CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij raadsvoorstel 8.2 - 21-1068 PvE-Cascade-DEFINITIEF 17-11-2021

raadsvergadering openbaar 17 januari 2022, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Revitalisering Cascade huisvestingsvisie12.177 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Achter Aan de achterzijde is een ingrijpende aanpassing van het terrein noodzakelijk. Hier moet een multifunctioneel

Plafonds

plein met terras gerealiseerd worden. De huidige bestrating met betonklinkers heeft hiervoor niet de juist

In verband met aanpassingen aan E- en W-installaties dienen alle plafonds te worden vervangen. Uitgangspunt

uitstraling/allure. Het verhard oppervlak zal worden uitgebreid naar in totaal ongeveer 1.200 m2.

is om nieuwe verlaagde systeemplafonds te realiseren, waarin installaties goed bereikbaar zijn. In de foyer en

Uitgangspunt is dat de terreinverharding logisch aansluit op de nieuwbouw/uitbreiding met entree aan de

openbare ruimten op de begane grond bestaat de wens om meer hoogte te realiseren, mogelijk door

achterzijde en deels direct aansluit op het water. De toekomstige brug op de route Schoof-Cascade dient te

toepassing van akoestisch spuitwerk met zichtwerk installaties.

worden geïntegreerd in het ontwerp. De aanwezige niveau/-hoogte verschillen bieden een mooie gelegenheid om in het ontwerp te gebruiken voor openbare zitplaatsen (aan het water). Omdat veel van het huidige groen

Pagina: 21 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

(lage begroeiing) ruimte moet maken voor de verharding van het plein met terras, dient dit te worden

3.7.7.1.2 PV-installatie

gecompenseerd. Uitganspunt is om groenvoorzieningen in het ontwerp van het terrein te integreren en hier

Uitgangspunt is om de daken van Cascade maximaal te gebruiken voor het plaatsen van pv-panelen. Ook de

zeker enkele bomen (hoge begroeiing) te realiseren. Indien hiervoor aanvullend budget kan worden

bestaande luifels kunnen hiervoor worden benut, bijvoorbeeld door het vervangen van lamellen met pv-

vrijgemaakt, is een fontein in het water een waardevolle toevoeging. Hierdoor kan namelijk een relatie

panelen. De mogelijkheden hiertoe dienen nader te worden onderzocht. Het dak van het theaterzaal kan niet

ontstaan met het Burgemeester Baxpark. Bovendien past dit bij de parkachtige omgeving.

worden benut voor het plaatsen van pv panelen.

Op het terrein aan de achterzijde van Cascade dient rekening te worden gehouden met de bereikbaarheid voor

Uitgangspunten pv-installatie:

de Brandweer en overige hulpdiensten, bevoorrading en reinigen vetvangput.

o

Legplan voor bepalen maximaal vermogen.

Het streven is om de nieuwbouw en terreinwerkzaamheden aan de achterzijde met een gesloten grondbalans

o

Montage systeem (zwart) met ballast voor platte daken.

uit te voeren, zodat in principe geen grond aan- en/of afgevoerd hoeft te worden. Dit tenzij er een andere

o

Monokristallijne panelen.

grondsoort nodig is voor een specifieke toepassing, zoals de terreinverhardingen.

o

Minimaal 370 Wp/paneel.

o

Systeem met optimizers i.c.m. SolarEdge omvormers.

o

Oplevering met Scope 12 inspectie.

Voor het voor- en achterterrein dient door een (landschaps)architect een ontwerp te worden gemaakt, rekening houdend met de (toekomstige) verbinding Schoof-Cascade.

In de huisvestingscan van de omgevingsdienst is een stelpost opgenomen van 200 pv-panelen. Uitgaande van 3.7.7

Elektrotechnische installaties

3.7.7.1.1 Centrale elektrotechnische installatie(s) Het gebouw is voorzien van een trafo van netbeheerder Stedin. Op deze trafo is een hoofdverdeelkast aangesloten. Het vermogen van de trafo en hoofdverdeelkast is onbekend. Een installatieadviseur dient te onderzoeken of de vermogens voor nieuwe installaties en gebouwuitbreiding kunnen worden aangesloten op de bestaande aansluiting op het net. Vervanging van de hoofd verdeelinrichting is over enkele jaren opgenomen in de onderhoudsplanning van Cascade. Gezien de installatietechnische aanpassingen is het uitganspunt om deze vervanging naar voren te halen en in de renovatie te betrekken. Eventueel kan worden onderzocht of de bestaande hoofd verdeelkast kan worden gereviseerd en uitgebreid. De hoofdverdeelinrichting dient te worden uitgevoerd met een reserve-/overcapaciteit van 20%. Voedingsleidingen dienen in kabelwegen te worden aangelegd. Bekabeling voor sterk- en zwakstroom, data- en telecommunicatie in gescheiden compartimenten. Voor de voedingen van warmte-, koelings- en luchttechnische installaties en liftinstallaties moeten afzonderlijke voedingskabels de hoofdschakelinrichting

370 Wp panelen wordt hiermee stroom opgewekt gelijk aan ¼ deel van het huidige stroomgebruik. 3.7.7.1.3 Verlichting Algemene uitgangs-/aandachtspunten: o

LED verlichtingsarmaturen toepassen in het gehele gebouw (energiezuinig) met hoogste energieklasse.

o

In het gebouw bij voorkeur verlichting met daglichtschakeling toepassen.

o

Algemene (verkeers)ruimten, zalen, bibliotheek, horeca bg en foyer zijn centraal te schakelen.

o

In de entreehal rekening houden met een lichtobject.

o

Verlichting horeca bg en bibliotheek, foyer, theater en in de zalen: dimbaar.

o

Verlichting in sanitaire en overige natte ruimte uit te voeren in IP 44/65 spatwaterdicht.

o

Schakeling van de armaturen in sanitaire ruimten en kantoren op basis van aanwezigheidsdetectie (instelbaar).

o

Bij entrees buitenverlichting met daglichtschakeling.

o

Het is van belang om goed werklicht in de keuken te hebben, indien mogelijk ook daglicht.

o

De installatie-adviseur dient de voorzieningen ten behoeve van theaterverlichting en muziekinstallaties af te stemmen met Cascade.

met de (onder)verdeelinrichtingen verbinden. Nieuw elektrabuizen en bekabeling dient halogeenvrij te worden uitgevoerd. Uitgangspunt is dat de reeds aanwezige kabelgoten/-wegen in het bestaande gebouw behouden blijven. Voor de uitbreiding zijn nieuwe kabelgoten noodzakelijk of mogelijk een uitbreiding op een bestaande kabelgoot. Voor het buitenterrein aan de achterzijde dient rekening te worden gehouden met het realiseren van buitenverlichting en evenementen-aansluitingen. Noodzakelijke vermogens nader te bepalen. Het buitenterrein aan de voorzijde, ter plaatse van de fietsenstalling, dient te worden voorzien van enkele oplaadpunten voor e-bikes.

Verlichtingssterkte o

Entreehal met podium-/tribunetrap en balie: 300 lux.

o

Horeca begane grond (zitgedeelte): 200 lux.

o

Bibliotheek: 300 lux.

o

Keuken: 500 lux.

o

Kantoren: 500 lux.

o

Zaal: 350 lux.

o

Theaterzaal: 400-500 lux (hoog lichtniveau i.v.m. multifunctioneel gebruik)

Pagina: 22 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

o

Berging: 200 lux.

Toegangscontrole

o

Sanitaire ruimte: 200 lux.

In de huidige situatie is de buitenschil afgesloten met een sleutelcilinder systeem. Dit geldt ook voor alle

o

Werkkast e.d.: 200 lux.

binnendeuren. Een en ander dient in principe te worden gehandhaafd en te worden uitgebreid binnen het

o

Entree: 200 lux.

bestaande sluitplan.

o

Verkeersruimte: 200 lux.

o

Techniekruimte: 200 lux.

Inbraakbeveiliging In de huidige situatie is een inbraakbeveiligingssysteem aanwezig met flitslicht op de voorgevel. De meeste

De uitgangspunten voor het bepalen van de verlichting zijn: o

Werkvlakhoogte 0,75 meter

o

Nieuwwaarde index 1,25

o

Gelijkmatigheid 0,75

ruimten zijn voorzien van ruimtedetectie/-bewaking door middel van infrarood bewegingsmelders (PIR). Een en ander dient als principe te worden gehandhaafd en te worden uitgebreid. Brandveiligheidsinstallaties De huidige brandmeldinstallatie heeft een volledige bewakingsomvang en is voorzien van een type B

Kleurtemperatuur o

Zitgedeelte horeca begane grond en foyer 4000 K (definitief n.t.b.).

o

Overige ruimten 3000 K (definitief n.t.b.).

o

Theater n.t.b.

ontruimingsinstallatie. Dit betekent dat behalve de noodzakelijke handbrandmelders, het gebouw is voorzien van één of meer automatische melders en dat er een “Slow-hoop” alarm signaal is. Er is een goedgekeurd Programma van Eisen voor de brandmeld- en ontruimingsinstallatie uit 2008. De installatie is gecertificeerd. Dit is verplicht volgens het Bouwbesluit 2012. Uitgangspunt is dat de brandmeld- en ontruimingsinstallatie geheel wordt vervangen. De nieuwe installatie

In de huidige situatie is op verschillende plaatsen reeds LED verlichting aanwezig. Geïnventariseerd moet worden of en welke verlichtingsarmaturen mogelijk kunnen worden hergebruikt. 3.7.7.1.4 Beveiligingsinstallaties Bliksembeveiliging Op het huidige gebouw is geen bliksembeveiliging aanwezig. Vanuit wetgeving is dit ook niet verplicht. Uitgangspunt is om geen bliksembeveiliging installatie te realiseren.

moet voldoen aan alle wettelijke eisen en normen (NEN 2575 en NEN 2535). Hiervoor dient een nieuw PvE te worden opgesteld dat moet worden goedgekeurd door het bevoegd gezag. 3.7.7.1.5 Communicatie-installaties Camerabewaking (CCTV) Momenteel is alleen bij de hoofdentree, aan de voorzijde, camerabewaking aanwezig aan de buitenzijde van het gebouw. Binnen is camerabewaking aanwezig in de gangen, theaterzaal en foyer. Aanvullend dient camerabewaking te worden gerealiseerd bij de achterentree en bij de goederenlift van het theater.

Noodverlichting De noodverlichting dient geheel te worden vervangen. Een nieuwe installatie moet worden aangelegd conform de NEN 1838 en aangesloten op de bestaande centrale noodstroom voorziening (UPS installatie).

Audio visuele installaties In de bibliotheek, theater, foyer en zalen is een geluidsinstallatie aanwezig. Deze installaties zijn geïntegreerd in het plafond, met uitzondering van het theater. Hier hangt de geluidinstallatie in de hijsinstallatie.

Vluchtwegaanduiding De vluchtwegarmaturen moet worden aangelegd conform de NEN 6088 en aangesloten op de bestaande centrale noodstroom voorziening (UPS installatie). Noodstroomvoorziening De volgende installatieonderdelen dienen te worden aangesloten of blijven op een noodstroomvoorziening: o

Noodverlichting en vluchtwegarmaturen.

Uitgaande van vervanging van de bestaande UPS-installatie.

In de zalen zijn visuele installaties aanwezig in de vorm van beamers met projectieschermen. Uitgangspunt is om de audio-installaties in de bibliotheek, foyer en zalen te vervangen en in de zalen nieuwe visuele installaties te realiseren met verrijdbare schermen. Narrowcasting Momenteel is één informatiescherm aanwezig in de entreehal. Uitganspunt is om dit uit te breiden naar de horeca en bibliotheek op de begane grond en ook de foyer op de verdieping.

Pagina: 23 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

3.7.7.1.6 Data- en WiFi installatie

o

Pompunit 5,5 kW met daalventiel, terugslagklep, overdrukventiel en een manuele daalklep (t.b.v. noodbediening)

Het gebouw is voorzien van een centrale glasvezelaansluiting. Vanaf deze aansluiting loopt ook een glasvezelkabel naar de verdieping voor alle WiFi punten. Uitgangspunt is om de data-installaties zo veel als

o

Een zgn. ‘vangsysteem’ i.g.v. kettingbreuk (v.v. de noodzakelijke signalering)

mogelijk te behouden en uit te breiden voor nieuwe ruimten. In het gehele gebouw moet gebruik kunnen

o

Automatische nivellering indien het platform zakt t.g.v. belading of ontlading

worden gemaakt van een openbaar WiFi netwerk.

o

Besturingssysteem incl. bedieningsknoppen op iedere vaste stopplaats. De afmetingen van de besturingskast zijn ca. 500x400x200 mm (hxbxd). De besturingskast dient ‘in de nabijheid’ van de

3.7.7.1.7 Transportinstallaties

heffer geplaatst te kunnen worden

Personenlift De bestaande personen liftinstallatie is hydraulisch aangedreven. Volgens de technisch theoretische

Noodzakelijke bouwkundige en elektrotechnische voorzieningen voor de heffer:

levensduur van een dergelijke lift moet de elektrische en hydraulische besturing na ongeveer 18 jaar

o

Er dient een (betonnen) put aanwezig te zijn van 350 mm diepte

vervangen worden. De liftkooi met deuren, het interieur en schachtdeuren met omlijsting na ongeveer 24 jaar.

o

Loze leidingen t.b.v. de bekabeling tussen de verschillende niveaus

Gezien de leeftijd van het gebouw dient er nu een revisie te worden uitgevoerd. Dit is in lijn met de

o

Betonnen put/fundering van 350mm diep

onderhoudsplanning, waarin de lift is opgenomen in 2022.

o

Bouwkundige schacht

Uitgangspunt is een grootschalige revisie of vervanging van de lift (aandrijving, besturing, liftkooi met deuren,

o

Aan de buitenzijde kader met flappen voor dock shelter

interieur en schachtdeuren).

o

Elektrisch bedienbaar rolluik in opening op maaiveld en op verdieping

o

Verankeringsmogelijkheid t.b.v. de stalen kolom heffer aan schacht

o

Voeding 400V/50Hz.

Goederenlift Voor de bestaande goederenlift (nabij de keuken) is het uitgangspunt dat deze vervangen moet worden. Deze lift staat in 2027 voor vervanging of grootschalige revisie op de planning. De nieuwe lift zal worden gaan gebruikt voor het transport van voedingsmiddelen/etenswaren en dient daarom te worden uitgevoerd als servicelift, welke voldoet aan HACCP-normen. Goederenheffer theater Aan de buitenzijde van het theater dient een lift te worden gerealiseerd voor transport van en naar de theaterzaal. Uitgangspunt is een eenvoudige goederenheffer in een bouwkundige schacht, welke uitkomt in de verkeersruimte achter de theaterzaal. Om voldoende manoeuvreerruimte op de verdieping te creëren is een brede opening in de achterwand van de theaterzaal nodig. Dit uit te voeren met een brandwerende segmentdeur met vluchtdeur. Uitvoering lift: o

Electro-hydraulische kolomheffer

o

Afmetingen 2400x1650mm (nuttig vloeroppervlak 2370x1590mm)

o

Deur 1,45x4,5 (bxh)

o

Inwendige schachtafmeting: 2525x2050mm

o

Netto heflast: 1500 kg

o

Hefhoogte 4500mm

o

Hefsnelheid (max): 9 m/min

o

NIET geschikt voor personenvervoer

o

Electro-hydraulisch aandrijfsysteem o.b.v. een enkelwerkende cilinder v.v. slangbreukbeveiliging

3.7.7.1.8 Theater hijsinstallatie De theater hijsinstallatie is/wordt vervangen. Hier zijn geen verdere aanpassingen noodzakelijk. 3.7.8

Werktuigkundige installaties

3.7.8.1.1 Bestaand In het oorspronkelijke gebouw werd ventilatielucht via roosters in de gevel toegevoerd en mechanisch afgezogen via dakventilatoren (natuurlijke toevoer en mechanische afvoer). Ruimteverwarming vindt nog steeds plaats via een gasgestookte cv-installatie met warmteafgifte door radiatoren (hoge temperatuur verwarming). De theaterzaal en foyer hebben ieder een eigen, indirect gestookte, luchtbehandelingsinstallatie. Dit geldt ook voor de ballet- en erkerzaal, en boxenkamer (voormalige zaal) op de begane grond. In verband met problemen met het klimaat in het gebouw zijn in het verleden (2010) inverter warmtepompen geplaatst, waarmee decentraal koeling en aanvullende warmte wordt geleverd. Ook op de luchtbehandelingskasten van de theaterzaal en de foyer zijn in 2010 inverter warmtepompen aangesloten voor verbetering van het binnenklimaat. Alle zalen en kantoren worden mechanisch afgezogen met dakventilatoren. Deze zijn eveneens in 2010 geplaatst ter vervanging van de bestaande dakventilatoren. In de bibliotheek wordt aanvullende warmte en koeling geregeld met een multi-split (VRF) systeem met plafond units. In de zalen loopt dit via een ventilatie-unit (van Biddle) in het plafond. Hier wordt lucht gerecirculeerd en vers toegevoerd via de roosters in de gevel. De ballet- en erkerzaal zijn voorzien van een klimaatplafond.

De keuken heeft een afzonderlijke luchtbehandelingskast.

Pagina: 24 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

Door Edwin Bakker van Zovatec is een regeling voor de klimaatinstallaties (gebouwbeheersysteem) bedacht, geprogrammeerd en uitgevoerd. Met deze installatie kan het klimaat in de zalen op ruimteniveau worden

Algemene eisen o

geregeld. Voor het theater zijn verschillende gebruiksscenario’s (voor)geprogrammeerd. 3.7.8.1.2 Nieuw In lijn met de huisvestingsscan van de omgevingsdienst is het uitgangspunt om Cascade te gaan verwarmen en

De ruimten dienen geventileerd te worden met verse buitenlucht (i.i.g. geen recirculatie tijdens gebruik ruimten).

o

Leidingwerk dient te worden geïsoleerd tegen warmte- of koudeverlies.

o

Luchtkanalen voorzien van geluiddempers.

Luchtkanalen dienen waar mogelijk zoveel als mogelijk behouden te blijven.

ventileren met een all-electric warmtepompsysteem in combinatie met Lage Temparatuur Verwarming (LTV). Berekeningen Alle luchtbehandelingskasten en inverters lopen in de komende jaren (t/m 2016) op het einde van hun

Berekeningen van installaties dienen te worden uitgevoerd met de meest recente versie van de VABI-

technisch theoretische levensduur. Hierdoor ontstaat een ‘natuurlijk’ vervangmoment voor deze installaties.

berekeningsprogramma’s.

In feite is reeds voorzien in (lucht/lucht) warmtepomp systemen (inverters) voor bijverwarming en koeling van ruimten en luchtbehandelingskasten. Streven is om met deze techniek ook de hoofdverwarming met

Buitencondities winterperiode

gasgestookte installatie voor de indirect gestookte luchtbehandelingskasten en ruimteverwarming te

Uitgangspunten bij de berekeningen zijn: o

minimale ontwerp buitentemperatuur: -10°C

o

vochtgehalte: 1,0 g/kg droge lucht

3.7.8.1.3 Klimaatinstallaties

o

windsnelheidgebied: 5 m/s

Installatieconcept

o

bedrijfswijze: onderbroken

vervangen.

Met een centraal opgestelde lucht/water warmtepomp wordt een gekoeldwater- en verwarmingsinstallatie in het gebouw gevoed. Via een verdeler/verzamelaar in de bestaande technische ruimte worden de diverse

Buitencondities zomerperiode

luchtbehandelingskasten met wtw voorzien van verwarmd of gekoeld water en de LT radiatoren/convectoren

Uitgangspunten bij de berekeningen zijn:

(of deels vloerverwarming bg en nieuwbouw) van verwarmd water. Ruimten worden gekoeld met

o

maximale ontwerp buitentemperatuur: 30°C

ventilatielucht (topkoeling) en waar nodig verwarmd met radiatoren. De koeling is per zone (gebouwdeel)

o

relatieve vochtigheid: 55% RV

regelbaar, verwarming per ruimte.

o

vochtgehalte: 14,5 g/kg droge lucht

o

max buitentemperatuur selectie koelm: 35°C

Alternatieven Gezien het veelzijdige gebruik van het gebouw op verschillende momenten van de dag, is het mogelijk

De maximale luchtsnelheden in luchtkanalen (m/s):

interessant installaties (nog meer) decentraal uit te voeren. In de huidige opzet is dit al grotendeels het geval

o

in techniekruimten: 8

met de luchtbehandeling, immers zijn het theater, de foyer, ballet- en erkerzaal, keuken en kantoorruimten

o

hoofdkanalen in schachten: 7

op de begane grond voorzien van een aparte luchtbehandelingskast. Ruimten met een gelijk/constant gebruik

o

boven gangen: 5

kunnen worden voorzien van hoofdverwarming met LT radiatoren en bijverwarming of koeling via de lucht.

o

boven kantoren: 4

Ruimten met een tijdelijk en of kort gebruik kunnen worden voorzien van hoofdverwarming en koeling via de

o

aftakking naar rooster: 3,5

lucht (‘on demand’) en mogelijk bijverwarming met LT radiatoren. Voor de zalen is dit bijvoorbeeld mogelijk

o

aansluiting op VAV: 6

met kleine luchtbehandelingskasten voorzien van wtw (CO2 gestuurd) en inverters voor koeling/verwarming of

o

in brandkleppen (netto doorlaat): 5

CO2 gestuurde wtw units met VRF systeem met inverters. Dit lijkt enigszins op de bestaande decentrale installaties, alleen is er dan sprake van warmteterugwinning en niet het recirculeren of afvoeren van geconditioneerde lucht. Door een installatieadviseur dient nader onderzocht te worden wat meest passende oplossing (installatieconcept) is voor een gasloos warmtepompsysteem voor Cascade. Mogelijk is het hierbij ook nog interessant om een oplossing met Warmte Koude Opslag (WKO) te onderzoeken.

Pagina: 25 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

3.7.8.2 Riolering

Legionella beheersing

Algemeen

In het gebouw zijn twee kleedruimten aanwezig met in iedere ruimte een douchevoorziening. Op basis van een

Het gebouw is voorzien van een gescheiden systeem voor afvalwater. Hemelwater wordt via het dak en langs

legionella beheersplan worden de douches één maal per week doorgespoeld. Indien de douches gerenoveerd

de gevel als een cascade (waterval) naar het oppervlakte water afgevoerd. Op het dak van de theaterzaal

worden is het te overwegen om een automatische spoelinstallaties voor de douches te realiseren.

wordt het hemelwater via twee afvoeren naar het oppervlakte water afgevoerd. Aan de achterzijde van het gebouw is een vetvangput aanwezig voor de bestaande (warme) keuken op de verdieping. Nieuwe rioleringsbuizen uitvoeren in PE of gerecycled PVC.

3.7.8.4 Brandbestrijdingsinstallaties Door wijzigingen van de indeling en/of uitbreiding van het gebouw zijn mogelijk aanpassingen of uitbreidingen nodig in de projectie van brandslanghaspels. De huidige projectie van brandslanghaspels dient te worden gecontroleerd aan de hand van hiervoor geldende wet- en regelgeving en aangepast waar noodzakelijk.

Hemelwaterafvoeren Nieuwe hemelwaterafvoeren lozen op het oppervlakte water (als bestaand). Afvoerleidingen, waar nodig, dampdicht en akoestisch isoleren. Overstortvoorzieningen volgens opgave constructeur. Binnenriolering Riolering van vervallen afvoerpunten afdoppen/-koppelen ter hoogte van een aftakking (hoofdleiding). Nieuwe afvoerpunten aansluiten op de hoofdleidingen van de bestaande binnenriolering. Afvoeren van de keuken op de begane grond aansluiten op de bestaande vetvangput. In de keukenruimten vloerputjes of -goten realiseren. Terreinriolering Terreinverhardingen in principe op afschot (afwateren) naar oppervlakte water en/of groenvoorzieningen met drainagesysteem. Waar nodig terreinriolering aanleggen en lozen op het oppervlakte water (als bestaand). 3.7.8.3 Water Waterleidingnet Het bestaande waterleidingnet uitbreiden ten behoeve van nieuwe tappunten. Leidingen van vervallen tappunten op aftakking vanaf hoofdleiding(en) afdoppen/-koppelen. Er mogen geen ‘dode’ leidingen met stilstaand water achterblijven. Warm en koud waterleidingen, waar nodig, isoleren. Bij het ontwerp van de uitbreiding van het waterleidingnet dient rekening te worden gehouden de geldende regelgeving op het gebied van legionella en (aanpassing van) het legionellabeheersplan. Warm water Warm tapwater wordt in de huidige situatie decentraal opgewekt met elektrische boilers.

Uitbreiding van de warm tapwater opwekking dient eveneens decentraal te worden uitgevoerd met elektrische toestellen. Veel van de huidige boilers dienen volgens de onderhoudsplanning te worden vervangen. Voor vervanging van bestaande en het plaatsen van nieuwe toestellen kan overwogen worden om elektrische doorstroomtoestellen te plaatsen (let wel op capaciteit).

Haspelkasten bij voorkeur inbouwen. Blustoestellen plaatsen in alle ruimten met een verhoogd brandgevaar.

Pagina: 26 Versie: 5.0 Datum: 17 november 2021 Projectnr.: 21-1068

4 Bijlagen -

Investeringsbegroting/budgetraming d.d. 14-10-2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10880831/1