CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Voorlopige Jaarstukken 2022 HLTsamen.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 11: Zienswijze voorlopige jaarstukken 2022 GR Werkorganisatie HLTsamen15.111 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeenschappelijke regeling

Voorlopige Jaarstukken 2022 HLTsamen

Definitief 3 april 2023 1

Inhoudsopgave Voorwoord .......................................................................................................................... 3 1. Voorstel ......................................................................................................................... 5 2. Leeswijzer ...................................................................................................................... 6 3. Jaarverslag ..................................................................................................................... 7 3.1 Beleid ....................................................................................................................... 7 3.2 Dienstverlening .......................................................................................................... 9 3.3 Bedrijfsvoering............................................................................................................ 9 3.4 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien .................................................................. 12 3.5 Paragrafen................................................................................................................ 13 3.6 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid ................................................................. 21 4.

Jaarrekening .................................................................................................................. 22 4.1 Balans...................................................................................................................... 22 4.2 Waarderingsgrondslagen ............................................................................................ 23 4.3 Toelichting op de balans ............................................................................................. 25 4.4 Overzicht van baten en lasten 2022 en de toelichting ..................................................... 28 4.5 Incidenteel en structureel beeld .................................................................................. 33 4.6 Wet normering topinkomens ....................................................................................... 34 5. Bijlagen ......................................................................................................................... 35 Bijlage 1. Staat van kredieten 2022 .................................................................................. 35 Bijlage 2. Budgetoverheveling .......................................................................................... 36 Bijlage 3. Dienstverlening "Service op maat" jaaroverzicht 2022 ........................................... 37 Bijlage 4.

Overzicht lasten en baten 2022 per taakveld ........................................................ 39 Bijlage 5. Financiële bijdragen 2022 deelnemende gemeenten .............................................. 40 Bijlage 6. Overzicht baten en lasten (BBV) ......................................................................... 42

2

Voorwoord Voor u liggen de Voorlopige Jaarstukken 2022 waarin het HLT-bestuur zich inhoudelijk en financieel verantwoord over de resultaten van afgelopen jaar. De jaarstukken geven een reflectie op de begroting 2022 die, zoals bij elke gemeenschappelijke regeling, al in het voorjaar van 2021 is vastgesteld. In de twee jaren die daar tussen zitten is er ongelooflijk veel gebeurd en kon nog niet voorzien worden wat inmiddels aan taken en verwachtingen liggen bij de gemeenten. Wat natuurlijk direct doorwerkt in de vraag aan HLTsamen. Om te kunnen prioriteren heeft de directie met het HLT-bestuur voor 2022 een aantal hoofdprioriteiten benoemd. In volgorde van prioriteit zijn dit geweest: het aanpakken van de crisissen, het organiseren van de bestuurswisseling, het uitvoeren van wettelijke taken met verantwoordingsverplichtingen en het uitvoeren van de reguliere taken en bestuurlijke ambities op het vlak van beleid, dienstverlening en bedrijfsvoering. De noodzaak voor een blijvende en goed toegeruste crisisorganisatie is wel duidelijk geworden in 2022. Begin 2022 faseerde de coronacrisis voorzichtig uit en heeft HLTsamen in opdracht van de gemeenten de nazorgfase ingezet en een vooruitblik gemaakt voor de herstelfase.

Zo goed als direct daarna is grotendeels het hele jaar gewerkt aan crisis noodopvang en noodopvang van Oekraïense vluchtelingen en hebben gemeenten afspraken moeten maken voor extra en versneld huisvesten van statushouders. Tot slot heeft naast deze specifieke kwesties de reguliere crisisorganisatie ook aandacht nodig gehad. Dan gaat het om de bezetting en training van alle posities en het in de steigers zetten van sterkere regionale samenwerking. Het jaar 2022 was ook het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen en de bestuurswisseling. In toenemende mate vraagt dit inzet van de ambtelijke organisatie. De verkiezingen liggen onder een vergrootglas. De betrouwbaarheid van de uitslag en de ordentelijkheid van het proces moet altijd haarscherp kunnen worden aangetoond. Na de verkiezingen is voor de griffies en de raden meegewerkt aan een inwerkperiode en zijn er verschillende documenten opgesteld ten behoeve van het formatie en informatieproces. Met de strategische verkenningen als kers op de taart. Voor de colleges is er ook een inwerkprogramma en zijn er overdrachtsdossiers en een trainingsaanbod opgesteld. Rond het opstellen van de begrotingen zijn er ook doorrekeningen gemaakt van de collegewerkprogramma’s en raadsakkoorden.

Naast de leefwereld bestaat ook altijd de systeemwereld waarin het HLT-bestuur en de gemeentebesturen zich moeten verantwoorden over het financieel beheer, de informatiebeveiliging, privacywetgeving, archiefvereisten, aanbestedingsregels en meer. In 2022 is het gelukt om datgene te doen wat nodig is om de verantwoording te laten slagen. Tegelijkertijd is ook duidelijk dat het systematisch verbeteren van processen is gestagneerd en dat de borging in de uitvoering nog veel werk vraag. Daarom is in 2022 gestart met vaker kiezen en werken langs een programmatische of projectmatige aanpak van verbeteren en borgen. Bovengenoemde zaken zijn onvermijdelijke ten koste gegaan van een aantal zaken. Voor de gemeenten is het nodig geweest om te prioriteren en zijn verschillende bestuurlijke ambities vertraagd / uitgesteld. Het organisatie ontwikkeltraject stond onder grote druk omdat managers en medewerkers zijn meegezogen in de waan van de dag en moeite hadden om stil te staan bij de toekomst en het uitwerken van de hoofdlijnen uit de visie naar een nieuwe manier van organiseren. Hetzelfde geldt voor de regionale samenwerking. Het uitbouwen hiervan is bemoeilijkt. De dienstverlening is doorgelopen maar ruimte voor een stevige doorontwikkeling was beperkt. In de bedrijfsvoering is gedaan wat nodig was en tegelijk zien we daar nog veel potentieel mogelijk om de kwaliteit te verbeteren.

Tot slot hebben we in 2022 beleidsmatig nieuwe opgaven voorbij zien komen. De stikstofcrisis en de energiearmoede zijn hele concrete voorbeelden. Maar wat is in deze de formele rol van de gemeente en welke verwachtingen leveren er vanuit de politieke en de samenleving? Wie bepaalt de kaders en spelregels? Wat wordt dan de opdracht vanuit de gemeenten aan HLTsamen? Het werken aan opgaven en het verkennen van vraagstukken is nog een hele kunst gebleken. In zowel het gezamenlijk opdrachtgeverschap vanuit

3

de gemeenten als het opdrachtnemerschap door HLTsamen. Er is veel van geleerd en de noodzaak om in het organisatie ontwikkeltraject dit stevig neer te zetten is aangetoond. Terugkijkend op 2022 overheersen er toch zorgen. Er ligt veel werk en voor weinig is zichtbaar wat de optelsom betekent voor bestuurders, managers en medewerkers. De werkdruk in de gemeentelijke sector en dus ook bij HLTsamen is aantoonbaar en voelbaar geweest. De arbeidsmarkt was daarin ook niet gunstig als het gaat om het behoud en het aantrekken van gekwalificeerd personeel. Dat heeft er onder andere toe geleid dat meer inhuur heeft moeten plaatsvinden dan ons lief is geweest. We zijn trots op onze medewerkers die ondanks alles gestaag hebben doorgewerkt en voor onze inwoners, ondernemers en instellingen ontzettend veel bereikt hebben in 2022. 3 april 2023

4

1. Voorstel Voorgesteld wordt: 1. De voorlopige Jaarstukken HLTsamen 2022 vast te stellen; 2. Een bedrag van € 896.167 toe te voegen aan de Reserve Budgetoverhevelingen conform bijlage 2 van deze jaarstukken; 3. De toevoegingen aan de reserve Budgetoverhevelingen in 2023 beschikbaar te stellen; 4. De 2e Begrotingswijziging 2023 HLTsamen vast te stellen; 5. Vooruitlopend op en onder voorbehoud van goedkeuring van de gemeenteraden van Hillegom, Lisse en Teylingen de voorziening Verlofsparen in te stellen; 6. Vooruitlopend op en onder voorbehoud van de goedkeuring van de gemeenteraden van Hillegom, Lisse en Teylingen een bedrag van € 195.127 aan de voorziening Verlofsparen toevoegen; 7. De definitieve bijdragen van de deelnemende gemeenten voor 2022 vast te stellen op: 1. Hillegom: € 11.179.219 2. Lisse: € 14.751.336 3. Teylingen: € 22.565.099 8. De voorlopige Jaarstukken 2022 HLTsamen voor zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraden van Hillegom, Lisse en Teylingen.

5

2. Leeswijzer De Jaarstukken 2022 HLTsamen starten met de inleiding. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening. In hoofdstuk 3 het Jaarverslag, presenteren wij de uitwerking van onze activiteiten in 2022 overeenkomstig de indeling van de Begroting 2022 in de onderdelen Beleid, Dienstverlening en Bedrijfsvoering. Daarnaast gaan we in op de Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien en de voor gemeenschappelijke regeling HLTsamen verplichte paragrafen. In hoofdstuk 4, de Jaarrekening, beschrijven we de financiële spelregels rond de jaarrekening en gaan we dieper in op de uitgaven en inkomsten, bezittingen en schulden van HLTsamen. In Hoofdstuk 5 zijn de bijlagen opgenomen.

6

3. Jaarverslag 3.1 Beleid 3.1.1 Bestuurlijke en maatschappelijke voorstellen Mobiliteit. Mobiliteit is van doorlopend belang voor onze drie gemeenten, met grote ambities en uitgewerkt in verschillende concrete projecten. Op lokaal niveau werken we vanuit de verschillende mobiliteitsplannen aan de verbetering van onze lokale infrastructuur. De komende tijd zullen we ons richten op het concretiseren van deze plannen, door de activiteiten nog beter weg te zetten in tijd en middelen. Capaciteit blijft hierbij een grote uitdaging. In de regio hebben wij afgelopen jaren goede resultaten geboekt, door onder andere het vaststellen van het Maatregelenpakket Noordelijke Ontsluiting Duin- en Bollenstreek. Met dit maatregelenpakket richten we ons op de verbetering van de regionale infrastructuur voor fietsers, voetgangers en automobilisten. Digitale participatie. In 2022 is de eerste versie van het digitale handboek participatie opgesteld met name gericht op de interne organisatie HLTsamen. De onderdelen uit dit handboek zullen verdere toepassing kennen in de nog verder te ontwikkelen toolbox participatie.

3.1.2 Omgevingswet De Omgevingswet is nogmaals uitgesteld vanwege met name de digitale beperkingen en de te korte (digitale) voorbereidingstijd die daardoor overblijft voor de gemeenten. Inmiddels is bekend dat de nieuwe invoeringsdatum in het koninklijk besluit 1 januari 2024 is. Structurele en incidentele kosten We hebben gekeken naar de impact van de ontwikkelingen in het kader van de Omgevingswet (en de Wet kwaliteitsborging) op de gemeentelijke financiën, en dan met name de structurele effecten: de ontwikkelingen die op langere termijn (4 jaar) gevolg hebben en de nu nog incidentele kosten. In vier sessies zijn zes specifieke onderwerp-gebieden aan de orde geweest, te weten wijzigingen in de planvorming, het voortraject participatie, de transitie (de komende jaren) en de effecten op de leges. Tot slot is de compensatie vanuit het Rijk (als wetgever) onder de loep genomen. Binnen deze systematiek werken we volgens de volgende strategie: 1.

Waar mogelijk structurele kosten ook structureel opnemen in de begroting ( van zowel HLTsamen als de 3 gemeenten) op basis van de integrale discussie in de gehouden werksessies.

2.

Onzekere kosten i.v.m. ambities en doorontwikkeling van processen en instrumenten nu incidenteel te begroten ( voor zowel HLTsamen als de gemeenten) op basis van de integrale discussie in de gehouden werksessies, aangeleverd door de betrokken teamleiders

3.

Beleidsrijke invulling heeft financiële consequenties; Het is belangrijk bij het nemen van besluiten over bijvoorbeeld het Omgevingsplan een goed beeld te hebben bij de mogelijke financiële consequenties van keuzen.

4.

Door monitoring volgens bijgaande vaste systematiek de incidentele kosten uit te faseren tot structurele kostenposten en als zodanig op te nemen in de begroting en op doorontwikkeling te anticiperen door jaarlijks bij te stellen.

5.

Belangrijk aandachtspunt is om ook de mogelijke positieve effecten in de monitor nadrukkelijk op te nemen en te benoemen.

7

Nieuwe Processen De hoofdprocessen onder de Omgevingswet zijn volledig beschreven en ingericht. Het afgelopen jaar is, als pilot als zodanig gewerkt en zijn er verbeteringen doorgevoerd. Ook is gewerkt aan wat dit betekent voor de diverse rollen van medewerkers binnen de processen. Daarnaast moeten er ook afspraken worden gemaakt met ketenpartners waar nodig vastgelegd in een overeenkomst. Alle topactiviteiten (waar worden de meeste vergunningen voor aangevraagd) zijn vertaald naar digitale vragenbomen (de zogenaamde toepasbare regels) zodat aanvragers deze snel, digitaal kunnen doorlopen. Afstemming met ketenpartners vindt doorlopend plaats. Nieuwe taken Bij de ontwikkeling van de Omgevingsplannen wordt aandacht gegeven aan het geleidelijk vertalen van de zogenaamde bruidsschatsregels (de circa 600 regels die we als gemeente krijgen overgedragen van het Rijk uit het huidige Activiteitenbesluit, Bouwbesluit en het Besluit omgevingsrecht (Bor). De regels hebben betrekking op een grote diversiteit aan onderwerpen, zoals horeca, detailhandel, recreatie, lozingen, emissies van geluid, geur en trillingen door bedrijven en bouwen). Dit is een proces dat meerdere jaren in beslag neemt. Ondertussen wordt gewerkt aan het vertalen van enkele (veel gebruikte) bruidsschatregels naar toepasbare regels, om de dienstverlening op peil te houden.

Extra rijksbijdrage Extra bijdrage is door het Rijk inmiddels toegezegd voor 2022 en de jaren daarna. Voor 2022 betekent dit een bijdrage voor de drie gemeenten van zo’n € 800.000. Voor de komende jaren tot 2025 wordt dit bedrag afgebouwd, hierover zal de Minister ons nog informeren. 3.1.3 Strategische agenda's gemeenten en HLTsamen In 2022 heeft de HLTsamen organisatie meegewerkt aan de opstelling van een gemeenschappelijke uitvoeringsagenda voor de gemeenten Hillegom. Lisse en Teylingen (ook de gemeenten Noordwijk en Katwijk nemen deel). De agenda heeft geleid tot de formulering van 6 topprioriteiten (Actualisatie Greenport en gezamenlijke keuzes hernieuwbare energiebronnen, realisatie van de woningbouwopgave, verbinden van kennisintensieve sectoren, maatregelenpakket ontsluiting noordelijke bollenstreek, corridorstudie mobiliteit/ruimte Leiden-Katwijk-Noordwijk en ontwikkelen regiobrand). In de uitvoering zijn bestuurlijke afspraken gemaakt over vermindering van bestuurlijke drukte door herstructurering van de verschillende portefeuillehouder-overleggen en de versterking van integraliteit bij het aanpakken van de verschillende opgaven en vraagstukken.

We gaan dit doen langs de lijnen van vijf brede en integrale bestuurlijke overleggen: wonen & werken, netwerken & verbinden, gezonde, vitale en energieke regio, duurzame Greenport, bloementeelt & toerisme en gezamenlijke keuzes hernieuwbare energiebronnen en tot slot het sociaal domein. Deze bestuurlijke overleggen worden eveneens gebruikt voor de bestuurlijke afstemming voor de agenda Holland Rijnland, Greenport en Economic Board Duin- en Bollenstreek. Door de meer regionale benadering in Duin en Bollenstreekverband is afgezien van de opstelling van een strategische agenda voor de individuele gemeenten.

8

3.2 Dienstverlening 3.2.1 Serviceformules In het Dienstverleningsconcept staat dat de organisatie wil zien dat we gaan denken en handelen als één geheel en van buiten naar binnen. Of zoals Steven van Belleghem het formuleert in ‘When digital becomes human’: ‘Elk bedrijf heeft slechts één relatie met de klant. Als klant wil je niets te maken hebben met de interne structuur van het bedrijf. Je wilt het gevoel hebben dat achter de schermen alles vlekkeloos verloopt. Je wilt optimaal worden bediend.’ Met verschillende op maat gemaakte dienstverleningsconcepten, ook wel serviceformules genoemd geven we dit in onze organisatieontwikkeling vorm. In bijlage 3 treft u aan het Jaaroverzicht 2022 “Service op maat”.

3.3 Bedrijfsvoering 3.3.1 Organisatieontwikkeling HLTsamen is toe aan een volgende stap in de ontwikkeling. De directie heeft opdracht gegeven om het beeld van een wendbaar en toekomstbestendig HLTsamen en de weg daarnaartoe te concretiseren en uit te werken. Dit heeft geresulteerd in een geactualiseerde visie en op hoofdlijnen een vertaling naar de organisatie en manier van organiseren op basis van: 1. Anderen ‘service op maat‘ laten ervaren; 2. Snel inspelen op veranderende omstandigheden ; 3. (bestuurlijke) Keuzes voorleggen, prioriteren binnen de gemaakte keuzes en keuzes maken in aanpak; 4. (bestuurlijke) Opdrachtgevers afgewogen en compleet adviseren en kansen benutten waar mogelijk rekening houdend met de ‘couleur locale’; 5. Vanuit eigenaarschap talenten benutten en toegevoegde waarde ontwikkelen ; 6. Successen vieren, In 2023 wordt deze verder uitgewerkt en wordt een ontwikkelplan voor de toekomst gemaakt. Enerzijds richt de doorontwikkeling zich op de meer harde en tastbare factoren van ons werk, zoals onze processen en systemen en onze structuur. Minstens net zo van belang is dat we werken aan de zachte factoren, leiderschap en -stijl, samenwerking over team- en organisatie grenzen heen, en een lerende houding. 3.3.2 Opgavegericht werken In 2022 is vanuit het Sociaal Domein gewerkt met het nieuwe instrument Maatschappelijke Agenda (MAG).

Er zijn uitvoeringsprogramma’s opgesteld, zoveel mogelijk samen met de maatschappelijke partners. Daarnaast is de Programmabegroting 2023 ingericht volgens de pijlers uit de MAG en wordt bij subsidieaanvragen gevraagd aan welke ambities van de MAG de aanvrager een bijdrage gaat leveren. Werken met de MAG gebeurt steeds meer opgavegericht: samen met de samenleving. De resultaten en ervaringen van de nieuwe manier van werken zijn zoveel mogelijk gedeeld met andere domeinen binnen HLTsamen. 3.3.3 Evaluatie HLTsamen De voorgenomen evaluatie van HLTsamen is in 2022 gestart en wordt in 2023 afgerond met een aantal interviews. 3.3.4 Informatisering Eind 2021 is een compacte I&A-strategie vastgesteld. In deze strategie werken we vanuit de visie naar een overzicht met concrete activiteiten en de daaraan gekoppelde budgetten. Op die manier 9

willen we meer inzicht creëren in de activiteiten van I&A voor 2022 en de jaren erna en in de manier waarop onze activiteiten een bijdrage leveren aan het behalen van de visie. In 2022 zijn de investeringsbudgetten in het Meerjaren Investeringsplan (MIP) onder de loep genomen. Dit heeft eind 2022 geresulteerd in een geactualiseerde MIP, rekening houdende met de overgang van applicaties naar de cloud. Investeringen zijn daarom grotendeels overgezet naar de exploitatie waarbij het kapitaallastenplafond leidend blijft. 3.3.5 Datagedreven sturen Met het programma “datagedreven sturing” zetten we gedurende drie jaar als HLTsamen en de daarbinnen samenwerkende gemeenten stappen op het terrein van datagedreven werken en datagedreven besturen. Een vernieuwende manier van werken en besturen die aansluit op de ontwikkelingen in de samenleving en ons beter in staat stelt in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen en bijdraagt aan de verdere (door)ontwikkeling van (overheids)participatie. Zoals eerder aan de deelnemende partners (in de raadsvoorstellen) is toegezegd maken we aan het eind van de driejarige periode de balans op. We bezien of de trajecten rondom datagedreven sturing na die periode worden doorgetrokken en welke lessen uit het traject worden opgepakt om eventuele kwaliteit toe te voegen. De evaluatie van het programma datagedreven sturing is eind 2022 afgerond.

De resultaten van deze evaluatie zijn positief. Begin 2023 komen voorstellen rondom een structurele inbedding van het programma datagedreven sturing in de HLTsamen organisatie en het dienstverleningspakket.

3.3.6 Privacy en gegevensbescherming Nieuwe technologische ontwikkelingen zorgen voor meer kwetsbaarheden. Het is van belang dat de systemen continu worden gemonitord en aangepast om inbraak te voorkomen. In 2022 zijn de cyberaanvallen landelijk met 53% toegenomen in vergelijking tot 2021. De pogingen van inbraak op onze systemen zijn vrijwel dagelijks aan de orde. Er is helaas een aantal voorbeelden te noemen waar het inbreken op (gemeentelijke) overheidssystemen echt gelukt is en er een hoop schade is ontstaan. Denk hierbij aan gemeente Buren waar honderden identiteitsbewijzen buit werden gemaakt. De extreme toename van de securityrisico’s zorgt er binnen HLTsamen voor dat we binnen HLTsamen blijvend moeten investeren in de groei van dit vakgebied. Om de privacy en veiligheid goed te waarborgen is de volgende uitbreiding gerealiseerd: 1. De Functionaris Gegevensbescherming (FG) functie en de Privacy Officer (PO) functie is gezamenlijk uitgebreid naar 2 fte in 2022. 2.

De Technical Information Security Officer (TISO) is begin 2022 en de Information Security Officer (ISO) eind 2022 geïntroduceerd in de organisatie.

Binnen privacy en informatieveiligheid houden we ons standaard bezig met adviezen aan de organisatie en het uitvoeren en sturen op de ENSIA (Eenduidige Normatiek Single Information Audit). De jaarlijkse informatieveiligheidsaudit. Met deze personele uitbreiding hebben we naast deze werkzaamheden verschillende andere punten kunnen realiseren: • De integratie van privacy en informatieveiligheid Voorheen werkten deze twee vakgebieden apart van elkaar. Privacy en informatieveiligheid zijn echter sterk afhankelijk van elkaar. In 2022 hebben we onze krachten gebundeld. • Verhoging van de bewustwording In 2022 is er een nieuwe e-learning geïntroduceerd. Elke week voor de komende drie jaar krijgen de medewerkers een vraag over privacy en informatieveiligheid. Zo werken we structureel aan de bewustwording van onze organisatie. Bovendien hebben we deze kennis twee keer getest met een phishing actie. • Professionaliseren van de digitale crisisorganisatie 10

•

• •

•

In 2022 hebben we ons Computer Emergency Response Team (CERT) opgezet. Het CERT reageert op digitale crisissituaties. Door het beschrijven van het CERT proces en het in kaart brengen van de verschillende belanghebbenden kunnen we sneller en beter reageren op kwetsbaarheden en hacks zo goed mogelijk voorkomen. Vormen van een ambitie en gegevensbeschermingsplan We hebben een ambitie privacy en informatieveiligheid 2023-2025 gevormd. De uitvoering van deze ambitie is gevat in het gegevensbeschermingsplan. In dit plan hebben we verschillende projecten uitgewerkt en geprioriteerd, zodat we in 2023 aan de slag kunnen. Er zijn twee DPIA's (Data Protection Impact Assessment) uitgevoerd in 2022. In het kader van de uitoefening van Rechten van Betrokkenen onder de AVG (art. 15 AVG) hebben burgers in totaal 8 keer een verzoek tot inzage ingediend. Dit is een verzoek om inzage te verkrijgen in alle persoonsgegevens die door de gemeente worden verwerkt van die aanvrager. Dit een verdubbeling ten opzichte van 2021. Alle verzoeken zijn binnen de verplicht gestelde termijn van een maand behandeld. Het aantal gemelde datalekken is in 2022 gedaald naar 8 ten opzichte van 12 in 2021. Hiervan was een datalek meldingsplichtig aan de Autoriteit Persoonsgevens. Opvallend is dat de meeste datalekken net als vorige jaren een menselijke oorzaak hebben.

De analyse van de datalekken heeft de aanzet gegeven tot diverse verbeteringen.

3.3.7 Arbeidsmarkt HLTsamen ervaart net als andere werkgevers steeds grotere krapte op de arbeidsmarkt. Voor veel functies is de schaarste groot, met name voor functies op het gebied van financiën, ICT, vergunningverlening en ruimtelijke ontwikkeling. In 2022 zijn we actief aan de slag gegaan om onze arbeidsmarktbenadering hierop aan te passen door een recruiter aan te trekken, talentenpools te ontwikkelen, meer en anders gebruik te maken van social media (vooral eigen beeldmateriaal) en wervingscampagnes in gang te zetten. Tevens hebben we meer aandacht geschonken aan het vasthouden en ontwikkelen van talent door ontwikkelgesprekken te voeren en het afnemen van talenten motivatie analyse (TMA) waardoor talenten van medewerkers optimaal ingezet kunnen worden. 3.3.8 Ontwikkeling inhuur Voor 2022 komt het inhuurpercentage op 17,7 % (exclusief inhuur t.b.v. Corona en opvang Oekraïners). Dit percentage is vergelijkbaar met 2021. In 2023 zal HLTsamen een visie op inhuur opstellen om zo in staat te zijn om te komen tot overwogen keuzes voor verhouding vast personeel en flexibele schil. 3.3.9 Indicatoren De beleidsindicatoren zijn verplicht voorgeschreven gegevens die een trend kunnen signaleren. Deze gegevens worden voornamelijk vanuit externe bronnen verkregen. Deze informatie is ook beschikbaar op www.waarstaatjegemeente.nl.

Voor de HLT organisatie zijn de meeste beleidsindicatoren niet van toepassing, uitgezonderd van de indicatoren die onder het taakveld bestuur thuis horen. Indicator

Eenheid

Formatie Bezetting

Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen Kosten per inwoner % van de totale lasten

Externe inhuur** Apparaatskosten Overhead

11

€

Realisatie 2021 5,1 4,9

Realisatie 2022 5,1 4,9

19,80%

18,29%

536,82 52%

€

603,23 55%

Bron * * * * *

Toelichting indicator Formatie Het gaat hier om de begrote formatie in fulltime eenheden van het ambtelijk apparaat van de organisatie op peildatum 1 januari. Uitgangspunt is het vastgestelde formatieplan, dus niet de werkelijke bezetting. Het gaat om formatieplaatsen ongeacht of die worden ingevuld door iemand met een vaste aanstelling, een tijdelijke aanstelling of nog openstaan (vacature). Fte is het equivalent van een 36-urige werkweek. Toelichting indicator Bezetting Het gaat hier om het werkelijke aantal fte dat werkzaam is, dus niet om de toegestane formatieve omvang uit het formatieplan. Terugkijkend op een begrotingsjaar wordt de werkelijke bezetting berekend. Conform de definitie van Vensters voor Bedrijfsvoering is de gemiddelde bezetting in dat begrotingsjaar berekend door het gemiddelde te nemen van de werkelijke bezetting op 1 januari en op 31 december. Toelichting indicator Externe inhuur Onder externe inhuur wordt verstaan: het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van een opdrachtgever die bij de organisatie in dienst is i) door een private organisatie met winstoogmerk ii) die tegen betaling personele capaciteit en deskundigheid inzet, iii) zonder arbeidsovereenkomst of aanstelling tussen organisatie en de ingezette personen.

Toelichting indicator Apparaatskosten Apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur. Toelichting indicator Overhead De overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. 3.3.10 Huisvesting HLTsamen heeft het nieuwe werkconcept Werk waar het werkt (2021) omarmd. Dit werkconcept richt zich op de korte termijn en houdt in dat de standaard werkplek op kantoor niet meer leidend is en er meerdere varianten van een plek om te werken mogelijk zijn. Passend bij de medewerker en de werkzaamheden die per dag kunnen variëren. Waar leiderschap bij hoort dat durft los te laten, vertrouwen heeft en verantwoordelijkheid geeft. Met focus op het 'wat' in plaats van op het 'hoe'. Het hybride werken zal nog verder worden doorontwikkeld. Op het gebied van huisvesting heeft het werkconcept onder andere tot gevolg dat de gemeentelijke gebouwen minder intensief worden gebruikt.

Samen met de besturen van de HLT gemeenten moet worden vastgesteld welke opdracht wordt verstrekt om de visie voor de lange termijn vorm te geven. In 2023 zal worden opgehaald wat de lange termijnvisie is op huisvesting.

3.4 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Het tweede onderdeel van het programmaplan betreft de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien. Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen zijn baten en lasten die niet specifiek aan een programma zijn toe te rekenen. Dit betreft bijvoorbeeld de algemene uitkering en niet-gebonden belastingen. In deze jaarstukken zijn geen algemene dekkingsmiddelen van toepassing.

12

Onvoorzien De regelgeving schrijft voor dat in de begroting een onvoorzien bedrag is opgenomen. De hoogte staat vrij. In de HLT begroting is een bedrag geraamd van € 1.000. In 2022 is geen gebruik gemaakt van de raming.

3.5 Paragrafen 3.5.1 Verplichte paragrafen niet voor HLTsamen Onderstaande verplichte paragrafen zijn niet van toepassing op de HLTsamen-organisatie. HLTsamen: • heeft geen lokale heffingen; • heeft geen kapitaalgoederen omdat deze in eigendom en beheer zijn bij de deelnemende gemeenten; • heeft grond noch grondbeleid; • heeft geen verbonden partijen. • De paragraaf Bedrijfsvoering is in deze jaarrekening ondergebracht in het programma Werkorganisatie HLTsamen.

3.5.2 Paragraaf Financiering Inleiding De financieringsfunctie dient uitsluitend de publieke taak. Het beleid valt binnen de kaders die zijn gesteld in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Centraal in deze wet staan transparantie en risicobeheersing. Om inzicht te geven in de manier waarop HLTsamen dit doet en om een beeld te geven van de stand van zaken gaan we in deze paragraaf in op de ontwikkelingen rond de financiering, het te voeren beleid op dit gebied en de risico’s die we daarbij lopen. Algemeen Het door het bestuur nog vast te stellen concept-financieringsstatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. De huidige gemeentelijke statuten verschillen niet veel qua inhoud. Daarom zullen tot dan deze statuten het uitgangspunt zijn voor de treasuryfunctie. Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat de kasgeldlimiet optimaal benut wordt en zoveel mogelijk kort vermogen wordt aangetrokken. Hierbij wordt benadrukt dat de treasuryfunctie uitsluitend de publieke taak dient en dat een prudent beleid wordt gevoerd binnen de kaders die zijn gesteld in de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). Welke ontwikkelingen spelen er? Renteontwikkelingen De Europese Centrale Bank (ECB) heeft in maart 2016 de herfinancieringsrente verlaagd naar 0,00%. T/m januari 2023 is deze rente in 4 stappen verhoogd naar 2,5%.

Momenteel (februari 2023) bedraagt de geldmarktrente voor aan te trekken driemaands kasgeldleningen 2,48%. De vergoedingen bij het Schatkistbankieren staan op 1,90%. De kapitaalmarktrente voor aan te trekken leningen voor looptijden van 5 en 10 jaar zonder renteherziening bedraagt momenteel resp. 3,18% en 3,08%. De verwachting is dat deze rentetarieven iets zullen stijgen. Overige ontwikkelingen In 2022 zijn geen langlopende leningen afgesloten. Een in 2021 afgesloten kasgeldlening van € 3.000.000 (-0,15%) is in mei 2022 afgelost. Van de gemeente Teylingen is een kasgeldlening ontvangen van € 5.000.000 (looptijd 2 maanden). Liquiditeitsprognoses Wekelijks stellen we liquiditeitsprognoses voor de korte termijn op om tijdig in te spelen op schommelingen in de liquiditeit.

13

Risicobeheer Het risicobeheer is gericht op het beperken van financiële risico’s. In het Financieringsstatuut zullen richtlijnen en limieten worden opgenomen, die de basis vormen voor alle transacties op dit gebied. Ons beleid is voornamelijk gebruik te maken van veilige en inzichtelijke financiële instrumenten. De Wet fido geeft normen voor het beperken van risico’s. De belangrijkste risicocategorie is het renterisico, waarvan de kasgeldlimiet en de renterisiconorm belangrijke richtlijnen zijn ter beperking van renterisico’s. De kasgeldlimiet heeft betrekking op leningen met een rentetypische looptijd tot één jaar. Het totaal van deze leningen mag voor een gemeenschappelijke regeling niet meer bedragen dan 8,2% van de totale lasten op de begroting. De renterisiconorm heeft betrekking op leningen met een rentetypische looptijd vanaf één jaar. De verplichte aflossingen en renteherzieningen op deze leningen mogen niet meer bedragen dan 20% van de totale lasten op de begroting. Het doel van deze normen is om het risico te beperken wanneer bij herfinanciering van de leningen een rentestijging leidt tot financiële problemen. HLTsamen heeft op dit moment geen leningen met een looptijd langer dan één jaar. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het wettelijke maximum aan leningen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar.

De kasgeldlimiet stond toe om in 2022 de financieringsbehoefte tot een bedrag van € 3.421.000 te dekken met kortlopende leningen. Zodra wij deze limiet voor een langere periode (meer dan een half jaar) dreigen te overschrijden, trekken wij een langlopende lening aan of vragen wij (onderbouwd) toestemming aan de provincie om gedurende een bepaalde periode de limiet te mogen overschrijden. Dit was in 2022 niet aan de orde. Gelet op de lage rente voor kort krediet, maken we zoveel mogelijk gebruik van de toegestane norm, tenzij we sterke rentestijgingen verwachten op de kapitaalmarkt. Kasgeldlimiet

(bedragen x € 1.000)

2022

1 Begrotingstotaal lasten

41.727

2 Maximaal toegestane kasgeldlimiet (8,2% van begrotingstotaal lasten)

3.421

3 Gemiddeld saldo vlottende korte schuld en vlottende middelen 4 Ruimte onder kasgeldlimiet

0 3.421

Renterisiconorm Renterisiconorm (bedragen x € 1.000) 1 Renteherziening op langlopende schuld o/g

2022 0

2

Te betalen aflossingen

3 4

Renterisico (1 en 2) Renterisiconorm

0 0 8.345

5a Ruimte onder risiconorm 4a Begrotingstotaal lasten

8.345 41.727

4

8.345

Renterisiconorm 20% van begrotingstotaal

Ook voor de komende jaren zullen we naar verwachting onder de renterisico-norm blijven. Rentemethodiek In het vernieuwde BBV is opgenomen dat de paragraaf financiering van de begroting en jaarrekening naast de beleidsvoornemens en het gerealiseerde beleid ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille ook verplicht inzicht moet geven in: - de rentelasten uit externe financiering - het renteresultaat - de wijze van rentetoerekening.

14

Door onderstaand overzicht en toelichting in de paragraaf financiering op te nemen wordt invulling gegeven aan deze verplichting. Berekening renteomslagpercentage

2022

Restant korte financiering begin dienstjaar Restant lange financiering begin dienstjaar

3.000.000 0

Totaal externe financiering

3.000.000

Gewogen gemiddeld rentepercentage externe financiering tbv rente eigen vermogen

a1. De externe rentelasten over de korte financiering a2. De externe rentelasten over de lange financiering b. De externe rentebaten

0,00%

+ + -/-

0 0 2.785

Totaal door te rekenen externe rente c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend -/-

-2.785 0

c2. De rentelasten van projectfinanciering c3. De rentebaten van doorverstrekte leningen (projectfinanciering)

-/+

Saldo door te rekenen externe rente

0 0 -2.785

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) e.

De aan taakvelden toe te rekenen rente De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

f.

Renteresultaat op het taakveld treasury

+ +

0 0

-/-

-2.785 0 -2.785

Boekwaarde activa tbv renteomslag begin dienstjaar Omslagrenteberekening

3.033.561 -0,09%

Na afronding

0%

Conform de in 2017 gewijzigde BBV wordt de rente op de volgende manier verwerkt. Alle rente loopt via het taakveld 0.5 Treasury. Alle rentelasten en -baten worden in principe direct op dit taakveld geboekt. Voor de inzet van immateriële, materiële en financiële activa wordt de rente voor de financiering van deze activa omgeslagen over de betreffende taakvelden (lasten). Omdat in 2022 de omslagrente 0% is, is dit in 2022 niet gedaan. De afschrijvingen worden direct ten laste gebracht van de diverse taakvelden, waarop de af te schrijven activa betrekking hebben. Overzicht EMU-saldo Sinds 2006 zijn gemeenten en gemeenschappelijke regelingen verplicht een raming van de eigen ‘bijdrage’ aan het EMU-saldo op te nemen. (EMU staat voor Economische en Monetaire Unie). Om de cijfers tussen verschillende landen goed te vergelijken zijn in de Europese Unie afspraken gemaakt over de wijze van berekening van het EMU-saldo. Het EMU-saldo wordt berekend op kasbasis, dus de feitelijke geldstromen die in een jaar plaatsvinden. Een negatief EMU-saldo wil niet zeggen dat de gemeenschappelijke regeling onmiddellijk een probleem heeft, omdat zij werkt met het baten- en lastenstelsel. Het gerealiseerde EMU-saldo van HLTsamen voor 2021 ziet er als volgt uit:

15

EMU saldo prognose (x € 1.000)

/+

1

Exploitatiesaldo voor toevoeging aan (+) cq onttrekking uit reserves (-)

-/+

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

+

1.016

+

195

-

1.742

+

0

2022 0

6a

Bruto dotaties aan de voorzieningen ten laste van de exploitatie Uitgaven aan investeringen in (im) materiële vaste activa De in mindering op 4 gebrachte bijdragen van Rijk, Provincie, EU en ov. Verkoopopbrengsten uit desinvesteringen in (im) materiële vaste activa

+

0

6b

Boekwinst op desinvesteringen in (im) materiële vaste activa

-

0

7

Uitgaven aan aankoop van grond en uitgaven van bouwrijp maken

-

0

8a

Verkoopopbrengsten van grond

+

0

8b

Boekwinst op grondverkopen

-

0

9

Betalingen ten laste van voorzieningen Boekwinst bij verkoop van deelnemingen en aandelen

-

0

-

0

3 4 5

10

Geraamd EMU-saldo

-531

3.5.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Deze paragraaf schept inzicht in de actuele risico’s en het vermogen om deze risico’s op te kunnen vangen. De grondslag van deze paragraaf is vastgelegd in artikel 11 van het BBV. Inleiding en achtergrond HLTsamen omschrijft een risico als een onzekere gebeurtenis die effect heeft op het kunnen behalen van een doelstelling. Een risico onderscheidt zich van een probleem omdat een probleem een zekerheid is. Risico’s kunnen zowel intern als extern zijn. Door te sturen op risico’s in relatie tot doelstellingen is HLTsamen beter in staat om haar doelen te verwezenlijken met de beschikbare middelen. Bij het aangaan van risico’s worden onderstaande vier vragen in acht genomen: • Wat willen wij bereiken? • Wat is daarbij onzeker (voor wie)? • Wat gaan wij doen (voor wie)? • Hoeveel risico is aanvaardbaar*? *Ten aanzien van de hoeveelheid aanvaardbaar risico is het voorlopige uitgangspunt gekozen dat de (netto) kans maal (netto) impact van de risico’s totaal niet groter mogen zijn dan 5% van het materiele budget tenzij hier een door het bestuur goedgekeurde onderbouwing aan ten grondslag ligt. Het uitgangspunt zal formeel worden vastgesteld wanneer er voldoende ervaring is opgedaan met de herziene methodiek van risicoberekening. Het beperken van risico’s is geen doel op zich.

Risico’s zullen altijd bestaan en zijn nooit volledig te vermijden en/of te beheersen. Oftewel bij het invulling geven aan haar maatschappelijke missie zal de HLTsamen organisatie altijd een bepaalde mate van risico lopen. De kern van bovengenoemde

16

vragen is om bewust te zijn over de risico’s en een gedegen afweging te maken tussen effectiviteit en efficiency in het omgaan met die risico’s. Het sturen op risico’s in relatie tot doelstellingen is een ontwikkeling binnen HLTsamen die zich de komende jaren verder zal vertalen. De nadruk ligt op het inventariseren en beheren van de strategische risico’s in de doelstellingen van HLTsamen. Hierbij wordt gekeken naar de netto risico’s. Dit zijn de risico’s na het inrichten van de beheersmaatregelen. In de komende jaren zal een grotere nadruk worden gelegd op risicobewustzijn en governance risico’s. De huidige opzet ten aanzien van risicomanagement is weergegeven in onderstaand figuur.

Omvang Risico en Weerstandscapaciteit De omvang van het risico is berekend door voor de onderdelen beleid, dienstverlening en bedrijfsvoering van HLTsamen inzichtelijk te maken wat de belangrijkste risico’s (zie inleiding en achtergrond) zijn, hoe groot de kans wordt ingeschat dat het risico zich door de jaren heen zal voordoen en hoe groot de impact (in euro) naar inschatting zal zijn wanneer dit plaatsvindt. De kans maal de impact vormt het risicobedrag dat HLTsamen opneemt in haar begroting. Bij het inschatten van kans en impact wordt rekening gehouden met de beheersmaatregelen die zijn getroffen (of worden getroffen) om het risico en/of de impact te verkleinen. Op deze manier wordt het netto risicobedrag berekend. De risico’s zijn geïnventariseerd en geactualiseerd door de managers die sturen op de beheersing van het risico en de daarmee verbonden doelstellingen. Bij het inschatten van kans en impact hebben zij gebruik gemaakt van een standaard tabel voor kans en impact. Op basis van bovengenoemde risico-inventarisatie is gebleken dat de omvang van het netto risico van HLTsamen afgerond € 977.500 bedraagt. Dit bedrag zal naar rato (verdeelsleutel) worden toegevoegd aan de omvang van het risico van Hillegom, Lisse en Teylingen. De incidentele weerstandscapaciteit kan worden ingezet om niet geraamde (onvoorziene) lasten van substantiële aard mee te dekken.

De structurele weerstandscapaciteit geeft de omvang van de maximale ruimte om de belastingen te verhogen om structurele lasten mee te dragen.

17

Omvang risico HLTsamen

Risicobedrag

Per 31 december 2022 € 977.500

% risico i.r.t. omvang jaarrekening

1,9%. Norm begroting < 5%

Omvang incidentele weerstandscapaciteit HLTsamen HLT heeft geen incidentele weerstandscapaciteit, omdat HLT geen algemene reserve en geen stille reserves heeft. Score 1. laag 2. gemiddeld 3. hoog

Risicokans 0% - 25% 25% - 75% 75% - 100%

Onderdeel

Beschrijving risico

Beleid

Effecten omgevingswet op organisatie ontwikkeling. Niet kwantificeerbaar risico. Financieel risico is er niet omdat alle kosten worden vergoed. Er is wel het risico opgetreden dat de organisatie zwaar is belast en daarmee de werkdruk in sommige gevallen tot verzuim leidt. De huidige krappe arbeidsmarkt maakt het moeilijk om vacatures te kunnen invullen. Dit heeft geresulteerd in hoge kosten inhuur, bijstellen /vertragen plannen en vermindering van kwaliteit van producten en diensten. Rechtmatigheid. De context voor gemeenten als het gaat om de systeemwereld van wet- en regelgeving wordt steeds complexer en ingrijpender. De opgave om daar op ingericht te zijn wordt steeds groter. De colleges en het HLTsamen bestuur gaan de rechtmatigheidsverklaring afleggen. Op basis van het huidige ambitieniveau als het gaat om rapporteringsgrenzen en controle toleranties wordt het een flinke opgave om als organisatie voldoende op niveau te komen. We hebben

Bedrijfsvoering

Gemiddelde risicokans 12,50% 50% 87,50% Maximaal risico € 540.000 (6fte) € 450.000 (5fte)

Kans

%

Gemiddeld

50%

Financiee l risico € 270.000

Gemiddeld

50%

€ 225.000

€ 500.000

Hoog

87,5%

€ 437.500

€ 90.000 (1fte)

Gemiddeld

50%

€ 45.000

18

extra moeten in huren om de wettelijke eisen waar te maken. Inkoop. HLTsamen kent momenteel geen/ nauwelijks een inkoopfunctie. Zowel niet centraal als decentraal. Dit heeft geleid tot enkele onrechtmatigheid van aanbestedingstrajecten. Incidenten ICT, Informatieveiligheid en Privacy. Dit kan resulteren in continuïteitsproblemen, boetes en reputatieschade. Door het invoeren van nieuwe functies in de organisatie beperken we het risico. Stevige druk op financiële positie gemeenten resulteert in terughoudendheid en ontwikkelarme begrotingen en voorstellen. Dit beperkt de ontwikkeling van de werkorganisatie. Totaal: €977.500 Toelichting Voor inzicht in de risico’s van HLTsamen is in bovenstaande tabel de stand van zaken verwerkt per voorjaar 2023 en wordt vooruitgekeken naar de komende jaren. Een deel van de risico’s zijn reeds in de Kadernota 2024 vermeld. Kengetallen

Recapitulatie kengetallen

Rekening Begroting Rekening 2021 2022 2022

Netto schuldquote

4,37%

14,9%

5,41%

Netto schuldquote gecorr. voor verstrekte leningen

6,59%

14,9%

5,41%

Solvabiliteitsratio

8,47%

2,45%

7,48%

Structurele exploitatieruimte

0,96%

0,0%

0,79%

Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de organisatie ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hier geldt: hoe lager, hoe beter. Overigens hanteert de VNG een signaalwaarde van 100%, waarboven waakzaamheid is geboden. Een netto schuldquote van hoger dan 130% is een indicatie voor een te hoge schuld.

19

Rekening 2021

Netto schuldquote (bedragen x € 1.000)

Begroting Rekening 2022 2022

Vaste schulden

+

0

0

0

Netto vlottende schuld

+

8.237

8.919

10.636

Overlopende passiva

+

1.737

1.000

250

Fin. activa (uitsluitend art. 36, d,e,f)*

-

0

0

0

Uitzettingen < 1 jaar

-

2.400

500

845

Liquide middelen

-

262

200

93

Overlopende activa

-

5.295

3.000

7.280

Totaal

2.110

6.219

2.668

Totale baten, excl. mutaties reserves

48.341

40.000

49.307

Netto schuldquote (netto schuld/baten)

4,37%

15,5%

5,41%

*

Betreft art. 36 BBV d. uitzettingen in de Rijksschatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer; e. uitzettingen in vorm van Nederlands schuldpapier met rentetypische looptijd van één jaar of langer; f. overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel inals exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. HLTsamen heeft geen leningen verstrekt. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen (bedragen x € 1.000)

Rekening Begroting Rekening 2021 2022 2022

Vaste schulden

+

0

0

0

Netto vlottende schuld

+

8.237

8.919

10.636

Overlopende passiva

+

1.737

1.000

250

Fin. activa (uitsluitend art. 36, b,c,d,e,f)*

-

0

0

0

Uitzettingen < 1 jaar

-

2.400

500

845

82Liquide middelen

-

262

200

93

Overlopende activa

-

5.295

3.000

7.280

Totaal

2.110

6.219

2.668

Totale baten, excl. mutaties reserves

48.341

40.000

49.307

Netto schuldquote (netto schuld/baten)

4,37%

15,5%

5,41%

* Betreft art. 36 BBV b. leningen aan: 1. openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet financiering decentrale overheden; 2. woningbouwcorporaties; 20

3. deelnemingen; 4. overige verbonden partijen; c. overige langlopende leningen; d. uitzettingen in de Rijksschatkist met een rentetypische looptijd van één jaar of langer; e. uitzettingen in vorm van Nederlands schuldpapier met rentetypische looptijd van één jaar of langer; f. overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin het bezit op de balans gefinancierd is door het eigen vermogen en in hoeverre de gemeente aan de financiële verplichtingen kan voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves en het eventuele resultaat uit het overzicht baten en lasten. Rekening Begroting Rekening 2021 2022 2022

Solvabiliteitsratio (bedragen x € 1.000)

923

250

896

Balanstotaal

10.897

10.189

11.977

Solvabiliteit (ev/balanstotaal)

8,47%

2,5%

7,48%

Eigen vermogen

3.6 Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) is 1 mei 2022 ingegaan en heeft de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) per die datum vervangen. De Woo heeft als doel de overheid transparanter en toegankelijker te maken. De wet bestaat uit twee onderdelen: passieve openbaarmaking en actieve openbaarmaking. Passieve openbaarmaking Het onderdeel passieve openbaarmaking regelt het recht om informatie bij bestuursorganen op te vragen. Hiervoor kan een informatieverzoek (Woo-verzoek) worden ingediend. Het proces rondom het Woo-verzoek is in 2022 verbeterd en verder gedigitaliseerd. Per 1 mei 2022 is er een Woocoördinator aangesteld die de Woo-verzoeken voor de gemeenten en HLTsamen afhandelt en zowel in- als extern als contactpersoon fungeert. Actieve openbaarmaking Het onderdeel actieve openbaarmaking verplicht bestuursorganen uit eigen beweging informatie openbaar te maken. Deze informatie is onderverdeeld in 11 voor HLTsamen relevante informatiecategorieën. Vanuit de Rijksoverheid wordt het Platform open overheidsinformatie (PLOOI) ontwikkeld. Dit platform zal gebruikers in staat stellen vanuit een centraal platform te zoeken in alle open overheidsinformatie. De realisatie van dit platform heeft vertraging opgelopen. Aansluiten op PLOOI was in 2022 niet mogelijk.

De Rijksoverheid heeft de verdere ontwikkeling van het platform uiteindelijk in december 2022 stilgelegd. Er zal een nieuw ontwerp worden gemaakt waarna de ontwikkeling weer zal worden hervat. Er is nog niets bekend over wanneer gemeenten hierop kunnen aansluiten. De verplichting tot actieve openbaarmaking is vooralsnog opgeschort tot er meer duidelijkheid kan worden gegeven over PLOOI. Wel geldt er een inspanningsverplichting tot actieve openbaarmaking. Wat er wordt bedoeld met ‘inspanning’ is niet nader uitgewerkt. Hier is in 2022 invulling aan gegeven door de afgehandelde Woo-verzoeken actief op de website openbaar te maken.

21

4. Jaarrekening De jaarrekening bestaat uit de Balans met toelichting en het overzicht van baten en lasten met toelichting.

4.1 Balans ACTIVA

31-12-2022

31-12-2021

VASTE ACTIVA Materiële vaste activa ● Investeringen met een economisch nut Machines, apparaten en installaties Overig Vervoermiddelen

TOTAAL VASTE ACTIVA

2.717 286 756 3.759

1.852 327 855 3.034

3.759

3.034

40 792 13 845

513 1.840 47 2.400

93 93

262 262

VLOTTENDE ACTIVA Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar ● Vorderingen op openbare lichamen ● Rekening-courantverhouding met het Rijk ● Overige vorderingen

Liquide middelen ● Liquide middelen (kas- en banksaldi)

Overlopende activa Overige Nederlandse overheidslichamen (OA) ● Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA TOTAAL ACTIVA

PASSIVA

-

4.261

7.280 7.280

940 5.201

8.218

7.864

11.977

10.897

31-12-2022

31-12-2021

VASTE PASSIVA Eigen vermogen ● Bestemmingsreserves ● Nog te bestemmen resultaat

Voorzieningen ● Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

TOTAAL VASTE PASSIVA

896 896

923 923

195 195

-

1.091

923

5.000 5.636 10.636

3.000 5.237 8.237

222 -

1.170 566

28 250

1.737

10.886

9.974

11.977

10.897

VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden ● Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen ● Overige kasgeldleningen ● Banksaldi ● Overige vlottende schulden

Overlopende passiva ● Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Overige Nederlandse overheidslichamen (OP) ● Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van het volgende begrotingsjaar komen.

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA TOTAAL PASSIVA

22

4.2 Waarderingsgrondslagen Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke.

Personele kosten worden niet geactiveerd. Dus voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. Vaste activa Waardering en afschrijving vaste activa 1. Geactiveerde kosten voor onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief worden lineair in maximaal 5 jaar afgeschreven. 2. Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht. 3. De materiële vaste activa worden gewaardeerd op de verkrijgingsprijs. 4. Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000,- worden in beginsel niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen. Gronden en terreinen worden altijd geactiveerd. 5. Bij de waardering van de vaste activa worden bijdragen van derden die in directe relatie staan met het actief in mindering gebracht op de verkrijgingsprijs. 6. Investeringen worden lineair afgeschreven. 7. Afschrijven van een investering beginnen in het jaar volgend op het jaar waarin het actief wordt opgeleverd. 8. Aan een investering wordt rente toegerekend over de boekwaarde op de eerste dag van het jaar. De rente wordt berekend met het omslagpercentage. Voor 2022 is dit 0%. 9. Bij het bepalen van de afschrijvingen wordt de componentenbenadering gehanteerd.

De componentenbenadering houdt in dat verschillende samenstellende delen van een materieel vast actief afzonderlijk worden afgeschreven op basis van het individuele waardeverloop van die delen. Per samenstellend deel kunnen de economische gebruiksduren namelijk verschillen. 10. Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut • Machines, apparaten en installaties Hardware: 5 jaar Software en randapparatuur: 3 - 5 jaar Tractie: 7 jaar Overige: 5 jaar • Overige materiële vaste activa Inventarissen in gebouwen: 6 - 15 jaar Aanpassing gebouw inpandig: 15 jaar Het bestuur kan in bijzondere gevallen beargumenteerd afwijken van de bovenstaande afschrijvingstermijnen. Overige niet genoemde investeringen worden zo veel mogelijk volgens bovenstaande richtlijnen geactiveerd.

23

Financiële vaste activa Eventuele leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten De liquide middelen en overlopende posten worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Onderscheid tussen reserves en voorzieningen In het Besluit Begroting en Verantwoording is een onderscheid gemaakt tussen reserves en voorzieningen. De reserves worden weer onderscheiden in algemene reserve en bestemmingsreserves. Algemene reserve : alle reserves, niet zijnde een bestemmingsreserve. Per 31 december 2022 is er geen algemene reserve gevormd. Bestemmingsreserve : een reserve waaraan het bestuur een bepaalde bestemming heeft gegeven. Per 31 december 2022 is één bestemmingsreserve gevormd (Reserve Budgetoverhevelingen). Voorziening : het bestuur besluit op 3 april 2023 tot het instellen van de voorziening Verlofsparen per 31 december 2022. Pensioenen en andere lange termijn-personeelsbeloningen Het pensioenfonds waarbij HLTsamen is aangesloten geeft aan dat zij geen waardering conform Richtlijn voor de Jaarrekening 2022 kan maken, aangezien zij geen betrouwbare en consistente splitsing kan maken van de fondsbeleggingen en pensioenverplichtingen tegenover deelnemers, ex-deelnemers en slapers van de diverse bij het fonds aangesloten werkgevers.

HLTsamen heeft bij eventuele tekorten in het pensioenfonds geen verplichting tot aanvullende bijdragen anders dan toekomstige premieverhogingen. Gebruik van schattingen Bij het opstellen van de jaarrekening dient het bestuur, in overeenstemming met de algemeen aanvaarde grondslagen, bepaalde schattingen en veronderstellingen te doen die mede bepalend zijn voor de opgenomen bedragen. De feitelijke resultaten kunnen afwijken van deze schattingen. Rentetoerekening aan reserves Aan reserves wordt geen rente toegerekend. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met betaalde aflossingen. Vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Per 31 december zijn geen langlopende leningen opgenomen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

24

4.3 Toelichting op de balans Vaste activa De vaste activa worden onderscheiden in: A. Immateriële vaste activa: per 31 december 2022 heeft HLTsamen geen immateriële activa. B. Materiële vaste activa met een economisch nut: gronden en terreinen, gebouwen, weg- en waterbouwkundige werken, vervoermiddelen, machines en overige investeringen. Per 31 december 2022 beschikt HLTsamen uitsluitend over vervoermiddelen, machines en overige investeringen. Het totaalbedrag in de eindbalans bedraagt € 3.759.477. C. Financiële vaste activa: dit zijn aandelen, deelnemingen en langlopende leningen(U/G). Per 31 december 2022 heeft HLTsamen geen financiële vaste activa. Omschrijving

Boekwaarde 1-1-2022

Investering

Desinvestering

Afschrijvingen

Aflossingen

Bijdragen derden

Boekwaarde 31-12-2022

Immateriele vaste activa 0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 854.595 1.851.829 327.137 3.033.561

0 0 88.067 1.575.336 78.822 1.742.225

0 0 0 0 0 0

0 0 186.569 709.679 120.060 1.016.308

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 756.093 2.717.485 285.899 3.759.477

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

3.033.561

1.742.225

0

1.016.308

0

0

3.759.477

kosten geldleningen Kosten onderzoek en ontwikkeling Totaal immateriële vaste activa

Materiele vaste activa Investeringen met een economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige investeringen

Financiele vaste activa Overige langlopende leningen u/g Ov. uitzettingen Totaal financiele vaste activa Totaal vaste activa

In 2022 is voor een totaalbedrag van ruim € 1.742.225 geïnvesteerd. De voornaamste investeringen staan hieronder vermeld. Materiële vaste activa De investeringen in vervoermiddelen betreffen: Nissan E-NV200 pick up VLV-25-G

21.153

Vervanging auto VW Transporter Boa's Hillegom ext.

31.104

Fiat E-Ducato 3,5t. VNK-54-L

310

Nissan E-NV200 pick up ter vervanging 1-VFX-99

35.500 88.067

De investeringen in machines, apparaten en installaties betreffen: Beveiliging locatie Lisse 321 Laptops

2.743

Front-End Devices

248.463

Centrale Infrastructuur

1.277.894

Vervanging UPS ICT-ruimte Lisse

9.636

Raboud Vision Clean borstelmachine

36.279 1.575.336

De overige investeringen met economisch nut betreffen: Dienstverlening werken in Serviceformules

15.000

Vervangen bureaustoelen

52.489

Vervangen overig meubilair

11.334 78.822

25

Vlottende activa Uitzettingen met rente typische looptijd korter dan 1 jaar Het debiteurensaldo betreffende openbare lichamen bedraagt per 31 december 2022 € 39.869. In dit saldo zijn niet de nog te factureren aanvullende gemeentelijke bijdragen opgenomen. Deze komen tot uiting in de overlopende activa. Het debiteurensaldo betreffende de overige vorderingen per 31 december 2022 bedraagt in totaal € 12.997. Ten tijde van de opstelling van deze jaarrekening stond hiervan nog € 432 open. Schatkistbankieren In december 2013 is de regelgeving omtrent het schatkistbankieren ingegaan. In deze jaarrekening wordt verslag gedaan over de uitvoering van het schatkistbankieren conform art 52c van het BBV. Het bedrag dat gemiddeld over een kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden (drempelbedrag) bedraagt voor 2022 € 1.000.000. In onderstaande tabel is aangegeven welke bedragen gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist zijn gehouden. Drempelbedrag schatkistbankieren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1555/documents/19686