CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

1. ETFAL-motivering met bijbehorende onderzoeken.pdf

Gemeenteraad 26 juni 2025, gemeente HillegomBij agendapunt: 13: Adviesrecht buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) tijdelijke huisvesting De Giraf Hillegom24.755 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Mees Ruimte & Milieu | 23206.goflo.THV

Pagina | 53

CONCLUSIE ETFAL De initiatiefnemer heeft als uiteindelijke plan de ontwikkeling van het nieuwe IKC de Giraf ter plaatse van de Guido Gezellelaan 3. Aangezien dit een sloop-nieuwbouwontwikkeling betreft, dient voorzien te worden in tijdelijke huisvesting van de onderwijsinstelling. De tijdelijke huisvesting vindt plaats ter plaatse van het Elsbroekerpark. Het geldende omgevingsplan staat de beoogde ontwikkeling in het geheel niet toe. Voor deze ontwikkeling dient dan ook een planologische procedure te worden doorlopen. De planologische procedure wordt doorlopen aan de hand van een omgevingsvergunning voor de ‘buitenplanse omgevingsplanactiviteit’ (BOPA). In dit kader is voorliggende ‘goede onderbouwing van (de effecten op) de fysieke leefomgeving’ (GOFLO) opgesteld. Middels voorliggende GOFLO is het project gemotiveerd aan relevante beleidskaders en omgevingsaspecten. De uitvoerbaarheid van het initiatief is getoetst aan de diverse aspecten van de fysieke leefomgeving en de bijbehorende regelgeving. Hieruit blijkt dat een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) is gewaarborgd.

Mees Ruimte & Milieu | 23206.goflo.THV

Pagina | 54

Mees Ruimte & Milieu | 23206.goflo.THV

Pagina | 55

Archeologisch bureauonderzoek

Elsbroekerpark, Hillegom Gemeente Hillegom IDDS Archeologie rapport 3044

Colofon Projectnummer OM-nummer In opdracht van Auteurs Redactie Versie Status

A6602 5661417100 Sophia Scholen I.L.F. den Boer, S. Moerman S. Moerman 1.2 concept

Autorisatie S. Moerman

Senior KNA Archeoloog

21-11-2024

Goedkeuring C. Bekker

Gemeente Hillegom

© IDDS Archeologie Noordwijk, november 2024 ISSN 2212-9650 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

SAMENVATTING: IDDS Archeologie heeft in november 2024 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het Park Elsbroek in Hillegom, gemeente Hillegom. De doel- en vraagstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in een ontgonnen veenvlakte. Naar verwachting bestaat de ondergrond uit getijdeafzettingen met eventueel hierboven een restant van het veenpakket waarop mogelijk verstoven zand ligt. De top van de getijdenafzettingen en de top van het veen hebben een lage tot zeer lage verwachting. In de top van het stuifzand over het veen zou het wel mogelijk zijn om archeologische resten aan te treffen. Op historisch kaartmateriaal is echter te zien dat het plangebied een agrarische functie had totdat het circa 1970 in gebruik werd genomen als park. Binnen de grenzen van het plangebied zijn op de historische kaarten vanaf het begin van de 17 e eeuw geen aanwijzingen gevonden dat hier bebouwing voorkwam, waardoor de verwachting op archeologische resten naar laag kan worden bijgesteld. IDDS Archeologie adviseert om het plangebied, voor wat betreft het aspect archeologie, vrij te geven voor de voorgenomen civieltechnische werkzaamheden.

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

INHOUDSOPGAVE: ADMINISTRATIEVE GEGEVENS VAN HET PLANGEBIED ................................................................. 4 1. 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.

INLEIDING .................................................................................................................................... 5 Onderzoekskader ......................................................................................................................... 5 Doel- en vraagstellingen van het onderzoek ................................................................................ 5 Ligging van het plangebied ........................................................................................................... 5 Werkwijze ..................................................................................................................................... 6

2. 2.1. 2.2. 2.3.

GEOLOGIE, GEOMORFOLOGIE EN BODEM ........................................................................... 8 Ontstaansgeschiedenis landschap ............................................................................................... 8 Geomorfologie ............................................................................................................................ 10 Bodem ........................................................................................................................................ 11

3. 3.1. 3.2. 3.3.

ARCHEOLOGISCHE EN (BOUW)HISTORISCHE INFORMATIE ............................................ 14 Archeologische en ondergrondse bouwhistorische waarden ..................................................... 14 Historische situatie...................................................................................................................... 16 Huidig landgebruik en mogelijke verstoringen ............................................................................ 17

4.

CONCLUSIE EN VERWACHTINGSMODEL ............................................................................. 19

5.

AANBEVELINGEN ..................................................................................................................... 20

LITERATUUR EN KAARTEN ............................................................................................................... 21 LIJST VAN AFKORTINGEN EN BEGRIPPEN .................................................................................... 22 BIJLAGEN 1. Topografische kaart 2. Archis informatie kaart 3. Locatiekaart 4. Periodentabel

3

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Administratieve gegevens van het plangebied Toponiem

Elsbroekerpark

Onderzoekmeldingsnummer

5661417100

Plaats

Hillegom

Gemeente

Hillegom

Kadastrale aanduiding

Hillegom C 4786

Provincie

Zuid-Holland

Coördinaten Centrum Hoekpunten

100.028 / 477.536 100.013 / 477.569 (N) 100.076 / 477.552 (O) 100.043 / 477.483 (Z) 99.979 / 477.565 (W)

CMA/AMK-status

Geen

Archis-monumentnummer

n.v.t.

Oppervlakte plangebied

ca. 4.850 m2

Maaiveldhoogte

-0,5 m NAP

Grondwatertrap/-stand

onbekend

Onderzoekskader

Omgevingsvergunning

Uitvoerder

IDDS Archeologie Contactpersoon: dhr. A.W.E. Wilbers Postbus 126 2200 AC Noordwijk (ZH) Tel: 071-4028586 E-mail: awilbers@idds.nl

Bevoegde overheid

Gemeente Hillegom Contactpersoon: mevr. C. Bekker Postbus 32 2180 AA Hillegom Tel: 14 0252 E-mail: c.bekker@hltsamen.nl

Adviseur van de bevoegde overheid

Omgevingsdienst West-Holland Contactpersoon: mevr. C. Lokman Postbus 159 2300 AD Leiden Tel: 071-4083306 E-mail: c.lokman@odwh.nl

Beheer en plaats van documentatie

IDDS Archeologie, Noordwijk

Uitvoeringsperiode onderzoek

november 2024

4

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

1.

Inleiding

1.1.

Onderzoekskader

In opdracht van Sophia Scholen heeft IDDS Archeologie in november 2024 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het Park Elsbroek in Hillegom, gemeente Hillegom. De aanleiding voor dit onderzoek is de geplande nieuwbouw op het perceel in de vorm van tijdelijke huisvesting voor de nabijgelegen basisschool De Giraf. De diepte van de bodemverstoring die hierdoor optreedt, is onbekend. Vanwege de noodzakelijke aansluiting van de tijdelijke gebouwen op nutsvoorzieningen wordt uitgegaan van een bodemverstoring van ongeveer 80 cm -mv. In de vigerende Erfgoedverordening gemeente Hillegom 2010 is bepaald dat de regels uit het bestemmingsplan leidend zijn als in het betreffende plan bepalingen zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. Het bestemmingsplan (Elsbroek, vastgesteld 15-11-2012 – geheel onherroepelijk in werking) bevat deze bepalingen, maar het plangebied heeft daarin geen archeologische dubbelbestemming. Archeologisch onderzoek is dus niet verplicht op deze locatie. Op de meest recente archeologische beleidskaart van de gemeente Hillegom (Brandenburgh 2020) ligt het plangebied echter in beleidscategorie 8, waar archeologisch onderzoek noodzakelijk is bij bodemingrepen die dieper reiken dan 30 cm -mv en een oppervlakte hebben groter dan 1000 m2. Deze vrijstellingsgrenzen zullen met de geplande realisatie van tijdelijke huisvesting worden overschreden. 1.2.

Doel- en vraagstellingen van het onderzoek

De doelstelling van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Dit gebeurt aan de hand van bestaande bronnen over bekende en verwachte archeologische waarden binnen het plangebied. Op basis van de resultaten van het onderzoek worden aanbevelingen gedaan over eventueel behoud of vervolgonderzoek. Het archeologisch bureauonderzoek is uitgevoerd conform de BRL SIKB 4000 en Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.2, protocol 4002 (Centraal College van Deskundigen 2022). Voor de in dit rapport gebruikte geologische en archeologische tijdsaanduidingen wordt verwezen naar Bijlage 4. Afkortingen en enkele vaktermen worden achterin dit rapport uitgelegd (zie lijst van afkortingen en begrippen). 1.3.

Ligging van het plangebied

De ligging van het (her) in te richten gebied, ofwel het plangebied, is weergegeven in Bijlage 1. Het plangebied beslaat een deel van een parkje dat ten westen, noorden en oosten begrensd is door een sloot. Het plangebied ligt tussen de Abellalaan in het noorden, de Hillinenweg in het oosten en bebouwing langs de noordzijde van de Mesdaglaan in het zuiden. Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 4.850 m2 en een gemiddelde maaiveldhoogte van -0,5 m NAP. De exacte ligging en contouren van het plangebied zijn nader weergegeven in Bijlage 3 en Figuur 1. Om tot een gespecificeerde verwachting voor het plangebied te komen, is niet alleen gekeken naar bekende gegevens over het plangebied zelf maar ook naar de omgeving. Voor het totale onderzochte gebied, oftewel het onderzoeksgebied, is als begrenzing een straal van 600 m rondom het plangebied gekozen. De straal van 600 m is dusdanig gekozen dat meerdere onderzoeken die zijn uitgevoerd in gebieden die qua ondergrond vergelijkbaar zijn met het plangebied bij het onderzoek worden betrokken.

5

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 1: Het plangebied op een recente luchtfoto (bron: PDOK). 1.4.

Werkwijze

Bij het bureauonderzoek zijn gegevens verzameld over bekende of verwachte archeologische en bouwhistorische waarden binnen het onderzoeksgebied. Onderstaande bronnen zijn geraadpleegd: Bron

Opmerkingen

Huidige en toekomstige situatie Actuele topografische kaart Recente luchtfoto (PDOK) Opdrachtgever KLIC

Niet opgevraagd. Binnen het plangebied worden geen kabels en leidingen verwacht.

(Rijks)monumenten (via Archis)

Geen (Rijks)monumenten aanwezig

Historische situatie en mogelijke verstoringen Kaart van het Hoogheemraadschap van Rijnland uit 1615 (www.rijnland.net) Kadastraal minuutplan 1811-1832 (beeldbank.cultureelerfgoed.nl; hisgis.nl) Diverse topografische kaarten uit het einde van de 19e en de 20e eeuw (topotijdreis.nl) Bouw-/constructietekeningen van de te slopen bouwwerken

Niet van toepassing

Bodemloket (www.bodemloket.nl) voor informatie over tanks, saneringen, ontgrondingen Milieukundig bodemonderzoek

Niet beschikbaar

Militair erfgoed Militaire landschapskaart (rce.webgispublisher.nl)

6

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Bron

Opmerkingen

Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (ikme.nl) Archeologie en bouwhistorie Archeologisch Informatie Systeem (Archis; archis.cultureelerfgoed.nl) Archeologische Monumenten Kaart (AMK; via Archis) Verwachtingskaart van de gemeente Hillegom (Brandenburgh 2020) Bodemkaarten, geomorfologische kaarten en hoogtekaarten Bodemkaart van Nederland (BRO; via Archis) Bodemkaart van de Bollenstreek (Van der Meer 1950) Grondwatertrappenkaart (www.dinoloket.nl) Geomorfologische kaart van Nederland (BRO; via Archis) Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN; www.ahn.nl) DINOloket (www.dinoloket.nl) Archieven, heemkundekringen, amateurarcheologen, overige informatie Archieven

Bouwarchief gemeente Hillegom

Amateurarcheologen, gebiedsgerichte specialisten, depots

Niet geraadpleegd

Onderzoeksrapporten en achtergrondliteratuur

Zie literatuurlijst

7

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

2.

Geologie, geomorfologie en bodem

2.1.

Ontstaansgeschiedenis landschap

Het plangebied is gelegen in het Hollands duingebied. Dit duingebied omvat het huidige strand, alle strandwallen, -vlakten en de duinen die aan de oostzijde van het strand voorkomen in Noord- en ZuidHolland (Berendsen 2005). Aan de zeezijde komen de buitenduinen voor, die ook wel de jonge duinen worden genoemd. Verder landinwaarts liggen de lagere en minder reliëfrijke oude duinen. Het ontstaan van het duingebied, schematisch weergegeven in Figuur 2, is sterk gerelateerd aan de zeespiegelstijging gedurende het Holoceen (vanaf circa 9500 voor Chr.). Tijdens een periode van relatief snelle zeespiegelstijging die tot circa 4500-4000 voor Chr. duurde, bestond de kust van Nederland uit een uitgebreid waddengebied met zandbanken en -platen die gescheiden werden door grote getijdegeulen. Dit waddengebied werd gedeeltelijk afgeschermd van de open zee door een reeks eilanden. Deze eilanden en het waddengebied werden als gevolg van de alsmaar stijgende zeespiegel geleidelijk omgewerkt en steeds verder naar het oosten verplaatst (Figuur 2a en Figuur 2b). Vanaf 4500-4000 voor Chr. nam de stijging van de zeespiegelstand sterk af en kwam de oostwaartse verplaatsing van de eilanden tot stilstand. Vanuit de Noordzee en de grote rivieren werden grote hoeveelheden zand aangevoerd, waardoor de getijdengeulen geleidelijk verzandden en de reeks eilanden aan elkaar groeide tot een strandwal.

Achter de strandwallen had grootschalige veenvorming plaats, waarbij het Hollandveen Laagpakket werd gevormd (de Mulder et al. 2003). Tot ongeveer 0-100 na Chr. bleef de grote aanvoer van zand in stand, waardoor de kustlijn steeds verder westwaarts uitbreidde (Figuur 2c). Bij die uitbreiding werden afwisselend strandvlaktes en strandwallen gevormd. Strandvlakten werden gevormd gedurende perioden (van tientallen tot honderden jaren) met gemiddeld een kleiner aantal of minder hevige stormen. Het strand werd langzaam breder en op de hogere delen die alleen tijdens springvloed en zware storm onder water stonden, kon zich vegetatie (gras en struiken) vestigen en vormden zich kleine solitaire duinen. In perioden met meer en/of hevigere stormen werd het door de zee aangevoerde zand boven de vloedlijn op het strand hoog opgeworpen in een rug, een strandwal. Deze strandwallen sloten de strandvlakten af voor overstromingen door de zee. Op de strandwallen kwam nauwelijks begroeiing voor waardoor de wind vrij spel had. Door verstuivingen konden er bovenop de strandwallen (oude) duinen ontstaan (van der Valk 1996). Door de voortgaande zeespiegelstijging lagen de strandwallen in westelijke richting steeds hoger ten opzichte van NAP dan oudere strandwallen.

Ook het grondwaterniveau steeg als gevolg van de zeespiegelstijging, waardoor de strandvlaktes (de gebieden tussen de strandwallen) natter werden en er veenvorming kon optreden. Vanaf ongeveer 200-300 na Chr. nam de snelheid van de zeespiegelstijging nog verder af, werd er minder zand aangevoerd uit de Noordzee en werden verschillende riviermondingen inactief. Door golfwerking en in mindere mate het getij werden een deel van de strandwallen en de buiten de kustlijn uitstekende delta’s van de Maas, Rijn en Oude Rijn geërodeerd (Figuur 2d). Het bij deze erosie vrijkomende zand werd door de wind opgeblazen in een brede zone met jonge duinen die voor een groot deel de oudere strandwallen en strandvlaktes bedekken.

8

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 2: Verband tussen de zeespiegelstijging en de vorming en ligging van strandwallen en duinen voor de Hollandse kust (Stouthamer et al. 2020). De verschillende geologische formaties in de figuur zijn terugte vinden in De Mulder et al. 2003.

9

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Vanaf de tweede helft van de 16e eeuw ontdekte men dat de strandwallen gunstige locaties waren voor de bloembollenteelt.1. In hun oorspronkelijke staat voldeden echter weinig strandwallen aan de eisen van een homogene kalkrijke zandgrond met een grondwaterstand van 55 cm beneden maaiveld. Om de gronden geschikt te maken werden strandwallen afgegraven en werd het kalkrijke zand uit de ondergrond omhoog gehaald. Naast de strandwallen werden op verschillende plaatsen ook de strandvlaktes tussen de strandwallen verbeterd om bloembollenvelden te creëren. Deze gronden, waar het kalkrijke zand onder een laag veen of klei voorkwam, zijn vaak ernstig vergraven. Grondverbetering heeft in deze gevallen plaatsgevonden door middel van diepdelven en/of omspuiten. Bij diepdelven werd de grond afgegraven tot op het kalkrijke zand, dat vervolgens werd opgegraven en op het maaiveld werd neergelegd. Bij omspuiten werd eerst een gat gegraven, waarna met een zuiger zand omhoog werd gespoten en op het land achter de zuiger werd neergelegd. Zo kon voor de bollenteelt geschikt land ontstaan. Door het regelmatig verbeteren van de gronden door diepdelven of omspuiten zijn in veel gebieden aan de Hollandse kust gronden ontstaan met een humushoudende bovengrond die dikker is dan 50 cm. 2.2.

Geomorfologie

Op de geomorfologische kaart staat het plangebied aangegeven als gelegen in de bebouwde kom, waarvan geen geomorfologische eenheid bekend is (Figuur 3). Op basis van de zones in de omgeving die wel gekarteerd zijn, mag worden aangenomen dat het plangebied gelegen is in een ontgonnen veenvlakte, ten oosten van de meest oostelijke strandwal, die in het Midden Neolithicum is gevormd.

Figuur 3: Het plangebied op de geomorfologische kaart (bron: BRO). De roze lijn geeft een dijk weer.

1

De meeste bollenvelden zijn echter pas in de 20e eeuw aangelegd.

10

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

2.3.

Bodem

Op de bodemkaart (Figuur 4) ligt het plangebied in bebouwd gebied waarvan geen bodemtype bekend is. Ten oosten en zuiden van het plangebied komen beekeerdgronden voor van leemarm en zwak lemig fijn zand (kaartcode pZg21). Dit zijn bodems die voorkomen in de strandvlaktes en waarin op veel plaatsen tussen 40 en 80 cm diepte (riet)zeggeveen voorkomt. Ten westen van het plangebied komen kalkhoudende enkeerdgronden voor van matig fijn zand (kaartcode EZ50A).

Figuur 4: Het plangebied op de bodemkaart (bron: BRO). Voor een verklaring van de relevante codes wordt verwezen naar de tekst. Voor de Bollenstreek is nog een oudere bodemkaart beschikbaar (Figuur 5; Van der Meer 1950). Hierop staat het plangebied aangegeven als gelegen op strandvlakte-zandgrond, dunner dan 1 m op veen (kaartcode Wv2).

11

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 5: Het plangebied op de bodemkaart van Van der Meer (1950). Weergegeven zijn strandvlaktezandgronden (codes Wv…), strandwalgronden (codes Ww…) en afgegraven strandwallen (codes Wz…). Op de hoogtekaart (AHN; Figuur 6) is de sloot te zien die het parkje waar het plangebied in ligt aan drie zijden begrensd. In het noorden van het plangebied is een strakke, rode lijn te zien. Dit is een laag muurtje dat het bovengelegen plantenbed afscheidt van het onderliggende gazon. De hoogte van het plangebied loopt vanaf het zuiden tot aan het muurtje lichtelijk op. Aangezien deze verhoging niet waar te nemen is in het terrein ten westen en ten oosten van het plangebied kan aangenomen worden dat de grond hier is opgehoogd.

12

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 6: Het plangebied op de hoogtekaart van Nederland (bron: www.ahn.nl)

13

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

3.

Archeologische en (bouw)historische informatie

3.1.

Archeologische en ondergrondse bouwhistorische waarden

Binnen het plangebied zijn geen terreinen aanwezig die op de Archeologische Monumentenkaart (AMK) als waardevol staan aangegeven. Ook zijn er geen waarnemingen en vondsten gemeld en geen eerdere onderzoeken uitgevoerd. In het plangebied zijn voor zover bekend geen ondergrondse bouwhistorische waarden aanwezig.

Figuur 7: Het plangebied op de archeologische verwachtingskaart van de gemeente (Brandenburgh 2020). Op de gemeentelijke verwachtingenkaart ligt het plangebied op een ingesloten strandvlakte, met veen, mogelijk duin- en strandwalresten (Figuur 7). Deze zone heeft een lage archeologische verwachting gekregen (Figuur 8).

14

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 8: Het plangebied op de archeologische beleidskaart van de gemeente (Brandenburgh 2020). In de omgeving van het plangebied zijn meerdere waarnemingen en vondsten vermeld die met de klok mee worden besproken (Bijlage 2). Diverse oudere onderzoeken waarvan in Archis geen resultaten bekend zijn, zijn buiten beschouwing gelaten (Archisnrs. 2031717100, 2035751100, 2129760100). Ook een bureauonderzoek ten behoeve van het uitbaggeren van watergangen is buiten beschouwing gelaten (Archisnr. 2285515100). Ongeveer 350 m ten noorden van het plangebied is een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd (Archisnr. 4875434100; toponiem: Olympiaweg 27 (Savio-terrein); Van den Biggelaar 2022). In de ondergrond werden getijde-afzettingen aangetroffen, afgedekt door achtereenvolgens veen en een verstoord dan wel opgebracht pakket. Al deze afzettingen hebben een lage tot zeer lage archeologische verwachting. Ongeveer 510 m ten noorden van het plangebied is een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd (Archisnr. 5135670100; toponiem: Sportlaan 1, Hillegom; Van den Biggelaar / Wilbers / Moerman 2023). Ook hier werden alleen afzettingen met een lage dan wel zonder archeologische verwachting aangetroffen. Het betreft een veenpakket met daarboven een zandpakket.

De herkomst van het zandpakket was onduidelijk: het betrof ofwel opgebracht zand, ofwel ingeblazen duinzand dat door bollenteelt verstoord is geraakt. Ongeveer 75 m ten oosten van het plangebied is een archeologisch bureau- en booronderzoek uitgevoerd (Archisnr. 5500883100; toponiem: Lodewijk van Deyssellaan 2052 A (De Giraf locatie B); Moerman / Koekkelkoren 2024). Tijdens het veldwerk zijn getijdeafzettingen aangetroffen, afgedekt door achtereenvolgens een veen- en zandpakket. De getijdenafzettingen en het veen hebben een lage archeologische verwachting. De top van het zandpakket is verstoord, waardoor eventueel aanwezige archeologische resten zijn verdwenen.

15

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

3.2.

Historische situatie

De oudst geraadpleegde kaart is de kaart die is opgesteld voor het Hoogheemraadschap van Rijnland in 1615 (Figuur 9). Het plangebied ligt hierop in onbebouwd gebied tussen de strandwal van Hillegom in het westen en het Leidse Meer in het oosten. Landgebruik wordt niet getoond op deze kaart, maar het is waarschijnlijk dat het plangebied als akker of weiland in gebruik was.

Figuur 9: Het plangebied (bij benadering weergegeven met de rode cirkel) op de kaart van het Hoogheemraadschap van Rijnland uit 1615 (bron: rijnland.net). De oudste kaart die landgebruik wel nauwkeurig weergeeft, is het minuutplan uit het begin van de 19 e eeuw (Figuur 10). Hierop staat het plangebied aangegeven als weiland. Het is een situatie die ongewijzigd blijft tot circa 1970 toen het Park Elsbroek werd aangelegd, waarin het plangebied zich bevindt (Figuur 10).

16

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Figuur 10: Het plangebied op het minuutplan uit 1811-1831 (bron: hisgis.nl) en diverse topografische kaarten (bron: www.topotijdreis.nl). 3.2.1. Tweede Wereldoorlog Zowel op de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (ikme.nl) als op de Militaire landschapskaart (rce.webgispublisher.nl) komen geen indicaties voor die wijzen op mogelijke archeologische waarden die te maken hebben met de Tweede Wereldoorlog. 3.3.

Huidig landgebruik en mogelijke verstoringen

Ten tijde van het onderzoek was het plangebied in gebruik als park (Figuur 1). Het park bestaat uit een grasveld met enkele bomen. In het oosten van het park liggen speelvoorzieningen waaronder een grote schommel. In het noorden van het park ligt een muurtje welke het grasveld afscheidt van het plantenbed dat hier ten noorden van ligt. Het muurtje is laag genoeg om ook als bankje te dienen.

17

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

In het bouwarchief van de gemeente Hillegom kon één vergunning worden gevonden voor deze locatie: voor het plaatsen van een kunstwerk, een betonnen schildersezel, welke in het zuidwesten van het park staat. Het muurtje en het kunstwerk zijn beiden zichtbaar op de AHN kaart (Figuur 6). Bij de inrichting van het Park Elsbroek zullen verstoringen zijn opgetreden, maar de diepte daarvan is onbekend.

18

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

4.

Conclusie en verwachtingsmodel

In opdracht van Sophia Scholen is in november 2024 een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd in verband met de geplande (her)ontwikkeling van het plangebied in het Park Elsbroek in Hillegom, gemeente Hillegom. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het plangebied is gelegen in een ontgonnen veenvlakte. Naar verwachting bestaat de ondergrond uit getijdeafzettingen met eventueel hierboven een restant van het veenpakket waarop mogelijk verstoven zand ligt. De top van de getijdenafzettingen en de top van het veen hebben een lage tot zeer lage verwachting. Deze opbouw van de ondergrond is ook aangetroffen op andere locaties in de veenvlakte, waaronder de onderzoekslocatie van Archisnr. 5500883100, 75 m ten oosten van het plangebied. In de top van het stuifzand over het veen zou het wel mogelijk zijn om archeologische resten aan te treffen. Op historisch kaartmateriaal is echter te zien dat het plangebied een agrarische functie had totdat het circa 1970 in gebruik werd genomen als park. Binnen de grenzen van het plangebied zijn op de historische kaarten vanaf het begin van de 17e eeuw geen aanwijzingen gevonden dat hier bebouwing voorkwam, waardoor de verwachting op archeologische resten naar laag kan worden bijgesteld.

19

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

5.

Aanbevelingen

Tijdens het onderzoek is geconstateerd dat het plangebied een lage archeologische verwachting heeft. IDDS Archeologie adviseert om het plangebied, voor wat betreft het aspect archeologie, vrij te geven voor de voorgenomen civieltechnische werkzaamheden. Bovenstaand advies dient gecontroleerd en beoordeeld te worden door de bevoegde overheid, in dit geval de Gemeente Hillegom. Deze zal vervolgens een besluit nemen inzake de te volgen procedure. IDDS Archeologie wil meegeven dat voordat dit besluit genomen is, er niet begonnen kan worden met bodemverstorende activiteiten of activiteiten die voorbereiden op bodemverstoringen. Het uitgevoerde onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het archeologisch onderzoek is erop gericht om de kans op het onverwacht aantreffen dan wel het ongezien vernietigen van archeologische waarden bij bouwwerkzaamheden in het plangebied te verkleinen. Aangezien het onderzoek is uitgevoerd door middel van een bureaustudie kan echter, op basis van de onderzoeksresultaten, de aan- of afwezigheid van eventuele archeologische waarden niet gegarandeerd worden. Wij wijzen u er graag op dat indien archeologische waarden worden aangetroffen, deze conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet zo spoedig mogelijk bij de minister voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gemeld dienen te worden.

Dit kan door het invullen van het vondstmeldingsformulier op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (www.cultureelerfgoed.nl) of door contact op te nemen met de InfoDesk (info@cultureelerfgoed.nl).

20

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Literatuur en kaarten Berendsen, H.J.A., 20053 (1997): Landschappelijk Nederland. De fysisch-geografische regio’s, Assen. Biggelaar, D.F.A.M. van den / A.W.E. Wilbers / S. Moerman, 2023: Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase: Sportlaan 1, Hillegom, gemeente Hillegom, Noordwijk (IDDS Archeologie rapport 2657). Biggelaar, D.F.A.M. van den, 2022: Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase: Olympiaweg 27 (vm. Savio-terrein), Hillegom, gemeente Hillegom, Noordwijk (IDDS Archeologie rapport 2460). Brandenburgh, C.R., 2020: Graven in archieven. Een niet-gravend verstoringenonderzoek in de bollengemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk en Teylingen, Leiden (Erfgoed Leiden en Omstreken). Centraal College van Deskundigen, 2022: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.2, Gouda. Meer, K. van der, 1950: De Bloembollenstreek. Resultaten van een veldbodemkundig onderzoek in het bloembollengebied tussen Leiden en het Noordzeekanaal, Den Haag (Verslagen van Landbouwkundige Onderzoekingen, De bodemkartering van Nederland, deel XI). Moerman, S. / A.M.H.C. Koekkelkoren: Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase Lodewijk van Deyssellaan 2052 A (De Giraf locatie B), Hillegom, Gemeente Hillegom (IDDS Archeologie rapport 2947). Mulder, E.F.J. de/ M.C. Geluk/ I.L. Ritsema/ W.E.

Westerhoff/ T.E. Wong, 2003: De ondergrond van Nederland, Groningen/Houten. Valk, L. van der, 1996: Coastal barrier deposits in the central Dutch coastal plain, Haarlem (Mededelingen van de Rijks Geologische Dienst 57).

Websites archis.cultureelerfgoed.nl beeldbank.cultureelerfgoed.nl hisgis.nl ikme.nl landschapinnederland.nl/militaire-landschapskaart www.ahn.nl www.bodemloket.nl www.dinoloket.nl www.pdok.nl www.rijnland.net/over-rijnland/erfgoed/archieven-en-collecties www.topotijdreis.nl www.tudelft.nl/library/collecties/kaartenkamer/kaartencollectie/historische-kaarten

21

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

Lijst van afkortingen en begrippen Afkortingen AHN AMK AMZ Archis ASB AWN BP GHG GLG GPS indet KNA mv NAP PvA PvE RCE SIKB

Actueel Hoogtebestand Nederland Archeologische Monumenten Kaart Archeologische Monumentenzorg Archeologisch Informatie Systeem Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode Archeologische Werkgemeenschap voor Nederland Before Present (Present = 1950) Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand Gemiddeld Laagste Grondwaterstand Global Positioning System ondetermineerbaar Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie maaiveld (het landoppervlak) Normaal Amsterdams Peil Plan van Aanpak Programma van Eisen Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer

Verklarende woordenlijst 14C-datering (ook wel C14-datering) Bepaling van gehalte aan radioactieve koolstof 14C van organisch materiaal (hout, houtskool, veen, schelpen e.d.) waaruit de 14Couderdom kan worden afgeleid. Deze ouderdom wordt opgegeven in jaren vóór 1950 na Chr. (jaren BP) met daaraan toegevoegd de aan de meting verbonden mogelijke afwijking (standaarddeviatie) Allerød tijd Korte, relatief warme periode uit de laatste ijstijd (Weichselien), ca. 11.80011.000 jaar geleden antropogeen Ten gevolge van menselijk handelen (door mensen veroorzaakt/gemaakt) Archis-melding Elke melding bij het centraal informatiesysteem (Archis) artefact Alle door de mens vervaardigde of gebruikte voorwerpen bioturbatie Verstoring van de oorspronkelijke bodemstructuur en/of transport van materiaal door plantengroei en dierenactiviteiten Bølling tijd Korte, relatief warme periode uit de laatste ijstijd (Weichselien), ca. 13.50012.000 jaar geleden Boreaal Tijdvak, onderafdeling van het Holoceen, gekarakteriseerd door een gematigd en continentaal klimaat en een bebost landschap gedomineerd door loofbomen (datering ca. 6800-5500 voor Chr.) buitendijks Gronden die aan de rivierzijde van een dijk liggen.

In het buitendijkse gebied liggen de uiterwaarden castellum Romeins legerkamp conservering Mate waarin grondsporen, anorganische en organische archeologische resten bewaard zijn couperen Het maken van één of meer verticale doorsneden door een spoor of laag om de aard, diepte, vullingen, vorm en relaties met andere fenomenen vast te stellen crematie Begraving met gecremeerd menselijk bot crevasse Doorbraakgeul door een oeverwal dagzomen Aan de oppervlakte komen, zichtbaar worden van gesteenten (met inbegrip van zand, klei, etc.)

22

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

dekzand

Dryas Edelmanboor Eemien eerdgrond eolisch estuarien estuarium fluviatiel fluvioglaciaal gaafheid Hollandveen Holoceen horizont humeus ijzeroer in situ inhumatie interstadiaal kom kreek kronkelwaard kwel kwelder laag leem Limes lithologie löss lutum meander meanderen oeverwal

Fijnzandige afzettingen die onder periglaciale omstandigheden voornamelijk door windwerking ontstaan zijn; de dekzanden van het Weichselien vormen in grote delen van Nederland een ‘dek’ (Formatie van Boxtel) Laatste gedeelte van de laatste ijstijd (Weichselien), ca. 20.000-10.000 jaar geleden Een handboor voor bodemonderzoek Interglaciaal tussen de voorlaatste en laatste ijstijd (Saalien en Weichselien), ca. 130.000-120.000 jaar geleden Grond met een humushoudende minerale bovengrond van meer dan 50 cm, ontstaan door invloed van de mens Door de wind gevormd, afgezet Afgezet in een estuarium Inham aan de kust waarin met name het getijde grote invloed uitoefent op het landschap, bijvoorbeeld de Westerschelde Door rivieren gevormd, afgezet Door smeltwater (afkomstig van gletsjers) afgezet Mate van (fysieke) verstoring van de bodem, zowel in verticale zin (diepte) als in horizontale zin (omvang) Holocene formatie, ontstaan vanaf 3500 voor Chr. Jongste geologisch tijdvak dat nog steeds voortduurt (vanaf de laatste ijstijd: ca.

8800 jaar voor Chr.) Kenmerkende laag binnen de bodemvorming Organische stoffen bevattend; bestaande uit resten van planten en dieren in de bodem IJzeroxidenhydraat, een ijzererts dat vooral in vlakke landstreken, in dalen en moerassige gebieden op geringe diepte voorkomt Achtergebleven op exact de plaats waar de laatste gebruiker het heeft gedeponeerd, weggegooid of verloren Begraving met niet gecremeerd menselijk bot Een warmere periode tijdens een ijstijd (glaciaal) Laag gebied waar na overstroming van een rivier vaak water blijft staan en klei kan bezinken Waterweg waarbij het water vanuit zee of rivier onder invloed van het getijde inen uitstroomt Deel van een stroomgebied omgeven – en grotendeels opgebouwd – door een meander Door hydrostatische druk aan het oppervlakte treden van grondwater zie schor Een vervolgbare grondeenheid die op archeologische of geologische gronden als eenheid wordt onderscheiden Grondsoort die wordt gekenmerkt door een samenstelling van meer dan 50% silt, minder dan 50% zand en minder dan 25% klei de noordgrens van het Romeinse rijk Wetenschap die zich bezighoudt met de beschrijving en het ontstaan van de sedimentaire gesteenten Door de wind gevormde afzetting van zeer fijnkorrelig materiaal waarvan het overgrote deel van de korrels (60-85%) kleiner is dan 0,063 mm Kleideeltjes kleiner dan 0,002 mm Min of meer regelmatige lusvormige rivierbocht

(van rivieren of beken) Zich bochtig door het landschap slingeren Langgerekte rug langs een rivier of kreek, ontstaan doordat bij het buiten de oevers treden van de stroom het grovere materiaal het eerst bezinkt

23

IDDS Archeologie rapport 3044 Versie 1.2 (concept)

OSL-datering

oxidatie plaggendek plangebied Pleistoceen

podzol pollenanalyse

prehistorie rivierduin Saalien schor silt slak slik spieker strandvlakte strandwal

stratigrafie stroomgordel stroomrug

stuwwal terras (rivier-) vaaggronden vicus vindplaats Weichselien zavel zeldzaamheid

Dateringsmethode waarmee op grond van energieverval kan worden bepaald wanneer een fragment kwarts (zand) voor het laatst heeft blootgestaan aan direct zonlicht Reactie met zuurstof (roesten/corrosie bij metalen; ‘verbranding’ bij veen) Verhoogd bouwland, ontstaan door ophoging ten gevolge van bemesting. Voor de bemesting werden plaggen of met zand vermengde potstalmest opgebracht Gebied waarbinnen de realisering van de planvorming het bodemarchief kan bedreigen Geologisch tijdperk dat ca. 2,3 miljoen jaar geleden begon. Gedurende deze periode waren er sterke klimaatswisselingen van gematigd warm tot zeer koud (de vier bekende ijstijden). Na de laatste ijstijd begon het Holoceen (ca. 8800 voor Chr.) Goed ontwikkelde bodem in gebieden met veel neerslag De bestudering van fossiele stuifmeelkorrels en sporen waardoor een beeld van de vegetatiegeschiedenis gevormd kan worden. Uit de vegetatiegeschiedenis kan het klimaat worden gereconstrueerd Dat deel van de geschiedenis waarvan geen geschreven bronnen bewaard zijn gebleven Door verstuiving uit een riviervlakte hierlangs ontstaan duin (in Nederland meestal Weichselien of Vroeg Holoceen van ouderdom) Voorlaatste ijstijd, waarin het landijs tot in Nederland doordrong en de stuwwallen werden gevormd, ca.

200.000-130.000 jaar geleden Zandgrond in een getijdenwater; staat alleen onder water bij zeer hoog tij, begroeid Zeer fijn sediment met grootte 0,002-0,063 mm Steenachtig afval van metaal- of aardewerkproductie Zandgrond in een getijdenwater; staat onder water bij vloed en valt droog bij eb, kwelder onbegroeid; wad Op palen geplaatst opslaghuisje Groot vlak zandig gebied tussen twee strandwallen Langs de kust gevormde langgerekte zandrug die uitsteekt boven het gemiddelde hoogwaterniveau; geeft in Nederland de oude ligging van de kustlijn weer Opeenvolging van lagen in de bodem Het geheel van rivieroeverwal-, rivierbedding- en kronkelwaard-afzettingen, al dan niet met restgeul(en) Oude riviergeul die zodanig is opgehoogd met zandige afzettingen dat de rivier een nieuwe loop heeft gekregen; blijft door inklinking van de komgebieden als een rug in het landschap liggen Door de druk van het landijs in het Saalien opgedrukte rug van scheefgestelde preglaciale sedimenten Door een rivier verlaten en daarna versneden dalbodem Minerale gronden zonder duidelijke podzol-B-horizont, zonder briklaag en zonder minerale eerdlaag Een burgerlijke nederzetting uit de Romeinse tijd met een stedelijk karakter maar zonder stadsrechten Ruimtelijk begrensd gebied waarbinnen zich archeologische informatie bevindt Geologische periode (laatste ijstijd, waarin het landijs Nederland niet bereikte), ca.

120.000-10.000 jaar geleden Grondsoort die tussen 8 en 25% lutum (kleideeltjes kleiner dan 0,002 mm) bevat Mate waarin een bepaald type monument schaars is (of is geworden) voor een periode of in een gebied

24

Bijlage 4: Periodentabel

Mees Ruimte & Milieu | 23206.goflo.THV

Pagina | 56

Elsbroekpark, Hillegom Milieuhygiënisch vooronderzoek

Kenmerk Datum

: :

A6602-06/PMU/rap1 20 november 2024

Opdrachtgever

: : : :

Sophia Scholen De heer J. Bos Postbus 98 2215 ZH Voorhout

Goedkeuring

Functie

Datum

Mevrouw P. Mulder (Adviseur milieu)

Opsteller, auteur

20-11-2024

Mevrouw B. Schubert (Projectleider)

2e lezerschap en vrijgave

20-11-2024

Handtekening

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING ............................................................................................................................. 3

2.

MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK ......................................................................... 4 2.1

AANLEIDING VOORONDERZOEK ................................................................................. 4

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED .......................................................................... 4

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING ....................................... 5

2.4

BODEMKWALITEIT ......................................................................................................... 5

2.5

BODEMKWALITEIT EN ASBEST .................................................................................... 6

2.6

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ..................................................................... 6

2.7

BEÏNVLOEDING .............................................................................................................. 7

2.8

BODEMVERONTREINIGING .......................................................................................... 7

2.9

TERREINVERKENNING .................................................................................................. 7

2.10

CONCLUSIES & AANBEVELINGEN ........................................................................... 8

3.

BETROUWBAARHEID ......................................................................................................... 9

BIJLAGEN 1. 1.1 1.2

Kaarten en tekeningen Topografische kaart Situatietekening

2. 2.1 2.2 2.3

Informatie vooronderzoek Rapportage omgevingsdienst Kaartmateriaal Fotoreportage

Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 2 van 9

1.

INLEIDING

In opdracht van Sophia Scholen is door IDDS een milieuhygiënisch vooronderzoek uitgevoerd. De onderzoekslocatie betreft een park en staat bekend als het Elsbroekpark te Hillegom (afbeelding 1).

Afbeelding 1: Onderzoeksgebied (bron: Opentopo)

Aanleiding Men is voornemens om op locatie een tijdelijke huisvesting voor een basisschool te realiseren. In het kader van deze werkzaamheden vormt ondergenoemde activiteit de aanleiding tot het uitvoeren van het onderzoek: •

Het uitvoeren van de milieubelastende activiteiten bouwen op een bodemgevoelige locatie (Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl §5.1.4.5.1).

Doelstelling De doelstelling van het onderzoek is: •

Inzicht krijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem op de onderzoekslocatie, het onderzoeksgebied, de locatie waar een bodembedreigende milieubelastende activiteit plaatsvindt of in de kwaliteit van een partij grond.

Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie met betrekking tot de milieuhygiënische bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. Verklaring onafhankelijkheid IDDS verklaart hierbij onafhankelijk te zijn van de opdrachtgever en geen belang te hebben bij de resultaten van het uitgevoerde onderzoek. Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 3 van 9

2.

MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK

2.1 AANLEIDING VOORONDERZOEK Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de actuele onderzoeknorm NEN 5725. In de onderzoeknorm NEN 5725:2023 is een acht aanleidingen voor het verrichten van vooronderzoek gedefinieerd. Afhankelijk van de aanleiding of aanleidingen voor het verrichten van het vooronderzoek moet antwoord worden verkregen op een aantal vastgestelde onderzoeksvragen. Voor onderhavig onderzoek is sprake van de ondergenoemde aanleiding: A. Uitvoeren van bodemonderzoek, saneren van een milieubelastende activiteit en/of realiseren van een gebouw op een bodemgevoelige locatie De onderzoeksvragen zijn, samen met de bijbehorende uitwerking en antwoorden, in de navolgende paragrafen opgenomen.

2.2

AFBAKENING ONDERZOEKSGEBIED

TABEL 2.2.1: Afbakening onderzoeksgebied Onderzoeksgebied Situering

Globale ligging: zie overzichtskaart 1.1 in bijlage 1. Begrenzing onderzoekslocatie: zie situatietekening 1.2 in bijlage 1.

Adres

Nabij Megaralaan 44

Postcode / Plaats

2182 TW Hillegom

Gemeente

Hillegom

Omgevingsdienst

Omgevingsdienst West-Holland

Provincie

Zuid-Holland

RD-coördinaten

Omschrijving

Globaal middelpunt onderzoekslocatie

X

100027

Y

477538

Provincie

De locatie is op basis van de Omgevingsverordening wel/niet gelegen binnen een grondwaterbeschermingsgebied.

Waterschap

De locatie is, op basis van de Legger waterkeringen, niet gelegen binnen de beschermingszone van een dijk.

Hoogte maaiveld

Z

Ca. 0,30 m -NAP

Kadastraal

Gemeente

Hillegom

Gemeentecode

HLG01

Sectie

C

Nummer

4786 (ged.)

Oppervlaktes

Totaal

Ca. 4.885 m2

Belendingen

Alle richtingen

De locatie grenst aan: Noordzijde: watergang Oostzijde: watergang Zuidzijde: woningen gelegen aan de Mesdaglaan Westzijde: park en watergang

Specifieke gebieden

Afbakening VO 25 meter buiten onderzoekgrenzen. #1: Informatie opdrachtgever #2: Kadaster / AHN / IDDS Projectenkaart

Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

Bronnen #1 / #2

-

pagina 4 van 9

2.3

POTENTIËLE BRONNEN VAN BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.3.1: Potentiële bronnen van bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Is sprake van potentiële bronnen van bodemverontreiniging, zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn de potentiële bronnen van bodemverontreiniging, waar liggen ze en wat zijn de verdachte parameters? Verkregen informatie

Bronnen

Voormalig gebruik

Aan de hand van historisch kaartmateriaal blijkt dat de locatie tot eind jaren ’70 van de vorige eeuw in poldergebied heeft gelegen en een agrarisch gebruik had. Er liepen twee sloten door de locatie, welke vermoedelijk rond begin jaren ’70 zijn gedempt. Het materiaal waar de sloten mee zijn gedempt is niet bekend. Mogelijk zijn dempingen uitgevoerd met gebiedseigen grond. Na de jaren ’70 zijn de omliggende wijken op het kaartmateriaal zichtbaar en is het park aangelegd. Door de jaren heen is het park meerdere keren veranderd. Het kaartmateriaal is opgenomen in bijlage 2.

Potentiële bronnen en stoffen

Het is onbekend met welk materiaal de (voormalige) sloten zijn gedempt en wat de milieuhygiënische kwaliteit hiervan was. Dergelijk dempingsmateriaal is verdacht op het voorkomen van verontreinigingen met zware metalen en PAK. Echter, zijn de dempingen mogelijk uitgevoerd met gebiedseigen grond.

Huidig gebruik

De locatie is momenteel een park.

Potentiële bronnen en stoffen

In de huidige situatie zijn geen potentiële bronnen van bodemverontreiniging bekend.

Toekomstig gebruik

Tijdelijke huisvesting.

#1 / #2

-

Antwoord De potentiële bron van bodemverontreiniging betreft de aanwezigheid van slootdempingen. Het is onbekend met welk materiaal de sloten zijn gedempt. Dergelijk dempingsmateriaal is verdacht op het voorkomen van verontreinigingen met zware metalen en PAK. Echter, zijn de dempingen mogelijk uitgevoerd met gebiedseigen grond. #1: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #2: Topotijdreis.nl

2.4

BODEMKWALITEIT

TABEL 2.4.1: Bodemkwaliteit Onderzoeksvraag Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? Verkregen informatie Bodemkwaliteit

Bronnen Bodemkwaliteitszone

B6/T6/O6: recente woonbebouwing, sport en recreatie

Stoffen met P95 >IW binnen de zone?

Geen

Ontgravingskaart boven- en ondergrond

Bovengrond (0,0 - 0,5 m-mv) : landbouw/natuur Ondergrond (0,5 - 2,0 m-mv) : landbouw/natuur

#1

Antwoord De locatie is gelegen binnen Bodemkwaliteitszone B6/T6/O6: recente woonbebouwing, sport en recreatie. Uit de statische gegevens die ten grondslag liggen aan de bodemkwaliteitskaart blijkt dat in de grond de 95percentielwaarde voor geen enkele stof de interventiewaarde bodem overschrijdt. #1: Nota bodembeheer 2023-2033 Regio West-Holland, SOB015939, d.d. 05-05-2023 Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 5 van 9

2.5

BODEMKWALITEIT EN ASBEST

TABEL 2.5.1: Asbest Onderzoeksvraag Is de bodem asbestverdacht? Verkregen informatie Bodembouw

Bronnen Er is geen informatie beschikbaar omtrent een eventuele verdenking op de aanwezigheid van asbest in de bodem.

#1 / #2 / #3

Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van een puinbijmenging, de locatie, ongeacht de gradatie van het puin, dient te worden aangemerkt als asbestverdacht. Antwoord Informatie omtrent het voorkomen van asbest in de bodem is onbekend. Vooralsnog wordt bodem als onverdacht beschouwd ten aanzien van asbest. Opgemerkt wordt dat, indien in de bodem sprake is van bijmengingen met puin, de locatie als asbestverdacht wordt aangemerkt. #1: BAG-viewer #2: NEN5725:2023, bijlage A #3: Topotijdreis

2.6

BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

TABEL 2.6.1: Bodemopbouw en geohydrologie Onderzoeksvraag Wat is de bodemopbouw en geohydrologie en is er binnen het onderzoeksgebied sprake van verschillende fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen? Zo ja, welke fysische kwaliteiten en/of bodemvreemde lagen zijn er en waar bevinden deze zich? Uitwerking Bodemopbouw (lokaal) Grondwater (lokaal)

Bronnen 0,0 - 1,0 m-mv

Zand

1,0 - 3,0 m-mv

Wisselend zand en veen

Grondwaterstand freatisch

Circa 0,5 m-mv

#1

Een eenduidige stromingsrichting van het grondwater is niet bekend. Voor zover bekend wordt het grondwater op en in de nabijheid van de onderzoekslocatie niet beïnvloed door menselijk handelen. Doordat de grondwaterstand door middel van de slootpeilen op een vast peil wordt gereguleerd, is er nauwelijks sprake van een horizontale stromingsrichting van het grondwater. Een (tijdelijke) optredende horizontale stromingsrichting wordt veroorzaakt door regenoverschot en zal naar de omliggende sloten gericht zijn. Geohydrologie

Bodemvreemde lagen

0,0 - 5,0 m-mv

Duinpakket

5,0 - 15,0 m-mv

Deklaag

15,0 - 70,0 m-mv

1e en 2de watervoerend pakket

70,0 – 80,0 m-mv

2de scheidende laag

Slootdempingen

Conclusie Er worden, behoudens mogelijke slootdempingen, geen bodemvreemde lagen verwacht binnen het te onderzoeken gebied. #1: DINOloket / Bodematlas provincie Zuid-Holland / Archief IDDS

Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 6 van 9

2.7

BEÏNVLOEDING

TABEL 2.7.1: Beïnvloeding Onderzoeksvraag Is sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke beïnvloeding en waar? Verkregen informatie Beïnvloeding

Bronnen Er wordt op basis van de beschikbare informatie geen beïnvloeding vanuit de omgeving verwacht.

#1

Antwoord Er is voor zover bekend geen sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit en/of de kwaliteit van het grondwater. #1: Bodemloket.nl

2.8

BODEMVERONTREINIGING

TABEL 2.8.1: Bodemverontreiniging Onderzoeksvraag Wordt op de locatie of een deel daarvan een geval van ernstige bodemverontreiniging of een sterke verontreiniging (boven interventiewaarde) vermoed? Zo ja, waar bevindt deze zich? Verkregen informatie

Bronnen

Geval/verontreiniging ter plaatse van de locatie Verwachting

Er zijn geen Besluiten ingevolge de Wet bodembescherming bekend voor deze locatie. Voor zover bekend is op locatie geen eerder bodemonderzoek uitgevoerd.

#1 / #2 / #3

Geval/verontreiniging in de directe omgeving van de locatie Verwachting

Een omgevingsrapportage is bij Omgevingsdienst West-Holland opgevraagd, zie bijlage 2. Binnen de straal van 25 meter van de onderzoekslocatie zijn geen bodemonderzoeken uitgevoerd.

#1 / #2 / #3

Antwoord Er zijn geen eerdere bodemonderzoek bekend dan wel uitgevoerd. Er is geen vermoeden dat op locatie een sterke verontreinigingen aanwezig is. #1: Bodemloket, #2: Omgevingsdienst West-Holland; Omgevingsrapportage (opgenomen in bijlage 2) #3: Archief IDDS

2.9

TERREINVERKENNING

De terreinverkenning heeft tot doel om te controleren of de gedocumenteerde informatie overeenkomt met de daadwerkelijke situatie ter plaatse en deze aan te vullen met relevante waarnemingen. De terreinverkenning is op 13 november 2024 uitgevoerd. Op basis van de terreinverkenning blijkt geen sprake te zijn van aanvullende bijzonderheden en hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van de reeds verkregen gegevens. Ter illustratie is in bijlage 2 een fotoreportage opgenomen. Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 7 van 9

2.10

CONCLUSIES & AANBEVELINGEN

Alle binnen het vooronderzoek geraadpleegde bronnen zijn als betrouwbaar beoordeeld. Uit de beantwoording van de verschillende onderzoeksvragen zijn conclusies getrokken over de verwachte milieuhygiënische bodemkwaliteit: •

Op basis van de beschikbare representatieve bodeminformatie uit de Bodemkwaliteitskaart wordt ter plaatse van de onderzoekslocatie, behoudens de locaties van de slootdempingen, geen significante verontreinigingen verwacht;

•

In het vooronderzoek blijkt dat binnen de grenzen van de onderzoekslocatie twee sloten hebben gelegen welke vermoedelijk begin jaren ’70 zijn gedempt. Het materiaal waar de sloten mee zijn gedempt is niet bekend. Dergelijk dempingsmateriaal is verdacht op het voorkomen van verontreinigingen met zware metalen en PAK. Echter, zijn de dempingen mogelijk uitgevoerd met gebiedseigen grond.

•

Voor zover bekend is de locatie niet eerder milieukundig onderzocht en er zijn geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Derhalve is de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit voor de gehele onderzoekslocatie onbekend.

Op basis van bovenstaande adviseren wij de onderzoekslocatie te onderzoeken conform de norm NEN 5740:2023 met onderstaande strategieën: • •

Gehele terrein: Onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL); Gedempte sloten: Verdachte locatie met een duidelijke plaatselijke kern van bodembelasting (VEP).

In onderstaande tabel is de voorgestelde onderzoeksopzet schematisch weergegeven. TABEL 2.10.1: Onderzoeksopzet

Onderdeel

Veldonderzoek

Gehele terrein NEN ONV-NL

11 x 3x 1x

boring, max. 1 m boring, max. 2 m boring, max. 3 m met peilbuis

Gedempte sloot NEN VEP - 2x

6x

raai boring, max. 1,5 m

1x

Indien aangetroffen1 boring, max. 3 m met peilbuis

1)

2)

Chemische analyses (raming) Grond

Grondwater

4x

standaardpakket

1x

standaardpakket

2x

Indien aangetroffen1 standaardpakket

1x

Indien aangetroffen1 standaardpakket

Indien zintuiglijk in de bodem slib en/of rietresten dan wel dempingsmateriaal wordt aangetroffen duidt dit vermoedelijk op een gedempte sloot. Derhalve zal direct in het veld een boring worden afgewerkt met een peilbuis die tot in de verdachte laag wordt gezet. Analytisch onderzoek van de grond en/of grondwater zal plaatsvinden middels een standaardpakket. Bij het aantreffen van puin in de bodem dient de locatie als asbestverdacht te worden aangemerkt. Ter bepaling van de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten aanzien van asbest wordt de onderzoeksnorm NEN 5707+C2;2017; Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond gehanteerd.

Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 8 van 9

3.

BETROUWBAARHEID

Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen geaccepteerde inzichten en methoden. Er kan niet worden uitgesloten dat in werkelijkheid afwijkingen optreden ten opzichte van de in dit rapport gepresenteerde resultaten. Bij de uitvoering van een vooronderzoek is IDDS afhankelijk van de gevonden en aangeleverde informatie door externen (gemeenten, omgevingsdiensten e.a.). IDDS is niet aansprakelijk voor de schade voortkomend uit de onjuistheid of onvolledigheid van de aangeleverde informatie.

Milieuhygiënisch vooronderzoek Locatie: Elsbroekpark, Hillegom Kenmerk rapportage: A6602-06/PMU/rap1

pagina 9 van 9

BIJLAGE 1.1 Topografische kaart

BIJLAGE 1.2 Situatietekening

BIJLAGE 2.1 Rapportage omgevingsdienst

Bodeminformatie Dynamisch Rapport - 15-11-2024

Geselecteerd gebied

Locatie

25.00-meter contour

Percelen

(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 1 van 8 - 15-11-2024

Inhoudsopgave Inleiding

3

Gegevens binnen het geselecteerde gebied

4

Locaties

4

Gegevens binnen de 25.00-meter contour rond het geselecteerde gebied

5

Locaties

5

Disclaimer

6

Toelichting

7

(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 2 van 8 - 15-11-2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1733/documents/23160