'verslag - Raad (07.11.2024)'
Tekst van het document
En de fractie DENK, die heeft in zijn bijdrage gevraagd om een extra doelstelling toe te voegen aan onze programmabegroting in het programma Meedoen, Rondkomen en Vooruitkomen bij zorg en welzijn. En ik kan u toezeggen dat de doelstelling die u citeerde, dat wij die daar zeker een plek gaan geven. Even kijken. De fractie DENK, die heeft namelijk ook nog een motie ingediend met als titel Volgende stap in cultuursensitief werken in de zorg en ik kan u zeggen dat wij deze motie kunnen omarmen. Sport en sportaccommodaties. Campus de Braak, een aantal refereerden er ook aan. Ja, die is echt volop in ontwikkeling en over enkele weken, ik kan er niet naar uitkijken, op 1 december gaat hij officieus open en op 15 december wordt hij officieel geopend en voor 17 december staat het helemaal open voor al onze inwoners. En we zien ook inmiddels dat de bouw van onze multifunctionele accommodatie op de Braak echt nu in volle gang is. En ja, op deze manier kunnen we zien dat we daar met zijn allen echt een sportlocatie creëren die ertoe doet. En Lokaal Sterk vraagt dan de vraag van ja, hoe zit het dan dadelijk verder in fase twee met onze campus. Nou, fase twee van de Braak. Die opdracht, die heb ik destijds meegekregen. Is toch een meer complexe ontwikkeling dan we dachten en ook een heel ambitieuze. Ik zou het budgettair neutraal moeten gaan doen.
We moeten daar namelijk op die ontwikkeling allerlei verenigingen, maatschappelijke partijen, maar ook commerciële partijen, inpassen in de beschikbare ruimte die we daar hebben. En voor deze fase wordt momenteel echt een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd, waarin onder andere vastgoed voor sportvoorzieningen, de erfpacht, het verkeer, het parkeren, geplande woningbouw, allemaal wordt meegenomen. En op basis van deze onderzoeken zal ik in Q1 volgend jaar bij u terugkomen met een aantal uitgewerkte scenario's, verschillende scenario's, want daar is ook altijd naar gevraagd. Maar daar ook bijbehorende globale financiële kader. Dus ik kom daar dus bij u op terug. Lokaal Sterk vraagt ook over hoe het zit met de QuickScan sportaccommodaties. En eigenlijk is dat ook een vraag indirect van het CDA met betrekking tot de sportaccommodaties. Ja, momenteel zijn we daar ook mee bezig met dit onderzoek. Die sportaccommodaties, die worden onderzocht en die gaan inzicht bieden in de huidige en toekomstige knelpunten ten aanzien van het beheer, het onderhoud en de optimale benutting van de deze accommodaties. En dat in verhouding tot de financiële mogelijkheden en onmogelijkheden. En ook deze uitkomsten van deze QuickScan zal ik u in Q1 van volgend jaar presenteren en dan kunnen we daar uitgebreid met elkaar het gesprek over hebben.
Dan heeft Lokaal Sterk een amendement ingediend met betrekking tot de sportaccommodatie van voetbalvereniging MierloHout en verzoekt het college om een voorbereidingskrediet te voteren van 150.000 euro. Wij staan positief ten opzichte van dit amendement. De wijken. Als wijkwethouder ben ik actief in de wijken Brandevoort en Helmond-West. Het zijn eigenlijk twee heel verschillende wijken met verschillende aandachtspunten, maar we zien ook een deel uitdagingen die overeenkomen en dat zien we trouwens ook overigens in de rest van de stad. Sociale cohesie in de wijk op dit moment is gewoon heel belangrijk. En de gemeente wil daarom ook zo goed mogelijk faciliteren om de sociale cohesie, waar hier ook over gesproken is, echt te gaan bevorderen,
waarbij we natuurlijk iets meer focus leggen op onze aandachtswijken. Denk daarbij natuurlijk ook dan aan de wijkaccommodaties die daarbij horen, maar ook de sportaccommodaties in die wijken. GroenLinks, die vraagt om te bekijken of we in de motie Kansrijk middelen te zoeken voor uitbreiding van de Kansrijk beweging. Nou, ik kan zeggen dat wij deze motie graag omarmen en echt dit te gaan zoeken binnen het programma wat daarvoor leent. Dan zijn er een aantal opmerkingen gemaakt over de dienstverlening. We zitten eigenlijk qua dienstverlening als organisatie midden in een transitie en dat komt ook omdat er echt een veranderde vraag van onze inwoners is. Op dit moment vragen we als inwoners komen en ze komen ervoor, dan gaan we ook altijd vragen: hoe heeft u het gevonden, wat ziet u in de toekomst, hoe wil u graag benaderd worden? En daar zijn we dus echt volop met elkaar mee bezig. Daar willen we ook echt op inspelen. Wat we bemerken is dat de inwoner ons vaak ziet als één gemeente en niet als verschillende afdelingen, zoals wij ze binnen onze organisatie hebben. En we proberen het echt zo in te richten dat we die dienstverlening, dat we richting de inwoner ook als één gemeente kunnen acteren. We zetten dus echt in binnen de organisatie op een integrale aanpak. Maar daar ben ik ook heel eerlijk in, daar moeten we nog stappen in zetten.
D66 vraagt ook specifieke aandacht voor telefonische bereikbaarheid. En ook hier, moet ik zeggen, zijn we stappen aan het zetten, maar ook dat is wel een uitdaging, omdat je hebt een aantal mensen aan de telefoon en dat kan soms voorkomen dat er opeens pieken zijn omdat er iets in de stad gebeurt of zo. Dus we proberen daar zo adequaat op in te spelen. We hebben ook een flexpool die we kunnen inzetten. Maar ik kan u verzekeren dat hier echt wel aandacht voor is. De VVD vraagt in haar motie Verbeter de dienstverlening per wijk in Helmond om contactgegevens van functionarissen die met het wijkgericht werken te maken hebben, overzicht ligt te melden. Ik vind dat een hele sympathieke motie. Maar ik heb en één maar, ik hoop dat u mij de ruimte geeft om te bekijken welke gegevens we wel en welke we niet kunnen delen. En als u mij die ruimte geeft, dan kunnen wij echt positief hier tegenover staan. In de motie Wijkrapportages door wijkwethouders vraagt de VVD om een halfjaarlijkse bijeenkomst in te stellen, dus elk half jaar, om elke wethouder de raad te laten informeren wat er allemaal speelt. Ik begrijp de gedachte, maar toch wil ik deze motie ontraden, want wanneer er een ontwikkeling in de wijk plaatsvindt, dan wil ik niet een half jaar wachten om te delen. Dan delen wij dat vaak meteen middels RIB, mail, via de griffie of wat dan ook.
Dus wij willen eigenlijk zo snel mogelijk bij u tegemoetkomen wanneer er ontwikkelingen in de wijk zijn. En ook op via Helmond.incijfers.nl kunt u echt heel diep inzoomen op elke wijk wat daar allemaal speelt. Ik zie een vraag. De voorzitter: Mevrouw Willems-Kardol. De heer Rieter: Dat gingen we toch niet doen? Voorzitter, dat doen we toch niet? Mevrouw Willems-Kardol: Nee, het is een vraag op de wethouder. Op mijn motie die hij besprak. De intentie van de motie was vooral, ik snap dat u zegt: met actualiteiten doen we dat via de RIB. Maar het was ook een soort tweerichtingsverkeer dat als je ziet dat er iets gebeurt in een wijk of dat je even meer feeling daarbij wil krijgen en het niet altijd via raadsvragen wil doen. Ja, dat je dan niet helemaal wellicht het goed kan behoren of de interactie ontbreekt. Dus daarom was het bedoeld om ook halfjaarlijks of jaarlijks stil te staan bij wat speelt er in de wijk. Nou ja, met die gedachtegang eigenlijk. Dus hoe staat de wethouder daar dan tegenover? De voorzitter: Dat is een korte toelichting op een motie. Dus we hadden afgesproken dat we zo min mogelijk interrupties doen en na het einde van het betoog van de wethouder dan even kijken wat er nu over is. Maar dit is even kort. U vervolgt uw betoog. De heer Van Dijk: Misschien dat ik er nu toch beter op kan ingaan.
We informeren u al zoveel mogelijk over allerlei ontwikkelingen in de wijk. Ook jaarlijks ontvangt u een dik rapport over alle aandachtswijken waarin alle ontwikkelingen plaatsvinden. Ik wil best met u meekijken of we op die manier ook wat meer informatie
over de wijken, die niet de aandacht hebben, of we daar iets mee kunnen. Maar om echt elk half jaar hier met elkaar de elf wijken met elkaar te bespreken, dat lijkt mij een beetje overbodig, of lijkt ons over overbodig. Ik vervolg met betrekking tot personeel en organisatie. Ik had het net over inclusiviteit, maar ook op het gebied van inclusiviteit zijn we binnen onze eigen organisatie stappen en hebben al stappen gezet. En ook naar aanleiding van volgens mij de Voorjaarsnota, waarin DENK gevraagd heeft om een tekst bij onze vacature te plaatsen. En ik hoop dat u die met zijn allen ook gezien heeft. Er staat nu echt in alle vacatures die wij uitzetten: binnen de gemeente Helmond geloven we in de kracht van een diversiteit aan mensen. Om duidelijk te maken dat iedereen bij Helmond welkom is. Op 16 november aanstaande ga ik de Charter, u refereerde daar ook aan, de Charter Diversiteit in Den Haag ondertekenen en dan streven we echt naar diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid. Dat dat van essentieel belang is binnen onze organisatie. Op dit moment loopt er een onderzoek naar het bevorderen van de diversiteit, inclusie en die gelijkwaardigheid binnen onze organisatie. En onderdeel van dat onderzoek, want u refereerde ook aan de Barometer Culturele Diversiteit, die maakt onderdeel van dit onderzoek.
In januari ‘24 verwacht ik hier een advies over, waarna ik daarna zo spoedig mogelijk bij u terugkom met een implementatieplan van welke stappen gaan we hier op zetten? Dus dan kom ik daar zeker bij u op terug. Tot slot, voorzitter. Een aantal fracties spreken hun dank uit aan onze ambtenaren van onze organisatie voor het vele werk dat zij verzet hebben. Ik ben blij met die opmerkingen, want ik weet dat er vaak onder grote druk gewerkt moet worden. Ik neem deze complimenten echt ter harte en ik ga ze echt doorgeven, dus dank daarvoor. Dat verdienen ze dik en dik. Een aantal partijen geeft ook aan zich toch nog wel te blijven zorgen maken over onze ambtenaren en onze ambtelijke capaciteit. Nou, volgende week wordt u in de opiniërende commissie uitgebreid bijgesproken door de gemeentesecretaris en door mezelf over de stand van zaken binnen onze organisatie. Ik denk dat we dan ook een mooi moment hebben om hierover met elkaar van gedachten te wisselen en te kijken wat er allemaal speelt en wat mogelijk is. Tot zover mijn beantwoording, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel. Ik kijk aan de zijde van de gemeenteraad. Mevrouw Spoek. Mevrouw Spoek-Van Dinther: Ja, dank u wel voorzitter.
Aangezien de wethouder net in zijn beantwoording ook met de benadrukking begon wil ik namens onze fractie in ieder geval beginnen te benadrukken dat iedere vorm van LHBTIQ+ propaganda die wij vanuit deze gemeente zullen faciliteren dat wij ons daarvan distantiëren en ik ben ook zeer benieuwd of de wethouder zelf het boekje al gelezen heeft wat hij net ook hier overal neergelegd heeft en ik zou hem aanraden dit te lezen want er zitten een paar zeer schokkende hoofdstukken in en onze fractie wil benadrukken dat wij dit zeer zorgelijk vinden voor onze jeugd. De voorzitter: Oké dank u wel. Wethouder. De heer De Vries: Ik wil en kan eigenlijk van alles nu zeggen. Ik ga het niet doen, ik laat het maar bij uw constatering. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Rieter heeft nog een vraag. De heer Rieter: Ja dank u wel, voorzitter. Gaat over amendement Lokaal Sterk Voorbereidingskrediet sportaccommodatie Mierlo-Hout. Een tweetal vragen. De eerste vraag is eigenlijk een vervolg van de vraag die mijn collega eerder heeft gesteld, is de onderbouwing. Mevrouw Spierings gaf in ieder geval al aan dat ze in ieder geval met de ambtenaren en dergelijke, kunt u daar wat meer duiding op geven? Ik begrijp ook dat met u geschakeld is. En het tweede wat ik wil vragen aan u is: in de begroting is nu opgenomen PM van 2025, Pro Memorie, dus dat dat nog niet duidelijk is welke kosten zijn.
Kunt u dat ook wat duiden en waarom dat zo is opgenomen in de begroting in relatie tot dit amendement? Dank u wel.
De voorzitter: Wethouder. De heer De Vries: Dank u wel, voorzitter. Ja, het bedrag. Het is eigenlijk, het klopt precies zoals mevrouw Spierings het zegt. We hebben een aantal projecten bekeken waar een voorbereidingskrediet wordt aangevraagd en dit bedrag zegt men dat dat voldoende moet zijn om de ontwikkeling op gang te brengen. U moet denken aan architecten, verkeerskundigen, bouwdingen, alles hoort daarbij. Dus dat bedrag hoort daarbij. Uw tweede vraag, die ben ik even kwijt. Mijn excuus. De heer Rieter: Dat is PM. De heer De Vries: Ja, daar stond een PM-post en het is zoals ook Lokaal Sterk aangeeft: volgend jaar kunnen we ook nog gebruik maken van onze BOSA-regeling en het zou zonde zijn als we deze BOSA-regeling laten passeren. Uiteindelijk zou er een onderzoek en zou die PM-post toch ingevuld gaan worden gedurende het jaar. We trekken dat nu naar voren, zodat we straks ook een duiding kunnen geven aan dit bedrag en wat dat uiteindelijk gaat betekenen en dan kunnen we daar ook de BOSA-regeling in meenemen. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dank u wel wethouder. Dan zou ik met uw goedvinden door willen gaan naar wethouder van Lierop. Wethouder Van Lierop, aan u het woord. Mevrouw Van Lierop: Dank u wel, voorzitter. U heeft voor mij aanvullende vragen en er zijn moties en een amendement ingediend en daar ga ik graag op in. Ik begin bij 50PLUS.
U refereerde namelijk naar een artikel in de krant van afgelopen zaterdag en ik ben net zoals u blij met deze aandacht voor ouderen, want het project Praten over later, waar ook het CDA naar refereerde, werd afgelopen week door KBO St. Lucia uitgerold in Brandevoort als pilot, weliswaar onder een andere naam: Oog voor elkaar. Het gaat over welzijn, zorg en vooral over bewustwording. Want sommige dingen kun je als je in derde levensfase zit alvast eens met elkaar bespreken. Niet alleen rondom de mogelijke zorg door je kinderen, familie, vrienden of buren. Het kan om veel meer gaan dan dat. D66 noemde het belang van investeren in sociale netwerken voor mensen die ouder worden. Dat is niet alleen belangrijk om eenzaamheid te voorkomen, maar ook omdat de professionele zorg schaarser wordt. Vele jonge en vitale ouderen zijn zich hier nog niet onvoldoende van bewust. Niet alleen ouderen beschikken over een sterk sociaal netwerk. Ik zie nog heel veel ouderen die zelfredzaamheid definiëren als: ik moet het allemaal zelf in mijn eentje redden en dat is nu net niet wat we bedoelen. Zelfredzaam zijn betekent ook dat netwerk op orde krijgen en durven vragen te stellen en om hulp te vragen en hulp aan te bieden aan anderen. Ik zie project Praten over Later daarom ook grote kansen voor de rest van de stad en we ondersteunen dat van harte en gaan daarmee door in de komende jaren.
In januari starten we in Stiphout. Over de motie die 50PLUS indiende over deelname aan global network age friendly City's and communities, nummer zestien. Ik begrijp de denklijn van deze motie. Ik hoor sommigen van u misschien denken: wat moeten we met een internationaal netwerk? Staat dat niet heel ver van onze Nederlandse praktijk? Ik denk dat het goed is als we met elkaar de verwachtingen helder hebben. Want aansluiten bij dit netwerk betekent niet dat we onze eigen kennisinstituten aan de kant schuiven. Ik zie het als een aanvullend gremium waar we informatie kunnen ophalen en die we misschien met een vertaalslag ook bruikbaar kan zijn voor ons Helmond. We hoeven niet altijd het wiel uit te vinden, maar ik denk dat het leerzaam is ons daarom daarbij aan te sluiten en daarom zou ik deze motie graag willen omarmen. Dan ga ik naar erfgoedbeleid en de carnavalsbouwval. De erfgoedvisie is vorige week vastgesteld, unaniem. Het is superfijn dat die door uw raad en door inwoners zo goed is ontvangen. Daar heb ik echt het gevoel dat we het samen doen. Er staan een heleboel acties op het programma om ons materiële en immateriële erfgoed nog beter te borgen. We gaan samen met inwoners verder met ons erfgoed om ervoor te zorgen dat we het verleden bewaren, gebruiken en doorgeven aan toekomstige generaties. Wat zeker ook onder erfgoed valt, is carnaval. Ik refereer dan aan de
motie van Helder Helmond, VVD en CDA over de carnavalsbouwhal, nummer dertien. Ik onderschrijf de argumenten over het belang van carnaval en carnavalswagens als onderdeel van de carnavalstraditie. Daar voeg ik graag aan toe dat samen wagens bouwen ook zorgt voor verbinding, sociale cohesie tussen inwoners. Dat is heel waardevol. Carnaval wordt door mijnheer Manders volkscultuur genoemd en hij benadrukt het belang daarvan voor onze stad. Dat onderschrijf ik en ik vind dat ook bij uitstek een voorbeeld van immaterieel erfgoed. Dat moeten we koesteren. Ik ken het probleem dat er steeds minder bouwlocaties zijn. De vraag is wel of dat de enige reden is waarom er steeds minder praalwagens worden gebouwd. Mogelijk verandert de manier waarop carnaval gevierd wordt. Passen praalwagens daar steeds minder bij? Is één van de vragen die dan bij mij opkomt. Hoe zien carnavalsverenigingen en onze inwoners de toekomst van carnaval in onze stad? Op dat soort vragen is eerst antwoord nodig om te bepalen of een bouwhal de oplossing is. Dat is dus een bredere onderzoeksvraag dan waar in de motie op wordt aangestuurd. Ik betwijfel of we faciliteren van een bouwhal volledig de verantwoordelijkheid van de gemeente is of moet zijn, zeker gezien alle klussen die bij onze cultuurmedewerkers al liggen. Ik zie onze rol wel als ondersteunend aan de carnavalsverenigingen.
Ik wijs graag op de sympathieke oproep van de heer Heller van Forum voor Democratie gisteren op de weblog van Helmond, waarin hij Helmonders vraagt zich te melden als ze weten van mogelijke bouw- en opslagruimte voor praalwagens. Wie weet wat dat oplevert? En inderdaad, mijnheer Manders, ik kan me voorstellen dat sponsoren daar ook een bijdrage aan kan leveren en dat is co-creatie bij uitstek. Morgenavond ga ik met de carnavalsverenigingen meekijken naar een bouwhal voor carnavalswagens in Cranendonck. Daarna zal ik ook een gesprek hebben om te horen hoe de verenigingen één en ander willen organiseren op zo'n manier dat alle verenigingen uit onze gemeente er gebruik van kunnen maken. Dan hoor ik ook graag wat zij daarvoor nodig denken te hebben en wat er door henzelf georganiseerd kan worden en hoe zij de rol van de gemeente daarbij zien. Dan kan ik dat ook met het college bespreken. Nu terug naar de motie. Een onderzoek zoals gevraagd is nogal veelomvattend. We hebben deze expertise niet in huis en bovendien hebben we een probleem met capaciteit. We zouden dus moeten kijken intern of extern eventueel een partij moeten inhuren of wie dat dan gaat doen. En onder die voorwaarde kan ik de motie omarmen. Dan is er ook nog een voorstel van het CDA voor een amendement met betrekking tot gelden voor een carnavalshal. Amendement A.
Ik denk dat we als gemeente niet de ambitie moeten willen hebben om eigenaar of verhuurder van een bouwhal te worden en we moeten denk ik ook niet financieel garant willen staan voor eventuele tekorten die carnavalsverenigingen hebben of krijgen. Een stichting die als huurder en verhuurder kan optreden van een carnavalshal is iets voor de carnavalsverenigingen zelf. Ik ontraad daarom dit amendement. D66 vraagt in haar bijdrage hoe we in Helmond sociale cohesie kunnen faciliteren. Daarbij doet u zelf de voorzet dat u wil inzetten op cultuur, verenigingen en andere plekken om te ontmoeten. Elkaar ontmoeten bij culturele en sportieve evenementen, groot en klein, zorgt op zichzelf al voor verbinding. Vanuit cultuur zijn er ook nog cultuurverbinders bij Cultuurcontact, juist om die verbinding en sociale cohesie tot stand te brengen. Een mooi voorbeeld daarvan is ook het recentelijk gestarte Young, een jongerencommunity voor en door jongeren die zich hardmaken voor cultuurbeleving in Helmond. En dit initiatief is mogelijk gemaakt vanuit de gemeente en is door de vijf grote instellingen geïnitieerd. Door dit soort initiatieven en andere wijkevenementen te omarmen en te stimuleren bouwen we aan sociale cohesie.
Andere wethouders noemden net ook initiatieven die de sociale cohesie bevorderen in wijken en buurten, zodat de focus die er is op aandachtswijken op wijkaccommodaties, bij het opnieuw inrichten van de openbare ruimte en bij de sportverenigingen. Ontmoeten is steeds een belangrijk uitgangspunt. De Cacaofabriek. De VVD vraagt of het bestuur van de Cacaofabriek schriftelijk heeft gereageerd op het niet doorgaan van de fusie en vraagt om die reactie te mogen zien. Wat ons betreft kan dat, maar we moeten daarvoor eerst toestemming vragen aan het bestuur van de Cacaofabriek. Ook vraagt VVD welk extra subsidiebedrag is voorzien voor Cacaofabriek door het niet doorgaan van de fusie. Daarop kan ik nu nog geen volledig antwoord geven. Cacaofabriek heeft recentelijk een meerjarenplan en begroting aangeleverd. Die stukken gaan ervan uit dat Cacaofabriek alleen verder gaat. Deze stukken moeten deels nog beoordeeld
worden. We kunnen de hoogte van de subsidie nu nog niet noemen. Wel is duidelijk dat de Cacaofabriek voor 2024 een hoger subsidiebedrag vraagt dan voor 2023. Dan zijn er nog kosten te verwachten vanwege het niet doorgaan van de fusie. Daarover zijn we nog in gesprek. Zoals ik in de commissie aangaf hopen we dat op korte termijn in goed overleg met de Cacaofabriek af te ronden. Daarna informeer ik uw raad daarover. Dan gaan we naar de motie Muziekonderwijs op de Helmondse basisscholen, nummer zeventien. Muziek in de klas is om allerlei redenen belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Leerlingen leren niet alleen de intrinsieke waarde van muziek kennen, maar ze gaan er ook beter van leren. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat kinderen door muziek beter in staat zijn om de aandacht te richten en om empathisch en sociaal te zijn. Al zingend en musicerend maken leerlingen niet alleen kennis met de intrinsieke waarde van muziek, maar gaan ze hier dus ook beter van leren. Die effecten van muziek in de klas blijken extra groot voor leerlingen uit achterstandsgezinnen. En ook kinderen met taal en leesproblemen hebben extra baat bij muziek. Om al deze redenen zou ik de ingediende motie graag willen omarmen, waarbij ik wel aanmerk dat we moeten bezien uit welk programma de dekking hiervoor moet komen. De motie Afval.
Helder Helmond vraagt naar de reden van de kostenstijging van afval. De tarievenverhoging van 8,5 procent komt vooral door de stijging van de brandstofprijzen, de personeelskosten en de verwerkingstarieven. Het verwachte aantal ledigingen gaat per aansluiting gemiddeld omlaag van acht naar zeven. Dat scheelt in de kosten van inwoners. Helder Helmond vraagt in haar motie over Bekostingstructuur afvalinzameling, nummer negen, een aantal dingen. Wat punt één betreft, bij de invoering van diftar hebben we gekozen voor een hoog vastrecht om de vaste kosten van de gemeente te dekken en we kozen voor een lager bedrag per lediging van de grijze container en geen kosten voor de overige stromen, waaronder gft. Hiermee is de kans op ongewenst gedrag het laagst. En we halen toch de doelstellingen die uw raad destijds vaststelt, namelijk 75 procent hergebruiken in 2025. We zijn goed onderweg, en het voorkomen van het ongewenste gedrag. Daarbij moet ik wel aangeven dat toezicht en handhaving daarbij van belang is. De invoering van diftar heeft een zogenaamd inleereffect. Diverse jaren na de invoering blijft het scheidingsgedrag van de bewoners stijgen. Dit zien we ook terug in de cijfers. Met de invoering van diftar in 2024 bij de hoogbouw wordt naar verwachting nog minder restafval aangeboden en zullen er meer herbruikbare stromen zijn.
In de loop van 2025 zal er, zoals afgesproken met de gemeenteraad, een evaluatie komen van de invoering van diftar bij de laag- en bij de hoogbouw. Hierbij wordt ook gekeken of extra prikkels, zoals een tariefsverhoging per lediging, een frequentiedaling et cetera, ingezet moeten worden om een betere scheiding te realiseren. Het is verstandig om het inleereffect in de laagbouw en de invoering in de hoogbouw eerst te laten uitwerken. Punt twee ging over het opnemen van de facturering van een aantal ledigingen op de aanslag van de BSOB, Belasting Samenwerking Oost-Brabant. In Helmond kiezen we ervoor zelf de gemeentelijke belastingen te factureren. Betalen kan overigens ook in termijnen. Er is gekozen de ledigingen op een aparte factuur in rekening te brengen in januari en deze niet op het voorschotfactuur voor de afvalstoffenheffingen voor 2024 op te nemen. Het voordeel daarvan is dat je als inwoner echt wordt geconfronteerd met je eigen scheidingsgedrag en dat dat niet erg verstopt zit in een grote factuur. Daar sta ik nog steeds achter. Punt drie gaat over het goed monitoren van het systeem met betrekking tot de registratie van het daadwerkelijk aanbieden van afval in de verzamelcontainers. Laat ik duidelijk zijn, dit gebeurt al maandelijks.
Bij de ondergrondse containers zijn diverse technische snufjes ingebouwd om bewoners geen afvalzakken te laten betalen die niet zijn aangeboden. Hierover hebben wij uw raad via antwoorden op eerdere technische vragen al uitvoerig verslag gedaan. Om al deze redenen vind ik dat de motie onnodig is, dus daarom ontraad ik deze. Bij deze mijn bijdrage. De plaatsvervangend voorzitter: Ik zie de hand van mevrouw Spoek en mevrouw Maráczi. De heer Boetzkes, de heer Vervoort, de heer Van de Werff. Eerst mevrouw Spoek.
Mevrouw Spoek-Van Dinther: Ja, dank u wel voorzitter. In 2025 wordt diftar geëvalueerd hoor ik, dus ik zal nu niet te uitgebreid hier verder op ingaan. Vorig jaar heb ik al zeer uitgebreid bij diftar stilgestaan. Maar ik ben wel benieuwd, want als we in 2025 gaan evalueren, ik hoor dat de doelstellingen zouden zijn 75 procent hergebruik en daarbij hoor ik de wethouder zeggen: wij zijn goed op weg. Hoe goed zijn wij dan op weg? Of gaan we in 2025 controleren dat we daar toch nog lang niet zijn, want hoe ver zijn we dan? Mevrouw Van Lierop: Daar kan ik concreet het antwoord op geven. We zitten nu op 65 procent en we gaan naar de invoering in hoogbouw, dus we verwachten inderdaad die 75 procent te kunnen halen. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, nog even een vraag over motie dertien. U omarmt deze motie had ik begrepen, of u reageert positief, maar u zegt ook er vanzelfsprekend bij: we hebben daar geen capaciteit voor. Is het dan bijvoorbeeld dat we daar iemand voor in moeten huren? Mevrouw Van Lierop: Ja, mevrouw Maráczi. We gaan eerst intern kijken, inderdaad waar daarbij onze mogelijkheden liggen. En als dat niet kan, dan houdt het in dat er een extern bureau inderdaad in beeld gaat komen.
Mevrouw Maráczi: En gaan wij daar dan verder nog over de kosten of gaat dat dan gewoon gebeuren? Mevrouw Van Lierop: Wat zegt u? Mevrouw Maráczi: Dan gaan wij niet nog een keer terugkomen van wat het kost, dus dan gaat dat gewoon in gang gezet worden? Mevrouw Van Lierop: Als u wilt dat wij dan inderdaad terugkomen naar de raad komen we daarvoor terug. Mevrouw Maráczi: Ja, oké. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Ja voorzitter, dank u wel. Allereerst natuurlijk dank voor het om omarmen van deze motie en u noemt de voorwaarde dat in- of extern, nou mocht dat extern nodig zijn, doe dat vooral. Volgens mij heeft u als college gewoon een bepaalde bevoegdheid om dat soort dingen ook te doen. Laten we dan niet meteen weer terugkomen bij de raad, want ik denk dat het gewoon belangrijk is dat dat onderzoek gaat gebeuren om antwoord te geven op een aantal vragen. En om u misschien een stukje mee te geven. Een centrale onderzoeksvraag die wij daar wel eens bij zouden willen stellen, en ik zal hem u zeker nog wel even delen, samen met een aantal deelvragen die wij met de opstellers van die motie ook hebben opgesteld.
Om echt te richten op: hoe kan een bouwhal voor carnavalswagens in de gemeente Helmond gerealiseerd worden met steun en betrokkenheid vanuit de gemeente Helmond en Helmondse carnavalsverenigingen? Dus de vraag, en zo stellen we hem ook in de motie, is echt gericht op: hoe kunnen we dit realiseren? En ik wil ook nog even kort reageren op uw opmerking waarin u de suggestieve vraag stelt of carnavalswagens er nog bij horen in deze carnaval. Ik wil daar graag antwoord op geven, maar ik stel voor dat u die vraag morgen aan de carnavalsverenigingen stelt waar u mee bent en ik denk dat we allebei weten wat het antwoord daarop zal zijn. Maar nogmaals, dank voor de steun van deze motie die wij ook zeker straks in zullen dienen. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Van Lierop.
Mevrouw Van Lierop: Als het gaat inderdaad over het onderzoek dan ja, dat wordt dus omarmd. En hoe te realiseren, die vraag zal ik morgen zeker stellen aan ze. Ja. En hetzelfde geldt voor de carnavalswagen. De plaatsvervangend voorzitter: Dank u wel. De heer Vervoort. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. We hebben vorige week gehoord van één van de bouwploegen die geen ruimtes hebben. Daar was ons noodamendement ook eigenlijk voor bedoeld. Niet alleen voor de Goudblinkers, maar zo zijn er nog meer bouwgroepen die niet vooruit kunnen. Op het moment, u geeft aan vanuit ons hier: ik ontraad dit amendement. Maar als een bouwploeg morgen komt vanuit hier: ik heb hier een halletje gevonden wat niet al te duur is. Kunt u ze dan op één of andere manier helpen? Ik vraag u: wat is uw mandaat als college. Kan u een besluit nemen, ik noem maar iets, dat 1000 euro, 5000 of 10.000 euro om deze mensen toch te helpen. Want het zal gruwelijk zonde zijn als bouwploeg die door ruimtegebrek niet verder kunnen dadelijk stoppen met het bouwen van praalwagens. Want dat is toch wel denk ik onze toekomst betreft de carnavalsoptocht. En kunt u dan die bouwploeg op één of andere manier positief met een subsidie eigenlijk vlug genoeg helpen, want over een maand zitten wij hier, dan is het december, maar dan is het alweer bijna carnaval en dan hoeven ze niet meer te bouwen, want dan is het te laat.
Dus echt: heeft u mandaat om snel te handelen om ze tegemoet te komen en bent u daar ook bereid toe? De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Van Lierop, wethouder Van Lierop. Mevrouw Van Lierop: Mijnheer Vervoort, ik herhaal dan datgene dat we er niet voor zijn om financieel garant te staan voor de eventuele tekorten die er zijn. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Vervoort. De heer Vervoort: Ik vraag geen garantie, ik vraag gewoon een kleine bijdrage zodoende dat ze toch kunnen gaan bouwen. Er zijn diverse verenigingen die op tal van activiteiten en evenementen, pak hier het huis van Sinterklaas. Prima initiatief en je krijgt een behoorlijke subsidie, terecht. Daar wil ik helemaal niets aan afdoen. Maar zo zijn er ook andere groeperingen die een kleine bijdrage vanuit subsidiemogelijkheden te krijgen. Dus geen garantstelling, maar een bijdrage in de totale kosten. De plaatsvervangend voorzitter: Wethouder Van Lierop. Mevrouw Van Lierop: Ik blijf bij mijn punt inderdaad, wat ik al heb aangegeven. De plaatsvervangend voorzitter: Oké. Ik zie een interruptie van mevrouw Meulenbroek en van mevrouw Maráczi. Mevrouw Meulenbroek: Ja wethouder, ik raak een beetje confuus. Want we hebben het over kleine bijdrages. Nou, volgens mij hebben wij diverse subsidiepotten. Is carnaval ook een evenement.
Dus als de wagenbouwers aan zagen komen dat ze een kleine bijdrage tussen haakjes nodig hadden, waarom is dan niet volgens de reguliere weg subsidie aangevraagd? Heeft u daar enig idee van of kunt u dat morgen ook meenemen, want ad hoc kleine bijdrages doen, dat lijkt me een beetje een vreemd proces. De plaatsvervangend voorzitter: Wethouder.
Mevrouw Van Lierop: Als het gaat om subsidieaanvragen, dan kan de reguliere weg gewoon bewandeld worden. Dus dat zou het probleem niet zo moeten zijn. Maar ad hoc een aanvraag en dan aan tafel komen, dat gaat niet. Nee. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Van de Werff. De heer Van de Werff: Ja, dank u wel voorzitter. Mevrouw Van Lierop, het gaat over de motie muziekonderwijs die u omarmt. Ten eerste, mevrouw Wijnands had het over een duwtje en wat ons betreft hoeft dat duwtje niet, want er wordt al heel veel aan gedaan aan die duwtjes, vanuit diverse gremia. Wij ondersteunen het idee van harte, alleen we hebben toch twee bezwaren. Ten eerste de opmerking: scholen krijgen alles binnengeduwd als het er een probleem is. Die hebben het hartstikke druk en personeelstekort. En deelt u de zorg dat het geen doorlopende leerlijn is, want in het middelbaar onderwijs brokkelt het, net zoals tekenen en handvaardigheid, langzaam af en verdwijnt het uit de scholen. De plaatsvervangend voorzitter: Wethouder. Mevrouw Van Lierop: Als het gaat om scholen en dat ze alles binnengeduwd krijgen en dat ze het heel druk hebben. Klopt. Maar van de andere kant geldt ook dat voor scholen en vooral voor leerlingen het belang voorop dient te staan. En voor hen geldt dat zij met muziek, met dat onderwijs, ook veel verder kunnen komen. En als het gaat om de doorlopende leerlijn die u aangeeft.
We starten op de basisschool en na het voortgezet onderwijs, daar wordt culturele vorming aangeboden en een school staat daarin vrij om daar eigen invulling aan te geven. Dus daar zou de doorlopende leerlijn terug kunnen komen. De plaatsvervangend voorzitter: Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, ik kwam toch nog even terug op dat onderzoek, want nu was er heel verbaasd gedaan dat we dan eventueel terugkomen bij de raad. Maar aan de ene kant zeggen we: het is eigenlijk geen taak van de gemeente. Dus we gaan niet zomaar geld geven. Maar dan een onderzoek, ja ik heb geen idee wat het gaat kosten en zeker niet als een extern bureau ingehuurd moet worden. En dan denk ik: ja, daar mogen we dan toch ook nog voordat we dat gaan beslissen, denk ik toch wel iets over te zeggen hebben? Dus ik vind het eigenlijk een beetje raar dat er nu heel gek gedaan wordt alsof dat iets heel raars is. Niet zozeer tegen de wethouder, maar eigenlijk bij mijn collega's. Want dan, ja als die inhuur eigenlijk, ja dan niets voorstelt, ik weet niet hoeveel dat gaat kosten. Dan kunnen we ook zeggen: dan geven we zomaar toch maar even een bedrag aan alle carnavalsverenigingen. Dus ik zie het verschil eigenlijk niet zo goed. De plaatsvervangend voorzitter: Wethouder, wilt u daarop reageren? Mevrouw Van Lierop: Volgens mij is het een vraag aan de raad. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Boetzkes.
De heer Boetzkes: Ja voorzitter, ik wil er best even kort op reageren. Ik denk dat er helemaal niet raar over wordt gedaan, laat ik dat vooropstellen. Er wordt hier een onderzoeksvraag gesteld, een vraag naar onderzoek om te kijken wat daar nodig is. Ook dat is niets vreemds, geloof ik. Doen we vaker als raad. En in dit geval heel specifiek op een bepaald onderwerp en zoals ik ook al eerder aangaf, maar dat kan de wethouder misschien beter beantwoorden, is er een bepaalde vrijheid voor de wethouder om externe middelen aan te wenden waar dat nodig is. Ik zeg uit mijn hoofd dat het tot 50.000 euro is. Ik zou dat overigens veel geld vinden voor
dit specifieke onderzoek, en misschien kan het wel intern gedaan worden, dan is dat niet nodig. Dus in die zin: niets vreemds, niets raar, wordt ook niet raar over gedaan. Volgens mij een hele duidelijke motie. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter: Dank u wel. Wethouder, nog iets aan toe te voegen? Mevrouw Van Lierop: Nee, ik denk dat wat de Boetzkes aangeeft, dat dat duidelijk is. We zullen wel informeren inderdaad wat de stand van zaken is. Dan wordt u als raad daar ook in meegenomen. De plaatsvervangend voorzitter: Dank u wel. Was u klaar met uw betoog? Mevrouw Van Lierop: Ja. De plaatsvervangend voorzitter: Dan geef ik nu het woord aan wethouder Bonte om zijn beantwoording van de gestelde vragen te gaan vertellen. De heer Bonte: Voorzitter, een sterker Helmond voor iedereen. De fameuze titel van het coalitieakkoord is vandaag al vaak aangehaald. En een sterker Helmond voor iedereen betekent ook een groener Helmond voor iedereen. Daarom ben ik blij dat veel van u ook behartenswaardige woorden heeft gesproken over de vergroening van de stad en de verduurzaming waar we als college op in willen zetten. De verduurzaming, maatregelen die we daar voorstellen, de stappen die we zetten op de mobiliteitstransitie, en in zijn algemeenheid het vergroenen en verfraaien van de gemeente.
Ik ben blij dat daar ook brede steun voor is, want dat zijn de zaken die we het komende jaar en de komende jaren ook extra op gaan pakken. Onder andere waar het gaat, en dan kom ik bij de bijdrage van de heer Tuerlings, over het inzetten op het tegengaan van hittestress en wateroverlast, en ook het voorkomen van droogte. Dat zijn zaken waar we onder andere in het uitvoeringsprogramma Klimaatbestendig Helmond ook concrete stappen in gaan zetten. De heer Tuerlings: Voorzitter? De voorzitter: De heer Tuerlings. De heer Tuerlings: Ik wilde de wethouder erop wijzen om vooral biodiversiteit ook niet te vergeten. De heer Bonte: Er stond een komma, want dat uitvoeringsprogramma Klimaatbestendig Helmond is niet het enige waar we op in gaan zetten. We zijn op dit moment bezig, en daar komen we in de eerste helft van het komende jaar ook met u over te spreken, volgens mij is zelfs al een opiniecommissie ingepland in uit mijn hoofd februari, over de natuur- en landschapsvisie, de natuur- en landschapsvisie Groen en Gezond Helmond. En een aantal van u, ook de heer Van den Boogaard, die heeft aangegeven: vergroening van niet alleen het centrum, maar ook van de wijken is belangrijk. En wat we daar willen doen is een aantal van de positieve effecten van vergroening aan elkaar knopen.
Eén daarvan is natuurlijk die klimaatadaptatie, maar groen zorgt ook, en volgens mij noemde de heer Van den Boogaard dat expliciet, ook voor een gezondere stad. Dus die gezondheidsaspecten zijn heel belangrijk, maar uiteraard ook die biodiversiteit. Dus we proberen die verschillende aspecten zo goed mogelijk bij elkaar te brengen, zodat de investeringen die we doen in de vergroening ook op al die aspecten zoveel mogelijk effect heeft. En overigens ook, want mevrouw WillemsKardol, die gaf als spin-off, ik geloof dat ze nu even over andere onderwerpen in gesprek is, maar zij gaf als … Ik had het over uw vraag in de spin-off over het begraven. Want u noemde het natuurbegraven als één van de opties die wellicht ook in behoeftes in de gemeente voldoet. Ik zou dat ook wel een interessant aspect vinden om in die natuur- en landschapsvisie die we met elkaar aan het ontwikkelen zijn om te kijken of er ook plekken
zijn, want we gaan nieuwe natuurgebieden, ook in Helmond, gaan we ontwikkelen. Of hier ook behoefte aan is en of we daar ook een plek voor kunnen vinden. Dus daar komen eigenlijk al die aspecten die ook door u hier naar voren zijn gebracht, die komen daar samen en nogmaals in uit mijn hoofd januari of februari hebben we een opiniecommissie georganiseerd waar we u graag meenemen in de ambities die we hebben, maar ook de input van uw kant op willen halen. De heer Manders, die heeft twee moties ingediend. De eerste motie gaat over het asociaal gedrag in het verkeer, geen ruimte voor asociaal gedrag in het verkeer en u roept het college open om een inventarisatie te doen bij andere gemeenten en op andere plekken welke maatregelen wij zouden kunnen treffen om dat asociaal gedrag tegen te gaan. Ik vind dat een goeie suggestie. We zijn op dit moment bezig met het ontwikkelen van een actieplan Verkeersveiligheid en één van de aspecten is ook het aanpakken van asociaal gedrag. U noemde als voorbeeld in uw motie een succesvolle aanpak in Hilversum, dus daar willen we ons graag in verdiepen. Kijken of dat hier ook toepasbaar is en wellicht zijn er ook nog andere methoden om aan de slag te gaan. Dus motie nummer twee zou ik graag willen omarmen. Dat geldt niet voor uw motie nummer vier, hoewel die heel sympathiek klinkt.
De motie participatie alle bewoners Brandevoort, om die te betrekken ook bij de ontwikkeling van BSD in plaats van, noemt u in de motie, alleen via de wijkraad Brandevoort. Wij zijn nu bezig met, zoals u weet een … We krijgen even een mededeling tussendoor. Nou, volgens mij kan ik doorgaan met de beantwoording. De voorzitter: Ik wist niet meer hoe het werkte, sorry. De heer Bonte: Nou, de voorzitter heeft de techniek weer onder controle zo te zien. De voorzitter: U vervolgt uw betoog. De heer Bonte: We zijn op moment bezig, zoals u weet, met het uitwerken van een nieuwe koers voor de BSDontwikkeling. Daar komen we ook op korte termijn met elkaar over te spreken in een opiniecommissie. We betrekken daar ook de stakeholders heel nadrukkelijk bij. Uw motie gaat een stuk verder, want u zegt eigenlijk: alle inwoners van Brandevoort betrekken. Dat is wel heel ingewikkeld. Zo’n wijkraad als vertegenwoordiger is een goede gesprekspartner en natuurlijk zullen er, mits u ook zegt: nou die koers die is ingezet, dat is een goede. Natuurlijk zullen er ook bijeenkomsten komen waarop alle belanghebbenden hun inbreng kunnen leveren. Maar de actieve participatie, ja die doen we toch via de vertegenwoordigers, onder andere uit de wijkraad. De voorzitter: Mevrouw Willems. Mevrouw Willems-Kardol: Voorzitter, dank u wel.
Ons is te horen gekomen dat aanstaande donderdag er een bijeenkomst is voor stakeholders voor BSD, om juist dan ook input te geven. Overigens een beetje bijzonder dat dat voorafgaand is dat de gemeenteraad wordt geïnformeerd, maar dat terzijde. Oorspronkelijk was het ooit de bedoeling dat er bewoners van Brandevoort ook werden meegenomen. Daar hebben we nog een bijeenkomst voor gehad in de school. Daar zouden Brandevoorters ook worden uitgenodigd. Dat is last minute niet doorgegaan. En wat de oproep is van deze motie. Kijk natuurlijk, alle Brandevoorters, dat is het niet. Maar wel degenen die er graag over willen meedenken, die de gelegenheid te bieden en dat ook actief uit te vragen. Dat is de intentie van de motie. De voorzitter: Ja. Wethouder Bonte. De heer Bonte: Nou kijk, als het gaat over iedereen die mee wil denken ook de mogelijkheden bieden om mee te denken in het proces, ja die zullen er op enige momenten in het proces zijn. Maar in de motie staat
letterlijk: alle inwoners. Volgens mij staat het zelfs in de titel. En u schrijft ook allerlei instrumenten voor, zoals een digitaal platform en zulk soort zaken. Dat vind ik, zeker op dit moment, te ver gaan. Dus we willen ook vaart maken en onder andere op die bijeenkomst aanstaande donderdag. Dus daar hebben we de stakeholders die in de aanloop naar BSD ook betrokken zijn geweest, die betrekken we ook bij de stappen die we in de komende maanden zetten en we komen daar snel met u ook over te spreken. U bent al geïnformeerd ook in een raadsinformatiebrief en we gaan daar over twee weken met u ook verder het gesprek over aan en hoor ik ook graag uw input bij het proces en bij de inhoud. De voorzitter: Tot slot. Mevrouw Willems-Kardol: Ja, voorzitter. Als het woordje alle is, dan ben ik best bereid het woordje alle te schrappen als u dan wel deze motie wilt omarmen. Maar de vraag is: hoe wilt u dan de huidige bewoners van Brandevoort wel de gelegenheid geven om mee te denken bij de afbouw van hun wijk? De voorzitter: Wethouder. De heer Bonte: De fase waar we nu inzitten, is het uitwerken van de nieuwe koers die het college wil inzetten voor de wijk. En daar werken we toe naar een moment waar u als raad daar ook een besluit over neemt. Dus dat zal waarschijnlijk ergens in maart zijn. En dat is wat we nu met de betrokken stakeholders doen.
Dan leggen we u een voorstel voor en als u daarmee akkoord bent, dan zullen we die nieuwe koers verder uitwerken naar een omgevingsplan en in dat traject van tussen uw besluit en het uitwerken naar dat omgevingsplan. Ja, daar lijkt het me heel logisch dat ook mensen die nu in Brandevoort wonen en daar een opvatting over willen ventileren, daar ook een plek in krijgen. De vorm waarin wil ik graag dan ook met u bespreken. En daar vind ik deze motie echt veel te detaillistisch voor en te veel al voor de muziek uitlopend. Maar ik stel u voor om op dat moment dan met elkaar ook van gedachten te wisselen of de participatie, want dat zal een onderdeel van het voorstel zijn, participatievoorstel wat wij dan u voorstellen of dat voldoet of niet. En dan heeft u natuurlijk altijd nog de mogelijkheid om een motie in te dienen. De voorzitter: Tot slot, mevrouw Willems. Mevrouw Willems-Kardol: Dank u wel, voorzitter. Ik werd zojuist even geattendeerd door mijn collega’s hiernaast dat sprak over alle Brandevoorters en een online platform. Dat staat allemaal niet in de motie. Dus ik denk dat u twee moties wellicht door elkaar haalt. Dus mijn vraag is toch even om dadelijk nog even goed het dictum van de motie te lezen en kijken wat u daar vindt, want het geeft alleen de gelegenheid aan Brandevoorters, huidige bewoners, om te participeren.
De heer Bonte: De versie die ik heb gehad, die spreekt onder andere ook over een digitaal platform en ik zie uw collega dat bevestigen. Dus mijn voorstel is: houdt de motie nog even aan en dan spreken we daar in februari of maart met elkaar over. Want er zal überhaupt, dus in die zin verschillen we ook niet van mening, iedereen die zich betrokken voelt ook bij de ontwikkeling van het gebied BSD krijgt ook de ruimte. De vorm waarin, het moet wel praktisch blijven. Dus we kunnen niet elke week met alle omwonenden gaan zitten. Dus vandaar dat we in het verleden ook gekozen hebben voor bijvoorbeeld de wijkraad als aanspreekpunt. Maar ik stel voor dat we in maart dan ook met elkaar kijken of het participatietraject, want het zal een onderdeel van het voorstel zijn wat we u voorleggen, of dat voldoet ook aan uw wensen, en anders kunt u natuurlijk altijd nog deze motie of een soortgelijke motie indienen. De voorzitter: Oké, dank u wel. U vervolgt uw betoog.
De heer Bonte: Dan de heer Rieter, die vragen heeft over de bekostigingsafspraken die we over mobiliteit hebben gemaakt en zet vraagtekens bij het voorstel om die 7,5 miljoen in MRE-verband, overigens uitgesmeerd over tien jaar, om daarin mee te gaan. Ik zal een poging doen om u daar wel van te overtuigen. We hebben vorige week uitgebreid met elkaar gesproken over de mobiliteitsvisie en volgens mij was het ook een breed gedragen opvatting in de commissie om als het gaat over mobiliteit, om daar vooral ook in regionaal verband op te trekken. Of dat nou gaat over de Peelregio of dat het gaat over de MRE, omdat de mobiliteitsopgave ook een regionale opgave is. En om succesvol te zijn, ook in het binnenhalen van financiering voor … O, daar krijgen we een ander device wat op hol slaat. Om succesvol te zijn in het binnenhalen van financiering om mobiliteitsambities te realiseren zijn drie dingen belangrijk. Eén is het ontwikkelen van een visie. Dat hebben we hier in ieder geval in Helmond gedaan en dat doen we ook in regionaal verband. Tweede is het vormgeven van een stevige regionale samenwerking. Of dat nou met de Peelgemeenten is of in MRE-regioverband. Dat is een essentiële voorwaarde. En vervolgens ook een stevige lobby hierop te zetten. En die stevige lobby, die is gevoerd. Die heeft ook vanuit het Rijk een hele forse bijdrage deze kant op gekregen.
Er is ook vanuit het bedrijfsleven, en dat is uniek in Nederland dat ook het bedrijfsleven meebetaalt aan mobiliteitsoplossingen, en dat heeft geleid ook tot de afspraak in de 21 gemeenten dat wij als gemeente ook onze bijdrage doen. Nou, dat is opgeteld die 4,7 miljoen, uitgespreid over tien jaar. Zorgt er onder andere voor dat, want een deel van die investeringen of een groot deel van die investeringen die komt terecht in de Knoop XL bij Eindhoven. En dan denk je van ja, betalen wij dan mee aan een station in Eindhoven? Ja dat doen we, maar dat levert ons ook wat op. Als dat station extra sporen krijgt, als wij hier in Helmond of in Deurne ook een wisselspoorvoorziening krijgen, dan kunnen we hier ook de capaciteit op het spoor vergroten. Dus er zitten deels indirecte belangen bij, deels directe belangen. En het is sowieso belangrijk om hier in regionaal verband op te trekken. Want, en daar hebben we het vorige week ook met elkaar over gehad, wij beogen ook vanuit de Peelregio nog een aantal stappen te zetten. Ook investeringen in een N279, in een zuidelijke ontsluiting, in een mobiliteitstransitie hier, in HOV-verbindingen. Nou, dat is een pakket aan maatregelen wat we, zoals we dat vorige week ook met elkaar besproken hebben, wat we in Peelregionaal verband in een transitieagenda uitwerken. Ook daar ontwikkelen we die gezamenlijke visie.
Daar zorgen we dat die samenwerking ook steeds steviger wordt en daar zijn we op de goede weg en vervolgens moet dat ook vertaald worden in een goeie lobby. In dit geval kijken we misschien iets meer naar de Eindhovenkant en dan gaan we ervanuit dat Eindhoven op dat moment ook ons te hulp schiet en een deel van de financiering bij ons terechtkomt. Dus om meerdere redenen is het verstandig om hier samen op te trekken en daar dus ook wat geld voor ver over te hebben. Dan de heer Vervoort. Die geeft aan, ja die vindt het ook belangrijk dat er een plan komt om Helmond in de toekomst bereikbaar te houden. Het voordeel is, dat heeft u, althans uw raad heeft dat vorige week vastgesteld. De mobiliteitsvisie die daar ook een aantal aanzetten toe geeft. Die worden verder uitgewerkt in die transitieagenda, ook samen met de regio. En een belangrijke en die haalt u daar ook uit, is het inzetten op die actieve mobiliteit. Dus voetgangers en fietsers ook meer ruimte geven en dat betekent dus ook in voorzieningen investeren. Gaat betere fietspaden, maar gaat bijvoorbeeld ook om fietsparkeervoorzieningen. Die noemde u ook in uw bijdrage. Of dat, want uw motie ging uit van, een oproep: doe dat nou in elke wijk. Nou, dat zal waarschijnlijk niet het geval zijn. We concentreren wel die fietsparkeervoorzieningen op plekken waar veel fietsers ook naartoe gaan.
Dus het kan een station zijn of dat kan het centrum zijn. Dus in het centrum hebben we ook meer fietsparkeervoorzieningen nodig. We werken dat uit in een fietsagenda die nu de mobiliteitsvisie is vastgesteld, ook de hoogste prioriteit heeft om uit te werken en daar komen we op korte termijn ook met u over te spreken. Dan mevrouw Spierings, die refereerde aan een toezegging die ik heb gedaan in een eerdere vergadering, namelijk … Dat was uw vraag, kunnen sportverenigingen ook meeliften op het gemeentelijke energiecontract? We hebben toen al ook gewisseld dat dat gezien de huidige energieprijzen waarschijnlijk niet voor alle verenigingen, of misschien voor veel verenigingen, niet aantrekkelijk kan zijn. Ik heb even nagevraagd
hoe dat ermee staat. Als het gaat om, en dat was volgens mij ook uw ambitie om het wat te verbreden, dus culturele instellingen, maar ook sportverenigingen. Er zijn zes culturele verenigingen die daar gebruik van maken om mee te liften. Er is de scouting doet dat en één sportvereniging. Dus die maken gebruik van die faciliteit en anderen, ja zal waarschijnlijk ook voor gelden dat of die nog een bestaand contract hadden of dat dat niet gunstig zou zijn. Andere vraag die u heeft gaat over de kwaliteit van het groenonderhoud en daar doet u eigenlijk, of stelt de vraag: zouden de beeldkwaliteitsplannen niet herzien moeten worden? En u heeft ook een aantal vragen over, ja hoe zit dat met die aanbesteding? Het valt u op dat soms verschillende aannemers in één wijk aan de slag gaan. Dat is overigens, want we hebben Helmond verdeeld in een aantal percelen. Dus aan elk perceel is één aannemer toegewezen. Als u opmerkt dat er twee aannemers in één wijk aan de slag zijn, dan is dat vaak een positief teken, want dat betekent dat één aannemer even bijspringt als een andere om wat voor reden dan niet aan de slag kan. Het is niet letterlijk zo dat twee aannemers op één plek aan de slag zijn. Laat onverlet dat uw oproep om richting een nieuwe aanbesteding eens te kijken of we over dat groenonderhoud, want daar heeft u ook vaak over gesproken.
Ik weet dat dat bij inwoners ook een onderwerp is wat hoog op de agenda staat. Dat het me goed lijkt om in de aanloop naar een nieuwe aanbesteding en het nieuwe contract gaat in 1 januari 2025, dus in de loop van volgend jaar gaan we ook de nieuwe aanbesteding opstarten. Dat we een goede evaluatie houden, inclusief ook kijken: hoe ervaren de Helmonders dat nou? Als input voor ook een nieuw programma van eisen, een nieuw bestek naar de nieuwe aanbesteding toe. En dan kunnen de aspecten die u naar voren brengt daar ook goed in meegenomen worden. De heer Mol van 50PLUS, die vraagt vervoersmodaliteiten om ouderen naar het centrum van de stad te brengen. U weet dat de Taxbus, die ook open is gesteld voor niet alleen mensen met een beperking, maar ook mensen die om een andere reden van de Taxbus gebruik willen maken. Dat we daar ook kijken of we dat nog toegankelijker kunnen maken, of we daar bijvoorbeeld het tarief nog wat omlaag kunnen brengen. We werken daar ook samen met de provincie om te kijken of de doelstellingen die zij hebben ook goed matchen met die van ons. Dus zo proberen we ook de behoefte die u benoemt, die vooral ook bij ouderen aanwezig is, die misschien net niet de indicatie hebben om van de Taxbus gebruik te maken, om die Taxbus wel daar toegankelijk voor te maken. Dus ik hoop dat we, ja aan die behoefte op die manier ook goed daarin kunnen voorzien. Even kijken.
Dan ben ik volgens mij aan de laatste motie toegekomen en dat is de motie van de heer Guldenaar die aangeeft: die aanpak energiearmoede, dat moet vooral niet versnipperd zijn, maar die zouden we ook gewoon wijk voor wijk aan moeten pakken. U weet dat we daar als college ook mee bezig zijn. Dat juist het isoleren van woningen, of dat nu gaat om onze kierenjagers die kleine verbeteringen in huizen aanbrengen of een groot isolatieprogramma. Dat we daar ook heel veel van verwachten, omdat je daar niet alleen zorgt dat we ook onze duurzaamheidsdoelen gaan halen, maar dat dat ook iets oplevert voor mensen in de portemonnee. Uw motie geeft daar een extra zet in de rug en adviseert ons ook om kennis te nemen van het rapport van de Nederlandse Vereniging van Duurzame Energie. Dat doe ik graag. En als daar aanknopingspunten voor ons zitten om zelf verbeteringen aan te brengen of om dingen onder de aandacht bij het Rijk te brengen, dan zullen we dat zeker niet nalaten. Dus motie twintig zou ik graag willen omarmen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Ja, dat is dan misschien ook meteen een antwoord op mijn vraag. Want ik had gevraagd hoe het met onze aanpak van energiearmoede stond en of er nog iets extra's nodig was. De voorzitter: De heer Van Aert.
De heer Van Aert: Dank u wel, voorzitter. De wethouder zei net iets over het fietsplan en dan heb ik toch nog een vraagje. Het snelfietspad naar Eindhoven. Er wordt nu volop aangelegd, maar als je in de trein zit, dan zie je ze dat het in Nuenen echt stopt. Weet u al hoe het daar nu voorstaat? De voorzitter: Anderen nog? De heer Koolen. De heer Koolen: Dank u wel, voorzitter. Fijn dat de wethouder de motie voor geen ruimte voor asociaal gedrag in het verkeer omarmt. Ook fijn dat hij hem gaat integreren in het actieplan Verkeersveiligheid. Eén klein aandachtspunt nog. Asociaal gedrag in het verkeer, dat gaat ook over geluidsoverlast en over gedragsbeïnvloeding. Een vraag aan de wethouder of hij dit ook kan meenemen in het actieplan Verkeersveiligheid. De voorzitter: De heer Vervoort. De heer Vervoort: Dank u wel, voorzitter. In mijn bijdrage had ik aangeven dat er 27 gemeentelijke vastgoedeigendommen op de energieladder de letter G meekrijgen. Dus dat is zeer en zeer slecht. Heeft u een plan van aanpak wanneer deze gebouwen op een … O, dan is het bij een andere. Ik had het in ieder geval aangegeven, maar ik vind het ook thuishoren bij energie, dat we 27 gebouwen hebben die een zeer slecht energielabel hebben. Of er een plan van aanpak is wanneer deze gebouw onder handen worden genomen.
En ik begrijp dat dat niet in één dag kan, maar ik zou wel graag een inzicht willen hebben wanneer deze panden verduurzaamd zijn. En ik weet niet bij welke wethouder die hoort. De voorzitter: Daar kom ik zo op. En dan zag ik de heer Van de Werff nog en dan geef ik het woord aan de heer Bonte. De heer Van de Werff: Ja, dank u wel voorzitter. Wethouder, fijn dat u de motie Geen ruimte voor asociaal gedragen in het verkeer omarmt. Zoals u wel of niet weet heeft Helder Helmond ongeveer acht buurtcafés achter de rug en in het buurtcafé was de hondenpoep van het buurtcafé was het hufterig gedrag in het verkeer, met name straten die als racebanen gebruikt worden was ergernis nummer één bij de mensen. Dus wij zijn als Helder Helmond zeer blij dat u deze omarmt. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Bonte. De heer Bonte: Ja voorzitter, dank voor ook die aanbeveling. Dan de heer Koolen, die vraagt ook als het gaat over het aanpakken van asociaal gedrag, gedragsbeïnvloeding is daar een hele belangrijke in. Dat is ook één van de sporen in het actieplan Verkeersveiligheid. Dus die komt daar in bredere zinnen ook in terug, maar we zullen dat ook gekoppeld aan uw motie extra bekijken. Dan de aanpak, mevrouw Maráczi, aanpak energiearmoede. U weet dat wethouder De Vries en ik daar de afgelopen tijd heel hard op hebben ingezet.
Dus dat gaat onder andere ook over het aanpakken van tochtige huizen. Er lekt heel veel energie weg, dat draagt niet bij bij het halen van onze doelstelling om een klimaatneutrale stad te worden. Maar het is vooral ook doodzonde voor de mensen die daarin wonen. Want ja, je energierekening tikt door. Dus dat is wel één van de sporen waar we nog forser op in gaan zetten. Daar hebben we al de afgelopen jaren fors op ingezet, maar daar voeren we nog meer op. Het goede nieuws is dat daar ook vanuit het Rijk gelukkig veel geld voor beschikbaar is en nog meer komt. Dus daar kunnen we ook nog een extra versnelling op zetten. De voorzitter: De heer Tuerlings.
De heer Tuerlings: Ja, dank u wel voorzitter. Ik had in mijn bijdrage ook de vraag gesteld of die meer actieve rol in de opwek van duurzame energie, of die ook gecombineerd kon worden met een grotere rol in de aanpak van energiearmoede en ik proef hier wel enigszins een bevestiging, maar hoe zit dat met die grootschalige opwek? De voorzitter: Wethouder. De heer Bonte: Het is een goede en interessante suggestie. Als het gaat over de effectieve aanpak van energiearmoede, dan staat echt op één het isoleren van woningen. Dus dat zien we als het meest effectieve en ook kan direct wat opleveren. Als het gaat over de opwek van schone energie, is het in zijn algemeenheid al een hele opgave om plekken te vinden om dat te doen. Onze ambitie daarbij is wel dat er ook financiële participatie vanuit de buurt plaats kan vinden en dat er dus ook een deel van de opbrengsten terug kunnen vloeien naar de buurt. Nou, en als dat kan bijdragen, maar nogmaals, dat is niet wat bij ons bovenaan staat in de energiearmoede-aanpak, maar zou daar eventueel aan bij kunnen dragen. Dus ik neem die wel in het achterhoofd mee op het moment dat we met duurzame energie opwekken aan de slag gaan. En dan had ik de vraag van de heer Van Aert nog staan over het snelfietspad Helmond-Eindhoven. Het goede nieuws is dat daar weer beweging in zit, namelijk, want we hebben de afspraak gemaakt.
Tot een aantal jaar terug stopte die echt bij de gemeentegrens van Nuenen, dus midden in het weiland. Wij hebben de afspraak gemaakt met Nuenen: wij nemen als Helmond tot aan de Collse Hoefdijk, dus in het midden van Nuenen, nemen wij de aanleg voor onze rekening en Eindhoven doet hetzelfde van de kant vanuit Eindhoven. Wij zijn vanaf de zomer voortvarend aan de slag met het aanleggen van het fietspad en alles wijst er nog steeds op dat we in ieder geval tot aan die Collse Hoefdijk, dus het deel wat wij als Helmond realiseren, dat we dat voor het einde van het jaar gereed hebben. Dus voor het einde van het jaar kunnen we nog niet helemaal tot aan Eindhoven door, maar wel tot aan het centrum van Nuenen kunnen we op de fiets en de verwachting is, maar dat is inderdaad het project wat Eindhoven trekt, dat volgend jaar dat deel richting Eindhoven wordt gerealiseerd. Dus ja, we komen steeds dichter bij Eindhoven en overigens kan je vanuit het midden van Nuenen ook al via andere routes sneller in het centrum van Eindhoven komen dan dat je nu komt. Dus daar hebben we al een hele flinke hobbel gedaan. Maar uiteindelijk willen we natuurlijk dat dat hele fietspad er eindelijk komt. Maar er zit gelukkig schot in de zaak. De voorzitter: Mevrouw Spoek. Mevrouw Spoek-Van Dinther: Ja, dank u wel voorzitter. Ik zal het kort houden.