CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D20 Regionaal Bureau Leerrecht, Jaarverslag Schooljaar 2022_2023.pdf

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken22.984 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarverslag Schooljaar 2022-2023

Beste relatie, Graag presenteren we u ons jaarverslag over het schooljaar 2022-2023. Een jaar waarin het aantal thuiszitters helaas groeide. In het jaarverslag beschrijven we die ontwikkeling, onze activiteiten en welke resultaten we daarmee boekten. U kunt het jaarverslag hier downloaden. De bijbehorende cijfers over 2022-2023 vindt u via deze link.

1

Regionaal Bureau Leerrecht We steunen kinderen en jongeren bij het pakken van kansen.

Verstuurd naar: griffie@hillegom.nl Uitschrijven Holland Rijnland, Schuttersveld 9 Leiden, Nederland

2

Jaarverslag Schooljaar 2022-2023 Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland September 2023

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Voorwoord Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs en ontwikkeling, om zo een positieve basis te leggen voor hun toekomst. Door zich te ontplooien en onderwijs te volgen, worden zij toegerust om deel te nemen aan de samenleving en vergroten zij de kans op een arbeidsplek die aansluit bij hun talenten en interesses. Voor u ligt het jaarverslag over schooljaar 2022/2023 van het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland (RBL). Het RBL voert de gemeentelijke taken van onze elf gemeenten uit op het gebied van leerplicht, thuiszitters en voortijdig schoolverlaten. Het regionaal uitvoeren van deze taken heeft vele voordelen, zoals eenduidig beleid, hogere kwaliteit, efficiency, schaalvoordelen en makkelijk samenwerken met andere regionaal georganiseerde partners zoals scholen. De medewerkers van het RBL zetten zich elke dag in om thuiszitten tegen te gaan, schooluitval te voorkomen en jongeren te begeleiden naar een positieve, zelfstandige toekomst. Dit doen zij samen met jongeren zelf, ouders, onderwijs, jeugdhulp en andere relevante partijen. Elke jongere heeft een eigen verhaal, daarom is maatwerk essentieel. De oplossing die voor de ene jongere passend is, is dat niet altijd voor de ander. Natuurlijk is het RBL bij het behalen van deze doelen afhankelijk van de jongere zelf, ouders en netwerkpartners. Schooljaar 2022-2023 was helaas geen makkelijk jaar.

De corona-dreiging op de volksgezondheid is gelukkig over. Tegelijkertijd eisen de afgelopen jaren nog altijd hun tol op de mentale gezondheid van jongeren, die toch al onder druk stond. Hierdoor kunnen steeds meer jongeren niet langer meekomen op school. Daarnaast stelt de instroom van nieuwkomers ons onderwijssysteem (met name de taalklassen en ISK’s) behoorlijk op de proef. De problematiek blijft niet beperkt tot onze regio. Het RBL zelf begint stevig onder druk te staan door het toegenomen aantal kinderen en jongeren waaraan zij hun diensten moeten verlenen. Ondanks deze druk heeft het RBL het afgelopen schooljaar ingezet op doorontwikkeling en innovatie. Het is mooi om te zien dat de verandering in organisatie-inrichting (met gespecialiseerde thuiszittersconsulenten) wordt gewaardeerd door het onderwijs en dat de bestuurlijke regiegroep onderwijs en jeugd – oorspronkelijk een idee van het RBL – dit schooljaar is gestart. Ook is het hoopvol dat er dit jaar weer méér meerderjarigen zijn begeleid naar school óf naar werk. Gelukkig is school voor de meeste kinderen en jongeren een plek waar zij leren, groeien, zich ontwikkelen en zich meestal ook fijn voelen. De kinderen en jongeren die het RBL beschrijft in het jaarverslag, zijn allerminst representatief voor de gehele populatie.

Er gaat dus ook heel veel goed in het onderwijs en met onze kinderen en jongeren: belangrijk om ons te blijven realiseren. Ik ben ervan overtuigd dat dit jaarverslag u goed inzicht geeft in de activiteiten van het RBL en de resultaten die hiermee bereikt zijn.

Jolanda Langeveld, Portefeuillehouder Maatschappij Holland Rijnland

2

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Conclusie en reflectie Primair en Voortgezet Onderwijs Het aantal thuiszitters blijft toenemen in onze regio. Waar kinderen en jongeren steeds vaker kampen met persoonlijke problematiek, zijn de uitdagingen voor onderwijs en jeugdteams hoog. Recente ontwikkelingen (gevolgen van corona, personeelstekorten, Oekraïne-oorlog) maken deze opgaven alleen nog maar groter. Waar we vorig jaar nog wezen op meldgedrag als belangrijke verklaring voor het toenemend aantal thuiszitters, constateren we nu dat hun aantal echt sterk aan het toenemen is, deels als gevolg van de instroom van nieuwkomers. Het is helaas niet eenvoudig te beoordelen in hoeverre er in onze regio meer of juist minder kinderen en jongeren thuiszitten dan in andere regio’s, omdat regio’s op verschillende manieren registreren. Landelijke schattingen suggereren wel dat de stijging die wij in onze regio zien, niet uniek is. Zo bericht RTL nieuws over een stijging van 15000 naar 20000 thuiszitters in Nederland. Als RBL vinden we de toename van thuiszitters bijzonder zorgwekkend voor de kinderen en jongeren zelf. Het lijkt erop alsof het systeem aan alle kanten vastloopt en kinderen hiervan de dupe zijn. Onze consulenten doen hun uiterste best, maar zijn afhankelijk van beschikbaar aanbod en capaciteit bij onderwijs, jeugdteams, specialistische jeugdhulp, of combinaties daarvan. Aan ambitie is geen gebrek.

Gemeenten zetten in op preventie. Bijvoorbeeld door jeugdteams en specialistische jeugdhulp hechter te verbinden aan de scholen of op school te laten werken. Daarnaast herkennen gemeenten dat er altijd kinderen en jongeren zullen zijn die niet mee zullen komen in het regulier – of speciaal – onderwijs. Die kinderen kunnen alleen hun recht op onderwijs verwezenlijken wanneer gemeenten hun krachten bundelen en samen met het onderwijs investeren in het opstarten en/of uitbreiden van arrangementen, waarbij onderwijs wordt toegevoegd aan (jeugd)zorg en kinderen in kleine groepen kunnen leren. Door de komende jaren te blijven investeren in deze combinatie van preventie én arrangementen, kunnen gemeenten en onderwijs, samen sturend vanuit de bestuurlijke regiegroep Onderwijs en Jeugd, invloed uitoefenen op het terugdringen van het aantal thuiszitters. Voor het onderwijs blijft het belangrijk om élk kind de aandacht te bieden die het nodig heeft en tijdig de hulp in te schakelen van de keten van partners (JGZ, jeugdteam, RBL, SWV, etc.). Niet te vroeg, maar ook zeker niet te laat. Terwijl de druk op het (V)SO hoog blijft en jongeren soms vergeefs wachten op een plekje, voelt het onderwijs de uitdaging om juist minder kinderen/jongeren door te verwijzen.

Versterking van het regulier onderwijs, bijvoorbeeld door meer samenwerkingsvormen met het speciaal onderwijs, is hiervoor een voorwaarde. Voor het RBL en alle andere partners in de samenwerking blijft het van belang helderheid te bieden over de eigen rol en verantwoordelijkheid en ook anderen aan te spreken op hun verantwoordelijkheid. Het tijdig melden van verzuim blijft voor het RBL in ieder geval de basis. Afwezigheid is veelal een belangrijke aanwijzer dat er iets niet goed gaat. Alleen door tijdig verzuim te melden kunnen wij in positie komen. Aan de andere kant noopt de werkelijkheid soms tot pragmatische keuzes. Zo zijn personeelstekorten en het hoge aantal personeelswisselingen bij de verschillende partners geen goede basis voor doorontwikkeling. Ook het RBL Holland Rijnland loopt met de huidige formatie inmiddels tegen grenzen aan nu het aantal thuiszitters zo oploopt en ook het aantal meldingen van ongeoorloofd verzuim weer flink toeneemt. Onze consulenten voelen dat ze waarde kunnen toevoegen in de casuïstiek, en gelukkig wordt dit ook zo ervaren door scholen. Anderzijds worden case-loads steeds groter en ervaren RBLconsulenten een veel te hoge werkdruk. Formatie-uitbreiding is zeer wenselijk.

3

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Mbo en voortijdig schoolverlaters In het voorkomen van voortijdig schoolverlaten vanuit het mbo spelen verschillende factoren een rol. Het afgelopen schooljaar zagen we nog steeds effecten van de langdurige coronacrisis. Daarnaast was de krappe arbeidsmarkt van invloed. Positief was het iets lagere totaal aantal verzuimmeldingen op het mbo. Daarentegen zagen we een nog verder gestegen verzuimrecidive. Het is dan ook de vraag of alle studenten waar zorg over is, nu voldoende in beeld zijn en ook zorg kunnen krijgen? Dit vraagt ook het komende schooljaar maximale inzet van mbo-instellingen, gemeenten, het RBL en alle andere betrokken partijen op het voorkomen van schooluitval. Het RBL is blij met de goede samenwerking met het mbo. De afgelopen jaren is de samenwerking met mboRijnland geïntensiveerd op verschillende niveaus. De signalen van het RBL worden serieus genomen en er wordt ingezet vanuit de cultuur van “Je wordt gemist”. Ook met de andere mbo’s is een goede samenwerking. Het terughoudende uitschrijfbeleid van het mbo tijdens de coronacrisis is aangepast, maar uitschrijven blijft maatwerk. Studenten krijgen nog steeds veel kansen opleidingen af te maken. Wel wordt ingeschreven staan, zonder enige kans op succes, zo veel mogelijk vermeden. Hierdoor worden onnodige studieschulden verminderd én zijn deze jongeren eerder in beeld bij gemeenten.

Dat betekent wel een toenemend aantal vsv’ers, na twee jaar (kunstmatige) daling van het aantal vsv’ers in coronatijd. Door de Regiegroep vsv is de inzet van het vsv programma het afgelopen schooljaar aangepast. Op basis van de meest recente vsv-analyse van het RBL zijn gezamenlijk keuzes gemaakt om voortijdig schoolverlaten zo veel mogelijk te voorkomen. Dit geldt ook voor de gemeentelijke vsv projecten. “Doen wat nodig is én doe dat zo veel mogelijk in regionale afstemming”, blijft hierin het devies. De problematiek is regionaal en effectieve oplossingen ook, daardoor is afstemming met lokale initiatieven belangrijk. Het komende schooljaar verwachten we extra inzet vanuit het “Aanvalsplan” van het ministerie.1 Het RBL bereikt een groot aandeel van de vsv’ers. Het RBL heeft de jongeren benaderd, thuis bezocht en begeleiding aangeboden. Het RBL begeleidt nieuwe en “oud”-vsv’ers naar school én werk. Met de meesten van hen gaat het goed. Zij geven aan met veel plezier te werken. Vaak werken zij in loondienst of hebben een eigen onderneming. Op de krappe arbeidsmarkt zijn nog steeds veel kansen voor jongeren; ook zonder startkwalificatie. Op de langere termijn is het belangrijk dat de groep werkende jongeren zonder startkwalificatie blijft leren, zodat zij zich duurzaam kunnen redden op de arbeidsmarkt.

Inzetten op het combineren van leren en werken en het behalen van certificaten is belangrijk, ook in verband met de grote vraag naar gekwalificeerd personeel in de tekortsectoren op de arbeidsmarkt. Overheid én werkgevers hebben hier een rol in. Dit schooljaar zijn door het RBL meer jongeren begeleid naar school én meer jongeren begeleid naar werk. Nieuwe vsv’ers bleken meer behoefte te hebben aan begeleiding. In de groep jongeren van het Praktijk en Voorgezet Speciaal Onderwijs, zien we een grote groep jongeren die na het volgen van onderwijs in begeleiding is bij verschillende partijen. Het RBL is zich aan het voorbereiden om jongeren in de toekomst jongeren langer te kunnen monitoren en begeleiden, zoals wordt voorgesteld in de nieuwe wet “Van school naar duurzaam werk” (tot 27 jaar). De aanpak voor de doelgroep 23-27 jaar geeft daarvoor steeds meer inzichten. 2

1 Kamerbrief over hoofdlijnen aanvalsplan voorkomen voortijdig schoolverlaten en begeleiden naar een kansrijke toekomst |

Kamerstuk | Rijksoverheid.nl 2 De wet “Van school naar duurzaam werk” moet nog aangeboden worden aan en behandeld worden door de Tweede Kamer.

4

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Inhoudsopgave

Voorwoord .............................................................................................................................................. 2 Conclusie en reflectie ........................................................................................................................... 3 Inleiding: missie en leidende principes van het RBL ........................................................................ 7 Hoofdstuk 1 – Het RBL en het PO, SO en (V)SO ................................................................................ 9 Doelstelling 1: Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is werken ze, of krijgen ze (jeugd)hulp. ............................................................................................... 9 1.1.1 Scherpe stijging aantal thuiszitters ........................................................................................... 10 1.1.2 Steeds vaker psychische problematiek als reden voor thuiszitten ........................................... 11 1.1.3 Vier verklaringen voor sterke stijging thuiszitters ..................................................................... 12 1.1.4 Stijging thuiszitters in vrijwel alle gemeenten ...........................................................................

14 Doelstelling 2: Thuiszitters worden vaker toegeleid naar onderwijs, of – als onderwijs niet passend is – naar werk of hulpverlening. ......................................................................................... 16 1.2.1 Thuiszitters mét schoolinschrijving: weerbarstige problematiek ............................................... 16 1.2.2 Thuiszitters zónder schoolinschrijving: veelal tijdelijk probleem ............................................... 17 Doelstelling 3: Verzuimende leerlingen uit het PO en VO volgen na onze interventies vaker de lessen.................................................................................................................................................... 19 1.3.1 Gemeld verzuim weer terug op pre-corona niveau .................................................................. 20 1.3.2 Toename luxe verzuim in het primair onderwijs ....................................................................... 21 1.3.3 Verzuimmeldingen vanuit VO terug op pre-corona niveau ....................................................... 22 Doelstelling 4: Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter ......................................................................................................................................................

25 Hoofdstuk 2 – Het RBL, het mbo en het tegengaan van voortijdig schoolverlaten ..................... 27 Doelstelling 1: Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is werken ze, of krijgen ze (jeugd)hulp. ............................................................................................. 28 2.1.1 Iets meer vsv’ers dan voor corona ............................................................................................ 28 2.1.2 Veel werkende vsv’ers .............................................................................................................. 28 2.1.3 Aantal vsv’ers zonder werk, zonder uitkering vaak lager dan voor corona .............................. 29 Doelstelling 2: Voortijdig schoolverlaters worden vaker toegeleid naar onderwijs, of – als onderwijs niet passend is – naar werk of hulpverlening. ................................................................ 30 2.2.1 Vsv’ers zijn in beeld .................................................................................................................. 30 2.2.2 De dagbesteding van vsv’ers: 64% werkt ................................................................................. 31 2.2.3 De begeleiding van het RBL .....................................................................................................

32 2.2.4 Nieuwe vsv’ers hebben meer behoefte aan begeleiding .......................................................... 33 2.2.5 Meer begeleiding naar school en werk ..................................................................................... 33 2.2.6 Trajectbegeleiding is vaak duurzaam ....................................................................................... 34 2.2.7 Minder uitstromers Praktijk- en Speciaal onderwijs aan het werk ............................................ 34 2.2.8 Voorbereiden op nieuwe wetgeving .......................................................................................... 36 2.2.9 Het RBL ondersteunt en begeleidt schoolkeuze ...................................................................... 37 2.2.10 Regionale gemeentelijke vsv projecten .................................................................................. 37 Doelstelling 3: Verzuimende leerlingen uit het mbo volgen na onze interventies vaker de lessen ............................................................................................................................................................... 39 5

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

2.3.1 Aanwezigheid op school blijft een aandachtspunt .................................................................... 40 2.3.2 Lang niet altijd gesprek RBL nodig ........................................................................................... 41 2.3.3 Verzuim blijft hoog op mboRijnland .......................................................................................... 42 2.3.4 Verzuimrecidive hoger op meerdere colleges .......................................................................... 43 2.3.5 Studenten in beeld bij mboRijnland .......................................................................................... 45 Doelstelling 4: Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter ...................................................................................................................................................... 46 2.4.1 Feedback van jongeren en ouders en/of verzorgers ................................................................ 46 2.4.2 Feedback van mbo-scholen ...................................................................................................... 46

6

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Inleiding: missie en leidende principes van het RBL Het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland heeft de missie van het RBL in het beleidsplan 20222025 als volgt vastgesteld:

Waar we spreken van kinderen en jongeren gaat het om de doelgroep van 5- tot 23-jarigen. Onze primaire inzet is dat alle jongeren tussen de 5 en 23 jaar die daartoe in staat zijn, onderwijs volgen tot zij een startkwalificatie hebben behaald. Wanneer dat op geen enkele manier haalbaar is, helpen we jongeren op andere manieren – richting werk, zorg of dagbesteding. Wanneer het recht op onderwijs in het gedrang komt, heeft het RBL bovendien een belangrijke signaalfunctie richting scholen en andere partners. Medewerkers van het RBL werken allemaal volgens dezelfde leidende principes.

De juridische kaders waarbinnen het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland (RBL) opereert zijn de Leerplichtwet (voor minderjarigen) en de Doorstroompunt-wetgeving (voorheen Regionale Meld- en Coördinatiefunctie, voor meerderjarigen): Leer- en kwalificatieplicht Alle kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 15 jaar die in Nederland wonen, zijn leerplichtig. Zij moeten ingeschreven zijn op een school en onderwijs volgen op de school waar ze staan ingeschreven. De leerplicht duurt tot en met het einde van het schooljaar waarin het kind 16 jaar wordt. Met de kwalificatieplicht wordt de leerplicht verlengd tot de dag dat de leerling een startkwalificatie (minimaal diploma op havo of mbo2-niveau) heeft gehaald, of tot de dag waarop de leerling 18 jaar wordt. RMC/Doorstroompunt-wetgeving Tijdens de Algemene Vergadering van Ingrado op 20 april 2023 is de nieuwe naam voor de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC) bekend gemaakt. De nieuwe naam is: “Doorstroompunt”. De nieuwe naam is bedacht door jongeren zelf. Het Doorstroompunt is de plek voor jongeren die ‘even vastzitten’ of wat anders willen.

7

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Naast de Leerplichtwet voert het RBL de Doorstroompunt-functie uit, voor jongeren onder de 23 jaar. Doel van de Doorstroompunt-wetgeving is het scheppen van voorwaarden voor jongeren om de voor hen hoogst haalbare en meest passende onderwijs- en/of arbeidsmarktpositie te bereiken. De Doorstroompunt-functie omvat vier taken: • Zorgdragen voor goede registratie van alle jongeren tussen 18 en 23 jaar die niet op school zitten en nog geen startkwalificatie behaald hebben. • In beeld brengen en begeleiden van jongeren die zijn uitgevallen, gericht op terugleiden naar school, werk of een combinatie daarvan. • Coördineren en initiëren van samenwerking tussen partijen die te maken hebben met deze jongeren en het onderhouden van dit netwerk. • Alle jongeren in beeld houden die van het Praktijk- en Speciaal onderwijs afkomen. Leeswijzer In dit jaarverslag rapporteert het RBL over haar inzet in schooljaar 2022-2023. Het eerste hoofdstuk beschrijft onze inzet en resultaten in het Primair, Speciaal en Voortgezet (Speciaal) Onderwijs (PO, SO, en V(S)O). In het tweede hoofdstuk volgt het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Elk hoofdstuk is gestructureerd langs de vier operationele doelstellingen van het RBL, zoals vastgesteld in het beleidsplan 2022-2025: 1. Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is werken ze, of krijgen ze (jeugd)hulp. 2.

Thuiszitters (primair, voortgezet en speciaal onderwijs) en voortijdig schoolverlaters (mbo) worden vaker toegeleid naar onderwijs, of – als onderwijs niet passend is – naar werk of hulpverlening. 3. Verzuimende leerlingen volgen na onze interventies vaker de lessen. 4. Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter. Het RBL kan deze doelstellingen niet alleen realiseren. Individuele gemeenten, scholen, schoolbesturen en samenwerkingsverbanden passend onderwijs dragen deze verantwoordelijkheid gezamenlijk met het RBL. Vanzelfsprekend spelen ouders en kinderen zelf hier ook een grote rol, evenals jeugd- en wijkteams, de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en soms organisaties in de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) of andere betrokken jeugdhulp-organisaties.

8

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Hoofdstuk 1 – Het RBL en het PO, SO en (V)SO Doelstelling 1: Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is werken ze, of krijgen ze (jeugd)hulp. Een belangrijke doelstelling van onze consulenten verbonden aan de PO- en VO- scholen in de regio is het bevorderen van de onderwijsdeelname van kinderen die ‘thuiszitten’. Thuiszitters zijn ‘kinderen tussen de 5 en 18 jaar zonder startkwalificatie die langer dan drie maanden aaneengesloten helemaal geen onderwijs volgen’.3 We spreken over thuiszitters wanneer een kind helemaal geen onderwijs volgt. De term ‘thuiszitter’ is ingeburgerd, maar eigenlijk misleidend, omdat het een beeld oproept van kinderen die de hele dag thuis ‘op de bank zitten’. Dat is vanzelfsprekend vrijwel nooit het geval. Veel thuiszitters krijgen hulp of gaan naar dagbesteding. Het RBL voert minimaal één keer per twee maanden met alle VO-scholen het gesprek over leerlingen die structureel minder dan 50% van het onderwijs volgen. Ook alle PO-scholen is gevraagd om – wanneer het speelt – deze langdurig verzuimers (zie figuur hieronder) te melden bij het RBL. Met die scholen wordt vervolgens ook regelmatig contact gezocht.

‘Langdurig verzuimer’: Kind dat structureel (langer dan vier weken aaneengesloten) minder dan 50% onderwijs volgt ‘Thuiszitter’: Kind dat langer dan drie maanden aaneengesloten 0% onderwijs volgt In deze gesprekken met scholen wordt duidelijk wat de oorzaak is van het langdurig verzuim, wat de huidige dagbesteding is, hoeveel onderwijs het kind nog volgt, etc. Ook wordt expliciet stilgestaan bij de vraag of – en vanuit welke ketenpartner - de regie is belegd. Het is namelijk essentieel dat er een partij is die zich verantwoordelijk voelt voor de voortgang in de casus. Meestal is dat de school, maar vooral wanneer het kind al langer niet volledig naar school gaat, is dit soms iemand uit het jeugdteam of de jeugdhulpverlener. Ook de JGZ kan de regie hebben. Als RBL vinden we het essentieel dat er altijd regie is. Indien deze ontbreekt en de casus stagneert, kunnen we deze rol zelf oppakken. Met deze aanpak – ook beschreven in het beleidsplan 2022-2025 - hoopt het RBL primair op individueel casus-niveau bij te dragen aan terugkeer naar school en/of een doorgaande ontwikkelingslijn. Een secundair doel is het in beeld brengen van alle kinderen die structureel niet of nauwelijks naar school gaan.

Zijn er patronen in te ontdekken wat voor kinderen dit zijn, waarom ze uitvallen en wat ze eventueel nodig zouden kunnen hebben om wél volledig onderwijs te volgen? Het afgelopen schooljaar heeft het RBL zijn werkwijze doorontwikkeld. Voor het eerst werd gewerkt met twee consulenten per VO-school (voorheen was aan elke VO-school één consulent gekoppeld).4 3 De bredere groep ‘thuiszitters’ bestaat uit drie deelgroepen.

-

-

Kinderen mét een schoolinschrijving3 Kinderen zónder schoolinschrijving3 en leerplichtig Kinderen zonder schoolinschrijving, met een leerplichtvrijstelling vanwege psychische of medische oorzaken (vrijstelling 5 onder a).

4

De gewijzigde werkwijze heeft niet geleid tot een wijziging in formatie: elke consulent heeft nu twee keer zoveel scholen in de caseload als voorheen (en op elke school is de caseload per consulent natuurlijk gehalveerd)

9

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Eén van de twee consulenten hield zich voornamelijk bezig met langdurig verzuimende leerlingen, waaronder thuiszitters. De andere richtte zich meer op het kortdurende verzuim, luxe verzuim, verlofaanvragen, etc. Door meer focus aan te brengen en onze dienstverlening verder te specialiseren trachten wij enerzijds kinderen, ouders en scholen steeds beter te kunnen ondersteunen. Scholen zijn in overgrote meerderheid zeer positief met de veranderende werkwijze, zo bleek uit de feedbackronde die wij in juni 2023 deden. Ook uit de interne evaluatie bleek dat deze werkwijze onze dienstverlening verbetert. In het huidige schooljaar gaan we daarom zeker door op deze wijze. Zorgcoördinator VSO-school: “Ik was al erg tevreden over de samenwerking. De toevoeging van <naam consulent> is heel fijn, zij heeft veel ervaring met langdurige thuiszitters. Ik voel me door beide dames erg gesteund!”

Teamleider VO-school: “De scheiding geeft meer duidelijkheid en structuur waardoor casussen beter verlopen.”

1.1.1 Scherpe stijging aantal thuiszitters Ruim 700 kinderen onder de 18 jaar uit onze gemeenten volgden volgens onze registratie vorig schooljaar een aaneengesloten periode van drie maanden of langer helemaal geen onderwijs. Deze groep is flink gegroeid ten opzichte van vorig jaar. Met name het aantal leerplichtige thuiszitters zonder schoolinschrijving (zogenaamd ‘absoluut verzuim’) is gestegen: van 83 in schooljaar 20212022 tot 215 in het afgelopen schooljaar. Ook het aantal thuiszitters mét een schoolinschrijving liep voor het tweede jaar op rij flink op, van 184 naar 268. De stijging van het aantal thuiszittende kinderen en jongeren komt niet helemaal onverwacht, maar is daarmee niet minder zorgwekkend.

Flink meer thuiszittende kinderen en jongeren in beeld Aantal thuiszitters, per type 800 700 600

222

500 400 300

197

215

185 83

200 80 100 108

184

268

0 2020-2021

2021-2022

2022-2023

Geen leerplicht, geen schoolinschrijving (vrijstelling 5 onder A) Wel leerplicht, geen schoolinschrijving (geen laatste school of laatste school PO of VO) Thuiszitters met schoolinschrijving

10

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

1.1.2 Steeds vaker psychische problematiek als reden voor thuiszitten Als RBL registreren wij de oorzaak van thuiszitten 5. Zo’n 300 kinderen volgen geen onderwijs omdat er sprake is van psychische problematiek. Vaak (185 kinderen) gaat het om internaliserende psychische problematiek (angst, depressie, anorexia, etc.). Bij 91 kinderen met een schoolinschrijving was juist externaliserende psychische problematiek de voornaamste reden van uitval. 21 kinderen volgen geen onderwijs vanwege oorzaken gerelateerd aan hoogbegaafdheid/hoog-sensitiviteit. De groep kinderen die vanwege psychische problematiek geen onderwijs volgt, neemt de laatste jaren flink toe. Verder valt op dat partijen steeds vaker moeite ondervinden met het samen bepalen van een passende onderwijsplek voor een kind. Dit aantal verdubbelde van 15 naar 30 in een jaar tijd. Ook dit is een signaal dat de druk op het onderwijssysteem lijkt toe te nemen. Tot slot is een belangrijk deel van de thuiszitters ‘meervoudig beperkt’. Deze kinderen gaan dagelijks naar een instelling of wonen daar. Deze kinderen zijn vrijgesteld van de leerplicht, omdat er veelal geen onderwijsperspectief is. Hun aantal neemt de laatste jaren toe6

Thuiszitters kampen vaak met psychische problematiek Geregistreerde oorzaken thuiszitters 800

Overig Reden (nog) niet bekend

700 52

600

15 46

Administratief (verhuisd)

59

Aangemeld op school, wacht op startmoment

30

500 8 6 36 10 15

400

Geen (overeenstemming over) passend onderwijs 185

Fysieke oorzaak

76 300

24 10 11

146

100

172

13 21 Psychisch, HoogBeg/HoogSens. 91

6 13

200

8 8 27 57 6 2020-2021

Meervoudige beperking

Psychisch (externaliserend)

59 185

Psychisch (internaliserend)

131 8 2021-2022

8 2022-2023

Capaciteitsgebrek/wachtlijst passend onderwijsplek

5

De geregistreerde oorzaak is een subjectieve inschatting van de consulent, op basis van de informatie die hij/zij heeft. Het aantal ‘categorieën’ oorzaken is daarom bewust beperkt gehouden. Wij zijn immers geen arts en kunnen geen diagnose stellen. 6 Dit wil overigens niet zeggen dat deze kinderen niet leerbaar zouden zijn. In de regio spreken we van ‘onderwijs’ wanneer een kind minimaal kan gedijen in een 1 (docent) op 4 (leerlingen) setting.

11

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

1.1.3 Vier verklaringen voor sterke stijging thuiszitters Wat verklaart nu de scherpe stijging in het aantal thuiszitters? Wij denken dat vier zaken hier een rol spelen: 1. Nieuwkomers Dat er meer leerplichtige thuiszitters zonder schoolinschrijving werden geteld (223 i.p.v. 83 vorig jaar), heeft hoofdzakelijk te maken met ontwikkelingen rondom nieuwkomers. Vluchtelingen uit Oekraïne en andere migranten stelden gemeenten en het onderwijs in Nederland het afgelopen schooljaar voor flinke uitdagingen. Lang niet alle nieuwkomers vonden meteen hun weg naar het onderwijs. Taalklassen en ISK’s in de regio hebben razendsnel opgeschaald en uitgebreid. Helaas was de toename van het aantal nieuwkomers dusdanig dat sommigen toch kort of iets langer moesten wachten totdat zij konden worden ingeschreven. Specifiek bij Oekraïners speelt dat een deel van hen verwachtte snel terug te kunnen keren naar Oekraïne. Zij wilden zich niet of pas later inschrijven aan een Nederlandse onderwijsinstelling. Vooral die jongeren die in de laatste periode van hun schooltijd in Oekraïne zaten, kozen er soms voor om hun scholing (online) af te maken aan hun Oekraïense onderwijsinstelling. Daarnaast zorgen de toenemende migratiebewegingen ook voor veel ‘administratieve ruis’ in de cijfers.

Zo zijn tientallen kinderen die hierboven als thuiszitter worden geteld nieuwkomers die ingeschreven staan in één van onze gemeenten en op papier niet naar school gaan, maar feitelijk alweer teruggekeerd zijn naar hun land van herkomst. Zie verder paragraaf 1.2.2. 2. Effect coronacrisis en psychische gesteldheid jongeren Ook de coronacrisis is van grote invloed op het aantal thuiszitters in de regio. Onderzoeken naar de effecten van corona op de psychische gesteldheid van jongeren zijn talrijk. 7 Het aantal jongeren met psychische problemen is de afgelopen jaren sterk toegenomen en die problemen worden bovendien steeds complexer. Voor sommige jongeren is thuis komen te zitten het nare gevolg. Opvallend is verder dat de leeftijd waarop kinderen komen thuis te zitten lijkt op te schuiven. Voorheen waren veel thuiszitters 15 of 16 op het moment van uitval, tegenwoordig vormen 14-jarigen de grootste groep. Voor deze kinderen waren de brugklasjaren van de middelbare school de coronajaren. Juist in die vormende jaren hebben deze kinderen noodgedwongen veel thuisonderwijs moeten volgen, terwijl – gedwongen door corona - juist minder ambulante jeugdhulp werd ingezet. Dit heeft een aantal van deze kinderen geen goed gedaan.

Dat zien we nu terug in de thuiszitterscijfers, met name als het gaat om thuiszittende jongeren mét een schoolinschrijving, maar ook als het gaat om kinderen en jongeren met een vrijstelling 5 onder A. Enkele scholen geven aan dat het kansrijk adviseren op de basisschool wellicht ook van invloed kan zijn geweest op vroegtijdige uitval in het voortgezet onderwijs, doordat jongeren boven hun mogelijkheden moeten presteren of terecht komen in te theoretisch onderwijs terwijl een meer praktische opleiding passender zou zijn. Zeker wanneer er al problematiek is kan dit leiden tot uitval. De voortdurende (prestatie)druk en afleiding vanuit sociale media zijn hierbij natuurlijk ook van invloed. Tot slot zien we dat vorig jaar ruwweg evenveel jongens als meisjes geen onderwijs volgden. Een aantal jaar terug waren jongens nog duidelijk in de meerderheid.

7 Zie bijvoorbeeld: Onderzoek naar gevolgen van de coronatijd voor kinderen, jongeren en gezinnen | Nederlands

Jeugdinstituut (nji.nl)

12

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Vooral sterke stijging 14-jarigen Aantal thuiszitters met schoolinschrijving 70

64

60

55

50 38

40 30

25

20

25 14

13

10

5

6

2

8

5

8

0 5

6

7

8

9

10

2020-2021

11 2021-2022

12

13

14

15

16

17

2022-2023

3. Doorontwikkeling aanbod Om kinderen binnen het onderwijs te houden is veelal extra ondersteuning nodig. Soms is dat extra begeleiding vanuit het onderwijs en/of jeugdhulp. Andere kinderen zijn gebaat bij kleinere klassen of maatwerkarrangementen. Het is aan de samenwerkingsverbanden passend onderwijs in de regio om hun aanbod zó vorm te geven, dat er een ‘dekkend netwerk’ van voorzieningen ontstaat. Innovatie en doorontwikkeling van het aanbod zijn nodig om dat dekkend netwerk te onderhouden. Zo kan voorkomen worden dat kinderen thuis te komen zitten. Idealiter kan het er zelfs voor zorgen dat thuiszitters weer wat onderwijs kunnen gaan volgen. Voorbeelden van innovaties in het dekkend netwerk zijn maatwerklassen, ambulante onderwijsvoorzieningen (‘docent op de fiets’), toevoegen van zorg aan onderwijs (OnderwijsZorgArrangementen) of toevoegen van onderwijs aan zorg (ZorgOnderwijsArrangementen). Inzoomend op het voortgezet onderwijs (de meeste thuiszitters zitten in de VO-leeftijd), is de laatste jaren met name het samenwerkingsverband VO Duin en Bollen hun dekkend netwerk actief aan het door-ontwikkelen. Toch loopt ook in deze sub-regio het aantal thuiszitters op. Net zoals in de Leidse regio is het totale aantal thuiszitters ruwweg verdubbeld in twee jaar tijd.

Verschil tussen subregio's Totaal aantal thuiszitters langer dan 3 maanden in het schooljaar per samenwerkingsverband voortgezet onderwijs 300 200

253 128

169

165 85

100

109

0 VO LR

VO DB 2020-2021

2021-2022

2022-2023

4. Meldgedrag Ook dit schooljaar kunnen wij niet uitsluiten dat verbeterd meldgedrag van invloed is geweest op het aantal thuiszitters met een schoolinschrijving. Nu het RBL werkt met gespecialiseerde thuiszitters13

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

consulenten, is het mogelijk dat scholen hierdoor nóg vollediger zijn geweest in het melden van hun thuiszitters. Dit kan een opwaarts effect hebben gehad op de cijfers.

1.1.4 Stijging thuiszitters in alle gemeenten Hoewel elk kind dat geen onderwijs volgt er één te veel is, is het goed te benadrukken dat 98,8% van alle kinderen tussen de 5 en 18 jaar – die nog geen startkwalificatie hebben - wél ‘gewoon’ naar school gaat. We hebben het hier over bijna 60 duizend kinderen. 1,2% van de kinderen in onze regio volgde vorig schooljaar een periode van 3 maanden of langer geen onderwijs. Met name Zoeterwoude springt eruit. Dat daar veel thuiszitters wonen komt door Swetterhage, waar veel kinderen met een verstandelijke beperking, moeilijk verstaanbaar gedrag en psychiatrische problematiek wonen. In alle gemeenten steeg het aantal thuiszitters. Oegstgeest, Teylingen en Kaag en Braassem zagen een relatief sterke stijging, met name als gevolg van toenemend ‘absoluut verzuim’ door de komst van jonge nieuwkomers.

In elke gemeente toename van thuiszitters >3 maanden niet naar school, trend Hillegom - 2021 2022 2023 Kaag en Braassem - 2021 2022 2023 Katwijk - 2021 2022 2023 Leiden - 2021 2022 2023 Leiderdorp - 2021 2022 2023 Lisse - 2021 2022 2023 Noordwijk - 2021 2022 2023 Oegstgeest - 2021 2022 2023 Teylingen - 2021 2022 2023 Voorschoten - 2021 2022 2023 Zoeterwoude - 2021 2022 2023 RBL regio - 2021 2022 2023

0,0%

0,5%

1,0%

1,5%

2,0%

2,5%

Thuiszitters met schoolinschrijving Wel leerplicht, geen schoolinschrijving Geen leerplicht, geen schoolinschrijving (vrijstelling 5 onder A)

14

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Samenwerking onderwijs-jeugdhulp in de regio Al jarenlang werken onze gemeenten intensief samen met het onderwijs om de twee verschillende ‘systeemwerelden’ van onderwijs en jeugdhulp zo effectief mogelijk aan elkaar te verbinden. Met de huidige thuiszitterscijfers lijkt deze samenwerking belangrijker dan ooit. Gemeenten en samenwerkingsverbanden erkennen dat veel kinderen – al dan niet tijdelijk – een combinatie nodig hebben van zorg en onderwijs. Voor sommige hulpbehoevende kinderen is het onderwijs in grotere groepen (zelfs op het SO/VSO) simpelweg niet haalbaar. Na een aantal jaar van voorbereiding is de regionale bestuurlijke regiegroep onderwijs-jeugdhulp in 2023 gestart. In dit bestuurlijk overleg werken gemeente- en onderwijsbestuurders uit de regio samen om regionale vraagstukken op het snijvlak van onderwijs en jeugdhulp het hoofd te bieden. René Peeters, voormalig trekker van het programma ‘Met Andere Ogen’, roemde Holland Rijnland om deze stap. Hechte bestuurlijke samenwerking is volgens hem cruciaal om de benodigde stappen te kunnen zetten in de ontwikkeling van het onderwijs-zorg continuüm en het tegengaan van thuiszitten. Actuele thema’s binnen de regiegroep zijn bijvoorbeeld de handreiking voor professionals, de doorbraakaanpak en de doorontwikkeling van ZOA’s (zorgonderwijsarrangementen).

Al die thema’s hebben vanzelfsprekend een sterke relatie met thuiszittersproblematiek. Het RBL beheert de regionale afsprakenkaart, waarin alle partners zich committeren aan procesafspraken (‘wie doet wat wanneer’) bij verzuim of thuiszitten. Daarnaast neemt het RBL zitting in verschillende regionale en sub-regionale werkgroepen en ondersteunen wij de samenwerkende partijen met data. Zo weten wij waar thuiszitters wonen, op welke school en schooltype ze ingeschreven staan, waarom ze uitvallen, of ze jeugdhulp ontvangen, of ze bij een dagbesteding zitten en zo ja welke, etc.

RBL werkt aan privacybescherming Het RBL Holland Rijnland wil de privacy van burgers vanzelfsprekend beschermen. De eisen rondom naleving van privacywetgeving zijn voor alle organisaties flink toegenomen na de komst van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Voor het RBL kwam daar – als organisatie waar BOA’s werkzaam zijn – de Wet op de Politiegegevens (WPG) nog eens bovenop. In het afgelopen schooljaar zijn door management, medewerkers, privacy-officer en functionaris gegevensbescherming flinke stappen gezet bij de naleving van de wettelijke verplichtingen. Zo is het privacy-beleid geactualiseerd, is de verplichte interne audit op de WPG uitgevoerd en zijn verbeterpunten opgepakt. Het RBL – en Holland Rijnland als geheel – zijn op dit moment al goed in control op het gebied van privacy-compliance. Het management van Holland Rijnland houdt ieder kwartaal zicht op de voortgang van het programma om de volwassenheid van gegevensbescherming steeds verder te verhogen.

15

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Doelstelling 2: Thuiszitters worden vaker toegeleid naar onderwijs, of – als onderwijs niet passend is – naar werk of hulpverlening. Het RBL was het afgelopen schooljaar betrokken bij 483 situaties waarbij leerplichtige kinderen langer dan drie maanden niet naar school gingen8. In de eerste paragraaf gaan wij in op de groep thuiszitters mét een schoolinschrijving. Vervolgens beschrijven wij onze inzet bij de groep thuiszitters zónder thuisinschrijving.

1.2.1 Thuiszitters mét schoolinschrijving: weerbarstige problematiek Bij thuiszitters mét een schoolinschrijving verschilt de intensiteit van onze betrokkenheid per casus. Wanneer de zaak ‘loopt’ (d.w.z. er zijn duidelijke afspraken tussen school, ouder, kind en hulpverlening en een gezamenlijk beeld van waar het naar toe gaat), hebben wij meestal een monitorende rol. Wanneer er onduidelijkheid of onenigheid is, stappen we vaak in en hebben dan een meer regisserende rol. Vanuit de neutrale positie tussen alle partijen (school, ouder, jeugdhulp) werken we toe naar de beste oplossing voor het kind – vanuit het recht op onderwijs en ontwikkeling -. Een meerderheid van 177 van de 267 thuiszitters mét een schoolinschrijving, die het afgelopen jaar schooljaar langer dan drie maanden geen onderwijs volgden, volgden aan het eind van het jaar nog altijd 0% onderwijs. Dit tekent de weerbarstigheid van het probleem. Als kinderen eenmaal uit zijn gevallen, is terugleiden naar onderwijs ontzettend lastig.

Thuiszitterscasuistiek is bijzonder weerbarstig Situatie aan het einde van het schooljaar, thuiszitters met schoolinschrijving 300 250 Nog open (0% onderwijs) 200

Verhuisd 177

150

Geen info school meer 108

Einde leerplicht

100 51 50

Vrijstelling

4 27 13 2020-2021

1 3 1 11 23

5 3 1 11 30

27

29

2021-2022

2022-2023

Nog open (deels onderwijs) Weer naar school

Voor 59 thuiszitters veranderde de situatie gelukkig wel ten goede. 30 van hen volgden aan het eind van het schooljaar weer deels onderwijs, veelal in de vorm van een opbouwschema. 29 kinderen volgden aan het eind van het schooljaar weer volledig onderwijs. Juist omdat het terugleiden van thuiszitters naar onderwijs zo lastig is, is preventie zeer belangrijk. Wat we merken, is dat er verschillen zijn in de werkwijze van scholen. Sommige scholen maken tijdig en adequaat gebruik van externe partijen, zoals het samenwerkingsverband passend onderwijs, de JGZ, het RBL en de jeugdteams. Andere scholen houden de problematiek langer ‘binnenboord’, en kloppen pas aan als de situatie geëscaleerd en onhandelbaar is geworden voor de school. Op dat 8

Leerplichtige kinderen, dus exclusief de vrijgestelden op basis van artikel 5 onder A.

16

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

moment kan het RBL veelal minder betekenen. In samenwerking met de samenwerkingsverbanden werken wij eraan ‘best practices’ hierin te delen met scholen. Investeren in ‘integraal arrangeren’ (=goed samenwerken tussen school en ketenpartners teneinde een samenhangend aanbod van onderwijs/begeleiding/zorg aan te kunnen bieden) blijft nodig. Door voor álle thuiszitters een goed plan (OPP) te maken, wordt geborgd dat er planmatig samen wordt gewerkt tussen onderwijs en jeugdhulp. In sommige gemeenten (bijv. Leiden) wordt flink ingezet op trainingen en bijeenkomsten ‘integraal arrangeren’. Toch ziet het RBL een risico dat dit integraal arrangeren de komende tijd niet de prioriteit krijgt die het verdient, nu er in deze tijden zoveel andere zaken (personeelstekorten!) de aandacht vragen van jeugdteams en scholen. Integraal arrangeren is bovendien op zichzelf niet voldoende, wanneer het aanbod simpelweg ontbreekt. Capaciteitsgebrek in het (V)SO, wachtlijsten en budgetplafonds in de jeugdhulp, onvoldoende aanbod op het snijvlak van onderwijs en zorg. Het zijn allemaal redenen waarom het zo lastig is het aantal thuiszitters in de regio echt zichtbaar terug te dringen.

1.2.2 Thuiszitters zónder schoolinschrijving: veelal tijdelijk probleem Wanneer minderjarigen kinderen in onze gemeenten staan ingeschreven, maar geen schoolinschrijving hebben, krijgt het RBL een signaal dat mogelijk sprake is van thuiszitten (‘absoluut verzuim’). Wij nemen contact op met laatst bekende school en met ouder(s)/verzorgers om erachter te komen waarom het kind of de jongere niet staat ingeschreven. Veelal sturen wij vervolgens aan op een aanmelding. In het afgelopen schooljaar steeg het aantal thuiszitters zonder schoolinschrijving spectaculair. De belangrijkste reden was de komst van Oekraïense vluchtelingen. Van alle 215 situaties van minderjarige thuiszitters zonder schoolinschrijving, hadden er 144 een niet-Nederlandse nationaliteit, waarvan 101 de Oekraïense. In 2022 kwam er vanuit Oekraïne een grote internationale vluchtelingenstroom op gang als gevolg van de oorlog in dat land. Ook in onze regio streken honderden Oekraïners neer, vaak vrouwen met kinderen, soms hele gezinnen. Ieder kind op Nederlands grondgebied heeft recht op onderwijs en ontwikkeling. Vanuit het Rijk werd als kader meegegeven om Oekraïense kleuters te laten instromen in reguliere basisschoolklassen. Oudere kinderen zouden zoveel mogelijk kunnen instromen in de Internationale Taal Klassen en de Internationale Schakelklassen (ITK’s en ISK’s).

Vooral voor de ITK’s en ISK’s betekende dit een enorme opgave, in het licht van al bestaande uitdagingen. Ook omdat vanuit andere oorlogsgebieden eveneens méér vluchtelingen hun heil zochten in onze regio. Als RBL ondersteunden wij gemeenten en onderwijs door maandelijks een update te sturen van het aantal nieuwkomers-kinderen per sub-regio dat (nog) zonder inschrijving was. Op deze manier hadden alle partijen een beeld van de opgave die nog resteerde. Veel van het absoluut verzuim is het afgelopen schooljaar weer opgelost. Zo gaan 50 kinderen volledig naar school, en zijn eveneens 50 kinderen inmiddels weer verhuisd uit de regio (velen van hen keerden terug naar Oekraïne). 27 kinderen zijn 18 geworden en niet langer leerplichtig.

17

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Veel absoluut verzuim opgelost Situatie aan het einde van het schooljaar, thuiszitters zonder een schoolinschrijving 250

200 81 150

Verhuisd 50

100

Vrijstelling Einde leerplicht

23 50

Nog open (0% onderwijs)

23 3 19 10 2020-2021

39 21 1 13 9 2021-2022

7 27

Weer naar school

50 2022-2023

Er resteert (dd. 1 augustus 2023) nog een groep van zo’n 81 leerplichtige minderjarigen zonder schoolinschrijving. In deze groep bevinden zich tientallen kinderen die wel al aangemeld zijn op een school, maar nog in het proces van inschrijving zitten. Met name het primair onderwijs in de Leidse regio heeft moeite om alle nieuwkomers-kinderen een plek te bieden. Op het moment van schrijven (aug 2023) is er in het SWV PO Leidse regio nog sprake van een wachtlijst. In sommige gevallen is het onderwijs aan de taalklas voor de zomervakantie wel al gestart, maar was er vlak voor de zomervakantie nog geen inschrijving bij een ‘stamschool’ gerealiseerd, waardoor deze kinderen administratief nog als ‘thuiszitter’ staan geregistreerd. In andere openstaande casussen zijn gezinnen voornemens om terug te gaan naar Oekraïne. Kinderen volgen dan soms nog online onderwijs, aangeboden door hun oude school in Oekraïne. Tot slot zijn er openstaande casussen van kinderen die nog niet zo lang in onze gemeenten zijn ingeschreven, waarbij wij ófwel nog in gesprek zijn over een (eventuele) schoolaanmelding, ófwel waarbij wij nog geen contact hebben kunnen leggen. Update 19 sept 2023: Inmiddels zijn de wachtlijsten in het PO Leidse regio gelukkig opgelost en is het aantal kinderen zonder schoolinschrijving alweer flink afgenomen.

18

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Doelstelling 3: Verzuimende leerlingen uit het PO en VO volgen na onze interventies vaker de lessen. Waar de prioriteit van het RBL met het beleidsplan 2022-2025 meer is verschoven naar thuiszitters/langdurig verzuim, houdt het RBL zich vanzelfsprekend ook bezig met kortdurend ongeoorloofd verzuim. Kinderen die vaak verzuimen van school hebben namelijk een grotere kans om uit te vallen. Bovendien is het tegengaan van kortdurend ongeoorloofd schoolverzuim (van minderjarigen) een wettelijke taak van het RBL. De eerste verantwoordelijkheid voor het aanpakken van verzuim ligt bij de school. Als RBL staan we de school bij. Zo voeren wij soms preventieve gesprekken op de scholen en adviseren we hen bij beginnend verzuim, om zo te voorkomen dat het verzuim oploopt. Als een minderjarige leerling minimaal 16 uur in 4 weken verzuimt is de school wettelijk verplicht een verzuimmelding te doen bij DUO. De school geeft daarbij ook aan of actie gewenst is. Via DUO komt de melding bij het RBL binnen. Het RBL stemt af met school en gaat met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) in gesprek om de reden van het verzuim te bepalen. Verzuim kan namelijk een signaal zijn van achterliggende problematiek. In alle gevallen gaat het RBL samen met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) en eventueel andere instanties op zoek naar een oplossing om het verzuim terug te dringen.

In het gesprek met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) gaan onze consulenten ten eerste altijd na of het verzuim verwijtbaar is. Dit is niet altijd het geval. Wanneer het verzuim verwijtbaar is, maakt het RBL meestal afspraken om het verzuim te stoppen. Vaak is een officiële waarschuwing op zijn plaats. Wij wijzen jongeren er dan op dat nogmaals verzuimen zou kunnen leiden tot een Halt-verwijzing of proces verbaal. Wanneer het verzuim continueert, kan handhaven passend zijn. Het RBL handhaaft alleen bij het vermoeden dat dit een positief effect heeft op de leerling en ouder(s)/verzorger(s). Waar zorg voorliggend is, heeft handhaven bijvoorbeeld weinig zin. Wij volgen hierin de landelijke richtlijnen, zoals geformuleerd in de MAS (Methodische Aanpak Schoolverzuim) In de gesprekken met jongeren proberen onze consulenten de oorzaak van het verzuim boven tafel te krijgen en een oplossing te zoeken. Deze gesprekken zijn onze mogelijkheid om het gedrag van de leerling en ouder(s)/verzorger(s) te beïnvloeden. Wat we willen: dat de leerling na dat eerste gesprek niet meer verzuimt.

19

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

1.3.1 Gemeld verzuim weer terug op pre-corona niveau In de ‘corona-jaren’ die achter ons liggen was er een dip in het gemelde verzuim. In vorige jaarverslagen gaven wij al aan dat dit vermoedelijk een tijdelijk effect zou zijn. Inmiddels is het ongeoorloofd verzuim zelfs hoger dan het niveau van schooljaar 2018/2019, het laatste volledige precorona schooljaar. Vorig schooljaar zijn 18 van de 1000 ingeschreven kinderen (1,8%) bij ons gemeld voor verzuim. Net als voorgaande jaren werden in Leiden – met 2,8% van de ingeschreven kinderen tussen de 5 en 18 jaar (28 van de 1000 jongeren) – relatief de meeste kinderen gemeld. Leiden kampt vanzelfsprekend meer dan andere gemeenten in onze regio met ‘grote steden problematiek’. In vrijwel alle gemeenten is het aantal gemelde kinderen gestegen ten opzichte van het afgelopen jaar. Over het algemeen lag het aandeel gemelde kinderen in de Duin- en Bollenstreek wat lager dan in de Leidse regio. Dit kan te maken hebben met de samenstelling van de bevolking in die gemeenten, maar ook met verschillen tussen scholen. Mochten scholen in Katwijk bijvoorbeeld ‘terughoudender’ melden dan scholen in de Leiden, dan beïnvloedt dat de verschillen in verzuimcijfers tussen die gemeenten. Het RBL stuurt niet op verzuim per gemeente maar op verzuim per school. Immers het verzuimbeleid wordt op schoolniveau ingericht, niet op gemeenteniveau.

Aandeel POVO jongeren (5-18 jaar) dat 1 of meerdere keren is gemeld voor verzuim Per gemeente, per 1000 ingeschreven jongeren 28

30 25 20 15

20

20

18

14

12

14

15

17

21 17

18

13

10 5 0

2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

In de volgende paragraaf zoomen wij verder in op het verzuim in het PO (en SO), daarna gaan we in op het VO en VSO.

20

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

1.3.2 Toename luxe verzuim in het primair onderwijs Vorig jaar ontvingen wij bijna 140 verzuimmeldingen vanuit het PO (over 130 personen). Dit is iets minder dan vorig jaar. Wél nam voor het tweede jaar het aantal meldingen voor ‘luxe verzuim’ toe. Het gaat hierbij om kinderen die vlak voor of vlak na schoolvakanties niet op school verschijnen, vermoedelijk omdat zij eerder dan wel langer op vakantie zijn.

PO meldt meer voor luxe verzuim Aantal luxe verzuimmeldingen van PO 100

81 70

80 54

60

51

40

27

20 2018-2019

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Deze toename van het luxe verzuim vormt ook de verklaring voor de toename van het aantal opgemaakte processen verbaal (PV). In de afgelopen vijf jaar maakten wij niet eerder zoveel PV’s op richting ouders van basisschoolleerlingen als in het afgelopen schooljaar. Sommige gezinnen hebben zich niet helemaal aan de schoolvakanties gehouden en zich daarbij niet tegen laten houden door een eventueel PV. 18 meldingen staan nog open. Het betreft hier vooral meldingen van verzuim die vlak voor de schoolvakantie binnen kwamen en nog niet zijn afgerond. Mogelijk dat hier dus nog meer PV’s uit voort zullen komen. Het aantal verzuimmeldingen dat wij vanuit het PO ontvangen ligt traditioneel laag. Het is de vraag of er echt zo weinig ongeoorloofd wordt verzuimd op het primair onderwijs. Uit landelijk onderzoek9 blijkt dat PO-scholen lang niet al het ongeoorloofd verzuim melden bij Leerplicht. Daarom benadrukken wij continu het belang van het melden van verzuim, bijvoorbeeld in nieuwsbrieven of tijdens schoolbezoeken.

Dalend aantal meldingen PO Aantal meldingen vanuit PO, naar afdoening

180

54

120

80 60 40

Niet behandeld: overig

24

140

100

Nog open

3 4

160

5 4 9 16 14 46

9 11 5

32 1 11 49

43

24 12 8 20

8 3 2 12

18 6 25

15

15

15

Geen actie gewenst door school

30

PV

32 30

Geen actie gewenst door consulent

9 5 1 24

20

20

Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd Ter kennisgeving aangenomen

Leerling wordt uitgeschreven

Waarschuwing gegeven 20 Afspraken gemaakt

2018-2019 2019-2020 2020-2021 2021-2022 2022-2023

9

https://ingrado.nl/assets/uploads/Rapport_Leerplicht_in_het_primair_onderwijs_18_april_2018.pdf

21

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

1.3.3 Verzuimmeldingen vanuit VO terug op pre-corona niveau In het afgelopen schooljaar werd er flink meer verzuim gemeld door scholen uit het VO (inclusief PRO en VSO) dan in het schooljaar ervoor. Het verzuim is inmiddels weer terug op het niveau van de precorona jaren.

Stijging VO zet door Aantal personen met minimaal 1 verzuimmelding 1000

921

902

900 754

800 700 600

560

587

2019-2020

2020-2021

500 400 300 200 100 0 2018-2019

2021-2022

2022-2023

De stijging van het verzuim is voor een deel te verklaren doordat ook het leerlingenaantal opliep. Het afgelopen schooljaar volgden bijna 27 duizend leerlingen onderwijs aan het voortgezet onderwijs, bijna 2500 meer dan in het schooljaar ervoor. Meer leerlingen betekent natuurlijk ook meer verzuim. Zeker als dit leerlingen betreft die gevlucht zijn uit oorlogsgebieden en veelal niet gewend zijn aan het Nederlandse onderwijssysteem. Er zijn nog wel flinke verschillen tussen scholen. Sommige scholen meldden vorig schooljaar inmiddels flink méér dan voor corona. Aan de andere kant zijn er scholen die relatief weinig verzuim melden. Personeelswisselingen en verschuivende prioriteiten op scholen kunnen een rol spelen bij veranderend meldgedrag. Ook het beter onderscheid maken tussen langdurig geoorloofd verzuim en (veelal kortdurend) ongeoorloofd verzuim leidt in sommige gevallen waarschijnlijk nog steeds tot een afname van het aantal meldingen (en een toename van het aantal meldingen van langdurig geoorloofd verzuim) op een aantal scholen.

22

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Verzuimrecidive VO daalt weer Na constatering van verzuim nog eens gemeld 14%

13%

12% 10%

10%

2018-2019

2019-2020

11%

11%

10% 8% 6% 4% 2% 0% 2020-2021

2021-2022

2022-2023

Nu corona achter de rug is en het ‘normale’ schoolse leven is hervat, zijn er ook minder vaak verzachtende omstandigheden voor het ongeoorloofde schoolverzuim. Onze consulenten kiezen daarom weer vaker voor officiële ‘waarschuwingen’. Dat betekent dat nogmaals verzuimen zal leiden tot handhaven. Bij recidive zien wij ons soms genoodzaakt om daadwerkelijk handhavend op te treden. Zeker wanneer er geen complexe problematiek speelt. Zo kiezen we vergeleken met vorig jaar weer vaker voor doorverwijzen naar Halt. In de corona-jaren waren wij terughoudender met handhaven, maar nu kan verwijzen naar Halt soms de geëigende stap zijn, wanneer sprake is van aanhoudend te laat komen of ongeoorloofd verzuim. Halt Het RBL kan jongeren van 12 tot 18 jaar naar Halt verwijzen, wanneer er sprake is van minimaal 12 uur afwezig/te laat en maximaal 60 uur afwezig/te laat. Bij Halt gaat de jongere starten met een Halttraject. Meestal bestaat het traject uit meerdere gesprekken bij Halt met jongere en ouder(s), een digitale leeropdracht over het spijbelgedrag en tot slot een gesprek op school en/of thuis, waarin afspraken worden gemaakt over de toekomst. Er kan ook een werkstraf worden opgelegd. De inhoud en omvang van de straf hangt samen met het aantal verzuimde uren en de leeftijd van de jongere. Het doel van Halt is om ervoor te zorgen dat de jongere in de toekomst betere keuzes kan maken.

Het is een preventieve interventie, die ervoor kan zorgen dat jongeren niet in aanraking komen met Justitie. De jongere mag maar één keer naar Halt voor schoolverzuim. Juist om te voorkomen dat jongeren gelijk strafrechtelijk vervolgd worden met een proces verbaal, is het belangrijk dat scholen tijdig melden. Het komt nog weleens voor dat verzuim pas bij ons wordt gemeld nadat de 60 uursgrens is gepasseerd. Verwijzen naar Halt is dan niet meer mogelijk.

23

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Stijgend aantal meldingen VO Aantal meldingen vanuit VO, naar afdoening 1400

13 77

1200 23 35

1000

Nog open 186

150 15 40

107

Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd

149

64 1

Ter kennisgeving aangenomen

176 800

2 3

22 44

125 10 32 600

400

109

480

117

1 10

39 45

123

57

5 46

Niet behandeld: overig

101 79

Geen actie gewenst door consulent

83 2 74

Geen actie gewenst door school 432

249

Leerling wordt uitgeschreven PV/Halt

228

Waarschuwing gegeven

225 200

170

214

246

249

Afspraken gemaakt

124

2018-2019 2019-2020 2020-2021 2021-2022 2022-2023

Zo’n 40% van alle V(S)O meldingen wordt niet ter hand genomen door onze consulenten. Soms geeft school aan dat geen actie vereist is, of is er al lopend contact met leerling, ouders en ketenpartners op basis van een eerdere melding. Soms is in de melding al te zien dat het verzuim niet ongeoorloofd is. In dat geval wordt de casus indien nodig overgedragen aan de specialist thuiszitters. Mede gezien de toenemende werkdruk moeten onze consulenten kritisch zijn op welke meldingen ze wel en welke meldingen ze niet oppakken.

24

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2022-2023

Doelstelling 4: Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter Het Regionaal Bureau Leerrecht heeft een belangrijke rol bij het behalen van de doelstellingen rondom thuiszitten en verzuim. Hoe weten we nu of we effectief zijn in onze aanpak? In de voorgaande paragrafen presenteerden wij de cijfers over verzuimende en thuiszittende kinderen. Deze cijfers zijn echter niet toereikend om uitspraken te kunnen doen over onze effectiviteit, om twee redenen: 1. Het RBL is slechts één schakel in een complex geheel: ontwikkelingen in de privé-situatie kunnen bepalend zijn voor het aanhouden of juist afnemen van schoolverzuim. Denk aan een ondersteunende nieuwe relatie, of een fijne nieuwe vriendengroep. Maar ook andere factoren, zoals wachtlijsten op het (V)SO, tijdig op gang komen van hulpverlening of het aanbod van onderwijs-zorg arrangementen in de regio, hebben veel invloed op het aantal thuiszitters en de duur van thuiszitten in onze regio. 2. Cijfers zijn gevoelig voor veranderingen in registratie- en meldgedrag. Om meer te kunnen leren over onze effectiviteit, én om ons gericht verder te kunnen ontwikkelen, vragen we gestructureerd feedback uit bij scholen en ketenpartners. Het is van essentieel belang dat wij een goede partner zijn in de samenwerking. We opereren immers niet in een vacuüm.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1589/documents/20729