CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

RN 2026-002 Wijkontwikkelingsprogramma Rijpelberg

Gemeenteraad 27 januari 2026, gemeente HelmondBij agendapunt: Wijkontwikkelings programma Rijpelberg13.243 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Concept Wijkontwikkelingsprogramma Rijpelberg

Voorwoord

Inhoud

De komende jaren gaan ‘we’ aan de slag in Rijpelberg. Met ‘we’ bedoel ik de gemeente, professionals uit de wijk, de Belangengroep Rijpelberg én betrokken vrijwilligers. Als aftrap voor de aanpak hebben we een tweedaagse gehouden. Daarin zoomden we verder in op de kansen en uitdagingen van de wijk. We zijn letterlijk door de wijk gelopen om te kijken wat Rijpelberg allemaal te bieden heeft, maakten kennis met elkaar en dachten na over verbeterpunten.

01. 02. 03. 04. 05.

Als ik naar de wijk Rijpelberg kijk, dan zie ik een omgeving met veel mogelijkheden. Neem het vele groen, het fietspad door de hele wijk en het afwisselende woningaanbod. Je vindt hier grotere en kleinere woningen, koop en huur. Al mag er wat mij betreft op het gebied van seniorenwoningen nog wel wat gebeuren. Natuurlijk zijn er zaken die beter kunnen, we gaan niet voor niets aan de slag. Het belangrijkste verbeterpunt? Ruimte voor ontmoeting. Die mogelijkheid is er, maar er is duidelijk behoefte aan méér mogelijkheden om elkaar te ontmoeten. Daarom investeren we ook, in combinatie met de bouw van nieuwe scholen, in een nieuwe multifunctionele accommodatie en in de openbare ruimte. Daarnaast is Rijpelberg een fijne wijk om te wonen, maar niet iedereen kent z’n buurman of buurvrouw. En als die buren een andere taal spreken, lijkt de drempel om contact te maken soms nog hoger. Terwijl dat niet nodig is. Want als ik iéts zie in Rijpelberg, is het dat wijkbewoners elkaar wel graag wíllen opzoeken. Wat we daar de komende jaren aan gaan doen? Dat staat in het Wijkontwikkelingsprogramma (WOP). Ik weet zeker dat alle ingrediënten aanwezig zijn om van Rijpelberg een wijk te maken waar mensen nog meer sámen wonen. Want daar gaan we de komende jaren voor. Veel leesplezier! Wethouder Gaby van den Waardenburg

|2|

|3|

Inleiding Aanleiding Opbouw wijkontwikkelingsprogramma

Rijpelberg in 2040 Visie op de wijk Kaart

Bouwstenen Wonen & duurzaamheid Openbare ruimte Mobiliteit & verkeer Meedoen & ontmoeten Gezondheid & zorg Leefbaarheid

Uitvoeringsagenda Wonen Duurzaamheid Openbare ruimte Meedoen & ontmoeten Gezondheid & zorg Leefbaarheid & veiligheid

Communicatie Huisstijl & schrijfstijl

|3|

01.

Hoe is het Wijkontwikkelingsprogramma opgebouwd?

Inleiding

Waarom een Wijkontwikkelingsprogramma in Rijpelberg? De wijk Rijpelberg is een fijne wijk om te wonen: groen, autoluw en kindvriendelijk. De meeste huizen hebben een eigen tuin, station Brouwhuis is vlakbij en met de fiets is alles makkelijk te bereiken. Maar het is ook een wijk die een impuls nodig heeft. Vooral op sociaal gebied moeten we stappen gaan zetten. Uit gesprekken met inwoners en maatschappelijke partners komt duidelijk naar voren dat ze in Rijpelberg een ontmoetingsplek en een ‘dorpsgevoel’ missen. Er ontbreekt een herkenbaar centrum in de wijk, met een clustering van voorzieningen. Er is te weinig sociale cohesie en verbinding in de wijk. Ook zou er meer aandacht moeten komen voor ontmoeting onder wijkbewoners. In de wijk, een van de grootste van Helmond, wonen relatief veel mensen met een niet-Nederlandse achtergrond: 41,6% en een groot deel komt uit Polen (12,4%). Door de verschillende achtergronden is er soms sprake van een taalbarrière. Ook zijn er signalen dat er veel bewoners zijn met een taalachterstand (laaggeletterdheid). Dat geldt voor mensen met een anderstalige achtergrond, maar ook voor autochtone Nederlanders. Zij beheersen vaak geen B1-niveau. Uit de cijfers blijkt dat 25% van de leerlingen in Rijpelberg een verwachte onderwijsachterstand heeft (t.o.v. 15% landelijk, CBS 2021).

Vanuit de GGD komen bovendien signalen dat er relatief veel kinderen zijn met een cognitieve en/of motorische achterstand. Ook hebben zij vaker overgewicht of obesitas. Verschillende samenwerkingspartners bevestigen dat er veel sociale problematiek is in de wijk, waaronder armoede, eenzaamheid, huiselijk geweld, psychische problematiek en alcohol-, tabak- en/of drugsgebruik. Deze problematiek heeft ook invloed op de kinderen. Van alle wijken in Helmond maken in Rijpelberg de meeste jongeren (9,7%) gebruik van jeugdzorg (t.o.v. 7,9% in heel Helmond). Naast de eerder beschreven sociaal-maatschappelijke problemen, speelt er ook een aantal fysieke opgaves. De deklaag van Weg door de Rijpel is toe aan vervanging. Dat moment willen we aangrijpen om het ontwerp aan te passen, om zo de verkeersveiligheid te verbeteren. Ook het warmtenet van Ennatuurlijk speelt hierbij een belangrijke rol. Verduurzaming is noodzakelijk. Daarnaast is de woningbehoefte door de jaren heen veranderd, waardoor moet worden ingezet op de juiste woningbouwprogrammering bij nieuwbouw (o.a. seniorenwoningen en sociale huurwoningen). Ook het onderhoud van het openbaar gebied moet worden verbeterd en dan met name het groenonderhoud. Tenslotte is het belangrijk om meer rekening te houden met verdroging en hitte (klimaatadaptatie). Samen gaan we aan de slag om Rijpelberg nog fijner te maken.

In 2022 is gestart met de voorbereiding van WOP Rijpelberg. Hiervoor zijn verschillende gesprekken gevoerd met maatschappelijke partners en zijn data geanalyseerd. Vervolgens zijn op 15 april 2023 straatgesprekken met inwoners gevoerd om nadere kansen en verbeterpunten voor Rijpelberg in kaart te brengen. Ook zijn bijeenkomsten georganiseerd voor maatschappelijke partners en voor inwoners van Rijpelberg. Hierdoor hebben we een compleet beeld gekregen van de belangrijkste opgaves in Rijpelberg. Vervolgens is opnieuw een bijeenkomst georganiseerd met maatschappelijke partners vanuit het fysiek en sociaal domein, waaronder gemeente, LEVgroep, Sociaal Team Helmond, Woonpartners en Belangengroep Rijpelberg. Op basis van de inventarisatie van de belangrijkste opgaves in Rijpelberg zijn zes concept bouwstenen benoemd. Ook is gekeken welke partners betrokken moeten worden in werkgroepen voor de verdere uitwerking van deze concept bouwstenen. De concept bouwstenen waren: • • • • • •

Wonen & duurzaamheid Meedoen & ontmoeting Openbare ruimte Gezondheid & zorg Mobiliteit & verkeer Leefbaarheid

Vervolgens zijn deze concept bouwstenen verder uitgewerkt in de werkgroepen. De leden van de werkgroepen hebben input geleverd voor de visie, bouwstenen en het uitvoeringsprogramma. Uitgangspunten Voor WOP Rijpelberg gelden een aantal overkoepelende uitgangspunten: • • • •

Het verbeteren van de (keten)samenwerking tussen partners is belangrijk: partners moeten elkaar beter leren kennen en beter weten te vinden Het is belangrijk om de bekendheid en vindbaarheid te vergroten van activiteiten, diensten en organisaties in Rijpelberg/ Helmond: voor bewoners én organisaties onderling Veel bouwstenen hebben raakvlakken of overlappen met elkaar. Projecten, acties en beleidslijnen zullen vaak integraal zijn en betrekking hebben op meerdere bouwstenen. Organisaties en deelnemers moeten zich verantwoordelijk voelen voor de integrale wijkontwikkeling van Rijpelberg en de daadwerkelijke uitvoering van activiteiten.

De insteek is om met WOP Rijpelberg een visie op hoofdlijnen op te stellen, inclusief bouwstenen (thema’s), doelstellingen en uit te voeren projecten en interventies. Dit moet dienen als stip op de horizon en als toetsingskader voor investeringen, inzet en samenwerking voor de ontwikkeling van Rijpelberg in 2040. De visie op de wijk is integraal en de bouwstenen zullen themagericht zijn. Het programma zal integraal zijn, omdat projecten en activiteiten vaak betrekking hebben op meerdere bouwstenen. Daarnaast is ook behoefte aan concrete afspraken tussen partners en inwoners over de ontwikkeling van Rijpelberg op de korte termijn. Deze ontwikkeling heeft invloed op de investeringen en inzet van partners en inwoners. Naast dit Wijkontwikkelingsprogramma is er een op te stellen Wijkuitvoeringsagenda die om de twee jaar wordt vastgesteld voor een periode van vier jaar door de betrokken partners. Hierbij worden concrete afspraken gemaakt voor de komende twee jaar, met een doorkijk richting de toekomst van twee jaar. De uitvoering hiervan is gekoppeld aan het proces van de gemeentelijke programmabegroting en begrotingen van betrokken partners. Voor een effectieve en efficiënte samenwerking is integrale afstemming noodzakelijk tussen de betrokken partners met betrekking tot financiering en capaciteit.

|4|

|5|

Governancestructuur Proces: bedenken en uitvoeren in werkgroepen in afstemming met inwoners, integrale afweging in opgaveteam & vaststelling in regieteam en raad. De visie en bouwstenen zijn opgesteld op basis van een wijkanalyse met data en input van inwoners en (maatschappelijke) partners. Vervolgens zijn deze verder uitgewerkt in werkgroepen rondom de verschillende bouwstenen. De werkgroepen werken de hoofdlijnen uit het wijkontwikkelingsplan uit in projecten en activiteiten voor in het uitvoeringsprogramma en zijn daarnaast verantwoordelijk voor de uitvoering hiervan. In het opgaveteam worden integrale afwegingen gemaakt rondom de inzet van middelen en de prioritering van activiteiten. Uiteindelijk wordt het WOP voorgelegd aan het regieteam en de gemeenteraad voor vaststelling. De Wijkuitvoeringsagenda wordt door het opgaveteam om de twee jaar voorgelegd aan het regieteam voor vaststelling. Daarnaast wordt jaarlijks verantwoording afgelegd over de voortgang van activiteiten richting de raad in het Jaarprogramma Aandachtswijken.

02.

Rijpelberg in 2040

Visie 2040 Rijpelberg is een wijk voor jong en oud. Een diverse wijk met bewoners die uit allerlei landen komen. De groenste wijk van Helmond, die kinderen uitnodigt om buiten te spelen en ouders om elkaar te ontmoeten. Waar gefietst en gewandeld wordt en de auto amper gebruikt. Waar mensen naar elkaar omkijken, ongeacht waar ze vandaan komen of wat hun achtergrond is. Waar de bewoners zelf activiteiten ontplooien, met ondersteuning van organisaties als zij daarom vragen. Waar kleine ondernemers kansen krijgen om te ondernemen.

Samengevat: • • •

• • •

Het opgaveteam is verantwoordelijk voor het periodiek opstellen van de Wijkuitvoeringsagenda. De uitvoeringsagenda wordt opgesteld in afstemming met de werkgroepen van de bouwstenen (adviseren) en inwoners (raadplegen). Regieteam, bestaande uit leden van het college van B&W, directeur-bestuurder Woonpartners en adviseurs van de maatschappelijke partners komt jaarlijks in januari bij elkaar voor het vaststellen of evalueren van de wijkuitvoeringsagenda. Jaarlijks wordt in maart/april een aanvraag (formats) gedaan voor gemeentelijke investeringen & exploitaties in de voorjaarsnota. In november worden de middelen voor investeringen/exploitaties wel/niet toegekend. Inwoners worden bij de uitvoering van de wijkuitvoeringsagenda (concrete activiteiten of projecten) intensiever betrokken (adviseren of coproductie). De mate van participatie is afhankelijk van de inhoud van de projecten/activiteiten

Veilig verkeer in Rijpelberg Het streven is om het langzaam verkeer (te voet, per fiets) te promoten. Dit betekent ook dat er in het algemeen veilige routes moeten komen. Ook draagt de herinrichting van de Weg door de Rijpel en de aansluitingen met de zijstraten bij aan het veilig verkeren in Rijpelberg. Onoverzichtelijke situaties worden aangepast of voorkomen. De aanpassing van de Weg door de Rijpel is dus niet alleen uit technisch oogpunt nodig, maar zeker ook vanwege het creëren van verkeersveiligheid. In Rijpelberg blijf je wonen In 2040 is Rijpelberg een aantrekkelijke, groene en kansrijke wijk met een diverse keuze aan woningtypen. Er is een evenwichtige opbouw van de bevolking en woningvoorraad. Er zijn meer woningen voor starters, zodat zij hun wooncarrière in de wijk kunnen beginnen, en eenpersoonshuishoudens. Ook voor ouderen zijn meer (nultreden-)woningen gebouwd, zodat zij kunnen doorstromen naar een passende woning (al dan niet met zorg) binnen hun eigen wijk. Zo kunnen bewoners in elke levensfase in de wijk wonen en gezond oud worden. De woningen die zij achterlaten, worden ingevuld door (starters en) gezinnen. Naast nieuwbouw is ingezet op het aanpassen en het anders inzetten van de bestaande woningvoorraad (denk aan splitsen, kamerverhuur, transformatie, woningdelen). Het merendeel van de woningen staat er tenslotte al.

Rijpelberg: de groenste wijk Rijpelberg is in 2040 een groene wijk, in de breedste zin van het woord. Het groen in en om de wijk is uniek. We zetten dus in op het groen houden van de gebouwde omgeving. De omgeving is gezonder (betere luchtkwaliteit, minder heet in de zomer), nodigt uit om te bewegen, ontmoeten en bevordert duurzaam en gezond gedrag. Tuinen zijn groen(er), aansluitend op vergroening van de openbare ruimte. De kwaliteit van het openbaar groen is daar waar nodig verbeterd. We zetten in op duurzame energie in plaats van fossiele brandstoffen en minder energieverbruik. De bestaande woningvoorraad is qua duurzaamheid klaar voor de toekomst. Het warmtenet waar Rijpelberg op aangesloten is, is verduurzaamd. Van anoniem wonen naar verbondenheid in de wijk Woningen voegen we niet zomaar toe op iedere locatie. Met aandacht voor de structuren en samenhang in de bestaande wijk is nieuwbouw op zo’n manier ingepast dat het bijdraagt aan goede verbindingen met groen, de supermarkt, en ook publieke functies zoals de MFA en andere ontmoetingsplaatsen zoals de voetbalvereniging en scouting. Maar denk ook aan goede verbindingen tussen mensen. Nieuwbouw bevordert ontmoeting in de wijk. In Rijpelberg kijken bewoners naar elkaar om: de gemeenschap als startpunt.

|6|

|7|

Inclusie en meedoen In 2040 is het in Rijpelberg ook goed wonen voor mensen die om wat voor reden dan ook meer moeite hebben met meedoen in de maatschappij, omdat er passende woonoplossingen zijn (bijvoorbeeld woningdelen, begeleid wonen, jeugdvoorzieningen), iedereen elkaar accepteert en er een goede voorzieningen- en ondersteuningsstructuur in de nabijheid is.

03.

Bouwstenen

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de geselecteerde bouwstenen. Doelstellingen worden helder omschreven. Verder worden kansen en mogelijke knelpunten geschetst. Hieruit vloeien dan later projecten en interventies voort.

Bouwsteen 1: Wonen & duurzaamheid Rijpelberg telt zo’n 3.500 woningen, waarvan het grootste gedeelte is gebouwd in de periode 1980-1989. De wijk heeft relatief veel eengezinswoningen en weinig appartementen. De woningen zijn bijna allemaal aangesloten op het bestaande warmtenet. In Rijpelberg ligt op het gebied van wonen & duurzaamheid een opgave om de woningvoorraad klaar te maken voor de toekomst. Zodat bestaande en nieuwe woningen passen bij de (toekomstige) bewoners in de wijk, maar ook zodat de woningen optimaal zijn aangesloten op het warmtenet. Hier werken we aan langs drie pijlers: 1. 2. 3.

een gedifferentieerde woningvoorraad nieuwbouw via herontwikkeling van beschikbare locaties verduurzaming van warmtenet en bestaande woningen

Pijler 1: Een gedifferentieerde woningvoorraad Doelstelling 2040: Een gedifferentieerde woningvoorraad. Meer verschillende woningtypes in Rijpelberg, om de levensloopbestendigheid en leefbaarheid te vergroten. Hierdoor kunnen meer mensen binnen hun vertrouwde omgeving oud worden. We zetten in op passend wonen en willen graag dat ouderen gaan nadenken of ze in hun huidige woning en woonomgeving op een fijne manier oud kunnen worden. Waarom gaan we hieraan werken: In Helmond willen we de bestaande wijken versterken en bestaande woningen levensloopbestendiger maken. De meeste woningen van de toekomst staan er immers al. Ook in Rijpelberg ligt hier een opgave. Uit de analyse blijkt namelijk dat er geen sprake is van een evenwichtige woningvoorraad. Rijpelberg telt veel eengezinswoningen (86,6%), en veel woningen in het koopsegment (67,3%). De wijk heeft daarentegen weinig levensloopbestendige woningen (gelijkvloers). Denk aan appartementen of vergelijkbare woningtypes. Slechts 13,4% van de woningen is een appartement (ten opzichte van 27,2% gemiddeld in Helmond). En dat terwijl de doelgroep 65-plussers tot 2040 enorm gaat groeien. Rijpelberg is een jonge wijk en de vergrijzing is nu nog beperkt, maar daar komt dus verandering in. Ook het aantal eenpersoonshuishoudens gaat de komende jaren groeien. Knelpunten en kansen: Variatie in woningen

•

|8|

Knelpunt: De bestaande woningen passen onvoldoende bij de prognose dat er meer kleinere en oudere huishoudens zullen komen in Rijpelberg. Hoe zorgen we ervoor dat de woningen (blijven) passen bij (de levensfase van) bewoners? Zodat bewoners in hun eigen wijk kunnen blijven wonen?

|9|

•

Kans: De bestaande woningvoorraad klaar maken voor de toekomst. Dat betekent niet dat alle bestaande woningen levensloopbestendig moeten zijn, niet voor iedereen is dit immers nodig. Wel willen we werken aan een meer gedifferentieerde woningvoorraad, zodat er voor iedereen passend aanbod is ongeacht je levensfase. Een levensloopbestendige woning is een woning die dusdanig gebouwd/ingericht is dat je hier in elke levensfase kunt wonen. Dus ook in de toekomst als zorg nodig is of wanneer je slecht ter been bent. Kleine en grote aanpassingen dragen bij aan een levensloopbestendige woning. Denk aan: slaapkamer en/of badkamer op de begane grond, verwijderen van drempels, inloopdouche, traplift, brede gangen en deuren. Variatie creëren kan ook door de bestaande voorraad geschikt te maken voor bijvoorbeeld mantelzorg, woningdelen, etc. Dit beleid hoeft niet alleen gericht te zijn op levensloopbestendigheid en ouderen. Ook starters en eenpersoonshuishoudens kunnen hiervan profiteren.

Passend wonen • Kans: Een kans is ook om de huidige bewoners zelf mee te laten nadenken over wat nodig is om te blijven wonen in de woning of in de wijk. Er zijn veel koopwoningen in de wijk, dus het is vooral eigen verantwoordelijkheid van de eigenaar om het huis of de eigen omstandigheden (bijvoorbeeld door sociale netwerk goed te organiseren) toekomstbestendig te maken. Veerkracht in de wijk • Knelpunt: De veerkracht in Rijpelberg staat onder druk. In sommige woongebouwen, straten of buurten wonen veel kwetsbare mensen bij elkaar en stapelen de problemen zich op. Deze concentratie zet de leefbaarheid onder druk. • Kans: Een veerkrachtige wijk door te sturen op een juiste mix van bewoners (evenwichtige samenstelling van ‘dragers’ en 'vragers’). Naast het sturen op een juiste mix is het ook belangrijk om in te zetten dat ‘vragers’ minder vragen en dat (potentiële) dragers meer kunnen dragen. Daar zijn ondersteuning en voorzieningen bij nodig. Wat doen we op dit moment al: Op dit moment is gestart met de bouw van ca. 45 woningen op het voormalig terrein van ten tennisvereniging ’t Lobke. Het betreft naast reguliere woningen ook woningen voor senioren en starters. Daarnaast is gestart met de planvorming voor sociale huurappartementen aan de Baroniehof. Verder zijn er nog geen specifieke acties in Rijpelberg, wel op gemeenteniveau.

De woonvisie van de gemeente stuurt op het toevoegen van levensloopbestendige woningen in de hele stad, via nieuwbouw en het aanpassen van bestaande woningen.

Maar niet alle huizen zijn aan te passen. Soms is verhuizen een betere optie. Er zijn veel 65-plussers die nu een eengezinswoning huren en de stap naar een (senioren) appartement of gelijkvloerse woning willen maken. Speciaal voor hen hebben de woningcorporaties de 65plus-verhuisregeling (Van groot naar beter). Hoewel ouderen een belangrijke doelgroep zijn als het gaat om wonen en zorg, zijn ze zeker niet de enige. Iedereen die om wat voor reden dan ook niet volledig in staat is zichzelf te redden en in meer of mindere mate ondersteuning of begeleiding nodig heeft, verdient aandacht op het gebied van wonen en zorg. Ook voor de particuliere woningvoorraad geldt dat aanpassen van de woning in sommige gevallen een oplossing biedt. Het levensloopbestendig maken van de particuliere voorraad is primair een eigen verantwoordelijkheid van de eigenaar. Maar we helpen inwoners daar wel bij. Wanneer zelfstandig wonen door acute medische redenen lastig wordt, kunnen bewoners vaak een beroep op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) doen, om de woning aan te passen. Met de Blijverslening kunnen bewoners ook, vooruitlopend op een zorgvraag in de toekomst, de huidige woning al in meer of mindere mate geschikt maken om er ook op latere leeftijd te kunnen blijven wonen. Maar ook hier geldt dat niet alle huizen aan te passen zijn.

In veel gevallen is doorstromen naar een (senioren) appartement of gelijkvloerse woning daarom juist beter. Maar dan moeten die wel beschikbaar zijn. We willen dat bewoners zelf nadenken over wat ze nodig hebben om te blijven wonen in de woning of in de wijk. Ook in overleg met corporaties verkennen we mogelijkheden om vierkante meters van het bestaand bezit beter te benutten om snel woonruimte toe te voegen.

Pijler 2: Nieuwbouw via herontwikkeling beschikbare locaties Doelstelling 2040: We willen diverse beschikbare locaties gaan herontwikkelen. Het doel is: tenminste 200-300 woningen toevoegen tot 2040, waarvan minimaal 35% in de sociale huur. Als er voldoende ruimte is en zich nieuwe mogelijkheden voordoen, breiden we dat aantal uit met extra woningen. Zo kunnen we meer mensen helpen aan een passende woning. De nadruk ligt op levensloopbestendige woningen en kleinere woonvormen (die zijn met name interessant voor starters, ouderen, eenpersoonshuishoudens). Nieuwbouw draagt bij aan ontmoeting en verbinding in de wijk, bijvoorbeeld door in de positionering van woningen en de indeling van de openbare ruimte bewust rekening te houden met plekken waar mensen elkaar gemakkelijk kunnen ontmoeten. Waarom gaan we hieraan werken: Uit de analyse blijkt dat het aandeel sociale huurwoningen in Rijpelberg relatief beperkt is. Bovendien blijkt dat hier sinds 2009 slechts één woning is gerealiseerd, waardoor doorstroming in de wijk niet wordt bevorderd. Er is kortom geen sprake van een evenwichtige woningvoorraad. Helmond wil een ongedeelde en inclusieve stad zijn. Dat betekent dat we veel woningen in de sociale huur willen toevoegen, liefst op plekken waar nog weinig sociale huur is.

Dit houdt voor de wijk Rijpelberg in: meer bouw van sociale huurwoningen en toevoeging van bijvoorbeeld nultredenwoningen (gelijkvloers) voor starters en ouderen. Het tegengaan van tweedeling in de stad betekent bovendien dat we streven naar een meer evenwichtige opbouw van de bevolking en woningvoorraad in de wijken. Nieuwbouw kan daarbij een instrument zijn. Gemeenschap, naar elkaar omkijken en voor elkaar zorgen moet de trend worden in onze samenleving. Dit om de zelfredzaamheid en samenredzaamheid te bevorderen. We gaan wijken en nieuwbouw zo inrichten dat ze ‘ontmoeten’ stimuleren, in plaats van ‘ontwijken’. Nieuwbouw dient niet op zichzelf te staan maar is verbonden met groen, winkels, openbare ruimte etc. Dit is extra belangrijk bij woningen die bedoeld zijn voor een zorgdoelgroep: het gaat niet alleen over de juiste woning, maar ook over een passende huurprijs, ondersteuning in de buurt, (mantel)zorg in de nabijheid, bestaanszekerheid en meedoen in de maatschappij.

’t Lobke

| 10 |

| 11 |

In de wijk zelf is nog geen woonzorgvoorziening voor ouderen. De vergrijzing is nu nog laag, maar groeit wel de komende jaren, al zien we daarin geen zorgwekkende ontwikkeling van grote concentraties in de wijk op niet-passende locaties. Aangrenzend in Brouwhuis is wel een woonzorgvoorziening (Woonzorgcentrum Rivierenhof van Savant). ORO en GGZ hebben op dit moment een locatie aan de Baroniehof en diverse dagbestedingsplekken. Knelpunten en kansen: • Knelpunt: Er staan ca. 120 woningen op de planning voor de komende jaren (’t Lobke en Baroniehof). Op dit moment zijn er geen andere concrete/uitgewerkte plannen in Rijpelberg om woningen toe te voegen. • Kans: De aanwezigheid van een aantal beschikbare bouwlocaties, zoals Betuwehof, Twentehof en Groningenhof biedt de kans om andere woningen aan de woningvoorraad toe te voegen en zo ook te zorgen voor een meer evenwichtige opbouw van de bevolking. Nieuwbouw is een kans om woningen toe te voegen in Rijpelberg die nu relatief weinig aanwezig zijn (denk aan levensloopbestendige woningen, sociale huurwoningen). Een passend aanbod van reguliere woningen én wonen en zorg levert een bijdrage aan doorstroming in de wijk. • Knelpunt: Er wonen in Rijpelberg al veel een- en tweepersoonshuishoudens (39%) en de prognose is dat dit alleen maar zal toenemen. Zij wonen nu veelal in eengezinswoningen.

De wijk heeft een behoorlijk aantal kwetsbare inwoners. De eenzaamheid is hoog en de sociale cohesie relatief laag en er wonen relatief veel mensen voor wie het lastig kan zijn om mee te draaien in de maatschappij. Er wordt relatief vaak een beroep gedaan op de jeugdzorg. • Kans: Met nieuwbouw van appartementen/kleine woonvormen kan doorstroming plaatsvinden uit de grote bestaande voorraad eengezinswoningen in Rijpelberg van een- en tweepersoonshuishoudens. Daarnaast is het de moeite waard om met partners te kijken of kleinschalige geclusterde woonvormen mogelijk zijn, met een gemeenschappelijke ruimte (in de buurt). De jeugdproblematiek vraagt vooral om oplossingen in zorg, ondersteuning en educatie, niet zozeer om een woonoplossing of aangepaste woonvormen. Voor de andere kwetsbare doelgroepen is het vooral kansrijk te zorgen dat er voldoende aandacht is voor ondersteuning en zorg in de buurt, ontmoeting, acceptatie, mix van dragers en vragers, etc. Aan de woningbehoefte kan worden voldaan door toevoeging van sociale huur en woonruimte voor eenen tweepersoonshuishoudens (ook door woningdelen zie pijler 1 van deze bouwsteen). Wat doen we op dit moment al: We werken in Rijpelberg aan twee woningbouwprojecten: ’t Lobke (reguliere woningen) en Baroniehof (reguliere woningen en zorgwoningen).

Deze projecten vormen de eerste stappen richting een woningaanbod dat beter aansluit op de behoeften van diverse doelgroepen. In de plannen staat verbinding centraal. Door gemeenschappelijke ruimtes en een goede aansluiting op groen, winkels, voorzieningen te realiseren, wordt de sociale cohesie in de wijk versterkt.

4

5 6

3

7

1

Ontwikkelingen:

2

1. MFA Rijpelberg

Lopende woningbouwontwikkelingen 2. Baroniehof 3. ‘t Lobke Potentiële woningbouwlocaties 4. Betuwehof 5. Twentehof 6. Groningerhof Potentiële locatie voor andere functies 7. Theo Driessenhof

#

Kansen voor woningbouw

Pijler 3: Verduurzaming van warmtenet en bestaande woningen Doelstelling 2040: De warmtenet-centrale is verduurzaamd. De woningen in Rijpelberg zijn aangepast om optimaal van het verduurzaamd warmtenet te profiteren. Bewoners kunnen gebruik maken van advies en financiële ondersteuning in de vorm van subsidies en/of leningen. De groene uitstraling van de wijk is terug te zien in de tuinen van woningen en in de openbare ruimte (zie bouwsteen 3: Openbare Ruimte). Waarom gaan we hieraan werken: De gemeente Helmond wil een duurzame, innovatieve en gezonde gemeente zijn. Een plek waar inwoners nu en in de toekomst fijn kunnen wonen, werken en recreëren, in een stedelijke omgeving met zowel voorzieningen als rust, ruimte en natuur. Het is onze ambitie om in 2035 klimaatneutraal te zijn. Daarom zetten we nu in op duurzame energie in plaats van fossiele brandstoffen, minder energieverbruik en vergroenen van de omgeving. In Rijpelberg zijn bijna alle panden aangesloten op het warmtenet. Knelpunten en kansen: Verduurzaming van warmtenet en bestaande woningen

•

•

| 12 |

Knelpunt: De warmtecentrale die het warmtenet voedt wordt op gas gestookt. Het bestaande warmtenet van Ennatuurlijk dat 6.500 woningen (waaronder alle woningen in Rijpelberg Oost en West) voorziet van warmte heeft een verduurzamingsopgave. Deze opgave is niet eenvoudig te behalen en kent diverse onderdelen. Een belangrijk onderdeel is het installeren van een aquathermiecentrale (locatie BZOB) die ‘s zomers warmte uit de Zuid-Willemsvaart haalt en opslaat in de grond om deze in de winter naar de woningen te brengen. In theorie vult de aquathermiecentrale 60% van de warmtebehoefte in. Daarnaast worden e-boilers ingezet om water met elektriciteit te verwarmen. Knelpunt: Het komt voor dat bewoners in deze wijk zoeken naar alternatieven om minder afhankelijk te zijn van het warmtenet.

| 13 |

•

• •

•

•

• •

Daarbij is te denken aan het plaatsen van airco-systemen, maar ook houtkachels en pelletkachels worden hiervoor aangeschaft. Dit laatste heeft invloed op de luchtkwaliteit in de wijk, ook omdat het stookgedrag niet altijd optimaal is. Om bewoners goed mee te nemen, is transparante (en meertalige) communicatie over verwarmen en verduurzamen van je woning essentieel. Energiehuis Slim Wonen kan hierin een belangrijke rol spelen met onafhankelijk advies. Kans: In Rijpelberg zijn bijna alle panden aangesloten op het warmtenet. Indien de woningen in de betreffende buurten nog verder kunnen worden geïsoleerd dan kan in de toekomst worden volstaan met een lagere aanvoertemperatuur. De temperatuur van het water in het warmtenet kan dan van 70 tot 80 graden, terug naar 50 tot 60 graden. Het is wel van belang om inwoners hier goed over te informeren om maatregelen in de eigen woning te nemen. Dat varieert van het hebben van een goed functionerende warmte-wisselunit, het goed inregelen van de binneninstallatie (warmteafgifte, oftewel radiatoren) en het isoleren van vloer, dak en gevel. Kopers en huurders in de wijk moeten meegenomen worden in wat dit betekent (meer comfort en betaalbaarheid) en van welke financiële ondersteuning in de vorm van subsidies en/of leningen zij gebruik kunnen maken. Kans: de verduurzamingsslag kan een positief effect hebben op de energielabels van woningen.

Zo kan een woning met label C opklimmen naar B of A. Dat is niet vanzelfsprekend, maar met de juiste maatregelen wel mogelijk. Knelpunt: Het vertrouwen van bewoners in politiek en overheid is de afgelopen jaren gedaald. Daar hebben we ook in Rijpelberg mee te maken. Daar dienen we rekening mee te houden bij het uitrollen van campagnes om je eigen woning te verduurzamen. Bovendien is de Rijpelberg een internationale wijk: een deel van de mensen kan onze brieven moeilijk lezen. Kans: Werken met ambassadeurs in de wijk. Bewoners met affiniteit met duurzaamheid, die een rol kunnen vervullen in het informeren en enthousiasmeren van wijkbewoners. Vergroening Kans: Groen biedt kansen voor verkoeling, isolatie zodat er minder gestookt hoeft te worden (groene daken), sociale cohesie (samen boomtuintjes adopteren), etc. Een groene leefomgeving helpt inwoners om zich gezonder te voelen. We moedigen bewoners aan om hun omgeving te vergroenen en ondersteunen initiatieven zoals Operatie Steenbreek en buurtmoestuinen actief. Daarbij houden we rekening met het feit dat niet alle bomen te behouden zijn. Bomen die wel kunnen blijven, willen we de ruimte geven om te groeien. Knelpunt: We zien dat in Rijpelberg op sommige plekken sprake is van verloedering van voortuinen. Dit heeft een groot effect op de woonbeleving.

Kans: Goed onderhouden tuinen hebben een positief effect op de leefbaarheid in een wijk of buurt. Bovendien is het een kans om aandacht te hebben voor biodiversiteit, wateroverlast en verdroging (dus geen verharding van tuinen). Groen biedt ook kansen voor verkoeling, isolatie, zodat je minder hoeft te stoken (groene daken), sociale cohesie (samen boomtuintjes adopteren), je (mentaal) gezonder voelen, etc. Een groene leefomgeving helpt inwoners om zich gezonder te voelen. Daarom moedigen we bewoners aan om hun omgeving te vergroenen, en helpen we hen daarbij. Aandacht geven aan groen biedt ook kansen voor het verbeteren van de sociale cohesie. Bijvoorbeeld als mensen ook de tuin van de buurman bijhouden, omdat hij het zelf niet meer kan.

Wat doen we op dit moment al: Gemeente Helmond, Ennatuurlijk, Woonpartners, Compaen, het Energiehuis Slim Wonen en de Belangengroep Stadsverwarming Helmond zijn regelmatig met elkaar in overleg. Daar worden de ontwikkelingen met betrekking tot het warmtenet met elkaar gedeeld. Dat gaat over verduurzaming van het warmtenet, reparaties aan het warmtenet, informatie over warmtelevering en –tarieven en mogelijkheden voor het verduurzamen van woningen. Via Ennatuurlijk is het mogelijk om een warmtewissel-unit te lenen/huren. Deze zit in iedere woning en verslijt na verloop van tijd. Een nieuwe kopen is een optie, maar een goedkoper alternatief is huren via Ennatuurlijk. Ook op gemeenteniveau lopen er acties op het gebied van verduurzaming. Zo biedt de gemeente inwoners de mogelijkheid om een duurzaamheidslening af te sluiten om hun woning duurzamer en energiezuiniger te maken. Ook is er een subsidie voor isolatie, om bijvoorbeeld de (spouw)muren, dak of ramen te isoleren, en een subsidie voor groene daken. Het Energiehuis Slim Wonen biedt onafhankelijke voorlichting over energie besparen en verduurzamen van de woning.

| 14 |

Aansluitend op wat de gemeente doet in de openbare ruimte (zie ook Bouwsteen Openbare ruimte) werken de corporaties aan een klimaatbestendige woonomgeving door bewoners te stimuleren hun tuin te vergroenen (als onderdeel van deelname aan Operatie Steenbreek).

Bouwsteen 2: Openbare ruimte Doelstelling 2040: De integrale aanpak van de wijk wordt de nieuwe werkwijze in Rijpelberg. De drie belangrijke topics in de openbare ruimte moeten functioneel met elkaar integreren. Dat zijn groen, water en verhardingen. De wijk moet bloeien en een veilige, groene omgeving bieden. Zo verlagen we de drempel tot ontmoeten en bewegen. Dat draagt bij aan het karakter van de wijk.

Pijler 1: Groen & biodiversiteit Zoals reeds genoemd draagt groen bij aan spelen, bewegen en ontmoeten, hetgeen positieve effecten heeft op de mentale en fysieke gezondheid van de wijkbewoners. In een rapportage van Groen Goud (2020) is een analyse gemaakt van het groen in de wijk. Hierin staan een aantal belangrijke knelpunten en kansen. Knelpunten & kansen: • Kans: Rijpelberg is een zeer groene wijk omdat die gebouwd is in een voormalig bos. De uitlopers van de noordelijk gelegen Bakelse Bossen zijn deels behouden. In totaal is 28% van het totale oppervlak van de wijk openbaar groen. Dat is 5 tot 10% groener dan de landelijke mediaan. Dit heeft voordelen in relatie tot hittestress. Het is belangrijk om met name de oudere bomen zoveel mogelijk te behouden. • Knelpunt: het groen is niet altijd slim verbonden en niet altijd even aantrekkelijk. Dit biedt kansen voor verbetering om mensen meer te binden met het groen en de diversiteit te verhogen. • Knelpunt: Het openbaar groen in deze wijk bestaat niet alleen uit gras met bomen, maar ook struiken. Dit zijn wel voornamelijk ouderwetse struiken, die soms ook ‘op’ zijn en/of moeilijke groeiomstandigheden hebben. Het toevoegen van meer bloei en kleur is nodig. • Knelpunt: In de woonstraten zijn veel bomen verdwenen en hebben de overgebleven bomen beperkte groeimogelijkheden.

Bomen in verharding hebben vaak wortelopdruk van de bestrating tot gevolg. • Kans: Hier liggen kansen voor vergroenen in combinatie met het vergroten van de sponswerking door boomvakken te vergroten en waar mogelijk overbodige verharding te verwijderen. • Knelpunt: De aansluiting van de verschillende groene plekken op de woonstraten kan soms beter. • Kans: De grote groene plekken in Rijpelberg hebben elk een eigen karakter, van wandelbos tot speelplek. Het opheffen van de school aan het Theo Driessenhof biedt mogelijkheden tot het vernieuwen van de omliggende groenplek. Hier kunnen groen, spelen, ontmoeten en waterberging goed samenvallen. De exacte invulling daarvan wordt nader onderzocht. Te denken valt aan het upgraden van het dierenpark of de speeltuin of een klein buurtgebouw voor kleinschalige activiteiten. Wat doen we op dit moment al? • De afgelopen jaren was er op sommige plaatsen in Rijpelberg sprake van achterstallig groenonderhoud. Inmiddels is een inhaalslag gemaakt met het onderhoud en wordt voldaan aan het gewenste onderhoudsniveau.

Pijler 2: Water & riolering In Rijpelberg is geen oppervlaktewater aanwezig, maar er ligt een rioleringssysteem dat zorgt voor de afvoer van overtollig water en de drooglegging van de wijk. Dit rioleringssysteem zorgt ook voor de afvoer van afvalwater.

| 15 |

Knelpunten & kansen: • Knelpunt: in Rijpelberg ligt gemengde riolering. Dit heeft tot gevolg dat relatief veel regenwater onnodig afgevoerd wordt naar de AWZI. • Kans: door pleksgewijs regenwater af te koppelen en lokaal op te vangen kan dit verminderd worden. • Knelpunt: verdroging is een probleem in Rijpelberg vanwege de hoge zandgronden en het hoogteverschil tussen gebieden. • Kans: daarom is het belangrijk om zoveel mogelijk water lokaal vast te houden en te laten infiltreren in de bodem. Ook moet in sommige gevallen worden gekozen voor een andere soortkeuze. • Knelpunt: bij piekbuien is de kans op wateroverlast op enkele plekken in de wijk groter. Dit komt door de hoogteverschillen tussen verschillende straten. Het aanleggen van wadi’s kan het probleem enigszins verhelpen, maar het lost het probleem niet op. • Knelpunt: in bepaalde delen van de wijk, zoals het waterwingebied bij de Bakelse Bossen, mogen geen ondergrondse infiltratiesystemen worden toegepast vanwege de bescherming van drinkwater. Dit beperkt de mogelijkheden om lokaal regenwater te verwerken en vraagt om alternatieve oplossingen. Wat doen we op dit moment al: • Momenteel wordt gewerkt aan het opstellen van een wijkwaterplan. Dit is een allesomvattend plan met daarin een toekomstvisie op hoe Rijpelberg klimaatadaptief kan worden ingericht voor zover dit wateroverlast betreft.

De komende jaren worden hiervoor (ondergrondse) regenwaterbergingen in het Twijnsterhof en Dennerode aangelegd. Ook in het Peelhof en het Kempenhof zullen voorzieningen nodig zijn. Onderzocht wordt hoe ook het park aan het Theo Driessenhof een functie kan krijgen in de opvang van regenwater, door middel van bovengrondse waterberging (wadi’s). • Ook staan er de komende jaren een aantal grote en kleine projecten op de planning, zoals de herinrichting van het Theo Driessenhof, de versterking van de Peelhof en het Maurickplantsoen (dit worden multifunctionele, groene plekken, waarbij bij het Maurickplantsoen de nadruk ligt op het verbeteren van de speelfunctie) en de aanleg van waterbergvoorzieningen. Natuurlijk wordt onderzocht wat de meest wenselijke invulling is.

Pijler 3: Wegen & verhardingen Doelstelling 2040: Een van de grootste projecten, de reconstructie van de Weg door de Rijpel, is afgerond. De Weg door de Rijpel is de verbindende weg tussen de deelgebieden en bestaat niet meer uit een lappendeken van herstelwerkzaamheden, maar uit een strakke toplaag van asfalt of klinkers. Bij de ontwerpkeuze is rekening gehouden met het verbeteren van de veiligheid en de toegestane maximumsnelheid is teruggebracht tot 30 km/h. Zo ontvouwt de hele Rijpelberg zich tot een 30-km/h-zone. Het merendeel van de verhardingen in de hofjes is nog de oorspronkelijke verharding. De inrichting oogt dan ook enigszins gedateerd. De kwaliteit, vlakheid en slijtage van de materialen is over het algemeen nog op voldoende niveau. Met klein onderhoud worden lokale schades of verzakkingen verholpen. Knelpunten & kansen: • Kans: een deel van de fietspaden is in de afgelopen jaren vernieuwd. De rest komt de komende jaren aan de beurt. • Knelpunt: in steeds meer delen van de wijk nadert de verharding het einde van zijn technische levensduur, die zal vervangen worden.

•

• •

Wat doen we op dit moment al: Op basis van weginspecties wordt een meerjaarlijks onderhoudsprogramma gedraaid. Dit bestaat uit kleinschalig onderhoud (vakken kleiner dan 10-20 m2) en groot onderhoud. Dit laatste kan een hele straat omvatten. Delen van de vrij liggende fietspaden Nemelaerhof en Frieslandpad worden de komende jaren vernieuwd. Vernieuwen van een deel van het Veluwehof is opgenomen in het vervangingsprogramma. Daar waar maatregelen worden getroffen om regenwaterbergingen aan te leggen, kunnen ook verhardingen vernieuwd worden.

| 16 |

Bouwsteen 3: Mobiliteit & verkeer Pijler 1: Bereikbaar voor iedereen Doelstelling 2040: Een bereikbare wijk voor alle vervoerswijzen. Een wijk waarin je te voet, per fiets en per auto gemakkelijk en veilig jouw bestemming kunt bereiken. Zo maken wij de wijk veilig, toegankelijker en bereikbaar door directe en toegankelijke voet- en fietspaden te behouden en waar mogelijk uit te breiden. Waarom gaan we hier aan werken: Rijpelberg heeft veel smalle en kronkelige - vaak vanuit de hoofdweg- direct zichtbare verbindingen en doorgangen. Hierdoor kunnen soms niet alle verschillende gebruikers gemakkelijk met elkaar overweg. Bijvoorbeeld wanneer het trottoir wordt opgeheven om parkeerplaatsen aan te leggen, of het fietspad wordt verbreed ten koste van de autorijbaan. Bij de keuzes voor de inrichting van de openbare ruimte staat toegankelijkheid voorop, daarna pas kan worden gekeken naar de verdeling van de openbare ruimte. Zo ook hoe de vraag naar parkeerplaatsen wordt ingevuld. Knelpunten & kansen: • Kans: er wordt veel gefietst en gewandeld in de wijk. Door het groene karakter van de wijk begeef je je heel snel op een rustige loop- of fietsroute. Fiets- en voetpaden verbinden de wijk in directe, rechte lijnen. Deze sluiten bovendien aan op toekomstige snelfietspaden richting Deurne, Asten en Gemert.

Maatregelen als deze zorgen ervoor dat lopen en fietsen gemakkelijker en sneller worden ten opzichte van autorijden. Hiermee stimuleren wij duurzame vervoerswijzen des te meer. • Knelpunt: er ontbreekt een goede fietsverbinding tussen Deurne-Rijpelberg-Helmond Centrum. • Kans: in 2040 is er daarom een snelfietsroute gecreëerd tussen Deurne en Helmond Centrum. Er wordt een fietslus aangelegd die aantakt op de nieuwe MFA in Rijpelberg, waardoor fietsers zich snel kunnen verplaatsen naar Helmond Centrum en Deurne. Daarmee stimuleren we het gebruik van een duurzame vervoersoptie en dragen we indirect bij aan de leefbaarheid in de wijk. • Kans: in de wijk zijn door de jaren heen veel ‘achterommetjes’, ‘olifantenpaadjes’ en sluipweggetjes tot stand gekomen. Deze kenmerken vaak de natuurlijke loop van bewoners in de voor hun belangrijkste looproutes. In veel gevallen biedt dit kansen om een (veel)gebruikte route te formaliseren. • Knelpunt: een risico hierbij is dat er kruisingen ontstaan op plekken waar dit de verkeersveiligheid doet vermindert. Deze moeten – in overleg met de wijk – nader onderzocht worden, veilig worden gemaakt of door middel van obstakels afgesloten worden. Daarom moet worden gekeken of de route wel wenselijk is. • Knelpunt: aan de Weg door de Rijpel ontbreekt op delen een voetgangersstructuur.

Samen met de oversteekplaatsen zijn deze essentieel voor het veilig (en direct) bewegen door de wijk. Helaas is de doorgaande weg niet breed. Daarom moet bij het wegontwerp worden gekeken waar een trottoir toegepast kan worden. Als dat niet mogelijk is, kijken we op afzienbare afstand voor een alternatief. Dit met doel om geen doodlopende trottoirs te creëren, zoals die op plekken in de wijk wel zijn ontstaan. • Knelpunt: de oversteekplaatsen hebben hier indirect mee te maken. Oversteken kan namelijk niet overal op een verantwoorde manier. Met name bewoners die slecht ter been zijn of gebruikers van hulpmiddelen hebben nu op een aantal plekken te maken met mobiliteitsonvriendelijke overgangen. Zo zijn trottoirs soms niet begaanbaar of houden abrupt op. Het toevoegen van een zebraplaats op een centrale locatie biedt ook mogelijkheden. • Kans: wanneer de Weg door de Rijpel onder handen genomen wordt, moet men ook kijken naar de invulling van veilige aansluitingen van zijstraten en oversteekplaatsen en duidelijk zichtbare zebrapaden. Daardoor kan iedereen zich verplaatsen volgens de ontstane verkeersstructuur. • Knelpunt: gevoelsmatig worden de fietspaden weinig gebruikt. Om de intensiteit en logische routes te onderzoeken, moet inzicht worden gebracht in de gebruikersaantallen.

Op basis hiervan kan nader worden bekeken of de veel (en weinig) gebruikte routes aanpassingen behoeven. Gezien de samenvoeging van diverse scholen in Rijpelberg, moet er in dit onderzoek ook rekening worden gehouden met het te realiseren multifunctionele accommodatie (MFA).

| 17 |

Wat doen we op dit moment al: De openbare ruimte is vaak schaars. Daarom kijken we naar het samenvoegen en combineren van vervoerswijzen waar mogelijk. Een voorbeeld hiervan is lopen op het fietspad. Dit is formeel toegestaan, maar bij weggebruikers niet bekend. Om hier aandacht aan te vestigen, is een tijdje geleden een bord geplaatst langs de Rijpelbaan. Onveilige onverharde paadjes sluiten wij waar nodig af met, indien mogelijk, een natuurlijke blokkade. Dit kan bijvoorbeeld begroeiing zijn, of een boomstam. Wanneer de aansluiting wel op een veilige manier voorzien kan worden, nemen we deze mee bij groot onderhoud aan de verharding. Tegelijkertijd kijken we waar olifantenpaadjes juist functioneel zijn: vaak geven ze de voorkeur van bewoners aan. Deze routes worden, waar het veilig kan, geformaliseerd en opgenomen in de wijkstructuur. Daarnaast is er controle op opdruk van boomwortels, beschadigingen of obstakels op het trottoir. Deze worden door de beheerder hersteld.

Pijler 2: Zichtbaar en veilig in de wijk Doelstelling 2040: Rijpelberg kenmerkt zich door veel groen, smalle straten en veel bochten. Slecht zicht op tegemoetkomend of kruisend verkeer kan leiden tot onveilige situaties. Daarom zorgen we voor goed zicht op kritieke punten, met het oog op de verkeersveiligheid. Waarom gaan we hier aan werken: Slecht zicht en een (te) hoge snelheid kan leiden tot een conflict. Vaak lopen deze conflicten net goed af, maar een kans op een ongeval blijft bestaan. Daarom willen wij waar mogelijk dit soort situaties voorkomen. Knelpunten & kansen: • Knelpunt: door de vele aansluitingen van de woonwijk op de Weg door de Rijpel zijn er veel (onoverzichtelijke) kruisingen met de hoofdweg, dit komt de verkeersveiligheid niet ten goede. • Kans: op kruisingen willen wij de veiligheid verhogen en borgen. Ook het ontwerp van de Weg door de Rijpel is hier van invloed. Door bijvoorbeeld een lagere rijsnelheid op de doorgaande weg te hanteren, een fietssuggestiestrook toe te voegen, plateaus/rotondes toe te voegen, bochten aan te pakken of de weg te versmallen, vergroten we de reactietijd van weggebruikers. De exacte maatregelen en effecten worden nader onderzocht. In het proces worden bewoners betrokken door middel van participatiebijeenkomsten.

• Knelpunt: daarnaast zijn er in sommige gevallen objecten of begroeiing op hoeken van straten, die het zicht belemmeren. In sommige gevallen zijn deze objecten niet verplaatsbaar. In een dergelijk geval kunnen we de veiligheid alleen verbeteren door de weg anders in te richten. Wat doen we op dit moment al: In groenonderhoud wordt rekening gehouden met te hoog groen nabij kruispunten. Waar mogelijk intensiveren we de ‘verkeerssnoei’ (snoeien rondom wegen en kruispunten). Zeker in een groene wijk als Rijpelberg groeit er veel en hard. Het is daarom essentieel dat dit op belangrijke plekken goed wordt geborgd.

Pijler 3: Verplaatsingsmogelijkheden Doelstelling 2040: Een leefbare wijk waarin een auto niet noodzakelijk is om je goed te verplaatsen. Er zijn immers andere middelen van vervoer.

Overzicht van alle verplichte fietspaden in Rijpelberg

Waarom gaan we hier aan werken: In de wijk wordt veel parkeerdruk ervaren. Vanwege een schaarse openbare ruimte is dit niet altijd op te lossen met het aanleggen van meer parkeerplaatsen. Daarom kijken we ook naar alternatieve oplossingen voor dit probleem. Vaak zijn dit maatwerkoplossingen, gericht op de (structuur van de) wijk en haar inwoners. Knelpunten & kansen: zoals bij het scoutingterrein • Knelpunt: in recreatiegebied Berkendonk ervaren wijkbewoners overlast van recreanten die hun auto in de wijk parkeren en vervolgens naar de plas wandelen. Het toevoegen van parkeerplekken kan een oplossing zijn. • Knelpunt: de auto is nog vaak dominant in het straatbeeld. • Kans: naast het optimaliseren van bestaande parkeerplaatsen, wordt ook ingezet op verplaatsingsmogelijkheden. Bijvoorbeeld door fietsen te stimuleren, openbaar vervoer te verbeteren én autobezit te ontmoedigen. We zetten daarom in op bewustwording voor de volgende thema’s:

| 18 |

| 19 |

• • • • • •

(Snel)fietspaden en korte afstanden Ruimte & kosten voor de auto Openbaar & flexibel vervoer Een toegankelijk OV voor alle typen gebruikers Een centraal opstappunt in de wijk (hub) Een planbare reis (hub)

Een belangrijk thema hierin is dan ook het toevoegen van een wijkhub. Bij een hub worden vervoersvoorzieningen bij elkaar gebracht en gekoppeld. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een bushalte, deelvervoer en mogelijk andere activiteiten zoals winkelen, vergaderen of het ophalen van pakketten. Wat doen we op dit moment al? Met buurgemeenten werken wij aan verbindende snelfietsroutes tussen Helmond – Deurne, Asten en Gemert. De directe fietsroutes maken (dagelijks) reizen tussen de gemeenten een stuk sneller en comfortabeler. Tegelijkertijd werken we aan het optimaliseren van fiets- en wandelroutes binnen de wijk. Deze verbindingen moeten beter op elkaar aansluiten en logisch uitkomen op de nieuwe snelfietsroute. Voor openbaar vervoer rijdt sinds vrij recent de deeltaxi (Taxbus). Dit flexibele openbaarvervoersconcept heeft ruimere tijden dan de traditionele lijnbus en biedt meer mogelijkheden aan gebruikers.

Bouwsteen 4: Meedoen & Ontmoeten Pijler 1: Ontmoeting zonder drempel/ ontmoeting tussen jong en oud Doelstelling 2040: In Rijpelberg staat een multifunctionele accommodatie (MFA). Dit gebouw is goed bereikbaar, uitnodigend én laagdrempelig voor alle bewoners uit de wijk. Zowel bewoners als professionals weten de weg naar de MFA makkelijk te vinden. In het MFA ontstaan nieuwe samenwerkingen. Er worden (bewoners)initiatieven ontplooid en activiteiten georganiseerd voor jong en oud. Bewoners kunnen hier terecht voor ontspanning, ontmoeting, informatie, educatie, zorg en ondersteuning. Waarom gaan we hieraan werken: Rijpelberg mist op dit moment een bruisende plek waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Wijkhuis De Brem is niet goed vindbaar/ zichtbaar. Daarnaast is het wijkhuis niet laagdrempelig genoeg voor alle doelgroepen in de wijk. Bovendien zijn de ruimtes niet multifunctioneel. Dit alles zorgt ervoor dat wijkhuis De Brem onvoldoende kan worden beschouwd als hét centrale ontmoetingspunt in Rijpelberg. Knelpunten en kansen: • Knelpunt: De Brem kan niet voldoen aan de behoeftes die er leven bij de bewoners in Rijpelberg, daardoor komen nieuwe initiatieven moeizamer op gang. Voorzieningen zijn versnipperd in de wijk, wat de samenwerking belemmert.

• Kans: het inhoudelijk en mogelijk ook ruimtelijk verbinden van maatschappelijke voorzieningen (Integraal Kind Centrum en wijkhuis in één MFA) kan bijdragen aan het versterken van een sociaal maatschappelijk sterke wijk. Het combineren van kindgerelateerde functies met ondersteunings- en ontmoetingsfuncties voor alle wijkbewoners geeft de wijk een sociaal-maatschappelijke impuls. Als partijen in de MFA samenwerken en samen activiteiten ontwikkelen vanuit een gezamenlijke visie op de wijk ontstaat er een passender en inclusiever aanbod, dat meer impact heeft op de wijk. Activiteiten brengen jong en oud met elkaar in contact. Door samen op te trekken kan er een rijker aanbod aan voorzieningen worden gerealiseerd die apart van elkaar niet te bekostigen zouden zijn. Hierdoor zullen in de praktijk verschillende doelgroepen en leeftijdscategorieën met elkaar verbonden worden waardoor vereenzaming wordt tegengegaan en ontmoeting gestimuleerd wordt. Wat doen we op dit moment al: • Diverse partijen hebben al gewerkt aan een plan van eisen voor de nieuwe MFA. Hierin staat samenwerking en ontmoeting centraal. Dit plan is vooral gericht op het fysieke stuk. • Professionals en bewoners maken gebruik van wijkhuis De Brem om hun activiteiten uit te voeren.

• De Brem heeft twee keer per jaar een gebruikersoverleg waarbij onderlinge afspraken tussen vaste gebruikers worden gemaakt en vastgehouden. • De Brem werkt nauw samen met de basisscholen en kinderopvang. • Bewoners met initiatieven kunnen ondersteuning krijgen om hun initiatief verder vorm te geven.

| 20 |

| 21 |

Pijler 2: Verbinden op maat/ passende verbindingen Doelstelling 2040: Bewoners ervaren geen drempels meer om deel te nemen aan passende ontmoetingen waar ze zelf behoefte aan hebben. Waar de vorige doelstelling voornamelijk op de MFA gericht was, gaat deze pijler meer over de ontmoeting in de hele buurt en de activiteiten die er plaatsvinden. We willen dat inwoners (jong en oud) met soortgelijke behoeftes meer met elkaar in contact komen/zijn. Denk bijvoorbeeld aan alleenstaande moeders die behoefte hebben aan contact, of ouderen die zich eenzaam voelen. Daar kan een gebouw als het MFA faciliterend aan zijn. Verbinden naar behoefte is het motto. Waarom gaan wij hieraan werken: Rijpelberg kent veel kwetsbare inwoners die beperkt participeren omdat zij een drempel ervaren deel te nemen aan bestaande vormen van ontmoeting in de wijk. Uit onder andere gesprekken met wijkbewoners en in de wijk actieve professionals wordt geconstateerd dat de leefbaarheid in diverse subbuurten in Rijpelberg onder druk staat. Hier wonen in bepaalde buurten veel mensen met eenzelfde soort achtergrond, problematiek etc. Dan wordt het lastiger om iets voor elkaar te kunnen betekenen.

De afnemende sociale cohesie uit zich met name door de toenemende eenzaamheid, de individualisering en de beperkte mogelijkheden voor ontmoeting, langs elkaar af leven, beperkt meedoen in de wijk en een drempel om elkaar aan te spreken op gedrag. Tegelijkertijd blijkt uit gesprekken dat veel bewoners in de wijk anonimiteit ervaren, maar daar wisselend mee omgaan. Sommigen ervaren het als probleem, anderen niet. Daarom starten we met een onderzoek naar de behoefte aan meer verbinding. Dat voorkomt dat we energie steken in iets wat geen draagvlak heeft. Als er wel behoefte is, koppelen we het vervolg aan bestaande programma’s zoals ‘Achter de Voordeur’. Knelpunten en kansen: • Knelpunt: uit de cijfers blijkt dat 54 procent van de mensen tussen 18 en 65 jaar zich weleens eenzaam voelt. • Kans: iedereen (alle inwoners, ook kwetsbare mensen die elders moeilijk aansluiting vinden), kan meedoen. Als we meer verbinding op maat realiseren, kan dat mensen de kracht geven om hun leven weer op te pakken. Dit heeft een positief maatschappelijk effect. Het versterkt sociale inclusie, bestrijdt eenzaamheid en stimuleert vrijwilligerswerk. Daarnaast biedt het een informele vorm van hulp aan medebewoners. Ontmoeting zonder drempels fungeert als vangnet voor kwetsbare inwoners.

Door ontmoeting te bevorderen, zowel op traditionele als vernieuwende manieren, ontstaan nieuwe verbindingen en worden bestaande initiatieven versterkt. Dit vergroot de zelfredzaamheid in de wijk. Sleutelfiguren worden hierbij actief betrokken om deze doelen te ondersteunen.

Knelpunten en kansen: • Knelpunt: er is geen overzicht voor bewoners van welke activiteiten er plaatsvinden in de wijk. Hierdoor nemen mensen minder deel aan activiteiten die bedoeld zijn om meedoen en ontmoeten te stimuleren. Bewoners en professionals missen actuele informatie over de wijk. • Kans: door een online buurtplatform maken de bewoners samen een betrokken buurt, worden krachtbronnen in de wijk erkend en beter benut, ontmoetingen tussen bewoners gestimuleerd en bewoners gemotiveerd om mee te doen. Onderlinge contacten tussen het informele en professionele netwerk worden versterkt via het online platform. Wat doen we op dit moment al: • Verschillende partijen (informeel en formeel) maken al gebruik van social media. • Nieuwsbrief Rijpelberg Daarnaast wordt gewerkt aan een digitaal communicatieplatform waarop bewoners én professionals overzicht houden van alle activiteiten, nieuws en initiatieven in de wijk. Daarbij onderzoeken we of bestaande initiatieven zoals Mijnbuurtje geschikt zijn voor Rijpelberg. Om de betrokkenheid verder te vergroten, starten we met een wijkkrantje dat wordt gemaakt door een redactie van bewoners zelf. Hierin kunnen verhalen, activiteiten en ideeën gedeeld worden, zodat meer mensen zich herkennen in de wijk en zich uitgenodigd voelen om mee te doen.

Bouwsteen 5: Gezondheid & Zorg Pijler 1: Betere samenwerking partners Doelstelling 2040: In 2040 werken de gezondheidspartners nauw en effectief samen, onderling én met bewoners. Dat geldt ook voor leefbaarheidspartners. Het belang van de bewoner staat altijd voorop. Er zijn korte lijnen en de partners werken samen als één team. Het doel is om hulpverlening te bieden die aansluit bij de behoeften van bewoners, zonder dat verschillende hulpverleners achter hun eigen ‘schotjes’ blijven. Het draait om de vraag: Wat heeft Jantje nodig? En niet om: Wie lost Jantjes probleem op?

Wat doen we op dit moment al: Er worden talloze vormen van ontmoeting georganiseerd in de wijk, door het informele netwerk én professionals. Dit varieert van wijkniveau tot straatniveau. Naast fysieke ontmoeting zetten we ook digitale platforms in om mensen met elkaar te verbinden. Zo gebruiken we Meet5, een app waarmee buurtbewoners elkaar kunnen vinden voor een activiteit. En Linck, een platform van MEE dat gericht is op mensen met een verstandelijke beperking. Ook verwijzen we bewoners bewust naar bestaande initiatieven en successen, in plaats van alles nieuw te organiseren. Daarmee versterken we wat er al is.

Pijler 3: breed gedragen communicatiemiddel Doelstelling 2040: De wijk Rijpelberg heeft een digitaal, breed gedragen communicatiemiddel, voor en door bewoners en professionals. Dit communicatiemiddel zorgt ervoor dat iedereen elkaar weet te vinden en op de hoogte is van alles wat er speelt in de wijk. Ook is hierin aandacht voor taal en laaggeletterdheid. Waarom gaan we hieraan werken: Uit de vele gesprekken die gevoerd zijn in de wijk en met het professionele netwerk blijkt het lastig te zijn om overzicht te krijgen op activiteiten en actualiteiten in de wijk. Dit aanbod is nu versnipperd te vinden op verschillende sociale mediakanalen, websites en flyers. Een digitaal buurtplatform verbindt alles en iedereen.

| 22 |

| 23 |

De aanpak in Helmond vraagt om ontschotting en outreachend werken. Dat betekent dat hulpverleners niet afwachten, maar actief aansluiten bij initiatieven, zoals een buurtlunch. Het maakt niet uit waar of bij wie de vraag terechtkomt. Wat belangrijk is, is dat er vertrouwen is in elkaars expertise en dat er actie wordt ondernomen. Voor bewoners is het niet relevant welke organisatie hulp biedt; het gaat om het resultaat. Team Rijpelberg werkt vanuit die gedachte samen. Als een collega iets signaleert, wordt erop vertrouwd dat daar iets mee gedaan wordt. Zo creëren we een effectieve en toegankelijke hulpverlening in de wijk. Waarom gaan we hieraan werken: Uit gesprekken met professionals blijkt dat de samenwerking beter en effectiever kan, waarbij duidelijk de verwachtingen naar elkaar toe worden uitgesproken. Professionals ervaren op dit moment nog te veel schotten tussen de verschillende organisaties die de samenwerking belemmeren. Bewoners geven aan dat het onduidelijk is bij wie zij terecht kunnen als ze een vraag hebben. Dat vermindert het vertrouwen in de professionals. Door elkaars kennis en kunde optimaal te benutten zullen bewoners sneller gehoord en geholpen worden en worden wachtlijsten minder lang. Knelpunten en kansen: • Knelpunt: diverse partners die in de wijk actief zijn constateren dat de samenwerking verbeterd kan worden.

Nu kan het nog voorkomen dat er verschillende organisaties ondersteuning bieden bij een hulpvraag, zonder dat er onderling met de partners (voldoende) overleg is. Zo wordt er nog te veel in ‘hokjes’ en problemen gedacht. Daarnaast zijn de diverse partners soms lastig vindbaar voor bewoners en zijn er bij diverse partners wachtlijsten. • Kans: als partners korte lijnen hebben en elkaar snel kunnen benaderen, worden bewoners beter en sneller geholpen bij hun hulpvraag en nemen wachtlijsten af. Dit komt de onderlinge dienstverlening ten goede. De Helmond Aanpak kan hierin een rol spelen. Wat doen we op dit moment al: • Zes keer per kwartaal Krachtsoep. Vrijwilligersorganisaties uit de wijk en professionele partners worden informeel geïnformeerd over de werkzaamheden van een van de partners. Daarnaast is er de mogelijkheid informeel bij te praten over wat er speelt in de wijk. • Iedere maand is er een leefbaarheidsoverleg waarbij de ‘vaste’ partners in de wijk (LEVgroep, gemeente, woningcorporaties, politie, boa’s) samen zaken in de wijk bespreken op leefbaarheid gebied en casuïstiek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16506653/1