CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage XII NEN 2580

Raad 15 december 2022, gemeente HeumenBij agendapunt: Belastingverordeningen 202316.229 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

31 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: / This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING 4.5 Gemeenschappelijke verkeersruimten moeten worden meegenomen bij de bepaling van de GO, (vervolg) behoudens de gemeenschappelijke verkeersruimten die leiden naar zelfstandige eenheden van woon- en logiesfuncties. De achtergrond van deze regel is dat woonfuncties en logiesfuncties, gelegen in een woongebouw resp. een logiesgebouw, zoveel mogelijk hetzelfde moeten worden beoordeeld als woonfuncties, niet gelegen in een woongebouw, en logiesfuncties (vakantiehuisjes), niet gelegen in een logiesgebouw. Worden gemeenschappelijke verkeersruimten zonder meer toegerekend aan de woonfuncties of logiesfuncties, dan neemt daarmee de GO van die woonfuncties en die logiesfuncties toe en daarmee zouden tal van eisen voor die woon- en logiesfunctie zijn aangescherpt ten opzichte van woon- en logiesfuncties die niet zijn gelegen in een woongebouw of logiesgebouw. Toerekening moet alleen plaatsvinden als er sprake is van een zogeheten niet-zelfstandige woonfunctie of een niet-zelfstandige logiesfunctie. Dat is het geval als er sprake is van gemeenschappelijke ruimten of gemeenschappelijke voorzieningen waarop die woon- of logiesfuncties zijn aangewezen, zoals een toiletruimte, badruimte of verblijfsgebied.

Gemeenschappelijke bergingen en gemeenschappelijke installatieruimten zijn doorgaans geen woon- of logiesfunctie en worden daarom niet toegedeeld aan de woon- of logiesfunctie. In figuur 3 moet de verkeersruimte die de ruimten a en b verbindt wel worden toegerekend (aan de woonfuncties b), maar de andere verkeersruimte niet. Door deze rekenregel is de GO van een gebouw niet altijd gelijk aan som van de GO van de afzonderlijke ruimten. Een deel van de gezamenlijke ruimten wordt immers in dergelijke gevallen niet toegerekend aan een woon- of logiesfunctie. In de praktijk komen situaties voor waarbij gebouwen een dak hebben dat bijvoorbeeld ter bescherming van regeninval verder doorloopt dan het gedeelte van het gebouw dat wordt gebruikt voor activiteiten die in het gebouw plaatsvinden. In dat geval telt niet de vloeroppervlakte onder het gehele dak mee bij de bepaling van de GO (zie figuur 14).

doorsnede

bovenaanzicht Figuur 14

GO van een niet-besloten opslagloods met overstekende overkapping

-

32 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST 4.5.2 Gebruiksfunctie, gelegen in twee of meer gebouwen Indien een gebruiksfunctie is gelegen in twee of meer gebouwen moet per gebouw het gestelde in 4.5.1 worden toegepast en daarna moeten de resultaten van de afzonderlijke gebouwen bij elkaar worden opgeteld. 4.5.3 Toe te rekenen gedeelte van gemeenschappelijke ruimten De volgens 4.5.1 bepaalde GO van een in een of meer gebouwen gelegen gebruiksfunctie wordt vermeerderd met een deel van de GO van de in dat/die gebouw(en) gelegen gemeenschappelijke ruimten behorende bij de gebruiksfunctie, met dien verstande dat die gemeenschappelijke ruimten moeten zijn opgevat als een groep van ruimten. De omvang van dat deel moet zijn bepaald naar evenredigheid van de omvang van de volgens 4.5.1 bepaalde GO van de op die gemeenschappelijke ruimten aangewezen groep van niet-gemeenschappelijke ruimten van de afzonderlijke gebruiksfuncties. Bij woon- en logiesfuncties vindt alleen toedeling plaats van gemeenschappelijke verkeersruimten binnen niet-zelfstandige eenheden. 4.5.4 GO vaneen gebouw De GO van een gebouw waarin twee of meer gebruiksfuncties zijn gelegen is de som van de GO's van de in dat gebouw gelegen gebruiksfuncties, bepaald volgens 4.5.1.

33 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen 1 jstokheumen.nI 0941-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING 4.5 De bepaling van de GO van een brandcompartiment, rookcompartiment, verwarmde zone, (vervolg) (deel)energiesector of een gedeelte van een gebouw dat wordt gekoeld of van vochtige lucht wordt voorzien (zie 4.5.5) wordt op overeenkomstige wijze bepaald als de hiervoor genoemde vijf stappen. Hierbij spelen gemeenschappelijke ruimten (stappen 4 en 5) geen rol. Bij de berekening van de opvang- en doorstroomcapaciteit wordt gebruik gemaakt van de GO van een in een gebouw gelegen gedeelte dat is aangewezen op de verkeersruimte of de ruimte waardoor een verkeersroute voert. Deze oppervlakten worden eveneens op bovengenoemde wijze bepaald. De opvang- en doorstroomcapaciteit wordt overigens niet in vierkante meters uitgedrukt, maar geeft het aantal personen dat kan worden opgevangen in een ruimte, resp. dat zich door een verticale doorsnede van een ruimte per tijdseenheid kan verplaatsen, weer. Indien onder een gebouw een kelder is gelegen, dan kunnen zich twee situaties voordoen. De kelder kan deel uitmaken van een in het gebouw gelegen gebruiksfunctie. De vloeroppervlakte van de kelder telt dan mee bij de bepaling van de GO van die gebruiksfunctie. De andere mogelijkheid is die waarbij de kelder is aangeduid als overige gebruiksfunctie. De kelder is dan een afzonderlijke gebruiksfunctie, welke functie zijn eigen GO heeft.

Die GO wordt niet toegerekend aan andere van dat gebouw deel uitmakende gebruiksfuncties. Zo kan een kelder onder een woonfunctie deel uitmaken van die woonfunctie of als overige gebruiksfunctie zijn aangeduid. In laatstbedoeld geval is de GO van de woonfunctie kleiner dan in eerstbedoelde situatie. De aanvrager van een bouwvergunning bepaalt op welke wijze het gebouw wordt aangeduid. Opgemerkt wordt nog dat het Bouwbesluit zich er niet tegen verzet dat een dergelijke overige gebruiksfunctie uitsluitend via de woning bereikbaar is. Is een zolder toegepast, dan zijn er ook verschillende situaties te onderscheiden. Is de zolderruimte niet voor mensen toegankelijk, dan zal die ruimte niet worden meegerekend bij de bepaling van de GO. Er is in die situatie geen sprake van een vloer als bedoeld in deze norm. In de situatie dat de zolder slechts geschikt is voor incidenteel gebruik, bijvoorbeeld om via een luik dat slechts met een huishoudladder kan worden verwijderd, enige goederen op te bergen, dan mag de zolder evenmin worden meegerekend bij de bepaling van de GO. Is de ruimte echter voor mensen toegankelijk, bijvoorbeeld via een vlizotrap, dan zal een gedeelte van die zolder deel uitmaken van de GO van de desbetreffende gebruiksfunctie. Een andere variant is die waarbij de zolder wordt aangemerkt als een overige gebruiksfunctie en dientengevolge zijn eigen GO heeft.

Een berging of stallingsruimte is doorgaans geen woonfunctie, maar een overige gebruiksfunctie. Het heeft zijn eigen GO, dat niet bij de GO van de woonfunctie hoort. Wil men de GO van het hele gebouw weten, dan moeten de GO's van alle gebruiksfuncties van dat gebouw worden opgeteld en daar hoort de berging, als deze in dat gebouw is gelegen, dus weer wel bij. Indien niet bekend is tot welke gebruiksfunctie een bepaalde ruimte behoort, omdat het bijvoorbeeld een situatie betreft van voor de invoering van het Bouwbesluit 2003, kan meestal een redelijke inschatting worden gemaakt op basis van de eisen waaraan die ruimte voldoet. Zo kan men eenvoudig aannemen dat een berging niet tot de woonfunctie behoort omdat het niet aan de eisen voor woonfunctie van het Bouwbesluit voldoet. De oppervlakte van de berging behoort dus meestal niet tot de GO van de woonfunctie. Aangeraden wordt om de oppervlakte van de berging wel inzichtelijk te maken en dit separaat als de 'GO van overige gebruiksfunctie' te noteren.

34 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen 1 jstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST 4.5.5 GO van een (sub)brandcompartiment, rookcompartiment en toegankelijkheidssector, verwarmde zone, (deel)energiesector of van een gedeelte van een gebouw dat wordt gekoeld of van vochtige lucht wordt voorzien De GO van een: a) (sub)brandcompartiment; b) rookcompartiment; c) toegankelijkheidssector; d) verwarmde zone; e) (deel)energiesector, of f) gedeelte van een gebouw dat wordt gekoeld of van vochtige lucht wordt voorzien is de som van de GO's van de daarin gelegen ruimten, bepaald volgens 4.5.1, zij het dat die ruimten moeten zijn opgevat als een groep van ruimten. 4.5.6 GO aan te houden voor de berekening van de opvang- en doorstroomcapaciteit voor vluchten bij brand Voor het berekenen van de opvangcapaciteit van een vloer of trap onderscheidenlijk de doorstroomcapaciteit van een vluchtmogelijkheid is de in rekening te brengen GO gelijk aan de som van de GO's van de ruimten of de delen van ruimten die voor het vluchten bi] brand op die vloer of trap onderscheidenlijk die vluchtmogelijkheid zijn aangewezen, bepaald volgens 4.5.1 met dien verstande dat die ruimten of delen van ruimten moeten zijn opgevat als een groep van ruimten.

35 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING 4.6

De bepalingsmethode voor de VVO wijkt af van hiervoor beschreven oppervlaktebepalingen ter plaatse van raamopeningen in opgaande scheidingsconstructies. Deze 'glaslijncorrectie' komt voort uit de gangbare verhuurpraktijk meten tot het glas' (zie figuur 15).

JIiIiITuiIÏIil.A e Il ' -

-

Legenda a meten tot het glas op 1,5 m b meten tot de opgaande scheidingsconstructie a x b = glaslijncorrectie Figuur 15— Glaslijncorrectie

Ruimten met patchkasten en telefooncentrales ten behoeve van de huurder(s) vallen onder de WO. De ruimte voor het parkeren van motorvoertuigen wordt niet tot de VVO gerekend omdat de parkeerruimte per parkeerplaats wordt verhuurd. Een voorziening voor verticaal verkeer, bijvoorbeeld een trap, die twee ruimten verbindt met een hoogteverschil van minder dan 1,5 m, vormt geen voorziening voor verticaal verkeer volgens 2.2.9. De traptreden zijn immers gelegen op één bouwlaag (zie 2.1.6). In dat geval wordt de trap niet uitgezonderd van de VVO, ongeacht de grootte van de projectie daarvan op het horizontale vlak.

36 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST 4.6 Verhuurbare vloeroppervlakte (WO) 4.6.1 Beginsel De VVO van een ruimte of een groep van ruimten is de oppervlakte, gemeten op vloerniveau, tussen de opgaande scheidingsconstructies, die de desbetreffende ruimte of groep van binnenruimten omhullen. Waar gelijke gebruiksfuncties aan elkaar grenzen, wordt gemeten tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructie. Ter plaatse van raamopeningen wordt gemeten tot aan de binnenzijde van het glas op 1,5 m boven de vloer en ter breedte van deze raamopeningen. Bij de bepaling van de VVO wordt niet meegerekend: -

een ruimte die dient voor het onderbrengen of bedienen van gebouwinstallaties;

=

een trappenhuis, met inachtneming van de een-op-eenregel;

-

een voorziening voor verticaal verkeer, trapgat of liftschacht; toegangssluizen naar trappenhuizen indien de sluis uitsluitend toegang biedt tot het trappenhuis; een schalmgat of vide, indien de oppervlakte daarvan groter is dan of gelijk is aan 4,0 m2; een ruimte die dient voor het parkeren van motorvoertuigen; de oppervlakte van delen van vloeren waarboven de netto-hoogte kleiner is dan 1,5 m;

-

een vrijstaande bouwconstructie en een leidingschacht indien de horizontale doorsnede daarvan bij schuine kolommen inclusief het gedeelte van de ruimte daaronder dat lager is dan 1,5 m groter is dan of gelijk is aan 0,5 m2; -

-

een dragende binnenwand; een ruimte voor horizontaal verkeer indien deze uitsluitend dient voor het bereiken van een installatieruimte of een nooduitgang, met inachtneming van de een-op-eenregel. een-op-eenregel: een trapbordes wordt als voorziening voor verticaal verkeer gerekend, tenzij de NVO van de hierop aansluitende verhuurbare ruimte groter is dan of gelijk is aan de NVO van het bordes zelf. Ditzelfde principe geldt voor een ruimte voor horizontaal verkeer die uitsluitend dient voor het bereiken van een installatieruimte of een nooduitgang. Voor de bepaling van de VVO geldt het gestelde onder 4.1.

MA Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING De verkeersruimten en verkeersvoorzieningen zijn alleen uitgezonderd, indien deze voor verticaal 4.6 vervolg verkeer tussen de afzonderlijke bouwlagen van een gebouw zijn bestemd. Gaat het om een ruimte die uitsluitend voor de verkeersafwikkeling in verticale richting is bestemd, dan wordt de gehele ruimte, inclusief de omhullende wanden, uitgezonderd van de WO. Dit is bijvoorbeeld het geval bij trappenhuizen, inclusief rooksluizen en liftschachten. Lifthallen resp. wachtruimten behoren tot de VVO. Indien een trap, roltrap of hellingbaan, die meer dan 1,5 m overbrugt, een onderdeel vormt van een ruimte met andere dan verticale verkeersfuncties, bijvoorbeeld een entreehal of een overloop die tevens als horizontale doorsteek tussen ruimten fungeert, dan wordt alleen de vloeroppervlakte ingenomen door de voorziening zelf in mindering gebracht. Een trapbordes/overloop geldt als voorziening voor verticaal verkeer, tenzij er een verhuurbare ruimte op aansluit waarvan de NVO groter is dan of gelijk is aan dat bordes (een-op-eenregel). Voorbeelden hiervan zijn in figuur 16 gegeven.

I

I

deel van een trappenhuis dat deel uitmaakt van de verhuurbare vloeroppervlakte Figuur 16

WO bij trappenhuizen

-

38 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen /jstok@heumen.nI 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST (blanco)

39 Dit document is door NEW onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING

4.6.2

Toedeling van gemeenschappelijke ruimten Voor een gebouw dat aan verschillende gebruikers, rechtspersonen of natuurlijke personen, wordt verhuurd, worden de VVO's van de afzonderlijk verhuurde gedeelten (gebruikseenheden) vastgesteld. Daarna volgt de toedeling van de gemeenschappelijke ruimten. Hierbij wordt uitgegaan van een evenredige verdeling van de gemeenschappelijke ruimten over de verschillende gebruikseenheden. Deze verdeling is enerzijds afhankelijk van de totale vloeroppervlakte van de ruimten voor algemeen gebruik en kan anderzijds worden beïnvloed door een verdere verkaveling van de verhuurbare ruimten in nog kleinere eenheden. Voor een goed sluitende administratie en een eenvoudige werkwijze moet de verdeling zo gebeuren dat door de wijziging van de vloeroppervlakte binnen één gebruikseenheid, door opsplitsing of samenvoeging met een andere gebruikseenheid, geen wijzigingen optreden in de oppervlaktematen in de overige niet te muteren gebruikseenheden. Om de overige gebruikseenheden door een dergelijke herverkaveling niet te beïnvloeden, moet de werking daarvan beperkt blijven tot de desbetreffende ruimten. Om dit te bewerkstelligen zijn de volgende richtlijnen te geven: Eén gebruiker voor het gehele gebouw Alle VVO wordt in zijn geheel aan deze gebruiker toegewezen. Meer dan één gebruiker voor het gehele gebouw De VVO per gebruiker resp.

gebruikseenheid wordt mede bepaald door de gemeenschappelijke ruimten. De VVO van die gemeenschappelijke ruimten zijn toe te rekenen aan de WO die de gebruikers sec hebben. De gemeenschappelijke ruimten op een bouwlaag die uitsluitend zijn bestemd voor de gebruikers op die bouwlaag, moeten naar rato van het aandeel in de VVO die de gebruikers tezamen op die bouwlaag sec hebben aan de VVO van de desbetreffende gebruikers worden toegedeeld. Vervolgens moeten de gemeenschappelijke ruimten in het gebouw die zijn bestemd voor gebruikers van verschillende bouwlagen naar rato van de hierboven bepaalde VVO op bouwlaagniveau worden toegedeeld. In bijlage 0 is een rekenvoorbeeld opgenomen. Winkels Voor winkels wordt de VVO ook berekend zoals in deze norm is beschreven. De trappen en trapgaten binnen de verkoopruimte van zelfstandige winkels worden niet in mindering gebracht op de VVO. Toerekening van gemeenschappelijke ruimten in winkelcentra zoals winkelpassages, expeditieruimten en dergelijke ruimten vindt hier niet plaats. De kosten van deze ruimten worden geacht te zijn begrepen in de huurprijs van de winkelruimten. Voor detailhandel wordt vaak de Winkelverkoopvloeroppervlakte (WVO) gebruikt. Deze oppervlakte is niet in deze norm opgenomen.

40 Dit document is door NEW onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEW to: Gemeente Heumen 1 jstokheumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST 4.6.2 Toe te rekenen delen aan de WO van gemeenschappelijke ruimten De volgens 4.6.1 bepaalde oppervlakte van een gebruikseenheid wordt vermeerderd met een deel van de VVO van de in dat gebouw gelegen gemeenschappelijke ruimten waarop die gebruikseenheid is aangewezen, met inbegrip van de gemeenschappelijke verkeersruimten gelegen tussen de toegang van die gebruikseenheid en die gemeenschappelijke ruimten, met dien verstande dat die gemeenschappelijke ruimten moeten zijn opgevat als een groep van ruimten. De omvang van dat deel moet zijn bepaald naar rato van de omvang van de volgens 4.6.1 bepaalde gezamenlijke VVO van de op die gemeenschappelijke ruimten aangewezen gebruikseenheden. 4.6.3 WO vaneen gebouw De WO van een gebouw is de som van de volgens 4.6.1 bepaalde VVO's van alle tot het gebouw behorende binnenruimten.

41 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING 5.1

Een inhoud van 1,23 m3 wordt dus aferond op 1,23 m3; een inhoud van 23,45 m3 wordt afgerond op 23,4 m3 en een inhoud van 123,45 m op 123 m3, conform de afrondingsregels van NEN 3682. Aangeraden wordt om de berekeningen met onafgeronde getallen te maken en pas bij de einduitkomst af te ronden Om de meetmethode hanteerbaar te houden is bepaald dat zowel nissen als uitspringende bouwdelen niet worden meegerekend als de projectie daarvan op het horizontale vlak kleiner is dan 0,5 m2 of de inhoud daarvan kleiner is dan 2,5 m3. De meetlijn volgt in dat geval niet exact de omtrek van de scheidingsconstructie. Figuur 11 kan naar analogie worden uitgelegd voor inhouden. Deze benadering wordt toegepast op zowel de bruto-inhoud als de netto-inhoud en geldt daarmee niet alleen voor scheidingsconstructies maar ook bijvoorbeeld voor begrenzingen van schalmgaten en vides, die groter zijn dan of gelijk zijn aan 4 m2.

5.2.1

De laagste meetlijn is de onderkant van de vloer van de laagst gelegen bouwlaag. De funderingsconstructie en de kruipruimte worden buiten beschouwing gelaten. Als de dikte van de laagst gelegen constructieve vloer bij een bestaand gebouw niet kan worden opgemeten, wordt ervan uitgegaan dat de tekeningen van het gebouw beschikbaar zijn en dat deze uitsluitsel kunnen geven. Is dit niet mogelijk dan kan de dikte naar deskundig inzicht worden bepaald.

meetlijn als de gezamenlijke oppervlakte aan de onderzijde van de onderslagbalken meer is dan 10 % van de oppervlakte van het totale vloerveld -

Figuur 17

Voorbeeld van de meetlijn bij een vloerconstructie met onderslagbalken

-

De onderkant van een vloerconstructie die de scheiding vormt tussen een binnenruimte en de buitenlucht, is gelijk te stellen met de onderkant van de beplating. Indien geen beplating voorkomt, is de onderkant van het vloerveld bepalend, tenzij onderslagbalken en/of verdikte kolomkoppen voorkomen, waarvan de gezamenlijke oppervlakte aan de onderkant meer is dan 10 % van de oppervlakte van het gehele vloerveld. In dat geval moet de onderkant van de laagstgelegen constructieve balk als meetlijn worden aangehouden resp. de hoogte waarop van de verdikte kolomkoppen de oppervlakte gelijk is aan 10 % van de oppervlakte van het totale vloerveld. Zie voor een voorbeeld figuur 17. Voorbeelden van ondergeschikte bouwdelen zijn in dit verband: koekoeken, open buitentrappen, entree-overkappingen, horizontale niet-beweegbare zonweringsconstructies, dakoverstekken, lichtkoepels en uitwendige schoorstenen.

42 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST

5 Inhouden 5.1 Algemeen Inhouden van ruimten moeten in kubieke meter (m3) worden uitgedrukt. Het aantal cijfers achter de komma is afhankelijk van de grootte van de inhoud, volgens tabel 2:

Tabel 2

Afrondingsregels inhouden

-

Af te ronden inhoud

Minimaal aantal cijfers achter de komma

m3 <10

2

10<100

1

~100

0

Bij de bepaling van de inhoud wordt een ondergeschikt bouwdeel niet meegerekend, voor zover de inhoud daarvan kleiner is dan 2,5 m3 of het grondvlak daarvan kleiner is dan 0,5 m

5.2 Bruto-inhoud 5.2.1 Beginsel De bruto-inhoud van een ruimte of een groep van ruimten is het product van de volgens 4.2.1 bepaalde BVO, vermeerderd met de oppervlakten van vides en schalmgaten, die elk afzonderlijk groter zijn dan of gelijk zijn aan 4 m2, en de brutohoogte. De hoogte van een niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimte moet worden gesteld op 1,5 m vanaf de bovenkant van de afgewerkte vloer. Indien de ruimte aan de onderzijde niet aan een andere binnenruimte grenst, wordt de brutohoogte ter plaatse vermeerderd met de afstand gemeten tussen de bovenkant en de onderkant van de vloerconstructie.

5.2.2 Bruto-inhoud van een gebouw De bruto-inhoud van een gebouw is de som van de volgens 5.2.1 bepaalde bruto-inhouden van alle tot het gebouw behorende binnenruimten.

5.2.3 Bruto-inhoud van overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw De bruto-inhoud van de overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw is de som van de volgens 5.2.1 bepaalde bruto-inhouden van alle tot het gebouw behorende overdekte gebouwgebonden buitenruimten.

5.2.4 Bruto-inhoud van niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw De bruto-inhoud van de niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw is de som van de volgens 5.2.1 bepaalde bruto-inhouden van alle tot het gebouw behorende niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten.

43 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 TOELICHTING (blanco)

44 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 NORMTEKST 5.3 Netto-inhoud 5.3.1 Beginsel De netto-inhoud van een ruimte of een groep van ruimten is het product van de volgens 4.3.1 bepaalde NVO, vermeerderd met de oppervlakten van vides en schalmgaten, die elk afzonderlijk groter zijn dan of gelijk zijn aan 4 m2, en de netto-hoogte. De hoogte van een niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimte moet worden gesteld op 1,5 m, vanaf de bovenkant van de afgewerkte vloer. 5.3.2 Netto-inhoud van een gebouw De netto-inhoud van een gebouw is de som van de volgens 5.3.1 bepaalde netto-inhouden van alle tot het gebouw behorende binnenruimten. 5.3.3 Netto-inhoud van overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw De netto-inhoud van de overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw is de som van de volgens 5.3.1 bepaalde netto-inhouden van alle tot het gebouw behorende overdekte gebouwgebonden buitenruimten. 5.3.4 Netto-inhoud van niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw De netto-inhoud van de niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw is de som van de volgens 5.3.1 bepaalde netto-inhouden van alle tot het gebouw behorende niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten.

45 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 (blanco)

46 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstokheumen.nl 09-112021 13:36

NEN 2580:2007

Bijlage A (informatief)

Voorbeelden van vloeroppervlakten en inhouden van gebouwen volgens NEN 2580 A.1 Vloeroppervlakten van verschillende gebouwtypen A.1 .1 Utiliteitsgebouw

Figuur A.1

BVO van een deel van een bouwlaag (zie 42)

-

47 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by MEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Figuur A.2

NVO van een deel van een bouwlaag (zie 4.3)

-

48 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Figuur A.3

TO van een deel van een bouwlaag (zie 4.4)

-

49 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

OPMERKING

Dragende wanden maken geen deel uit van de GO en zijn om die reden niet rood gearceerd.

Figuur A.4

GO van een deel van een bouwlaag (zie 4.5)

-

50 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-202113:36

NEN 2580:2007

Figuur A.5

WO van een deel van een bouwlaag (zie 4.6)

-

51 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

A.1.2 Eengezinswoning

begane grond

verdieping

zolder 4.2.2 BVO van een gebouw (uitsluitend de binnenruimten van een eengezinshuis). 4.2.3 BVO van de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een gebouw (de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een eengezinshuis). Figuur A.6

BVO van een eengezinshuis (zie 4.2)

-

52 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

begane grond

verdieping

zold

4.3.2 NVO van een gebouw (uitsluitend de binnenruimten van een eengezinshuis) 4.3.3 NVO van de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een gebouw (de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een eengezinshuis) I

14.4 TO Figuur A.7

NVO en TO van een eengezinshuis (zie 4.3 en 4.4)

-

53 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heu men Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

verdieping

verdieping

GO van een woonfunctie

zolder

GO van een overige functie Figuur A.8

GO van een eengezinswoning (woonfunctie) (zie 4.5)

-

54 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

A.1.3 Appartement

Figuur A.9A

Figuur A.913

Plattegrond van een deel van een verdieping

-

Plattegrond van een deel van de bergingen op de begane grond

-

BVO van een appartement (uitsluitend de binnenruimten) BVO van de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een appartement Figuur A.9

BVO van een appartement (zie 4.2)

-

55 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Figuur A.IOA

Figuur A.IOB

Plattegrond van een deel van een verdieping

-

Plattegrond van een deel van de bergingen op de begane grond

-

NVO van een appartement (uitsluitend de binnenruimten)

I

I NVO van de overdekte gebouwgebonden buitenruimte van een appartement

I

ho Figuur A.10 NVO en TO van een appartement (zie 4.3 en 4.4)

56 Dit document is door NEW onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Figuur A.IIA — Plattegrond van een deel van een verdieping

Figuur A.IIB

Plattegrond van een deel van de bergingen op de begane grond

-

GO van een (deel van een) woonfunctie (appartement) GO van een overige gebruiksfunctie (berging) Het appartement is een gedeelte van een woonfunctie, gelegen in een woongebouw. De GO OPMERKING 1 bestaat uit de GO van uitsluitend de niet-gemeenschappelijke ruimten die direct met elkaar in verbinding staan, omdat de gemeenschappelijke ruimten enkel uit verkeersruimten en installatieruimten bestaan. De privéberging op de begane grond hoort wel bij het appartement maar niet tot de woonfunctie. OPMERKING 2 Het voldoet immers niet aan alle eisen die aan een woonfunctie worden gesteld. Aangeraden wordt om dit inzichtelijk te maken en de GO van de berging als "GO van een overige gebruiksfunctie" te noteren.

Figuur A.1 I

GO van een appartement (zie 4.5)

-

57 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

A.1.4 Niet-zelfstandige woningen Het voorbeeld heeft betrekking op binnen- en gebouwgebonden buitenruimten van drie bewoners, die deze ruimten individueel en gemeenschappelijk gebruiken. De individuele ruimten zijn aangegeven met 1, 2 en 3 die corresponderen met de aanduiding van de drie bewoners. In dit voorbeeld zijn drie soorten gemeenschappelijke ruimten, te weten: a) gemeenschappelijke ruimten die uitsluitend door de drie bewoners worden gebruikt (zoals de gemeenschappelijke keuken); b) gemeenschappelijke ruimten die worden gebruikt door alle bewoners van de bouwlaag die uit verscheidene zelfstandige en niet-zelfstandige woningen bestaat (zoals de gemeenschappelijke werkkast); c) gemeenschappelijke ruimten die worden gebruikt door alle bewoners van het woongebouw (zoals het gemeenschappelijke trappenhuis en de verkeersruimte bij de bergingen). Het uitsluitend aan de individuele ruimten van ieder van de drie bewoners toe te rekenen deel van de BVO van de onder a) genoemde gemeenschappelijke ruimten wordt naar verhouding van de BVO van de individuele ruimten van ieder van de drie bewoners bepaald. Vervolgens wordt de BVO van de onder b) genoemde gemeenschappelijke ruimten naar rato van de BVO van de ruimten van alle bewoners van de bouwlaag, (inclusief het hierboven toegerekende deel) aan de ruimten van de bewoners toegerekend.

Tenslotte wordt de BVO van de onder c) genoemde ruimten toegedeeld aan de ruimten van de bewoners, naar rato van de individuele ruimten, inclusief het toegerekende deel van a) en b).

58 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok©heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

BVO van: binnenruimten van woningen 1, 2 en 3 overdekte gebouwgebonden buitenruimten van woningen 2 en 3 onbenoemde ruimte (bergkast van woning 2) gemeenschappelijke binnenruimten van woningen 1 2 en 3 I

I

gemeenschappelijke binnenruimte van alle woningen van de bouwlaag gemeenschappelijke binnenruimten van alle woningen van het gebouw gemeenschappelijke overdekte gebouwgebonden buitenruimte van alle woningen van de bouwlaag Figuur A.12

BVO van niet-zelfstandige woningen (zie 4.2)

-

59 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09.11-2021 13:36

NEN 2580:2007

BVO van: gemeenschappelijke binnenruimten van woningen 1, 2 en 3 gemeenschappelijke binnenruimten van alle woningen van het gebouw Figuur A.13

BVO van gemeenschappelijke bergingen van niet-zelfstandige woningen (zie 4.2)

60 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: / This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

NVO van: binnenruimten van woningen 1, 2 en 3 overdekte gebouwgebonden buitenruimten van woningen 2 en 3 gemeenschappelijke binnenruimten van woningen 1, 2 en 3 TO van: tot de woningen 1, 2 en 3 behorende ruimten tot de woningen 2 en 3 behorende overdekte gebouwgebonden buitenruimten

Figuur A.14

NVO en TO van niet-zelfstandige woningen (zie 4.3 en 4.4)

-

61 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: / This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

NVO van: gemeenschappelijke binnenruimten van woningen 1, 2 en 3 TO van: I

I

tot de woningen 1, 2 en 3 behorende ruimten

Figuur A.1 5

NVO en TO van gemeenschappelijke bergingen van niet-zelfstandige woningen (zie 4.3 en 4.4)

-

62 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

GO van: de niet-gemeenschappelijke ruimten van de woonfuncties 1, 2 en 3. de groep van gemeenschappelijke ruimten van uitsluitend de woonfuncties 1, 2 en 3.

I

I de groep van ruimten die de gemeenschappelijke ruimten zijn van de woonfuncties I t.m. n. Dit zijn uitsluitend gemeenschappelijke verkeersruimten en installatieruimten, zodat de GO daarvan niet meetelt bij de GO van de woonfuncties I tm. n. de buitenruimten aangeduid met 2* en '3*'behoren tot de gelijkgenummerde woonfuncties, maar blijven voor de bepaling van de GO daarvan buiten toepassing; de met 2* aangeduide balkonkast is een overige gebruiksfunctie behorende bij woonfunctie 2. Overige gebruiksfuncties tellen niet mee bij de bepaling van de GO van een woonfunctie.

Het aan de groepen van niet-gemeenschappelijke ruimten van de woonfuncties I t.m. 3 toe te rekenen deel van de gemeenschappelijke ruimten wordt naar rato van de GO van de groep van niet-gemeenschappelijke ruimten van de afzonderlijke woonfuncties bepaald (zie 4.5.3). Het trappenhuis, waarin ook de liftschacht is gelegen, en de galerij zijn aan te merken als gemeenschappelijke ruimten van de woonfuncties I tm. n. Omdat het verkeersruimte betreft hoeft de GO hiervan niet aan de individuele woonfuncties te worden toegerekend (zie 4.5.3). Figuur A.16

GO van niet-zelfstandige woningen (zie 4.5)

-

63 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok©heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

GO van overige gebruiksfunctie De gemeenschappelijke berging op de begane grond behoort wel exclusief bij de woonfuncties 1, 2 en 3, maar telt niet mee bij de GO van de woonfunctie. Het voldoet immers niet aan alle eisen die aan een woonfunctie worden gesteld. Vandaar dat deze ruimte als 'GO van een overige gebruiksfunctie' wordt genoteerd. De gangen tussen de bergingen zijn aan te merken als gemeenschappelijke ruimten van alle woonfuncties in het woongebouw. Omdat het verkeersruimte betreft hoeft de GO van hiervan niet aan de individuele woonfuncties te worden toegerekend (zie 4.5.3).

Figuur A.17

GO van niet-zelfstandige woningen (zie 4.5)

-

64 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

A2 Inhouden van een gebouw

A.2.1

Bruto-inhoud I.

fl 74

Bruto-inhoud van: een gebouw (zie 5.2.2) r-----I I

I

overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 5.2.3) niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 5.2.4)

BVO van: een gebouw (zie 4.2.2) overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 4.2.3) ...........

niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 4.2.4)

Figuur A.18

.-

Bruto-inhoud van een gebouw (zie 5.2)

65 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-202113:36

NEN 2580:2007

A.2.2 Netto-inhoud h I n 7c

Netto-inhoud van: een gebouw (zie 5.3.2) I

overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 5.3.3)

I

niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 5.3.4)

NVO van: een gebouw (zie 4.3.2) +

+ + + + + + overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 4.3.3)

...........

niet-overdekte gebouwgebonden buitenruimten van een gebouw (zie 4.3.4)

Figuur A.19

Netto-inhoud van een gebouw (zie 5.3)

66 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Bijlage B (informatief)

Vergelijking tussen de verschillende oppervlakten In figuur B.1 is een vereenvoudigde relatie tussen vloeroppervlakten onderling gegeven. Het gaat om een kwalitatieve vergelijking en mag niet horizontaal worden gelezen. Vides en schalmgaten

Vides en schalmgaten

Vides en schalmgaten

Vides en schalmgaten

BVO van gebouwgebonden buitenruimten (4.2.3 en 4.2.4)

NVO van gebouwgebonden buitenruimten (4.3.3 en 4.3.4)

Gebouwgebonden buitenruimten (2.1.3)

Gebouwgebonden buitenruimten (2.1.3)

TO (4.4) van gebouwgebonden buitenruimten Ruimten voor gebouwinstallaties (2.2.12) Ruimten voor verticaal verkeer (2.2.9) Parkeerruimte WO van een gebouw (4.6.3)

TO (4.4) Niet-statische bouwdelen zoals: Separatlewanden Scheidingsconstructies tussen gebouwfuncties

Scheidingsconstructies tussen gebruiksfuncties

Scheidingsconstructies tussen gebouwtuncties

Niet-toegankelijke leidingschachten

Niet-toegankelijke Ieidingschachten

Niet-toegankelijke Ieidingschachten

Statische bouwdelen

Statische bouwdelen

Statische bouwdelen Glaslijncorrectie (4.6)

Ruimten lager den 1,5 m

Ruimten lager dan 1,5 m

Ruimten lager dan 1,5 m

* De nuttige oppervlakte is dat deel van de NVO dat direct gericht is op de doelstelling en het gebruik van het gebouw of een deel daarvan. Dit is de som van de NVO van alle binnenruimten van het gebouw, met uitzondering van de ruimten voor gebouwinstallaties en de ruimten voor verkeersruimte. Afhankelijk van het gebouwtype kunnen de ruimten voor de nuttige oppervlakte verder worden gesplitst.

Figuur B.1

Relatie tussen vloeroppervlakten onderling

-

67 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

Bijlage C (informatief)

Uitleg over gebruiksfuncties C1 Inleiding De eisen die het Bouwbesluit stelt aan gebouwen en bouwwerken zijn afhankelijk van het gebruiksdoel van die gebouwen en bouwwerken. Aan een woongebouw worden bijvoorbeeld andere eisen gesteld dan aan een kantoorgebouw of een winkel. De voorschriften van het Bouwbesluit moeten in elke situatie duidelijk zijn. Dus ook voor een gebouw waarin verschillende functies zijn ondergebracht, bijvoorbeeld een gebouw met winkels, kantoren en woningen. De aanvrager van de bouwvergunning geeft voor alle gedeelten van het gebouw zelf aan bij welke functies deze delen horen. De hiervoor bedoelde functies worden in het Bouwbesluit aangeduid als 'gebruiksfuncties'. Om de verschillende gebruiksfuncties in een gebouw aan de eisen van het Bouwbesluit te kunnen toetsen, moet duidelijk zijn welke gedeelten van het gebouw door die gebruiksfuncties worden gebruikt. Sommige ruimten van een gebouw worden slechts voor één gebruiksfunctie gebruikt, dit zijn de nietgemeenschappelijke ruimten. Andere ruimten worden voor twee of meer gebruiksfuncties gebruikt. De laatste soort ruimten worden in het Bouwbesluit aangeduid als 'gemeenschappelijke' ruimten. Voorbeelden daarvan kunnen zijn de centrale hal in een multifunctioneel gebouw of de toiletruimten in een gebouw met twee of meer gebruiksfuncties.

De aanvrager van een bouwvergunning of de eigenaar van een gebouw geeft zelf aan op welke wijze hij zijn gebouw indeelt waarbij hij slechts gebruik kan maken van de in het Bouwbesluit omschreven gebruiksfuncties. Deze luiden: a) bijeenkomstfunctie: gebruiksfunctie voor het samenkomen van mensen voor kunst, cultuur, communicatie, kinderopvang, het verstrekken van consumpties voor het gebruik ter plaatse en het aanschouwen van sport; een bijeenkomstfunctie kan bijvoorbeeld zijn de kenmerkende ruimten van een congrescentrum, een kerk, een wijkgebouw, een bioscoop, een theater, een casino, een café, een restaurant, een kantine, een discotheek, een tentoonstellingsgebouw, een museum, een kinderdagverblijf en een tribune in een sportgebouw; b) celfunctie: gebruiksfunctie voor dwangverblijf van mensen; een celfunctie kan bijvoorbeeld een gevangenis- of politiecel zijn of een kamer in een tehuis voor dwangmatige verpleging; c) gezondheidszorgfunctie: gebruiksfunctie voor medisch onderzoek, verpleging, verzorging of behandeling; een gezondheidsfunctie kan bijvoorbeeld zijn ruimten voor de behandeling of verpleging van patiënten in een ziekenhuis, een verzorgingstehuis, een psychiatrische inrichting, een medisch centrum, een polikliniek en een praktijkruimte voor een huisarts, fysiotherapeut of tandarts.

Een verpleeghuis omvat naast de gezondheidszorgfunctie tevens een woonfunctie vanwege het feit dat de bewoners er over het algemeen permanent verblijven; d) industriefunctie: gebruiksfunctie voor het bedrijfsmatig bewerken of opslaan van materialen en goederen, of voor agrarische doeleinden; een industriefunctie kan bijvoorbeeld zijn een werkplaats of een magazijn van een fabriek, een opslagruimte in een pakhuis, of een stal van een boerderij; e) kantoorfunctie: gebruiksfunctie voor administratie; een kantoorfunctie is bijvoorbeeld onderdeel van een accountantsbureau, een administratiekantoor, een advocatenkantoor, een bankgebouw, of een gemeentehuis; f) logiesfunctie: gebruiksfunctie voor het bieden van recreatief verblijf of tijdelijk onderdak aan mensen; een logiesfuncties ligt onder meer in een zomerhuisje en in een hotel, een motel of een pension;

68 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007 g) onderwijsfunctie: gebruiksfunctie voor het geven van onderwijs; een onderwijsfunctie kan bijvoorbeeld zijn een klaslokaal in een schoolgebouw of een collegezaal van een universiteit. Een tot een school behorend gymnastieklokaal is echter een sportfunctie; h) sportfunctie: gebruiksfunctie voor het beoefenen van sport; een sportfunctie kan bijvoorbeeld liggen in een zwembad, een gymnastieklokaal, een sporthal of een fitnesscentrum. Een ruimte voor toeschouwers valt onder de bijeenkomstfunctie; i) winkelfunctie: gebruiksfunctie voor het verhandelen van materialen, goederen of diensten; een winkelfunctie ligt bijvoorbeeld in een winkelcentrum, warenhuis, supermarkt of reisbureau. Het stationsloket en de verkoop bij een tankstation vallen hier eveneens onder. Een winkelcentrum bestaat normaal gesproken uit een verzameling winkelfuncties; j) woonfunctie: gebruiksfunctie voor het wonen; een woonfunctie kan bijvoorbeeld zijn een groep van ruimten in vrijstaande woningen, eengezinswoningen, flat- of portiekwoningen, kamers in een studentenhuis en woonwagens. Een ruimte van een woonboot valt daar niet onder. Een woonschip is namelijk geen bouwwerk in de zin van de Woningwet; k) overige gebruiksfunctie: niet hiervoor benoemde gebruiksfunctie voor activiteiten waarbij het verblijven van mensen een ondergeschikte rol speelt; een voorbeeld daarvan is een trafohuisje.

De volgende gebruiksfuncties zijn verder nog te onderscheiden: 1) lichte industriefunctie: industriefunctie waarin activiteiten plaatsvinden waarbij het verblijven van mensen een ondergeschikte rol speelt; hierbij kan worden gedacht aan een opslagloods, een kas of een stal. Onder een lichte industriefunctie wordt niet een hondenhok of een daarmee vergelijkbaar bouwwerk verstaan. Op een fabrieksterrein kunnen de industriefunctie en de lichte industriefunctie gelijktijdig aanwezig zijn; 2) onderwijsfunctie voor speciaal onderwijs: onderwijsfunctie voor het basis- of voortgezet speciaal onderwijs; 3) overige gebruiksfunctie voor het personenvervoer: onbenoemde utiliteitsfunctie die is bestemd voor aankomst of vertrek van vervoermiddelen ten behoeve van weg-, spoorweg-, water- of luchtverkeer van personen; dit kan bijvoorbeeld zijn een bus- en treinstation of een (lucht-) havengebouw.

C.2 Omvang van een gebruiksfunctie Een gebruiksfunctie kan bestaan uit een verzameling van niet-gemeenschappelijke ruimten en gemeenschappelijke ruimten. Per definitie deelt een gebruiksfunctie de gemeenschappelijke ruimten met andere al dan niet gelijksoortige gebruiksfuncties. Bij de bepaling van de GO van een gebruiksfunctie wordt de GO van een gemeenschappelijke ruimte daarom slechts voor een deel (naar rato van de oppervlakte) meegeteld. Tot een gebruiksfunctie worden niet gerekend de bijbehorende nevenfuncties die als zelfstandige gebruiksfunctie worden aangemerkt. Voorbeelden hiervan zijn een garage bij een woning, een fietsenstalling bij een kantoor, een werkplaats in een gevangeniscomplex, of een liftschacht bij een tunnel.

C.3 Verschijningsvormen van een gebruiksfunctie Een gebruiksfunctie kan verschillende verschijningsvormen hebben zoals: -

-

gebruiksfunctie waarbij alle ruimten en voorzieningen binnen de gebruiksfunctie zijn gelegen. Een voorbeeld is in figuur 0.1 weergegeven; gebruiksfunctie waarbij een deel van de voorzieningen buiten de (hoofd)gebruiksfunctie is gelegen als niet-gemeenschappelijke voorzieningen, zie figuur 0.2; gebruiksfunctie met gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen. Bij deze verschijningsvorm is een gedeelte van de ruimten of voorzieningen van de gebruiksfunctie als gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen uitgevoerd. Een voorbeeld is in figuur D.3 weergegeven;

-

gebruiksfunctie gelegen in twee of meer gebouwen. Figuur 0.4 bevat een simpel voorbeeld.

69 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen Ijstokheumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

overige gebruiksfunctie (nevenfunctie) woonfunctie

Figuur C.1

Woonfunctie met nevenfunctie

-

overige gebruiksfunctie (nevenfunctie) woonfunctie (de ketel van de woonfunctie staat in de nevenfunctie)

Figuur C.2

Woonfunctie met verwarmingsketel in de nevenfunctie

-

70 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumen/jstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

NEN 2580:2007

woongebouw met gemeenschappelijke ruimten (verblijfsgebied, toiletruimte, badruimte, liftschacht, liftmachineruimte, stookruimte, meterruimte en verkeersruimte) woonfunctie 1 tm. woonfunctie 9 gemeenschappelijke ruimte van woonfuncties I t.m. 9; dit wordt naar rato van de oppervlakte toebedeeld aan de GO van woonfuncties I t.m. 9 overige gebruiksfunctie gemeenschappelijke ruimten gemeenschappelijke verkeersruimten

Figuur C.3

Woonfunctie(s) met gemeenschappelijke ruimten en voorzieningen

-

twee industriegebouwen op hetzelfde terrein Legenda

gebruiksfunctie (twee afzonderllijke gebouwen) gebruiksfunctie (twee afzonderlijke gebouwen)

Figuur C.4

Industriefunctie (gelegen in twee gebouwen op eenzelfde complex)

-

71 Dit document is door NEN onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEN to: Gemeente Heumenljstok@heumen.nl 0941-2021 13:36

NEN 2580:2007

Bijlage D (informatief)

Voorbeeldberekening verdeling gemeenschappelijke vloeroppervlakten Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van de toedeling van gemeenschappelijke vloeroppervlakten bij de berekening van de verhuurbare vloeroppervlakte (VVO). Gegeven: Een kantoor van twee bouwlagen van ieder 3000 m2 VVO is totaal 6000 m2 WO. le bouwlaag gebruiker I sec gebruiker 2 sec algemene ruimten t.b.v. de bouwlaag algemene ruimte op gebouwniveau

1600 m2 VVO sec 800 m2 VVO sec samen 2400 m2 VVO M2 VVO 400 M2 VVO 200

2e bouwlaag gebruiker 3 sec onverhuurd 4 sec algemene ruimten t.b.v. de bouwlaag algemene ruimte op gebouwniveau

2000 m2 WO sec 700 m2 VVO sec samen 2700 m2 VVO 300 m2 VVO VVO 0m2

totaal gebouw

6000 m2 VVO, totaal sec 5100 m2 VVO

Toedeling WO: Eerst toedelen op bouwlaagniveau (voor zover niet voor iedere gebruiker): gebruiker 1 gebruiker 2 gebruiker 3 gebruiker 4

: (1600 + 1600/2400 x 400) = 1866,7 : ( 800 + 800/2400 x 400) = 933,3 : (2000 + 2000/2700 x 300) = 2222,2 : ( 700 + 700/2700 x 300) = 777,8 totaal : 5800 m2 VVO ex gebouwniveau 200 m2 VVO

Dan toedelen op gebouwniveau: gebruiker 1: 1866,7 + 1866,7/5800 x 200 = gebruiker 2: 933,3 + 933,3/5800 x 200 = gebruiker 3 :2222,2 + 2222,2/5800 x 200 = gebruiker 4: 777,8 + 777,8/5800 x 200 =

1931,0 965,5 2298,8 804,6

-

-

-

-

Totaal :

1931 m2 WO M2 VVO 965 2299 m2 VVO 805 m2 VVO 6000 m2 VVO

72 Dit document is door NEW onder licentie verstrekt aan: I This document has been supplied under license by NEW to: Gemeente Heumen Ijstok@heumen.nl 09-11-2021 13:36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12037058/1