Bijlage bij nr. 34 DB GR Sociaal Reactie op zienswijzen
Tekst van het document
Zienswijze gemeente Dordrecht (definitieve versie) Inleidende opmerkingen 1. Woord van dank Wij spreken onze waardering uit richting u als GR Sociaal voor uw inspanningen. Ook in 2024 heeft de GR sociaal te maken gehad met allerlei ontwikkelingen die van invloed waren op het werk. Bijvoorbeeld met de komst van een nieuw kabinet en de bijbehorende (aankomende) wetsvoorstellen, zoals de Participatiewet in balans. Maar ook het verschijnen van de anonieme brief van medewerkers eind 2024 en het daaropvolgend onderzoek heeft een grote impact. Ondanks deze ontwikkelingen staan de medewerkers van de GR Sociaal klaar voor onze inwoners. Tenslotte danken wij u voor het tijdig aanleveren van uw stukken en het uitgebreide inzicht dat u geeft in de mate van realisatie in uw beleidsdoelen en de hiervoor in te zetten middelen. Daarnaast stellen wij het op prijs dat u inspanningen doet om de oplopende kosten om te buigen en bij te dragen aan de financiële situatie in onze gemeente. Reactie Het Dagelijks Bestuur (DB) dankt de gemeente voor de uitgesproken waardering. Het DB waardeert het ook dat wij op 21 januari 2025 met u een waardevol gesprek hebben gevoerd over de uitdagingen van de GR Sociaal. Jaarstukken GRS 2024 In de jaarstukken GR Sociaal 2024 blikt u terug op de begroting 2024. We staan stil bij enkele punten die in de verschillende opgaven aan bod komen: 2.
Bestaanszekerheid versterken – bereik minimabeleid We constateren dat door het voeren van de bestaanszekerheidsgesprekken bijstandsgerechtigde inwoners beter in beeld zijn en betere ondersteuning ontvangen. Als resultaat zien we ook een hoger gebruik van de minimaregelingen Bijzondere Bijstand (BB) en Persoonlijk Minima Budget (PMB). Hiermee draagt u bij aan onze doelstelling om het bereik van regelingen te vergroten. Wij danken u voor uw inzet hierop. Reactie Het Dagelijks Bestuur is blij met deze ontwikkeling. Binnen Dordrecht wordt nauw samengewerkt met de gemeente en betrokken partners. We sluiten met deze aanpak aan bij het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid Dordt West, maar ook op de partners uit andere wijken in Dordrecht. 3. Ontwikkelen naar werk - doelstelling Uw doel om het aantal inwoners in de bijstand te verlagen is niet behaald. In onze zienswijze op de Voorjaarsbrief komen wij op dit onderwerp terug. Reactie De reactie op deze zienswijze staat bij de Voorjaarsbrief 2025. 4. Zorgen voor ondersteuning – Wmo naar de voorkant Met de beweging ‘Wmo naar de voorkant’ beogen we de zorg beschikbaar en betaalbaar te houden. Het doel om 5% van de meldingen via andere oplossingen dan maatwerkvoorzieningen af te handelen is niet behaald. Een nadere duiding op het bereikte resultaat ontbreekt en wij vragen u om ons hier alsnog in te voorzien.
Reactie De doelstelling om meldingen af te handelen via een andere oplossing dan een maatwerkvoorziening is in wel 2024 behaald. Om deze doelstelling te blijven behalen of verder uit te breiden, is wel intensivering van de samenwerking met de wijkteams nodig. Het percentage meldingen waarvoor door het gesprek andere oplossingen dan maatwerkvoorzieningen zijn gevonden bedraagt ongeveer 19%. De melding wordt dan na onderzoek afgesloten met het advies ‘voorliggende voorziening’. In dat geval wordt de cliënt verwezen naar het wijkteam voor het verkennen van mogelijkheden voor algemene voorziening, informele hulp of 1
gebruikelijke zorg. In 2% van de meldingen werd ook geen nieuwe maatwerkvoorziening toegekend, omdat het aanwezige maatwerk voldoende was. Het percentage dat door het wijkteam wordt opgepakt is lager, maar er zijn dus tal van andere oplossingen die ook geboden kunnen worden voordat een inwoner beroep doet op maatwerk. Daar wordt in de gesprekken van de consulent met de inwoner ook regelmatig naar verwezen. 5. Zorgen voor ondersteuning – intensiveren samenwerking Net als u benadrukken we het belang van de samenwerking en verbinding met Dordrecht Sociaal en ons als gemeente in de beweging ‘Wmo naar de voorkant’, Met de opdracht integrale toegang, die door ons aan u en Dordrecht Sociaal is verstrekt, verzoeken wij u de samenwerking te intensiveren. We constateren dat dit nog onvoldoende van de grond komt en vinden dit zorgelijk voor de vereenvoudiging van onze gezamenlijke dienstverlening aan onze inwoners en de (financieel) noodzakelijke efficiëntie. Reactie De opdracht ‘integrale toegang’ is onderdeel van spoor 3 van de bestuursopdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein, waarbij samenwerking moet leiden tot een hogere efficiency. Naast de bestuursopdracht is de GR Sociaal eveneens nauw betrokken bij de aanpak ‘Duurzame groei uit achterstand’.
Bij de inrichting van gemeentegerichte teams in 2023 is rekening gehouden met de ontwikkeling om meer te kunnen samenwerken met het lokale domein. De GR Sociaal zoekt binnen de bestaande mogelijkheden (verstrekte opdracht en capaciteit) naar de mogelijkheden om te werken aan een meer integrale toegang en daardoor aan een meer efficiënt systeem. Naast deze ontwikkeling zijn we in gemeenten ook aan de slag met een experiment voor de doelgroep dementerenden waarbij bij de beoordeling van een aanvraag Wmo vertrouwd kan worden op de informatie van dementieconsulenten. Voor de bestuursopdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein wordt op dit moment samen met Dordrecht Sociaal een projectplan uitgewerkt om het komende jaar de stappen voor samenwerking tussen consulenten en wijkteammedewerkers verder te concretiseren. Dit plan wordt voor de zomer aangeboden voor akkoord aan de ambtelijk opdrachtgevers. 6. Bedrijfsvoering – inzicht personeelsomvang en overhead Het geboden inzicht in (de ontwikkeling van) personeelsomvang/-kosten en overheadkosten wordt door ons zeer gewaardeerd. Wij vragen u dit overzicht te handhaven in komende P&C-stukken en mutaties op deze onderdelen zichtbaar op te nemen voor besluitvorming (bijvoorbeeld gevolgen wijzigen huisvesting, toenemende eisen op gebied van ICT en privacy).
Een koppeling met de caseload, uitbreiding van (wettelijke) taken en ambities vinden wij een waardevolle toevoeging. Reactie Het Dagelijks Bestuur bedankt u voor uw reactie. De informatie van de overheadkosten blijven wij aanbieden in onze P&C stukken. Voor de besluitvorming rondom de bedrijfsvoering blijft het reguliere proces van besluitvorming door DB en AB gehandhaafd. 7. Financiën – incidentele en structurele kosten Wij vragen u de financiële effecten in uw jaarstukken zichtbaar in te delen in structureel en incidenteel, waarbij u uitgaat van ‘structureel, tenzij’. We vragen u vervolgens de structurele effecten te verwerken in uw begroting om zo tot een zo realistisch mogelijke begroting te komen. Hierbij dient u niet alleen rekening te houden met wat u wil/moet, maar ook met wat u kan. Als voorbeeld noemen wij de grote onderbesteding op apparaatslasten (€3 miljoen). Wij kunnen ons voorstellen dat de krappe arbeidsmarkt en schaarste op specifieke functies een rol speelt. Aangezien deze situatie niet op korte termijn verandert, vragen wij om hierop enige wijze rekening mee te houden in uw ramingen. Hetzelfde geldt voor te leveren diensten door aanbieders. Reactie Momenteel vindt er een analyse plaats naar de verhouding van structurele en incidentele baten en lasten. Dit is onderdeel van de bestuursopdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein (spoor 1).
2
8. Financiën - integriteitsonderzoek Wij kunnen ons vinden in het voorstel om €700.000 van het positieve resultaat over 2024 te reserveren voor de dekking van kosten van het onderzoek n.a.v. de anonieme brief. Wij vragen u de gemeenten zo spoedig mogelijk te informeren over de uitkomsten van het onderzoek en ons tijdig en adequaat op de hoogte te stellen van zaken die de realisatie van onze gezamenlijke doelstellingen in gevaar kunnen brengen en de mogelijke extra financiële consequenties. Reactie De uitkomsten van het rapport naar aanleiding van het onderzoek naar sociaal en zakelijk integriteit worden volgens de daarvoor opgestelde procedures gedeeld met belanghebbenden. Met het vormen van deze reserve worden de in 2025 lopende en te verwachten kosten van het onderzoek gedekt. Als uit het onderzoek nadere maatregelen volgen zal dit bij de Najaarsbrief 2025 worden opgenomen. 9. Financiën - rechtmatigheidsverantwoording In deze versie van de jaarstukken is de rechtmatigheidsverantwoording en de toelichting daarop nog niet meegenomen. Graag krijgen wij nog inzage in de rechtmatigheidsverantwoording voor de definitieve versie van de jaarstukken. Reactie De rechtmatigheidsverantwoording wordt in de definitieve versie van de jaarstukken opgenomen.
Voorjaarsbrief 2025 In de Voorjaarsbrief 2025 rapporteert u over de voortgang en de verantwoording over de resultaten en actualiseert u de primaire begroting 2025. We staan kort stil bij enkele punten die in de verschillende opgaven aan bod komen: Algemeen – opgave-indicatoren In de Voorjaarsbrief 2025 presenteert u de opgave-indicatoren. De toevoeging hiervan vinden wij positief. Als overweging willen wij u meegeven de behaalde resultaten per opgave-indicator volgens eenzelfde opzet te presenteren. Dit stelt ons beter in staat trends en ontwikkelingen te kunnen volgen. Reactie Het Dagelijks Bestuur bedankt u voor uw suggestie. Wij zullen hier in de toekomst rekening mee houden. Het werken met opgave-indicatoren is nieuw voor de GR Sociaal. De intentie is om op gelijke wijze te rapporteren en ons streven is om dat in de toekomst verder te verbeteren. 10. Bestaanszekerheid versterken – Serviceteam bewindvoering We zijn blij dat het Serviceteam bewindvoering dit jaar van start gaat. We blijven graag op de hoogte van de ontwikkelingen en resultaten van dit team. Wij vragen aandacht voor inzet op de zogeheten ‘Alleenverdienersproblematiek’. Doordat verschillende regelingen ongelukkig op elkaar inwerken, ontvangt een groep inwoners minder toeslagen dan een vergelijkbaar huishouden met alleen een bijstandsuitkering.
Sommige inwoners hebben hierdoor een netto-inkomen dat lager is dan een bijstandsuitkering. Het Rijk heeft dit ‘alleenverdienersproblematiek’ genoemd. Wij roepen u op om zo snel mogelijk met een voorstelt te komen om Dordtenaren te ondersteunen die met deze problematiek te maken hebben, soms zelfs zonder dat zij dit weten. Reactie Met betrekking tot de aanpak alleenverdienersproblematiek zijn recentelijk de beleidsregels voor de aanpak in het Dagelijks Bestuur vastgesteld. Daarbij is expliciete aandacht geweest om de compensatieoperatie voor inwoners zo laagdrempelig mogelijk te houden en de belasting van inwoners te beperken. We zullen inwoners gericht benaderen, zodat ze ook gebruik kunnen maken van de compensatie als zij dit zelf niet weten. Ambtelijk zullen de gemeenten op de hoogte worden gehouden over de kansen en ontwikkelingen op beide onderwerpen. 11. Ontwikkelen naar werk - doelstelling De kosten van bijstand blijven stijgen. Een verlaging van het aantal mensen in de bijstand juichen wij uiteraard toe. Gelet op de resultaten van 2024, vindt u de gestelde ambitie realistisch en hoe gaat u de ambitie dit jaar wel behalen? Wij verzoeken u hier apart op te rapporteren. 3
Reactie De GR Sociaal heeft in de begroting 2024 een ambitie opgenomen voor uitstroom uit de bijstand die te ambitieus is gebleken. De resultaten van de GR Sociaal zijn vergelijkbaar met de rest van Nederland en de prognoses van het Centraal Planbureau (CPB), maar minder dan we onszelf ten doel hadden gesteld. Om aansluiting te houden met de veranderende ondersteuningsbehoefte van inwoners met een uitkering is binnen de GR Sociaal gestart met een grondige heroriëntatie op het re-integratie en participatiebeleid. Centraal onderdeel hierin is het Werk Ontwikkel Punt (WOP) waar Drechtwerk en de SDD vormgeven aan ondersteuning van inwoners voor wie (regulier) werken een haalbaar doel is. Het WOP brengt expertise op het gebied van arbeidsonderzoek, aanleren van werknemersvaardigheden, arbeidsgerichte vaktrainingen en het coachen op ontwikkeldoelen van willen en kunnen werken bij elkaar. In het WOP worden modulaire trainingen ontwikkeld, die centraal en lokaal aangeboden kunnen worden. In de centrale werksetting en het werk experience center draait het om het opdoen van werkervaring en werkbeleving. Verdere vakontwikkeling vindt plaats in de vijf leerlijnen die zijn vormgegeven met werkgevers. Daarnaast wordt gewerkt aan een lokaal aanbod per gemeente voor inwoners voor wie ontwikkeling tot de mogelijkheden behoort, maar waar een langere periode mee gemoeid is.
De stap naar regulier werk is nu nog niet mogelijk, maar door betekenisvol mee te doen is deze stap op termijn wel een reële optie. De gesprekken met deze inwoners vinden dan ook zo veel mogelijk lokaal plaats. Denk aan locaties zoals de sociale teams, in een buurthuis of op het gemeentehuis in hun woongemeente. Uit de gesprekken vormt de consulent een beeld over de ontwikkelmogelijkheden van de inwoner. Samen bespreken ze welke doelen gehaald kunnen worden en welk aanbod hierbij het beste past. De instrumenten die ingezet kunnen worden zijn o.a. modulaire trainingen uit het centrale aanbod die gericht zijn op sociale vaardigheden en taalontwikkeling. Daarnaast wordt een lokaal samenhangend aanbod van participatie- en ontwikkelplekken ontwikkeld, waarbij uw ambtenaren, lokale initiatieven, leer-/ontwikkelbedrijven en sociale ondernemers zijn betrokken. De nieuwe aanpak op re-integratie moeten in combinatie met landelijke ontwikkelingen zoals de Participatiewet in balans, ontwikkelingen van het regionaal Werkcentrum Drechtsteden en kansen die samengaan met samenwerkingsmogelijkheden tussen Drechtwerk en SDD meer uitstroom opleveren. Anderzijds is er nog veel in ontwikkeling, waardoor niet gezegd is dat de ambitie in de begroting wordt gehaald.
In de Voorjaarsbrief 2025 is daarom de aangepaste doelstelling nog niet financieel vertaald in de begroting, maar opgenomen in de risicoparagraaf. 12. Ontwikkelen naar werk - herijking U geeft aan het komende jaar te gebruiken voor een grondige heroriëntatie op het re-integratie en participatiebeleid. Wij gaan ervan uit dit onderdeel is van de herijking in 2025 zoals door u in januari 2025 aan de raad is gepresenteerd. Die herijking betreft aanpassingen van de verordening én richt zich op nieuwe uitgangspunten voor re-integratie en participatiebeleid. Reactie Uw aanname klopt. De herijking wordt, zoals beloofd, gekoppeld aan de landelijke ontwikkeling Participatiewet in Balans. Er wordt op dit moment samen met de beleidsadviseurs van gemeenten gewerkt aan een raadsinformatiebrief waarin een update wordt gegeven over deze herijking. 13. Ontwikkelen naar werk - dienstverleningsprofielen In relatie tot de rubricering van het bestand in drie dienstverleningsprofielen, benadrukken we het belang om de groep statushouders te prioriteren. Statushouders hebben binnen het actuele bijstandsbestand waarschijnlijk het meeste potentieel om uit te stromen naar werk. U benoemt het potentieel van statushouders en instrumentarium, maar onduidelijk is hoe voortvarend en succesvol dit wordt opgepakt. Graag ontvangen wij uw reflectie hierop.
Reactie Voor de doelgroep statushouders is volledige uitstroom in veel gevallen gedurende het inburgeringstraject (van gemiddeld 3 jaar) nog moeilijk om te realiseren. De volledige uitstroom wordt veelal bereikt als statushouders de inburgering volledig doorlopen hebben. Om ook gedurende de inburgering de gerichtheid op (parttime) werk te vergroten wordt momenteel ingezet op:
4
− − −
Het bieden van inburgering en werk gedurende het verblijf in het AZC (pilot Vroege Start). Het gebruik van het Werk Ontwikkel Punt (WOP) bij Drechtwerk met inzet van ontwikkelcoaches specifiek gericht op statushouders. De uitbreiding van op participatie gerichte capaciteit van de afdeling Inburgering.
Daarnaast wordt een campagne gestart om de landelijke subsidieregeling Ondersteuning Werkgevers Inzet Statushouders onder de aandacht te brengen van werkgevers in de regio en wordt ingezet op vereenvoudiging van het werkproces voor parttime werk. 14. Zorgen voor ondersteuning – indicatoren U geeft aan dat de indicatoren waarin de ontwikkeling van inwoners met een dagbestedingsindicatie worden gemeten vervallen, totdat er een geschikte meetmethodiek is gevonden. Deze indicatoren zijn zeer van belang om de effectiviteit van de voorziening te kunnen monitoren. Wij kijken daarom uit de nieuwe meetmethodiek en worden graag op de hoogte gehouden. Reactie Op dit moment onderzoeken we een geschikte meetmethodiek om, afhankelijk van de doelgroep - die heel divers van aard is -, het juiste te kunnen meten. Als er ontwikkeling mogelijk is en de inwoner is nog jong, is het goed om te kijken of er stappen naar werk (al dan niet beschut of vrijwilligerswerk) gemaakt kunnen worden. Kijken we naar ouderen, bijv. met dementie, dan is voorkomen of remmen van achteruitgang soms het belangrijkste doel. Gezien de diversiteit aan indicatoren en meetdoelen, vraagt dit gedegen onderzoek. De meetmethodiek zal niet vanuit de Opgave Zorgen voor Ondersteuning worden ontwikkeld.
Hiervoor willen we aansluiten op de meetmethodiek van Ontwikkelen naar Werk, om ook de lange lijnen in de ontwikkeling van de inwoner te kunnen volgen. 15. Financiën – inzicht besparingen Wij vragen u beter inzicht te geven in hoeverre de verwachte besparingen 2025 exact in de Voorjaarsbrief zijn verwerkt, zowel qua hoogte als op welke onderdelen. Dat is nu niet duidelijk. Verder vragen wij u deze ombuigingen nauwgezet te monitoren en te beoordelen op realisme. Reactie In de Voorjaarsbrief 2025 en de Begroting 2026 is per opgave een overzicht opgenomen van de maatregelen die zijn verwerkt in de begroting. In het bijbehorende tabellenboek wordt per gemeente het effect van de maatregel weergegeven. De voortgang op de genomen maatregelen worden maandelijks gemonitord en middels de reguliere P&C-cyclus worden gemeenten geïnformeerd over de voortgang.
16. Financiën – middelen transitie sociaal ontwikkelbedrijf en alleenverdienersproblematiek Het ophalen van de middelen transitie sociaal ontwikkelbedrijf en alleenverdienersproblematiek zijn niet in de Voorjaarsbrief 2025 opgenomen. Wij vragen u deze niet te verwerken in de Najaarsbrief, 5
zoals u voorstelt, maar hiervoor tijdig met een separaat en onderbouwd voorstel te komen in 2025. Dit zodat gemeenten deze nog kunnen opnemen in de bijgestelde begrotingen 2025. Indien het niet realistisch is dat deze activiteiten starten in 2025, dan zou u dit voorstel kunnen opnemen in de Voorjaarsbrief 2026. Reactie Over het proces met betrekking tot het ophalen van de middelen voor de transitie sociaal ontwikkelbedrijf en de alleenverdienersproblematiek heeft op het moment van schrijven van deze reactie nog geen besluitvorming plaatsgevonden. Afhankelijk van de uitkomsten van deze besluitvorming zullen wij een voorstel voorleggen. Begroting 2026 – 2029 We staan kort stil bij enkele punten die in de verschillende opgaven aan bod komen: 17. Bestaanszekerheid versterken – samenwerken lokale partners U heeft als speerpunt (2) geformuleerd dat u zich in wilt zetten om, samen met lokale partners, financiële problematiek bij inwoners te voorkomen. In de sub speerpunten en de toelichting op dit speerpunt beschrijft u echter niets over deze ambitie op samenwerken. Wij verzoeken u de waarde van lokale formele en informele partijen te erkennen en de samenwerking actief op te zoeken. Vrijwilligersorganisaties zorgen niet alleen voor laagdrempelige toegang tot ondersteuning, maar fungeren ook als een essentiële schakel in het vroegtijdig signaleren van financiële problemen.
Hun betrokkenheid zorgt ervoor dat inwoners eerder hulp durven te zoeken en beter begeleid worden bij complexe trajecten. Reactie In de interne werkwijze zijn, naast doelstellingen en speerpunten, ook activiteiten opgenomen. Op activiteiten wordt door afdelingshoofden gestuurd. Samenwerking is een belangrijk onderdeel van deze activiteiten. In het voorbeeld van Bestaanszekerheid versterken werkt GR Sociaal nauw samen met gemeenten en lokale ketenpartners waaronder vrijwilligersorganisaties in het sociaal domein zoals ook in de ondersteuning van inwoners met financiële problematiek. De GR Sociaal deelt kennis en zorgt ook voor goede afstemming rondom individuele inwoners met vragen. In het recent door u vastgestelde beleidsplan schuldhulpverlening “Samen sterker door schuldpreventie” is deze (keten)samenwerking in Dordrecht waarvan de GR Sociaal deel van uitmaakt opgenomen. Een ander voorbeeld is de samenwerking aan de aanpak duurzame groei in Dordt West. 18. Bestaanszekerheid versterken – verruiming minimaregelingen In uw voorliggende meerjarenperspectief wordt vooralsnog verondersteld dat de uitbreiding/verruiming van de minimaregelingen structureel wordt voortgezet. Wij hebben echter in het raadsvoorstel ‘Vervolg Samen tegen armoede’ besloten om de verruiming vast te leggen voor de periode 2023- 2026.
Wij vragen u derhalve om deze uitbreiding/verruiming vanaf 2027 terug te draaien in uw meerjarenraming. In 2026 nemen wij een besluit over het wel, niet of deels continueren van de huidige verruimde minimaregelingen. Reactie Wij nemen uw zienswijze ter kennisgeving aan. De huidige meerjarenraming is gebaseerd op het staande beleid. In 2026 zal uw raad een besluit nemen over het al dan niet (deels) voortzetten van de verruimde minimaregelingen. Op basis van die besluitvorming zullen wij de meerjarenraming vanaf 2027 aanpassen. Tot dat moment wordt in de begroting uitgegaan van de huidige beleidslijn. 19. Ontwikkelen naar Werk - maatregelen Een groot deel van onze constateringen en zienswijze bij de Voorjaarbrief 2025 kunnen we doortrekken naar uw begroting 2026. De aandacht in de begroting voor de uitstroom van statushouders vinden we positief. Overigens valt op dat instrumenten worden benoemd alsof ze nog worden opgestart. Ter illustratie noemt u 'Voor inburgeraars nieuwe wet wordt een duaal aanbod ontwikkeld waarin het inburgeringstraject wordt gecombineerd met parttime werken'. Maatregelen die al zouden zijn ingevoerd in 2024 lijken in 2026 opnieuw te worden bedacht. Graag zien wij uw reflectie hierop.
6
Reactie Onder duale trajecten vallen in principe alle vormen van combinaties van inburgering en werken. Hier geven we op dit moment nog in beperkte mate vorm aan. Voor 2026 richten wij ons bij het duaal aanbod op afspraken met branches of (grotere) werkgevers om op voorhand al banen met een leerwerk-invulling beschikbaar te hebben om statushouders op te plaatsen. Daarbij wordt ook gebruik gemaakt van de landelijke ontwikkelpaden voor een breed scala aan bedrijfssectoren. 20. Zorgen voor ondersteuning – herstelgerichte ondersteuning Met het stoppen van de pilot herstelgerichte ondersteuning gaat de begroting omhoog, omdat de verwachte demping en besparing niet worden gerealiseerd. Wij vragen u een alternatief voorstel te maken om de besparing alsnog te realiseren. Reactie Het klopt dat de begrote besparing niet zal worden gehaald als gevolg van het stoppen met Powerful Ageing. Deze financiële gevolgen zijn aan de voorkant uitgebreid gecommuniceerd. Desondanks is een keuze gemaakt om te stoppen met de aanpak zoals die was ingericht. We onderzoeken momenteel samen met gemeenten naar mogelijke alternatieven en zijn bovendien aangesloten op het landelijke houdbaarheidsonderzoek van de Wmo om te zoeken naar mogelijkheden om de Wmo houdbaar te houden voor de toekomst.
Echter, de mogelijkheden om een besparing van een dergelijke omvang te realiseren binnen de kaders die zijn meegegeven in de raadsbijeenkomsten, zijn beperkt. Onze verwachting is daarom dat een dergelijke besparing niet eenvoudig te realiseren zal zijn. 21. Zorgen voor ondersteuning – extra activiteiten We verzoeken u daarnaast om uw begroting een aantal extra activiteiten (te weten: fraude in zorgdomein, wachtlijst (beleid) en de taskforce passende zorg) vanuit regionaal belang op te nemen of tenminste samen met de gemeente Dordrecht lokaal op te pakken. Reactie Voor fraudebestrijding in het zorgdomein lopen gesprekken om de mogelijkheden te verkennen om dit te intensiveren. Dit is echter niet mogelijk binnen de huidige formatie. Dit moet verder worden uitgewerkt. Echter, vanwege de onafhankelijkheid van het toezicht is dit niet gepositioneerd onder de opgave Zorgen voor Ondersteuning, maar is dit apart georganiseerd binnen de control-tak van de GR Sociaal. Voor het wachtlijstbeleid wordt, zoals bestuurlijk afgesproken, een onderzoek uitgevoerd naar de huidige cliënten die op een ‘wachtlijst’ staan. Deze cliënten hebben een indicatie voor huishoudelijke ondersteuning, maar ontvangen nog geen ondersteuning. Voor het wachtlijstbeleid geldt dat dit geen financieel voordeel op zal leveren.
Het zorgt slechts voor een herverdeling van het aantal wachtenden, maar het aantal wachtenden zal hierdoor niet toenemen noch afnemen. Voor deze maatregel geldt bovendien dat dit niet geïsoleerd voor de gemeente Dordrecht opgepakt kan worden, maar slechts regio breed. Voor de taskforce passende zorg gaan wij graag met u in gesprek, maar is de GR Sociaal noch beleidsmatig noch operationeel aangesloten op deze initiatieven in uw gemeente. 22. Financiën – onderscheid prijs- en andere effecten Wij vragen u in het vervolg in uw begrotingsmutaties een onderscheid te maken in prijseffecten (inflatie/CAO) en andere effecten, zodat wij richting het Rijk de discussie kunnen voeren over de (on)toereikendheid van het accres dat sinds kort gekoppeld is aan het BBP. Bij de overige effecten helpt het ons als informatie over financiering, die vanuit het Rijk naar gemeenten loopt, ook tekstueel en cijfermatig bij toelichtingen wordt opgenomen (bijvoorbeeld mutaties BUIG, integratie-uitkering participatie, diverse SPUK’s en decentralisatie-uitkeringen). Dit geldt voor toenames én afnames (zoals bijvoorbeeld de bijdrage sociale werkvoorziening en bijdrage WMO i.v.m. de herinvoering inkomensafhankelijke bijdrage). Op die manier kan meer inzicht worden gegeven in het netto-effect van uw begroting op de gemeentelijke begrotingen.
7
Reactie In toekomstige P&C producten (beginnend met de Najaarsbrief 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2027) worden waar mogelijk de begrotingsmutaties nader gespecificeerd in prijseffecten en overige effecten (autonome groei aantallen, etc.). 23. Financiën – wijze begroten Daarnaast vragen wij u om risicovoller te begroten, bijvoorbeeld door bij de WMO mee te nemen dat toenemende zorgvraag deels niet leverbaar zal zijn. En aanvullende maatregelen vanuit de bestuurlijke opdracht en de lokale ombuigingsvoorstellen door te voeren om de nadelige effecten op de gemeentebegroting te dempen. Reactie Uitgangspunt voor de begroting is dat er een reële begroting wordt opgesteld. Momenteel vindt er een analyse plaats naar het overschot op de jaarrekening 2024. Dit onderzoek wordt gepresenteerd aan het Algemeen Bestuur op 10 juli 2025. De uitkomsten daarvan zullen effect hebben op de toekomstige P&C documenten waarin wij streven naar een meer realistische wijze van begroten. We zullen maatregelen en lokale ombuigingsvoorstellen zo snel als mogelijk verwerken in de bijbehorende beleidsstukken én in de P&C-cyclus middels een begrotingswijziging op de Begroting van de GR Sociaal. 24.
Financiën – inzicht besparingen Verder vragen wij u beter inzicht te geven in hoeverre de verwachte besparingen 2026-2029 in de begroting zijn verwerkt en op de realisatie ervan in de komende P&C stukken expliciet te rapporteren. Reactie In de Voorjaarsbrief 2025 en de Begroting 2026 is per opgave een overzicht opgenomen van de maatregelen die zijn verwerkt in de begroting. In het bijbehorende tabellenboek wordt per gemeente het effect van de maatregel weergegeven. De voortgang op de genomen maatregelen worden maandelijks gemonitord en middels de reguliere P&C-cyclus worden gemeenten geïnformeerd over de voortgang. Zie ook reactie bij vraag 15. 25. Ontwikkelen naar Werk – Uitvoeringsagenda en het Werkcentrum Drechtsteden Tenslotte vraagt u €1,1 miljoen voor Toevoeging Uitvoeringsagenda en het Werkcentrum Drechtsteden. Wij vragen u dit bedrag op dit moment uit uw begroting te halen. In de meicirculaire 2025 komt waarschijnlijk een bedrag beschikbaar voor ons als centrumgemeente. Wij zullen hierover eerst lokaal besluiten of en hoe dit ingezet zal worden en welk deel lokaal wordt uitgevoerd en welke deel regionaal. Ook bezien wij op dat moment of delegatie of mandaat het meest passend is, gezien de verbreding van de taak en de centrumgemeenterol in de arbeidsmarktregio die Dordrecht heeft.
Reactie Tot op heden heeft de GR Sociaal de regierol van de centrumgemeente in de arbeidsmarktregio Drechtsteden op zich genomen. Dit doet de GR Sociaal aan de hand van een vastgesteld regionaal uitvoeringplan die is besproken in het Regionaal Beraad van de arbeidsmarktregio. De GR Sociaal en centrumgemeente Dordrecht zijn overeengekomen dat het beter is om deze rol en taak door de gemeente Dordrecht te laten uitvoeren. Verschillende ontwikkelingen in de arbeidsmarktregio bieden ondersteuning aan deze zienswijze. De besluitvorming hiervoor is nog niet afgerond, maar zodra dat wel het geval is worden middelen die aan deze taken zijn verbonden door de centrumgemeente Dordrecht bestemd en verantwoord. Uiteraard na overleg in het Regionaal Beraad. Ook zal het bijbehorende delegatiebesluit worden herzien. Ten aanzien van de middelen die voor het Werkcentrum Drechtsteden beschikbaar zijn ligt dit anders. Het UWV en gemeenten zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering van het Werkcentrum en het organiseren van de publiek-private samenwerking in het Werkcentrum. Zij doen dit in nauw overleg met de kernpartners. Door de gemeenten in arbeidsmarktregio Drechtsteden is deze taak opgedragen aan de GR Sociaal. De middelen voor deze taak worden bestemd en verantwoord door de GR Sociaal via de P&C-cyclus van de GR Sociaal. Opnieuw na overleg met het Regionaal Beraad.
8
26. Concept financiële verordening en controleverordening Wij gaan niet akkoord met de wijziging in artikel 5.6 van de Financiële verordening. De begrotingswijziging en de daarbij behorende zienswijzeprocedure op de Najaarsbrief is destijds bewust eruit gehaald. Wij vragen u daarom deze wijziging niet door te voeren. Het is niet nodig om een extra begrotingswijziging te maken en zienswijzeprocedure te doorlopen. Bovendien is de (verkorte) zienswijze procedure niet haalbaar en kunnen de lokale begrotingen van gemeenten niet meer worden aangepast. Reactie Bij het opstellen van de Jaarstukken 2023 is gebleken dat het niet (kunnen) doorvoeren van een begrotingswijziging bij de Najaarsbrief kan leiden tot begrotingsonrechtmatigheid. In het accountantsverslag 2023 is hier een opmerking over gemaakt. Ook voor de Drechtsteden gemeenten leidt het niet doorvoeren van een begrotingswijziging bij de Najaarsbrief tot onduidelijkheid. Dit kwam onder meer aan de orde bij de besprekingen van de Jaarstukken 2023 in het Algemeen Bestuur. Dit heeft ons doen besluiten om de financiële verordening op dit punt aan te passen. Over de haalbaarheid van een zienswijze procedure verschillen de gemeenten van mening. In de zienswijzen van andere gemeenten wordt juist ingestemd met ons voorstel tot het doorvoeren van een begrotingswijziging.
Overigens is het uitbrengen van een zienswijze op een begrotingswijziging van een GR geen verplichting voor gemeenten. Een gemeente is vrij om te kiezen om door moverende redenen hiervan af te zien.
9
Zienswijze gemeente Zwijndrecht (definitieve versie) Algemeen 1. Bedrijfsvoering – overzicht apparaatskosten en budgetten bedrijfsvoering Positief duiden we het overzicht in de apparaatskosten en de bedrijfsvoeringbudgetten, zoals deze in de paragrafen bedrijfsvoering bij begroting en jaarrekening zijn opgenomen. Dit draagt bij aan een scherper inzicht in de "eigen" kosten van de GRS en de wijze waarop daar keuzes in worden gemaakt. Ook spreken we onze waardering uit voor de verdeling van de totale apparaatskosten naar de taakvelden per gemeente. Dit versterkt het inzicht in de (toegerekende) apparaatskosten per taakveld en leidt tot een betere toerekening van kosten naar taakvelden in de gemeentelijke begrotingen. Reactie Het Dagelijks Bestuur dankt u voor uw positieve reactie. Wij zijn blij dat we u dit inzicht kunnen geven. 2. Bedrijfsvoering - taakstelling Teleurgesteld zijn we in het feit dat de GRS niet een (deels) structurele doorrekening heeft gemaakt van het flinke voordeel op apparaatskosten in 2024 (ongeveer € 3 miljoen). Krapte op de arbeidsmarkt met een bepaalde mate van vacatureruimte die niet ingevuld kan worden achten wij ook de komende jaren realistisch. Wij roepen de GRS op dit effect te verwerken in de versie van deze begroting die aan het AB wordt aangeboden.
Daarbij verzoeken wij u concreet de voorliggende begroting aan te passen met een taakstelling op de Opgave Bedrijfsvoering van 1,5 mln. euro (gemiddelde wat u de afgelopen 3 jaar heeft overgehouden). Reactie Momenteel vindt er een analyse plaats naar het overschot op de jaarrekening 2024. Dit onderzoek wordt gepresenteerd aan het Algemeen Bestuur op 10 juli 2025. De uitkomsten daarvan zullen effect hebben op de toekomstige P&C documenten waarin wij streven naar een meer realistische wijze van begroten. 3. Financiën – aanpassing meerjarenbegroting Naar verwachting worden kort na de zomer lokale verordeningen op het gebied van WMO, Minimabeleid en Participatie aangepast door de gemeenteraad. Het is van groot belang dat de gezamenlijk ingeschatte financiële meerjarige effecten worden verwerkt in een actuele meerjarenbegroting 2026-2029 van de GRS, zodat Zwijndrecht de lagere bijdragen aan de GRS ook in haar eigen begroting 2026-2029 kan verwerken. De Provincie als toezichthouder beoordeelt uiteraard of de begroting van de GRS aansluit op de begroting van de individuele gemeente. Reactie Wij worden graag op de hoogte gehouden van de voortgang zodat we op lokale beleidskeuzes kunnen anticiperen. Het is daarnaast goed om te beseffen dat aanpassingen in het beleid ook kunnen leiden tot extra financiële gevolgen voor de organisatie.
Wij blijven daarom graag in nauw contact met alle gemeenten die werken aan wijzigingen in hun beleid om de gevolgen voor de regionale uitvoering zo goed mogelijk in te schatten en door te berekenen. De financiële effecten van beleidskeuzes worden verwerkt in de reguliere P&C-cyclus. 4. Financiën - integriteitsonderzoek Op dit moment loopt een onderzoek naar de sociale- en zakelijke integriteit. Het voorstel is om €700.000 van het positieve resultaat over 2024 te bestemmen voor de dekking van dit onderzoek en in een bestemmingsreserve te vormen. We zijn het eens met het voorstel, maar de gevraagde bijdrage is fors. We waarderen de transparantie over de in te zetten middelen. We verzoeken u ons te informeren over de definitieve onderzoeksresultaten en gerelateerde uitgaven. Reactie Het Dagelijks Bestuur dankt u voor uw reactie. De uitkomsten van het rapport naar aanleiding van het onderzoek naar sociale en zakelijk integriteit worden volgens de daarvoor opgestelde procedures gedeeld met belanghebbenden.
10
Met het vormen van deze reserve worden de in 2025 lopende en te verwachten kosten van het onderzoek gedekt. Als uit het onderzoek nadere maatregelen volgen zal dit bij de Najaarsbrief 2025 worden opgenomen. 5. Financiën – maatregelen en ombuigingen In het kader van de bestuursopdracht ‘een toekomstbestendig sociaal domein’ willen wij onze waardering uitspreken dat uw organisatie maatregelen heeft getroffen om het sociaal domein betaalbaar te houden. Wel constateren wij dat u in de voorjaarsbrief 2025 de verwachtingen ten aanzien van de maatregelen en ombuigingen naar beneden bijstelt. We kunnen uit de toelichting niet herleiden welke maatregelen u getroffen heeft en ook niet wat de reden is dat deze maatregelen niet leiden tot het gewenst resultaat. Wij roepen u op om in uw reactie op onze zienswijze inzicht te geven in de maatregelen en ombuigingen en duiding te geven aan het achterblijvende resultaat. Graag worden wij ook in de toekomst door middel van de reguliere P&C documenten per maatregel op de hoogte gehouden over de ontwikkeling. Reactie De verwachte besparing bij de opgave Zorgen voor Ondersteuning is voor het jaar 2025 met bijna € 1,0 mln. naar beneden bijgesteld. Aan de hand van de resultaten 2024 is een nieuwe inschatting gemaakt van de verwachte besparing.
Zo zien we bij Begeleiding dat de 'beweging naar de voorkant' vooral op de lichtere vormen van individuele begeleiding en dagbesteding van toepassing is en dat herstelgerichte ondersteuning (nog) niet of nauwelijks van toepassing is op de individuele vervoersvoorzieningen. De verwachte besparing op de maatregel Uitstroom naar werk is voor 2026 naar beneden bijgesteld. Oorzaak van de lagere besparing is dat in 2024 het aantal inwoners met een bijstandsuitkering minder hard is gedaald dan we hadden beoogd. De GR Sociaal heeft in de begroting 2024 een ambitie opgenomen voor uitstroom uit de bijstand die te ambitieus is gebleken. De resultaten van de GR Sociaal zijn vergelijkbaar met de rest van Nederland en de prognoses van het Centraal Planbureau (CPB), maar minder dan we onszelf ten doel hadden gesteld. Het komende jaar gebruiken we voor een grondige heroriëntatie op het re-integratie en participatiebeleid. Dit wordt opgepakt in combinatie met landelijke ontwikkelingen zoals de Participatiewet in balans, ontwikkelingen van arbeidsmarktregio's, aanpassing opdracht ontwikkelbedrijven, beschut werk en de opdracht om Regionale Werkcentra (RWC's) op te richten. 6. Bedrijfsvoering – huisvesting Wij hebben begrepen dat tijdens de AB-vergadering van maart 2025 is gesproken over een voorstel ten aanzien van de huisvesting.
Hierin heeft u aangegeven dat er nog geen duidelijkheid is over de precieze extra kosten voor gemeenten. Ook is er geen duidelijkheid over eventuele de dekking hiervan. Uit de risicoparagraaf van de begrotingen hadden wij reeds begrepen dat de kosten voor huisvesting naar verwachting zouden toenemen. Tegelijkertijd zien wij dat er jaarlijks financiële middelen overblijven op de opgave Bedrijfsvoering. Wij verzoeken u daarom om inzichtelijk te maken wat de precieze extra kosten voor gemeenten zijn voor de nieuwe huisvesting. En om hierbij een doorrekening te geven met de mogelijkheden om het overschot op voorgenoemd budget structureel in te zetten voor huisvesting. Reactie In de genoemde vergadering van het Algemeen Bestuur betreffende besluitvorming rond de mix van huisvesting over de drie locaties (Dordthuis, ‘t Achterom en de Snelliusstraat) is aangegeven dat het financiële kader vastligt in de bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst (SOK). Dit kader is ook vanaf het jaar 2027 in de begroting verwerkt. Wij zijn met de gemeente Dordrecht in gesprek over de exploitatie van de verschillende panden en de relatie daarmee met de diensten die worden verleend door de serviceorganisatie Dordrecht. De uitkomsten daarvan worden uitgewerkt in de huurovereenkomsten die op aangeven van de gemeente Dordrecht in oktober voor ondertekening aangeboden worden.
Dat de exploitatiekosten gezien de inflatieontwikkeling en het verschil komend uit een afgekeurd pand naar een nieuwe locatie, mogelijk hoger zullen uitvallen is een reëel risico.
11
Zoals ook in de genoemde vergadering is aangegeven zullen wij eventueel hogere lasten bezien in combinatie met de apparaatslasten waar in de afgelopen jaren overschotten waren. Voor de benodigde investering voor de inrichting zijn wij in het voorstel uitgegaan van landelijke normbedragen. De kostencalculatie hiervoor (nodig voor de aanbesteding) en derhalve de onderbouwing voor de kredietaanvraag, zal in Q3 zijn beslag krijgen. Hierdoor zal inzicht in de kosten zijn die meegenomen worden in de op te stellen uitgangspuntennotitie voor de begroting 2027 zoals deze in januari 2026 in het Algemeen Bestuur wordt besproken. 7. Financiën – onderscheid prijs- en andere effecten Wij vragen u in het vervolg in uw begrotingsmutaties een onderscheid te maken in prijseffecten (inflatie/CAO) en andere effecten, zodat wij richting het Rijk de discussie kunnen voeren over de (on)toereikendheid van het accres dat sinds kort gekoppeld is aan het BBP. Bij de overige effecten helpt het ons als informatie over financiering, die vanuit het Rijk naar gemeenten loopt, ook tekstueel en cijfermatig bij toelichtingen wordt opgenomen (bijvoorbeeld mutaties BUIG, integratie-uitkering participatie, diverse SPUK’s en decentralisatie-uitkeringen). Dit geldt voor toenames én afnames (zoals bijvoorbeeld de bijdrage sociale werkvoorziening en bijdrage WMO i.v.m. de herinvoering inkomensafhankelijke bijdrage).
Op die manier kan meer inzicht worden gegeven in het netto-effect van uw begroting op de gemeentelijke begrotingen. Reactie In toekomstige P&C producten (beginnend met de Najaarsbrief 2025 en de Uitgangspuntennotitie 2027) worden waar mogelijk de begrotingsmutaties nader gespecificeerd in prijseffecten en overige effecten (autonome groei aantallen, etc.). 8. Financiën – wijze begroten Daarnaast vragen wij u om risicovoller te begroten, bijvoorbeeld door bij de WMO mee te nemen dat toenemende zorgvraag deels niet leverbaar zal zijn. En aanvullende maatregelen vanuit de bestuurlijke opdracht en de lokale ombuigingsvoorstellen door te voeren om de nadelige effecten op de gemeentebegroting te dempen. Reactie Uitgangspunt voor de begroting is dat er een reële begroting wordt opgesteld. Momenteel vindt er een analyse plaats naar het overschot op de jaarrekening 2024. Dit onderzoek wordt gepresenteerd aan het Algemeen Bestuur op 10 juli 2025. De uitkomsten daarvan zullen effect hebben op de toekomstige P&C documenten waarin wij streven naar een meer realistische wijze van begroten. We zullen maatregelen en lokale ombuigingsvoorstellen zo snel als mogelijk verwerken in de bijbehorende beleidsstukken én in de P&C-cyclus middels een begrotingswijziging op de Begroting van de GR Sociaal. 9.
Financiën – inzicht besparingen Verder vragen wij u beter inzicht te geven in hoeverre de verwachte besparingen 2026-2029 in de begroting zijn verwerkt en op de realisatie ervan in de komende P&C stukken expliciet te rapporteren. Reactie In de Voorjaarsbrief 2025 en de Begroting 2026 is per Opgave een overzicht opgenomen van de maatregelen die zijn verwerkt in de begroting. In het bijbehorende tabellenboek wordt per gemeente het effect van de maatregel weergegeven. De voortgang op de genomen maatregelen worden maandelijks gemonitord en middels de reguliere P&C-cyclus worden gemeenten geïnformeerd over de voortgang. Zie ook tabel bij vraag 15 zienswijze gemeente Dordrecht. Bestaanszekerheid versterken 10. Bestaanszekerheid versterken - Minimabeleid Het jaar 2024 was het tweede jaar waarin uitvoering is gegeven aan het herijkte minimabeleid. Om beter te kunnen duiden welk effect het herijkte minimabeleid heeft verzoeken wij, net als vorig jaar, in het vervolg informatie te geven over de aantallen toegekende minimaregelingen per gemeente in relatie tot de (geschatte) doelgroep, het bereik. Daarbij krijgen we ook graag inzicht in het aantal toegekende minimaregelingen per gemeente ten opzichte van het voorgaande jaar.
12
Reactie Wij bieden dergelijke informatie (o.a. het aantal toegekende regelingen t.o.v. vorig jaar) aan in de ambtelijke rapportages en het gemeentelijk dashboard. Ook de minima effectrapportage is onderdeel van de rapporten die met u worden gedeeld. Voor het bepalen van de effectiviteit van de minimaregelingen zijn de inkomstengegevens van inwoners noodzakelijk. Zo is immers vast te stellen of we ook daadwerkelijk iedereen bereiken die recht heeft op de regelingen. Deze inkomstengegevens zijn afkomstig van de Belastingdienst en lopen altijd twee jaar achter voordat zij gepubliceerd worden. We begrijpen echter dat u voor adequate sturing op zoek bent naar een manier om te bepalen of regelingen momenteel effectief zijn. Om te onderzoeken in hoeverre wij aan die wens kunnen voldoen in het gemeentelijk dashboard, gaan we graag met ambtelijk met u in gesprek. Ook kunt u gebruik maken van de armoedescan die het CBS maakt. Deze geeft namelijk exact inzicht in het bereik van de minimaregelingen, waar uw vraag feitelijk over gaat. 11. Bestaanszekerheid versterken - alleenverdienersproblematiek Wij vragen aandacht voor inzet op de ‘alleenverdienersproblematiek’. Gemeenten moeten in 2025, 2026 en 2027 tijdelijk een groep alleenverdienende inwoners ondersteunen die door een samenloop van wet- en regelgeving te weinig toeslagen ontvangen.
Als gevolg hiervan moeten die huishoudens rondkomen van minder dan het bestaansminimum. Het rijk heeft dit de alleenverdienersproblematiek genoemd. Wij roepen u op om ze snel mogelijk met een voorstel te komen om getroffen inwoners uit de gemeente Zwijndrecht te ondersteunen. Bovendien vragen wij u om ervoor te zorgen dat de kosten voor de ondersteuning van inwoners binnen het hiervoor ontvangen rijksbudget blijven. Reactie Met betrekking tot de aanpak alleenverdienersproblematiek zijn recentelijk de beleidsregels voor de aanpak in het Dagelijks Bestuur vastgesteld. Daarbij is expliciete aandacht geweest om de compensatieoperatie voor inwoners zo laagdrempelig mogelijk te houden en de belasting van inwoners te beperken. We zullen inwoners gericht benaderen, zodat ze ook gebruik kunnen maken van de compensatie als zij dit zelf niet weten. Ambtelijk zullen de gemeenten op de hoogte worden gehouden over de kansen en ontwikkelingen op dit onderwerp. Ontwikkelen naar werk 12. Ontwikkelen naar werk – nulmeting indicatoren In de begroting zijn per opgave verschillende indicatoren opgenomen. Echter zijn deze niet allen voorzien van een nulmeting of startwaarde waardoor monitoring op die indicatoren niet mogelijk is. Wij verzoeken de GRS alle indicatoren te voorzien van zowel start- als streefwaarden. Reactie Wij gaan dit in toekomstige rapportages verwerken. 13.
Ontwikkelen naar werk – daling bijdrage Drechtwerk i.r.t. was- en strijkservice Wij missen een zichtbare daling van de gemeentelijke bijdragen aan onderdeel Drechtwerk als gevolg van de was- en strijkservice die via Drechtwerk uitgevoerd gaat worden. Deze extra omzet zou (ook volgens de GRS) moeten leiden tot een (substantiële) daling van de gemeentelijke bijdragen aan de tekorten van Drechtwerk. Dit is echter niet zichtbaar in de meerjarenbegroting. Wij roepen de GRS dit effect te verwerken in de versie van deze begroting die aan het AB wordt aangeboden. Reactie De Wasserij is op verschillende manieren een winsituatie. − Met de Wasserij bieden we passend werk voor doelgroep medewerkers (Wsw, P-Wet Nieuw beschut) en werkleertrajecten voor inwoners in de bijstand, en daarnaast is er ruimte voor participatieplekken en dagbestedingsplekken. − Door de Wasserij worden er kosten bespaart op de WMO (een waszak kost € 30,- een uur thuishulp kost € 47,-). − Door het outsourcen van de was wordt de druk op de thuiszorg minder. De wasserij is hiermee ook een antwoord op het algemene personeelsvraagstuk (krapte).
13
Drechtwerk maakt ook kosten voor dit project. De netto toegevoegde waarde van de was- en strijkservice is hoger dan bij de reguliere opdrachten van productiewerkzaamheden. Daarmee wordt het financiële resultaat van Drechtwerk beter. Echter gezien de omvang van het project is het relatief laag bedrag. Zodra de wasserij op volle kracht draait, zullen wij inzicht geven in het financiële resultaat. De grootste winst wordt behaald in de Wmo, maar zeker ook de brede maatschappelijke waarde van dit project is van groot belang, Zorg voor ondersteuning 14. Zorg voor ondersteuning – nadere duiding cijfers Als gemeente staan we voor een grote financiële uitdaging. Tegelijkertijd stijgt de druk op de Wmo door een toenemende zorgvraag en arbeidstekorten in de zorg. Met de beweging ‘Wmo naar de voorkant’ beogen we de zorg beschikbaar en betaalbaar te houden. Om deze beweging te monitoren, is data van belang. We constateren in de jaarcijfers over 2024 dat de groeipercentages per gemeente erg verschillen. Een duiding daarvan ontbreekt, waardoor het lastig is te bepalen aan welke knop gedraaid moet worden om dat te stabiliseren. Zo is het bijvoorbeeld niet duidelijk welke vorm van individuele begeleiding zorgt voor een sterke stijging en of nog meer winst te behalen valt binnen de beweging van ‘Wmo naar de voorkant’. Wij verzoeken u om trends in indicatoren nader te duiden.
Reactie In de jaarrekening is te zien dat de indicaties voor de waakvlam en de lichte begeleiding voor vrijwel alle gemeenten is gedaald (in meer of mindere mate). We zien de grootste stijging in “begeleiding middel”. Voor deze groep is de afschaling naar het voorveld niet voor de hand liggend. Echter, voor de lagere vormen van begeleiding zijn wel mogelijkheden om de afschaling verder vorm te geven. Dit is onderwerp van gesprek in de nieuwe inkoop Individuele Begeleiding waarin we samen met gemeenten optrekken om de mogelijkheden hiervoor te verkennen en waar mogelijk contractueel vast te leggen. 15. Zorg voor ondersteuning – individuele begeleiding Vanaf 2025 wordt de groep Individuele Begeleiding Maatschappelijke Opvang omgezet naar Individuele Begeleiding Wmo (regulier). Hiervan stijgt de gemeentelijke bijdrage voor Begeleiding met € 1,7 miljoen. Het is op gemeenteniveau niet helder wat de impact is van deze omzetting. Wij verzoeken u om dat inzichtelijk te maken. Reactie Op 28 juni 2024 is op het Bestuurlijk Overleg Beschermd wonen en Opvang inderdaad besloten dat een deel van de klantgroep vanuit Individuele Begeleiding Maatschappelijk Opvang uitstroomt naar Individuele Begeleiding Wmo (regulier).
Dit op basis van een inhoudelijke evaluatie, waarbij is geconcludeerd dat de klanten die zelfstandig wonen en ambulante begeleiding ontvangen niet langer onder de MO keten vallen. Het betreft een verschuiving van de gemeentelijke bijdrage aan de centrumgemeente Dordrecht naar de GR Sociaal. In de tabellenboek bij de Voorjaarsbrief 2025 en de Begroting 2026 is per gemeente op basis van nadere analyse op de klantgroep het financiële effect van deze wijziging weergegeven op de Begroting van de GR Sociaal. De centrumgemeente Dordrecht is verantwoordelijk voor het inzichtelijk maken van de financiële effecten op de uitgaven van Maatschappelijke Opvang en de afspraken m.b.t. de eventueel financiële afspraken m.b.t. uitkering vanuit het overschot BW&O. 16. Zorgen over uitvoering – herstelgerichte ondersteuning Naar aanleiding de maatschappelijke discussie en een motie vanuit onze raad over powerful ageing worden er wijzigingen doorgevoerd op de werkwijze van powerful ageing waardoor de verwachte kostendemping lager uitvalt of zelfs komt te vervallen. Wij verzoeken u op basis van dit voortschrijdend inzicht de verwachtingen bij te stellen in de begroting. Reactie Ten tijde van het opstellen van de begroting waren deze gevolgen nog in onvoldoende mate bekend.
De bijstelling van de effecten zal in de reguliere P&C-cyclus worden opgenomen, dus in dit geval zal dit zijn bij de Najaarsbrief 2025 en de Voorjaarsbrief 2026.
14
Financiële- en controleverordening 17. Financiën - zienswijzeprocedure De raad van Zwijndrecht kan grotendeels instemmen met de voorliggende wijzigingen. Deze zijn in lijn met (landelijke) modelverordeningen. Uit de herziene financiële verordening, artikel 7.2, maken wij echter op dat u voorstelt om de Najaarsbrieven in december aan de deelnemende gemeenten te verzenden. Daarnaast bent u voornemens om de termijn voor een eventueel benodigde zienswijze procedure vast te stellen op acht weken. Hier zijn wij geen voorstander van. Bij verzending van de Najaarsbrief in december is er sprake van kerstreces. Er blijft dan te weinig tijd over om een gedegen concept zienswijze voor te bereiden. Dit komt de kwaliteit van ons opdrachtgeverschap niet ten goede. Wij stellen daarom voor om de Najaarsbrief alsnog op te leveren uiterlijk medio november. Een termijn voor de zienswijze van 8 weken is dan wel net haalbaar, omdat wij de concept zienswijze dan nog vóór het kerstreces in onze carrousel kunnen behandelen, tegelijk met onze tweede bestuursrapportage. Formeel zal de zienswijze dan echter wel in januari vastgesteld worden, waarmee een besluit tot begrotingswijziging door uw bestuur altijd op basis van concept zienswijzen zal zijn.
Reactie In bovenstaande reactie wordt ervan uitgegaan dat het concept van de Najaarsbrief in december voor zienswijze wordt aangeboden aan de gemeenten na behandeling in het Algemeen Bestuur. Dat is niet correct. Om de Najaarsbrief inclusief de uitgebrachte zienswijzen van de gemeenten in het Algemeen Bestuur van december te kunnen behandelen, wordt deze half oktober door het Dagelijks Bestuur aangeboden aan de gemeenten voor de (zienswijze-) procedure.
15
Zienswijze gemeente Papendrecht (college versie) Algemeen 1. Waardering voor stukken en inspanning voor inwoners De raad van de gemeente Papendrecht heeft in haar vergadering van 3 juli jl. kennisgenomen van de voorlopige jaarstukken 2024, de voorjaarsbrief 2025 en de ontwerpbegroting 2026-2029. Onderstaand geven wij graag onze zienswijze op de stukken. We lezen in de stukken veel goede ontwikkelingen, ondanks de roerige tijden waarin uw organisatie zich momenteel bevindt. Landelijke ontwikkelingen waar moeilijk op te sturen vallen geven extra uitdagingen in de uitvoering en vragen om creativiteit en lef. En om een lobby naar de landelijke overheid, iets waar uw organisaties op een goede manier gestalte aan geeft. De ontvangen stukken geven ook dit jaar weer blijk van grote inzet van alle medewerkers in uw organisatie om onze inwoners zo goed mogelijk van dienst te zijn. Aan alle medewerkers waardering en dank voor de inzet. Reactie Het Dagelijks Bestuur dankt de gemeente voor de uitgesproken waardering. Eveneens zijn wij blij met het gesprek dat we met uw raad hebben gehad op 14 november 2024. Ook het interactieve ontwikkelingsproces voor uw Samenlevingsvisie verdient waardering. Jaarrekening 2024 2.
Financiën – toelichting significante verschillen Uw jaarverslag laat zien dat u in 2024 onverminderd heeft ingezet op de dienstverlening vanuit de verschillende wetten in het sociaal domein. Op alle vlakken werkt u aan verbetering van de samenwerking met partners als DUO, UWV en Belastingdienst om onze inwoners op maat te bedienen. Het gebruik van minimaregelingen onder onze inwoners steeg waardoor meer mensen in een kwetsbare financiële situatie worden bereikt. Het aantal afgegeven Wmo-indicaties steeg licht (behalve op het vlak van dagbesteding). Wat in onze gemeente opvalt, is dat de stand op 31 augustus 2024 aanmerkelijk afwijkt van de eindstand van 2024. We verzoeken u in de toekomst dergelijke significante verschillen kort toe te lichten. Reactie Hoewel de stijging procentueel groot is, is dit in absolute aantallen beperkt. De stijging waar het om gaat is van 143 in januari naar 150 in augustus naar 167 in december. Een absoluut verschil van 17 klanten. Dit kan gelegen zijn in het intensiveren van de afhandeling van meldingen, maar bijvoorbeeld ook in een toename van meldingen door bijeenkomsten als een Alzheimercafé of andere maatschappelijke initiatieven. Dit is niet altijd herleidbaar en daardoor niet altijd te verklaren. 3.
Bedrijfsvoering – integriteitsonderzoek U verzoekt een deel van het overschot van het resultaat over 2024 te bestemmen voor de dekking van kosten die gemaakt zijn voor het onafhankelijk onderzoek naar de vermeende misstanden in uw organisatie. Dit onderzoek is noodzakelijk, en daarom zijn het eens met uw voorstel. Wel zijn de kosten fors, en de eventuele noodzakelijke maatregelen zullen ongetwijfeld de kosten verder laten oplopen. We blijven graag op de hoogte van het vervolg Reactie Het Dagelijks Bestuur dankt u voor uw reactie. De uitkomsten van het rapport naar aanleiding van het onderzoek naar sociale en zakelijk integriteit worden volgens de daarvoor opgestelde procedures gedeeld met belanghebbenden. Met het vormen van deze reserve worden de in 2025 lopende en te verwachten kosten van het onderzoek gedekt. Als uit het onderzoek nadere maatregelen volgen zal dit bij de Najaarsbrief 2025 worden opgenomen.
16
Voorjaarsbrief 2025 4. Bedrijfsvoering – gemeente specifieke cijfers Wij zijn verheugd, dat u meer vergelijkende cijfers (per gemeente) hebt opgenomen. Dit is in lijn met onze eerder afgegeven zienswijzen van de laatste jaren Wij vragen u op dit spoor verder te gaan door deze gemeente-specifieke cijfers door te ontwikkelen in uw P&C-stukken voor komend jaar, zodat ze kunnen fungeren als sturingsinformatie voor onze raad. Reactie Ter voorkoming dat de P&C stukken steeds groter worden is er voor gekozen om de aantallen via het gemeentedashboard beschikbaar te stellen. Zo hebben gemeenten altijd de meest actuele cijfers tot hun beschikking. 5. Ontwikkelen naar werk – nieuw re-integratieontwerp De gemeentelijke bijdrage stijgt met ruim 18,3 miljoen, waarvan 13,3 miljoen voor rekening van de gemeenten en 5 miljoen vanuit andere bronnen. Deze stijging komt grotendeels door autonome factoren, zoals hogere kosten voor huishoudelijke ondersteuning. De grootste stijging is het gevolg van de prijsontwikkeling en het aantal bijstandsuitkeringen. In 2025 gaat u werken volgens een nieuw re-integratieontwerp met profielen die gekoppeld zijn aan een specifieke route. Wij zijn benieuwd naar effecten van deze nieuwe aanpak en zien een rapportage hierop bij de volgende P&C stukken graag tegemoet.
Reactie Wij houden u van deze ontwikkeling op de hoogte en geven hieronder kort inzicht in de 2 reintegratieroutes. Centraal onderdeel hierin is het Werk Ontwikkel Punt (WOP) waar Drechtwerk en de SDD vormgeven aan ondersteuning van inwoners voor wie (regulier) werken een haalbaar doel is. Het WOP brengt expertise op het gebied van arbeidsonderzoek, aanleren van werknemersvaardig-heden, arbeidsgerichte vaktrainingen en het coachen op ontwikkeldoelen van willen en kunnen werken bij elkaar. In het WOP worden modulaire trainingen ontwikkeld, die centraal en lokaal aangeboden kunnen worden. In de centrale werksetting en het werk experience center draait het om het opdoen van werkervaring en werkbeleving. Verdere vakontwikkeling vindt plaats in de vijf leerlijnen die zijn vormgegeven met werkgevers. Daarnaast wordt gewerkt aan een lokaal aanbod per gemeente voor inwoners voor wie ontwikkeling tot de mogelijkheden behoort, maar waar een langere periode mee gemoeid is. De stap naar regulier werk is nu nog niet mogelijk, maar door betekenisvol mee te doen is deze stap op termijn wel een reële optie. De gesprekken met deze inwoners vinden dan ook zo veel mogelijk lokaal plaats. Denk aan locaties zoals de sociale teams, in een buurthuis of op het gemeentehuis in hun woongemeente. Uit de gesprekken vormt de consulent een beeld over de ontwikkelmogelijkheden van de inwoner.
Samen bespreken ze welke doelen gehaald kunnen worden en welk aanbod hierbij het beste past. De instrumenten die ingezet kunnen worden zijn o.a. modulaire trainingen uit het centrale aanbod die gericht zijn op sociale vaardigheden en taalontwikkeling. Daarnaast wordt een lokaal samenhangend aanbod van participatie- en ontwikkelplekken ontwikkeld, waarbij uw ambtenaren, lokale initiatieven leer-/ontwikkelbedrijven en sociale ondernemers zijn betrokken. De nieuwe aanpak op re-integratie moeten in combinatie met landelijke ontwikkelingen zoals de Participatiewet in balans, ontwikkelingen van het regionaal Werkcentrum Drechtsteden en kansen die samengaan met samenwerkingsmogelijkheden tussen Drechtwerk en SDD meer uitstroom opleveren. Anderzijds is er nog veel in ontwikkeling, waardoor niet gezegd is dat de ambitie in de begroting wordt gehaald. In de Voorjaarsbrief 2025 is daarom de aangepaste doelstelling nog niet financieel vertaald in de begroting, maar opgenomen in de risicoparagraaf. 6. Bedrijfsvoering – ombuigingen U beschrijft in de Voorjaarsnota de voortgang van de Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein. We waarderen de manier waarop u dit oppakt en blijven graag via de P&C-cyclus nauw betrokken. De opbrengst van de spoor 1 (Aanpassingen van de uitvoering en de bedrijfsvoering, à 3 miljoen euro) is verwerkt.