Tabel vergelijking model en Ambachtse Reglement van Orde
Tekst van het document
Reglement van Orde
Model VNG Artikel 1. Begripsbepalingen
Reglement van Orde HIA Artikel 1. Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: a. Amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; b. Griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger; c. Initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid voor een verordening of ander voorstel; d. Motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; e. Subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement; f. Voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger; g. Voorstel van orde: voorstel betreffende de orde van de vergadering; h. Wet: Gemeentewet.
Opmerkingen Tekst is identiek, met uitzondering van streepjes of letters bij opsomming. Voorstel: model overnemen
Artikel 2. Het presidium 1. Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter en de fractievoorzitters.
Artikel 2. Het Seniorenconvent 1. Er is een seniorenconvent dat bestaat uit de voorzitter en de fractievoorzitters.
Presidium heet in Hendrik-Ido-Ambacht seniorenconvent. Dit wordt vervangen in de tekst. lid 1 = identiek
2. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij afwezigheid in het presidium vervangt. 3. Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen. 4. Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad [en de raadscommissies] voor zover het niet betreft de taken van de agendacommissie.
2. Elke fractievoorzitter heeft één stem in het seniorenconvent. De voorzitter heeft geen stemrecht, in geval de stemmen staken beslist de voorzitter. 3. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij afwezigheid in het seniorenconvent vervangt. 4. Het seniorenconvent kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen. 5. Het seniorenconvent stelt ten behoeve van zijn werkzaamheden een reglement op dat door de raad wordt vastgesteld. 6. De griffier of diens vervanger is in elke vergadering van het seniorenconvent aanwezig. 7. Het seniorenconvent doet aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad voor zover het niet betreft de taken van de agendacommissie.
Artikel 3. De agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen
Artikel 3. De agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen
Lid 2 HIA gaat over stemmen in seniorenconvent. Het model spreekt (zowel voor agendacommissie als seniorenconvent) niets over stemmen. Het model-reglement geeft in de toelichting aan dat in het presidium de stem van elke partij even zwaar geldt. Het feit dat de stem van de voorzitter mee kan tellen is in strijd met de gemeentewet. (burgemeester kan geen lid zijn van een commissie). Lid 2 en 3 model = lid 3 en 4 HIA Lid 5: Waarom is een dergelijk reglement nodig? Dit is ook elders niet gebruikelijk. Het reglement roept ook weer nieuwe vragen op. In het Ambachtse huishoudelijk reglement seniorenconvent staan taken in die zich niet verhouden met een aantal andere zaken. Zie onder deze tabel voor de tekst uit het reglement met opmerkingen. Lid 6: is in model geregeld in artikel 4 – de griffier Lid 7 is lid 4 model. Voorstel: dereguleren. Model VNG overnemen, waarbij het presidium uit het model seniorenconvent wordt genoemd wordt.
Variant 1 (raad werkt met raadscommissies) 1. Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters van raadscommissies[, de voorzitter] en één raadslid per fractie die anders niet vertegenwoordigd is. 2. Ze heeft in ieder geval de volgende taken: a. het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen en raadscommissievergaderingen; b. het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de raadscommissies, en c. het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de wet, en in het derde lid. 3. In aanvulling op de raadscommissievergaderingen, bedoeld in het tweede lid, onder b, vergadert een raadscommissie voorts als haar voorzitter het nodig acht of als ten minste twee fracties schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken.
1. Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters van raadscommissies en de voorzitter. Secretaris van de agendacommissie is de griffier. De gemeentesecretaris is adviseur. 2. De voorzitters van de commissie wordt door de raad uit zijn midden benoemd. 3. Elk lid heeft een stem in de agendacommissie. 4. Ze heeft in ieder geval de volgende taken: a. het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen en raadscommissievergaderingen; b. het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de raadscommissies, en; c. het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Wet, en in het vijfde lid. 5. In aanvulling op de raadscommissievergaderingen, bedoeld in het tweede lid, onder b, vergadert een raadscommissie voorts als haar voorzitter het nodig acht of als ten minste twee fracties schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken. 6. De taken van de agendacommissie zijn:
Lid 1: Hier zit een keuze hoe je het lokaal inricht. Huidige werkwijze is hierin beschreven. Voorstel: tekst HIA overnemen Lid 2 HIA: De voorzitters van de commissies worden benoemd in artikel 7 commissieverordening. Voorstel: laten vervallen Lid 3 HIA: Het model kent geen stemregeling. In de praktijk blijkt dit ook niet nodig. Doel van de agendacommissie is om agenda’s op te stellen die door de raad breed geaccepteerd worden. Daar passen oplossingen waar een deel van de raad zich niet in kan vinden niet bij. De agendacommissie neemt ook geen (op rechtsgevolg gerichte) besluiten. Advies laten vervallen. Lid 4 HIA = lid 2 model. De agendacommissie overlegt ook over de planning en invulling van informatiebijeenkomsten. Lid 5 HIA = lid 3 model Lid 6 HIA: Dit is grotendeels al opgenomen in lid 4 – omgenummerd lid 2) – is verder een Voorstel: laten vervallen Lid 7 HIA Een huishoudelijk reglement is geen gebruik in andere gemeenten. Het regelt zaken die deels al in het RvO beschreven staan – en bevat praktische werkafspraken die ook op andere wijzen
a. het voorbereiden en vaststellen van de inhoud van de voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen en raadscommissievergaderingen; b. het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de raadscommissies; c. het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet en lid 4 van dit artikel; d. wanneer afwijkingen van het vastgestelde vergaderschema nodig zijn, wordt datum en aanvangsuur van de raadsof commissievergadering bepaald. Hiervan wordt mededeling gedaan aan het seniorenconvent; e. planning en afstemming voor het houden van extra raads- of commissievergaderingen vindt plaats, zo nodig na consultatie van het seniorenconvent; f. afstemming over de te volgen werkwijze en vergaderorde in raad en commissies; g. attenderen op kwalitatieve aspecten van praktische faciliteiten van raad en commissies (toezending stukken, werking van het RaadsInformatieSysteem (RIS), etc.). 7. De agendacommissie stelt ten behoeve van zijn werkzaamheden een huishoudelijk
gemaakt kunnen worden. Voorstel: dereguleren. Laten vervallen Voorgestelde tekst: Artikel 3. De agendacommissie en het vaststellen van vergaderingen 1. Er is een agendacommissie die bestaat uit de voorzitters van raadscommissies en de voorzitter. Secretaris van de agendacommissie is de griffier. De gemeentesecretaris is adviseur. 2. Ze heeft in ieder geval de volgende taken: a. het voorbereiden en vaststellen van voorlopige agenda’s voor raadsvergaderingen, raadscommissievergaderingen en informatiebijeenkomsten; b. het vaststellen van de vergadercyclus van de raad en van de raadscommissies, en c. het vaststellen van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de wet, en in het derde lid. 3. In aanvulling op de raadscommissievergaderingen, bedoeld in het tweede lid, onder b, vergadert een raadscommissie voorts als haar voorzitter het nodig acht of als ten minste twee
Artikel 4. De griffier 1. De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen en vergaderingen van het presidium[ en kan aanwezig zijn in de commissievergaderingen van de raad]. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een plaatsvervanger die door de raad is aangewezen. 3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in raadsvergaderingen deelnemen.
reglement op dat door de raad wordt vastgesteld.
fracties schriftelijk, met opgaaf van redenen, daarom verzoeken.
Artikel 4. De voorzitter De voorzitter is belast met: 1. het leiden van de vergadering; 2. het handhaven van de orde; 3. het doen naleven van het reglement van orde; 4. hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder opdraagt. Artikel 5. De griffier 1. De griffier is aanwezig in raadsvergaderingen en vergaderingen van het seniorenconvent en kan aanwezig zijn in de commissievergaderingen van de raad. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een plaatsvervanger die door de raad is aangewezen. 3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan beraadslagingen in raadsvergaderingen deelnemen.
Het model kent dit artikel niet. Taken van de burgemeester zijn ook geregeld in de gemeentewet o.a. artikel 9, 26 en 77. Voorstel: laten vervallen
Artikel 6. De gemeentesecretaris De raad kan het college verzoeken de gemeentesecretaris in de vergadering aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement.
Niet in model. De aanwezigheid van de secretaris bij de raadsvergaderingen hoeft niet apart geregeld te worden. De raad kan anderen laten deelnemen aan de vergadering, waaronder uiteraard de gemeentesecretaris. Artikel 13 van het model geeft de mogelijkheid om anderen
Is model (overnemen).
Artikel 7. De wethouder 1. Met toepassing van artikel 21 Gemeentewet hebben wethouders toegang tot de vergaderingen en kunnen zij aan de beraadslaging deelnemen. 2. De raadsagenda geldt als uitnodiging aan de wethouders om bij de raadsvergadering aanwezig te zijn. Artikel 5. Onderzoek geloofsbrieven en Artikel 8. Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden beëdiging raadsleden 1. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden 1. Bij de benoeming van nieuwe raadsleden stelt de raad een commissie in bestaande stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. uit drie raadsleden. 2. Deze onderzoekt de geloofsbrieven en 2. Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en van de nieuw benoemde raadsleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van raadsleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. dit advies. 3. Het onderzoek van het proces-verbaal 3.
Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen. samenstelling na de raadsverkiezingen. 4. Na een raadsverkiezing roept de 4. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om voorzitter de toegelaten raadsleden op om
te laten deelnemen aan de beraadslaging. Voorstel: laten vervallen. Niet in model. Is door wetswijziging geregeld in artikel 21 Gemeentewet. Voorstel: laten vervallen.
Het vierde lid HIA wijkt af. De verwijzing naar artikel 18 voegt niets toe (en maakt kwetsbaar bij een eventuele wetswijziging). Voorgesteld wordt om de commissie ook voor de burgerraadsleden de taak te geven om te onderzoeken of zij aan de benoemingsvereisten uit de Gemeentewet voldoen. Om de gelegenheid te hebben om de geloofsbrieven ook voorafgaand aan een raadsvergadering te kunnen onderzoeken (en daarmee niet te hoeven schorsen) wordt voorgesteld om de commissie een permanente status te geven. Voorstel: model overnemen en burgerraadsleden toevoegen. Artikel 5. Onderzoek geloofsbrieven en beëdiging raadsleden en burgerraadsleden
in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling bedoeld in artikel 18 van de wet de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.
1. De raad stelt een commissie in bestaande uit drie raadsleden voor het onderzoek van de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en burgerraadsleden. Tevens benoemt de raad een of meer plaatsvervangende leden voor de commissie voor de geloofsbrieven. 2. Deze onderzoekt de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raadsleden en burgersleden en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raadsleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. 3. Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen. 4. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens
toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. Artikel 6. Benoeming wethouders 1. Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. 2. Deze onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de wet . 3. De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. [4. De burgemeester kan voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht geven om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad.]
Artikel 9. Benoeming wethouders 1. Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. 2. Deze onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de wet en kan van de kandidaatwethouder een verklaring omtrent het gedrag vragen als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. 3. De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. 4. De burgemeester kan voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht geven om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad. De risicoanalyse en de eindconclusie zijn niet openbaar.
Lid 2 is door de VNG geactualiseerd na aanpassing van de gemeentewet. Daarin is onder andere een VOG verplicht gesteld. Voor het vierde lid is het op basis van de ervaringen rond de benoeming wethouder aan te bevelen om hier geen “kan bepaling” neer te zetten. “De burgemeester geeft voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht (…)” Voorstel: artikel aanpassen zoals hierboven beschreven Vraag: wie hebben inzicht in het rapport? Hoeveel inzicht geef je in privacy (en mogelijk ook politiek-)gevoelige informatie? Tekst van de beoogde wijziging van de gemeentewet: "Voorafgaand aan de benoeming van de wethouder worden uitsluitend de conclusie, aanbevelingen en eventuele maatregelen die volgen uit de risicoanalyse door tussenkomst van de burgemeester overgelegd aan de raad." Het is mogelijk hier nog ruimte in te bouwen om conclusies niet te delen als deze privacygevoelig zijn. Via de
tussenkomst van de burgmeester kunnen die dan achterwege blijven. Op basis van ervaringen is het wenselijk om afspraken te maken over wijze waarop met kandidaat-wethouders kennis wordt gemaakt. Steeds meer raden kiezen voor een hoorzitting of een kennismaking. In beide gevallen geeft het een kans aan alle partijen in de raad om een oordeel te vormen en eventueel steun of twijfel te uiten. Voorgesteld wordt om bijgaande bepaling op te nemen (overgenomen uit de gemeente Tilburg): Openbare hoorzitting kandidaatwethouders 1.In het geval dat de raad een wethouder gaat benoemen, wordt er voorafgaand aan de stemming over deze benoeming een kennismakingsgesprek georganiseerd; 2.Het kennismakingsgesprek wordt voorgezeten door de voorzitter of een van de plaatsvervangend voorzitters van de raad. 3.In het kennismakingsgesprek krijgt elke fractie de gelegenheid om aan de kandidaat-wethouder vragen te stellen die relevant zijn voor de uitoefening van de functie van wethouder
Artikel 7. Fracties 1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd. 2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. 5. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.
Artikel 10. Fracties 1. Raadsleden die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard worden bij de aanvang van de zittingsperiode als één fractie beschouwd. 2. Als boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Als daar geen aanduiding was geplaatst, deelt de fractie in de eerste raadsvergadering aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad zal voeren. 3. De namen van de fractievoorzitter en diens plaatsvervanger worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Als één of meer raadsleden van één of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. 5. A. Indien: 1° één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie gaan optreden; 2° twee of meer fracties als één fractie gaan optreden; 3° één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie; wordt
Vijfde lid HIA is een lokale toevoeging met afspraken die al zijn omschreven in het vierde lid. Voorstel: model overnemen.
hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter. B. Met de onder A. beschreven veranderde situatie wordt rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering van de raad na de mededeling daarvan. 6. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging. Artikel 11. Vergaderfrequentie 1. De vergaderingen van de raad vinden conform de door de raad vastgestelde werkwijze plaats en volgens het door de agendacommissie jaarlijks vastgesteld schema en worden in de regel op de eerste maandag van de maand gehouden in het gemeentehuis. 2. De vergaderingen vangen in de regel aan om 20.00 uur en eindigen in beginsel om 23.00 uur, doch uiterlijk om 23.30. Indien alsdan niet alle agendapunten zijn behandeld, wordt de vergadering geschorst en voortgezet op de eerstvolgende maandag van 20 uur tot uiterlijk 22.30 uur, tenzij de raad anders beslist. Deze maandag is als reservedatum opgenomen in het vergaderrooster.
Dit artikel is in 2014 geschrapt uit het VNGmodel met de volgende motivering: “Deze taken zijn belegd bij de agendacommissie en hoeft dus niet in de verordening vastgelegd te worden. Vergaderdata niet vastleggen in het reglement zorgt ook voor flexibiliteit.” Voorstel: artikel schrappen, dereguleren.
Artikel 8. Oproep en agenda 1. De voorzitter zendt ten minste [… (bijvoorbeeld zeven)] dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken. 2. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk [… (bijvoorbeeld 48)] uur voor aanvang van de raadsvergadering wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden. 3. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 9, derde lid, van toepassing. 4. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld.
3. De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie, overleg met het seniorenconvent en de agendacommissie. Artikel 12. Oproep en voorlopige agenda 1. De stukken voor de vergadering worden conform het vergaderschema digitaal aan de leden ter beschikking gesteld, ten minste vijf dagen voor een vergadering, onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. 2. Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 13 (aanvullende agenda; vaststellen agenda), lid 1, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 32 uur voor aanvang van de vergadering digitaal gepubliceerd.
Het reglement van orde van HIA speelt beter in op de digitale praktijk. De formulering van het model over aanvullende agenda vereenvoudigt de verordening (maakt artikel 13 overbodig). Aangezien de raad op maandag vergadert, wordt voorgesteld zondag en weekend te eren en de termijn voor een aanvullende agenda te zetten op 72 uur (vrijdagavond 20:00 uur) – voor het toesturen van een aanvullende agenda. Een tweede lid toevoegen over hamer- en debatstukken, waardoor het volgende artikel kan vervallen. Voorstel: een mengvorm van beide reglementen – met aanvulling H en D stukken en aanpassing termijn voor aanvullende agenda. Artikel Oproep en agenda 1. De voorlopige agenda met de bijbehorende stukken voor de vergadering worden ten minste vijf dagen voor een
vergadering digitaal aan de leden ter beschikking gesteld, onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. 2. In de agenda wordt aangegeven of het een hamerstuk (aangeduid met H) betreft of een debat stuk (aangeduid met een D). 3. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 72 uur voor aanvang van de raadsvergadering wordt deze met de daarbij behorende stukken digitaal aan de leden ter beschikking gesteld. 4. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 9, derde lid, van toepassing. 5. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld. Artikel 13. Aanvullende agenda; vaststellen agenda 1. Naar aanleiding van de behandeling in de raadscommissies stelt de griffier de voorlopige agenda van de volgende raadsvergadering op. In de agenda wordt aangegeven of het een hamerstuk (aangeduid met H) betreft of een debat stuk (aangeduid met een D).
Dit artikel komt niet voor in het model van de VNG. De afspraak over H of D stukken, zou als je dit in het Reglement van Orde wil regelen in het artikel over de voorlopige vergadering moeten staan. De aanvullende agenda en het vaststellen van de agenda is als lid 2 en 3 in artikel 8 van het model opgenomen. Lid 3 verwijst naar een geschrapt artikel over geheimhouding in de gemeentewet.
2. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het digitaal publiceren van de oproep en de vergaderstukken uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt. 3. Als omtrent de inhoud van de stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage. 4. Voordat de digitale oproep wordt gepubliceerd, stelt de agendacommissie de voorlopige agenda van de vergadering vast. 5. Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast. Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. Ook kan bij de vaststelling een hamerstuk een debatstuk worden of een debatstuk alsnog een hamerstuk. 6. Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare beraadslaging voorbereid acht, kan hij het
Lid 4 is geregeld in artikel 3 (agendacommissie en kan dus vervallen. Lid 5 is geregeld in lid 4 van artikel 8 model. De rest betreft uitwerking van bevoegdheden van de raad (o.a. ordevoorstellen) waarbij de VNG heeft gekozen die niet verder vast te leggen. Voorstel: artikel laten vervallen – afspraken H en D stukken worden ook in commissieverordening vastgelegd en meenemen in artikel 8.
Artikel 9. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. 3. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier .
onderwerp verwijzen naar een commissie of aan het college nadere inlichtingen of advies vragen. 7. Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. Artikel 14. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden zoveel mogelijk digitaal gelijktijdig beschikbaar met het verzenden van de schriftelijke oproep ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken fysiek ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. 3. Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten het gemeentehuis gebracht. 4. Stukken waaromtrent op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de wet geheimhouding is opgelegd, blijven in afwijking van het eerste en tweede lid
Lid 1 HIA doet meer recht aan de digitale werkwijze. Het VNG-model is geactualiseerd naar nieuwe regels over geheimhouding. De werkwijzen met originelen is door de digitalisering gewijzigd, waarmee deze bepaling overbodig is. Voorstel: lid 1 overnemen van Hendrik-Ido Ambacht, lid 2 en 3 model. Artikel Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden zoveel mogelijk digitaal gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken fysiek ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving.
Artikel 10. Openbare kennisgeving [1.] Raadsvergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging in […]. [2. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden.]
Artikel 11. Presentielijst 1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst, die aan het einde van elke raadsvergadering door de voorzitter en de griffier door ondertekening wordt vastgesteld.
onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage.
2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. 3. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier.
Artikel 15. Openbare kennisgeving 1. Raadsvergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door plaatsing op de internetsite van de gemeente en zo mogelijk door aankondiging in het lokale dag- of weekblad ter openbare kennis gebracht. 2. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden. Artikel 16. Presentielijst 1. De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst, die aan het einde van elke raadsvergadering door de voorzitter en de griffier door ondertekening wordt vastgesteld.
Bepaling HIA is model: ongewijzigd overnemen.
Model en reglement van orde Ambacht zijn identiek.
Artikel 17. Opening vergadering; quorum 1. De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien meer dan de helft van de fracties door een of meerdere leden vertegenwoordigd is. Hierna wordt het volgende ambtsgebed uitgesproken: “Almachtige God, wij bidden U om Uw onmisbare zegen bij het werk dat ons wacht. Verlevendig in ons het besef van onze afhankelijkheid van U en geef ons wijsheid en kracht om het belang onzer gemeente te behartigen naar plicht en eed. Dit bidden wij U om Christus wil. Amen”. 2. Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter onder verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na de digitale publicatie van de oproep is gelegen. Artikel 18. Spreekrecht burgers 1. Na de opening van de vergadering en het vaststellen van de agenda kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen. 2. Het woord kan niet gevoerd worden:
De bepaling over het quorum is geregeld in de Gemeentewet. In het seniorenconvent zijn afspraken gemaakt over het ambtsgebed, welke in dit reglement zijn verwerkt. Voorgestelde tekst Artikel 17. Gebed voor opening vergadering Direct voorafgaand aan de opening van de vergadering spreekt een lid van de gemeenteraad of de voorzitter op persoonlijke titel het volgende ambtsgebed uit: “Almachtige God, wij bidden U om Uw onmisbare zegen bij het werk dat ons wacht. Verlevendig in ons het besef van onze afhankelijkheid van U en geef ons wijsheid en kracht om het belang van onze gemeente te behartigen naar plicht en eed. Dit bidden wij U om Christus wil. Amen”. Aanvullende mogelijkheid die in HendrikIdo-Ambacht aan inwoners wordt geboden. In de agendacommissie is gesproken over de termijnen uit verordening. De termijn van 48 uur voegt weinig toe, wanneer bij vergaderingen op maandag dit in het
a. over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan; b. over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 3. Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste 48 uur voor de aanvang van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 4. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 5. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 6. De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet een
weekend is. Daarom is afgesproken de termijnen in deze verordening (en de commissieverordening) op de dag van de vergadering 09:00 uur te stellen. Voorstel: overnemen in nieuwe reglement Artikel Spreekrecht burgers 1. Na de opening van de vergadering en het vaststellen van de agenda kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen. 2. Het woord kan niet gevoerd worden: a. over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan; b. over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 3. Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk om 9:00 uur op de dag van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren.
voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger.
Artikel 12. Aantal spreektermijnen 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 3. Raadsleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. 4. Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend ten aanzien van de beraadslaging daarover.
Artikel 19. Aantal spreektermijnen 1. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 2. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 3. Raadsleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel. 4. Het derde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend ten aanzien van de beraadslaging daarover.
4. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 5. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 6. De spreker voert het woord, nadat de voorzitter dit heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de spreker. Model en reglement van orde Ambacht zijn identiek.
5. Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
5. Bij de bepaling hoeveel keer een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 13. Deelname aan de beraadslaging door anderen Onverminderd artikel 21, eerste en tweede lid, van de wet, kan de raad besluiten dat
Artikel 20. Beraadslaging 1. De raad kan op voorstel van de voorzitter of een lid van de raad beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen. 2. Op verzoek van een lid van de raad of op voorstel van de voorzitter kan de raad besluiten de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is. 3. De voorbereidende en technische behandeling van voorstellen vindt hoofdzakelijk in de raadscommissies plaats. De beraadslagingen in de raad richten zich met name op de besluitvormende discussie. Artikel 21. Deelname aan de beraadslaging door anderen 1. De raad kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
De VNG heeft dit artikel laten vervallen bij het model van 2014, omdat dit onder een voorstel van orde valt. Voorstel: laten vervallen (dereguleren)
Voorstel: compactere formulering van het model overnemen.
anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Artikel 14. Voorstellen van orde Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel
2. Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen Artikel 22. Spreekregels 1. De leden van de raad en overige aanwezigen spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en richten zich tot de voorzitter. 2. Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de leden van de raad en de overige aanwezigen vanaf een andere plaats spreken. Artikel 23. Volgorde sprekers 1. Een lid van de raad voert het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van hem verkregen te hebben. 2. De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer een lid van de raad het woord vraagt over de orde van de vergadering. Artikel 24. Spreektijd Een lid van de raad kan een voorstel doen over de spreektijd van de leden en de overige aanwezigen. Artikel 25. Voorstellen van orde 1. De voorzitter en ieder raadslid kan tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de
Niet in model. Voegt niets toe aan de bevoegdheden van de voorzitter om de orde te bewaken. Voorstel: Laten vervallen
Dit artikel beschrijft bevoegdheden van de voorzitter. Niet in model – waarschijnlijk omdat deze bevoegdheden de voorzitter qq toekomen. Voorstel: Laten vervallen
Dit artikel beschrijft een specifiek ordevoorstel. Daarom door VNG in 2014 uit het model gehaald. Voorstel: laten vervallen (dereguleren) In versie HIA: tweede lid is overbodig, want dat staat ook al in het eerste lid. Voorstellen van orde vallen voor de voorzitter onder zijn taak van het leiden van
van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist hier terstond over
vergadering doen, dat kort kan worden toegelicht. 2. Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen. 3. Over een voorstel van orde beslist de raad terstond. Artikel 26. Zitplaatsen 1. De voorzitter, de leden van de raad en de griffier hebben een vaste zitplaats, door de voorzitter na overleg in het seniorenconvent bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen. 2. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan de voorzitter de indeling herzien na overleg in het seniorenconvent. 3. De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de wethouders, gemeentesecretaris en overige personen, die voor de vergadering zijn uitgenodigd. Artikel 27. Handhaving orde, schorsing 1. De voorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering. 2. Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; b. een lid hem interrumpeert, via de voorzitter. De voorzitter kan bepalen dat de
de vergadering. VNG model pakt alles samen. Voorstel: model volgen.
In VNG-model in 2014 geschrapt met de motivering dat "dit in de gemeente ook geregeld wordt zonder dat er een bepaling in het reglement staat" Voorstel: laten vervallen (dereguleren)
De VNG heeft dit artikel in 2014 uit het model gehaald omdat veel is geregeld in artikel 26 van de Gemeentewet. Verder betreft dit (vanzelfsprekende) voorzitterstaken. Voorstel: Laten vervallen (dereguleren)
spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. 3. Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 4. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. 5. De voorzitter kan de raad voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie
Artikel 15. Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag toelichten.
maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. Artikel 28. Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag toelichten.
Artikel 16. Beslissing 1. De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad anders beslist. 2. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.
Artikel 29. Beslissing Model en reglement van orde Ambacht zijn 1. De voorzitter sluit de beraadslaging als identiek. hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, tenzij de raad anders beslist. 2. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing.
Artikel 17. Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
Artikel 30. Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 2. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen, kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben
Model en reglement van orde Ambacht zijn identiek.
Model en reglement van orde Ambacht zijn identiek. (Versie HIA is ingevuld naar de praktijk.)
tegengestemd of zich overeenkomstig artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming te hebben onthouden. 3. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid en verloopt verder [… (beschrijving volgordeverloop, bijvoorbeeld op alfabetische volgorde)]. 5. Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, hun stem uit door zich 'voor' of 'tegen' te verklaren, zonder enige toevoeging. 6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen tot het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.
tegengestemd of zich overeenkomstig artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming te hebben onthouden. 3. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 4. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. Daartoe wordt bij loting een volgnummer van de presentielijst aangewezen; bij het daar genoemde lid begint de hoofdelijke stemming. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid en verloopt verder naar de volgorde van de presentielijst. 5. Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, hun stem uit door zich 'voor' of 'tegen' te verklaren, zonder enige toevoeging. 6. Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen tot het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen
7. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee en doet daarbij mededeling van het genomen besluit.
van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 7. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee en doet daarbij mededeling van het genomen besluit. Artikel 18. Volgorde stemming over Artikel 31. Volgorde stemming over amendementen en moties amendementen en moties 1. Als op een aanhangig voorstel 1. Als op een aanhangig voorstel amendementen zijn ingediend, wordt eerst amendementen zijn ingediend, wordt eerst over die amendementen gestemd en over die amendementen gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. luidt in zijn geheel, tenzij het amendement 2. Als een subamendement is ingediend, het gehele besluit vervangt. wordt eerst over het subamendement 2. Als een subamendement is ingediend, gestemd en vervolgens over het wordt eerst over het subamendement amendement waarop dat betrekking heeft. gestemd en vervolgens over het 3. Als meerdere amendementen of amendement waarop dat betrekking heeft. subamendementen op eenzelfde gedeelte 3.
Als meerdere amendementen of van een aanhangig voorstel zijn ingediend, subamendementen op eenzelfde gedeelte wordt, onverminderd het eerste en tweede van een aanhangig voorstel zijn ingediend, lid, eerst over het meest verstrekkende wordt, onverminderd het eerste en tweede amendement of subamendement lid, eerst over het meest verstrekkende gestemd. amendement of subamendement 4. Als aangaande een aanhangig voorstel gestemd. een motie is ingediend, wordt eerst over 4. Als aangaande een aanhangig voorstel het voorstel gestemd en vervolgens over de een motie is ingediend, wordt eerst over motie. De raad kan besluiten van deze het voorstel gestemd en vervolgens over de volgorde af te wijken. motie.
Artikelen zijn identiek – behalve dat de VNG de mogelijkheid geeft om van de volgorde om eerst over een voorstel en dan pas over de motie te stemmen af te wijken. De agendacommissie stelt voor het model over te nemen, omdat in bepaalde gevallen kennis over de uitslag van de stemming op een motie relevant kan zijn voor de stemming over het voorstel. Voorstel: het model overnemen.
Artikel 19. Stemming over personen 1. Bij stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot stembureau. 2. Aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren. 3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad op voorstel van het stembureau.
Artikel 32. Stemming over personen 1. Bij stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot stembureau tenzij de raadsleden geen stemming verlangen. 2. Aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren. 3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden. 5. Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen
In lid 1 Hendrik-Ido-Ambacht is toegevoegd “tenzij de raadsleden geen stemming verlangen”. Dit is overbodig, want in dat geval is er geen stemming. HIA lid 4, 5 en 7 toegevoegd. Deze bepalingen geven een relevante verduidelijking, die wordt gehandhaafd. De formulering uit het model in het zesde lid (op voorstel van het stembureau) wordt overgenomen. Voorstel: formulering Hendrik-IdoAmbacht overnemen. Artikel Stemming over personen 1. Bij stemming over personen voor benoemingen of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot stembureau. 2. Aanwezige raadsleden die zich niet ingevolge artikel 28 van de wet van deelneming aan de stemming moeten onthouden, zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren. 3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat
stem te hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt verstaan: a. een blanco ingevuld stembriefje; b. een ondertekend stembriefje; c. een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij de stemming verschillende vacatures betreft; d. een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is voorgedragen; e. een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt. 6. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad, op voorstel van de voorzitter. 7. Onder de zorg van de griffier worden de stembriefjes onmiddellijk na vaststelling van de uitslag vernietigd.
bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden. 5. Voor het bepalen van de volstrekte meerderheid als bedoeld in artikel 30 van de Gemeentewet worden geacht geen stem te hebben uitgebracht die leden die geen behoorlijk stembriefje hebben ingeleverd. Onder een niet behoorlijk ingevuld stembriefje wordt verstaan: a. een blanco ingevuld stembriefje; b. een ondertekend stembriefje; c. een stembriefje waarop meer dan één naam is vermeld, tenzij de stemming verschillende vacatures betreft; d. een stembriefje waarbij, indien het een benoeming op voordracht betreft, op een persoon wordt gestemd die niet is voorgedragen; e. een stembriefje waarbij op een andere persoon wordt gestemd dan die waartoe de stemming is beperkt.
6. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de raad, op voorstel van het stembureau. Artikel 33. Herstemming over personen 1. Wanneer bij de eerste stemming niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, wordt tot een tweede stemming overgegaan. 2. Wanneer ook bij deze tweede stemming door niemand de volstrekte meerderheid is verkregen, heeft een derde stemming plaats tussen twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Zijn bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld, dan wordt bij een tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal plaatshebben. 3. Indien bij tussenstemming of bij de derde stemming de stemmen staken, beslist terstond het lot. Artikel 34. Beslissing door het lot 1. Wanneer het lot moet beslissen, worden de namen van hen tussen wie de beslissing moet plaatshebben, door de voorzitter op afzonderlijke, geheel gelijke, briefjes geschreven.
VNG heeft dit uit het model gehaald, omdat dit is geregeld in artikel 31 van de Gemeentewet. Artikel 31 1 De stemming over personen voor het doen van benoemingen, voordrachten of aanbevelingen is geheim. 2 Indien de stemmen staken over personen tot wie de keuze door een voordracht of bij een herstemming is beperkt, wordt in dezelfde vergadering een herstemming gehouden. 3 Staken bij deze stemming de stemmen opnieuw, dan beslist terstond het lot. Voorstel: laten vervallen (dereguleren)
De VNG heeft dit gedereguleerd. Voorstel: artikel handhaven, omdat het een praktische verduidelijking is van de werkwijze, waarvan het goed is dat deze is omgeschreven in het zeldzame geval dat deze moet worden toegepast.
Artikel 20. Verslag en besluitenlijst 1. De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van raadsvergaderingen. 2. Uit een verslag blijkt in ieder geval: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een aantekening van welke raadsleden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de sprekers; e. een overzicht van het verloop van elke stemming met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de wet
2. Deze briefjes worden, nadat zij door het stembureau zijn gecontroleerd, op gelijke wijze gevouwen, in een stembokaal gedeponeerd en omgeschud. 3. Vervolgens neemt de voorzitter een van de briefjes uit de stembokaal. Degene wiens naam op dit briefje voorkomt, is gekozen. Artikel 35. Verslag en besluitenlijst 1. De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van raadsvergaderingen. 2. Bij het begin van de vergadering wordt, zoveel mogelijk, het verslag/de besluitenlijst van de vorige vergadering vastgesteld. 3. De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de gemeentesecretaris hebben het recht een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien het verslag/de besluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeven wat gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor het vaststellen van de besluitenlijst bij de griffier te worden ingediend. 4. Uit een verslag/besluitenlijst blijkt in ieder geval: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de
Lid 2 HIA is uit het model gehaald. (Het is een vanzelfsprekendheid dat het verslag zo mogelijk in de eerstvolgende vergadering wordt vastgesteld) Laten vervallen In lid 2 is in plaats daarvan ook een plek gegeven aan de videoverslaglegging. Lid 3 Is niet in het model opgenomen. Dit regelt zichzelf bij vaststelling van het verslag. Als er opmerkingen bij de griffier komen, dan worden deze betrokken bij de vaststelling in de vergadering. Daarom laten vervallen Lid 4 is conform model lid 2 Reglement HIA heeft een foutief genummerd lid 5 (moet g zijn). Lid 6 is conform model lid 3 Voorstel Artikel Verslag en besluitenlijst 1. De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van raadsvergaderingen.
van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; f. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen, en g. bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van artikel 13 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. 3. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de raadsleden verzonden aan de overige personen die het woord hebben gevoerd in de raadsvergadering waarop het betrekking heeft. 4. Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en griffier. 5. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze. 6. Elektronisch beschikbare verslagen en besluitenlijsten worden op de website van de gemeente geplaatst
overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een aantekening van welke raadsleden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een zakelijke samenvatting van het besprokene met vermelding van de namen van de sprekers; e. een overzicht van het verloop van elke stemming met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de wet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; f. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen, en; 5. bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van artikel 21 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. 6. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending aan de raadsleden verzonden aan de overige personen die het
2. Het videoverslag van een openbare raadsvergadering is, uiterlijk binnen drie werkdagen, voor iedereen te raadplegen via de website van de raad. 3. Uit een verslag/besluitenlijst blijkt in ieder geval: a. de namen van de voorzitter, de griffier, de wethouders en de raadsleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben; b. een aantekening van welke raadsleden afwezig waren; c. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; d. een zakelijke samenvatting van het besprokene met vermelding van de namen van de sprekers; e. een overzicht van het verloop van elke stemming met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de wet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; f. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen