Verslag - Raad (07-12-2023)
Tekst van het document
Wij vragen het college van B&W om een plan van aanpak uit te werken over het antipestbeleid, waarin bovengenoemde denkwijzen meegenomen kunnen worden en hierover terug de koppeling te geven aan de raad. De voorzitter: Dank u wel. De motie is voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagen. Ik zag mevrouw Spoek, nog een interruptie. Mevrouw Spoek-van Dinther: Dank u wel, voorzitter. Pesten, hoe kunnen we daar nou niet met zijn allen iets aan willen doen, zou ik zeggen. Maar ik heb toch nog een paar vragen. Scholen werken samen in een samenwerkingsverband, dus die hebben al bovenschools overleg, contact, et cetera. Dus ze kunnen al in heel veel opzichten met elkaar optrekken om dit aan te pakken. Dus ik ben eigenlijk heel benieuwd, is er bijvoorbeeld ook vanuit die samenwerkingsverbanden behoefte uitgesproken voor hulp daaruit van ons en hoe ziet dan een uniform antipestbeleid eruit? Moeten alle scholen dat dan hanteren of hoe moet ik dat interpreteren? De voorzitter: Mevrouw Brouwers. Mevrouw Brouwers: Dank u wel, voorzitter. Er is inderdaad een samenwerkingsverband, dat werkt ook heel erg goed en dat werkt ik heel erg nauw samen. Maar je merkt dat vooral dat online pesten, dat is zo'n
hardnekkig probleem, dat alleen een samenwerkingsverband eigenlijk niet afdoende is en dat scholen toch best wel, en ook docenten en mentoren, best wel wat externe expertise kunnen gebruiken. Dus deze motie roept eigenlijk meer op tot een samenwerking om in die gezamenlijkheid te kijken hoe we elkaar kunnen helpen en hoe we elkaar kunnen versterken. Dus eigenlijk als aanvulling op het samenwerkingsverband. De andere vraag ging over het, nou ben ik het … Ik had het in mijn hoofd. Heel snel, één woord. Mevrouw Spoek-van Dinther: Hoe het uniformeel … Mevrouw Brouwers: Uniform pestbeleid. Mocht daar een behoefte aan zijn bij alle schoolbesturen, dan lijkt mij een uniform pestbeleid echt een heel goed hulpmiddel, dat alle scholen eenzelfde pestbeleid hanteren. Mocht er absoluut geen behoefte voor zijn, dan is dat natuurlijk ook een antwoord, maar dat gesprek moet wel plaatsvinden voor de … De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Spoek nog.
Mevrouw Spoek-van Dinther: Als wij hem zo kunnen interpreteren dat er dus nog veel vrijheid ligt bij de scholen, wij zijn van mening dat eigenlijk het initiatief vanuit scholen zou moeten komen en dat wij niet als overheid daarin moeten gaan betuttelen, maar als die behoefte daar is, als ik hem zo mag lezen dat het dus ook vooral kijkt van, hoe kunnen wij gaan ondersteunen en gaan peilen bij die samenwerkingsverbanden met scholen of er behoefte is, dan kunnen wij de motie steunen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Janssen en dan mevrouw Maráczi. Mevrouw Janssen. Mevrouw Janssen-Jansen: Ik kan even aanvullen, want bijvoorbeeld OMO heeft een protocol wat op alle scholen van OMO geldt. Alleen het gaat dan speciaal om bepaalde verlegenheidsvraagstukken waar ze mee zitten, waardoor je als gemeente, omdat je dan met politie, en de gemeente heeft meer expertise waarschijnlijk en meer mensen in dienst die cyberpesten aan de orde kunnen stellen, dan zouden scholen een beroep kunnen doen op de gemeente als aanvulling voor die expertise. Dat is eigenlijk de opzet. De voorzitter: Mooi. Dank u wel. Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ik wil er ook even op inhaken. Ik deel de mening van mevrouw Spoek dat we niet zo op de stoel van de schoolbesturen moeten gaan zitten.
Er staat ook dat we dan een plan van aanpak uit gaan werken, maar wie gaat dat plan van aanpak dan uitwerken? Een paar ambtenaren of hoe moet ik dat zien? De voorzitter: Mevrouw Brouwers. Mevrouw Brouwers: Dank u wel, voorzitter. Je moet hem eigenlijk zo lezen dat we gezamenlijk optrekken eigenlijk om deze problematiek aan te pakken. Dus het moet niet zo worden gezien zoals mevrouw Spoek in eerste instantie misschien dacht dat wij als gemeente hier kant-en-klaar een plan neer gaan leggen. Het gaat echt om gezamenlijk met elkaar in gesprek gaan van, hoe kunnen wij het best deze problematiek aanpakken en is daar eventueel externe hulp nodig in de vorm van een gedragsspecialist of psycholoog, maatschappelijk werk of iets dergelijks? En die expertise dan te bundelen om te kijken waar elke school behoefte aan heeft. De voorzitter: Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Inderdaad, dus eigenlijk ook eerste behoefte gaan peilen. Want wij kunnen hier wel zeggen dat er behoefte aan is, maar dat is dan nog maar de vraag.
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van de Werff. De heer Van de Werff: Dank u wel, voorzitter. Ik wil nog kort even aanvullen op de vragen, de antwoorden. Zo heeft OMO haar beleid, de basisscholen hebben hun beleid, de ROC's hebben hun beleid. Maar ze lopen allemaal twintig, dertig passen achter als het gaat over online en ICT. Daar heb je hard een gemeenschappelijk deel bij nodig. Daarom pleit ik ervoor. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel, mevrouw … Mevrouw Spoek nog. Mevrouw Spoek-van Dinther: Sorry, voorzitter. Als ik het dictum lees, dan staat daar duidelijk, een plan van aanpak uit te werken wat dan teruggekoppeld kan worden. Als daarbij toegevoegd zou kunnen worden, een plan van aanpak uit te werken in overleg met de schoolbesturen, denk ik dat hij passend is bij hoe u hem bedoelt. De voorzitter: Mevrouw Brouwers. Mevrouw Brouwers: Ik begrijp de verwarring, dat heb ik ook teruggekregen. Ik zou eigenlijk willen voorstellen om hem te lezen als, roept het college van B&W op om gezamenlijk op te trekken om deze problematiek aan te pakken. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we hem zo lezen. Zo is hij niet ingediend. Maar zo gaan we hem wel nu interpreteren. Daar vraag ik, op deze tekst, vraag ik een reactie van de wethouder. Akkoord? Dank u wel, mevrouw Brouwers. Wethouder Dortmans. Mevrouw Dortmans: Dank u wel, voorzitter.
En ook bedankt aan de raad voor dit onderlinge debat om te komen tot de precieze duiding van deze motie. Ik kan overigens een aantal geruststellende dingen zeggen, denk ik. Vorige week hebben wij namelijk de Week van het Digitaal Bewustzijn gehad, waarin juist ook met scholen de samenwerking is gezocht om pesten en online gevolgen van social media heel erg nadrukkelijk op de agenda te zetten. En ik ben dan blij te zien dat er zoveel scholen ook betrokken zijn bij die Week van het Digitaal Bewustzijn. Verder zou ik van harte willen ondersteunen, de uiteindelijke formulering zoals die tot stand is gekomen, naar aanleiding van uw onderlinge discussie, dat het dictum dan gaat luiden, om gezamenlijk op te trekken om de problematiek aan te pakken. Want een plan van aanpak klinkt inderdaad wel erg zwaar. Dat was ook het oordeel van het college en bovendien moeten wij ook niet op de stoel van het onderwijs willen zitten en hoeven we in een aantal opzichten ook niet, de heer Van de Werff zei het terecht ook al en overigens mevrouw Janssen, er zijn al protocollen, er zijn al manieren om pesten aan te pakken.
Maar ik ben als wethouder zeker bereid om in het reguliere overleg dat ik met kinderopvang en onderwijs voer dit onderwerp aan de orde te stellen en dan ook te kijken hoe we bijvoorbeeld in het preventief jongerenprogramma het pestgedrag en ook online pesten een plek kunnen geven, omdat we daarin ook zullen streven naar het uitgangspunt dat elk kind in Helmond veilig en gezond moet kunnen opgroeien. Een aantal dingen is ook, want er staat bijvoorbeeld ook een meldpunt in te richten, heel veel van de scholen, zo niet alle scholen in Helmond werken al samen met de stichting School en Veiligheid en kunnen ook een beroep doen op die stichting als zij tegen eigen problemen aanlopen. Aan de Week van het Pesten doen gelukkig ook al heel veel scholen in Helmond mee. Maar nogmaals, wat het college betreft, kunnen wij de motie omarmen zoals het in de laatste formulering ook daadwerkelijk dan bedoeld wordt. Ik zal als wethouder zeker het overleg voeren met vertegenwoordigers van kinderopvang en onderwijsorganisaties. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder, ik zie een interruptie. De heer Van de Werff.
De heer Van de Werff: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk niet een interruptie. Vorige week hebben een aantal collega's en ikzelf het DigiDebat bijgewoond in de bibliotheek. Ik moet zeggen, de problemen onder de jongeren van ROC tot en met basisscholen zijn echt gigantisch en hebben veel meer gevolgen dan velen van ons denken. De voorzitter: Dank u wel. Dat is een ondersteuning. Dank u wel. Ik kijk even aan de zijde van de gemeenteraad. Zijn er nog op- of aanmerkingen aan mevrouw Brouwers? Dan gaan we de motie in stemming brengen, neem ik aan. Is er behoefte aan een stemverklaring? Zo niet, mag ik hem in stemming brengen met handopsteken? Wie is voor deze motie? Wie is tegen deze motie. Dan is deze motie, de laatste van dit jaar, unaniem aangenomen. Dank u wel. 20. Sluiting De voorzitter: Dan, dames en heren, wilt u heel even wachten? Dames en heren, dit is de laatste vergadering van dit jaar. Ik ben aan het begin van de vergadering begonnen met het afscheid van twee dierbaren onder ons, zouden we kunnen zeggen, die heb ik toegesproken. Het is ook de gelegenheid, die hebt u zo meteen, bij de Barkeet in de Steenweg ook persoonlijk van hen afscheid te kunnen nemen, dat we even samen een borreltje kunnen drinken en even een woordje met hen kunnen wisselen. De Barkeet is in de Steenweg, dat is ook een … Een café is dat. U bent er allemaal uitgenodigd.
De gasten van de raad, dank u wel dat u er was. Ik had beloofd voor tienen te sluiten. Volgens mij was dat gelukt. Ook aan onze nieuwe medewerkers, heel veel succes. Ik sluit deze vergadering en een prettige avond.