Bijlage - overzicht ingekomen stukken raadsvergadering 4 november 2021
Tekst van het document
verantwoord. Besloten is om deze winst te storten in een bestemmingsreserve uit te keren aan gemeenten. Deze reserve valt volgens een vast schema in de exploitatie vrij en dit voordelig saldo (=vrijval uit reserve plus resultaat uit gewone bedrijfsvoering) wordt aan gemeenten uitgekeerd. In de praktijk betalen deelnemende gemeenten dus niet aan de GR MARN, maar ontvangen ze jaarlijks een bedrag.
Zaak Document
: :
94662 94672
bovendien geen aandelen in de GR, maar zijn deelnemers. Bij uittreden van een gemeente, zijn gemeenten niet verplicht een aandeel in de GR over te nemen. Gemeente West Maas en Waal kan bij haar uittreden dus ook geen waarde of aandeel in de GR ‘verkopen’ aan de achterblijvende gemeenten. Het vertrek levert dus ook geen opbrengst uit verkoop van een aandeel op. 3. Welk financieel risico loopt de gemeenten Heumen als gevolg van deelname aan de GR MARN. In de begrotingsbehandeling 2022 heeft de adviescommissie het volgende gezegd over de risico’s van de MARN: De risico’s voor de MARN zijn met de verkoop van grond aan de ARN in 2017 verder gereduceerd. Het risico dat MARN loopt, bedraagt ten hoogste de waarde van de aandelen die MARN op verkrijgingsprijs heeft in ARN B.V., zijnde een bedrag ad € 1,7mln2. Tevens zijn er geen claims van derden, noch zijn er bijzondere risico’s in de deelnemingen (ARN B.V.) of rechtsgedingen. In het geval dat de GR MARN geld tekort komt, zal aan deelnemers net als bij andere GR-en om extra financiën worden gevraagd. De afgelopen dertig jaar dat de gemeente Heumen deelneemt aan de GR MARN is dit niet voorgekomen en een dergelijk scenario is op dit moment onwaarschijnlijk. In de risicoparagraaf van Heumen is een bedrag van € 300.000 als risico opgenomen voor de gemeenschappelijke regelingen. De risico’s voor Heumen zijn dus beperkt.
Als de € 1,7 mln wordt verdeeld cf inwonersaantallen van de deelnemende gemeenten is het risico voor Heumen ca. € 82.000.
12 oktober 2021 Burgemeester en wethouders
Dirk van Eeten Gemeentesecretaris
Marriët Mittendorff Burgemeester
2 De GR MARN heeft sinds 1 juli 2017 een lening (20 jaar). Bij de BNG afgesloten tegen een rentepercentage van 1,33%.
Deze lening dient ter financiering van de deelneming in ARN B.V., zijnde de nominale waarde van de aandelen ad € 1,7 mln.
2
RAADSMEDEDELING
Onderwerp: Datum:
Uitvoering motie "Sporten onder jongeren stimuleren" 21 oktober 2021
Samenvatting Tijdens de vergadering van uw raad op 8 juli 2021 heeft uw raad de motie “Sporten onder jongeren stimuleren” aangenomen. Met deze raadsmededeling willen wij uw raad informeren hoe uitvoering is gegeven aan deze motie. Uitvoering motie “Sporten onder jongeren stimuleren” Op 21 juli 2021 is naar een groot deel van de sportverenigingen een e-mail gestuurd. De strekking van dit bericht was om ook de jeugd die geen lid is van een sportvereniging de mogelijkheid te geven om gratis kennis te maken met een sport via een proefles of iets soortgelijks. Bij de meeste sportverenigingen is deze doelgroep al meer dan welkom. Overige verenigingen zijn er met deze e-mail op geattendeerd om dit alsnog mogelijk te maken. We hebben hierover met de jeugd gecommuniceerd via het gemeentenieuws (zowel fysiek als digitaal), de gemeentelijke social media kanalen en via het jongerenwerk. 19 oktober 2021 Burgemeester en wethouders
Dirk van Eeten Gemeentesecretaris
Zaak Document
: :
95351 95394
Marriët Mittendorff Burgemeester
RAADSMEDEDELING
Onderwerp: Datum:
Schriftelijke vragen ex art. 39 RvO over fonds structuurvisie Lierdal 21 oktober 2021
Samenvatting Op 8 september jl. vroeg het CDA om schriftelijke beantwoording van een tweetal vragen m.b.t. het gebiedsfonds dat in de Structuurvisie Lierdal is opgenomen. Het antwoord is in het kort dat het college van mening is dat dit fonds voor reguliere gevallen gehandhaafd dient te blijven. Alleen in niet-reguliere uitzonderingssituaties is maatwerk aan de orde, mits de afwijking goed kan worden gemotiveerd. Deze lijn zal het college in principe volgen zo lang geen alternatief sturingsinstrument is aangenomen voor het gebied. Mocht het komen tot een nieuw beleidskader aan de orde worden gesteld, dan is het proces van de omgevingsvisie hiervoor het aangewezen proces. Toelichting In uw schrijven d.d. 8 september jl. (bijlage 1) vraagt u de mening van het college ten aanzien van het (gedeeltelijk) afzien van de verplichte bijdrage aan het Lierdalfonds voor specifieke gevallen. Dit in relatie tot de huidige krapte op de woningmarkt. Ook wilt u weten of de verplichting zoals opgenomen in de vigerende structuurvisie legitiem is. Gevraagd is ten slotte om de standpunten van het college in de voorliggende memo te delen. Bestaande mogelijkheden voor woningbouw Een stukje context over het huidige beleid lijkt ons van belang. In het Lierdal bestaan op dit moment 2 mogelijkheden voor het toevoegen van woningen aan het gebied.
De 1e mogelijkheid is de regeling “ruimte voor ruimte” en heeft zijn grondslag in het bestemmingsplan voor het gebied. Net als in het hele buitengebied, kunnen hierdoor 1 of 2 goed ingepaste woningen worden toegevoegd in ruil voor het saneren van voldoende bedrijfsgebouwen en het geheel stopzetten van dat bedrijf. De 2e mogelijkheid is gegeven door de structuurvisie voor het Lierdal. Deze stelt: woningbouw zonder toepassing van ruimte-voor-ruimte kan enkel plaatsvinden in de aangegeven zoekgebieden, onder verplichte bijdrage aan het gebiedsfonds, en in de specifieke vorm van riante, vrijstaande woningen. Kwaliteitsverslechtering en kwaliteitsverbetering Doel van het bovenstaande is dat enkel woningen kunnen worden toegevoegd indien afbreuk aan de kwaliteiten in het gebied wordt beperkt, of aanzienlijke kwaliteitsverbetering wordt gerealiseerd. Het beperken van kwaliteitsverslechtering gebeurt: – door woningbouw alleen op al bebouwde c.q. versteende (bedrijfs-) percelen toe te staan, zoals bij de regeling ruimte voor ruimte; – of door ontwikkelingen in de aangegeven zoekgebieden te concentreren (waar al een hogere mate van stedelijkheid en verstening geldt).
Voldoende kwaliteitsverbetering wordt bijvoorbeeld gehaald doordat: – er significant meer oppervlakte aan (bedrijfs-) bebouwing, opslag en verharding wordt gesaneerd dan bij de vervangende nieuwbouw (woning) mag worden teruggebouwd; – er voorzien wordt in de verplichte bijdrage aan het gebiedsfonds, met welke gelden de landschappelijke kwaliteiten voor het gebied als geheel kunnen worden vergroot; Zaak Document
: :
91561 95486
–
er op de ontwikkellocatie zelf een passende (vrijstaande) woning wordt gerealiseerd waarbij goede landschappelijke inpassing plaatsvindt.
Let daarbij wel dat in de Lierdalvisie de openheid en landschappelijke kwaliteit van het gebied vooraan staan. Het mogelijk maken van nieuwe (woning-) bouwlocaties wordt expliciet niet als doelstelling gezien. Alle vormen van extra verstening doen immers afbreuk aan de openheid en landschappelijke kwaliteit van het gebied en zijn daarom in beginsel ongewenst. Het Lierdalfonds in de praktijk In praktijk zijn er sinds de vaststelling van de Lierdalvisie geen bijdragen aan het fonds gedaan. Daarmee zijn geen gelden vergaard voor ontwikkelprojecten voor het gebied als geheel. Anderzijds zijn in de jaren dat het fonds actief is ook geen open, agrarische percelen versteend. Kijkend naar de beleidsdoelstellingen voor het gebied, is het fonds – als beperkende factor voor woningbouwontwikkelingen waarbij niet aan de verplichte kwaliteitsdoelstellingen wordt voldaan – een doelmatig instrument. Belang van het Lierdalfonds als beleidsinstrument Indien wij zouden kiezen om het fonds buiten werking te stellen (hetgeen beleidswijziging betreft) of hier structureel op af te wijken, dan kijken we naar een situatie waarin de zoeklocaties voor woningbouw kunnen worden ingevuld zónder dat hier landschappelijke kwaliteitsverbetering tegenover staat. Een aanvraag voor woningbouw binnen het zoekgebied moet in dat geval worden behandeld.
Naast dat dit haaks staat op de visie en doelstellingen voor het gebied, is het strijdig met de doelstellingen en beperkingen die uw raad heeft vastgesteld voor het buitengebied als geheel. M.a.w. zonder Lierdalfonds kunnen in het Lierdal, als enige zone in het buitengebied, woningen worden toegevoegd zonder dat er sprake is van ruimte voor ruimte. Geen woningbouw in het buitengebied Het college constateert eveneens de aanhoudende krapte op de woningmarkt, maar ziet geen ruimte en geen draagvlak vanuit het vigerend beleid om deze behoefte in het buitengebied, specifiek de zoekgebieden binnen het Lierdal op te vangen. Naast dat het in de zoekgebieden om een beperkt aantal potentiële bouwlocaties gaat, zorgt ook de voor het gebied geschikte woningsoort (riant en vrijstaand) voor beperkte maatschappelijke meerwaarde van een dergelijke strategie. Dit terwijl het voortzetten van de lijn “inbreiding boven uitbreiding” onlangs bekrachtigd is door uw vaststelling van de strategische visie, waarin behoud van het (agrarisch) landschap als focuspunt wordt gegeven. Standpunt van het college Volgend uit de gemaakte beleidskeuzes zal het college primair naar het Lierdal kijken als deel van het buitengebied, waar vanuit de doelstelling van landschappelijke kwaliteitsverbetering naar potentiële ontwikkelingen wordt gekeken.
Het wegnemen van beperkingen voor particuliere initiatieven voor woningbouw is hiermee niet in lijn. Daarom ziet het college in beginsel geen ruimte om soepel om te gaan met de verplichte bijdrage aan het Lierdalfonds voor reguliere, particuliere verzoeken (vaak louter van commerciële aard). Wanneer maatwerk is vereist Bij uitzonderlijke, niet-reguliere gevallen waarbij nochtans aan de doelstelling voor kwaliteitsbehoud of -verbetering kan worden voldaan, kan wel degelijk maatwerk aan de orde zijn. Het doel is immers niet om op voorhand ontwikkelingen af te wijzen die qua bijdrage aan de kwaliteiten van het gebied of qua aard en maatschappelijk belang zeer waardevol zijn, maar niet aan de gestelde voorschriften kunnen voldoen. Wel is het college van mening dat in deze gevallen een zorgvuldige afweging moet plaatsvinden. In een dergelijk geval moet namelijk worden afgeweken op de structuurvisie. Dit kan 2
enkel standhouden onder een deugdelijke, op feiten gebaseerde motivatie en is tevens onderhavig aan goedkeuring door uw raad. Toekomst van het Lierdalfonds Het college gaat er op basis van uw beleid voor het buitengebied van uit dat het onwenselijk is dat de zoekgebieden in de Lierdalvisie zonder meer kunnen worden ingevuld voor particuliere plannen. Mocht het toch wenselijk zijn om het Lierdalfonds of de hierin aangegeven voorwaarden te herzien, dan dient een alternatief sturingsmiddel dit instrument te vervangen (bijvoorbeeld: de zoekgebieden geheel te verwijderen). Het college is van mening dat een dergelijke afweging in een breder perspectief dient te worden gemaakt. Het proces van de Omgevingsvisie lijkt het college hiervoor het aangewezen proces. Legitimiteit van het Lierdalfonds Tot slot stelde u de vraag op grond van welke wetten of wetsartikelen de bijdrage aan het fonds volgens het college als voorwaarde kan worden gesteld. Zoals wij zien is de bijdrage aan het Lierdalfonds een uitwerking van de bevoegdheid die in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) onder artikel 6.24, lid 1, onder a, aan het college van B&W is gegeven.
Dit wetsartikel maakt mogelijk dat bij het aangaan van een overeenkomst over de grondexploitatie (lees: anterieure overeenkomst) een financiële bijdrage kan worden opgenomen aan ruimtelijke ontwikkelingen, zolang deze ontwikkelingen op een vastgestelde structuurvisie zijn gebaseerd. Aan deze voorwaarde wordt met de Structuurvisie Lierdal, later overgenomen in de Structuurvisie Heumen 2025, voldaan. Hoewel de Structuurvisie een publiekrechtelijk instrument is, is het college dus bevoegd om de fondsbijdrage via een privaatrechtelijke overeenkomst te regelen. Overigens haakt deze bevoegdheid in op de bedoeling van de wetgever om afspraken over de grondexploitatie zo veel mogelijk in het civiele spoor te maken. Hierbij is de vrijheid om kostenposten op te nemen groter dan in het “klassieke” publiekrechtelijke spoor van kostenverhaal. 19 oktober 2021 Burgemeester en wethouders
Dirk van Eeten Gemeentesecretaris
Marriët Mittendorff Burgemeester
Bijlagen: 2021-20 Schriftelijke vragen CDA -structuurvisie Lierdal Structuurvisie Lierdal, zie ook: de structuurvisie Lierdal op www.ruimtelijkeplannen.nl
3
Gemeente Heumd 19 OKT, 2021 Gemeente Heumen
I nge komen
College van B & W Leden van de Gemeenteraad Wethouder R.Waas
Betreft: Principebesluit uitkomst tender 20 ha zon Malden, 15 oktober 2021
Geachte lezers, Op de derde particpatiebijeenkomst van 4 oktober 2021 werd een diagram vertoond waaruit blijkt dat circa 80% van de stemmers (belangstellende bewoners van de gemeente Heumen) voor zonneparken direct langs de A73 kozen. Verder is in het voorbije proces gebleken dat het overgrote deel van de bewoners van de Westerkanaaldijk de zonneparken ook direct langs de A73 verkozen en niet die vlak bij hun huis en langs natuurgebied Vogelzang. Het is dan ook verbazingwekkend dat van de 5 (op 4 oktober) voorliggende mogelijke zonnevelden, juist dat gekozen werd dat niet langs de A73 ligt. De keuze van de genoemde tender wordt verantwoord door de uitkomst van de beoordelingsmatrix tender zonnevelden in het stuk "Argumentatie beoordeling ingediende voorstellen tender 20 ha zon" van 2 juni 2021. In het bijbehorende advies van B&W d.d 8juni wordt "bij de kanttekeningen echter opgemerkt "dat het verschil in de beoordeling tussen project 2 en project 3 erg klein Is. ik wil hieraan toevoegen dat het verschil niet alleen erg klein Is, maar ook dat de beoordelingen in de genoemde Argumentatie (inmiddels) onjuist, arbitrair of zelfs misschien wel partijdig zijn. 11< ga vooralsnog in op de volgende scores van de criteria van de genoemde Argumentatie: 2. Energieopbrengst: Project 2 heeft 20 hectare en Project 3 19,5.
Het Is niet te verklaren waren dit kleine verschil voor project 2 maar liefst 2 puntenmeer moet opleveren. (In het zeer traag afgegeven WOB zijn de gegevens op dit punt weggelakt, waarop inmiddels bezwaar is ingediend). Dit klemt des te meer omdat bi) de genoemde particpatiebijeenkomst het Project 2 al gekrompen bleek tot 17 hectare. Bovendien gaat Project 3 samen met 4 en 5 en deze drie dienen die als een geheel geteld te worden, hetgeen de energieopbrengst aanzienlijk vermeerdert. Samenvattend mag gesteld worden dat project 2 hier 7 punten(3 minder) dient te krijgen en project 3 10 (2 meer). 4. Procesparticipatie: Zowel in alle klankbordgroepvergaderingen als in de participatiebijeenkomsten wordt er herhaaldelijk en met nadruk benoemd (en bij peilingen ook met een duidelijke meerderheid bevestigd) dat plaatsing van zonnepanelen langs de A73 de voorkeur heeft. Wanneer er als gemeente besloten wordt om een participatieproces In gang te zetten en daar zo overduidelijk géén enkele waarde wordt gegeven aan de opgehaalde meningen en ideeën, dan is dit de naam van 'participatie' niet waard. Een burgerforum mag volgens de commissie Brenninkmeier (zie onze brief d.d. 9 mei) niet vrijblijvend zijn.
Als direct omwonenden beoordelen we de betere participatie van project 2 als ongegrond, zo bijzonder waren de acties van Project 2 niet. Sterker nog: de bewonersgroep voelde zich door de inschrijver van uw voorkeur op meerdere manieren psychisch onder druk gezet, (zie onze brief d.d. 9 mei). Het verschil tussen project 2 en 3 dient daarom voor project 2 met 2 punten verminderd te worden. 5. Projectparticipatie: De Energie Coöperatie Heumen heeft aangegeven even graag met project 2 als met Project 3, 4 en 5 te willen samenwerken. Het extra punt hier voor Project 2 is ongegrond. 8. Landschappelijke inpassing: Hoewel gesteld wordt dat de landschappelijke inrichten voor de Projecten 2,3,4 en 5 gelijk zijn, krijgen projecten 4 en 5 toch een lagere score. Dat lijkt dus onjuist. Verder is het onbegrijpelijk dat van project 3 wordt gezegd dat het midden in open gebied ligt, dit terwijl het direct aansluit op de A 73, juist project 2 ligt midden in open gebied. Het is evident dat ruimtelijke inpassingskwaliteit van een project direct langs de snelweg beter is dan een project direct naast natuurgebied Vogelzang. In de "zonneladder" komen zonneparken langs Infrastructuur boven zonneparken midden in het landschap. Project 2 en dient daarom op dit onderdeel een aftrek te krijgen van 2 punten. 9.
Effecten op andere functies: Allereerst wordt de aanwezigheid van de dassen op een vage wijze weggepoetst, dit terwijl er ernstige bezwaren zijn tegen het dassengebied die niet zomaar opgelost kunnen worden. Ik citeer uit aan mij gezonden correspondentie: "Met deze plannen wordt één van de oudste aangepaste dassenlandschappen met hagen en talloze tunnels en afrasteringen grotendeels ongedaan gemaakt. Das & Boom en VNC zullen dus gezamenlijk moeten optrekken als één van beide partijen hierover benaderd wordt. " Dit een serieus punt op de route van Bezwaar en Beroep. Verder ligt Project 2 dicht tegen de huizen van de bewoners van de Westerkanaaldijk aan die daar ernstige bezwaren tegen hebben, maar helaas tot nu toe absoluut niet de belangrijke rol spelen die hen In dit punt 9 toegedicht wordt. Ook zal de mogelijke komst van zonnepanelen aldaar het uitzicht van het karakteristieke eikenlaantje langs Vogelzang (een van de mooiste laantjes van de Gemeente) ernstig verstoren. Het wordt niet duidelijk waarom projecten 3,4 en 5 niet maximaal scoren op dit punt. Project dient op dit punt aanzienlijk minder te scoren. ik stel dat projecten 3, 4 en 5 2 punten meer dienen te scoren en project 2 2 punten minder. 11. Financiële haalbaarheid en grondposities: In het zeer traag afgegeven WOB zijn de gegevens op dit punt weggelakt, waarop inmiddels bezwaar Is ingediend.
Aldus kan niet gecontroleerd worden of de extra punten op dit punt wel terecht zijn. Ook hebben we begrepen dat project 3 op Gemeentegrond ligt. De extra punten voor punt 2 dienen daarom te vervallen. 12. Aansluiting op het E-net: Het is niet aannemelijk dat de aansluiting op het net voor projecten 4 en 5 duurder zullen zijn: ze sluiten Immers min of meer aan op Project 3 met wie ze een geheel vormen. 15. Mening omwonenden: In een aan u op 9-5-2021 door 19 bewoners ondertekende toegestuurde petitie met bijbehorende brief blijkt dat de omwonenden in overgrote meerderheid sterk gekant zijn tegen zonnepanelen die niet langs de A 73 worden geplaatst. Ongeveer dezelfde personen hebben de Mentimeter ingevuld. Het is dan heel vreemd dat In de Mentimeter slechts 10 personen vóór project 3 hebben gestemd. Voor project 3 stemden 5 personen (de helft minder dus), maar wie zijn
die personen dan? Want buiten de bewoners van het gebied en de indieners van de tenders blijven er niet veel direct betrokkenen over. In het zeer traag afgegeven WOB zijn de gegevens op dit punt niet verstrekt, waarop inmiddels bezwaar is ingediend). Mocht het tot Bezwaar en Beroep komen dan zullen wij dit punt onderbouwen met een door de diverse bewoners ondertekende stemverklaring. Tevens valt op dat er bij Project 2 6 personen heel negatief/negatief stemden en bij project 3 maar 2. Ook dit moet in de score op dit punt tot uiting komen en dat is niet gedaan. Ook gezien de genoemde petitie en de inbreng op de participatiebijeenkomsten, dient op dit onderdeel de score van project 2 verlaagd te worden met 2 punten en de score van punt 3 verhoogd te worden met 1 punt.
CONCLUSIE
De gehele weging en beredenering in de Argumentatie lijkt er op gericht om Project 2 de hoogste score te laten behalen. Dit is ook de indruk die wij kregen van het gehele traject van dit verhaal tot nu toe: de Gemeente Heumen stelde en stelt zich partijdig op In een openbaar aanbestedingsproces. Indien mijn puntentoekenningen worden doorgevoerd dan krijgt Project 2 slechts circa 16 punten en Project 3 (al dan niet met 4 en 5) circa 33. Aldus dient de tender aan project 3 te worden gegund. De bewoners van de Westerkanaaldijk hebben niets tegen zonnepanelen maar ook gezien het hele proces en de voorgekookte Argumentatie met Beoordelingsmatrix hebben zij ernstige bezwaren tegen project 2. Tegenproject 3 zal er geen bezwaar zijn. Het advies van B&W ter zake van het Principebesluit tender dient daarom gewijzigd te worden in een voorkeur voor Project 3.
P 1-I
0 II
Cl
I-I
mom
RAADSMEDEDELING
Onderwerp: Datum:
Duurzaamheidsprogramma 2022 21 oktober 2021
Samenvatting Tijdens de behandeling van de kadernota is in het kader van de bezuiniging op de begroting voor duurzaamheid door uw raad aan de portefeuillehouder gevraagd om een toelichting te geven op het werkprogramma duurzaamheid 2022. Bijgevoegd treft u het werkprogramma duurzaamheid 2022 aan met een verdeling van het budget over de verschillende onderdelen van het programma. Toelichting Het werkprogramma duurzaamheid bevat projecten die gericht zijn op diverse doelgroepen. Hieronder treft u een beschrijving aan van een aantal projecten uit het duurzaamheidsprogramma. Doelgroep inwoners Wijk van de Toekomst: De afgelopen tijd is er door de bewoners onder begeleiding van Spectrum Elan hard gewerkt aan het traject “Toekomst Malden Noordoost”. Er zijn drie werkgroepen actief: Werkgroep Biodiversiteit, Werkgroep Energiebesparing en Werkgroep Communicatie. De werkgroepen hebben hun visie en plannen voor de korte en langere termijn gepresenteerd en vastgelegd in een intentieverklaring. In 2022 wordt er gewerkt aan concrete acties in de wijk, wordt er op gezette tijden een digitale nieuwsbrief verspreid en wordt, conform het vereiste in de tweede fase van het traject Wijk van de Toekomst, gewerkt aan een meerjaren Wijk/Uitvoeringsplan. Winst uit je woning: Begin 2022 ontvangen alle eigenaren van koopwoningen een brief over de actie Winst uit je Woning.
Deze actie is in 2021 voorbereid. Woningeigenaren uit Heumen kunnen zich dan aanmelden voor deze collectieve inkoopactie voor spouwmuurisolatie, vloerisolatie, HR++-glas, hybride warmtepompen of zonnepanelen. Energie in de wijk: We gaan de wijken in met een energie-adviseur met als doel het informeren en stimuleren van huiseigenaren om duurzaamheidsmaatregelen te treffen. Dit project wordt nieuw inleven ingeblazen nadat het door Covid 19 ruim anderhalf jaar stil heeft gelegen. Om huiseigenaren bij het nemen van ‘grotere’ energiebesparende maatregelen -zoals het isoleren van dak, gevel of vloer- te ondersteunen, heeft een bouwkundig energieadviseur voor enkele voorbeeldwoningen een maatwerk energieadvies opgesteld. Dit geeft inzicht in mogelijke maatregelen, benodigde investeringen, wat deze maatregelen opleveren (comfort, energiebesparing) en besteedt aandacht aan subsidiemogelijkheden en financiering. Het rapport beschrijft ook welke stappen men moet doorlopen. Het is beschikbaar voor eigenaren van vergelijkbare woningen. Bedrijven en maatschappelijke organisaties Ondernemersbenadering De ondernemerscoaches duurzaamheid zijn bij het merendeel van de bedrijven op de drie bedrijventerreinen op bedrijfsbezoek geweest. Op vrijdag 17 september 2021 vond een informele bijeenkomst plaats op het bedrijventerrein Ambachtsweg/Eendenpoelseweg, onder meer bedoeld Zaak Document
: :
95367 95671
om onderling kennis uit te wisselen over energiebesparing. Er waren 11 ondernemers aanwezig. In navolging van deze succesvolle bijeenkomst worden in 2022 ook bijeenkomsten georganiseerd voor de Sluisweg en de Hoge Brug. Onderzocht wordt of de aanpak met bedrijfsbezoeken en bijeenkomsten is uit te breiden naar andere gebieden/branches. De digitale nieuwsbrief van Bedrijvig Heumen - over energie en voor het lokale bedrijfsleven relevante onderwerpen - blijven we enkele malen per jaar verzenden. We gaan in 2022 onderzoeken of we ook kunnen aansluiten bij een ondernemersaanpak van de gemeente Nijmegen. Gemeentebrede projecten Wijkuitvoeringsplannen Transitievisie Warmte Naar verwachting wordt begin 2022 de transitievisie warmte voor onze gemeente vastgesteld. Op basis van deze visie worden vervolgens wijkuitvoeringsplannen opgesteld. Het wijkuitvoeringsplan beschrijft de aanpak om een wijk op den duur aardgasvrij te verwarmen. Inwoners, gemeente en betrokkenen kiezen in samenspraak op welke manier ze dat doel willen bereiken. Dit vraagt om maatwerk, want elke wijk is anders. In het duurzaamheidsprogramma zijn hier (nog) geen middelen voor gereserveerd. Dit komt omdat de visie nog niet gereed is, en daarom is nu niet bekend met hoeveel wijken we starten en wat de aanpak moet worden.
In de loop van 2022 komen we met een voorstel hiervoor naar uw raad, waarbij we uw raad zullen voorstellen om de middelen voor de energietransitie die in 2019 via de decembercirculaire zijn uitgekeerd en als bestemmingsreserve zijn opgenomen, daarvoor in te zetten. Zonnepanelenproject Er wordt een enquête uitgezet naar de reden waarom bewoners niet kiezen voor zonnepanelen. De uitkomsten daarvan gebruiken we voor de verdere aanpak van dit project. Stimuleringslening Aanvragen komen nog maar beperkt binnen. We gaan onderzoeken of we de stimuleringslening kunnen omzetten naar een lening Toekomstbestendig wonen, die meer mogelijkheden biedt voor aanpassingen aan de woning (bv het verwijderen van asbest in combinatie met het plaatsen van zonnepanelen), en daardoor wellicht ook aantrekkelijker is. Sluis Grave-Nederasselt waterkracht De aanvraag van de watervergunning blijkt een moeizaam traject bij Rijkswaterstaat. Omdat zowel water- als omgevingsvergunning nog niet verleend zijn, is nog geen SDE-subsidie aangevraagd. De volgende mogelijkheid voor het aanvragen van deze subsidie is in september 2022. Het wordt echter steeds onzekerder of de periode tot aan de geplande renovatie van de stuw lang genoeg is voor een rendabele exploitatie van de waterkrachtcentrale. In 2022 zal dit duidelijk worden. De rol van onze gemeente is meedenken en waar nodig ondersteunen.
Tender zonnepark A73 en gebiedsplan Momenteel lopen er twee processen, waarvan een het gebiedsplan Energielandschap A73 is. Hiertoe heeft de raad met de vaststelling van het Koersdocument Ruimtelijke visie Duurzame Energie besloten op 24 september 2020. Dit gebiedsplan geeft op hoofdlijnen een beeld van hoe ontwikkelingen op het gebied van duurzame energie opwekking een plek kunnen krijgen in het gebied, waar andere functies een plek vinden dan wel behouden blijven en op welke wijze wordt bijgedragen aan andere doelstellingen (waaronder landschap, natuur, recreatie en biodiversiteit). Ook heeft het college n.a.v. de voornoemde besluitvorming in de raad een tender uitgezet voor de opwekking van duurzame energie in het gebied tussen de A73 en het Maas-Waal kanaal met maximaal 20 ha zonnevelden. Op 8 juni 2021 heeft het college een raadsmededeling doen uitgaan over de uitkomsten van de tender en over het principebesluit dat het college in dat kader heeft genomen. Met dit principebesluit heeft het college aangegeven in beginsel medewerking te willen verlenen aan het project Zonnepark Teersche Sluispolder, onder voorwaarde dat het voor de tender 2
ingediende voorstel op meerdere onderdelen nader uitgewerkt wordt door de initiatiefnemers in samenspraak met de gemeente. Dit moet resulteren in een definitief projectplan, dat de basis vormt voor het op te stellen (ontwerp)bestemmingsplan en de omgevingsvergunningsaanvraag. Regionale zaken Regionale Energie Strategie (RES) We werken richting RES 2.0. Hierin borduren we voort op de zoekgebieden die in RES 1.0 zijn gedefinieerd, waarbij ook rekening is gehouden met geldende restricties vanuit wet- en regelgeving (milieu-effecten, ecologisch en ruimtelijk) en met vigerend beleid. Het idee is om in 2022 een plan MER te laten opstellen als tussen-document in het kader van de RES 2.0, en deze plan MER te combineren met een studie naar de impact op het elektriciteitsnet. Dit moet inzicht geven in de mogelijkheden voor windlocaties en de ruimtelijke effecten van deze locaties. Nieuw contract aardgas Het regionale contract voor de inkoop van aardgas loopt eind 2022 af en er moet een nieuw aanbestedingsproces gestart worden. Na het vaststellen van uitgangspunten op het gebied van duurzaamheid wordt de aanbesteding gestart. 19 oktober 2021 Burgemeester en wethouders
Dirk van Eeten Gemeentesecretaris
Marriët Mittendorff Burgemeester
Bijlage: Duurzaamheidsprogramma 2022
3
RAADSMEDEDELING
Onderwerp: Datum:
Uitvoering motie bibliotheek 21 oktober 2021
Samenvatting Bij de behandeling van de begroting 2021 is de motie ‘een betaalbare bibliotheek’ (M6) aangenomen. Hierin is aan het college gevraagd om de taakstelling op de voorgestelde besparing op de openbare bibliotheek niet te effectueren, maar eerst met een voorstel te komen voor een invulling van die taakstelling. In het voorstel ‘extra impuls taakvelden n.a.v. de septembercirculaire’ (96583) stelt het college voor om de bezuinigingstaakstelling terug te draaien. Een raadsvoorstel is daarmee overbodig geworden. In deze raadsmededeling wordt u geïnformeerd over de verschillende alternatieve opties voor een bibliotheekfunctie geïnformeerd, zoals wij die hebben onderzocht. Inleiding Er zijn drie alternatieve bibliotheekscenario’s onderzocht: (1) het realiseren van schoolbibliotheken, (2) het creëren van lees- en ontmoetingspunten en (3) het realiseren van een commercieel aanbod. 1. De schoolbibliotheek De Heumense schooldirecties vinden een bibliotheek op school belangrijk, omdat kinderen in de basisschoolleeftijd leeskilometers moeten maken. Daarvoor is een rijk leesaanbod nodig dat kindnabij is. Om die boekennabijheid te bereiken hebben de scholen een eigen schoolbibliotheek. Daarnaast voorziet de huidige bibliotheekvoorziening (OBGZ) in een vraag naar thematisch onderwijs op school en is het aanbod altijd actueel.
Voor de scholen is de nabijheid van boeken in een toegankelijke voorziening buiten schooltijd erg belangrijk. De scholen zijn van mening dat er altijd een bibliotheekvoorziening nodig is, zodat ouders en kinderen ook buiten schooltijd en in de vakanties van een bibliotheek gebruik kunnen maken. Die voorziening moet voldoende titels leveren om zoveel mogelijk kinderen te bereiken. De scholen zien een lees- en ontmoetingspunt overigens meer als een voorziening voor volwassenen en niet zozeer voor de jeugd. Het voorgaande betekent dat er volgens de scholen naast een schoolbibliotheek altijd een voor iedereen toegankelijke bibliotheekvoorziening beschikbaar moet zijn, zodat kinderen en hun ouders een optimaal leesaanbod en leesplezier hebben. Daarbij staan de scholen open voor een andere aanbieder.
Zaak Document
: :
90472 96756
2. Lees- en ontmoetingspunten (LOP’s) In de raadsmededeling van 7 juli 2021 bent u geïnformeerd over het lees- en ontmoetingspunt (LOP) in Molenhoek. In dit LOP staan boeken die geleend kunnen worden en worden avonden georganiseerd rondom diverse thema’s. Het LOP in Molenhoek wordt door vrijwilligers van de dorpsraad in stand gehouden. In Plasmolen is eveneens een LOP gerealiseerd. Met een beperkte gemeentelijke subsidie voor boeken (€ 2.000) en een aanvullende activiteitensubsidie (€ 1.500) wordt met vier vrijwilligers een LOP in stand gehouden. De grootste groep gebruikers zijn in de praktijk ouderen. De jeugd maakt maar zeer beperkt gebruik van het LOP, hoewel er in coronatijd een grotere vraag was. Inmiddels heeft het LOP de jeugdcollectie aan de school geschonken. Bij het LOP wordt geen registratie van uitgeleende boeken bijgehouden. In de praktijk komt 95% van de boeken weer terug. Per keer mogen er twee boeken worden geleend. Sommige boeken maken voordat ze bij het LOP tergkomen een hele ronde langs verschillende lezers. In Middelaar heeft de dorpsraad een leesvoorziening opgezet. Daar zorgen vrijwilligers voor het uitlenen van boeken, die inwoners via internet kunnen reserveren. Aanvankelijk liep dit goed, maar in de loop van de tijd nam de belangstelling af, waarna het contract met de bibliotheekaanbieder is beëindigd.
Ook op de huidige bibliotheeklocaties in Malden en Overasselt zou een LOP gerealiseerd kunnen worden. Daarnaast kan het LOP ingezet worden voor een bredere inzet door bijvoorbeeld lezingen over culturele en levensbeschouwelijke thema’s of lezingen door bijvoorbeeld de stichting heemkunde. Voor de groep nieuwe Nederlanders en Nederlanders die het lezen beter onder de knie willen krijgen is er de mogelijkheid om in het LOP samen te komen en te oefenen in de Nederlandse taal, bijvoorbeeld in de vorm van een taalcafé. Het realiseren van een lees- en ontmoetingspunt is een reële optie, maar is niet voldoende om met name een goed aanbod voor kinderen te realiseren. Zoals uit de vorige paragraaf blijkt, zien de scholen graag dat er naast een LOP een algemeen toegankelijke bibliotheekvoorziening voor kinderen en hun ouders is. Daarbij is het LOP sterk afhankelijk van de inzet van vrijwilligers. Het is dan ook belangrijk dat er een stevige band met de vrijwilligers is. 3. Karmac bibliotheek Vanwege de taakstelling hebben we ons ook georiënteerd op een ander type bibliotheek, namelijk het commerciële aanbod van Karmac bibliotheek. De werkwijze van Karmac is als volgt. Er wordt gestart met een begincollectie van boeken die goed lopen. Denk bijvoorbeeld aan familieromans, historische boeken en thrillers Het aanbod wordt in overleg met de leden en vrijwilligers afgestemd.
In het aanbod van Karmac spelen vrijwilligers een belangrijke rol. Mensen kunnen boeken reserveren, maar ook boeken bestellen. Afhankelijk van het contract dat wordt afgesloten moeten we aan zo’n 200 à 300 boeken per maand denken. Het idee van Karmac is om gebruik te maken van de huidige bibliotheeklocaties in Maldensteijn en het
2
Verenigingsgebouw. In het aanbod van Karmac is sprake van een beperkt pakket, omdat er een beperkter budget beschikbaar is dan voorheen. Over het inrichten van schoolbibliotheken is Karmac helder. Een schoolbibliotheek brengt flinke extra kosten met zich mee. Karmac ziet wel mogelijkheden om op de scholen bijvoorbeeld met thematische leeskisten werken. In de regio waar zij werkzaam is heeft Karmac ervaring met bezuinigingsoperaties die vergelijkbaar zijn met die in onze gemeente. Met die gemeenten is een inkoopcontract voor een bibliotheekaanbod afgesloten. Er is dus geen sprake van een subsidierelatie. We hebben gesproken met vertegenwoordigers van de gemeente Lopik over hun ervaringen met Karmac. Aanvankelijk was er in Lopik veel weerstand tegen een commerciële bibliotheek, maar die lijkt inmiddels overwonnen. De gemeente neemt een basaal bibliotheekpakket af, waarbij de nadruk op de jeugd ligt. Voor de leden is er eigenlijk weinig veranderd, omdat er sprake is van een vergelijkbaar aanbod. Het aanbod van circa 1.500 boeken wordt afgestemd op de vraag en in principe zijn alle titels leverbaar. Alle kinderen tot 12 jaar hebben een gratis abonnement. Dit wordt door de gemeente bekostigd. Het was wel een uitdaging om jongeren in de leeftijd 12-plus en hun ouders binnen te halen.
Ongeveer 10 keer per jaar onderneemt Karmac maatschappelijke activiteiten om het lezen onder de aandacht van de inwoners te brengen. Karmac biedt ondersteuning op de basisscholen door het aanbod van een leesconsulent. Men ziet het wel als een probleem dat de provincie alleen openbare bibliotheken ondersteunt. Er is veel koudwatervrees ten aanzien van een andere vorm van bibliotheekwerk. De gemeenteraad in Lopik was eensgezind in zijn keuze voor Karmac. Dat hing met name samen met de houding van de openbare bibliotheek. Voor minder geld kon het volgens hen niet. Er moest eerder geld bij. Toen heeft de gemeente aan beide aanbieders dezelfde vraag gesteld. Zij hebben vergelijkbare offertes ingediend, waarbij die van Karmac € 50.000 voordeliger was. Met een nieuwe bibliotheek begin je met 0 leden en 0 vrijwilligers, maar uiteindelijk heb je een kwalitatief goed aanbod voor minder geld. De gemeente Lopik heeft samenwerking tussen Karmac en de welzijnsorganisaties gestimuleerd, waardoor er meer gebruik van de bibliotheek wordt gemaakt. Er vindt 4 keer per jaar overleg plaats, om sturing te geven aan de werkwijze van Karmac. In Lopik is men tevreden over het systeem van Karmac. Het advies is wel om de commerciële aanbieder scherp te houden en goede prijsafspraken te maken. Tevens wordt geadviseerd om het werven van vrijwilligers aan de commerciële aanbieder over te laten.
Het heeft tijd nodig om een nieuw bibliotheekaanbod van de grond te krijgen, maar het is volgens de wethouder uit Lopik een reëel alternatief. Op basis van het voorgaande denken we dat Karmac binnen de kaders van de taakstelling - en in combinatie met lees- en ontmoetingspunten in onze gemeente - een kwalitatief goed aanbod zou kunnen realiseren.
3
Tot slot Gelet op de septembercirculaire en onze bestendige subsidierelatie met de Openbare Bibliotheek Gelderland-Zuid (OBGZ) wordt de voorgenomen taakstelling 2023-2025 op de bibliotheek nu niet geëffectueerd, zodat de bibliotheekfunctie in haar huidige vorm blijft voortbestaan. Met OBGZ wordt gesproken over het organiseren van andere maatschappelijke activiteiten in de bibliotheek, waardoor de bibliotheek nog meer dan voorheen een lees- en ontmoetingspunt is.
19 oktober 2021 Burgemeester en wethouders
Dirk van Eeten Gemeentesecretaris
Marriët Mittendorff Burgemeester
4
Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)