Bijlage IV Jaarverslag ODRN 2020
Tekst van het document
In onderstaande tabel geven we de klanttevredenheid 2020 naar activiteit weer:
100% 80% 60% 40% 20% 0%
Controle bezoek Bouw
Controle bezoek Milieu
Melding Activiteitenbesluit
Omgevingsvergunning Bouw
Omgevingsvergunning Milieu
Vooroverleg
Tevreden Ontevreden Opvallend is dat bij vooroverleg het aantal ontevreden klanten veel hoger is dan bij andere producten. Feedback die we hier vaak zien is: • ‘Het duurt erg lang voordat we iets horen.’ • ‘We dachten dat we uitgenodigd zouden worden voor een gesprek. Nu hebben we niemand gesproken of het wordt telefonisch afgedaan.’ • Hoge kosten die men niet verwacht, vooral wanneer er alleen een telefoongesprek plaats vindt. Het probleem zit hem vooral in de definitie van het woord vooroverleg en wat de klant hierbij verwacht. We zien dat het aantal ontevreden klanten voor het product Vooroverleg lager is, als de opdrachtgever een balie heeft waar klanten terecht kunnen met vragen.
22
Jaarstukken 2020 ODRN
5.6
Dienstverleningsovereenkomsten
Begin 2020 hebben wij een nieuwe kantoorruimte betrokken aan de Mariënburg 75 te Nijmegen, gelegen naast ons vorige kantoorpand. Deze verhuizing was nodig omdat het vorige kantoor te klein was geworden voor de personeelsbezetting van de ODRN. Daarnaast hebben we in 2020 overeenstemming bereikt met de gemeente Nijmegen over welke diensten wij als ODRN van haar afnemen in het kader van het gastheerschap van Nijmegen. Zowel de huur als de diensten die wij van de gemeente Nijmegen afnemen, zijn vastgelegd in een Gastheerovereenkomst. Het Dagelijks Bestuur heeft daartoe besloten in zijn vergadering van november resp. december 2020. In het kader van ons Ontwikkelprogramma, thema Gezamenlijkheid onderdeel Professioneel en zakelijk opdrachtgever- en opdrachtnemerschap, uniformeren we de dienstverleningsovereenkomsten met al onze partners. Daarvoor is een werkgroep ingesteld, die bestaat uit de gemeentelijke partners. Ook met de provincie Gelderland zijn we in het najaar van 2020 een overleg gestart. In dat kader zullen onder andere de al lopende trajecten voor de overeenkomsten met de gemeente Heumen, de Omgevingsdienst Regio Rivierenland en de provincie Gelderland worden meegenomen. Afronding voorzien we medio 2021.
5.7
Processen en informatievoorziening
In 2020 hebben we op ICT-gebied verder gewerkt aan een efficiënte inzet van middelen en een goede bestuurbaarheid van de organisatie. Een procesgerichte inrichting van de werkzaamheden staat daarbij centraal. Bij ICT gaan we over het reguliere beheer van de workflows en hebben we doorontwikkeld op de volgende punten: • Alle besluiten van de diverse processen kunnen nu tijd- en plaats-onafhankelijk digitaal door de gemandateerde genomen worden. • In het kader van de Omgevingswet hebben wij alle werkprocessen uit het bedrijfsprocessenmodel herijkt. Het vergunningenproces (2.3.1) is vervolgens compleet uitgewerkt en technisch gereed om geïmplementeerd te worden. • Een nieuwe legesmodule is ontwikkeld en geïmplementeerd. Hiermee is de kans op fouten bij alle opdrachtgevers nagenoeg nihil en is het gebruiksgemak aanzienlijk verbeterd. • Wij zijn overgegaan van MyCorsa naar Corsa NxT als Document Management Systeem (DMS) waarmee zowel de performance als het gebruiksgemak verder is verbeterd. • Daarnaast voeren we in een continu proces verbeteringen door aan ons VTH-systeem WRS. De organisatie Naast deze inhoudelijke ontwikkelingen zijn er ook organisatorische ontwikkelingen.
Binnen de afdeling Interne dienstverlening is het onderdeel informatievoorziening (IV) uitgebreid met een projectleider voor I-projecten en een medewerker IV zodat we informatievoorziening verder kunnen verbeteren en uitbouwen. De noodzaak hiervoor ligt mede in het programmaplan Doorontwikkeling ODRN waarin een betere grip op informatievoorziening een vereiste is. De systemen Afgelopen jaar is er wederom veel doorontwikkeld op de systemen, onder meer voor de bedrijfsvoering. De datakwaliteit is verbeterd door gebruik te maken van of aan te sluiten op de bronsystemen. Verder zijn de kwaliteitschecks verbeterd en uitgebreid. Ook de informatievoorziening zelf is beter geworden door het ontwikkelen van een organisatiebreed dashboard, met daarin de benodigde sturings- en verantwoordingsinformatie. Met het ontwikkelen van verdiepende afdelingsdashboards zijn we begonnen. Daarnaast heeft een extern bureau - Quarant - de ‘houdbaarheid’ van WRS in beeld gebracht. Conclusie is dat WRS als kernapplicatie weliswaar niet toekomstbestendig is, maar dat vervanging ervan vóór invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2022 niet realistisch en ook niet nodig is. Op basis hiervan hebben wij een plan van aanpak gemaakt dat voorziet in een vervanging van WRS medio 2023. Uitvoering start in 2021. Zowel het rapport als het Plan van Aanpak is bestuurlijk vastgesteld.
Gevolg is wel dat de ODRN komende jaren WRS terughoudend zal doorontwikkelen. Uitsluitend daar waar uit wettelijke noodzaak ontwikkeling gevraagd wordt, dan wel vanuit onvermijdelijke ICT-vervanging, zal verder in WRS geïnvesteerd worden.
23
Jaarstukken 2020 ODRN
Naar aanleiding van het performanceonderzoek zijn door IRvN diverse verbeteringen aan de systemen uitgevoerd, zoals voor de Citrix-omgeving van de ODRN en de services tussen WRS en Corsa, waarbij wij uiteindelijk zijn overgegaan naar Corsa NxT. Het beheer van WRS ligt bij functioneel applicatiebeheerders (geleverd door IRvN). Hiermee is de professionele ondersteuning gegarandeerd en is opnieuw het niet-beschikbaarheidspercentage nihil geweest. I-GO Ook in 2020 heeft de ODRN weer volop bijgedragen aan het project Informatievoorziening Gelderse Omgevingsdiensten (I-GO). De kwaliteit van de gegevens in de kernregistratie ligt rond 90%. Continu verbeteren van de gegevenskwaliteit en -actualiteit blijft een aandachtpunt, zeker omdat de Omgevingswet vraagt om een betrouwbare gegevenshuishouding. Ook hebben wij de kernregistratie aangepast en is deze daarmee Omgevingswetproof. Afgelopen jaar is I-Go aangesloten op Inspectieview Milieu en hebben wij een pilot gedraaid voor het aanleveren van gegevens aan het landelijke Register Externe Veiligheid (REV), wat een wettelijke verplichting wordt. Hiervoor is de technische aansluiting gerealiseerd en is informatie over tankstations, windturbines en gasstations uit in- en externe bronnen gebundeld. Verder zijn er twee pilots gedraaid met betrekking tot informatiegestuurd werken.
Hiervoor is het informatiegestuurd Toezichtsmodel Veehouderijen ontwikkeld. Dit risicomodel geeft op basis van een tiental in- en externe gegevensbronnen real time aan bij welke veehouderij toezicht het meest urgent is. I-GO heeft ook dit jaar weer een aantal kaartlagen opgeleverd (bijvoorbeeld meldingen energiebesparing) en deze zijn geïntegreerd in de geoviewer van de ODRN. Hierdoor is er meer inzicht in de actuele gegevens van alle milieu-inrichtingen in Gelderland. In 2020 is nog geen vernieuwd Programmaplan I-GO opgesteld. Het accent zal in 2021 komen te liggen op het gebied van datagestuurd werken. In bijlage 8.5 is het bedrijfsprocesmodel van de ODRN weergegeven.
5.8
Productiviteit
Onder ‘productiviteit’ verstaan we het aandeel directe uren van medewerkers met uitzondering van staf en directeur. Bij de bepaling van onze uurtarieven rekenen we met een productiviteitsnorm van 72% (1.350 productieve uren). In 2020 realiseerden we een productiviteit van 74%* (2019: 72%). Daarmee zitten we boven de norm. * Dit betreft alleen de productiviteit van ons eigen personeel. De productiviteit van onze inhuur komt uit op 90%.
24
Jaarstukken 2020 ODRN
6. Paragrafen Conform artikel 9 Besluit begroten en verantwoorden (BBV) moet de jaarrekening van de ODRN minimaal de volgende paragrafen bevatten*: * De BBV schrijft ook de paragrafen lokale heffingen, onderhoud kapitaalgoederen, verbonden • Financiering partijen en grondbeleid Voor. Deze zijn niet van • Weerstandsvermogen en risicobeheersing toepassing voor de ODRN. • Bedrijfsvoering De paragrafen Financiering en Weerstandsvermogen en risicobeheersing behandelen we in dit hoofdstuk. Voor Bedrijfsvoering verwijzen we naar hoofdstuk 3 en 5.
6.1
Financiering
Deze paragraaf bevat de beleidsvoornemens over het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. De uitgangspunten zijn nader uiteengezet in het Treasurystatuut Omgevingsdienst Regio Nijmegen 2016. Dit statuut bepaalt dat elk jaar verslag wordt gedaan van de ontwikkelingen gedurende het jaar. Onderstaand noemen we de belangrijkste zaken: •
De ODRN heeft het beleid geen eigen financieringsportefeuille te hebben. De gelden die we niet nodig hebben voor onze exploitatie staan op de rekeningcourantrekening bij de BNG en het Rijk (schatkistbankieren). • We financieren onze activiteiten met eigen middelen. We hebben geen vreemd geld aangetrokken en de kasgeldlimiet is in 2020 niet overschreden. • De rente-risiconorm is vanwege het ontbreken van leningen niet van toepassing. • In de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing nemen we alle risico’s op en lichten deze toe. • Toerekening van rente: Conform de BBV-voorschriften, die voorschrijven dat alleen met werkelijke rente mag worden gerekend, bedraagt het rentepercentage in de jaarrekening 0% en worden dus alleen nog afschrijvingslasten geraamd. • Voor het bepalen van ons uurtarief hanteren we een extracomptabele kostentoerekening. Hierbij betrekken we naast de directe kosten, de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa. Het renteresultaat over 2020 bedraagt € 0.
6.2
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Deze paragraaf dient, volgens het BBV, ten minste de volgende onderwerpen te bevatten: • een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; • een inventarisatie van de risico’s; • het beleid voor de weerstandscapaciteit en de risico’s. Weerstandscapaciteit Onder weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en de mogelijkheden waarover we beschikken of kunnen beschikken om niet-begrote kosten te dekken. Een batig saldo kunnen we toevoegen aan onze reserves tot een maximum dat conform het door het algemeen bestuur bepaalde weerstandsvermogen nodig is. Dit maximum is door de regionale adviesfunctie berekend en met AB-besluit d.d. 6 juni 2017 vastgesteld op € 675.000. Inventarisatie van risico’s In onderstaande risico-inventarisatie geven we een overzicht van onze risico’s, met vermelding of het risico financieel [1] dan wel niet-financieel [2] is. Vervolgens geven we aan wat de gevolgen zijn als het risico zich voordoet en gaan we in op de te nemen beheersmaatregel. Het totaal van de risico’s becijferen we op € 1.225.000 (2019: € 803.000).
25
Jaarstukken 2020 ODRN
De inventarisatie is geactualiseerd. We hebben een aantal risico’s toegevoegd: • Risico nr 3 indexering BRN • Risico’s nr 6 en 7 resp informatie veiligheid en WRS • Risico nr 14 Omgevingswet • Risico nr 16 Programma Aanpak Stikstof (PAS) • Risico nr 17 COVID-19 Met name de nieuwe risico’s Omgevingswet en indexering BRN zorgen voor een toename van het risicobedrag in 2020. Het risico ‘achterstallig onderhoud inrichtingenbestand’ is vervallen. Ons inrichtingenbestand heeft sinds 2011 continu updates gehad. De laatste grote opschoonactie heeft vorig jaar nog plaatsgevonden. Een aantal risicobedragen is bijgesteld en het risico taakuitvoering is samengevoegd met risico calamiteit bij bedrijf. Er bestaat ook een kans dat we onze taakstellingen (de afbouw van de toeslag op ons uurtarief van € 6) vanaf 2022 niet gaan realiseren. Dit hebben we niet gekwantificeerd, omdat we realistisch zullen begroten. We gaan inventariseren in hoeverre we deze taakstellingen kunnen invullen met bezuinigingen en/of door het ‘leaner’ maken van onze werkprocessen. Voor het restant zullen we, in overleg met onze deelnemers, een aanvullende bijdrage opnemen. Om de risico’s te kwantificeren hebben we de (financiële) gevolgen/impact geschat. Vervolgens hebben we een inschatting gemaakt van de kans dat zich een risico voordoet. Daarbij gebruiken we de volgende kans-klasse indeling:
Klasse
waarschijnlijkheid
Kans
1
Zeer klein
10%
2
Klein
25%
3
Middel
50%
4
Groot
75%
5
Zeer groot
90%
Weerstandsratio De ratio weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie. Het totaal van de risico’s bedraagt € 1.225.000. Omdat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen passen we een dempingsfactor toe van 0,6 . Dit geeft een benodigd weerstandsvermogen van €735.000. De weerstandsratio ultimo 2020 bedraagt (€ 494.111 / € 735.000) = 0,67. Dit is niet voldoende. Het opmaken van de weerstandsratio is een momentopname. Risico’s veranderen immers voortdurend. * Deze factor is conform 2019 en wordt landelijk gehanteerd.
26
Jaarstukken 2020 ODRN
nr
naam risico
beschrijving
weerstands
kans
soort risico
gevolg als risico zich voordoet
beheersmaatregel
restrisico
in €
aanduiding
kans in %
component
Periodieke rapportages zodat we eventuele tekorten tijdig signaleren en zodat we kunnen bijsturen. Verder hebben we de afspraak dat als een deelnemer substantiële minder wenst af te nemen, dat minimaal 1 jaar vóór aanvang boekjaar door aangeeft zodat bijsturen mogelijk is.
ja
200.000
zeer klein
10%
20.000
1
Outputfinanciering
De vraag kan afwijken van de begroting.
1
We kunnen onze overhead onvoldoende dekken bij lagere vraag dan onze break even omzet.
2
Begrotingsrisico
Tegenvallers door onvoorziene omstandigheden
1
Begrotingsoverschrijding
Periodieke rapportages waarin we overschrijdingen zo vroeg mogelijk signaleren zodat we eventueel kunnen bijsturen. Onze belangrijkste uitgaven (loonsom, inhuur en gastheerschap) zijn contractueel vastgelegd en voorspelbaar.
ja
50.000
zeer klein
10%
5.000
3
Indexering BRN
De regionale adviescommissie brengt namens de deelnemende gemeenten jaarlijks begrotingsrichtlijnen (BRN) uit. De BRN bevat een advies over de indexering die gebaseerd is op de macro- economische verkenningen, de MEV.
1
De indexering volgens de BRN kan afwijken van onze werkelijke kostenontwikkeling waardoor we kostenstijgingen niet meer binnen onze begroting kunnen opvangen.
We hebben onderzoek gedaan naar de verschillen tussen de BRN index en onze werkelijke kostenstijgingen jaren (2019, 2020 en 2021). Vanaf 2021 lopen we jaarlijks € 7 ton mis. We zullen ons AB voorstellen toekomstige indexeringen te baseren op werkelijke kostenstijgingen en nemen dit mee in de begroting vanaf 2022.
ja
700.000
middel
50%
350.000
4
Afspraken werkprogramma's
Met de deelnemers maken we afspraken over de dienstverlening, veelal op basis van een uniforme VTH-procesgang. Afwijkend maatwerk kan leiden tot meerkosten.
1
Overschrijding van budget.
Bij het maken van de afspraken schatten we de situatie zo goed mogelijk in en nemen deze mee in onze afspraken, dreigende overschrijdingen signaleren we in onze rapportages, maatwerkproducten rekenen we veelal op nacalculatiebasis af.
ja
100.000
groot
75%
75.000
5
Uitval automatisering
Productieverlies door uitval van systemen
1
Overschrijding van budget.
Evalueren uitval en verbeteracties doorspreken met gastheer en IRVN.
ja
75.000
middel
50%
37.500
Informatieveiligheid
De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) stelt strengere eisen in het kader van de bescherming van natuurlijke persoonsgegevens. Doelbinding is daarbij een belangrijke voorwaarde. Daarnaast zijn de normen uit de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) op de ODRN van toepassing.
2
Opgelegde boetes door de Autoriteit Persoonsgegevens en schadelijkheidsstellingen in het kader van datalekken en imagoschade.
We voldoen aan de AVG en de BIO, maar zijn daarbij ook afhankelijk van IRVN en Nijmegen (gastheerconstructie). We maken afspraken met onze leveranciers in gebruikersovereenkomsten.
nee
-
7
WRS
WRS is een door ODRN ism de gemeente Nijmegen ontwikkeld zaaksysteem en wordt niet door andere organisaties (Omgevingsdiensten) gebruikt (maatwerkapplicatie).
nee
-
8
Ziekteverzuim
6
nr9
Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelatie naam risico
10
Rechtmatigheid aanbestedingsrisico's
11
Werving van personeel
Een verzuimpercentage dat onze norm (5%) overstijgt We kunnen aangemerkt worden als schijnwerkgever als we zzp'ers inzetten voor structureel werk. Er was sprake van aanpassing van de wet, maar het Rijk heeft dit ingetrokken. Er geldt tot najaar 2021 een gedooghouding van de fiscus. Begin 2021 is er een pilot (6 maanden). Er komt een online-tool waarmee opdrachtgevers en ZZP’ers kunnen zien of er spraken is van een opdrachtgever of arbeidsrelatie. Na afloop van de pilot wordt de wet mogelijk gewijzigd, maar belangrijker: de fiscus gaat dan actiever optreden. Daarnaast heeft de Hoge Raad in een uitspraak van november 2020 een en ander aangescherpt. Werd voorheen vooral gekeken naar de bedoeling van partijen. Dat wordt nu niet meer relevant geacht en dat kan leiden dat er eerder sprake is van een arbeidsrelatie. beschrijving
De ODRN is aanbestedende partij voor inhuur van personeel
Er is een krapte aan specialistisch technisch en juridisch personeel.
Het niet vervangen van WRS maakt beheer en onderhoud kwetsbaar. We moeten aanpassingen door ontwikkelingen als de Omgevingswet zelf ontwikkelen.
We hebben de intentie om ons zaaksysteem (WRS) vanaf 2023 te vervangen.
2
Hogere kosten en het niet realiseren van de werkplannen
We monitoren het ziekteverzuim periodiek, we zijn in overleg met het sociaal medisch team en sturen bij als we de norm (dreigen) te overschrijden. We nemen preventieve maatregelen om verzuim te voorkomen.
ja
100.000
middel
We zijn alsnog loonheffing premies gevolg alsenrisico zich verschuldigd voordoet
Wij zullen de module beoordelen en invullen om per geval te zien of er al dan niet sprake is van een arbeidsrelatie. Als er geen arbeidsrelatie uit de module naar voren komt dan krijgen we een opdrachtgeversverklaring die gebruikt kan worden bij controles. Ook gebruiken we vanaf 2021 bij inhuur van ZZP'ers modelcontracten die zijn getoetst door de belastingdienst. Bij bureaus gebruiken we de overeenkomsten van de bureaus. maar risico hier is er niet vanwege arbeidsrelatie met bureau. beheersmaatregel
jarestrisico
50.000 in €
kans middel aanduiding
2
Rechtmatigheidsissues, imagoschade.
We maken gebruik van een DAS "Werken in Gelderland". Rechtmatigheid vormt onderdeel van de verklaring van onze accountant. We hebben het inhuurproces aangescherpt in 2020 en beter onder controle.
nee
-
1,2
Nauwelijks aanbod van personeel waardoor we duur moeten inhuren of werk moeten laten liggen. De werkdruk van het huidige personeelsbestand loopt op.
Inzetten op arbeidsmarktcommunicatie en strategisch personeelsplanning waarbij gekozen is om de nadruk te leggen op instroom: vacatures krijgen extra aandacht en kunnen we ODRN als werkgever aantrekkelijker maken? We hebben afspraken over de marge die we op inhuur moeten realiseren om deze kostendekkend in de markt te zetten.
nee
-
Verbeterpunten uit de Evaluatie in het Gelders Stelsel zullen dit risico klein houden. Zo is per 1 januari 2018 de complexe vv provinciale inrichtingen gecentraliseerd naar de ODRN en de complexe handhaving per 1 januari 2020 gecentraliseerd naar de ODRA. De afspraken voor de stelseltaken zijn daarmee herijkt. We zetten extra capaciteit in op coordinatie van de stelseltaken en voeren overleg met de Provincie Gelderland, de ODRA en andere stelsel OD's hierover en we sluiten samenwerkingsovereenkomsten met deze partijen.
ja
250.000
klein
25%
62.500
1
soort 1 risico
50%
kans in50% %
50.000
weerstands 25.000 component
12
Complexiteit van de stelseltaken
Het risico dat gemandateerde bevoegdheden en verantwoordelijkheden onduidelijk zijn en niet helder zijn vastgelegd.
1,2
Gebreken in communicatie, waardoor informatie niet of niet tijdig doorkomt, te late communicatie van vergunningaanvragen en besluiten en te veel schakels inzake coördinatie complexe handhaving en vergunningverlening en programma aandachtsbedrijven
13
Privatisering van bouwregelgeving (WKB) per 1 januari 2022
BWT en andere bouwregelgeving voor eenvoudige bouwwerken wordt bij andere private partners neergelegd en hiermee verliest de ODRN een deel van haar taken.
1
Frictiekosten a.g.v. het bovenformatief worden van medewerkers
We houden een flexibele schil aan voor met name bouwplantoetsers en toezichthouders bouw.
ja
500.000
gemiddeld
50%
250.000
1
Er zijn andere competenties noodzakelijk. De vergunningplicht zal afnemen. Ook het Digitaal Stelsel Omgevingsdiensten heeft een impact op de informatievoorziening en werkwijze.
Aanhouden flexibele schil, cultuurtrajecten, opleidingen en samen met deelnemende gemeenten verkennen van de financiële effecten (voorjaar 2021). De kosten hiervan dekken we uit ons ontwikkelbudget. De kosten voor het anders werken benoemen we als risico
ja
500.000
middel
50%
250.000
Nee
14
Omgevingswet
De effecten van de Omgevingswet zijn niet bekend.
15
Calamiteit bij bedrijf
ODRN kan het verwijt krijgen niet goed te hebben gehandeld of onvoldoende te hebben gecommuniceerd
2
Weinig vertrouwen bij opdrachtgevers en burgers, negatieve pers
Wij geven opdrachtgevers een helder advies en risico inschatting af. Communicatieplan/controleprotocol vanuit de gemeente geeft aan hoe te handelen. In DVO staat dat gemeenten/provincie een schade bij ons kunnen neerleggen bij calamiteiten. We hebben hiervoor een aansprakelijkheidsverzekering afgesloten.
16
Programma Aanpak Stikstof
De Raad van State heeft uitspraak gedaan dat toepassing van de PAS niet als toestemmingsbasis voor activiteiten worden gebruikt.
1
Vergunningaanvragen worden on hold gezet en het aantal vergunningaanvragen zal dalen
In het programma complexe vergunningverlening wordt gestuurd op een geïntegreerde aanpak. We houden en flexibele schil aan om eventuele omzetdaling op te vangen.
ja
1
Onze omzet daalt door de economische malaise en als gevolg van de maatregelen (werken op afstand). Ook zijn er positieve effecten: onze reiskosten dalen en het thuiswerken heeft een gunstig effect op het ziekteverzuim.
We houden een flexibele schil aan om in te kunnen spelen op toekomstige ontwikkelingen.
Nee
17
COVID-19
COVID-19 beïnvloedt onze bedrijfsvoering
-
200.000
middel
50%
100.000
1.225.000
Financiële Kengetallen * Netto schuldquote
omschrijving A Vaste schulden (cf. art. 46 BBV)
* Kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing.
2019
2020
0
0
B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV)
2.624.108
2.496.015
C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV)
1.961.377
3.982.263
0
0
2.316.439
5.005.265
0
999.702
D Financiële activa (cf. art. 36 lid d, e en f) E Uitzettingen < 1 jaar (cf. art. 39 BBV) F Liquide middelen (cf art. 40 BBV) G Overlopende activa (cf. art. 40a BBV)
1.339.627
146.894
H Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (dus excl. mutaties reserves))
19.914.843
21.843.952
De netto schuldquote = (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100%
4,7%
1,5%
Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De netto-schuldquote van de ODRN is ruim voldoende. Solvabiliteitsratio Het eigen vermogen als bedoeld in art 42 van de BBV gedeeld door het totaal van de passiva in het verslag jaar: 6,7% (2019: 1,4%). Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin de ODRN in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de ODRN. De solvabiliteitsratio van de ODRN is onvoldoende. Dit wordt veroorzaakt door het lage eigen vermogen. Structurele exploitatieruimte Structurele lasten minus de structurele baten plus de structurele toevoeging aan de reserves minus structurele onttrekkingen aan de reserves gedeeld door het gerealiseerde saldo van de baten. Deze is niet van toepassing omdat er binnen de ODRN geen structurele exploitatieruimte aanwezig is.
28
Jaarstukken 2020 ODRN
7. Jaarrekening 2020 7.1
Algemeen
Begroting 2020 Het Algemeen Bestuur heeft de begroting 2020 op 4 juli 2019 vastgesteld en ter goedkeuring verzonden aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken. De begroting is met wijziging nummer 1 op 13 juli 2020 gewijzigd. Met deze wijziging zijn de effecten van de tariefsaanpassing en het budget van het ontwikkelprogramma 2020 – 2021 verwerkt. Ook is de begroting met deze aanpassing op de werkplannen 2020 aangesloten. Op 4 november 2020 heeft het Algemeen Bestuur besloten € 8 ton van het budget ontwikkelprogramma 2020 – 2021 over te hevelen van 2020 naar 2021. Dit besluit is met een tweede wijziging in de begroting 2020 verwerkt. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De volgende grondslagen, waarop de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd, zijn bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De jaarrekening is opgesteld volgens de voorschriften van het BBV. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begro¬tingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Materiële vaste activa Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten), verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Er wordt annuïtair afgeschreven. De looptijden zijn afhankelijk zijn van de soort investering: • Inrichting 10 jaar • ICT applicaties 5 jaar • ICT Pc’s e.d. 3 jaar Onderhanden werk Betreft de per balansdatum onderhanden producten met vaste prijs. Onderhanden producten betreffen opdrachten voor onze deelnemers. Onderhanden producten worden gewaardeerd tegen toegerekende kosten en het deel van de productwinst dat naar rato van de verrichte prestatie per balansdatum kan worden verantwoord. De waarde van het onderhanden werk wordt bij wijze van voorschot bij de deelnemers als onderhanden werk in rekening gebracht.
Verliezen worden volledig in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Uitzettingen en overlopende activa Vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Met eventuele oninbaarheid is in de waardering rekening gehouden. Liquide middelen De liquide middelen zijn tegen de nominale waarde opgenomen en omvatten het banksaldo. Bestemmingsreserve Onder een bestemmingsreserve verstaan we een reserve, waaraan door het bestuur een bepaalde bestemming is gegeven. Nog te bestemmen rekeningresultaat Het nog te bestemmen rekeningresultaat is het resultaat in het boekjaar. Het nog te bestemmen rekeningresultaat leggen we ter bestemming voor aan het Algemeen Bestuur.
29
Jaarstukken 2020 ODRN
Voorzieningen Onder de voorzieningen zijn opgenomen voorzienbare verplichtingen, verliezen en of risico's voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten dan wel van derden verkregen middelen die specifiek moeten worden besteed. De voorzieningen zijn opgenomen tegen nominale waarde Vaste schulden De leningen met een looptijd langer dan een jaar worden hieronder tegen de nominale waarde opgenomen, verminderd met de reeds gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva hebben een looptijd korter dan een jaar. De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Borg- en garantstellingen Buiten de balanstelling wordt – voor zover van toepassing – het bedrag genoemd waarvoor er borg- of garantstellingen zijn afgegeven. Resultaat na bestemming Het resultaat na bestemming is het resterende resultaat na reeds bestemde mutaties in de reserves. Het resultaat wordt ter besluitvorming voorgelegd aan het Algemeen Bestuur.
30
Jaarstukken 2020 ODRN
7.2
Balans Bedragen in euro's
Activa Activa
ultimo ultimo 20192019
ultimo ultimo 20202020
V A SVTAESAT CE TAI CV TAI V A
Passiva Passiva
ultimo ultimo 20192019
ultimo ultimo 20202020
Algemene Algemene reserve reserve
-46.584 -46.584
-25.967 -25.967
Bestemmingsreserve Bestemmingsreserve
100.000 100.000
36.407 36.407
V A SVTAESPTAE SPSAI V S SAI V A
Materiele Materiele vastevaste activa activa
EigenEigen vermogen vermogen
Investeringen Investeringen met een met economisch een economisch nut nut
1.619.691 1.619.691
TOTAAL TOTAAL VASTE VASTE ACTIVA ACTIVA
1.619.691 1.619.691
1.271.491 1.271.491 1.271.491 1.271.491
Het gerealiseerde Het gerealiseerde resultaat resultaat volgend volgend uit het uit het
V L OVTLTOETNTDE EN AD CE TAI CV TAI V A
overzicht overzicht van baten van baten en lasten en lasten
20.617 20.617
483.671 483.671
Voorraden Voorraden
Totaal Totaal eigeneigen vermogen vermogen
74.033 74.033
494.111 494.111
392.379 392.379
Onderhanden Onderhanden werkwerk
0
0
0
0
Uitzettingen Uitzettingen met een met rentetypische een rentetypische looptijd looptijd <1 jaar <1 jaar -Vorderingen -Vorderingen op openbare op openbare lichamen lichamen
Voorzieningen Voorzieningen 2.250.193 2.250.193
1.726.939 1.726.939
Voorziening Voorziening harmonisatietoelage harmonisatietoelage
523.597 523.597
-Uitzettingen -Uitzettingen in 's Rijks in 's Rijks schatkist schatkist
60.117 60.117
3.278.326 3.278.326
Voorziening Voorziening verlofverlof stuwmeren stuwmeren
75.490 75.490
58.584 58.584
-Overige -Overige vorderingen vorderingen
6.1296.129
0
Totaal Totaal voorzieningen voorzieningen
599.087 599.087
450.963 450.963
0
999.702 999.702
TOTAAL TOTAAL VASTE VASTE PASSIVA PASSIVA
673.120 673.120
945.074 945.074
Liquide Liquide middelen middelen
0
0
V L OVTLTOETNTDE EN PDAE SPSAI V S SAI V A NettoNetto vlottende vlottende schulden schulden met een met rentetypische een rentetypische looptijd looptijd <1 <1 jaar jaar
Overlopende Overlopende activa activa Nog te Nog ontvangen te ontvangen bedragen bedragen
1.339.627 1.339.627
TOTAAL TOTAAL VLOTTENDE VLOTTENDE ACTIVA ACTIVA
3.656.066 3.656.066
146.894 146.894 6.151.861 6.151.861
-Schulden -Schulden aan openbare aan openbare lichamen lichamen
1.673.576 1.673.576 2.004.187 2.004.187
-Schulden -Schulden aan kredietinstellingen aan kredietinstellingen
709.101 709.101
0
-Overige -Overige schulden schulden
241.431 241.431
491.828 491.828
0
Overlopende Overlopende passiva passiva
T O TTAOATLA A L
5.275.757 5.275.757
7.3
7.423.352 7.423.352
-Verplichtingen -Verplichtingen
1.978.529 1.978.529 3.982.263 3.982.263
TOTAAL TOTAAL VLOTTENDE VLOTTENDE PASSIVA PASSIVA
4.602.637 4.602.637 6.478.278 6.478.278
T O TTAOATLA A L
5.275.757 5.275.757 7.423.352 7.423.352
Toelichting op de balans
VASTE ACTIVA Materiele vaste activa Onderstaand geven we een overzicht van het verloop van de materiele vaste activa in het boekjaar. Over de gedane investeringen in 2020 is gerekend met een half jaar afschrijving en 0% rente. Over de eerdere investeringen is met een heel jaar rente en afschrijving gerekend
Investeringen met economisch nut
Boekwaarde Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Afwaarderingen 1-1-2019
inrichting
799.767
23.093
114.215 708.646
ICT applicaties
647.577
75.585
256.059
467.103
ICT Pc's e.d.
172.347
20.393
63.666
33.333
95.741
totaal
1.619.691
119.071
433.939
33.333
1.271.491
De afwaardering van € 33.000 betreft een correctie van in 2019 ten onrechte geactiveerde ICT-applicaties.
31
Boekwaarde 31-12-2020
Jaarstukken 2020 ODRN
VLOTTENDE ACTIVA Onderhandenwerk De specificatie van het onderhandenwerk is als volgt:
Omschrijving
Berg en Dal
Beuningen
Druten
Heumen
Nijmegen
Wijchen
Provincie Gelderland
Totaal
370.161
217.657
89.281
173.000
1.136.017
160.472
385.314
2.531.902
324.696
216.330
75.619
145.491
903.101
134.965
406.867
2.207.068
Onderhandenwerk 1 jan 2020 Saldo vooruit gefactureerd per 31 dec 2020
Mutatie onderhandenwerk 2020
-45.465
-1.327
-13.662
-27.509
-232.916
-25.507
21.553
-324.834
onderhandenwerk
-97.947
-60.850
-13.408
-36.806
-224.520
-18.474
-67.393
-519.398
Overige mutatie
52.482
59.523
-254
9.297
-8.396
-7.033
88.946
194.565
Opschoonactie
Uit liquiditeits- en volatiliteitsoverwegingen heeft het Algemeen Bestuur d.d. 7 december 2017 besloten om voortaan de onderhandenwerkpositie bij de deelnemers in rekening te brengen. De mutatie over 2020 is deels het gevolg van een opschoonactie waarbij we het onderhandenwerk dat niet meer afgerond gaat worden, met deelnemers afgerekend hebben. Dit is conform bestuursbesluit d.d. 4 november 2020. Bij de deelnemers gaat het om € 519.398* en ook de overige mutatie is in 2020 verrekend. In totaal is er per 31 december 2020 € 2.207.068 bij de deelnemers vooruit gefactureerd waardoor de balanspositie € 0 is.
* Bestuursbesluit d.d. 4 november 2020 betreft € 538.738. Dit is inclusief opschonen onderhandenwerk van de Provincie Overijssel € 16.638. Verder is er in afwijking van het bestuursbesluit bij de gemeente Heumen € 2.703 minder opgeschoond omdat uit nadere analyse bleek dat een aantal zaken toch niet afgesloten konden worden (bestuursbesluit: € 39.509, opgeschoond: € 36.608). Uitzettingen met een rente typische looptijd van < 1 jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening van nul euro in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Vorderingen op openbare lichamen
32
1.726.939
Deelnemers afrekening 4e kwartaal 2020
1.234.843
Stelsel OD’s afrekening 4e kwartaal 2020
382.958
DCMR afrekening 2020
60.158
Provincie Zuid-Holland, afrekening BRZO
11.356
Diversen
37.624
Totaal
1.726.939
Jaarstukken 2020 ODRN
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist
3.278.326
Met ingang van januari 2014 is de ODRN verplicht te “schatkistbankieren”. Dit houdt in dat we al het meerdere boven € 1.000.000 op de rekening courant bij de BNG moeten afstorten bij het Rijk die dit gebruikt als eigen financieringsmiddel. Bij behoefte kan de ODRN weer over dit tegoed beschikken. Zoals uit onderstaand overzicht blijkt is in 2020 het drempelbedrag niet overschreden.
Omschrijving
kwartaal 1
kwartaal 2
kwartaal 3
kwartaal 4
Drempelbedrag
1.000.000
1.000.000
1.000.000
1.000.000
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
-730.593
156.164
161.820
152.709
Ruimte onder het drempel bedrag
1.730.593
843.836
838.180
847.291
0
0
0
0
Overschrijding
Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen
146.894
Provincie Gelderland advies circ. ec.
18.304
Provincie Gelderland VV HH
22.859
Provincie Gelderland GUOV subsidie
9.009
Afrekening stelseltaken 2020
30.815
ODRA afrekening werkpakket 2020
13.800
Deelnemers slotfactuur 2020
14.983
Wijchen
139
Heumen
6.681
Druten
424
Beuningen
2.059
Berg en Dal
5.680
Vooruitbetaalde cursus Omgevingswet
31.450
Diversen
5.674
Totaal
146.894
Met de provincie Gelderland moeten we nog het Gelders Uitvoeringsprogramma Omgevingsveiligheid (GUOV), advies circ.ec, VV HH afrekenen. De vordering op de ODRA van € 13.800 betreft het verschil tussen de vooruitbetalingen op het werkplan 2020 en de werkelijke kosten. Ook met de stelsel-OD’s worden nog vooruitbetalingen voor diverse stelseltaken (totaal € 30.815) verrekend. Begin januari 2021 is de factuur over 2020 gedraaid. De omzet is, onder inhouding van betaalde omzet en voorschotten, bij de opdrachtgevers in rekening gebracht. De kwaliteitscontrole, die we daarna uitgevoerd hebben, heeft geleid tot een aantal correcties, te vorderen € 14.983, die we alsnog gaan verrekenen.
33
Jaarstukken 2020 ODRN
VASTE PASSIVA Eigen vermogen Overzicht reserves
naam reserve
Stand 31 december 2019
Algemene reserve
-46.584
Bestemmingsreserve
100.000
Totaal reserves
53.416
Resultaat 2019
toevoegingen 2020
onttrekkingen 2020
stand 31 december 2020
20.617
20.617
-
-25.967
63.593
36.407
63.593
10.440
De algemene reserve is per 31 december 2020 negatief en dient door de deelnemers te worden aangezuiverd via bestemming van het voordelig resultaat over het boekjaar 2020 of via een bijstorting. Deze reserve dient als risicoafdekking voor de risico’s die in paragraaf 6.2 zijn toegelicht. Structurele toevoegingen en of onttrekkingen zijn niet voorzien/geraamd. Bij besluit van het Algemeen Bestuur (juli 2018) is de bestemmingsreserve gevormd door € 100.000 van het positief exploitatiesaldo niet uit te keren maar te reserveren ten behoeve van de energietransitie. Het programma is in 2019 en 2020, mede door Covid-19, niet volledig tot uitvoer gekomen. In 2020 hebben we de bestemmingsreserve voor € 63.593 ingezet. Hierover heeft het Algemeen Bestuur op 16 december 2020 een besluit genomen*. Het resterende bedrag van € 36.407 zal in 2021 worden gebruikt om het bijgestelde programma uit te voeren. De inzet van de bestemmingsreserve in 2020 is op de bijdragen van de gemeenten in mindering gebracht. De inzet en de boekwaarde per 31 12 2020 per gemeente blijkt uit onderstaande tabel:
*De realisatie wijkt iets af van het besluit van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur heeft besloten over een onttrekking van € 63.593. De inzet in 2020 is € 1.740 hoger. Bij de volgende gemeenten wijkt de realisatie iets af: Beuningen + €1.344, Druten € 2.7070 en Wijchen - €2.311.
Gemeente
31 12 2019
Inzet in 2020
Berg en Dal
12.524
12.524
Boekwaarde per 31 12 2020
Beuningen
16.530
1.874
14.656
Druten
10.795
4.538
6.257
Heumen
6.973
Nijmegen
39.162
39.162
6.973
Wijchen
14.016
5.495
8.521
100.000
63.593
36.407
Gerealiseerd resultaat
totaal
Gerealiseerd resultaat per 31-12-2019
20.617
bestemd: Ten gunste van algemene bedrijfsreserve
-20.617
Gerealiseerd resultaat 2020
483.671
Dekking nog aan te geven
483.671
Het gerealiseerde resultaat over 2019 is door het Algemeen Bestuur bestemd bij vaststelling van de rekening 2019. Het gerealiseerde resultaat over 2020 moet nog door het Algemeen Bestuur worden bestemd.
34
Jaarstukken 2020 ODRN
Voorzieningen Het Dagelijks Bestuur heeft op 4 september 2014 besloten tot instelling van drie voorzieningen. Dit was noodzakelijk omdat de provincie de verplichtingen aan de ODRN, voortkomend uit het GSP, heeft afgekocht. Het betreft de afkoop van: • Harmonisatietoelage: verschil tussen werkelijk bruto salaris bij provincie en het salaris volgens het functiehuis bij de ODRN gedurende het dienstverband van de medewerker. • Verlofstuwmeer: verlofsaldi per 1 april 2013 maal het per medewerker betreffende uurtarief. • Reiskosten woon- werkverkeer: Opgeheven per 1 april 2017. Onttrekking aan voorzieningen We onttrekken de werkelijke kosten aan de voorzieningen en brengen deze ten gunste van de exploitatie waarmee deze kosten budgettair neutraal zijn. Het vertrek van 4 medewerkers met harmonisatierechten (extra salaris) leidt bij de voorziening harmonisatietoelage tot een vrijval van € 81.136. Voor de vervangers van de vertrokken medewerkers hoeven we geen harmonisatie te betalen. Deze vrijval boeken we als eenmalige opbrengst in het resultaat. Mutatieoverzicht harmonisatie toelage
verlof stuwmeer
totaal
saldo 1-1-2020
523.597
75.490
599.087
0
0
0
af: onttrekkingen
131.218
16.906
148.124
- werkelijk uitbetaald
50.082
16.906
66.988
- vrijval
81.136
bij: toevoegingen
saldo per 31-12-2020
392.379
VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd <1jaar Schulden aan openbare lichamen
2.004.187
BTW 4e kwartaal 2020
1.016.602
Loonheffing december 2020
800.299
Pensioenpremie december 2020
181.437
Diversen
5.849
Totaal
2.004.187
Overige schulden Dit betreft de crediteuren per 31-12-2020
35
Jaarstukken 2020 ODRN
491.827
81.136 58.584
450.963
Overlopende passiva Verplichtingen 3.982.263 De verplichtingen bestaat uit de volgende bedragen: Nog te betalen PIOFAH kosten 2020
2.292.263
Vooruit ontvangen ontwikkelbudget 2021
897.829
Slotfacturen 2020
284.086
Slotfactuur Nijmegen 2020
2.934
Slotfactuur ODA 2020
392
Slotfactuur ODRA 2020
9.910
Slotfactuur pr Gld 2020
28.963
Slotfactuur pr Overijssel 2020
16.983
Slotfactuur OHW pr Gld 2020
210.058
Slotfactuur Berg en Dal 2020
14.846
Kosten inhuur 2020
376.211
Nabetaling piket
53.602
Overig
78.273
Totaal
3.982.263
Per ultimo 2020 waren we een deel van de PIOFAH kosten 2020 nog verschuldigd. We hebben in 2020 een ontwikkelbijdrage van € 1,4 miljoen van onze deelnemers ontvangen. Dit budget is voor €897.829 niet ingezet. Het Algemeen Bestuur heeft op 4 november 2020 besloten het niet in 2020 ingezette deel van de ontwikkelbijdrage, destijds naar schatting € 8 ton, naar 2021 over te hevelen. Uit onderstaande tabel blijkt de afrekening van de bijdrage ontwikkelprogramma: Geraamde omzet werkplan 2020
2020
Inzet 2020
Vooruitontvangen balans
Gemeente Berg en Dal
1.750.265
149.000
53.445
95.555
Gemeente Beuningen
1.093.633
93.000
33.358
59.642
Gemeente Druten
421.944
35.000
12.554
22.446
Deelnemers
Gemeente Heumen
753.164
64.000
22.956
41.044
Gemeente Nijmegen
6.154.209
523.000
187.597
335.403
Gemeente Wijchen
666.467
55.000
19.728
35.272
Provincie Gelderland
5.665.599
481.000
172.531
308.469
Totaal
16.505.281
1.400.000
502.171
897.829
Begin januari 2021 is de factuur over 2020 gedraaid. De omzet is, onder inhouding van betaalde omzet en voorschotten, bij de opdrachtgevers in rekening gebracht. De kwaliteitscontrole, die we daarna uitgevoerd hebben, heeft geleid tot een aantal correcties, te betalen € 284.086, die we alsnog gaan verrekenen. De nabetaling piket van € 53.602 betreft compensatie in verband met een verkeerde toepassing van de werktijdenregeling. Door een verkeerde uitleg van deze regeling konden piketmedewerkers in de periode voor 2020 hun overuren niet op basis van tijd voor tijd compenseren. Dit is achteraf in strijd met onze werktijdenregeling gebleken. Dit betekent dat medewerkers geen compensatieverlof konden opbouwen, terwijl ze daar wel recht op hadden. Dit gaan we over de periode van 2015 tot en met 2019 compenseren. Niet in de balans opgenomen verplichtingen De gemeente Nijmegen voert als gastheer de PIOFAH-taken voor de ODRN uit. Deze taken zijn beschreven in de Samenwerkingsovereenkomst ODRN – Gemeente Nijmegen 2020-2023. Ons Dagelijks Bestuur heeft op 16 december 2020 deze overeenkomst voor de periode van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2023 (4 jaar) vastgesteld. De huur van ons kantoorpand is onderdeel van deze overeenkomst. De omvang van deze overeenkomst is voor 2020 € 2.751.000 (prijspeil 2020) en voor 2021 € 2.985.000 (prijspeil 2021).
36
Jaarstukken 2020 ODRN
7.4
Het overzicht van baten en lasten
Het jaar 2020 sluit met een voordelig resultaat van € 483.671. Onderstaand geven we een overzicht van lasten en baten met de indeling volgens de BBV voorschriften: Omschrijving
begroting Lasten 2020
begr.2020 na wijz.
baten 2020
Lasten 2020
Programmaplan Programma ODRN 10.605.976 16.521.000 15.165.976 Overzicht Algemene dekkingsmiddelen Overhead 5.915.024 5.815.024 Heffing vennootschapsbelasting Bedrag onvoorzien
werkelijk
baten 2020
20.981.000
Lasten 2020 15.152.118 6.271.755
Saldo van lasten en baten 0 0 Onttrekkingen aan de reserves Resultaat Programma 0 0
baten 2020
21.843.952
420.078 63.593 483.671
Omdat deze indeling weinig informatie geeft hebben we een staat van lasten en baten opgenomen die uitgaat van categorieën en is voorzien van een toelichting:
begroting 2020
begroting 2020
Omschrijving
na wijziging
nr.
werkelijk
verschil
Lasten
1
Salarissen en sociale lasten
2
Opleidingskosten
11.253.000
12.303.000
12.181.310
121.690
225.000
125.000
156.608
-31.608
3
Kosten ontwikkelprogramma
700.000
602.171
97.829
4
Inhuur
980.000
3.790.000
4.214.844
-424.844
5
Piofah gastheer
2.725.000
2.725.000
2.725.000
0
6
Kapitaallasten
336.000
336.000
433.982
-97.982
7
Overige materiele kosten
750.000
750.000
843.731
-93.731
8
Bijdrage regionaal stelsel
252.000
252.000
266.228
-14.228
16.521.000
20.981.000
21.423.873
-442.874
Totaal lasten Baten
9
Deelnemersbijdragen*
18.403.000
19.374.434
971.434
10
Ontwikkelbijdrage
600.000
502.171
-97.829
11
Provincie Overijssel
750.000
900.000
758.999
-141.001
12
Baten bovenregionale taken
580.000
923.000
807.260
-115.740
13
Subsidies en overige
155.000
155.000
319.952
164.952
14
Onttrekking bestemmingsreserve
63.593
63.593
15
Vrijval voorziening harmonisatietoelage
81.136
81.136
20.981.000
21.907.545
Resultaat 2020, verschil tussen baten en lasten
483.671
Totaal baten
37
15.036.000
Jaarstukken 2020 ODRN
16.521.000
926.545
Toelichting op verschillen groter dan € 25.000. 1 Salarissen en sociale lasten Ten opzichte van de begroting geven we € 1,2 ton minder uit aan salarissen en sociale lasten. Dit is deels het effect van ons personeelsbeleid om jong talent aan te trekken. We hebben in 2020 nieuwe jonge medewerkers aangetrokken. Door een lagere anciënniteit neemt de gemiddelde salarislast af. Een deel van de salariskosten, in totaal € 2,4 ton, betreft inzet voor het ontwikkelprogramma en is verantwoord onder ad 10. Ontwikkelbijdrage. 2 Opleidingskosten We begroten 2% van de begrote salarissen en sociale lasten voor opleidingskosten. In 2020 en in 2021 zetten we € 1 ton van ons opleidingsbudget in voor het ontwikkelprogramma. De overschrijding in 2020 komt door de kosten van een begeleidingstraject voor het MT. 3. Kosten ontwikkelprogramma De kosten blijven achter bij de begroting door de vertraagde invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging Bouwen. De totale inzet in 2020 bedroeg € 602.106. Hiervan dekken we € 100.000 uit ons opleidingsbudget en € 502.106 dekken we uit de bijdrage van de deelnemers. We hebben in 2020 € 1.400.000 gefactureerd. Het saldo op 31 12 2020 bedraagt € 897.894 (€ 1.400.000 - € 502.106) en is op de balans verantwoord onder overlopende passiva. 4 Inhuur De overschrijding van inhuur met € 4,2 ton hangt vooral samen met de hogere omzet.
Ook de kosten van onze nieuwe directeur zijn onder inhuur verantwoord. We blijven ernaar streven ons aandeel inhuur te beperken waarbij we rekening houden met de wenselijke flexibele schil gelet op toekomstige ontwikkelingen. We hebben hier in 2020 al een flinke stap in gezet; we geven in 2020 € 6 ton minder uit aan inhuur dan in 2019 (€ 4,8 miljoen). 6 Kapitaallasten De overschrijding van de kapitaallasten hangt samen met in 2019 geactiveerde verhuiskosten. De begrote afschrijvingslasten zijn hier niet op aangepast. 7 Overige materiele kosten Ten opzichte van de begroting is er een nadeel opgetreden, ontstaan door een veelheid van kleinere plussen en minnen op de verschillende kostensoorten. De reiskosten blijven in 2020 achter. Reisbewegingen zijn door Covid-19 beperkt. Aan de andere kant hebben we meer onderhoudskosten software. In 2019 hebben we deze kosten veelal geactiveerd. Met het oog op de vervanging van ons zaaksysteem, is activering vanaf 2020 niet meer wenselijk. In onderstaande tabel geven we een uitsplitsing van de uitgaven:
Omschrijving
38
Bedrag 2020
Reiskosten zakelijke km’s en parkmobile
112.504
Onderhoudskosten software
150.032
Bedrijfsauto’s
24.696
Communicatiekosten
79.090
Porti, kantoorbehoeften, abonnementen
44.814
Verzekeringen, accountant, advieskosten
159.720
Overige personeelskosten
125.612
Voorgeschoten kosten (en verrekend met deelnemers)
64.991
Overige kleinere bedragen
82.272
Totaal
843.731
Jaarstukken 2020 ODRN
9 Deelnemersbijdragen Dit betreft bijdragen van onze deelnemers. De in 2020 gerealiseerde bijdragen van € 19,4 miljoen bestaat uit € 19,7 miljoen reguliere productie en - € 3 ton mutatie van het onderhandenwerk. In onderstaande tabel geven we de uitsplitsing naar deelnemer weer: Deelnemer
Mutatie OHW
Reguliere productie
Totale bijdragen 2020
I
II
I + II
Berg en Dal
-45.465
2.138.184
2.092.719
Beuningen
-1.327
1.478.659
1.477.332
Druten
-13.663
472.245
458.582
Heumen
-27.509
851.825
824.316
Nijmegen
-232.915
7.544.402
7.311.487
Wijchen
-25.507
871.630
846.123
Provincie
21.552
6.342.323
6.363.875
-324.834
19.699.268
19.374.434
De bijdragen overschrijden de begroting 2020 van € 18,4 miljoen met afgerond € 1 miljoen. Deze overschrijding wordt veroorzaakt door diverse aanvullende productieafspraken van in totaal €1,2 miljoen die we verwerkt hebben in onze werkplannen. Deze geven een actueler inzicht in onze productieafspraken en zijn daarom relevanter dan de begroting per deelnemer. In onderstaande tabelgeven we de reguliere productie versus de werkplannen weer. Werkplan 2020
Reguliere productie
Reguliere productie
in % van werkplan 2020
I
II
I/II
Berg en Dal
2.138.184
2.048.302
4%
Beuningen
1.478.659
1.260.938
17%
Druten
472.245
486.295
-3%
Heumen
851.825
874.661
-3%
Nijmegen
7.544.402
7.120.877
6%
Wijchen
871.630
745.365
17%
Provincie
6.342.323
7.034.194
-10%
19.699.268
19.570.632
1%
De realisatie en werkplannen 2020 wijken in totaal slechts 1% af. Bij individuele deelnemers zijn er grotere afwijkingen. We lichten de grootste afwijkingen (>10%)* toe . * In de klantrapportages per deelnemer gaan we uitgebreid in op verschillen tussen werkplan en De grootste afwijking doet zich voor bij de provincie realisatie. Gelderland. Vergunningverlening BRIKS blijft achter door de stikstofproblematiek in de eerste helft van 2020 en COVID-19. Dit leidt tot minder investeringen, dus minder aanvragen. Ook vergunningverlening milieu blijft achter op de werkplannen. Dat komt door personele onderbezetting waarmee de ODRN begin 2020 kampte. In de tweede helft van 2020 hebben we nieuwe medewerkers geworven zodat achterstanden ingelopen kunnen worden. Bij Beuningen is er een overschrijding van 17%. Dit komt met name door een toename van kleine bouwaanvragen en particuliere sloopmeldingen. Veel mensen grijpen COVID-19 aan om verbouwingen aan hun woning te doen. Ook bij toezicht BRIKS is er een overschrijding welke onder andere wordt veroorzaak door toezicht op mogelijk illegaal gebruik op grond van regels ruimtelijke ordening.
Bij Wijchen is er ook een overschrijding 17% welke vooral veroorzaakt door aanvullende milieuwerkzaamheden die we niet volledig hebben kunnen voorzien: vooroverleggen, aanvragen veranderingsvergunningen, meldingen gesloten bodemenergiesystemen en maatwerkvoorschriften type B-inrichtingen.
39
Jaarstukken 2020 ODRN
10 Ontwikkelbijdrage Zie ad 3. 11 Provincie Overijssel Als een van de 6 BRZO diensten in Nederland voert de ODRN ook voor de provincie Overijssel de BRZO-taken uit. De productie 2020 blijft €1,4 ton achter op de begroting. Net zoals bij de provincie Gelderland blijft ook hier de vergunningverlening BRIKS achter door de stikstofproblematiek en de COVID-19. Ook het aantal verleende milieuvergunningen valt lager uit dan begroot. Het aantal revisievergunningsaanvragen Brzo, Maatwerkvoorschriften type C-inrichtingen en Veranderingsvergunningen (uitgebreid en regulier) bleef achter. Tenslotte was er bij diverse projecten een onderbesteding. Deels omdat de inzet hiervoor gedekt werd uit de landelijke IOV en MJA-subsidies. 12 Baten bovenregionale taken Dit betreft werkzaamheden die we voor de stelsel Omgevingsdiensten uitvoeren. De productie 2020 blijft ruim € 1,1 ton op de begroting 2020 achter als gevolg van teruglopende productie door stikstofproblematiek en COVID-19. 13 Subsidies en overige In 2020 hebben we voor € 319.952 aan subsidie (€ 297.351) en overige opbrengsten (€ 22.601* ) gerealiseerd. De begroting blijft €1,6 ton achter. Deze bijdragen zijn structureel te laag geraamd. *Inclusief een correctie over 2019 van - € 33.302 In onderstaande tabel geven we een uitsplitsing van de subsidies: Subsidie Nederlandse
Saldo
Ontvangen
overheidslichamen
1-1-2021
jaarschijf 2019
IOV1 provincie Zuid Holland
Toevoegingen
Gefactureerd
Saldo
jaarschijf 2020 jaarschijf 2020 31-12-2020 112.694
112.694
IOV deelprogramma 2 t/m 6 provincie Zuid Holland
0
0
36.050
36.050
0
0
0
97.514
97.514
0
GUOV provincie Gelderland
12.550
12.550
51.093
42.084
9.009
Totaal
12.550
12.550
297.351
288.342
9.009
MJA DCMR
IOV1 provincie Zuid Holland betreft een projectsubsidie voor het eerste deelprogramma Brzo (Besluit risico zware ongevallen) van de Impuls Omgevingsveiligheid 2020. Hiervoor zijn subsidie-beschikkingen ontvangen tot maximaal € 131.675. Op basis van de werkelijke tijdsbesteding hebben we € 112.694 gedeclareerd. Definitieve afrekening heeft al plaatsgevonden. In het kader van deelprogramma’s IOV 2 t/m 6 provincie Zuid Holland hebben we beschikkingen ontvangen voor in totaal € 76.953. Gedeclareerd en gefactureerd is € 36.050. De zogenoemde MeerJarenAfspraak (MJA) is een aanvulling op de Brzo-impuls subsidie. De maximale inzet volgens de afspraken bedraagt € 144.261. Gedeclareerd en gefactureerd is € 97.514. GUOV betreft provinciale subsidie uit het Gelders Uitvoeringsprogramma Omgevingsveiligheid 2020. Er is een subsidiebeschikking ontvangen voor € 52.606. Op basis van de werkelijke tijdsbesteding is de inzet in 2020 € 51.093. De eindafrekening vindt in 2021 plaats. 14 Onttrekking bestemmingsreserve De onttrekking aan de bestemmingsreserve lichten we toe bij de toelichting van het eigen vermogen op de balans. 15 Vrijval voorziening harmon isatietoelage Het vertrek van 4 medewerkers met harmonisatierechten leidt bij de voorziening harmonisatietoelage tot een vrijval van € 81.136.
Deze reservering hoeven we niet meer aan te houden omdat we voor de vervangers van die vertrokken medewerkers geen toelage verschuldigd zijn. Deze vrijval is conform de BBV-voorschriften als eenmalige opbrengst in het resultaat opgenomen.
40
Jaarstukken 2020 ODRN
Beleidsindicatoren, taakvelden en diversen Berekening vennootschapsbelasting Nagenoeg alle taken van de ODRN zijn door wetgeving voorgeschreven. Deze zogenoemde overheidstaken zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting (VPB). De verrekening van de zeer geringe overige taken (als bijvoorbeeld het geven een workshop) geschiedt tegen kostprijs waardoor geen VPB verschuldigd is. In de financiële verordening is opgenomen dat de resultaten voor de commerciële activiteiten terugbetaald worden aan de opdrachtgever. Inzicht artikel 28 Er is geen sprake van een structurele toevoeging/onttrekking van reserves en een post onvoorzien is in de begroting niet beschikbaar. Percentage inhuur van de loonsom Omschrijving
Begroting 2020
Rekening 2020
Directe kosten Salariskosten
12.303.000
12.181.310
af: salariskosten management en staf
1.627.024
1.846.206
Directe salariskosten
10.675.976
10.335.104
inhuur
3.790.000
4.214.844
14.465.976
14.549.948
26%
29%
Totaal directe salariskosten Percentage inhuur van de directe salariskosten
Het aandeel inhuur van de directe salariskosten van 29% is iets hoger dan begroot maar wel lager dan in 2019 (33%). Overheadpercentage van de totale lasten nr.
Omschrijving
2
Salariskosten management en staf
Begroting 2020
Begroting na wijz 2020
Rekening 2020
1.627.024
1.846.206
3
Opleidingskosten
225.000
125.000
156.608
4
Piofah taken gastheer
2.725.000
2.725.000
2.725.000
5
Kapitaallasten
336.000
336.000
433.982
6
Overige materiele kosten
750.000
750.000
843.731
7
Bijdrage regionaal stelsel
252.000
252.000
266.228
Totaal overhead
5.915.024
5.815.024
6.271.755
Totaal lasten
20.981.000
21.423.873
Overhead als percentage van de totale lasten
28%
29%
Het gerealiseerde percentage overhead is met 29% iets boven begroot.
41
1.627.024
Jaarstukken 2020 ODRN
Bezetting De bezetting vast personeel ultimo 2020 bedraagt 162,2 fte. Overzicht van baten en lasten naar taakveld In onderstaande tabel geven we het overzicht van baten en lasten naar taakveld weer. Omschrijving
Lasten 2020
Baten 2020
Vergunning behandelen
2.671.764
3.837.424
Toezicht en handhaven
2.247.307
3.227.781
7.4 milieubeheer
Advies en projecten
3.268.597
4.694.649
Totaal
8.187.668
11.759.854
Vergunning behandelen
3.263.940
4.687.960
Toezicht en handhaven
2.141.712
3.076.117
8.3 bouwen & wonen
Advies en projecten
1.558.798
2.238.885
Totaal
6.964.451
10.002.961
Vrijval voorziening harmonisatietoelage Overhead
81.136 6.271.755
Onttrekkingen aan de reserves Totaal lasten en baten
63.593 21.423.873
21.907.544
Resultaat positief
483.671
De baten 2020 betroffen voor € 11,8 miljoen (54%) taakveld milieubeheer en voor €10,0 miljoen (46%) taakveld bouwen en wonen.
7.5
Wet normering topinkomens
Op grond van de Wet normering topinkomens (WNT) publiceren wij de bezoldiging aan topfunctionarissen. Op basis van de WNT zijn topfunctionarissen van de ODRN: de directeur en de adjunct-directeur en de bestuursleden. We kennen geen toezichthouders (RvC/RvT) zoals in de WNT omschreven. Onze bestuurders, bestaande uit onderstaande personen, ontvangen geen bezoldiging.
42
Naam
Functie
Dhr. J.W.M. van der Meer (prov. Gelderland)
Voorzitter
Dhr. P. de Klein (Beuningen)
Algemeen en Dagelijks Bestuur
tot mei 2020
Dhr. M.H.T. Lepoutre (Druten)
Algemeen Bestuur
tot mei 2020
Mevr. H. Tiemens (Nijmegen)
Algemeen Bestuur
Dhr. G.W.R. Gerrits (Wijchen)
Algemeen Bestuur
Dhr. N.P. Vergunst (Nijmegen)
Algemeen en Dagelijks Bestuur
Dhr. N. Verheul (Berg en Dal )
Algemeen en Dagelijks Bestuur
Dhr. R.J.M. Waas (Heumen)
Algemeen en Dagelijks Bestuur
vanaf mei 2020
Dhr. W. Brink (Druten)
Algemeen Bestuur
vanaf mei tot dec. 2020
Dhr. A. Springveld (Druten)
Algemeen Bestuur
vanaf dec. 2020
Dhr. S. Versluijs (Beuningen)
Algemeen Bestuur
vanaf mei 2020
Jaarstukken 2020 ODRN
Periode
In 2020 zijn er een aantal personele wisselingen geweest waardoor de functie van (adjunct) directeur in 2020 door vier functionarissen is waargenomen. De bezoldiging volgens de WNT-norm is in 2020 niet overschreden. De bezoldiging van deze functionarissen blijkt uit onderstaande tabellen: WNT-verantwoording 2020 ODRN De WNT is van toepassing op ODRN. Het voor ODRN toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 201.000. Het betreft het algemeen bezoldigingsmaximum. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2020
G.W.J. Bouman
R.H. Kraan
Directeur
Adjunct-directeur
01/01 - 01/03
16/07- 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
1
Dienstbetrekking?
ja
ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
19.917
41.799
Beloningen betaalbaar op termijn
3.365
7.057
Subtotaal
23.282
48.856
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
33.500
92.811
Bezoldiging
Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
23.282
48.856
Het bedrag van de overschrijding
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 bedragen x € 1
M.M.C Prins
W. Looijen
Functiegegevens
Directeur
Directeur
01/05 - 31/12
21/02 - 01/05
8
3
1.255
288
193
193
201.400
55.488
Ja
Ja
Aanvang en einde functievervulling in 2020 Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maxuurtarief Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Werkelijk uurtarief lager dan het maximum uurtarief? Bezoldiging in de betreffende periode
91.995
21.845
Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
91.995
21.845
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
91.995
21.845
overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t
N.v.t.
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de
43
Jaarstukken 2020 ODRN
WNT-uitkering einde dienstverband Gegevens 2020 bedragen x € 1
G.W.J. Bouman
Functiegegevens Functie(s) bij beëindiging dienstverband Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Jaar waarin dienstverband is beëindigd
Directeur 1 2020
Uitkering wegens beëindiging van het dienstverband Overeengekomen uitkeringen wegens beëindiging dienstverband
42.712,00
Individueel toepasselijk maximum
75.000,00
Totaal uitkeringen wegens beëindiging dienstverband
42.712,00
Waarvan betaald in 2020
42.712,00
Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan6
Bedrag N.v.t.
Reden N.v.t. Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling7
N.v.t.
WNT-verantwoording over 2019 Gegevens 2019 bedragen x € 1
G.W.J. Bouman
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2019
01/01- 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?