CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

CN MIRT-onderzoek Bestuurlijk document

Opiniecommissie Inwoners 26 januari 2021, gemeente HelmondBij agendapunt: Verstedelijking en mobiliteit Helmond 2040 - resultaten MIRT studie (19.05-20.35 uur; 90 minuten)11.310 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Integraal MIRT-Onderzoek Verstedelijking en Bereikbaarheid Brainportregio

Bestuurlijk document 18 november 2020 | vertrouwelijk | BMC

Bestuurlijke keuze INTRODUCTIE

Het MIRT-onderzoek verstedelijking en bereikbaarheid

suburbane en dorpse inbreidingen, die recht doen aan

de auto binnen de Ring in de stad wordt beperkt

In 2018 zijn Rijk, provincie Noord-Brabant en regio

Brainportregio moet leiden tot een gedeelde perceptie

de kwaliteiten van deze gemeenten. De woningbouw

dmv een verlaging van de snelheid naar 30 km/

Brainport met de Brainport Nationale Actieagenda

tussen Rijk en regio over de urgentie, aard, omvang,

kan als hefboom fungeren voor andere opgaven

uur, parkeren via hubs als standaard en een sturend

een langjarig partnership met elkaar aangegaan om

onderbouwing en aanpak van de samenhangende

op het gebied van economie (agglomeratiekracht),

parkeerbeleid (stedelijke parkeernormen en tarieven,

de economische kracht van Brainport Eindhoven te

opgaven op het gebied van verstedelijking en

leefbaarheid en klimaatadaptatie/ energietransitie.

gebiedsontwikkeling, parkeren op afstand).

behouden en te versterken. Vervolgens spraken Rijk en

bereikbaarheid. Op basis van dit beeld worden op

Verstedelijking beïnvloedt de bereikbaarheid en vice

regio in november 2019 af een integraal gebiedsgericht

25 november 2020 in het BO MIRT strategische

versa en zowel kwantitatief als kwalitatief. Meer

Het MIRT-onderzoek laat zien dat de

MIRT-onderzoek (MIRT=Meerjarenprogramma

hoofdkeuzes gemaakt en beslissingen genomen

mobiliteit betekent hier vooral ook andere mobiliteit.

mobiliteitstransitie, in combinatie met de

Infrastructuur, Ruimte en Transport) uit te voeren,

over een adaptief ontwikkelpad, inclusief een

met het oog op versterking van de internationaal

maatregelenpakket. Voorliggend bestuurlijk document

MOBILITEITSTRANSITIE

fiets- en OV-gebruik. De bereikbaarheid van de

concurrerende economische positie van Brainport

bevat het advies van de programmaraad SmartwayZ.

De stedelijke groei moet hand in hand gaan met de

economische toplocaties en campussen zal verbeteren

Eindhoven. Met de belangrijkste vraag: hoe kunnen

NL aan de BO-MIRT tafel.

verbetering van de bereikbaarheid van de regio. De

door een radiale ontsluiting van de OV-knopen en een

Brainportregio zet daarom samen met de provincie

tangentiele ontsluiting tussen werklocaties.

we investeren in een hoogwaardig vestigingsklimaat,

verstedelijkingsstrategie, bijdraagt aan een groter

dat zowel het nationale verdienmodel als de regio ten

NIEUWE RUIMTELIJKE KWALITEIT

en het Rijk in op een mobiliteitstransitie. Het gaat

goede komt?

In de Woondeal Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) is de

om een wezenlijke verandering in reisgedrag en in

KWALITEITSSPRONG BRAINPORT

behoefte aan woningen tot 2040 ingeschat op 47.500

het mobiliteitssysteem, die de komende decennia

De Brainportregio zal naar verwachting meer

Het bereiken van zo’n hoogwaardig internationaal

tot 62.000 woningen. Bovendien is de ambitie dat

stapsgewijs en adaptief (dus met de mogelijkheid

talent aantrekken – wat belangrijk is voor het

vestigingsklimaat vraagt om een sprong in

het aantal arbeidsplaatsen groeit met ca. 50.000 tot

om tussentijds aanpassingen te doen) vorm krijgt.

vestigingsklimaat - door de combinatie van een

stedelijkheid qua woon- en werkmilieus met een

75.000 arbeidsplaatsen, zodat Brainport internationaal

Dit betekent: aanpakken van bestaande knelpunten

breder palet aan woonmilieus, behoud van de

bijbehorend voorzieningenniveau en een goed

concurrerend blijft. Brainport versterkt daarmee zijn

en opvangen van nieuwe mobiliteit door te investeren

groene ruimtelijke kwaliteit van de regio en de betere

functionerend multimodaal mobiliteitssysteem. Een

waarde ten behoeve van het stedelijk netwerk van

in de systeemsprong OV (spoor, HOV, hubs), fiets/

bereikbaarheid van economische toplocaties en

investering in het vestigingsklimaat en duurzame

Nederland. Daardoor ontstaat ook meer diversiteit

fietsvoorzieningen (rijden en stallen), doorfietsroutes,

campussen. Bovendien zal een aantal toplocaties en

mobiliteit in de Brainportregio is een investering in de

in het wonen; er komen bijvoorbeeld metropolitane

smartlanes, slowlanes, pakeer-/locatiebeleid,

campussen zich ontwikkelen tot integrale milieus,

regionale en nationale economie. Door niet alleen de

woonmilieus in het centrum van Eindhoven en

intelligent verkeersmanagement (C-ITS) en van daaruit

waarin wonen, werken en voorzieningen zorgen voor

focus te leggen op de economische belangen maar

hoogstedelijke woonmilieus in Eindhoven en Helmond.

onder meer in gedragsverandering, werkgeversaanpak,

een levendige, creatieve dynamiek. Een aantrekkelijke

aandacht te hebben voor alle doelgroepen en zorg

Deze hogere dichtheden zorgen ook voor extra druk

mobility as a service, deelmobiliteit en smart logistics.

woonomgeving is er niet alleen voor talent, maar zeker

te dragen voor een goede leefomgevingskwaliteit,

op deze steden. Daarom zal de verdichting gepaard

Het autoverkeer wordt zo snel mogelijk naar de randen

ook voor de inwoners.

profiteren alle inwoners van de regio van de sprong in

moeten gaan met een kwaliteitsimpuls, die een

(met name de Randweg A2 Eindhoven) geleid, wat

stedelijkheid.

aantrekkelijke, groene en gezonde leefomgeving borgt.

betekent dat deze randen goed moeten functioneren

Dit vraagt om zorgvuldige keuzes ten aanzien van

voor het regionaal en doorgaand verkeer. De rol van

2

ADVIES PROGRAMMARAAD SMARTWAYZ.NL TBV BO-MIRT 2020 Hiernaast zijn de hoofdkeuzes van de programmaraad in een afbeelding opgenomen, waardoor ook de samenhang der onderdelen inzichtelijk wordt.

De programmaraad: 1.

kiest voor een samenhangende en

adaptieve ontwikkeling van de verstedelijking en bereikbaarheidsopgave in deze regio en beziet de kansrijke oplossingsrichtingen en maatregelen integraal en in onderlinge samenhang; 2.

onderschrijft het belang om het stedelijk gebied

Eindhoven te versterken vanuit de kracht van de eigenheid van de regio en die daarmee recht doet aan de wens voor complementaire woon- en werkmilieus, behoud van identiteit van kernen en buitengebied, versterking van de relatie stad-kernen-buitengebied én bijdraagt aan een robuust mobiliteitssysteem; 3.

onderschrijft hiermee dat een toename van

binnenstedelijke verdichting met hoogstedelijke en metropolitane gemengde milieus in EindhovenVeldhoven en Helmond de meest toekomstvaste oplossing is en het meest bijdraagt aan het vergroten van de agglomeratiekracht en vestigingsklimaat. Daarom zal de verdichting gepaard moeten gaan met een kwaliteitsimpuls, die een aantrekkelijke, groene en gezonde leefomgeving borgt;

3

4.

onderschrijft dat het vestigingsklimaat voor

deze integrale opgave. In de eerste helft van 2021

•

een ruimtelijke inpassingsstudie voor het

Actieagenda zal EZK hierbij worden betrokken;

de regio nog sterker wordt als principes uit dit MIRT-

wordt de governance verder uitgewerkt en zetten we

gebied nabij Eindhoven Centraal. Daarbij zal de

Onderzoek worden doorgetrokken naar omliggende

een bijpassende (uitvoerings)structuur op;

studie naar het toekomstvast ontwikkelen van

vestigingsklimaat (w.o. verdienvermogen) en

subregio’s. Dit vereist afstemming van het stedelijk

7.

stelt vast dat het ontwikkelpad op hoofdlijnen

de Spoorknoop Eindhoven worden afgestemd

energie en klimaat.

gebied en de subregio’s de Kempen, A2 en de Peel

het komende jaar verder wordt uitgewerkt en spreekt

met de ontwikkeling van de multimodale knoop

9.

tav de complementariteit met behoud van identiteit

af dit ontwikkelpad te monitoren en jaarlijks te

Eindhoven Centraal. Hiertoe leveren de provincie

deelopgaven (de vetgedrukte betrokkenen zijn ‘trekker’

van kernen en buitengebied, versterking van de

evalueren en waar nodig aan te passen. Dit adaptieve

en gemeente Eindhoven een studie ‘ontwikkelen

van de opgave) met daarin opgenomen het voorstel

relatie stad-kernen-buitengebied. In het licht van de

ontwikkelpad wordt gemonitord, zodat kan worden

multimodale Knoop Eindhoven’ op in 2021,

voor de te maken afspraak tussen regio en Rijk tijdens

ontwikkeldagen 2021, de mobiliteitsagenda Zuidoost

gestuurd op de voortgang en nieuwe besluiten altijd op

dit zal in samenhang worden bekeken met de

het BO-MIRT 2020 (zie >):

Brabant en de regionale omgevingsagenda Zuidoost

basis van actuele informatie kunnen worden genomen.

ruimtelijke inpassingsstudie en de integrale

Brabant maken de afzonderlijke subregio’s hierover

Dit wordt belegd in de governance uit punt 6. Daarmee

studie toekomstvaste spoorknoop Eindhoven.

1.

indien noodzakelijk integrale afspraken met de

kunnen ook nieuwe inzichten tav verstedelijking

Zodoende wordt de woningbouw hier verder op

•

provincie én onderling. Deze worden opgenomen in de

(bijvoorbeeld het Verstedelijkingsakkoord) en mobiliteit

gang gebracht, zonder daarbij het benodigde

voor de SGE in afspraken. Woon-, werklocaties

omgevingsagenda Zuidoost Brabant;

(bijvoorbeeld smart mobility) worden betrokken.

ruimtebeslag voor (toekomstige) functionele

en voorzieningen worden zoveel mogelijk

eisen gekoppeld aan het spoor en het busstation

binnenstedelijk in Eindhoven, Helmond en

5.

maakt de hoofdkeuze voor een vergaande

•

de samenhang met mobiliteit, het

De programmaraad onderscheidt de volgende

Verstedelijkingsakkoord SGE/Rijk Een uitwerking van het verstedelijkingsakkoord

mobiliteitstransitie en daarmee een verschuiving

De programmaraad vertaalt bovenstaande door in de

Neckerspoel in gevaar te brengen. Hierbij wordt

Veldhoven gerealiseerd. Hierbij wordt ingezet

van autogebruik naar meer OV-gebruik, duurzame

volgende adviezen voor verstedelijkingsafspraken. De

aandacht gevraagd voor het opstellen van een

op hoogstedelijke en metropolitane gemengde

deelmobiliteit en verplaatsingen met de fiets en te voet,

programmaraad:

businesscase voor de verstedelijkingsopgave

milieus (o.a. campusontwikkeling), geconcentreerd

aangevuld met noodzakelijke maatregelen ten behoeve

8.

(wonen/werken) nabij Eindhoven Centraal, die

rond (H)OV-knooppunten en langs bestaande

van de auto-bereikbaarheid;

naar een verstedelijkingsakkoord voor de SGE, conform

daarmee mogelijk de basis vormt om te zijner tijd

en nieuwe mobiliteitsassen. Onderdeel van het

6.

de uitkomsten van het MIRT-onderzoek en vast te

fondsen en middelen te verwerven;

verstedelijkingsakkoord is het ontwikkelen van

de overige gemeenten kunnen eveneens verdichten

een verdiepende studie toplocaties. Hierbij staat

stelt voor om dit te organiseren in een integraal

adviseert om het komend jaar toe te werken

triple-helixsamengesteld gremium dat de uitwerking

leggen tijdens het BO-MIRT 2021, waarbij de volgende

•

en uitvoering van deze integrale verstedelijkings- en

zaken nader worden uitgewerkt:

of transformeren binnen de kernen met behoud

centraal hoe we de concurrentiekracht van

bereikbaarheidsopgave ter hand neemt. Dit moet

•

woon-, werklocaties en voorzieningen worden

van identiteit van de kleinere kernen, de groene

de locaties op de lange termijn borgen. Bij de

zich goed verhouden tot de verschillende rollen

zoveel mogelijk binnenstedelijk in Eindhoven,

kwaliteit, het buitengebied en versterking van de

uitwerking worden ook de ontwikkelingen tav

en verantwoordelijkheden ten aanzien van wonen,

Helmond en Veldhoven gerealiseerd. Hierbij

relatie stad-kernen-buitengebied (regionaal maken

klimaatadaptatie en energietransitie betrokken.

werken, mobiliteit bij Rijk, provincie, gemeenten,

wordt ingezet op hoogstedelijke en metropolitane

gemeenten hierover programmeringsafspraken);

•

BETROKKENEN: SGE-gemeenten, BZK, EZK, provincie.

randgemeenten, marktpartijen en kennisinstellingen.

gemengde milieus (o.a. campusontwikkeling),

het ontwikkelen van een verdiepende studie

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: De uitkomsten van de

Daartoe handhaven we de huidige governance met

geconcentreerd rond (H)OV-knooppunten en

toplocaties (o.a. campussen), vanwege de

afspraken 2, 3, 4 en 5 hieronder, onderdeel te laten

de programmaraad SmartwayZ.NL en een BAG+ voor

bestaande en nieuwe mobiliteitsassen;

samenhang met de Brainport Nationale

zijn van het verstedelijkingsakkoord.

•

4

•

•

DOEL: de ruimtelijke strategie en het adaptief

Onderzoek naar de mogelijke inzet, van het

tijdig afstemming en afspraken met partijen

centrum van Eindhoven. Bij de uitwerking van dit

ontwikkelpad moeten uitgewerkt worden in een

mogelijk op te zetten Rijksontwikkelbedrijf,

over benodigde ruimte spoor irt verstedelijking.

pakket ligt er een nadrukkelijke relatie met pakket 2,

verstedelijkingsakkoord SGE. Hiermee wordt er

zoals voorgesteld bij de aanbieding van

Het opstellen van de strategie en fasering is

en op het gebied van mobiliteit met de afspraken 7,

tevens invulling gegeven aan het SGE-deel van de

de NOVI, voor het vlottrekken van de

onderdeel van de studie. Bij de uitwerking van

8 en 10).

verstedelijkingsstrategie stedelijk Brabant.

verstedelijkingsopgave nabij Eindhoven

dit pakket ligt er een nadrukkelijke relatie met

ONTWIKKELPAD: gemeenten zorgen in samenspraak

Centraal.

afspraak 7.

met provincie en Rijk voor een samenhangende

•

•

het web van de stedelijke agglomeratie en

voorzieningen.

een metropolitaan centrum. Wil de Brainport inwoners en talenten ook op termijn soepel

•

•

•

Verdiepende studie naar de economische toplocaties

DOEL: Station Eindhoven CS wordt de spin in

regionale programmering voor wonen, werken en

2.

4.

3.

Het programmatisch uitwerken van het

•

Ontwikkelperspectief Centrum Eindhoven •

Verdiepende studie naar zonering en integratie op de economische toplocaties met als centrale

Uitwerken van het programma van het

vraag: hoe borgen we de concurrentiekracht van

Ruimtelijke inpassingsstudie naar de

kunnen verplaatsen, dan is aanpassing van de

Ontwikkelperspectief Eindhoven Centrum

de locaties op de lange termijn? Uitkomsten van

opgave EIK XL

stationsomgeving/spoorknoop Eindhoven Centraal

met 21.000 woningen (gemengde milieus en

deze studie zijn zeer bepalend voor de ruimtelijke

Een ruimtelijke inpassingsstudie naar de

(incl. Neckerspoel) cruciaal ter versterking van

woonvormen) binnen de Ring met aandacht

strategie voor de wat langere termijn.

woningbouwopgave van ca. 6000 woningen

de agglomeratiekracht, het vestigingsklimaat

voor de klimaatopgave, groene kwaliteit en het

in de omgeving van Eindhoven CS, waarbij het

en passende (internationale) connectiviteit

leefmilieu.

ruimtebeslag voor (toekomstige) functionele

van Brainport Eindhoven Het verbeteren van

•

BETROKKENEN: gemeente Eindhoven.

eisen gekoppeld aan het spoor en het busstation

de gewenste connectiviteit vraagt op de

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: nvt.

Neckerspoel in beeld worden gebracht.

middellangetermijn om een uitbreiding van de

•

DOEL: schaalsprong naar hoogstedelijk en

BETROKKENEN: gemeente Eindhoven, Rijk, provincie,

spoor- en perroncapaciteit van Eindhoven CS. Op

metropolitane gemengde milieus geeft de

gemengde milieus mogelijk en wenselijk zijn

ProRail, private partijen.

korte termijn worden 6.000 woningen gerealiseerd.

mobiliteitstransitie een impuls. Het is een reeds

op de campus-/toplocaties. Vroegtijdig inzicht

VOORSTEL VOOR BO-MIRT:

Ingrepen op de korte termijn moeten in lijn zijn met

ingezet proces en een logisch vervolg op de

is nodig om keuzes m.b.t. inzet op gemengde

•

Starten van een onderzoek naar de ruimtelijke

de in- en aanpassingen die nodig zijn op de lange

afspraken van de Woondeal, de verdichtingsaanpak

woon/werkmilieus te kunnen plaatsen in een

inpassing en fasering van de multimodale

termijn.

en het toekomstbeeld OV. Onderdeel van deze

langetermijnstrategie en dit oppakken binnen het te

ONTWIKKELPAD:

ruimtelijke studie is het vormgeven van de kwaliteit

ontwikkelen verstedelijkingsakkoord SGE.

•

Er liggen een SOK en PvA. Daarin is programma

van het centrumgebied, het stedelijk groen, het

woningbouw en station).

EIK XL uitgewerkt in een ontwikkelvisie

verbinden van het binnen met het buiten de Ring en

Opstellen van een businesscase voor de

Fellenoord (vaststelling beoogd Q1 2021).

het verbeteren leefmilieu binnen en op de Ring.

kent een sterke eigen dynamiek. Het is van

ONTWIKKELPAD: deze uitwerking vormt de

belang inzicht te hebben in de gewenste ontwikkelrichting.

knoop i.r.t. de Ontwikkelvisie Fellenoord. (dus ruimtelijke inpassing van OV-knoop,

•

verstedelijkingsopgave van het gebied rondom

•

•

Het ontwikkelen van de stationsknoop met de

•

Eindhoven CS die de basis vormt om te zijner

onderdelen spoor en perrons Eindhoven, dat

eerstvolgende stap in de kwaliteitssprong

tijd fondsen en middelen te verwerven.

iets later ligt in het ontwikkelpad, vraagt wel

Brainport, passend bij de verdichting in het

•

BETROKKENEN: betrokken gemeenten, provincie,

private partijen, BZK, EZK •

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: onderdeel van

verstedelijkingsakkoord •

•

DOEL: inzicht in waar en onder welke voorwaarden

ONTWIKKELPAD:

•

•

de ontwikkeling van de campus-/toplocaties

wederzijdse afhankelijkheid met (H)OVstructuur.

5

5. •

Ruimtelijke studie naar Helmond centrum Het ontwikkelen van een ‘ontwikkelvisie

stationsomgeving (met 10.000 woningen) zijn

de mobiliteitsstrategie vormen. Deze bestaat uit de

van de opgave) met daarin opgenomen het voorstel

wederzijds afhankelijk (afspraken 5, 8 en 11).

volgende uitwerkingen:

voor de te maken afspraak tussen regio en Rijk tijdens

•

het BO-MIRT 2020 (zie >):

stationsomgeving Helmond’ met verstedelijking en opwaardering en verknoping intercitystation

6.

BETROKKENEN: gemeente Helmond, ProRail,

•

Uitwerken integrale ontwikkelstrategie subregio’s

een integrale studie naar een toekomstvaste Spoorknoop, wat een relatie heeft met de

Uitwerking van de ontwikkelstrategie van

uitwerking regionaal (H)OV door regio. Beide

7.

provincie, vervoerders, private partijen.

regionale kernen gekoppeld aan de agenda voor

trajecten zullen op elkaar worden afgestemd;

•

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: nvt

het landelijk gebied doet recht aan de wens

•

DOEL: Een gefaseerde gebiedsontwikkeling

•

(Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040), opgaven

voor complementaire woon- en werkmilieus,

hierbij om de ontbrekende radiale verbindingen,

station Eindhoven Centraal, multimodale knoop

van het gebied rondom het centrale station

behoud van identiteit van kernen en buitengebied,

een tangentiële verbinding langs economische

Eindhoven, uitbreiding en aanpassing van het

en het centrum van Helmond is nodig voor de

en versterking van de relatie stad-kernen-

toplocaties, en een netwerk van multimodale

busstation Neckerspoel, radiale OV-assen en

verstedelijkingsopgave van deze tweede stedelijke

buitengebied.

hubs wat goed aansluit op zowel het OV- als

een tangentiele OV-verbinding tezamen, maken

BETROKKENEN: Regiogemeenten, provincie en

autonetwerk. Hierbij worden ook maatregelen

de mobiliteitstransitie mogelijk. Samenhangend

subregio’s.

ten behoeve van gedragsverandering (bv.

met de ontwikkeling van EIK XL is het integraal

werkgeversbenadering) betrokken;

ontwikkelen van Neckerspoel van belang. De

van het regionaal mobiliteitsplan met

uitwerking is de volgende stap in het onderzoek/

•

ontwikkeling van ca 10.000 woningen in Helmond hangt samen met de gefaseerde opwaardering van

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: nvt.

het centrumgebied van Helmond. In de spoorknoop

•

DOEL: een integrale, gedragen uitwerking op gebied

•

Eindhoven zit het NMCA knelpunt Eindhoven-

van verstedelijking en mobiliteit voor de regionale

onder meer het fietsnetwerk, slimme

ontwerp naar het OV-systeem m.b.t. de ligging van

Helmond. Het versterken van het IC-profiel vraagt

kernen en het landelijk gebied gericht op het

mobiliteitsmanagementmaatregelen,

de lijn en haltes, de effecten en de OV-ontsluiting

om infrastructurele en ruimtelijke aanpassingen

borgen van de leefbaarheid van de gehele regio.

locatie-/parkeerbeleid, werkgeversaanpak/

van Eindhoven voor de omliggende gemeenten.

ONTWIKKELPAD: Op basis van de uitkomsten

gedragsverandering, Mobility as a Service,

Aanvullend zijn fietsvoorzieningen op haltes nodig.

op de stationsomgeving. Opwaardering van het

van het MIRT-onderzoek maken provincie

deelmobiliteit, smart logistics en samenhang met

intercitystation moet bijdragen aan het verbeteren

en regio samenhangende afspraken over de

het regionaal (H)OV-netwerken;

regiogemeenten, provincie, Rijk, vervoerders,

van de connectiviteit.

programmering van woningbouw en werklocaties

een studie HWN-OWN en hun onderlinge

private partijen (werkgevers).

ONTWIKKELPAD: op basis van de ontwikkelvisie

én een agenda voor het landelijk gebied.

en is daarom onderdeel van de integrale visie

•

Regionale uitwerking TBOV2040 landsdeel Zuid

van het regionaal (H)OV-systeem. Het gaat

kern én de mobiliteitstransitie van de regio. De

•

Uitwerken van robuust (H)OV-systeem

•

maken partijen een vervolgafspraak over de

•

samenhang. •

•

•

BETROKKENEN: gemeente Eindhoven en

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: uitwerken van het OV-

het inzichtelijk maken van benodigde

systeem conform regionale uitwerking TBOV,

ontwikkel- en uitvoeringsstrategie en fasering.

De programmaraad vertaalt bovenstaande

beslisinformatie o.a. financiën op basis van

uitwerking op basis van het integraal onderzoek

Helmond start met het maken van een

deelopgaven door in de volgende adviezen voor

stabiele SSK-ramingen, mogelijkheden en inzet

naar de radiale en tangentiele OV-lijn vast te leggen

ontwikkelvisie voor de verstedelijking nabij station,

mobiliteitsafspraken. De programmaraad adviseert:

van alternatieve bekostiging, aanpak, planning en

tijdens het BO-MIRT 2021. Hierbij zal afstemming

dit zal worden afgestemd met de door IenW

10.

risico’s.

gezocht worden met de verdiepende studie HWN-

te entameren integrale studie toekomstvaste

uitwerking van de mobiliteitstransitie, conform de

11.

spoorknoop Eindhoven. De mobiliteitstransitie,

uitkomsten van het MIRT-onderzoek, waarbij de

deelopgaven (de vetgedrukte betrokkenen zijn ‘trekker’

zuidelijke ontsluiting en ontwikkeling

verschillende modaliteiten worden onderzocht en zo

het komend jaar toe te werken naar een

De programmaraad onderscheidt de volgende

OWN en ‘multimodale hubs’.

6

•

DOEL: impuls OV gericht op mobiliteitstransitie.

8.

Uitbreiding van het radiale netwerk met een

•

ONTWIKKELPAD: om de mobiliteitstransitie tot stand

teneinde in 2021 hierover vervolgbesluiten te

De mobiliteitstransitie behelst een wezenlijke

te brengen is een pakket maatregelen als hiervoor

kunnen nemen.

tangentiele OV-verbinding voor de verbinding

verandering in reisgedrag en in het

genoemd nodig, dus: fietsvoorzieningen (rijden en

van de toplocaties met de knooppunten van

mobiliteitssysteem, die de komende decennia

stallen), doorfietsroutes, smartlanes, slowlanes,

overstappunten van auto naar fiets/OV. De hubs

OV en de nog te ontwikkelen hubs. Bovendien

stapsgewijs en adaptief (dus met de mogelijkheid

parkeer-/locatiebeleid;

bevorderen de bereikbaarheid van de economische

zal deze tangentiele OV-lijn ook structurerend

om tussentijds aanpassingen te doen) vorm krijgt.

Daarnaast inzet op: intelligent

toplocaties, verminderen mogelijk de druk op het

en versterkend werken in de verdere

Dit betekent: investeren in de systeemsprong

verkeersmanagement (C-ITS) en van daaruit

hoofdwegennet en vormen de verbinding vormen

verstedelijkingsopgave. Een goede verknoping van

OV (spoor, (H)OV, hubs), multimodale knoop

onder meer gedragsverandering, werkgevers-

tussen stad en ommeland. Ondanks de toename

deze lijn met Eindhoven CS is vanzelfsprekend. Een

Eindhoven, fiets, parkeer-/locatiebeleid, en

en onderwijsbenadering, mobility as a service,

van stedelijkheid zal zeker de helft van de inwoners

extra verknoping met het spoor aan de noordzijde

intelligent verkeersmanagement (C-ITS) en

deelmobiliteit en smart logistics. Bij de uitwerking

van randgemeenten (en daarbuiten) in suburbane

biedt een extra plus in de OV-ontsluiting. De

van daaruit onder meer in gedragsverandering,

van dit pakket ligt een nadrukkelijke relatie met de

en landelijke kernen wonen. Die zijn vanwege de

contour van de met OV bereisbare arbeidsplaatsen

werkgeversaanpak, Mobility as a Service,

uitwerking van Helmond centrum (5), een robuust

lage dichtheden alleen goed te ontsluiten met

neemt toe. Dit effect wordt nog flink versterkt

deelmobiliteit en smart logistics.

(H)OV-systeem (7) en de ontwikkeling van de

individueel vervoer; de (e)fiets en auto. Op korte

BETROKKENEN: gemeente Eindhoven/Helmond en

mobiliteitshubs (9) en de zuidelijke ontsluiting

afstand neemt binnen het stedelijk gebied maar

regiogemeenten, provincie, Rijk, werkgevers.

Helmond (11).

ook binnen de kernen het fietsgebruik toe. Het

door de verdichting. De (top)locaties kunnen qua

•

werknemers putten uit een groter gebied waar bovendien nog meer mensen wonen. •

Maatregelen mobiliteitstransitie

•

•

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: de tekst opnemen dat

DOEL: een systeem van regionale hubs met

oprekken van die afstand door de (e)fiets en

ONTWIKKELPAD: om de groei als gevolg van

de regio (Provincie NB, MRE) in december 2020

9.

de 62.000 woningen te accommoderen en

de ‘Regionale Mobiliteitsagenda Metropoolregio

•

de mobiliteitstransitie (incl fiets) tot stand te

Ontwikkelplan mobiliteitshubs

nieuwe kleine e-vervoersmiddelen te faciliteren,

Het instemmen met het ontwikkelplan regionale

helpt substantieel om de kernen met het stedelijk

Eindhoven’ vaststelt. Hierin komen o.a. aan bod

mobiliteitshubs om te komen tot een eindbeeld

gebied te verbinden. Het concept van de smartlane

brengen is een radiaal en verbindend tangentieel

het fietsnetwerk, slimme mobiliteitsmanagement

van een samenhangend netwerk van regionale

biedt daarvoor toekomstvaste infrastructuur. Voor

systeem nodig. De aandacht is gericht op

maatregelen, parkeerbeleid, werkgeversaanpak/

mobiliteitshubs met kansrijke locaties inclusief

grotere afstanden (en met name de inkomende

integraal onderzoek naar de afronding van het

gedragsverandering, Mobility as a Service,

gefaseerde aanpak, budget, organisatie en

pendel) biedt een netwerk van regionale hubs een

radiale en tangentiele OV-systeem en verdere

deelmobiliteit, smart logistics en samenhang met

koppeling met flankerend beleid.

oplossing.

planvoorbereiding, zodat de ontsluiting in de

het regionaal (H)OV-netwerk. Dit wordt jaarlijks

pas loopt met de vergaande verstedelijking. De

geactualiseerd.

gemeente Meierijstad, werkgevers/bedrijven,

noodzakelijk onderdeel van de mobiliteitstransitie.

DOEL: impuls fiets en andere maatregelen gericht

mobiliteitsaanbieders

In de regio is al gestart met de uitwerking van

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: het komend jaar op basis

een plan voor deze regionale mobiliteitshubs die

aantakking van de regio- en randgemeenten op dit

•

•

BETROKKENEN: MRE-gemeenten, Rijk, provincie,

•

ONTWIKKELPAD: het ontwikkelen van hubs is een

OV-systeem is onderdeel van nader onderzoek. Bij

op mobiliteitstransitie, inclusief de maatregelen

de uitwerking van dit pakket ligt een nadrukkelijke

op de werkgevers- en onderwijsbenadering en

van inzichten uit het Regionaal Mobiliteitsplan

de bereikbaarheid van economische toplocaties

relatie met de maatregelen mobiliteitstransitie (8)

gedragsbeïnvloeding van reizigers.

MRE, studie (H)OV en uitwerking HWN-OWN, de

bevorderen en de druk op het hoofdwegennet

kansrijke multimodale hubs in beeld te brengen,

verminderen. Het voorstel is om de aanpak te

en de ontwikkeling van de mobiliteitshubs (9).

•

7

faseren, op korte termijn wordt gestart met

(‘stadsautoweg Eindhoven’) en de zuidelijke

ramingen, mogelijkheden en inzet van alternatieve

de optimalisatie en uitbreiding van bestaande

ontsluiting van Helmond. Uitgangspunt vormt

bekostiging, aanpak, planning en risico’s.

P+R-locaties en vervolgonderzoek op specifieke

afwikkeling van het verkeer over bestaande

locaties. Op langere termijn worden diverse

tracés. Een ander uitgangspunt is dat er ook in de

hiervan tijdens het BO-MIRT 2021. Bij de uitwerking

hubs en de capaciteit ervan uitgebreid, als de

toekomst voldoende ruimte dient te zijn voor het

van dit pakket ligt een nadrukkelijke relatie met het

mobiliteitstransitie meer vorm krijgt. Onderdeel

doorgaand verkeer op de A2/N2/A67/A50.

uitwerken van de zuidelijke ontsluiting Helmond

BETROKKENEN: Rijk, provincie, gemeente Eindhoven,

(11).

van het stevige OV-profiel is een systeem van

•

regionale mobiliteitshubs die cruciaal zijn voor

•

gemeente Helmond en andere randgemeenten. 11.

en ander innovatieve vervoersconcepten (o.a.

uitkomsten worden geagendeerd tijdens het BO-

•

deelmobiliteit). Met de mogelijkheid om daarbij

MIRT 2021.

scan met betrekking tot het opwaarderen van

DOEL: oplossen knelpunten op het wegennet

de zuidelijke ontsluiting van Helmond en het

fijnmaziger systeem van kleinere hubs. Bij de

met focus op de Randweg A2 Eindhoven, de

afwaarderen van de Kasteeltraverse.

uitwerking van dit pakket ligt een nadrukkelijke

noordelijke randweg, JF Kennedylaan, gedeelte

relatie met de maatregelen robuust regionaal OV-

Ring en A270. Wanneer vol wordt ingezet op

systeem (7) en mobiliteitstransitie (8), de provincie

de mobiliteitstransitie dan resteren er toch nog

•

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: nvt.

neemt voortouw in leggen van deze verbinding.

knelpunten op het wegennet. Na de korte termijn

•

DOEL: Het, in combinatie met de mobiliteitstransitie

vanuit de gemeenten op aan te haken met een

•

ONTWIKKELPAD: uitwerking in 2021 en agendering

VOORSTEL VOOR BO-MIRT: een uitwerking waarvan de

een comfortabele overstap van de auto naar OV

10.

•

•

•

•

Uitwerken van zuidelijke ontsluiting Helmond Het uitwerken van de inzichten uit de quick-

BETROKKENEN: gemeente Helmond, gemeente

Eindhoven, provincie.

aanpak van de Randweg A2 Eindhoven en de

(incl fiets), ontlasten van de Kasteeltraverse van

Nadere uitwerking van een robuust en

aanpak bundelroutes tot 2030, resteren er nog de

doorgaand verkeer om daarmee leefbaarheid en

samenhangend HWN/OWN

volgende knelpunten voor de periode 2030-2040.

bereikbaarheid van het centrum van Helmond

Een nadere uitwerking naar robuuste en

Congestie op delen van de Randweg A2 Eindhoven,

te verbeteren en de verstedelijkingsopgave te

samenhangende kansrijke oplossingen voor

A58, A67 en A50, zware congestie op John F.

faciliteren.

de systeemopgaven op het HWN en OWN met

Kennedylaan en het noordoostkwadrant van de

daarbij voldoende aandacht voor hun onderlinge

Ring (concept ‘stadsautoweg Eindhoven’) en

deze uitwerking maken partijen een afspraak

samenhang, die zorgen voor een robuuste

verkeer- en barrièreproblematiek Kasteel-Traverse.

over een planstudie (i.s.m. Bundelroutes). Bij

afwikkeling van auto- en vrachtverkeer op lokaal,

Onderdeel van de uitwerking is het inzichtelijk

de uitwerking ligt een nadrukkelijke relatie met

regionaal en (inter)nationaal niveau.

maken de reikwijdte (scope) van de kansrijke

Helmond centrum (5) en de mobiliteitstransitie (8).

Het gaat hierbij om samenhangende oplossingen

oplossingen, effecten (op o.a. leefbaarheid,

voor A2/N2/A67/A50 en de John F. Kennedylaan

mobiliteit) en van benodigde beslisinformatie

en het noordoostkwadrant van de Ring

o.a. financiën op basis van stabiele SSK-

•

ONTWIKKELPAD: Op basis van de uitkomsten van

8

Inhoudsopgave 1. Introductie 2. Economische en ruimtelijke uitgangspunten 3. Uitgangspunten bereikbaarheid en mobiliteit 4. Strategische hoofdkeuzes 5. Ontwikkelpaden 6. Kosten en alternatieve bekostiging 7. Regie

Bijlagen

9

Hoofdstuk 1. Introductie 1.1

DE AMBITIE: VASTHOUDEN INTERNATIONALE

Het duurzame verdienvermogen voor de lange termijn

De Afsprakenlijst van het bestuurlijk Overleg MIRT

Rijk, provincie Noord-Brabant en de gemeente

TOPPOSITIE VAN BELANG VOOR HET

is alleen mogelijk als er sprake is van passende woon-

2019 vermeldt de volgende afspraken:

Eindhoven zijn gezamenlijk opdrachtgever voor dit

NATIONALE VERDIENVERMOGEN

, werk- en verblijfsmilieus én als de bereikbaarheid

SmartwayZ.NL: Onderzoek Verstedelijking &

MIRT-onderzoek. Ook vindt er afstemming plaats

De ambitie voor de Brainportregio luidt: een

goed is. Mensen willen wonen in aantrekkelijke steden

Bereikbaarheid Brainportregio

met andere gemeenten, het bedrijfsleven, aanbieders

hoogwaardig internationaal vestigingsklimaat met

en dorpen met goede voorzieningen. Een prettig

•

Rijk en regio spreken af om gezamenlijk een

van mobiliteitsdiensten en kennisinstellingen binnen

betekenis voor het verdienmodel van de BV Nederland

leefklimaat en een hoge kwaliteit van de samenleving

gebiedsgericht en integraal MIRT-onderzoek te

de Brainportregio. Voorbereiding van besluitvorming

én voor de regio, waarbij de economische topsectoren

is bepalend voor het economische succes, en op haar

starten voor de Brainportregio. Het onderzoek

verloopt via de Programmaraad SmartwayZ.

(hightech), de kennisindustrie en de maakindustrie

beurt kan doorgaande economische ontwikkeling in

moet leiden tot een gedeelde perceptie tussen

NL, waaraan naast de mobiliteitspartners ook het

essentiële pijlers zijn. Hiervoor is een sterke

belangrijke mate bijdragen aan de versterking van de

Rijk en regio over de urgentie, aard, omvang,

Ministerie van BZK deelneemt.

agglomeratiekracht noodzakelijk, met meer woningen,

samenleving (Tweede Kamer, vergaderjaar 2019-2020,

onderbouwing en aanpak van de samenhangende

passende woon- en werkmilieus en een bijbehorend

29 696, nr. 7 Groeistrategie voor Nederland).

opgaven op het gebied van verstedelijking en

Rijk en regio hebben een gezamenlijke ambitie om

bereikbaarheid.

ervoor te zorgen dat de Brainportregio een van de

Op basis van dit beeld worden strategische

belangrijke economische motoren van Nederland

hoofdkeuzes gemaakt. Het streven is om

blijft. De opgaven, de ambities die men wil waarmaken

voorzieningenniveau. Dat maakt de Brainportregio aantrekkelijk voor talent én er is dan sprake van een ‘brede welvaart’ voor iedereen. Daarvoor is het

1.2

MIRT-ONDERZOEK VERSTEDELIJKING EN

•

BEREIKBAARHEID

noodzakelijk om niet alleen de agglomeratiekracht

MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en

tijdens het BO MIRT van 2020 beslissingen te

én de ‘window of opportunity’s’ (kansen) maken

maar ook de connectiviteit te verbeteren.

Transport) is het programma waarin de Rijksoverheid

nemen over een adaptief ontwikkelpad inclusief

handelen noodzakelijk. Dit vraagt om investeringen van

samen met andere overheden werkt aan het veilig en

maatregelenpakket.

betrokken partijen, zowel op het gebied van ruimte als

Het onderzoek heeft de volgende contouren:

qua bereikbaarheid/mobiliteit. Rijk, provincie Noord-

•

focus op samenhang verstedelijking en

Brabant en gemeente Eindhoven werken daarom

mobiliteit;

samen aan een integraal en adaptief pakket van

aandacht voor alle modaliteiten in hun

afspraken, gericht op een robuuste regio, voor het BO

onderlinge samenhang;

MIRT in november 2020.

Wil Brainport internationaal mee blijven doen in de top,

bereikbaar houden van Nederland. Alle investeringen

dan is het essentieel om voortdurend te investeren in

hiervoor staan in het MIRT, en waarover jaarlijks

het vestigingsklimaat – randvoorwaarde voor groei –

afspraken tussen landsdelen en de bewindsvoerders

zodat het Brainport-ecosysteem op topniveau komt

worden gemaakt in een BO (Bestuurlijk Overleg). Een

én blijft. Rijk en regio werken nauw samen om de

MIRT-onderzoek is de eerste stap in het MIRT-traject

internationale toppositie van Brainport te behouden.

dat inzicht en overzicht moet bieden in specifieke

Langjarige afspraken hierover tussen Rijk en regio

opgaven. In het BO MIRT van november 2019 is

zijn vastgelegd in de Brainport Nationale Actieagenda

besloten een breed MIRT-onderzoek verstedelijking

(BNA). Deze agenda is continu in ontwikkeling, om zo

en bereikbaarheid te starten voor de Brainportregio.

blijvend in te spelen op ontwikkelingen in de regio en de wereld rondom.

•

•

•

aandacht voor nieuwe vormen van (duurzame) mobiliteit, slimme oplossingen en innovaties;

Doel van het onderzoek is een onderbouwd en

•

het geografisch gebied Zuidoost-Brabant;

gedeeld inzicht te krijgen in de aard en omvang van de

•

actieve rol bedrijfsleven vanwege bijdrage aan

verstedelijkings- en bereikbaarheidsopgaven in deze

Voorliggend document is daarvan het gezamenlijke

vestigingsklimaat, economische ontwikkeling

regio. Dit MIRT-onderzoek brengt de samenhang van

resultaat (zie ook het volledig MIRT-onderzoek).

en werkgeversaanpak;

de diverse opgaven in beeld en biedt door de integrale

onderzoek naar vormen van alternatieve

blik nieuwe oplossingen. Het onderzoek richt zich op

bekostiging; focus op tijdshorizon 2030-2040.

de lange termijn: 2030-2040.

•

10

Voor de kortere termijn heeft het Rijk met de provincie

•

SmartwayZ.NL: Mobiliteitsmaatregelen voor de

Noord-Brabant en gemeente Eindhoven nadere

korte termijn A2 Randweg. Rijk en regio starten

afspraken gemaakt over de uitvoering van Eindhoven

met fase 1 van de kortetermijnmaatregelen

Internationale Knoop XL: een pakket maatregelen

(uitvoering 2022-2025) voor de A2 Randweg

dat bestaat uit noodzakelijke toekomstvaste

Eindhoven. Uitvoering hiervan vindt plaats mede

aanpassingen op en rond station Eindhoven om de

op basis van het onderzoek naar Verstedelijk en

verbinding Eindhoven-Düsseldorf en verdere groei

Bereikbaarheid in de Brainportregio.

op het spoor mogelijk te maken, de aanleg van een

•

Helmond – Eindhoven (n.a.v. Motie-Jetten): Rijk

nieuwe fietsenstalling en de realisatie van een tweede

en regio nemen er kennis van dat de opdracht van

hoogwaardige OV-verbinding van Eindhoven CS naar

IenW aan ProRail om maatregelen in het kader van

Eindhoven Airport (HOV3).

NMCA-knelpunt Eindhoven-Helmond in beeld te brengen is betrokken bij het lopende onderzoek

Het MIRT-onderzoek heeft een relatie met drie andere

(van ProRail) naar benodigde infrastructurele

afspraken van de afsprakenlijst te weten:

maatregelen voor Eindhoven-Düsseldorf. Binnen

•

Tranche 1 Eindhoven XL: Rijk en regio concluderen

dit onderzoek wordt zowel naar de korte als naar

dat de alternatieve bekostiging van HOV3 in de

de (middel)lange termijn gekeken. Daarbij wordt

realisatie niet haalbaar is. De bevindingen en

ook het Toekomstbeeld OV (en de regionale

mogelijkheden voor alternatieve bekostiging

uitwerking hiervan) betrokken

worden meegenomen in het onderzoek naar Verstedelijking & Bereikbaarheid in de Brainportregio. •

SmartwayZ.NL: De Run/hubs. Het maatregelenpakket De Run en de intentieverklaring collectief vervoer 2.0 Brainport (getekend okt 2019) en de realisatie van robuuste permanente hubs (onderdeel van de deelopgave Randweg A2 en de Brainport Nationale Actieagenda) zijn onderdeel van de kwaliteitssprong van de Brainportregio.

11

Hoofdstuk 2. Economische en ruimtelijke uitgangspunten 2.1

BRAINPORT DOET WAAR HET GOED IN IS:

De grootste uitdaging voor de HTSM-sector is

UITBOUWEN HTSM

om voldoende gekwalificeerd en getalenteerd

In de Groeistrategie van het kabinet staat een

personeel aan te trekken. En dan blijkt, naast primaire

pleidooi voor investeren in en uitbreiden van de

arbeidsvoorwaarden, een aantrekkelijke werkomgeving

hightechindustrie in de Brainportregio. Brainport

een sterke troef te zijn. Dat uit zich in de ontwikkeling

excelleert in de kennis- en maakindustrie en de OEM’s

van het campusmodel in verschillende gedaanten

(Original Equipment Manufacturers) als ASML, Philips

op verschillende plekken en met wisselend succes.

Healthcare, Thermo Fisher en NXP. Brainport wedijvert

De meest succesvolle tot nu toe is de High Tech

met de topcentra in de wereld, maar deze kraamkamer

Campus Eindhoven: de identiteit van deze plek is zo

van innovatie en onderzoek kan béter worden benut,

sterk geworden dat er wereldwijde bekendheid is

zodat er ook nieuwe maaktechnologie ontstaat.

opgetreden – de internationale HTC wordt zelfs als

Bundelen van expertise in onderzoeksinstituten en

een ‘cv-builder’ gezien. In deze werkomgeving ontstaat

sterktes creëren door profilering van universiteiten

bovendien een nieuwe dynamiek door de toenemende

en hogescholen verhoogt daarbij de kwaliteit. Dit is

rol van software, en dus een nieuw type werknemer,

de kerngedachte van de campussen: nabijheid en

in de hightechindustrie. Deze nieuwe doelgroep in het

samenwerking van kennis en productie met de deuren

personeelsbestand vindt het extra belangrijk om op

wijdopen voor elkaar, niet met de angst iets aan een

aantrekkelijke plekken te werken, want creativiteit en

ander te verliezen, maar juist vanuit de overtuiging

productiviteit komt tot ontwikkeling in een omgeving

om samen verder te komen. De ruimtelijke setting

die inspireert, comfortabel is en leidt tot spontane

van de regio moet die ontmoetingen stimuleren.

ontmoetingen. Dergelijke ‘community’s’ blijken

Tussen bedrijven onderling, tussen onderwijs en

succesfactoren te zijn voor bloeiende economische

bedrijfsleven en tussen arbeidsmarkt en werkgevers

regio’s.

(inclusiviteit). Groei vergt een langetermijnaanpak, want ecosystemen bouw je niet in een paar jaar op

2.2

BRAINPORT IS ER VOOR IEDEREEN

en ze vergen continu vernieuwing en onderhoud.

Voldoende kwalitatief hoogstaande en bereikbare

Een economische doorgroei vereist meer start-

woon- en werklocaties zijn er niet alleen voor de

ups en snelgroeiende bedrijven, een verdere

HTSM en kenniswerkers, maar voor alle inwoners.

internationalisering en meer publieke R&D.

Om iedereen mee te laten profiteren van de groei in de regio is het belangrijk dat ingezet wordt op brede welvaart met een goede leefkwaliteit als basis. Door

Zie p12 in het eindrapport van het MIRTOnderzoek

het verbeteren van de bereikbaarheid en woningmarkt

(62.000 woningen tot 2040 conform het ambitieuze

in de regio ontstaan er meer kansen op wonen en

scenario uit Woondeal), ontwikkelen van geschikte

werken voor alle inwoners van de Brainport. Direct

werklocaties en vergroten van de agglomeratiekracht

door meer beschikbare en bereikbare woningen

zijn noodzakelijk om het schaalvoordeel te bereiken

en banen, maar ook indirect door toegenomen

waaraan het de regio nu nog (ten opzichte van haar

economische groei.

concurrenten) ontbreekt.

2.3

SCHAALSPRONG MET 62.000 WONINGEN ALS HEFBOOM

Er ligt – passend bij de enorme groeipotentie van het gebied – een grote verstedelijkingsopgave, die is vastgelegd in de Woondeal Stedelijk Gebied Eindhoven van Rijk, provincie Noord-Brabant en Stedelijk Gebied Eindhoven. Uitbreiden van de verstedelijking

12

de stad. Daarmee bepalen de groene gebieden in en rond de stad in belangrijke mate de kwaliteit van de leefomgeving.

2.6

DUURZAME ONTWIKKELING

De integrale opgave daagt uit tot innovatieve oplossingen en biedt gelijktijdig de gelegenheid om de noodzakelijke verbeteringen te bewerkstelligen in energiegebruik en hergebruik van grondstoffen en materialen. De komende jaren krijgt iedereen te maken met de overstap naar duurzame energie. Deze overstap geldt voor het bebouwde gebied (wonen en werken), industrie en mobiliteit (en landbouw). De schaalsprong in de Brainportregio schept de gelegenheid om te besparen op energiegebruik en te kiezen voor duurzame oplossingen, zoals zonnepanelen op daken en aan gevels van woningen

2.4

KWALITEIT DOOR TRANSFORMATIE EN

diep doordringen in het stedelijke milieu. Uitgangspunt

landschap is een deel van de identiteit. Wil men

en bedrijven. Bovendien ontstaat bij nieuwbouw

INBREIDING

is dat er zo veel mogelijk wordt gebouwd binnen

kunnen blijven genieten van het mooie landschap,

de mogelijkheid om in te zetten op hergebruik van

‘Kwaliteit’ is het sleutelwoord bij deze sprong.

bestaand stedelijk gebied, zodat tussen de steden

dan moet behoud van de kwaliteit van het landschap

grondstoffen en materialen. Bij ontwerp en inpassing

De kwaliteit van internationaal topniveau wordt

open ruimtes en groen behouden blijven. De nieuwe

sterker meewegen in de keuzes. Hierbij gaat het

van de nieuwbouw dient rekening gehouden te

bevorderd door een aantrekkelijke en gevarieerde

woningen moeten betaalbaar en goed bereikbaar zijn

zowel om het cultuurhistorische, groene, open

worden met diverse zaken zoals de nieuwe locaties

woningvoorraad, kwaliteit van de woon- en

en bewoners moeten een prettige, gezonde en veilige

karakter van het landschap als de kwaliteit van de

voor de opwek van duurzame energie, waterberging,

leefomgeving, kwaliteit van de werklocaties

leefomgeving ervaren. Centraal staat het zoeken van

natuur in en rond de Natura2000 gebieden (stikstof,

vergroening.

voor denkers en makers, snelle en comfortabele

de juiste balans tussen leefbaarheid en identiteit in de

fijnstof, CO2, verdroging). Dit betekent onder meer dat

verbindingen tussen woningen en werkplekken en

steden, dorpen en kernen.

uitbreiding buiten bestaand bebouwd gebied zo veel mogelijk wordt voorkomen, evenals verrommeling en

een stevige positie op het (inter)nationale netwerk van verbindingen. De regio ontleent haar kwaliteit en

2.5

KWALITEIT VAN LANDSCHAP EN NATUUR

identiteit aan de suburbane leefmilieus en het aanbod

De landelijke en groene omgeving is een belangrijke

met de steden zijn van belang voor recreatie en de

van grootschalige omringende natuurgebieden, die

factor waarom mensen voor dit gebied kiezen. Het

klimaatopgave. Ze vormen de ‘groene longen’ van

versnippering. Groene gebieden binnen of verbonden

13

Hoofdstuk 3. Uitgangspunten bereikbaarheid en mobiliteit 3.1

GROTE AUTOAFHANKELIJKHEID

De dynamiek in de automobiliteit in zowel knelpunten

De afgelopen 10 jaar is de mobiliteit sneller gegroeid

als groei zit dus vooral aan de westkant van het SGE.

dan eerder was aangenomen. De drie belangrijkste

Aan de oostkant is de groei geringer, omdat daar

verklaringen hiervoor zijn: de ontwikkeling van

minder op nieuwe inwoners en arbeidsplaatsen wordt

inwoners en arbeidsplaatsen, een grotere concentratie

ingezet. De groei van het verkeer varieert wel behoorlijk

van werklocaties en daarmee samenhangend

per route, met verwachte doorstromingsknelpunten in

grotere reisafstanden en tot slot verschillende

Eindhoven (Ring, John. F Kennedylaan) en Helmond

‘beleidsvariabelen’, zoals reiskosten, waardoor het

(N270/Kasteeltraverse) (robuustheidstoets uit studie

OV het verliest van de auto. De afhankelijkheid van de

bundelroutes).

auto is in de Brainportregio veel groter dan in andere

3.3

stedelijke regio’s in Nederland, omdat het ommeland

OV-KNELPUNTEN: SPOOR- EN OVVERBINDINGEN

hier veel minder stedelijk is en de werklocaties merendeels aan de snelweg liggen, op flinke afstand

Op basis van de NMCA uit 2017 is het grootste

van Eindhoven CS.

spoorknelpunt in 2030 de treinverbinding Eindhoven – Helmond. Uit de analyse van de NMCA op bus

In de hoofdwegenstructuur neemt de Randweg A2/

en trein constateren we dat de verbinding tussen

N2 Eindhoven een centrale en verbindende positie

Eindhoven CS en de binnenstad een knelpunt is. De

in. De hoofdrijbaan A2 faciliteert daarbij doorgaand

verbindingen naar Veldhoven en Eindhoven Airport zijn

verkeer; de N2 faciliteert aan de westkant het verkeer

aandachtspunten.

met herkomst óf bestemming in het gebied. Aan de oostkant bestaat de hoofdstructuur uit de N279,

Opvallend is dat OV-knelpunten precies op dezelfde

A67 en A50 (de zogeheten ‘robuuste rand’) en de

plekken (reisrelaties) liggen als op de weg. Juist dit

‘bundelroutes’: N270/Kasteeltraverse, A270, Ring

type externe pendel, per auto en afkomstig van buiten

Eindhoven en John F. Kennedylaan N615/Smits van Oyenlaan (Nuenen).

3.2

OPGAVEN OP HET HWN (HOOFDWEGENNET)

De NMCA 2017 voorspelt knelpunten voor de auto op de Randweg A2 Eindhoven en A50. De probleemanalyse Randweg A2 uit 2019 heeft

aangetoond dat er in 2040 knelpunten zullen zijn op

verergert. De regionale studie van de bundelroutes laat

grote delen van de Randweg A2/N2 en de toeleidende

zien dat er een knelpunt is op de route Kasteeltraverse-

snelwegen A2 (noord en zuid), A58, A50 en A67 (west

Europaweg-A270- Eisenhowerlaan-Ring Noordoost-

en oost) (NRM, 2040 hoog). Dat geldt ook voor de

Kennedylaan-aansluiting Ekkersrijt. Daarnaast is de

dan tot 2 x 3 rijstroken verbrede A58 Tilburg-Breda.

oostkant van het netwerk gevoelig voor verkeer dat

Verdere groei van het verkeer betekent dat, als er geen

uitwijkt naar alternatieve routes en bovendien door het

maatregelen worden genomen, congestie ontstaat of

stedelijk gebied van Eindhoven en Helmond rijdt.

de regio, zorgt voor een flinke groei van knelpunten in de hoofdinfrastructuur. Voor het spoorverkeer geldt een vergelijkbaar verhaal. Zowel doorgaand als extern verkeer vormt een belangrijk deel van het totaal.

14

De regionale studie naar de capaciteit en

3.4

reizigersontwikkeling verwacht – alleen al door

Stevig inzetten op de mobiliteitstransitie zorgt voor een

Borgen van een toekomstvaste bereikbare regio

autonome groei - eveneens een capaciteitsknelpunt

toekomstvaste, bereikbare regio. De mobiliteitstransitie

vraagt – naast een mobiliteitstransitie – ook om

op het busstation Neckerspoel. Na 2025 is de

is een verschuiving van auto- naar fiets- en OV-gebruik

infrastructureel ingrijpen in het bestaande wegennet.

perroncapaciteit van het busstation, zowel qua

die momenteel plaatsvindt in alle grote Nederlandse

Door de verstedelijkingsstrategie (verdichting binnen

reizigers als qua voertuigen, niet toereikend.

steden. In de Brainportregio, van oudsher sterk op

de Ring Eindhoven) vindt er ook een verschuiving

de auto gericht, is deze verschuiving ook ingezet. De

plaats in de problemen die te maken hebben met

De regionale uitwerking toekomstbeeld OV (voor

bereikbaarheid, met name die via het wegennet, loopt

bereikbaarheid per auto. De mobiliteitstransitie kan

het OV-netwerk van de Stadsregio Eindhoven), de

tegen grenzen aan. Bij de Randweg A2/N2 Eindhoven

veel oplossen, maar niet alles. Uit de analyse blijkt dat

studie voor de tangentiele lijn en dit MIRT-onderzoek

was te zien dat elke verbreding van de weg weliswaar

ondanks de mobiliteitstransitie knelpunten op de weg

Brainportregio geven enkele belangrijke inzichten:

enkele jaren een oplossing bood, maar daarna weer

blijven bestaan door de grote verstedelijkingsopgave in

•

de ontwikkeling van het aantal OV-reizigers op de

even heftig (of heftiger) dichtslibde. De verbeterde

de regio. Probleemoplossende maatregelen zijn op dit

hoofdknoop Eindhoven CS blijft altijd groter dan de

doorstroming trok intussen wel nieuwe verstedelijking

punt noodzakelijk, maar wel in de juiste maat en schaal

minimale verwachte autonome groei;

aan – nieuwe woongebieden en werklocaties/

– balancerend tussen het oplossen van knelpunten en

een mobiliteitstransitie lost de verwachte

campussen – waardoor de nieuwe capaciteit op de

het aantrekken van ‘nieuw’ verkeer.

knelpunten uit de NMCA niet op;

weg al snel weer volledig werd benut. De les hieruit

de extra verstedelijking in Eindhoven

was dat alleen een integrale benadering en aanpak kan

Centrum, zoals in de Woondeal aangegeven,

helpen om te komen tot toekomstvaste oplossingen.

•

•

MOBILITEITSTRANSITIE

3.5

OOK INGRIJPEN IN DE WEGINFRASTRUCTUUR

is in de bestaande onderzoeken (NMCA) en

•

capaciteitsanalyse Neckerspoel niet meegenomen

Het is weer tijd voor een sprong. De vraag is echter

en zorgt voor extra druk op de genoemde

in welke richting. Een autostrategie vraagt bij iedere

capaciteitsknelpunten;

uitbreiding om steviger ingrijpen, waarbij het hoogst

de capaciteit van de spoorknoop is zowel in het

haalbare is dat de huidige bereikbaarheidskwaliteit

onderzoek Eindhoven-Düsseldorf, als de MLT-

behouden blijft (weinig toekomstvast en weinig

studie 2030 voor het Toekomstbeeld OV (landelijke

kosteneffectief). Een fiets- en OV-strategie in

uitwerking) onderzocht en hieruit blijkt dat de

combinatie met slimme mobiliteitsoplossingen (Smart

capaciteit op het spoor bij Eindhoven na 2030 niet

Mobility) en gedragsverandering is beter opschaalbaar,

voldoende is.

verbetert de bereikbaarheid en is daarmee meer toekomstvast.

15

Hoofdstuk 4. Strategische hoofdkeuzes A.

AMBITIE: INTERNATIONAAL CONCURRERENDE

Woondeal is de behoefte aan woningen tot 2040

binnen de centrumring en aanvullende locaties die

onderscheiden zich van elkaar: er zijn kennisintensieve,

INNOVATIEVE ECONOMIE

ingeschat op 47.500 tot 62.000 woningen; bovendien

bijdragen aan verbindingen tussen het centrum en

‘hippe’ locaties en er zijn locaties waar de hightech-

Voor de programmaraad is het uitgangspunt van het

is er sprake van een verwachte groei van ca. 50.000

de woon- en werklocaties aan de randen gekoppeld

maakindustrie met moderne faciliteiten zorgvuldig

MIRT-onderzoek de ambitie dat de Brainportregio een

tot 75.000 arbeidsplaatsen, wat bijdraagt aan een

aan OV-ingrepen. De huidige Ring biedt kansen om,

is ingepast in de stedelijke of landschappelijke

hoogwaardig internationaal vestigingsklimaat geniet,

kwaliteitsimpuls van woon- en werklocaties. Het

in relatie tot de ambitie om meer ruimtelijke relaties

omgeving. We kiezen ervoor deze slim te verbinden via

dat stevig bijdraagt aan het verdienmodel van de BV

laten landen van deze aantallen kan als hefboom

in stad en regio tot stand te brengen en het verkeer

hoogwaardige fiets- en/of OV-verbindingen.

Nederland én de regio. De economische topsectoren,

dienen voor de aanpak van andere opgaven, zoals

meer naar buiten af te wikkelen, op welgekozen

de kennisindustrie en (hightech) maakindustrie zijn

kwaliteit van de leefomgeving, energietransitie en

plaatsen een sprong in stedelijkheid in combinatie

De aantrekkingskracht van de regio zit dus niet alleen

daarbij essentiële pijlers. Voor stevige economische

klimaatadaptatie. Bij deze groei hoort een veilig, slim,

met stedelijk groen te realiseren. Hier is ruimte voor

in het hoogstedelijke centrum, maar ook in de kwaliteit

groei moet de Brainportregio aantrekkelijk zijn voor

duurzaam en robuust multimodaal mobiliteitssysteem

ca. 10.000 woningen. De uitwerking hiervan is mede

van de economische toplocaties. De schaalsprong

talent om zich hier blijvend te vestigen. Maar niet

dat past bij de schaal van de regio met aandacht voor

afhankelijk van de keuze voor een toekomstige

is daarom niet alleen een sprong in kwantiteit, maar

alleen voor talent, ook voor de inwoners van het

de bereikbaarheid van de economische topclusters.

verstedelijkingsrichting en de mogelijke versnelling

juist vooral in kwaliteit, omdat niet wordt gekozen

in de uitbouw van het HOV-netwerk (radiale en

voor nieuwe uitleggebieden zowel voor wonen als

SPRONG IN STEDELIJKHEID MET

tangentiële verbindingen).

bedrijvigheid. De uitbreiding en verdichting van

voor iedereen. Het bereiken van een hoogwaardig

AANTREKKELIJKE METROPOLITANE EN

Voor Helmond gaat het om ca. 10.000 woningen

woningen en arbeidsplaatsen in de steden fungeert

internationaal vestigingsklimaat vraagt om een sprong

HOOGSTEDELIJKE GEBIEDEN

en arbeidsplaatsen in het centrumgebied en enkele

naar verwachting als ‘hefboom’ voor voorziene

stedelijk gebied moet het een aantrekkelijk gebied zijn. Kortom, er moet sprake zijn van een ‘brede welvaart’

C.

in stedelijkheid: meer passende woon- en werkmilieus,

We kiezen voor meer stedelijkheid. Niet alleen omdat

duizenden woningen in de eerder afgesproken

toename in lopen, fiets en OV-gebruik in combinatie

een bijbehorend voorzieningenniveau en een goed

het niet anders kan, maar ook omdat we het willen.

gebieden.

met stringent parkeer- en ruimtelijk beleid. Door nabij

functionerend multimodaal bereikbaarheidssysteem.

Gelet op de aanwezige landschappelijke kwaliteiten (waaronder natuurwaarden) en een aantal beperkingen

(H)OV-stations, haltes en mobiliteitshubs te gaan

D.

KWALITEITSSPRONG VAN CENTRUMGEBIEDEN

SUCCES VAN BRAINPORT: ECONOMISCHE

(waaronder milieucontouren) landt het grootste

EN ECONOMISCHE TOPLOCATIES

MOTOR LEIDT TOT EXTRA ARBEIDSPLAATSEN

deel van de opgave in het bestaande bebouwde

We kiezen voor nieuwe stedelijkheid en nieuwe

EN INWONERS ÉN VRAAGT HIEROM

gebied van Eindhoven en Helmond. Dat betekent

functies omdat beide kwaliteit toevoegen aan het

We zien de wederzijdse relatie tussen de economische

een grote transformatie en verdichtingsopgave.

bebouwde gebied. Verouderde functies worden

groei en verstedelijking. De ambitie om de

Eindhoven en Helmond krijgen door de nieuwe

vervangen, evenals leegstaande gebouwen en

Brainportregio de economische motor voor Nederland

woningen en arbeidsplaatsen een veel stedelijker

braakliggende terreinen. Een aantal van de aanvankelijk

én de regio te laten zijn, vraagt om voldoende

karakter. Door de verdichting en transformatie

monofunctionele werklocaties en campuslocaties

woningen en werklocaties om de groei in bevolking

verkleurt Eindhoven-centrum daarbij van een stedelijk

transformeert tot een gemengd milieu (wonen, werken,

en arbeidsplaatsen op te vangen. Deze groei draagt

naar een hoogstedelijk en metropolitaan milieu. In

onderwijs, cultuur, horeca, sport, etc), iets wat we ook

op zijn beurt ook weer bij aan deze ambitie. In de

Eindhoven zal het gaan om ca. 21.000 woningen

in veel buitenlandse steden zien. Deze nieuwe milieus

B.

verdichten wordt het OV-systeem blijvend versterkt.

16

E.

STRATEGISCHE KEUZE VOOR VERSTEDELIJKING

We zien een tweede grote ingreep van circa 15.000 tot

F.

BALANS LEEFBAARHEID EN IDENTITEIT

bijdrage te leveren en daarmee tegelijk eigen opgaven

Het MIRT-onderzoek laat namelijk zien dat dit, in

DORPEN

en ambities te realiseren. Het MIRT-onderzoek doet

combinatie met de verstedelijkingsstrategie, bijdraagt

20.000 woningen, die afhankelijk van het succes van

We zien de meerwaarde voor de Brainportregio

geen expliciete uitspraken over dergelijk ingrijpen in

aan de gewenste grote verschuiving van de (eigen)

de mobiliteitstransitie strategisch kan worden ingezet.

door de aanwezigheid van stad en land, steden

de regiogemeenten. Rijk, provincie Noord-Brabant en

auto naar OV- en fietsgebruik en schone deelmobiliteit.

Het onderzoek heeft daarvoor drie opties laten zien:

en dorpen, en stimuleren de fysieke en sociale

de SGE nodigen de regionale gemeenten uit om, bij

Deze transitie is nodig, toekomstbestendig en beter

•

versterken van de Zuidwestlob Eindhoven-

verbinding ertussen. Er is sprake van een wederkerige

voorkeur in regionaal verband, via integrale visies de

voor het milieu.

Veldhoven (waarbij de toplocaties ‘verkleuren’ naar

relatie tussen de stedelijke kernen Eindhoven en

balans tussen leefbaarheid en identiteit in de kernen in

gemengde woon-/werk-/voorzieningenmilieus in

Helmond en de omliggende regionale kernen en het

beeld te brengen en hun inbreidingsmogelijkheden te

combinatie met verstedelijking langs de nieuwe (H)

buitengebied. Door te kiezen voor hoogstedelijke

verkennen en te benutten. Ook dit is maatwerk.

OV-lijn);

verdichting ontstaat de mogelijkheid voor de kleinere

de ontwikkeling van de Noordwestlob (in relatie tot

kernen om de eigen woningvoorraad uit te breiden

een toekomstige OV-knoop tussen tangentiele lijn

of te verdichten, want naast de stedelijke woningen

en spoor) of;

in de centra van Eindhoven en Helmond is er ook

We kiezen voor een mobiliteitstransitie, dat wil

talenten soepel kunnen verplaatsen, dan is aanpassing

verdichten en transformeren van de grote

behoefte aan complementaire groene woonmilieus.

zeggen van een forse auto-afhankelijkheid naar veel

van de stationsomgeving/spoorknoop Eindhoven

naoorlogse stadswijken van Eindhoven (o.a.

Er liggen daarom ook kansen voor verbetering van

meer gebruik van fiets, lopen, openbaar vervoer en

centrum (incl. Neckerspoel) noodzakelijk. Iets

Woensel).

de leefbaarheid en verduurzaming van de dorpen in

andere innovatieve gedeelde mobiliteitsoplossingen.

anders is, dat het bij de ruimtelijke uitwerking van de

Deze woningen dienen in stedelijk gebied gebouwd

de omliggende regio, zonder dat hun eigen identiteit

De mobiliteitstransitie vraagt om bewustwording

verdichting nodig is om uitgangspunten te formuleren

te worden om de mobiliteitstransitie te bevorderen en

daaronder lijdt. Het MIRT-onderzoek laat zien dat er

en structurele gedragsverandering. Alle partijen,

voor de uitbreiding van het station en het busstation,

dus extra autobewegingen te voorkomen. Dit vraagt

met behoud van de eigen identiteit en door te bouwen

bedrijfsleven, onderwijs- en kennisinstellingen en

om te voorkomen dat er wordt gebouwd op plekken die

nog een uitwerking i.c.m. een vervolgstudie naar de

binnen de bebouwde kernen een mogelijkheid is om

overheden moeten daarom de handen ineenslaan

voor die uitbreiding nodig zijn.

verstedelijking die additioneel is aan de keuze van

per kern 800-1.200 woningen in de zes regionale

om deze transitie te laten slagen. Het gaat om

21.000 woningen binnen de Ring. Bedenk daarbij dat

gemeenten binnen het SGE (excl. Eindhoven,

een wezenlijke verandering in reisgedrag en in

Het verbeteren van de (inter)nationale connectiviteit

het ontwikkelpad adaptief is en dat niet alle keuzes (nu)

Helmond en Veldhoven) te realiseren (totaal ca. 6.000

het mobiliteitssysteem, die de komende decennia

vraagt om een uitbreiding van de spoor- en

tegelijkertijd gemaakt hoeven te worden; dat biedt de

woningen). Deze inbreiding is maatwerk en vraagt om

stapsgewijs en adaptief (dus met de mogelijkheid om

perroncapaciteit van Eindhoven CS. Deze belangrijke

mogelijkheid om hier op termijn nadere duiding aan te

een nader uitwerking en ontwikkelen van een strategie.

tussentijds aanpassingen te doen) vorm krijgt. Dit

OV-knoop kan alleen met de toplocaties en de

betekent: investeren in de systeemsprong OV (spoor,

omliggende regio worden verbonden via een robuuste

•

•

geven. Elke keuze is een integrale afweging, hangt dus

H.

URGENTE OPGAVEN VOOR DE MOBILITEITSTRANSITIE

We zien de centrale rol van Station Eindhoven CS in het

G.

MOBILITEITSTRANSITIE DE ENIGE

web van een heel forse stedelijke agglomeratie en een

TOEKOMSTVASTE WEG

metropolitaan centrum. Wil Eindhoven de inwoners en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9626157/1