Verslag - Raad 19 07 2022
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE GEMEENTERAAD VAN GEMEENTE HELMOND d.d. 19 juli 2022
1.
Aanwijzing van een lid als bedoeld in artikel 19 van het Reglement van orde van de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Helmond 2018 De voorzitter: Goedenavond. Ik open de vergadering om u van harte welkom te heten op deze warme dag. Het is een warme dag, maar het is nu vandaag hier heerlijk om te zijn. De temperatuur is hier goed of heeft iemand het koud? Nee, dat lijkt … Nog koud, maar het is hier de airco werkt in elk geval heel goed. Ook de mensen thuis, van harte welkom. Voordat ik wil beginnen zou ik een moment van stilte willen vragen. Dus als u even wil gaan staan. Dank u wel. Dan zijn er berichten van verhindering gekomen, want het is een ingelaste vergadering die wij, vorige week hebben ook een aantal vergaderstukken niet kunnen afwikkelen. Dat zullen we ook vandaag doen en we zullen vandaag ook onze nieuwe griffier mogelijkerwijs gaan installeren. Er is een brief van verhindering gekomen van de dames Spierings en Janssen en ook mevrouw Hendriks is afwezig en mevrouw Hendriks zou ik graag vanaf deze plaats van harte feliciteren, want die is vandaag jarig. Die wordt vandaag vijftig jaar. Dus dat is … Van proficiat. O, ben je ook jarig? Nee, maar … De heer Rieter: Mevrouw Koolen-van der Zee is ook niet aanwezig vandaag. De voorzitter: Wie? De heer Rieter: Mevrouw Koolen-van der Zee. De voorzitter: Ja, ja, mevrouw Koolen nog, ja.
En dan de heren Van Sas, Terzioglu, Van de Brug en De Mare, die hebben zich ook afgemeld. Zijn er nog meerderen die zich afgemeld hebben? Nee? Dan is dit het lijstje wat vandaag er niet is. Ik zie collega, de wethouder Van Lierop is er nog niet, want die was een vrijwilligerspenning uit aan het reiken en als het mogelijk is zou ze wat later aansluiten. Dan open ik nu de vergadering en zal ik een nummertje trekken voor het geval wij vandaag zouden gaan stemmen. Dat is het nummer 36, griffier. De heer Van Dam: Dat is mevrouw Willems-Kardol. Drie maal op rij. De voorzitter: Nou, dan moet je wel goed schudden, denk ik, want die lag nog bovenop, denk ik. De heer Van Dam: Nee, we hadden geschud. De voorzitter: Helemaal super. Nou, dat is dan klaar.
2.
Vaststellen ontwerpagenda De voorzitter: Dan komen wij bij agendapunt 2. Agendapunt 2 is het vaststellen van de agenda die voorligt. Kunt u instemmen met de agenda die voorligt? Ja, dan is die vastgesteld.
3.
Aanwijzing nieuwe raadsgriffier G.J. de Graaf en vervolgens beëdiging De voorzitter: Dan ga ik nu aan de orde stellen het agendapunt 3. Dat is de aanwijzing van een nieuwe raadsgriffier en dat is raadsvoorstel 61. We hebben vorige week mooi afscheid genomen van onze griffier Jan Jaspers na ruim twintig jaar en vandaag ligt het voorstel voor om de opvolger te gaan benoemen. Er heeft een
uitgebreide selectieprocedure plaatsgevonden. We hebben een profielschets gemaakt. We hebben een werkgeverscommissie ingesteld en daaruit is deze kandidaat naar voren gekomen en ik zou de voorzitter van de werkgeverscommissie, de heer Manders, het woord willen geven om ons even een toelichting te geven over de procedures en het selectieproces. De heer Manders, aan u het woord. De heer Manders: Dank je wel, voorzitter. Uniek moment natuurlijk. Eerste keer in twintig jaar dat we een nieuwe griffier benoemen. Dus daar mogen we met z'n allen bij stilstaan en ik wil graag een toelichting geven inderdaad als voorzitter van de selectiecommissie, samengesteld door de fractievoorzitters in de eerste vergadering direct na de verkiezingen, zoals de fractievoorzitters weten en toen een lid van de tijdelijke werkgeverscommissie, intussen ook alweer is vervangen door de nieuwe werkgeverscommissie. De keuze is, zoals jullie inmiddels weten en een groot aantal heeft al kennisgemaakt met Garrelt de Graaf. Stadsgenoot, wonende in Helmond. Momenteel griffier in de gemeente Maashorst en met hem hebben we iemand binnengehaald die sturing kan geven aan het veranderingsproces wat onze raad zo graag wil. Het leek ons gepast om de gevolgde procedure hier nogmaals te doorlopen.
De selectiecommissie heeft voor die ondersteuning en het vinden van een geschikte griffier search bureau Bestman Bestuur en Management ingeschakeld. Gert-Jan Jongkind heeft de selectiecommissie ook begeleid. Dat is de directeur van dit bureau. Het bureau heeft op basis van het opgestelde profiel, wat is opgesteld door de gemeenteraad zelf, kandidaten aangedragen voor de functie en daar zijn uiteindelijk drie mensen uit voortgekomen. Die drie personen hebben wij gesproken in de eerste gespreksronde op 10 juli. Wie zijn wij? Onder de brief die u heeft gekregen heb ik de groep al gememoreerd, onder andere Thomas Tuerlings, Annegien Wijnands, Martijn Rieter, Theo Heller en adviseur onder andere, onze voorzitter mevrouw Blanksma en Frank Beck van communicatie. In die eerste gespreksronde is er een gesprek geweest met de selectiecommissie, maar ook een gesprek geweest met de adviescommissie. De adviescommissie bestaat uit onder andere Paul en Bauke als onderdelen van de griffie en de gemeentesecretaris Nicole Maas en Malou de Rooij van P&O. Dus het was ook een uitgebreide commissie, die dan advies gaf aan die selectiecommissie. Naar aanleiding van deze eerste gesprekken heeft de selectiecommissie gemeend om twee mensen nog nader te bevragen.
Of eigenlijk hebben we gezegd we gaan nu op iets andere zaken in en die gesprekken, dat tweede gesprek met die twee mensen, vond plaats op 21 juni. In die eerste gespreksronde ging het vooral over het rapport Loods. In de tweede gespreksronde hebben wij ervoor gekozen om meer in te gaan op de persoon achter de griffier. Op zijn of haar leiderschapsstijl. Uiteindelijk is naar aanleiding van die tweede gespreksronde besloten om met één kandidaat verder te gaan en er is ook besloten om een assessment toe te passen. Daarnaast had ik als voorzitter van de selectiecommissie de opdracht om de referenten te bellen. Dat heb ik gedaan. Daar heb ik gespreksverslagen van gemaakt en het assessment is doorgevoerd en toen is er geconcludeerd, naar aanleiding van al die zaken, dat Garrelt de Graaf de geschikte kandidaat was voor de functie van griffier van de gemeente Helmond. Omdat de leden van de commissie de continuïteit van het zojuist in gang gezette veranderingsproces eigenlijk niet wilden verstoren, hebben we ook besloten, mede omdat Garrelt ook pas in oktober natuurlijk bij zijn eigen gemeente weg kon, om de heer Marcel van Dam te benoemen als interim-griffier om het proces wat nu zo mooi loopt nogmaals niet te frustreren. Nou, dat is eigenlijk hoe het gegaan is. Wij zijn daar zelf denk ik heel tevreden over.
De mensen die geparticipeerd hebben ga ik vanuit zijn allemaal uitgebreid geïnformeerd. We hebben veel gesprekken gevoerd en misschien zijn er van de mensen die niet bij de gesprekken aanwezig waren nog vragen. Dan zou ik daarop in kunnen gaan. De voorzitter: Ja, dank u wel, de heer Manders, voor de uitgebreide toelichting op het hele proces, wat u zorgvuldig heeft doorlopen. Ik kijk aan de zijde van de gemeenteraad of er nog vragen zijn. De heer Stevens.
De heer Stevens: Ja, even een technische vraag eigenlijk. Ik heb uitermate vertrouwen in uw commissie en wat u gedaan heeft. Mijn vraag is, gaan we eerst werken met een jaarcontract of meteen met een onbeperkte tijdcontract? De voorzitter: Zijn er nog anderen? Ik ga even een inventarisatie maken. Nee. De heer Manders. De heer Manders: Ik heb begrepen dat we, zoals dat gebruikelijk is, eerst met een jaarcontract gaan werken. De voorzitter: Oké, dank je wel. Anderen nog? Nee? Dan dank ik de voorzitter van de commissie voor zijn inzet en zijn toelichting en achter u de voltallige commissie die toch veel tijd en moeite erin heeft gestopt en dan zijn we dus nu toegekomen met deze toelichting aan het raadsbesluit wat voorligt. En ik zou aan uw raad willen vragen om de heer De Graaf bij acclamatie te mogen benoemen als griffier van onze gemeente per 1 oktober aanstaande. Kunt u daarmee instemmen? Zo ja, dan is hij per acclamatie benoemd. Dames en heren, dan wil ik graag overgaan tot de beëdiging, directe beëdiging van de heer De Graaf. Mijnheer De Graaf, mag ik u vragen om naar voren te komen? Dan zal ik het van het spreek… Zo. Daar sta je dan, hè. Toch. De heer De Graaf heeft aangegeven de belofte af te willen leggen en ik zal eerst de tekst van de belofte voorlezen en daarna vraag ik u om uit te spreken dat verklaar en beloof ik. Ik lees voor.
Ik verklaar dat ik, om tot griffier benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen en ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet en dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als griffier naar eer en geweten zal vervullen. U mag. De heer De Graaf: Dat verklaar en beloof ik. De voorzitter: Dan mag ik u feliciteren met uw prachtige benoeming. En daar hebben we bloemen … Ja, kijk eens aan, een prachtig boeket bloemen. De heer De Graaf: Fantastisch. Hartelijk dank. De voorzitter: En ik zou zeggen namens ons allemaal, ontzettend veel succes en ik zou het erg op prijs stellen als u ons nog even kort zou willen toespreken, een korte introductie. Ja? De heer De Graaf: Dank. De voorzitter: Heel veel succes. De heer De Graaf: Ik ga het heel kort houden, want u heeft nog een agenda te gaan en we gaan elkaar echt nog veel vaker ontmoeten om nader kennis te maken. Ik ben echt vereerd dat ik als nog vrij recent inwoner van deze gemeente vorig jaar maart nu al griffier mag zijn van u.
Ik kijk er ontzettend naar uit om samen met u, om samen met de collega's, het college en niet te vergeten alle inwoners van de gemeente echt werk te gaan maken van mooie lokale democratie en dat verder tot ontwikkeling te brengen en ik zie u, nadat ik mijn taken in Maashorst goed heb overgedragen, u graag na 1 oktober terug. Dank u wel. De voorzitter: Heel veel succes, dank je wel. Dank je wel en heel veel succes. Dank je wel.
Agendapunten verplaatst van 12 juli naar 19 juli 4.
Verordening uitvoeren en handhaven omgevingsrecht Helmond 2022 De voorzitter: Oké. Dan gaan we met uw goedvinden naar agendapunt 4. Dat is de verordening uitvoeren en handhaven omgevingsrecht Helmond 2022. Dat is raadsvoorstel 54 en alle fracties hebben een technisch voorbehoud gemaakt, maar ik kijk even of er nog fracties zijn die wat willen zeggen. De heer Boetzkes, de heer De Greef. De heer Boetzkes als eerste. De heer Boetzkes, aan het woord. De heer Boetzkes: Dank u wel, voorzitter. Vorige week hebben wij in deze raadzaal nog maar eens uitgebreid gesproken over draagvlak en participatie binnen het fysieke domein en ik denk dat we ook gezamenlijk hebben vastgesteld dat het voor ons lastig is om te oordelen over draagvlak en participatie. Juist daarom is het zo belangrijk om de kwaliteit hiervan goed en op de juiste plek te borgen. Nu wil het toeval dat juist deze verordening als doel heeft om de kwaliteitsdoelen binnen het fysieke domein te borgen. De modelverordening van de VNG, welke hiervoor is gebruikt, laat ook specifieke ruimte om doelen hieraan toe te voegen. In de commissievergadering is daar dan ook door ons over gesproken en kwamen we vrij snel tot de conclusie dat draagvlak en participatie daarbij kunnen passen.
In de mail van vrijdag 8 juli jongstleden, verstuurd door de griffie, hebben we al kunnen lezen dat deze verordening ook werkelijk een mogelijke plek is en daarmee het vermoeden vanuit die commissievergadering juist is. Behalve dat we het hiermee dan ook vastleggen, borgen we daar ook mee dat het college jaarlijks in haar evaluatie van het fysieke domein aangeeft hoe de kwaliteitsborging van participatie en draagvlak heeft plaatsgevonden. In diezelfde mail wordt ook verwezen naar de nieuwe Wet versterking participatie decentrale overheden. Welke te zijner tijd en ik citeer, een breder eisenpakket op kan stellen in zake verantwoording over participatie. Op zichzelf een mooie toevoeging van de wethouder, maar wij kunnen daar niet op wachten. Ik hoef u niet uit te leggen hoe onze landelijke overheid werkt, maar specifiek voor deze wet geldt dat deze in 2020 door de ministerraad is aanvaard, maar tot op heden niet is ingediend bij het parlement. De meest recente info hierover, online te vinden bij de Adviescommissie Raad van State, leert ons en dat is nog geen maand geleden, 16 juni om precies te zijn, er is geadviseerd om deze wet niet naar de Tweede Kamer te sturen, omdat het voorstel ernstig tekortschiet. Met andere woorden, dit kan nog jaren gaan duren.
Om hier niet op te gaan zitten wachten en zeker te stellen dat in Helmond draagvlak en participatie binnen het fysieke domein worden geborgd, stellen wij samen met CDA, Forum voor Democratie, VVD en Mi Hellemonders voor om middels een amendement draagvlak en participatie vast te leggen als kwaliteitsdoel binnen deze verordening. Voorzitter, ‘…’. De voorzitter: Dank je wel. Zal ik het dictum voorlezen of … De heer Boetzkes: Ja en daar … De voorzitter: Ja? U bent klaar met uw bijdrage? De heer Boetzkes: Ja, mijn bijdrage is af. De voorzitter: Dan ga ik het dictum voorlezen en dat … Nou, er is helemaal geen dictum, want het is een amendement. Dus u stelt voor om raadsvoorstel 54 een aantal wijzigingen toe te voegen. Moet ik even kijken waar het … Het draagvlak en participatie. Dit is het artikel … Dat het artikel lage 4, sub 2, lid d. toe te voegen zijnde en dat is een .d … O, ik was u kwijt. .d, dat daar komt bij staan draagvlak en participatie. Dat is de wens van dit amendement. Het is voldoende ondertekend en daarmee maakt het onderdeel van de beraadslagingen. Ik zou nu het woord willen geven aan de heer De Greef.
De heer De Greef: Voorzitter, als u het goed vindt, ik heb maar een hele korte aanvulling, want ik had bijna hetzelfde verhaal. Ik heb eigenlijk nog één vraag aan de wethouder als het mag. Dan hoef ik geen heel betoog te houden. De voorzitter: Ja, één vraag. De heer De Greef: De heer Boetzkes heeft al verteld over het wetsvoorstel en dat dat stilligt. Het advies is zelfs al van oktober 2020. Dus het ligt al vrij lang stil, ondanks dat het vorige week openbaar is geworden. Alleen de vraag die ik u zou willen stellen is waarom zouden we eigenlijk dit wetsvoorstel überhaupt afwachten? Er zijn al meerdere gemeenten die al een participatieverordening gemaakt hebben. Waarom gaan we niet gewoon aan de slag met die participatieverordening en ik zou willen weten van de wethouder of u misschien iets daarover kunt zeggen en wat dan een termijn zou zijn waarop we dat als raad ook zouden kunnen bespreken De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even naar de zijde van de gemeenteraad. De heer Peters. De heer Peters: Voorzitter, als u mij toestemt ook van mijn plaats. De voorzitter: Nee, eigenlijk niet, maar … De heer Peters: Kan ik … Ja, nee, maar ik voel me weer helemaal thuis, voorzitter, dus wat dat betreft … De voorzitter: Ja, maar … De heer Peters: Heel kort, voorzitter.
Ik sluit me aan bij de opmerkingen die collega Boetzkes heeft gemaakt en om die reden hebben wij ook mede het amendement ingediend. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tuerlings. De heer Tuerlings: Ja, dank u wel. Ik heb eigenlijk een vraag aan de indiener van het amendement. De voorzitter: Ja, tuurlijk. De heer Tuerlings: Wanneer is dit rondgestuurd? Want ik zag het zojuist op Notubox en ik kan me niet herinneren dat ik het in z’n geheel heb gezien. Dan zou het kunnen dat ik abuis ben, maar dan zou ik dat heel jammer vinden. De voorzitter: Oké, de heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Ja, dat is gebeurd de vorige raadsvergadering waar dit eigenlijk geagendeerd was. Moet even liegen of het de zondag of de maandag daarvoor is verstuurd. De voorzitter: Dank u wel. Dat is het antwoord. Ik kijk even aan de zijde van de gemeenteraad of er nog vragen zijn. Nee? Opmerkingen. Dan zou ik de wethouder willen vragen en wij doen vandaag een paar dingetjes anders. Ik zit in het midden en dan hebben we dat zo op deze wijze gedaan. Dat is een andere manier, dat zien de kijkers thuis niet, maar we hebben wat andere indeling gedaan en de wethouders die wat uitgebreider spreken, die gaan het ook doen via het spreekgestoelte. Want als ik het van u vraag, vragen we het ook van de wethouders. Dus nou, wethouder Van den Waardenburg mag het spits afbijten. Wethouder Van den Waardenburg.
Mevrouw Van den Waardenburg: Ja, dank u, voorzitter. Inderdaad, vanaf hier inderdaad. Ik zal niet heel uitgebreid mijn woordje doen, maar het is mij gevraagd, dus ik ga inderdaad hier staan. Ik ga vooral specifiek in op het amendement, want we hebben het vorige keer uitgebreid in de commissie besproken. De basistaken, de thuistaken, maar er is ook verzocht van goh, zou participatie en draagvlak kunnen worden toegevoegd? Toen heb ik u aangegeven laat me dat even ambtelijk checken of dat kan en daar is ook de mail waar de heer Boetzkes uit refereerde. Zoals ook in de informatie in de mail staat, er kan draagvlak en participatie worden toegevoegd als kwaliteitsdoel. Daarbij moeten er wel indicatoren met elkaar vaststellen waar dan zoal aan getoetst wordt, want u zult begrijpen, ieder jaar wordt er dan een jaarverslag opgesteld door onze ambtenaren en dan moet je eigenlijk ook indicatoren hebben waarop je dus die aanvragen, vergunningen en handhaving toetst. Uiteindelijk zal dat jaarlijks aan u worden teruggekoppeld op die indicatoren en zal het dus niet, want het is ook niet gebruikelijk, niet op casusniveau zijn, maar meer op algemene, wat ik al zei, indicatoren, wordt er teruggekoppeld wat er dan zowel aan participatie en draagvlak is gedaan.
Dat geldt vooral voor toezicht en handhaving, want zoals ook in de mail stond, voor vergunningverlening is participatie al een integraal onderdeel van die vergunning. Dat zullen we ook nog met u bespreken en zodra de wet in werking treedt, dan zal dat ook een integraal onderdeel vormen daarvan. Dus als u het mandement aanneemt, dan zal het inderdaad worden toegevoegd als een subje d. Dan gaan we daarmee aan de slag en al zal er in het jaarverslag, wat u jaarlijks krijgt, ik denk niet in ieder geval het eerste jaarverslag van dit jaar, maar kan me zo voorstellen als de wet in werking treedt, dat we dan terugblikken op 2022 en dat … ’23 moet ik zeggen en dat dan daar voor de eerste keer zal staan hoe draagvlak en participatie terecht is gekomen in de verschillende thema’s zoals toezicht en handhaving, maar ik denk vooral aan vergunningverlening. Tot zover. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mevrouw Van den Waardenburg: O, ik had nog één vraag, sorry. Sorry. De voorzitter: O. Mevrouw Van den Waardenburg: Ja, ik had inderdaad het mandement, maar daarnaast had ik nog de vraag van de VVD. Ja, waarom de wet afwachten? Kijk, daar hoeven we inderdaad niet per se op te wachten, maar wat ik u wel wil meegeven, laten we eerst met elkaar het participatiebeleid met elkaar gaan maken.
Na de zomer komt dat bij u terug opiniërend, daarna adviserend en dan vaststellen door de raad en dan kan ik mij zo voorstellen dat daaruit voortvloeit een participatieverordening, omdat we dan ook met elkaar helderder hebben wat verstaan we daar nou eigenlijk met z’n allen onder. Tot zover. De voorzitter: Oké. Mevrouw Maráczi en dan de heer Van der Burgt. Mevrouw Maráczi: Ja, even voor mijn helderheid, want volgens mij zit in de omgevingsvisie al een verplicht participatietraject en u zegt net we moeten indicatoren hebben en dan vraag ik me af of u hier, als we hier zeggen draagvlak en participatie, wie dan die indicatoren gaat bepalen? De voorzitter: Oké. De heer Van … Mevrouw Maráczi: Want … De voorzitter: Ja?
Mevrouw Maráczi: Ja, want, sorry. De voorzitter: Vraag is duidelijk. Mevrouw Maráczi: Want misschien bedoelt de raad iets anders met draagvlak en participatie als degene die dat op had stellen. De voorzitter: Ja, helemaal goed. Even, ik doe even de heer Van der Burgt en dan geef ik de heer Boetzkes het woord. De heer Van der Burgt: Ja, dank u wel, voorzitter. Het is denk ik voor mij heel duidelijk dat die draagvlak en participatie zitten in de Omgevingswet, dat zit er standaard in, maar wat we zien en dat hebben we vorige week gezien in de discussie, dat iedereen zowat draagvlak en participatie anders uitlegt en daarom hebben we vorige week, de heer Peters heeft er ook aan gerefereerd, vorige week al, we moeten participatiebeleid en dat moeten we hoognodig vaststellen in de raad en daar moeten we de discussie over aangaan. Dus dat is de weg. De voorzitter: Punt duidelijk. De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Ja, voorzitter, dank u wel. Zonder daar te veel op in te gaan, maar ik denk dat we ons moeten realiseren dat deze verordening dus geen inhoudelijke uitspraak gaat doen over het draagvlak en participatie, maar dat we juist hiermee borgen dat de kwaliteit uiteindelijk geborgd is. Je ziet dat ook wanneer je die kwaliteitsdoelen bekijkt. Dat zijn er 27 in de criteria voor kritieke massa, zoals die in het fysieke domein worden genoemd.
Dat nu niet beschreven staat bijvoorbeeld hoe bouwfysica wordt getoetst, maar dat er uitgelegd wordt dat er een bepaald niveau moet zijn bij de ambtenaren die het toetst, dat die aan een bepaalde, voor deze specifiek vierogenprincipe en dat soort zaken zullen bij doordat nu hier te noemen ook vastleggen voor draagvlak en participatie. De voorzitter: Oké, dank je wel voor de toelichting. Ik kijk even naar de wethouder. Nee, de heer Tuerlings. De heer Tuerlings: Ja, dan kan ik wel met een stemverklaring komen, maar misschien dat u … De voorzitter: Nee, even de wethouder nog en dan komen we met de stemverklaring en dan ga ik over eerst het amendement stemmen en daarna het voorstel. Wethouder. Mevrouw Van den Waardenburg: Ja, ik hoorde nog één vraag van de SP over die indicatoren en die stelt u uiteindelijk vast, maar dat zal dus ook nog een uitwerking vragen. Als u dit amendement aanneemt dan kan ik mij zo voorstellen dat je dat bijvoorbeeld meeneemt bij het participatiebeleid, maar ik moet even kijken waar dat het beste in kan landen, zodat ze daar ook op tijd mee aan de slag kunnen en op tijd mee kunnen nemen bij het jaarverslag. De voorzitter: Oké. Dan kijk ik … Ja, de heer Van den Bogaard. De heer Van den Bogaard: Ja, dank je wel. Dit is ook meteen een stemverklaring. Onze fractie … Ja, nee, het is wel een bijdrage, maar ook meteen een stemverklaring.
De fractie vindt het prima om draagvlak en participatie toe te voegen aan VTH-beleid als kwaliteitsdoel, maar wat ons betreft past het eigenlijk ook beter in die participatieverordening, wat ook wel aangegeven is, omdat je daar echt in de volle breedte de eisen kon stellen die je stelt aan de participatie en ook de verantwoording daarvan, maar we gaan hier niet een principekwestie van maken, dus we gaan er niet voor liggen. We kunnen hier in principe wel mee instemmen,
maar wel met die kanttekening, dus we willen ook graag horen wanneer dan die indicatoren vastgesteld worden en hoe dat dan vormgegeven wordt. De voorzitter: Oké, dat … Ook nog een vraag. Eigenlijk een tijdslijn, maar dat komt toch in de commissie terug, neem ik aan? Of niet? Mevrouw Van den Waardenburg: Nou ja, zoals ik net al aangaf moeten we even kijken welk document het geëigend is om dit op te nemen. Ik kan mij zo voorstellen dat je het bijvoorbeeld in het participatiebeleid meeneemt of misschien dat we in een ander stuk rondom de Omgevingswet, wat toch al naar u toe gaat, dat we het daarin opnemen. Dus we moeten even kijken wat de beste manier is om dit met elkaar vast te leggen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kan hier gewoon zeggen dat volgens mij 9 september het participatiebeleid in de commissie aan de orde komt, dus dan kan het ook alvast voor besproken worden, waar het dan uiteindelijk gaat landen. Oké, ik ga over naar stemverklaring mogelijk. Ik ga eerst het amendement in stemming brengen en daardoor kunt u daar een stemverklaring op geven en vervolgens op het voorstel. De heer Van Aert. De heer Van Aert: Ja, voorzitter, onze fractie heeft het amendement ook bekeken en wij kunnen instemmen met dit amendement. De voorzitter: Oké, dank u wel. Wie nog meer een stemverklaring? De heer Tuerlings. De heer Tuerlings: Ja, dank u wel, voorzitter.
Aansluiten bij de woorden van de heer Van den Bogaard kunnen wij ook instemmen met het amendement. De voorzitter: Oké. Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, daar wil ik me ook bij aansluiten. De voorzitter: De heer Van der Burgt. De heer Van der Burgt: Ja, sluit ik me ook bij aan. De voorzitter: O ja, aansluiten, we gaan zo even stemmen, dat kan allemaal, maar een speciale stemverklaring is dan kan dat. Niemand meer een bijzondere stemverklaring? Dan ga ik het amendement in stemming brengen. Wie is voor dit amendement? Wie is tegen dit amendement? Dan is het amendement unaniem aangenomen. Dan ga ik het voorstel, het raadsvoorstel in besluitvorming brengen. Dat is raadsvoorstel 54, met het amendement. Is net goedgekeurd, dus dat is gewijzigd. Wie is voor dit raadsvoorstel? Wie is tegen? Dan is het raadsvoorstel unaniem aangenomen. 5.
Verordening Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond 2022 De voorzitter: Dan ga ik met uw goedvinden naar agendapunt 5 en dat is de verordening Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond 2022, raadsvoorstel 55. Er zijn meerdere fracties die het woord zouden willen voeren, dus wie kan ik het woord geven? Mevrouw Wijnands, die begint. Ja, graag via het spreekgestoelte. Dat is een kleine moeite en is toch iets actiever. Ja? Alsjeblieft. Mevrouw Wijnands: Dank u wel, voorzitter. Volgens mij is dit de eerste keer dat ik hier als raadslid het woord mag voeren, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik gewoon de tekst ga voorlezen van mijn collega Hans de Mare.
Dat zal jullie niet verbazen, hij heeft dit voorbereid, dus ik ga letterlijk zijn tekst voorlezen en als er vragen komen dan ben ik heel benieuwd of ik ze kan beantwoorden. Dus leuke maidenspeech zo, op deze manier. Voorzitter … De voorzitter: Bij een maidenspeech mag niet geïnterrumpeerd worden, dus dat … Mevrouw Wijnands: O, kijk, dank u wel. De voorzitter: Je komt er eigenlijk goed vanaf, dus. Mevrouw Wijnands: Gered. De voorzitter: Mevrouw Wijnands. Mevrouw Wijnands: Ja, dank je wel. Voorzitter, een in grote lijnen prima verordening. Zoals u weet gaat het over werkzaamheden die ik, Hans dus, voor een andere gemeente uitvoer en toevallig hebben we vorige week maandagmiddag met een team vanuit de Welstands- en Monumentencommissie stedenbouwkundig en ambtenaren het hier over gehad. Voorzitter, de integrale benadering van de bewaking van de ruimtelijke kwaliteit is een prima zaak. Een aantal van mijn opmerking uit de commissie ga ik hier niet herhalen. Waar ik wel op terug wil komen is het belang van goede kaderstellende documenten. Nu heten die nog beeldkwaliteitsplannen en dat worden later onderdelen van de omgevingsplannen. Die kwaliteit laat in de praktijk helaas vaak te wensen over. Stukken die zichzelf tegenspreken of die dusdanige teksten bevatten dat ze feitelijk niet als toetsingskaders gebruikt kunnen worden. Wat helaas meestal pas in de praktijk duidelijk wordt.
Voorzitter, ik heb een kleine aanvulling op de verordening bedacht waarmee die kwaliteit kan worden verhoogd. Laat het concept omgevingsplan door de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit beoordelen en verstrek hun oordeel over dat plan als bijlage aan de raad als die dat plan moet vaststellen. Goedkeuring van het omgevingsplan blijft dus volledig aan de raad, maar, aanname, een wethouder zal het wel uit zijn of haar hoofd laten om het plan samen met een negatief advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit aan de raad aan te bieden. Met andere woorden, het zal voor de strekking aan de raad tot op een goed niveau moeten worden opgewerkt. Voorzitter, omdat er maar zeven dagen zaten tussen de adviescommissie en de Raad van 12 juli, kon het niet meer door de wethouder in de verordening worden aangepast, dus komen wij nu met een amendement dat we willen voorleggen. Ik wil graag het amendement aanbieden en het is door alle partijen ondertekend, met uitzondering van Forum voor Democratie. De voorzitter: Oké, dank u wel. Ja? Oké, dat is een wat langer dictum. Er is ook een amendement ingediend.
‘…’ raadsvoorstel 55 en het verandert de inhoud van de volgende artikelen en dat is artikel 2.c en dat adviseert de commissie op verzoek van burgemeester en wethouders of uit eigen beweging of het ontwikkelen van beleid, inclusief omgevingsvisie, omgevingsplan, maatwerkregels over de omgevingskwaliteit. Bij het ter vaststelling aanbieden van de genoemde kaderstellende documenten aan de gemeenteraad zal het advies van de commissie aan de Raad worden verstrekt. Dan wordt er een noot bijgezet. Moet ik die noot ook even? Ja. Dan een noot ter verduidelijking aan de raad, moet dus ter verduidelijking aan uw raad: dus dat de tweede zin wordt toegevoegd, waarmee het opstellen van zo’n advies feitelijk een verplichting wordt en door de raad kan worden gecontroleerd, maar dat ook de raad ontlast, om dat zij van dat specialistische kennisadvies kennis kunnen nemen. En dan artikel 11.2. Daar staat: ingeval burgemeester en wethouders een beschikking geven in afwijking van het door de commissie uitgebrachte advies, verzenden zij een afschrift van die beschikking, inclusief een motivatie, aan de commissie en gaat over tot de orde van de dag. En is zeer ruimschoots ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dank u wel, mevrouw Wijnands.
Mevrouw Wijnands: Geen vragen. De voorzitter: Je hebt het heel goed gedaan. Alhoewel, daar ga ik niet over. Ik ga kijken wie er nog meer het woord voert. Ik dacht de heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Voorzitter, Helder Helmond vindt het belangrijk wat de raad zelf besluit over de benoeming van de commissie waar we het in deze verordening over hebben en uiteraard mag dat op voordracht van het college, maar door deze benoeming door de raad zelf te laten doen, onderstrepen wij de o zo belangrijke onafhankelijk van deze commissie. Daarbij komt ook nog eens dat deze commissie benoemd wordt voor vier jaar. Een termijn die gelijkloopt met de termijn van het college en juist door deze raad breed gedragen te laten benoemen, maken we daarmee het risico kleiner dat deze ook elke vier jaar moet wisselen, maar ook herbenoemd kan worden. En als laatste en misschien wel het belangrijkste argument, zouden wij graag aanhalen dat dit mooi aansluit op één van de concrete doelen uit het ambitie-akkoord. Namelijk het versterken van de relatie met de gemeenteraad en dat de gemeenteraad zich actief inzet, blijkt wel uit dat er inmiddels twee amendementen, maar ik wil er graag nog eentje aan toevoegen, hier zijn ingediend.
Dat doen we samen met Lokaal Sterk, Forum voor Democratie, het CDA, de VVD en Mi Hellemonders en met dit amendement wensen wij dat de benoeming van de commissie door de raad zal plaatsvinden. De voorzitter: Oké, dank u wel. U bent ook gekomen aan het einde van uw bijdrage? De heer Boetzkes: Ja. De voorzitter: Oké, dan ga ik ook even dit amendement, het dictum voor u voorlezen en het dictum is dat de benoeming … Nou. Nee, wacht. De ondergetekenden stellen voor met betrekking tot voorstel nummer raadsvoorstel 55 het volgende amendement voor: onder Voorstel punt 2 als volgt aan te passen: 2. De benoeming van de commissieleden zal na voordracht door het college ter besluitvorming aan de gemeenteraad worden voorgelegd. In de toelichting onder Argumenten de punten 2.1 en 2.2 te laten vervallen en gaat over tot de orde van de dag. Voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dank u wel, de heer Boetzkes. Zijn er nog vragen over dit amendement? Ja. Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, ik ben het er verder wel mee eens, het mandaat kan terug naar de raad, maar ik vraag me af, ook uit uw inleiding, voel ik heel erg de suggestie alsof het nu niet onafhankelijk zou zijn en dat vind ik wel heel vervelend. De voorzitter: De heer Boetzkes.
De heer Boetzkes: Voorzitter, nee, laat duidelijk zijn dat wij op geen enkele wijze de onafhankelijk van deze, overigens nog niet bestaande commissie, maar ook die van de huidige commissie, van de Welstandscommissie, in twijfel trekken. Dus nee, het is juist dat dit versterkt of nogmaals benadrukt. De voorzitter: Oké. Mevrouw Wijnands. Mevrouw Wijnands: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, ik sluit wel even aan bij wat mevrouw Maráczi zei, omdat het toch de suggestie opwekt dat onafhankelijkheid van de leden beter gewaarborgd zou zijn als het door de raad in plaats van het college zou worden benoemd en er staat ook nog wel de suggestie in dat zo’n benoeming de kwaliteit van de bewaking van de omgevings… Enigszins zou beïnvloeden. Dus leden van deze
commissies doen hun werk naar eer en geweten en de vraag is of daar niet juist de belangrijkste kwaliteitsborging ligt dat het kaderstellende documenten zijn, waarbinnen zij functioneren en of het veel toevoegt op het moment dat door de raad wordt gedaan in plaats van het college. Want het gaat uiteindelijk om de kwaliteitsborging en volgens mij niet om de poppetjes, en we krijgen nu wel de situatie dat op het moment dat een wisseling plaatsvindt, dat dat dus met een raadsvoorstel moet. De voorzitter: Oké, dank je wel. De heer Van den Bogaard, op ditzelfde punt. De heer Van den Bogaard: Ja, dank je wel, voorzitter. Wat ons betreft is dit amendement overbodig en we hebben het hier over een ruimtelijke commissie die initiatieven toetst op basis van door de raad vastgestelde kaders en wat ons betreft is die inhoud veel belangrijker dan de poppetjes. Daarnaast kost het ook onnodig veel tijd als de raad elke keer zo’n commissielid moet vaststellen als er wisselingen zijn, dat werd net ook aangegeven. We zien dan ook geen meerwaarde in door de raad vaststellen van deze commissie en hebben vertrouwen in de professionaliteit van de beoogde commissieleden. Dus kunnen ook niet instemmen met die overwegingen die erin staan. Dus wij stemmen tegen. De voorzitter: Nou, u hoeft nu nog niet te zeggen over stemmen hoor, maar ik dacht even vragen aan de heer Boetzkes voor de verduidelijking.
Nog niet, maar de stemverklaring komt nog zo. Ja? Dank u wel, de heer Boetzkes. Ik kijk even naar de zijde … O, er is een vraag door mevrouw Wijnands. De heer Boetzkes: Ja, die wou ik ook graag beantwoorden inderdaad. Ik denk inderdaad dat het zeker niet om de poppetjes gaat. Ik denk ook zeker dat die kwaliteitsborging niet ter discussie staat, maar zoals ik ook al aangaf in het antwoord richting mevrouw Maráczi, onderstrepen we en benadrukken we daar nogmaals mee dat die onafhankelijk is. Als raad zijn wij gekozen door de bevolking en dat wij daarmee die mensen benoemen, deze commissie benoemen, onderstreept dat en dat is wat wij beogen met dit amendement. De voorzitter: Oké, mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Als u het zo bedoelt, zou u het dan erg vinden om bolletje drie en vier weg te halen? De voorzitter: Bolletje drie en vier. Dat zijn de overwegingen. Dus als we het hebben over bolletje, dan bedoelt u de overwegende en dan de drie dingen omgevingskwaliteit, de aandacht blijft vragen, de benoeming door de raad, de onafhankelijkheid onderstreept, de benoeming door de raad de relatie met de raad versterkt. De heer Boetzkes: Ik hoop dat u toelicht waarom u die weg wil halen.
Ik denk dat die heel erg benadrukken waarom we dit amendement indienen en nogmaals, het onderstreept die zaken die er staan, dus het weghalen doet niks af of aan dit amendement, maar geeft juist de toelichting waarom wij het zo belangrijk vinden om dit nu in te dienen. Mevrouw Maráczi: Ja en juist die toelichting, die suggereert dus voor andere mensen dat die nu dus niet onafhankelijk is en daarom konden het gaat gewoon om het mandaat terug te krijgen. Dus wij kunnen gewoon het amendement aannemen, maar dan wel zonder die suggestie te doen of het nu dus niet onafhankelijk is. De voorzitter: U mag die toelichting, u mag dadelijk een stemverklaring geven. Ja? Dank u wel. Mevrouw … De heer Tuerlings.
De heer Tuerlings: Ja, dank u wel, voorzitter. Kijk, de fabrieksinstellingen van deze verordening, om hem zou dan maar even te noemen, of van die adviescommissie, is dat de raad een besluit neemt over de invulling van die adviescommissie en het college heeft volgens mij gewoon geprobeerd om de raad te ontlasten door het mandaat bij het college neer te leggen, zodat er een stap minder nodig is in het hele traject. Dat vinden wij helemaal prima als GroenLinks en we zijn er volledig van overtuigd dat die commissie absoluut onafhankelijk zal opereren, of die nou door het college of door de raad benoemd wordt. Daar zou geen enkel verschil in moeten zitten en ik verwacht dat niet dat daar enig verschil in zit, dus ik sluit me wel aan namens GroenLinks bij de suggestie van mevrouw Maráczi om dat derde en vierde streepje uit de overwegingen weg te halen. De voorzitter: Mevrouw Maráczi, het tweede, derde en vierde, maar u bedoelt derde, vier… Derde, vierde. Het gaat over derde en vierde. Ja? En volgens mij heeft de heer Boetzkes al op gereageerd. De heer Boetzkes: Ja … De voorzitter: En ook zijn motivatie nog gegeven. Ja? Zijn er nog anderen? Op dit punt. Zo meteen in de stemverklaring kunt u er nog iets van zeggen. Ja? Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Van den Waardenburg. Mevrouw Van den Waardenburg: Dank u wel, voorzitter.
Ik wil even aan de voorkant meegeven dat ik uiteraard als wethouder best u ook ter wille had willen zijn en tegemoet had willen komen door bijvoorbeeld het raadsvoorstel ook op onderdelen aan te passen, maar zoals we ook in de commissie hebben besproken schrijft het reglement voor dat er tien dagen voor de raadsvergadering eigenlijk geen aanpassing meer aan het raadsvoorstel mogen worden gepleegd, dus vandaar. Ja, zo hebben we het echt besproken, mijnheer Peters. Ja, ja. De voorzitter: We leren snel. We leren heel snel, toch? Mevrouw Van den Waardenburg: Wij leren heel snel. Vandaar dat er ook wat amendementen zijn ingediend. Nogmaals, ik had u best willen meenemen, in ieder geval sommige op onderdelen, maar dat kon even niet. Maar u heeft allemaal amendementen klaarliggen en daar ga ik nu op in. Ten aanzien van het amendement wilde ik eerst even reageren als het gaat om die adviescommissie, die benoeming op de fabrieksinstellingen, zoals GroenLinks hem noemde. Als je kijkt op de VNG-website zie je ook dat de VNG best wel heeft zitten worstelen met is mandatering of amenderingen, is dat nou iets wat je wel of niet mag doen op basis van de wet? Zoals ik het ook lees, is er best wel lang erover gegaan of dat nou een bevoegdheid is van de raad of dat het überhaupt gemandateerd mag worden.
Vandaar ook dat in de fabrieksinstellingen inderdaad eerst meteen aan de raad is gegeven en daarna de VNG als het advies gaf het kan ook gemandateerd worden. Als het gaat om het amendement, dat is echt aan u als raad. Dat heb ik ook in de commissie aangegeven en inderdaad, met dit amendement bereik je dat uiteindelijk het besluit, de benoeming van die leden, bij de raad blijft. Ik kan wel me vinden in ook de vraag van mevrouw Maráczi als het gaat over overwegingen drie en vier. Het doet niet helemaal recht aan de onafhankelijke positie die de Monument- en Welstandscommissie nu al hebben, maar ik ben heel blij met de toelichting van mijnheer Boetzkes daarbij. Dus dat ten aanzien van het amendement, als het gaat om die benoeming, nogmaals dat is echt aan u als raad. Dan het amendement van de Partij van de Arbeid over die twee toevoegingen. Die kunnen wij ook prima uitvoeren, want daar staat eigenlijk niet je kan als college of als raad iets voorleggen, zoals een omgevingsplan aan de commissie. Nee, je moet het voorleggen. Nou ja, om inderdaad te voorkomen dat er misschien soms regels worden opgesteld die heel mooi klinken, maar eigenlijk niet uitvoerbaar zijn, lijkt het me goed om die commissie dat ook te laten toetsen. Daarnaast, indien het college afwijkt en dat gebeurt echt bijna nooit, van zo’n advies, maar stel dat
het college afwijkt, dat we dan niet alleen maar de commissie op de hoogte stellen, maar ook de afwijking nader motiveren. Nou, volgens mij beide punten die prima uitvoerbaar zijn. Dat was mijn bijdrage, voorzitter, voor de rest heb ik geen vragen gehoord. De voorzitter: Oké. Ja, de heer Van Aert. Is het een stemverklaring of heeft u nog een vraag aan de wethouder? De heer Van Aert: Ik heb eigenlijk geen vragen aan de wethouder, maar een vraag aan de heer Boetzkes of hij zijn amendement aan wil passen, zoals gevraagd is door mevrouw Maráczi van de SP, dan kunnen wij daarmee instemmen. De voorzitter: Ik kan die vraag nog een keer … Heeft u dezelfde vraag, de heer Peters? Nee. Heeft u … De heer Peters: Ik heb een ordevoorstel. Ik heb de behoefte om met mijn mede-indieners even te overleggen en ik vraag een schorsing aan, voorzitter. De voorzitter: Oké, dat kan ik alleen maar toestaan en dan schors ik. Hoeveel tijd heeft u nodig, de heer Peters? Vijf minuten. Ik schors de vergadering voor vijf minuten. Ik heropen de vergadering en ik zie dat de indiener, de aanvrager van de schorsing, dat u weer terug bent en dat u … Ik geef u het woord. De heer Peters: Dank u wel, voorzitter.
Ja, ik mis helaas wel, in ieder geval mevrouw Maráczi is er nog niet, want die had terecht … De voorzitter: De heer Van Dam is er wel, dus … De heer Peters: Maar de … De voorzitter: De SP wordt vertegenwoordigd. De heer Peters: De fractie is vertegenwoordigd. Ik heb om een schorsing gevraagd om met de mede-indieners van het amendement te overleggen en wij kunnen in ieder geval instemmen met het verzoek van de fractie van de SP om de streepjes drie en vier te strepen, omdat het doel uiteindelijk, het voegt verder niks toe. Het gaat om wat je met elkaar zo afspreekt en om die steun te verwerven trekken we drie en vier in. Dus het amendement wordt aangepast, voorzitter. De voorzitter: Oké. Het aangepaste amendement wordt dus nu ingediend, dus het oude amendement vervalt. De twee streepjes gaan weg en dat is het nieuwe amendement. Oké, met die toelichting, wie heeft er behoefte aan een stemverklaring? Want dan ga ik het amendement in stemming brengen. Niemand een stemverklaring? Mag ik dan vragen om per handopsteken te kunnen stemmen. Wie is voor het amendement? Wie is tegen? Dan is het op mevrouw Wijnands na … De heer …: En de fractie van D66. De voorzitter: En de fractie van D66 is het aangenomen. Dan gaan wij met uw goedvinden naar het raadsvoorstel. Ik breng het raadsvoorstel ook in stemming. Wie is … Mag ik vragen om met handopsteken te stemmen.
Ja? Wie is voor dit raadsvoorstel? Wie is tegen? Daarmee is het unaniem … De heer …: Je vergeet het amendement van de Partij van de Arbeid.
De voorzitter: Dan heb ik nog niet gestemd over het raadsvoorstel, dus ik zou dat uit de notulen willen verwijderen en dan ga ik nu … Nee, maar in ieder geval dat ik het expliciet maak dat we niet gestemd hebben. Het is een ongeldige stemming. Nee, dat was een ongeldige stemming, zo zal ik het dan netter zeggen. Dan ga ik het amendement dat ingediend is door veel partijen, maar door mevrouw Wijnands, dat is het amendement over een aanpassing van een aantal artikelen. Artikel 2.c en artikel 11.2. Is daar nog een stemverklaring voor? De heer Heller. De heer Heller: Ja, eventjes voor de orde, het feit dat Forum niet meegenomen is in de indiening is een praktische zaak van onze kant. Wij gaan wel mee met de inhoud en zullen dus ook voor stemmen. De voorzitter: Super, dank je wel. Anderen? Nee? Dan ga ik het amendement in stemming brengen. Mag met handopsteken. Zo ja, wie is voor dit amendement? Wie is tegen? Dan is het unaniem aangenomen en dan kom ik nu tot het raadsvoorstel wat voorligt en dat is het raadsvoorstel 55 op de verordening op de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Helmond. Kan er gestemd worden met handopsteken? Zo ja, wie is voor dit voorstel? Wie is tegen dit voorstel? Ik zag de heer Van den Bogaard zijn hand niet opsteken. Ik doe het opnieuw. Als we stemmen, moeten we gewoon ook even stemmen. Wie is voor dit voorstel? Wie is tegen? Dan is het unaniem aangenomen.
Dank u wel. 6.
Motie vreemd aan de orde van de dag De voorzitter: Dan ben ik gekomen aan de motie vreemd aan de orde van de dag en Mi Hellemonders heeft een motie vreemd aan de orde van de dag ingediend of die gaan ze indienen en ik zou willen vragen of de heer Guldenaar dat wil gaan doen. De heer Guldenaar aan u het woord. De heer Guldenaar: Dank u wel, voorzitter. Geachte leden van de raad, burgemeester en wethouders en kijkers. Mijn motie vreemd aan de orde van de dag die ik vandaag wil indienen, Maatregelen verkeersveiligheid rondom scholen prioriteit geven, werd op 9 juni 2022 aangehouden. Op die dag stond op de agendapunt 10 Krediet instellen 30 kilometerzone in Helmond Noord, het Haverveld, Bloem- en Paardenvelden. Helmond Noord is de eerste wijk waar dit gerealiseerd zou worden en later zouden andere wijken volgen. Nou, Mi Hellemonders vinden dat een heel goed idee, maar willen nog een belangrijke aanvulling. Mi Hellemonders heeft zowel telefonisch als via mail een onderzoek gehouden onder alle Helmondse scholen. Daaruit is naar voren gekomen dat men de reeds bestaande maatregelen rondom school als niet toereikend beoordeelt en dat er nog een verbeterslag te maken is. Het zou dus te lang duren eerst per wijk dit probleem aan te pakken. De veiligheid van onze kinderen moet voorop staan.
Wij geven wethouder Van den Waardenburg volkomen gelijk als ze in de raadsvergadering van 12 juni verklaart dat het invoeren van een 30 kilometerzone meer inhoudt dan alleen een bord in de grond timmeren. De motie Maatregelen verkeersveiligheid rondom scholen prioriteit geven wordt ingediend door de fractie Mi Hellemonders en de mede-indiener is fractie VVD onder leiding van Rob de Greef, raadslid en woordvoerder Mobiliteit en Verkeer. Moet ik het … Sorry, voorzitter, moet ik de motie voorlezen of dat doet u? De voorzitter: Mag u wel doen, ja. Als u dat wil, anders lees ik hem voor, maar u mag dat ook. De heer Guldenaar: O nee, dat doe ik wel. Goed, de motie. De motie Maatregelen verkeersveiligheid rondom scholen prioriteit geven. De raad bijeen op dinsdag 19 juli 2022. Overwegende dat de gemeente Helmond het plan heeft opgevat om in de wijk het aantal 30 kilometerzones uit te breiden, Helmond Noord zal de eerste wijk zijn waar dit wordt gerealiseerd. Later zullen andere wijken volgen. Overwegende dat scholen en in het bijzonder basisscholen, extra maatregelen verkeersveiligheid nodig hebben. Overwegende dat het opschrift
school op het wegdek een verbetering is, maar geen oplossing. Overwegende dat uit onderzoek door Mi Hellemonders is gebleken dat de bestaande maatregelen, zoals drempels, sluizen en 30 kilometerborden door scholen als niet toereikend worden beoordeeld. Overwegende dat geld nooit een reden mag zijn om de verscherpte maatregelen verkeersveiligheid rondom scholen niet met prioriteit te realiseren. Besluit opdracht te geven aan burgemeester en wethouders om op korte termijn contact te zoeken met de 31 basisscholen en zeven scholen voortgezet onderwijs in Helmond om in kaart te brengen waar reeds bestaande maatregelen verkeersveiligheid niet toereikend zijn. Besluit twee, de uitkomst van dit onderzoek onverwijld om te zetten in daadwerkelijke aanpak en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de zijde van de gemeenteraad, want ik zie wat vragen. Mevrouw Maráczi alle… Mevrouw Maráczi: Ja, dank u wel. U noemt hier natuurlijk al allerlei maatregelen die genomen zouden kunnen worden of zijn al genomen, net als drempels en 30 kilometerborden en bij ons voor de deur hangt een groot bord met dat er een school in de buurt is of in ieder geval, maar dat is allemaal niet toereikend, maar waar denkt u zelf dan aan? Hoe valt dit op te lossen? De voorzitter: De heer Guldenaar.
De heer Guldenaar: Ik ben niet de verkeersdeskundige die daar een antwoord op wil geven en kan geven, maar ik wil wel zeggen wat enkele dingen uitgekomen zijn uit het onderzoek. Het zijn slechts kleine dingen, zoals een rotonde die dicht bij een school zit en waarbij het onderhoud rondom de zichtbaarheid dus van de rotonde ontnomen wordt tot aan in ieder geval ouders die tegelijkertijd hun auto’s parkeren. Oplossingen werden ook aangedragen. Zou er niet een parkeergelegenheid in de buurt gerealiseerd kunnen worden, zodat de auto’s niet altijd in die straat kunnen stoppen? Een ander voorbeeld is, kunnen wij niet en dat is, dat gaat allemaal niet om geld, het gaat om maatregelen, kunnen we niet van half acht tot kwart voor negen het verbieden om de auto toegang te geven in die straat? Er zijn enkele dingen die zelf werd aangedragen, in ieder geval door de scholen. De voorzitter: Oké. De heer Heller en dan de heer Rieter. De heer Heller: Ja, dank u wel, voorzitter. Los van het feit dat het een prachtig plan is om ervoor te zorgen dat het rondom de scholen veiliger wordt, laat dat helder zijn, maar ik hoor de heer Guldenaar daar een paar dingetjes noemen. Ik denk dat het sowieso heel moeilijk is om nog überhaupt iets van handhaving te gaan doen. Dus dingen tijdelijk verbieden, daar los je het op zich niet mee op.
Plus dat mijn ervaring is dat niet zozeer de fysieke situatie rondom de school, maar heel vaak gewoon juist het gedrag van de wijkbewoners of van de ouders die die kinderen afzetten het probleem veroorzaken. Dus ik denk dat het een iets breder verhaal is dan links en rechts wat ideetjes vandaan halen en dan realiseren, dus ik wil er, los van het feit dat het natuurlijk ook geen majeur project moet worden, los van de importantie, wel eventjes kijken, iets breder kijken dan de scope die op dit moment geschetst wordt. De voorzitter: Oké, de heer Rieter. De heer Rieter: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst, positieve motie. Zeker het eerste punt van het dictum, daar kunnen we helemaal achter staan. Eén vraag aan de heer Guldenaar is, dat onderzoek, kan de heer Guldenaar nog wat meer vertellen hoe dat onderzoek precies heeft uitgezien? Daar ben ik wel benieuwd naar en het tweede bullet van de motie, dus echt de uitkomst van het onderzoek onverwijld om te zetten in
daadwerkelijke aanpak, ja, ik ben daar eigenlijk wel maar meteen ook een vraag aan de wethouder, of we dit ook zo kunnen ja, gaan behandelen. Natuurlijk, er worden al een aantal uitkomsten van het onderzoek genoemd, maar daar kunnen ook hele andere dingen uitkomen en dan ben ik ook wel benieuwd of dat meteen het kostenplaatje is, maar nogmaals, onze fractie kan er wel positief over zijn. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Tamarinof. Mevrouw Tamarinof: Ja, ik wil even aansluiten wat mijnheer Heller zei. Ik denk ook dat het heel veel een gedragsprobleem is van de ouders, dat het ook mee zal spelen en ik ben ook inderdaad benieuwd wat mijnheer Rieter zegt, hoe heeft u dat onderzoek uitgevoerd? Heeft u alle scholen gesproken? Wie heeft u gesproken? Ben ik ook wel benieuwd naar. De voorzitter: De heer Vervoort. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. Collega Peters heeft voor een vorige raadsvergadering van vorige week bij het onderwerp het Hart van het Hout gevraagd om voorbereidingen te treffen betreft de Hoofdstraat, om die terug te dringen naar die 30 kilometer. Dat past eigenlijk precies, want er zit ook een school midden aan de Hoofdstraat en de vraag aan de wethouder nogmaals of u dat mee kan nemen.
Tevens vragen wij u naar antwoord van de wethouder van vorige week, om het rapport van de verkeersstromen, waar de wethouder het over had, om die naar ons toe te sturen. Want de informatie die wij vanuit het verleden hebben gekregen is namelijk dat door de Hoofdstraat terug te brengen naar 30 kilometer de verkeersstromen zou gaan via Het Haagje. Dus … De voorzitter: O, ik zou eig… Ik vraag aan de heer Guldenaar staat daar. Ik vraag of er nog vragen zijn over het ingediende motie vreemd aan de orde van de dag en u gaat nu een vraag bij stellen, maar ik wil daarna de orde handhaven dat de wethouder dan een reactie geeft op de motie vreemd aan de orde van de dag en dan krijgt u als raad nog gelegenheid om te reageren. Dat zijn de spelregels, dus u gaat iets inbrengen wat nu nog niet aan de orde is. Dus ik wou u echt vragen, de heer Guldenaar staat daar, brengt de motie vreemd aan de orde van de dag in. Ik geef even de gelegenheid om een paar vragen te stellen aan mijnheer Guldenaar en dan geef ik het woord aan de wethouder. De heer Van der Burgt. De heer Van der Burgt: Dank u wel, voorzitter. Sympathieke motie. Veiligheid rond scholen is natuurlijk in ons aller belang, maar ik zou inderdaad, hij vraagt om overleg met de scholen, maar ik zou graag van de wethouder graag willen horen van wat is zijn antwoord? Want ik kan me niet voorstellen dat er geen overleg is met het onderwijs.
De voorzitter: Nee, dat komt zo meteen. Ik ga even kijken, de heer Guldenaar, er zijn een paar vragen aan u gesteld, van hoe heeft u onderzoek gedaan en zo. Daar mag u op ingaan. De heer Guldenaar: Ten eerste, handhaving, dat is altijd een moeilijk iets en ja, dan zou ik zeggen dan hoef je ook geen borden 30 kilometerzone ergens neer te zetten als je er niet kunt handhaven. Het is inderdaad een gegeven dat de ouders die de kinderen naar school brengen ook een gedeelte van de veroorzaker zijn van die gevaarlijke situaties, maar de scholen hebben in ieder geval aangekondigd dat als er enkele maatregelen zouden genomen kunnen worden, een parkeerplaats, een parkeerplaatsen, dat probleem in ieder geval voor een groot gedeelte al opgelost zou kunnen zijn. Over de vraag over hoe heb ik mijn onderzoek gedaan, nou ik zal even hier het ding laten zien. Dit zijn alle …
De voorzitter: Wij van die kant niet lezen. De heer Guldenaar: Nee. Goed zo. Dat is misschien ook maar goed, want dan zijn het er teveel. In ieder geval, ik heb het eerste waar ik mee begonnen ben, is een telefonisch onderzoek en ik kan wel de scholen opnoemen die daarop geantwoord hebben en wat dat ze daarop geantwoord hebben, maar dat is nu te omvangrijk. Daarna heb ik gezien dat na dat telefonisch onderzoek van laat ik zeggen de vijftien scholen en hun antwoorden heb ik het groter gebracht, heb ik alle in ieder geval mailadressen van die scholen opgezocht. Heb ik een sympathieke brief opgesteld. Geen sturende brief, maar gewoon een sympathieke brief om te weten of dat er inderdaad voldoende maatregelen zijn genomen en welke ze eventueel zouden kunnen veranderen als het niet zo was en daar heb ik ook een aantal van terug gekregen. Daarop heb ik gedacht van nou, dan is dat in ieder geval reden genoeg om de motie op te stellen en dan wil ik nog even terugkomen op dat onderzoek natuurlijk, want ik heb nog even verder gekeken en het verkeersveiligheidsplan van 21-4-2005. Die heb ik teruggevonden met enkele oplossingen. Dan heb ik heel goed moeten zoeken en toen is er een raadsvoorstel geweest op … Nee, ook nog een onderzoek geweest op 22 september 2021. Onderzoek verkeersveiligheid in Helmond, maar er staat geen oplossingen of er staat ook geen uitkomst bij.
Die kon ik nergens vinden en ik denk dat dat precies eigenlijk betekent wat ik zo belangrijk vind, is dat er heel veel keren onderzoeken worden gedaan, wat belangrijk is. Dat ziet u ook wel, want daar vraag ik ook naar, maar dat er veel onderzoeken worden gedaan, maar ik zie in al die dingen die ik heb opgezocht geen daadwerkelijke verandering. De voorzitter: Oké, maar misschien is het beter … De heer Guldenaar: Dat is natuurlijk leuk om te weten wat er mis is, maar dan moet er ook iets gedaan worden. De voorzitter: Ja, maar misschien is het goed dat ik dan nu de wethouder. Misschien kan de wethouder een beetje helpen daarin. Dus even kijken van wat er gedaan is en dan gaan we daar eens even op in. Is het even zo voldoende gereageerd? Ja, u mag ook blijven staan hoor, want dan gaat de wethouder nu kijken waar we staan. Wethouder. De heer De Vries: Ja, voorzitter, dank u wel en ook bijzonder dank aan de heer Guldenaar en zijn fractie die dit onderwerp ook consequent op de agenda zetten en ik denk dat dat goed is, want ik zou niemand kunnen bedenken in deze zaal die verkeersveiligheid en in het bijzonder verkeersveiligheid rond scholen en verkeersveiligheid voor leerlingen, niet belangrijk vindt. Misschien is het inderdaad goed om, we hebben vorige week ook, toen de motie eigenlijk op de agenda stond nog even doorgesproken ook over wat er vanuit het college in de maak is.
Wij zijn op dit moment bezig met het voorbereiden van een herijking van het verkeersveiligheidsbeleid. Dat is het brede, gemeentelijke verkeersveiligheidsbeleid, waar we uiteraard verkeersveiligheid rond en naar scholen ook een onderdeel van uitmaakt. In aanloop naar dat verkeersveiligheidsbeleid voeren we een evaluatie uit naar de maatregelen tot nu toe, hoe pakken die uit? En voeren we ook onderzoek uit naar de verschillende doelgroepen in de stad, hoe er aangekeken wordt tegenover verkeersveiligheid. In aanloop daar naartoe zou het ook heel nuttig zijn om de inventarisatie die voorstelt ook bij scholen, om die daarin mee te nemen en mijn suggestie, die heb ik u persoonlijk gedaan, maar die herhaal ik hier ook, is om die wel breder te trekken dan alleen de directe omgeving van scholen. Dus de routes naar scholen van leerlingen die zijn natuurlijk verder dan alleen maar de directe omgeving van scholen en het kan wel eens zijn dat soms ingrepen elders meer effect hebben op de verkeersveiligheid dan in de buurt van een school, maar om de scholen zelf als doelgroep ook mee te nemen om in kaart te brengen hoe daartegen aangekeken wordt, lijkt me een hele goede. Er zijn al regelmatig ook ambtelijke contacten met scholen en collega Dortmans, die ook regelmatig bestuurlijk overleg heeft met alle 31 primair
onderwijsscholen, plus de zeven voortgezet onderwijsscholen, heeft al aangeboden om dit op het eerste bestuurlijke overleg met de scholen, dat zal in oktober aanstaande zijn, om dit onderwerp ook te agenderen. Dus dat kan ook een moment zijn om in aanloop naar het gemeentelijke herijking van het verkeersveiligheidsbeleid, om die inventarisatie bij scholen ook mee te geven en wat mij betreft kan de informatie die u en uw fractie in uw onderzoek hebben opgehaald ook een hele waardevolle input zijn. Dus de gegevens en de suggesties die u daar heeft opgehaald, die neem ik ook graag mee als input voor het verkeersveiligheidsbeleid. Dus dat is eigenlijk de eerste vraag die u in de motie stelt, daar kan ik positief op reageren. Uw tweede punt zit ik iets genuanceerder in, maar denk dat ik u daarop kan bedienen. Kijk, u geeft aan van die inventarisatie, zet die dan onverwijld om in beleid. Als dat betekent dat we alle suggesties van scholen één op één vertalen in beleid, dan moet ik u teleurstellen, maar ik weet ook dat, want we hebben daar vorige week over gesproken, dat dat ook niet uw bedoeling is. Dus ik zou wel de inventarisatie die we breed hebben gedaan, maar onder andere straks ook bij scholen, laten landen in de brede afweging in het nieuwe verkeersveiligheidsbeleid en op dat moment wil ik ook graag met u spreken waar we de prioriteiten daarin leggen.
Dat zal misschien op sommige plekken zijn dat we zeggen hier gaan we rond een school de prioriteiten hoog leggen en soms kan het juist zijn een route naar de school of misschien juist een hele andere route, maar ik zou daar wel de brede afweging willen maken in het totaalplaatje van het verkeersveiligheidsbeleid. Inschatting is dat we begin volgend jaar daar met elkaar ook een commissievergadering aan kunnen wijden en dan zou ik daar graag in de breedte ook met u het gesprek over aan willen gaan. Dus als u op die manier ook kan leven met de uitleg van het tweede deel van uw dictum, dan zou ik met zo’n insteek uw motie graag willen omarmen. De voorzitter: Oké. De heer Guldenaar. De heer Guldenaar: Ja, ik vind het altijd een het is een sympathieke motie, dat vind ik altijd, dat voorspelt onweer altijd en ik snap uw redenatie natuurlijk … De voorzitter: De heer Guldenaar, de wethouder heeft niet gezegd een sympathieke motie. Hij heeft letterlijk gezegd van ik omarm de motie. De heer Guldenaar: Ja, nee, goed. Sorry, dan. Maar dat is eerder gezegd tegen mij. De voorzitter: U suggereert daarmee … Niet. U suggereert nu dat dat wat wij zeggen niet nakomen en ik denk dat het wel belangrijk is dat we waarde hechten aan de woorden die we uitspreken. De heer Guldenaar: Oké, dan zal ik het anders formuleren.