Verslag Gemeenteraad 09-02-2021
Tekst van het document
TRANSCRIPT VAN DE RAADSVERGADERING VAN GEMEENTE HELMOND d.d. 9 februari 2021
Agenda 1.
Aanwijzing van een lid als bedoeld in artikel 19 van het Reglement van Orde van de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Helmond 2018. De voorzitter: We gaan beginnen, we gaan van start. Excuus voor het wat vertraagde uitzenden van deze vergadering, of althans, dat wij het zonder geluid moeten doen. Ik heet u allen van harte welkom in deze tweede raadsvergadering van dit jaar. We zitten alweer bijna een jaar in een Covid-crisis en wij zullen ook weer dit keer vergaderen van huis uit. Ook mensen thuis, zou ik u ook van harte welkom willen heten om met ons samen de raadsvergadering bij te wonen. Voor nu zou ik willen vragen om, voordat we beginnen, een moment van stilte en overdenking. Graag een minuutje stilte. Dank u wel. Dan open ik nu de vergadering en wil ik zeggen dat bij aanvang van deze vergadering niemand zich heeft afgemeld, dus iedereen is aanwezig. Dan heb ik een bericht ontvangen van burgercommissielid mevrouw Anne Brekelmans, dat ze helaas gaat stoppen als burgercommissielid. Mevrouw Brekelmans was sinds de verkiezingen van maart 2018 zelf actief commissielid voor de fractie van GroenLinks. Ik wil haar via deze weg heel hartelijk danken voor de inzet voor deze raad en voor onze stad van de afgelopen tijd en ik zou u alle succes voor de toekomst willen wensen. Dank u wel. Ik zal nu een nummer trekken, voor het geval wij zouden moeten gaan stemmen.
Dat is nummer 13, dat correspondeert, griffier, met? De heer Jaspers: De heer Kuypers. De voorzitter: De heer Kuypers. Als we vanavond gaan stemmen dan zal ik alsnog weer uitleggen hoe we gaan stemmen, want we gaan dan digitaal stemmen en dat vraagt altijd eventjes weer even scherp zijn hoe we dat gaan doen, maar daar kom ik op het agendapunt, als we gaan stemmen, daar even op terug.
2.
Vaststellen ontwerpagenda. De voorzitter: Dan gaan wij nu de agenda vaststellen. Kan iedereen zich vinden in deze agenda? Ik zie de heer Rieter, de heer Manders, mevrouw Maráczi. Ik begin even met de heer Rieter. De heer M. Rieter: Dank je wel, voorzitter. Helder Helmond is indiener vreemd aan de orde van de dag. De motie die luidt: ‘Drive-thru stemstraat als stembureau verkiezingen maart 2021’. Die is mede ingediend, dus door Helder Helmond en mede ingediend door Helmond Aktief en Bach Plus. De voorzitter: En dat gaat over? De heer M. Rieter: Dat heb ik net voorgelezen, maar dat doe ik opnieuw. ‘Drive-thru stemstraat als stembureau verkiezingen maart 2021’. De voorzitter: Oké, prima. Dan zal ik deze aan het einde van de vergadering toevoegen en het is een motie vreemd aan orde van de dag. Dan geef ik ook het woord aan mevrouw Tamarinof. Mevrouw Tamarinof: Hallo, wij hebben ook een motie om te bespreken straks. Dat is de oplossing voor luiers in restafval. Mede wordt die ingediend door GroenLinks natuurlijk, Lokaal sterk, SP, VVD, PvdA en Bach Plus.
De voorzitter: Oké, dank u wel. Deze is ook voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dan zie ik een hand van mevrouw Maráczi. Mevrouw Maráczi: Dank je wel, voorzitter. Wij willen ook een motie vreemd aan de orde van de dag indienen, genaamd ‘Maatwerk toepassing kostendelersnorm’. Deze motie hadden wij opgesteld met de PvdA en GroenLinks en D66 samen en is inmiddels medeondertekend door 50PLUS, CDA, Lokaal sterk, Helmond Aktief en Bach Plus. De voorzitter: Dank u wel. Deze is ook voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Ik zal hem aan het einde van de vergadering toewijzen weer. Dank u wel, mevrouw Maráczi. Dan geef ik het woord aan de heer Berry Smits van Helmond Aktief. De heer Smits: Dank je wel, voorzitter. Ook Helmond Aktief heeft een motie vreemd aan de orde van de dag. Die hebben wij genoemd: ‘Schaken in de openbare ruimte’ en wordt mede ingediend door de fractie van de PvdA, Helder Helmond en Bach Plus. De voorzitter: Dank u wel, de heer Smits. Deze maakt ook onderdeel uit van de beraadslagingen. Dan geef ik het woord aan de heer De Mare van de PvdA. De heer De Mare: Dank u wel, voorzitter. Als eerste heb ik dan geen motie aan te kondigen, maar ik wil even uw aandacht vragen voor agendapunt zeven, Doorontwikkeling Regionaal Ontwikkelingsfonds Werklocaties.
Dat is een bespreekstuk, omdat ik in de commissievergadering de nodige vragen had. Maar direct na de commissievergadering heeft wethouder Van der Burgt mij opgebeld en het nog met mij doorgesproken, hartstikke bedankt daarvoor. Vervolgens bleek dat hij helemaal die onduidelijkheid bij mij goed aanvoelde, want afgelopen vrijdagmorgen hebben wij daar een aanvullende notitie over gekregen die volstrekt voldeed aan datgene wat ik graag wilde horen. Dus ook nogmaals daar ook uw dank voor en het betekent eigenlijk wat ons betreft dat wij kunnen instemmen met het raadsvoorstel vijf en dat het wat ons betreft naar de lijst hamerstukken zou mogen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, de heer De Mare. Mooi dat u zo op uw wenken bediend bent. Ik zal eens even kijken of het een hamerstuk mag worden, want u was inderdaad de enige die hem als bespreekstuk wilde indienen. Ik zie verder geen handen. Wel, ik zie de heer Martijn Rieter. De heer M. Rieter: Ja, even voor mijn beeldvorming, want de heer De Mare zegt op het einde: agendapunt vijf. Maar die was volgens mij al een hamerstuk. Dus of de heer De Mare heeft het nu verkeerd gezegd of ik weet even dus niet welk agendapunt hij nu precies bedoeld. De voorzitter: Het is raadsvoorstel vijf, agendapunt zeven. De heer De Mare: Klopt. De heer M. Rieter: Oké.
Dan wil ik daar nog het volgende op zeggen: dat wij ook graag, we hebben daar een bijdrage op voorbereid, dus dan blijft het een bespreekstuk. De voorzitter: Oké, dan blijft het een bespreekstuk. Dank je wel. Dan geef ik het woord aan de heer Manders. Even uw geluid aanzetten, de heer Manders. De heer Manders: … te zien. Goedenavond burgemeester, ook de VVD-fractie wil graag een motie vreemd aan de orde van de dag indienen. Het betreft ‘Ondersteuning plaatselijke ondernemers’. Deze motie is medeondertekend door de heer Tuerlings van GroenLinks en mijnheer Yeyden van het CDA. Dank je wel.
De voorzitter: Dank u wel. Deze is ook voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dan geef ik het woord aan de heer Van Lierop. De heer Van Lierop: Dank je wel, voorzitter. Ook wij hebben een motie vreemd aan orde van de dag. Plan! En Helder Helmond wil de motie ‘Lediging restafval op nul zetten’ indienen. De voorzitter: Dank u wel. Deze is ook voldoende ondertekend en maakt onderdeel uit van de beraadslagingen. Dan geef ik tot slot het woord aan de heer Van Aert. De heer Van Aert. De heer Van Aert: Dank je wel, voorzitter. Wij willen ook graag inspreken op nummer zeven van de agenda, Doorontwikkeling Regionale Ontwikkeling Werklocaties. De voorzitter: Prima, dat kan, want dat is een bespreekstuk, dus dan komen wij daarop terug. Dat is prima. Uitstekend. Dan zie ik verder geen aanmeldingen voor het woord, dus dan kan ik met deze wijzigingen die u heeft aangekondigd en alle moties vreemd aan de orde van de dag, volgens mij heb ik er zes geteld, gaan we die aan het einde van de vergadering behandelen. Met uw goedvinden wil ik hiermee de agenda dus vaststellen. 3.
Behandeling ingekomen stukken en mededelingen zoals vermeld op de bij deze agenda behorende lijst. De voorzitter: Dan kom ik bij de behandeling, agendapunt 3, behandeling van de ingekomen stukken. Ik stel voor om de punten 1 tot en met 18 voor kennisgeving aan te nemen. Kan iedereen zich daarin vinden? De heer Smits. De heer Smits: Dank je wel, voorzitter. Het document onder nummer 12 is een verzoek tot handhaving ingediend door de Stichting Geledingszone Stiphout. Voorzitter, het is niet gepast om deze brief voor kennisgeving aan te nemen, maar roept het college op tot beantwoording. Kortom, graag zou ik deze brief voor beantwoording door het college willen aanmerken, willen voorleggen. De voorzitter: Akkoord, dat zal ik op deze manier wijzigen in de agenda. De heer De Mare. De heer De Mare: Dank u wel, voorzitter. De heer Smits was mij voor, ik wilde inderdaad hier vragen wat er met dat ingekomen stuk nummer 12 stond te gebeuren, maar mijnheer Smits heeft al aangekondigd dat hij verzoekt of u dat beantwoordt. Dus dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan zie ik de hand van Martijn Rieter. De heer M. Rieter: Dank je wel. Ik ben het eens met de heer Smits en ik ben wel benieuwd, want bij ons komen er vaker geluiden binnen van inwoners die best wel lang moeten wachten op een reactie van het college, zelfs meer dan een jaar.
Zouden wij als raad een overzicht kunnen krijgen van de brieven en welke wel of niet beantwoord zijn? Want daar ben ik dan wel benieuwd naar. Kan dat toegezegd worden? De voorzitter: Dat bespreken we altijd in het presidium en dat is ook openbaar, dus ik zal nog een keer erop aanwijzen dat wij hier dus bij openstaande vragen, die staan gewoon geagendeerd in het presidium. Dus u kunt dat nakijken, maar we zullen er nog een keertje extra aandacht voor vragen. De heer M. Rieter: Tweede puntje wat ik wilde zeggen is, van de ingekomen stukken, is van brief 4: Grove nalatigheid OBS Brandevoort. Toen ik dat las was ik nogal wel verbaasd. Is de wethouder hiervan op de hoogte? Zo ja, wat is haar reactie en wat is eigenlijk tot zover hiervan al in gang gezet?
De voorzitter: Daar zou ik even de wethouder Dortmans over willen vragen, agendapunt 4. Of in ieder geval agendapuntpunt 4 onder de ingekomen stukken. Wethouder Dortmans, kunt u daar even op antwoorden? Mevrouw Dortmans: Dank u wel, voorzitter. Ik kan toezeggen dat ik de raad daarover zo spoedig als mogelijk zal informeren. De voorzitter: Dank u wel voor uw toezegging. Dan, met deze opmerkingen, kan ik dus de agendapunten 1 tot en met 18, met uitzondering van agendapunt 12, voor akkoord vaststellen. Agendapunt 12 zal dus door het college beantwoord worden. Ik stel voor dus dat de brieven 19 tot en met 22 en dus 12 voor advies in handen van het college gesteld worden. Kunt u daarmee instemmen? Ik zie mevrouw Koolen. Mevrouw Koolen. Mevrouw Koolen-Van der Zee: Dank je wel, voorzitter. Brief numero 20 van de heer E. Giepmans, dat gaat over de afvalstoffen, acties afvalstoffen, nee. Ik heb gisteren met de griffie ook al contact gehad, daar wordt al over beraadslaagd om goed ter beantwoording te komen. Vind ik ook heel fijn om te horen en we zijn heel erg benieuwd naar de antwoorden van het college, ook naar de vragen die wij als Helder Helmond gesteld hebben. We horen gewoon in de stad dat er heel veel reuring is en heel veel te doen is over het nieuwe diftar-beleid. Dus wij zijn het eens met dat deze naar het college gaat en wij zijn heel benieuwd naar de beantwoording hiervan.
De voorzitter: Uiteraard, dus daar wordt adequaat snel op geantwoord. Dank je wel. De heer Selten. De heer Selten: Dank u wel, voorzitter. Wij merken dat bij de stukken die zijn binnengekomen – ook bij de agenda van lijst ingekomen nagekomen stukken – dat er brieven tussen zitten waar in burgers aangeven dat ze het idee hebben niet de informatie, in ieder geval het gevoel hebben niet de informatie te hebben die ze graag zien dat ze hebben. Brief 20, brief 21 zijn daar voorbeelden van. Wij roepen dan ook op om vooral communicatie vanuit de gemeente naar de burger scherp in de gaten te houden, want we willen natuurlijk zoveel onrust als mogelijk voorkomen. De voorzitter: Ik kan u toezeggen om daar nog eens wat nadrukkelijker naar te kijken, want uiteraard: wij zijn er voor de inwoners. Als inwoners het gevoel hebben dat ze niet serieus genomen worden of niet helder beantwoord worden dan vraagt dat gewoon om nog eens een extra kijk vanuit communicatie. Dus ik kan dat ook via u aan onze inwoners toezeggen. Dank u wel. Met deze opmerkingen, kan ik dan de brieven 19 tot en met 22 en 12 dus in handen leggen van het college voor beantwoording? Zo ja, is dat vastgelegd. Dan stel ik voor om de brieven 23 tot en met 25 te beantwoorden conform de voor u in NotuBox geplaatste conceptbrieven. De heer Smits. De heer Smits: Dank je wel, voorzitter.
Als fractie Helmond Aktief kunnen we instemmen met de antwoorden zoals ze door het college zijn geformuleerd. Maar toch graag een opmerking, en die sluit een beetje aan op de opmerking die zojuist Martijn Rieter deden. De brieven zoals die bij de gemeente hebben bereikt zijn nogal gedateerd. Een brief van juli vorig jaar en twee brieven van november 2020. Voorzitter, willen we participatie goed invullen, dan zouden de antwoorden naar onze bewoners van een snellere reactietijd moeten worden afgehandeld. Ons voorstel zou zijn om zeker binnen zes weken een brief te beantwoorden. De voorzitter: We hebben deze afspraken en dit wordt altijd via het presidium of via u zo besproken, dus als er ook maar enige nalatenschap is moet er en een argument zijn waarom er later beantwoord wordt en als dat er niet is dan gaan we er samen in het presidium nog eens wat nadrukkelijker op zitten, daar zijn we samen verantwoordelijk voor. Dank u wel, de heer Smits. Dan de heer De Mare van de PvdA. De heer De Mare.
De heer De Mare: Dank u wel, voorzitter. Ik wil graag een opmerking maken op de brief 24, aan de omwonenden over de ontwikkelingen Molenblunders ll, langs de Goorloop. Ten eerste even opmerkelijk dat een brief die vrij formeel gesteld is door de initiatiefnemers wordt beantwoord met de term ‘stellen jullie de gemeente 5 vragen over de ontwikkelingen’, terwijl de rest van de brief in de u-vorm is gesteld. Dit is de allereerste regel van de brief en dat vind ik niet helemaal een correcte beantwoording. Verder willen wij opmerken dat de inhoud van de brief wel heel erg vormelijk en defensief is, verwijzend naar oud beleid, terwijl de kans in die situatie ook is om aan nieuw beleid te refereren. Soorten of de reden waarom we daar woningbouw wordt gepleegd, wordt helemaal niet gemeld dat er recentelijk een hele grote woningbouwbehoefte van 62.000 woningen in onze regio is en dat het daarom ook beleid is van het college en de gemeenteraad om zoveel mogelijk op inbrengingslocaties in te zetten. Wat dat betreft vinden we hem dus weinig informatief, eerlijk gezegd, en alleen heel defensief reagerend exact op de punten die de briefschrijvers hadden aangegeven. Dat had, vinden wij, informatiever gekund en dat puntje van het ‘jullie’ is duidelijk. Dank u wel.
De voorzitter: Kijk, de heer De Mare, dat kan zijn dat als u zegt – en dat geldt eigenlijk ook voor de opmerking van de heer Smits – als u zegt: ik vind dat we er nog in communicatieve zin en misschien wel in empathische zin nog wel beter naar moeten kijken. Dan kan ik ook zeggen: dan houden we hem aan, want we zijn er nog niet uit. U kunt daar akkoord in geven, als u niet uw akkoord geeft dan kan ik ook zeggen: we passen hem met de door u opgemerkte opmerkingen aan en maken er een betere brief van. Maar dat hoor ik u niet direct zeggen. Dus als ik wel … De heer De Mare: Ja. De voorzitter: De heer De Mare? De heer De Mare: Laat ik het zo zeggen: het ‘jullie’ door ‘u’ vervangen in de eerste regel van de zin lijkt me vrij eenvoudig. Het tweede is wat meer een aandachtspunt. Het is niet fout wat er staat, maar het zou informatiever kunnen. Maar daarom vind ik het niet reëel om zo’n brief een maand op te houden bijvoorbeeld. Maar dat is een aandachtspunt om in het vervolg toch misschien wat meer proactief te kunnen zeggen: er is toch nieuw beleid, dat kunt u op zo’n moment ook meenemen. De voorzitter: Ik ben het helemaal met u eens. Dank u wel en wij gaan dat ook zo, er wordt ook meegeluisterd, mee geschreven, dus we gaan het op deze wijze voortaan wat empathischer en invoelender weergeven. Dank u wel en ‘jullie’ zal door ‘u’ vervangen worden. Dan de heer Van Lierop.
De heer Van Lierop: Dank u wel, voorzitter. Ik schrik toch wel even van de opmerkingen van de heer Rieter en de heer Smits, want wij hebben in een vorige periode een motie ingediend dat inderdaad die brieven allemaal op tijd beantwoord worden. Dus ik vind het toch wel een kwalijke zaak en ik denk dat we er nog eens een keer goed naar moeten kijken. De voorzitter: Precies. We agenderen het iedere keer met het presidium, maar we zullen daar nog scherper op acteren en ons daarop attaqueren als dat niet goed is. Dank u wel voor uw opmerkingen. Zie ik nog anderen? Nee? Dan met deze opmerkingen, akkoord. Dan tot slot de lijst van ingekomen stukken, stel ik voor om de punten 1 tot en met 5 van de VNG voor kennisgeving aan te nemen. Bent u het daarmee eens? Ja, daarmee akkoord.
Hamerstukken 4.
Zienswijze Werkprogramma 2021 Metropool Regio Eindhoven. Raadsvoorstel 7.
5.
Bestemmingsplan Brandevoort Oost – Kaldersedijk (verwijderen buisleidingtracé). Raadsvoorstel 8. De voorzitter: Dan zijn we gekomen bij de hamerstukken. Het gaat in dit geval om de punten 4 en 5, de Zienswijze Werkprogramma 2021 van de Metropoolregio Eindhoven. Dat is raadsvoorstel 7. En Bestemmingsplan Brandevoort Oost – Kaldersedijk, verwijderen van het buisleidingtracé, dat is raadsvoorstel 8. Akkoord om die als hamerstuk aan te nemen. Bespreekstukken Standpunten fracties over bespreekstukken
6.
Q-Book Brainport Smart District. Raadsvoorstel 6. De voorzitter: Dan komen wij bij de bespreekstukken. Het eerste bespreekstuk is het Q-Book Brainport Smart District. Dat is raadsvoorstel 6. Er zijn een aantal fracties die daar het woord over zouden willen voeren. Wie kan ik daar het woord over geven? De heer Roefs, mevrouw Meulenbroek en de heer Akkers, Martijn Rieter, de heer De Mare en dan nog een aantal. Maar we beginnen eens even met de heer Roefs. We werken het hele rijtje af. De heer Roefs. De heer Roefs: Dank u wel, voorzitter. Om te beginnen dank aan het college c.q. wethouder Dortmans voor het beantwoorden van de vragen zoals we die in de commissievergadering gesteld hebben. Voor wat betreft het Q-Book, hebben we ook in de commissie aangegeven: het is inderdaad inspirerend en kaderstellend, daar kunnen wij verder helemaal mee instemmen. Nog een aantal aandachtspunten. In de commissie is toegezegd om tijdig een tijdspad en ook een financieel overzicht te doen toekomen aan onze raad voor wat betreft de BSD, Brainport Smart District. Dat zouden wij graag tegemoetzien. Ik denk ook dat het goed is dat met name de mensen die nu heel actief zijn, de pioniers, om die een hart onder de riem te steken, tijdig informeren en waar mogelijk beleid door te zetten en ook wat sneller uit te voeren. Daar wil ik het in eerste instantie nu bij laten. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, de heer Roefs. Dan geef ik het woord aan mevrouw Meulenbroek van GroenLinks. Mevrouw Meulenbroek: Dank u wel, voorzitter. Als GroenLinks zijn we echt blij met dit mooie project. Het is echt een uithangbord voor onze stad, voor Helmond, dat nu al nationaal en internationaal veel aandacht trekt. Het is een project, een heel mooi project met twee kanten. Enerzijds gaan we leren met data en dat is heel innovatief en dat past volledig bij Helmond, onderdeel van Brainport. Maar van de andere kant is het ook een wijk waar heel veel gedaan wordt en wat erg goed aansluit bij het sociale hart van Helmond. Wij zijn een stad waar heel veel mensen ondernemend zijn of zich graag inzetten voor anderen. Die twee dingen, Brainport Smart District, data, werken met data en dat sociale hart van Helmond komt in deze wijk prachtig bij elkaar. Wij wensen de wethouder en het college dan ook heel veel succes met deze groene, duurzame en vooral ook innovatieve wijk, waar we gaan experimenteren met een deeleconomie. We hopen dat het een heel mooi project voor Helmond wordt. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Meulenbroek. Dan geef ik het woord aan de heer Akkers van de VVD. De heer Akkers.
De heer Akkers: Bedankt, voorzitter. Inmiddels hebben we het Q-Book Brainport Smart District uitvoerig besproken tijdens de commissie- en adviesvergaderingen. Zoals reeds aangegeven ziet de fractie van de VVD graag een juiste mix van toekomstige bewoners en we zijn dan ook blij dat het Q-Book aangeeft dat de BSD een afspiegeling moet zijn van de gemiddelde wijk. BSD wordt ontworpen als innovatieve wijk en terecht wordt ook in de beantwoording aangegeven dat de kans bestaat dat niet iedereen in de wijk wil wonen, omdat het concept van de wijk hen niet aanspreekt. Dit heeft onder andere een link met de zorg die ik tijdens de commissievergadering heb aangehaald, namelijk die van de hubs. Nu een wijk een afspiegeling moet zijn van een gemiddelde wijk betekent dit ook dat die bereikbaar moet zijn voor bijvoorbeeld mindervaliden. Buiten onze zorg omtrent de beschikbaarheid van parkeerplaatsen zijn wij positief over het Q-Book. Wel wil ik de wethouder vragen of ze kan aangeven wat de financiële risico’s zijn van dit project. Voor nu ziet onze fractie graag spoedig de eerste schop de grond in gaan en zullen daarom ook instemmen met dit voorstel. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, de heer Akkers. Dan geef ik het woord aan de heer Martijn Rieter. De heer M. Rieter: Dank u wel, voorzitter.
Helder Helmond kan kort zijn: we kunnen instemmen met het voorliggende raadsvoorstel Q-Book Brainport Smart District. Het is een mooi uithangbord voor de Brainport-regio als geheel. Als stad willen we een tegenwicht bieden voor de aantrekkingskracht van Eindhoven in de Brainport-regio. Helder Helmond is van mening dat ontwikkelingen en projecten uit het QBook een positieve bijdrage gaan opleveren aan deze aantrekkingskracht, waar de stad Helmond dus in die wijk de vruchten van kan plukken. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, de heer Rieter. Dan geef ik het woord aan de heer De Mare van de PvdA. De heer De Mare: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, mede op ons verzoek is dit agendapunt vandaag geagendeerd als bespreekstuk. Niet omdat wij kritiek op het raadsvoorstel hebben, maar juist omdat het het verdient dat er hier alsnog aandacht aan wordt besteed en om ook een aandachtspunt voor het vervolg mee te geven. Voorzitter, wij vinden het hele Brainport Smart District-project een fascinerend en ambitieus project. Het lijkt ons ook goed aangestuurd en voorbereid te worden door kundige teams van specialisten en ambtenaren. Naast onze kaderstellende en controlerende rollen fungeren wij in zo’n geval als raad ook als klankbordgroep voor die teams.
Zo hebben wij u er in de commissievergadering onder andere op gewezen dat de relatie tussen de ambitieuze kaders in het Q-Book en zeg maar de normale regelgeving op een aantal gebieden, zoals ruimtelijke ordening, nog wel verduidelijking behoefden en dat ook zal blijven behoeven. Ook hebben wij – en een aantal andere collega’s – al gewezen op de belangrijke rol die voorlichting nu gaat krijgen. Daar wil ik in deze setting toch nog even aandacht voor vragen. Want de opmerking van één van mijn collega’s, dat veel belangstellenden toch graag hun auto voor de deur willen hebben – de heer Akkers sprak er net eigenlijk op een iets andere manier ook over – vinden we toch wel eventjes, laat ik het zo zeggen, zorgelijk. In die zin, het geeft aan dat er in de komende periode niet alleen veel aandacht zal moeten gaan naar de mooie mogelijkheden die wonen in deze speciale wijk zal gaan bieden, maar ook naar de zaken die bewoners in nieuwbouwwijken in Nederland als heel vanzelfsprekend beschouwen, waar die in BSD toch wat anders zullen gaan. Want inderdaad, hoe krijgen bewoners hun heesters of bouwpakketten in huis? Hoe makkelijk wordt het dagelijks leven van – zoals de heer Akkers zei – een mindervalide, maar ook een gezin met baby’s of peuters als hun ouders op honderden meters afstand van een huis moet blijven. Tenminste, voor de mensen die dat wel graag willen behouden en gebruiken.
Dus voorzitter, hierbij onze oproep, dat het BSD-team in de volgende fase zal gaan bewaken alle woning aanbiedende partijen behalve aandacht voor de voordelen van het wonen in BSD – dat zal hen wel toevertrouwd zijn – maar ook aandacht geven aan de misschien als nadelen te beschouwen consequenties van het wonen in BSD gaan uitdragen. Want uiteindelijk zal het gaan leiden dat alleen gemotiveerde mensen daar zullen gaan wonen en dus tot tevredener en gelukkige bewoners. Laat
dat laatste nou juist één van de doelstellingen van BSD zijn. Dus voorzitter, wij zullen met genoegen instemmen met raadsvoorstel zes. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Dan geef ik het woord aan de heer Terzioglu van de SP. De heer Terzioglu: Dank u wel, voorzitter. Wat de SP-fractie betreft is Brainport Smart District een waardevolle verrijking voor onze stad. Met de nieuwste technologie worden nieuwe vormen van wonen en werken, recreëren en mobiliteit ontwikkeld voor een zo breed mogelijke doelgroep, waarbij er ook gekeken wordt naar het belang van contact en samenwerking tussen mensen. Daarnaast is er aandacht voor biodiversiteit, circulariteit en milieu. Ook de aandacht die uitgaat naar de bijzondere doelgroepen kunnen wij waarderen. Wij zien op basis van de beantwoording van onze vragen in de opiniecommissie op 15 december 2020 dat het geen wijk wordt voor de happy few, maar dat er ook aandacht is voor diversiteit. Zo is er ook voldoende aandacht voor de verhouding tussen sociale huur, particuliere huur en koop. Iedereen die in Brainport Smart District wil wonen moet daar kunnen wonen. Ook het doel de slimmigheden uit te rollen in de rest van de stad en verder wordt door het college en het programmateam onderschreven. Wij adviseren wel maximaal in te zetten op de realisatie van de dertig procent sociale huur.
Tegen deze achtergrond kunnen wij instemmen met raadsvoorstel zes. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Dan geef ik het woord aan de heer Smits, Helmond Aktief. De heer Smits: Dank je wel, voorzitter. Onze gemeente heeft in de loop der jaren op stedenbouwkundig gebied mooie resultaten behaald. Wat te denken van Helmond Groeistad, de uitbreidingen Rijpelberg en Brouwhuis? Of Dierdonk, een wijk waar de thema dertiger jaren, of Brandevoort, het dorpse karakter? Of voorzitter, de binnenstedelijke herstructureringen in de wijken Binnenstad, Helmond-West, Leonardusbuurt of Annawijk? Voorzitter, nu BSD, Brainport Smart District, een slimme wijk in Brandevoort. Een wijk waar nieuwe, innovatieve en duurzame ontwikkelingen gaan ontstaan. Een ontwikkeling die in de nationale en internationale pers al de nodige aandacht heeft gekregen. Voorzitter, er is door de projectgroep een Q-Book opgesteld waarin op 142 pagina’s richting wordt gegeven aan deze ontwikkelingen. Richtinggevend en kaderstellend via 8 programmalijnen. Voorzitter, inmiddels zijn er 122 projecten ingediend die kans maken om straks te worden gerealiseerd en er dienen nog zaken te worden opgesteld zoals bestemmingsplan, beeldkwaliteitsplan en de afstemming met de commissie Welstand. Dan kan de schop de grond in, want daar wordt met belangstelling naar uitgekeken.
Tot slot, voorzitter, wij kunnen instemmen met dit Q-Book en wachten op de verdere ontwikkelingen zoals eerder vernoemd, met daarbij ook nog de toegezegde financiële doorkijk – zoals de heer Roefs ook al aangaf – met betrekking tot het gemeentelijk deel van de slimme wijk BSD. Tot zover in de eerste instantie. Dank je wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, de heer Smits. Dan zou ik graag nu het woord willen geven aan mevrouw Bach van Bach Plus. Mevrouw Bach, aan u het woord. Mevrouw Bach-Smits: Dank je wel, voorzitter. Het Q-Book is een droom van veel mensen die er al jaren mee bezig zijn, dat nu een kans gaat krijgen om werkelijkheid te worden. Bach Plus heeft al aangegeven dat we hopen dat Brainport Smart District een begrip wordt in heel de wereld, dat het Helmond ook op de wereldkaart gaat zetten, dat het de 8 programmalijnen, het DNA van Brainport Smart District, de circulaire wijk, ‘…’ sociale, maar veilige wijk, gezonde wijk, digitale wijk, mobiele wijk en wijk met energie en warmte. Dat iedereen daaruit kan putten, leren, gebruiken, dat we hiermee dichter bij een meer leefbare wereld zouden kunnen komen. En ja, Bach Plus vindt dat het Q-Book meerdere delen zou moeten krijgen, in die zin dat we nog veel van deze mooie projecten mogen meemaken. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Bach, voor uw bijdrage.
Dan geef ik tot slot het woord aan mevrouw Spierings van Lokaal sterk. Mevrouw Spierings, aan u het woord.
Mevrouw Spierings-Van Deursen: Dank je wel, voorzitter. Heel kort, heel veel is al gezegd. Ook wij vinden Brainport Smart District een mooi voorbeeld van hoe het kan in de toekomst. Wij zijn heel erg benieuwd naar het beeldkwaliteitsplan wat we voor de zomer nog gaan zien, maar het allerbelangrijkste vinden wij dat er snel een schop in de grond komt, zodat iedereen kan zien hoe mooi en hoe die wijk straks innovatief wordt uitgerold. Dus wij kunnen instemmen met dit voorstel. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn we gekomen aan het einde van de eerste termijn van de zijde van de gemeenteraad. Dan zou ik willen vragen om de wethouder het woord te geven, wethouder Dortmans. Met zoveel wierook over zo’n prachtig project geef ik u toch graag het woord. Mevrouw Dortmans. Mevrouw Dortmans: Dank u wel, voorzitter. Het mooie was ook dat raadsbreed of commissiebreed vorige week aan mij de gelegenheid werd gegeven om dit mooie project in deze raadsvergadering nog te mogen bewieroken. Maar ik heb eigenlijk weinig toe te voegen aan al datgene wat de raadsleden op dit moment hebben ingebracht. Ik vind het fantastisch om te zien dat die betrokkenheid er is en de mooie woorden die er zijn uitgesproken over het werk dat nu voorligt en het vele werk dat inmiddels al is verricht. Tegelijkertijd hebt u terecht gevraagd om een financiële doorkijk.
Ik heb u vorige week ook al toegezegd dat u die spoedig zult krijgen en dat herhaal ik nog maar eens bij deze. Dan heeft de heer Roefs van de fractie van het CDA nog speciaal aandacht gevraagd voor de pioniers. Ik kan u toezeggen dat we in de derde of vierde week van februari uitgebreid met hun zullen praten over de stand van zaken van het project en hun aandeel daarin. Als het gaat over de vraag van de heer Akkers, de financiële risico’s. Die zal ik ook meenemen in de financiële doorkijk, zoals gezegd al eerder aan u toegezegd. Even kijken, dan heeft de heer De Mare nog een opmerking gemaakt over voorlichting. Die opmerking neem ik graag mee in de volgende fase van het project, dus dank voor dat aandachtspunt. Wat ik al zei: aan mij werd de gelegenheid gegeven om nog mooie woorden te wijden aan dit project, maar aan al datgene wat door de kant van de raad al is gezegd heb ik eigenlijk weinig toe te voegen. We gaan met gezwinde spoed verder en ik kom heel snel bij uw raad terug. Die schop kan wat mij betreft ook zo snel mogelijk de grond in. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Oké, dank u wel, wethouder. Ik kijk even naar de zijde van de gemeenteraad, of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Zo niet, dan zou ik over willen gaan naar stemming. Dat gaan we digitaal doen.
Dat wil zeggen dat ik zo meteen de stemming vrijgeef, de griffier zal dat aangeven, dan kunt u voor of tegen stemmen en op de knop drukken van ‘versturen’. Er is ook een knop met ‘onthouden’, maar die gebruikt u gewoon niet. U moet altijd stemmen, dus voor of tegen. Ik kijk even naar de zijde van de griffie of het vrijgegeven wordt. Ja, u kunt stemmen. U kunt voor of tegen stemmen en dan op ‘versturen’ drukken. Nog drie stemmen moeten nog uitgebracht worden. Iedereen is aanwezig, dus als het goed is … De heer Bleekrode: Ja, ik heb hier een klein hiccupje. Bij mij is in één keer de stemming, dus de mogelijkheid om te stemmen is verdwenen. Ik ga hem heel even opnieuw aan- en uitzetten, of inloggen. Dan hoop ik dat het weer kan. De voorzitter: De heer De Mare? O, de heer Bleekrode, ja. Ik zag even … De heer Roefs, zou u ook willen gaan stemmen? De heer Roefs hebben we nog niet binnen. De heer Bleekrode die start even zijn … Wie is dat? De heer Bleekrode, denk ik. De heer Roefs heeft gestemd. De heer Bleekrode die start even opnieuw op. Altijd weer even de techniek, het gaat allemaal niet vanzelf. Als we niet zoveel techniek hadden dan hadden we nu niet op deze wijze met elkaar kunnen vergaderen en dat is toch ook wel in deze moeilijke tijd fantastisch dat we toch deze vergaderingen door kunnen laten gaan. Ja, is de heer Bleekrode? O, dat is de heer Roefs. De heer Jan Roefs.
U hebt een knop, daar kunt u voor of tegen op stemmen en dan ‘versturen’. De heer Roefs, hoort u mij? De heer Roefs, u bent toch nog wel in de vergadering? De heer Roefs. Ja, hij heeft gestemd. Dan kijken we even of de uitslag bekend is. Dat betekent unaniem, 37
stemmen voor het Q-Book van Brainport Smart District. Wethouder, doet u uw voordeel mee, zou ik zeggen. 7.
Doorontwikkeling Regionaal Ontwikkelingsfonds Werklocaties (ROW). Raadsvoorstel 5. De voorzitter: Dan zou ik willen overgaan naar agendapunt 7, de Doorontwikkeling Regionaal Ontwikkelingsfonds Werklocaties, raadsvoorstel 5. De fractie van de PvdA zal geen bijdrage leveren, maar er waren wel 2 anderen, dacht ik. De heer Rieter en de heer Van Aert. De heer Martijn Rieter als eerste. De heer M. Rieter: Dank je wel, voorzitter. Het oude ROW kende te weinig belangstelling, slechts tien aanvragen, waarvan twee gehonoreerd en slechts één uitgevoerd. Helder Helmond is van mening dat aanpassingen nodig zijn. De stichting is niet langer alleen aandeelhouder, maar ook als bestuursorgaan dat besluiten neemt over subsidieaanvragen. Er komt dus veel macht te liggen bij deze stichting. Daarom vinden we het wel zorgelijk dat veel functies naast de heer Boersma nog niet bekend zijn en nog niet ingevuld worden. Kan de wethouder deze zorgen enigszins wegnemen? Daarnaast, is het niet raar dat voordat de negen gemeentes positief hebben ingestemd de procedure al in gang is gezet? Hoever is de procedureovername van de rol ROW al in gang gezet? Dus daar ben ik benieuwd naar en dat is de eerste termijn Helder Helmond. De voorzitter: Dank u wel, de heer Rieter. Dan geef ik het woord aan de heer Jan van Aert. De heer Van Aert. De heer Van Aert: Dank je wel, voorzitter.
In de commissievergadering van 2 februari jongstleden heeft de fractie van 50PLUS ingestemd met dit voorstel. Toch is er in het fractieberaad van ons een punt op tafel gelegd waarover onduidelijkheid bestaat. Dit aspect maakt geen deel uit van met name de toelichting van de wethouder, waarvoor overigens nog onze dank. Het gaat om de stuurbaarheid van de stichting. We begrijpen dat er alleen maar een dagelijks bestuur van drie personen wordt geformeerd en een adviescommissie, voornamelijk bestaande uit ambtenaren. Onze vraag: betekent dat dat de andere zes gemeentes geen zeggenschap hebben in de stichting? Graag het antwoord van de wethouder. Vervolgens is het ons onduidelijk welke positie de bestuurlijke vertegenwoordiger van onze gemeente, zijnde de wethouder, heeft. Is daar duidelijkheid over te geven? Tot slot is er dan nog het aspect van het voorkomen van belangenverstrengeling. Een goede zaak, dat daarbij stil wordt gestaan. Maar uit de tekst is niet te halen hoe de verstrengeling bestuurlijk wordt voorkomen. Kan de wethouder dat aspect nog een keertje nader toelichten? Tot zover in eerste instantie. De voorzitter: Dank u wel, de heer Van Aert, voor uw inbreng. Dan zie ik geen handen meer voor de inbreng van de zijde van de gemeenteraad en dan wil ik vragen of wethouder Van de Brug de vragen die er gesteld zijn te beantwoorden. Wethouder Van de Brug, aan u het woord.
De heer Van de Brug: Dank je wel, voorzitter. De ROW, daar hebben wij een evaluatie van gehad en daaruit bleek dat er een aantal dingen niet helemaal goed gingen. Er waren inderdaad, zoals de heer Rieter ook zei, de resultaten liepen achter bij de verwachtingen. Een aantal onderdelen die wij daarin gaan aanpassen is toch de ontoegankelijkheid verbeteren, wij hebben een verbetering van de toetsingscriteria willen we doorvoeren en de aanvraagprocedures willen wij versimpelen. Even kijken. Het is zo dat wij de structuren zo hebben dat wij een algemeen bestuur hebben, een dagelijks bestuur en een adviescommissie. Het algemeen bestuur bestaat waarschijnlijk uit de wethouders vanuit de SGE, de negen wethouders. Het dagelijks bestuur zal uit het algemeen bestuur een afvaardiging van komen. De bestuurlijke trekker is daar waarschijnlijk de voorzitter van en de andere twee, dat moet nog ingevuld worden. Belangenverstrengeling wordt door, 50PLUS had daar een opmerking over gemaakt. In principe is het zo dat wij als gemeente allemaal hetzelfde doel hebben. Dat is toch de regio een impuls geven om dit vormen te geven. Volgens mij heb ik dan de vragen gehad, voorzitter.
De voorzitter: Oké, dank u wel, wethouder. Dan kijk ik even aan de zijde van de gemeenteraad. Ik zie dat de heer Rieter nog een aanvullende vraag of opmerking heeft. De heer Rieter. De heer M. Rieter: Ik heb twee vragen gesteld en er is één van beantwoord, dus dan is er nog één open. Ik zal hem nogmaals herhalen, want mijn collega Van der Berg heeft hem in de commissie ook al twee keer gesteld en daar is hij ook niet beantwoord, dus. Is het niet raar dat voordat negen gemeentes positief hebben ingestemd de procedure al in gang is gezet? Hoe ver is de procedureovername van de rol? Want dat staat in het raadsvoorstel, ik zal hem even citeren: “Inmiddels hebben wij samen met de andere colleges besloten de procedure in gang te zetten om de overname van de rol van de ROW, door de gelijkmatige stichting formeel te regelen.” Dus dit staat in het raadsvoorstel. Dus vandaar die twee vragen die ik daarover stel. De heer Van de Brug: Ja, u hebt gelijk … De voorzitter: Dank u wel, de heer Rieter. Ik kijk nog even naar de zijde van de gemeenteraad, of er nog anderen zijn, spijtoptanten. Nee? Dan geef ik tot slot de heer Van de Brug het woord. De heer Van de Brug. De heer Van de Brug: De heer Rieter heeft gelijk, die vraag had ik overgeslagen. Per ongeluk, moet ik zeggen. De colleges hebben positief geadviseerd om het voor te gaan leggen aan alle gemeenteraden.
Die procedures die lopen nu op dit moment. Ook de gemeente Eindhoven heeft het voorstel al behandeld gehad in de raad en heeft volgens mij ook positief geadviseerd. Dus het is gewoon één traject nu, op dit moment, bij alle gemeenteraden. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dank u wel voor de beantwoording. Dan kijk ik even aan de zijde van de gemeenteraad, of we over kunnen gaan naar stemmen. Zo ja, dan zou ik u weer willen vragen of u weer klaar wilt maken voor het digitaal stemmen. Dat wil zeggen dat we weer op ‘voor’ of ‘tegen’ kunnen drukken en dan op ‘verzenden’. Ik kijk even naar de griffie. Ja, u kunt nu stemmen. Ik kijk even hoe ver we zijn. Nog 4. Voor of tegen en dan verzenden. Wij stemmen over de doorontwikkeling van Regionaal Ontwikkelingsfonds Werklocaties, bedrijventerreinen. Het is klaar. Wat is de uitslag? 37 stemmen voor en is dit raadsvoorstel ook unaniem aangenomen. Moties vreemd aan de orde van de dag De voorzitter: Dan gaan we over tot het behandelen van de moties vreemd aan de orde van de dag. Er zijn 6 moties vreemd aan de orde van de dag ingediend en het is gebruikelijk dat we die aan het einde van de vergadering, die op de agenda staan, toevoegen. Ik wil starten met 2 moties tegelijk en dat zijn 2 moties die hebben een gezamenlijk onderwerp en dat is de motie rondom de afval.
Er zijn twee moties ingediend, dat gaat over de oplossing voor luiers in restafval en de motie ‘Lediging restafval op nul zetten’. Wethouder De Vries zal daarop antwoorden en ik ga ze wel in één blok behandelen, maar ze worden wel apart in stemming gebracht. Dus ik zou als eerste GroenLinks willen vragen, dat is de indiener van ‘De oplossing voor luiers in restafval’, om daarmee te beginnen. Dan geef ik het eventjes in bespreking en dan ga ik de andere motie doen, in ieder geval de indiener de gelegenheid geven om even een toelichting op te geven. Ik zie een hand en dat is van de heer Stevens van D66. Mijnheer Stevens, u wil hier iets op zeggen? De heer Stevens: Ik was te snel, ik denk: ik ga meteen vol erin, om er eens wat over te gaan zeggen. Dus onthoudt u mijn handje even zo meteen. De voorzitter: Weet u wat ik wel kan afspreken? U bent de eerste die dadelijk namens de raad of via de raad hierop mag beantwoorden. Wij zijn erop voorbereid dat u er zin in heeft. We gaan beginnen met ‘De oplossing voor luiers in restafval’. Mevrouw Tamarinof.
Mevrouw Tamarinof: Dank u wel, voorzitter. Vooropgesteld: diftar werkt. Daar staan we ook volledig achter, we hebben het bij andere gemeentes gezien, mensen zijn goedkoper uit dan zonder diftar en er is veel minder restafval. Dus dat is wat we ook allemaal willen. Tuurlijk is het erg wennen voor iedereen en hebben we ook genoeg geluiden uit de stad gehoord, maar wij horen ook veel inwoners die zeggen: wij willen heel graag afval scheiden, maar juist het punt van de luiers is dus een punt waar je heel veel onvermijdelijk afval hebt wat op dit moment in Helmond niet gescheiden opgehaald kan worden. We hebben ook afgesproken in onze vergaderingen dat het betaalbaar zou blijven, zeker in onze kindvriendelijke stad. Omringende gemeentes bieden wel een gescheiden luierfaciliteit aan en wij vinden het als GroenLinks ook heel belangrijk dat we gaan proberen te recyclen in plaats van te verbranden. Daarom hebben wij die motie opgesteld, ik zal even voorlezen – het heet het dictum, geloof ik – het dictum. Wij vragen de burgemeester en wethouders van Helmond om spoedig met een oplossing te komen waarmee de onvermijdbare kostenstijging voor gezinnen met jonge kinderen voorkomen wordt, deze oplossing minimaal tot de beloofde evaluatie te blijven hanteren en zich in de tussentijd in te spannen om tot duurzame verwerking van luiers te komen.
Dit hebben we ingediend met Lokaal sterk, SP, VVD, PvdA, Bach Plus en Helmond Aktief. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik Plan! het woord even, om motie ‘Lediging restafval op nul zetten’. Dan mag u daarop reageren, als gemeenteraad. De heer Van Lierop. De heer Van Lierop: Dank je wel, voorzitter. Wij hebben een motie, ‘Lediging restafval op nul zetten’. Ik zal niet de hele overweging voorlezen, maar het komt er vooral op neer dat we, vorig jaar heeft het merendeel van de raad zwaar aangedrongen op een goed communicatieplan, goed communiceren. U heeft het vandaag nog een keer gezegd, dat het heel belangrijk is, dat goed communiceren. Dat hebben we met name niet gedaan, we hadden op zijn minst verwacht dat wij vorig jaar in het vierde kwartaal huis aan huis geïnformeerd zouden worden. Tenslotte willen wij een gedragsverandering van onze inwoners. Het kan ook behoorlijk in de portemonnee treffen. Daarom hebben wij gemeend een motie te moeten indienen, omdat er nu pas gecommuniceerd is, ook nog eens met een gewone brief, in plaats van een duidelijke uitleg hoe je kosten kan gaan besparen. Vinden wij dat van 1 januari tot en met nu, tot de brief is ontvangen, dat we die ledigingen van die restafvalcontainers op nul moeten zetten, zodat eenieder gewoon op nul start. De voorzitter: Dank u wel, de heer Van Lierop, voor het indienen van de motie.
Ik kijk even aan de zijde van de gemeenteraad, om daar een korte reactie op te geven. Ik zie D66, de heer Stevens. De heer Stevens: Dank u wel, voorzitter. Mijn camera doet het. Ik zie soms mijn collega’s niet, ik hoor ze wel, maar ik zie mezelf, dus ik ga ervan uit dat u mij ook ziet. De voorzitter: Ja, u bent zichtbaar. De heer Stevens: Heel fijn. Allebei natuurlijk heel sympathieke moties en zeer begrijpelijk ook, maar D66 vindt dat wij wel het eerlijke verhaal moeten vertellen en ook een duidelijk verhaal natuurlijk. Daar had het misschien wel wat beter gekund, maar goed, dan zal ik het hier een poginkje toe wagen. Het eerlijke verhaal is namelijk dat de afvalstoffenheffing – als ‘…’ is – is een belasting en dat is een doelbelasting. Dat betekent dus dat het geld wat geïnd wordt bij onze burgers ook bestemd is om de rotzooi op te ruimen, laat ik het maar even zo noemen. Die kosten die zijn gigantisch omhooggegaan. Dus dan kan je twee dingen doen. Je kan een paar dingen doen. Wij hebben gekozen om de diftar in te voeren en daar heb je inderdaad het probleem van de luiers. Maar als wij zeggen: we gaan iedereen ontzien. Of we gaan die twee, drie ton, laat ik die eventjes erbij trekken van de tweede motie, want dat gaat het namelijk kosten als we het op nul gaan zetten. Die moeten betaald worden en die moeten betaald worden door burgers.
Dat kan door alle burgers, een soort solidariteitsbeginsel, of je kan zeggen: de vervuiler betaalt. Je kan ook
zeggen: we gaan die mensen een stukje ontzien. Dus mensen die bijvoorbeeld twee kleine kinderen hebben en ongelooflijk veel afval natuurlijk hebben, van de luiers. Maar we moeten wel beseffen dat het de hele bevolking, nogmaals, het geld gaat kosten. Bij de één verspreid je het over iedereen en bij de ander de vervuiler betaalt. Dat zijn de keuzes waar we voor staan. Daarom zijn we voor die eerste motie, om te onderzoeken dat dan verwerkt kan worden en wie dat dan eventueel moet gaan betalen, op welke manier. We gaan het solidariteitsbeginsel doen, we gaan het verdelen, die luiersverwerking, over iedereen, zodat iedereen een stukje meebetaalt. Maar dat betekent dat een alleenstaande meebetaalt aan de kinderen van een gezin. Moet je dat willen, is dat eerlijk? Ja, misschien niet, misschien wel. Dus, voorzitter, we moeten hier ook met wat we hier gaan doen, het verwachtingspatroon wat wij brengen naar de burgers, daar heel duidelijk in zijn dat dit echt wel consequenties heeft. Dit is ook niet zomaar opgelost. Dus burgers, heb geduld, we doen ons best. Die twee, drie ton die het kost bij de tweede motie, dat moet dan uit de reserve komen. We hebben nog een paar ton reserve, die is dan in één maand meteen ook weg. Ik vind niet dat dat heel verstandig is. Ik laat het tot zover even hierbij, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. De heer Mol, 50PLUS.
De heer Mol: Dank u wel, voorzitter. Het gaat, mijn inbreng, over de motie van GroenLinks. Voorzitter, de fractie van 50PLUS vindt deze motie sympathiek, maar blijft wel met een paar vragen zetten. Met deze motie gaan we onderscheid maken in de behandeling van diftar, een groep burgers krijgt een voordeel. Hoe ga je bepalen wie wel/niet gebruik kan maken van deze uitzondering? Oftewel: weten we als gemeente in welke huizen er baby’s zijn en hoe lang mag je gebruik maken van deze uitzondering? Eigenlijk kun je de uitzonderingspositie niet beperken tot baby’s. Wat te denken van het vele incontinentiemateriaal dat helaas ook gebruikt wordt en in het afval terechtkomt? De laatste vraag is hoe minder opbrengsten verantwoord zullen gaan worden. Voorzitter, de afgelopen weken heeft de media volgestaan met allerlei bezwaren over de invoering van diftar. Dan ging het niet alleen over de luiers. Het probleem van de positie van de hoogbouw is ook niet opgelost. Het komt ons zo voor dat dit hele project, dat we als fractie willen ondersteunen, te vlug, te snel in de markt is gezet en dat het nog niet voldragen is. Het voorstel van de fractie 50PLUS is dan ook het college in overweging te geven het project terug te nemen en terug te vallen op de oude systematiek en de ingangsdatum naar nieuw onderzoek en bijschaven te plannen op 1 januari 2022. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel.
Dan geef ik het woord aan de heer Yeyden van het CDA. De heer Stevens: Voorzitter, mag ik een interruptie plaatsen? De voorzitter: O ja, dat kan ik heel moeilijk zien. Maar dan doen we het maar even zo, hè? De heer Stevens. De heer Stevens: Dat dacht ik al. Ik doe net of we in de raadszaal zitten en dat ik het knopje indruk. Ik zou graag aan mijn collega willen vragen, ik begrijp zijn motivatie en ik begrijp wat hij bedoelt, maar dan komen wij niet uit met de centen. Want het kan niet dezelfde bedragen blijven die de mensen betalen, want dan komen we een paar miljoen te kort. Hoe wil mijn collega dat dan oplossen, op dit moment? Als we dit zouden doen wat hij voorstelt. De voorzitter: Oké. De heer Mol. De heer Mol: Daar heb ik, mijnheer Stevens, nu even helemaal geen antwoord op, op deze korte termijn. Daar kom ik bij u op terug, als u dat niet erg vindt. De voorzitter: Oké. Ik zie ook de heer Van Lierop zijn hand opsteken. Wil die ook nog iets reageren? Want u krijgt ook als indiener nog aan het einde van alle interrupties en alle reacties nog wel de gelegenheid om daarop te reageren. De heer Van Lierop, wilde u nu nog apart reageren?
De heer Van Lierop: Dank je wel, voorzitter. Ik had eigenlijk meteen willen reageren op de heer Stevens. Want hij zegt: we doen ons best. Nou, we hadden veel beter ons best moeten doen. We hebben de plank behoorlijk misgeslagen. Als we het dan over solidariteit hebben is het ook wel een beetje apart, wij zijn hartstikke voor dat de minima kwijtschelding krijgt. Maar waarom mag de minima dan wel 14 keer zijn bak buiten zetten in plaats van dat de rest van Helmond het gewoon in 6 keer moet doen? Kijk, wij vinden: solidariteit is prima. We hebben een groot sociaal hart, we vinden het belangrijk dat we de minima steunen, maar daar laten we het gewoon 14 keer doen en uiteindelijk gaat het om een gedragsverandering. Een gedragsverandering krijg je door iedereen over dezelfde kam te scheren. De voorzitter: Oké. De heer Stevens: Ja, daar moet ik dan even op reageren, volgens mij, voorzitter. De voorzitter: Ja. De heer Stevens. De heer Stevens: Solidariteitsbeginsel bedoel ik mee: wat we in de zorg hebben. Iemand die niet ziek is betaalt ook voor de mensen die heel vaak naar het ziekenhuis moeten. Als u nou komt met het voorbeeld: wij kunnen 6 keer, als je niet bij de minima hoort, en de ander die kan 14 keer. Dan is dat ook inderdaad een stukje al solidariteitsbeginsel, want je gaat mensen helpen die het niet kunnen betalen.
Als ze meer dan die 14 komen dan zullen ze, denk ik, toch moeten betalen. Ik ga ervan uit dat dat zo is. Dat is 1. 2, mijn collega die had het … O, waar had hij het nou over? Collega, help mij even, je vroeg mij wat. Ik ben hem even kwijt, voorzitter. Collega Van Lierop, komt u maar eens even met uw vraag. De voorzitter: Ik wist niet wat u precies bedoelde. Oké. De heer Van Lierop: Moet ik meteen antwoorden of pakken we het straks in één keer, voorzitter? De voorzitter: Lijkt mij het beste, dat u het dan in één keer pakt, ja? De heer Van Lierop: Doen we dat. De voorzitter: Dan geef ik nu het woord aan de heer Yeyden van het CDA. De heer Yeyden: Dank je wel, voorzitter. Voorzitter, zoals uit onze bijdrage tot nu toe wel is gebleken zijn wij tegen het huidige systeem, zeker ook hoe snel die is doorgevoerd. We kunnen wel zeggen dat hier eerst is gedaan en dan pas gedacht. Wij zijn er voorstander van om eerst te denken en dan te doen. De huidige voorstellen en de moties zijn allemaal pleisters plakken op een wond. Wat ons betreft zou de wond zelf behandeld moeten worden en dat is het huidige systeem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik het woord aan mevrouw Koolen. Mevrouw Koolen-Van der Zee: Dank je wel, voorzitter. Er is al veel gezegd in deze discussie. Wij willen inderdaad even ingaan op de motie van GroenLinks.
Wij als Helder Helmond zijn van beginsel aan tegen diftar. Ook inderdaad wat mijn voorgangers nu aangeven: te snel, te vlug, niet goed gecommuniceerd, Helmond staat op zijn kop. En dan is het nog geen carnaval. Inderdaad, mensen worden op kosten gejaagd met het feit, wat mijnheer Van Lierop ook zei: zes keer aan de straat zetten. Sorry, ik moet hem iedere twee weken aan de straat zetten. Even terugkomend op het stukje van mijnheer Mol. Inderdaad, je hebt het over incontinentiemateriaal. Ook die communicatie zal beter moeten zijn om mensen aan te geven, als ze dat hebben, dat ze daar die regeling voor kunnen aanspreken. Alleen dat is nog een beetje een ondergeschoven kindje. Ik kan mijn eigen helemaal vinden achter het punt van de heer Mol: is het verstandig om dit terug te nemen, goed beslagen ten ijs te komen, GroenLinks te steunen in het feit om
het uit te zoeken, hoe dat het gaat met het luierafval? Twintig jaar geleden ben ik begonnen in de zorg in Deurne, toen hadden ze dat al, hadden ze al containers waar mensen hun luiers in konden deponeren onderweg naar hun werk. Maar waar ik vooral – een beetje richting GroenLinks – mee zit: positief, diftar. Wij hebben daar inderdaad ook kritische vragen opgesteld: is het feit dat er ook signalen uit den lande zijn van steden die in 2009/2010 – en dat is al een hele poos geleden – zijn gestart met diftar en dat er nu ook heel veel gemeenten zijn die willen stoppen met diftar? Die dus aangeven dat het een zware belasting is voor de inwoner. Is het zo fair als je altijd belasting hebt geheven over bepaalde afvalstoffen en de inwoner die mocht dit zoveel keer aan de straat zetten, om dat helemaal terug te draaien naar maar zes keer? Dus je gaat twintig keer per jaar betalen voor jouw bak. En daarbij, dat inderdaad de enquête van 2014 – en dan hebben we het even terug over communicatie, waar we het in het begin van deze vergadering over hebben gehad – als mensen niet het juiste antwoord krijgen van de gemeente of niet op de juiste manier, maar die enquête is door de gemeente gehouden en er is dus niet naar geluisterd, naar de inwoner. Dan denk ik: dan wordt die toch doorgevoerd. Dus ik denk inderdaad, wat ook mijnheer Yeyden zegt: het is te snel, te vroeg. Ja, dat.
Ik denk dat we het anders moeten gaan aanpakken en inderdaad het geluid van de stad in deze moeten horen. Even terugkomend op de twee moties: wij als Helder Helmond steunen de moties, want we vinden het een goed signaal om dit luierprobleem daarmee aan te pakken, voor de inwoner, in verband met de kosten. Wij zijn positief tegen deze moties. De voorzitter: Dank u wel. De heer Stevens: Per interruptie, voorzitter. De voorzitter: De heer Stevens. De heer …: Voorzitter, per interruptie. De heer Stevens: Ik had nog een vraag, want ik had eigenlijk dezelfde vraag die ik aan collega Mol heb gesteld, die er geen antwoord op had. Want die zegt: we moeten het terugdraaien. Dat kan, maar dan komen we echt een paar miljoen te kort, echt een paar miljoen. Dus ik zou daar graag willen weten: hoe dan? Waar gaan we dat dan van betalen? Anders aanpakken, hoe gaan we dat dan anders aanpakken? Want u wilt dat wel, maar komt u dan ook met een oplossing. Ik ben ervoor, hoor, dan. De voorzitter: Mevrouw Koolen. Mevrouw Koolen-Van der Zee: Mijnheer Stevens, we hebben in de commissie heel veel manieren aangewend met ideeën en ook de ondergrondse containers zijn daar voorbeelden van, die ook niet altijd even succesvol zijn. Maar om de commissie niet te willen herhalen: nascheiden schijnt op dit moment nog goedkoper te zijn dan wat we nu doen.
Ik denk dat we met dit systeem van diftar – en kijk even in de stad, kijk even naar de volle prullenbakken, kijk even naar de bossen, kijk even naar waar alles alweer gedumpt wordt – ook in het diftar-voorstel staat dat ze tonnen hebben vrijgegeven om de rotzooi op te ruimen. Als je dus die tonnen daarin bespaart en het teruggeeft aan een ander systeem, of je gaat weer terug naar het oude, daar waren de mensen tevreden over. Dan denk ik: het kost de inwoner gewoon heel veel geld. Niet alleen de minima, gewoon de werkende mensen, met zijn tweeën een baan en twee, drie kinderen. Die kunnen niet met maar zes keer die bak aan de straat te zetten. Dan zijn we dus, goed, ik zeg al: ik ga de commissie niet overdoen. Wij steunen GroenLinks met het punt over de luierprikkel, dat dat moet. Maar de communicatie, de brieven, alles richting de stad is in dit dossier niet goed gegaan. De voorzitter: De heer Van Sas. De heer Van Sas: Voorzitter, per interruptie. Een aantal zaken die mevrouw Koolen hier aan de orde brengt die kloppen niet helemaal. Ik heb het één en ander nagezocht op de site van het CPB, toch een
betrouwbare organisatie. Ongeveer de helft van de gemeente in Nederland maakt gebruik van diftar. Daar blijkt uit dat een gemeente met diftar gemiddeld honderd euro per huishouden goedkoper is dan een gemeente zonder diftar. Alleen de grote steden met veel hoogbouw, daar komt men terug van diftar. Maar dat is ook logisch, want daar is het heel moeilijk diftar in te voeren, merk we hier ook met de hoogbouw. Maar over het algemeen, steden vergelijkbaar met Helmond, die zijn beduidend goedkoper uit per huishouden dan met een niet-diftar-systeem. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik zag van de heer Yalcin Yeyden nog een interruptie. De heer De Mare: Voorzitter, mag ik interrumperen voor een punt van orde? De voorzitter: Ja. De heer De Mare: Dank u wel, voorzitter. Ik vroeg mij even af: hebben we het nu over het hele diftarprincipe wat we gaan herdiscussiëren of hebben wij het over de merites van twee moties? Want het gaat nu wel heel ver af van de twee moties. De voorzitter: Het gaat over de twee moties. De heer Yeyden. De heer Yeyden: Dank je wel, voorzitter. Ik was even nog aanvullend op mevrouw Koolen en ook de reactie van de heer Stevens en nu ook van mijnheer Sas. De meningen zijn daar gewoon over verdeeld. De helft van Nederland, die gemeenten, die gebruiken diftar, maar de andere helft ook weer niet.
Dus je kan niet met keiharde stelling zeggen: diftar is het beste systeem. Want dan zouden gewoon alle gemeentes het hebben gehad. Je ziet ook steeds meer gemeentes die ervan afstappen. Het nascheiden, wat we natuurlijk ook in de commissies hebben gehad, daar zit de oplossing nu. Met name ook op het moment dat we het hele afvalbeleid ook zien als grondstoffenbeleid. Daar moeten we naar toe en daar zit de oplossing. Als je het over financiën hebt, mijnheer Stevens, het zijn ‘…’. De voorzitter: Oké, dank u wel, de heer Yeyden. Wie wil daarop reageren? De heer Van Sas. De heer Van Sas: Nog kort even een opmerking, want de heer Yeyden noemt het de mening. Het zijn geen meningen, het zijn feiten zoals ze door het CPB weergegeven worden. Vergelijkbare gemeenten als Helmond zijn gemiddeld honderd euro per gezin per jaar goedkoper uit dan zonder het diftar-systeem. Het zijn gewoon keiharde cijfers, kun je zo opzoeken bij het CPB. Tot zover. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Yeyden nog, tot slot. De heer Yeyden: Tot slot nog. Mijnheer Van Sas die kan elke keer over onderzoeken komen en elke keer een onderzoek die in zijn eigen gelijk gesteld wordt. Ik heb al heel duidelijk gezegd: de helft van de gemeentes maken daar gebruik van en de andere helft niet. Er zijn ook steeds meer gemeentes die gewoon van het systeem afstappen. Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel.
De heer Tuerlings. De heer Tuerlings: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde eigenlijk vooral reageren op de motie van Plan! Die motie stelt GroenLinks voor aan lastig dilemma. Het principe dat mensen geen rekening behoren te krijgen voor iets waarvan zij geen kennis hadden, dat onderschrijven wij volledig. Maar hierbij moet ons van het hart dat wij de aanloopproblemen in de communicatie rondom diftar erg jammer vinden en betreuren. Deze bijzonder positieve beleidswijziging juichen wij van harte toe, omdat deze onze stad groener en eerlijker zou moeten maken. Wat de motie van Plan! vraagt zou de rekening van ongeveer 250.000 euro van de kleine groep die in januari niet op de hoogte was indirect neerleggen bij iedere Helmonder en ook
bij degenen die in januari al wel hun uiterste best deden om afval te scheiden. Dat druist wat ons betreft in tegen het idee van diftar en dat vinden wij ook niet eerlijk. Voorzitter, u begrijpt ons dilemma, maar op basis van de laatste overweging zullen wij de motie van Plan! niet kunnen steunen. Tot zover. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Akkers, VVD. De heer Akkers: Bedankt, voorzitter. Wij hebben natuurlijk samen de motie mede ingediend van de luiers. Tijdens de commissievergadering vorig jaar hebben wij als fractie van de VVD ook nadrukkelijk aangegeven dat we graag een oplossing willen zien voor het aanbieden van luiers. De wethouder heeft toen aangegeven op dat moment geen oplossing voorhanden te hebben, hij heeft ons wel de belofte gedaan om hiernaar te kijken. Zelf ben ik vader van een jong kindje van twee jaar met luiers. Mijn vrouw en ik doen ons uiterste best om te scheiden. Dat lukt ook goed, we hebben onze container nog niet aangeboden dit jaar. We wilden hem eigenlijk deze vrijdag aanbieden, maar moeten blijkbaar een weekje wachten vanwege de sneeuw. Maar onze inzet gaat niet beloond worden dadelijk in de hete dagen als we gewoon containers met luiers vol hebben zitten, want dat gaat stinken. Er moet ook een stukje eerlijkheid in zitten, want wij doen ons best om te scheiden en het zou fijn zijn als we daar ook mede van profiteren.