1. Toelichting bp Molenstraat 22-24.pdf
Tekst van het document
Het Bevb regelt onder andere welke veiligheidsafstanden moeten worden aangehouden rond buisleidingen met gevaarlijke stoffen. De normstelling is in lijn met het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi).
afb.24 Uitsnede digitale risicokaart NL (Risicokaart.nl)
De gevaren van risicovolle objecten strekken zich uit over een gebied dat vaak tot over de gemeentegrens heen reikt. In de in regionaal verband opgestelde Bestuurlijk kader Externe Veiligheid Holland Rijnland zijn afspraken gemaakt over gebiedsgerichte normstelling waarbij woongebieden veiliger moeten zijn dan bedrijfsterreinen.
4.10.1 Transport van gevaarlijke stoffen over het spoor, een vaarweg of een weg De ontwikkel locatie ligt niet binnen het invloedsgebied van een spoortraject, een vaarweg of en weg waarover het vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De gemeente Hillegom beschikt niet over een route bestemd voor transport van gevaarlijke stoffen. Het verlenen van toestemming voor het laden en lossen van gevaarlijke stoffen in gemeente Hillegom verloopt via een aanvraagformulier welke bij Omgevingsdienst West-Holland ingediend wordt. De planlocatie ligt aan de provinciale weg N208. Deze weg is door de provincie vrijgegeven voor het transport van gevaarlijke stoffen en is daarmee een potentiële risicobron.De N208 is niet op de
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
46
risicokaart opgenomen aangezien het aantal transporten van gevaarlijke stoffen beperkt is. Wel kan er over de N208 vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvinden. Het vervoer van gevaarlijke stoffen over de N208 bestaat voornamelijk uit lokaal bestemmingsverkeer. Doorgaand vervoer van gevaarlijke stoffen vindt niet over de N208 plaats. Om toch een schatting te maken van de hoogte van de risico's is gebruik gemaakt van de vuistregels van de (concept) Handleiding Risicoanalyse transport (HART). Toetsing aan vuistregels plaatsgebonden risico In par. 1.2.4 van de bijlage bij de handleiding zijn vuistregels gegeven voor een weg binnen de bebouwde kom. In par. 1.2.4.1 zijn vuistregels voor het plaatsgebonden risicocontour 10-6 gegeven. Volgens vuistregel 2 is er voor een weg binnen de bebouwde kom geen plaatsgebonden risicocontour 10-6. Toetsing aan vuistregels groepsrisico In par. 1.2.4.2 zijn vuistregels voor het groepsrisico gegeven. Voor toepassing van de vuistregels zijn de aard van de transporten, de personendichtheid, de afstand van bebouwing tot de as van de weg en de vraag of sprake is van 1- of 2-zijdige bebouwing van belang. Aan de hand van de vuistregels kan worden vastgesteld of een GR berekening nodig is. Volgens vuistregel 1 is een schatting met behulp van de handleiding alleen mogelijk indien er geen LT3, GT4 of GT5 transporten plaatsvinden.
Hierbij staat LT voor toxische vloeistof en GT voor toxisch gas. Om te bepalen of dergelijke transporten plaatsvinden is bepaald in welke categorie TDI valt. TDl is de toxische stof die naar Draka wordt getransporteerd. Uit de indelingscriteria voor stofcategorieën blijkt dat TDl in de stofcategorie LT2 valt. Een risicoberekening met het rekenprogramma RBMII is daarom niet nodig. De HART kan nu gebruikt worden met als vervolgstap vuistregel 2. Voor toepassing van vuistregel 2 is alleen het aantal GF3 transporten per jaar van belang. Het gaat hierbij om LPG. Uitgegaan is van 52 GF3 transporten, een twee-zijdige bebouwing met een dichtheid van 100 personen/ha en een afstand van de woningen tot de wegas van 10 meter. Uit tabel 8 van Hart is af te lezen dat bij maximaal 250 GF3-transporten per jaar (bijv. LPG) het groepsrisico lager ligt dan 10 % van de oriëntatiewaarde. Een GR berekening is dan niet nodig (zie noot 2 bij de vuistregels). Bij een aantal GF3 transporten van 52 per jaar is de conclusie dat het groepsrisico lager ligt dan 0,1 * de oriëntatiewaarde voor het groepsrisico. Dit betekent dat volstaan kan worden met een beperkte groepsriscicoverantwoording. Verantwoording groepsrisico: hulpverlening en zelfredzaamheid De woningen worden ontsloten vanaf de Van den Endelaan, de Molenstraat of de Pelhad passage.
Via deze wegen is hetplangebied goed bereikbaar voor hulpdiensten en kan van de bron af worden gevlucht. De gebouwen zullen worden gebruikt voor reguliere bewoning. Het bouwplan beoogt de realisatie van 13 appartementen. De aanwezige personen zullenover het algemeen zelfredzaam zijn. Aanwezige kinderen, ouderen en gehandicaptenworden wel beschouwd als verminderd zelfredzame personen. Hierbij wordt ervan uitgegaandat de ouders/verzorgers de verminderd zelfredzame personen kunnen begeleiden. 4.10.2 Transport gevaarlijke stoffen door buisleidingen De ontwikkel locatie ligt niet binnen het invloedsgebied van buisleidingen. 4.10.3 Risicodragende activiteiten bij bedrijven Binnen de ontwikkel locatie bevinden zich geen bedrijven, waarop het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) van toepassing is. Net buiten de ontwikkellocatie, aan de Van den Endelaan, bevindt zich het bedrijf ‘Draka Interfoam B.V.’, waarop het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) van toepassing is. De ontwikkellocatie ligt niet binnen het invloedsgebied van DrakaInterfoam, hierdoor is een verantwoording van het groepsrisico vanwege de voorgenomen ontwikkeling niet nodig.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
47
Indien zich een calamiteit voordoet op het terrein van Draka is het voorstelbaar dat zich een toxische wolk voordoet. Gezien de afstand tot het plangebied wordt door de Veiligheidsregio Hollands Midden geadviseerd om de appartementen te voorzien van de mogelijkheid om de ventilatie met één druk op de knop af te kunnen schakelen, zodat aanwezigen tijdelijk in het bouwwerk kunnen schuilen. In het toekomstige Bbl is dit ook opgenomen. Betekenis voor dit project Een nader onderzoek naar externe veiligheid is niet noodzakelijk. Externe veiligheid vormt geen belemmering voor de afwijking van het bestemmingsplan. In de planregels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor het realiseren van een afsluitbare mechanische ventilatie in de woningen.
4.11
Beperkingengebied luchthaven Schiphol
Het rijksbeleid voor Schiphol is geformuleerd in de Wet tot wijziging van de wet Luchtvaart die op 20 februari 2003 in werking is getreden. De ruimtelijke consequenties hiervan staan in het Luchthavenindelingbesluit (LIB). In dit besluit is een beperkingengebied opgenomen waarbinnen beperkingen worden gesteld ten aanzien van het gebruik en de bestemming van de grond voor zover deze noodzakelijk zijn met het oog op veiligheid en geluidsbelasting. Tevens zijn er hoogtebeperkingen en regels met beperkingen ten aanzien van grondgebruik of bestemmingen met een vogelaantrekkende werking. Het LIB is op 15 oktober 2016 opnieuw vastgesteld. De planlocatie valt binnen het beperkingengebied van Schiphol voor bebouwing (LIB bijlage 2). Er zijn beperkingen voor wat betreft de hoogte van de bebouwing (LIB bijlage 3). De maximale bouwhoogte op de planlocatie is op basis van het LIB 146m. Op de locatie heeft bebouwing gestaan die enkelel jaren geleden door brand verwoest is en vervolgens gesloopt. Deze bebouwing had een hoogte van max. 9,50 m. Daarnaast wordt nieuwe bebouwing gerealiseerd.
afb.25 Uitsnede uit hoogtebeperkingenkaart Schiphol (LIB, bijlage 3)
Betekenis voor dit project: De planlocatie valt binnen de LIB-zone beperkingen bebouwing. Er wordt nieuwe bebouwing gerealiseerd, die ver beneden de hoogtebeperking van 146 m hoogte blijft. Geconcludeerd wordt dat de ligging bij Schiphol geen belemmering oplevert voor de beoogde ontwikkeling.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
48
4.12
Kabels en Leidingen
In een bestemmingsplan dienen ondergrondse kabels en planologisch relevante leidingen te worden weergegeven die beperkingen kunnen opleggen aan het gebruik in de omgeving. Betekenis voor dit project: In en rondom de planlocatie zijn bestaande kabels en leidingen in kaart gebracht. Het huidige plan wordt aangesloten op de bestaande kabels en leidingen. Er zijn geen belemmeringen voor de planontwikkeling.
4.13
Gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden
Voor een goede ruimtelijke ontwikkeling is het noodzakelijk om rekening te houden met afstanden, privacy en bezonning van de omliggende kavels. De voorgestelde ontwikkeling houdt in stedenbouwkundig opzicht rekening met de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden: Privacy en inkijk • De plattegronden van de woningen en de buitenruimtes zijn zodanig georganiseerd dat de privacy van omliggende panden wordt gewaarborgd. • In de zijgevels van de woningen zijn geen ramen aanwezig, waardoor er geen direct zicht op de tuinen en woningen van de belendingen is. Ook door omheining van de buitenruimten wordt dit voorkomen. Bezonning De planlocatie achter Molenstraat 22 wordt omsloten door de (dichte) zijgevels van bedrijfsgebouwen, en door de parkeergarage van AH. Er vindt geen onevenredige aantasting van bezonning van de omliggende buitenruimtes van woningen plaats. Voor het woongebouw op de hoek van de Van den Endelaan en de Molenstraat is een schaduwstudie gemaakt. In de schaduwstudie (zie bijlage 12) is de tot voor kort bestaande situatie vergeleken met de nieuwe situatie. Uit de schaduwstudie blijkt dat er uitsluitend een afname is in bezonning op het perceel Van den Endelaan 64-68 Hillegom, te weten de noordwestelijk gerichte gevel van de opbouw op de 2e verdieping.
Uit het gerichte onderzoek volgens de lichte TNO-normering volgen de volgende gegevens: • in de bestaande situatie is er, gemeten op het hart van de vensterbank van de raamopeningen in de genoemde noordwestgevel, zo’n 2 uur zonlicht op de maatgevende dag. De zon schijnt vanaf ongeveer 16:30 tot zonsondergang om 18:29 op het hart van de vensterbank. • in de nieuwe situatie schijnt er geen zonlicht op het hart van de vensterbank van de raamopeningen in de genoemde noordwestgevel. • in de nieuwe situatie schijnt er zonlicht over de periode 8:24 tot 16:24 uur op het dakvlak boven de verblijfsruimte grenzend aan de genoemde noordwestgevel. Het realiseren van een dakraam zorgt voor toetreding van zonlicht in de betreffende verblijf. Met de eigenaren van het pand Van den Endelaan 64-68 zijn afspraken gemaakt over bouwkundige maatregelen die extra lichttoetreding in dat pand mogelijk maken (zie paragraaf 6.1).
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
49
afb. 26 Opname uit bezonningsstudie. Links: bestaande situatie voor de brand, rechts: beoogde situatie (bron: architectenbureau Ruben Wennekers)
Betekenis voor dit project: Met uitzondering van de bezonning worden de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden worden niet geschaad. Uit de schaduwstudie blijkt dat er uitsluitend een afname is in bezonning op het perceel Van den Endelaan 64-68 Hillegom, waarbij de bezonning van de tweede etage van de noordwestelijke gevel niet voldoet aan de lichte TNO-normen. Met de eigenaren van dit pand zijn afspraken gemaakt over het realiseren van een dakraam dat zorgt voor toetreding van zonlicht in de betreffende verblijf.
4.14
M.e.r.-beoordeling
In bijlage C en D van het Besluit m.e.r. (1 april 2011) is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan planmer-plichtig, projectmer-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Er is voor het plan geen m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. Dit wordt als volgt onderbouwd: • De voorgenomen ontwikkeling van 13 woningen is niet opgenomen in bijlage C of D van het Besluit m.e.r.. De planlocatie is op dit moment ingericht ten behoeve van een bedrijfspand en woningen. De planlocatie en de omgeving van de planlocatie hebben de bestemming Centrum. De ontwikkeling is passend binnen de centrumomgeving en de impact van de beoogde ontwikkeling is beperkt. Gezien de beperkte aard en omvang van de ontwikkeling en de ligging van de planlocatie in het centrumgebied is bij het voorgenomen plan geen sprake van stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in categorie D-11.2 Besluit m.e.r.. • Uit de resultaten van de Natuurtoets (zie paragraaf 4.5) blijkt dat een passende beoordeling in het kader van de natuurbeschermingswet niet noodzakelijk is. Er is daarom geen sprake van een m.e.r.-plicht of een m.e.r.-beoordelingsplicht. Het nemen van een m.e.r.-beoordelingsbesluit is voor beoogde ontwikkeling niet nodig.
Gelet op de kenmerken van het plan, de plaats van het plan en de kenmerken van de potentiële effecten treden er geen belangrijke negatieve milieugevolgen op. Dit blijkt ook uit de onderzoeken van de verschillende milieuaspecten zoals deze in dit hoofdstuk zijn opgenomen.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
50
Betekenis voor dit project Er is geen sprake van een stedelijk ontwikkelingsproject, zoals bedoeld in categorie D 11.2 van het bijlage bij het Besluit m.e.r.: er is geen m.e.r.(-beoordeling) en m.e.r.-beoordelingsbesluit noodzakelijk. Op basis van de resultaten van het milieuonderzoek kan de conclusie getrokken worden dat belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
51
4.15
Conclusie toets van de milieu- en omgevingsaspecten
Gelet op de onderzoeksresultaten kent de beoogde planontwikkeling de volgende aandachtspunten: • uit de watertoets blijkt dat het plan geen nadelige effecten op de waterhuishouding heeft; • uit het bodemonderzoek blijkt dat in de bodem geen interventiewaarden worden overschreden; • uit de toets aan de Wet natuurbescherming blijkt dat aanvullend onderzoek niet noodzakelijk is; • in alle gevallen wordt rekening gehouden met de zorgplicht voor soorten uit de Wet natuurbescherming. Hiervoor zijn de volgende maatregelen nodig: o aangetroffen dieren krijgen de gelegenheid om te vluchten of zich te verplaatsen naar een schuilplaats buiten het bereik van de werkzaamheden; o potentiële schuilplekken worden gecontroleerd op aanwezigheid van schuilende dieren; o schuilplekken worden zoveel mogelijk intact gelaten; o broedende vogels mogen niet worden verstoord en in gebruik zijnde nesten mogen niet worden vernietigd. Activiteiten welke verstorend zijn voor broedende vogels, zoals rooi- en sloopwerkzaamheden, dienen buiten de broedperiode te worden gestart. Het broedseizoen verschilt per soort. Globaal moet rekening gehouden worden met de periode tussen half februari en eind augustus. Voordat gestart wordt met verstorende activiteiten, moet worden gecontroleerd of er geen broedende vogels in en direct rond het plangebied aanwezig zijn.
• gebiedsbescherming in het kader Natura 2000, weidevogelleefgebied en NNN is niet aan de orde. Het stikstofdepositieonderzoek ondersteunt dit, beoogde ontwikkeling veroorzaakt geen stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden; • in de voorliggende situatie is het niet mogelijk om te voorzien in de parkeereis op eigen terrein. Op kosten van initiatiefnemer is een parkeertelling gedaan. Hieruit blijkt dat de behoefte aan parkeerplaatsen in de openbare ruimte kan worden opgevangen; • uit het akoestisch onderzoek van Peutz blijkt dat de geluidbelasting van 57 dB vanwege de Van de Endelaan ter hoogte van de appartementen aan Molenstraat 24 niet voldoet aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Ter hoogte van zowel de getransformeerde als de nieuwe appartementen aan Molenstraat 22 wordt met respectievelijk 48 en 42 dB wel voldaan; • op basis van het akoestisch onderzoek van Peutz dient het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hillegom een besluit hogere waarden Wet geluidshinder (ten behoeve van de Omgevingsvergunning Hoek Van den Endelaan Molenstraat te Hillegom) te nemen vanwege het wegverkeer op de provinciale weg N208 (Van den Endelaan). De hoogste geluidbelasting bedraagt voor de 10 woningen aan de Molenstraat 24 maximaal 57 dB incl. Art 110g Wgh, waarmee de maximale ontheffingswaarde van 63 dB niet wordt overschreden.
• bij het indienen van de Omgevingsvergunning dient op basis van de berekende geluidbelasting, de geluidwering van de gevel te worden bepaald en getoetst aan de gestelde geluidwering eisen van het Bouwbesluit 2012; • de ontwikkeling zal de nabijgelegen supermarkt met parkeergarage niet belemmeren in haar activiteiten, noch zal de parkeergarage de beoogde ontwikkeling belemmeren. Er is geen sprake van een stedelijk ontwikkelingsproject, zoals bedoeld in categorie D 11.2 van het bijlage bij het Besluit m.e.r.: er is geen m.e.r.(-beoordeling) noodzakelijk. Op basis van de resultaten van het milieuonderzoek kan de conclusie getrokken worden dat belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten. Op basis van het akoestisch onderzoek van Peutz dient het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hillegom een besluit hogere waarden Wet geluidshinder (ten behoeve van de Omgevingsvergunning Hoek Van den Endelaan Molenstraat te Hillegom) te nemen vanwege het wegverkeer op de provinciale weg N208 (Van den Endelaan). De hoogste geluidbelasting bedraagt voor de 10 woningen aan de Molenstraat 24 maximaal 57 dB incl. Art 110g Wgh, waarmee de maximale ontheffingswaarde van 63 dB niet wordt overschreden.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
52
5.
JURIDISCHE PLANOPZET
5.1
Algemeen
Voorliggend bestemmingsplan is gericht op functiewijziging van een gemengde centrumbestemming naar een woonbestemming en hieruit voortvloeiend de sloop van alle bestaande opstallen op het erf en de herbouw van nieuwe woongebouwen. De Wet ruimtelijke ordening geeft het bestemmingsplan als instrument aan de gemeente voor het mogelijk maken van deze ontwikkeling. In het bestemmingsplan moet aan ieder stuk grond een bepaalde bestemming (en omschrijving van het toegestane gebruik) worden gegeven. Uitgangspunt voor dit bestemmingsplan is het op een zodanige manier inpassen van de nieuwe ontwikkelingen dat recht wordt gedaan aan de aanwezige kwaliteiten van de nabijgelegen gebieden. Het bestemmingsplan zoekt zoveel mogelijk aansluiting bij de voorschriften van het bestemmingsplan Centrum en recente bestemmingsplannen in de gemeente Hillegom.
5.2
Juridische vormgeving
5.2.1 Wettelijke vereisten De Wro bepaalt dat ruimtelijke plannen digitaal en analoog beschikbaar moeten zijn. Dit brengt met zich mee dat bestemmingsplannen digitaal uitwisselbaar en op vergelijkbare wijze gepresenteerd moeten worden. Met het oog hierop stellen de Wro en de onderliggende regelgeving eisen waaraan digitale en analoge plannen moeten voldoen. Zo bevat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) bindende afspraken waarmee bij het maken van bestemmingsplannen rekening moet worden gehouden. De SVBP kent (onder meer) hoofdgroepen van bestemmingen, een lijst met functie- en bouwaanduidingen, gebiedsaanduidingen en een verplichte opbouw van de planregels en het renvooi.
5.2.2 Opzet planregels Overeenkomstig de SVBP 2012 kennen de planregels van het bestemmingsplan de volgende hoofdstuk indeling: Hoofdstuk 1: Inleidende regels Dit hoofdstuk begint met de begripsbepalingen, waarin - om misverstanden bij de toepassing van het bestemmingsplan te voorkomen - een aantal in het bestemmingsplan gehanteerde begrippen wordt toegelicht. In het daarop volgende artikel, de wijze van meten, wordt aangegeven op welke wijze de in het bestemmingsplan opgenomen maatvoering moet worden berekend. Ook dit artikel dient om interpretatieproblemen te vermijden. Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels In dit hoofdstuk zijn de voorschriften opgenomen die behoren bij de verschillende op de plankaart opgenomen bestemmingen die aan de gronden zijn toegekend. Ieder artikel begint met een bestemmingsomschrijving, waarin duidelijk de bestemmingen zijn weergegeven, waarvoor de gronden met de betreffende bestemming gebruikt mogen worden. Vervolgens wordt door middel van de bouwregels aangegeven wat en in welke mate op de gronden met deze bestemming mag worden bebouwd. In de ontheffing van de bouwregels staat onder welke voorwaarde van welk bouwvoorschrift mag worden afgeweken. De gebruiksregels geven aan wat verboden gebruik is en tenslotte wordt in de strafbepaling beschreven wat strafbaar is in dit kader. Onder voorwaarden mag soms ook van de gebruiksregels worden afgeweken.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
53
Hoofdstuk 3: Algemene regels In dit hoofdstuk zijn de anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels, algemene afwijkingsregels en algemene gebruiksregels opgenomen. Dit zijn regels die in hun algemeenheid voor het gehele bestemmingsplan gelden en min of meer losstaan van de bestemmingsbepalingen. In deAlgemene afwijkingsregels zijn mogelijkheden opgenomen om af te wijken van de verschillende maatvoeringen in het plan. Deze afwijkingen zijn uitdrukkelijk bedoeld om op onvoorziene ontwikkelingen te kunnen inspelen. Het bestemmingsplan wordt afgesloten met de Overgangs- en slotregels, hoofdstuk 4.
5.2.3 Verbeelding Met de digitalisering van ruimtelijke plannen is het lezen en interpreteren van de verbeelding (voorheen plankaart) veranderd. Via de website www.ruimtelijkeplannen.nl kunnen bestemmingsplannen (ook in voorbereiding zijnde plannen voor zover deze ter inzage zijn gelegd) worden ingezien. Alhoewel de digitale verbeelding het uitgangspunt vormt, blijft het mogelijk het bestemmingsplan analoog in te zien. Op de verbeelding zijn alle functies zodanig bestemd, dat het mogelijk is om met behulp van het renvooi direct te zien welke bestemmingen aan de gronden binnen het plangebied zijn gegeven en welke regels daarbij horen. Uitgangspunt daarbij is dat de verbeelding zoveel mogelijk informatie geeft over de in acht te nemen maten en volumes. Bestemmingsvlak en bouwvlak De in het plan voorkomende bestemming bestaat uit twee vlakken: een bestemmingsvlak én een bouwvlak. Het bestemmingsvlak geeft aan waar een bepaald gebruik is toegestaan. Het bouwvlak is een gebied dat op de verbeelding is aangeduid waarvoor de mogelijkheden om gebouwen te bouwen in de regels zijn aangegeven. Het bestemmingsvlak is op de verbeelding voorzien van aanduidingen.
5.3
Verantwoording keuze van de bestemmingen
Het plan kent een enkelbestemming en een dubbelbestemming: Wonen De bestemming 'Wonen' is bedoeld voor de realisatie van de nieuwe woningen. De hoofdgebouwen, oftewel de woningen zelf, mogen alleen worden gebouwd binnen een bouwvlak. Ook de erfbebouwing mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden opgericht (aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen). Er geldt een standaardregeling voor beroep en bedrijf aan huis. Waarde – Archeologie 2 Gemeente Hillegom heeft regels opgesteld voor de verwachtingsgebieden archeologie. Het bestemmingsplan kent een dubbelbestemming voor archeologische waarden. Een dubbelbestemming dient ter bescherming van een specifiek ruimtelijk belang. In dit geval de bescherming van archeologische waarden. De dubbelbestemming valt over de 'onderliggende' inhoudelijke bestemmingen heen en houdt beperkingen in voor de bouw- en/of gebruiksmogelijkheden van die bestemmingen. Voor de dubbelbestemming Waarde - Archeologie 2 geldt een uitzondering van archeologisch veldwerk bij bodemingrepen kleiner dan 500 m² of minder dan 1,0 m onder maaiveld.
5.4
Handhaving
De Wet ruimtelijke ordening bevat een algemeen verbod om de gronden en bebouwing in strijd met het bestemmingsplan te gebruiken. Een belangrijk juridisch aspect in de uitvoering van het plan is de handhaving en het toezicht op de naleving van het bestemmingsplan. Deze handhaving is van cruciaal belang om de in het plan opgenomen ruimtelijke kwaliteiten ook op langere termijn daadwerkelijk te kunnen ‘vasthouden’. Daarnaast is de handhaving van belang uit een oogpunt van rechtszekerheid: de grondeigenaren en gebruikers dienen door de gemeente op een zelfde wijze daadwerkelijk aan het plan te worden gehouden. In het bestemmingsplan is in dit verband gestreefd naar een zo groot mogelijke eenvoud van, in het bijzonder, de planregels van het plan.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
54
6.
MAATSCHAPPELIJKE EN ECONOMISCHE HAALBAARHEID
De gemeente Hillegom geeft de omgevingsvergunning pas af als de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid goed geregeld is. Omdat in dit geval de risico’s bij de opdrachtgever liggen, verwachten wij op dit gebied geen belemmeringen.
6.1
Maatschappelijke haalbaarheid
Draagvlak De gemeente Hillegom wil ontwikkelingen in het centrumgebied van de kern weer vlottrekken. Het gaat om verschillende ontwikkelingen in dit gebied waarvan het vastgoed in eigendom is van marktpartijen. Samen met deze marktpartijen gaat zij in gesprek met de inwoners en ondernemers van het centrum. Deze participatie met de omwonenden pakt zij op korte termijn op. Beoogde ontwikkeling is vooruitlopend hierop een initiatief van een marktpartij, waarbij herontwikkeling van een bestaand, leegstaand pand plaatsvindt. Maatschappelijk gezien worden geen negatieve effecten van het project verwacht. De afronding van het centrumgebied van Hillegom laat reeds lang op zich wachten. Het project is ook al jaren in de beleidsstukken opgenomen. Ter plaatse is sprake van leegstand. Herontwikkeling komt de leefbaarheid van de buurt ten goede. De ontwikkeling is zodanig kleinschalig dat dit geen overlast voor de omgeving veroorzaakt. Participatie Voor de ontwikkeling van de 13 woningen op de hoek van de Van den Endelaan Molenstraat is een participatieplan opgesteld en heeft een participatiebijeenkomst plaatsgevonden (zie bijlage 13). Uit de bijeenkomst blijkt dat omwonenden in het algemeen positief zijn over beoogde ontwikkeling.
Het plan is qua opdeling in verschillende panden/gevels passend in de omgeving, en de architectuur sluit aan op bestaande bebouwing langs de Van den Endelaan en de Molenstraat. Naar aanleiding van de bijeenkomst is de kleurstelling van de gevel aan de Van den Endelaan aangepast. Parallel hieraan zijn er individuele gesprekken geweest tussen gemeente/ontwikkelaar/architect en de eigenaren van de appartementen Van den Endelaan 64/66. In het algemeen staan de eigenaren positief tegen beoogde ontwikkeling, er zijn echter ook enkele zorgen. Specifiek is in deze gesprekken de aansluiting op het belendende pand en de zorgen over de bezonning uitgesproken. Hiervan zijn verslagen met afspraken gemaakt die tussen de betrokken partijen zijn gedeeld. Ten opzichte van de huidige situatie zal de lichttoetreding in het belendende pand aan de Van den Endelaan afnemen (Van den Endelaan 64-68). Met de eigenaren zijn afspraken gemaakt over bouwkundige maatregelen die extra lichttoetreding in dat pand mogelijk maken, zoals de realisatie van een extra daglicht en uitbreiding dakterras met 2,5 m. Definitieve goedkeuring vindt plaats via een nog op te starten omgevingsvergunningprocedure voor deze aanpassingen. Procedure In het kader van de onderzoeksfase ex 3.1.1 Bro is het voorontwerpbestemmingsplan voorgelegd aan de overlegpartners van de gemeente Hillegom.
Op basis van de reactie van de Omgevingsdienst West-Holland is het plan aangepast aan de zijde van de parkeergarage. Overige opmerkingen van Provincie Zuid-Holland, Hoogheemraadschap Rijnland en Veiligheidsregio Hollands Midden zijn in de toelichting verwerkt. Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor zes weken ter inzage gelegen en de omgeving is daarmee in de gelegenheid gesteld om zienswijzen in te dienen. Er zijn 3 zienswijzen ingediend door enkele omwonenden. Deze zienswijzen hebben aanleiding geven tot aanpassingen van de toelichting van het bestemmingsplan. De aanpassingen hebben betrekking op recent parkeeronderzoek in dit gebied. (Aangepast) Ontwerp en zienswijzennota worden aangeboden aan de raad voor vaststelling.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
55
6.2
Economische en financiële haalbaarheid
Op 1 juli 2008 is Wet ruimtelijke ordening inwerking getreden. In deze wet is de Grondexploitatiewet opgenomen. Doelstelling van de wet is een goede regeling voor het kostenverhaal, binnenplanse verevening en enkele locatie-eisen bij particuliere grondexploitatie. Een van de belangrijkste onderwerpen in de wet is het verplichtende karakter van kostenverhaal. Een gemeente moet de kosten verhalen en mag er niet meer van afzien. Het verhalen van kosten kan op basis van de publiekrechtelijke als de privaatrechtelijke weg. De privaatrechtelijke weg heeft de voorkeur. Het voorliggende plan is een initiatief van Investeringsmaatschappij G.J.M. Beelen Vastgoed bv. Het betreft hier een private ontwikkeling waarbij het risico geheel gedragen wordt door de initiatiefnemer. Tussen de gemeente Hillegom en initiatiefnemer zal een anterieure overeenkomst worden gesloten, waarin ook planschade is geregeld, zoals bedoeld in artikel 6.4a Wro. Hiermee wordt gewaarborgd dat eventueel te vergoeden planschade niet voor rekening van de gemeente Hillegom komt, maar voor rekening van de initiatiefnemer. Op grond van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat de economische en financiële uitvoerbaarheid van het project voldoende is gegarandeerd.
Toelichting bestemmingsplan Hoek Van den Endelaan Molenstraat, gemeente Hillegom
56