Tabel vergelijking model en Ambachtse Reglement van Orde
Tekst van het document
Artikel 21. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd.
woord hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking heeft. 7. Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en griffier. 8. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze. 9. Elektronisch beschikbare verslagen en besluitenlijsten worden op de website van de gemeente geplaatst.
van orde, moties, amendementen en subamendementen, en; g. bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van artikel 21 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. 4. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de raadsleden verzonden aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking heeft. 5. Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en griffier. 6. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze. 7. Elektronisch beschikbare verslagen en besluitenlijsten worden op de website van de gemeente geplaatst.
Artikel 36. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en digitaal ter inzage wordt gelegd.
Lid 1: toevoeging HIA “digitaal” sluit aan bij praktijk. Lid 2.: Sluit aan bij de praktijk dat de griffier de lijst voorbereidt. Zou ook via agendacommissie kunnen lopen, bij het vaststellen van de agenda.
2. Na de vaststelling van het verslag stelt de raad op voorstel van het presidium, of in geval van onverwijlde spoed de griffier, de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.
2. Na de vaststelling van het verslag stelt de raad op voorstel van de griffier de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast. 3. Daarna worden de stukken ter afhandeling in handen gesteld van het college.
Lid 3 HIA: Vervalt. Dit betekent ook dat er (conform de huidige werkwijze) ruimte is voor het college om al actie te ondernemen op sommige ingekomen stukken. Gelet op de tijd die tussen vergaderingen zit is het wenselijk dat er vaak al eerder contact wordt opgenomen met briefschrijvers. Voorstel: Artikel 36. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en digitaal ter inzage wordt gelegd. 2. Na de vaststelling van het verslag stelt de raad op voorstel van de griffier de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.
Artikel 22. Toepassing reglement op besloten vergaderingen Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Artikel 23. Verslag besloten vergadering
Artikel 37. Toepassing reglement op besloten vergaderingen (geheimhouding) Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Artikel 38. Verslag besloten vergadering 1. Het conceptverslag en/of -besluitenlijst van een besloten vergadering wordt digitaal
Zijn identiek. Zo houden.
HIA lid 1: Vertrouwelijk is geen juridische term en moet in deze context dus vervallen.
1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de griffier. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.
(vertrouwelijk) beschikbaar gesteld aan de raads- en burgerraadsleden en collegeleden en ligt ter inzage bij de griffier. 2. Dit verslag / deze besluitenlijst wordt zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag/ de besluitenlijst. 3. Het vastgestelde verslag/de vastgestelde besluitenlijst wordt door de voorzitter en de griffier ondertekend.
Voorgesteld wordt om bij stukken waarop formeel geheimhouding wordt opgelegd, deze informatie conform de VNG bepaling niet (digitaal) te delen. Bij digitaal delen stijgt de kans op (onbedoeld) lekken. Ook kunnen (burger)raadsleden bij digitale informatie ook niet meer aantonen dat ze geen kennis van geheime informatie hebben. Lid 2 model is aangepast naar aanleiding van de doorgevoerde wetswijziging (opheffen van de geheimhouding). De vraag is in de agendacommissie gesteld of er wel nadere regels moeten worden gesteld over vertrouwelijke informatie. Voorstel: Overnemen model Aanbevolen wordt om de afspraken rondom geheimhouding nog goed vast te leggen in een protocol. Het is onder meer noodzakelijk om ook goed bij te houden welke stukken er geheim zijn, en wanneer geheimhouding van deze stukken afgaat. Daarnaast is het belangrijk om goede werkafspraken te hebben over de manier waarop met overige vertrouwelijke, meer informele, informatie wordt omgegaan.
Artikel 24. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Artikel 25. Toehoorders en pers 1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
Artikel 26. Geluid- en beeldregistraties
Artikel 39. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding op te heffen dan wel niet te bekrachtigen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Artikel 40. Toehoorders en pers 1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden. 3. De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken. 4. Hij is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen. Artikel 41. Geluid- en beeldregistraties
De gemeentewet is gewijzigd op het punt van geheimhouding. Het model is hierop aangepast. Voorstel: overnemen van het aan de wetswijziging aangepaste model
Lid 3 en 4 HIA zijn geregeld in de gemeentewet (artikel 26) en dus overbodig. Voorstel: model overnemen.
Voorstel: tekst HIA overnemen. Vooraf is een goede toevoeging. Alleen dan kan de
Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan vooraf mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen. Artikel 27. Amendementen en Artikel 42. Amendementen en subamendementen subamendementen 1. Raadsleden dienen amendementen en 1. Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten van de subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben schriftelijk in bij de deze betrekking hebben schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. mondelinge indiening volstaat. [2. Er wordt alleen beraadslaagd over 2. Een amendement kan het voorstel amendementen en subamendementen die inhouden om een geagendeerd voorstel in ingediend zijn door raadsleden die de één of meer onderdelen te splitsen, presentielijst getekend hebben.] waarover afzonderlijke besluitvorming zal 3. Intrekking door de indiener van een plaatsvinden. amendement of subamendement is 3. Er wordt alleen beraadslaagd over mogelijk totdat de besluitvorming daarover amendementen en subamendementen die door de raad is afgerond. ingediend zijn door raadsleden, die de presentielijst getekend hebben én in de vergadering aanwezig zijn. 4.
Ieder lid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het amendement dat door een lid is ingediend een wijziging voor te stellen (subamendement). 5. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is
voorzitter als dat nodig is ook aanwijzingen geven.
Bij lid 2 HIA: in principe is splitsen van een voorstel een ordevoorstel – en ordevoorstellen zijn al geregeld. Bij lid 3 HIA en lid 2 model: Amendementen worden in de vergadering ingediend. Dus dan is een raadslid ook aanwezig én is de presentielijst getekend. Lid 2 model / lid 3 HIA is dus overbodig. Voor wat betreft lid 3 HIA: Wat als een raadslid inmiddels niet meer aanwezig is? Het kan tot lastige vragen leiden, bijvoorbeeld wanneer de begrotingsvergadering over 2 avonden loopt. Bij aanvang ingediend, maar bespreking gaat naar de tweede dag. De verdediging of toelichting kan dan door een ander raadslid worden overgenomen. Het vierde lid HIA staat in de gemeentewet artikel 147b. Voorstel: Overnemen model, zonder het tweede lid. Artikel Amendementen en subamendementen
mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 28. Moties 1. Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. 2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft. 3. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. 4. Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 43. Moties 1. Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. 2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft. 3. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. 4. Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond.
Artikel 29. Initiatiefvoorstel 1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter. Deze brengt
Artikel 44. Initiatiefvoorstel 1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter. Deze brengt
1. Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben schriftelijk in bij de voorzitter, tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. 2. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond. Model is identiek. Ongewijzigd overnemen.
Model is identiek. Ongewijzigd overnemen.
een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college. 2. Het college kan binnen [termijn] nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. 3. Nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, wordt het voorstel op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst. Als de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst.
een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college. 2. Het college kan binnen 14 dagen nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. 3. Nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, wordt het voorstel op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst. Als de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is, wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst.
Artikel 30. Collegevoorstel 1. Een collegevoorstel aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, wordt niet ingetrokken zonder toestemming van de raad. 2. Als de raad van oordeel is dat het nodig is een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad binnen welke
Artikel 45. Collegevoorstel 1. Een collegevoorstel aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, wordt niet ingetrokken zonder toestemming van de raad. 2. Als de raad van oordeel is dat het nodig is een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug te zenden aan het college, bepaalt de raad binnen welke
Model is identiek. Ongewijzigd overnemen.
termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt.
Artikel 31. Interpellatie 1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen. 2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. 3. Over verzoeken die ten minste [… (bijvoorbeeld 48)] uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, wordt tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd.
termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. Artikel 46. Recht op onderzoek 1. Elk raadslid kan een voorstel doen om een onderzoek in te stellen. 2. Het onderzoek gaat alleen door als een meerderheid van de raad er voor stemt. 3. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een onderzoekscommissie, waarvan de leden door de raad worden benoemd. 4. Een onderzoekscommissie bestaat uit ten minste drie raadsleden. Collegeleden kunnen geen lid zijn van een onderzoekscommissie. Artikel 47. Interpellatie 1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen vragen. 2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. 3. Over verzoeken die ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen wordt tijdens de eerstvolgende raadsvergadering
Staat geregeld in artikel 155a Gemeentewet en in de verordening van 1 oktober 2015. Verordening recht van onderzoek gemeente Hendrik-IdoAmbacht 2015 | Lokale wet- en regelgeving Overbodig, dus laten vervallen.
Termijn aanpassen naar indienen op 9:00 uur in de ochtend. De toevoeging in het eerste lid over duidelijke omschrijving van het onderwerp is een goede verduidelijking. Verder overnemen, is conform model. Artikel 47. Interpellatie 1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen vragen.
In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. 4. De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.
gestemd. In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. 4. De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.
Artikel 32. Schriftelijke vragen 1. Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier, waarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen [… (bijvoorbeeld tien)] dagen nadat de vragen zijn ingediend.
Artikel 48. Schriftelijke vragen 1. Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier, waarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. Schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester kort en krachtig formuleren. 3. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 4. Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend.
2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. 3. Over verzoeken die voor 9:00 uur op de dag van een raadsvergadering zijn ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen wordt tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering. 4. De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft. Lid 2 HIA is niet in model en niet handhaafbaar. Is een gedragsafspraak. Lid 2 Laten vervallen Verder is het artikel conform model, met termijnen in lid 4 ingevuld.
Voorstel Artikel . Schriftelijke vragen 1. Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier, waarbij wordt aangegeven of er
4. Vragen die ten minste [… (bijvoorbeeld 48)] uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend worden mondeling beantwoord in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. 5. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden. 6. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
5. Vragen die ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering zijn ingediend worden mondeling beantwoord in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. 6. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden. 7. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. Schriftelijke beantwoording gebeurt zo spoedig mogelijk, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend. 4. Vragen die voor 9:00 uur op de dag van een raadsvergadering zijn ingediend worden mondeling beantwoord in de eerstvolgende raadsvergadering, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. 5. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door de griffier aan de raadsleden toegezonden. 6. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door het college of de burgemeester gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Artikel 33. Inlichtingen 1. Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de wet schriftelijk in bij de griffier. 2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad verschaft, in ieder geval binnen [… (bijvoorbeeld tien)] dagen nadat het verzoek is ingediend.
[Artikel 34. Vragenuur 1. Op [… (bijvoorbeeld iedere eerste donderdag van de maand)] om […] uur is er een vragenuur, tenzij bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan het presidium bepalen dat het vragenuur op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenuur eindigt. 2. Raadsleden die tijdens het vragenuur vragen willen stellen, melden dit onder aanduiding van het onderwerp ten minste
Artikel 49. Inlichtingen 1. Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de wet schriftelijk in bij de griffier. 2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk aan de raad verschaft, in ieder geval binnen 10 dagen nadat het verzoek is ingediend. 4. De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven Artikel 50. Vragenhalfuur 1. Aan het begin van de raadsvergadering is er een vragenhalfuur, tenzij bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de agendacommissie bepalen dat het vragenhalfuur op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het vragenhalfuur eindigt. 2. Raadsleden die tijdens het vragenhalfuur vragen willen stellen, melden dit onder aanduiding van het
Lid 4 HIA staat niet in het model. Dit is ook in tegenspraak met het feit dat de inlichtingen (niet antwoorden!) binnen 10 dagen worden verschaft. Voorstel: model overnemen
Bij lid 1 HIA: de voorzitter heeft altijd de bevoegdheid om de orde in de vergadering te handhaven. Om die reden zijn veel zaken gedereguleerd. Dat geldt ook voor het bepalen van het tijdstip waarop het vragenhalfuur eindigt. Lid 5 is specifiek lokaal beleid. Wordt van deze procedure gebruik gemaakt? Voorstel Artikel . Vragenhalfuur
[… (bijvoorbeeld 48)] uur voor aanvang van het vragenuur bij de voorzitter. 3. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden, het college en de burgemeester. 4. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. 5. De voorzitter kan aan andere raadsleden het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp. 6. Tijdens het vragenuur worden geen moties ingediend en geen interrupties toegelaten.]
onderwerp ten minste 48 uur voor aanvang van het vragenhalfuur bij de voorzitter. 3. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden, het college en de burgemeester. 4. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. 5. De voorzitter kan na overleg met de agendacommissie weigeren een onderwerp tijdens het vragenhalfuur aan de orde te stellen indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven, of indien het onderwerp in de raadsvergadering op diezelfde dag aan de orde komt. 6. De voorzitter kan aan andere raadsleden het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij aan het college of de burgemeester vragen te stellen over hetzelfde onderwerp.
1. Aan het begin van de raadsvergadering is er een vragenhalfuur, tenzij bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de agendacommissie bepalen dat het vragenhalfuur op een ander tijdstip wordt gehouden. 2. Raadsleden die tijdens het vragenhalfuur vragen willen stellen, melden dit onder aanduiding van het onderwerp voor 9:00 uur op de dag van een raadsvergadering bij de voorzitter. 3. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, de overige raadsleden, het college en de burgemeester. 4. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. Na de beantwoording daarvan krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen.
7. Tijdens het vragenhalfuur worden geen moties ingediend en geen interrupties toegelaten. Artikel 51. Procedure begroting Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding, het onderzoek, de behandeling en de vaststelling van de begroting volgens een procedure die de raad vaststelt. Artikel 52. Procedure jaarrekening Onverminderd het bepaalde in de Gemeentewet geschiedt de voorbereiding en het onderzoek van de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede de vaststelling van de jaarrekening en van een eventueel indemniteitsbesluit volgens een procedure die de raad vaststelt. Artikel 53. Verslag; verantwoording 1. Een lid van de raad, een wethouder, de burgemeester of de gemeentesecretaris, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht (om in aansluiting op de behandeling van de lijst van ingekomen stukken òf voor het sluiten
Door de VNG geschrapt, omdat dit onder de agendacommissie valt. Voorstel: schrappen. Deze afspraken worden, als daar behoefte aan is, op andere plaatsen gemaakt (auditcommissie, seniorenconvent, agendacommissie) ieder voor zover dit in hun taakgebied zit. Door de VNG geschrapt, omdat dit onder de agendacommissie valt. Voorstel: schrappen. Deze afspraken worden, als daar behoefte aan is, op andere plaatsen gemaakt (auditcommissie, seniorenconvent, agendacommissie) ieder voor zover dit in hun taakgebied zit. Door de VNG geschrapt. Staat deels in de Wet gemeenschappelijke regelingen (artikelen 16 t/m 18) en bevoegdheden agendacommissie. De raad heeft hier later nog een vijfde lid aan toegevoegd voor de rapporteurs. In principe is het vastleggen in het Reglement van Orde niet nodig om van deze werkwijze gebruik te maken. De raad kan altijd van deze mogelijkheid gebruik maken. Voorstel: schrappen, dereguleren.
Artikel 35. Uitleg reglement
van de vergadering) verslag te doen over zaken die in het algemeen bestuur als bedoeld aan de orde zijn. Door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de Voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie. 2. Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 48, zijn van overeenkomstige toepassing. 3. Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan. De regels voor het vragen van inlichtingen, vastgesteld in artikel 49, zijn van overeenkomstige toepassing. 4. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden heeft benoemd. 5. De raad heeft de mogelijkheid een of meerdere rapporteurs aan te wijzen/te benoemen voor een specifieke gemeenschappelijke regeling/verbonden partij. Artikel 54. Uitleg reglement
Identiek - overnemen
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de voorzitter.
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de voorzitter.
Artikel 36. Intrekking oude reglement Het [citeertitel oude reglement] wordt ingetrokken.
Artikel 55. Intrekken Intrekking oude reglement Het reglement van orde voor de raad Hendrik-Ido-Ambacht 2015 wordt ingetrokken.
Voorstel: Titel artikel overnemen uit model.
Artikel 37. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking op [datum]. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad [naam gemeente en eventueel jaartal].
Artikel 56. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2020. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor de raad HendrikIdo-Ambacht 2020.
Voorstel: Artikel . Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking de dag volgend op de bekendmaking. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor de raad HendrikIdo-Ambacht 2025.
Artikel . Intrekking oude reglement Het Reglement van orde voor de raad Hendrik-Ido-Ambacht wordt ingetrokken.
1. Het seniorenconvent heeft de volgende taken: a. Vaststellen van het vergaderschema; b. Houden van periodieke gesprekken met de burgemeester over het wederzijds functioneren; c. Ter bespreking van zaken met een vertrouwelijk, politiek gevoelig en urgent karakter; d. Het seniorenconvent dient als overlegplatform voor het uitwisselen van informatie tussen de burgemeester danwel de voorzitter van de raad respectievelijk het college van burgemeester en wethouders en de fractievoorzitters, die vanwege haar vertrouwelijkheid, voorlopigheid of anderszins (nog) niet openbaar gemaakt kan worden; e. Overige zaken die door de raad zijn opgedragen. 2. Het seniorenconvent treedt als overlegplatform namens de raad op voor politiek gevoelige, vertrouwelijke en spoedeisende kwesties waaronder: Afstemmingsvraagstukken met het college van burgemeester en wethouders; De zitplaatsverdeling in de raadszaal; Het vaststellen van de fractievergoedingen; De onderwerpkeuze t.a.v. de rekenkameronderzoeken; Vertrouwelijke onderwerpen die (nog) niet openbaar behandeld kunnen worden; De toepassing van de gedragscode politieke ambtsdragers; Onderwerpen waarbij de privacy van personen in het geding is.
Met opmerkingen [Bv1]: Hoe verhoudt dit zich met de taak agendacommissie om de vergadercyclus vast te stellen? Met opmerkingen [Bv2]: Is taak van de vertrouwenscommissie. Het seniorenconvent is geen formele commissie - wat vragen oproept over hoe bijvoorbeeld geheimhouding is geregeld. Met opmerkingen [Bv3]: Zie hieronder. Dit wringt met de bepalingen in de Gemeentewet over bijvoorbeeld geheimhouding (zie artikel 88, vijfde lid - indien het college of de burgemeester informatie verstrekt aan een commissie waarin leden van de raad zitting hebben, verstrekt het college of de burgemeester die informatie tevens aan de raad) Met opmerkingen [Bv4]: Afstemming is een opdracht van de drie raadscommissies. Artikel 82 gemeentewet: “De raad kan raadscommissies instellen die besluitvorming van de raad kunnen voorbereiden en met het college of de burgemeester kunnen overleggen.” Met opmerkingen [Bv5]: Dit is in het Reglement van Orde geregeld, het betreft organisatie en functioneren
...
Met opmerkingen [Bv6]: Valt onder functioneren en organisatie van de raad. Met opmerkingen [Bv7]: De onderwerpkeuze van rekenkameronderzoeken is een verantwoordelijkheid van de rekenkamer zelf. In de verordening op de ... Met opmerkingen [Bv8]: Daarvoor is de algemene geheimhoudingsregeling voor raad en commissies. Geheime onderwerpen alleen met fractievoorzitters
...
Met opmerkingen [Bv9]: Het verdient aanbeveling om de toepassing van de gedragscode te beschrijven in een ... Met opmerkingen [Bv10]: Dit is heel breed geformuleerd. Dit valt ook onder algemene geheimhoudingsbepaling