Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2.pdf
Tekst van het document
Mantelzorg
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 5.1 en 5.2 en toe te staan dat een deel van de woning of bijbehorend bouwwerk bij een woning als afhankelijke woonruimte (inwoning) wordt gebruikt, met dien verstande, dat: a. een dergelijke bewoning noodzakelijk is vanuit het oogpunt van mantelzorg; b. op het perceel al een wooneenheid aanwezig is; c. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en bedrijven; d. per wooneenheid maximaal één situatie van inwoning ten behoeve van mantelzorg is toegestaan; e. inwoning in beginsel dient plaats te vinden bij, in of direct aansluitend aan de wooneenheid, waarbij de afhankelijke woonruimte een onderlinge verbinding met de wooneenheid dient te hebben; f. het gebruik van een bijbehorend bouwwerk als afhankelijke woonruimte is uitsluitend toegestaan indien realisering van de inwoning in of aan de wooneenheid voor de inwoner of andere bewoner(s) onredelijk bezwarend is; g. maximaal 80 m2 van het hoofdgebouw en/of bijbehorend bouwwerk mag worden gebruikt ten behoeve van de inwoning; h. na de beëindiging van de mantelzorgsituatie de wooneenheid weer in oorspronkelijke vorm wordt teruggebracht. Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
15
Artikel 6 6.1
Leiding - Riool
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen mede bestemd voor de aanleg en instandhouding van een rioolleiding, met de daarbij behorende andere bouwwerken. 6.2
Bouwregels
Op deze gronden mogen uitsluitend andere bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd. 6.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden 6.3.1
Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning
Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Leiding - Riool' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of de volgende werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; b. het aanbrengen van diepwortelende beplanting en bomen; c. het aanleggen van andere kabels en leidingen anders dan in de bestemmingsomschrijving is aangegeven, en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; f. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren. 6.3.2
Uitzondering op het uitvoeringsverbod
Het verbod in lid 6.3.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning is verleend, zoals in lid 6.1 bedoeld; b. normaal onderhoud en beheer ten dienste van de bestemming betreffen; c. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan. 6.3.3
Toelaatbaarheid
De werken en werkzaamheden, zoals in lid 6.3.1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar indien het leidingbelang daardoor niet onevenredig wordt geschaad. 6.3.4
Advies
Alvorens de omgevingsvergunning als bedoeld in lid 6.3.1 wordt verleend, wordt advies ingewonnen bij de leidingbeheerder.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
16
Artikel 7
Waarde - Archeologie - 3
7.1
Bestemmingsomschrijving
7.1.1
Primair
De voor 'Waarde - Archeologie - 3' aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van archeologische waarden. 7.1.2
Rangorde
Indien de belangen van de in lid 7.1.1 bedoelde dubbelbestemming in strijd zijn met de belangen van een andere samenvallende dubbelbestemming dan geldt de volgende rangorde: a. Leiding - Riool; b. Waarde - Archeologie - 3. 7.2
Bouwregels
a. Op deze gronden mogen ten behoeve van de in lid 7.1 bedoelde bestemming uitsluitend gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gebouwd die voor aanvullend of definitief archeologisch onderzoek (opgraven) noodzakelijk zijn, mits de bepalingen van lid 7.3 vooraf in acht zijn genomen. b. Tevens mogen op deze gronden gebouwen/bouwwerken geen gebouwen zijnde worden opgericht voor de primaire bestemming(en) als bedoeld in het betreffende bestemmingsplan, mits de bepalingen van artikel 7.3 vooraf in acht zijn genomen. 7.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.3.1
Verbod
Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden van burgemeester en wethouders de hierna onder 7.3.2 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te doen, dan wel te laten uitvoeren die dieper reiken dan 0,3 m beneden maaiveld en die tevens een (totale) terreinoppervlakte groter dan 1.000 m² beslaan. 7.3.2
Vergunningvereiste
Het vergunningvereiste betreft de volgende werken, dan wel werkzaamheden: a. grondwerkzaamheden, waartoe wordt gerekend het ophogen, afgraven, verwijderen van oude funderingen, woelen en mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden alsmede het vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren en het aanleggen van drainage; b. het aanleggen of rooien van bomen en diepwortelende struiken waarbij stobben worden verwijderd; c. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; d. het verlagen van het waterpeil; e. het werken met opsporingsapparatuur (waaronder vallen metaaldetectoren, grondradar en ander detectieapparatuur), gevolgd door het opgraven van archeologische vondsten en relicten; f. het heien van palen en slaan van damwanden.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
17
7.3.3
Archeologisch rapport
De aanvrager van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, dient bij het indienen van de aanvraag een archeologisch rapport over te leggen waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders, in voldoende mate is vastgesteld. 7.3.4
Toelaatbaarheid
De werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden als bedoeld in lid 7.3.2 zijn slechts toelaatbaar, indien en voor zover deze door die werken of werkzaamheden geen afbreuk doen aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden in de desbetreffende gronden. 7.3.5
Uitgezonderde werkzaamheden
Het verbod zoals bedoeld in lid 7.3.1 is niet van toepassing indien: a. het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplanting en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; b. de werken of werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden of een ontgrondingenvergunning. 7.3.6
Mogelijke voorwaarden te verbinden aan vergunning
Aan de omgevingsvergunning kunnen de volgende voorwaarden worden verbonden: a. de verplichting tot het doen van archeologisch bureauonderzoek; b. de verplichting tot het doen van inventariserend en/of waarderend archeologisch onderzoek zoals boringen, proefsleuven en non-destructief onderzoek (zoals bijvoorbeeld grondradar- en weerstandsonderzoek); c. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische waarden kunnen worden behouden (behoud in situ); d. de verplichting tot definitief archeologisch onderzoek (opgraven) en het conserveren van de archeologische resten en het opstellen van een eindrapportage; e. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg, die voldoet aan door burgemeester en wethouders te stellen kwalificaties (archeologische begeleiding). 7.3.7
Programma van eisen
Archeologisch onderzoek zoals bedoeld in lid 7.3.6 wordt uitgevoerd op basis van een programma van eisen opgesteld overeenkomstig de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, dat moet worden goedgekeurd door het college van burgemeester en wethouders. In het programma van eisen wordt aangegeven op welke wijze de voorwaarden die aan de vergunning worden verbonden, worden uitgevoerd. 7.4
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen door: a. de dubbelbestemming Waarde - Archeologie - 3 geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van inventariserend en/of definitief archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn;
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
18
b. aan gronden alsnog de dubbelbestemming Waarde - Archeologie - 3 toe te kennen indien uit inventariserend en/of definitief archeologisch onderzoek blijkt dat de begrenzing van de gronden met deze medebestemming, gelet op ter plaatse aanwezige archeologische waarden, aanpassing behoeft.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
19
Hoofdstuk 3 ALGEMENE REGELS Artikel 8
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
20
Artikel 9 9.1
Algemene bouwregels
Overschrijding bouwgrenzen
De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen, in afwijking van het bepaalde in hoofdstuk 2 uitsluitend worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, loggia's, keldertoegangen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1,5 m; b. andere ondergeschikte bouwdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1 m. 9.2
Voorwaardelijke verplichting geluid
Bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen verleent het bevoegd gezag niet eerder en omgevingsvergunning dan nadat is voldaan aan de volgende regels: a. De hoogst geluidbelaste gevels van de appartementen aan de Meerstraat en de daarop aansluitende gevels aan de Julianastraat en de Emmastraat, moeten zodanig zijn uitgevoerd dat het geluidniveau in de woningen vanwege wegverkeerslawaai ten hoogste 33 dB bedraagt. Deze voorwaarde geldt alleen voor het noordelijke bouwvlak. b. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning bouwen wordt aangetoond dat voldaan wordt aan het gestelde onder lid a. c. Eventuele buitenruimten aan de hoogst geluidbelaste gevels, zoals bedoeld in lid a, dienen voorzien te zijn van een gesloten borstwering. d. Eventuele plafonds van balkons aan de hoogst geluidbelaste gevels, zoals bedoeld in lid a, dienen te worden voorzien van absorberend materiaal om hinderlijke geluidsreflecties tegen te gaan. e. Deze aanvullende voorwaarden gelden alleen voor die gevels waar de gecumuleerde geluidbelasting hoger is dan 53 dB. Dit betreft de gevel evenwijdig aan de Meerstraat en de hierop aansluitende gevels aan de Emmastraat en de Julianastraat. 9.3
Voorwaardelijke verplichting ecologie
Bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen verleent het bevoegd gezag niet eerder en omgevingsvergunning dan nadat door aanvrager een rapport is overgelegd waarin: a. Een afschrift is overgelegd van de verleende ontheffing op grond van de Wet natuurbescherming. b. Een rapport is overgelegd, dat is opgesteld door een deskundig ecoloog, waaruit onomstotelijk blijkt dat er geen sprake is van een overtreding ex artikel 3.1, 3.5 en 3.10 Wet natuurbescherming Een en ander ter beoordeling van het bevoegd gezag.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
21
Artikel 10 10.1
Algemene gebruiksregels
Verboden gebruik
Het is verboden de gronden en/of bouwwerken zoals bedoeld in hoofdstuk 2 opgenomen regels te gebruiken ten behoeve van: a. b. c. d.
een seks- en/of pornobedrijf; een prostitutiebedrijf; raamprostitutie; een escortbedrijf.
10.2
Parkeren en laden en/of lossen
a. Tot een gebruik in strijd met alle bestemmingen wordt in ieder geval begrepen het gebruik van gronden en bouweerken, voor zover die zijn ingericht voor parkeren ter uitvoering van het gemeentelijk parkeerbeleid, voor ander gebruik dan parkeren; b. Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder a.: 1. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeergelegenheid of laad- of losruimte wordt voorzien, dan wel; 2. mits het voldoen aan deze regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bewaren stuit, tot welke bijzondere omstandigheden in ieder geval worden gerekend: een te verwachten meer dan gemiddeld aantal gehandicapte gebruikers of bezoekers van het gebouw; een te verwachten meer dan gemiddeld aantal klanten of bezoekers, indien het gebouw bestemd is voor de vestiging van één of meer detailhandelsbedrijven, dan wel openbare dienstverlening of vermakelijkheid; een bestemming van het gebouw als parkeergarage, dan wel garagebedrijf; een bestemming die zich verzet tegen een gebruik ten dienste van het parkeren en/of laden of lossen.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
22
Artikel 11 11.1
Algemene afwijkingsregels
Algemeen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om met een omgevingsvergunning af te wijken van: a. de gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 15% van die maten, afmetingen, en percentages; b. de gegeven maatvoering van een bouwvlak tot niet meer dan 15% van dat bouwvlak; c. de bouwregels en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; d. het bepaalde ten aanzien van de maximale (bouw)hoogte van gebouwen en toestaan dat de (bouw)hoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, mag worden vergroot mits: 1. de oppervlakte van de vergroting niet meer dan 5 m2 bedraagt; 2. de hoogte niet meer dan 1,25 maal de maximale (bouw)hoogte van het betreffende gebouw bedraagt; e. de bouwregels voor de bouw van niet voor bewoning bestemde gebouwen en andere bouwwerken met een inhoud van ten hoogste 50 m2 en een bouwhoogte van niet meer dan 5 m ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening, voor zover het betreft een bouwwerk ten behoeve van een nutsvoorziening, de waterhuishouding, het meten van de luchtkwaliteit, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer of het weg-, spoorweg, water- of luchtverkeer; f.
de bouwregels ten aanzien van de (bouw)hoogte van andere bouwwerken, en toestaan dat de bouwhoogte van ander bouwwerken ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot niet meer dan 40 m, gemeten tussen het peil van het aansluitende terrein en het hoogste punt van de antenne-installatie; 11.2
Randvoorwaarden toepassing voor afwijken
Burgemeester en wethouders verlenen slechts medewerking aan een omgevingsvergunning voor het afwijken mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: a. b. c. d.
het straat- en bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
23
Artikel 12 12.1
Overige regels
Werking wettelijke regelingen
De wettelijke regelingen, waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van de vaststelling van het plan. 12.2
Parkeren en laden en/of lossen
a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw (waaronder mede wordt begrepen het splitsen van een bestaande woning in één of meerdere woningen) of een omgevingsvergunning voor het afwijken van het gebruik wordt slechts verleend, indien is aangetoond dat wordt of zal worden voldaan aan het gemeentelijke parkeerbeleid, zoals dat geldt op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning. b. een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw of een omgevingsvergunning voor een afwijking van het gebruik waarvoor een behoefte bestaat voor ruimte voor het laden of lossen van goederen wordt slechts verleend, indien is aangetoond dat op het betreffende bouwperceel in voldoende mate ruimte voor het laden of lossen van goederen wordt of zal worden aangebracht. c. bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder a. en/of b.: 1. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeergelegenheid of laad- of losruimte wordt voorzien, dan wel; 2.
mits het voldoen aan deze regels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, tot welke bijzondere omstandigheden in elk geval worden gerekend: een te verwachten meer dan gemiddeld aantal gehandicapte gebruikers of bezoekers van het gebouw; een te verwachten meer dan gemiddeld aantal klanten of bezoekers, indien het gebouw bestemd is voor de vestiging van één of meer detailhandelsbedrijven, dan wel openbare dientsverlening of vermakelijkheid; een bestemming van het gebouw als parkeergarage, dan wel garagebedrijf; een bestemming die zich verzet tegen een gebruik ten dienste van het parkeren en/of landen en/of lossen.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
24
Hoofdstuk 4 OVERGANGS- EN SLOTREGELS Artikel 13 13.1
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
13.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 13.1.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 13.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 13.1.1 met maximaal 10%. 13.1.3 Uitzondering Lid 13.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2
Overgangsrecht gebruik
13.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 13.2.2 Veranderen strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 13.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Onderbreken strijdig gebruik Indien het gebruik, bedoeld in het lid 13.2.1 na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzondering Lid 13.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
25
Artikel 14
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Goed Wonen fase 2'.
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
26
Bijlage 1
Staat van Bedrijfsactiviteiten
Bestemmingsplan Goed Wonen fase 2, Hillegom Regels Vaststelling
Richtafstandenlijst, Versie 102 Toelichting op de Staat van bedrijfsactiviteiten
naar de eerdergenoemde publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de VNG.
Inleiding
Staat van bedrijfsactiviteiten
Een goede milieuhygiënische kwaliteit in gebieden kan worden gerealiseerd door een juiste afstemming van de situering van bedrijven en milieugevoelige functies (zoals woningen). Om dit te bereiken kunnen globaal bezien twee wegen worden bewandeld: beïnvloeding door middel van ruimtelijke ordening; het nemen van maatregelen op het milieuhygiënische vlak.
De Staat van bedrijfsactiviteiten geeft slechts inzicht in milieuplanologische aspecten per bedrijfstype en een specifieke bedrijfssituatie. Voor de onderscheiden bedrijfstypen, gerangschikt volgens de Standaard Bedrijfs Indeling (SBI-lijst) van het CBS, zijn per bedrijfstype voor elk van de aspecten geur, stof, geluid en gevaar de richtafstanden aangegeven die in de meeste gevallen kunnen worden aangehouden tussen een bedrijf, bedrijven c.q. bedrijfsactiviteiten (de milieubelastende activiteiten, opslagen en installaties) en een rustige woonwijk. Bij het aanhouden van de richtafstanden tussen de bedrijven/bedrijfsactiviteiten en milieugevoelige objecten (woningen) kan hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen worden gehouden. Onder bedrijven worden in dit verband ook begrepen diverse productie- en handelsbedrijven en recreatiebedrijven en milieubelastende vormen van publieke dienstverlening en openbare instellingen. Onder milieugevoelige objecten vallen ook ziekenhuizen scholen en terreinen voor verblijfsrecreatie.
De ruimtelijke ordening fungeert daarbij als het beleidskader en vormt een "grove zeef", waarbij getracht wordt de juiste functie op de juiste plaats te situeren. Bij de ruimtelijke ordening zijn het aanhouden van afstand tussen bron en gevoelig object (zonering) en functietoedeling de belangrijkste middelen. Milieuhygiënische maatregelen zorgen er vervolgens voor dat, zonodig, voor de inrichting maatregelen worden getroffen ter voorkoming of beperking van hinder in het omliggende gebied. Bij de regeling in het bestemmingsplan wordt gebruik gemaakt van een "Staat van bedrijfsactiviteiten", gebaseerd op de publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG, publicatie juni 2007; “het groene boekje”). Door het koppelen van soorten bedrijven aan richtafstanden met betrekking tot aan te houden afstanden tussen bedrijven en milieugevoelige objecten biedt de staat een (aanvullend) instrument voor ruimtelijk-ordeningsbeleid bij bestemmingsplannen. Hierna wordt een korte toelichting gegeven op de Staat van bedrijfsactiviteiten. Voor een uitgebreide toelichting wordt verwezen
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
In verband met de specifieke situatie van bedrijventerreinen is er, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, gekozen voor het in eerste instantie uitsluiten van een aantal bedrijven/bedrijfsactiviteiten (de negatieve lijst). Deze activiteiten zijn in bijgaande staat doorgehaald. Aan vestiging van de doorgehaalde bedrijven kan, na een door burgemeester en wethouders te verlenen ontheffing, en na een nadere belangenafweging, medewerking worden verleend. In de regels is aangegeven of en zo ja onder welke voorwaarden medewerking kan worden verleend. Aan de ontheffing kunnen daarbij, zo nodig voorwaarden worden gesteld.
1
Richtafstandenlijst, Versie 102
Voor wat betreft de milieucomponenten zijn "afstanden" bepaald ten aanzien van: geur; stof; geluid; gevaar. Richtafstanden voor geur, stof, geluid en gevaar De in lijst 1 en 2 vermelden richtafstanden voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Bij het bepalen van de richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:: het betreft "gemiddelde" nieuwe bedrijven met voor nieuwe bedrijven gangbare voorzieningen binnen het gedefinieerde bedrijfstype; het referentiegebied betreft woningen in een “rustige woonwijk” en een “rustig buitengebied”; de opgenomen richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten;
Bij de onderscheiden bedrijfstypen is bij de beoordeling van de milieu-planologische aspecten uitgegaan van: in Nederland aanvaarde normen voor wat betreft de emissies door milieubelastende activiteiten; in Nederland voorgeschreven of aanvaarde grens- en richtwaarden voor wat betreft de toelaatbare immissies bij woningen en andere milieugevoelige objecten; ervaringen/waarnemingen voor wat betreft de omvang en schadelijkheid van emissies door activiteiten. Doordat de bedrijfstypen zodanig gedefinieerd/geclusterd zijn dat voor wat betreft de milieubelastingen sprake is van een zekere uniformiteit kan, onder meer door verschillende installaties, processen, (grond)stoffen, producten, productieomvang, terreinindeling, voorzieningen en dergelijke, sprake zijn een zekere variatie. De in de lijst aangegeven afstanden zijn dan ook indicatief. In concrete situaties kan er sprake zijn van afwijkingen van de gehanteerde uitgangspunten voor lijst 1 en 2. Daarbij kan er in concrete situaties sprake zijn van een hogere dan wel een lagere milieubelasting
Wijze van meten richtafstanden Kolom met richtafstanden voor geluid De richtafstanden gelden enerzijds de grens van de bestemming of perceel die bedrijven/bedrijfsactiviteiten en/of andere milieubelastende functies toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van het milieugevoelig object zoals een woning of een andere milieugevoelige functie die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen (bijvoorbeeld voor een uitbreiding van de woning) mogelijk is. De gegeven afstanden zijn richtafstanden en geen harde afstandsnormen. Geringe afwijkingen kunnen in de lokale situatie (gemotiveerd) mogelijk zijn.
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
In de kolom met richtafstanden voor geluid is, waar van toepassing, de letter “C” van continu opgenomen om aan te geven dat bij de betreffende activiteiten voor geluid meestal continu (dag en nacht) in bedrijf zijn. Voor bedrijven die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken in de zin van de Wet geluidhinder art 4.2 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer is de letter “Z“ opgenomen.
2
Richtafstandenlijst, Versie 102 Kolom met richtafstanden voor gevaar
Kolom milieucategorie
Het betreft hier over het algemeen alle gevaarsaspecten met inbegrip van brandgevaar en explosiegevaar. De letter “R” is opgenomen voor activiteiten die onder de werking van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) vallen of gaan vallen. Voor deze activiteiten die altijd te worden nagegaan of het Bevi van toepassing is en dient zonodig te worden getoetst aan de in het Bevi opgenomen vaste afstanden voor het plaatsgebonden risico. Daarnaast geldt ook nog de verantwoordingsplicht voor het groepsrisico in het invloedsgebied rondom deze inrichtingen. Nieuwvestiging van een Bevi-inrichting is slechts mogelijk nadat een “afweging op maat” heeft plaatsgevonden, waarbij is bezien wat de gevolgen zijn voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden in de omgeving van de vestiging. De letter “V” is opgenomen voor activiteiten waarop het Vuurwerkbesluit van toepassing is.
Bij de bepaling van de richtafstanden is uitgegaan van “gemiddelde moderne activiteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen. In deze kolom is de letter “D” opgenomen indien er sprake is van een grote variatie in productieprocessen, waardoor er sprake kan zijn van een grote variatie in milieubelasting. In die gevallen dient dat per casus te worden bekeken.
Grootste afstand en milieucategorie -
Per bedrijfsactiviteit is voor elke milieucomponent een afstand aangegeven, die vanwege die milieucomponent tot een milieugevoelig object in beginsel moet worden aangehouden. De grootste daarvan vormt de indicatie voor de aan te houden afstand van de bedrijfsactiviteit tot een milieugevoelig object. Deze grootste afstand is daarom in de Staat van bedrijfsactiviteiten opgenomen in de kolom "afstand". De in deze kolom gegeven afstandsmaten bepalen tezamen met de indices de milieucategorie van een bedrijfsactiviteit; deze categorieën staan vermeld in de kolom "cat". Er zijn zes milieucategorieën; per milieucategorie gelden de volgende afstanden:
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
Milieucategorie
1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6
Aan te houden richtafstand tot omgevingstype rustige woonwijk en rustig buitengebied 0 - 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m 1.500 m
Tevens zijn indices opgenomen voor verkeer, visueel, bodem en lucht, waarbij voor: index 1 sprake is van potentieel geen of geringe emissie of hinder; index 2 sprake is van aanzienlijke emissie of hinder; index 3 sprake is van potentieel ernstige emissie of hinder.
3
Richtafstandenlijst, Versie 102 Index voor verkeersaantrekkende werking In de kolom is onderscheid gemaakt tussen goederenvervoer (G) en personenvervoer (P). De index is van belang in relatie tot de gekozen verkeersontsluiting. Daar waar de verkeersontsluiting slecht is zijn activiteiten met een relatief grote verkeersaantrekkende werking niet gewenst. Visuele hinder De index voor visuele hinder is een indicator voor de (visuele) inpasbaarheid van activiteiten. Hoe kolossale industriële bouwwerken hebben een index gelijk aan 3; een klein kantoorgebouw een index gelijk aan 1. De bepaling van de index is subjectief en niet eenduidig. Door aankleding of afscherming kunnen “lelijke” installaties worden gemaskeerd. De index heeft dan ook vooral een signaalfunctie. Bodemverontreiniging De index voor bodem kan een hulpmiddel zijn bij de selectie van toelaatbare inrichtingen op gevoelige gebieden zoals bodembeschermingsgebieden. In de kolom is de letter “B” opgenomen indien een activiteit een verhoogde kans geeft op bodemverontreiniging bijvoorbeeld bij calamiteiten, incidenten of “sluimerende” lekkages.
geëmitteerde stoffen op gevoelige bodems, gewassen en flora, zoals ingeval van neerslag verzurende stoffen op natuurgebieden en de neerslag van ware metalen op groenten. Bij activiteiten waar dit mogelijk relevant is, is de letter “L“ van luchtverontreiniging opgenomen. Tabellen De Staat van bedrijfsactiviteiten uit de publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de VNG bevat twee tabellen. Tabel 1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten bevat de verschillende bedrijfstypen met de SBI-codes, alsmede de bij de bedrijfstypen behorende milieu-planologische kenmerken gerelateerd aan de richtafstand tot het omgevingstype "rustige woonwijk" en "rustig buitengebied"; deze gegevens zijn verwerkt in de hierna volgende Staat van bedrijfsactiviteiten. De in tabel 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten van de VNG opgenomen "Opslagen en installaties" zijn niet afzonderlijk in de hierna volgende versie van de Staat vermeld, omdat deze doorgaans reeds tot een andere bedrijfsvoering gerekend worden.
Luchtverontreiniging De uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht is niet te vertalen in een richtafstand die bij voorkeur tot milieugevoelige objecten in acht genomen zou moeten worden. Toch kan de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht planologisch relevant zijn, zoals ingeval van
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
4
Richtafstandenlijst, Versie 102 Lijst van afkortingen: niet van toepassing of niet relevant < kleiner dan > groter dan = gelijk aan cat. categorie e.d. en dergelijke kl. klasse n.e.g. niet elders genoemd o.c. opslagcapaciteit p.c. productiecapaciteit p.o. productieoppervlak v.c. verwerkingscapaciteit u uur d dag w week t ton j jaar B bodemverontreiniging C continu D divers L luchtverontreiniging Z zonering (op basis van de Wet geluidhinder) R risico (Besluit externe veiligheid inrichtingen mogelijk van toepassing V vuurwerkbesluit van toepassing
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
5
Richtafstandenlijst, Versie 102 SBI-1993 SBI-2008
LUCHT
BODEM
VISUEEL
VERKEER
GROOTSTE AFSTAND
GEVAAR
GELUID
STOF
016 016 016 016 016 0162 02
GEUR
01
0111, 0113 011, 012, 013 0112 011, 012, 013, 016 0112 011, 012, 013 0112 011, 012, 013 0112 011, 012, 013 0112 0113 0112 0113 0112 0163 0112 011 0121 0141, 0142 0122 0143, 0145 0122 0143 0122 0145 0123 0146 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0130 0150 014 014 014 014 014 0142 02
indices
nummer
01
AFSTANDEN IN METERS CATEGORIE
-
OMSCHRIJVING
10
10
30 C
10
30
2
1G
1
B
L
10 10 10 30 100 30 30 100
10 10 10 10 10 10 10 30
30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C
10 10 10 10 10 10 10 0
30 30 30 30 100 30 30 100
2 2 2 2 3.2 2 2 3.2
1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G
1 1 1 1 1 1
B B B B B B
L L L
50 50 200
30 30 30
30 C 30 C 50 C
0 0 0
50 50 200 D
3.1 3.1 4.1
1G 1G 1G
1 1 1
200 200 200 100
30 30 50 30
50 C 50 C 50 C 50 C
0 0 0 0
200 D 200 200 100 D
4.1 4.1 4.1 3.2
1G 1G 1G 1G
1 1 1 1
200 100 30 100 10 30 1
30 30 0 0 0 10 0b30
30 C 30 C 50 C 30 C 30 C 30 C 30 C
0 0 10 10 10 0 0
200 100 50 100 30 30 D 100
4.1 3.2 3.1 3.2 2 2 3.2
1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G
1 1 1 1 1 1 1
30 30 30 30 30
10 10 10 10 10
50 30 50 30 30 C
10 10 10 10 0
50 D 30 50 30 30
3.1 2 3.1 2 2
2G 1G 2G 1G 1G
1 1 1 1 1
- LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW
0 1 2 3 4 5 6 7 0 1 2 0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5 6
0 1 2 3 4
Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen) Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van rundvee Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen - overige dieren Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
-
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
6
1
Richtafstandenlijst, Versie 102 SBI-1993 SBI-2008
AFSTANDEN IN METERS
indices
-
100 50
0 0
100 C 50 C
50 10
100 50
30 0
50 C 50 C
50
50
100 30 50
50
3.1
1G
1
100 50
3.2 3.1
2G 1G
2 1
0 0
100 50
3.2 3.1
1G 1G
1 1
100 C
10
100
3.2
2G
2
0 0 0
200 C 500 C 700 C Z
200 200 200
200 500 700
4.1 5.1 5.2
1G 1G 1G
2 1 1
10 10 50 10
100 200 10 200
200 700 Z 100 C 500 C
10 10 30 50
200 D 700 100 500
4.1 5.2 3.2 5.1
2G 2G 2G 3G
1 2 1 3
100 700 300 100 50 30 50
0 0 0 0 0 0 0
100 C 100 C 100 C 100 C 50 C 50 50
50 30 50 50 30 10 10
100 D 700 300 100 50 50 50
3.2 5.2 4.2 3.2 3.1 3.1 3.1
2G 2G 2G 2G 1G 1G 1G
1 2 2 2 1 1 1
R
R R R
R R R
7
B B B
B
LUCHT
0
BODEM
50
VISUEEL
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
10
VERKEER
- VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven 0 Vis- en schaaldierkwekerijen 1 - oester, mossel- en schelpenteelt bedrijven 2 - visteeltbedrijven - TURFWINNING Turfwinningbedrijven - AARDOLIE- EN AARDGASWINNING 0 Aardolie- en aardgaswinning: 1 - aardoliewinputten 2 - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: < 10.000.000 N m3/d 3 - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: >= 10.000.000 N m3/d - WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D. 0 Steen-, grit- en krijtmalerijen (open lucht): 1 - algemeen 2 - steenbrekerijen Zoutwinningbedrijven Mergel- en overige delfstoffenwinningbedrijven - VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN 0 Slachterijen en overige vleesverwerking: 1 - slachterijen en pluimveeslachterijen 2 - vetsmelterijen 3 - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval 4 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² 5 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² 6 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² 7 - loonslachterijen
10
GROOTSTE AFSTAND
03 03 0311 0312 032 032 032 08 08 089 06 06 061, 062 061 062 062 08 08 0812 0812 0812 0893 0899 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101 101 101, 102
GEVAAR
05 05 0501.1 0501.2 0502 0502 0502 10 10 103 11 11 111 111 111 111 14 14 1421 1421 1421 144 145 15 15 151 151 151 151 151 151 151 151
GELUID
- BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven
STOF
02 021, 022, 024
GEUR
nummer
02 020
CATEGORIE
-
OMSCHRIJVING
L
Richtafstandenlijst, Versie 102 SBI-1993 SBI-2008
OMSCHRIJVING
indices
50
0
50
10
50
3.1
2G
1
700 200 300 300 100 50
100 0 0 10 10 10
200 C 100 C 50 C 50 C 50 30
30 30 0 30 30 10
700 200 300 300 D 100 50
5.2 4.1 4.2 4.2 3.2 3.1
2G 2G 1G 2G 1G 1G
2 2 2 2 1 1
300 50
30 10
200 C 50
50 50
300 50
4.2 3.1
2G 1G
2 1
50 50 100 300 300
10 10 10 10 10
100 C 100 C 100 C 200 C 100 C
10 10 10 30 10
100 100 100 300 300
3.2 3.2 3.2 4.2 4.2
1G 2G 2G 2G 2G
1 2 2 2 2
200 300
30 50
100 C 300 C Z
30 50
R R
200 300
4.1 4.2
3G 3G
2 3
B B
200 300
10 10
100 C 300 C Z
100 200
R R
200 300
4.1 4.2
3G 3G
2 3
B B
100 200
10 10
200 C 300 C Z
30 50
R R
200 300
4.1 4.2
3G 3G
2 3
B
200 200 50 100 50 50 10
100 30 0 0 50 0 0
500 C Z 500 C Z 100 C 300 C Z 300 C 100 C 30
50 50 50 50 50 50 0
R R R R R R
500 500 100 300 300 100 30
5.1 5.1 3.2 4.2 4.2 3.2 2
3G 3G 2G 3G 3G 2G 1G
2 2 1 2 2 2 1
200 100 50
100 50 100
300 C Z 200 C 200 C
100 50 50
R R
300 200 200 D
4.2 4.1 4.1
2G 2G 2G
2 2 2
R R
8
LUCHT
BODEM
VISUEEL
VERKEER
GROOTSTE AFSTAND
GEVAAR
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
GELUID
152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 1531 1031 1531 1031 1531 1031 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1541 104101 1541 104101 1541 104101 1542 104102 1542 104102 1542 104102 1543 1042 1543 1042 1543 1042 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1552 1052 1552 1052 1561 1061 1561 1061 1561 1061 1561 1061
8 - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m² 0 Visverwerkingsbedrijven: 1 - drogen 2 - conserveren 3 - roken 4 - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m² 5 - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² 6 - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² 0 Aardappelprodukten fabrieken: 1 - vervaardiging van aardappelproducten 2 - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² 0 Groente- en fruitconservenfabrieken: 1 - jam 2 - groente algemeen 3 - met koolsoorten 4 - met drogerijen 5 - met uienconservering (zoutinleggerij) 0 Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Margarinefabrieken: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Zuivelprodukten fabrieken: 1 - gedroogde produkten, p.c. >= 1,5 t/u 2 - geconcentreerde produkten, verdamp. cap. >=20 t/u 3 - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j 4 - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j 5 - overige zuivelprodukten fabrieken 1 Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² 2 - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² 0 Meelfabrieken: 1 - p.c. >= 500 t/u 2 - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken
STOF
108
GEUR
nummer
151
AFSTANDEN IN METERS
-
CATEGORIE
-
Richtafstandenlijst, Versie 102 SBI-1993 SBI-2008
OMSCHRIJVING
AFSTANDEN IN METERS
indices
-
0 1 2
0 1 2
Gemeente Hillegom, Bestemmingsplan Goed Wonen Fase 2
700 700 300 700 200 300 200
30 100 100 200 50 100 100
200 C 100 C 200 C 300 C Z 200 C 300 C Z 200 C
50 30 30 50 30 50 30
30 100 100
10 30 10
30 C 100 C 100 C
10 30 30
500 1000
100 200
300 C 700 C Z
100 200
500 100
50 30
100 50
50 30
30
10
30
10
300 100 30 50
30 30 10 30
50 50 30 10
30 30 10 10
500 100 200 200 200
30 10 30 30 50
200 C 30 50 50 50
10 10 10 30 50
100 300 200 300
10 50 50 30
50 50 50 200 C
10 50 30 30
R R
200 300
4.1 4.2
1G 2G
2 3
700 D 700 D 300 700 200 300 200
5.2 5.2 4.2 5.2 4.1 4.2 4.1
3G 3G 2G 3G 3G 3G 2G
3 3 2 3 3 3 2
30 100 100
2 3.2 3.2
1G 2G 2G
1 2 2
R R
500 1000
5.1 5.3
2G 3G
2 3
R
500 100
5.1 3.2
2G 2G
3 2
30
2
1G
1
300 100 30 50
4.2 3.2 2 3.1
2G 2G 1G 2G
2 2 1 2
500 D 100 200 200 D 200
5.1 3.2 4.1 4.1 4.1
2G 2G 2G 2G 2G
1 1 1 2 2
100 300 200 300
3.2 4.2 4.1 4.2
2G 2G 2G 2G
2 2 2 2
R
R
R R
R
R
9
B B
LUCHT
4 5 6
30 50
BODEM
10821 10821 10821 1073 1083 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089 110101
200 C 300 C Z
VISUEEL
1584 1584 1584 1585 1586 1586 1586 1587 1589 1589.1 1589.2 1589.2 1589.2 1589.2 1591
50 100
VERKEER
3
200 300
GROOTSTE AFSTAND
10821
0 1 2 0 1 2
GEVAAR
1584
0 1 2
Zetmeelfabrieken: - p.c. < 10 t/u - p.c. >= 10 t/u Veevoerfabrieken: - destructiebedrijven - beender-, veren-, vis-, en vleesmeelfabriek - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. >= 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: - v.c. < 2.500 t/j - v.c. >= 2.500 t/j Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - Cacao- en chocoladefabrieken: p.o. > 2.000 m² - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m² - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - koffiebranderijen - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen
GELUID
0 1 2 0 1 2 3 4 5 6
STOF
1062 1062 1062 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1092 1071 1071 1071 1072 1081 1081 1081 10821 10821 10821
GEUR
nummer
1562 1562 1562 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1572 1581 1581 1581 1582 1583 1583 1583 1584 1584 1584
CATEGORIE
-