Db03 Raadsbrief ZHPLG-gebiedsplan Duin- en Bollenstreek.pdf
Tekst van het document
watergangen, aandacht voor biodiversiteit waaronder de weidevogels. De droogmakerijen kunnen dienen als regenton om grote hoeveelheden neerslag op te vangen. 2. Op maliseren kavels van bollenareaal op de zandgronden; Door een efficiëntere verkaveling kunnen bedrijven profiteren van schaalvoordelen, dit maakt ruimte vrij voor landschapsverbetering terwijl de produc e op peil blij . Tijdens een herverkaveling kunnen landbouw, landschap en waterbeheer beter in balans worden gebracht. Denk hierbij aan het aanpassen van sloten als maatregel voor klimaatadapta e en als onderdeel van een groenblauwe dooradering. Hierbij biedt dit ook kansen voor het vergroten van de historische en landschappelijke waarde en het mogelijk maken van recrea eve routes. 3. Meer ruimte voor water in de binnenduinrand. In de binnenduinrand spelen droogte, verzil ng en waterkwaliteit een groeiende rol. Om voldoende zoetwater van hoge kwaliteit te behouden, zijn nieuwe maatregelen en investeringen nodig, zoals extra waterberging en onderzoek naar hydrologische oplossingen. Dit is essen eel voor drinkwaterwinning, landbouw en leefomgeving. Ook de sector realiseert zich dat er maatregelen nodig zijn in perioden van droogte, met watertekorten en toenemende verzil ng. Om meer inzicht te krijgen in dit complexe vraagstuk is meer onderzoek nodig om te komen tot een klimaatbestendige aanpak.
Water en bodem sturend betekent een omslag in denken en doen: de natuurlijke ondergrond bepaalt wat waar mogelijk is. Zo wordt gewerkt aan een klimaatbestendige, lee are en veerkrach ge Duinen Bollenstreek.
4.2 Waterkwaliteit Context: In de periode tot 2027 (en daarna) moeten maatregelen zijn getroffen om de KRW-doelen te halen. De KRW stree naar een chemisch en ecologisch goede kwaliteit voor grond- en oppervlaktewaterlichamen en wil voorkomen dat de waterkwaliteit achteruitgaat. Daarnaast is het belangrijk dat uit dit water na zuivering drinkwater kan worden gewonnen en het water een gezond leefgebied vormt voor planten en dieren. Om deze doelen te bereiken, is het noodzakelijk de uitstoot van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen naar het oppervlakte- en grondwater fors terug te dringen. Ook dienen de hydrologische condi es in Natura 2000-gebieden op orde te zijn, zodat deze natuurgebieden op maal kunnen func oneren. Naast generieke maatregelen die voortvloeien uit het 7e Ac eprogramma Nitraatrichtlijn, wordt de deroga e rich ng 2026 afgebouwd. Dit vormt het kader voor de regionale uitwerking van maatregelen. Specifiek voor nutriënten is landelijk het 8e Nitraatac eprogramma in ontwikkeling. Verschillende gebieden zijn aangewezen als aandachtsgebied s kstof gebied waar extra maatregelen moeten worden genomen. Per 2027 worden ook aandachtsgebieden fosfor aangewezen waar extra fosfor maatregelen van kracht worden. Oppervlakte- en grondwater zijn op veel plekken verontreinigd met een groot aantal chemische stoffen, waaronder gewasbeschermingsmiddelen.
Het kabinet hee als doel om de emissies van
gewasbeschermingsmiddelen door land- en tuinbouwbedrijven vrijwel volledig terug te dringen op 1 januari 2030. Daarom zal primair generiek beleid worden aangescherpt. Landelijke wet- en regelgeving vormt het kader waarop we regionaal kijken waar we zaken kunnen versnellen en intensiveren. Bij het-gebiedsplan kunnen projecten worden beschreven die in het gebied spelen en worden ondersteund. Het gebiedsplan sluit aan bij het vigerende regionaal waterprogramma 2022-2027, waarin het provinciaal waterbeleid is opgenomen, waarin onder andere de maatregelen ter uitvoering van de Kaderrichtlijn Water (KRW) zijn opgenomen. Op dit moment wordt het regionaal waterprogramma geactualiseerd voor de planperiode 2028-2033. Dit proces loopt t/m december 2027 in samenhang met het ontwikkelen en vaststellen van het Stroomgebiedsplan IV. Voor het behalen van de KRW-doelen kan de provincie het noodzakelijk vinden dat aanvullende maatregelen voor waterkwaliteit worden genomen. Als aanvullende maatregelen voor de waterkwaliteit nodig blijken, worden deze verder uitgewerkt, binnen de kaders van het regionaal waterprogramma. Oppervlaktewater In de Duin- en Bollenstreek bevinden zich twee KRW-oppervlaktewaterlichamen die in verbinding staan met het hoofdwatersysteem van Rijnland; 1. Het Trekvaartsysteem; 2. Het Ringvaartsysteem.
Deze hebben als primaire func e het vasthouden, bergen en af- en aanvoeren van water. Ze spelen ook een belangrijke rol voor de (sport-)visserij, als onderdeel van het recrea ef netwerk en als onderdeel van de NNN als verbindend element (Ecologische Verbindingszones). Verder is het nodig voor de kwaliteitsverbetering van het oppervlaktewater de emissie van gewasbescherming en (kunst-)mest te verminderen. In het gebied bevindt zich in de (Zuid-Hollandse) duinen nog een 3 e KRW-lichaam dat niet in verbinding staat met het hoofdwatersysteem van Rijnland 3. Amsterdamse Waterleidingduinen. Deze hee eigen waterkwaliteitsdoelen. Eén van de belangrijkste ontwikkelingen in het gebied is het project Regiocer ficering, dat gaat zorgen voor een leerproces waarbij agrarische ondernemers hun maatregelen in de bedrijfsvoering én hun gemeten emissies spiegelen aan hun collega’s en worden begeleid door adviseurs uit de prak jk. Op deze wijze maken kwekers voortdurend stappen in de verduurzaming via een meerjarige aanpak. Regiocer ficering start met de thema’s grond- en oppervlaktewaterkwaliteit. De impact van de bedrijfsvoering op de omgeving wordt gemeten en verbeterd via KPI’s (kri sche presta e indicatoren). Grondwater In de Duin- en Bollenstreek bevinden zich ook het Grondwaterlichamen (GWL) gelegen Duin RijnWest en Zout Rijn-West.
Het GWL Duin Rijn-West hee een onvoldoende score wegens de normoverschrijdingen voor fosfaten (P).
In het PLGDG worden deze uitdagingen herkend en wordt gestreefd naar een (nagenoeg) emissievrije teelt in 2030. PLGDG draagt bij aan schoner water en een gezonde en biodiverse leefomgeving. Ook kan een goede inrich ng van watergangen een bijdrage leveren aan een verbetering van de waterkwaliteit. Denk hierbij aan het op orde brengen van de diepte van sloten en het ecologisch inrichten van de slootkanten wat ook bijdraagt aan een betere biodiversiteit.
4.3Waterkwan teit Context: De centrale opgave op het gebied van klimaatadapta e is het ontwikkelen van beleid, inrich ng en beheer die zijn afgestemd op een veranderend klimaat. Het doel is om ook in de toekomst te blijven voldoen aan de normen voor wateroverlast en effec ef te an ciperen op weersextremen, zodat schade en ontwrich ng als gevolg van extreme weersomstandigheden zoveel mogelijk worden beperkt.
Rol van de duinen Klimaatverandering, zeespiegels jging in het bijzonder, is een uiterst relevante opgave voor de kust. De duinen bieden bescherming als zeewering. De veiligheid is vooralsnog op orde, maar voor de lange termijn zijn nieuwe strategieën noodzakelijk. Strategieën waarbij de duinen als zeewering mee kunnen groeien met de s jgende zeespiegel. Dit hee uiteraard direct gevolgen voor de inrich ng en het gebruik van het strand. Het duingebied biedt mogelijkheden om schoon regenwater vast te houden wat gebruikt kan worden jdens droge perioden. Zo krijgt het duingebied meer een sponsfunc e. Het vasthouden van kwel- en regenwater is goed voor de waterkwaliteit, de beschikbaarheid van water in drogere perioden en de natuurkwaliteit. Daarbij biedt het tegendruk voor de duinen zodat verzil ng van duinen door zoute kwel vanuit zee voorkomen wordt en de drinkwatervoorraad wordt veiliggesteld.
4.3.1 Zoetwaterbeschikbaarheid en verzil ng In de Bollenstreek wordt zorgvuldig omgaan met de beschikbare zoetwatervoorraden, steeds belangrijker. Context: In de doorrekeningen op basis van de nieuwste klimaatscenario’s is de boodschap duidelijk. De klimaatverandering leidt tot zeespiegels jging, extreme buien, drogere zomers inclusief een lager afvoer van de Rijn. Dit gecombineerd met de toenemende zoetwatervraag vanuit het Veenweidegebied, leidt tot een toenemende kans op verzil ng in de Duin- en Bollenstreek. Twee processen spelen een rol: Interne verzil ng is het proces waarbij zout uit diepere bodemlagen of grondwater naar het bodemoppervlak komt, door de zeespiegels jging ontstaat er een grotere zoutwaterdruk vanuit de ondergrond. Externe verzil ng ontstaat wanneer zout water van buitenaf, via het oppervlaktewater, het land binnendringt en zo de bodem of het zoete grondwater verzilt. Onder normale omstandigheden wordt zoet water vanuit de Hollandsche IJssel via het Rijnlands boezemsysteem aangevoerd en gebruikt om door te spoelen en daarmee zilt water weg te spoelen.
Gebruikers van zoet water, zoals de bollenteelt, zullen zich moeten voorbereiden op de mogelijke gevolgen van toenemende verzil ng. Het is van belang om de effecten van verzil ng goed in beeld te
brengen, zodat jdig passende maatregelen kunnen worden genomen en de bollenteelt ook in de toekomst robuust en veerkrach g blij . In het PLGDG is de inzet om de komende jaren gezamenlijk op te trekken en na te gaan welke maatregelen haalbaar zijn om ook op de lange termijn over voldoende zoetwater te kunnen beschikken. Ook de in 2025 toegekende Regiodeal voor de Sierteeltregio vraagt aandacht voor de toenemende bedreiging door verzil ng en zet in op het komen tot een zoetwaterstrategie voor de regio. De telers zijn hierover via de KAVB in gesprek met Kenniscluster Salta en het provinciale voornemen is over dit thema een waterkalender (RLI) te ontwikkelen
4.4 Klimaat en bodem Context: Binnen het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) zijn verschillende emissiereduc eopgaven geformuleerd, waaronder het verminderen van CO₂- en methaanuitstoot in de veehouderij en akkerbouw, evenals het terugdringen van broeikasgasemissies uit veengronden. De Klimaatagenda akkerbouw geldt ook voor de bollensector en richt zich op: -
Energie;
-
Organische stof opbouw bodem (koolstofvastlegging);
-
Eiwit- en rustgewassen (koolstofvastlegging, minder lachgas/lagere carbon footprint);
-
Precisietechnieken (minder lachgas/lagere carbon footprint);
En toegevoegd: klimaatadapta e waaronder slim waterbeheer. Het beperken van bodemdaling (als CO2-maatregel) in Veenweidegebieden is minder relevant in het ZHPLG-deelgebied Duin- en bollenstreek. Het wordt wel benoemd in het PLGDG en speelt vooral in deelgebied Groene Hart-noord. Het tegengaan van bodemdaling door peilopzet hee wel impact op het watersysteem in de Duin- en Bollenstreek.
Maatregelen: De sector richt zich in eerste instan e vooral op energie(besparing), minder gebruik van fossiele brandstoffen. In een later stadium wordt ook een KPI ontwikkeld voor de Carbon Footprint in regiocer ficering. Samenhang met deze opgave is te vinden in de bos- en bomenopgave zoals eerder benoemd.
5.Vervolg samenwerking In de afgelopen periode zijn de opgaven scherper geworden. Op basis van de opgaven worden verschillende maatregelen en projecten geformuleerd en ini a even verder uitgewerkt. Deze kunnen een plaats krijgen in een gezamenlijke uitvoeringsagenda voor het ZHPLG-deelgebied Duin- en Bollenstreek
5.1 Lopende processen en samenwerkingsverbanden in de Duin- en Bollenstreek In het gebied wordt in verschillende samenwerkingsverbanden gewerkt aan gerelateerde opgaven. S ch ng Greenport Duin- en Bollenstreek De s ch ng hee als doelstelling te zorgen voor een duurzame, toekomstgerichte, economisch sterke en ruimtelijk vitale sierteeltregio in de Duin- en Bollenstreek. Het vormt een permanent pla orm voor strategisch overleg, met stakeholders uit overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen. De Greenport verzorgt te projectleiding van Regiocer ficering; Het project dat in de Duin- en Bollenstreek zorgt voor een betere waterkwaliteit en hogere biodiversiteit. Greenport Ontwikkelmaatschappij De GOM is opgericht in 2010. De Greenportgemeenten zijn gezamenlijk aandeelhouder. GOM hee als taak het ruimtelijk herstructureren en moderniseren van het buitengebied van de Duin- en Bollenstreek. Het doel is een economisch en ruimtelijk vitale Greenport in een aantrekkelijk landschap. De GOM is onder andere verantwoordelijk voor het uitvoeren van bollengrondcompensa e en landschapsverbetering in de Duin- en Bollenstreek.
Regiodeal Sierteelt (penvoerder Regio Holland Rijnland) In de Regiodeal Sierteelt werken de drie Greenports (Aalsmeer, Boskoop en de Duin- en Bollenstreek), provincie, gemeenten, Regio Holland Rijnland en waterschap samen aan het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving, een duurzame en veerkrach ge arbeidsmarkt en het verbeteren van de posi e van arbeidsmigranten. Met name de eerste doelstelling; programmalijn 1 sluit goed aan op de doelen van het ZHPLG:
verbeteren van de kwaliteit van water, bodem en natuur; werken aan voldoende en betrouwbare waterbeschikbaarheid, verzil ng; kennisontwikkeling en -verspreiding tot stand brengen en innova es te s muleren; het ruimtegebruik in de Greenportregio’s verbeteren.
Regionale investeringsagenda Holland Rijnland De groenblauwe dooradering van het stedelijke gebied en de kwaliteit en toegankelijkheid van de omringende landschappen bepalend voor de kwaliteit van de leefomgeving in de regio. Dit raamwerk
verbindt de diverse bestaande parken, groengebieden, spor erreinen en landgoederen in de kernen en verbindt ook stad en dorp met het ommeland. Benu en en versterken landschappelijke kwaliteiten Recrea emogelijkheden bij woon- en werkgebieden dragen bij aan brede welvaart, een pre ge leefomgeving en economisch ves gingsklimaat van onze regio. Door verbetering van de bekendheid van de vele (historische) landschappelijke kwaliteiten en de bereikbaarheid van deze landschappen, ze en we het gebied toeris sch en recrea ef op de kaart. Landschapsstrategie Na onaal Park Hollandse Duinen (NPHD) (2020) De Landschapsstrategie Na onaal Park Hollandse Duinen (NPHD) uit 2020 is opgesteld als ruimtelijke koers voor de ontwikkeling van het na onaal park van Hoek van Holland tot Hillegom. De strategie is gebaseerd op drie pijlers: het ontwikkelen van rijke natuur, het versterken van de gebiedsiden teit en het realiseren van een gastvrij park. De strategie is tot stand gekomen in samenwerking met partners en vormt de basis voor het uitvoeringsprogramma Na onaal Park Hollandse Duinen 2021-2025.
5.2 Verkenningen/onderzoeken Vanuit de verschillende (provinciale) opgaven is het voornemen de komende periode te werken aan verschillende onderzoeken en verkenningen waar mogelijk oplossingsrich ngen uit naar voren komen. Vervolguitwerking SANE (Samenhangende aanpak Natuurherstel en economie De provincie kiest voor een maatwerkaanpak per Natura 2000-gebied, per drukfactor. De maatregelen en invulling hiervan zijn a ankelijk van de drukfactoren en de mate van het effect op het aanliggende Natura 2000-gebied, hier de Coepelduynen en Kennemerland-Zuid. Dit houdt in dat er rondom de Natura 2000-gebieden gebiedsgericht gewerkt gaat worden aan maatregelen om specifieke drukfactoren te beheersen, met waar nu g en noodzakelijk het ini ëren van zones waarbinnen deze maatregelen verder worden uitgewerkt. De mogelijke maatregelen worden uitwerkt in samenwerking met de ZHPLG-gebiedsprocessen.
Verkenning binnenduinrand voor kerngebied Kust & Duin Hierin wordt verkend hoe de kwaliteiten van het kustgebied, van Hoek van Holland tot de grens met Noord-Holland, en specifiek de Binnenduinrand worden ingezet bij opgaven zoals; het verbeteren van de biodiversiteit, het realiseren van een duurzaam watersysteem, versterken van het toekomstperspec ef voor ondernemers, het versterken van de landschappelijke kwaliteit en het verbeteren van de recrea emogelijkheden. De verkenning gee inzicht in de opgaven, kansen en knelpunten en levert een ontwikkelingsrich ng, kaders en bouwstenen voor de lopende gebiedsprocessen. Dit kan worden vertaald naar concrete en uitvoerbare maatregelen en projecten om te komen tot een duurzame en veerkrach ge binnenduinrand. Verkenning Boerenlandvogels en agrarisch natuurbeheer De opgave voor boerenlandvogels valt voor de Duin- en Bollenstreek globaal uiteen in enerzijds de opgave om te komen tot versterking van het “reguliere” weidevogel- en regulier agrarisch
natuurbeheer via Collec ef de Groene Klaver en ANLV Geestgrond. Anderzijds het onderzoeken en ontwikkelen van agrarisch natuurbeheer gericht op akkervogels (bollenvogels) die beter aansluit bij de prak jk van de bollenteelt. 1 Een poldergerichte aanpak via Polderplannen en Hotspots. Door kunde en ideeën te bundelen per polder verwachten we meer agrarisch natuurbeheer en daardoor meer biodiversiteit (boerenlandvogels, groenblauwe dooradering en waterkwaliteit) te realiseren. Nadere uitwerking volgt nog. Omdat het collec ef ac ef is in de ZHPLG-deelgebieden Groene hart Noord en de Duin en Bollenstreek, wordt deze aanpak ook daar voorgesteld. 2. Een pilotaanvraag bij het Ministerie van LVVN. In de bollenstreek wordt door bollenkwekers beperkt gebruikt wordt gemaakt van agrarisch natuurbeheerpakke en. Maar de bollenstreek is voor Zuid-Holland één van de belangrijkste hotspots voor akkervogels, zoals patrijs, gele kwikstraat en de veldleeuwerik. Redenen hiervoor zijn dat de prak jk van de bollenteelt en bijbehorende wisselteelt niet goed aansluit bij bestaande pakke en en de specifieke kennis over bollenteelt bij het collec ef verbeterd kan worden.
Hierom wordt in samenwerking met het Collec ef de Groene Klaver, het Collec ef Hollands Noorden, ANLV Geestgrond, Provincies Noord- en Zuid-Holland en de KAVB toegewerkt naar het indienen van een pilot onder de open te stellen pilotregeling voor Agrarisch natuurbeheer. Ontwikkelen waterkalender voor de Duin- en Bollenstreek Vanuit de opgave Water- bodem sturend, wordt een waterkalender met handelingsperspec even voor de Duin- en Bollenstreek uitgewerkt in 2026. De raad voor leefomgeving (rli) hee in haar advies ‘Ruimtelijke ordening in een veranderend klimaat’ in juni 2024 geadviseerd om waterkalenders op te stellen om systema sch en jdig informa e te verschaffen over veranderende waterstaatkundige condi es. De aanleiding vormt met name de actuele inzichten over de toenemende verzil ng in de Duin- en Bollenstreek. Het gee voor de ondernemers (kwekers) in de omgeving inzicht in hun handelingsperspec even of investeringsbeslissingen op verschillende termijnen.
5.3 Projec iches Vanuit verschillende par jen in het gebied zijn projec iches ingediend met maatregelen die bijdragen aan het realiseren de verschillende ZHPLG-opgaven en/of indica eve doelen. De genoemde maatregelen bevinden zich in verschillende fasen en verschillen in scope en doorloop jd. Sommige maatregelen zijn al van start gegaan, andere bevinden zich nog in het ideeën-stadium, deze worden de komende periode met de betrokken par jen verder uitgewerkt en krijgen mogelijk een plaats in de te realiseren uitvoeringsagenda. Het kan ook zijn dat de maatregel past in een al bestaande opgave en vandaaruit verder wordt uitgevoerd. In de tabel hierna zijn de maatregelen samengevat. In de bijlagen zijn de uitgebreide projec iches toegevoegd.
Naam
Omschrijving
Bijdrage doelbereik
Loca e
Governance
Planning
Projectfiche
Regiocertificering
Eén van de belangrijkste ontwikkelingen in het gebied is het project Regiocer ficering, dat gaat zorgen voor een leerproces waarbij agrarische ondernemers hun maatregelen in de bedrijfsvoering én hun gemeten emissies spiegelen aan hun collega’s en worden begeleid door adviseurs uit de prak jk. Op deze wijze maken kwekers voortdurend stappen in de verduurzaming via een meerjarige aanpak. Regiocer ficering start met de thema’s grond- en oppervlaktewaterkwaliteit. Voor Regio cer ficering wordt ook een KPI gericht op biodiversiteit ontwikkeld. Hiermee kunnen ook GBDA en agrarisch natuurbeheer onderdeel worden van de bedrijfsvoering van telers. Ook KPI’s op het gebied van
Waterkwaliteit, boerenlandvogels, GBDA, klimaat, toekomstperspec ef ondernemers
Duin- en Bollenstreek (ondertussen meer dan 50% van teeltareaal)
Greenport, KAVB, Rijnland, Provincie, gemeenten, Delphi, Agrifirm
Start in 2023 Uitvoering 2023einde?
Ja
Verankering Regiocertificering
klimaat en bodem worden verder uitgewerkt. Behoe e aan een stabiele, regionale organisa e voor regiocer ficering om KPIsystema ek (zoals waterkwaliteit, biodiversiteit, energie) op bedrijfsniveau te monitoren en door te ontwikkelen.
Omschakeling Veehouder
1 bedrijf wil omschakelen en vraagt hiervoor (ruimtelijke) en procesma ge ondersteuning aan de betrokken overheden.
GBDA in de Duin- en Bollenstreek
GOM verkent mogelijkheden om in de bollenstreek de randen van bollenareaal in te ze en voor GBDA, op land en in het water. De Klinkenbergerplas is een recrea egebied in Oegstgeest dat regelma g problemen kent met de zwemwaterkwaliteit en daarom zijn poten e als recrea eopvanggebied niet volledig benut. In 2024 en 2025 is een nega ef zwemadvies afgegeven.
Kwaliteitsimpuls Klinkenbergerplas
Waterkwaliteit, boerenlandvogels, GBDA, klimaat
S kstof/ammoniakvermindering; waterkwaliteit, agrarisch natuurbeheer, toekomstperspec ef ondernemers GBDA, boerenlandvogelstand vergroten, waterkwaliteit verbeteren (100 ha)
GBDA, waterkwaliteit, verminderen recrea edruk.
Duin- en Bollenstreek
Greenport, KAVB, Rijnland, Provincie, gemeenten
Start 2026 Opera onee l 2028
ja
Gemeente, provincie, Omgevingsdienst, MinLVVN
Uitvoering vanaf 2027
Nee.
Gomwerkingsgebied
Gemeenten, GOM, Provincie, Rijnland (mogelijk ANVL Geestgrond, Groene Klaver)
2026 verkenning 2027-2030 Uitvoering
Ja
Oegstgeest
Oegstgeest, HHRijnland en Provincie
2026 ontwerp 2027-2028 realisa e
Ja
Kwaliteitsimpuls Oosterduinse meer
RIA: Groenblauw verbindt in Oegstgeest
Aanpak probleemstoffen in de Duin- en Bollenstreek
Het Oosterduinse meer is een recrea egebied in Noordwijk dat regelma g problemen kent met de zwemwaterkwaliteit en daarom zijn poten e als recrea eopvanggebied niet volledig benut. Ook is het deels onderdeel van nog te realiseren NNN. De Groene Vinger verbindt het open landschap van de Bollenstreek met Oegstgeesterkanaal, Rijnsburg en Oegstgeest. Maken van nieuwe recrea eve routes en het versterken van de biodiversiteit en natuur in het verstedelijkte gebied. Daaraan gekoppeld is de ambi e om 4,7 km NVO te realiseren. Onvoldoende inzicht in emissieroutes van pyraclostrobin en pendimethalin. Behoe e aan effec eve maatregelen om emissies via dri , afspoeling, erfemissies en andere routes te beperken. Deze stoffen veroorzaken 75% van de overschrijdingen.
GBDA, bos- en bomen, waterkwaliteit, verminderen recrea edruk, NNN-realisa e.
Noordwijk
Noordwijk, Rijnland
Ntb
Nee
GBDA, recrea edruk, waterkwaliteit
Oegstgeest
Oegstgeest, Holland Rijnland
2026-2027 haalbaarhei dsstudie 2028 realisa e
Ja
Waterkwaliteit, biodiversiteit
Duin- en Bollenstreek
Rijnland, Provincie, Delphi, CLM, Deltares, Agrifirm, gemeenten.
2026 verkenning 2027-2028 Uitvoering
Ja
Hotspotmethode
Herverkaveling 2.0 in de Hogeveensepolder
Om een impuls te geven aan het agrarisch natuurbeheer in haar gebied wil het Collec ef dit poldergericht gaan aanpakken: Polderplannen en Hotspots. Door kunde en ideeën te bundelen per polder (soms meer polders) verwachten we meer agrarisch natuurbeheer en daardoor meer biodiversiteit (boerenlandvogels, groenblauwe dooradering en waterkwaliteit) te realiseren. GOM hee het ini a ef genomen om te onderzoeken of de kavelstructuur verbeterd kan worden door het ontwikkelen van hoogwaardiger teeltareaal. Hierbij worden voor zover mogelijk maatschappelijke doelen ingebracht.
Waterkwaliteit, weidevogelstand, GBDA, s kstof/ammoniakuitstoot
Duin- en Bollenstreek En GHN en DHW)
Collec ef Groene Klaver, Provincie, ANLV Geestgrond, LTO
Start 2026 Evalua e 2031
Ja
GBDA, Waterkwaliteit, Weidevogels, toekomstperspec ef ondernemers.
Noordwijk
GOM, Noordwijk, Rijnland, PZH, LTO, KAVB
Verkenning 2025, uitvoering 2026 ev.
Nee.