CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

02. Ontwerpbegroting 2024 Holland Rijnland.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 13: Zienswijze ontwerpbegroting 2024 GR Holland Rijnland14.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Schiphol

Wat willen we bereiken? De nabijheid van luchthaven Schiphol zorgt voor werkgelegenheid in en goede internationale bereikbaarheid van de regio. Echter ervaart de regio ook luchtvaartgerelateerde geluids- en luchtkwaliteitsoverlast. Recente ontwikkelingen maken inzet nodig van de organisatie Holland Rijnland op dit dossier. De belangrijkste ontwikkelingen zijn de herziening van het luchtruim, waardoor meer vluchten over Holland Rijnland zullen vliegen, en de cumulatieregeling geluid als beoogd onderdeel van de Omgevingswet, waardoor luchtvaartgeluid zwaarder meetelt in de stapeling van omgevingsgeluid. Dit belemmert woningbouw en bedrijfsvestiging op meer locaties in de regio. We hebben daarnaast geconstateerd dat het huidige debat wordt gedomineerd door Noord-Hollandse partijen. Wat gaan we daarvoor doen? Holland Rijnland helpt de gemeenten op een pragmatische wijze in het strategische luchtvaartdossier, waarbij de ondersteuning met name ligt op de regionale belangen die spelen rondom Schiphol en het luchtvaartdossier. De communicatie- en samenwerkingslijnen lopen al via de bestaande overlegstructuren van de Bestuurlijke Regie Schiphol (zowel Zuidwest als Groene Hart). Hiervan maken de betrokken gemeenten reeds onderdeel uit. 2.5.4

Kantorenmonitor

Wat willen we bereiken? Jaarlijks maken we een kantorenmonitor om inzichtelijk te hebben hoe vraag en aanbod van kantoren zich ontwikkelt, waarbij we speciaal aandacht besteden aan de leegstand. Op basis van deze monitor kunnen we bijsturen. Anders werken leidt tot 24

een andere behoefte, die we met de kantorenmonitor inzichtelijk maken. Meer thuiswerken zal een blijvende erfenis zijn van de coronacrisis, dat zal terug te zien zijn in de kantorenmonitor. Wat gaan we daarvoor doen? We monitoren jaarlijks de balans tussen vraag en aanbod van werklocaties. 2.5.5

Arbeidsmarktparticipatie

Wat willen we bereiken? Iedereen moet de kans krijgen mee te doen in de maatschappij en zichzelf te ontwikkelen. Een passende baan is hierin een belangrijke factor. Voor sommige mensen is dit echter geen vanzelfsprekendheid, bijvoorbeeld omdat de opleiding niet meer aansluit bij de huidige arbeidsmarkt. Binnen de arbeidsmarktregio Holland Rijnland werken gemeenten, UWV en sociale partners samen om de dienstverlening aan werkgevers en werkzoekenden vorm te geven. Het doel hiervan is om mensen met (grote) afstand tot de arbeidsmarkt weer aan werk te helpen. Wat gaan we daarvoor doen? De arbeidsmarktregio maakt geen onderdeel uit van de organisatie Holland Rijnland. Wel biedt Holland Rijnland, waar nodig, advies en ondersteuning. Op deze manier kunnen we beter de verbinding leggen tussen de regionale economie en de ‘menskant’, zoals het terugdringen van laaggeletterdheid en Human Capital. Zo werken we integraal aan de opgaven op het gebeid van economie en arbeidsmarkt. 2.5.6

Huisvesting asielzoekers

Wat willen we bereiken? De capaciteit van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) is niet toereikend om de huidige hoeveelheid asielzoekers op te vangen. De consequenties hiervan zagen we de afgelopen zomer. Eind augustus 2022 sloten het Rijk, de VNG, het IPO en het Veiligheidsberaad een akkoord om te komen tot een duurzame oplossing voor de opvangcrisis. De ‘spreidingswet’ stelt het kabinet in positie om, naast een taakstelling voor gemeenten om statushouders op te vangen, ook een taakstelling op te leggen voor het opvangen van asielzoekers. Holland Rijnland zorgt voor de regionale afstemming en coördinatie tussen de gemeenten ter realisatie van de opgave. Wat gaan we daarvoor doen? De primaire verantwoordelijkheid voor het huisvesten van asielzoekers ligt bij de gemeenten. Om hen echter zoveel mogelijk te ontlasten bij het vervullen van de taakstelling, voert Holland Rijnland een aantal coördinerende, monitorende en faciliterende taken uit. Hieronder vallen: het opzetten en uitvoeren van monitoring op de realisatie van de taakstelling door individuele gemeenten en op regioniveau; het opzetten en onderhouden van de bestuurlijke en ambtelijke regionale governance; het duiden van (nieuw) provinciaal en Rijksbeleid; het onderhouden van contacten met belangrijke stakeholders als het COA, de provincie en de Provinciale Regietafel (PRT). 25

Op het moment van schrijven van deze begroting wordt in de colleges en gemeenteraden gesproken over het beleggen van deze extra taak bij Holland Rijnland. Wij verwachten dat voor de zomer van 2023 de besluitvorming hierover is afgerond. Tot de zomer 2023 is er vanuit het COA capaciteit beschikbaar gesteld om, vooruitlopend op deze nieuw taak, alvast kwartier te maken. Mocht de taak bij Holland Rijnland worden belegd, dan zal hier ook dekking voor moeten komen. Indien er geen extra budget bij komt, is het voor de organisatie Holland Rijnland niet mogelijk om deze taak uit te voeren. 2.6

Wat mag het kosten?

De begroting 2024 is geïndexeerd conform de percentages zoals opgenomen in de Kaderbrief 2024. Tevens zijn de baten en lasten geactualiseerd conform de onderdelen opgenomen in tabel 1.3 van paragraaf 1.2 Begrotingswijzigingen.

Programma 1 Strategie en Beleid Programmakosten Kosten Werkorganisatie Subtotaal lasten Bijdragen van derden Saldo voor mutatie reserves Storting in reserves Onttrekking uit reserves Saldo reserveringen Saldo baten en lasten

Rekening 2022 3.652.009 1.107.414 4.759.423 -2.679.618 2.079.805 195.667 195.667 2.275.472

Begroting 2023 1.603.259 1.003.718 2.606.977 -608.649 1.998.328

Begroting 2024 2.213.659 1.404.096 3.617.755 -1.017.200 2.600.555

Begroting 2025 1.948.770 1.404.096 3.352.866 -1.017.200 2.335.666

Begroting 2026 1.948.770 1.404.096 3.352.866 -1.017.200 2.335.666

Begroting 2027 1.948.770 1.404.096 3.352.866 -1.017.200 2.335.666

1.998.328

-264.889 -264.889 2.335.666

2.335.666

2.335.666

2.335.666

Rekening 2022 cf Concept Jaarrekening d.d. 5 april 2023 Tabel 2.1: Ontwikkeling begroting Programma Strategie en Beleid

Het Regionaal Investeringsfonds (RIF) loopt tot en met 2024. Alleen de gemeenten die in 2008 deel uitmaakten van Holland Rijnland, betalen mee aan het RIF. Voor de gemeente Kaag en Braassem geldt daarom dat zij alleen meebetaalt voor het gebied van de voormalige gemeente Alkemade. De gemeenten Nieuwkoop en Alphen aan den Rijn nemen niet deel aan het RIF. Noordwijk en Noordwijkerhout zijn 1 januari 2019 gefuseerd. In de periode van 2008 tot 2024 storten de gemeenten een bijdrage op basis van een afgesproken verdeelsleutel. De gemeente Leiderdorp voldeed reeds in 2015 volledig aan haar verplichting voor de tweede tranche . Over het jaar 2023 gaat het om een bedrag van € 377.487. Inclusief de bijdrage van de gemeente Leiderdorp zou de totale bijdrage 2023 uitkomen op een bedrag van € 6.250.000. Dit geldt ook voor het jaar 2024.

26

Tabel 2.2: Bijdrage Regionaal Investeringsfonds per gemeente tot en met 2024

In onderstaande tabel zijn met betrekking tot het cofinancieringsfonds de beschikte bedragen en de lasten per jaar opgenomen. In het verleden werden verstrekte voorschotten direct in de lasten opgenomen. Door aanpassing van de BBV-regels (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten) worden de genomen lasten gematcht aan de voortgang van projecten. Dit gebeurt in overleg met de uitvoerende partijen.

Tabel 2.3: Lasten Cofinancieringsfonds 2016-2024

27

3

Regionale Uitvoering

Gemeenten in Holland Rijnland hebben een aantal uitvoeringstaken belegd bij Holland Rijnland. Het Regionaal Bureau Leerrecht (RBL) is verreweg het grootste team binnen deze afdeling. Het RBL is belast met de taken rondom leerplicht en voortijdig schoolverlaten. Daarnaast verstrekt Holland Rijnland namens de gemeenten urgentieverklaringen voor sociale huurwoningen en voert Holland Rijnland het beheer over het contract met de vervoerder van de Regiotaxi. Gemene deler van deze drie verschillende taken: Holland Rijnland is voortdurend gericht op een hoge kwaliteit van dienstverlening tegen zo laag mogelijke kosten. 3.1

Regionaal Bureau Leerrecht

Wat willen we bereiken? Elf van de dertien gemeenten in Holland Rijnland organiseren samen de uitvoerende taken rondom leerplicht en het tegengaan van voortijdig schoolverlaten. De missie van het Regionaal Bureau Leerrecht (RBL) Holland Rijnland, is vastgesteld in het beleidsplan RBL Holland Rijnland 2022-2025. Deze luidt: "Iedereen verdient kansen op onderwijs en ontwikkeling. Sommige kinderen en jongeren hebben steun nodig bij het grijpen van die kansen. Wij bieden die steun." Deze missie vertaalt zich in vier operationele doelstellingen: • Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is, werken ze en/of krijgen ze (jeugd)hulp. • Thuiszitters en voortijdig schoolverlaters worden vaker toegeleid naar onderwijs of, als onderwijs niet passend is, naar werk en/of hulpverlening. • Verzuimende leerlingen volgen na onze interventies vaker de lessen. • Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter. Schooluitval is niet alleen maatschappelijk, maar ook economisch ongewenst. Net als een goede aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp, is een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt van belang om talenten optimaal te kunnen benutten. Hiertoe werkt het RBL intensief samen met onderwijs, zorg, opdracht-gevende gemeenten en andere ketenpartners.

Wat gaan we daarvoor doen? Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs. Door het volgen van onderwijs kunnen jeugdigen zich ontplooien en ontwikkelen. Door het behalen van een startkwalificatie voldoen zij aan het minimale niveau dat nodig is om een goede kans te maken op de arbeidsmarkt en mee te doen in de samenleving. Als uitvoeringsorganisatie heeft het RBL de structurele taak om de leerplichtfunctie (5- tot 16-jarigen), de kwalificatieplicht (16- en 17-jarigen) en de RMC-functie (Regionale Meld- en Coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten, voor 18- tot 23-jarigen) uit te voeren. De kern van het werk bestaat uit het (aan)spreken en begeleiden van kinderen en jongeren (en hun ouders) die kort- of langdurig niet naar school gaan, dreigen uit te vallen of uitgevallen zijn. Het RBL werkt hierbij nauw samen met scholen, hulpverlening, gemeenten en andere ketenpartners. 28

Het RBL heeft daarbij ook een belangrijke signalerende rol, bijvoorbeeld als het gaat om de samenwerking tussen onderwijs en (jeugd)hulpverlening en het tot stand brengen van een dekkend onderwijs-zorgcontinuüm in de regio. Daarnaast speelt het RBL een coördinerende rol bij het regionale VSV-programma (voortijdig school verlaten). Hierin werken scholen, gemeenten en RBL samen om gericht en effectief acties te ondernemen om voortijdig schoolverlaten tegen te gaan. Het RBL voert bovendien het fondsenbeheer over de gemeentelijke VSV-projecten. In recente jaarverslagen en het beleidsplan 2022-2025 vindt u meer gedetailleerde informatie over de aanpak van het RBL en de hiermee geboekte resultaten. De formatie van het RBL (1-1-2023): 24 FTE. 3.2

Team woonurgenties

Wat willen we bereiken? We zorgen voor een effectieve en efficiënte uitvoering van de taken rondom urgentieaanvragen voor sociale huurwoningen: Wat gaan we daarvoor doen? • We faciliteren een onafhankelijke regionale urgentiecommissie met kennis van zaken • We voeren het secretariaat van deze regionale urgentiecommissie en bereiden besluitvorming voor. • We voeren het verweer in bezwaar- en beroepsprocedures bij de rechtbank en de Raad van State. • Ook zorgen we voor de regionale behandeling van bezwaren omtrent woonruimteverdeling door de verschillende bezwaarschriftencommissies. In recente jaarverslagen vindt u meer gedetailleerde informatie over de aanpak van het team woonurgenties en de hiermee geboekte resultaten. De formatie van het team woonurgenties (1-1-2023): 2,6 FTE 3.3

Team Regiotaxi

Wat willen we bereiken? We zorgen ervoor dat alle inwoners van onze regio veilig en plezierig van A naar B kunnen reizen als de auto of het OV voor hen geen optie of wens is. Hiertoe dragen we middels stevig contractbeheer met vervoerder(s) zorg voor een kwalitatief hoogstaand systeem van Collectief Vraagafhankelijk Vervoerssysteem (Regiotaxi). Wat gaan we daarvoor doen? Wij zijn verantwoordelijk voor de aanbesteding en het contractbeheer met de vervoerder van de Regiotaxi. Wij zien erop toe dat de uitvoering conform het bestek geschiedt. Zo monitoren we de tijdigheid van het vervoer, de klantbeleving (middels een continu klanttevredenheidsonderzoek), het aantal klachten en de afhandeling hiervan, het vervoersvolume, et cetera. We staan voortdurend in contact met 29

individuele gemeenten, vervoerder, belangenorganisaties en reizigers en dragen zorg voor een zorgvuldige en tijdige communicatie met al deze partijen. De formatie van het team regiotaxi (1-1-2023): 0,8 FTE 3.4

Wat mag het kosten?

De begroting 2024 is geïndexeerd conform de percentages zoals opgenomen in de Kaderbrief 2024. Tevens zijn de baten en lasten geactualiseerd conform de onderdelen opgenomen in tabel 1.3 van paragraaf 1.2 Begrotingswijzigingen. Programma 2 Regionale Uitvoering Programmakosten Kosten Werkorganisatie Subtotaal lasten Bijdragen van derden Saldo baten en lasten

Rekening 2022 856.674 2.129.011 2.985.685 -1.684.373 1.301.313

Begroting 2023 876.315 1.975.454 2.851.769 -1.301.244 1.550.525

Begroting 2024 1.087.883 2.263.011 3.350.894 -1.746.783 1.604.111

Begroting 2025 1.036.371 2.263.011 3.299.382 -1.695.271 1.604.111

Begroting 2026 1.036.371 2.263.011 3.299.382 -1.695.271 1.604.111

Rekening 2022 cf Concept Jaarrekening d.d. 5 april 2023 Tabel 3.1: Ontwikkeling begroting Programma Regionale Uitvoering

De opbouw van de begroting 2024 naar de producten onder programma Regionale Uitvoering is terug te zien in tabel 3.2. Met betrekking tot de lasten gaat het enkel om de directe personeels- en programmalasten. De toerekening van de overhead is conform de BBV regels niet opgenomen en staan onder programma 3 Bedrijfsvoering.

Begroting 2024 Regionaal Bureau Leerrecht Woonurgenties Regiotaxi Totaal

Lasten 2.322.073 499.443 529.378 3.350.894

Baten -1.281.783 -20.000 -445.000 -1.746.783

Saldo 1.040.290 479.443 84.378 1.604.111

Tabel 3.2: Begroting 2024 naar producten Regionale Uitvoering

30

Begroting 2027 1.036.371 2.263.011 3.299.382 -1.695.271 1.604.111

4

Bedrijfsvoering

4.1

Overhead

Alle werkzaamheden en kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces, behoren tot dit programma. Het zijn kosten die worden gemaakt om bijvoorbeeld afstemming, communicatie en besluitvorming voor de primair procesactiviteiten mogelijk te maken. Denk hierbij aan de organisatie van en ondersteuning bij Themacafés, regiodagen, vergaderingen van het bestuur. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn deze kosten als overhead gedefinieerd. We streven naar een effectieve en efficiënte ondersteuning. Waar het om personeel gaat, behoren binnen Holland Rijnland tot de overhead: • Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch); • Control, informatie- en beveiligingsbeleid; • Interne en externe communicatie; • Bestuurszaken en bestuursondersteuning; • Documentatie en informatieverstrekking (DIV) (hiertoe hoort ook expertiseontwikkeling en advies over de procesinrichting); • Managementondersteuning voor het primair proces; Een manager of leidinggevende drukt volledig op het programma Organisatie en Samenwerking, ongeacht of deze voor een deel van zijn tijd ook inhoudelijke taken vervult. Voor de leidinggevenden van Holland Rijnland geldt dat zij voor een belangrijk deel van hun tijd inhoudelijke taken vervullen. De overige overhead-taken, zoals HRM en ICT, zijn ondergebracht bij de gemeente Leiden (voorheen: Servicepunt71).

De bijdrage voor het leveren van de bedrijfsvoering wordt eveneens weergegeven in dit programma. Tot het programma behoren ook: • De kosten voor de huisvesting om de algemene taken van de eigen organisatie uit te voeren; • De verzekeringskosten en opleidingskosten voor personeel;

De begroting 2024 is geïndexeerd conform de percentages zoals opgenomen in de Kaderbrief 2024. Tevens zijn de baten en lasten geactualiseerd conform de onderdelen opgenomen in tabel 1.3 van paragraaf 1.2 Begrotingswijzigingen.

31

Product Overhead

Rekening 2022 Programmakosten Kosten Werkorganisatie Subtotaal lasten Bijdragen van derden

Saldo baten en lasten

1.205.868 1.553.746 2.759.614 96.521 2.856.135

Begroting 2023 1.093.904 1.505.792 2.599.696

Begroting 2024 1.272.965 1.573.102 2.846.067 -150.000

Begroting 2025 1.272.965 1.573.102 2.846.067 -150.000

Begroting 2026 1.272.965 1.573.102 2.846.067 -150.000

Begroting 2027 1.272.965 1.573.102 2.846.067 -150.000

2.599.696

2.696.067

2.696.067

2.696.067

2.696.067

Rekening 2022 cf Concept Jaarrekening d.d. 5 april 2023 Tabel 4.1: Ontwikkeling begroting product Overhead

4.2

Algemene dekkingsmiddelen

De middelen die Holland Rijnland ontvangt van de deelnemende gemeenten, zijn opgenomen in het product Algemene Dekkingsmiddelen. Vanaf 2023 is de bijdrage voor de TWO Jeugdhulp (de huidige Service Organisatie Zorg) niet meer in de cijfers opgenomen. De verhoging van de bijdrage wordt bepaald door de bestuurlijke werkgroep Financiële Kaderstellingen Gemeenschappelijke Regelingen. Product Algemene Dekkingsmiddelen Programmakosten Bijdrage regiogemeenten Saldo baten en lasten Storting in reserves Onttrekking uit reserves Saldo reserveringen Resultaat

Rekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

-6.082.406 -6.082.406 -237.711 -237.711 -6.320.117

-6.148.549 -6.148.549 -

-6.635.845 -6.635.845 -

-6.635.845 -6.635.845 -

-6.635.845 -6.635.845 -

-6.635.845 -6.635.845 -

-6.148.549

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

Rekening 2022 cf Concept Jaarrekening d.d. 5 april 2023 Tabel 4.2: Ontwikkeling product Algemene Dekkingsmiddelen

32

5

Begroting Paragrafen

5.1

Lokale heffingen

Voor één van de uitvoerende taken worden leges geïnd, namelijk de uitvoering van de woonruimteverdeling voor de toetsing van urgentieverzoeken. De onkosten voor het programma 'Vernieuwing huisvestingsverordening en uitvoering urgentie' worden vooral gedekt uit de reguliere bijdrage van alle deelnemende gemeenten. 5.2

Risicoparagraaf

De deelnemende gemeenten zijn, op grond van de gemeenschappelijke regeling, gezamenlijk verantwoordelijk voor de financiële situatie bij het samenwerkingsorgaan en voor mogelijke tekorten of financiële tegenvallers. Dit betekent dat Holland Rijnland geen weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit hoeft te hebben (zie kader). Het samenwerkingsorgaan Holland Rijnland heeft bij het opstellen van deze begroting €11.000 ter beschikking als algemene reserve die eventueel kan worden ingezet bij risico's die zich voordoen. Holland Rijnland informeert de deelnemende gemeenten driemaal per jaar over het verloop van de begroting door middel van de begroting, de Tussentijdse rapportage (Turap) en de jaarrekening. Indien aan de orde, informeert het DB het AB over tussentijdse wijzigingen. Eventuele risico’s worden zo spoedig mogelijk gemeld. Op basis van deze informatie zijn gemeenten in staat om voldoende voorzieningen te treffen in de eigen begroting. De eventuele risico’s kunnen worden betrokken in het geheel van de door de gemeenten gelopen risico’s. Om die reden is er geen afzonderlijke risicoreserve bij de gemeenschappelijke regeling aangehouden.

Weerstandsvermogen Het vermogen van Holland Rijnland om onverwachte financiële tegenvallers op te kunnen vangen. Risico’s Onder risico's verstaan we alle voorzienbare risico's waarvoor geen voorzieningen zijn gevormd, of die niet tot afwaardering van activa leiden en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of de financiële positie. Elke organisatie kent risico’s uit de reguliere bedrijfsvoering, zo ook Holland Rijnland. Oorzaken hiervan kunnen gelegen zijn in onder meer: • • •

Automatisering/datalek Aanbestedingsprocedures en Financiering van activiteiten

Meer concreet zijn de volgende risico’s en beheersmaatregelen in beeld. 33

1.

Risico Inhoudelijke uitwerking van de regionale investeringsagenda vraagt mogelijk extra capaciteit en expertise. Hierin is nu niet voorzien.

2.

Er is nog niet voorzien in financiële dekking voor de taak rondom de coördinatie huisvesting asielzoekers, die mogelijk medio 2023 bij Holland Rijnland wordt belegd.

3.

Holland Rijnland is naar aanleiding van de regionale woondeal aangewezen als trekker van de Versnellingstafel Woningbouw. Dit brengt extra werkzaamheden met zich mee, waarvoor nog geen dekking is.

4.

Toegekende indexatie loopt achter op de stijging van de kosten

5.

Er is niet voorzien in financiële dekking teneinde te voldoen aan zwaardere privacywetgeving (AVG en WPG).

Beheersmaatregel Er wordt zoveel mogelijk gebruikgemaakt van aanwezige kennis, expertise en capaciteit in de regio. Mocht dit onvoldoende blijken, dan kan op een later moment een voorstel volgen aan de gemeenten om de bijdrage aan Holland Rijnland voor dit onderdeel te verhogen. Op dit moment kan hier nog geen financiële inschatting van worden gegeven. De gemeenten benaderen de provincie en het Rijk om financieel bij te dragen aan het realiseren van de opgave om (extra) asielzoekers te huisvesten. Mochten Rijk en/of provincie onverhoopt geen of onvoldoende financiële middelen ter beschikking stellen voor de coördinatietaak van Holland Rijnland, dan komen de kosten ten laste van de gemeenten. Bij geen dekking kan Holland Rijnland deze nieuwe taak niet uitvoeren. Een voorzichtige schatting is dat de uitvoering van deze taak €135.000 bedraagt. Dit bedrag is gebaseerd op de maximale inschaling van 0,8 fte in schaal 12. We inventariseren hoeveel capaciteit deze nieuwe taak van Holland Rijnland zal vragen. Daar is nu nog onvoldoende over bekend. Zodra hier zicht op is, volgt een onderbouwd voorstel aan de gemeenten om de uitvoering van deze taak te dekken. Op dit moment kan hier nog geen financiële inschatting van worden gegeven.

In de huidige indexatiesystematiek is er minimaal een jaar vertraging tussen de exogene kostenontwikkeling waarmee Holland Rijnland wordt geconfronteerd en de toegekende indexatie. De financiële impact wordt op basis van de ontwikkeling van de afgelopen jaren geschat op een bedrag van €300.000. Holland Rijnland zal de werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regeling verzoeken om de indexeringssystematiek te actualiseren. Holland Rijnland tracht de extra kosten voor de benodigde inhuur van FG en privacy-officer van naar schatting €30.000 binnen de begroting op te vangen. Mocht dit niet lukken, dan volgt later een voorstel aan gemeenten om de bijdrage aan Holland Rijnland te verhogen.

Tabel 5.1: risico’s en beheersmaatregelen

34

5.3

Financiële kengetallen

Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat enkele kengetallen in de jaarrekening worden opgenomen die helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Deze kengetallen staan in onderstaande tabel.

Tabel 5.2: Financiële kengetallen Netto schuldquote: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De quote is negatief. Dit betekent dat de eigen middelen hoger zijn dan de schuldenlast. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte geldleningen: Holland Rijnland leent geen gelden uit. Derhalve is deze schuldquote gelijk aan de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio: Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de provincie of gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het getal geeft de verhouding tussen het eigen vermogen (reserves) en de schulden. Holland Rijnland heeft slechts een beperkte algemene reserve en bestemmingsreserves. Vandaar dat dit getal zeer laag is. Structurele exploitatieruimte: Holland Rijnland wordt grotendeels gefinancierd door de deelnemende gemeenten. In die zin is er geen sprake van structurele exploitatieruimte. Daarnaast ontvangt Holland Rijnland subsidies van de provincie Zuid-Holland en worden reserves ingezet voor incidentele lasten. Hierdoor ontstaat een beperkt negatieve ratio exploitatieruimte. Onderstaande tabel toont een normering waartegen de diverse ratio's kunnen worden afgezet.

Tabel 5.3: Normering financiële indicatoren

35

5.4

Financiering

De exploitatietekorten van het samenwerkingsorgaan worden gefinancierd door de dertien deelnemende gemeenten. Op basis van de vastgestelde begroting wordt de geraamde gemeentelijke bijdrage als voorschot in rekening gebracht. Bij de vaststelling van de jaarrekening wordt tevens de definitieve bijdrage over het betreffende jaar vastgesteld. Zo spoedig mogelijk daarna vindt er een verrekening plaats met de gemeenten. Daarnaast zijn er geldstromen van ministeries en provincie waarvan de bedragen worden doorgesluisd naar de betreffende instanties. Kasgeld Tijdelijke overschotten worden in verband met het Schatkistbankieren (zie kader) uitgezet bij de Schatkist. Dit gebeurt in daggeld of in deposito’s. Tijdelijke tekorten komen sporadisch voor en zijn slechts van korte duur. Hiervoor wordt dan gebruik gemaakt van de kredietlimiet (rood staan) van de BNG-bank. Leningenportefeuille Het samenwerkingsverband beschikt niet over een leningenportefeuille. In- en externe ontwikkelingen Er zijn geen in- of externe ontwikkelingen die invloed hebben op de treasuryfunctie, de treasury-organisatie, het risicoprofiel, de financiële posities, de vermogenswaarden of de geldstromen. Deze worden ook niet verwacht. Risicobeheer Treasury dient uitsluitend de publieke taak en het beheer van de uitzettingen gebeurt zorgvuldig.

Er wordt ruim voldaan aan de kasgeldlimiet, er zijn geen geldleningen en kasgeldoverschotten worden tijdelijk uitgezet bij de Schatkist. Renterisico’s Het renterisico is gering vanwege de zeer beperkte financieringsbehoeften en het zorgvuldig wegzetten van overtollige kasgeldmiddelen in de Schatkist. Holland Rijnland gaat geen vaste geldleningen aan. Het samenwerkingsorgaan voldoet dan ook aan de rente-risiconorm. Financieringsrisico’s Er zijn geen financieringsrisico's omdat de gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het financiële beleid van het samenwerkingsorgaan en zich hebben verplicht tekorten in zijn geheel gezamenlijk te dragen. Kasgeldlimiet Het samenwerkingsorgaan bleef gedurende vele jaren steeds binnen de kasgeldlimiet. Dit is voor gemeenschappelijke regelingen 8,2% van het begrotingstotaal. De verwachting is, dat dit ook voor de komende jaren blijft gelden. Voor 2024 bedraagt de kasgeldlimiet € 700.759.

36

Meerjarenprognose Op basis van de meerjarenbegroting is de inschatting dat Holland Rijnland ook de komende jaren geen geldleningen hoeft aan te gaan. Een renterisico vaste schuld is dan ook niet aanwezig. 5.5

Bedrijfsvoering

Het bedrijfsonderdeel Interne dienstverlening en advisering (Ida) van de gemeente Leiden voert de bedrijfsvoeringstaken voor Holland Rijnland uit, net zoals voor de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest en Zoeterwoude. Voor Holland Rijnland gaat het hierbij om de: • Financiële administratie; • ICT; • HRM; • Facilitaire zaken; • Juridische zaken; • Inkoop. De gemeente Leiden biedt aan Holland Rijnland geen diensten aan op het gebied van Documentaire Informatievoorziening (DIV). Deze activiteiten voert Holland Rijnland nog zelf uit. Organisatie Holland Rijnland De organisatie bestaat uit de volgende organisatieonderdelen: • •

•

Strategie en Beleid; Regionale Uitvoering o Regionaal Bureau Leerrecht (RBL), o Urgentiecommissie en o Regiotaxi; Bedrijfsvoering

De leiding van de organisatie ligt bij de secretaris-directeur.

37

Beleidsindicatoren Voor de bedrijfsvoering stelt Holland Rijnland, mede op instigatie van de nieuwe BBV, een aantal indicatoren op. Hieronder een weergave voor 2024:

Tabel 5.4: Beleidsindicatoren

38

Indexatie Voor het jaar 2024 vindt een indexatie plaats van de gemeentelijke bijdrage. We gaan uit van het voorstel van de Werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (WFGR) waarin de werkgroep voor 2024 een indexatie adviseert van gemiddeld 6,40% voor loonkosten (inclusief de loonkosten van de dienstverleningsovereenkomst met Servicepunt71), en 9,00% voor materiële kosten. Het gebruikte gewogen indexcijfer voor 2024 is 7,28%.

Tabel 5.5: Index 5.6

Wet open overheid

Op 1 mei is de Wet open overheid (Woo) officieel ingegaan en (gedeeltelijk) in werking getreden. De Woo is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en regelt het recht van burgers op informatie van de overheid. Zo krijgt iedereen meer inzicht in het handelen van de overheid. Een belangrijk verschil met de Wob is dat de Woo naast informatieverstrekking op verzoek (passief) overheidsorganisaties ook verplicht zelf informatie gefaseerd openbaar te maken (actief). Mede hierdoor is de Woo een belangrijke stap naar een open overheid. Uitgangspunt hierbij is dat iedereen recht heeft op toegang tot publieke informatie en dat alle overheidsinformatie in beginsel openbaar is. Alleen in uitzonderingsgevallen wordt hiervan afgeweken. Naast deze actieve informatieverstrekking, veranderen er ook zaken rond informatieverzoeken. Wob-verzoeken heten voortaan Woo-verzoeken. De termijn voor afhandeling van een Woo-verzoek blijft vier weken, maar kan bij een omvangrijk of complex verzoek met maximaal twee weken worden verlengd (in plaats van vier weken onder de Wob). Verder wijzen alle overheidsorganisaties een contactpersoon Woo aan. Deze helpt bij de beantwoording van vragen over de beschikbaarheid van publieke informatie door burgers en journalisten. 5.7

Wet gemeenschappelijke regelingen

In juni 2022 is het Algemeen Bestuur middels een beknopt memo geïnformeerd over de effecten van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) per 1 juli 39

2022. De gewijzigde WGR versterkt de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen, door meer handen en voeten te geven aan de kaderstellende en controlerende rol van gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Deze wetswijziging leidt tot een aanpassing van onze regeling. Hiervoor hebben gemeenschappelijke regelingen tot uiterlijk 1 juli 2024 de tijd gekregen. De wijziging zal voor Holland Rijnland grotendeels gaan om technische aanpassingen van onze regeling en het formeel laten aansluiten van processen bij de dagelijkse realiteit. Zo is een belangrijke wijziging bijvoorbeeld dat de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten de bevoegdheid krijgen om een zienswijze in te dienen voorafgaand aan het nemen van bepaalde besluiten door het bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Werken met zienswijzen is iets wat binnen Holland Rijnland voorheen al vaker is gedaan op de regionale producten, maar dit zal nu dus een ingebedde positie krijgen in de regeling. Onze regeling beschrijft ook de inhoudelijke thema’s van onze samenwerking. Door verschuivingen door de jaren heen en met het nieuwe werkprogramma Holland Rijnland 2022-2026 is de technische wijziging een handig moment om de regeling meteen te evalueren op de inhoud.

In de vergadering van het Algemeen Bestuur van december 2022 sprak het Dagelijks Bestuur het voornemen uit om een kleine evaluatie van onze gemeenschappelijke regeling te doen met een werkgroep bestaande uit een afvaardiging van AB-leden. Onder begeleiding van een bureau wordt deze (zelf)evaluatie in 2023 uitgevoerd. De bevindingen die hieruit voortvloeien, zullen dan, naast de wetstechnische aanpassingen, worden meegenomen in de komende wijziging. Het uiteindelijke doel is een duurzame regeling, die in schrift niet afhankelijk is van actualiteiten en die aansluit bij wat het samenwerkingsorgaan in taken en bevoegdheden omvat.

40

6

Financiële Begroting

6.1

Meerjarenbegroting 2023 – 2027 Rekening 2022

Lasten

Strategie en Beleid Regionale Uitvoering Bedrijfsvoering Service Organisatie Zorg

4.759.423 2.985.685 2.759.614 3.034.253 13.538.975

Strategie en Beleid Regionale Uitvoering Bedrijfsvoering Service Organisatie Zorg

-2.679.618 -1.684.373 96.521 -221.735 -4.489.204

Alg Dekkingsmiddelen HR Alg Dekkingsmiddelen SOZ Subtotaal Algemene Dekkingsmiddelen

-6.082.406 -2.828.902 -8.911.308

Subtotaal lasten Baten

Subtotaal Baten Baten

Saldo voor mutaties reserves

Mutatie Reserves

Onttrekkingen Dotaties

Saldo Baten en Lasten

138.463

Begroting 2023 2.606.977 2.851.769 2.599.696

Begroting 2024 3.617.755 3.350.894 2.846.067

Begroting 2025 3.352.866 3.299.382 2.846.067

Begroting 2026 3.352.866 3.299.382 2.846.067

Begroting 2027 3.352.866 3.299.382 2.846.067

8.058.442

9.814.716

9.498.315

9.498.315

9.498.315

-608.649 -1.301.244 -

-1.017.200 -1.746.783 -150.000

-1.017.200 -1.695.271 -150.000

-1.017.200 -1.695.271 -150.000

-1.017.200 -1.695.271 -150.000

-1.909.893

-2.913.983

-2.862.471

-2.862.471

-2.862.471

-6.148.549

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

-6.148.549

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

-6.635.845

264.889

-0

-0

-0

-

-264.889

-237.711 195.667 -42.044

-

-264.889

96.419

-

-0

Rekening 2022 cf Concept Jaarrekening d.d. 5 april 2023 Tabel 6.1: Meerjarenbegroting 2023-2027. 6.2

-

-

-0

-0

Incidentele lasten en baten

In de begroting 2024 zijn incidentele baten opgenomen met betrekking tot de aanpak jeugdwerkloosheid van ongeveer €50.000 en voor de compensatie van de groei van het aantal inwoners (zie paragraaf 2.1 Inwonersbijdrage). Hier tegenover zijn ook incidentele lasten begroot. Na 2025 vervallen deze baten en lasten. Er is daarom sprake van een structureel evenwicht voor alle jaren.

Tabel 6.2: Structureel evenwicht

41

-0

6.3

Geprognosticeerde balans

Tabel 6.3: Geprognosticeerde balans

42

6.4

Staat van reserves

Tabel 6.4: Reserves 6.5

Taakvelden

Hoofdtaakvelden Bestuur en ondersteuning Verkeer, vervoer en waterstaat

Taakveld 0.4

Lasten Overhead, Ondersteuning organisatie

Totaal 2.1

Verkeer en wegen

Totaal Economie

3.1 Totaal

Onderwijs

4.3

Economische ontwikkeling Onderwijsbeleid en leerlingzaken

Totaal Sport, cultuur en recreatie

5.7

Openbaar groen en (open lucht) recreatie

2.846.068

-150.000

992.112

-1.194.501

992.112

-1.194.501

550.108

-685.782

550.108

-685.782

2.410.158

-3.999.604

2.410.158

-3.999.604

331.016

-440.041 -440.041

6.1

694.739

-947.437

6.5

Arbeidsparticipatie

222.639

-337.203

917.378

-1.284.640

1.028.967

-1.052.580

8.1 8.3 Totaal

Totaal

-150.000

331.016

Totaal Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

2.846.068

Samenkracht en burgerparticipatie

Totaal Sociaal domein

Baten

Ruimtelijke ordening Wonen en bouwen

738.910

-1.007.568

1.767.877

-2.060.149

9.814.717

-9.814.717

Tabel 6.5: Taakvelden 43

Besluit Aldus vastgesteld door het Algemeen Bestuur van het Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland in de vergadering van 28 juni 2023.

44

Bijlagen Bijlage I

Btw-compensatiefonds

Een gemeenschappelijke regeling in de vorm van dit samenwerkingsorgaan wordt niet in de btw-heffing betrokken. De btw is hierdoor voor de gemeenschappelijke regeling een kostenpost. Alleen een gemeenschappelijke regeling die op de prestaties een winsttoeslag oplegt en daardoor doet aan vermogensvorming, heeft recht op aftrek van btw. Dit laatste is niet van toepassing voor Holland Rijnland. Voor de begroting van Holland Rijnland is er dan ook niets veranderd. Evenals voorgaande jaren zijn alle lasten geraamd inclusief btw. Met ingang van 1 januari 2003 hebben provincies en gemeenten te maken met het Btw-compensatiefonds. Per individuele gemeente wordt een opgave verstrekt over welke voorbelasting compensabel is en kan worden doorgeschoven naar de betreffende gemeente. De deelnemende gemeente kan deze kosten dan meenemen met de opgave voor het Btw-compensatiefonds.

45

www.hollandrijnland.nl Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland

Schuttersveld 9, 2316 XG Leiden Postbus 558, 2300 AN Leiden

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1555/documents/19695