Jaarstukken 2024 - versie Raad 07-07-2025 - incl. Rechtmatigheidsverantwoording (met verklaring)
Tekst van het document
Voor dit onderdeel hebben we in deWAARMERKINGSbegroting een
DOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 55
07/07/2025 d.d. ...................
extra risicopost van 10% op van de bijdrage SDD excl. BUIG en de bijdrage SOJ meegenomen bovenop de al eerder meegetelde 10 procent van onze totale bijdrage. Bij de verkoop van de aandelen in Eneco Groep N.V. (hierna Eneco) in 2020 is de koper gevrijwaard van de claim van de oud-aandeelhouders van REMU N.V. (hierna REMU). Samenvattend stelt REMU dat Eneco door het juridisch verzet tegen de Splitsingswet verhinderd heeft dat Eneco vóór 31 december 2010 geprivatiseerd is en dat REMU daardoor een contractueel afgesproken privatiseringsvergoeding niet ontvangen heeft. Eneco betoogt op hoofdlijnen dat Eneco, inclusief REMU, niet vóór 31 december 2010 verkocht is en dat de aandeelhouders daartoe ook geen plan hadden. De hoogte van claim bedraagt nominaal EUR 133 miljoen. De totale claim bedraagt het nominale bedrag vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 1 juli 2009.’ Ons aandeel in Eneco bedraagt slechts 0,45%. De kans wordt nog steeds als zeer minimaal ingeschat. Conclusie verbonden partijen Alles tezamen resulteert een cumulatief bedrag van ongeveer € 3,3 miljoen algemeen en € 3,0 miljoen specifiek (i/s) met een hoge kans van optreden (80%) vanwege Oekraïne e.d. Beheersmaatregel: het actief bewaken in de ambtelijk en bestuurlijke overlegvormen.
Risico Grondexploitaties Voor de grondbedrijfcomplexen geldt dat het niet alleen om negatieve, maar ook om positieve risico’s gaat. De begrote eindwaarde kan door marktrisico's immers zowel nadeliger als voordeliger uitvallen dan de prognose. Daarnaast zijn er verschillende mogelijkheden tot bijsturing, bijvoorbeeld in tempo, programmering etc. Ook eventuele subsidies kunnen een positief risico met zich meebrengen. Jaarlijks leggen we de risico’s van de lopende grondexploitaties ter kennisname voor aan de raad in de geactualiseerde GREX’en. Als we een verlies voorzien, wordt een 'voorziening' gevormd. Voor de algemene en specifieke risico’s is een algemene reserve Grondbedrijf gevormd (en een 'voorziening' voor ons aandeel in het voorziene verlies De Volgerlanden). Grondexploitaties kennen algemene risico’s zoals rente- en prijsmutaties, tijdsplanningen en afzetrisico’s en specifieke projectrisico’s. Bovendien geldt dat de risico's in zo’n grex op basis van onderzoek zo goed mogelijk, maar enigszins voorzichtig worden geraamd. Hierdoor kunnen zowel voor- als nadelen optreden. Voor een uitgebreide toelichting op de Grex'en en risico’s verwijzen we naar de paragraaf Grondbeleid en de Grex'en zelf. Volgerlanden Omdat de risico’s gedurende de looptijd van een project kunnen wijzigen dienen deze regelmatig te worden geactualiseerd en waar nodig aangepast, verwijderd of toegevoegd.
Het resultaat van deze actualisatie is dat het risicoprofiel van het project De Volgerlanden per 1 januari 2025 ca. € 1,3 miljoen bedraagt. Ten opzichte van de grondexploitatie 2024 is het risico gelijk gebleven. De verbetering van het risicoprofiel komt mede doordat er risico's zijn komen te vervallen. Dit risico wordt niet meer samen met de gemeente Zwijndrecht gedeeld (eventuele winsten nog wel). Ambachtsezoom Het risicoprofiel van het project Ambachtsezoom bedraagt per 1-1-2025 ca. € 0,4 miljoen. Ten opzichte van de Grex 2024 is het risicoprofiel met ca. € 0,3 miljoen afgenomen. Dit komt met name doordat het risico op het ontstaan van incourante kavels is komen te vervallen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 56
07/07/2025 d.d. ...................
Genieterrein-Waterbusplein Het resultaat van de risicoanalyse is dat het risicoprofiel van de grondexploitatie GenieterreinWaterbusplein per 1 januari 2025 ca. € 0,03 miljoen bedraagt. Dit profiel kent een zekerheidspercentage van 90%. Ten opzichte van 2023 is dit nagenoeg gelijk gebleven. Conclusie grondexploitaties Op basis van de concept grex'en 2025 is ons aandeel in het risico Volgerlanden, GenieterreinWaterbusplein plus het risico Ambachtsezoom, minus het positieve resultaat Ambachtsezoom een gecombineerd risico 1,7 miljoen met een hoge kans van optreden (80% structureel). Risico Algemene uitkering / decentralisaties De effecten van rijksmaatregelen zijn voor de middellange termijn allerminst zeker. De macroeconomische ontwikkelingen (Oekraïne etc) zijn moeilijk te voorspellen, laat staan de bestuurlijke vertaling door het Rijk naar de uitkeringen voor gemeenten en/of verdeelmodellen. Dat geldt in het bijzonder voor het sociale domein. Voor de drie decentralisaties Jeugdhulp, WMO en Participatiewet met hun kortingen zijn de effecten zorgwekkend, zowel voor het totaal als voor een individuele gemeente (het verdeelmodel). Deze middelen zijn immers onderdeel geworden van de algemene uitkering. We zullen dit actief blijven monitoren. Gemeentefonds Tegelijkertijd speelt de herijking van de algemene uitkering en het zogenaamde ravijn 2026 plus stelselwijziging.
Voor de herijking was onze gemeente in de eerste berekening een flinke voordeel gemeente, in de definitieve berekening zijn we nu een flinke nadeelgemeente van €63 per inwoner (dus circa 2 miljoen) in stappen van maximaal €15 per jaar. De eerste stappen (€7,50 / €22,50 / €37,50) zijn doorgevoerd voor 2023 t/m 2025. De stappen daarna zijn onzeker, er zou eerst een tweede herijking moeten plaatsvinden. De kans van optreden voor het restant (€63-€37,50) is hoog en structureel (80%). Specifiek risico In een bestuurlijk overleg van kabinet en VNG heeft het Rijk extra middelen voor Jeugdzorg ter beschikking gesteld. De extra middelen zijn wel onderwerp van een 'hervormingsagenda' met als doel de extra rijksmiddelen in 10 jaar overbodig te maken. Vanwege de gezamenlijke verantwoordelijkheid en de eerste resultaten in 2024 is hiervoor vooralsnog geen extra risicopost opgenomen. Conclusie algemene uitkering en doeluitkeringen In onze P&C instrumenten anticiperen we zo goed mogelijk op plannen van het Rijk (taakstellingen). Dat geldt ook voor eventuele herverdelingseffecten. Voor deze risicoparagraaf houden we rekening met een nadelig restrisico ter grootte van 5% van ons taakveld Algemene Uitkering = € 2,7 miljoen en met een gemiddelde (50%) kans van optreden. Beheersmaatregelen: Actief volgen en indien noodzakelijk maatregelen nemen tot bijsturing, met name bij Kadernota of begroting.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 57
07/07/2025 d.d. ...................
Incidentele, algemene risico’s Naast de specifieke risico's kennen we ook incidentele, algemene risico's, zoals een beroep op onze achtergestelde garantieverstrekkingen van circa € 69 miljoen. Ook een hogere loon- of prijsstijging dan geraamd valt hieronder: een omzet van circa € 107 miljoen, inclusief GREX’en en verbonden partijen. De kans hierop wordt ingeschat op extreem laag, oftewel 1 procent. Recapitulatie SAMENVATTING (x € 1.000)
JR 2022
JR 2023
Verbonden partijen algemeen
5.200
6.600
Verbonden partijen SDD en SOJ specifiek
2.300
3.000
1.200
1.300
Algemene uitkering en overige rijksbijdragen
2.700
2.700
Herijking gemeentefonds
1.310
1.310
Algemeen
1.070
1.070
Totaal risico's
13.780
15.980
Weerstandscapaciteit
28.793
34.491
2,1
2.2
Programma 1 - Sociaal, Welzijn en Educatie
Programma 2 - Ruimtelijke Ordening, Economie en Wonen Grondexploitaties Programma 4. Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen
Weerstandsratio Omdat de risico's van verbonden partijen en rijksuitkeringen semi structureel zijn, worden deze tweemaal meegeteld in de totaal telling.
Financiële kengetallen in relatie tot de financiële positie Hierna volgt een overzicht gegeven van de verplichte, financiële kengetallen afgezet tegen de normen van de VNG. Zoals bekend is onze schuldquote hoog door onze relatief grote grondexploitatie Volgerlanden. Tegelijkertijd zien we dat door ons voorzichtige, solide, financiële beleid de trend van alle financiële kengetallen positief is. Dat geldt ook voor onze weerstandsratio die we hiervoor berekend hebben. Wanneer we de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie bekijken, kunnen we concluderen dat de gemeente financieel gezond is. Recapitulatie
voldoende
onvoldoende
JR23
JR24
Netto schuldquote
<100%
>130%
87%
67%
Netto schuldquote gecorr. voor verstrekte leningen
<100%
>130%
82%
63%
Solvabiliteitsratio
>50%
<30%
29%
33%
Grondexploitatie
>0,6%
<0%
50%
37%
Structurele exploitatieruimte
<50%
>100%
-2%
5%
Belastingcapaciteit
<100%
>120%
96%
98%
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN Verstegen accountants en adviseurs B.V. 58
07/07/2025 d.d. ...................
Voor de gedetailleerde berekening van bovenstaande kengetallen wordt verwezen naar de bijlage. Beleidsindicatoren bedrijfsvoering
JR 2023
JR 2024
Formatie (fte per 1.000 inwoners, excl griffie)
3,0
3,0
Bezetting (fte per 1.000 inwoners)
2,9
3,1
Apparaatskosten per inwoner
407
422
Externe inhuur excl. VP (% totale loonkst + inhuur)
21%
16%
Overhead (% van totale lasten excl. toev. reserves)
6,8%
7,4%
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 59
07/07/2025 d.d. ...................
Paragraaf 2. Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Dit zijn risicobeheer (met name rente- en kredietrisico), de financierings- en schuldpositie, het kasbeheer en de informatievoorziening. Het in december 2015 door de gemeenteraad vastgestelde Financieringsstatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. Rente ontwikkelingen Het afgelopen jaar is de rente voor looptijden korter dan een jaar gedaald. Dit komt doordat de inflatie is gedaald en de Europese Centrale Bank (ECB) daarop de beleidsrente in stappen heeft verlaagd. De verwachting is dat de beleidsrente in 2025 verder zal worden verlaagd en de eerste verlaging is begin februari al doorgevoerd. De rente die we op schatkisttegoeden ontvangen beweegt mee met de beleidsrente, waarbij de schatkistrente altijd circa 10 basispunten lager ligt dan de beleidsrente. De rente op gemeenteleningen langer dan een jaar is iets gedaald. Wat opvallend is, is dat de onderliggende marktrente (IRS) scherper is gedaald dan de tarieven voor gemeenteleningen. De gemeente betaalt dus meer opslag als zij een nieuwe lening aantrekt. De opslag varieert van 20 basispunten voor een lening van 5 jaar tot 70 basispunten voor een lening van 30 jaar zonder tussentijdse aflossing.
In een jaar tijd zijn de opslagen met circa 10 tot 20 basispunten toegenomen afhankelijk van de looptijd. Een verklaring voor deze hogere opslagen kan zijn dat overheidsschulden in Europa en wereldwijd toenemen waardoor er veel vraag is naar financiering. Dat geeft een opwaartse druk op de prijs. In deze paragraaf is de grafiek opgenomen waarin het verloop van zowel de korte als de lange rente gedurende 2024 is weergegeven. Daarin komt naar voren dat de korte rente een stuk is gedaald en naar de lange rente toe is bewogen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 60
07/07/2025 d.d. ...................
Bedacht moet worden dat, indien een langlopende lening daadwerkelijk wordt opgenomen er opslagen gelden bovenop het IRS-tarief zoals hierboven weergegeven. Voor een 10-jaars lening bedraagt dit op het moment van schrijven circa 60 basispunten. Langlopende leningen De totale gemeentelijke langlopende leningenportefeuille valt in twee delen uiteen, te weten een deel voor de algemene dienst en een deel voor De Volgerlanden. In 2024 zijn voor de algemene dienst de volgende leningen aangetrokken: 1. 7 miljoen fixe met een looptijd van 50 jaar 2. 6,5 miljoen lineair met een looptijd van 20 jaar 3. 7,5 miljoen fixe met een looptijd van 4 jaar Deze leningen zijn aangetrokken als herfinanciering van aflossingen op bestaande leningen en als aanvullende concernfinanciering. Er is in 2024 voor 4,1 miljoen afgelost op de leningen binnen de algemene dienst. Voor De Volgerlanden is in 2024 een bedrag van 12,3 miljoen afgelost. Er vond geen herfinanciering plaats. De totale langlopende leningsschuld van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht bedroeg per 31 december 2024 € 81,5 miljoen en kan als volgt worden gespecificeerd: • t.b.v. algemene dienst (9 leningen): 66,5 miljoen • t.b.v. Volgerlanden (1 lening): 15 miljoen De gemiddelde rente over de totale leningenportefeuille bedroeg per eind 2024 1,77% (eind 2023: 1,46%).
De leningenportefeuille van de algemene dienst heeft een gemiddelde rente van 2% tegenover 1,62% per ultimo 2023. leningenportefeuille
Stand per
Nieuwe lening
Aflossingen
Stand per
(x € 1.000)
1-1-2024
2024
2024
31-12-2024
Algemene Dienst
€ 49.625
€ 21.000
€ 4.125
€ 66.500
De Volgerlanden
€ 27.334
€-
€ 12.334
€ 15.000
Totaal
€ 84.917
€ 21.000
€ 16.459
€ 81.500
Renterisico korte termijn: de kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat de gemeente per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet fido bedraagt deze limiet 8,5% van het totaal van de exploitatiebegroting. Gezien de omvang van de begroting 2024 (ca. € 104,6 miljoen) betekende dit dat de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht haar financiële huishouding voor maximaal € 8,9 miljoen met kort geld mocht financieren. De onderstaande tabel laat het verloop van de kortlopende middelen ten opzichte van de kasgeldlimiet gedurende 2024 zien. In 2024 is de kasgeldlimiet van het eerste tot en met het derde kwartaal overschreden. Dat wil zeggen dat de gemeente binnen het door de Wet fido toegestane maximum van drie kwartaaloverschrijdingen heeft geopereerd. VOOR WAARMERKINGS-
DOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 61
07/07/2025 d.d. ...................
In 2024 zijn in totaal 16 kasgeldleningen afgesloten voor gemiddeld € 17,8 miljoen met een rente variërend van 3,3% tot 4%. Berekening kasgeldlimiet
Bedragen x € 1.000
Gemiddeld. netto vlottende schuld (+) of gemiddeld netto vlottend overschot (-) kasgeldlimiet Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
€ 20.138
€ 20.846
€ 27.851
€ 5.717
€ 8.896
€ 8.896
€ 8.896
€ 8.896
€ 11.242-
€ 11.950-
€ 18.955-
€ 3.179
Renterisico lange termijn: de rente risico norm De renterisiconorm heeft tot doel om binnen de portefeuille aan langlopende leningen een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen. Omdat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer zijn dan 20% van het begrotingstotaal. De renterisiconorm van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht bedroeg in 2024 € 20,9 miljoen. De toetsing aan de renterisiconorm luidt daarmee als volgt: Rente Risico Norm
Bedragen x € 1.000
Renterisico's
2023
Aflossingen
€ 16.458
Renterisico
€ 16.458
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal
€ 104.649
Percentage regeling
20%
Renterisiconorm
€ 20.930
Toetsing aan norm:
€ 4.472-
Liquiditeitsrisico Liquiditeitsrisico is het risico dat de gemeente vanwege een tekort aan geldmiddelen niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen. Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht is dit risico zeer beperkt, onder meer een met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) per 1 januari 2019 herziene kredietlimiet van € 8 miljoen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 62
07/07/2025 d.d. ...................
Kredietrisico's De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht loopt kredietrisico op verstrekte geldleningen en leningen waarop een borgstelling is afgegeven. Het totaalbedrag aan verstrekte geldleningen per eind 2024 is: • Leningen aan woningcorporaties: € 0,04 miljoen • Woningfinancieringen gemeentepersoneel: € 1,1 miljoen • Veiligheidsregio ZHZ (kazerne): € 1,2 miljoen • Startersleningen: € 0,42 miljoen • Duurzaamheidsleningen: € 0,24 miljoen • Lening VVOG: € 0,5 miljoen • Lening SOL € 0,9 miljoen • Totaal: € 4,4 miljoen Daarnaast stond de gemeente per 31 december 2024 voor 83,6 miljoen garant. Hiervan heeft 76,3 miljoen betrekking op de achtervangpositie in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (indirecte borgstelling). Gezien de zekerheidsstructuur rond het WSW is aan deze garantstellingen een relatief laag risico verbonden. Het bedrag aan directe borgstellingen bedroeg per eind 2024 € 7,3 miljoen. De belangrijkste directe borgstellingen worden gevormd door: • HVC Alkmaar (1,06% belang; ‘getrapt’ via GR Gevudo): 5,5 miljoen • Woningstichting Rhiant 1,8 miljoen (1 lening). De specificatie van alle door de gemeente gewaarborgde leningen is te vinden in de staat van gewaarborgde geldleningen elders in deze jaarrekening.
Schatkistbankieren Bij het verplicht schatkistbankieren mag de gemeente een bedrag van 2% van het begrotingstotaal aan lasten na bestemming, dus inclusief de stortingen in reserves (bij aanvang van het begrotingsjaar) buiten de schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. In onderstaande tabel staat per kwartaal aangegeven wat het gemiddelde positieve banksaldo was. Hieruit blijkt dat in 2024 binnen het drempelbedrag van 2,1 miljoen is geopereerd. In 2024 werd op de schatkistrekening en de rekening bij de huisbank rente vergoed op positieve saldo's.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 63
07/07/2025 d.d. ...................
Berekening drempel
Bedragen x € 1.000
Begrotingstotaal
€ 104.649
Relevant percentage
2,00%
Drempelbedrag (afgerond)
€ 2.093
Kwartaaluitkomsten benutting drempelbedrag
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
Gemiddelde positieve banksaldi
€ 387
€ 510
€ 328
€ 249
Ruimte t.o.v. drempelbedrag
€ 1.318
€ 517
€ 1.502
€ 1.321
Rente toerekening Voor de interne doorberekening van de rentekosten naar de investeringen hanteren we een omslagrente van 1,5%. Het kan zijn dat de werkelijke rentelasten afwijken van de voorgecalculeerde renteomslag die is toegerekend. Volgens de ‘BBV-notitie Rente’ kan de gemeente besluiten tot correctie. Correctie is zelfs verplicht als deze afwijking groter is dan 25%. In onderstaand renteschema zetten we de werkelijke rentelasten uiteen, die gezamenlijk het renteresultaat bepalen. Daarnaast bepalen we of de eerdergenoemde afwijking niet groter is dan 25%. Hieruit blijkt dat de afwijking niet groter is dan 25%. Renteschema
2024
a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
b.
De externe rentebaten
€ 1.954.611,83 -/-
Totaal door te rekenen externe rente
€ 43.017,39 € 1.911.594,44
c1. De rente die aan de facilitaire grondexploitatie moet worden doorberekend
-/-
€-
c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/-
€ 216.855,83
+
€-
c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/Saldo door te rekenen externe rente
€ 216.855,83 € 1.694.738,61
d1. Rente over eigen vermogen
€-
d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente e.
De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld treasury
€ 1.694.738,61
-/-
€ 1.560.958,32 € 133.780,29
Verschil (procentueel)
8,57%
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 64
07/07/2025 d.d. ...................
Paragraaf 3. Lokale heffingen Inleiding Lokale heffingen kunnen we onderscheiden in gebonden en ongebonden heffingen. Gebonden wil zeggen dat de besteding gerelateerd is aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Dit zijn retributies (bijvoorbeeld leges, marktgeld) of bestemmingsheffingen (bijvoorbeeld afvalstoffenheffing, rioolheffing). Deze heffingen worden verantwoord op de desbetreffende gemeentelijke programma’s en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Ongebonden lokale heffingen zijn zogenaamde zuivere belastingen. De opbrengsten hieruit kunnen door de gemeenteraad vrijelijk binnen het werkterrein van de gemeente worden ingezet. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelastingen (OZB), hondenbelasting en precariobelasting. Deze heffingen zijn niet verbonden aan een inhoudelijk programma en behoren tot de algemene dekkingsmiddelen. Deze paragraaf heeft betrekking op beide categorieën heffingen. In het vervolg gaan wij in op de volgende aspecten: a. het beleid ten aanzien van de lokale heffingen; b. de opbrengst van de gemeentelijke heffingen c. een duiding van de lokale lastendruk en tarieven; d. een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen plus kostendekkendheid; e. een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.
Ontwikkelingen en rijksbeleid Ondernemersfonds De OZB zijn na de uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron en bestaan uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als niet-woningen en een gebruikersbelasting voor de niet woningen. De opbrengst vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. Daarnaast is een gedeelte, namelijk € 294.000 in 2024, bestemd voor het Ondernemersfonds. Dit bedrag komt tot stand door een extra verhoging van de OZB-belasting op niet-woningen voor eigenaren en gebruikers (sinds 2016). De gemeente keert de opbrengst als subsidie uit aan de Stichting Ondernemersfonds, die deze als 'trekkingsrecht' alloceert aan de gebieden of sectoren evenredig met wat deze opgebracht hebben. Afval Vanaf 1 januari 2024 is het recycletarief ingevoerd. Sindsdien is er een vast- en variabeltarief . Rijksbeleid Wensen en plannen zijn er al lang. Kabinet Schoof heeft in het hoofdlijnenakkoord 2024 – 2028 opgenomen dat de stijging van de gemeentelijke woonlasten (OZB) wordt gemaximeerd via afspraken met gemeenten. Hier is nog geen invulling aan gegeven.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 65
07/07/2025 d.d. ...................
Overzicht belastingopbrengsten en belastingdruk Onderstaande tabel is een overzicht van de gerealiseerde opbrengsten over 2024 en, ter vergelijking, 2023. Wij merken op dat de verschillen tussen de verantwoording 2023 en 2024 geen indicatie geven van de stijging of daling van de tarieven, maar van de totale opbrengst. Factoren zoals ontwikkelingen in de WOZ-waarde en areaaluitbreiding spelen bij de onroerendezaakbelastingen een belangrijke rol. Meer of minder afgegeven omgevingsvergunningen kunnen de opbrengst leges sterk beïnvloeden. Belastingopbrengsten (x € 1.000)
JR 2023
BG 2024
JR 2024
% van totaal
7.024
7.065
7.526
40%
258
257
266
1%
6.234
7.322
7.792
41%
Afvalstoffenheffing
4.682
5.064
4.893
26%
Rioolheffing
2.620
2.834
2.860
15%
Algemene dekkingsmiddelen (ongebonden heffingen) Onroerendezaakbelastingen Hondenbelasting Subtotaal Gebonden heffingen
Lijkbezorgingsrechten Bouwleges Burgerzaken + overige leges
388
565
462
2%
1.003
1.056
2.086
11%
535
712
810
4%
Marktgeld
41
54
47
0%
Subtotaal
8.948
10.286
11.158
59%
TOTAAL
15.182
17.608
18.950
100%
2021
2022
2023
2024
Gemiddelde WOZ-waarde
309.000
336.000
394.000
413.000
OZB-eigenaar
325,37
327,26
361,69
385,74
Afvalstoffenheffing (meerpers.)*
350,64
373,68
404,16
436,44
Rioolheffing eigenaar
128,52
130,31
138,38
149,45
Rioolheffing gebruiker (meerpers.)
59,52
60,24
Belastingdruk
63,84
68,88
-63,00
-76,00
891
905
965
3,2%
1,5%
6,6%
Bijdrage woonlasten Ontwikkeling lastendruk % stijging t.o.v. vorig jaar
864
* Tot 2024 gold in Hendrik-Ido-Ambacht één tarief voor één- en meerpersoonshuishoudens. Het vermelde tarief onder 2024 is inclusief het variabele tarief.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 66
07/07/2025 d.d. ...................
Toelichting Tot de woonlasten worden gerekend de OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De woonlasten vormen het grootste deel van de opbrengst uit de gemeentelijke heffingen en daarmee grotendeels de lokale lastendruk. De volgende tabellen geven de ontwikkeling van de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden weer over de laatste vier jaren, zowel die voor eigenaren-bewoners (dus met een eigen huis) als die van huurders. De OZB is berekend op basis van de laatste door CBS gepubliceerde gemiddelde WOZwaarde van woningen voor het desbetreffende jaar. Deze waarde is berekend naar de peildatum 1 januari van het voorgaande jaar. De WOZ-waarde 2024 is dus berekend naar de waardepeildatum 1 januari 2023. Huurders betalen geen OZB en rioolheffing eigenaar. Onroerendezaakbelastingen (OZB) De onroerendezaakbelastingen (OZB) is na de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron voor de gemeente. Deze heffing bestaat uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als niet-woningen en een gebruikersbelasting voor niet-woningen (bedrijven, enz.). De opbrengst vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. De gemeenteraad bepaalt de tarieven en daarmee de door belastingplichtigen te betalen belasting. De heffingsgrondslag is de waarde van de onroerende zaak. Deze wordt vastgesteld op basis van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ).
Voor de WOZ-waarden 2024 gelden de WOZwaarden met als waardepeildatum 1 januari 2023. Sinds 2009 is de verschuldigde OZB een percentage van de waarde van de onroerende zaak. Afvalstoffenheffing Hendrik-Ido-Ambacht heeft met ingang van 2024 het recycletarief (diftar) ingevoerd. Inwoners betalen vanaf dat moment een basisbedrag. Dit bedrag wordt verlaagd met € 7,50 per persoon, dit staat gelijk aan 3 vrije inworpen voor restafval van 60 liter. Daarnaast betalen inwoners een bedrag voor restafval per ontgrendeling van de verzamelcontainer en/of leging van een minicontainer. Rioolheffing Rioolheffing is een vergoeding ter dekking van kosten die gemeenten maken voor haar rioolstelsel. Ook de kosten van de wettelijke watertaken, zoals zorgplicht voor stedelijk afvalwater, hemelwater en structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand kunnen hiermee bekostigd worden. Welke kosten worden verhaald moet met het water- en rioleringsprogramma (WRP) zijn vastgesteld. Hondenbelasting De Gemeentewet regelt dat gemeenten een belasting mogen heffen op het houden van honden. De hondenbelasting is een zuivere belasting die, net als de onroerendezaakbelasting, naar de algemene middelen van de gemeente vloeit. In onze gemeente is een relatie tussen de opbrengst en de voorzieningen die voor honden worden gerealiseerd.
Vanaf 2023 is het tarief voor een tweede hond of meer gelijkgetrokken met het tarief voor de eerste hond. Hiervoor was het tarief van de tweede hond of meer hoger dan de eerste. In 2024 is het nieuwe hondenbeleid vastgesteld.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 67
07/07/2025 d.d. ...................
Totaal overzicht: OZB
2021
2022
2023
2024
Eigenaar woning
0,1053
0,0974
0,0918
0,0934
Eigenaar niet-woning
0,2593
0,2808
0,2819
0,2949
Gebruiker niet-woning
0,2093
0,2288
0,2229
0,2365
Afval
2021
2022
2023
2024
Meerpersoonshuishouden
350,64
373,68
404,16
368,98
Eenpersoonshuishouden
246
265,2
288,96
254,58
Stijging
4,7%
7,1%
8,5%
-10,0%
Afval
2021
2022
2023
2024
ontgrendeling 30 liter
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
1,25
ontgrendeling 60 liter
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
2,50
minicontainer 140 liter
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
5,85
minicontainer 240 liter
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
10,00
Stijging
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Riool
2021
2022
2023
2024
Eigendom
128,52
130,31
138,38
149,45
Gebruik meerpersoonshuishouden
59,52
60,24
63,84
68,88
Gebruik eenpersoonshuishouden
29,76
30,12
31,92
34,44
Stijging
2,1%
1,3%
6,1%
8,0%
Honden
2021
2022
2023
2024
Tarief 1e hond
125,28
126,96
134,76
145,44
Tarief 2e e.v. hond
205,56
208,44
134,76
145,44
Tarief kennel
746,88
757,32
804,24
868,56
2%
1%
-2%
8%
Stijging
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 68
07/07/2025 d.d. ...................
Vergelijking andere gemeenten Om inzicht te krijgen in het algemene verloop van de hoogte van de woonlasten (OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing) is het goed een vergelijking met andere gemeenten te maken. Ook het landelijk gemiddelde is hierin opgenomen. Vergelijking van woonlasten kan worden gemaakt met de Drechtstedengemeenten. Deze is gebaseerd op de actuele gegevens van de Digitale Atlas van de lokale lasten 2024 op www.coelo.nl en geeft de woonlasten van een meerpersoonshuishouden voor zowel eigenarenbewoners als huurders weer. Voor eigenaar-bewoners is de OZB berekend op basis van de gemiddelde WOZwaarde van een koopwoning. Huurders betalen geen OZB en rioolheffing eigenaar. De woonlasten in 2024 in Alblasserdam, Dordrecht, Hardinxveld Giessendam, Hendrik Ido Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht laten zich samenvatten in onderstaande schema's (x € 1). Riool-
Afval-
Tege-
Rangnr.
heffing
stoffen-
moet-
meerpers.
eigenaar eig/gebr
heffing
koming Totaal
huish.
Gemiddelde
Tarief
OZB
Gemeente
WOZwaarde
OZB
Dordrecht
382.000
0,0905
345
234
357
936
106
Sliedrecht
364.000
0,0712
319
277
351
947
124
Alblasserdam
409.000
0,0991
404
169
449
-40
982
173
Hendrik-Ido-Ambacht
465.000
0,0934
434
218
410
-76
986
176
Hardinxveld-G'dam
418.000
0,1054
440
207
344
991
181
Zwijndrecht
389.000
0,0866
337
322
368
1027
220
Papendrecht
400.000
0,1136
454
169
424
1047
244
Landelijk gemiddelde
484.000
0,0909
423
225
346
994
De indicatie in de laatste kolom betekent hoe lager het rangnummer hoe lager de woonlasten. Kwijtschelding Als een belastingplichtige door financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De regels voor het toekennen worden bepaald door de rijksoverheid. Deze regels komen erop neer dat kwijtschelding mag worden verleend aan belastingplichtigen die een inkomen hebben dat niet hoger is dan 90% van de bijstandsnorm. Gemeenten mogen hier in die zin van afwijken, dat deze inkomensgrens wordt verruimd naar 100% van de bijstandsnorm. Onze gemeente hanteert de 100%norm, wat betekent dat inwoners met een inkomen op bijstandsniveau in beginsel voor kwijtschelding in aanmerking komen. Wel vindt een vermogenstoets plaats. Een groot deel van de kwijtscheldingen is geautomatiseerd getoetst. Het doel hiervan is om zo de administratieve lasten voor de burger te verminderen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 69
07/07/2025 d.d. ...................
Gemeenten mogen wel zelf bepalen voor welke belastingen kwijtschelding wordt verleend. Er kan kwijtschelding worden aangevraagd voor: • Afvalstoffenheffing (vaste bedrag volledig, variabele bedrag is gemaximeerd) • Rioolheffing gebruik woningen Bedrag (x € 1.000) Rioolheffing
JR 2023 22
Begroting 2024 29
JR 2024 22
Afvalstoffenheffing
156
160
120
Totaal
178
189
142
Bouwleges
Burgerzaken
Kostendekking
Bedragen in € Riool
Afval
Begraven
Kosten taakveld incl. kwijtschelding
2.146.255
4.133.033
mutatie reserve
1.217.549
308.262
Markt
Overig
Direct toegerekende kosten: 815.807
97.758
1.119.917 1.413.328
169.986
-478.751
-194.274
-9.673
3.363.804
3.962.544
621.532
88.085
1.119.917 1.413.328
169.986
Overhead
222.163
124.638
239.206
16.633
1.044.324
164.625
171.890
BTW
273.994
805.814
15.982
121.808
2.783
Totale kosten (a)
3.859.961
4.892.996
860.739 120.700
2.286.049 1.580.735
341.876
Opbrengst heffingen (b)
2.859.961
4.892.996
462.216
47.405
2.085.673
672.930
136.683
Onbenut
1.000.000
0
398.523
73.295
200.376
907.805
205.193
74%
100%
54%
39%
91%
43%
40%
Inkomsten excl. heffingen Netto kosten taakveld Overige toe te rekenen kosten:
Dekking (b/a*100)
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 70
07/07/2025 d.d. ...................
Paragraaf 4. Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Wegen, riolering, water, openbaar groen, gebouwen en afval-inzamelvoorzieningen vormen niet alleen belangrijke schakels in de gemeentelijke infrastructuur, ze leveren ook een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van de gemeente. Ze hebben daarmee waarde voor de bereikbaarheid, de economie, de omgevingskwaliteit en de veiligheid. Om die waarde duurzaam en efficiënt in stand te houden, is een systematisch en planmatig beheer noodzakelijk. Het beheer is dan ook gericht op het duurzaam in stand houden van de gemeentelijke voorzieningen. Dit houdt in dat we kapitaalgoederen op een zodanige manier onderhouden dat tegen zo beperkt mogelijke kosten de voorzieningen voortdurend goed functioneren en er geen kapitaalvernietiging plaatsvindt. Uitgangspunt voor het gewenste kwaliteitsniveau is dat de veiligheid en begaanbaarheid van de openbare ruimte op voldoende wijze gewaarborgd blijven en daar waar mogelijk een vorm van burgerparticipatie wordt ingebouwd. Volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), artikel 12, lid 2, moet in de begroting over het onderhoud van kapitaalgoederen worden aangegeven: 1. het actueel beleidskader (met betrekking tot beheerplannen: wanneer vastgesteld of geactualiseerd); 2. het van toepassing zijnde kwaliteitsniveau; 3.
de vertaling van de financiële consequenties van het vastgestelde kwaliteitsniveau in de begroting. Voor het beheer zijn beheersystemen beschikbaar om de beheertaak te ondersteunen en om goede financiële ramingen te maken. De beheersystemen hebben als doel het beheer binnen vastgestelde kwalitatieve normen zo effectief en efficiënt mogelijk in te richten. Dat betekent: op het aan te houden kwaliteitsniveau gerichte maatregelen op de juiste plaats en op de juiste momenten tegen de laagst mogelijke kosten. Bij het bepalen van prioriteiten wegen we risico's af. In de beleidsplannen maken we alle afwegingen en de consequenties daarvan inzichtelijk . Op deze manier komen wij tot effectief en efficiënt beheer. Leidend voor het daadwerkelijke onderhoudsprogramma zijn de resultaten van de jaarlijkse inspecties van kapitaalgoederen. Voor de financiële aspecten van het beheer verwijzen we naar de programma's (met name "3. Buitenruimte") en de staat 'reserves en voorzieningen' (reserve Wegen en voorziening Riolering).
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 71
07/07/2025 d.d. ...................
Kapitaalgoederen Onderstaand overzicht geeft de actuele beleid- en beheerplannen weer. In de beleidsplannen zijn de kaders en ambities opgenomen. De beheerplannen geven aan hoe we het beheer en onderhoud uitvoeren. Onderdeel openbare ruimte
Beleid- en beheerplan
Vastgesteld
Planning/ actualisering
1. Wegen
Beleidsplan wegen 2013-2023
13-5-2013
2025
Wegenbeheerplan (inclusief civiele kunstwerken, 10-5-2022 verkeersvoorzieningen en straatmeubilair) 2022 -2026
2026
Mobiliteitsplan 2021-2030
8-11-2021
2030
Beleidsplan openbare verlichting 2020-2024
7-10-2019
2024
Beheerplan openbare verlichting 2021-2025
10-5-2022
2025
Beleidsplan infrastructurele kunstwerken 2015-2023
12-1-2017
2025
Beleidsplan verkeersvoorzieningen 2015-2023
25-8-2015
2025
Beleidsplan straatmeubilair 2015-2023
25-8-2015
2025
2. Riolering
Water- en Rioleringsprogramma 2025-2029
2-12-2024
2029
3. Water
Baggerplan 2019
8-7-2019
2026
Beheer- en onderhoudsplan oeverbeschermingen 2018-2026
5-3-2018
2026
4. Openbaar groen Groenbeleidsplan 2024-2034
7-10-2024
2034
Beleidsplan bomen 2019-2033
3-12-2018
2033
Groenbeheerplan plus 2022-2026
15-3-2022
2026
Beleidsplan begraafplaatsen 2020-2030
2-3-2020
2030
Beheerplan begraafplaatsen 2022-2027
13-12-2022
2027
Speelruimteplan 2020-2030
15-6-2020
2030
Beheerplan speelvoorzieningen 2021-2026
8-3-2022
2026
Meerjarenonderhoudsplannen gemeentelijke gebouwen 20222026
24-5-2022
2026
7-2-2022
2025
2-7-2019
2025
5. Gebouwen
6. Afvalinzameling Grondstoffenbeleidsplan 2019-2023; uitwerking in Implementatieplan recycletarief 2024 Zwerfafval- uitvoeringsplan 2019-2023
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 72
07/07/2025 d.d. ...................
Kerncijfers Onderwerp Wegen
Kunstwerken
Riolering
Groen
Gebouwen
Kerncijfers Begroting 2024
Kerncijfers Jaarrekening 2024
Totaal areaal
Totaal areaal
1.456.107 m2
1.505.568
Asfalt
Asfalt
389.576 m2
397.360 m2
Elementen
Elementen
1.055.120 m2
1.091.213 m2
Half verharding (wandelpaden)
Half verharding (wandelpaden)
7.531 m2
16.995 m2
Bruggen
Bruggen
101
101
Viaducten
Viaducten
2
2
Tunnels
Tunnels
2
2
Overige kunstwerken
Overige kunstwerken
125
175
Vrijverval riolering
Vrijverval riolering
gemengd riool: 57 km
gemengd riool: 63 km
vuilwaterriool: 51 km
vuilwaterriool: 46 km
regenwaterriool: 66 km
regenwaterriool: 66 km
drainage: 15 km
drainage: 15 km
totaal: 189 km
totaal: 190 km
Rioolgemalen
Rioolgemalen
rioolgemalen: 27
rioolgemalen: 33
in beheer van het waterschap: 2
in beheer van het waterschap: 2
Drukrioleringen
Drukrioleringen
pompunits: 122
pompunits: 145
drukriolering: 28 km
drukriolering: 25 km
Peilbuizen
Peilbuizen
33
33
Lengte watergangen
Lengte watergangen
33 km (in beheer bij gemeente)
33 km (in beheer bij gemeente)
Aantal bomen
Aantal bomen
12.281
13.022
Gras (gazon, grasveld, ruwgras)
Gras (gazon, grasveld, ruwgras)
807.035 m2
766.116 m2
Plantsoen (beplanting) + bosplantsoen
Plantsoen (beplanting +bosplantsoen)
243.811 m2
245.456 m2
Aantal speelplekken
Aantal speelplekken
166
140
Aantal gebouwen in onderhoud
Aantal gebouwen in onderhoud
20
14
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 73
07/07/2025 d.d. ...................
Onderwerp Afval
Verlichting
Kerncijfers Begroting 2024
Kerncijfers Jaarrekening 2024
Aantal ondergrondse afval inzamelsysteem
Aantal ondergrondse afval inzamelsysteem
606
617
Aantal afvalbakken
Aantal afvalbakken
581
581
Aantal lichtpunten 7.681
Aantal lichtpunten 7.797
Toelichting 1. Wegen 1.A Wegenbeheer Wat hebben we in 2024 gedaan Het integraal project "Kruiswiel fase 5" is uitgevoerd en afgerond, ter plaatse van de Opvliet e.o. (minder verharding en meer groen en spelen), Daarnaast voerden we nog (integrale) onderhoudswerkzaamheden uit naar aanleiding van de inspectieresultaten van de laatste weginspectie, waaronder de Hoge Bogerd en diverse voet- en fietspaden waar wortelopdruk aanwezig was. Beleidskader De algemene doelstelling voor het wegbeheer is het voeren van een duurzaam wegbeheer waarbij we de veiligheid voor de verkeersdeelnemers in stand houden. Comfort en aanzien van de weg spelen hierbij een beperkte rol. 1.B Verkeer en vervoer Wat hebben we in 2024 gedaan In 2021 is het Mobiliteitsplan 2021-2030 vastgesteld waaronder een uitvoeringsplan. Hierin zijn de onderzoeken en maatregelen opgenomen die we willen uitvoeren. In 2024 hebben we de onderzoeken naar de parkeerdruk, de fiets- en voetgangersoversteken en de fietsroutes in beeld gebracht. Beleidskader De raad heeft in december 2021 het Mobiliteitsplan 2021-2030 vastgesteld. Hierin zijn de kaders opgenomen voor het beleid voor de komende jaren. 1. C Openbare verlichting Wat hebben we in 2024 gedaan In 2024 hebben we het areaal van armaturen op grote schaal vervangen en daarmee verduurzaamd.
Ons areaal bestaat nu bijna geheel uit LED verlichting en is voor een groot deel 'smart ready'. Hiermee lopen we voor op het nog nieuw te verrijken beleid in 2025. Hierin nemen we op hoe om te gaan met de verlichting als kapstok voor slimme functies en werken we verder uit hoe we lichtvervuiling tegen gaan. We berekenen de sterkte van masten opnieuw, vanwege de versnelling van de verduurzaming van de armaturen. Ook onderzoeken
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 74
07/07/2025 d.d. ...................
we de levensduur van de masten om af te wegen of deze in het kader van duurzaamheid verlengd kan worden. Beleidskader In 2019 is het Beleidsplan Openbare Verlichting 2020-2024 door de raad vastgesteld. In 2025 wordt het beleid herijkt en in 2026 aangeboden aan de gemeenteraad. 1. D Infrastructurele kunstwerken Wat hebben we in 2024 gedaan? In 2024 voerden we onderhoudswerkzaamheden uit aan damwanden en recreatiesteigers aan de Hil en Bekestein. Ook vervingen we de voetgangersbrug aan het Jaagpad. Beleidskader Binnen de openbare ruimte bevinden zich infrastructurele kunstwerken, die de kruising van (water)wegen of andere natuurlijke barrières mogelijk maken. Dit zijn onder andere bruggen, keermuren, trappen, tunnels en viaducten. Het huidige beleid is erop gericht de kunstwerken op het kwaliteitsniveau "basis" te onderhouden. Uitgangspunt is een zodanig kwaliteitsniveau dat de kunstwerken en bruggen naar behoren functioneren en er dus geen sprake is van achterstallig onderhoud of gevaarlijke situaties. Bij het beheer heeft het voorkomen van gevaarlijke situaties eerste prioriteit. Tweede prioriteit is zorg dragen voor het goed functioneren van de voorzieningen, gevolgd door het wegwerken van eventueel achterstallig onderhoud. We leggen het "Uitvoeringsplan Civiele Kunstwerken", als onderdeel van het "Beleidsplan Wegen 2025-2034", begin 2025 ter vaststelling voor aan de raad. 1.
E Verkeersvoorzieningen Wat hebben we in 2024 gedaan? De buitendienst voert het dagelijks onderhoud uit inclusief eventuele vervangingen met uitzondering van (integrale) projecten waarin het onderhoud gelijk wordt meegenomen. Beleidskader Verkeersvoorzieningen zijn verkeersborden, straatnaamborden, ANWB-bebording, schrikhekken en verkeerspalen. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid, bruikbaarheid en aanzien worden deze onderdelen beheerd en onderhouden volgens het uitvoeringsplan. We onderhouden de verkeersvoorzieningen op het basisniveau, waarbij we niet meer uitgaan van een kwaliteitsdifferentiatie per gebied. Reden hiervoor is dat verkeersvoorzieningen qua plaatsing, beheer en onderhoud moeten voldoen aan wettelijke bepalingen en landelijke richtlijnen. In het uitvoeringsplan zijn uitgangspunten voor de verkeersvoorzieningen geformuleerd. Begin 2025 wordt het "Uitvoeringsplan Verkeersvoorzieningen", als onderdeel van het "Beleidsplan Wegen 2025-2034", aan uw raad voorgesteld. 1.F Straatmeubilair Wat hebben we in 2024 gedaan? De buitendienst voert het dagelijks onderhoud uit, inclusief eventuele vervangingen met uitzondering van (integrale) projecten waarin het onderhoud gelijk wordt meegenomen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 75
07/07/2025 d.d. ...................
Beleidskader Straatmeubilair, zoals banken, afvalbakken, fietsenstallingen en abri's, is een wezenlijk onderdeel van de openbare ruimte. We onderhouden en beheren deze onderdelen vanuit het oogpunt van veiligheid en bruikbaarheid. Essentieel hierbij is het te hanteren kwaliteitsniveau voor het onderhoud. Op basis van de landelijke wetgeving en richtlijnen onderhouden we de betreffende voorzieningen in de openbare ruimte op het kwaliteitsniveau "basis". We leggen het "Uitvoeringsplan Straatmeubilair", als onderdeel van het "Beheerplan Wegen 2025-2034", begin 2025 voor aan de raad. 2. Riolering Wat hebben wij in 2024 gedaan? Naast het reguliere onderhoud aan riolering zijn wij verder gegaan met onze rioolvervangingsopgave in buurt Kruiswiel. In 2024 is fase 4 afgerond. Het betreft de straten Opvliet, Kruiswiel, Halfweg en Guldenweg. Beleidskader In 2024 heeft de raad het nieuwe Water- en Rioleringsprogramma 2025-2029 (Wrp) vastgesteld. Dit als opvolger van het Gemeentelijk Rioleringsplan (Grp). Met dit Wrp geven wij vorm aan de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Ook is klimaatadaptatie structureel verankerd in onze projecten. Gezien de aard van de rioolheffing gaat het dan voornamelijk over het tegengaan van wateroverlast, al kunnen deze maatregelen ook positieve effecten hebben op bijvoorbeeld de thema's droogte en hittestress.
Ontwikkelingen In de regio hebben wij input geleverd aan werkgroepen in het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). De aangevraagde bijdrage van de Impulsregeling hebben wij benut voor de aanleg van waterdoorlatende parkeerplaatsen in buurt Kruiswiel fase 4. Voorziening riolering De voorziening riolering heeft als doel het gelijkmatig verdelen van kosten in de tijd om tariefschommelingen te voorkomen. De voorziening wordt gevoed met het verschil tussen de jaarlijkse exploitatiekosten van de riolering en de inkomsten uit rioolheffing. De verwachte omvang van de voorziening per 31 december 2024 is circa € 8,5 miljoen. Bestemmingsreserve riolering In deze bestemmingsreserve zijn de precariogelden van 2018, 2019, 2020 en 2021 gestort van in totaal €1,0 miljoen. Conform raadsvoorstel 9.3 december 2024 betreffende Water- en rioleringsprogramma 2025-2029 is een bedrag van € 1.000.000 onttrokken aan de bestemmingsreserve riolering ten gunste van de voorziening riolering. Na deze mutatie is het saldo nihil. Deze bestemmingsreserve komt vanaf 2025 te vervallen. De bestaande voorziening riolering zal vanaf 2025 hiervoor worden gebruikt.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 76
07/07/2025 d.d. ...................
3. Water Wat hebben wij in 2024 gedaan? In 2024 hebben wij gebaggerd in het westelijk gedeelte van buurt Dorp. Naast baggerwerk hebben wij de wateren in ons beheer vrijgemaakt van los vuil en waterplanten om de doorstroming te verbeteren. Beleidskader Op het gebied van waterbeheer hebben wij diverse plannen. Dit zijn het Baggerplan en het Beheer- en onderhoudsplan oeverbeschermingen. In het nieuwe Water -en rioleringsprogramma (Wrp) is de koppeling met waterbeheer opgenomen. 33 procent van de baggeropgave bekostigen wij vanuit de rioolheffing. Het baggerwerk en het verwijderen van planten voeren wij samen met waterschap Hollandse Delta uit, afhankelijk van de onderhoudsverplichting van de watergangen. 4. Groen 4.A Groenbeleidsplan Wat hebben wij in 2024 gedaan? In 2024 is het Groenbeleid herijkt en is het integraal groenbestek opnieuw Europees aanbesteed. Beleidskader In oktober 2024 stemde de gemeenteraad in met het nieuwe Groenbeleidsplan. Dit beleidsplan is een integraal beleid waarbij het Bomenbeleid, Groenstructuurplan en Groenbeleid samengevoegd zijn. Het Groenbeleidsplan borduurt verder op het Groenbeheerplan+ waarbij we de doelstellingen van het Programma Duurzaamheid vertaald hebben in beleid. Zo zetten we in op het verwijderen van functieloze verharding, het aanplanten van extra bomen, versterken van de biodiversiteit en het renoveren van groenvakken.
Bomenbestand We hebben ongeveer 12.100 bomen in beheer, hier komen nog extra bomen bij. In het coalitieakkoord staat dat we extra bomen gaan planten. Hierbij is de inzet om de impact van deze bomen op de openbare ruimte te maximaliseren door de ecosysteemdiensten van de bomen optimaal te benutten. Ontwikkelingen Bij de aanplant van nieuwe bomen, maar ook bij vervanging, kijken we steeds meer naar de toekomstwaarde van de locatie en de boomsoort (de juiste boom op de juiste plek). Ook houden we rekening met de bijdrage aan biodiversiteit en ecosysteemdiensten. Thema's die steeds belangrijker worden bij het inrichten en beheren van de openbare ruimte.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 77
07/07/2025 d.d. ...................
4.B Begraafplaatsen Wat hebben wij in 2024 gedaan? We hebben in 2020 het begraafplaatsenbeleidsplan vastgesteld. Op basis van dit beleidsplan exploiteren we de begraafplaatsen en het uitvaartcentrum de komende jaren. Specifieke aandacht gaat hierbij naar het in stand houden van het dienstverlenings- en kwaliteitsniveau en het toewerken naar een toekomstbestendig uitvaartcentrum. Beleidskader Het beleidskader betreft het begraafplaatsenbeleidsplan 2020 – 2030. 4.C Speelvoorzieningen Wat hebben wij in 2024 gedaan? In 2024 is een begin gemaakt met het herijken van het Speelruimteplan. Beleidskader Het Speelruimteplan wordt in 2025 herijkt. Hiervoor is in 2024 een begin gemaakt. Het beleid wordt om meer te focussen op spelen, sporten en ontmoeten zodat het meer aansluit op de actuele behoefte van het gebruik van speel en sportplekken in de buitenruimte. Het beleidsplan zet ook in om beter aan te sluiten op de wensen van partners zoals jongerenwerk, straatcoaches en Hi5Ambacht. De beleidsdoelstellingen op het gebied van gezondheid en weerbaarheid van onze bewoners nemen we hierin mee, we willen buitenspelen, bewegen, gezond gedrag en ontmoeten stimuleren. 5. Gebouwenbeheer We zijn in 2024 een overeenkomst aangegaan met de Servicegemeente Dordrecht voor het tactisch en operationeel vastgoedonderhoud en advisering op het strategische vlak.
Doel hiervan is om binnen twee jaar de volledige vastgoedportefeuille van de gemeente HendrikIdo-Ambacht strategisch, tactisch en operationeel ingericht te hebben, waarbij alle objecten voldoen aan de wet en regelgeving. 6. Afval 6.A Afvalinzameling Wat hebben we in 2024 gedaan? Op 1 januari 2024 hebben we het recycletarief ingevoerd. Het recycletarief gaat uit van het principe 'de vervuiler betaalt'. Daarnaast zetten we in op controle van het onjuist aanbieden van afval en handhaving om de kwaliteit van de aangeboden grondstoffen en van de leefomgeving te borgen. In het coalitieprogramma 2022-2026 Samen voor Ambacht is opgenomen dat zoveel mogelijk bovengrondse inzamelpunten voor afval ondergronds worden gemaakt. Op dit moment hebben wij nog een aantal (55) bovengrondse containers voor oud papier en karton en glas. Deze maken we ondergronds. Beleidskader In 2019 is het grondstoffenbeleidsplan vastgesteld. Door de invoering van het recycletarief VOOR WAARMERKINGSzijn de kaders verder concreet gemaakt.
DOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 78
07/07/2025 d.d. ...................
6.B Zwerfafval Beleidskader In 2024 hebben we het zwerfafvalplan herijkt. Hierin hebben we duidelijke uitgangspunten voor het toepassen van afvalbakken en acties om zwerfafval tegen te gaan, opgenomen. Verder blijven we aandacht vragen voor zwerfafval via de Nationale Opschoondag en het afvalprikker uitgiftepunt. Daarnaast focussen we ons op zwerfafval rondom inzamelplaatsen voor afval/grondstoffen.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 79
07/07/2025 d.d. ...................
Paragraaf 5. Grondbeleid Algemeen De gemeente heeft een Omgevingsvisie vastgesteld waarin onder andere aangegeven staat hoe zij het gebruik van de fysieke leefomgeving nu en in de toekomst ziet. Daarin zijn ambities opgenomen voor de realisatie van bijvoorbeeld woningen of bedrijfslocaties. Het grondbeleid helpt de gemeente om deze ambities te kunnen verwezenlijken en is vastgelegd in de 'Nota Grondbeleid 2023'. Deze nota is vastgesteld op 4 december 2023 en stelt de kaders waarbinnen het grondbeleid gevoerd wordt. Uitvoering grondbeleid In de nota is opgenomen dat er situationeel grondbeleid gevoerd wordt. Per situatie wordt bepaald of de gemeente actief gronden gaat verwerven om een plan te kunnen realiseren (actief grondbeleid) of een initiatiefnemen van een plan slechts te ondersteunen (faciliterend grondbeleid). Als er voor actief grondbeleid gekozen wordt, stelt de gemeenteraad een grondexploitatie vast waarmee de (financiële) kaders van het betreffende plan worden vastgelegd. De vastgestelde grondexploitatie wordt vervolgens jaarlijks herzien. Wanneer het nodig is om gronden te verwerven, is het uitgangspunt om zo lang mogelijk te proberen met de grondeigenaar tot overeenstemming over de verkoop te komen (minnelijke verwerving). Enkel in het uiterste geval worden de benodigde gronden onteigend.
Bij de vaststelling van de begroting 2024 waren er 3 actieve grondexploitaties; De Volgerlanden, Bedrijvenpark Ambachtsezoom Fase 1 en Genieterrein-Waterbusplein. Bij faciliterend grondbeleid worden de kosten die de gemeente maakt op de initiatiefnemers of grondeigenaren verhaald (kostenverhaal). Bij voorkeur wordt dit geregeld door het sluiten van een (anterieure) overeenkomst. Voor verschillende locaties zijn of worden kostenverhaalovereenkomsten gesloten, zoals voor de locatie op de hoek van de Vrouwgelenweg en de Jacobuslaan (project Kop van 't Oude Ambacht) en Noordoevers fase 1a en fase 2. Om het kostenverhaal in De Volgerlanden-Oost te regelen is in het verleden een exploitatieplan vastgesteld, welke nu onderdeel uitmaakt van het omgevingsplan. Verwachte resultaten grondexploitaties In tabel 5.1 worden de grondexploitaties samengevat. Hierin is per project, naast wat algemene informatie, het verwachte financiële resultaat opgenomen. Om de grondexploitaties te kunnen vergelijken, zijn de resultaten contant gemaakt naar 1 januari 2025. De eventueel genomen winsten zijn niet verwerkt in het resultaat maar worden apart weergegeven. Ook de gewogen risicobedragen zijn opgenomen in de tabel. Deze risicobedrag zijn berekend met een zekerheidspercentage van 90%. Dit houdt in dat het voor 90% zeker is dat het genoemde bedrag voldoende is om de risico's af te dekken.
In het weerstandsvermogen van de gemeente wordt met dit risicobedrag rekening gehouden. Per grondexploitatie wordt kort het toegepaste grondbeleid beschreven, net als een toelichting op het verwachte financiële resultaat.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 80
07/07/2025 d.d. ...................
Tabel 5.1 Projectoverzicht (peildatum 1-1-2025) Bedragen x €1.000.000,De Volgerlanden Verwachte afronding project Totale plangebied (ha) Areaal nog aan te kopen grond Areaal uitgeefbaar Areaal nog te verkopen grond Gerealiseerde kosten Gerealiseerde baten Boekwaarde Nog te realiseren baten -/- kosten Resultaat op eindwaarde Resultaat op netto contante waarde Gerealiseerde winstneming Risico's
GenieterreinAmbachtsezoom Fase 1 Waterbusplein 2025 2028 2027 210 ha 23,1 ha 1,8 ha
7,7 ha € 348,28 € 311,24 € 37,04 € 31,41 € -5,63 € -5,20
€ 1,40
15,3 ha 2,0 ha
1,1 ha 0,2 ha
€ 34,87 € 25,82 € 9,05 € 12,69 € 3,64 € 3,43 € 2,30 € 0,40
€ 10,03 € 4,89 € 5,14 € 0,39 € -4,75 € -4,68
€ 0,03
De Volgerlanden Beleidskader De gemeente heeft sinds het begin van het project actief grondbeleid gevoerd in het realiseren van woningbouwlocatie De Volgerlanden. De gemeente wilde alle gronden in eigendom verkrijgen om de regie te houden. Veelal werden gronden van particulieren aangekocht en overige benodigde gronden, die in bezit waren van projectontwikkelaars, werden door bouwclaimovereenkomsten bij het gemeentelijke eigendom betrokken. De verwervingen in het De Volgerlanden zijn afgerond. Financieel kader De grondexploitatie vormt het financieel kader van het project en wordt jaarlijks geactualiseerd en opnieuw vastgesteld. De geactualiseerde grondexploitatie De Volgerlanden is op 8 juli 2025 door de gemeenteraad vastgesteld. Voor de begroting van 2024 diende de grondexploitatie 2024 als uitgangspunt. Deze had een verwacht negatief resultaat van € 7,18 miljoen op contante waarde (per 1-1-2024). Bedrijventerrein Ambachtsezoom Beleidskader Bij bedrijventerrein Ambachtsezoom wordt actief grondbeleid toegepast. Sinds 1 januari 2013 richt de planvorming zich hier alleen op het westelijke gedeelte van het bedrijvenpark (Fase 1). Alle gronden in het gebied zijn in eigendom bij de gemeente. Financieel kader De geactualiseerde grondexploitatie Ambachtsezoom Fase 1, het financiële kader van de betreffende fase van het project, is vastgesteld in de raadsvergadering van 2 juni 2025.
Voor de begroting van 2024 diende de grondexploitatie 2024 als uitgangspunt. Deze grondexploitatie had een verwacht positief resultaat van € 3,43 miljoen op contante waarde (per 1-1-2024). Genieterrein-Waterbusplein Beleidskader Bij dit project wordt actief grondbeleid toegepast. Alle nog uit te geven gronden zijn in eigendom bij de gemeente. Financieel kader
Jaarstukken 2024
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 81
07/07/2025 d.d. ...................
De geactualiseerde grondexploitatie Genieterrein-Waterbusplein, het financiële kader van de betreffende fase van het project, is vastgesteld in de raadsvergadering van 2 juni 2025. Voor de begroting van 2024 diende de grondexploitatie 2024 als uitgangspunt. Deze grondexploitatie had een verwacht negatief resultaat van € 4,54 miljoen op contante waarde (per 1-1-2024). Tussentijdse winstneming Tussentijdse winstneming geldt vooral bij projecten die meerdere jaren duren. Hieronder zijn regels opgenomen over hoe we omgaan met (tussentijdse) winstneming:
1. Tussentijdse winstneming kan alleen plaatsvinden indien: a. voldoende zekerheid bestaat over het (verwachte) resultaat van de grondexploitatie, ofwel het resultaat op de grondexploitatie betrouwbaar kan worden ingeschat; én b. De grond (of het deelperceel) is verkocht; én c. De kosten zijn gerealiseerd. 2. Wanneer wordt voldaan aan de voorwaarden voor tussentijdse winstneming, wordt de zogenaamde percentagemethode (POC) toegepast. 3. Bij de bepaling van de tussentijdse winst brengen we de risico's die specifiek samenhangen met de nog te realiseren kosten en opbrengsten van de grondexploitatie in mindering. Eventuele algemene risico's laten we voor de winstneming buiten beschouwing. Bij winstneming gelden in algemene zin de volgende uitgangspunten: de winst wordt naar rato van gerealiseerde kosten en opbrengsten (tot en met het lopende jaar) genomen. Dus indien 50% van de kosten is gerealiseerd en 50% van de grond is verkocht (over de gehele looptijd), dan is de winstrealisatie 50% x 50% = 25%. Zowel de realisatie van de kosten als de realisatie van de opbrengsten zijn bepalend voor de omvang van de winstrealisatie. Grondexploitatie Bedrijvenpark Ambachtsezoom heeft een verwacht positief resultaat en een POC van ca. 63%. Per 31-12-2024 is er € 2,30 miljoen aan winst genomen.
De Volgerlanden en Genieterrein-Waterbusplein sluiten naar verwachting met een tekort waardoor winstneming niet aan de orde is. Reserve en Risico De aard van de activiteiten binnen het totaal van de exploitaties maakt het noodzakelijk ter afdekking van de algemene risico's een algemene reserve grondbedrijf aan te houden. Deze reserve wordt opgebouwd uit de eindresultaten van alle afgesloten grondexploitaties plus alle tussentijdse winst- en verliesnemingen. Het nemen van winst gebeurt volgens de hiervoor beschreven methodiek van (tussentijdse) winstneming. Als bij het opstellen dan wel het actualiseren van een kostprijscalculatie blijkt dat er een verlies op een complex ontstaat, treffen we hiervoor een voorziening laste van de Algemene reserve grondbedrijf. De Algemene reserve grondbedrijf moet op voldoende niveau zijn om de benoemde risico's te kunnen opvangen en moet een minimum niveau hebben afhankelijk van het risicoprofiel. Zodra het saldo van de reserve zich onder het minimum niveau bevindt, moet dit worden aangevuld vanuit de Algemene (concern)reserve. De Algemene reserve grondbedrijf kent geen maximum niveau.
VOOR WAARMERKINGSDOELEINDEN
Jaarstukken 2024
Hendrik-Ido-Ambacht
Verstegen accountants en adviseurs B.V. 82
07/07/2025 d.d. ...................
Paragraaf 6. Verbonden partijen Inleiding Verbonden partijen zijn organisaties waarmee we als gemeente een bestuurlijke relatie hebben én waarin we een financieel belang hebben. Deze organisaties leveren een bijdrage aan de realisatie van de doelen die we als gemeente hebben gesteld. Verbonden partijen die een significant (financieel) risico met zich meebrengen, verwerken we ook in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen’. BBV In de BBV is opgenomen dat er een onderverdeling wordt gemaakt naar: • gemeenschappelijke regelingen; • vennootschappen en coöperaties; • stichtingen en verenigingen en; • overige verbonden partijen. In dit hoofdstuk gaan we in op de doelstellingen, taken en financiële aspecten van de gemeenschappelijke regelingen waarin de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht participeert. Bij een vennootschap en coöperatie participeert de gemeente in het risicodragend vermogen van een privaatrechtelijke rechtspersoon als aandeelhouder van de betreffende NV of BV. Hieronder geven wij een opsomming van onze samenwerkingsverbanden. Gemeenschappelijke regelingen
Vennootschappen en coöperaties
• GR Sociaal • GR Dienst Gezondheid & Jeugd • ROM-D • GR Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid • Oasen (NV) • GR Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid • Stedin Holding (NV) • GR Natuur en recreatieschap IJsselmonde • BNG Bank (NV) • GR Bureau Openbare Verlichting • GR Gevudo Stichtingen en verenigingen kenmerken wij niet als verbonden partij.