CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

raad 12 april 2021

raadsvergadering openbaar 10 mei 2021, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Notulen21.354 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

GEMEENTE HENDRIK-IDO-AMBACHT

Notulen van de digitaal gehouden1) openbare vergadering van de raad der gemeente HendrikIdo-Ambacht op 12 april 2021, aanvangende om 20.00 uur. Voorzitter: de heer J. Heijkoop, burgemeester. Deelnemers zijn de leden: de heren ing. P. Boudewijn, M.B. Braber, O. Doevendans en B.P. van Ginkel, mevrouw M.C.G. Gommans-Dane, de heer J. van Hartingsveldt, de dames drs. W.P. van der Hee-Pasterkamp en M.T. Kamphuis-Stuij (vanaf 21.38 uur), de heren drs. K. van der Laan MEd, G.J.W. Lagendijk MSc RA, H.H.F. van der Lei, A. Mol, mr. J.P. Neijman en M. Nugteren BPM, mevrouw J. Oelfke-ten Seldam, de heren drs. A. Ouwerkerk, L.P. Platschorre, mr. A. Scheurwater, J. Struik en ir. C.W. Timmers, de dames A.L. Vlasblom-van der Vlies MSc en M.N.P. Vogelaar-Korpershoek en de heer E. van der Wulp Bhrm. Tevens nemen deel de heren drs. S. van Die, A.J. Flach MSc en drs. R.J. Lafleur, wethouders. Griffier: de heer drs. ing. G.H. Logt CMC. Agenda:

*

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Opening. ............................................................................................................................................................................ 2 Vaststelling van de agenda. ............................................................................................................................................. 2 Spreekrecht burgers. ........................................................................................................................................................ 2 Vragenhalfuurtje raadsleden. .......................................................................................................................................... 2 Vaststelling notulen. ......................................................................................................................................................... 4 Lijst van ingekomen stukken en mededelingen. ......................................................................................................... 4 Algemeen Bestuurlijke Aangelegenheden –Financiën. 7.1 Privacybeleid Drechtsteden 2020. ........................................................................................................................... 5 7.2 Uitgangspuntennotitie Servicepunt Dordrecht. ................................................................................................... 6 8.

Welzijn, Onderwijs, Sociale Zaken. 8.1 Vervanging toneelhijsinstallatie in cultureel centrum Cascade. ....................................................................... 18 9. Ruimtelijke Zaken – De Volgerlanden. 9.1 Vaststellen bestemmingsplan Vrouwgelenweg achter nr. 80. .......................................................................... 24 9.2 Vaststellen bestemmingsplan Rijksstraatweg 42b e.o. ........................................................................................ 24 10. Comptabiliteitsbesluit. ................................................................................................................................................... 24 Tijdens de vergadering wordt toegevoegd: Motie vreemd aan de orde van de dag van de fracties van PvdA, AUB en RA. .................................................. 24 11. Sluiting. ............................................................................................................................................................................. 32

*

1

) Vanwege de door de regering getroffen maatregelen tot terugdringing van de kans op besmetting door het Covid-19virus of Coronavirus was het niet mogelijk in de raadszaal te vergaderen. Alleen de voorzitter en de griffier bevonden zich aldaar.

Vergadering van 12 april 2021.

2

1. Opening. De voorzitter heet de raads- en collegeleden hartelijk welkom, evenals degenen die thuis via de website deze vergadering volgen, en opent de vergadering met het ambtsgebed. Mevrouw Kamphuis heeft laten weten later aan deze vergadering te zullen gaan deelnemen. 2. Vaststelling van de agenda. De agenda wordt conform vastgesteld. De voorzitter heeft vernomen dat de fractie van de PvdA voornemens is een motie vreemd aan de orde van de dag in te dienen. De heer Van der Wulp laat weten dat dit voornemen straks werkelijkheid zal worden. De voorzitter stelt voor de bedoelde motie voorafgaande aan agendapunt 11 te behandelen. Aldus wordt besloten. (De heer Struik komt op de pagina's 5 en 7 op agendapunt 2 terug. Not.) 3. Spreekrecht burgers. Voor gebruikmaking van het spreekrecht voor burgers zijn geen aanmeldingen ontvangen. 4. Vragenhalfuurtje raadsleden. De voorzitter deelt mede dat de heer Nugteren en mevrouw Gommans-Dane van dit vragenhalfuurtje gebruik wensen te maken. De heer Nugteren merkt op dat het weer openen van terrassen van horecabedrijven in de grote steden in de afgelopen weken onderwerp van gesprek is geweest. Voorstanders wezen erop dat er zo voor een betere spreiding van mensen in het publieke domein kan worden gezorgd. Iedereen zit ook met smart op de heropening van de terrassen te wachten.

In het afgelopen weekend werd de hoop dat daartoe spoedig zou kunnen worden overgegaan echter getemperd en wel nadat het kabinet hierover in het Catshuis had vergaderd. De fractie van Gemeentebelangen wil nu vragen hoe de veiligheidsregio Zuid-Holland-Zuid en de Ambachtse portefeuillehouder over de wenselijkheid van het heropenen van de terrassen van de horeca denken. In de vorige raadsvergadering werd vermeld dat zich een grote stijging van het aantal met Corona besmette personen in deze gemeente had voorgedaan. Kan de portefeuillehouder zeggen hoe het momenteel met het aantal besmettingen gesteld is? Verder werd gesproken over de mogelijkheid van het realiseren van een Corona-testlocatie nabij Cascade of in de De Ridderhal. Is te zeggen wat thans de stand van zaken in dezen is? Wordt zo'n locatie in de toekomst wellicht ook een Ambachtse vaccinatielocatie? Alle fracties in de raad toonden zich in de vorige raadsvergadering enthousiast over het voornemen om vandaag het buitenzwembad te openen. Het was dan ook een teleurstelling dat vandaag in de krant was te lezen dat de waterleidingen van het buitenzwembad lek zijn en dat de opening van dit bad daarom moet worden uitgesteld. Kan de betrokken portefeuillehouder zeggen hoe lang dit uitstel gaat duren?

Vergadering van 12 april 2021.

3

De voorzitter antwoordt dat de veiligheidsregio Zuid-Holland-Zuid en het veiligheidsberaad van mening zijn dat het verstandig kan zijn om de druk in de parken en in veel winkelstraten te verminderen door een geordende openstelling van terrassen van horecabedrijven te bevorderen. Daarover bestaat dus geen verschil van opvatting. De meeste gemeenten in de veiligheidsregio zijn ervan overtuigd dat onder de bevolking het draagvlak voor strikte maatregelen afneemt en de behoefte aan ruimte en vrijheid sterk toeneemt. Wel wordt daarbij de kanttekening gemaakt dat het aantal positief geteste mensen stijgt, evenals het aantal ziekenhuisopnames en aantal opnames op de intensive care. Het wordt echter steeds onduidelijker of er een verband bestaat tussen het bedrijven van buitenactiviteiten en de stijging van het aantal positief geteste mensen. Het tegendeel lijkt het geval te zijn en het is dan ook waarschijnlijk effectief om terrassen van horecabedrijven gecoördineerd te gaan openen en zo tegen te gaan dat mensen vaak ongecontroleerd – want binnenshuis – in grote aantallen bijeenkomen. Dit onderwerp heeft overigens vandaag een extra dimensie gekregen, want gisteren lekte uit dat de versoepeling van maatregelen welke het kabinet zich had voorgenomen, waaronder ook het openstellen van terrassen, wordt uitgesteld.

De burgemeesters van de vier grote steden hebben daarop nogal geharnast gereageerd, hetgeen binnen het veiligheidsberaad meteen enige wrijving heeft doen ontstaan. Er was afgesproken dat de 25 gemeenten gezamenlijk zouden optrekken en het is dan ook een regelmatig terugkerende bron van irritatie dat de vier grote steden voor de muziek uitlopen. Zo wordt de indruk gewekt dat alleen zij voor verruiming van de maatregelen zijn en dat de andere gemeenten in de veiligheidsregio zich daarover niet druk maken. Spreker heeft hierover gesproken met de heer Kolff en anderen, waarbij hij heeft gewaarschuwd dat men niet in de valkuil moet stappen dat men onderling gaat discussiëren over wat er in het veiligheidsberaad procedureel fout is gegaan en zo de kabinetsleden de gelegenheid biedt om in de luwte het resultaat van die discussie af te wachten. Zijn advies was: passeer dat station, praat er zo min mogelijk over en ga de echt inhoudelijke discussie met het kabinet aan. Gelukkig heeft hij zojuist vernomen dat dit advies is opgevolgd. Wel wordt het spannend. Minister Grapperhaus en enkele ambtenaren waren aanwezig bij het overleg van het veiligheidsberaad en deze minister lijkt zich wat soepeler op te stellen dan een aantal andere kabinetsleden. Het is dus af te wachten wat het beraad in het kabinet morgen zal opleveren.

Overigens is het openen van terrassen niet als een versóepeling bepleit, maar is daarmee gekomen vanuit de overweging dat de maatregelen niet alle meer te hàndhaven zijn. Als dat het geval is en de besmettingskansen daardoor toenemen, kan het goed zijn om te kiezen voor een vlucht naar voren door, in dit geval, gecoördineerd terrassen open te stellen en ook andere zaken gecoördineerd te laten verlopen. In de stijging van het aantal besmettingen is de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht enkele weken koploper geweest. Thans geldt voor deze gemeente weer ongeveer het gemiddelde; de laatste cijfers heeft spreker nog niet ontvangen. Het is niet te verklaren waardoor gemeenten afwisselend het grootste aantal nieuwe besmettingen vertonen. Wel lijkt het erop dat het aantal ernstig zieke mensen wat afneemt; ook in deze gemeente is het aantal ziekenhuisopnamen opmerkelijk laag, ook in relatie tot het aantal mensen dat positief is getest. De GGD had de gemeente aanvankelijk gevraagd een vrij grote testlocatie beschikbaar te stellen. Na onderzoek is er met Cascade, dat zich heel constructief opstelde, een afspraak gemaakt met betrekking tot het daartoe gaan gebruiken van de De Ridderhal; dit zou niet botsen met de verbouwing en sportactiviteiten.

Aan de GGD kon dus heel snel een concreet plan worden voorgelegd, maar daarop werd pas gereageerd nadat intern beraad van de GGD had opgeleverd dat er geen gebruik zou worden gemaakt van de genoemde locatie, daar men vooral met de huisartsen zaken wilde doen. Er werd bij gezegd dat men in overleg met de huisartsen eventueel alsnog van het aanbod gebruik zou willen maken. De reactie van het college daarop was weer dat het altijd over eventuele verzoeken wilde praten, maar het management van Cascade niet in het benutten van de De Ridderhal wilde blokkeren als het volstrekt onzeker was dat die hal als testlocatie zou kunnen worden gebruikt. Komt er een verzoek van de GGD, dan zal de gemeente zich ervoor inspannen om daaraan te voldoen, maar zij gaat niet vooraf mogelijke activiteiten in de De Ridderhal blokkeren.

Vergadering van 12 april 2021.

4

Met betrekking tot het buitenbad is er sprake van domme pech, want er is voor de tweede keer een breuk in de waterleiding geconstateerd. Over de actuele stand van zaken kan wethouder Van Die meer vertellen. Wethouder Van Die is het zeer met de heer Nugteren eens dat het door velen, onder wie spreker, als een domper zal zijn ervaren dat het buitenbad vandaag niet open kon gaan. Bij het vullen van het bad zijn er bij de aansluitingen van het leidingwerk namelijk lekkages geconstateerd, lekkages die moeten worden verholpen voordat er met het vullen verder kan worden gegaan. Er wordt hieraan heel hard gewerkt, gelet op de breed in de samenleving en de raad bestaande wens dat er weer van het buitenbad gebruik zal kunnen worden gemaakt. Er bestaat voor het zwembad natuurlijk een onderhoudsschema – ook de gemeente is daarbij betrokken –, maar niet alle onderhoud is te plannen. Het is nu wel al voor de tweede keer gebeurd dat er een mankement aan het leidingwerk is geconstateerd. Het vorig jaar betrof dat weliswaar het leidingwerk van een ander bad dan het buitenbad, maar omdat het nu wederom om leidingwerk gaat, rijst de vraag of er in de toekomst niet beter op mogelijke storingen moet worden geanticipeerd, want als zoiets één keer gebeurt, is er nog sprake van een incident, maar na een tweede keer kan men dat niet meer zeggen.

Het leidingwerk van het buitenbad wordt thans dus gerepareerd, hetgeen op een goede wijze moet gebeuren, opdat men in de zomer niet wéér voor onaangename verrassingen zal kunnen komen te staan. Gelet op de prioriteit die hieraan wordt gegeven bestaat nog steeds de verwachting dat het buitenbad iets eerder zal kunnen opengaan. Vanmorgen sneeuwde het weliswaar nog, maar de temperaturen kruipen toch langzaam omhoog. Spreker wil al met al graag voldoen aan de wens te proberen het buitenbad alsnog eerder geopend te doen zijn. De voorzitter denkt dat, als het buitenbad nu al geopend had kunnen zijn, daarvan nog niet massaal gebruik zou zijn gemaakt. Mevrouw Gommans-Dane wil de portefeuillehouder bedanken voor alle moeite die hij zich heeft getroost om te bereiken dat het buitenbad vroeger zou kunnen opengaan dan gepland was. De fractie heeft hierbij nog de vraag of het binnen- en het buitenbad, nu er al twee keer iets met het leidingwerk aan de hand is geweest, na het zwemseizoen een extra check zullen kunnen ondergaan. Door een extra controle is een herhaling van wat zich nu heeft voorgedaan te voorkomen, zodat men in het volgende zwemseizoen op de door de gemeente geplande datum een duik zal kunnen gaan nemen. De heer Van der Wulp sluit zich aan bij de suggestie van mevrouw Gommans.

In theorie was het de wethouder gelukt te voldoen aan het in de vorige raadsvergadering gedane verzoek het buitenbad eerder geopend te doen zijn, waarvoor dank. Wel heeft spreker in die vergadering nog gezegd dat het hem verbaasde dat het onderhoud van het buitenbad pas net voor de start van het zwemseizoen zou plaatsvinden. Wanneer men dan mankementen constateert, móet dat wel tot een uitstel van de openstelling leiden, zeker als men haar vervroegd wil doen plaatsvinden. De wethouder zei zojuist dat de uitvoering van onderhoud aan de baden in de komende jaren prioriteit zal krijgen. Zo kan men voorkomen dat men het volgend jaar zal moeten zeggen: drie keer is scheepsrecht. Laat men er nu voor zorgen dat de prachtige zwemaccommodatie in Hendrik-Ido-Ambacht het volgend jaar vóór 1 mei zal kunnen worden geopend. Het vragenhalfuurtje voor raadsleden wordt hierop gesloten. 5. Vaststelling notulen. De notulen van de digitaal gehouden openbare raadsvergadering van 1 maart 2021 worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming vastgesteld. 6. Lijst van ingekomen stukken en eventuele mededelingen.

Vergadering van 12 april 2021.

5

De heer Mol ziet in het ingekomen stuk nr. 6, het in opdracht van de Provincie Zuid-Holland uitgebrachte onderzoeksrapport 'Roeien met te korte riemen', dat Bureau Berenschot de huidige financiële situatie van de gemeenten in Zuid-Holland heeft geanalyseerd en met een prognose voor de komende jaren is gekomen. De vraag van de fractie van Gemeentebelangen is of de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht hieraan medewerking heeft verleend, en zo ja, met welk resultaat. Wethouder Flach antwoordt dat de provincie Zuid-Holland gelukkig veel aandacht besteedt aan de financiële positie van de gemeenten. Dit is ook aan de orde gekomen in een aantal gesprekken die de gedeputeerde van financiën met alle wethouders van financiën heeft gevoerd. Het college waardeert het zeer dat de provincie in haar rol als toezichthouder opkomt voor de financiële positie van de gemeenten, al leidt dit vooralsnog niet tot een versoepeling in dat toezicht. Wel is het van belang dat de commissaris van de Koning het rijk heeft voorgehouden dat voor veel gemeenten de financiële bodem is bereikt. Voor het onderzoek hiernaar heeft de provincie Bureau Berenschot ingeschakeld en dat is zeer te waarderen. De heer Mol vraagt of bij de behandeling van de kadernota kan worden gesproken over de financiele situatie van de gemeente nu en in de nabije toekomst.

Wethouder Flach repliceert dat dit altijd kan, want elk P&C-document is daarvoor bedoeld. Dit onderzoeksrapport heeft hij daarvoor niet per se nodig, daar dit meer een overzicht van de financiële situatie van de gemeenten in de gehele provincie betreft. De financiële positie van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht kan men op elk gewenst moment bespreken. Elke begroting en zeker elke meerjarenbegroting geeft die positie weer. Er is bij de behandeling daarvan vaak over de reservepositie van de gemeente gesproken, wat óók iets over de toekomst zei. Spreker houdt zich voor een discussie over onderwerpen in dit verband graag aanbevolen. De voorzitter concludeert dat de fractie van Gemeentebelangen zelf kan aangeven wanneer en op welke wijze zij een discussie als bedoeld gevoerd zou willen zien. Dat zal dan aan de agendacommissie kunnen worden voorgelegd. De heer Mol: "Akkoord." Zonder hoofdelijke stemming wordt hierop conform de door het college van b. en w. met betrekking tot de ingekomen stukken gedane voorstellen besloten. De heer Struik kon door een kleine storing in het vergadersysteem niet het woord voeren bij agendapunt 2, Vaststelling van de agenda. Zijn verzoek thans is om van agendapunt 7.1, Privacybeleid Drechtsteden 2020, alsnog een debatstuk te maken, aangezien enkele vragen die de fractie van AUB daarover in de commissie had gesteld nog niet zijn beantwoord.

De voorzitter: "U hebt het schriftelijke antwoord daarop niet ontvangen?" De heer Struik: "Nee, maar als dat voorhanden is, mag u dat ons alsnog doen toekomen." De voorzitter: "Het antwoord is eind vorige week vastgesteld. Ik betreur het dat u er nog niet over beschikt; wij zullen het u alsnog toesturen." 7. Algemene bestuurlijke aangelegenheden en financiën. 7.1 Privacybeleid Drechtsteden 2020. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel besloten.

Vergadering van 12 april 2021.

6

7.2 Uitgangspuntennotitie Servicepunt Dordrecht. De heer Ouwerkerk vermeldt dat de Uitgangspuntennotitie Servicepunt Dordrecht in de commissievergadering van 16 maart jl. uitvoerig is behandeld. Evenals andere partijen is de VVD bezorgd over het tijdsschema dat Dordrecht met betrekking tot het starten met het servicepunt wil hanteren. Wethouder Flach zei dat het wenselijk is een en ander vóór de gemeenteraadsverkiezingen in het volgend jaar geregeld te hebben. Is dat inderdaad wenselijk? De eerste vraag die dan rijst, is waarom hiertoe dan niet al in de eerste drie jaar van deze collegeperiode stappen zijn gezet. Stilstand is achteruitgang en een organisatie als de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden zal zich dus moeten richten op ontwikkelingen binnen en buiten de Drechtsteden, maar het kind met het badwater weggooien is het andere uiterste. Bovendien moet worden voorkomen dat de na de volgende gemeenteraadsverkiezingen vertrekkende bestuurders en raadsleden nu een besluit gaan nemen waarvan hun opvolgers last zullen kunnen ondervinden. De VVD wil die opvolgers graag iets góeds overdragen. Het is wel duidelijk dat de zorgen van de VVD na de commissievergadering en de reacties op haar eerdere uitingen in dit verband niet zijn verdwenen. In de commissievergadering van 16 maart jl. is tevens de beoogde migratie van de ICT aan de orde gekomen.

Degenen die voor de kwaliteit van de huidige ICT verantwoordelijk zijn – een ICT die, voor zover spreker het kan beoordelen, van uitstekende kwaliteit is –, zijn ook verantwoordelijk voor het plan tot migratie daarvan. Zij kennen de kwaliteit ervan en zien de tekortkomingen en spreker heeft dan ook wel vertrouwen in de uitvoering van het plan tot migratie van de ICT. Een desbetreffend voorstel aan de Drechtraad is in zijn vergadering van 6 april jl. in stemming gebracht en ook door degenen die de VVD in Hendrik-Ido-Ambacht vertegenwoordigden ondersteund. Bij de stukken betreffende het raadsvoorstel bevindt zich de voorwaardelijke-instemmingsbrief van 18 maart van de gemeente Papendrecht. De daarin voorkomende formuleringen onder b. en f. vindt de VVD-fractie interessant. Dit brengt haar tot het stellen van de volgende vragen: - gaat Hendrik-Ido-Ambacht akkoord met een gedwongen uittreding uit de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden als er niet kan worden voldaan aan het strakke tijdsschema van Dordrecht? - gaat Hendrik-Ido-Ambacht akkoord met een eventuele eenzijdige aanpassing door Dordrecht van het serviceniveau? De in het raadsvoorstel opgenomen randvoorwaarden verwoorden de bezwaren die de fractie van de VVD had toen er in januari over deze materie werd gesproken.

Zij drong aan op het betrachten van voldoende zorgvuldigheid, noemde het ontbreken van een helder inzicht in de transitiekosten en het onderwerp van de dienstsverleningsovereenkomsten, stelde de vraag of de gemeente Hendrik-IdoAmbacht wel een risicodragende partij is, meende dat de door te voeren veranderingen niet tot hogere kosten zouden mogen gaan leiden, stelde dat er geen sprake zou kunnen zijn van een afnameplicht, vond dat er meer duidelijkheid zou moeten komen over de positie en de verantwoordelijkheden van Dordrecht en vroeg of het mogelijk zou zijn om voor een bepaald servicelevel te kiezen. De fractie vraagt zich thans af hoe er met de bedoelde niet-bindende voorwaarden zal worden omgegaan, want uiteindelijk geeft de gemeente met dit voorstel tóe. Hoe hard zijn die voorwaarden voor de gemeente en voor het totale proces? De heer Platschorre geeft te kennen dat de fractie van SGP/ChristenUnie kan instemmen met de reactie die op de uitgangspuntennotitie is gegeven. Zij wil nu nogmaals benadrukken dat zorgvuldigheid boven snelheid dient te gaan. Tevens roept zij het college ertoe op om de samenhang van de transities goed te bewaken. De heer Mol voert aan dat de fractie van Gemeentebelangen er evenals de VVD een probleem mee heeft dat het gehele proces vóór 1 januari 2022 zijn beslag moet hebben gekregen, daar men zo de

Vergadering van 12 april 2021.

7

nieuwe raad die in 2022 zal aantreden hiermee opzadelt. Ook vraagt de fractie zich af of het samenvoegen van de servicegemeente en de begroting van een dienstverlenend apparaat wel de innovatieve en financiële voordelen zal opleveren welke de portefeuillehouder in de commissievergadering heeft geschetst. De heer Doevendans is het met de heer Ouwerkerk eens dat het transitieplan nog veel onzekerheden bevat. In de uitoefening van zijn beroep verricht spreker veel onderzoeken op het gebied van 'as is' en 'to be' en als hij dan in dit voorstel ziet staan dat de 'as is'-situatie niet helder is, zou hij normaal gesproken niet aan een onderneming als deze beginnen. De aan Dordrecht te richten brief is ook wat mild gesteld. Als de huidige situatie al niet helder is, er sprake is van veel open einden en er financiële en ook inhoudelijke onzekerheden bestaan, zou hij een steviger geformuleerde brief hebben verwacht. Aan de andere kant is de fractie realistisch genoeg om te beseffen dat het proces niet meer is te stoppen. Het is te zien als een stoomtrein die snel op de finish afrijdt, zich bevindend op een recht stuk spoor dat geen afbuigingen meer zal vertonen. Op een gegeven moment moet men hierin dus wel meegaan. Vanuit die gedachte zegt spreker: go with the flow.

Wat de gemeente nu vooral moet gaan doen, is héél goed letten op de inhoud van de aan te gane servicelevelagreements, evenals op de servicelevel-rapportages. Het college zal daar bovenop moeten gaan zitten, en spreker gaat er ook vanuit dat het college dit zal doen. Dit zal namelijk allesbepalend zijn voor het antwoord op de vraag hoe een en ander in de toekomst voor Hendrik-Ido-Ambacht gaat uitpakken, zowel financieel als qua dienstverlening. Er zullen met Dordrecht dus heel goede servicelevelagreements moeten worden gesloten. De heer Van der Wulp laat weten dat de fractie van de PvdA met dit raadsvoorstel instemt. Wel constateert zij dat er bij de start van de nieuwe wijze van gemeentelijke samenwerking sprake is van open einden en dat niet alle risico's in beeld zijn gebracht. Een punt van zorg is de positie van het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden. Bij dat personeel bestaat nu onzekerheid over de vraag of banen zullen worden behouden, zeker op middellange termijn. De fractie vindt dat de gemeente zich hard moet maken voor de behartiging van de belangen van het personeel dat naar de gemeente Dordrecht zal overgaan. Dat iedereen die naar de gemeente Dordrecht overgaat zijn baan behoudt, is wel de bedoeling, maar voor zover de fractie bekend is, heeft niemand van hen dit al op papier gekregen.

De gemeente heeft indertijd personeel vanuit Ambachtse organisaties naar de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden gestuurd, omdat er het een en ander gezamenlijk en dus anders zou worden geregeld. Ook andere gemeenten in het Drechtstedengebied hebben dit gedaan. Hendrik-Ido-Ambacht moet zich nog verantwoordelijk voelen voor degenen die indertijd vanuit deze gemeente naar de gemeenschappelijke regeling zijn overgegaan; er moet worden gezorgd voor een goede begeleiding van hen naar hun nieuwe plek bij de gemeente Dordrecht. Op die manier zal de kwaliteit van de dienstverlening kunnen worden gecontinueerd. Er dienen daartoe ook afspraken te worden gemaakt. Het is thans niet geheel duidelijk welke financiële risico's de gemeente kan lopen bij de overgang naar de constructie van een servicegemeente. Dit geldt bijvoorbeeld voor de ICT en de vervanging en het onderhoud daarvan. Het lijkt niet logisch dat de gemeente Dordrecht voor alle kosten zal opdraaien. Het vooraf op meerdere onderwerpen afspreken van een kostenverdeelsleutel lijkt een must om later tot een begrijpelijke verrekening te kunnen komen. De heer Struik constateert dat de portefeuillehouder de vele vragen die de fracties in de commissievergadering van 16 maart over dit voorstel hebben gesteld bevredigend heeft beantwoord. Men zit in een rijdende trein die niet meer te stoppen is.

De fractie van AUB gaat ervan uit dat de twee collegeleden die aan de voorgesprekken hebben deelgenomen, tot het uiterste zijn gegaan om het voor deze gemeente beste resultaat te bereiken. Wel zal men heel scherp in de gaten moeten houden wat er in de toekomst gaat gebeuren, opdat men niet het bos zal kunnen worden ingestuurd. Even terugkomend op wat eerder in de vergadering met betrekking tot agendapunt 7.1 is gezegd, stelt spreker vast dat daarover in Notubox wel een brief aan de raad te vinden is, maar dat de technische vragen van de fractie daarmee niet zijn beantwoord.

Vergadering van 12 april 2021.

8

Aangaande het onderhavige agendapunt 7.2 heeft de fractie de vraag op welke wijze in de uitgangspuntennotitie van de servicegemeente Dordrecht nog zal worden opgenomen dat er ten behoeve van de raden en de griffies een functionaris gegevensbescherming zal worden aangesteld en dat de griffiers op dezelfde wijze bij die aanstelling zullen worden betrokken als de gemeentesecretarissen. Het doel daarvan is dat wat indertijd niet is geregeld bij de opzet van de serviceorganisatie Drechtsteden nu wèl zal worden geregeld. Hierbij denkt de fractie aan het personeel, de ICT, de documentatie- en informatievoorziening en de communicatie, en wellicht zijn er nog méér zaken te noemen. De heer Scheurwater voert aan dat het overleg van gemeentesecretarissen van oordeel is dat men moet blijven werken vanuit de bedoeling van het principebesluit, dat gericht is op innovatie, flexibiliteit, kwaliteit en zakelijkheid. Hieraan kan men 'vertrouwen' toevoegen. De toon van de brief van de gemeente Dordrecht is streng, maar het fundament van samenwerking staat daarin voorop. Er dient een zakelijker relatie te ontstaan om meer tijd, energie en middelen te kunnen investeren in innovatie en kwaliteit. Even wat druk opbouwen om de voorgestelde planning te halen lijkt de fractie van EVA een brug te ver.

Zij geeft de voorkeur aan het betrachten van zorgvuldigheid, zoals dit ook in de conceptbrief van de gemeente is verwoord. Uiteraard moet men op een faire manier en met enige soepelheid proberen de uitgezette lijnen te volgen. Er zijn in maart 2022 ook nog gemeenteraadsverkiezingen en met het oog daarop zou het goed zijn om een en ander in januari rond te hebben. Heel belangrijk zijn de kosten van de transities en de risico's. In het conceptantwoord is hierover al het nodige gezegd. De fractie van EVA acht een afnameverplichting van vier jaar – zie de brief van de raad van Papendrecht – te lang. Tevens heeft het haar voorkeur dat er, zoals ook door de gemeente Papendrecht is voorgesteld, na twee jaar tot een tussentijdse evaluatie zal worden overgegaan. Afhankelijk van het resultaat van die evaluatie zal er tot een verlenging met twee jaar kunnen worden besloten. De fractie stelt het college voor dit in de conceptbrief aan te passen. Voor het overige kan zij met de verzending van die conceptbrief instemmen. Er is nog de vraag hoe de inwoners over dit alles zullen worden geïnformeerd. Spreker heeft gezien dat de gemeente Dordrecht namens alle zeven Drechtstedengemeenten naar buiten zal treden, maar hij neemt aan dat de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht ook zelf haar inwoners wil informeren.

Van het personeel van de huidige gemeenschappelijke regeling zal een deel naar de ICT-leveranciers kunnen overgaan, zo is al geregeld. Er dient op een goede wijze aandacht te worden gegeven aan de behartiging van de belangen van het personeel. Een formeel punt is dat de raad in januari over het Principebesluit toekomstige samenwerking Drechtsteden heeft vergaderd. Dient daarom de conceptbrief van het college niet ook namens de raad te worden ondertekend, dus door de voorzitter en de griffier? De heer Lagendijk heeft al enkele keren het beeld van de trein horen noemen. Men zit nu inderdaad in een voortrazende trein, zodat het op dit moment niet wenselijk en haalbaar is om er uit te stappen. Dat wil de fractie van het CDA ook niet. Zij kan zich vinden in de voorgestelde samenwerking in de bedrijfsvoering in de vorm van de servicegemeente Dordrecht en in het aangaan van een gemeenschappelijke regeling voor het sociale domein. Wel heeft zij het gevoel dat het gehele proces haar soms wat door de vingers glipt. Het betreft ook een complexe en lastig te doorgronden verschuiving, wat de controlerende rol voor de raad ingewikkeld maakt. Vertrouwen staat echter bovenaan: vertrouwen in het college, dat ook bij het vervolgproces zal worden betrokken, en vertrouwen in de samenwerkende gemeenten in de Drechtsteden.

Er is thans nog sprake van veel open einden aangaande risico's en financiële gevolgen. In de conceptbrief van het college is dit naar de mening van de CDA-fractie scherp en haarfijn verwoord. Voor de inwoners is het van belang dat de dienstverlening zal blijven zoals zij nu is, dus op minimaal hetzelfde niveau, en dit zonder dat zij meer zal gaan kosten. Het moet dus wel helder zijn waarop die kosten precies betrekking hebben. Het is logisch dat de transities tijdelijk additionele kosten met zich zullen brengen. Voor sprekers fractie is het cruciaal dat er een go or no go-moment zal komen, dus een moment waarop de raad definitief zal kunnen besluiten om wel of niet in te stemmen met de transitie in de vorm

Vergadering van 12 april 2021.

9

van de gemeenschappelijke regeling Sociaal en met het overdragen van de bedrijfsvoeringstaken aan de gemeente Dordrecht. De raad zal dat kunnen doen als een groot deel van de open einden is weggenomen en er een toereikend zicht bestaat op de financiële consequenties en de resterende risico's. Voor de GR Sociaal is dit in de uitgangspuntennotitie onder punt 13 expliciet vastgelegd; er komen namelijk nog een tweede en een derde go or no go-moment voor de raden. Voor de overdracht van de bedrijfsvoeringstaken naar de gemeente Dordrecht lijkt dat echter niet het geval te zijn; in de bijgevoegde routekaart is dit niet te zien. Dit betekent dat de raad daarover vanavond het laatste woord mag spreken. De CDA-fractie acht dit niet wenselijk en zij roept het college er daarom toe op toe te zeggen dat de raad zich hierover nog finaal zal mogen uitspreken. Mevrouw Gommans-Dane noemt het onderwerp van dit voorstel ingewikkeld. De metafoor van de trein is vanavond al een paar keer genoemd; die trein is van het station vertrokken en begeeft zich nu naar het eindpunt, zo is haar indruk. Dit voorstel deed haar denken aan een oude dieselmotor; zo'n motor start heel langzaam, want hij moet eerst warm worden. Dat heeft men gezien op het jubileumcongres van de Drechtsteden, toen het er redelijk traag aan toeging.

Toen de motor eenmaal warm was geworden, werd er met een ongekende snelheid in diverse richtingen gereden, van het ene bureau naar de andere onderzoeker. Thans bestaat het idee dat de oude dieselmotor het eindpunt in zicht heeft gekregen en er met een flinke vaart naar toe rijdt, waarbij mogelijk wat risico's worden genomen omdat niet alles even helder is. De weg is nu en dan wat in mist gehuld. De fractie van D66 maakt zich dan ook zorgen over de stelling dat het doel absoluut op 1 januari 2022 bereikt zal moeten zijn. De uitgangspuntennotitie servicegemeente Dordrecht laat namelijk nog ruimte voor heel veel mitsen en maren en vraagtekens. Haastige spoed is zelden goed. Nu men al zo lang met dit project bezig is, moet men ervoor zorgen dat de finish op een goede wijze wordt gehaald – desnoods een half jaar later dan nu is gepland – door voor iedereen alles helder te maken. Dat geldt bijvoorbeeld voor de kosten van de transities, die nu niet bekend zijn. Verder bestaat er, als men het aangegeven tijdspad niet haalt, geen plan B. Ook kan men zich afvragen of het mogelijk zal zijn de dienstverlening voor dezelfde kosten als nu op het huidige niveau te houden, en of het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden in zijn geheel naar de gemeente Dordrecht zal kunnen overgaan.

De fractie heeft gelezen dat de servicegemeente Dordrecht het niveau van de dienstverlening zal bepalen. Deze moet naar haar mening minimaal gelijk blijven aan die welke men in de afgelopen jaren heeft meegemaakt, tenzij men kans zal zien om haar nog te verbeteren. Ook dit is nog een onzeker punt. Vanwege de vele onzekerheden wil spreeksters fractie het antwoord van de wethouder afwachten alvorens haar oordeel over het voorstel te geven. Zij blijft van mening dat het betrachten van snelheid niet een hoge kwaliteit garandeert. Voor haar blijft het op korte en lange termijn bereiken van kwaliteit een randvoorwaarde. Wethouder Flach wil eerst met betrekking tot dit voor de gemeente heel belangwekkende project vaststellen dat het bij de dienstverlening gaat om de uitvoering van taken waarmee de deelnemende gemeenten worden ondersteund. Het grootste deel betreft het SCD, waarbij te denken is aan financiele administratie, de voorbereiding van paragrafen van jaarrekeningen, de ICT-ondersteuning, personeelsadvies en -administratie, het ingenieursbureau – daarvan is Hendrik-Ido-Ambacht overigens geen aandeelhouder maar alleen klant – en bijvoorbeeld de belastingdienst, die namens de gemeenten de belastingenaanslagen oplegt en int. Dit gebeurt nu al vijftien jaar lang in samenwerking met de buurgemeenten en wel tot grote tevredenheid.

De inwoners van Hendrik-Ido-Ambacht hebben hiervan ook nooit iets gemerkt. Zij ontvangen de aanslagen in de gemeentelijke belastingen keurig op briefpapier van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht en krijgen vaak ook nog één keer per jaar de gelegenheid – onder normale omstandigheden – om in het gemeentehuis vragen over hun aanslagen te stellen; eventueel worden zij dan zelfs geholpen bij het maken van bewaar daartegen. Spreker denkt dan ook dat het voor de inwoners van Hendrik-Ido-Ambacht eigenlijk niet uitmaakt hóe er wordt gewerkt. Het zijn echt backoffice-zaken, zaken ten aanzien waarvan het niet lonend zou zijn om de inwoners te gaan uitleggen dat de gemeente ze zelf al niet meer uitvoerde en dit ook nù niet zal gaan doen,

Vergadering van 12 april 2021.

10

maar dan op een andere manier. Op zo'n heel ingewikkelde informatievoorziening zitten de inwoners zeker niet te wachten. Belangrijker is de transitie van de sociale dienst, want dat raakt mensen in hun inkomenspositie en WMO-aanvragen. Het moet dus heel duidelijk zijn hoe een en ander wordt geregeld, want er zullen verschillen optreden. Bepalend voor de rol die de raad in dezen heeft te spelen is het feit dat onder normale omstandigheden het grootste deel van deze taken onder de bedrijfsvoeringsverantwoordelijkheid van het college valt en eigenlijk nooit op de tafel van de raad belandt. Het is de taak van de gemeentesecretaris om deze taken in de ambtelijke organisatie onder te brengen; deze verhoudt zich daarover ook tot het college. De raad komt in beeld bij eventuele beleidswijzigingen, budgetoverschrijdingen en budgetonderschrijdingen, maar bepaalt niet hóe een en ander wordt georganiseerd. Zo is het in de taakverdeling tussen raad en college afgesproken. In de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden hadden de leden van de Drechtraad er wèl iets over te zeggen, maar gebeurde dit in de praktijk heel weinig. Bij de overgang naar de nieuwe gemeenschappelijke regeling wil spreker bepleiten hierin geen verandering aan te brengen, maar het vooral een zaak van het college te laten blijven.

Wel vindt het college het van belang dat de raad zijn instemming met de overgang verleent, omdat het om een majeure operatie gaat, welke ook de nodige kosten met zich kan brengen. Hiervoor gaat het college echter geen apart traject opzetten, zoals de heer Lagendijk vroeg met de bedoeling zo tot finale besluitvorming te komen. Er is een routekaart voor afgesproken waaraan alle colleges en raden zich moeten houden. Dit betekent dat de oude gemeenschappelijke regeling op enig moment moet worden opgeheven en de nieuwe gemeenschappelijke regeling in de vorm van de centrumgemeenteconstructie moet worden aangegaan. De te sluiten dienstverleningsovereenkomsten zullen dus logischerwijs niet met de raad worden besproken. Door onder anderen de heer Ouwerkerk zijn vragen gesteld over het tempo waarin de transities plaatsvinden. Spreker heeft hierover in de raadsvergadering van januari al iets gezegd, namelijk dat het wenselijk is dat dit soort kantelingen in organisatiepatronen plaatsvinden vóórdat er aan een nieuwe raadsperiode wordt begonnen. Bij de start van een nieuwe raadsperiode is het college namelijk vaak even met zichzelf of in ieder geval met de raad bezig. In theorie kan het daarbij ook om heel andere mensen gaan, zodat men te maken kan krijgen met kennisachterstanden, en dat is niet de ideale situatie om dit soort belangrijke transities door te voeren.

Het is daarom heel verstandig om een en ander nog tijdens deze collegeperiode te regelen, zodat er per 1 januari 2022 met een schone lei aan een nieuwe periode zal kunnen worden begonnen. Juist tegenover de nieuwe raad is het wel zo netjes om deze niet met het laatste stukje van de treinrit op te zadelen. De heer Ouwerkerk vroeg hoe hard de randvoorwaarden zijn welke in de conceptbrief van het college zijn verwoord. Zij zijn best stevig; het college zegt: 'Wij stemmen met de transities in, maar wel onder deze voorwaarden.' Dit geeft het college de ruimte om lopende het proces na te gaan of er op een goede manier aan die voorwaarden wordt voldaan. Het betreft dus een totale deal. Men is op enig moment gezamenlijk tot de conclusie gekomen dat de uitvoering van taken op het sociale domein zoals die nu bij de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden is ondergebracht, gebaat zou zijn bij een andere bestuursvorm of governance die ervoor zorgt dat zij dichter bij de gemeenten kùnnen komen te staan, zodat dat er meer maatwerk mogelijk wordt en er minder sprake zal zijn van politieke sturing. Wanneer men dit doet en zo het grootste deel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden, zijnde de sociale dienst Drechtsteden, uit die regeling haalt, is er geen noodzaak om voor het resterende nog een heel apparaat als een Drechtraad en een Drechtstedenbestuur te handhaven.

Er moet dus ook voor, oneerbiedig gezegd, 'de rest' een oplossing komen. Gezegd is dat dit het beste kan gebeuren door die rest onder te brengen bij de centrumgemeente Dordrecht. Het college van HendrikIdo-Ambacht heeft zich daarover uitgesproken en ook colleges van andere gemeenten hebben dat gedaan. Uiteindelijk ligt er nu een packagedeal op tafel waarmee aan de ene kant de sociale dienst in een nieuwe gemeenschappelijke regeling wordt gegoten en aan de andere kant de bedrijfsvoeringstaken bij Dordrecht worden ondergebracht. Dit had voor Hendrik-Ido-Ambacht niet per se gehoeven, want over de huidige werkwijze in de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden was het college best wel tevreden. In enkele andere gemeenten werden nog wel wat verbeteringen wenselijk geacht, maar Hendrik-Ido-Ambacht was gemiddeld genomen tevreden over de dienstverlening zoals die door met

Vergadering van 12 april 2021.

11

name het SCD en ook de andere diensten werd verzorgd. Er is de verzekering gegeven dat Dordrecht er alles aan zal doen om het standaard-kwaliteitsniveau te verhogen en efficiënter te maken, en dat juicht het college alleen maar toe, maar er was bij het college dus geen sprake van òntevredenheid over de ondervonden dienstverlening, juist van tevrédenheid. Mensen die al wat langer lid van de raad zijn, onder wie de heer Ouwerkerk, weten nog wel dat er tussen 2010 en 2014 in elke Drechtraadsvergadering werd gesproken over het SCD en de chaos die daar bestond in de dienstverlening, de ICT en de financiën. Die tijd is voorbij; er wordt nu in een zekere rust tot deze transitie overgegaan. Spreker kan voorts melden dat de gemeentesecretaris en hij een uitermate goed gesprek hebben gevoerd met de gemeentesecretaris van Dordrecht en wethouder Burggraaf, degene die zich als lid van het college van Dordrecht met deze materie bezighoudt. In dat gesprek zijn de aan de raad voor te leggen concept-randvoorwaarden van Hendrik-Ido-Ambacht langsgelopen. De bespreking daarvan was heel verhelderend.

Er bleek uit dat de uitgangspuntennotitie onder een zeker juridisch gesternte tot stand is gekomen en dat de grondhouding is – in ieder geval bij de ambtelijke organisatie van Dordrecht en ook bij het college van die gemeente – dat men in vertrouwen aan een nieuwe dienstverlening wil gaan bouwen, waarbij men openstaat voor wensen inzake maatwerk, tempoverschil, verschil in servicelevels enzovoort. Men heeft dus een gevoel bij de door Hendrik-Ido-Ambacht gestelde voorwaarden. De heer Platschorre vroeg de samenhang van de twee transities te bewaken. Spreker zei al dat zij in de routekaart goed bij elkaar komen. Zij hebben ook alles met elkaar te maken. De heer Mol zei dat de nieuwe raad niet met deze transities zou moeten worden opgezadeld. Dat te voorkomen is precies te bedoeling; men wil daarmee in déze raadsperiode klaar zijn en wel om de reden die eerder is genoemd. Spreker treft de heer Doevendans op diens vakgebied als het gaat over 'as is' en 'to be'. Kennelijk is de heer Doevendans overgestapt van het gebruik van het Duitse jargon 'ist ' en 'soll ' naar Engelse termen, maar misschien haalt spreker nu twee dingen door elkaar. Hij vond al dat hij zich niet aan de vaktermen van de heer Doevendans zou moeten wagen, want deze is daarin veel beter. De 'as is'-situatie is niet helder, zo zei de heer Doevendans.

Omdat er sprake is van veel open einden had er naar diens mening een steviger brief mogen zijn opgesteld. Het college heeft daarvoor bewust niet gekozen, daar de gesprekken over servicelevels enzovoort pas nu worden gestart. Het is in de te verzenden brief duidelijk geweest, maar meent dat het veel meer zal hebben aan gesprekken als het eerdervermelde gesprek. Dat was een heel open en verhelderend gesprek, dat over en weer tot begrip heeft geleid. Het college is niet van plan – dit tot de heer Scheurwater – om de termijn van vier jaar ter discussie te stellen. Men heeft het vijftien jaar in goede en in slechte tijden met elkaar volgehouden. Het zijn nu redelijk goede tijden, en in de heel slechte tijden die er zijn geweest, heeft Hendrik-Ido-Ambacht zich niet uit de gemeenschappelijke regeling teruggetrokken. Er moet, met andere woorden, echt wel héél wat gebeuren voordat de gemeente besluit weg te gaan. Dit is geen carte blanche voor Dordrecht, want Hendrik-Ido-Ambacht kàn altijd weggaan, maar spreker vindt dat, uitgaande van de basis van vertrouwen, de organisatie van de gemeente Dordrecht ook de tijd mag worden gegund om een en ander goed op te zetten. De heren Ouwerkerk en Van der Wulp en ook anderen wezen bijvoorbeeld op de belangen van het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden.

Dat personeel is niet gebaat bij een tweejaarsperiode in plaats van een vierjaarsperiode. Die vier jaar heeft twee kanten: a. men geeft daarmee duidelijkheid aan het personeel en b. men geeft aan de gemeente Dordrecht een basis voor het opbouwen van de dienstverlening. Er kan niet aan de gemeente Dordrecht worden gevraagd die dienstverlening voor een periode van waarschijnlijk twee jaar tegen dezelfde kostprijs en op hetzelfde kwaliteitsniveau aan te bieden. Wil men toch kiezen voor een kortere periode dan een periode van vier jaar, dan krijgt men een opslag van 20 tot 30 % te betalen voor de risico's die de gemeente Dordrecht op die manier gaat lopen. Dit geldt ook voor andere zaken die in de randvoorwaarden zijn opgenomen. Het moet duidelijk worden welke investeringen uit het verleden de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht nog meedraagt en welke risico's zij in de tóekomst nog zal meedragen. Dit alles is een kwestie van iets linksom of

Vergadering van 12 april 2021.

12

rechtsom betalen. Zegt men geen enkel risico te willen lopen, dan gaat men 'de kostprijs plus plus' betalen. Het is logisch dat, als er een rekencentrum wordt aangeschaft, dit niet in vier jaar kan worden afgeschreven; dat moet in vijftien jaar gebeuren. In het geval van een uittreding zou de gemeente dus verplicht zijn de resterende looptijd nog voor haar rekening te nemen; dat is dan een zakelijke afweging. Als spreker er puur zakelijk naar kijkt – en dat doet hij –, is hij ervan overtuigd dat HendrikIdo-Ambacht erbij gebaat is om een langjarige relatie met Dordrecht aan te gaan en in dàt kader te streven naar het maken van heel goede afspraken. De heer Doevendans zei terecht dat er heel goed moet worden gelet op de overeenkomsten die de gemeente zal gaan sluiten. Daarmee sloeg hij de spijker op de kop, want met die overeenkomsten – de servicelevelagreements en de dienstverleningsovereenkomsten – worden de kaders voor de komende jaren vastgelegd. Er is eerst met heel grof geschut gewerkt, maar enkele weken geleden is de adjunctdirecteur van het SCD hoofd van de afdeling bestuurszaken van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht geworden, iemand die twaalf jaar bij het SCD heeft gewerkt en nu voor een belangrijk deel deze transitie mede zal gaan beoordelen. Men kan er dus op rekenen dat het college er bovenop zit.

De heer Van der Wulp merkte op dat er bij de start van de transities nog sprake is van wat open einden. Dat is vaker het geval als er met iets wordt gestart; het is een kenmerk daarvan, want men weet dan vaak nog niet wat er precies uit zal komen. Dit is al begrepen in het woord 'uitgangspuntennotitie'; bij het vaststellen van uitgangspunten kan men nog niet met honderd procent zekerheid zeggen wat men zal gaan verkrijgen. De open einden die er nu zijn, zullen in de komende maanden moeten worden gedicht. Er moet namelijk alleen al voor het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden snel duidelijkheid komen. Daarvoor brak de heer Van der Wulp terecht een lans, ook denkend aan de mensen die vijftien jaar geleden vanuit Ambacht naar het SCD zijn overgegaan. Spreker heeft al eens verteld dat de hier bekende mevrouw Ramnathsing als voorzitter van de ondernemingsraad van de gemeenschappelijke regeling er in een gesprek met de heer Kolff en hem sterk op heeft aangedrongen dat er goed zal worden gelet op de belangen van het personeel. Zij hebben de noodzaak daarvan erkend en aanvaard, want het gaat om menselijk kapitaal. Betreffende de risico's en kosten heeft spreker al gezegd dat Hendrik-Ido-Ambacht die wil mitigeren door een langjarige relatie met de servicegemeente aan te gaan.

Van de daarmee gemoeide transitiekosten beginnen de eerste contouren duidelijk te worden, reden waarom spreker daarover nu niet te veel wil zeggen. Een deel ervan zal door de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht moeten worden gedragen. Degenen die al wat langer deel uitmaken van de raad weten dat er al in de tijd van zijn voorganger Doodkorte een reserve frictiekosten SCD in de jaarrekening stond. Bij de behandeling van de laatste jaarrekening heeft hij de raad voorgesteld die reserve eindelijk om zeep te helpen en in de algemene reserve te laten opgaan; het ging om een bedrag van € 273.000. Thans denkt hij dat men dat bedrag misschien nog wel eens nodig zal kunnen hebben, zodat het beter zou zijn geweest die reserve nog even te handhaven. Het maakt op zich echter niet uit, want dat geld zit nu in een ander potje, maar hij vond het wel aardig dit even in herinnering te roepen. Aan het adres van de heer Struik kan spreker bevestigen dat het college tot het uiterste gaat om het voor Hendrik-Ido-Ambacht beste resultaat te bereiken. Op wat de heer Scheurwater over de vierjaarstermijn en het informeren van de inwoners zei, is spreker in het voorgaande al ingegaan. Verder is de brief van het college van Dordrecht aan de colleges van de overige Drechtstedengemeenten gericht, zodat het niet logisch is dat de raad het antwoord daarop mede zal ondertekenen.

De heer Lagendijk herinnert er naar aanleiding van de opmerking van de wethouder over de reserve frictiekosten SCD aan dat de fractie van het CDA bij de laatste vaststelling van de jaarrekening heeft gevraagd waarom die reserve zou worden opgeheven. Zij stelde die vraag juist met het oog op de voorziene transitie. Het is goed dat de wethouder daaraan thans heeft gerefereerd. De fractie is uiteraard benieuwd hoe de betaling van de te verwachten frictiekosten nu zal worden geregeld. Wethouder Flach geeft de heer Lagendijk op dit punt graag gelijk. De bedoelde reserve was in het verleden gevormd voor andersoortige fricties bij het SCD en aan dat doel beantwoordde zij al lang

Vergadering van 12 april 2021.

13

niet meer. Daarom is zij opgegaan in de algemene reserve. Grappig is wel dat er nu alsnog transitiekosten zullen moeten worden betaald, letterlijk genomen dus geen frictiekosten maar transitiekosten. Op de omvang die zij zullen hebben, wil spreker nu niet nader ingaan; hij zal nog met een voorstel aan de raad komen om hiervoor het indertijd in de algemene reserve gestorte bedrag te gaan gebruiken. De heer Lagendijk vroeg of er nog een go or no go-moment zal komen. Er is een routekaart meegestuurd die voor alle raden gelijk is. Om de eerder geschetste redenen bestaat er een verschil in de instemmingsmomenten tussen het aangaan van de gemeenschappelijke regeling Sociaal en het aangaan van de centrumgemeenteconstructie voor Dordrecht. Mevrouw Gommans noemde het voorstel ingewikkeld en uitte zorgen over het tempo waarin een en ander plaatsvindt; van haar fractie mag er wel een half jaar meer voor worden uitgetrokken. Spreker heeft al betoogd dat dit de gemeente onnodig op achterstand zou zetten en de nieuwe raad en vooral het college in 2022 in een lastige positie zou brengen. Verder brak ook mevrouw Gommans een lans voor de behartiging van de belangen van het personeel. Het was mooi dat te horen, want die mensen werken vaak in de schaduw en achter de schermen.

Het gaat om honderden mensen die dagelijks met allerlei achtergrondprocessen bezig zijn, en daarvoor krijgen zij niet altijd een pluim, maar wel krijgen zij kritiek als er iets mis gaat, bijvoorbeeld als zich een ICT-storing voordoet of als stukken niet op tijd zijn aangeleverd. Het is mooi dat vrijwel alle fracties nu in de openbaarheid hebben gezegd dat bij deze transities de behartiging van de belangen van het personeel bovenaan moet staan. Met elkaar gaat men ervoor zorgen dat het naar de Dordtse organisatie overgaande personeel een mooie toekomst tegemoet gaat. De heer Ouwerkerk meent dat de wethouder een uitmuntend betoog heeft gehouden, een betoog dat de fractie van de VVD ook uitermate serieus neemt. In de raadsvergadering van januari heeft de fractie aangaande de nieuwe samenwerkingsvorm in het gebied van de Drechtsteden een afwijzende houding aangenomen, met name wat het onderdeel servicegemeente Dordrecht betrof, omdat er nogal vaak werd uitgegaan van het hebben van vertrouwen. Ook in wat de heer Flach nu heeft betoogd, kwam het woord 'vertrouwen' vaak voor. Er is diverse keren gezegd dat spreker al vrij lang zitting heeft in de Drechtraad – volgens de huidige voorzitter zelfs te lang –, maar in die hoedanigheid heeft hij wel kunnen zien dat het hebben van vertrouwen in elkaar van zeer goot belang is wanneer men als zeven gemeenten goed wil samenwerken.

Dat is en blijft een groot punt. Er staat tegenover dat de trein nu rijdt en dat het zeker voor iemand die ouder wordt erg lastig is om er later nog in te springen. Dit is voor spreker en de fractie van de VVD, waarin gelukkig niet alleen oudere mensen zitten, reden geweest om eerder op een gegeven moment te zeggen: 'Tot hier en niet verder'. Hoewel de fractie nog grote zorgen heeft over wat er gaat gebeuren, weet zij ook dat de trein tegenhouden niet meer mogelijk is. Ook zij ziet voorts het belang van het snel scheppen van duidelijkheid wat de behartiging van de belangen van het personeel betreft. Dat personeel moet zo snel mogelijk op allerlei manieren kunnen worden ingezet om een en ander uiteindelijk zo goed mogelijk voor elkaar te krijgen. Dit houdt in dat de VVD de wethouder een enorme verantwoordelijkheid geeft met betrekking tot de uitvoering van de nieuwe processen en het maken van nieuwe afspraken. Om die reden gaat de fractie nu toch met dit voorstel akkoord. De heer Doevendans weet dat de interesse van wethouder Flach verder gaat dan alleen bestuurskunde. Kennelijk weet de wethouder ook de naam van sprekers bedrijf uit zijn hoofd, want die is IstSoll. Dat is Duits, maar 'ist ' en 'soll ' is exact hetzelfde als 'as is' en 'to be'.

De Engelse termen worden vaker gebruikt dan de Duitse variant, en dat is eigenlijk niet eerlijk, want in 1956 is die variant door een Duitse psychoanalyticus geïntroduceerd. De betere benaming is dus 'ist ' en 'soll '. In het verlengde daarvan wijst spreker erop dat iedereen in deze vergadering de afkortingen DVO en SLA door elkaar gebruikt, maar dat ook die twee precies hetzelfde zijn, want een servicelevelagreement is de Engelse naam voor een dienstverleningsovereenkomst. Inhoudelijk gaat het nu, zo zei de wethouder, voornamelijk om de backoffice-activiteiten. Spreker heeft het gehad over de bedrijfsvoeringstaken – niet zozeer over de sociale dienst – en dat zijn inderdaad

Vergadering van 12 april 2021.

14

backoffice-activiteiten. Volgens de wethouder gaat het daarbij om een collegebevoegdheid. Dat is uiteraard het geval, maar als de wethouder zegt dat het college de DVO's vanzelfsprekend niet met de raad zal bespreken, moet spreker zeggen dit niet zo vanzelfsprekend te vinden, want met een DVO of een SLA legt men precies de met de gemeente Dordrecht te maken afspraken vast; zij zullen kaderstellend zijn voor de dienstverlening en de kwaliteit daarvan. Bij het stellen van kaders komt de geméénteraad om de hoek kijken. Het zal dus terecht zijn als de raad straks zal worden gevraagd om zijn mening te geven over wat er in de SLA's is vastgelegd. Spreker brengt in herinnering dat de raad in het verleden ook heeft moeten instemmen met bijvoorbeeld de openingstijden van de loketten van het DKCC en wel omdat het daarbij om een kaderstellende aangelegenheid ging. Met dat in gedachten wil hij het college verzoeken om de raad in ieder geval om diens mening over de SLA's te vragen wanneer zij vrijwel gereed zullen zijn voor het voeren van de onderhandelingen met Dordrecht. De heer Van der Wulp hoorde de wethouder in diens uitleg aan de meeluisterende burgers zeggen dat het bij de transitie naar de servicegemeente Dordrecht niet gaat over zaken waarover de ráád te beslissen heeft, daar alleen het college daarover gaat. De raad werd daarmee in wezen in de hoek gezet.

Daarvan kwam de wethouder later overigens terug met de opmerking dat voor de transitie wel gèld nodig is – geld dat uit de portemonnee van de burgers is gekomen – en dat de raad inderdaad over de besteding daarvan moet worden geraadpleegd. Die burgers begrijpen dus wel dat het om serieuze zaken gaat. Verder ging de wethouder in op het gebruik van de termen 'ist ' en 'soll ' en 'as is' en 'to be'. Spreker doet maar niet mee met het bedenken van varianten hierop, want hij zou dan het liefst in plat Ambachts en op een simpele manier aan de burgers uitleggen hoe het allemaal zit. Hij is overigens wel blij met het antwoord van de wethouder over het overleg in allerlei organen. Naar zijn mening pakt de wethouder een en ander op een serieuze manier aan, zowel namens de gemeente Hendrik-IdoAmbacht als namens alle burgers in de Drechtsteden; de wethouder is op dit moment ook nog vicevoorzitter van het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden. Spreker heeft dan ook wel het vertrouwen dat de onderhandelingen goed zullen verlopen, al is het nu natuurlijk niet bekend wat zij zullen opleveren. Volgens de wethouder zal het met de behartiging van de belangen van het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden wel goed komen.

Begreep spreker daaruit terecht dat er kan worden gegarandeerd dat er in de komende vier jaar – door hem in de eerste termijn 'middellange termijn' genoemd – geen personeel vanwege de transities zal moeten vertrekken? Hij hoort dit graag bevestigd worden. Ten slotte kan men in Hendrik-Ido-Ambacht blij zijn met een sterke ambtelijke organisatie. Zij zal nodig zijn als de gemeente straks bij de servicegemeente Dordrecht diensten moet gaan inkopen. De heer Struik zegt de portefeuillehouder dank voor diens uitleg. De vraag van de fractie bevond zich bij de technische vragen en zij verwacht dan ook dat de betrokken portefeuillehouder daarop alsnog zal ingaan. Voor de rest kan zij met dit voorstel en de daarin verwoorde twee besluiten instemmen. De heer Scheurwater heeft goed begrepen dat het basispakket wordt aangevuld met de overeen te komen DVO's. Hij kan zich voorstellen dat die DVO's daarom ook ter kennis van de ráád zullen worden gebracht, zodat deze in elk geval zal weten wat er gebeurt en daarmee ook wel of niet instemming kan betuigen. Spreker is blij met de uitspraak van de wethouder dat de randvoorwaarden die het college heeft verwoord onderwerp van gesprek met anderen zijn geweest. Ook andere vragen heeft de wethouder heel goed beantwoord.

Met de nieuwe organisatie zal er tot een hogere standaardkwaliteit in de dienstverlening kunnen worden gekomen en dat is een goede zaak. Wat de behartiging van de belangen van het personeel van de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden betreft, is spreker het met de heer Van der Wulp eens dat dat personeel voor een periode van vier jaar een baangarantie moet krijgen.

Vergadering van 12 april 2021.

15

Het antwoord van de wethouder was uitmuntend. Spreker wenst de gemeente bij de te voeren onderhandelingen alle succes. De heer Lagendijk liet al in eerste instantie weten dat de fractie van het CDA het eens is met de voorgestelde koers. Zij begrijpt ook de overwegingen en nuanceringen van de portefeuillehouder, waarvoor dank. Het is belangrijk te constateren dat men nu niet voor honderd procent weet waartegen men met het aannemen van dit voorstel 'ja' zal zeggen. Daarom verwacht de fractie dat de raad in drie gevallen bij het vervolgproces zal worden betrokken, ten eerste wanneer er niet zal worden voldaan aan de in de brief van het college genoemde voorwaarden, of daarvan zal worden afgeweken, ten tweede als de DVO's significant zullen afwijken van het huidige dienstverleningsniveau, en tot slot als het proces qua kosten uit de pas zal gaan lopen, kortom bij een afwijking van de kaders die de raad nu vaststelt en waardoor het budgetrecht van de raad in het geding komt. Met deze uitgangspunten kan de CDA-fractie onder voorwaarden instemmen met de uitgangspuntennotie Servicepunt Dordrecht en de brief van het college als reactie daarop. Tot slot wenst sprekers fractie de bestuurders en al het bij deze transitie betrokken personeel veel succes bij het verder laten rijden van deze trein naar de juiste bestemmingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10080419/1