Bijlage IV Evenementenbeleid gemeente Heumen 2024 -2028
Tekst van het document
• • •
het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen; het evenement tussen 10.00 en 01.00 uur plaatsvindt; geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 10.00 uur en/of na 0.00 uur; het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan, bromfietspad, parkeerplaats, openbaar terrein of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten; slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 m2 per object; er een organisator is; en de organisator minimaal drie weken voorafgaand aan het evenement daarvan schriftelijk melding heeft gedaan bij de burgemeester.
Wanneer een meldingplichtig evenement overlast veroorzaakt, kan, indien opnieuw een melding voor het evenement wordt gedaan, bijv. bij een jaarlijks terugkerend evenement, het evenement worden aangemerkt als een vergunningplichtig evenement. Alvorens dit besluit wordt genomen, worden eventuele betrokkenen/belanghebbenden eerst gehoord. 5.2.2 A-evenementen: reguliere evenementen De activiteiten, omvang, locatie en tijdstippen van een A-evenement vormen weinig tot geen belasting voor de omgeving en hebben een laag risicogehalte. Deze categorie evenementen heeft veelal een herhalend karakter: ze worden jaarlijks georganiseerd. A-evenementen zijn wel vergunningplichtig op grond van artikel 2:25, eerste lid, van de APV. Voorbeeld van een A-evenement is een lokale sinterklaasintocht.
26
5.2.3 B-evenementen: aandacht evenementen (beperkt risico) B-evenementen zijn vergunningplichtig op grond van het bepaalde in artikel 2:25, eerste lid, van de APV. Zij hebben, naast het gestelde in de APV en andere regelgeving, een bijzonder kader nodig omdat deze een belasting (kunnen) vormen voor de leefomgeving rondom de locatie waar deze evenementen worden gehouden. Dit kader betreft de volgende onderdelen: • • •
Het evenemententerrein kan, indien nodig, nauwkeurig worden afgebakend waarbij er kan worden aangegeven hoe de locatie mag worden ingericht; Er zullen, indien van toepassing, veiligheids- en medische voorschriften aan de vergunning kunnen worden verbonden; Er zullen, indien van toepassing, algemeen geldende geluidsrichtwaarden en/of eindtijden voor evenementen aan de vergunning kunnen worden verbonden.
Bij B-evenementen wordt een advies aangevraagd bij de drie hulpdiensten (brandweer, geneeskundige hulp (GHOR) en politie). Dit advies wordt gebaseerd op de door de evenementenorganisatie aangeleverde stukken. Bij deze aanvragen dient de organisator dan ook een veiligheidsplan (inclusief draaiboek, plattegrond en verkeersplan) in te dienen. Naar aanleiding van de bevindingen uit het ‘Evaluatierapport Evenementen Tweestromenland’ en de wens om structureel vooroverleg te voeren zal de vergunningverlener zorg dragen dat een vooroverleg wordt ingepland om de aanvraag te bespreken met de verschillende partijen c.q. stakeholders. Voorts zullen tijdig afspraken worden gemaakt voor een schouw en evaluatie van het betreffende evenement. Voorbeelden van B-evenementen zijn kermissen en (tent)feesten, zoals de Maldense Vierdaagse feesten. 5.2.4 C-evenementen: risico-evenementen (hoog risico) C-evenementen vragen, net zoals B-evenementen, om een bijzonder kader. In principe is een C-evenement gelijk aan een B-evenement met als verschil dat er een integraal advies kan worden gevraagd aan het Veiligheidsbureau. Daarnaast wordt voor een C-evenement een veiligheidsoverleg georganiseerd, alvorens de vergunning wordt verstrekt. Tevens vraagt een C-evenement een nog grotere inzet van de hulpverleningsdiensten om de openbare orde en veiligheid te handhaven.
Het betreft hier voornamelijk grote en zeer grote, omvangrijke evenementen met vaak landelijke uitstraling, omvang en aard. C-evenementen vinden tot op heden niet plaats in de gemeente Heumen.
27
5.3 Beleidsregels standplaatsen doortocht Nijmeegse Vierdaagse De gemeente Heumen hecht grote waarde aan de jaarlijkse doortocht van de Nijmeegse Vierdaagse door de gemeente. Om deze doortocht in goede orde te laten verlopen, vooral ten aanzien van de standplaatsen heeft het College van burgemeester en wethouders aparte beleidsregels opgesteld: ‘Beleidsregels doortocht Nijmeegse Vierdaagse Heumen’. Deze beleidsregels hebben voorrang op de beleidsregel in deze nota. Deze beleidsnota heeft aanvullende werking op de ‘Beleidsregels doortocht Nijmeegse Vierdaagse’. 5.4 Heumensoord In het kader van de verzorging van nationale en internationale militaire deelnemers aan de Nijmeegse Vierdaagse wordt jaarlijks door Defensie het tijdelijke kamp Heumensoord ingericht. Op Kamp Heumensoord verblijven gedurende de Nijmeegse Vierdaagse vijf- tot zesduizend militairen. Het projectteam ‘Centrale Verzorging Militairen’ (CVM) is vanuit Defensie verantwoordelijk voor het kamp. Het kampement wordt de week voorafgaand aan de Nijmeegse Vierdaagse aangemerkt als tijdelijk militair object. Dit houdt in dat het terrein niet toegankelijk is zonder toestemming van de CVM-organisatie en door militairen wordt beveiligd en bewaakt. Tijdens deze periode is kamp Heumensoord voorzien van een (militaire)politiepost, eigen beroepsbrandweer en een multinationaal geneeskundig centrum.
Al deze instanties staan via het C2000-systeem in nauw contact met GHOR, brandweer en politie. Voor de realisatie van het kampement wordt een tijdelijk tentenkamp geplaatst. Dit tentenkamp is meldingplichtig op grond van het Besluit brandveilig gebruik en de basishulpverlening overige plaatsen (hierna: Bbgbop). De Bbgbop-melding wordt na binnenkomst voorgelegd aan de brandweer. Indien akkoord bevonden door de brandweer, volgt een goedkeuring vanuit de gemeente, eventueel voorzien van aanvullende voorwaarden (artikel 2:4, derde lid, Bbgbop). Vanwege het besloten karakter wordt een evenementenvergunning in beginsel niet verplicht gesteld voor Heumensoord.
28
5.5 Advisering evenementenveiligheid Voor alle vergunningplichtige evenementen geldt dat advies gevraagd kan worden aan diverse interne en externe partijen, zoals de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid, brandweer en geneeskundige dienstverlening, GHOR en de politie. Aan wie advies wordt gevraagd is mede afhankelijk van de aard en de belastend karakter van het evenement. Zoals aangegeven bij paragraaf 3.2.3 wordt het advies van de interne en externe partijen gebaseerd op de door de evenementenorganisatie aangeleverde stukken. Het is daarom ook belangrijk dat de aanvraag voor een evenementenvergunning tijdig en compleet (inclusief een veiligheidsplan (met draaiboek, plattegrond en verkeersplan) aangeleverd wordt. De adviezen kunnen ertoe leiden dat vanwege de openbare orde, de veiligheidsaspecten, de volksgezondheid of het milieu een vergunning wordt geweigerd, dan wel dat de vergunning onder voorwaarden wordt verleend. Aevenement
Bevenement
C-evenement
Advies van externe adviespartijen apart (monodisciplinaire advisering)
Optioneel
Ja
Ja (of integraal advies)
Advies van alle externe adviespartijen gezamenlijk (integrale advisering)
Nee
Optioneel
Ja (of monodisciplinair advies)
Externe adviespartijen: ▪
Veiligheidsregio Gelderland-Zuid;
▪
De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (hierna GHOR);
▪
Regionale Brandweer;
▪
Politie Oost-Nederland, district Gelderland-Zuid, team Tweestromenland.
Interne adviespartijen: ▪ ▪
Ruimtelijke Domein o Team Vergunningen en APV Staf o Team Openbare Orde en Veiligheid 29
5.5.1 Rol Veiligheidsregio/Veiligheidsbureau Bij C-evenementen treedt de Veiligheidsregio op de voorgrond, onder voorzitterschap van het gemeentelijke team veiligheid. Op basis van landelijke systematiek en regionale uitwerkingen daarvan, kunnen C-evenementen door het Veiligheidsbureau (mede) worden beoordeeld en indien nodig van advies voorzien. De besluitvorming ligt formeel bij de burgemeester, maar de beoordeling en behandeling van de aanvraag vindt ten aanzien van de veiligheidsaspecten plaats door specialisten van het Veiligheidsbureau. Zij maken een advies op voor de burgemeester. Op basis van dit advies neemt de burgemeester zijn besluit ten aanzien van het (onder bepaalde voorwaarden) wel of niet verlenen van de evenementenvergunning. Gezien openbare orde en veiligheid exclusief toebehoort aan de burgemeester dient hij hierin de afweging te maken van wel of niet vergunnen.
30
6
Veiligheid
Zoals aangegeven bij paragraaf 4.2.2. dient de organisator van een B- of Cevenement naast een compleet ingevuld aanvraagformulier ook een veiligheidsplan (inclusief draaiboek, plattegrond en verkeersplan) bij de aanvraag voor een evenementenvergunning in te dienen. Dit heeft te maken met het borgen van de openbare veiligheid, de bescherming van de volksgezondheid en het beperken van de (mogelijke) overlast. 6.1 Veiligheidsplan (inclusief draaiboek) De organisator is eerstverantwoordelijk voor de veiligheid op het evenemententerrein. De organisator dient zelf in staat te zijn alle kleine voorzienbare calamiteiten te bestrijden. Voor een A-evenement is geen veiligheidsplan nodig. Bij een B- of C-evenement dient door de organisator altijd een veiligheidsplan met bijlagen zoals plattegrond, draaiboek, verkeersplan, certificaten etc. opgesteld te worden. Adviesverlenende instanties dienen het veiligheidsplan goed te keuren alvorens een vergunning verleend wordt. Zonder goedkeuren van de adviesverlenende instanties wordt er door de burgemeester géén vergunning verleend. Dit om risico’s op veiligheidsgebied zoveel mogelijk te beperken of tegen te gaan. Het veiligheidsplan dient in ieder geval te bevatten: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Soort evenement; Op welke dagen en tijdstippen het evenement plaatsvindt; Wat het programma is (inclusief draaiboek); Aantal verwachte deelnemers of bezoekers; Locatie(s) waarop het evenement plaatsvindt; Informatie over de organisatie; Contactpersonen (en hun telefoonnummers) tijdens het evenement; De taakverdeling tijdens het evenement; Risicoanalyse (bijvoorbeeld brandveiligheid, veiligheid, ongevallen, verkeer, weersomstandigheden); Welke risico’s zijn er bij het evenement en wat wordt eraan gedaan om deze te voorkomen of te beperken?; Communicatiestructuur en -protocol (o.a. alarmering en informeren); Verkeersplan; Plattegronden en situatietekeningen; Inzet beveiliging, welk bedrijf, hoeveel gecertificeerde beveiligers worden ingezet, welke taken en verantwoordelijkheden.
Op de website van de Veiligheidsregio Gelderland-Zuid is een format veiligheidsplan terug te vinden. Dit is een document welke de organisator digitaal kan invullen: https://www.vrgz.nl/organisatie/sectoren/crisisbeheersing/crisisbeheersing/evenemen ten/. Dit formulier kan ook worden opgevraagd bij de gemeentelijke vergunningverlener.
31
6.2 Bewaking/beveiliging Afhankelijk van de aard en de omvang van het evenement dient de organisator beveiliging aan te stellen die toezicht uitoefent op het evenement. Beveiliging van evenementen dient uitgevoerd te worden door gecertificeerde en gekwalificeerde medewerkers van door het Ministerie van Justitie erkende beveiligingsbedrijven. Bij C-evenementen wordt in ieder geval beveiliging voorgeschreven, tenzij de politie anders adviseert. Bij A- en B-evenementen vindt een afweging plaats op basis van het advies van de politie en voorgaande ervaringen. De kosten voor de beveiligingswerkzaamheden zijn voor rekening van de organisator. In de vergunning worden, indien van toepassing, voorwaarden gesteld met betrekking tot het aantal aan te stellen beveiligers. De algemeen gehanteerde richtlijn is één gecertificeerde beveiliger op 250 bezoekers. Indien het karakter van het evenement daar aanleiding toe geeft of indien gevaar van buiten dreigt, kan deze norm op advies van de politie zowel naar boven als naar beneden worden bijgesteld. Het afwijken van algemeen gehanteerde richtlijn wordt vooraf bestuurlijke afgestemd. 6.3 Plaatsen tent, tijdelijke bouwwerken Het plaatsen van een (grote) tent of een tijdelijk bouwwerk dan wel het houden van een feest in bijvoorbeeld een schuur is, in verband met brandveiligheid, verbonden aan een aantal brandveiligheidsvoorschriften.
Dit geldt ook voor de constructieve veiligheid (wegwaaiende tenten, instortende tribunes etc.) van de tent of het (tijdelijke) bouwwerk. De aanvrager van de evenementenvergunning moet bij de vergunningaanvraag of melding een volledig ingevuld aanvraagformulier inclusief plattegrondtekening(en) en situatietekening indienen. Na beoordeling van de aanvraag beslist de Veiligheidsregio (VRGZ – brandweer) over het opstellen van voorschriften. De voorschriften hebben tot doel het zoveel als mogelijk beperken van een brandgevaarlijke situatie en het borgen van de veiligheid van de inzet van hulpverleningsdiensten. 6.4 Geneeskundige veiligheid/Volksgezondheid Bij evenementen komen allerlei aspecten aan de orde die de gezondheid van mens en dier kunnen beïnvloeden en waarop kan worden geanticipeerd. De huidige weten regelgeving heeft ervoor gezorgd dat in de voorbereiding op (grote) evenementen afspraken worden gemaakt ten aanzien van preventie van de incidenten, zoals onder andere over de hygiëne bij tijdelijke horecavoorzieningen en de inzet van EHBO’ers. Een evenement kan invloed hebben op de bereikbaarheid van een dorpskern voor hulpdiensten. Onder veiligheid vallen dan ook genees- en gezondheidskundige aspecten. Deze veiligheidsaspecten zijn de verantwoordelijkheid van de organisatie.
De GHOR adviseert alle gemeenten in haar regio over preventie van geneeskundige risico’s bij evenementen. Dit bijvoorbeeld door middel van extra aanvullingen in een vergunning. Het is aan de burgemeester om te bepalen of genees- en gezondheidskundige advisering gewenst is. Evenementenorganisaties kunnen zelf ook informatie inwinnen bij de GHOR. 32
6.4.1 EHBO In lijn met de handreiking van GHOR Gelderland-Zuid dienen aanvragers van een evenementenvergunning aangaande EHBO te handelen in overeenstemming met de standaardvoorwaarden uit de voorgenoemde handreiking. Van belang is dat aanvrager bij kleine evenementen zorg draagt voor één EHBO’er per 1000 gelijktijdig aanwezige bezoekers met een minimum van twee EHBO’ers. 6.5 Verkeersveiligheid De organisatie is verantwoordelijk voor een ordelijk verloop van het verkeer, het parkeren en de bereikbaarheid van het terrein voor hulpdiensten en doorgang van de openbare weg. Om dit te realiseren dienen er indien nodig verkeersregelaars en/of parkeerwachters te worden ingezet. De organisatie formuleert hiervoor een verkeersplan wat onderdeel is van het veiligheidsplan. 6.5.1 Calamiteitenstrook/route De hulpverleningsdiensten dienen te allen tijde vrije doorgang te hebben op en naar de evenementenlocatie. Er kunnen dan ook voorwaarden gesteld worden met betrekking tot het vrijhouden van een bepaalde route of calamiteitenstrook. In de vergunning wordt dan opgenomen welke afmeting de vrije doorgang dient te hebben. Daarnaast kunnen, afhankelijk van de locatie, aanvullende maatregelen getroffen worden.
6.5.2 Verkeersregelaars Op basis van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 zijn bij activiteiten op de openbare weg, waarbij het verkeer voor de veiligheid van de deelnemers en de weggebruikers geregeld moet worden, verkeersregelaars vereist. Verkeersregelaars die ingezet worden bij evenementen hebben de taak het verkeer voor de veiligheid van deelnemers/bezoekers van het evenement te regelen. Verkeersregelaars moeten een instructie (e-learning) volgen en daarna een toets afleggen voordat zij aan de slag kunnen. De werkwijze van de e-learning is: De organisatie van een evenement moet van tevoren bij de gemeente een evenementenvergunning aanvragen. Indien tijdens het evenement gebruikt wordt gemaakt van verkeersregelaars dient bij de aanvraag of melding aangegeven te worden: 1. hoeveel verkeersregelaars aangesteld moeten worden; en 2. of het gaat om verkeersregelaars voor bepaalde tijd (1 jaar) of om eenmalige verkeersregelaars. In verband met de te volgen procedure is het noodzakelijk minimaal 8 (A-evenement) of 12 (B/C-evenement) weken voorafgaande aan het evenement de aanvraag of melding bij de gemeente in te dienen.
33
Procedure: De organisatie ontvangt van de gemeente een bevestiging van de vergunningaanvraag. Hiermee kan bij de Stichting Verkeersregelaars Nederland (SVNL) een code voor e-learning worden aangevraagd. Dit kan op drie manieren: - via de website: www.verkeersregelaarsexamen.nl; - per e-mail: secretariaat@verkeersregelaarsexamen.nl; - per telefoon: 030-8200361. Met deze code moet de organisatie zich op de website van de SVNL registreren. Deze registratiecode is 4 weken geldig. Binnen deze periode moeten alle verkeersregelaars de instructie hebben gevolgd. Nadat de verkeersregelaars door de organisatie zijn opgegeven ontvangen zij hun persoonlijke inloggegevens. Hiermee kunnen de verkeersregelaars de voor hen relevante instructie starten. Voor eenmalige verkeersregelaars is dit de standaard instructie, voor verkeersregelaars voor bepaalde tijd is dit een uitgebreidere variant. De organisatie wordt per e-mail over de voortgang op de hoogte gehouden. Na afloop van de cursus ontvangt de organisatie een overzicht met geslaagden en de instructieverklaringen namens de Nederlandse politie. Deze instructieverklaringen zijn geldig vanaf 2 weken voorafgaand aan het evenement. Van deze instructieverklaringen moet een kopie naar de gemeente worden gestuurd. Nadat alle verklaringen bij de gemeente binnen zijn geeft de gemeente een aanstellingsbesluit af.
Dit besluit is geldig voor de duur van het evenement. Op de dag van het evenement moeten alle verkeersregelaars ongeacht de theorieinstructie te allen tijde nog een specifieke post- en taakinstructie bijwonen. Kosten Actuele informatie is vindbaar op de website van de SVNL: www.verkeersregelaarsexamen.nl. E-learning wordt kosteloos ter beschikking gesteld voor verkeersregelaars ten behoeve van niet-commerciële sportevenementen of sportevenementen onder auspiciën van de volgende organisaties: KNVB, KNMV, NTFU, KNWU, KNSB, NWB, KNBLO, Atletiekunie. 6.5.3 Verkeersmaatregelen en -besluiten Bij een evenement kan het nodig zijn om wegen af te sluiten, rijrichtingen te veranderen (bijv. eenrichtingsverkeer) en dergelijke. De organisator geeft in de aanvraag, in het draaiboek en het veiligheidsplan aan hoe men hiermee om wil gaan. De medewerker verkeer beoordeelt dit en geeft zo nodig advies of aanwijzingen. Uitgangspunt is dat doorgaande routes, hoofdwegen en routes voor openbaar vervoer niet afgesloten worden. In overleg met de verkeersdeskundige zullen, indien nodig, verkeersbesluiten worden genomen. De hieruit voortvloeiende kosten zijn voor de organisator. Omleidingsroutes worden samen met de wegbeheerder bepaald.
Aan de vergunning worden voorschriften verbonden ten aanzien van verkeersmaatregelen, zoals welke wegen wanneer en hoe lang mogen worden afgezet en eisen aan wegafzettingen en verlichting daarvan. 34
Indien nodig neemt het college verkeersbesluiten om de verkeersmaatregelen te formaliseren. Dit dient in de pas te lopen met de termijnen die verbonden zijn aan de behandeling van en besluit op de aanvraag van de evenementenvergunning. Vergunninghouder draagt in ieder geval zorg dat parkerende bezoekers geen hinder opleveren voor de omgeving. 6.6 Alcohol en verboden middelen Bij evenementen kunnen bezoekers in veel gevallen alcohol gebruiken. Daarbij kan het gaan om alcoholhoudende dranken die bezoekers tijdens het evenement aanschaffen en om alcohol die bezoekers meenemen. Daarnaast kan het voorkomen dat onder bezoekers sprake is van bezit en/of gebruik van verboden middelen, zoals drugs. Dit brengt zowel veiligheids- als gezondheidsrisico’s met zich mee. Bezoekers kunnen teveel drinken of teveel drugs gebruiken, waardoor ze ziek kunnen worden en gezondheidsschade kunnen oplopen. Daarnaast kunnen ze onder invloed van drank en/of drugs grensoverschrijdend of agressief gedrag vertonen, waardoor ze zichzelf en andere schade kunnen toebrengen. 6.6.1 Do’s en don’ts voor evenementenorganisator ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Zorg voor toezicht op de naleving van de wet- en regelgeving over alcohol- en drugsgebruik. Controleer de leeftijd van jongeren onder de 18 jaar en voorkom dat deze groep alcohol aanschaft. Gebruik bijvoorbeeld verschillende kleuren polsbandjes. Voorkom dat bezoekers alcohol naar binnen smokkelen, laat geen flesjes of flacons toe. Schenk uitsluitend zwak-alcoholische dranken. Schenk geen alcohol aan dronken personen. Zorg voor een aantrekkelijk alcoholvrij aanbod. Zorg ervoor dat mensen wat kunnen eten. Zorg voor voldoende punten waar mensen kunnen uitrusten. Organiseer geen ‘happy hours’ of vergelijkbare kortingsacties met alcohol conform het verbod in de APV.
Denk aan informatievoorziening aan bezoekers en deelnemers, vooraf en tijdens het evenement: ▪ ▪ ▪
Vermeld het alcohol- en drugsbeleid in de huisregels (bijvoorbeeld op de website en toegangskaart). Zorg dat de huisregels goed en duidelijk zichtbaar zijn tijdens het evenement. Instrueer de medewerkers over het alcohol- en drugsbeleid.
Voor tips en hulp rondom het verstrekken van alcohol tijdens evenementen kan contact worden opgenomen met verslavingszorginstelling IrisZorg. 6.7 Verbod verkoop lachgas Tijdens een evenement mogen geen lachgas en/of lachgasballonnen verkocht worden. Dit in lijn met het in 2023 ingegane lachgasverbod en de daarbij volgende plaatsing op Lijst II van de Opiumwet. 35
6.8 Tappunten en gebruik van glaswerk 6.8.1 Tappunten Bij evenementen wordt regelmatig bier geschonken. Dit gebeurt door horecaondernemers middels een tappunt op hun eigen terras en/of door de organisatie van een evenement met een (mobiel) tappunt op het evenemententerrein. 6.8.1.1 Tappunt op eigen terras Horecabedrijven die een Alcoholwetvergunning voor het terras hebben, mogen alcoholhoudende dranken verstrekken op hun terras. Wanneer dit terras niet op het evenemententerrein is gelegen, maar wel in de nabijheid ervan kan dit een negatieve invloed hebben op de organisatie van het evenement, bijv. wanneer een horecaondernemer tijdens het evenement ook een tappunt op zijn terras plaatst. Bekeken moet worden of dit tappunt gericht is op de directe bezoekers van het horecabedrijf. Is dit niet het geval dan is het verstandig dat de horecaondernemer aansluiting zoekt bij de organisatie van het evenement of het tappunt op een ander moment op zijn terras plaatst. Horecabedrijven die een tappunt op hun eigen terras hebben, dienen – ook gedurende een evenement – zich te houden aan de sluitingstijden zoals omschreven in artikel 2:29, eerste lid, van de APV en/of zoals opgenomen in de aan het horecabedrijf verleende Alcoholwetvergunning. 6.8.1.2 Tappunten op straat Voor het tappen elders dan in een horeca-inrichting inclusief terras (bijv.
op de openbare weg) moet een ontheffing op grond van artikel 35, van de Alcoholwet worden aangevraagd. Een dergelijke ontheffing kan alleen afgegeven worden voor bijzondere gebeurtenissen van zeer tijdelijke aard. Met een bijzondere gebeurtenis van zeer tijdelijke aard wordt bedoeld: een regionale of plaatselijke (bijzondere) gebeurtenis van zeer tijdelijke aard die bestemd is voor de inwoners van de gemeente in het bijzonder. Als voorbeeld van een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard wordt in de toelichting van de Alcoholwet genoemd: kermissen, braderieën, muziek- en sportfeesten, jaarmarken en andere manifestaties die éénmalig, dan wel in de regel niet meer dan tweemaal per jaar plaatsvinden. Het aanvragen van een ontheffing op grond van artikel 35, van de Alcoholwet kan gelijktijdig met het aanvragen van een evenementenvergunning worden gedaan.
6.8.2 Gebruik van glaswerk Tijdens evenementen kunnen voorwaarden aan de vergunning worden verbonden, zoals de voorwaarde dat in verband met de veiligheid van de bezoekers en ter bescherming van het milieu drank uitsluitend in plastic en duurzame kunststofbekers 36
mag worden geschonken. Indien nodig bepaalt de burgemeester op grond van zijn bevoegdheden dat de regel ook geldt voor lokale openbare inrichtingen zoals lokale commerciële en paracommerciële horecabedrijven/-instellingen en of deze voor alleen buiten of ook voor binnen geldt. 6.8.3 Verbod gebruik wegwerpplastic Sinds 3 juli 2023 geldt er in Nederland een verbod op de verkoop van bepaalde plastic wegwerpproducten ‘single-use plastics’. Organisatoren en verkopers mogen tijdens evenementen geen gratis plastic wegwerpbekers en/of maaltijdverpakkingen meegeven. Zij zijn verplicht hierin een andere keuze van verpakking in aan te bieden, zoals herbruikbare of plastic-vrije verpakkingen.
6.9 Herstel en opruimwerkzaamheden 6.9.1 Afval Door het niet goed verzamelen van afval en achterblijvende rommel, kan ook overlast ontstaan. Op advies van de afdeling Ruimtelijke Domein worden aan de evenementenvergunning voorwaarden op het gebied van de inzameling en afvoer van afval verbonden. 6.9.2 Afvalinzameling- en verwerking De organisatie dient ervoor te zorgen dat er voldoende minicontainers/afvalbakken geplaatst worden. De organisatie van een evenement kan hiervoor een verzoek doen bij de afdeling Ruimtelijke Domein. Voor grotere evenementen zijn voor zover beschikbaar rol- en/of afzetcontainers voorhanden. De kosten van afvalverwerking komen voor rekening van de organisatie. Daarnaast wordt in de evenementenvergunning de voorwaarde opgenomen dat de organisatie verplicht is het afval op en in de directe omgeving van de locatie van het evenement op te ruimen en het terrein schoon op te leveren. Dit dient te gebeuren vóór de in de vergunning vermelde eindtijd. Indien de vergunninghouder dit, naar het oordeel van de gemeente, niet naar genoegen heeft gedaan, wordt het afval door of vanwege de gemeente verwijderd op kosten van de organisatie.
Indien bij een evenement gebruik wordt gemaakt van openbaar groen of gemeentelijke eigendommen kan als voorschrift bij de vergunning worden opgenomen dat schade hieraan door de gemeente op kosten van de vergunninghouder wordt hersteld. Om onenigheid over mogelijke schade te voorkomen kan door de gemeente en de vergunninghouder samen voor het evenement de toestand van het terrein worden geschouwd en vastgelegd.
37
7
Beperking van (eventuele) overlast
7.1 Inleiding Naast positieve kanten kunnen evenementen helaas ook negatieve kanten hebben. Zo kunnen evenementen overlast veroorzaken. In dit hoofdstuk worden, zonder de mogelijkheden van evenementen (zwaar) te beperken, regels vastgelegd om overlast in het algemeen zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De beperking van eventuele overlast vraagt een proactief handelen van aanvragers. Aanvragers dienen omwonenden van de locatie waar het evenement gaat plaatsvinden van tevoren op de hoogte te stellen van de voorgenomen activiteit. De basisregel bij alle evenementen blijft dat aanvragers in ieder geval zodanige maatregelen dienen te nemen dat de eventuele overlast voor de omgeving tot een minimum wordt beperkt. Tijdens de behandeling van een aanvraag kan deze overlast niet altijd worden voorzien. Wel wordt hiermee zoveel mogelijk rekening gehouden door het stellen van voorwaarden en door het geven van informatie vooraf. Echter wordt vaak pas achteraf bekend dat een evenement overlast heeft veroorzaakt. De klachten komen namelijk altijd tijdens of na het evenement bij de gemeente binnen. 7.2 Vergunningvoorschriften ter beperking van overlast Evenementen en (enige) overlast zijn niet van elkaar los te koppelen. Met name gaat het hier om overlast voor omwonenden rond het evenement.
Klachten ten aanzien van evenementen betreffen veelal evenementen waarbij gebruik wordt gemaakt van versterkte muziek meestal in de vorm van een live muziekband of DJ-achtige activiteiten. Ook tijdelijke afsluiting van wegen, auto’s die her en der parkeren, rondslingerend vuil of het afsteken van vuurwerk, dronkenschap, wildplassen en vernielingen zijn vormen van overlast die bij evenementen voor kunnen komen. Het is daarom van belang om ter beperking van de overlast voor omwonende en betrokkenen duidelijke vergunningvoorschriften op te nemen. 7.3 Locatiebeleid De gemeente Heumen wenst een positieve grondhouding in te nemen voor evenementen die een positieve bijdrage leveren aan de gemeente Heumen en haar inwoners. In de gemeente vinden jaarlijkse zeer uiteenlopende festiviteiten en evenementen plaats op een verscheidenheid aan locaties. De meeste locaties waar evenementen plaatsvinden zijn in een woon- en leefomgeving gelegen. Het onbeperkt toestaan van evenementen kan tot onevenredige overlast leiden voor de woon- en leefomgeving. Vanuit het college is de wens uitgesproken om enigszins grenzen te stellen aan de overlast van (grootschalige (muziek))evenementen.
De eigenschappen van evenementen zoals het aantal bezoekers, de bereikbaarheid, parkeermogelijkheden, soort evenement, openbare orde- en veiligheidsaspecten, duur van het evenement en/of de geluidbelasting zijn bepalend voor de belasting die een evenement heeft op de woon- en leefomgeving. Het is de taak vanuit de gemeente om deze balans tussen de evenementen en de woon- en leefomgeving te bewaken. Om te zorgen voor een evenwichtige verdeling van het aantal evenementen in de gemeente en de impact hiervan op de woon- en leefomgeving is de wens uitgesproken een locatiebeleid op te stellen. 38
Een werkzaam locatiebeleid vindt zijn grondslag in het vigerende omgevingsplan. In de huidige situatie ontbreekt het aan juridische grondslag in de voorheen vigerende bestemmingsplannen en het huidige (tijdelijke) omgevingsplan om een gericht locatiebeleid in te voeren met vooraf opgestelde locatieprofielen. De gemeente Heumen heeft echter binnen het huidig stelsel met het (tijdelijk deel) omgevingsplan en de bijbehorende omgevingsvergunning voor afwijken een beoordelingsgrond waarmee zij evenementen op bepaalde locaties kan reguleren op grond van ruimtelijke aanvaardbaarheid. Deze omgevingsvergunning is in beginsel vereist als op een bepaalde bestemming het organiseren van een evenement planologisch niet toelaatbaar is. Zie voor een uitgebreidere uitleg bijlage II. 7.4 Vrijwaring De aanvrager van een evenementenvergunning dient de gemeente Heumen te vrijwaren van alle aanspraken van derden die als gevolg van het evenement zijn ontstaan. 7.5 Soorten evenementen die niet zijn toegestaan Waar de gemeente Heumen positief staat tegen alle meldingen en aanvragen voor evenementen die een verrijking zijn voor het sociaal, cultureel en maatschappelijk leven in de gemeente, zijn er soorten evenementen die alleen beperkt of niet welkom zijn in de gemeente Heumen.
Aan vechtevenementen worden op grond van het zedelijkheidsaspect geen evenementenvergunningen verleend als deze een gewelddadig karakter hebben waarbij het sportieve aspect niet of nauwelijks een rol speelt (zoals kooigevechten, gevechten met dieren en andere soortgelijke vechtevenementen). Vechtsporten die onder auspiciën van sportorganisaties staan die zijn aangesloten bij NOC*NSF vallen hier niet onder. Aanvragen voor evenementen met erotische, seksistische en/of racistische aspecten en andere evenementen in strijd met de menselijke waardigheid worden niet gehonoreerd. Vergunningen voor erotische vertoningen/feesten waarbij seksuele handelingen worden verricht en evenementen met seksistische en/of racistische aspecten worden in het belang van de zedelijkheid geweigerd. Evenementen met een racistisch(e) en/of seksistisch(e) karakter, uitstraling of ondertoon worden, mede gelet op de Grondwet, eveneens beschouwd als evenementen die in strijd zijn met de menselijke waardigheid en niet als algemeen aanvaardbaar beschouwd. Voor dergelijke evenementen worden eveneens geen vergunningen verleend. De Gezondheids- en Welzijnswet voor dieren geeft de regels voor onder meer het gebruik van dieren bij evenementen. Vanaf 15 september 2015 is het in Nederland niet meer toegestaan om op te treden of rond te reizen met wilde circusdieren.
39
7.6 Tijden Ter beperking van overlast in het algemeen kunnen evenementen aan begin- en/of eindtijden gekoppeld worden. Deze tijden worden opgenomen in een evenementenvergunning. Daarbij kunnen ook de tijden voor op- en afbouw geregeld worden. De begintijd van een evenement is 09:00 uur of later, uitgezonderd van de zondag waar de begintijd 13:00 uur of later dient te zijn. Welke eindtijden van toepassing zijn, wordt bepaald door de dag waarop het evenement plaatsvindt. Afwijken van de voorgeschreven eindtijden is mogelijk na goedkeuring door het college. Dag
Eindtijd muziek
Eindtijd evenement
Zondag t/m donderdag
00:00 uur
01:00 uur
Vrijdag en zaterdag
01:00 uur
02:00 uur
Dag gevolgd door een nationale feestdag, carnaval en kermis
01:00 uur
02:00 uur
De eindtijd van de muziek betreft niet de eindtijd van het evenement. Om een goede uitloop van het publiek te organiseren en daarmee overlast te voorkomen, loopt het evenement 1 uur later af dan de eindtijd van de muziek. Afwijken van de gestelde begin- en/of eindtijden is mogelijk na goedkeuring van het college.
7.7 Geluid Voor het geluid dat tijdens een evenement geproduceerd wordt, is een ontheffing op grond van artikel 4:6, tweede lid, van de APV noodzakelijk. Afhankelijk van de omvang en het soort evenement worden in deze ontheffing (die deel uitmaakt van de evenementenvergunning) geluidsnormen opgenomen. Geluid van evenementen kan tot veel irritatie leiden bij omwonenden. De vraag welk geluidsniveau door omwonenden geduld moet worden, laat zich moeilijk beantwoorden. De reden hiervoor is dat de mate waarin overlast wordt ervaren van individu tot individu verschilt. Voor degenen die zich in mindere mate betrokken voelen bij het evenement, zal de acceptatie van het evenement afnemen naarmate de duur van het evenement langer is, het geproduceerde geluidsniveau hoger ligt en de hinder daardoor toeneemt. 40
Enerzijds is het vooral bij grotere evenementen onontkoombaar dat inwoners een zekere mate van hinder ondervinden en dit dienen te accepteren: dit is immers inherent aan het wonen in een dorpskern. Anderzijds mogen inwoners van de gemeente verwachten dat zij duidelijke grenzen stelt en eventuele overlast als gevolg van evenementen zoveel mogelijk beperkt. Eenduidig beleid en een heldere normstelling zijn dan ook voor alle betrokkenen van belang. Dit geldt eveneens voor de omgang met klachten van burgers aangaande geluidshinder bij evenementen en festiviteiten. 7.7.1 Geluidsnormen bij evenementen in de open lucht/openbare ruimte Bij het bepalen van de geluidsnormen moeten we een belangenafweging maken. Geluid is meestal een onlosmakelijk onderdeel van een evenement. Het draagt bij aan de beleving en sfeer. Bij sommige evenementen is muziek de hoofdactiviteit. We moeten de geluidsnorm niet zo laag stellen dat de beleving weg is. Aan de andere kant hoeven omwonenden niet onbeperkt hinder te accepteren. Aanvrager dient zorg te dragen dat de geluidsterkte van de voort te brengen muziek zodanig is afgesteld dat het niet hinderlijk hoorbaar is te achten. Bij het bepalen van de geluidsnormen is het uitgangspunt dat in de woning, bij gesloten ramen en deuren, een normaal gesprek mogelijk moet zijn.
In de dag- en avondperiode mag daarom het geluidsniveau door het evenement in de woning niet hoger te zijn dan 50 dB(A). De gemiddelde gevelisolatie van een woning is 25-30 dB(A). Dit betekent dat de maximale gevelbelasting 80 dB(A) is. Verschil frequenties dB (A) en dB (C) De gebruikelijke maat voor geluidbelasting is het A-gewogen geluidniveau, uitgedrukt in dB(A). Door de A-weging, die ongeveer de gevoeligheid van het menselijk oor representeert bij een geluidsterkte van 80 dB, worden de lage frequenties niet sterk meegenomen. Lage frequenties worden sterker meegenomen in een andere wegingscurve, de dB(C). Door het verschil tussen de waarden in dB(A) en dB(C) bij de normstelling mee te nemen, wordt een grens gesteld aan de hoeveelheid laagfrequent geluid. Het verschil mag maximaal 13 dB zijn. Dit is verwerkt in de dB(C) norm. Bij het vergunnen van evenementen wordt bijna altijd ontheffing van artikel 4:6, tweede lid, van de APV afgegeven. Hiermee wordt het mogelijk gemaakt om tijdens het vergunde evenement (muziek)geluid ten gehore te brengen. De maximale ontheffingswaarde bij evenementen is 80 dB(A) / 93 dB(C). Deze geluidsnormen worden op 50 meter afstand van de gevel van gevoelige gebouwen gemeten. De ontheffingswaarde wordt duidelijk vermeld in het voorschrift van de vergunning.
41
7.7.2. 12-dagen regeling (incidentele festiviteiten) Het komt voor dat horecazaken en locaties die onder het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) vallen een festiviteit willen organiseren waarbij de verwachting is dat niet aan de gestelde geluidsnormen uit het Bkl kan worden voldaan. Voor deze gevallen is de 12-dagen regeling van toepassing, welke zijn grondslag vindt in artikel 4:3, van de APV en artikel 5.68 Bkl. Op deze locaties kunnen ten hoogste 12 etmalen per jaar een festiviteit plaatsvinden waarbij de geldende geluidsnormen worden verruimd. Voor de 12-dagen regeling geldt een meldingstermijn van drie weken. Het is voor aanvragers van een evenementenvergunning van belang om te weten dat indien tegelijkertijd een beroep op de 12-dagen regeling gedaan wordt, de indieningstermijn van de evenementenvergunning leidend is.
42
7.7.3 Geluidsnormen kermisattracties Om het geluidsniveau van kermisattracties in de hand te houden, worden hiervoor onderstaande standaard vergunningvoorwaarden en geluidnormen in de evenementenvergunning opgenomen: ▪
Het is verboden om een muziekinstallatie en andere geluidsapparaten te gebruiken buiten de openingsuren van de kermis, behoudens voor het afstellen en testen op de dag voorafgaande aan de eerste kermisdag gedurende maximaal een half uur;
▪
Het is verboden gebruik te maken van sirenes, hoorns en dergelijke geluidsapparaten anders dan voor begin en einde van een rit dan wel om een andere kermisactiviteit aan te kondigen;
▪
De geluidsinstallatie, inclusief de luidsprekers, mogen zich uitsluitend binnen de kermisattractie bevinden waarbij de voorzijde van de luidsprekers uitsluitend naar beneden gericht mag zijn en naar het midden van de kermislocatie: de luidsprekers mogen in geen geval op of richting de omringende woonbebouwing zijn gericht;
▪
De geluidsinstallatie moet zodanig zijn afgesteld dat het geluidsniveau van 90 dB(A) gemeten op 1 meter vóór de luidsprekers niet wordt overschreden;
▪
In geval dat meerdere luidsprekers staan opgesteld, geldt dat gemeten tussen de luidsprekers in of gemeten op 1 meter voor de luidsprekers de 90 dB(A) of 85 dB(C) niet mag worden overschreden.
7.8 Vuurwerk Het ongecontroleerd en onaangekondigd afsteken van vuurwerk is een mogelijke bron van overlast. De ontbranding van vuurwerk is dan ook aan regels verbonden. In het Vuurwerkbesluit is bepaald dat voor het tot ontbranding brengen van professioneel vuurwerk op locatie toestemming nodig is van de provincie waar het vuurwerk wordt afgestoken. Aan de toestemming voor het tot ontbranding brengen van professioneel vuurwerk zullen door de provincie voorschriften verbonden worden in het belang van de bescherming van mens en milieu. Voor de gemeente is als lokaal gezag een nadrukkelijke rol weggelegd. Door de provincie moet aan de burgemeester, in het kader van openbare orde en veiligheid, een verklaring van geen bezwaar worden gevraagd. Indien de provincie geen verklaring van geen bezwaar ontvangt, dan kunnen zij geen toestemming afgeven voor de ontbranding van professioneel vuurwerk. Het afsteken van niet-professioneel vuurwerk is verboden. Daarnaast is het afsteken van vuurwerk door particulieren te allen tijde verboden.
43
7.9 Parkeren Indien bij evenementen veel bezoekers komen, kan dat leiden tot grote parkeerdrukte. De beschikbare parkeerruimte kan onder druk komen te staan hetgeen tot overlast kan leiden. Indien bij een evenement sprake is van grote parkeerbehoefte/-drukte, kunnen aan een vergunning voorschriften verbonden worden die moeten voorzien in een goede regeling, zoals bereikbaarheid en beschikbaarheid van alternatieve parkeergelegenheid en het inzetten van evenementenverkeersregelaars. Parkeren heeft ook te maken met verkeersstromen/circulatie en daarmee verkeersveiligheid. Dat aspect is beschreven in paragraaf 6.5 van deze beleidsnota.
44
8
Klachten en intrekking/weigering vergunning
Dit hoofdstuk bevat de specifieke informatie over het gemeentelijk beleid ten aanzien van het toezicht op evenementen en de handhaving tijdens evenementen. Er moet rekening gehouden worden met de veiligheid van bezoekers, organisatoren en omwonenden. Onnodige en onevenredige overlast moet worden voorkomen. Indien nodig zal gebruik moeten worden gemaakt van bevoegdheden om handhavend op te treden. 8.1 Klachten Om irritatie bij omwonenden zoveel mogelijk te voorkomen, is het van belang dat adequaat wordt ingegrepen indien blijkt dat omwonenden onaanvaardbare overlast ondervinden van een evenement. Inwoners kunnen (geluids-)klachten melden bij: ▪
De gemeente via het algemene telefoonnummer 14 024 of 024 358 83 00 of via het algemene e-mailadres heumen@heumen.nl;
▪
De politie via 0900-8844;
▪
De provincie Gelderland via de Provinciale milieuklachtentelefoon: 026-359 99 99.
Bij acute overlastklachten, welke buiten de openingstijden van de gemeente plaatsvinden wordt geadviseerd deze te melden bij de politie. 8.2 Aanvullende voorwaarden Aan een (volgende) evenementenvergunning kunnen op advies van de Integrale Veiligheid ambtenaar aanvullende voorwaarden worden verbonden indien blijkt dat: ▪ ▪ ▪
de gemeente de klacht(en) heeft beoordeeld en tot de conclusie is gekomen dat de overlast voor omwonenden onaanvaardbaar is; er incidenten hebben plaatsgevonden tijdens het (voorgaande) evenement; de politie of een gemeentelijke toezichthouder van de verantwoordelijke persoon heeft gevorderd dat het volume verlaagd wordt en hieraan geen of te laat gevolg is gegeven.
Indien deze aanvullende voorwaarden niet tot verbetering hebben geleid, kan dit een reden zijn om de vergunning in de toekomst te weigeren.
45
8.3 Weigeren/intrekken evenementenvergunning Een (volgende) evenementenvergunning kan worden geweigerd/ingetrokken indien blijkt dat: ▪
▪ ▪ ▪
De gemeente de klacht(en) van eerdere evenementen heeft beoordeeld en tot de conclusie is gekomen dat de overlast voor omwonenden onaanvaardbaar is. Wanneer overlast onaanvaardbaar wordt, is lastig te bepalen. Toch kunnen er in de voorkomende gevallen wel degelijk aanwijzingen zijn dat dit het geval is. Gedacht kan worden aan: a. Een forse toename van het aantal klachten ten opzichte van voorgaande jaren; b. Wanneer niet alleen direct aanwonenden klagen, maar ook inwonenden die op enige afstand van het evenement wonen; c. Wanneer uit geluidsmetingen blijkt dat de geluidsniveaus vergeleken met voorgaande jaren drastisch zijn gestegen; indien de politie of een gemeentelijke toezichthouder van de verantwoordelijke persoon heeft gevorderd dat het volume verlaagd wordt en hieraan geen of te laat gevolg is gegeven; wanneer er (grote) incidenten hebben plaatsgevonden; wanneer de vergunningvoorwaarden niet worden nageleefd. a. Indien de vergunningaanvraag niet minimaal 8 respectievelijk 12 weken van tevoren is ingediend respectievelijk ontvangen, kan de burgemeester de aanvraag weigeren op grond van artikel 1:8, tweede lid, van de APV respectievelijk artikel 2:25a, derde lid, van de APV.
De burgemeester behoudt te allen tijde de bevoegdheid om een (volgende) evenementenvergunning te weigeren op grond van de in artikel 1:8, eerste lid, van de APV genoemde belangen. De intrekkingsgronden uit artikel 1:6 van de APV blijven eveneens te allen tijde van toepassing op de evenementenvergunning. Indien de burgemeester de evenementenvergunning weigert te verlenen of intrekt, betekent dit dat het verboden is om het evenement, waarvoor de vergunning aangevraagd is, te organiseren en/of te laten plaatsvinden.
46
9
Toezicht en handhaving
9.1 Toezicht In het algemeen staat het toezicht aan het begin van alle handhavingsacties. Toezichthouders van gemeente, politie en brandweer voeren (waar nodig) controles uit. Hier gaat een belangrijk preventief effect van uit. Het toezicht kan tot resultaat hebben, dat de wettelijke voorwaarden, zonder de inzet van verdere sanctiemiddelen, worden nageleefd. Het toezicht omvat een breed scala aan activiteiten, vaak ook in voorlichtende en adviserende zin. Daardoor kan al in een vroeg stadium worden voorkomen, dat een met de regelgeving strijdige situatie ontstaat of kan door middel van waarschuwingen worden bewerkstelligd, dat regels alsnog worden nageleefd. Indien waarschuwingen geen effect sorteren, kunnen handhavingsmiddelen met een meer dwingend karakter worden ingezet. Er zal dan een keuze moeten worden gemaakt uit de bestuursrechtelijke, strafrechtelijke en privaatrechtelijke middelen, die de handhavende organen ter beschikking staan. Een combinatie van deze middelen is ook mogelijk. De keuze van het middel wordt bepaald door overwegingen van proportionaliteit, subsidiariteit, doelmatigheid en doeltreffendheid. 9.2 Handhaving algemeen Wanneer geconstateerd wordt dat voorwaarden van een vergunning worden overtreden, kan daartegen op drie manieren worden opgetreden: ▪
bestuursrechtelijk: bestuursrechtelijke handhaving is gericht op het beëindigen van een strijdige situatie. Bestuurlijke handhaving kan de vorm hebben van het toepassen van bestuursdwang, het opleggen van een dwangsom of het intrekken van een beschikking;
▪
privaatrechtelijk: de privaatrechtelijke handhaving speelt een aanvullende rol op de bestuursrechtelijke handhaving. In dit geval is het eigendomsrecht van de gemeente in het geding en treedt de gemeente op als rechtspersoon. Privaatrechtelijke handhaving wordt bijvoorbeeld toegepast wanneer een gemeentelijke groenstrook illegaal is ingenomen of een onrechtmatige daad is toegepast tegenover de gemeente;
▪
strafrechtelijk: het overtreden van een voorwaarde van een vergunning is strafbaar. De politie kan proces-verbaal opmaken. Handhavende instanties kunnen de gemeente schriftelijk informeren over overtredingen. Deze informatie wordt vervolgens meegewogen in de beoordeling bij een volgende vergunningaanvraag van die organisator.
47
Om een goede handhaving te kunnen realiseren is inzicht nodig in de verschillende instanties: ▪
politie: in de praktijk is de politie, bij de handhaving van de openbare orde bij evenementen, de aangewezen dienst. De politie ziet als enige 24-uurs dienst in principe tevens toe op naleving van de vergunning voorwaarden;
▪
gemeente: op basis van artikel 172 van de Gemeentewet is de burgemeester belast met de handhaving van de openbare orde. Bestuursrechtelijk optreden kan op grond van artikel 125 van de Gemeentewet. Binnen de gemeente zijn toezichthouders werkzaam. Zij zien vooral toe op de voorwaarden gesteld in de evenementenvergunning;
▪
brandweer: de brandweer adviseert ten aanzien van de brandveiligheid bij evenementen. Ook controle van de tijdelijke gebruiksvergunning en van de voorwaarden evenementen brandweer vallen onder de werkzaamheden van de brandweer;
▪
Nieuwe Voedsel en Warenautoriteit (NVWA): de NVWA houdt toezicht op eet- en drinkwaren en bevorderen zij naleving van voorwaarden eet- en drinkwaren tijdens evenementen. De NVWA is belast met de handhaving Besluit Veiligheid attractie- en speeltoestellen.
9.3 Toezicht en handhaving bij evenementen Het houden van toezicht tijdens A-geclassificeerde reguliere evenementen heeft een gemiddelde prioriteit en zal steekproefsgewijs worden gedaan. Bij de Bgeclassificeerde evenementen wordt standaard toezicht gehouden op de naleving van de gestelde voorwaarden in de evenementenvergunning. Wie Brandweer
Politie
Waarop Brandveiligheid van o.a. feesttenten, bakkramen, overkappingen, blusmiddelen, calamiteitenrouters/vluchtwegen. Openbare orde en veiligheid
Ruimtelijk Domein | team Vergunningen en APV
Naleving van de voorschriften van de vergunning
Staf | team Veiligheid
Openbare orde en veiligheid
Hoe Controle van evenement Strafrechtelijk toezicht houden en handhaven, evt. op grond van klachten van betrokkenen. Klachten opnemen en meenemen in toekomstige besluitvorming. Toezicht houden op geselecteerde evenementen.
48
9.4 Toezicht en handhaving bij C-evenementen Een gezamenlijke, integrale aanpak is wenselijk, waarbij meerdere controlerende- en handhavingsdisciplines tegelijk optreden. Hierin zijn twee verschijningsvormen in te erkennen: ▪
schouwen: het team veiligheid of een delegatie hiervan, zal alle Cevenementen schouwen. Een schouw heeft twee doelen. Ten eerste om de vergunning en de daaraan gekoppelde documenten te controleren. Ten tweede voor de beeldvorming ten behoeve van andere C-evenementen. Schouwen kan bij nadere afweging ook plaatsvinden bij B-evenementen;
▪
operationele aanwezigheid: indien uit de multidisciplinaire risicoanalyse blijkt, dat de aanwezigheid van het kernteam gedurende het C- evenement noodzakelijk is, zal hier invulling aan worden gegeven. De risicoaspecten worden voortdurend in de gaten gehouden en waar nodig wordt onmiddellijk opgetreden. Bij een dreigend groot incident of ramp wordt opgeschaald volgens de vaste crisisplannen.
Vanuit de gezagsdriehoek Tweestromenland is een evaluatierapport Evenementen verschenen. In de evaluatie van het evenementenseizoen 2022 zijn een aantal punten wat betreft het schouwen van evenementen naar voren gekomen. Allereerst heeft het schouwen van evenementen in 2022 vaker plaatsgevonden dan in voorgaande jaren. Vanuit de gezagsdriehoek is de wens dan wel ambitie uitgesproken om dit structureler te gaan doen. 9.5 Evaluatie De evaluatie van de B- en C-geclassificeerde evenementen vindt plaats in het evenementenoverleg. Na afloop van een C-evenement zal, onder regie van de gemeente, het evenement multidisciplinair geëvalueerd worden ten aanzien van de veiligheid. De evaluaties vinden plaats aan de hand van dezelfde methodiek als het beoordelen van de aanvraag. Resultaten worden meegewogen bij de beoordeling van een eventuele vervolgaanvraag van de organisator.
49
10
Inherente afwijkingsbevoegdheid
In deze beleidsnota is ernaar gestreefd om het beleid, voor toekomstige situaties en voor zover mogelijk, te structureren. Doch maakt het bepaalde in artikel 4:84, van de Algemene wet bestuursrecht het mogelijk om in voorkomende gevallen, gemotiveerd van het beleid af te wijken. Deze mogelijkheid tot afwijken staat bekend als de inherente afwijkingsbevoegdheid. Het is mogelijk om af te wijken indien de situatie ontstaat waarin er voor één of meer belanghebbenden gevolgen ontstaan, die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze nota te dienen doelen.
11
Inwerkingtreding en citeertitel a. De inwerkingtreding van dit Evenementenbeleid is bepaald op 1 april 2024; b. Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregels worden de ‘Beleidsregels Evenementen gemeente Heumen’ en de ‘Beleidsregels geluid bij festiviteiten en evenementen in de openlucht’ ingetrokken; c. Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Evenementenbeleid gemeente Heumen 2024-2028’.
50
Ondertekening Aldus vastgesteld door de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heumen, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft, op 26 maart 2024,
de gemeentesecretaris, burgemeester,
de
mr. J. de Graaf mr. J.W.M.S. Minses
aldus vastgesteld door de burgemeester op 26 maart 2024,
de burgemeester,
mr. J.W.M.S. Minses
51
Begrippenlijst Algemeen plaatselijke verordening
Gemeentelijke regeling omtrent openbare orde en veiligheid
Beslistermijn
De vastgestelde periode waarin de gemeente moet beslissen over de vergunningaanvraag
Evenement
Elk voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, uitzonderingen daargelaten – zie art. 2:24 van de APV
Evenementenkalender
Overzicht van alle aangemelde evenementen en verwachte in de gemeente
Live-events
Digitaal systeem waarin evenementen worden vermeld en de risicoscan wordt aangevraagd bij de adviesverlenende instanties: politie, brandweer en GHOR
Mandaat
De machtiging om een bevoegdheid uit te oefenen in naam (en onder verantwoordelijkheid) van het betreffende bestuursorgaan
Omgevingsplan
Opvolger bestemmingsplan, bevat alle gemeentelijke regels voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving
Omgevingsvergunning
Vergunning om bepaalde activiteiten te kunnen ondernemen in de fysieke leefomgeving
Schaarse vergunning
Situatie dat voor een locatie een beperkt aantal vergunningen beschikbaar is en in potentie meer aanvragen mogelijk zijn
Vigerend
Geldend
52
53
Afkortingenlijst APV
Algemene Plaatselijke verordening
Awb
Algemene wet bestuursrecht
Bbgbop
Besluit brandveilig gebruik en de basishulpverlening overige plaatsen
Bkl
Besluit kwaliteit leefomgeving
dB
Decibel
GHOR
Geneeskundig Hulpverleningsorganisatie in de Regio
jo.
juncto
Ow
Omgevingswet
54
Bijlagen Bijlage I Wet- en regelgeving Besluit brandveilig gebruik en de basishulpverlening overige plaatsen (Bbgbop) Per 1 januari 2018 is het BGBOP van kracht. Dit besluit geeft regels over het brandveilig gebruik van voor mensen toegankelijke plaatsen, voor zover dit niet in andere wetgeving is geregeld. Daarnaast bevat dit besluit regels over de zogenoemde basishulpverlening op die plaatsen. In de BGBOP is de mogelijkheid opgenomen om de gebruiksmelding gelijk te stellen met een vergunningaanvraag. Dit betekent dat als de vergunningaanvraag voor de evenementenvergunning eveneens voldoet aan de indieningsvereisten voor de gebruiksmelding, de aanvraag ook beschouwd kan worden als de betreffende melding. Hierdoor hoeft niet een aparte melding te worden ingediend, waardoor de aanvrager niet twee keer dezelfde stukken hoeft in te dienen. Meer informatie over de BGBOP te vinden op de evenementenpagina op de gemeentelijke website. Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en de Omgevingswet Als een evenement gehouden wordt in een gebouw (of deel van een gebouw dat is bestemd om afzonderlijk te worden gebruikt) of verblijfruimte (waaronder in sommige gevallen ook semi permanente tenten) moet er een relatie worden gelegd naar het Besluit bouwwerken leefomgeving dat onder de Omgevingswet het Bouwbesluit 2012 opvolgt en de Omgevingswet (Ow).
Voor gebouwen dient vaak op basis van het Bbl een gebruikersmelding gedaan te worden. In een aantal andere gevallen (gebouwen/constructies) dient er een omgevingsvergunning op grond van de Ow te worden verleend. Alcoholwet Voor het mogen schenken van zwak-alcoholische dranken op de openbare weg (en op een andere locatie dan genoemd in de vergunning in zin van artikel 3 Alcoholwet) is een ontheffing noodzakelijk op grond van artikel 35 Alcoholwet. Deze ontheffing kan worden verstrekt bij een bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard (een aaneengesloten periode van maximaal twaalf dagen). Wegenverkeerswet Gelet op de bepalingen in de Wegenverkeerswet 1994 en het daarop gebaseerde Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW), is het mogelijk om (gedeelten van) wegen, straten en/of pleinen, die in het beheer en eigendom van de gemeente zijn af te sluiten ten behoeve van een evenement. In sommige gevallen is voor een dergelijke verkeersmaatregel, een verkeersbesluit op basis van die wetgeving nodig. Voor evenementen is ook bepaald dat een ontheffing nodig is van het verbod voor het houden van wedstrijden met voertuigen op de openbare weg. 55
Wet op de kansspelen Op grond van de Wet op de kansspelen is het verboden een bijeenkomst (waaronder een evenement) te organiseren, waar gelegenheid tot het deelnemen aan het klein kansspel wordt gegeven. Als klein kansspel worden aangemerkt het kienspel, vogelpiekspel, rad van avontuur en andere vergelijkbare spelen. Het college kan hiervoor een ontheffing of vergunning (afhankelijk van het soort kansspel) verlenen. Wet Luchtvaart Als er tijdens een evenement helikopters, heteluchtballonnen en/of andere vliegende toestellen starten of landen, is de veiligheid van het luchtverkeer in het geding. In zo’n geval is daarom veelal toestemming van Gedeputeerde Staten nodig om benodigde ontheffingen te krijgen van diverse luchtvaartwetten en -besluiten. Regeling verkeersregelaars 2009 Om verkeersstromen bij tijdelijke wegafzettingen, zoals tijdens evenementen, in goede banen te leiden, kunnen beroeps- en/of evenementenverkeersregelaars ingezet worden. In de Regeling verkeersregelaars 2009 worden de eisen omschreven waaraan verkeersregelaars moeten voldoen. Vuurwerkbesluit De vuurwerkramp in Enschede in 2002 is aanleiding geweest voor het aanscherpen van wet- en regelgeving rondom het in- en uitvoeren, opslaan, bewerken, afleveren, het voorhanden hebben en het afsteken van vuurwerk. In het Vuurwerkbesluit staan alle geldende regels omtrent het afsteken en in bezit hebben van vuurwerk.
Zondagswet Bij evenementen die op zondag plaatsvinden geldt de Zondagswet. In de Zondagswet is bepaald dat het algemeen verboden is om op zondag voor 13.00 uur openbare vermakelijkheden te houden, daartoe gelegenheid te geven of daaraan deel te nemen. Er kan ontheffing van het bepaalde van de Zondagswet worden verleend.
56
Bijlage II Aanvraag omgevingsvergunning Voor alle gronden en gebouwen binnen onze gemeente zijn bestemmingen opgenomen in het (tijdelijk deel) omgevingsplan. Al deze bestemmingen kennen gebruiksvoorschriften. Nu kan zich bij het organiseren van evenementen met betrekking tot het omgevingsplan het volgende voordoen: 1. Het evenement (inclusief opbouwen en afbreken) is kortdurend en incidenteel: ▪ Dergelijke evenementen zijn, juist gelet op het incidentele karakter, niet in strijd met het omgevingsplan, ongeacht de bestemming en de daarbij behorende gebruiksvoorschriften (tenzij de desbetreffende bestemming dit natuurlijk uitdrukkelijk verbiedt). 2. Het evenement is kortdurend of langdurend (inclusief opbouwen en afbreken) en vindt jaarlijks of met enige regelmaat plaats: ▪ Deze evenementen moeten passen binnen de gebruiksregels van de bestemming van de gronden waarop het evenement plaatsvindt. Past het binnen deze bestemming en gebruiksregels dan behoeft er planologisch gezien geen omgevingsvergunning te worden verleend. Past het niet binnen deze bestemming en gebruiksregels dan zal een omgevingsvergunning handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening moeten worden aangevraagd.
NB: Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking is getreden. Bestaande bestemmingsplannen zijn omgezet in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. De betreffende omgevingsvergunning zal met toepassing van artikel 5.18 Ow jo. 5.21 Ow moeten worden verleend. Duidelijk moet zijn dat het hier gaat om een bevoegdheid om de vergunning te verlenen. Het is niet in alle gevallen wenselijk/mogelijk om de vergunning te verstrekken. Vervolgens zal de mogelijkheid tot het organiseren van een evenement binnen de vigerende bestemming in het omgevingsplan moeten worden geregeld. Meer informatie over het aanvragen van een omgevingsvergunning kan worden opgevraagd bij de Omgevingsdienst regio Nijmegen: https://www.odregionijmegen.nl/de-omgevingswet/.
57