Holland een akkoord in de stuurgroep hebben bereikt. Met dit akkoord kunnen we verder om onze mooie streek verder te ontwikkelen en bereikbaar te maken en te houden. Wij zien uit naar de verdere uitwerking van de verkeersmaatregelen in samenwerking met alle partijen in Zuid- en Noord-Holland.

Bijlagen: --

Toegevoegde notitie Maatschappelijke Kosten/Baten Analyse Inhoud: 1. Inleiding 2. Bestuurlijk kader 3. Maatschappelijk draagvlak 4. Financieringsstrategie 5. Diverse projecten 1. Inleiding De MKBA die voor ligt geeft materiaal voor het maken van een keuze welke ingreep het meest effect heeft op de verbetering van de bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek (NDBS) en geeft vooral inzicht in drie “technische” thema’s: bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid. Er zijn meerdere indicatoren benoemd die aanvullend op de MKBA ook richting PS zouden moeten gaan. Deze notitie werkt de andere indicatoren dan in de MKBA wordt berekend verder uit. Daarnaast gaat deze notitie dieper in op de reeds in uitvoering zijnde projecten zoals onder andere duurzame mobiliteit, doorfietspaden en de ontwikkeling van het (H)OV als ook minder technische thema’s. MKBA In een Maatschappelijke Kosten/Baten Analyse (MKBA) worden alle maatschappelijke effecten van een project in kaart gebracht en vergeleken met de kosten van het project. Door alle effecten, ook die op bijvoorbeeld bereikbaarheid, veiligheid, leefbaarheid, economie, landschap, natuur en milieu in euro’s uit te drukken ontstaat een integraal overzicht van de maatschappelijke merites van een project.

Het uitdrukken van effecten in dezelfde eenheid (euro’s) zorgt ervoor dat effecten in ordegrootte met elkaar kunnen worden vergeleken en dat men ook in ordegrootte een gevoel krijgt voor de verhouding tussen kosten en baten die voortvloeien uit het project. Om de projecteffecten in geld uit te drukken wordt gebruik gemaakt van kengetallen, marktprijzen en betalingsbereidheid van consumenten. Het uiteindelijke resultaat is een ‘maatschappelijk rendement’ van beleidskeuzes, uitgedrukt in een saldo van kosten en baten (netto contante waarde), baten/kostenverhouding en, zo mogelijk, een overzicht van verdeling van lusten en lasten over partijen. 2. Bestuurlijk Kader Op verschillende bestuurlijke niveaus zijn reeds afspraken in voorbereiding, dan wel besluiten genomen die van invloed zijn op de Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek. (inter-)Provinciaal De in- en externe bereikbaarheid van de Duin- en Bollenstreek is al langer onderwerp van zorg en studie. Een belangrijke stap in de verbetering van de bereikbaarheid werd gedacht gezet te worden met de realisatie van een pakket aan maatregelen die bekend is geworden als de “Duinpolderweg”. Dit pakket aan maatregelen behelsde ingrepen en toevoegingen aan zowel de auto-infrastructuur alsmede voor fiets en HOV.

Bij de coalitieonderhandelingen in Noord-Holland na de verkiezingen voor de Provinciale Staten in 2019 is er voor gekozen om de beschikbare middelen voor de

1

Duinpolderweg in te zetten voor infrastructurele projecten elders binnen de provincie Noord-Holland en niet voor die projecten die grensoverschrijdend zijn. In het vervolg daarop hebben de Zuid-Hollandse leden van de (voorheen) stuurgroep Duinpolderweg besloten in gezamenlijkheid te definiëren welke projecten noodzakelijk zijn om de Noordelijke Duinen Bollenstreek beter te ontsluiten. Hiertoe is het “Plan van Aanpak Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek” eind 2020 opgesteld door de Provincie Zuid-Holland, Holland Rijnland en de gemeenten Hillegom en Lisse. De gemeenten Noordwijk en Teylingen hebben zich in 2021 voor de uitwerking hiervan bij de samengestelde stuurgroep aangesloten. Door besluitvorming in november 2021 in de Provinciale Staten van Zuid-Holland over de provinciale begroting 2022 werd het beschikbare budget voor de Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek verlaagd met € 20 miljoen. Provinciale Staten besloten bij motie dat de regio NDBS in de gelegenheid gesteld zou worden om middels een Maatschappelijke Kosten/Baten Analyse de noodzaak tot investeren inzichtelijk te maken. Holland Rijnland Het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland1 heeft in juni 2021 de Regionale Omgevingsagenda (ROA), de Regionale Energie Strategie (RES) en de Regionale Strategie Mobiliteit (RSM) vastgesteld.

Deze visies geven het gezamenlijk kader waarbinnen de regio richting andere overheden aangeeft welke ruimtelijke ontwikkelingen zij voor zich ziet en op welke wijze dit wordt vormgegeven. Op het moment van schrijven wordt gewerkt een integraal gedefinieerde gebiedsvisies (dus inclusief wonen, bereikbaarheid, economie, etc) waarvan de aanpak van de Noordelijke Duin en Bollenstreek er een van is. Duin- en Bollenstreek De gemeenten van de Duin- en Bollenstreek hebben in opmaat naar de ROA en de RSM in gezamenlijkheid ambities, doelen en uitwerkingsrichtingen geformuleerd voor 2040. Dit gebeurt langs de drie lijnen van de belangrijkste kwaliteiten van de streek, zoals die zijn verwoord in de Strategische Agenda Ruimte: ‘aantrekkelijke kustplaatsen en duinen’, ‘duurzame Greenport, bollenteelt en toerisme’ en ‘goed wonen en werken’. Als uitwerking hiervan is een Uitvoeringsagenda opgesteld. Om de gezamenlijke kracht van de Duinen Bollenstreek gericht in te zetten, wordt gekozen voor zes topprioriteiten (zie figuur). Dat zijn de zes activiteiten waarop de primaire focus wordt gehouden bij het aangaan van de opgaven. Hier wordt intensief samen gewerkt, omdat gezien wordt dat het déze activiteiten zijn die, met een integrale blik, nodig zijn om de Duin- en Bollenstreek gereed te maken voor de toekomst.

Deze regionale uitvoeringsagenda dient om de geformuleerde opgaven als streek waar te gaan maken. Het project Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek vormt een van de zes topprioriteiten in deze uitvoeringsagenda, de anderen zijn: ruimte en mobiliteit in de corridor Leiden-Katwijk-Noordwijk, ontwikkelen van een “regiobrand”, actualisatie Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport, Realiseren van de woningbouwopgave en het faciliteren van verbindingen tussen kennisintensieve sectoren en economische toepassingen.

1

Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Noordwijk, Nieuwkoop, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude. 2

Gemeenten Duin en Bollenstreek Regionaal, op het niveau van Holland Rijnland, hebben dertien gemeenten de Regionale Omgevingsagenda, de Regionale Strategie Mobiliteit en de Regionale Energie Strategie opgesteld. Bij de opstelling van deze drie producten is, waar van belang, zoveel mogelijk afstemming gezocht. Binnen Holland Rijnland wordt gewerkt aan een integrale gebiedsgerichte aanpak op de dossiers wonen, werken, mobiliteit, energievoorziening en ruimte. De Duin- en Bollenstreek zelf heeft een placemat samengesteld waarin de afspraken over de gezamenlijke visie op de ruimtelijke structuur van de Duin- en Bollenstreek zijn vastgelegd. Alsmede een regionale bereikbaarheidsvisie op de DBS. Al deze visies zijn afgestemd op en met elkaar. De gemeente Teylingen heeft een mobiliteitsvisie opgesteld die wordt gevolgd door een mobiliteitsplan zodra dit plan door de gemeenteraad is vastgesteld. De gemeenten Lisse en Hillegom hebben elk een mobiliteitsplan vastgesteld. Uiteraard hebben deze gemeenten ieder vanuit hun eigen perspectief een mobiliteitsbeleid waarin het fundament is gelegd voor een betere bereikbaarheid van de noordelijke Duin- en Bollenstreek. In de Omgevingsvisie van de gemeente Noordwijk is opgenomen om goede verbindingen te realiseren tussen de dorpen en met de dorpen van omliggende gemeenten. Het gaat ook om de aansluiting op het nationale vervoersnetwerk.

En om het beperken van de reistijd. Dit geldt zowel voor het autoverkeer als voor het openbaar vervoer en fietsen. Voor het (internationaal) toerisme in Noordwijk aan Zee is een goede bereikbaarheid voor auto’s noodzakelijk. Positie Provincie Noord-Holland Zoals hierboven reeds gemeld is, is er in deze collegeperiode van Provinciale Staten nagenoeg geen ruimte voor fysieke projecten, anders dan voor fiets en (H)OV, voor de provincie Noord-Holland om in te kunnen investeren. De ontwikkelingen rond de woningbouwopgaven geven echter op kortemiddellange termijn wel een extra druk op de aanwezige infrastructuur die ook gevolgen heeft voor de bereikbaarheid van de Duin- en Bollenstreek. Het gezamenlijk optrekken in de functionele regio Noordelijke Duin- en Bollenstreek – Haarlemmermeer als het gaat om nieuwe infrastructuur wint aan bestuurlijk draagvlak. Zowel de ontwikkelingen op Zuid-Hollands als die op Noord-Hollands grondgebied geven noodzaak voor beide provincies om in overleg te treden over de wijze waarop een oplossing gezocht moet worden voor de verwachte mobiliteitsopgaven en congestieproblemen. De vraag kan worden opgeworpen of de oplossingsrichtingen louter gevonden kunnen worden in een werkgeversaanpak, extra doorfietsroutes of uitbreiding van het (H)OV netwerk.

Te meer omdat de ambities niet alleen gevolgen hebben voor de eerder gemelde thema’s maar ook voor de leefbaarheid, verkeersveiligheid en welzijn van de inwoners. Positie gemeente Haarlemmermeer De gemeente Haarlemmermeer heeft een woningbouwopgave van ca. 30.000 woningen tot 2030. Een groot aantal zal worden gerealiseerd in de “dubbeldorpen” Beinsdorp (Hillegom) en Lisserbroek (Lisse). Deze twee locaties liggen (nagenoeg) tegen de Duin- en Bollenstreek aan. De “dubbeldorpen” vormen een gemeenschap, doorsneden door de Ringvaart die gelijktijdig de provinciegrens vormt. De woningbouwopgaven bieden veel kansen voor voorzieningen zoals recreatie, winkelen, onderwijs en maar geven ook extra druk op het mobiliteitsnetwerk.

3

Bij de opstart van de planvorming van de uitbreiding van de kern Lisserbroek heeft de gemeente Haarlemmermeer een verkeersonderzoek laten uitvoeren van de gevolgen naar het uitbreiden van het aantal woningen met 3000 in deze kern. Hierin werden nadrukkelijk de gevolgen en oplossingen voor de bereikbaarheid binnen de gemeenten Lisse en Hillegom opgenomen. Een uitkomst van dit onderzoek was dat een mogelijke oplossing gevonden kon worden door het realiseren van een ontsluiting naar de A44 ter hoogte van Abbenes Het besef en noodzaak van een gezamenlijke aanpak van de opgaven werd goed geïllustreerd door een door de raad van de Haarlemmermeer geïnitieerd initiatief voor een gezamenlijke brainstormavond door leden van de raden van de Haarlemmermeer, Lisse, Hillegom, Teylingen, Bloemendaal en Heemstede. Een in het oog springende en breed gedragen uitkomst was de constatering dat de westflank van de Haarlemmermeer, de Noordelijke Duin- en Bollenstreek en het zuiden van ZuidKennemerland feitelijk als één functionele regio beschouwd kan worden die in gezamenlijkheid de opgaven op moeten pakken. De gemeente Haarlemmermeer heeft samen met de Vervoers Regio Amsterdam en de Provincie Noord-Holland (PNH) de adaptieve agenda Netwerkstudie 2040 opgesteld. Uitgaande van de verwachte ontwikkelingen worden hierin de mogelijke mobiliteitsoplossingen tot 2040 beschreven.

Bij het opstellen van deze agenda is nadrukkelijk overleg gevoerd met de regio’s rond de Haarlemmermeer waaronder de Duin- en Bollenstreek. De ontwikkelingen in de Haarlemmermeer, maar ook Zuidelijk Kennemerland, hebben effect op de Noordelijke Duin- en Bollenstreek. Net zoals de ontwikkelingen in de NDBS effecten hebben op de hiervoor genoemde regio’s. Kortom, je zou kunnen constateren dat onderlinge relaties dusdanig zijn dat het als een gezamenlijke functionele regio beschouwd kan worden. 3. Maatschappelijk draagvlak De bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek is al decennialang een punt van zorg voor veel bedrijven, organisaties en inwoners van de Duin- en Bollenstreek. Dit bleek ook uit de verschillende participatietrajecten die de laatste twee jaar zijn doorlopen ten behoeve van de opstelling van verschillende beleidsdocumenten. Zowel bij de opstelling van de Regionale Strategie Mobiliteit (RSM), de start van de uitwerking van het Plan van Aanpak Mobiliteitsaanpak Noordelijke Duin- en Bollenstreek als bij de opstelling van de Maatschappelijke Kosten/Baten Analyse bleek de maatschappelijke aandacht nadrukkelijk aanwezig en daar is ook gebruik van gemaakt.

Bij de diverse werksessies, interviews en ontvangen mails en manifesten bleek de meest opvallende overeenkomst te zijn dat de aanpak van de bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek een noodzakelijkheid is. Mede ook met het oog op verkeersveiligheid en leefbaarheid van de kernen. Over de wijze waarop dit vormgegeven zal moeten worden, liggen de meningen verder uit elkaar. Waar het gezamenlijk bedrijfsleven zich vooral richt op de verbetering van de auto-infrastructuur, richten verschillende natuurverenigingen zich op het behoud van het natuur- en cultuurlandschap. Daarnaast zien verschillende belangengroepen de ontwikkeling van nieuwe infrastructuur een mogelijkheid om een huidige overlastgevende situatie(s) op te heffen, onder andere het verminderen van doorgaand (auto)verkeer via de ringvaartbruggen binnen de kommen van Hillegom en Lisse en de doorgaande wegverbindingen Van Pallandtlaan in Sassenheim In deze dynamiek is het gezamenlijk besef te ontdekken van de noodzaak tot aanpassing in de infrastructuur voor zowel verbetering van de bereikbaarheid, behoud van het karakter van de regio, evenals verbetering van leefbaarheid en verkeersveiligheid.

4

Daarnaast hebben verschillende partijen belang bij het aanpassen dan wel uitbreiden van het mobiliteitsnetwerk in en naar de DBS. Zo heeft Pro-rail belangen bij het niet meer op gelijke hoogte doorsnijden van de railinfrastructuur en Rijkswaterstaat bij het verbeteren van de rijkswegen. Een verdere uitwerking van een krachtenveldanalyse om meer partijen hierbij te betrekken is nog niet uitgevoerd maar is onderdeel van het vervolgproces. 4. Financieringsstrategie Aanpassingen aan het mobiliteitsnetwerk kosten geld. Op dit moment zijn de beschikbare middelen € 27 miljoen (47 minus 20 mio) van de PZH en € 12,5 miljoen van HR. Hierboven werd al geconstateerd dat de westflank van de Haarlemmermeer en de Noordelijke Duin- en Bollenstreek feitelijk één functionele regio is. Een regio waar de onderlinge relaties zo verweven zijn dat deze als een geheel beschouwd moeten worden. Uitbreiding van voorzieningen aan beide kanten van de Ringvaart heeft onlosmakelijk gevolgen voor de mobiliteitsbehoefte en daarmee met kosten om aan die behoeften te voldoen. Oplossingen in de infrastructuur waar het gaat om (H)OV en doorfietsroutes worden in gezamenlijkheid van de gemeenten, provincies en samenwerkingsverbanden gefinancierd. Als voorbeeld dient hierbij de gezamenlijke aanpak rond de HOV-verbinding Noordwijk-Schiphol.

Maar ook de intenties om de doorfietsroutes provinciegrensoverschrijdend aansluitend op elkaar te realiseren. De noodzaak om de bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek te verbeteren kan niet anders uitgedrukt worden dan het gesprek aan te gaan met de provincie Noord-Holland, de Vervoersregio Amsterdam en de gemeente Haarlemmermeer. Met het signaal dat de partijen op Zuid-Hollands grondgebied bereid zijn fors hierin te investeren en wel met € 27 miljoen van de PZH en € 12,5 miljoen van HR. Overigens was de PNH tot 2020 bereid € 75 miljoen te investeren in de aanpak in het kader van de Duinpolderweg. Het Rijk heeft het voornemen uitgesproken om te komen tot regionale woondeals als uitwerking van de “Nationale Woon- en Bouwagenda”. Door het kabinet is voor de komende 10 jaar € 7,5 miljard beschikbaar gesteld voor goede ontsluiting van nieuwe woningen. Daarnaast nog € 1,25 miljard voor de woningbouwimpuls en € 500 miljoen voor gebiedsontwikkeling in heel Nederland. Hoe deze middelen verdeeld gaan worden en wat de randvoorwaarden hiervoor zijn is nog niet geheel duidelijk. Wel is duidelijk dat er een directe koppeling wordt gemaakt met de mobiliteit en de aanpak van de mobiliteitsoplossingen.

Binnen de Noordelijke Duin- en Bollenstreek zijn twee gebiedsontwikkelingen voldoende van omvang om bij de voorlopige inventarisatie vanuit Holland Rijnland op te nemen: Geestwater (Lisse) en Nieuw Boekhorst (Teylingen). Door deze in de aanvraag te clusteren met de onderbouwing dat beide planontwikkelingen van dezelfde naar buiten gerichte infrastructuur gebruik maken ligt er een kans binnen het programma. Een andere kans ligt er door te werken aan een provinciegrens overschrijdende samenwerking in dit kader met de westflank van de gemeente Haarlemmermeer. Immers, we beschouwen dit als een functionele regio. Programma Ontsluiting Greenport Binnen de regio Holland Rijnland is het Programma Ontsluiting Greenport (POG) vastgesteld. In het onderzoeksgebied van het project Noordelijke Duin- en Bollenstreek zijn twee projecten opgenomen waarvoor reeds geld beschikbaar is gesteld. Dat zijn de Piet Gijzenbrug in Noordwijkerhout/Voorhout en de rotondes N443/N208 en N443/Parklaan bij Sassenheim. Totaal is hiervoor € 8 miljoen beschikbaar vanuit het Regionaal Investerings Fonds (RIF). In totaal heeft Holland Rijnland € 37,5 miljoen beschikbaar gesteld voor de uitvoering projecten uit het “POG” waaronder ook de ontwikkeling van HOV-lijnen. 5

5. Diverse projecten Geprobeerd wordt om de groei van de mobiliteit op te vangen door verschillende trajecten die tot doel hebben de druk op het wegennet te verminderen, dan wel duurzaam met de beschikbare middelen om te gaan. De in het MKBA onderzochte varianten die zich voornamelijk richten op de autoinfrastructuur moeten in samenhang met de reeds in gang gezette maatregelen rond de doorfietspaden, HOV etc. beschouwd worden. Hoewel de inzet op deze projecten het resultaat heeft dat de mobiliteit in het (H)OV en met de fiets toeneemt, levert het niet dé oplossing voor het totaal aan mobilteits- en leefbaarheidsproblemen in de Duin- en Bollenstreek. Doorfietspaden Zowel de PZH als Holland Rijnland werken aan de ontwikkeling van het netwerk van doorfietspaden, zowel binnen de regio als grensoverschrijdend. Gekozen is voor een ontwikkeling waarbij stapsgewijs gedeelten van het netwerk worden gerealiseerd. Werkgeversaanpak Samen met de organisatie “Bereikbaar Noord-Holland” werken de gemeenten en Holland Rijnland aan een werkgeversaanpak. Door middel van ambassadeurs worden de in de regio actief zijnde bedrijven benaderd om anders dan met de auto naar en van het werk te gaan door middel van het stimuleren van carpoolen, thuiswerken of stimuleren fietsgebruik. Duurzame mobiliteit De regio Holland Rijnland heeft, samen met de gemeenten, een Regionale Energie Strategie opgesteld.

Een belangrijk middel om het energiegebruik en CO2 uitstoot te verminderen is het veranderen van het mobiliteitsgebruik. Daartoe is een regionale projectgroep in het leven geroepen uit medewerkers duurzaamheid en anderzijds medewerkers mobiliteit uit de gemeenten en Holland Rijnland. Deze werkgroep initieert projecten met als doel de CO2 uitstoot te verminderen en een omslag te bewerkstelligen in de mobiliteit. Voorbeelden (dus niet uitsluitend) van projecten zijn stimulering deelautovervoer, gezamenlijke aanpak laadpalen structuur en stimulering elektrificeren mobiliteit. (H)OV Gewerkt wordt aan de verbetering van de (H)OV structuur binnen en naar buiten de regio: (H)OV lijnen Noordwijk-Katwijk-Leiden en Noordwijk-Schiphol. Beide projecten naderen hun voltooiing waarbij wel extra aandacht nodig is voor de realisatie van de bus- en fietsbrug ter hoogte van Lisse. Ten overvloede dient te worden opgemerkt dat de aan- en afvoerroutes van deze brug ongeschikt zijn voor overig autoverkeer.

6

Samenvatting Rapportage MKBA bereikbaarheid Noordelijke Duin- en Bollenstreek Concept, 13 juni 2022

ECONOMISCH ONDERZOEK EN ADVIES

TITEL Rapportage MKBA Bereikbaarheid Noordelijke Duin- en Bollenstreek

DATUM 13-06-2022

STATUS RAPPORT Definitief

OPDRACHTGEVER Provincie Zuid-Holland, Holland Rijnland, gemeenten Hillegom, Lisse, Teylingen en Noordwijk

PROJECTTEAM DECISIO Niels Hoefsloot, Guus Kersten, Freek Lier

PROJECTTEAM GOUDAPPEL Jan-Anne Waagmeester, Kasper Kerkman

CONTACTGEGEVENS DECISIO | ECONOMISCH ONDERZOEK EN ADVIES Valkenburgerstraat 212 1011 ND Amsterdam T 020 – 67 00 562 E info@decisio.nl I www.decisio.nl

Samenvatting Aanleiding De bereikbaarheid en leefbaarheid in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek staan onder druk. Uit de Bereikbaarheidsindicator van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat blijkt de bereikbaarheid van het gebied relatief slecht is. Na het niet doorgaan van de Duinpolderweg hebben de provincie Zuid Holland, de regio Holland Rijnland, de gemeenten Hillegom, Teylingen, Lisse en Noordwijk daarom de handen ineen geslagen om de bereikbaarheid in (en van/naar) de Noordelijke Duin- en Bollenstreek te verbeteren. Uit een participatieronde onder de gemeenten zijn zes zoekgebieden naar voren gekomen waar zich knelpunten voordoen en waar oplossingen kunnen worden gerealiseerd. Projectalternatieven Op basis van vooraf

Figuur 1 Nieuwe schakels in het wegennetwerk

vastgestelde zoekgebieden zijn zes mogelijke interventies in het wegennetwerk in beeld gebracht (zie figuur 1). Deze zes schakels vormen de projectalternatieven in de MKBA. Naast deze zes schakels zijn een HOV-pakket en fietsmaatregelen kwalitatief uitgewerkt. Onderstaande tabel geeft een integraal overzicht weer van de maatregelen.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

1

Tabel 1 Integraal overzicht mobiliteitsmaatregelen. Focus MKBA en modelmatige verkeersberekeningen Projectalternatief 1 (80 km/h-weg rondom westzijde Hillegom, afwaardering N208 door Hillegom) Projectalternatief 2 (80 km/h-weg gedeeltelijk rondom westzijde Hillegom met verbinding N206) Projectalternatief 3 (80 km/h-weg rondom westzijde Hillegom met verbinding N206, afwaardering N208 door Hillegom) Inzet gemotoriseerd Projectalternatief 4 (80 km/h-weg nabij Keukenhof) lichte afwaardering van 10km/h op parallelle verkeer gedeelte N208. Projectalternatief 5 (80 km/h-weg tussen A44, ter hoogte van Abbenes en N208) Projectalternatief 6 (80 km/h-weg tussen A44, ter hoogte van Abbenes, N208 en N206 ten zuiden van Noordwijkerhout) Verkenning raakvlakken en kansen icm met weginfrastructuur (kwalitatief, geen modelberekeningen) Verbinding Katwijk - Schiphol via Noordwijk, Lisse en Nieuw-Vennep Inzet Fiets Verbinding Leiden - Haarlem, via Lisse, Hillegom en Heemstede (H)OV verbinding Noordwijk – Schiphol, inclusief brug t.h.v. Lisse en Lisserbroek Inzet Openbaar HOV-verbinding station Hillegom-station met Nieuw-Vennep Vervoer Optimalisatie verbinding Leiden - Haarlem (lijn 50) (H)OV verbinding Hillegom – Spaarne Ziekenhuis - Hoofddorp

Onderzoeksvraag MKBA Ter onderbouwing van keuzes en mogelijke prioritering van projecten is inzicht in effecten en kosten en baten van de mogelijke oplossingen in zoekgebieden wenselijk. Deze MKBA, inclusief verkeersanalyse en globale kostenschattingen, levert ondersteunende beslisinformatie voor politieke keuzes. De hoofdvraag van de MKBA is: Welke maatschappelijke effecten, kosten en baten, zijn toe te schrijven aan zes oplossingen voor de zoekgebieden en hoe verhouden deze zich tot elkaar? De effecten van de zes oplossingen zijn afgezet tegen de toekomstige situatie zonder grote ingrepen aan het wegennet (nulalternatief). Het zwaartepunt van de MKBA lag in het berekenen van de effecten en kostenbatensaldi van de investeringen in de weginfrastructuur. Binnen de beschikbare tijd en met het voorhanden zijnde instrumentarium was het niet mogelijk om alle effecten van combinaties van integrale pakketten in beeld te brengen (combinaties van weginfrastructuur, HOV en Fietsmaatregelen). Op basis van beschikbare informatie en expert judgment is er wel in kwalitatieve zin duiding gegeven aan mogelijke raakvlakken tussen de modaliteiten (meekoppelkansen), kansen voor modal shift en ketenreizen.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

2

MKBA Light Deze MKBA betreft een MKBA op hoofdlijnen of een MKBA Light. Deze vorm is minder complex dan een volledige MKBA, maar hoeft niet per se minder inzicht op te leveren. Immers, ook met diepgaande analyses op alle deelaspecten blijven er onzekerheden bestaan. Met de keuze voor een MKBA light ligt de focus op de meest onderscheidende effecten van de projectalternatieven die via de modelanalyses, kostenschattingen en algemeen geldende kengetallen bepaald worden. De analyses die aan de basis liggen van de MKBA Light zijn minder diepgaand dan die van een volledige MKBA. De MKBA light geeft echter wel een duidelijk beeld van de relatieve verschillen tussen de projectalternatieven

Eindtabel kosten en baten Onderstaande tabel geeft een overzicht van de kosten en baten van de zes projectalternatieven weer. Tabel 2 Overzichtstabel kosten en baten

De MKBA laat zien dat voor vijf van de zes projectalternatieven (1, 2, 3, 5 en 6) de baten groter zijn dan de kosten. Dit komt grotendeels door de baten die het gevolg zijn van een verbeterde reistijd. De verkeersveiligheidseffecten zijn daarnaast ook aanzienlijk. De berekende baten overstijgen in de meeste gevallen de

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

3

investeringskosten voor de aanleg en de kosten voor beheer en onderhoud. Alleen bij projectalternatief 4 zijn de kosten groter dan de baten. Dit is voor een belangrijk deel te wijten aan de relatief beperkte reistijdwinst. Projectalternatieven 2, 5, en 6 kennen de grootste reistijdbaten. De kosten van projectalternatief 6 zijn naar verhouding echter hoog door de relatief grote omvang van het infrastructuurareaal, terwijl de extra baten ten opzichte van alternatief 5 relatief beperkt zijn (zie de toelichting hieronder). Hierdoor valt het saldo van projectalternatief 6 lager uit dan de saldi van projectalternatieven 2 en 5. Bereikbaarheidseffecten De Randweg Hillegom in alternatief 1 en 3 heeft tegengestelde bereikbaarheidseffecten. Enerzijds ontstaat een snellere route voor doorgaand verkeer. Anderzijds ontstaan reistijdverliezen voor bestemmingsverkeer door de afgewaardeerde weg in Hillegom. Het omrijden leidt tot aanzienlijke meerkosten. Daarnaast leidt de doorsteek N207/N208 in alternatief 2 en 3 tot zeer aanzienlijke positieve effecten door een kortere en snellere route. Voor alternatieven 5 en 6 lost de nieuwe doorsteek A44-N208 nieuwe en toekomstige knelpunten op (i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling Lisse/Lisserbroek). Daarnaast ontstaat dankzij de doorsteek een kortere en snellere route voor verkeer van en naar de A44.

De doorsteek N208-N206 in alternatief 6 leidt tot snellere routes en heeft daardoor een aanzienlijk effect. Een deel van de bereikbaarheidsbaten wordt echter geabsorbeerd doordat de aanzuigende werking van deze oost-westverbinding tot een nieuw knelpunt leidt. Alternatief 6 is dermate aantrekkelijk voor de reiziger dat er op de N208 ten zuiden van Lisse congestie ontstaat. Voor alle projectalternatieven geldt dat nieuwe wegen verkeer aantrekken waardoor het elders in het netwerk rustiger wordt, verspreid over diverse wegen. Omgevings- en verkeersveiligheidseffecten Bij vijf van de zes projectalternatieven neemt het verkeer af binnen de bebouwde kom van de kernen in het gebied. Dit is onder andere het gevolg van de afwaardering van de N208 in Hillegom in projectalternatieven 1 en 3. Voor deze alternatieven is ook de grootste afname van het verkeer te zien binnen de bebouwde kom en zijn de effecten op de leefomgeving (externe effecten) het grootst. Doordat het verkeer binnen de bebouwde kom afneemt ontstaan positieve verkeersveiligheids-, geluids- en luchtkwaliteitseffecten.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

4

De klimaateffecten (CO2-uitstoot en stikstofdepositie) zijn daarentegen negatief voor projectalternatieven 1 en 3. Dit is het gevolg van de toename van het aantal gereden kilometers in deze alternatieven. Door de afwaardering van de N208 kiezen automobilisten ervoor om om Hillegom heen te rijden waardoor het aantal gereden kilometers toeneemt. De overige alternatieven dragen bij aan kortere routes en minder gereden kilometers en daarmee aan minder CO2-uitstoot en minder stikstofemissies. Het effect op ruimtebeslag is het grootst in alternatief 3 en 6. Voor alternatief 4 is het terrein van de kalkzandsteenfabriek die de route doorkruist een aandachtspunt. Alternatief 6 gaat voor een deel over bollengrond. De Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport van de Greenport Duin- en Bollenstreek (2016) schrijft voor dat elke m² bollengrond die verloren gaat financieel gecompenseerd moet worden (dit effect is met een opslag in de kosten verwerkt). Voor alternatief 6 vormt deze compensatieregeling een punt van aandacht. Multimodaliteit De MKBA staat kwalitatief ook stil bij de effecten op multimodaliteit. We zien vooral aanknopingspunten met het fietsnetwerk. Zo biedt het ontlasten van het centrum van Hillegom (projectalternatieven 1 en 3) kans voor fietsvriendelijke maatregelen. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om de gewenste doorfietsroute Leiden – Haarlem (deels) te realiseren.

Alternatieven 5 en 6 trekken auto’s weg van 60 km/h-wegen, wat eveneens tot kansen leidt voor een fietsvriendelijke inrichting. Er ontstaat ruimte voor de gewenste doorfietsroute Leiden – Haarlem. Daarnaast vormt het nieuwe fietspad dat integraal onderdeel is van alternatief 5 en 6 een nieuwe schakel in het fietsroutenetwerk. Voor (H)OV geldt dat de ringweg rondom Hillegom in projectalternatieven 1 en 3 de mogelijkheid biedt om bestaande busroutes te verbeteren. De rondweg draagt bij aan mogelijkheden om meer mensen op te pikken en de reistijd tussen locaties te verkleinen. Dit geldt ook voor de nieuwe verbindingen die zijn gerealiseerd in projectalternatieven 5 en 6. Daarnaast bieden deze alternatieven de mogelijkheid voor een nieuwe OV-route richting Nieuw-Vennep. Interpretatie uitkomsten MKBA Voor vijf van de zes projectalternatieven zijn de berekende saldi positief. Een beter saldo betekent echter niet per definitie een beter project. Elke locatie kent zijn eigen context en problematiek. De uitkomsten van de MKBA laten niet per definitie zien hoe de projectalternatieven aansluiten op deze problematiek, maar bieden inzicht in de maatschappelijke en financiële kosten en baten van de projectalternatieven. De MKBA-uitkomsten moeten daarom gezien worden als

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

5

onderdeel van de brede afweging voor het vinden van oplossingen voor mobiliteitsproblemen in de regio.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

6

Rapportage MKBA bereikbaarheid Noordelijke Duin- en Bollenstreek Concept, 13 juni 2022

ECONOMISCH ONDERZOEK EN ADVIES

TITEL Rapportage MKBA Bereikbaarheid Noordelijke Duin- en Bollenstreek

DATUM 13-06-2022

STATUS RAPPORT Concept

OPDRACHTGEVER Provincie Zuid-Holland, Holland Rijnland, gemeenten Hillegom, Lisse, Teylingen en Noordwijk

PROJECTTEAM DECISIO Niels Hoefsloot, Guus Kersten, Freek Lier

PROJECTTEAM GOUDAPPEL Jan-Anne Waagmeester, Kasper Kerkman

CONTACTGEGEVENS DECISIO | ECONOMISCH ONDERZOEK EN ADVIES Valkenburgerstraat 212 1011 ND Amsterdam T 020 – 67 00 562 E info@decisio.nl I www.decisio.nl

Inhoudsopgave

Samenvatting

1

1.

Inleiding en probleemanalyse

7

1.1

Achtergrond en aanleiding MKBA

7

1.2

Onderzoeksvraag en afbakening

11

1.3

Leeswijzer

13

2.

3.

4.

5.

Nul- en projectalternatieven

14

2.1

Nulalternatief

14

2.2

Projectalternatieven

15

2.3

(H)OV en Fietsinterventies

19

MKBA Effecten

25

3.1

Bereikbaarheidseffecten

26

3.2

Verkeersveiligheid

32

3.3

Leefomgeving

33

3.4

Bredere Economische Effecten

39

3.5

Kosten

41

3.6

Gevoeligheidsanalyses

43

Aanvullende effectindicatoren

48

4.1

Oplossend vermogen

48

4.2

Leefbaarheid

49

4.3

Verkeersveiligheid

50

4.4

Bestuurlijk/ maatschappelijk draagvlak

51

4.5

Financieringsmogelijkheden

52

4.6

Realisatietijd

52

Conclusie

54

Bijlage 1: Technische uitgangspunten MKBA

57

Bijlage 2: Verkeersmodel Noord-Holland-Zuid

59

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

Bijlage 3: Verkeersmodelberekeningen

61

Bijlage 4: uitgangspunten MKBA effecten

69

Financiële effecten

69

Effecten op mobiliteit en bereikbaarheid

69

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

Samenvatting Aanleiding De bereikbaarheid en leefbaarheid in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek staan onder druk. Uit de Bereikbaarheidsindicator van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat blijkt de bereikbaarheid van het gebied relatief slecht is. Na het niet doorgaan van de Duinpolderweg hebben de provincie Zuid Holland, de regio Holland Rijnland, de gemeenten Hillegom, Teylingen, Lisse en Noordwijk daarom de handen ineen geslagen om de bereikbaarheid in (en van/naar) de Noordelijke Duin- en Bollenstreek te verbeteren. Uit een participatieronde onder de gemeenten zijn zes zoekgebieden naar voren gekomen waar zich knelpunten voordoen en waar oplossingen kunnen worden gerealiseerd. Projectalternatieven

Figuur 1 Nieuwe schakels in het wegennetwerk

Op basis van vooraf vastgestelde zoekgebieden zijn zes mogelijke interventies in het wegennetwerk in beeld gebracht (zie figuur 1). Deze zes schakels vormen de projectalternatieven in de MKBA. Naast deze zes schakels zijn een HOV-pakket en fietsmaatregelen kwalitatief uitgewerkt. Onderstaande tabel geeft een integraal overzicht weer van de maatregelen.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

1

Tabel 1 Integraal overzicht mobiliteitsmaatregelen. Focus MKBA en modelmatige verkeersberekeningen Projectalternatief 1 (80 km/h-weg rondom westzijde Hillegom, afwaardering N208 door Hillegom) Projectalternatief 2 (80 km/h-weg gedeeltelijk rondom westzijde Hillegom met verbinding N206) Projectalternatief 3 (80 km/h-weg rondom westzijde Hillegom met verbinding N206, afwaardering N208 door Hillegom) Inzet gemotoriseerd Projectalternatief 4 (80 km/h-weg nabij Keukenhof) lichte afwaardering van 10km/h op parallelle verkeer gedeelte N208. Projectalternatief 5 (80 km/h-weg tussen A44, ter hoogte van Abbenes en N208) Projectalternatief 6 (80 km/h-weg tussen A44, ter hoogte van Abbenes, N208 en N206 ten zuiden van Noordwijkerhout) Verkenning raakvlakken en kansen icm met weginfrastructuur (kwalitatief, geen modelberekeningen) Verbinding Katwijk - Schiphol via Noordwijk, Lisse en Nieuw-Vennep Inzet Fiets Verbinding Leiden - Haarlem, via Lisse, Hillegom en Heemstede (H)OV verbinding Noordwijk – Schiphol, inclusief brug t.h.v. Lisse en Lisserbroek Inzet Openbaar HOV-verbinding station Hillegom-station met Nieuw-Vennep Vervoer Optimalisatie verbinding Leiden - Haarlem (lijn 50) (H)OV verbinding Hillegom – Spaarne Ziekenhuis - Hoofddorp

Onderzoeksvraag MKBA Ter onderbouwing van keuzes en mogelijke prioritering van projecten is inzicht in effecten en kosten en baten van de mogelijke oplossingen in zoekgebieden wenselijk. Deze MKBA, inclusief verkeersanalyse en globale kostenschattingen, levert ondersteunende beslisinformatie voor politieke keuzes. De hoofdvraag van de MKBA is: Welke maatschappelijke effecten, kosten en baten, zijn toe te schrijven aan zes oplossingen voor de zoekgebieden en hoe verhouden deze zich tot elkaar? De effecten van de zes oplossingen zijn afgezet tegen de toekomstige situatie zonder grote ingrepen aan het wegennet (nulalternatief). Het zwaartepunt van de MKBA lag in het berekenen van de effecten en kostenbatensaldi van de investeringen in de weginfrastructuur. Binnen de beschikbare tijd en met het voorhanden zijnde instrumentarium was het niet mogelijk om alle effecten van combinaties van integrale pakketten in beeld te brengen (combinaties van weginfrastructuur, HOV en Fietsmaatregelen). Op basis van beschikbare informatie en expert judgment is er wel in kwalitatieve zin duiding gegeven aan mogelijke raakvlakken tussen de modaliteiten (meekoppelkansen), kansen voor modal shift en ketenreizen.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

2

MKBA Light Deze MKBA betreft een MKBA op hoofdlijnen of een MKBA Light. Deze vorm is minder complex dan een volledige MKBA, maar hoeft niet per se minder inzicht op te leveren. Immers, ook met diepgaande analyses op alle deelaspecten blijven er onzekerheden bestaan. Met de keuze voor een MKBA light ligt de focus op de meest onderscheidende effecten van de projectalternatieven die via de modelanalyses, kostenschattingen en algemeen geldende kengetallen bepaald worden. De analyses die aan de basis liggen van de MKBA Light zijn minder diepgaand dan die van een volledige MKBA. De MKBA light geeft echter wel een duidelijk beeld van de relatieve verschillen tussen de projectalternatieven

Eindtabel kosten en baten Onderstaande tabel geeft een overzicht van de kosten en baten van de zes projectalternatieven weer. Tabel 2 Overzichtstabel kosten en baten Bypass Keukenhof

Randweg Hillegom

Eindtabel MKBA Bereikbaarheid Reistijd en betrouwbaarheid Reiskosten Meekoppelkansen fiets Meekoppelkansen OV

PA1

PA2

PA3

PA4

Oost - West (Abbenes - Noordwijkerhout)

PA5

PA6

€ 52,5 + +

€ 128,5 + 0/+ 0/+

€ 75,0 + +

€ 4,4 0 0

€ 98,6 + + +

€ 118,0 + +/++ +

Verkeersveiligheid

€ 65,4

€ 24,3

€ 75,1

€ 1,8

€ 24,9

€ 46,0

Leefomgeving Geluid Klimaat Luchtkwaliteit Ruimtebeslag

€ 15,2 € -7,3 € 16,4 -

€ 4,1 € 1,2 € 1,1 -

€ 19,0 € -5,4 € 20,9 --

€ 1,1 € 0,5 € 0,0 0/-

€ 3,5 € 1,1 € 1,5 -

€ 5,1 € 2,2 € 2,6 --

Bredere economische effecten Ontwikkelmogelijkheden Agglomeratieffecten

+ € 7,9

+ € 19,3

+ € 11,3

+ € 0,7

+ € 14,8

+ € 17,7

Kosten Investeringen Beheer en onderhoud

€ -61,7 € -42,1

€ -44,2 € -30,2

€ -74,5 € -50,9

€ -19,8 € -13,5

€ -32,1 € -21,8

€ -76,9 € -52,5

Saldo B/K

€ 46,3 1,4

€ 104,1 2,4

€ 70,6 1,6

€ -24,9 0,3

€ 90,5 2,7

€ 62,3 1,5

De MKBA laat zien dat voor vijf van de zes projectalternatieven (1, 2, 3, 5 en 6) de baten groter zijn dan de kosten. Dit komt grotendeels door de baten die het gevolg zijn van een verbeterde reistijd. De verkeersveiligheidseffecten zijn daarnaast ook aanzienlijk. De berekende baten overstijgen in de meeste gevallen de investeringskosten voor de aanleg en de kosten voor beheer en onderhoud. Alleen

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

3

bij projectalternatief 4 zijn de kosten groter dan de baten. Dit is voor een belangrijk deel te wijten aan de relatief beperkte reistijdwinst. Projectalternatieven 2, 5, en 6 kennen de grootste reistijdbaten. De kosten van projectalternatief 6 zijn naar verhouding echter hoog door de relatief grote omvang van het infrastructuurareaal, terwijl de extra baten ten opzichte van alternatief 5 relatief beperkt zijn (zie de toelichting hieronder). Hierdoor valt het saldo van projectalternatief 6 lager uit dan de saldi van projectalternatieven 2 en 5. Bereikbaarheidseffecten De Randweg Hillegom in alternatief 1 en 3 heeft tegengestelde bereikbaarheidseffecten. Enerzijds ontstaat een snellere route voor doorgaand verkeer. Anderzijds ontstaan reistijdverliezen voor bestemmingsverkeer door de afgewaardeerde weg in Hillegom. Het omrijden leidt tot aanzienlijke meerkosten. Daarnaast leidt de doorsteek N207/N208 in alternatief 2 en 3 tot zeer aanzienlijke positieve effecten door een kortere en snellere route. Voor alternatieven 5 en 6 lost de nieuwe doorsteek A44-N208 nieuwe en toekomstige knelpunten op (i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling Lisse/Lisserbroek). Daarnaast ontstaat dankzij de doorsteek een kortere en snellere route voor verkeer van en naar de A44. De doorsteek N208-N206 in alternatief 6 leidt tot snellere routes en heeft daardoor een aanzienlijk effect.

Een deel van de bereikbaarheidsbaten wordt echter geabsorbeerd doordat de aanzuigende werking van deze oost-westverbinding tot een nieuw knelpunt leidt. Alternatief 6 is dermate aantrekkelijk voor de reiziger dat er op de N208 ten zuiden van Lisse congestie ontstaat. Voor alle projectalternatieven geldt dat nieuwe wegen verkeer aantrekken waardoor het elders in het netwerk rustiger wordt, verspreid over diverse wegen. Omgevings- en verkeersveiligheidseffecten Bij vijf van de zes projectalternatieven neemt het verkeer af binnen de bebouwde kom van de kernen in het gebied. Dit is onder andere het gevolg van de afwaardering van de N208 in Hillegom in projectalternatieven 1 en 3. Voor deze alternatieven is ook de grootste afname van het verkeer te zien binnen de bebouwde kom en zijn de effecten op de leefomgeving (externe effecten) het grootst. Doordat het verkeer binnen de bebouwde kom afneemt ontstaan positieve verkeersveiligheids-, geluids- en luchtkwaliteitseffecten. De klimaateffecten (CO2-uitstoot), maar ook emissies van stikstofoxide zijn daarentegen negatief voor projectalternatieven 1 en 3. Dit is het gevolg van de

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

4

toename van het aantal gereden kilometers in deze alternatieven. Door de afwaardering van de N208 kiezen automobilisten ervoor om om Hillegom heen te rijden waardoor het aantal gereden kilometers toeneemt. De overige alternatieven dragen bij aan kortere routes en minder gereden kilometers en daarmee aan minder CO2-uitstoot en minder stikstofemissies. Het effect op ruimtebeslag is het grootst in alternatief 3 en 6. Voor alternatief 4 (en mogelijk ook bij 2 en 3) is het terrein van de kalkzandsteenfabriek dat op/bij de route ligt een aandachtspunt. Alternatief 6 en mogelijk ook alternatief 2 en 3 gaan voor een deel over bollengrond. De Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport van de Greenport Duin- en Bollenstreek (2016) schrijft voor dat elke m² bollengrond die verloren gaat financieel gecompenseerd moet worden (dit effect is met een opslag in de kosten verwerkt). Voor alternatief 6 en waarschijnlijk ook voor alternatief 2 en 3 vormt deze compensatieregeling een punt van aandacht. Multimodaliteit De MKBA staat kwalitatief ook stil bij de effecten op multimodaliteit. We zien vooral aanknopingspunten met het fietsnetwerk. Zo biedt het ontlasten van het centrum van Hillegom (projectalternatieven 1 en 3) kans voor fietsvriendelijke maatregelen. Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om de gewenste doorfietsroute Leiden – Haarlem (deels) te realiseren.

Alternatieven 5 en 6 trekken auto’s weg van 60 km/h-wegen, wat eveneens tot kansen leidt voor een fietsvriendelijke inrichting. Er ontstaat ruimte voor de gewenste doorfietsroute Leiden – Haarlem. Daarnaast vormt het nieuwe fietspad dat integraal onderdeel is van alternatief 5 en 6 een nieuwe schakel in het fietsroutenetwerk. Voor (H)OV geldt dat de ringweg rondom Hillegom in projectalternatieven 1 en 3 de mogelijkheid biedt om bestaande busroutes te verbeteren. De rondweg draagt bij aan mogelijkheden om meer mensen op te pikken en de reistijd tussen locaties te verkleinen. Dit geldt ook voor de nieuwe verbindingen die zijn gerealiseerd in projectalternatieven 5 en 6. Daarnaast bieden deze alternatieven de mogelijkheid voor een nieuwe OV-route richting Nieuw-Vennep. Interpretatie uitkomsten MKBA Voor vijf van de zes projectalternatieven zijn de berekende saldi positief. Een beter saldo betekent echter niet per definitie een beter project. Elke locatie kent zijn eigen context en problematiek. De uitkomsten van de MKBA laten niet per definitie zien hoe de projectalternatieven aansluiten op deze problematiek, maar bieden inzicht in de maatschappelijke en financiële kosten en baten van de projectalternatieven. De MKBA-uitkomsten moeten daarom gezien worden als

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

5

onderdeel van de brede afweging voor het vinden van oplossingen voor mobiliteitsproblemen in de regio.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

6

1. Inleiding en probleemanalyse In dit hoofdstuk zijn de achtergrond en aanleiding van deze MKBA toegelicht. Daarnaast is ingegaan op de onderzoeksvraag en afbakening van de MKBA. Tot slot bevat dit hoofdstuk een leeswijzer met de opbouw van dit rapport.

1.1 Achtergrond en aanleiding MKBA Achtergrond In het Plan van Aanpak Mobiliteitsmaatregelen Noordelijke Duin- en Bollenstreek uit 2020 constateren de provincie Zuid-Holland, regio Holland Rijnland, de

Figuur 2 Bereikbaarheidsindicator voor kernen in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek

gemeente Noordwijk en de gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen (HLT-gemeenten) dat de bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek relatief slecht is. Zo blijkt uit de Bereikbaarheidsindicator van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat dat de bereikbaarheid van de regio vanuit het oosten, maar ook zuiden en noorden aanzienlijk slechter is dan gemiddeld in Nederland. De afbeelding rechts, op basis van de Bereikbaarheidsindicator, brengt de bereikbaarheid voor kernen in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek in beeld. De donker rood gekleurde segmenten in de afbeelding laten zien in welke richting en bij welke afstand de bereikbaarheid relatief slecht is voor de verschillende locaties. Hoe donkerder de rode kleur, hoe slechter de bereikbaarheid. Voor de groene segmenten geldt het

(Bron: Royal HaskoningDHV, 2016).

tegengestelde: hoe donkerder groen, hoe beter de bereikbaarheid. Bereikbaarheidsindicator De Bereikbaarheidsindicator (BBI), waarmee bovenstaand figuur is uitgewerkt, geeft de gemiddelde snelheid weer van verplaatsingen vanuit alle herkomsten naar een bestemmingsgebied en wordt uitgedrukt in een BBIscore (in kilometer per uur). De BBI-index geeft de verhouding weer tussen de BBIscore van de geanalyseerde kernen en de referentiewaarde, waarbij de referentiewaarde de gemiddelde waarde voor heel Nederland betreft. Bovenstaande BBI-figuren visualiseren de score per windrichting en per afstandsklasse (t/m 7,5 kilometer, 7,5 kilometer-30 kilometer en 30 kilometer of meer) (Royal HaskoningDHV, 2016).

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

7

Ter verduidelijking van bovenstaande afbeelding is in

Figuur 3 Bereikbaarheidsindicator voor kernen in de

nevenstaande afbeelding de indicator als voorbeeld

Noordelijke Duin- en Bollenstreek (voorbeeld

voor de kern Noordwijkerhout weergegeven.

Noordwijkerhout)

Hieruit blijkt dat de bereikbaarheid van en naar Noordwijkerhout voor onder andere de kernen Haarlem, Zandvoort, Alphen aan de Rijn, Amsterdam, Alkmaar, Rotterdam en Utrecht relatief slecht is. In de ‘Probleemanalyse bereikbaarheid Grensstreek’, uitgevoerd door Royal HaskoningDHV (onderzoek in het kader van Duinpolderweg) in 2016 zijn twee belangrijke oorzaken genoemd voor de relatief slechte bereikbaarheid van de Noordelijke Duin- en Bollenstreek: ▪

Ontbrekende schakels in het netwerk waardoor verkeer om moet rijden. Dit komt onder andere door fysieke barrières als de Oude Lijn, de Leidsevaart en de Ringvaart.

▪

Bron: Royal HaskoningDHV, 2016

Het ontbreken van oost-west georiënteerde wegen in de Duin- en Bollenstreek met een stroomfunctie. Dit leidt ertoe dat over een relatief lange afstand met een relatief lage gemiddelde snelheid moet worden gereden.

De relatief slechte bereikbaarheid uit zich onder andere door lokale doorstromingsproblemen op de N208, op de dwarsverbindingen N443 en N444 en bij de bruggen over de Ringvaart. In het ‘Plan van aanpak Mobiliteitsmaatregelen’ benoemen de provincie Zuid-Holland, regio Holland Rijnland en de HLT-gemeenten enkele voorbeelden van knelpunten in het gebied: ▪

Verkeer in woonkernen: Op diverse plekken in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek rijdt veel verkeer door woonkernen, over wegen die daar niet op zijn ingericht. Dit leidt tot knelpunten op het gebied van verkeersveiligheid, verkeersafwikkeling en leefbaarheid.

▪

Verkeer over lokale Ringvaartbruggen: Veel verkeer in het gebied rijdt over lokale bruggen die daar door hun smalle wegprofiel niet op zijn ingericht.

▪

Verkeer over ‘dwarsverbindingen’: De N442, N443, N444 en Delfweg kennen relatief veel verkeer in verhouding tot hun smalle wegprofiel.

▪

Fietsers: Fietsroutes in het gebied lopen veelal over wegen die ook fungeren als ontsluitingsroute voor autoverkeer.

RAPPORTAGE MKBA BEREIKBAARHEID NOORDELIJKE DUIN- EN BOLLENSTREEK

8

▪

Vrachtverkeer: Door het relatief vele vrachtverkeer in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek kunnen bovengenoemde knelpunten als extra zwaar ervaren worden.

▪

Seizoensverkeer: Tijdens de twee maanden dat de Keukenhof open is en op stranddagen kent het gebied een piek in autobezoekers. Dit leidt tot problemen in verkeersafwikkeling. Een groot deel van het verkeer zoekt naar andere routes over wegen die daar niet geschikt voor zijn qua capaciteit en weginrichting.

▪

A44: Het verkeer op de A44 en op de wegen naar de A44 loopt relatief vaak vast. Oorzaak hiervan is het smalle wegprofiel, de vele op- en afritten en de smalle bruggen.

▪

Openbaar Vervoer: Het busnetwerk in het gebied is grofmazig. Hierdoor zijn niet alle kernen (direct) met elkaar verbonden en zijn verbindingen naar buiten de regio onvoldoende.

Aanleiding De provincie Zuid Holland, de regio Holland Rijnland, de HLT-gemeenten en de gemeente Noordwijk hebben hun handen ineen geslagen om de bereikbaarheid in (en van/naar) de Noordelijke Duin- en Bollenstreek te verbeteren. Daarbij wordt ook samengewerkt met de Vervoerregio Amsterdam, de gemeente Haarlemmermeer en de Provincie Noord-Holland. Het doel van de samenwerkende partijen is om met bereikbaarheidsmaatregelen een belangrijke bijdrage te leveren aan het versterken van de ruimtelijk economische structuur, aan een aantrekkelijk leefmilieu en aan kansen voor mensen in deze regio. De keuze om de Duinpolderweg niet te realiseren vormt ook een belangrijke aanleiding voor deze MKBA. Met het stopzetten van dit traject bleven de knelpunten in het gebied onverminderd. Met het oog op de ontwikkelingen in de Noordelijke Duin- en Bollenstreek (bv. toevoegen van woningen en arbeidsplaatsen) bestaat daarom de wens om tot maatregelen te komen om het verkeer in goede banen te leiden. De samenwerkende partijen hebben de afgelopen periode de mogelijke en noodzakelijke maatregelen voor alle vervoerwijzen in samenhang mat de ruimtelijke ontwikkelingen in beeld gebracht. Met de eerdere studies naar de Duinpolderweg als achtergrond zijn in twee participatierondes de actuele mobiliteitsknelpunten, wensen en mogelijke oplossingen opgehaald bij diverse stakeholders in het gebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1453/documents/18531