E. VNG stukken
Tekst van het document
Ingekomen stukken Nummering
2026-05-E18
Onderwerp
E18 VNG 2026 011 Openstelling vacatures VNG bestuur en commissies
Categorie
E VNG ledenbrieven
Datum ontvangst
12-05-2026
Datum raadsvergadering
09-06-2026
Hoofddocument
E18 VNG 2026-011 Openstelling vacatures VNG bestuur en commissies
Nummering
2026-05-E19
Onderwerp
E19 VNG 2026 012 azwa financiering voor gemeenten zorgakkoord
Categorie
E VNG ledenbrieven
Datum ontvangst
12-05-2026
Datum raadsvergadering
09-06-2026
Hoofddocument
E19 VNG 2026-012 azwa financiering voor gemeenten zorgakkoord
Nummering
2026-06-E20
Onderwerp
E20 VNG 2026 013 Begrotingsadvies 2027 2030
Categorie
E VNG ledenbrieven
Datum ontvangst
19-05-2026
Datum raadsvergadering
09-06-2026
Hoofddocument
E20 VNG 2026-013 Begrotingsadvies 2027-2030
1
Nummering
2026-06-E21
Onderwerp
E21 VNG 2026 014 l Actuele ontwikkelingen asiel en migratie
Categorie
E VNG ledenbrieven
Datum ontvangst
28-05-2026
Datum raadsvergadering
09-06-2026
Hoofddocument
E21 VNG 2026-014 l Actuele ontwikkelingen asiel en migratie
Aan de leden
Datum
22 april 2026 Ons kenmerk
U202600205 Lbr. 26/011 Telefoon
0703738393 Bijlage(n)
Onderwerp
Openstelling vacatures VNG bestuur en commissies
Geachte leden van college en gemeenteraad, De VNG zoekt kandidaten voor in totaal 269 vacatures in het bestuur, 10 vaste adviescommissies en 2 colleges. We nodigen alle raadsleden, griffiers, secretarissen, wethouders en burgemeesters van harte uit om zich zo vroeg mogelijk en bij voorkeur uiterlijk woensdag 19 augustus kandidaat te stellen voor een of meerdere vacatures in bestuur, commissies en colleges. Dat doen we in het besef dat op 19 augustus mogelijk nog niet alle colleges zijn gevormd en kandidaten zich pas later kunnen aanmelden.
Aanmelding kandidaten -U kunt zich kandidaat stellen voor de vacatures in bestuur, adviescommissies en colleges tot bij voorkeur uiterlijk woensdag 19 augustus 2026 vóór 12.00 uur - Op de website https://governance.vng.nl/ kunt u zich registreren als kandidaat en aangeven naar welke vacatures uw belangstelling uitgaat - Meer informatie over de kandidaatstelingsprocedure.
Samenvatting Conform de VNG Statuten wordt het merendeel van alle functies opengesteld. Alleen de voorzitter, vicevoorzitter en een deel van de leden van de commissie Europa & Internationaal hebben een doorlopende benoemingstermijn. Hierbij ontvangt u een algemene profielschets voor de bestuurlijke organisatie en werkwijze van de VNG, een algemene profielschets met vereisten voor alle vacatures en specifieke profielschetsen voor het bestuur, de adviescommissies en de colleges.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl
1/11
Vooraf In een samenleving die voor grote maatschappelijke opgaven staat, maken sterke gemeenten samen het verschil. Een krachtige lokale bestuurslaag is daarbij onmisbaar. Als gemeenten staan we er niet alleen voor: als collectief zijn we sterker. Binnen de VNG bundelen we onze kracht, bepalen we samen onze standpunten en laten we één geluid horen, met landelijke impact. Als grootste supporter van gemeenten staat de VNG pal naast lokale bestuurders. We zijn een vereniging waarin bestuurders uit het hele land samenwerken aan oplossingen, kennis delen en elkaar versterken. In onze commissies en het bestuur geven we richting aan de koers van de vereniging en bouwen we samen aan de verenigingsstrategie. Daarbij vertegenwoordigen we gemeenten krachtig in Den Haag, waar we hun gezamenlijke stem laten horen en opkomen voor hun belangen. Voor onze vereniging zoeken we nieuwe bestuurders. Mensen die niet afwachten, maar signaleren, vooruitdenken en initiatief nemen. Die hun kennis en ervaring willen inzetten, willen samenwerken en hun netwerk willen versterken. En zo bijdragen aan sterke gemeenten in heel Nederland. Kandidaat stellen is meer dan een rol vervullen. Het is een kans om mee te bouwen aan de toekomst van gemeenten, om invloed uit te oefenen op landelijke vraagstukken en om samen verder te komen.
We nodigen u van harte uit om een stap naar voren te zetten en een actieve bijdrage te leveren aan de opgaven waar we samen voor staan.
Inhoudsopgave ledenbrief Deze ledenbrief is als volgt ingedeeld: 1. Bestuurlijke organisatie en uitgangspunten kandidaatstellingsprocedure 2. Vacatures in bestuur, vaste adviescommissies en colleges 3. Algemene profielschets en profielschetsen bestuur en per adviescommissie en college 4. Tijdpad kandidaatstellingsprocedure 5. Veelgestelde vragen.
1. Bestuurlijke organisatie en uitgangspunten kandidaatstellingsprocedure Bestuurlijke organisatie In de Najaars ALV van 28 november 2025 hebben de leden enkele wijzigingen aangebracht in de bestuurlijke organisatie van de VNG. De bestuurlijke organisatie kent in de komende bestuursperiode een bestuur, 10 adviescommissies en 2 colleges. De 10 adviescommissies zijn actief op de volgende beleidsterreinen: - Bestuur en Veiligheid (B&V) - Lokaal Bestuur & Democratie (LBD) was Raadsleden & Griffiers - Informatiesamenleving (INF) - Zorg, Jeugd en Onderwijs (ZJO) - Participatie, Werk & Inkomen (PWI) was Participatie, Schuldhulpverlening & Integratie - Asiel, Migratie & Integratie (AMI) was Tijdelijke commissie Asiel & Migratie
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/11
-
Economie, Klimaat, Energie en Milieu (EKEM) Ruimte, Wonen en Mobiliteit (RWM) Financiën (FIN) Raadsleden en Griffiers (R&G) Europa en Internationaal (E&I).
De 2 colleges zijn actief op de volgende beleidsterreinen: - Arbeidszaken (CvA) - Dienstverleningszaken (CvD). Meer informatie over de besluitvorming in de Najaars ALV van 28 november rond de doorontwikkeling van de VNG governance vindt u bij agendapunt 8: Agenda en stukken Najaars ALV 28 november 2025 | VNG
Uitgangspunten voor de kandidaatstellingsprocedure De belangrijkste uitgangspunten zijn: - Alleen de voorzitter en vicevoorzitter van de VNG en een beperkt aantal leden van de commissie Europa & Internationaal hebben een doorlopende termijn. Alle overige vacatures worden opengesteld (inclusief de commissie- en collegevoorzitterschappen) - Bij de selectie van kandidaten staat kwaliteit nadrukkelijk voorop. - De bestuurlijke organisatie is herkenbaar voor de achterban op onder meer de criteria gemeentegrootte, spreiding over het land, partijpolitieke kleur, geslacht en doelgroep (raadslid, burgemeester, wethouder, secretaris, griffier). - Profielschetsen voor het bestuur, de commissies en colleges bevatten de belangrijkste thema’s voor de komende 4 jaar. - Op basis van de thema’s in de profielschetsen worden de leden voor bestuur, commissies en colleges geworven. - De volgende gremia worden gevraagd om aanbevelingen te doen voor kandidaten uit hun specifieke achterban: o de provinciale afdelingen van de VNG o de gemeentelijke netwerken G4, G40, M50, P10, K80 en R8 o de verenigingen van doelgroepen: Nederlands Genootschap van Burgemeesters (NGB), Wethoudersvereniging, Vereniging van Gemeentesecretarissen (VGS), Vereniging van Griffiers (VvG) en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden (NVvR) o de Scoutingscommissie lokale partijen.
Profielschetsen en Verenigingsstrategie 2030 De ‘Verenigingsstrategie 2030: Stap naar voren’ is de koers die de vereniging samen met haar leden heeft uitgezet om gemeenten als collectief en individueel te versterken en hun rol in maatschappelijke vraagstukken te vergroten (zie: 11-verenigingsstrategie-vng-2030.pdf). Centraal hierin staat de filosofie van de omkering. Met kennis van de leefwereld en de uitvoeringspraktijk past het gemeenten om het voortouw te nemen en een stap vaar voren te zetten. Via de strategie brengen we de inbreng van gemeenten samen tot één krachtige stem richting het rijk om
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/11
oplossingen te creëren en maatschappelijke opgaven met impact aan te pakken. Dit vraagt om kandidaten die durven om verantwoordelijkheid te nemen en hun rol als drijvende kracht pakken. Alleen samen kunnen we uitwerking geven aan de ambitie om een stap naar voren te zetten voor sterke gemeenten en een sterke samenleving.
Vertegenwoordiging vrouwen en lokale partijen in VNG governance Vertegenwoordiging vrouwen De Voordrachtscommissie voert al langer een voorkeursbeleid om het aandeel van vrouwen in de VNG governance te verhogen. Dat aandeel steeg van 24% in 2014 naar 30% in 2018 naar 36% in 2022. In diezelfde periode steeg het aandeel van vrouwelijke kandidaten van 25% naar 27% naar 31%. Daarbij is van belang dat het percentage vrouwelijke kandidaten per commissie sterk verschilde. Ook in deze vacatureronde is de inzet van de VNG erop gericht om het aantal vrouwelijke kandidaten te vergroten, zodat de Voordrachtscommissie in staat is om de vertegenwoordiging van vrouwen verder te versterken. In dit verband wijzen wij u ook op het VNG Vrouwennetwerk, een initiatief van onze voorzitter Sharon Dijksma. Dit netwerk richt zich onder meer op het betrekken van meer vrouwen bij het lokaal bestuur. Voor meer informatie: VNG
Vrouwennetwerk | VNG Kandidaten kunnen zich bij hun aanmelding ook als ‘non-binair’ registreren. Ook de vertegenwoordiging van non-binaire personen maakt deel uit van het diversiteitsbeleid van de Voordrachtscommissie. Vertegenwoordiging lokale partijen Na de raadsverkiezingen van 2014 is het aandeel van vertegenwoordigers van lokale partijen in VNG bestuur en commissies verdubbeld van 10% naar 20%. Dat aandeel is in 2018 doorgegroeid naar 25% en in 2022 naar 26%. De door het VNG-bestuur ingestelde Scoutingscommissie lokale partijen heeft daarbij een belangrijke rol gespeeld in het enthousiasmeren van vertegenwoordigers van lokale partijen om zich kandidaat te stellen. Ook in deze vacatureronde zal de Scoutingscommissie lokale partijen in het hele land de aandacht vestigen op de nieuwe vacatures. Onder voorzitterschap van Marco Pastors (directeur Nationaal Programma Rotterdam Zuid en voormalig wethouder Rotterdam) neemt de Scoutingscommissie opnieuw het initiatief om met een landsdekkende aanpak te bereiken dat zoveel mogelijk kwalitatief goede kandidaten uit lokale partijen zich aanmelden. Ook het Kennispunt lokale partijen is vertegenwoordigd in de Scoutingscommissie.
Werkwijze bestuur, adviescommissies en colleges Het werken met portefeuilles binnen bestuur, commissies en colleges In de profielschetsen zijn de belangrijkste thema’s terug te vinden waarop bestuur, commissies en colleges actief zijn. Met uitzondering van de commissie Europa & Internationaal bepalen bestuur, commissies en colleges zelf hoe in de nieuwe samenstelling de verantwoordelijkheden en taken
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4/11
onderling over hun leden worden verdeeld. Kandidaten voor de commissie Europa & Internationaal solliciteren wel naar een specifieke portefeuille binnen een de Europese en internationale delegaties. In de profielschets voor de commissie vindt u meer informatie daarover. Van alle leden wordt verwacht dat zij, alleen of met andere leden, bereid zijn op hun thema als trekker en ambassadeur op te treden. Daarbij gaat het enerzijds om de gevraagde inzet richting de eigen commissie, het bestuur en de gemeentelijke achterban en anderzijds om de gevraagde inzet richting kabinet, parlement en andere stakeholders.
2. Vacatures in bestuur, vaste beleidscommissies en colleges Vacatures De volgende vacatures worden opengesteld in bestuur, vaste adviescommissies en colleges. Gremium
Vacatures
Aantal leden
Bestuur
Voorzitter College voor Dienstverleningszaken, tevens penningmeester Commissievoorzitter Voorzitter College voor Arbeidszaken Lid bestuur, inclusief secretaris bestuur (*)
1 (*)
Commissie B&V
Lid commissie
19
Commissie LBD
Lid commissie
27 (**)
Commissie Financiën
Lid commissie
19
Commissie Informatiesamenleving
Lid commissie
19
Commissie Zorg, Jeugd & Onderwijs
Lid commissie
19
Commissie Participatie, Werk & Inkomen
Lid commissie
19
Commissie Asiel, Migratie & Integratie
Lid commissie
19
Commissie Ruimte, Wonen & Mobiliteit
Lid commissie
19
Commissie Economie, Klimaat, Energie & Milieu
Lid commissie
19
Commissie Europa & Internationaal
Lid commissie
20-22 (***)
College voor Arbeidszaken
Lid college
31
College voor Dienstverleningszaken
Lid college
15
Totaal
10 1 10
267-269
(*) In de Najaars ALV van 28 november 2025 is besloten om de functies van voorzitter CvD en penningmeester van de vereniging te combineren
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
5/11
(**) In de Najaars ALV van 28 november 2025 heeft het bestuur de bevoegdheid gekregen om tijdelijk te kiezen voor een hoger aantal commissieleden. Daarvan maakt het bestuur gebruik bij de samenstelling van de nieuwe commissie LBD, die de opvolger is van de huidige commissie Raadsleden & Griffiers (***) Het exacte aantal vacatures is afhankelijk van het feit of wethouders binnen de huidige commissie met een doorlopende benoemingstermijn terugkomen in hun colleges. Als dat niet het geval is ontstaan vacatures. Toelichting op bijzondere statutaire en reglementaire vereisten: 1. De Statuten bepalen dat in het bestuur minimaal 3 burgemeesters, 3 wethouders, 3 raadsleden, 1 secretaris en 1 griffier zitting hebben. 2. Het Reglement voor de commissie Europa & Internationaal bepaalt dat de vertegenwoordigers (burgemeesters, wethouders en raadsleden) van de gemeenten in de Nederlandse delegaties naar een aantal Europese en Internationale gremia in die hoedanigheid lid zijn van de commissie. Het gaat daarbij om het Comité van de Regio’s, het Congres van Lokale en Regionale Overheden van de Raad van Europa en de internationale delegatie van de VNG. 3. Voor het College voor Arbeidszaken (CvA) komen in beginsel burgemeesters en wethouders in aanmerking , die binnen het college de portefeuille personeel hebben.
Daarnaast maken ook 2 raadsleden deel uit van het CvA vanwege het werkgeverschap van de raden voor de griffiers. Het Reglement van het CvA bepaalt dat voor de burgemeesters en wethouders de zetelverdeling binnen het CvA gekoppeld is aan de gemeentegrootte. Per cohort van gemeenten is het volgende aantal zetels beschikbaar: a. 0-20.000 inwoners: 4 zetels b. 20.000-50.000 inwoners: 9 zetels c. 50.000-100.000 inwoners: 6 zetels d. 100.000+ inwoners: 6 zetels e. G4-gemeenten: 1 zetel ieder.
3. Profielschetsen voor vacatures Conform het Huishoudelijk Reglement heeft het bestuur profielschetsen vastgesteld voor de ontstane vacatures. In een algemene profielschets, die geldt voor de gehele bestuurlijke organisatie, wordt ingegaan op: - een aantal vereisten die gelden voor alle kandidaten - de gevraagde inzet van bestuursleden, commissievoorzitters en commissieleden - het daarmee gemoeide tijdsbeslag.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
6/11
Ook zijn afzonderlijke profielschetsen vastgesteld voor het bestuur, de commissies en colleges, waarin wordt ingegaan op: - de belangrijke thema’s voor de gemeenten in de periode 2026-2030 - het belang voor gemeenten van deze thema’s - het aantal commissie/collegeleden dat per thema bij benadering nodig is om de belangen van de gemeenten te behartigen. Deze profielschetsen moeten leiden tot evenwichtig samengestelde commissies die toegerust zijn op thema’s die in komende periode voor gemeenten belangrijk zijn. Kandidaten kunnen zich op basis hiervan aanmelden voor vacatures. Wij vragen kandidaten om in hun motivatie gericht in te gaan op hun relevante netwerk, ervaring en expertise. Daarbij ontvangen wij ook graag een curriculum vitae. De genoemde profielschetsen vindt u hier.
4. Kandidaatstellingsprocedure en tijdpad Aanwijzing waarnemende leden in bestuur, commissies en colleges in september 2026 Op maandag 21 september selecteert de Voordrachtscommissie kandidaten voor de vacatures. In diezelfde week benoemt het bestuur van de VNG op basis van de enkelvoudige voordracht van de Voordrachtscommissie waarnemende leden benoemen in bestuur, vaste adviescommissies en colleges. Vanaf dat moment starten bestuur en commissies in hun nieuwe samenstelling. Voorafgaand aan de Najaars ALV van 11 december wordt de mogelijkheid tot het stellen van andere kandidaten geopend. De kandidaten die als waarnemer zijn aangewezen en eventuele andere kandidaten worden in de Najaars ALV aan de leden voorgelegd. Het is daarom mogelijk dat de Najaars ALV nog leidt tot wijzigingen in de samenstelling van bestuur en commissies. In de praktijk komt dit zelden voor. In de afgelopen 20 jaar is dat 2 keer gebeurd, waarbij het beide malen ging om het vicevoorzitterschap van de vereniging.
Kandidaatstelling Aanmelding kandidaten Alle raadsleden, griffiers, secretarissen, wethouders en burgemeesters kunnen zich kandidaat stellen voor het lidmaatschap van bestuur, commissies en colleges. Voor de commissie E&I en het CvA gelden aanvullende vereisten die u terugvindt in de betreffende profielschetsen. Op de website https://governance.vng.nl/ kunnen belangstellenden zich registreren en hun voorkeur voor een of meerdere vacatures aangeven. Kandidaten vragen wij om zich zo vroeg mogelijk en bij voorkeur vóór woensdag 19 augustus aan te melden. Vertrouwelijkheid gegevens kandidaten (privacy) Wanneer u zich aanmeldt wordt uw kandidatuur bekend gemaakt aan de betreffende provinciale afdeling van de VNG, de vereniging van uw doelgroep (burgemeester, wethouder, secretaris, griffier, raadslid) en indien van toepassing aan het betreffende gemeentelijk netwerk (G4, G40, M50, P10, K80 en R8) en de Scoutingscommissie lokale partijen. Al deze partijen hebben het
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
7/11
recht om aanbevelingen uit hun specifieke achterban te doen. Deze aanbevelingen zijn niet bindend. Gelet op de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) worden uw persoonlijke motivatie en andere persoonlijke informatie niet gedeeld met deze aanbevelende partijen. Wel kunt u er zelf voor kiezen om deze informatie met hen te delen. Wij adviseren u dat ook te doen om de aanbevelende partijen behulpzaam te zijn bij de onderbouwing van hun aanbevelingen. Het overzicht van de mailadressen van de aanbevelende partijen vindt u hier. Aandachtspunt: kandidaten uit gemeenten waar nog geen college is gevormd Mogelijk zijn op 19 augustus de deadline voor aanmelding, nog niet in alle gemeenten colleges gevormd. Ook kandidaten uit deze gemeenten vragen wij om zich alvast onder voorbehoud uiterlijk 19 augustus aan te melden. Als zij voorafgaand aan de vergadering van de voordrachtscommissie op 21 september formeel zijn benoemd in het college van B&W, kan de voordrachtscommissie hen voor benoeming tot waarnemer in VNG bestuur, commissies en colleges voordragen. Kandidaten wordt gevraagd om hun kandidatuur in het registratiesysteem indien nodig tijdig in te trekken (of te wijzigen).
Rol voordrachtscommissie bij selectie van kandidaten Opdracht voordrachtscommissie De voordrachtscommissie heeft de belangrijke opdracht om binnen de bestuurlijke organisatie van de VNG zorg te dragen voor een kwalitatief goede en representatieve samenstelling van bestuur, vaste adviescommissies en colleges. De voordrachtscommissie richt zich daarbij nadrukkelijk op de kwaliteit van kandidaten, waarbij de bestuurlijke organisatie herkenbaar moet blijven voor de achterban. Daartoe houdt de voordrachtscommissie rekening met de criteria: partijpolitieke achtergrond, gemeentegrootte, doelgroep (burgemeester, wethouder, raadslid, secretaris, griffier) en geslacht. In bredere zin streeft de voordrachtscommissie naar diversiteit waar het gaat om onder meer etnische en sociaal-culturele achtergrond en leeftijd. Selectie kandidaten De selectie van kandidaten vindt plaats op maandag 21 september. De voordrachtscommissie selecteert per vacature één kandidaat. De kandidaten op deze enkelvoudige voordracht van de voordrachtscommissie zullen in diezelfde week nog door het bestuur worden benoemd tot waarnemende leden van bestuur, adviescommissies en colleges. Voorafgaand aan de Najaars ALV van 11 december zal de mogelijkheid tot het stellen van andere kandidaten worden geopend.
De kandidaten die als waarnemer zijn aangewezen en eventuele andere kandidaten worden in de Najaars ALV aan de leden voorgelegd. Op voorhand wijzen wij u erop dat ook in deze grote vacatureronde niet alle kandidaatstellingen kunnen worden gehonoreerd. Op basis van de ervaringen in afgelopen vacaturerondes na raadsverkiezingen houden wij rekening met in totaal 600 tot 800 kandidaten voor de 270 opengestelde vacatures. Wij zijn alle kandidaten bij voorbaat dankbaar voor hun bereidheid om een bijdrage te leveren aan het werk van de bestuurlijke organisatie van de VNG en hopen dat
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
8/11
straks ook de niet voorgedragen kandidaten in een andere hoedanigheid hun bijdrage willen leveren. Zeker in deze spannende periode met een nieuw kabinet en grote opgaven voor de gemeenten, heeft onze Vereniging de inzet van u allen hard nodig. Samenstelling voordrachtscommissie De doelgroepen van de VNG (burgemeester, wethouder, secretaris, griffier en raadslid) zijn conform de statutaire bepalingen vertegenwoordigd in de voordrachtscommissie. Daarbij is rekening gehouden met de verdeling over het land. De voordrachtscommissie bestaat uit: - René Verhulst, voorzitter (burgemeester Ede) - Jannewietske de Vries, vicevoorzitter (burgemeester Súdwest-Fryslân) - Vacature voor een wethouder - René Grotens (secretaris Zeist) - Eveline Hamelink-van Rens (griffier Lansingerland) - Sebastiaan Vliegen (raadslid Voerendaal). - Leonard Geluk (algemeen directeur VNG). Werkwijze voordrachtscommissie De voordrachtscommissie hanteert de volgende werkwijze gedurende het selectieproces: 1. Selectie op basis van ingediende motivatie, curriculum vitae en andere informatie 2. Inwinnen van referenties (optioneel) 3. Voeren van gesprekken (optioneel). Tijdpad kandidaatstellingsprocedure Tijdstip
Mijlpaal
22 april (woensdag)
Openstelling vacatures
19 augustus (vrijdag)
Uiterlijke termijn voor aanmelding kandidaten
24 augustus (maandag)
Provinciale afdelingen, netwerken, doelgroepverenigingen en Scoutingscommissie lokale partijen ontvangen vertrouwelijk de aangemelde kandidaten uit hun specifieke achterban
11 september (vrijdag)
Uiterlijke termijn voor indiening aanbevelingen provinciale afdelingen, netwerken, doelgroepverenigingen en Scoutingscommissie lokale partijen
21 september (maandag)
Selectie van kandidaten door voordrachtscommissie
22-23 september (dinsdag-woensdag)
Berichtgeving aan alle kandidaten of zij wel of niet worden voorgedragen
24 september (donderdag)
Benoeming waarnemers in bestuur en commissies door VNGbestuur op voordracht van de Voordrachtscommissie
25 september (vrijdag)
Bekendmaking waarnemers in een ledenbrief
6 november (vrijdag)
Openen mogelijkheid tot stellen andere kandidaten
20 november (vrijdag)
Deadline stellen andere kandidaten
27 november (vrijdag)
Bekendmaking eventuele andere kandidaten aan de leden
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
9/11
Tijdstip
Mijlpaal
11 december (vrijdag)
Voorleggen alle aangewezen waarnemers en eventuele tegenkandidaten aan de ALV
NB) Op 9 oktober is er een startdag voor alle nieuwe (waarnemende) leden van bestuur, adviescommissies en colleges. Mogelijkheid tot het stellen van tegenkandidaten De statutaire procedure voor het stellen van tegenkandidaten wordt gestart voorafgaand aan de Najaars ALV van 11 december 2026 en ziet er als volgt uit: - De kandidaten op de enkelvoudige voordracht van de voordrachtscommissie worden op 6 november (= 5 weken voor Najaars ALV) aan de leden kenbaar gemaakt. - Andere kandidaten kunnen worden gesteld tot uiterlijk 20 november ( = 3 weken voor Najaars ALV). - Een andere kandidaat kan alleen worden aangemeld door de gemeente, waarvan de kandidaat lid van een bestuursorgaan, secretaris of griffier is. Verder dient de tegenkandidatuur door 10 andere gemeenten te worden gesteund. - Het overzicht van kandidaten en tegenkandidaten wordt uiterlijk 27 november (= 2 weken voor de Najaars ALV) aan de leden toegezonden. - In de Najaars ALV stemmen de leden over de kandidaten en eventuele tegenkandidaten.
Veelgestelde vragen Vragen
Antwoorden
Voor welke datum moet ik mij aanmelden?
Zo vroeg mogelijk en bij voorkeur uiterlijk 19 augustus 2026
Hoe moet ik mij aanmelden?
Op de website https://governance.vng.nl/ kunt u zich eerst registreren als kandidaat en daarna aangeven naar welke vacatures uw belangstelling uitgaat.
Wat wordt er van mij verwacht in bestuur, commissie of college?
De algemene en specifieke profielschetsen vindt u hier.
Welke ondersteuning ontvang ik als lid van het bestuur of een commissie?
Het VNG-bureau verzorgt de ondersteuning van bestuur en commissies bij hun vergaderingen en andere activiteiten, waaronder het voeren van bestuurlijke overleggen met bewindslieden. Uw persoonlijke secretariële en beleidsinhoudelijke ondersteuning dient u zelf binnen uw eigen gemeente te organiseren.
De collegeonderhandelingen lopen nog, kan ik mij al aanmelden?
- Ja, u kunt zich registreren onder voorbehoud - Wanneer duidelijk is of u wel of geen wethouder wordt, geeft u dit door via kandidaatstelling@vng.nl
Moet mijn gemeente mijn kandidatuur ondersteunen?
Nee, u bent kandidaat op persoonlijke titel
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
10/11
Vragen
Antwoorden
Is er een vergoeding voor raadsleden?
Ja, raadsleden ontvangen een vrijwilligersvergoeding van de VNG. Reiskosten worden door de eigen gemeente vergoed.
Wanneer verneem ik of ik in bestuur of commissie kom?
Op 22 of 23 september berichten wij u per e-mail of u wel of niet door de Voordrachtscommissie voor benoeming tot waarnemer bent voorgedragen.
Meer informatie Statuten en Huishoudelijk reglement van de VNG, en de reglementen van de commissie Europa & Internationaal, het College voor Arbeidszaken en het College voor Dienstverleningszaken zijn te vinden op: Statuten en reglementen VNG | VNG. U kunt ook contact opnemen met het Informatiecentrum van de VNG via tel. 070-3738393 of e-mail: info@vng.nl
Tot slot We zijn alle kandidaten bij voorbaat dankbaar voor hun bereidheid om een bijdrage te leveren aan het werk van de VNG. Zeker in deze spannende periode met een nieuw kabinet en grote opgaven voor de gemeenten, heeft onze Vereniging uw inzet hard nodig. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Sharon A.M. Dijksma Voorzitter
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
11/11
Aan de leden
Datum
22 april 2026 Ons kenmerk
U202600211 Lbr. 26/012 Telefoon
070 – 373 83 93 Bijlage(n)
4
Onderwerp: AZWA-financiering voor gemeenten (Zorgakkoord)
Geachte leden van college en gemeenteraad,
Met het Integraal Zorgakkoord (IZA) is ingezet op een verschuiving van zorg naar gezondheid en welzijn en op betere regionale samenwerking. Het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) bouwt hierop voort, met extra aandacht voor het sociaal domein, preventie en het verkleinen van gezondheidsverschillen (paragraaf D5 en D6). In het AZWA zijn basisfunctionaliteiten afgesproken: afspraken en voorzieningen waarmee mensen tijdig passende ondersteuning krijgen, zodat zwaardere zorg wordt voorkomen en middelen kunnen verschuiven van zorg naar gezondheid en welzijn. Aan het AZWA zijn financiële middelen gekoppeld in opmaat naar structurele financiering vanaf 2030. Om aan de opgave die volgt uit het AZWA-akkoord invulling te kunnen geven, is voor gemeenten tijdig duidelijkheid nodig over de middelen. Om deze reden hebben de ministers van VWS een brief aan VNG gestuurd waarmee deze duidelijkheid ontstaat. Deze brief willen we door deze ledenbrief graag bij u onder de aandacht brengen. Tevens zijn een handreiking en bijbehorend format voor de regionale werkagenda ontwikkeld. De regionale werkagenda beschrijft hoe gemeenten en de preferente zorgverzekeraar, samen met zorg- en welzijnspartijen, de AZWA-afspraken regionaal uitwerken.
Het indienen van de werkagenda door de mandaatgemeente is randvoorwaardelijk voor het nog in 2026 uitkeren door het rijk van de financiële middelen; de werkagenda dient medio november vastgesteld te zijn door colleges van alle gemeenten. De werkagenda bevat in elk geval: • Regionale doelen op gezondheid en welzijn • Prioritering en ambitie voor de basisfunctionaliteiten en voor de regio relevante ontwikkelagenda-aanpakken richting 2030 • Concrete afspraken over inzet, planning en financiering (zonder volledige begroting) • Rol- en verantwoordelijkheidsverdeling tussen partijen • Afspraken over leren, monitoring en bijsturing
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl
1/2
De werkagenda sluit aan bij bestaande regionale plannen. Hiermee wordt een belangrijke stap gezet in de regionale uitwerking van het AZWA, waarbij de regionale werkagenda richting geeft aan gezamenlijke uitvoering van de afspraken. Het ministerie van VWS en de VNG geven op 23 april van 12.00 -13.00 uur gezamenlijk in een webinar toelichting op de AZWA-middelen en de regionale werkagenda. Doelgroep zijn primair medewerkers van gemeenten, zoals beleidsmedewerkers en financiële medewerkers. Aanmelding is mogelijk via de website van de VNG. Het webinar is ook later terug te kijken. Meer informatie of vragen
De volgende documenten treft u aan als bijlagen: 1. Brief VWS ‘AZWA Afspraken D5 en D6 en Financieringsinstrument’ 2. Opdracht voor de werkagenda Samenwerking zorg en sociaal domein voor D5 AZWA 3. Format werkagenda basisfunctionaliteiten AZWA 4. Toelichting producten en proces Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze ledenbrief, neem dan contact op met het Klantcontactcentrum van de VNG, via info@vng.nl of 070 - 373 83 93. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
dr. mr. L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/2
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag
VNG T.a.v. voorzitter VNG bestuur Postbus 30435 2500 GK DEN HAAG
Datum Betreft
2 2 APR. 2026 AZWA-afspraken D5 en D6 en financieringsinstrument
Geachte mevrouw Dijksma, Met het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) hebben we samen met 19 andere partijen uit het zorg- en welzijnsdomein aanvullende afspraken gemaakt op het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Vanaf 2027 ontvangt u als gemeente financiële middelen om de afspraken waarvoor u verantwoordelijk bent uit te voeren. Hiervoor wordt een nieuwe specifieke uitkering (SPUK) opgesteld voor de jaren 2027 - 2029. Dit gebeurt in overleg met de VNG en de ministeries van VWS, BZK en Financiën. Het streven is deze SPUK, na besluitvorming door het kabinet, medio dit jaar te publiceren.
Directie Maatschappelijke Ondersteuning Bezoekadres Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340 78 34 www.rijksoverheid.n1
Kenmerk 1097348-DMO Kenmerk afzender Bijlage(n)
Correspondentie uitsluitend richten aan het retouradres met vermelding van de datum en het kenmerk van deze brief.
Om tijdig een goede begroting te kunnen maken en lopende activiteiten en afspraken voor 2027 en de jaren erna voor te kunnen zetten, geven we op uw verzoek met deze brief meer duidelijkheid. Zodat u ook gemeenten kunt informeren. In deze brief leest u meer over: 1. De afspraken uit het AZWA 2. Beweging en resultaten laten zien 3. Financieringsinstrument 2027 - 2029: een nieuwe SPUK 4. Welke middelen komen in de SPUK 5. Aanvraag en verantwoording 6. Ondersteuning van gemeenten bij AZWA-activiteiten 1. Afspraken uit het AZWA De middelen binnen het AZWA zijn bedoeld om een brede maatschappelijke transformatie te ondersteunen: de beweging naar de voorkant, met meer focus op gezondheid, zelf- en samenredzaamheid en een toekomstbestendige eerstelijnszorg. Zo'n transformatie ontstaat in de haarvaten van de samenleving en laat zich niet centraal sturen, maar kan wel worden gefaciliteerd met ruimte, vertrouwen en passende financiering. Daarom is voor de financiering van de gemeentelijke taken gekozen voor een ontschottel SPUK. I. In de Brede SPUK GALA en Sportakkoord II waren aanvankelijk (tot en met 2024) 'schotten' opgeno-
men waardoor middelen voor de verschillende aanpakken alleen voor die aanpakken konden worden ingezet. Pagina 1 van 6
kr1W.f% .4
J.
Dit betekent dat de middelen die voor u bestemd zijn één budget vormen zonder exacte bestedingsvoorschriften per thema. Met deze middelen kunt u uw opgave uit het AZWA uitvoeren. Deze opgave wordt dit jaar uitgewerkt in een werkagenda in regionale samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraar, waarbij zorgen welzijnspartijen worden betrokken. Door middelen integraal te benaderen kunnen gemeente en regio gerichter en effectiever investeren in gezondheid en welzijn. Interventies kunnen elkaar versterken en regio's kunnen accenten leggen waar de behoefte of energie ligt. Juist deze ruimte maakt het mogelijk om de maatschappelijke transformatie daadwerkelijk vanuit de samenleving vorm te geven, in lijn met de collectieve en brede kracht van het sociaal domein.
Directie Maatschappelijke Ondersteuning
Kenmerk 1097348-DMO
In het AZWA zijn afspraken gemaakt over basisfunctionaliteiten en een ontwikkelagenda op de leefgebieden kansrijk opgroeien, gezonde leefstijl, mentale gezondheid, vitaal ouder worden en gezondheidsachterstanden. De opgave voor de basisfunctionaliteiten is om de komende jaren toe te werken naar landelijke dekking. Voor de ontwikkelagenda gaat het om het verder ontwikkelen van aanpakken en komen tot onderbouwing en bewijslast over de verwachte zorgkostenbesparing met het oog op structurele verankering2. Ook zijn afspraken gemaakt over basisvoorzieningen in wijken en buurten die de basisfunctionaliteiten ondersteunen (sociale en gezonde basisinfrastructuur). In onderstaande tabel staan de basisfunctionaliteiten en aanpakken uit ontwikkelagenda deel 1, en de basisinfrastructuur zoals opgenomen in het AZWA. Voor meer informatie over deze afspraken verwijs ik u naar het AZWA.
2 In het AZWA is afgesproken: "Wat betreft de structurele financiering geldt dat indien aanpakken op deze ontwikkelagenda leiden tot een besparing in de Zvw of Wlz deze besparingen structureel kunnen worden ingezet in het sociaal domein en dat de uitvoering van de basisfunctionaliteit structureel wordt gefinancierd. Daarbij gelden de volgende voorwaarden: 1) voldoende bewijslast over de verwachte besparing; 2) de besparing wordt gerealiseerd door een intensivering van een bestaande of een nieuwe maatregel; 3) dekking voor de gehele looptijd van de maatregel; 4) een kabinetsbesluit via de reguliere begrotingsprocessen"
Pagina 2 van 6
D5 Basisfunctionaliteit onderbouwd
D5 ontwikkelagenda 1
Ontwikkelagenda deel 2
D6 BasisInfrastructuur
Leefgebied
Maatregel
Maatregel
Maatregel
Maatregel
1. Mentale Gezondheid
• Laagdrempelige steunpunten EPA • Sociaal Venvilzen
• Mentale Gezondheidsnetwerken (onder andere verkennend gesprek)
• Aanpak eenzaamheid • Wachttijd ondersteuning • Lotgenotengroepen • Toelelden naar werk • Verslavingspreventie
2. Vitaal ouder worden/ ouderen
• Valpreventie
• Ketenaanpak dementie (incl. preventie)
• Ketenaanpak vitaal thuis
3. Leefstijl
• Ketenaanpak overgewicht en obesitas volwassenen
• Nicotinevrij
• Samenwerking ziekenhuis 8 gemeenten • Seksuele gezondheid
4. Kansrijk opgroeien
• Kansrijke start integrale gezinspoli en Nu Niet Zwanger
• Ketenaanpak overgewicht en obesitas kinderen • Kansrijke start Rookvrije stal
• Middelengebniik (roken. vapen, drugs, alcohol) • Mentale gezondheid jeugd • Stevig ouderschap • Gokkentgamen
Inloopvoorzieningen Socaal en Gezond (buurt en ziekenhuis) (inclusief gezondheidsloketten) • Lokaal team hechte wijkverbanen eersteign (inclusief aansluiting jgz) • Coordinatie (gemeenten) versterken samenwerking medisch sociaal (inclusief regie uitvoering basisfunctionalitenen) (Mentale) Gezonde school
5. Gezondheidsachterstanden verminderen en voorkomen
- Multiproblematiek aanpak (NPLV)
• Verhogen vaccinatiegraad • Aanpak armoede en schulden
Directie Maatschappelijke Ondersteuning Kenmerk 1097348-DMO
• Lokale coalities Kansrijke Start • Buursportcoaches • Suicideprevenbe • Middelen SPUK IZA
2. Beweging en resultaten laten zien We staan voor de uitdaging om te laten zien welke resultaten worden geboekt die de beweging ondersteunen en welke interventies bijdragen aan de doelen. Dit inzicht biedt ook de kans om waar nodig bij te sturen. En om te leren, te verbeteren en samen koers te houden op de maatschappelijke transformatie. Door ontwikkelingen systematisch te volgen en goede voorbeelden uit de regio en gemeenten te delen, kunnen we kennis opbouwen en succesvolle aanpakken breder toepassen. Het zichtbaar maken van voortgang en impact helpt bovendien om energie en betrokkenheid vast te houden bij alle partners die gezamenlijk werken aan de beweging naar voren. 3. Financieringsinstrument 2027 — 2029: een nieuwe SPUK Het ministerie van VWS bereidt op dit moment een SPUK voor om de financiële middelen uit te keren aan gemeenten, zowel lokaal aan gemeenten als regionaal via het al bekende construct van een mandaatgemeente. Met de keuze voor deze financieringsvorm worden de middelen gekoppeld aan de doelen: het uitvoeren van de basisfunctionaliteiten (inclusief de ontwikkelagenda) en uitbouwen van de sociale en gezonde basisinfrastructuur. De beoogde looptijd van de SPUK is drie jaar. Ter uitvoering van de afspraken zoals die in het AZWA zijn gemaakt, onderzoeken we met de gemeentefondsbeheerders wat vanaf 2030 een structurele bekostigingswijze is.
Dit zal naar verwachting de vorm krijgen van een Bijzondere Fonds Uitkering (BFU). De BFU is een nieuwe financieringsvorm in het gemeentefonds, die nog in voorbereiding is met de herziening van de financiële-verhoudingswet.
Pagina 3 van 6
ssik `t~f25
4. Welke middelen komen in de SPUK Directie Maatschappelijke
In deze SPUK worden verschillende middelen samengebracht3 Het gaat om: de AZWA-middelen voor de afspraken D5 en D6; middelen uit het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg (HLO) voor gelijkgerichte mantelzorg en respijt- en logeerzorg; structurele GALA-middelen die verbonden zijn aan verschillende thema's en programma's, te weten: valpreventie, kansrijke start, respijtzorg en gezondheidsachterstanden; middelen die uit de doorbraakmiddelen zijn genomen om de basisfunctionaliteiten sneller te kunnen realiseren.
Ondersteuning
Kenmerk 1097348-DMO
De middelen voor de Brede Regeling Combinatiefuncties landen niet in de SPUK AZWA. De middelen voor de aanpak multiproblematiek in de NPLV-gebieden kennen een afwijkende uitkering en verdeling. Deze worden voor de periode 2027 - 2029 uitgekeerd aan de gemeenten die bij deze gebieden horen, dus niet aan de mandaatgemeente. In de structurele situatie na 2029 worden deze middelen volgens de gebruikelijke verdeling over gemeenten verdeeld. Voor 2027 gaan de middelen voor mentale gezonde school naar de Gezonde School subsidie aan de GGD GHOR NL. Daarmee blijft de bestaande werkwijze van kracht waarbij samenwerking tussen de scholen, gemeenten en GGD(-adviseurs) belangrijk is. De gemeente is immers verantwoordelijk voor de integrale aanpak van de voorzieningen in een wijk. De middelen voor de versterking van kennis en adviesrol van de GGD-en (ook onderdeel van de basisinfrastructuur afspraken), worden voor 2027 rechtstreeks vanuit de SPUK uitgekeerd aan de 25 GGD-en. De invulling van de rol blijft liggen bij gemeenten vanuit hun bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de publieke gezondheid. Over de wijze waarop de AZWA-middelen voor mentale gezonde school en de kennis en adviesrol vanaf 2028 worden uitgekeerd, maken het ministerie van VWS en VNG in het eerste kwartaal van 2027 vervolgafspraken voor de jaren 2028 en verder. Financieringsmiddel
Wat?
2027
2028
2029
bedra en x lmtn. SPUK AZWA
Lokaal
231
278
321
Regionaal
194
235
169
Kennis en cobrdinatierolGGD - direct aan GGD uitgekeerd
3
3
4
Aan NPLV gebieden
15
21
25
Middelen (mentale) gezonde school naar GGD-GHOR
8
10
13
451
547
532
Subsidie Gezonde Schoot
Bij het vormgeven van de SPUK wordt in samenspraak met de VNG gekozen voor een evenwichtige verdeling tussen lokale (gemeenten) en regionale middelen 3 Exclusief middelen (mentaal) Gezonde school in 2027
Pagina 4 van 6
(mandaatgemeenten). In het AZWA is zowel de lokale als de regionale schaal belangrijk voor het maken van samenwerkingsafspraken en het organiseren van de uitvoering. Daarmee bouwen we voort op wat de afgelopen jaren in gang is gezet met de Brede SPUK GALA/Sportakkoord II (middelen voor gemeenten en deels GGD'en) en de SPUK IZA (middelen voor mandaatgemeenten ten behoeve van de regio).
Directie Maatschappelijke Ondersteuning
Kenmerk 1097348-DMO
Voor de toedeling van de middelen AZWA wordt vooralsnog rekening gehouden met de volgende uitgangspunten voor de verdeelsleutel: voor de middelen aan gemeenten: dezelfde verdeelsleutel als de brede SPUK GALA/Sportakkoord II; voor de middelen aan mandaatgemeenten: dezelfde verdeelsleutel als de SPUK IZA.
5.
Aanvraag en verantwoording
In het voorstel dat nu wordt uitgewerkt, worden de middelen ambtshalve uitgekeerd aan gemeenten. Gemeenten hoeven hiervoor dus geen aanvraag in te dienen. Wel geldt als voorwaarde dat gemeenten de door het college van B&W goedgekeurde werkagenda aanleveren bij VWS. Deze werkagenda is de in het AZWA afgesproken aanvulling op het regioplan die dit jaar moet worden opgesteld. Als de werkagenda uiterlijk medio november 2026 wordt aangeleverd, kan het Rijk de middelen nog dit jaar uitkeren. Het ministerie van VWS voert geen inhoudelijke toets uit op de werkagenda. Voor de financiële verantwoording wordt voor de Sisa rekening gehouden met een voorstel vergelijkbaar met de SPUK IZA en de Brede SPUK sinds de ontschotting in 2025. Dat betekent dat gemeenten jaarlijks verantwoorden over het totaal uitgegeven middelen, vanwege de integraliteit tussen de onderwerpen en de versterking van integrale aanpakken daarbinnen. Naast de beperkte financiële verantwoording van deze SPUK, wordt met monitoring de voortgang op resultaten bijgehouden. Daarbij bouwen we voort op de huidige GALA-monitor. Ook wordt de regioscan op de basisfunctionaliteiten en lopende aanpakken, die de afgelopen maanden is uitgevoerd, de komende jaren herhaald. 6.
Ondersteuning van gemeenten bij AZWA-activiteiten
Op onderdelen zal ondersteuning voor gemeenten nodig zijn, bijvoorbeeld voor de verbinding van lokale teams met hechte wijkverbanden of de gelijkgerichte mantelzorgondersteuning. Er is voor gekozen om geen AZWA-middelen vrij te houden voor ondersteuning maar dit op een andere manier te organiseren. Vanuit VWS zijde zijn hiervoor geen andere middelen beschikbaar.
Pagina 5 van 6
sv
Tot slot Op basis van de gemaakte afspraken, is het belangrijk om de uitwerking en uitvoering voortvarend op te pakken. Het zwaartepunt van de activiteiten komt daarbij steeds meer te liggen bij de regionale en lokale partijen, waarbij gemeenten een cruciale rol hebben. Dat neemt niet weg dat wij waar nodig onze verantwoordelijkheid blijven nemen. Wij zien de uitwerking en uitvoering als een gezamenlijke opgave. En kijken er dan ook naar uit om in goede samenwerking de komende jaren het AZWA om te zetten in concrete resultaten.
Directie Maatschappelijke Ondersteuning
Kenmerk 1097348-DMO
Hoogachtend, de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport,
Sophie Hermans
Mirjam Sterk
Pagina 6 van 6
Opdracht voor de werkagenda Samenwerking zorg en sociaal domein voor D5 AZWA
Versie 20 april 2026
Waarom dit document? Vanuit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) zijn afspraken gemaakt over basisfunctionaliteiten ter versterking van de samenwerking tussen het zorg en sociaal domein. Als mandaatgemeente1 of preferente zorgverzekeraar gaat u, in de rol van financiers van het AZWA D5, als regisseurs aan de slag met het opstellen van een regionale werkagenda voor deze basisfunctionaliteiten Dit doet u in nauwe samenspraak met (een vertegenwoordiging van) de zorg- welzijnsaanbieders. Dit document biedt daarbij een opdrachtomschrijving die dient als houvast bij de start van het proces in de regio. Per basisfunctionaliteit komt een handreiking beschikbaar met concrete handvatten voor implementatie in de regio. De handreikingen bieden, samen met de handreiking Regionale Preventie Infrastructuur (RPI)2, input voor de werkagenda. Ze worden eind mei 2026 met de IZA/AZWA-regio’s gedeeld.
Over het AZWA Het doel van de afspraken in het AZWA is het voorkomen van (zwaardere) zorg en ondersteuning. Basisfunctionaliteiten dragen hieraan bij én aan het vergroten van gelijke kansen op gezond leven. Met het Integraal Zorgakkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) zijn al belangrijke stappen gezet om de zorg toekomstbestendig te maken. Tegelijkertijd zijn er ook knelpunten. Om die op te lossen, zijn er in het AZWA stevige afspraken gemaakt over het versterken van de samenwerking tussen zorg en sociaal domein. De beweging van zorg naar gezondheid en welzijn vraagt onder meer om netwerkaanpakken met goede borging van opsporen en signaleren van kwetsbare omstandigheden en toeleiden naar passende ondersteuning en zorg. Hiervoor zijn regionale en lokale afspraken nodig over dekkend aanbod, wederkerigheid en aanspreekbaarheid van betrokken partijen. De basisfunctionaliteiten zijn hier een van de uitwerkingen van. Daarnaast zijn in het AZWA D6 afspraken gemaakt over een basisinfrastructuur in het sociaal domein. Deze is nodig om de basisfunctionaliteiten goed te laten werken.
In dit document staat: • Waarover IZA-regio’s afspraken moeten maken in de werkagenda • Welke basisfunctionaliteiten en aanpakken op de ontwikkelagenda een plek moeten krijgen • Aandachtspunten in het proces om tot een werkagenda te komen • Belangrijke data en mijlpalen tot het eind van het jaar • Inhoudelijke aandachtspunten per basisfunctionaliteit
Inhoud van de werkagenda Met het opstellen van de werkagenda werken regio’s toe naar een regionaal dekkend aanbod van basisfunctionaliteiten in 2030 en het (verder) implementeren van aanpakken op de ontwikkelagenda. Voor zorgverzekeraars past de inzet op basisfunctionaliteiten binnen de reguliere Zvw systematiek3. Gemeenten ontvangen middelen voor de inzet binnen het sociaal
1
Een mandaatgemeente is de gemeente die namens alle gemeenten in een IZA-regio de regionale middelen aanvraagt en verantwoordt, en hierover afspraken kan maken met andere partijen. 2 Handreiking Regionale Preventie Infrastructuur, maart 2026. 3 Afhankelijk van de uitwerking van de basisfunctionaliteiten op de ontwikkelagenda is het wellicht nog wel nodig om nieuwe NZa prestaties op te stellen.
2
domein4, waaronder doorbraakmiddelen om de opbouw van basisfunctionaliteiten te versnellen. De werkagenda sluit aan op de regionale context, activiteiten die reeds in de regio zijn gerealiseerd én op afspraken die worden/zijn gemaakt binnen samenwerkingsverbanden en organisaties. Gemeenten, GGD, en aanbieders (veelal vertegenwoordigd in samenwerkingsverbanden zoals RHO's, RESV's in oprichting, MGN en VSV's) zijn naast het opstellen van de werkagenda ook aan zet voor verdere uitwerking en implementatie. Om duurzame afspraken te maken waarop partijen elkaar kunnen aanspreken, moeten ook deze samenwerkingsverbanden nauw betrokken zijn bij de totstandkoming van de werkagenda. Regio’s hebben binnen deze middelen de ruimte om zelf een prioritering en fasering te kiezen en om de volgorde van implementatie te bepalen. De werkagenda is bedoeld om hier afspraken over te maken én om te zorgen dat de randvoorwaarden voor de implementatie op orde zijn. Het gaat om afspraken tussen zorg en sociaal domein (financiers en uitvoerders) over:
verkoepelend doelen e ondheidsdoelen per leefgebied erminderen org p basis van regionale opgaven en pop latie np t regioscan
er basisf nctionaliteit ambitie in et en prioritering epalen hoeveel in et waarop nodig is ambitie
er basisf nctionaliteit verantwoordeli kheid
verkoepelend lerende c cl s
aar hebben parti en elkaar nodig olgorde bepalen fspraken over wederkerigheid van opbo w aanbod eval eren fspraken over richting ngerichte c cl s op financiering p basis van basis waarvan aarop k nnen regionale rgentie afspraken o nodig parti en elkaar afge et tegen worden bi gesteld aanspreken landeli ke ansl iting op streefwaarden landeli ke afspraken
Doelen Veel IZA-regio’s hebben gezondheidsdoelen opgesteld5. Deze zijn meestal gericht op het verminderen van zorg, maar er zijn weinig concrete doelen gericht op het verbeteren van gezondheid en welzijn. Hier is wel behoefte aan. Daarom is de bedoeling dat IZA-regio’s concrete gezondheidsdoelen opnemen in de werkagenda, als aanvulling op het regioplan. Deze hangen af van de regionale opgaven, prioritering en fasering, en populatie. De handreiking RPI kan ondersteunen om hier richting aan te geven.6 Ambitie, inzet en prioritering Op basis van de doelen en regionale prioritering en fasering kunnen IZA-regio’s bepalen hoeveel inzet op welke basisfunctionaliteit nodig is (meer of minder dan de landelijke streefwaarde) en wat een passend ingroeipad is richting dekkend aanbod in 2030. In de werkagenda moeten concrete plannen landen over de huidige situatie, de opbouw/opschaling van de basisfunctionaliteiten en het eindbeeld. Daarbij is ook aandacht nodig voor integraal beleid over
4
Gemeenten hebben in april 2026 een brief ontvangen van bewindspersonen VWS met daarin meer duidelijkheid over de AZWA-middelen. De landelijke nota gezondheidsbeleid gebruikt kan worden als kader en inspiratiebron bij het formuleren van regionale gezondheidsdoelen, toegesneden op de regionale opgaven en populatie. De GGD kan gemeenten hierin adviseren en ondersteunen. 5
3
basisfunctionaliteiten heen. Er is namelijk veel overlap tussen doelgroepen van verschillende basisfunctionaliteiten. Dat betekent dat opsporing en signalering ingericht moet worden vanuit leefgebieden, en niet per basisfunctionaliteit. Ook moeten basisfunctionaliteiten vindbaar zijn voor partners, waaronder ook de tweede lijn. In het AZWA zijn specifiek doorbraakmiddelen gealloceerd voor het sociaal domein voor het versneld opschalen van lopende basisfunctionaliteiten richting landelijk dekkend aanbod. Met het opstellen van de werkagenda worden deze middelen onderdeel van het totaal van AZWAmiddelen voor het sociaal domein. Regio's worden gevraagd als basis voor het opstellen van de werkagenda de ingevulde regioscan te gebruiken (deze is reeds met u gedeeld) en de rode dradenanalyse (het landelijk beeld van de regioscans dat volgt in mei) mee te nemen. Wij gaan ervan uit dat de uitkomsten van de regioscan en rode dradenanalyse, gebaseerd op alle regioscans, worden betrokken bij het opstellen van de werkagenda. Indien u als regio hiervan afwijkt, verzoeken wij u dit gemotiveerd toe te lichten in de werkagenda. De regioscan zal eind 2027 en eind 2028 herhaald worden. Verantwoordelijkheid Uit de GALA-monitors bli kt dat regio’s behoefte hebben aan concretere afspraken, en dat afspraken op regionaal niveau nodig zijn om aanpakken te laten werken.
Deze afspraken zijn nodig tussen de financiers, in samenspraak ook met de aanbieders in zorg en sociaal domein. Zij zijn immers verantwoordelijk voor de organisatie en uitvoering. Denk aan afspraken over systemen en gegevensdeling, manier van samenwerken, betrekken van inwonersperspectief en rolverdeling. Op basis van de werkagenda moet duidelijk zijn wie wat doet. De handreikingen geven daar richting voor. De handreikingen geven ook richting aan wat voor een basisfunctionaliteit op regionaal niveau geregeld moet zijn en wat ook op lokaal niveau kan. Voor afspraken over basisfunctionaliteiten is altijd de regionale schaal nodig, bijvoorbeeld over inkoop van dekkend aanbod tussen zorgverzekeraar en gemeente, financiering van coördinatie en uitvoering en kennisuitwisseling. Deze afspraken landen in de werkagenda, evenals hoe hier lokaal uitvoering aan gegeven wordt. Daarnaast zijn in de werkagenda afspraken nodig over hoe partijen elkaar aanspreken als ze plannen onvoldoende uitvoeren.7 Lerende cyclus Zowel regionaal als landelijk is de bedoeling dat we leren van het AZWA, een transformatie (verder) inzetten naar anders werken en kennis delen. Daarvoor is monitoring en evaluatie nodig, zowel van de implementatie als van de resultaten en effecten. Voor de monitoring komt nog een landelijke dataset beschikbaar die IZA-regio’s k nnen implementeren.
Hierbij wordt gestuurd op beperkte administratieve lasten. Dit is onderdeel van de uitvoeringsfase, dus de exacte monitoring hoeft nog niet in de werkagenda opgenomen te worden. Pragmatisch insteken Bij het uitwerken van de AZWA-afspraken kunnen IZA-regio’s aansluiten bij bestaande plannen. De werkagenda hoeft ook niet beperkt te zijn tot de basisfunctionaliteiten: er mogen bredere plannen opgenomen worden op het snijvlak zorg-sociaal als dit praktisch is in de regio. De werkagenda wordt op landelijk niveau niet inhoudelijk beoordeeld. Het opstellen van een werkagenda met plannen voor alle relevante basisfunctionaliteiten is wel een voorwaarde voor de
7
De handreiking Regionale Preventie Infrastructuur geeft hier richting aan.
4
middelen die gemeenten ontvangen en is nodig voor contractering van de verzekeraar waar het inzet van zorgprofessionals betreft.
Welke aanpakken opnemen in de werkagenda? In de werkagenda staan dus de doelen van de regio (ook op gezondheid en welzijn), prioritering van de basisfunctionaliteiten en aanpakken op de ontwikkelagenda, afspraken over wie welke verantwoordelijkheid heeft en de manier waarop de regio een lerende cyclus vormgeeft. Dit zijn deels overkoepelende afspraken (gerelateerd aan de regionale preventie infrastructuur) en deels afspraken per aanpak. De precieze onderdelen die per aanpak in de werkagenda moeten landen, zijn afhankelijk van de status van de aanpak in het AZWA en worden in onderstaande tabel samengevat. Status
Wat opnemen in de werkagenda?
Basisfunctionaliteit Landelijk: (door)ontwikkeling handreikingen Regionaal: doorontwikkeling of start uitvoering
Betreft: laagdrempelige steunpunten, sociaal verwijzen, valpreventie, volwassenen met overgewicht en obesitas, kansrijke start, integrale gezinspoli, nu niet zwanger • Concrete plannen met aantallen en ingroeipad om toe te werken naar regionaal dekkend aanbod in 2030 inclusief financiële dekking. • Afspraken binnen de netwerksamenwerking die daarvoor nodig zijn: waar hebben partijen elkaar nodig en waarop kunnen ze elkaar aanspreken.
Ontwikkelagenda 1 – lopend Doorontwikkeling uitvoering in de regio in lijn met bestaande afspraken GALA en IZA
Betreft: mentale gezondheidsnetwerken, ketenaanpak voor kinderen met overgewicht en obesitas • Concrete plannen met aantallen en ingroeipad om deze aanpakken door te ontwikkelen inclusief financiële dekking.8 • Afspraken binnen de netwerksamenwerking die daarvoor nodig zijn: waar hebben partijen elkaar nodig en waarop kunnen ze elkaar aanspreken.
Ontwikkelagenda 1 – nieuw Landelijk: ontwikkelen handreikingen en selectie beproevende regio’s Regionaal (voldoende regio’s)9: bewijslast verzamelen
Betreft: dementie, nicotinevrij, rookvrije start, multiproblematiek aanpak in NPLV-gebieden • Indien de regio aan de slag wil met het beproeven van een of meer van deze aanpakken: toezegging om met deze aanpak aan de slag te gaan, op basis van regionale opgaven en populatie.
Ontwikkelagenda 2 en andere initiatieven Landelijk: ontwikkeling proces voor een toekomstige ontwikkelagenda
• Aanpakken mogen opgenomen worden als de regio dit wil: geen vereiste voor de werkagenda, maar regio’s kunnen pragmatisch omgaan met de inhoud. Voor deze aanpakken is geen landelijke financiering.
8
Over deze aanpakken zijn in het IZA en GALA al afspraken gemaakt over landelijk dekkend aanbod. Voor de zorgverzekeraar geldt hiervoor zorgplicht. Tegelijk is er op dit moment nog geen sprake van structurele financiering in het sociaal domein. Dit maakt dat ervoor nu geen harde afspraken te maken zijn voor toewerken naar landelijk dekkend aanbod op deze aanpakken. In komende jaren wordt toegewerkt naar én onderbouwing van deze aanpakken op de impact op zorgkosten én verdere implementatie van de aanpakken. 9 In het proces voor de ontwikkelagenda wordt per aanpak duidelijk wat we verstaan onder voldoende regio’s.
5
Komen tot een werkagenda De IZA-regiotafel10 is de centrale plek waar alle doelen en opgaven van de werkagenda integraal worden afgewogen. De mandaatgemeente en preferente zorgverzekeraar hebben – als financiers van het AZWA D5 – regie op de totstandkoming van de werkagenda. De gemeentelijke middelen betreffen zowel lokale als regionale middelen. Daarom moet de werkagenda vastgesteld worden door alle colleges van B&W in de regio nadat deze binnen de IZAgovernance is vastgesteld. De deadline van 15 november betekent in de praktijk dus dat de werkagenda half september klaar moet zijn.
Wat te verwachten de komende tijd? We werken toe van de start van de uitvoering van de aanvullende afspraken in 2027 naar structurele borging in 2030. De komende maanden zijn de volgende data belangrijk:
andreikingen basisf nctionaliteiten beschikbaar
andreikingen ontwikkelagenda deel beschikbaar
elderheid over proces voor beproevende regio s
erkagenda vastgesteld aan tafel en verst rd naar colleges gemeenten
R plannen indienen bi orgver ekeraar
elderheid over ontwikkelagenda deel
Regionale werkagenda s vastgesteld en verst rd naar
tart itvoering van de werkagenda
Over de basisfunctionaliteiten Op dit moment worden handreikingen van de basisfunctionaliteiten nog uitgewerkt. Om al een start te kunnen maken met het opstellen van de werkagenda is onderstaand per basisfunctionaliteit opgenomen: • De inhoud van de basisfunctionaliteit op hoofdlijnen: wat voor aanbod moet er landelijk dekkend geborgd worden voor welke doelgroep, waar mogelijk met streefcijfers; • Aandachtspunten voor de werkagenda; • Samenhang met andere basisfunctionaliteiten. De streefwaarden i n bedoeld om regio’s richting te geven en i n gebaseerd op een landeli k beeld van de opgave. In een regio kan deze opgave anders zijn. Regio’s mogen daarom gemotiveerd afwijken van de genoemde streefwaarden (naar boven of naar beneden).
10
We bedoelen hiermee de tafel waar de Regionale Preventie Infrastructuur wordt besproken. Mogelijk is dit een sub-tafel van de IZA-tafel.
6
Mentale gezondheid Laagdrempelige steunpunten Doelgroep: iedere inwoner die baat heeft bij laagdrempelige ondersteuning rondom zelfregie en herstel, met bijzondere aandacht voor mensen met ernstige of langdurige psychische kwetsbaarheid (EPA) en/of sociaal-emotionele kwetsbaarheid en hun naasten. Benodigd landelijk dekkend aanbod: • Minimaal één laagdrempelig steunpunt (LSP) per gemeente. Verder afhankelijk van het percentage mensen dat baat heeft bij een LSP bestaand aanbod L ’s en fysieke nabijheid. Belangrijkste inhoudelijke aandachtspunten/opgaven: • Regio’s komen tot een bij de regio passend dekkend netwerk met verschillende typen L ’s (in termen van aantal mensen dat er per dag komt, openingstijden en aanbod, afhankelijk van de lokale context). De itwerking van de t pen L ’s wordt opgenomen in de handreiking en zijn gebaseerd op de aanwezigheid van een grote stadskern, de bevolkingsomvang en -spreiding en het percentage inwoners dat mogelijk baat heeft bij een LSP, waarbij in ieder geval de EPA doelgroep is meegenomen • De e voor ieningen moeten voldoen aan de tien kenmerken voor L ’s. Samenhang met andere basisfunctionaliteiten/aanpakken: mentale gezondheidsnetwerken
Sociaal verwijzen Doelgroep: De doelgroep bestaat uit (jong)volwassen inwoners die met (milde) psychosociale problemen (met veelal een sociaal-maatschappelijke oorzaak) bij een eerstelijnszorgverlener komen. Voor hen is (brede) vraagverheldering door een sociaaldomeinprofessional met brugfunctie nodig om tot passende ondersteuning in het sociaal domein en/of de sociale basis te komen. Benodigd landelijk dekkend aanbod: • Capaciteit bij de huisarts/eerstelijnsprofessionals voor brede gesprek waarin psychosociale problemen gesignaleerd kunnen worden (obv gemiddeld 60 verwijzingen per 10.000 inwoners) • Brugfunctionaris, uitgevoerd door de sociaaldomeinprofessional, die middels brede vraagverheldering de inwoner naar passende ondersteuning toeleidt en een periode contact houdt tot de inwoner diens weg gevonden heeft (0,2 - 0,5 fte per 10.000 inwoners), afhankelijk van de populatie. Belangrijkste inhoudelijke aandachtspunten/opgaven: • Opgave in kaart brengen mbt de doelgroep 'inwoners met (milde) psychosociale problemen' en vaststellen waar deze populatie zich bevindt in wijken en dorpen. Samenhang met andere basisfunctionaliteiten/aanpakken: mentale gezondheidsnetwerken (inclusief verkennend gesprek), ketenaanpak overgewicht en obesitas volwassenen