CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

01. Nota van Zienswijzen Programma LGDG.pdf

Raadscommissie 2 oktober 2025, gemeente HillegomBij agendapunt: 7: Programma Landelijk Gebied en Duurzame Greenport Duin- en Bollenstreek32.468 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Indiener spreekt over een zaak die momenteel in behandeling is bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State nadat de gemeenteraad van Noordwijk het bestemmingsplan voor de genoemde ontwikkeling niet heeft vastgesteld. Het plan voor de Duindamseweg 1–3 is in procedure gebracht vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Daarom geldt hiervoor het overgangsrecht van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De beoordeling van dit plan – en van eventueel gewekt vertrouwen – vindt dus plaats binnen het geldende juridische kader van die wetten. Het Programma LGDG is een beleidsdocument zonder directe juridische werking voor lopende of afgeronde besluitvormingsprocedures. Het verandert niets aan de rechtspositie van aanvragers van plannen die al in procedure zijn gebracht. Een afzonderlijke overgangsregeling in het Programma LGDG is voor deze casus dan ook niet aan de orde. Voor dergelijke gevallen geldt het toepasselijke recht en de bestaande jurisprudentie.

Geen.

Zie ook antwoord 1.3. 50.3

Indiener stelt dat door in het Ontwerp Programma niet te voorzien in een overgangsregeling, er geen recht wordt gedaan aan het feit dat het GOM-woningbouwplan aan de

Zie antwoord 50.2.

Geen.

82

50.4

Duindamseweg 1-3 in Noordwijk in overeenstemming is met de ISG en de consequente uitlatingen van de gemeente dat dit het geval is, met als gevolg rechtens te honoreren gewekte verwachtingen. Wanneer in een principebesluit de medewerking van het college is toegezegd en het is vastgesteld aan de uitgangspunten van de ISG, kan dit niet zonder gevolgen blijven voor de geplande ontwikkeling en de inhoud van het nieuwe, te wijzigen beleid. Indiener vraagt: 1) te voorzien in een overgangsregeling waarin wordt bepaald dat de bestaande gevallen het oude (thans nog geldende) beleid van toepassing blijft.

Zie ook antwoord 1.3.

Indiener stelt dat er in het programma staat aangegeven dat de zichtlijnen uit de ISG integraal zijn overgenomen in de landschapsvisiekaart van de ISG. In de totaalkaart van het programma komt de zichtlijn in de nabijheid van de Duindamseweg 1-3 niet overeen met de zichtlijn uit de ISG. Indiener vraagt: 1) waarom heeft het college hiervoor gekozen, is dat om het ontwerpbestemmingsplan van de Duindamseweg 1-3 te torpederen?, 2) indiener ontvangt graag van alle betrokken colleges de bevestiging dat de zichtlijnen ook onder het programma niet over het perceel aan de Duindamseweg 1-3 gaan en dat deze geen belemmering zijn voor de vaststelling van het bestemmingsplan Duindamseweg 1-3.

Indiener stelt dat de zichtlijnen in het Programma afwijken van de zichtlijnen in de ISG en dat de gewijzigde positionering zou zijn bedoeld om het plan voor Duindamseweg 1–3 te belemmeren. De zichtlijnen uit de ISG zijn inderdaad integraal overgenomen in het Programma. Indiener merkt terecht op dat één oorspronkelijke zichtlijn in het Programma grafisch is weergegeven als twee pijlen. Daar wordt de zichtlijn namelijk onderbroken door de Duindamseweg/Schulpweg. Het verschil in positionering betreft een minimale verschuiving in de kaartvisualisatie, zonder beleidsmatige consequentie of doelbewuste aanpassing. Er is dus geen sprake van een nieuwe of aangepaste ruimtelijke uitgangssituatie ten opzichte van de ISG. De suggestie dat deze aanpassing zou zijn bedoeld om het plan van indiener te frustreren, mist elke grond en is volstrekt ongefundeerd. Tot slot wordt benadrukt dat het Programma geen terugwerkende kracht heeft en dus geen invloed kán hebben op lopende procedures die zijn gestart onder het recht zoals dat gold vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Zoals eerder toegelicht, wordt de procedure voor het bestemmingsplan Duindamseweg 1–3 beoordeeld onder de

Geen.

83

Wro/Wabo. Het Programma heeft hierop geen invloed. 50.5

Indiener stelt dat het onbegrijpelijk is dat de percelen Duindamseweg 1-3 als binnenduinrand worden aangemerkt in het programma. In de geldende ISG is hier geen sprake van. Dit betekent dat de openheid in dit gebied actief zou moeten worden vergroot en dat er dus in beginsel niet meer gebouwd mag worden op de percelen. Dit heeft grote gevolgen voor deze percelen. Indiener vraagt: 1) hebben de colleges van alle vijf de gemeente dit niet onderkend?, 2) kunnen alle colleges uitleggen hoe zij de belangen van de getroffen inwoners betrekken bij nieuw beleid?, 3) hebben de colleges de belangen geïnventariseerd en waar blijkt dit uit?, 4) omdat er geen wijzigingen zich hebben voorgedaan in de feitelijke situatie en dit grote gevolgen zal hebben voor de percelen, wordt verzocht om af te zien van de zonering op de percelen aan de Duindamseweg 1-3.

Zie antwoord 50.2.

Geen.

50.6

Indiener geeft aan dat er een onderbouwing ontbreekt over de behoefte aan 2/3 betaalbare woningbouw. Er wordt voorbijgegaan aan de realisatie van GOM-woningen die juist wel bijdragen aan de behoefte van betaalbare woningen, omdat hierdoor de doorstroom in de regio wordt bevorderd waardoor er meer betaalbare woningen vrijkomen. De geplande woningbouw aan de Duindamseweg 1-3 draag bij aan het doel van het programma, namelijk geclusterde woningbouw dat leidt tot openheid elders. Indiener vraagt: 1) de eisen rondom betaalbare woningenbouw niet over te nemen, zeker niet zonder deugdelijk onderzoek.

Zie antwoord 18.2.

Geen.

84

Teylingen 51. 51.1

51.2

51.3

51.4

51.5

52. 52.1

Inwoner 1 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat een emissieloze en biologische teelt onwerkbaar is. Indiener vraagt; 1) stel dat dit onverhoopt na aanname LGDG toch beleid wordt, en de sector kan niet aan deze eisen voldoen, zijn de bedrijven dan illegaal en krijgt men dan een teeltverbod? Indiener stelt dat de GOM met haar beleid juist verrommeling creëert een gezonde toekomstige sector die jonge kwekers frustreert doorgaans nodig hebben en roept op om te stoppen met GOM om de markt zijn eigen werk te laten doen en daarmee startende kwekers een kans te geven. Indiener stelt; ga geen woningen bouwen op bollengrond, maar saneer oude sociale woningbouw en bouw daar eigentijdse appartementen voor elke doelgroep. Indiener stelt dat er een upgrade van bestaande wegen moet komen en daarmee ook over te gaan op kilometer beprijzing. Keukenhof en de andere toeristische trekpleisters dienen shuttlebussen te hebben vanaf bijvoorbeeld parkeerplaats station of Schiphol en laat niet elk individu apart per auto naar dit gebied komen. Indiener is voorstander van zonnepanelen op daken in mogelijke combinatie met een centrale stroomopslag in de vorm van een collectieve mega accu. Indiener is voorstander van windmolens op zee of op het IJsselmeer, evenals collectieve wateropslag IJsselmeer.

Indiener stelt als alternatief op voorkeursrecht en onteigeningsproces, ruilverkaveling op vrijwillige basis voor (door middel van een interactieve kaart).

Zie antwoord 8.2.

Geen.

Alleen de gemeenten stellen beleid vast. De GOM maakt geen beleid en is de uitvoeringsorganisatie. In de Regionale Woonagenda Holland Rijnland zijn afspraken gemaakt over binnenstedelijke woningbouw. Ook wordt v.w.b. sociale woningbouw verwezen naar het gemeentelijk woonprogramma en de prestatieafspraken met Woonstichting Stek.

Geen.

We nemen dit voor kennisgeving aan.

Geen.

We nemen dit voor kennisgeving aan.

Geen.

De mogelijkheid voor vrijwillige ruilverkaveling wordt ondersteund in het Programma LGDG.

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener maakt bezwaar tegen het opnemen van de Eikenhorstlaan in Voorhout als potentiële uitleglocatie voor woningbouw. Dit staat haaks op het uitgangspunt van duurzaam ruimtelijk beleid en vormt een directe bedreiging voor agrarische waarden/bollenlandschap. Indiener stelt de

Zie antwoord 18.1 en 18.2.

Geen.

Inwoner 2

85

volgende redenen daarvoor: 1) vanuit historie en politieke context is een woningbouwlocatie in dit gebied in april 2019 onwenselijk gebleken, 2) de betreffende gronden zijn eerste klas bollengrond, ondermijnt vertrouwen in beschermingsregime en zet een gevaarlijk precedent voor verdere aantasting van het agrarische landschap, 3) versnippering van open landschap en verlies van schaal en samenhang, 4) druk op infrastructuur en verkeersveiligheid, 5) ondermijnen van het herstructureringsprincipe van de GOM door focus op lucratieve woningbouw in plaats van landschapsherstel. Indiener stelt; 1) kies voor inbreiding binnen bestaande dorpsstructuren, 2) Eikenhorstlaan behouden en te versterken als agrarisch kerngebied (met evt. ruimte voor educatie en toeristische beleving rondom bollenteelt). 53. 53.1

53.2

53.3

53.4

53.5

Actiecomité Plan Boerderij Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat er aandacht gehouden moet worden op het minder afhankelijk worden van de inzet van arbeidsmigranten. De dalende arbeidsproductiviteit vormt een punt van zorg. Indiener vraag: 1) inzetten op actief stimuleren van innovatie en grotere aaneensluitende bollenvelden, zodat mechanisatie en automatisering rendabel kunnen worden toegepast. Indiener stelt dat het noodzakelijk is om de registratie van arbeidsmigranten op orde te krijgen om effectief beleid te ontwikkelen en uitvoeren. Indiener vraagt het adviesrapport 'Geen derderangsburgers, de risico's voor gedetacheerde arbeidsmigranten' en de verkenning 'Aanpak onrechtmatige detachering van derdelanderwerknemers' in ogenschouw te nemen. Indiener stelt dat de Mottigerpolder en de Roodemolenpolder cruciaal zijn voor behoud van openheid, ecologische waarden en cultuurhistorische structuren in de streek. Indiener vraagt: 1) investeer in de aanleg van wandelpaden, houtwallen en ander groen om de biodiversiteit en recreatieve waarde van het landschap te vergroten. Indiener stelt dat het programma LGDG ruimte laat voor interpretatie van de Mottigerpolder en Roodemolenpolder door deze gebieden als 'minder kwalitatief open' te benoemen.

Zie antwoord 29.3.

Geen.

Zie antwoord 29.3.

Geen.

Voor kennisgeving aannemen.

Geen.

Uitgangspunt is Omgevingsvisie Teylingen.

Geen.

Zie antwoord 53.5.

Uitgangspunt is Omgevingsvisie Teylingen.

De Roodemolenpolder is toegevoegd als ‘zone 1’.

86

Dit staat haaks op de Omgevingsvisie Teylingen. Van den Berch van Heemstedeweg 45 is het enige perceel dat als mogelijke compensatielocatie is aangemerkt in het programma, dat is opmerkelijk gezien de voornoemde vastgestelde Omgevingsvisie Teylingen.

In de omgevingsvisie van Teylingen is het volgende opgenomen over de Mottigerpolder en de Roodemolenpolder: De Roodemolenpolder is beschermd grasland, en er wordt aangesloten bij de bescherming zoals opgenomen in de provinciale omgevingsverordening. De ambitie is de Roodemolenpolder en de Mottigerpolder een open gebied te houden en de zichtlijnen niet te doorbreken.

De Mottigerpolder is aangepast in ‘zone 2’. Voor een algemene toelichting op de zonering, Zie antwoord ‘Aangepaste zonering om een meer gelijk speelveld voor de ondernemers te creëren’ in samenvatting en rode draad.

Het programma LGDG wijzigt de bescherming van de Roodemolenpolder niet. Deze blijft dus behouden zoals benoemd in de omgevingsvisie van Teylingen. Dit wordt verduidelijkt door ‘zone 1’ in de kaart van Vitale Greenport ook voor de Roodemolenpolder op te nemen.

53.6

53.7

Indiener stelt dat de Mottigerpolder en Roodemodepolder de laatste stukken groen zijn dat de dorpen Voorhout en Sassenheim van elkaar scheidt. Indiener vraagt: 1) actieve en expliciete bescherming van de groene corridor. Indiener stelt dat het programma LGDG een onvoldoende realistisch toekomstbeeld op de noodzakelijke woningbouwopgave geeft. Het streven om alleen te bouwen voor eigen woningbehoefte uit de streek is achterhaald. De indiener vraagt: 1) mogelijkheden om binnenstedelijk te bouwen raken uitgeput, creatieve initiatieven (optopping, verdichting, herbestemmen) zijn noodzakelijk, 2) het landelijk gebied kan in voorgenoemde een rol spelen zonder afbreuk te

Voor de Mottigerpolder wordt ook een wijziging voorgesteld ten opzichte van het Ontwerp Programma. Hier wordt in de nieuwe zonering 'zone 2’ toegepast. Deze zonering komt overeen met de zonering die in de ISG is opgenomen. Daarmee wordt het behoud van openheid en zichtlijnen voor dit gebied geborgd en blijven bestaande uitbreidingsmogelijkheden voor bollenteeltbedrijven gehandhaafd. We nemen dit voor kennisgeving aan.

Zie antwoorden 18.1, 18.2 en 18.5. Overigens Pastoorslaan-Zuid is wel genoemd als zoekgebied woningbouw in het Programma LGDG.

Geen.

Geen.

87

53.8

54. 54.1

54.2

54.3

doen aan kernkwaliteiten, 3) opmerkelijk dat de Pastoorslaan Hillegom en Wasbeeklaan Sassenheim niet als mogelijke woningbouwlocties benoemd zijn, en Draka Hillegom, Swets & Zeitlinger Lisse en Focwa Sassenheim als locatie arbeidsmigranten. Indiener vraagt om bij de definitieve vaststelling van het programma expliciete keuzes te maken, inclusief een duidelijk toetsingskader en beleidsmatige verankering.

We nemen dit voor kennisgeving aan. Na vaststelling komt er een uitvoeringsagenda LGDG.

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat het participatieproces weinig geloofwaardig is en niet aan de eisen van open betekenisvolle inspraak voldoet. Indiener stelt dat ze nauwelijks de kans hebben gehad om invloed uit te oefenen omdat het maken van keuzes voor participatie hebben plaatsgevonden. De indiener vraagt :1) een herziening van het participatieproces, onder onafhankelijke begeleiding, 2) beantwoording van de vraag of aanpassingen aan kernkeuzes van het PLGDG überhaupt nog mogelijk zijn. De indiener stelt dat er een onevenwichtige koers is gevaren en er te veel nadruk ligt op woningbouw, infrastructuur en grondwaterpeil verhogingen in polders, waardoor de plannen tientallen hectares waardevolle graslanden bedreigen en het grote gevolgen heeft voor de veehouderij. De indiener vraagt: 1) Is er enig onderzoek gedaan wat de aanpassing van peilbesluiten en droogleggingsnormen voor de veehouderijen in de streek gaat betekenen? 2) zijn de betrokken grondeigenaren geraadpleegd?, 3) duidelijkheid te geven over eigendomsverhoudingen en een heldere afbakening in ontwikkelgebieden, 4) bescherming van de kritieke omvang van agrarische bedrijven en vrijwillige volledige compensatie bij aantasting daarvan, 5) compensatie over de waardedaling van graslanden wanneer deze vernat worden met name in de droogmakerijen.

Indiener stelt dat landbouwkundige en economische gevolgen van voorgestelde ruimtelijke ingrepen nauwelijks worden benoemd en onderbouwd. Hierdoor zijn er zorgen op het heroverwegen waterpeil en drooglegginsnormen die grote gevolgen hebben voor de veehouderij. De zin 'We houden

Zie antwoord 22.10.

Geen.

Zie antwoord 46.2.

Geen.

Zie antwoord 46.2.

Geen.

Pennings Landwinkel

88

54.4

55. 55.1

55.2

tenminste een aantal veehouderijgebieden met behoorlijke schaal in stand' roept een hoop vragen en onzekerheid voor ondernemers op. Als het water in droge periodes onttrokken wordt aan de graslanden zal er juist een hogere CO2 en methaan uitstoot zijn. Ook het beheer wordt een lastigere opgave. De indiener vraagt: 1) Hoe wordt de leefbaarheid van het gebied gewaarborgd zonder verdere verrommeling?. 2) Onafhankelijk onderzoek naar effecten van peilverhogingen voor de veehouderij sector in de DBS per polder. Door grote verschillen in grondslag tussen polders kan er hier geen sprake zijn van generiek beleid. 3) Wat zijn de effecten op de economische vitaliteit van de veehouderij? Indiener stelt dat de aanduiding van grote zoekgebieden voor waterberging langdurige onzekerheid creëert dat schaadt aan het toekomstperspectief van agrarische bedrijven, speculatie in de hand ligt en investeringsbeslissing belemmert. Indiener vraagt: 1) zoekgebieden tot een minimum te beperken en deze alleen aan te wijzen op basis van breed gedragen, onafhankelijke onderbouwing, 2) zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over gemaakte keuzes, 3) volledige transparantie te bieden over vergoedingen en schadeloosstellingen.

Zie antwoord 46.4.

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat zij geen duidelijkheid/helderheid hebben over het gebruik van het perceel. Het perceel heeft de bestemming 'Agrarisch-Bollenteelt-Bollenzone 3'. Het perceel is jaren niet meer gebruikt voor bollenteelt, vanwege het grenzen aan een bedrijventerrein en de grootte van het perceel. Het valt op dat er op andere plekken, waar wel goede eersteklas bollengrond is, wel GOM woningen werden gebouwd maar op dit perceel het niet mogelijk is. Indiener stelt dat de gemeente onvoldoende rekening houdt met: 1) het langdurige feitelijke gebruik van het perceel (meer dan 10 jaar), 2) het gelijkheidsbeginsel, aangezien omliggende percelen eveneens worden gebruikt voor bedrijvigheid of zelf bebouwd worden in afwijking van het bestemmingsplan, 3) het vertrouwensbeginsel, aangezien er jarenlang geen handhavend optreden is geweest, 4) de belangen van de gebruikers en huurders die afhankelijk zijn van deze locatie, 5)

Zie antwoord 18.1. Greenportwoningen zijn in het Programma LGDG niet meer mogelijk.

Geen.

Deze zienswijze ziet op een bestemmingsplan en is voor het Programma LGDG niet van toepassing. Het Programma LGDG regelt geen bestemmingen of functies op perceelsniveau.

Geen.

Inwoner 3

89

55.3

55.4

56. 56.1

56.2

de bijdrage van de bedrijfsactiviteiten aan de regionale economie, werkgelegenheid en lokale ketens. Indiener verzoekt dat het programma LGDG en de toekomstige uitvoering rekening moet houden met een evaluatierapport waarin de feitelijke situatie, historische afspraken en economische bijdrage van dit perceel worden opgenomen. Dit rapport kan dienen als basis voor legalisering of een aangepaste bestemming, waarbij zowel economische als landschappelijke belangen worden gewaarborgd. Indiener verzoekt dat binnen het programma LGDG wordt opgenomen: 1) erken het bestaand gebruik van het perceel en neem dit mee in de beleidsafwegingen van het programma, 2) onderzoek de mogelijkheden voor legalisatie van de huidige activiteiten en maatwerkafspraken om de bedrijfsactiviteiten te behouden, 3) onderzoek aanvullend of kleinschalige woningbouw (tiny houses) mogelijk is om zodoende bij te dragen aan de doelstellingen van het programma LGDG, 4) betrek ondernemers actief bij de uitvoering van het programma, zoals ook wordt aanbevolen in de eindrapportage 'Vitalere Greenport en Vitaler Landschap', 5) houdt rekening met de bestaande situatie en het langdurig gebruik van het perceel (en mogelijk andere percelen in de regio), 6) hanteer duidelijke definities over verrommeling, kijk ook naar het daadwerkelijk gebruik van de percelen en de effectiviteit van de handhaving, 7) hanteer een eenduidige

werkwijze en gelijke behandeling

Het Programma LGDG heeft niet het oogmerk om met het bestemmingsplan strijdige situaties te legaliseren.

Geen.

Zie antwoord 55.3 In het Programma LGDG is een duidelijke definitie over verrommeling opgenomen . (pagina 25)

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat het Ontwerp Programma LGDG moeilijk te vinden was en het erop lijkt dat de gemeente op deze manier wil voorkomen dat er zienswijzen worden ingediend. Daarom verzoekt de indiener om: 1) kenbaar te maken na vaststelling van het programma hoeveel individuele burgers een zienswijze hebben ingediend op het programma. Indiener stelt dat er een onderbouwing ontbreekt waarom het huidige verdienmodel de omvang van het bollenareaal blijvend rechtvaardigt. Indiener geeft aan: 1) het verdienmodel lijkt niet houdbaar als 10.000-20.000 arbeidsmigranten volgens Nederlandse loonstandaarden betaald zouden worden, 2) het

Het Ontwerp Programma LGDG was vindbaar op de website van Teylingen en op de landelijke voorziening Omgevingsloket. Publicatie heeft ook plaatsgevonden in De Teylinger.

Geen.

Zie antwoord 29.3.

Geen.

Inwoner 4

90

56.3

56.4

56.5

programma biedt geen duidelijkheid over hoe de sector moet omgaan met mogelijke terugkeer van migranten door gewijzigde economische of politieke omstandigheden, 3) de huisvesting van arbeidsmigranten blijft onderbelicht, 4) in andere sectoren dragen bedrijven bij aan de huisvesting van hun werknemers, waarom wordt een vergelijkbare verantwoordelijkheid niet van de bollensector gevraagd? Indiener stelt dat het programma voornamelijk in gaat op de bloeiperiode van de bollenvelden, dat is twee maanden per jaar. Het programma gaat niet in op de minder fraaie periodes, wat de indruk wekt van een eenzijdige positieve framing. Indiener stelt dat het programma spreekt van een emissievrije teelt in 2030, waarmee impliciet wordt erkend dat deze stoffen schadelijk zijn. Indiener vraagt: 1) waarom wordt er nog vijf jaar gewacht met het aanpakken van dit probleem? Het lijkt erop dat de economische belangen prevaleren boven de gezondheid in de regio. De indiener geeft aan dat dit geen pleidooi is voor afschaffing van de bollensector. Indiener geeft aan dat het programma bestaat uit verschillende schrijfstijlen en het erop lijkt alsof sommige passages met AI zijn geschreven. Dit is geen probleem, maar de passage over anterieure overeenkomsten op pagina 82 is lastig te begrijpen. Indiener vraagt: 1) een uitleg te geven over deze passage.

We nemen dit voor kennisgeving aan.

Geen.

Zie antwoord 8.2.

Geen.

Voor het schrijven van het Programma hebben we geen gebruik gemaakt van AI.

De tekst onder het kopje Anterieure overeenkomsten (pagina 82) wordt gewijzigd naar:

De paragraaf over anterieure overeenkomsten is vereenvoudigd.

“Anterieure overeenkomsten geven bij kostenverhaal in beginsel de meeste beleidsvrijheid. Dergelijke overeenkomsten komen tot stand op basis van vrijwilligheid. Er kan in een anterieure overeenkomst alleen een afspraak gemaakt worden over een financiële bijdrage aan (regionale, overkoepelende) ruimtelijke ontwikkelingen als de betreffende ruimtelijke ontwikkelingen in het Programma LGDG zijn vastgelegd. Bovenstaande financiële bijdrage ziet dus niet toe op ‘bovenplanse kosten’. Deze worden via kostenverhaal verplicht verhaald op de initiatiefnemer door de gemeente, op wiens grondgebied het

91

betreffende project uitgevoerd wordt. Dit is in de voorgaande paragraaf toegelicht.” 56.6

Indiener raad aan om onomkeerbare besluiten te vermijden en stellige standpunten in het programma beter te onderbouwen of te nuanceren.

Met het vaststellen van het Programma LGDG worden geen onomkeerbare besluiten genomen.

Geen.

Katwijk 57.

Inwoner 1 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

57.1

Indiener stelt dat Katwijk sterk verstedelijkt en dat er daarbij geen ‘rust’ punten meer over zijn in het landschap. Als verstedelijking verder vorm krijgt, neemt het belang voor groene rust toe. Indiener mist dit in de overkoepelende visie en draagt mogelijke locaties aan; Duinvallei, Mient Kooltuin, Kwakelwei, Rijnsburg Noord.

Geen.

57.2

Indiener vraagt of de gemeente Katwijk voldoende is geconsulteerd, gezien het percentage inwoners dat is geconsulteerd (8%).

Wij delen uw zorg. Daarom is in Holland Rjjnland verband in het kader van de regionale investeringsagenda een project opgestart (project 10, Groenblauw Raamwerk) dat zich richt op het versterken van de regionale groen- en waterstructuur, waarbij groen-blauwe verbindingen in en door het stedelijk gebied centraal staan. Zie ook: Regionale Investeringsagenda - Holland Rijnland Iedereen heeft gelegenheid gekregen om tijdens het proces mee te denken en kon zich daarvoor aanmelden, maar de belangstelling vanuit Katwijk was niet groot. Dat kan te maken hebben met andere participatietrajecten die gelijktijdig liepen, zoals Rijnsburg Noord. Ook in deze fase van zienswijzen kon iedereen een reactie geven op de ontwerpstukken.

Geen.

Zie ook antwoord 22.10.

58. 58.1

Van Rhijn Bouw Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener onderschrijft de ambitie om in samenhang te werken aan een toekomstbestendig buitengebied, waarin woningbouw, landschap, duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit hand in hand gaan.

Het is goed te vernemen dat onze ambitie wordt erkend en gesteund.

Geen.

92

58.2

58.3

59. 59.1

59.2

Indiener is ontwikkelaar van een locatie direct grenzend aan de Noordrand van De Zilk. Deze locatie sluit logisch aan op de bestaande dorpsstructuur. De ligging vormt een natuurlijke overgang tussen de bebouwde kom en het open landschap. Indiener ziet hierin kansen, in lijn met de programmatische uitgangspunten, om een zorgvuldig ingepaste uitbreiding te realiseren die de landschappelijke kwaliteiten verstrekt en tegelijkertijd voorziet in de lokale woningbouwbehoefte. Indiener stelt dat zij samen met Woningstichting Antonius van Padua een eerste verkenning uitgevoerd hebben tot samenwerking en invulling straatje erbij in De Zilk. Ook de locatie aan de Noordrand van De Zilk leent zich voor een dergelijke ontwikkeling. De indiener vraagt: 1) neem de locatie grenzend aan De Zilk mee als concrete kanslocatie in het programma gezien de gunstige ligging, bijdrage aan het woningbouwprogramma en de mogelijkheden voor landschappelijke versterking, 2) indiener gaat graag in overleg met betrokken gemeenten en programmatische werkgroep om de plannen verder toe te lichten en gezamenlijk te verkennen hoe deze ontwikkeling op een zorgvuldige manier kan worden ingepast.

Zie antwoord 18.2.

Geen.

Voor ontwikkelingen in aanvulling op deze locaties kunt u apart een principeverzoek bij de gemeente indienen.

Zie antwoord 58.2.

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener geeft aan dat zij de zienswijze van Theorie en Praktijk onderschrijven en dient het verzoek in deze als hier herhaald en ingelast te beschouwen. Indiener stelt dat er onvoldoende rekening wordt gehouden met de belangen, het beschermen en versterken van de bollenteelt in het gebied. Dat blijkt onder meer doordat in het programma LGDG staat aangegeven dat er een zoekgebied groene ecologische oost-westverbinding is opgenomen in het gebied tussen Noordwijk en Noordwijkerhout. De producten die hier geproduceerd worden zijn onmisbaar in de bedrijfsprocessen van Vletter en Den Haan. Als deze bollenvelden gebruikt worden voor een ecologische oost-westverbinding, dan is er geen uitgangsmateriaal meer beschikbaar voor veredeling en zou het bedrijfsproces tot stilstand komen. Indiener stelt dat het eventuele herbestemmen van andere percelen van bollenkwekers in het genoemde gebied ook grote

Zie antwoorden onder zienswijze 16.

Geen.

Zie antwoord 22.2.

Geen.

Gebr. De Vletter en Den Haan

93

59.3

59.4

59.5

59.6

85 85.1

consequenties heeft voor Vletter en Den Haan. Wisselteelt is noodzakelijk in de teelt, bij het realiseren van een oostwestverbinding wordt dit systeem van grondruil verstoord. Ook is hier sprake van eersteklas bollengrond dat niet verloren mag gaan. De zoeklocaties voor woningbouw en de verbindingsweg N207N206 zijn grotendeels gesitueerd op eersteklas bollengrond dat invloed heeft op de gehele sector. Indiener pleit ervoor om deze functies elders in het gebied te faciliteren en woningbouw te beperken tot al bestaand stedelijk gebied. Indiener stelt dat het bestempelen van bollenvelden tot zoekgebieden zorgt voor grote onzekerheid binnen de sector wat kan leiden tot terughoudendheid bij investeringsbeslissingen. Indiener stelt dat emissievrij niet realistisch is, maar wel te streven naar een duurzame landbouw volgens de Toekomstvisie 2030 Gewasbescherming. Doelen vergen grote investeringen, maar daarvoor is een weloverwogen planvorming noodzakelijk met voldoende oog voor de economische haalbaarheid voor de sector. Indiener vraagt: 1) sluit in het programma aan bij de hiervoor genoemde doelen van de sector zelf en doe onderzoek naar economische haalbaarheid. Indiener stelt dat er in het programma geen onderzoek is gedaan naar de consequenties van het voorgestelde beleid en het herbestemmen van bollenvelden.

Indiener vraagt: 1) doe een dergelijk onderzoek, alvorens over te gaan tot gezamenlijke vaststelling van het programma.

Zie antwoord 18.4.

Geen.

Zie antwoord 18.1 en 18.2.

Geen.

Zie antwoord 8.2.

Geen.

Er worden geen bollenvelden herbestemd in het Programma.

Geen.

Zie antwoord 18.3.

Inwoner 2 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Indiener stelt dat in de Katwijk Special van 29 juli 2025 het Ontwerp Programma LGDG staat gepresenteerd met als mededeling dat iedereen kan inspreken t/m 23 juli 2025. Indiener geeft aan dat er niet voldoende tijd was om het plan te bekijken.

Het bedoelde nieuwsartikel in Katwijk Speciaal was naar aanleiding van de overhandiging van het programma aan gedeputeerde Potjer van de provincie, en niet de officiële bekendmaking van de terinzagelegging voor een periode van 6 weken. Deze stond op 12 juni in het gemeenteblad. Deze publicatie heeft destijds ook op de gemeentepagina in de plaatselijke kranten gestaan: op 12 juni in de Rijnsburger en op 17 juni in Katwijk Speciaal. Hiermee is tijdig aangekondigd dat het Programma

Overzicht aanpassingen

94

ter inzage lag en tot welke datum zienswijzen konden worden ingediend.

Noordwijk 60. 60.1

Inwoner 1 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

De betreffende passage in het ontwerp van het Programma LGDG weerspiegelt niet meer de actuele koers van het college. Het college zet niet langer in op structurele opvang van asielzoekers in het gebied Achterweg, maar beschouwt tijdelijke opvang voor maximaal vijf jaar als een losstaande ontwikkeling, vooruitlopend op de gewenste woningbouwontwikkeling.

De verwijzing naar de opvang van asielzoekers is geschrapt uit te betreffende passage.

Bij de vaststelling van het definitieve programma zal de betreffende passage hierop worden aangepast. 61.

Inwoner 2 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

61.1

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

62.

Inwoner 3 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling

Zie 60.1.

Zie 60.1.

62.1

95

op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet). 63.

Inwoner 4 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

63.1

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

64.

Inwoner 5 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

64.1

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

65.

Inwoner 6 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

65.1

96

66.

Inwoner 7 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassing

66.1

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

67.

Inwoner 8 Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassing

67.1

Indiener stelt dat in de laatste update van Noordwijk (Verkenning gebied Achterweg | Gemeente Noordwijk) staat aangegeven dat asielopvang geen onderdeel zal uitmaken van het programma LGDG, waardoor een deel van de passage op pagina 56 in het programma verwijderd zal moeten worden (om de ontwikkeling op deze locatie mogelijk te maken, is er een combinatie gemaakt met het bouwen van 50-80 woningen voor 275 asielzoekers conform de opgave van de Spreidingswet).

Zie 60.1.

Zie 60.1.

68.

H.L Hogervorst bulbs & colors Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassing

Indiener stelt dat het participatieproces weinig geloofwaardig is en niet aan de eisen van open betekenisvolle inspraak voldoet. Indiener stelt dat ze nauwelijks de kans hebben gehad om invloed uit te oefenen omdat het maken van keuzes voor participatie hebben plaatsgevonden. De indiener vraagt :1) een herziening van het participatieproces, onder onafhankelijke begeleiding, 2) beantwoording van de vraag of aanpassingen aan kernkeuzes van het PLGDG überhaupt nog mogelijk zijn. Indiener stelt dat Kuiper Compagnons een dubbelrol heeft gehad in zowel PLGDG als Omgevingsvisie Hillegom met sterke inhoudelijke overlap. Dit roept volgens indiener twijfels op over de onafhankelijkheid van het proces, doordat de uitkomsten vooraf bepaald lijken. De indiener vraagt: 1) volledige openheid over de opdrachtverstrekking en rol van Bureau Kuiper

Zie antwoord 22.10.

Geen.

Zie antwoord 22.1.

Geen.

68.1

68.2

97

68.3

68.4

68.5

Compagnons, 2) een herziening van het participatieproces, onder onafhankelijke begeleidering. De indiener stelt dat er een onevenwichtige koers is gevaren en er te veel nadruk ligt op woningbouw en infrastructuur waardoor de plannen tientallen hectares bollengrond bedreigen en het agrarische kerngebied versnippert. De indiener vraagt: 1a) waarom wordt er geen werk gemaakt van inbreiding en verdichting binnen bestaande kernen omdat de woningbehoefte tot 2040 binnenstedelijk kan worden opgelost?, 1b) kies vaker voor kleine appartementen en kleine woningen, 2) op basis waarvan is de behoefte aan 50ha zoekgebied in Hillegom vastgesteld?, 3) zijn de betrokken grondeigenaren geraadpleegd?, 4) een herziening van de woningbouwlocaties uit te voeren en een stop te zetten op het benoemen van zoekgebieden totdat er een onafhankelijk afwegingskader is vastgesteld, 5) duidelijkheid te geven over eigendomsverhoudingen en een heldere afbakening in ontwikkelgebieden, 6) bescherming van de kritieke omvang van agrarische bedrijven en vrijwillige volledige compensatie bij aantasting daarvan. De indiener stelt dat de verbindingsweg tussen de N207 en N206 met een aftakking naar station Hillegom een duidelijke noodzaak ontbeert en waardevolle bollengrond aantast. Daarnaast trekt het mensen uit bijvoorbeeld Amsterdam, die daar werken en aan de kust willen wonen.

Indiener vraagt: 1) welk verkeersprobleem rechtvaardigt deze ingreep?, 2) is het besluit over de weg reeds genomen terwijl het onderzoek nog loopt?, 3) waarom wordt er geen gebruik gemaakt van bestaande infrastructuur of alternatieven die minder schadelijk zijn voor het landschap en cultuurhistorie?. 4) te stoppen met besluitvorming over de verbindingsweg tot de gevolgen voor landschap en landbouw helder zijn, 5) onderzoek realistische, goedkopere en minder ingrijpende alternatieven zoals A44-N208 en een verbinding N205-N208, 6) wees transparant over de status van het besluitvormingsproces. Indiener stelt dat er onvoldoende aandacht is voor leefbaarheid, landbouw en economische impact. Er ontbreken antwoorden op vragen over waar arbeidsmigranten gehuisvest worden en hoe water- en bodemkwaliteit beschermd wordt. Indiener maakt zich zorgen over bovenstaande ontwikkelingen. Indiener vraagt: 1) hoe wordt de leefbaarheid van het gebied gewaarborgd zonder

Zie antwoord 18.1, 18.2.

Geen.

Zie antwoord 18.4.

Geen

Zie antwoord 29.3 en 46.2.

Geen.

De uitvoerende maatregelen komen aan de orde in de uitvoeringsagenda.

98

68.6

68.7

68.8

69. 69.1

verdere verrommeling?, 2) wat zijn de effecten op de economische vitaliteit van de agrarische sector?, 3) hoe wordt bodem- en waterkwaliteit beschermd bij functiewijziging van landbouwgrond? De indiener stelt dat verzilting van het water door waterschapen wordt gezien als bedreiging van de Bollenstreek. Er is nog veel onduidelijk. Indiener vraagt: 1) verzoek om een gedegen onderzoek te doen naar het probleem en mogelijke oplossingen in de streek. Indiener is tegen beperking uitbreidingsmogelijkheden in gedefinieerde zones. Elke kweker moet gelijke kansen hebben voor uitbreiding met respect voor omgeving en zichtlijnen. Indiener vraagt: 1) maatwerkprocedures waarin opruimen van oude bedrijfspanden en uitbreiding op bedrijfslocaties mogelijk moet zijn onder voorwaarden. Indiener stelt dat de aanduiding van grote zoekgebieden voor woningbouw en infrastructuur langdurige onzekerheid creëert dat schaadt aan het toekomstperspectief van agrarische bedrijven, speculatie in de hand werkt en investeringsbeslissing belemmert. Indiener vraagt: 1) zoekgebieden tot een minimum te beperken en deze alleen aan te wijzen op basis van breed gedragen, onafhankelijke onderbouwing, 2) zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over gemaakte keuzes, 3) volledige transparantie te bieden over vergoedingen en schadeloosstellingen.

Dit krijgt een vervolg in het Waterplan van het Hoogheemraadschap van Rijnland.

Geen.

Zie antwoord ‘Aangepaste zonering om een meer gelijk speelveld voor de ondernemers te creëren’ in samenvatting en rode draad.

Zie samenvatting en rode draad.

Zie antwoord 18.2.

Geen.

Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener vraagt of de gemeente Noordwijk op korte termijn medewerking kan verlenen aan een bestemmingswijziging woningbouw op de percelen: Noordwijk sectie G, nummers 3146, 3147, 1295, 4211 en 2857 (gedeeltelijk), totaal groot 37.454 m2 gelegen aan de Gerleeweg en richting Herenweg te Noordwijk. Huidig eigenaar van deze percelen is mevrouw Jannetje Selier van de Gerleeweg 7 te Noordwijk. Noordwijk sectie G, nummer 3788, groot 9.325 m2 gelegen aan de Gerleeweg achter huisnr. 11 te Noordwijk. Huidig eigenaar van dit perceel is dhr,

Het behandelen van dergelijke verzoeken valt niet onder het bereik van dit programma. Voor dergelijke vragen kan de initiatiefnemer een principeverzoek indienen bij de gemeente.

Geen.

Ten Brinke Poortier Romein Projecten VOF

99

J.W.J.M. De Ridder van de Weidemolen 6 te Noordwijkerhout. In de directe omgeving ten zuiden van de woningen aan de Tolhoren en ten westen van de Herenweg heeft zowel de gemeente Noordwijk alsook Woonstichting Stek uit Hillegom meerdere percelen in eigendom. Het betreft onder andere de volgende kadastrale percelen, Noordwijk sectie G nummers 2393, 896, 897, 3711, 395 en 3725. Ten Brinke Poortier Romein Projecten VOF is bereid om de werkzaamheden voor wat betreft de bestemmingswijziging voor haar rekening te nemen. 70. 70.1

VON – Vrije Ondernemers Noordwijk Samenvatting zienswijze

Beantwoording zienswijze

Overzicht aanpassingen

Indiener stelt dat een groot deel van het programma bestaat uit het reserveren van ruimte voor woningbouw in het buitengebied. Hiermee dreigt het versterken van de teeltsectoren en het open landschap te worden ondermijnd. Indiener stelt dat meer woningbouw niet tot een structurele oplossing voor woningzoekenden gaat leiden: 1) Nederland heeft genoeg woning voor de inwoners, 2) er is geen doorstroming, 3) woningmarkt qua woningtype in onbalans, sluit niet aan op wensen doelgroepen, 4) een aantal beleidsmaatregelen van de afgelopen decennia hebben het probleem op de woningmarkt veroorzaakt. Indiener vraagt: 1) bovengenoemde voorbeelden zijn door aangepaste regelgeving snel op te lossen, waarom is dat nog niet gebeurd?, 2) waarom doen lokale overheden hier niks aan, dit is ook niet terug te lezen in het programma?

Zie antwoord 18.1 en 18.2. Het werken aan een aantrekkelijke woonregio is één van de thema’s van het Programma. Het Programma maakt evenveel hectares aan woningbouw mogelijk als onder de ISG al mogelijk was. In het Programma wordt duidelijk gestreefd naar gesegmenteerde woningbouw waarbij wordt aangesloten op onder meer de Woonvisie Noordwijk 2020-2030 en de behoefteraming die daaraan ten grondslag lag.

Geen.

70.2

Indiener stelt dat de GOM zich steeds meer als woningbouwontwikkelaar ontwikkelt, terwijl de agrarische en landschappelijke tegenprestatie niet of minimaal zichtbaar is. Dit verzwakt de agrarische sector t.b.v. woningbouw.

70.3

Indiener stelt dat in het programma de volgende onderwerpen missen, waardoor het risico groot is dat woningbouw het landschapsbeleid overneemt en de oorspronkelijke doelen naar

Lokale overheden hebben bovendien geen zeggenschap over een groot deel van de in de zienswijze gestelde oorzaken en kunnen hier dan ook niets aan doen. De rol van de GOM als uitvoeringsinstantie van de vijf bollenstreekgemeenten blijft gehandhaafd. GOM is primair geen woningbouwontwikkelaar. De GOM faciliteert de compensatie van bollengrond en herstructurering en treedt daarbij zo nodig op als grondbedrijf. Ontwikkeling van eventuele woningbouwlocaties is nu geen taak van de GOM. Zie ook antwoord 18.1 en 18.2.

Geen.

Geen.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1715/documents/23588