CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel 7.1 Bijlage 1 Jaarstukken 2025 definitief

raadsvergadering openbaar 6 juli 2026, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Jaarstukken 202530.769 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

30

Bedrijvenpark Ambachtsezoom Grondexploitaties hebben veelal een looptijd van meer dan één jaar. Hierdoor kan het voorkomen dat kosten of opbrengsten eerder of later gerealiseerd worden dan aanvankelijk geraamd. Dit hoeft niet direct gevolgen te hebben voor het resultaat van de grondexploitatie. In onderstaande tabel wordt het verschil weergegeven tussen de begroting, zoals opgenomen in de grondexploitatie 2025, en de realisatie in 2025. Per onderdeel wordt toegelicht of de verschillen veroorzaakt zijn door over- of onderschrijdingen op de budgetten of door een verschuiving van kosten of opbrengsten in de tijd. Begroting en realisatie 2025 Grondexploitatie Bedrijvenpark Ambachtsezoom

Nominaal excl. BTW

Begroting

Gerealiseerd

Verschil t.o.v.

jaarschijf

jaarschijf

begroting

Investeringen Plankosten en VTU

237.947

237.412

534

Verwervingen

0

0

0

Sloop

0

0

0

Milieukosten

0

0

0

Bouw- en woonrijp maken

31.474

3.600

27.874

Tijdelijk beheer

118.000

53.535

64.465

Overige

110.905

230.461

-119.556

Financieringslasten

135.740

135.764

-24

Totaal investeringen

634.065

660.773

-26.707

12.161.305

4.873.377

7.287.929

0

0

0

12.876

25.468

-12.592

12.174.181

4.898.845

7.275.337

Opbrengsten Bedrijventerreinen Voorzieningen Overige Totaal opbrengsten

Plankosten en VTU Per saldo is de realisatie van de plankosten zo goed als gelijk aan de begroting. In de onderliggende budgetten zitten wel relatief kleine over- en onderschrijdingen. Zo zijn de kosten voor projectleiding en planeconomie, ondanks een iets lager uurtarief, hoger uitgevallen. Ook voor projectondersteuning is de inzet verhoogd en aan stedenbouw is meer uitgegeven. De inzet van overige vaste medewerkers is juist lagen uitgevallen en een deel van de kosten voor begeleiding van civieltechnische werkzaamheden is doorgeschoven naar 2026. Bouw- en woonrijp maken De kosten voor bouw- en woonrijp maken zijn ca. € 28.000,- lager uitgevallen dan geraamd. De verwachting was dat de inrichting van het openbaar gebied (met onder andere meubilair en bebording) in 2025 afgerond en afgerekend zou worden. Dit is echter nog niet gebeurd waardoor het bedrag doorschuift naar 2026. Tijdelijk beheer

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

31

De kosten voor tijdelijk beheer zijn ca. € 64.000,- lager uitgevallen dan geraamd. Voor inboet (het vervangen van niet aangeslagen bomen) en nazorg van groen was een stelpost opgenomen, net als voor benodigde herstelwerkzaamheden aan de openbare weg. Deze stelpost was in de grondexploitatie 2025 verdeeld over de resterende planperiode, maar met de nadruk op het jaar 2025. Uiteindelijk is er in 2025 minder besteed aan deze werkzaamheden waardoor het resterende bedrag doorschuift in de tijd. Overige kosten De overige kosten zijn ca. € 120.000,- hoger uitgevallen dan geraamd. Het budget bevat stelposten voor verkoop, marketing en communicatie, de opstart van parkmanagement en de begeleiding van kavelkopers om aan de duurzaamheidseisen te voldoen. Aan marketing en communicatie is ca. € 13.000,- minder uitgegeven dan geraamd. Dit betreft een verschuiving van kosten. Aan de begeleiding bij de duurzaamheidsmaatregelen is ca. € 133.000,- meer uitgegeven. In het verleden werden de kosten voor het afgelopen jaar pas na het sluiten van het boekjaar in rekening gebracht. De factuur voor 2025 is nu wel tijdig ingediend, waardoor de kosten voor 2 jaar in 2025 verwerkt zijn. Voor een deel betreft het dus een verschuiving van kosten in de tijd, maar de kosten over 2025 zijn ook hoger uitgevallen dan geraamd.

Bedrijventerreinen De grondopbrengsten worden gerealiseerd op het moment dat een kavel bij de notaris overgedragen wordt. Om tot dat moment te komen worden er diverse verkoopgesprekken gevoerd, worden de (kandidaat-)kopers begeleid om de duurzaamheidsdoelstellingen te halen en moet de omgevingsvergunning zijn verleend. Dit vergt enige tijd en maakt het soms lastig om het moment van grondoverdracht nauwkeurig in te schatten. Uiteindelijk zijn in 2025 8 van de vooraf verwachte 32 kavels overgedragen, met name omdat het voortraject en de begeleiding in de duurzaamheidsdoelstellingen extra tijd heeft gevergd. Dit betreft een verschuiving van opbrengsten in de tijd. Overige opbrengsten Naast de grondprijs betalen kopers bij de notaris ook een opslag per vierkante meter voor de opstart van parkmanagement. Dit bedrag wordt na ontvangst periodiek overgemaakt aan parkmanagement en is hierdoor voor de grondexploitatie per saldo € 0,-. In 2025 is ca. € 12.000,ontvangen dat in 2026 nog overgemaakt moet worden. Grondexploitatie Genieterrein-Waterbusplein Grondexploitaties hebben veelal een looptijd van meer dan één jaar. Hierdoor kan het voorkomen dat kosten of opbrengsten eerder of later gerealiseerd worden dan aanvankelijk geraamd. Dit hoeft niet direct gevolgen te hebben voor het resultaat van de grondexploitatie.

In onderstaande tabel wordt het verschil weergegeven tussen de begroting, zoals opgenomen in de grondexploitatie 2025, en de realisatie in 2025. Per onderdeel wordt toegelicht of de verschillen veroorzaakt zijn door over- of onderschrijdingen op de budgetten of door een verschuiving van kosten of opbrengsten in de tijd.

Begroting en realisatie 2025 Grondexploitatie Genieterrein-Waterbusplein

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

32

Nominaal excl. BTW

Begroting

Gerealiseerd

Verschil t.o.v.

jaarschijf

jaarschijf

begroting

Investeringen Plankosten

€ 18.869

€ 13.946

€ 4.923

€ 21.851

€ 18.691

€ 3.160

€ 269

-€ 269

Verwervingen Sloop Milieukosten BRM/WRM Tijdelijk beheer Overige Financieringslasten

€ 77.070

€ 77.114

-€ 43

Totaal investeringen

€ 117.790

€ 110.020

€ 7.770

Opbrengsten Bedrijventerreinen Bijdragen Totaal opbrengsten

€ 510.368

€ 510.368 € 510.368

€ 23.749

-€ 23.749

€ 23.749

€ 486.619

Plankosten en VTU De in 2025 gerealiseerde plankosten zijn ca. € 5.000,- lager uitgevallen dan geraamd. De verwachting was de kavel aan het Frankepad in 2025 uitgegeven zou worden. Deze kaveloverdracht is echter doorgeschoven naar 2026, waardoor een deel van de bijbehorende plankosten ook dan pas gemaakt wordt. Bouw- en woonrijp maken De gerealiseerde kosten voor bouw- en woonrijp maken zijn iets lager uitgevallen dan geraamd. De aanleg van de openbare verlichting bij de parkeerplaatsen op het Citadelterrein is iets duurder uitgevallen. De afwikkeling van de grondruil aan de Noordkade moet nog wel plaatsvinden. Dit zal in 2026 gebeuren. Bedrijventerreinen Voor 2025 stond de overdracht van de kavel aan het Frankepad gepland. Dit is niet meer voor het einde van 2025 gelukt en zal in de eerste helft van 2026 plaatsvinden. Bijdragen Een gedeelte van de FES-subsidie is in het verleden aan de Rom-D uitbetaald en moest nog ten gunste van de grex gebracht worden. Dit bedrag blijkt ca. € 24.000,- hoger te zijn dan vooraf ingeschat.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

33

Uitgaven 2025 Programma Uitgaven

95-02 U

Realisatie. HI-Ambacht Apparaatskosten Materieel Mutaties onderhandenwerk Rente & Afschrijving Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen Eindtotaal

Totaal 4.165 7.242 14.515 602 520 1.168 28.211

Ruimtelijke ordening, economie en wonen

2%

2%

4%

15%

Apparaatskosten Materieel Mutaties onderhandenwerk 26%

Rente & Afschrijving Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen

51%

Inkomsten 2025 Programma Inkomsten

Ruimtelijke ordening, economie en wonen

95-02 I

Realisatie. HI-Ambacht Apparaatskosten Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk Overige inkomsten Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Eindtotaal

4%

Totaal

0% 0%

7%

0% 9%

1.735 41 2.322 20.933 945 135 26.111

Apparaatskosten Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk Overige inkomsten Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten

80%

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

34

Programma 3 Buitenruimte Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Buitenruimte We maken ons sterk voor een leefbare, schone en groene omgeving. Jong en oud moet op zijn eigen manier prettig kunnen verblijven in de buitenruimte. We zorgen voor aantrekkelijke, leuke en soms wat ruige speelvoorzieningen. We willen mooie en veilige wandel- en hardlooproutes voor onze inwoners. We zetten ons in om de overlast door hondenpoep zoveel mogelijk te beperken.

Buitenruimte We hebben stenen vervangen door groen. Met behulp van een signaleringskaart voor functieloze verharding zijn er plekken gezocht voor vergroening. Daarnaast hebben we bomen geplant op basis van de Digital Twin, is er halfverharding aangelegd bij parkeerplekken, zijn beschoeide oevers natuurvriendelijk gemaakt en zijn er bijenlinten aangelegd. De jeugd heeft via het speelruimteplan aangegeven dat ze graag kwalitatieve trapveldjes willen. Daarom hebben we een trapveld aangelegd in het Baxpark. Naast het trapveld is ook een basketbalveld en drie ontmoetingsplekken in de vorm van skyboxen gerealiseerd. We hebben in 2025 ook een aantal speelplekken, die aan vervanging toe waren, opnieuw ingericht. Samen met de buurt hebben we gekeken naar de beste invulling. In 2025 hebben we stappen gezet om de voorzieningen voor honden aan te sluiten op het nieuwe hondenbeleid. We hebben bebording vervangen, de voorbereiding voor een hondenspeeltuin opgestart en op bepaalde plekken het hekwerk aangepast. Daarnaast zetten we de hondenpoepzuiger vaker in.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

35

Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Grondstoffen en afval We willen toe naar minder afval en meer hergebruik van kostbare grondstoffen om de kosten van afvalinzameling te beperken en om te voldoen aan duurzaamheidsdoelstellingen.

Grondstoffen en afval In 2025 hebben we een evaluatie uitgevoerd over de resultaten van 2024, het eerste jaar dat het recycletarief is ingevoerd. De evaluatie had betrekking op service, milieu en kosten. De uitkomsten van deze evaluatie hebben we met de raad besproken. Uit de evaluatie blijkt dat onze inwoners een beter resultaat hebben neergezet dan verwacht. Daarmee is de bereikte milieuwinst hoger dan verwacht en zijn de kosten lager uitgevallen dan geraamd. Belangrijkste aandachtspunten zijn de zakinzameling van PBD, toename van bijplaatsingen en zwerfafval en vervuiling van het GFT-e. Op grond van deze evaluatie is besloten dat er geen aanpassingen in het beleid noodzakelijk zijn. We hebben in 2025 de lijn van voorlichting, toezicht en handhaving voortgezet. Ook is ervaring opgedaan met hotspot locaties door een pilot Schoon te draaien op het Banckertplein en de IJdenhove. We zijn gestart met de voorbereidingen om bovengrondse inzamelpunten voor glas, oud papier en karton ondergronds te brengen.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

36

Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Onderhoudsniveau Een kwalitatief goed onderhoudsniveau van de buitenruimte vinden we belangrijk. Onze gemeente is een groene gemeente en daar hechten we zeer veel waarde aan. Het Van Ticheltplantsoen ligt op een mooie plek in het hart van onze gemeente. We willen de verblijfskwaliteit van dit park vergroten en stellen hiervoor een plan op. Daar waar dat mogelijk is, vergroten we de biodiversiteit van onze buitenruimte. De buitenruimte richten we zo klimaat adaptief mogelijk in. We houden onze openbare ruimte en voorzieningen voor iedereen toegankelijk.

Onderhoudsniveau In 2025 hebben we de openbare ruimte op het afgesproken beeldkwaliteitsniveau onderhouden. Alleen op het onderdeel verhardingen is niet overal het beeldkwaliteitsniveau A gehaald. We hebben veel aandacht besteed aan de optimalisatie van het beheer van onze parken en groenstroken. Er is toegewerkt naar het verhogen van de biodiversiteit en het verhogen van de natuurwaarden. In 2025 zijn diverse bloemlinten aangelegd en zijn bestaande grasvegetaties omgevormd naar bloem- en kruidenrijk gras ter versterking van de biodiversiteit. We hebben ecologisch beheer uitgevoerd door minder en gefaseerd te maaien en delen van het groen in de winter te laten staan, zodat kruiden en bloemen zich beter konden ontwikkelen. In 2025 is extra groen aangebracht, onder andere in het project Kruiswiel fase 5. Door functieloze verharding om te vormen tot groen en extra groeiruimte voor bomen te creëren, verwachten we dat de positieve effecten op de leefomgeving verder zullen toenemen.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

37

Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Parkeren en bereikbaarheid Door toename van het bezit van elektrische auto's is het ook van belang dat er een adequate laadpaalinfrastructuur komt die niet botst met de totale parkeercapaciteit. We willen komen tot concrete regels voor het plaatsen van laadpalen. We doen een onderzoek naar de toepasbaarheid van kabelgoten in het trottoir zodat inwoners hun elektrische auto vanuit een huisaansluiting kunnen opladen.

Parkeren en bereikbaarheid In 2025 hebben we uiteenlopende onderzoeken uitgevoerd en maatregelen getroffen. Er is een verkennende studie naar de herinrichting van de Veersedijk uitgevoerd. De routes voor exceptioneel transport zijn doorgelicht. Rondom de winkelconcentraties zijn parkeerdrukonderzoeken uitgevoerd en er zijn verspreid over het dorp extra parkeerplaatsen in de woonbuurten gerealiseerd om de parkeerdruk te verlagen. De oversteekbaarheid van de Antoniuslaan en Laan van Welhorst is verbeterd en het proces om tot een hoogwaardig voetgangersnetwerk te komen is gestart. De gebruikelijke verkeersveiligheidsacties rond verschillende scholen zijn herhaald. Ook zijn er enkele aanpassingen in de schoolomgevingen doorgevoerd. Verder zijn verspreid over de gemeente een groot aantal paaltjes verwijderd of beter zichtbaar gemaakt om fietsongevallen te voorkomen. Daarnaast is de fietsparkeersituatie bij de OV-haltes beoordeeld en aangepast. Ook is toegewerkt naar nieuwe beleidsregels voor de laadinfrastructuur.

Verkeer en mobiliteit De groei van onze gemeente vraagt om een verkeersinfrastructuur die een goede doorstroming en afwikkeling van verkeer mogelijk maakt. We voeren hiervoor het mobiliteitsplan verder uit. We gaan een lobby opzetten richting Rijkswaterstaat en andere betrokkenen om een tweede viaduct over de A16 zo snel mogelijk te realiseren. We onderzoeken verder of er mogelijkheden zijn de geluidsoverlast van de A16 te beperken.

Jaarstukken 2025

Verkeer en mobiliteit We hebben een onderzoek laten uitvoeren naar de geluidsoverlast van de A16. In de regio hebben we gezamenlijk met andere (Drechtsteden-)gemeenten, waterschap(pen) en hulpdiensten overleg gevoerd met Rijkswaterstaat over hun grote renovatie opgave van bruggen en tunnels.

Hendrik-Ido-Ambacht

38

Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid is voor ons een groot goed. De uitgangspunten uit het Mobiliteitsplan 2021- 2030 zijn daarbij leidend. We verbeteren de verkeersveiligheid door het uitvoeren van de actieplannen uit het Mobiliteitsplan. We blijven speciale aandacht houden voor onveilige verkeerssituaties rondom scholen. We doen een nader onderzoek naar de herinrichting van de Laan van Welhorst, waarbij we ons onder andere richten op de verkeersveiligheid.

Verkeersveiligheid De Laan van Welhorst is gemoderniseerd en een stuk verkeersveiliger geworden. Vooral bij het scholencluster, de aansluiting met de Jacobuslaan, en uiteraard de bevoorrading van de winkels zijn flinke wijzigingen aangebracht. Voor het Mobiliteitsplan zijn er op urgente locaties parkeerplekken bijgekomen. Ook zijn er andere maatregelen genomen, zoals bijvoorbeeld de voetgangersoversteek in de Antoniuslaan tussen Baxpark en Louwersplein. Voor de verkeersveiligheid rondom scholen zijn, naast de maatregelen bij het scholencluster in De Volgerlanden, stappen gezet bij de scholen in de Jan Wissenslaan.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

39

Wat heeft het gekost ? Bedragen x € 1.000 Primaire begroting

3 - Buitenruimte Taakveld Verkeer en vervoer Parkeren Openbaar vervoer Openbaar groen Riolering Afval Begraafplaatsen en crematoria RO - vastgoedregistratie Totaal

Begroting t/m wijz. raad december

Werkelijk

Resultaat

Lasten 4.806 6 129 3.285 2.621 4.441 960 182

Baten -173 -16 -3.049 -5.629 -764 -

Saldo 4.633 -10 129 3.285 -428 -1.187 196 182

Lasten 5.775 6 206 2.677 2.400 4.355 837 182

Baten -435 -16 -125 -3.046 -5.355 -499 -

Saldo 5.340 -10 206 2.552 -645 -1.000 337 182

Lasten 5.750 10 188 2.690 2.553 4.369 848 167

Baten -449 -17 -51 -3.099 -5.451 -527 -

Saldo 5.301 -7 188 2.639 -547 -1.081 321 167

Saldo W-B -39 3 -18 87 99 -81 -17 -14

16.430

-9.630

6.799

16.438

-9.475

6.962

16.576

-9.594

6.982

20

381 100 -286 -187 8

0 0 323 -168 155

381 100 37 -355

Specificatie begrotingswijzigingen t/m raad december Eerste Burap 2025 Resultaatbestemming jaarrekening 2024 Tweede Burap 2025 Diversen Saldo begrotingswijzigingen

163

Uitsplitsing van het eindresultaat naar lasten en baten (op basis van gewijzigde begroting) Lasten Verkeer en vervoer Parkeren Openbaar vervoer Openbaar groen Riolering Afval Begraafplaatsen en crematoria RO - vastgoedregistratie Totaal

Begroot 5.775 6 206 2.677 2.400 4.355 837 182 16.438

Werkelijk 5.750 10 188 2.690 2.553 4.369 848 167 16.576

Saldo -25 5 -18 14 152 14 11 -14 138

Baten Verkeer en vervoer Parkeren Openbaar groen Riolering Afval Begraafplaatsen en crematoria Totaal

Begroot -435 -16 -125 -3.046 -5.355 -499 -9.475

Werkelijk -449 -17 -51 -3.099 -5.451 -527 -9.594

Saldo -14 -1 73 -54 -96 -28 -118

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

40

Wat heeft het gekost? - Toelichting Conform de financiële verordening 2025 worden afwijkingen vanaf € 50.000 nader toegelicht. Programma 3 Buitenruimte Beheer en onderhoud lichtobjecten De kosten van Stedin zijn in 2025 met € 40.000 gestegen. Daarnaast is de besparing op energie nog niet volledig waar gemaakt vanwege dat de dimprofielen op de armaturen nog niet zijn verwerkt. Er zijn meer schades geweest dan begroot en we vergoed hebben gekregen. Dit alles leidt tot een totaal nadeel van € 92.000. Mobiliteitsplan Vanwege personele bezetting bij de aannemer is er voor € 67.000 minder uitgevoerd dan gepland. Nota hondenbeleid Er is een bijraming geweest van € 60.000 voor eenmalige uitgaven voor de hondenspeeltuin, bebording en uitlaatstroken. Dit is voornamelijk niet uitgegeven in 2025 vanwege dat we geen overeenstemming konden vinden met het NRIJ over de hondenspeeltuin in het Sandelingenpark en voorgesteld wordt om dit bedrag mee te nemen naar 2026. Onderhoud bomen De overschrijding van € 55.000 is ontstaan door de kosten voor de boominspecties, de controle van onze waardevolle particuliere bomen en het nader onderzoek van specifieke selecties bomen met een (mogelijk) gebrek. Schoonhouden wegen De hogere kosten van € 71.000 voor het schoonhouden van wegen wordt veroorzaakt doordat de hoeveelheid veegvuil groter is dan waar in de begroting rekening mee is gehouden.

Kaptaallasten verkeer en vervoer De kapitaalasten zijn zo’n € 60.000 lager dan begroot. Dat komt met name omdat er pas in 2026 in plaats van 2025 gestart zal worden met het afschrijven dan LED armaturen investering. Riolering De storting in de voorziening is € 429.000 hoger dan begroot. Dit positieve resultaat heeft meerdere oorzaken. riool gerelateerde onderhoudszaken

Er is minder uitgegeven aan riool gerelateerde onderhoudszaken. Dit komt met name door organisatorische problemen bij de aannemer.

€ 329.000

BTW extracomptabel

Lagere kosten zorgen ervoor dat we minder BTW extracomptabel kunnen toerekenen.

€ 69.000

Baten Rioolheffing

Meer baten rioolheffing ontvangen dan begroot

€ 40.000

Kapitaallasten & uren

De kapitaallasten zijn lager uitgevallen en de uren hoger, totaal gezien negatief

-€ 9.000

Totaal

Jaarstukken 2025

€ 429.000

Hendrik-Ido-Ambacht

41

Afval Het resultaat op het product afval heeft ertoe geleid dat we meer dan 100% kostendekking hebben. In de begroting waren we op €62.000 na kostendekkend. Uiteindelijk zijn we op zo’n € 282.000 meer dan 100% kostendekkend uitgekomen. Dit bedrag hebben we gestort in een voorziening afval. Het voordeel ten opzichte van de begroting heeft meerdere oorzaken.

Ruimte tot 100% kostendekkend begroot Afval gerelateerde kosten

Op € 62.000 na was de begroting 2025 100% kostendekkend Kosten zijn lager uitgevallen

-€ 62.000

BTW extracomptabel

Lagere kosten zorgen ervoor dat we minder BTW extracomptabel kunnen toerekenen. Er zijn minder uren geschreven

€ 72.000

€ 60.000

Kapitaallasten

Omdat er minder uren geschreven zijn wordt er ook minder overhead toegerekend De kapitaallasten zijn lager uitgevallen

Kwijtscheldingen

Kwijtscheldingen zijn lager uitgevallen

€ 32.000

Afvalstoffenheffing

De inkomsten afvalstoffenheffing zijn lager uitgevallen

-€ 230.000

Overige inkomsten

De overige inkomsten zijn hoger uitgevallen

€ 47.000

Uren Extracomptabele overhead

Totaal

Jaarstukken 2025

€ 282.000

€ 51.000

€ 30.000

€ 282.000

Hendrik-Ido-Ambacht

42

Wat heeft het gekost? Uitgaven 2025 Programma Uitgaven

Buitenruimte

95-03 U

Realisatie. HI-Ambacht Totaal Apparaatskosten 1.834 Materieel 9.865 Rente & Afschrijving 1.692 Subsidies en overdrachten 118 Verbonden Partijen 597 Voorzieningen 2.469 Eindtotaal 16.576

11%

15%

4% 1%

10% Apparaatskosten Materieel Rente & Afschrijving Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen Voorzieningen

59%

Inkomsten 2025 Programma Inkomsten

Buitenruimte

95-03 I

Realisatie. HI-Ambacht Totaal Lokale heffingen 8.529 Overige inkomsten 940 Subsidies en overdrachten 124 Voorzieningen Eindtotaal 9.594

10%

1% 0%

Lokale heffingen Overige inkomsten Subsidies en overdrachten Voorzieningen

89%

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

43

Programma 4 Veiligheid, Dienstverlening, Bestuur en Middelen Wat willen we bereiken?

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Openbare orde en veiligheid Veiligheid is één van onze kernwaardes. Daarbij horen zichtbare en aanspreekbare medewerkers zoals BOA's en wijkagenten. We zien ruimte voor een beperkte uitbreiding van de BOA-capaciteit. Daarbij moet er een intensieve samenwerking zijn met jongerenwerkers en straatcoaches. Het veiligheidsdomein bekijken we integraal.

Openbare orde en veiligheid In 2025 is veel aandacht gegaan naar de afronding van het meerjarig beleidsplan leefbaarheid en veiligheid en het maken van een start met het opstellen van het nieuwe meerjarig beleidsplan. Daarnaast is besluitvorming geweest rondom de juridische capaciteit in onze organisatie. Deze wordt in 2026 definitief inge vuld. Een ander thema waar veel inzet op is gepleegd, is de versterking van de samenwerking op het gebied van zorg en veiligheid en een actieplan voor de aanpak van jeugdoverlast.

Participatie We bieden ruimte aan participatie en zetten daarmee de kracht en energie uit de samenleving optimaal in. Het met elkaar voeren van het gesprek is een belangrijke basis van participatie. We kijken daarbij hoe, wanneer en met wie we het gesprek willen voeren. Daarbij is wederzijdse duidelijkheid over verwachtingen belangrijk. De Participatienota voeren we voortvarend uit. Onze manier van werken is open, duidelijk en transparant.

Participatie Evalueren en ontwikkelen De Ambachtse Aanpak voor participatie is met de gemeenteraad geëvalueerd. De gemeenteraad is positief over de stappen die al zijn gezet en heeft op basis van de evaluatie leerpunten vastgesteld om participatie in de organisatie verder te borgen en te ontwikkelen. Ook heeft de gemeenteraad een structureel budget vrijgemaakt voor participatie, onder andere voor 0,5 fte participatieadviseur. Voor nieuwe medewerkers is een basistraining georganiseerd. Betrekken samenleving In 2025 zijn diverse participatietrajecten georganiseerd, zoals herinrichting speeltuinen, tijdelijke HAP, Wijk Uitvoeringsplan Aardgasvrij voor de buurten Kruiswiel en Oostendam, woonzorgvisie en de gebiedsvisie omgeving gemeentehuis.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

44

Indicatoren jaarrekening 2025

HIA

Let op: alle getallen, bedragen en percentages zijn afgerond

2024

HIA

PPD

SLD

ZWD

ALB

DRD

H-G

Bron

Toelichting

2025

Programma 4 Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen Veiligheid

Diefstal/inbraak woningen (per 10.000 inwoners) 7 Vernielingen c.q. zaakbeschadigingen (per 10.000 inwoners) 23

NB

NB

NB

NB

NB

NB

NB

Waarstaatjegemeente.nl

NB

NB

NB

NB

NB

NB

NB

Waarstaatjegemeente.nl

Specifiek het aantal vernielingen c.q. zaakbeschadigingen

Middelen

Netto schuld (per inwoner)

€

2.349 NB

NB

NB

NB

NB

NB

NB

Jaarstukken gemeenten

Vaste schulden met een looptijd >1 jaar minus uitstaande leningen, afgezet tegen het totaal aantal inwoners.

Reserves (per inwoner)

€

881 NB

NB

NB

NB

NB

NB

NB

Jaarstukken gemeenten

Alleen algemene reserves (weerstandsvermogen)

Berekeningen netto schuld per inwoner

Hendrik-IdoHendrik-Ido- Ambacht Ambacht 2023 2024

Papendrecht

Sliedrecht

Zwijndrecht

Alblasserdam

Dordrecht

HardinxveldGiessendam

Aantal inwoners Schuld per inwoner

€ 76.959.000 € 2.829.000 € 74.130.000 32.695 € 2.267

Berekeningen reserves per inwoner

Hendrik-IdoHendrik-Ido- Ambacht Ambacht 2023 2024

Vaste schulden met looptijd > 1 jaar Uitstaande leningen Netto schuld

Algemene reserves Aantal inwoners Reserves per inwoner

Jaarstukken 2025

€ 81.501.000 € 4.302.000 € 77.199.000 32.860 € 2.349

€ 66.594.000 € 33.861.000 € € 32.015.000 € 2.264.000 € € 34.579.000 € 31.597.000 €

€

151.435.000 € 47.205.000 € 7.101.000 € 2.583.000 € 144.334.000 € 44.622.000 €

32.295

26.600

44.665

20.240

1.071 €

1.188 €

3.231 €

2.205 €

Papendrecht

Sliedrecht

Zwijndrecht

€ 23.909.000 € 28.951.000 € 52.612.000 € 9.545.000 € 32.860 32.860 32.295 26.600 € 728 € 881 € 1.629 € 359 €

Alblasserdam

254.206.000 € 28.180.000 77.252.000 € 33.000 176.954.000 € 28.147.000 122.790

Dordrecht

27.761.000 € 12.598.000 € 44.665 20.240 622 € 622 €

Hendrik-Ido-Ambacht

19.125

1.441 €

1.472

HardinxveldGiessendam

22.592.000 € 12.063.000 122.790 19.125 184 € 631

45

Wat heeft het gekost ? Bedragen x € 1.000 4 - Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen Taakveld Bestuur Burgerzaken Overhead Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (VpB) Mutaties reserves Resultaat van de rekening van baten en lasten Crisisbeheersing en brandweer Openbare orde en veiligheid Totaal

Primaire begroting

Begroting t/m wijz. raad december

Werkelijk

Resultaat

Lasten 2.722 1.483 8.749 -529 617 267 16 42 155 20 2.630 -653 3.016 840

Baten -643 -26 -410 -5.068 -2.454 -209 -56.665 -308 -34

Saldo 2.722 839 8.723 -939 -4.451 -2.187 -193 -56.624 155 20 2.322 -653 3.016 805

Lasten 3.000 1.528 9.252 -618 516 283 22 9 20 3.407 3.321 942

Baten -643 -265 -371 -5.105 -2.618 -209 -60.351 -3.206 -240 -34

Saldo 3.000 884 8.987 -989 -4.589 -2.334 -187 -60.351 9 20 200 3.081 908

Lasten 3.168 1.561 8.957 -397 499 264 22 513 0 3.970 3.599 3.246 934

Baten -6 -687 -368 -394 -5.146 -2.605 -208 -60.241 -0 -3.207 -278 -42

Saldo 3.162 874 8.589 -790 -4.648 -2.341 -186 -60.241 512 0 763 3.599 2.968 892

Saldo W-B 162 -11 -398 199 -59 -7 1 110 504 -20 562 3.599 -113 -16

19.375

-65.818

-46.443

21.682

-73.043

-51.361

26.335

-73.183

-46.848

4.513

-608 0 2.527 388 2.307

-2.472 -211 -4.377 -165 -7.225

-3.080 -211 -1.850 223

Specificatie begrotingswijzigingen t/m raad december Eerste Burap 2025 Resultaatbestemming jaarrekening 2024 Tweede Burap 2025 Diversen Saldo begrotingswijzigingen

-4.918

Uitsplitsing van het eindresultaat naar lasten en baten (op basis van gewijzigde begroting) Lasten Bestuur Burgerzaken Overhead Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (VpB) Mutaties reserves Resultaat van de rekening van baten en lasten Crisisbeheersing en brandweer Openbare orde en veiligheid Totaal

Begroot 3.000 1.528 9.252 -618 516 283 22 9 20 3.407 3.321 942 21.682

Werkelijk 3.168 1.561 8.957 -397 499 264 22 513 0 3.970 3.599 3.246 934 26.335

Saldo 167 33 -295 221 -18 -20 0 504 -20 563 3.599 -74 -9 4.653

Baten Bestuur Burgerzaken Overhead Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (VpB) Mutaties reserves Resultaat van de rekening van baten en lasten Crisisbeheersing en brandweer Openbare orde en veiligheid Totaal

Begroot -643 -265 -371 -5.105 -2.618 -209 -60.351 -3.206 -240 -34 -73.043

Werkelijk -6 -687 -368 -394 -5.146 -2.605 -208 -60.241 -0 -3.207 -278 -42 -73.183

Saldo -6 -44 -103 -23 -41 12 1 110 -0 -1 -38 -8 -140

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

46

Wat heeft het gekost? - Toelichting Conform de financiële verordening 2025 worden afwijkingen vanaf € 50.000 nader toegelicht. Programma 4 Veiligheid, Dienstverlening, en Middelen Bestuur Bestuur De overschrijding op het budget van de griffie is grotendeels het gevolg van incidentele personele lasten die niet waren voorzien of begroot. Daarnaast heeft de griffie te maken gehad met langdurige ziekte en een hogere werkdruk in verband met de verkiezingen. Voor de publieksvoorziening is bij de tweede bestuursrapportage besloten maximaal € 80.000 over te hevelen naar 2026. De uitvoering van de website vindt in 2026 plaats; daarom is het volledige bedrag doorgeschoven. De hogere juridische kosten worden veroorzaakt door een onverwachte rechtszaak en door hogere kosten voor het vernieuwen van het verwerkingsregister. Overhead De afwijkingen binnen de salariskosten op het taakveld Overhead zijn het gevolg van een combinatie van mutaties in de formatie, de inzet van vacatureruimte en verschuivingen in de toerekening van loonkosten. Verschillende teams laten schommelingen zien door onder- en overbezetting gedurende het jaar. In een aantal teams zijn vacatures later ingevuld of is tijdelijk sprake geweest van lagere bezetting, terwijl andere teams juist hogere lasten kenden door tijdelijke inzet, vervanging of extra benodigde capaciteit.

Daarnaast is in 2025 een bedrag van € 137.000 gedoteerd aan de voorziening stuwmeer verlof. Bedrijfsvoering Drechtsteden Vanuit het voormalig Bureau Drechtsteden zijn een deel van de functies vervallen. Treasury Er zijn minder rentekosten doorbelast naar de taakvelden dan begroot. Algemene uitkering In 2025 hebben wij een hogere algemene uitkering ontvangen. Deze stijging is met name het gevolg van de decembercirculaire, waarin aanvullende middelen zijn toegekend. Daartegenover staat dat de uitkeringen over de jaren 2023 en 2024 lager zijn uitgevallen. Mutaties reserves Op dit taakveld vinden alle mutaties op de reserves plaats. Alle vermeerderingen en verminderingen staan gespecificeerd in deel III jaarrekening. Crisisbeheersing Binnen dit taakveld betreft de afwijking de resultaatbestemming 2024 en de onzekerheid over de hoogte van de benodigde onderhouds- en reparatiekosten, die vooraf moeilijk in te schatten zijn. Mutatie geschat oninvorderbare debiteuren Het bedrag voor mogelijk oninvorderbaar voor 2025 is berekend op € 195.621,08. De voorziening is hiermee met € 193.002,43 toegenomen in 2025. Dit betreffen 81 conceptnota's en veruit het grootste deel heeft betrekking op ROM-D inzake de FES subsidie van € 179.199.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

47

Overige baten en lasten Jaarlijks ontvangen wij een opgave over de hoogte van de voorziening pensioen (voormalige) wethouders. Dit heeft geresulteerd in een dotatie van € 300.000. Dit veroorzaakt het nadelige resultaat op de begroting.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

48

Wat heeft het gekost? Uitgaven 2025 Programma Uitgaven

Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

95-04 U

Realisatie. HI-Ambacht Apparaatskosten Begrotings- of exploitatie saldo Materieel Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen Voorzieningen Eindtotaal

Totaal 6.855

2%

2.415

26%

24%

-213 7.568 319 2.394 6.319 678 26.335

Apparaatskosten Begrotings- of exploitatie saldo Materieel Overige inkomsten 0% 9%

9%

Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten

0% -1%

1%

Verbonden Partijen Voorzieningen

28%

Inkomsten 2025 Programma Inkomsten

95-04 I

Realisatie. HI-Ambacht Apparaatskosten Dividenden Lokale heffingen Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Eindtotaal

Totaal 230 290 8.689 88 101 3.207 60.516 61 73.183

Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

0%1%

12% 0%0% 4%

Apparaatskosten Dividenden Lokale heffingen Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten

83%

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

49

Wat heeft het gekost? Uitgaven 2025 Programma Uitgaven

(Alle) U

Realisatie. HI-Ambacht Totaal Apparaatskosten 15.138 Begrotings- of exploitatie sald Materieel 28.543 Mutaties onderhandenwerk 14.515 Overige inkomsten Rente & Afschrijving 4.304 Reserve mutaties 7.568 Rijksbijdragen 319 Subsidies en overdrachten 12.342 Verbonden Partijen 40.875 Voorzieningen 3.339 Eindtotaal 126.945

3%

12% 0%

32%

Apparaatskosten Begrotings- of exploitatie saldo 23%

Materieel Mutaties onderhandenwerk Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen Voorzieningen

10%

11% 0%

3%

6%

0%

Inkomsten 2025 Programma Inkomsten

(Alle) I

Realisatie. HI-Ambacht Apparaatskosten Dividenden Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Voorzieningen Eindtotaal

0% 0%

Totaal

15%

230 290 18.953 41 2.322 23.990 101 3.207 77.453 358 126.945

0%2% Apparaatskosten Dividenden Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk 19%

Rente & Afschrijving Reserve mutaties

61%

Rijksbijdragen

3%

Jaarstukken 2025

Overige inkomsten

Hendrik-Ido-Ambacht

0%

Subsidies en overdrachten Voorzieningen

50

II - Paragrafen

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

51

1. Weerstandsvermogen en risicoparagraaf Inleiding Om de financiële positie van de gemeente te kunnen beoordelen, moeten we ook de risico’s in kaart brengen. Deze paragraaf geeft inzicht in (mogelijke) risico’s voor de gemeente Hendrik-IdoAmbacht en de weerstandscapaciteit om die risico’s op te vangen. De weerstandsratio is de weerstandscapaciteit gedeeld door de omvang van de risico’s. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit algemene reserves en onbenutte belastingcapaciteit. Bestemmingsreserves en voorzieningen zijn in feite niet vrij beschikbaar en tellen niet mee voor de weerstandscapaciteit. In de Nota Reserves en Voorzieningen 2011 is het beleid voor het gewenste weerstandsvermogen vastgesteld. Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit richt zich op de gemeentelijke heffingen: de OZB, de afvalstoffenheffing, het rioolrecht en de overige rechten. Er is sprake van onbenutte belastingcapaciteit wanneer het gemeentelijke OZB-tarief lager is dan het normtarief dat geldt voor artikel 12-gemeenten en/of wanneer de ander genoemde tarieven niet kostendekkend zijn. Voor een toelichting op de kostendekking verwijzen we naar de paragraaf Lokale Heffingen.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

52

Weerstandcapaciteit (x 1.000)

1-1-2025 1-1-2026 per inw.

Algemene reserves Incidenteel beschikbaar

26.508 26.508

26.748 26.748

Beschikbaar 'onvoorzien'

25

25

Onbenutte belastingcapaciteit Afvalstoffenheffing Riolering OZB Opbrengst volgens art. 12 norm Opbrengst volgens tarief HIA Vrije ruimte

62 -

-

8.780 7.522 1.320

9.305 7.522 1.783

Marktgelden Begraafplaatsen Wabo Burgerzaken + overige leges Totaal vrije ruimte belastingen

46 462 1.269 810 3.445

43 417 1.685 813 4.324

Totaal weerstandsvermogen

29.978

31.097

801 801 1 279 225 53 1 12 50 24 129 931

Risicobeleid De doelstellingen voor risicomanagement zijn:  tijdig inzicht krijgen in de risico’s en het beheersen van deze risico’s  het beperken van de gevolgen van risico’s;  het risicobewust maken, ter voorkoming van risico’s of het beperken van de gevolgschade;  de beoordeling van het weerstandsvermogen in het kader van de BBV. Definitie: In dit kader gaat het om financiële risico’s, dat wil zeggen: gebeurtenissen die onze vermogenspositie positief of negatief beïnvloeden. Het risico wordt daarbij nader geconcretiseerd met de formule “kans x impact”. Risico´s met een structureel karakter hebben structurele maatregelen nodig, zoals het afsluiten van verzekeringen, het treffen van voorzieningen, het bijsturen van de administratieve organisatie, het aanpassen van beleid en de begroting etc. Tegenvallers met een structureel karakter kunnen we incidenteel opvangen met het weerstandsvermogen, maar moeten vervolgens van structurele maatregelen worden voorzien. Exploitatierisico´s die samenhangen met een recessie worden daarom (incidenteel) gerekend tot de risico´s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen: het risico op lagere rijksbijdragen, bijstandsverlening, bouwleges etc., maar moeten structureel worden aangepakt. Het bepalen van de risico’s is altijd een momentopname en moet daarom regelmatig worden herijkt (liefst binnen de P&C cyclus).

Bij de inventarisatie van de risico’s in deze paragraaf betreft het de actuele risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen. Dit zijn risico’s:

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

53

    

die niet op een andere manier zijn te ondervangen; die een financieel nadelig gevolg kunnen hebben; die relevant zijn (lees: risico van materieel belang); die met redelijke zekerheid zich gaan voordoen en niet direct beïnvloedbaar zijn.

Voor de inventarisatie van de risico’s gelden de volgende criteria:  In het kader van het weerstandsvermogen zijn in principe alleen de financiële risico’s van toepassing waarvoor vooralsnog geen of onvoldoende beheersmaatregelen aanwezig zijn.  Voor invulling van het begrip ‘risico van materiële betekenis’ is gekozen voor een norm van 0,5% van de totale uitgaven van de gemeente, t.w. € 0,3 mln. Dus richten we ons op risico’s die een financiële impact kunnen hebben van € 0,3 miljoen of meer. Door clustering van een aantal kleinere risico’s binnen een programma, kan eventueel een al te strikt gebruik van deze minimum norm worden ondervangen.  Voor de beschouwing van de risico’s wordt een tijdshorizon gehanteerd van 4 jaar. De risicoberekening Per risico wordt op hoofdlijnen toegelicht wat het risico inhoudt. Vervolgens maken we op basis van de beschikbare informatie een inschatting over de omvang van het risico en de mate van zekerheid dat het risico zich voordoet. De mate van zekerheid duiden we als volgt: zeer laag (10%), laag (30%), gemiddeld (50%) en hoog (80%). Daarnaast wordt bekeken of het risico structurele of incidentele gevolgen heeft. Risico verbonden partijen Wij zijn eigenaar van een aantal verbonden partijen. Daardoor lopen wij ook indirecte risico's.

Voor onze grote verbonden partijen maken we een inschatting welk risico wij als eigenaar in onze eigen risicoparagraaf moeten opnemen. Dit zijn:  De GR Sociaal: onze begrote bijdrage was circa 18,9 miljoen, waarvan 6,4 miljoen doeluitkering inkomensvoorziening (BUIG), in werkelijkheid is dat 20,5 miljoen geworden en 7,5 mln BUIG.  De OZHZ: onze begrote bijdrage was circa 7 ton, in werkelijkheid is dat 9 ton geworden.  De VRZHZ: onze begrote bijdrage was circa 2,5 mln (5,1%), werkelijk 2,9 mln  De Dienst Gezondheid & Jeugd: onze begrote bijdragen waren zo’n 2,2 mln (6,8%) en SOJ 8.2 mln (6%), in werkelijkheid is dat 2,3 mln en 8,2 mln geworden In de P&C stukken van deze partijen zijn de risico's niet altijd in cijfers uitgedrukt en zeker niet opgeteld tot een gewogen gemiddelde. Inhoudelijk hebben veel risico’s een relatie met rijksmaatregelen en/of decentralisaties, m.n. op het gebied van sociale zekerheid. Ons risico schatten wij in als maximaal 10% van onze bijdragen. Specifieke risico's In de begroting hielden we rekening met extra tekorten bij de SDD en de Serviceorganisatie van de DG&J. Met beide organisaties is afgesproken dat ze moeten bijsturen om de groeiende kosten in de hand te houden. Het gaat daarbij om grote bedragen. Daarnaast is er de (ook landelijke) lobby van gemeenten voor méér middelen van het Rijk. Voor dit onderdeel hebben we in de begroting een

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

54

extra risicopost van 10% op van de bijdrage SDD excl. BUIG en de bijdrage SOJ meegenomen bovenop de al eerder meegetelde 10 procent van onze totale bijdrage. Conclusie verbonden partijen Alles tezamen resulteert een cumulatief bedrag van ongeveer € 3,9 miljoen algemeen en € 1,5 miljoen specifiek (i/s) met een hoge kans van optreden (80%) vanwege Oekraïne e.d. Beheersmaatregel: het actief bewaken in de ambtelijk en bestuurlijke overlegvormen. Risico Grondexploitaties Voor de grondbedrijfcomplexen geldt dat het niet alleen om negatieve, maar ook om positieve risico’s gaat. De begrote eindwaarde kan door marktrisico's immers zowel nadeliger als voordeliger uitvallen dan de prognose. Daarnaast zijn er verschillende mogelijkheden tot bijsturing, bijvoorbeeld in tempo, programmering etc. Ook eventuele subsidies kunnen een positief risico met zich meebrengen. Jaarlijks leggen we de risico’s van de lopende grondexploitaties ter kennisname voor aan de raad in de geactualiseerde GREX’en. Als we een verlies voorzien, wordt een 'voorziening' gevormd. Voor de algemene en specifieke risico’s is een algemene reserve Grondbedrijf gevormd (en een 'voorziening' voor ons aandeel in het voorziene verlies De Volgerlanden). Grondexploitaties kennen algemene risico’s zoals rente- en prijsmutaties, tijdsplanningen en afzetrisico’s en specifieke projectrisico’s.

Bovendien geldt dat de risico's in zo’n grex op basis van onderzoek zo goed mogelijk, maar enigszins voorzichtig worden geraamd. Hierdoor kunnen zowel voor- als nadelen optreden. Voor een uitgebreide toelichting op de Grex'en en risico’s verwijzen we naar de paragraaf Grondbeleid en de Grex'en zelf. Volgerlanden Omdat de risico’s gedurende de looptijd van een project kunnen wijzigen dienen deze regelmatig te worden geactualiseerd en waar nodig aangepast, verwijderd of toegevoegd. Het resultaat van deze actualisatie is dat het risicoprofiel van het project De Volgerlanden per 1 januari 2026 ca. € 1 miljoen bedraagt. Ten opzichte van de grondexploitatie 2024 is het risico nagenoeg gelijk gebleven. De verbetering van het risicoprofiel komt mede doordat er risico's zijn komen te vervallen. Dit risico wordt niet meer samen met de gemeente Zwijndrecht gedeeld (eventuele winsten nog wel). Ambachtsezoom Het risicoprofiel van het project Ambachtsezoom bedraagt per 1-1-2025 ca. € 0,29 miljoen. Ten opzichte van de Grex 2025 is het risicoprofiel met ca. € 0,1 miljoen afgenomen. Dit komt met name doordat het risico op het ontstaan van incourante kavels is komen te vervallen.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

55

Genieterrein-Waterbusplein Het resultaat van de risicoanalyse is dat het risicoprofiel van de grondexploitatie GenieterreinWaterbusplein per 1-1-2025 ca. € 0,00 miljoen bedraagt. Dit profiel kent een zekerheidspercentage van 90%. Ten opzichte van 2024 is dit nagenoeg gelijk gebleven. Conclusie grondexploitaties Op basis van de concept grex'en 2025 is ons aandeel in het risico Volgerlanden, GenieterreinWaterbusplein plus het risico Ambachtsezoom, minus het positieve resultaat Ambachtsezoom een gecombineerd risico 1,3 miljoen met een hoge kans van optreden (80% structureel). Risico Algemene uitkering / decentralisaties De effecten van rijksmaatregelen zijn voor de middellange termijn allerminst zeker. De macroeconomische ontwikkelingen (Oekraïne etc) zijn moeilijk te voorspellen, laat staan de bestuurlijke vertaling door het Rijk naar de uitkeringen voor gemeenten en/of verdeelmodellen. Dat geldt in het bijzonder voor het sociale domein. Voor de drie decentralisaties Jeugdhulp, WMO en Participatiewet met hun kortingen zijn de effecten zorgwekkend, zowel voor het totaal als voor een individuele gemeente (het verdeelmodel). Deze middelen zijn immers onderdeel geworden van de algemene uitkering. We zullen dit actief blijven monitoren. Gemeentefonds Tegelijkertijd speelt de herijking van de algemene uitkering en het zogenaamde ravijn 2026 plus stelselwijziging.

Voor de herijking was onze gemeente in de eerste berekening een flinke voordeel gemeente, in de definitieve berekening zijn we nu een flinke nadeelgemeente van €63 per inwoner (dus circa 2 miljoen) in stappen van maximaal €15 per jaar. De eerste stappen (€7,50 / €22,50 / €37,50) zijn doorgevoerd voor 2023 t/m 2025. De stappen daarna zijn onzeker, er zou eerst een tweede herijking moeten plaatsvinden. De kans van optreden voor het restant (€63-€37,50) is hoog en structureel (80%). Specifiek risico In een bestuurlijk overleg van kabinet en VNG heeft het Rijk extra middelen voor Jeugdzorg ter beschikking gesteld. De extra middelen zijn wel onderwerp van een 'hervormingsagenda' met als doel de extra rijksmiddelen in 10 jaar overbodig te maken. Vanwege de gezamenlijke verantwoordelijkheid en de eerste resultaten in 2025 is hiervoor vooralsnog geen extra risicopost opgenomen. Conclusie algemene uitkering en doeluitkeringen In onze P&C instrumenten anticiperen we zo goed mogelijk op plannen van het Rijk (taakstellingen). Dat geldt ook voor eventuele herverdelingseffecten. Voor deze risicoparagraaf houden we rekening met een nadelig restrisico ter grootte van 5% van ons taakveld Algemene Uitkering = € 3 miljoen en met een gemiddelde (50%) kans van optreden. Beheersmaatregelen: Actief volgen en indien noodzakelijk maatregelen nemen tot bijsturing, met name bij Kadernota of begroting.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

56

Incidentele, algemene risico’s Naast de specifieke risico's kennen we ook incidentele, algemene risico's, zoals een beroep op onze achtergestelde garantieverstrekkingen van circa € 69 miljoen. Ook een hogere loon- of prijsstijging dan geraamd valt hieronder: een omzet van circa € 126 miljoen, inclusief GREX’en en verbonden partijen. De kans hierop wordt ingeschat op extreem laag, oftewel 1 procent. Recapitulatie JR 2024

JR 2025

Verbonden partijen algemeen

6.600

7.760

Verbonden partijen SDD en SOJ specifiek

1.400

1.570

1.200

1.300

Algemene uitkering en overige rijksbijdragen

2.700

3.015

Herijking gemeentefonds

1.310

1.310

Algemeen

1.070

1.260

Totaal risico's

14.280

16.215

Weerstandscapaciteit

29.978

31.097

2,1

1,9

SAMENVATTING (x € 1.000) Programma 1 - Sociaal, Welzijn en Educatie

Programma 2 - Ruimtelijke Ordening, Economie en Wonen Grondexploitaties Programma 4. Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

Weerstandsratio Omdat de risico's van verbonden partijen en rijksuitkeringen semi structureel zijn, worden deze tweemaal meegeteld in de totaal telling.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

57

Paragraaf 2. Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Dit zijn risicobeheer (met name rente- en kredietrisico), de financierings- en schuldpositie, het kasbeheer en de informatievoorziening. Het in december 2015 door de gemeenteraad vastgestelde Financieringsstatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. Rente ontwikkelingen De tarieven op de geldmarkt (kortlopende leningen) volgen het tarief dat de ECB hanteert met haar depositorente. Na enkele jaren van stijgingen is dit tarief in stappen van een kwartpunt verlaagd tot 2% op dit moment. De verwachting is dat de geldmarktrente in 2026 ongeveer gelijk zal blijven. Het rentetarief op langlopende gemeenteleningen is de laatste maanden gestegen. De duurste leningen op dit moment zijn 30- tot 50-jarige aflossingsvrije leningen waarvan het tarief circa 4% is inclusief een liquiditeitsopslag van circa 0,9%. Kortere looptijden zoals 5 jaar met lineaire aflossing zijn een stuk goedkoper met een rentetarief van circa 2,6% inclusief een liquiditeitsopslag van circa 0,20%. De liquiditeitsopslagen zijn historisch gezien erg ruim. Een mogelijke verklaring is de toenemende overheidsschuld wereldwijd waardoor er veel vraag is naar financiering. Daarnaast bouwt de ECB zijn portefeuille staatsobligaties af.

In deze paragraaf is de grafiek opgenomen waarin het verloop van zowel de korte als de lange rente gedurende 2025 is weergegeven. Daarin komt naar voren dat de korte rente wat is gedaald en de lange rente wat is gestegen.

Bedacht moet worden dat, indien een langlopende lening daadwerkelijk wordt opgenomen er opslagen gelden boven op het IRS-tarief zoals hierboven weergegeven. Voor een 10-jaars lening bedraagt dit op het moment van schrijven circa 40 basispunten (0,40%).

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

58

Langlopende leningen De totale gemeentelijke langlopende leningenportefeuille valt in twee delen uiteen, te weten een deel voor de algemene dienst en een deel voor De Volgerlanden. In 2025 is voor de algemene dienst een lening van € 10 miljoen aangetrokken met een looptijd van een jaar en een dag. Deze lening is aangetrokken als herfinanciering van aflossingen op bestaande leningen. Voor de Volgerlanden is in 2025 een bedrag van € 15 miljoen afgelost. Er heeft geen herfinanciering plaatsgevonden en daarmee is de langlopende leningenportefeuille in relatie tot De Volgerlanden volledig afgelost. De totale langlopende leningsschuld van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht bedroeg per 31 december 2025 € 73,6 miljoen. De gemiddelde rente over de totale portefeuille bedroeg per eind 2025 2,01% (eind 2024: 1,77% en 2% voor de algemene dienst). leningenportefeuille

Stand per

Nieuwe lening

Aflossingen

Stand per

(x € 1.000)

1-1-2025

2025

2025

31-12-2025

Algemene Dienst

€ 66.500

€ 10.000

€ 2.950

€ 73.550

De Volgerlanden

€ 15.000

€-

€ 15.000

€-

Totaal

€ 81.500

€ 10.000

€ 17.950

€ 73.550

Renterisico korte termijn: de kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat de gemeente per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet fido bedraagt deze limiet 8,5% van het totaal van de exploitatiebegroting. Gezien de omvang van de begroting 2025 (€ 107 miljoen) betekende dit dat de gemeente Hendrik-IdoAmbacht haar financiële huishouding voor maximaal € 9,3 miljoen met kort geld mocht financieren. In de tabel hieronder ziet u hoe het verloop van de kortlopende middelen is geweest ten opzichte van de kasgeldlimiet gedurende 2025. In 2025 is de kasgeldlimiet in het tweede en derde kwartaal overschreden. Dat wil zeggen dat de gemeente binnen het door de Wet fido toegestane maximum van drie kwartaaloverschrijdingen heeft geopereerd. In 2025 zijn in totaal 15 kasgeldleningen afgesloten voor gemiddeld € 12,7 miljoen met een rente variërend van 2% tot 2,5%. Berekening kasgeldlimiet Gemiddeld. netto vlottende schuld (+) of gemiddeld netto vlottend overschot (-)

Bedragen x € 1.000 1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

€ 1.817

€ 18.294

€ 13.852

€ 9.075

kasgeldlimiet

€ 9.297

€ 9.297

€ 9.297

€ 9.297

Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

€ 7.480

€ 8.997-

€ 4.555-

€ 222

Renterisico lange termijn: de rente risico norm De renterisiconorm heeft tot doel om binnen de portefeuille aan langlopende leningen een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen. Om dat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer dan 20% van het begrotingstotaal. De renterisiconorm van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht bedroeg in 2025 € 21,4 miljoen. Uit onderstaande berekening komt naar voren dat de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht in 2025 de renterisiconorm niet heeft overschreden.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

59

Rente Risico Norm

Bedragen x € 1.000

Renterisico's

2025

Aflossingen

€ 17.950

Renterisico

€ 17.950

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal

€ 109.372

Percentage regeling

20%

Renterisiconorm

€ 21.874

Toetsing aan norm:

€ 3.924-

Kredietrisico's De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht loopt kredietrisico op verstrekte geldleningen en leningen waarop een borgstelling is afgegeven. Het totaalbedrag aan verstrekte geldleningen per eind 2025 is: • Leningen aan woningcorporaties: € 0,03 miljoen • Woningfinancieringen gemeentepersoneel: € 1 miljoen • Veiligheidsregio ZHZ (kazerne): € 1,2 miljoen • Startersleningen: € 0,8 miljoen • Duurzaamheidsleningen: € 1,2 miljoen • Lening VVOG: € 0,5 miljoen • Lening SOL € 0,9 miljoen • Lening Nestas 1,6 miljoen • Totaal: € 7,2 miljoen Daarnaast stond de gemeente per 31 december 2025 voor 89,4 miljoen garant. Hiervan heeft 81,6 miljoen betrekking op de achtervangpositie in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (indirecte borgstelling). Gezien de rond het WSW gebouwde zekerheidsstructuur is aan deze garantstellingen een relatief laag risico verbonden. Het bedrag aan directe borgstellingen bedroeg per eind 2025 € 7,8 miljoen. De belangrijkste directe borgstellingen worden gevormd door: • HVC Alkmaar (1,05% belang; ‘getrapt’ via GR Gevudo): € 6,1 miljoen • Woningstichting Rhiant 1,7 miljoen (1 lening). De specificatie van alle door de gemeente gewaarborgde leningen is te vinden in de staat van gewaarborgde geldleningen elders in deze jaarrekening.

Schatkistbankieren Bij het verplicht schatkistbankieren mag de gemeente een bedrag van 2% van het begrotingstotaal aan lasten na bestemming, dus inclusief de stortingen in reserves (bij aanvang van het begrotingsjaar) buiten de schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. In de hiernavolgende tabel staat per kwartaal aangegeven wat het gemiddelde positieve banksaldo was. Hieruit blijkt dat in 2025 binnen het drempelbedrag van 2,2 miljoen is geopereerd. In 2025 werd op de schatkistrekening rente vergoed. Bij de huisbank is debetrente verschuldigd bij een negatief saldo en er is creditrente vergoed bij een positief saldo. Berekening drempel Begrotingstotaal

Bedragen x € 1.000 € 109.372

Relevant percentage Drempelbedrag (afgerond)

2,00% € 2.187

Kwartaaluitkomsten benutting drempelbedrag 1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

Gemiddelde positieve banksaldi

€ 20

€ 132

€ 1.062

€ 1.260

Ruimte t.o.v. drempelbedrag

€ 2.167

€ 2.055

€ 1.125

€ 927

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

60

Rente toerekening Voor de interne doorberekening van de rentekosten naar de investeringen hanteren we een omslagrente van 1,5%. Het kan zijn dat de werkelijke rentelasten afwijken van de voorgecalculeerde renteomslag die is toegerekend. Volgens de BBV-notitie Rente kan de gemeente besluiten tot correctie. Correctie is zelfs verplicht als deze afwijking groter is dan 25%. In onderstaand renteschema zetten we de werkelijke rentelasten uiteen, die gezamenlijk het renteresultaat bepalen. Daarnaast bepalen we of de eerdergenoemde afwijking niet groter is dan 25%. 2025 a.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering

b.

De externe rentebaten

€ 1.641.147,84 -/-

Totaal door te rekenen externe rente c1.

€ 81.986,42 € 1.559.161,42

De rente die aan de facilitaire grondexploitatie

€-

moet worden doorberekend c2.

De rente van projectfinanciering die aan

€ 26.236,00

het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3.

De rentebaat van door verstrekte

€-

leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend -/Saldo door te rekenen externe rente

€ 26.236,00 € 1.532.925,42

d1.

Rente over eigen vermogen

d2.

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

€-

De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht

€ 1.532.925,42

Overhead) toe te rekenen rente e.

De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag)

f.

Renteresultaat op het taakveld treasury

€ 1.631.524,56 € -98.599,14

Verschil (procentueel)

Jaarstukken 2025

-/-

-6,43%

Hendrik-Ido-Ambacht

61

Paragraaf 3. Lokale heffingen Inleiding Lokale heffingen kunnen we onderscheiden in gebonden en ongebonden heffingen. Gebonden wil zeggen dat de besteding gerelateerd is aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Dit zijn retributies (bijvoorbeeld leges, marktgeld) of bestemmingsheffingen (bijvoorbeeld afvalstoffenheffing, rioolheffing). Deze heffingen worden verantwoord op de desbetreffende gemeentelijke programma’s en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Ongebonden lokale heffingen zijn zogenaamde zuivere belastingen. De opbrengsten hieruit kunnen door de gemeenteraad vrij binnen het werkterrein van de gemeente worden ingezet. Het gaat hierbij om de onroerende-zaakbelastingen (OZB), hondenbelasting en precariobelasting. Deze heffingen zijn niet verbonden aan een inhoudelijk programma en behoren tot de algemene dekkingsmiddelen. Deze paragraaf heeft betrekking op beide categorieën heffingen. In het vervolg gaan wij in op de volgende aspecten: a. het beleid ten aanzien van de lokale heffingen; b. de opbrengst van de gemeentelijke heffingen c. een duiding van de lokale lastendruk en tarieven; d. een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen plus kostendekkendheid; e. een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.

Ontwikkelingen en rijksbeleid Ondernemersfonds De OZB is na de uitkering uit het gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron en bestaan uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als niet-woningen en een gebruikersbelasting voor de niet woningen. De opbrengst vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. Daarnaast is een gedeelte, namelijk € 334.000 in 2025, bestemd voor het Ondernemersfonds. Dit bedrag komt tot stand door een extra verhoging van de OZB-belasting op niet-woningen voor eigenaren en gebruikers. De gemeente keert de opbrengst als subsidie uit aan de Stichting Ondernemersfonds, die deze als 'trekkingsrecht' alloceert aan de gebieden of sectoren evenredig met wat deze opgebracht hebben. In 2024 is de pilot voor het ondernemersfonds geëvalueerd en het ondernemersfonds wordt nu voor onbepaalde tijd voortgezet. Overzicht belastingopbrengsten en belastingdruk Onderstaande tabel is een overzicht van de gerealiseerde opbrengsten over 2025 en, ter vergelijking, 2024. Wij merken op dat de verschillen tussen de verantwoording 2024 en 2025 geen indicatie geven van de stijging of daling van de tarieven, maar van de totale opbrengst. Factoren zoals ontwikkelingen in de WOZ-waarde en areaaluitbreiding spelen bij de onroerendezaakbelastingen een belangrijke rol. Meer of minder afgegeven omgevingsvergunningen kunnen de opbrengst leges sterk beïnvloeden.

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

62

Belastingopbrengsten (x € 1.000)

JR 2024

BG 2025

JR 2025

perc van totaal

7.526

7.722

7.752

41%

266

209

208

1%

7.792

7.931

7.960

42%

Afvalstoffenheffing

4.893

5.060

5.060

27%

Rioolheffing

2.860

2.927

2.967

16%

462

416

417

2%

2.086

1.241

1.685

9%

Burgerzaken + overige leges

810

764

813

4%

Marktgeld

47

46

43

0%

Subtotaal

11.158

10.453

10.984

58%

TOTAAL

18.950

18.384

18.944

100%

2021

2022

2023

2024

2025

Gemiddelde WOZ-waarde

309.000

336.000

394.000

413.000

443.000

OZB-eigenaar

325,37

327,26

361,69

385,74

391,16

Afvalstoffenheffing (meerpers.)*

350,64

373,68

404,16

436,44

448,95

Rioolheffing eigenaar

128,52

130,31

138,38

149,45

153,63

Rioolheffing gebruiker (meerpers.)

59,52

60,24

63,84

68,88

70,80

-63,00

-76,00

-32,00

891

905

965

1.033

3,2%

1,5%

6,6%

7,1%

Algemene dekkingsmiddelen (ongebonden heffingen) Onroerendezaakbelastingen Hondenbelasting Subtotaal Gebonden heffingen

Lijkbezorgingsrechten Bouwleges

Belastingdruk

Bijdrage woonlasten Ontwikkeling lastendruk

864

% stijging tov vorig jaar

* Tot 2024 gold in Hendrik-Ido-Ambacht een tarief voor één- en meerpersoonshuishoudens. Vanaf 2024 kent Hendrik-Ido-Ambacht het recycle-tarief (diftar). Het opgenomen bedrag is voor een gemiddeld meerpersoonshuishouden (3 personen) als volgt berekend: Het vaste bedrag minus 3 vrije inworpen per persoon à € 2,50 plus het gemiddelde aantal inworpen (12 per persoon) van 60 liter.

Toelichting Tot de woonlasten worden gerekend de OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De woonlasten vormen het grootste deel van de opbrengst uit de gemeentelijke heffingen en daarmee grotendeels de lokale

Jaarstukken 2025

Hendrik-Ido-Ambacht

63

lastendruk. De volgende tabellen geven de ontwikkeling van de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden weer over de laatste vier jaren, zowel die voor eigenaren-bewoners (dus met een eigen huis) als die van huurders. De OZB is berekend op basis van de laatste door CBS gepubliceerde gemiddelde WOZ-waarde van woningen voor het desbetreffende jaar. Deze waarde is berekend naar de peildatum 1 januari van het voorgaande jaar. De WOZ-waarde 2025 is dus berekend naar de waarde peildatum 1 januari 2024. Huurders betalen geen OZB en rioolheffing eigenaar. Onroerendezaakbelastingen (OZB) De onroerendezaakbelastingen (OZB) is na de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron voor de gemeente. Deze heffing bestaat uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als niet-woningen en een gebruikersbelasting voor niet-woningen (bedrijven, enz.). De opbrengst vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. De gemeenteraad bepaalt de tarieven en daarmee de het bedrag wat belastingplichtigen moeten betalen. De heffingsgrondslag is de waarde van de onroerende zaak. Deze wordt vastgesteld op basis van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Voor de WOZ-waarden 2025 gelden de WOZ-waarden met als waarde peildatum 1 januari 2024. Sinds 2009 is de verschuldigde OZB een percentage van de waarde van de onroerende zaak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17033673/1