Db01 Raadsbrief Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland.pdf
Tekst van het document
energiebesparing in deze sector te behalen. Maar
hierbij hun eigen beleid, waaronder het inzetten
gebouwde omgeving. Hiervoor is in de RES 1.0
we liggen wel achter op de doelstellingen van
van energieambassadeurs, het verstrekken van
een basisstrategie bepaald. Die geeft aan dat
label D voor woningen en label B voor utiliteiten.
subsidies en het toepassen van maatregelen
alle woningen minimaal label D moeten hebben
De gasvraag is daarentegen wel enorm gedaald.
zoals een Soorten Management Plan.
in 2030. Dit zorgt voor ruim 20% besparing op
Het uitblijven van de labels komt mogelijk door
warmte. Ten tweede moeten alle diensten-/
de kosten die verbonden zijn bij het aanvragen
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
28
De RES 1.0 gaat uit van 1.14 TWh besparing in 2030 ten opzichte van het ijkjaar 2014. Dit doel komt nog uit de (trendlijn) van het Holland Rijnland Energieakkoord. Het meest recent geschatte energiegebruik is 1.5 TWh lager dan in 2014. Dit doel is in zicht. In de daling zit een sterk effect van externe factoren zoals het coronajaar, warmere winters en hoge gasprijzen. Deze hebben het gedrag van gebruikers beïnvloed.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
29
Subdoelstelling energiebesparing Mobiliteit
Gebouwde omgeving
De RES 1.0 gaat uit van 11% energiebesparing op mobiliteit in 2030 t.o.v. 2014. Dit doel lijkt niet in zicht. Door Corona zat het energiegebruik kort onder de doellijn, na corona is deze weer aan het stijgen naar het oude niveau.
De RES 1.0 gaat uit van 15% energiebesparing in 2030 t.o.v. 2014. Dit doel is ruim in beeld. Hoge gasprijzen, isolatie, warmte winters, groei warmtepompen en gedragsverandering hebben allemaal bijgedragen aan de snelle verlaging van het energiegebruik.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
30
3.5 Mobiliteit Doelstelling RES 1.0
Stand van zaken
concrete doelen voor 2030 opgenomen. Ten
binnen het thema mobiliteit op koers. Vanwege
eerste een reductie van het energieverbruik met
de COVID-pandemie was het energieverbruik
11% ten opzichte van 2014. Ten tweede een reductie
door mobiliteit tijdelijk zeer laag. De grafieken
van de CO2-uitstoot met 22% in 2030 ten opzichte
op de volgende pagina laten zien laten zien
van 1990. Om deze ambities te bereiken, zetten
dat de trendlijn van toename van CO2-uitstoot
we in op drie veranderingen in de regionale
doorzet. Het doel van 22% CO2-reductie is dan
mobiliteit, namelijk;
ook niet in zicht. Dit geldt ook voor het doel van
In de RES 1.0 zijn voor het thema mobiliteit twee
In het vorige voortgangsbericht lag de reductie
11% energiebesparing op mobiliteit. Schoner: de transitie naar zero emissie.
Slimmer: minder en slimmer verplaatsen (bijvoorbeeld thuiswerken of carpoolen). Anders: veranderen van modaliteit, zoals vervoer van weg naar water of van auto naar fiets. Deze principes zijn ook opgenomen in de actieagenda voor gemeenten.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
31
Subdoelstelling mobiliteit CO2-uitstoot
Energiebesparing
De RES 1.0 gaat uit van -22% CO2-reductie t.o.v. 1990. Dit lijkt minder dan het klimaatakkoord, maar komt overeen met de sectorale doelstelling. Het Klimaatakkoord ging uit van gemiddeld -49% in 2030 t.o.v. 1990. Sectoraal zitten hier grote verschillen. Met name omdat de uitstoot van mobiliteit sinds 1990 fors gegroeid is.
De RES 1.0 gaat uit van 11% energiebesparing op mobiliteit in 2030 t.o.v. 2014. Dit doel lijkt niet in zicht. Door corona zat het energiegebruik kort onder de doellijn, na corona is deze weer aan het stijgen naar het oude niveau.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
32
Nadere duiding stand van zaken
Dit gegeven komt terug in de verdere uitwerking
Binnen de gemeenten wordt ook actief
In 2023 was een deel van de daling van het
van de projecten die de mobiliteit raken in de
gehandeld op het terug op koers brengen van
energieverbruik en de CO2-uitstoot van mobiliteit
Regionale Investeringsagenda (RIA). Zo wordt
de reductiedoelen. Zo hebben Leiden en Alphen
te verklaren door een toename van het aandeel
in de ontwikkeling van de Stedelijke As eerst
aan den Rijn zero-emissiezones ingesteld, om de
elektrische auto’s. Elektrische voertuigen zijn
gekeken naar de (H)OV-ontwikkelingen. Bij de
elektrificatie van het wagenpark te stimuleren.
efficiënter, waardoor ze niet alleen voor CO2-reductie
mobiliteitsaanpak Noordelijke Rijn- en Veenstreek
zorgen maar ook het energieverbruik omlaag
en bij de Mobiliteitsontwikkeling Noordelijke
brengen. Desondanks nemen de CO2-uitstoot en
Duin- en Bollenstreek en Haarlemmermeer wordt
het energieverbruik toe. Dit komt vermoedelijk door
nadrukkelijk uitgegaan van het STOMP-principe.
een stevige toename in vervoersbewegingen.
Wat is er nodig om de ambitie te realiseren?
Speciale aandacht verdient het doorfietspaden plan van Holland Rijnland, onderdeel van de
Het behalen van de gestelde doelen vraagt in
RIA. De inzet op extra doorfietspaden, dringt
elk geval om voortzetting en - waar mogelijk -
het autogebruik op afstanden tot 15 kilometer
versterking van de huidige samenwerking binnen
terug. Ook het project HUB’s heeft tot doel het
de regio.
autoverkeer te verminderen door goede overstap voorzieningen te realiseren bij OV-knooppunten.
Holland Rijnland omarmt de uitganspunten van STOMP: Stappen - Trappen - Openbaar Vervoer -
Daarnaast is Holland Rijnland betrokken bij de
Mobility As A Service - Privé auto. Dit is de volgorde
Openbaar Vervoersconcessie die op 15 december
waarlangs oplossingen in de infrastructuur worden
inging. Een van de uitgangspunten is het (op
gezocht. Pas als laatste oplossing in de rij, is de
termijn) volledig elektrificeren van de busvloot van
aanleg van nieuwe wegen voor automobiliteit.
de nieuwe busvervoerder in Holland Rijnland. Dit
Hiermee wordt het verschuiven van auto naar
heeft grote impact in de uitstoot van CO2.
fiets en publiek vervoer dus ook beleidsmatig gefaciliteerd.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
33
3.6 Communicatie & participatie
meerwaarde heeft, zoals bij het ontwikkelen
blazen. Daarvoor zijn inmiddels verkennende
Doelstelling RES 1.0
van informatiemateriaal of het organiseren van
gesprekken gevoerd. In de programmaraad nemen
gezamenlijke bijeenkomsten. Ook is in de RES 1.0 het
vertegenwoordigers zitting vanuit verschillende
In de RES 1.0 is het belang van communicatie en
opzetten van een Programmaraad voorzien, waarin
belangengroepen en organisaties. Zij reflecteren,
participatie nadrukkelijk benoemd. De energie
maatschappelijke partners kunnen meepraten en
adviseren op de inzet en activiteiten rondom het
transitie raakt direct aan de leefomgeving van
adviseren over de koers van de energietransitie.
Energieprogramma Holland Rijnland. Waar mogelijk
inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Daarom is het van belang om hen tijdig, transparant en op passende wijze te betrekken
Stand van zaken
In lijn met de gemaakte afspraken is communicatie
leveren zij input voor concrete projecten.
Wat is er nodig?
bij keuzes over duurzame opwek, infrastructuur
en participatie in de uitvoeringsfase belegd
en warmtevoorziening. Naast het creëren van
bij gemeenten. Deze zijn verantwoordelijk
inzet op heldere communicatie en effectieve
draagvlak, was het doel ook om de aanwezige
voor de invulling van participatieprocessen
participatie noodzakelijk. Lokale invulling sluit aan
kennis en ervaringen in de samenleving te benutten:
en informatievoorziening richting inwoners,
bij de behoefte aan maatwerk, maar vraagt om
over de regio zelf, maar ook over de kansen en
volksvertegenwoordigers en lokale stakeholders.
voldoende capaciteit, middelen en ondersteuning.
zorgen rondom de energietransitie. Verspreid in de
Lokaal maken de gemeenten wel gebruik van
Ondersteuning vanuit de regio blijft van belang,
samenleving is namelijk veel kennis aanwezig over
de Taskforces die ondersteuning bieden bij
onder andere via kennisdeling, gezamenlijke
zowel de regio Holland Rijnland als over de kansen
het opstellen en uitvoeren van participatie- en
middelen en praktische handreikingen.
en beperkingen rondom de omschakeling naar een
communicatietrajecten (bijvoorbeeld bij het
Heldere en toegankelijke informatievoorziening
nieuwe, duurzame en robuuste energievoorziening.
ontwikkelen van informatiemiddelen of het faciliteren
is essentieel, zowel voor inwoners als voor
van bijeenkomsten). Zo maken gemeenten lokaal
volksvertegenwoordigers, met aandacht voor
gebruik van regionale kennis en uitvoeringskracht.
afwegingen, keuzes en participatiemomenten.
In de RES 1.0 is afgesproken dat participatie en communicatie zoveel mogelijk lokaal worden georganiseerd. Gemeenten staan immers het
Programmaraad
Voor de realisatie van de energietransitie is blijvende
De herstart van de Programmaraad biedt mogelijkheden voor structurele maatschappelijke
De bijeenkomsten van de Programmaraad
betrokkenheid bij het Energieprogramma. Tot slot
maatwerk leveren bij de vertaling van regionale
hebben tijdens de omwenteling van RES naar
is een langjarige aanpak nodig, waarin participatie
ambities naar concrete projecten. Regionale
Energieprogramma geruime tijd stilgelegen.
niet eenmalig is, maar een vast onderdeel vormt
ondersteuning vindt plaats daar waar dit
Besloten is om deze weer nieuw leven in te
van beleid en uitvoering.
dichtst bij hun inwoners en kunnen het beste
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
34
3.7 Data & monitoring
van toekomstige ontwikkelingen, werken we met
afgewogen of de tijdsinvestering in verhouding
het Energietransitiemodel en de methodieken
staat tot de toegevoegde waarde voor de RES.
Data speelt een ondersteunende en pragmatische
van Quintel. Deze tools helpen bij het vertalen
rol binnen de Regionale Energiestrategie (RES)
van landelijke scenario’s, zoals die uit de Integrale
Holland Rijnland. Het wordt ingezet als hulpmiddel
Infrastructuurverkenning 2050 (II3050), naar de
om inzicht te bieden in de voortgang van de
schaal van de RES-regio. Deze tool is opensource en
worden gedeeld met andere beleidsvelden, is
energietransitie en als basis voor besluitvorming.
gratis te gebruiken. Daarnaast zijn er (commerciële)
er nog ruimte voor verbetering in de onderlinge
Maar het is geen doel op zich. Binnen het energie
partijen die hierbij kunnen ondersteunen zowel voor
uitwisseling van datasets binnen Holland
programma wordt data structureel ingezet om
volledige ontzorging, als het geven van trainingen:
Rijnland. De koppeling tussen energiegegevens
zowel de huidige stand van zaken als mogelijke
Zie ‘Wat is het Energietransitiemodel’
en beleidsvelden zoals wonen, bedrijvigheid,
toekomstige ontwikkelingen in kaart te brengen.
Samenwerking met andere beleidsvelden Hoewel de inzichten en lessen uit energiedata
landbouw en ruimtelijke ordening, kan worden Waar mogelijk sluiten we aan bij datavragen
versterkt. Dit zou helpen om energie-integratie
Om de voortgang binnen de RES te monitoren,
van derden, zoals onderzoeksinstellingen of
beter mee te nemen in bredere ruimtelijke en
maken we jaarlijks een update van de eigen
beleidsorganisaties. Daarbij wordt steeds
economische ontwikkelingen binnen de regio.
RES-monitor, die de kwantitatieve doelstellingen bijhoudt. Dit geeft een helder beeld van de ontwikkeling van duurzame opwek, energie besparing en andere relevante indicatoren. De monitor is gebaseerd op verschillende data bronnen die inzicht geven in zowel de historische trends als toekomstscenario’s. Voor inzicht in het verleden en de huidige situatie, maken we gebruik van de Regionale Klimaatmonitor, die data biedt over energieverbruik, duurzame opwek en emissies. Voor de verkenning
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
35
Bijlage
Projecten van Taskforces sinds april 2024 tot december 2024 Taskforce Warmte Gemeenten Hillegom, Lisse, Teylingen en
Gemeente Oegstgeest
Gemeente Kaag en Braassem
Ondersteuning bij de procesaanpak en
een warmtekavel in Oegstgeest en het opstellen
koming van een gedetailleerd Wijk Uitvoeringsplan
onderzoeksvragen die voortkomen uit de
van een handreiking voor lokale warmtevraag
voor Roelofarendsveen-Noord, om de wijk te
Intentieovereenkomst Duurzaam Warmtenet
ontwikkeling binnen de regionale context van de
leiden richting een aardgasvrije toekomst. Wij
Bollenstreek.
WLR (Warmtelevering Leidse Regio) en de RES.
houden hier specifiek rekening met en toetsen de
Noordwijk
Identificeren van stappen voor de realisatie van
Gemeente Leiden
Gemeente Leiderdorp
Uitgangspunten Gebiedsgerichte Warmtetransitie
bij het inhoudelijk vormgeven van de context, de
(UGW) en een Wijkuitvoeringsplan voor Leiden
kennisoverdracht, de vraagstelling, het
Zuidwest inclusief de benodigde communicatie
communicatieadvies en de tekstredactie.
Ondersteuning bij het opstellen van
en participatie. Tevens sparringpartner rondom de participatieaanpak van een warmtenet in de wijk Stevenshof.
Ondersteuning bij het proces voor de totstand
mogelijkheden voor kleinschalige warmtenetten.
Sparringpartner voor een draagvlakonderzoek
Gemeente Alphen aan den Rijn
Strategische sparringpartner rondom de
Gemeente Voorschoten
omgevingsanalyses en bij het opstellen van de communicatie- en participatiestrategie
Ondersteuning bij de ontwikkeling van een
voor de realisatie van een warmtenet in de
plan van aanpak voor een Wijk Uitvoeringsplan
Zeeheldenbuurt.
voor een collectief warmtesysteem in NoordHofland, inclusief warmteoverdrachtsstation van WarmtelinQ (in samenwerking met de gemeente Leiden).
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
36
Taskforce netcongestie
Taskforce opwek
Gemeente Leiderdorp
Gemeente Voorschoten
Gemeente Kaag en Braassem
proces rondom de vergunningsaanvraag van een
een geschikte locatie voor het onderstation om
beleidskader wind- en zonne-energie en het
transformatorstation op de Baanderij.
versnelling te realiseren.
uitvoeren van de communicatielijn duurzame
Ondersteuning van de gemeente bij het ruimtelijk
Gemeente van advies voorzien met betrekking tot
Gemeente Leiderdorp en Kaag en Braasem
Gemeente Oegstgeest en Zoeterwoude,
een energyhub op een bedrijventerrein in beide
Onderzoek naar Businesscase en haalbaarheid
Inzichtelijk maken van de kansen en risico’s voor gemeenten.
Batterijopslag
studie van buurtbatterij. Door het valideren van
Gemeente Noordwijk
Ondersteuning bij afwegingen rondom onderstation Sassenheim. Er moest een maatschappelijk ingewikkelde afweging gemaakt worden voor het onderstation in Sassenheim. Daarnaast kon de Taksforce onafhankelijk
Ondersteuning bieden bij het opstellen van het
energie in het uitvoeringsplan LES (lokale energiestrategie).
Gemeente Voorschoten
Ondersteuning bij het versnellen van de realisatie
maatschappelijke modellen, in kaart brengen van
van zonne-energie in gemeente Voorschoten door
vergunningen en ontheffingen.
middel van een stimuleringsprogramma voor
Solar Carports
Kennis delen en doorrekenen van de financiële haalbaarheid van solar carports.
technisch advies geven.
Warmte Overdracht Station Leiden Bio Science
Noordwijkerhout
Inzichtelijk maken of hier de aansluiting voor WLQ
zonne-energie op grote daken.
Gemeente Oegstgeest
Ondersteuning bij het maken van een plan van aanpak zonne-energie.
park
Gemeente Lisse
Begeleiding bij ruimtelijk proces onderstation op
op grond netcongestie vertraging oploopt. Dit is
de zoeklocatie voor wind.
bedrijventerrein.
niet aan de hand.
Voortgangsrapportage 2025 RES Holland Rijnland
Ondersteuning bij het participatietraject rondom
37