CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage II Ontwerpbestemmingsplan Westerkanaaldijk 5 geanonimiseerd

Raad 18 april 2024, gemeente HeumenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Westerkanaaldijk 518.584 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

overeenkomstig van toepassing. Uitsluitend daar waar noodzakelijk om het planvoornemen mogelijk te maken, zijn bepalingen toegevoegd danwel gewijzigd.

De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1.

Inleidende regels (begrippen en wijze van meten);

2.

Bestemmingsregels;

3.

Algemene regels (0.a. afwijkingen);

4.

Overgangs- en slotregels.

63

Ad. 2 Bestemmingsregels: e e e

5.3.

§=6Artikel 3 Agrarisch =6Artikel 4 Waarde- archeologische verwachting - 2 =©Artikel 5 Waterstaat - waterkering

Verantwoording van de regels

Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmings- of wijzigingsplan geeft aan welke functies waar zijn

toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmings- of

wijzigingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat een bestemmings- of wijzigingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en

gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmings- of wijzigingsplan is

het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is.

In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld.

Gebiedsbestemming Bij het bestemmingsplan is zoveel mogelijk aangesloten op het vigerend bestemmingsplan "

Buitengebied Heumen 2009’. De gebiedsbestemming geeft inzicht in de waarden op gebiedsniveau. De volgende gebiedsbestemmingen zijn opgenomen: e

=Agrarisch

Ten aanzien van Agrarisch is aangegeven dat de gebouwen mogen worden gebruikt/gerealiseerd volgens dit plan.

Deze voorwaardelijke verplichting heeft betrekking op het borgen en het aanleggen van de landschappelijke inpassing.

Dubbelbestemming Op de verbeelding is de volgende dubbelbestemming opgenomen:

64

D= OMG=VINGS ADVIS=URS Waarde Archeologische verwachting 2. De als ‘Waarde — Archeologische verwachting 1’ bestemde gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor doeleinden ter bescherming en veiligheid van

de archeologische waarden. De archeologische waarden zijn beschermd doordat de genoemde werken en werkzaamheden uitsluitend met een omgevingsvergunning uitgevoerd mogen worden..

65

6. Uitvoerbaarheid

6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.1.1

Vooroverleg

Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat de gemeente bij de voorbereiding van een ruimtelijke ontwikkeling overleg moeten plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en rijk die betrokken zijn bij de zorg voor

ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn.

Hiertoe wordt het ontwerp bestemmingsplan aan de betreffende instanties toegezonden en worden de gemaakte opmerkingen beoordeeld en zo nodig in het bestemmingsplan verwerkt.

6.1.2

Omgevingsdialoog

Een omgevingsdialoog heeft plaatsgevonden. De ontwikkeling is aan de omwonenden voorgelegd en getekend. De omwonenden hebben geen problemen met de voorgenomen ontwikkeling. De getekende landschappelijke inpassing is bijgevoegd in bijlage 2

6.1.3.

Ontwerp

Het ontwerp bestemmingsplan zal op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht

gedurende zes weken ter inzage liggen, waarin eenieder een zienswijze naar voren kan brengen. De ingediende zienswijzen worden samengevat, beoordeeld en voorzien van een gemeentelijke reactie

in de ‘nota van zienswijzen‘.

6.2.

Economische uitvoerbaarheid

Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de

vaststelling van het bestemmingsplan of wijzigingsplan moet besluiten om al dan niet een

exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan of wijzigingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan of wijzigingsplan geen exploitatieplan wordt

vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is.

De gemeentelijke kosten zijn beperkt tot de ambtelijke kosten, welke worden verhaald middels de gemeentelijke legesverordening. Eventuele planschade komt voor rekening van de initiatiefnemer.

Dit wordt vastgelegd in te sluiten overeenkomst tussen initiatiefnemer en de gemeente. Hiermee is

66

D=

OMG=VINGS

ADVIS=URS het kostenverhaal anderzins verzekerd en is op grond van artikel 6.12 Wro geen exploitatieplan nodig.

67

Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gedeeltes geanonimiseerd op grond van artikel 5 van de Wet open overheid: Art. 5.1 lid 2 onderdeel e

De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, tenzij de betrokken persoon instemt met openbaarmaking Pagina('s):

15 6 7 8 22 27 33 34 35 36 37 41 42 44 58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13945814/1