Kaderbrief 2026-2029
Tekst van het document
Kaderbrief 2026-2029
Juni 2025
Inhoudsopgave Inleiding ..................................................................................................................................3 1.
Strategische koers .......................................................................................................4 1.1. 1.1.1.
Leefbaar platteland ..............................................................................................4
1.1.2.
Toekomstbestendigheid als sleutel .......................................................................4
1.1.3.
Kwaliteitsvol en betaalbaar wonen........................................................................4
1.1.4.
Inclusie: iedereen doet mee .................................................................................4
1.1.5.
Gezond en veilig samenleven................................................................................5
1.1.6.
Economie en bereikbaarheid ................................................................................5
1.2.
Koers houden ..........................................................................................................5
1.3.
Uitdagingen .............................................................................................................5
2.
3.
Trends en ontwikkelingen .........................................................................................4
Financieel perspectief .................................................................................................8 2.1.
Financiële uitgangspunten .......................................................................................9
2.2.
Meerjarenperspectief 2026-2029 ..............................................................................9
2.2.1.
Bestaand beleid ...................................................................................................9
2.2.2.
Financiële ontwikkelingen .................................................................................. 10
2.2.3.
Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen .......................................................... 11
2.2.4.
Ingediende voorstellen vanuit raadsfracties ........................................................ 17
2.2.5.
Belastingmaatregelen en dekkingsmogelijkheden ............................................... 22
2.2.6.
Samenvatting Meerjarenperspectief ................................................................... 23
Wat betekent dit financieel voor de gemeente Hellendoorn? ....................................... 24
2
Inleiding Voor u ligt de kaderbrief 2026 van de gemeente Hellendoorn. In de kaderbrief geven wij richting aan de begroting voor het komende jaar. Het document biedt inzicht in de belangrijkste beleidsmatige en financiële kaders, actuele ontwikkelingen, trends en keuzes waarmee we als gemeente rekening moeten houden. Hiermee leggen we de basis voor een realistische en toekomstgerichte programmabegroting 2026. Een kaderbrief is meer dan een financiële voorloper van de begroting. Het is het moment waarop we als college en raad samen vooruitkijken. Samen omdat u gaat spreken over de kaderbrief maar ook samen omdat u inbreng had in de voorstellen nieuw beleid. We waarderen het zeer dat u de moeite genomen hebt voorstellen uit te werken. In sommige gevallen passen die voorstellen in een groter geheel en we stellen voor ze bij dat grotere geheel te betrekken. Andere voorstellen vragen nog om nadere uitwerking. Bij de begroting 2026 komen we daarop terug. De uitdagingen waar we voor staan zijn niet gering. De wereld om ons heen is volop in beweging. Internationale spanningen, de gevolgen van klimaatverandering, digitalisering, de druk op het sociaal domein en een groeiende vraag naar passende woonruimte hebben directe impact op ons lokale beleid. Ook neemt de financiële druk toe.
Deze kaderbrief stellen we op, op een moment waarin we vanuit de Voorjaarsnota van het Rijk op korte termijn extra middelen ontvangen, maar vanaf 2028 nemen de financiële onzekerheden weer toe. Deze structurele schaarste aan middelen dwingt ons tot scherpe keuzes. De oplopende kosten in het sociaal domein, oplopende taakstelling voor jeugdhulp vanaf 2028, inflatie, onzekerheid over Rijksmiddelen en beperkte investeringsruimte zorgen voor spanningen in de begroting. We kunnen daarom niet alles doen en moeten dus kiezen uit schaarste. We verwachten niet dat de meicirculaire daar nog veel verandering in zal brengen. In deze kaderbrief houden we rekening met het begrotingsadvies van de VNG en het advies van de provincie Overijssel. Uiteindelijk sluit de kaderbrief met een relatief klein tekort dat we (conform het begrotingsadvies van de VNG) voorstellen te dekken uit de Vrij aanwendbare reserve. Uiteraard bekijken we of we dit tekort nog kunnen verkleinen of zelfs wegwerken in de begroting 2026. Actueel is het nieuws van de val van het kabinet. Wat we daarvan als gemeente gaan merken is onzeker maar duidelijk is dat dit zorgt voor voortdurende onzekerheid op het gebied van financiën, stikstof en andere vraagstukken.
3
1. Strategische koers 1.1. Trends en ontwikkelingen
We leven in een tijd van grote veranderingen. Oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten hebben ook invloed in de gemeente Hellendoorn: stijgende energieprijzen, zorgen over leveringszekerheid en een groeiende vraag naar opvang. Deze geopolitieke verschuivingen maken duidelijk dat de wereld kleiner is dan we soms denken en dat lokale veerkracht belangrijker is dan ooit. Tegelijkertijd verandert onze samenleving van binnenuit. Onze bevolking vergrijst, de druk op zorg en voorzieningen neemt toe en de verschillen tussen mensen worden groter. Niet iedereen heeft gelijke kansen op onderwijs, gezondheid en veiligheid. En waar vroeger het bestuur de lijnen uitzette, vragen inwoners nu om mee te mogen denken en doen. De overheid is niet meer vanzelfsprekend leidend; ze moet uitnodigend, faciliterend en samenwerkend zijn. Deze maatschappelijke en bestuurlijke veranderingen raken aan de kern van ons collegeprogramma en hebben direct invloed op onze ambtelijke organisatie. Aan de hand van de zes kernopgaven uit het collegeprogramma staan we stil bij de trends en ontwikkelingen die op ons afkomen. 1.1.1. Leefbaar platteland De leefbaarheid in onze dorpen en kernen komt, als we niks doen, onder druk te staan. De demografische ontwikkelingen vragen om creatieve oplossingen voor het behoud van voorzieningen, ontmoetingsplekken en bereikbaarheid.
Daarnaast is samenwerking en maatwerk, zowel lokaal als in de regio, noodzakelijk om het buitengebied vitaal en aantrekkelijk te houden. 1.1.2. Toekomstbestendigheid als sleutel De klimaatcrisis, energietransitie, digitalisering en netcongestie vragen om flexibiliteit en visie. Onze Brede omgevingsvisie Hellendoorn 2040 is daarvoor de basis. Daarin komen landschap, wonen, werken, gezondheid, zorg, mobiliteit, duurzaamheid, recreatie en ontspanning samen. Deze visie dient als uitgangspunt voor de komende ontwikkelingen en uitdagingen. Daarnaast investeren we in data en technologie, maar ook in digitale veiligheid. Dit draagt bij aan het wendbaar en weerbaar maken van onze gemeente. 1.1.3. Kwaliteitsvol en betaalbaar wonen Er is grote behoefte aan woningen: jongeren willen blijven, ouderen willen doorstromen en starters zoeken naar een plek. Tegelijkertijd staan we voor uitdagingen als stikstof, netcongestie en schaarse ruimte. De routekaart naar 1000 woningen geeft ons ook voor 2026 hierin houvast. Daarnaast blijven we afhankelijk van externe partijen als het aankomt op bijvoorbeeld de aansluiting op het energienet. 1.1.4. Inclusie: iedereen doet mee De samenleving wordt steeds diverser, en inwoners verschillen in hun mogelijkheden om actief mee te doen.
In de toekomst zal deze diversiteit verder toenemen: door vergrijzing, migratie, toenemende mentale kwetsbaarheid en technologische ontwikkelingen. Dit stelt ons als gemeente voor de uitdaging om structureel te werken aan inclusie en toegankelijkheid. Daarnaast neemt het belang van begrijpelijke communicatie toe: in een digitale wereld vol complexe informatie is helder taalgebruik geen luxe, maar noodzaak. Inwoners verwachten dat overheidscommunicatie duidelijk, toegankelijk en mensgericht is. Hiermee zijn we actief bezig en we blijven deze koers verder voortzetten. 4
1.1.5. Gezond en veilig samenleven We zien een toenemende druk op het sociaal domein: wachtlijsten in de jeugdzorg, signalen van eenzaamheid, mentale kwetsbaarheid bij jong en oud. Ook veiligheid verandert: cyberdreigingen komen dichterbij. We kiezen daarom voor preventie. We investeren in netwerken, veerkracht en toegankelijke ondersteuning. Want een gezonde, veilige gemeenschap begint bij verbondenheid en aandacht voor elkaar. 1.1.6. Economie en bereikbaarheid We bouwen aan een duurzame, innovatieve economie met ruimte voor ondernemers, vakmensen en nieuwe werkgelegenheid. Bereikbaarheid is daarbij essentieel – zowel fysiek als digitaal. Samen met partners in de regio werken we aan betere infrastructuur, toekomstbestendige mobiliteit en een sterke economische basis voor de gemeente Hellendoorn.
1.2. Koers houden
2026 wordt een bijzonder jaar. Aan de ene kant staan we voor (grote) maatschappelijke en lokale opgaven; aan de andere kant nadert het einde van deze bestuursperiode en bereiden we ons voor op gemeenteraadsverkiezingen in het voorjaar van 2026. Dit vraagt om reflectie en realisme in onze ambities. Hierbij zijn wij ons ervan bewust dat we ons in financieel uitdagende tijden bevinden. De druk op onze middelen is groot, terwijl de verwachtingen vanuit samenleving en rijksoverheid onverminderd hoog zijn. In veel domeinen is de noodzaak tot actie evident, maar de ruimte om als gemeente daadwerkelijk te investeren is beperkt. We moeten dus scherpe keuzes maken en onze middelen gericht inzetten daar waar ze het meeste maatschappelijke effect hebben. Door de tijdelijke middelen van het Rijk, hebben we wat ademruimte om strategische keuzes te maken die op de lange termijn duurzaam en financieel realistisch zijn. De komende jaren zullen we hiervoor moeten benutten. Daarnaast is het essentieel om te investeren in klimaatadaptatie, duurzame woningbouw en het sociale domein. Tegelijkertijd willen we de koers vasthouden die we eerder samen hebben bepaald. De kaders van het collegeakkoord en de richting van de brede Omgevingsvisie Hellendoorn 2040 zijn leidend.
Maar juist nu, aan het einde van deze raadsperiode, is het ook zaak om te consolideren: projecten af te ronden, realistische verwachtingen te scheppen en de basis op orde te houden voor een volgend college.
1.3. Uitdagingen
Ook voor 2026 zien wij een aantal uitdagingen op ons afkomen. Zo nemen de bestuurlijk en maatschappelijke vraagstukken in complexiteit toe, terwijl de financiële ruimte verder onder druk staat. Deze combinatie brengt risico’s met zich mee, zowel voor de korte termijn als voor de basis voor de volgende bestuursperiode. Beperkte financiële middelen De structurele financiële ruimte van de gemeente is beperkt. Daarnaast vragen urgente opgaven om blijvende inzet: woningbouw, energietransitie, zorg, voorzieningen, onderwijshuisvesting, veiligheid en mobiliteit. De risico’s nemen toe wanneer investeringen worden uitgesteld of als noodzakelijke keuzes niet worden gemaakt. Schaarste dwingt ons om prioriteiten scherp te stellen, maar maakt het ook lastig om flexibel te reageren op nieuwe ontwikkelingen of (on)voorziene externe kostenstijgingen.
5
Stilstand of versnippering in de uitvoering Door de beperkte financiële middelen, externe afhankelijkheid en krapte op de arbeidsmarkt is er een risico dat projecten vertragen, gefragmenteerd worden uitgevoerd of in de wachtstand komen. Dit geldt in het bijzonder voor ruimtelijke en fysieke projecten, zoals de woningbouwambities uit de Routekaart naar 1000 woningen en de aanleg of vernieuwing van voorzieningen. Een te groot beroep op incidentele middelen zonder structurele dekking kan bovendien leiden tot onzekerheid over voortzetting in de jaren erna. Hervormingsagenda jeugd In de Voorjaarsnota van het Rijk is de invoering van de Hervormingsagenda jeugd, inclusief de besparingsmaatregelen, uitgesteld tot 2028. Hierdoor ontvangen we extra middelen van het Rijk, en die zijn nodig om het tekort in de meerjarenraming te kunnen dempen. Tegelijkertijd vraagt de invoering van de Hervormingsagenda jeugd nog de nodige politieke bestuurlijke besluiten van het Rijk en hebben we in onze eigen gemeente de komende jaren uitvoering te geven aan het beleidsplan jeugd. Stikstof en netcongestie Steeds meer ruimtelijke opgaven worden afgeremd door externe belemmeringen. Zo leidt de stikstofproblematiek tot vertraging of onzekerheid in vergunningverlening voor woningbouw, bedrijvigheid en infrastructuur.
Tegelijkertijd vormt de toenemende netcongestie een rem op de energietransitie en op economische ontwikkeling. Het aansluiten van nieuwe woonwijken, maatschappelijke voorzieningen of energieprojecten op het elektriciteitsnet is op een aantal plekken onzeker of onmogelijk geworden. Deze externe factoren hebben impact op onze uitvoeringskracht, maar vallen grotendeels buiten de directe invloedssfeer van ons als gemeente. Bestuurlijke overgang De komende gemeenteraadsverkiezingen brengen een bestuurlijke overgang met zich mee. Er bestaat een risico dat ambities en plannen die nu in gang zijn gezet, in aanloop naar of na de verkiezingen minder voortgang boeken of vertragen. Daarnaast is het essentieel dat er bestuurlijke continuïteit wordt georganiseerd voor lopende processen, met name daar waar maatschappelijke betrokkenheid groot is of verwachtingen hooggespannen zijn. Verwachtingen versus realiteit De samenleving blijft hoge verwachtingen houden van ons als gemeente. Van snelle digitale dienstverlening tot zichtbare actie op het gebied van duurzaamheid, wonen en zorg. Wanneer deze verwachtingen botsen met de gemeentelijke (on)mogelijkheden, ontstaat het risico op dalend vertrouwen, verminderde betrokkenheid of een gevoel van onmacht bij inwoners. Transparante communicatie over wat wel en niet kan, en waarom, is daarom ook in 2026 essentieel.
MFA Daarle Er is een extern haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar, en in samenwerking met, het MFA in Daarle. Naar aanleiding van dit onderzoek en de bijpassende doorrekening is er geconcludeerd dat er opnieuw een gesprek moet plaatsvinden met het MFA Daarle. Dit gesprek heeft betrekking op de uitkomsten van dit onderzoek, de haalbaarheid en de consequenties ervan. Dit gesprek vindt later dit jaar plaats, wat maakt dat het, op het moment van schrijven, nog onduidelijk is welke kosten de bouw van het MFA in Daarle met zich meebrengt. Om die reden is dit voorstel als PM post opgenomen in deze kaderbrief.
6
De gemeentewerf De huidige gemeentewerf voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd. Om die reden heeft BBN Adviseurs het afgelopen jaar onderzoek gedaan naar verschillende scenario’s op het gebied van renovatie of nieuwbouw. Er heeft nog geen besluitvorming plaatsgevonden over de scenario’s. Desondanks zijn er momenteel geen middelen beschikbaar om de kapitaallasten voor nieuwbouw of renovatie mogelijk te maken. De verwachting is dat de nieuwe gemeentewerf (nieuwbouw of renovatie), niet voor 2030 gerealiseerd gaat zijn. Om die reden wordt er vanaf 2028 hiervoor gespaard. Toekomstige besluiten 2025 In de komende maanden komen er nog een aantal grote besluiten op ons af. Deze kunnen van invloed zijn op de meerjarenbegroting. Zo wordt er een stijging verwacht bij de investeringen van wegen en riolering, aangezien deze in oude buurten het einde van hun looptijd bereiken. Daarnaast vraagt de Ibbenbürenbrug ook om een renovatie en is het nog afwachten welke besluiten er genomen worden rondom de herinrichting van het Huis voor Cultuur en Bestuur en het groenbeleidsplan.
7
2. Financieel perspectief We hebben lang gesproken over het ravijnjaar 2026. Doordat het Rijk in de Voorjaarsnota extra middelen beschikbaar heeft gesteld zien we dat de tekorten afnemen met name in de jaren 2026 en 2027. De suggestie die uit uw raad komt om het jaar 2026 sluitend te maken door een uitname uit de Vrij aanwendbare reserve (VAR) hebben we overgenomen. Dit sluit ook aan bij het begrotingsadvies van de VNG. De VNG adviseert: 1. 2026 en 2027: Probeer de begroting 2026 en 2027 sluitend te maken, maar geef de effecten van de kortingen transparant weer. Maak in ieder geval boekjaar 2026 en 2027 als dat mogelijk is sluitend. Al dan niet met toepassing van de mogelijkheid om een deel van de reserves in te zetten. De disbalans in taken en middelen is er nog steeds en dit heeft grote effecten op de taken die gemeenten uitvoeren. We zetten de tering naar de nering. Dit moeten we inzichtelijk maken: benoem de financiële en inhoudelijke consequenties van noodzakelijke bezuinigingen en/of lastenverzwaring, ook van ombuigingen die eerder zijn ingezet. Maak inzichtelijk op welke dossiers in het medebewind er meer wordt uitgegeven dan we van het rijk ontvangen. Deze informatie gebruiken we voor onze verdere gesprekken met het Rijk.
We kiezen ervoor te adviseren in elk geval 2026 én 2027 te sluiten, zodat de toezichthouder van de provincie de gemeente niet onder verscherpt toezicht zet door 2026 te sluiten en een net geformeerd college in de loop van 2026 niet direct in de bezuinigingsmodus moet voor 2027. We hebben dit advies van de VNG overgenomen voor wat betreft de dekking. Het in beeld brengen van de tekorten op medebewindtaken vraagt wat meer werk. We bekijken of we dat in de begroting 2026 mee kunnen nemen. 2.
Middelen terugwerkende kracht: Benut het incidentele geld voor compensatie 2023 en 2024 om gaten in 2026 en 2027 te dichten of in te zetten in het stelstel. Gebruik de nog te verwachten middelen voor jeugd 2023 en 2024 ad. € 728 miljoen die ons op Prinsjesdag 2025 toekomen bij voorkeur om het jeugdstelsel te verbeteren: benut deze (compensatie van de eerdere kortingen) voor dekking kosten jeugd in 2026 en 2027 of voor de te realiseren besparingen in de toekomst. De middelen worden, naar verwachting, in 2025 uitgekeerd. Benut de richtlijnen van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) om de middelen in volgende jaren in te zetten.
Dit advies hebben we (nog) niet overgenomen. De bekendmaking dat we deze middelen ontvangen verwachten we in de septembercirculaire. Bij de begroting gaan we uit van de meicirculaire. Het is dan geen bestendige lijn om daarop vooruit te lopen.
3.
2028 en 2029: Breng baten en lasten jeugdhulp in balans met stelpost Van Ark waarbij er een realistische raming is gemaakt van de lasten voor jeugdhulp. In haar vervroegde tweede advies zal de commissie Van Ark begin 2027 o.a. haar oordeel vellen over de verhouding tussen kosten en budget voor jeugd over de jaren 2025, 2026 en een inschatting maken voor het lopende 2027. Maar ook over de jaren daarna: 2028 en verder. In afgelopen Voorjaarsnota is enkel een gedeeltelijke oplossing gekomen tot en met 2027 en moeten we het oordeel van de commissie afwachten voor de jaren 2028 en 2029.
Dit advies hebben we overgenomen. We hebben de adviezen van de commissie Van Ark budgettair neutraal in het financieel perspectief opgenomen.
8
2.1. Financiële uitgangspunten
We stellen voor om voor de Programmabegroting 2026-2029 de volgende uitgangspunten te hanteren: • Raadsbesluiten t/m april 2025 met structurele effecten, waaronder de najaarsrapportage 2024. • De bestuursrapportage 2025. • De effecten uit de meicirculaire gemeentefonds 2025. • Prijsstijgingen: Voor de gemeentelijke materiële uitgaven wordt uitgegaan van een inflatie van 2,8%. • Loonontwikkelingen: Op basis van de Cao Gemeenten van 1 januari 2024, deze loopt tot 1 april 2025. Daarnaast wordt rekening gehouden met het akkoord dat de VNG en de vakbonden hebben gesloten. Dit akkoord loopt van 1 april 2025 tot 1 april 2027. De structurele salarisstijging voor 2 jaar bedraagt 6,7% plus € 35,-- nominaal. • Verhoging van tarieven, leges, heffingen en belastingtarieven met 6,0%. • De OZB stijgt met het inflatietarief van 6,0%. • Voor de berekening van kapitaallasten over nieuwe investeringen / vervangingsinvesteringen wordt een gemiddelde rente-omslag van 1,5% gehanteerd. • Voor onvoorziene uitgaven wordt € 75.000,-- opgenomen.
2.2. Meerjarenperspectief 2026-2029
Het meerjarenperspectief hebben we zo goed als mogelijk ingeschat. Voor de bedragen die nog niet voldoende doorgerekend zijn hebben we aannames gedaan die we reëel achten. 2.2.1. Bestaand beleid Startpunt is het saldo van de begroting 2025 en de besluitvorming door de raad. Dit levert onderstaand structureel begrotingssaldo dat uitgangspunt is voor de verdere opbouw van de begroting. Meerjarenperspectief 2026-2029
Bedragen x € 1.000 2028 2029
2026
2027
Structureel begrotingssaldo a. Saldo begroting 2025 b. Structurele doorwerking najaarsrapportage 2024 c. Effect startersleningen exploitatie d. Amendement begroting 2025 - Speelruimtevisie e. Meicirculaire gemeentefonds 2025 (voorjaarsnota) loon- en prijscompensatie e. Meicirculaire gemeentefonds 2025 (voorjaarsnota) Hervormingsagenda Jeugd e. Meicirculaire gemeentefonds 2025 (voorjaarsnota) demping terugval gem.fonds e. Meicirculaire gemeentefonds 2025 overige f. Structurele doorwerking bestuursrapportage 2025
- 1.562 -232 - 18 - 127 2.700 1.980 725 pm - 1.242
- 1.521 -30 - 30 - 137 2.600 1.885 765 pm - 1.365
- 1.461 102 - 33 - 147 2.500 - 171 745 pm - 1.175
- 1.158 73 - 24 - 158 2.500 - 109 745 pm - 984
Subtotaal
2.224
2.167
360
885
Bij de begroting 2025 werd een negatieve meerjarige doorkijk gegeven, voornamelijk veroorzaakt door een forse terugval van de inkomsten uit het gemeentefonds (a). Daarna zijn er door de raad een aantal besluiten genomen waarvan de structurele effecten in bovenstaand overzicht zijn verwerkt (b - d). De meicirculaire is nog niet verschenen. Wel hebben we de voorjaarsnota van het kabinet doorgerekend en de onderdelen die straks in de meicirculaire komen alvast opgenomen. Dit zullen niet de exacte bedragen zijn maar wel een goede inschatting (e). Op het onderdeel jeugd gaan we bij de financiële ontwikkelingen nog verder in. De burap is nog in bewerking maar hetgeen we weten hebben we alvast in deze kaderbrief opgenomen om een zo realistisch mogelijk beeld te schetsen (f). De belangrijkste mutaties zijn: 9
Structurele doorwerking burap 2025
Bedragen x € 1.000 2028 2029
2026
2027
Decembercirculaire gemeentefonds 2024 Structurele doorwerking bestuursrapportage 2025 - Effect Jeugdzorg (aantallen) Effect zero-based Schoolvervoer Overige mutaties
194 - 1.200 - 152 287 -371
300 - 1.200 - 374 287 -378
400 - 1.200 - 276 287 -386
502 - 1.200 - 185 287 -388
Totaal structurele doorwerking burap 2025
-1.242
-1.365
-1.175
-984
2026
2027
Bedragen x € 1.000 2028 2029
-700 -600 -800 -500 -200 -100 -957 -837 -686
-700 -600 -800 -500 -200 0 -996 -697 -588
pm -5.380
2.2.2. Financiële ontwikkelingen Meerjarenperspectief 2026-2029 Financiële ontwikkelingen g. Loonontwikkeling (op basis van akkoord VNG-vakbonden) h. Indexatie materiële budgetten (2,8%) i. Indexatie zorgbudgetten Wmo en jeugd (5,17%) j. Indexatie zorgbudgetten HO (nog onbekend, grove schatting) k. Gesubsidieerde instellingen (grove inschatting) l. Renteontwikkelingen m. Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen n. Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen o. Deels laten vervallen taakstelling jeugd (t/m 2027) - rijksdeel p. Extra taakstelling jeugd ivm indexatie hervormingsagenda jeugd v.a. 2028 q. Interne doorbelastingen Subtotaal
-700 -600 -800 -500 -200 0 -935 -777
-700 -600 -800 -500 -200 0 -1.139 -1.007
pm
171 pm
109 pm
-5.081
-4.341
-4.837
Loonontwikkeling (g) De VNG en de vakbonden hebben een eindresultaat voor de Cao Gemeenten bereikt. De looptijd is 2 jaar met een loonafspraak van 6,7% (in meerder stappen) en € 35,-- nominaal. Het akkoord moet nog bekrachtigd worden. De verwachting is dat dat begin juni 2025 gebeurt. Indexaties (h-k) Onder 2.1 zijn de financiële uitgangspunten benoemd die we willen hanteren bij het opstellen van onze begroting, met daarbij ook de percentages voor loon- en prijsontwikkelingen. Het verwachte financiële effect hebben we hierboven benoemd in het meerjarenperspectief. In sommige gevallen is het nog een grove inschatting. Renteontwikkelingen (l) Naar verwachting zal de renteopbrengst in 2026 wat afnemen vanwege geplande investeringen waardoor de omvang van ons schatkistsaldo daalt, en uit voorzichtigheid gaan we ervan uit dat ook lagere rentepercentages over het schatkistsaldo worden vergoed. Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen (m) We hebben de autonome ontwikkelingen die tot nu bekend zijn opgenomen maar willen daar in aanloop naar de begroting nog wel kritisch naar kijken en waar mogelijk de autonome ontwikkelingen op een andere manier dekken bijvoorbeeld uit bestaande budgetten. De belangrijkste autonome ontwikkelingen (> € 50.000,--) zijn:
10
Omschrijving (Loon)kosten Nieuw Beschut en Garantiebanen (Loon)kosten Sociale werkvoorziening Groenareaal Hogere gemeentelijke bijdrage Samen Twente Liftrevisie oude bouwdeel Huis voor Cultuur en Bestuur Informatieveiligheid BIO2/NIS2 maatregelen Raadzaal - Vervanging Audio Visuele Middelen (AVM) en licenties Uitkomsten nieuw functieboek Overig
Investering
250 5.387 5.637
2026 -26 123 -75 -46 0 -377 -15 -400 -141 -957
Bedragen x € 1.000,-2027 2028 2029 -54 -80 -107 162 120 7 -75 -75 -75 -77 -77 -77 0 0 -70 -377 -227 -227 -81 -80 -79 -400 -400 -400 -94 -116 -110 -996 -935 -1.139
Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen (n) Zie paragraaf 2.2.3 Jeugdbudget (o - p) Het jeugdbudget blijft lastig inschatten. 1 client in de 24-uurszorg kan al € 400.000,-- tot € 500.000,-- kosten. Dat maakt het ramen van de uitgaven lastig. We hebben in de kaderbrief de uitkomsten van de commissie Van Ark verwerkt zoals eerder aangegeven. De commissie Van Ark stelt ook voor het jeugdstelsel te verbeteren. Daarvoor hebben we nu nog geen middelen geraamd. Mogelijk kunnen we de middelen die vrijkomen bij de septembercirculaire daarvoor gebruiken maar dat werken we nog nader uit. Interne doorbelastingen (q) Voor de begroting worden nog diverse doorberekeningen en interne doorbelastingen gemaakt. Dit zal een (beperkt) financieel effect hebben. 2.2.3. Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen We zijn terughoudend geweest met nieuw beleid. Dat het structureel toch nog om zo’n € 1 miljoen gaat komt met name door de uitwerking van het groenbeleidsplan en het reserveren van middelen voor de vervanging van de gemeentewerf. Bij het afwegen van nieuw beleid hebben we ons laten leiden door dat wat in het collegeprogramma staat. Aangezien er verkiezingen zijn in 2026 vonden we het niet opportuun met nieuwe voorstellen te komen. In de tabel staan de voorstellen nieuw beleid genoemd. De voorstellen die door de raadsfracties zijn gedaan hebben we daaronder vermeld.
Elk voorstel is voorzien van een beschrijving. Bij de voorstellen die door de raadsfracties zijn ingediend geven we ons advies. Soms is dat concreet maar soms ook nog niet omdat het onderdeel uitmaakt van een groter geheel. Dat vraagt om nadere uitwerking.
11
bedragen x € 1.000 Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen
Nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen 01 Werk, economie en inkomen Centraal Ondersteuningspunt inkomen, armoede en schulden 02 Jeugd en Wmo Continueren Welzijn op Recept Lokaal Preventieakkoord 2026 JOGG 2026 Bijdrage nieuwbouw MFA Daarle Uitbreiding E-diensten SD, implementatie en training Uitbreiding E-diensten SD, onderhoud en licenties Uitbreiding E-diensten SD, structurele taakstelling formatie SD Incidentele subsidieverhoging Avedan buurtbemiddeling Inzet buurtbemiddeling, 25% financiering door Reggewoon Eén tegen Eenzaamheid 05 Woon en leefomgeving Licentie planningstool Planning.nl Openbare ruimte Licentie planningstool Planning.nl, taakstelling formatie OR Aanleg nieuwe woonwagenstandplaatsen 2026 en 2027 Uitvoering Groenbeleidsplan 2025-2035 Uitbreiding formatie 1 fte Coördinerend projectleider OR Uitbreiding formatie OR 50% dekking uit investeringsprojecten Overhead Renovatie/nieuwbouw Gemeentewerf Tijdelijke personele inzet Informatiebeheer Doorontwikkeling interne controle
Investering (nieuw)
Begroting 2026
MJR 2027
MJR 2028
MJR 2029
- 30
- 30
- 30
- 30
- 30 - 10 - 43
- 30
- 30
- 30
- 48 48 - 57 14
- 48 48 - 29 7
- 48 48
- 20
- 20 20
- 316 - 102 51
- 398 - 102 51
- 20 20 - 11 - 383 - 102 51
- 20 20 - 11 - 385 - 102 51
- 250
- 500
- 75 - 70
- 75 - 70
- 837
- 697
- 777
- 1.007
PM - 126
- 61 15 - 20
235
Ingediende voorstellen vanuit raadsfracties Kennismaken met cultuur (GroenLinks) Leegstandverordening (GroenLinks) Tarief bibliotheek (GroenLinks) Taakstelling Ravijn en ZINiN (Lokaal Hellendoorn) Versterken wijken, buurten, dorpen (Lokaal Hellendoorn) Inloop - pilot (Lokaal Hellendoorn) Plan ouderenzorg (Lokaal Hellendoorn) SPUK structureel (Lokaal Hellendoorn) Meedoenregelingen (PvdA) Formatie gebiedsambtenaar (Samen Hellendoorn) Vroegsignalering schulden - Preventiecoach (Samen H’doorn) Herontwikkeling Lochter I en II (Samen Hellendoorn) Verlagen grondprijzen (Lokaal Hellendoorn) Zoveel mogelijk aansluiten bij landelijke subsidies (VVD) Goede businesscase op verduurzaming (VVD) Investeringen die rendement opleveren bij kunstgras (VVD) Totaal nieuw beleid en uitbreidingsinvesteringen
235
Centraal Ondersteuningspunt rondom inkomen, armoede en schulden In de gemeente Hellendoorn is een toenemende behoefte aan onafhankelijke en laagdrempelige ondersteuning bij sociaal, juridische, administratieve en financiële vraagstukken. Daarnaast zijn er verschillende ondersteuningsmogelijkheden zoals inloopspreekuren en initiatieven versnipperd aanwezig binnen de gemeente. 12
In de uitvoeringsagenda financiële bestaanszekerheid is het volgende opgenomen: “We zorgen voor een afgestemd aanbod aan ondersteuning voor onze inwoners samen met alle partners.” Daarom wordt voorgesteld een Centraal Ondersteuningspunt op te zetten, bemenst door vrijwilligers en een sociaal raadslid. Het sociaal raadslid heeft een cruciale rol. Aan de ene kant voor de ondersteuning aan inwoners bij complexe vraagstukken en aan de andere kant voor de coördinatie van het ondersteuningspunt en de betrokken vrijwilligers en partners. De doelen zijn het voorkomen van (grotere) financiële problemen, het bevorderen van toegang tot voorzieningen en rechtshulp en het verbeteren van administratieve en financiële ondersteuning door een goed gecoördineerde aanpak. Dit centrale ondersteuningspunt speelt ook een rol in de preventieve aanpak van schulden. Door proactief in te grijpen, inwoners vroegtijdig te ondersteunen, zodat ze niet verder in de schulden raken en gebruik te maken van de beschikbare armoedemaatregelen. De preventieve aanpak voorkomt grotere problematiek en zorgt ervoor dat de beschikbare middelen doelgerichter ingezet worden, waardoor de kosten op termijn kostenneutraal kunnen zijn. Voorgesteld wordt voor de functie sociaal raadslid een structureel bedrag van € 30.000,-- vanaf 2026 beschikbaar te stellen.
Continueren Welzijn op Recept De GALA-aanpak Welzijn op Recept helpt inwoners met psychosociale problemen, eenzaamheid en overgewicht via welzijnstrajecten, wat de druk op huisartsen vermindert. De aanpak draagt bij aan preventie en kostenbesparing in de zorg en het sociaal domein. Met de gehonoreerde middelen nieuw beleid 2025 van € 30.000,-- hebben we kunnen inzetten op nog grotere bekendheid van het aanbod bij de huisartsenpraktijken. We hebben bovendien de beoogde doelgroepen uitgebreid met GALA thema Volwassenen met overgewicht. Psychosociale problematiek, eenzaamheidsbestrijding en het zo zelfstandig mogelijk houden van ouderen (reablement) vielen al onder de aanpak. De inzet van stichting De Welle bestaat, naast het vormgeven van de verplichte ketenaanpak, uit het uitvoeren van welzijnstrajecten. Verwijzingen vanuit huisartsenpraktijken en andere eerstelijnszorg worden met voorrang opgepakt. Zonder structurele financiering loopt het programma na 2026 af. Voorgesteld wordt om Welzijn op Recept structureel uit te breiden en hiervoor jaarlijks € 30.000,-- beschikbaar te stellen vanaf 2026. Lokaal Preventieakkoord en JOGG 2026 Het Lokaal Preventieakkoord en JOGG (Jongeren Op Gezond Gewicht) Hellendoorn worden in 2026 voortgezet om een gezonde leefstijl te stimuleren en gezondheidsachterstanden te verkleinen.
Dit draagt bij aan landelijke en lokale gezondheidsdoelen en voorkomt toekomstige zorgkosten. Door samenwerking tussen gemeente, scholen, zorg- en welzijnsinstellingen wordt integraal gewerkt aan preventie. De kosten bedragen € 94.500,--. Vanuit de GALA-middelen is € 41.500,-- beschikbaar, waarmee de coördinator preventieakkoord wordt gefinancierd. Voor de JOGG-regisseur en uitvoeringskosten is geen budget. Voorgesteld wordt om voor 2026 € 53.000,-- (€ 10.000,-- voor Lokaal Preventieakkoord en € 43.000,-- voor JOGG) beschikbaar te stellen. Zonder deze financiering verminderen de mogelijkheden om preventieve activiteiten uit te voeren, wat de effectiviteit van het programma ondermijnt. Bijdrage nieuwbouw MFA Daarle Plaatselijk Belang Daarle werkt al jaren aan plannen voor een nieuwe multifunctionele accommodatie (MFA), omdat het huidige gebouw verouderd is en niet meer voldoet aan de eisen
13
van deze tijd. Ook qua duurzaamheid voldoet het gebouw niet meer. Het doel is een toekomstbestendige MFA met een sluitende investerings- en exploitatiebegroting. De haalbaarheid van het plan en mogelijke alternatieven worden momenteel onderzocht. Aangezien we nog onvoldoende duidelijkheid hebben over de bijdrage van de gemeente hebben we nu een pm bedrag opgenomen in 2028 voor de financiële bijdrage voor de nieuwbouw. Uitbreiding E-diensten Sociaal domein De gemeente wil de digitale dienstverlening binnen het Sociaal domein verbeteren door de Ediensten en door het Inwonerportaal van Centric te implementeren. Deze maatregel is gericht op aanvragen vanuit de Participatiewet en maakt directe koppeling met bestaande systemen mogelijk, waardoor aanvragen sneller en met minder fouten verwerkt worden. Het doel is een efficiëntere, veiligere en toegankelijkere dienstverlening, die bovendien voldoet aan wettelijke eisen. De invoering gebeurt gefaseerd zodat de overgang soepel verloopt en medewerkers en inwoners goed begeleid worden. De kosten voor licenties, implementatie en training bedragen in 2026 eenmalig € 126.000,--. De structurele lasten voor onderhoud en licenties bedragen € 48.000,-- per jaar vanaf 2027. De verwachting is dat dit een structurele besparing op de personele inzet moet opleveren.
Voorgesteld wordt om voor 2026 een incidenteel bedrag van € 126.000,-- en vanaf 2027 een structureel bedrag € 48.000,-- beschikbaar te stellen. En hier tegenover een structurele taakstelling van € 48.000,-- op te nemen op de formatie van het team Sociaal domein. Incidentele subsidieverhoging Avedan voor inzet buurtbemiddeling We stellen voor een incidentele subsidie voor buurtbemiddeling van 2,5 jaar (2026 - 1e helft 2028), naar aanleiding van de toenemende druk op politie, woningcorporatie en gemeentelijke diensten door burenruzies beschikbaar te stellen. Het doel is om woonoverlast te verminderen, escalaties te voorkomen en professionals te ontlasten door inzet van getrainde vrijwilligers. De verwachte effecten zijn een betere leefomgeving en meer zelfredzaamheid onder inwoners. De totale incidentele kosten bedragen € 147.000,--, waarvan 25% (€ 36.000,--) wordt gedekt door Reggewoon, het resterende bedrag van € 111.000,-- komt voor rekening van de gemeente. De subsidie betekent een tijdelijke verhoging van het subsidieplafond voor Avedan. De methode is bewezen effectief, maar succes hangt af van voldoende vrijwilligers. Voorgesteld wordt om de volgende incidentele middelen voor de inzet van buurtbemiddeling beschikbaar te stellen: € 46.000,-- (2026), € 43.000,-- (2027) en € 22.000,-- (2028).
Eén tegen Eenzaamheid De gemeente wil het programma Eén tegen Eenzaamheid in 2026 voortzetten, omdat eenzaamheid – vooral onder ouderen – nog steeds een structureel probleem is. Het doel is om bestaande samenwerkingen en succesvolle initiatieven te behouden en tijd te winnen voor structurele inbedding in beleid. De verwachte positieve effecten zijn betere mentale en fysieke gezondheid van inwoners, versterking van sociale netwerken en een meer samenhangende aanpak binnen het sociaal domein. De gemeente heeft hierop ingespeeld door een lokale aanpak op te zetten, waarbij samenwerkingen zijn ontstaan tussen maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en bedrijven. De specifieke uitkering “Gezond en Actief Leven Akkoord” (SPUK-GALA) loopt van 2023 tot en met 2026. Niet alle thema’s uit SPUK-GALA worden echter tot en met 2026 gefinancierd, waaronder Eén tegen Eenzaamheid. Tot op heden is er nog geen duidelijkheid op welke wijze de financiering na 2026 wordt voortgezet. Door voor enkel het jaar 2026 geld ter beschikking te stellen voor het thema Eén tegen Eenzaamheid, kan een overbrugging worden gerealiseerd naar een eventuele voortzetting van financiering in 2027 en verder. Vanuit het collegeprogramma kan een bedrag van € 8.500,-- overgeheveld worden naar 2026. Er wordt kritisch gekeken naar welke activiteiten al dan niet worden voortgezet. Daarom wordt
14
voorgesteld om een bedrag van € 20.000,-- beschikbaar te stellen, waardoor er in totaal € 28.500,-- beschikbaar is in 2026. Licentie planningstool Planning.nl Openbare ruimte De aanschaf van een licentie voor de planningstool Planning.nl voor de buitendienst van het team Openbare Ruimte biedt mogelijkheden voor een efficiëntere werkwijze, betere samenwerking, verbeterde rapportagemogelijkheden en aanzienlijke tijdswinst door automatisering en integratie met andere systemen. Hiermee biedt het een krachtigere en schaalbare oplossing dan de huidige werkwijze met Excel. Verwachte effecten zijn onder andere minder fouten, real-time inzicht en minder afhankelijkheid van Excel. De aanschaf en implementatie van Planning.nl wordt voorbereid in samenwerking met ICT en de leverancier. De bedoeling is om de tool vanaf het derde kwartaal van 2025 operationeel te hebben. De kosten voor de jaarlijkse licentie van Planning.nl vanaf 2026 bedragen circa € 20.000,--. Deze kosten zijn inclusief ondersteuning en updates. De kosten voor de invoering van Planning.nl, benodigde ondersteuning en training komen ten laste van het werkbudget dat het team jaarlijks beschikbaar heeft. Voorgesteld wordt om vanaf 2026 een structureel bedrag van € 20.000,-- beschikbaar te stellen.
Vanwege de besparing op de personele lasten nemen we vanaf 2027 een structurele taakstelling op van € 20.000,-- op de formatie van het team Openbare ruimte. Aanleg nieuwe woonwagenstandplaatsen 2026 en 2027 In januari 2025 stelde de gemeente Hellendoorn het woonwagenstandplaatsenbeleid vast, waaruit bleek dat er op korte termijn vijf extra standplaatsen nodig zijn. Met dit voorstel wordt een concrete stap gezet naar de realisatie van een duurzaam en passend aanbod van woonwagenstandplaatsen. Het draagt bij aan het naleven van wettelijke verplichtingen en de vermindering van het tekort aan standplaatsen. Een drietal bestaande locaties biedt kansen om standplaatsen te realiseren/beschikbaar te stellen (uitbreidingen), ook vragen de bestaande woonwagenstandplaatsen om onderhoud. Verwachte weerstand van omwonenden en langdurige inzet van de gemeente zijn aandachtspunten. Voorgesteld wordt om een investeringsbedrag van € 235.000,-- (€ 143.000,-- in 2026 en € 92.000,-- in 2027) beschikbaar stellen voor onder andere de aanleg van riolering, bestrating, elektra en bergingen. De structurele kapitaallasten hiervoor vanaf 2028 bedragen € 11.000,--. Uitvoering Groenbeleidsplan 2025-2035 De gemeente Hellendoorn heeft een rijke en gevarieerde groene omgeving. Groen speelt een cruciale rol in klimaatadaptatie, biodiversiteit en de leefbaarheid van onze dorpskernen.
Echter staat ons groen onder druk door verouderd beleid, klimaatverandering en verlies aan biodiversiteit. Met het nieuwe Groenbeleidsplan 2025-2035 en het Uitvoeringsprogramma 2026-2028 streven we naar groene, klimaatbestendige dorpskernen, waarbij de groene kwaliteiten worden behouden en versterkt waar nodig. De nadruk ligt op de volgende speerpunten: Het op orde brengen en houden van de basis (programma 1), het versterken van de samenhangende groenstructuur (programma 2), het creëren van een uitnodigende groene woonomgeving (programma 3) en de samenwerking met inwoners en organisaties (programma 4). Om deze ambities waar te maken, wordt een financieel kader voorgesteld met essentiële middelen en de mogelijkheid om te kiezen voor een plus-scenario, waarmee extra impact op participatie, klimaat en biodiversiteit kan worden gerealiseerd. Gezien de financieel krappe jaren die voor ons liggen, is gekozen voor het basis-scenario, aangevuld met programma 2 van het plus-scenario, met nadruk op biodiversiteit en ecologische verbindingen. 15
Voorgesteld wordt om de benodigde middelen voor bovenstaande scenario’s beschikbaar te stellen met hierin de volgende opbouw per jaar: € 316.000,-- in 2026, € 398.000,-- in 2027, € 383.000,-- in 2028 en € 385.000,-- in 2029 en verder. Uitbreiding formatie 1 fte Coördinerend projectleider OR De afgelopen periode is geconstateerd dat het aantal projecten nu én in de komende jaren groot is en zal blijven. Vanuit het team Openbare ruimte wordt een belangrijke bijdrage geleverd in de realisatie van de Routekaart 1.000 woningen. Het betreft zowel projecten vanuit de civiele techniek, rioleringsprojecten, de herinrichting van de openbare ruimte als ook kleine en grote woningbouwprojecten. Voorgesteld wordt om de bestaande structurele formatie (1,67 fte) projectleiding binnen het team Openbare ruimte met 1 fte Coördinerend projectleider uit te breiden vanaf 2026 en hiervoor structureel € 102.000,-- beschikbaar te stellen. Hiervan kan 50%, een bedrag van € 51.000,--, gedekt worden uit de investeringsprojecten. Renovatie/nieuwbouw Gemeentewerf Vanwege de slechte staat en het niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd is renovatie of nieuwbouw van de gemeentewerf noodzakelijk. Om toekomstige kapitaallasten te dekken wordt voorgesteld om vanaf de begroting 2028 jaarlijks € 250.000,-- extra te reserveren, oplopend tot een niveau van € 1.000.000,-- structureel vanaf 2031.
Het doel is om tijdig voldoende budget op te bouwen zodat de structurele kosten vanaf ingebruikname gedekt zijn. De investering leidt tot een duurzame, efficiënte en toekomstbestendige gemeentewerf. De kosten worden tijdelijk opgespaard in een bestemmingsreserve (reserve Gelabelde middelen/reserve Kapitaallasten) en kunnen ook deels worden ingezet voor incidentele uitgaven. Het voorstel creëert financiële ruimte zonder de besluitvorming over het definitieve scenario te vertragen. Tijdelijke personele inzet Informatiebeheer De informatiehuishouding van de gemeente Hellendoorn loopt achter door diverse omstandigheden en te late anticipatie op de toekomst. In 2021 is hiervoor een meerjarenplan opgesteld, dat later is uitgewerkt in het Verbeterplan informatie- en archiefbeheer 2023-2026. Ondanks inzet van het huidige team en Informatisering blijft de capaciteit tekortschieten, waardoor de voortgang te langzaam gaat en we risico lopen op verscherpt toezicht. Momenteel beoordeelt de archiefinspectie Overijssel ons met ‘oranje’. Om te voldoen aan weten regelgeving zoals de Wet open overheid (Woo), AVG en IBT-eisen, is extra personele inzet noodzakelijk. Dit voorkomt een ‘rode’ beoordeling, hogere kosten en waarborgt een goed functionerend en toekomstbestendig informatiebeheer.
De Archiefwet en de gemeentelijke archiefverordening verplichten de gemeente zorg te dragen voor voldoende deskundig personeel en financiële middelen. Door tijdelijke inzet van extra personeel is het doel om het archiefbeheer binnen twee jaar op orde te brengen en een ‘groene’ beoordeling van de archiefinspectie te behalen. Voorgesteld wordt om voor de tijdelijke capaciteit € 75.000,-- per jaar beschikbaar te stellen gedurende twee jaar (2026 en 2027). Doorontwikkeling interne controle De gemeente staat voor toenemende wettelijke en organisatorische uitdagingen op het gebied van interne controle en rechtmatigheid. Met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording per 2023 ligt de verantwoordelijkheid voor rechtmatigheid expliciet bij het college. Dit brengt extra eisen met zich mee ten aanzien van de interne controlewerkzaamheden en de waarborging van rechtmatige en doelmatige besteding van publieke middelen. Daarnaast zien we een toename in het aantal specifieke uitkeringen (Sisa-regelingen), waarbij verantwoording en controle vereist is.
16
Naast deze externe verplichtingen is er ook een interne behoefte om de eigen processen verder te optimaliseren. Door beter inzicht en grip op de interne controlewerkzaamheden kunnen we als organisatie efficiënter en effectiever werken. Dit draagt bij aan een betere beheersing van risico’s, verhoogde transparantie en een kwaliteitsverbetering in onze financiële en administratieve processen. Voorgesteld wordt om voor de jaren 2026 en 2027 een bedrag van € 70.000,-- beschikbaar te stellen voor de doorontwikkeling en coördinatie van de interne controle. 2.2.4. Ingediende voorstellen vanuit raadsfracties Kennismaken met cultuur Het voorstel is om een programma "Kennismaken met Cultuur" op te zetten voor jongeren van 12 tot 18 jaar, met laagdrempelige workshops en activiteiten in kunstdisciplines zoals muziek, theater en beeldende kunst. Het doel is om de creativiteit van jongeren te stimuleren, hun culturele interesse te bevorderen en hen te helpen ontdekken wat hen aanspreekt. Dit programma biedt een waardevolle aanvulling op de cultuureducatie voor basisschoolleerlingen en maakt gebruik van bestaande faciliteiten zoals het MaakLab, het Zinin Theater en de Smidse. Het college vindt het een sympathiek voorstel. We willen komend jaar een breder cultuurbeleid met uitvoeringsplan gaan ontwerpen, wellicht goed om dit voorstel hierin mee te nemen.
Dan kan ook naar de financiering worden gekeken. Leegstandverordening Het voorstel is om een leegstandsverordening op te stellen om langdurige leegstand van woningen tegen te gaan en daarmee bij te dragen aan de woningnoodbestrijding. De verordening zou eigenaren van leegstaande woningen een heffing kunnen opleggen, wat zowel de beschikbaarheid van woonruimte verhoogt als inkomsten genereert voor handhaving. De uitvoeringskosten van deze verordening worden in een voorstel voor de begroting 2026-2029 meegenomen. Het college onderschrijft het doel volledig. De inzet van het middel van een leegstandsverordening is echter niet noodzakelijk. In Nederland hebben momenteel 26 gemeenten (van de 342) een leegstandsverordening ingesteld. In Twente heeft geen enkele gemeente een leegstandsverordening gericht op woningen (Almelo op commerciële ruimtes binnenstad). De praktijk leert dat gemeenten met een leegstandverordening deze vooral gebruiken om in gesprek te komen met de eigenaar. Dat leidt vaak al tot een oplossing, de verdergaande instrumenten worden zelden of nooit gebruikt. (bron: VNG) In het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting is opgenomen dat gemeenten in het gemeentelijk volkshuisvestingsprogramma (VHP) een plan moeten maken voor hoe zij het benutten van de bestaande voorraad faciliteren, hoe zij leegstand bestrijden en welke acties zij daarvoor ondernemen.
In lijn met het wetsvoorstel gaat het college dit oppakken bij het opstellen en vaststellen van het VHP wanneer deze wet van kracht wordt. Tarief bibliotheek Het voorstel is om in overleg met de Zinin Bibliotheek te onderzoeken of het abonnementstarief voor inwoners vanaf 27 jaar verlaagd kan worden, zonder negatieve gevolgen voor de kwaliteit van de bibliotheekdiensten. Het doel is om de bibliotheek toegankelijker te maken voor een breder publiek en zo bij te dragen aan een beter geïnformeerde en geletterde samenleving. Tegelijkertijd wordt voorgesteld om een plan op te stellen voor de dekking van de kosten en de beleidskeuzes die dit met zich meebrengt, zoals welke diensten mogelijk niet meer worden aangeboden. 17
Het college onderschrijft het belang dat iedereen toegang kan hebben tot de bibliotheek. Boetevrij lenen is sinds dit jaar voor iedereen beschikbaar. Inwoners tot 27 jaar kunnen gratis lid worden. Voor inwoners van 27 jaar en ouder bedragen de jaarlijkse abonnementskosten € 55,--. Voor mensen met een laag inkomen is het mogelijk om het jaarabonnement via de Meedoenregeling te financieren. We denken dat we daarmee de bibliotheek voldoende toegankelijk maken. Taakstelling Ravijn en ZINiN Het voorstel is om in 2026 te onderzoeken of er vanaf 2027 een financiële taakstelling mogelijk is voor zowel ZINiN als sportcomplex Het Ravijn, door te kijken naar mogelijke bezuinigingen in relatie tot basis- en kerntaken. Dit onderzoek moet inzicht geven in besparingsmogelijkheden en de effecten daarvan, gezien de relatief hoge gemeentelijke uitgaven aan cultuur en sport. Bij het onderzoek worden zowel de organisaties zelf, als een afvaardiging van gebruikers betrokken om draagvlak en praktische inzichten te waarborgen. Het college vindt dat we de lijn moeten hanteren die bij het vaststellen van de begroting 2025 is afgesproken, namelijk dat we in 2026 niet kiezen voor ombuigingen. Het beter kijken naar doelen en activiteiten en wat dat betekent voor de financiën wordt op dit moment zowel voor het Ravijn als voor ZINiN nader bekeken.
Versterken wijken, buurten, dorpen Het voorstel is om financiële middelen te reserveren voor het versterken van buurt-, wijk- en dorpsvoorzieningen door: 1. Het faciliteren van opbouwwerk via de aanstelling van een sociaal opbouwwerker door De Welle (€ 100.000,--); 2. Het structureel voortzetten van het dorpsondersteuner-project in Haarle en uitbreiden naar andere dorpen (€ 30.000,-- à € 40.000,-- per dorp); 3. Een pilot voor professioneel beheer van twee wijk/dorpsaccommodaties; 4. Het toegankelijk maken van accommodaties voor mensen met een beperking volgens ITS-eisen. Dit draagt bij aan toekomstbestendige, inclusieve en zelfredzame gemeenschappen. Het college ziet de inhoudelijke meerwaarde van een opbouwwerker. Met De Welle zijn we in gesprek over de activiteiten die zij de komende jaren gaan uitvoeren, de aansluiting daarvan op de vastgestelde visie voor het sociaal en maatschappelijke domein en de verdeling van de subsidie. Dit punt maakt onderdeel uit van die bespreking. Ten aanzien van de dorpsondersteuner stelt het college voor eerst de uitkomsten van de pilot af te wachten alvorens een besluit te nemen over mogelijke uitbreiding en over het structureel maken. Het college stelt voor het derde en vierde punt te betrekken bij de accommodatievisie.
Inloop - pilot Het voorstel is om een tweejarige pilot te starten met een inloopvoorziening waar ouderen elkaar kunnen ontmoeten, advies kunnen krijgen van zowel voorliggende als professionele velden, en waar screenings plaatsvinden door specialisten zoals ergotherapeuten, fysiotherapeuten en woningstichtingen. Het doel is om ouderen proactief te ondersteunen, gezondheidsproblemen te voorkomen en de verbinding tussen het medisch en sociaal domein te versterken. Door deze
18
aanpak worden ouderen zelfredzamer en wordt de druk op mantelzorgers verlicht, terwijl vroegtijdige interventies op termijn kosten besparen. Het college staat positief tegenover dit voorstel en stelt voor om het nadrukkelijk te verankeren in de verdere uitwerking van onze Strategische Visie op het maatschappelijk en sociaal domein 2024-2030. Het initiatief sluit direct aan bij de pijler ‘Gezondheid, nu en later’, waarin we – samen met netwerkpartners en inwoners – inzetten op positieve gezondheid, preventie en vroegsignalering. Concreet betekent dit dat we: • Preventie centraal stellen. Het voorstel geeft een tastbaar voorbeeld van de preventieve koers die de visie voorstaat: problemen vóór zijn door tijdig in te grijpen en inwoners te stimuleren tot een gezonde leefstijl. • Onderzoeken of we laagdrempelige inloopvoorzieningen voor álle inwoners kunnen ontwikkelen. We kiezen bewust voor voorzieningen die geografisch nabij, fysiek én digitaal toegankelijk zijn, zodat elke inwoner – ongeacht leeftijd, achtergrond of beperking – gemakkelijk binnenloopt zonder telkens zijn verhaal te hoeven herhalen. Doelgroepspecifiek beleid past hier niet bij; inclusiviteit staat voorop. • Eigen regie en veerkracht versterken.
Door ontmoeting, ondersteuning en activering op één plek samen te brengen, helpen we inwoners zelf de regie te nemen en maken we optimaal gebruik van de kracht van samenleving en vrijwilligers. • Verbonden en integraal werken. Het college pakt de regierol om partners uit zorg, welzijn, sport, cultuur en onderwijs te verbinden. Zo ontstaat één samenhangend netwerk rond de inwoner en benutten we kennis, menskracht en middelen efficiënter. • Met dit brede, preventieve en inclusieve perspectief leveren de voorgestelde inloopvoorzieningen een zichtbare bijdrage aan “een kansrijke, gezonde en leefbare toekomst” voor alle inwoners van Hellendoorn. Plan ouderenzorg Het voorstel is om een visie en plan van aanpak te ontwikkelen voor ouderenzorg in de gemeente Hellendoorn, gericht op het proactief inspelen op vergrijzing en het bevorderen van welzijn door vroegtijdige signalering van problemen. Dit plan ondersteunt het bieden van een waardevol leven en goede huisvesting voor ouderen, met speciale aandacht voor dementie en somatiek, en sluit aan bij de wensen van ouderenbonden en beleidsdoelen uit het coalitie- en collegeakkoord. Bij de ontwikkeling worden ouderenbonden, de Adviesraad Maatschappelijk Welzijn Hellendoorn, vrijwilligers en professionele organisaties actief betrokken.
Het college is van mening dat binnen de visie op het sociaal en maatschappelijk domein gericht wordt op integraal beleid. Hiermee is ervoor gekozen om geen beleid voor specifieke doelgroepen vast te stellen. In plaats daarvan koersen we op beleid voor alle inwoners, gebaseerd op de vier leidende principes ‘kracht van inwoner en samenleving’, ‘preventie & vroegsignalering’, ‘dichtbij & laagdrempelig’ en ‘verbonden & integraal’. Dat betekent dat voorzieningen en ondersteuning zo worden ingericht dat ze toegankelijk zijn voor iedereen — ongeacht leeftijd, achtergrond of beperking — omdat we er voor inwoners van álle leeftijden willen zijn. Door niet in ‘schotten’, maar te werken vanuit één gezamenlijke toegang en een integrale benadering, voorkomen we verkokering en benutten we middelen en expertise effectiever. Specifieke hulpvragen, zoals rondom vergrijzing, jeugd of bestaanszekerheid, vangen we op met maatwerk binnen dit generieke kader, zodat we flexibel kunnen inspelen op veranderende 19
behoeften. Ouderenzorg komt terug in de beleidsplannen maatschappelijke ondersteuning, publieke gezondheid en ook in het volkshuisvestingsprogramma, waar op dit moment aan wordt gewerkt. De concrete activiteiten worden uitgewerkt in de uitvoeringsplannen die voortvloeien uit deze beleidsplannen. SPUK structureel Het voorstel is om zo spoedig mogelijk de SPUK-onderdelen obesitas, mentale gezondheid, eenzaamheid en welzijn op recept te evalueren en op basis van de resultaten te bepalen of projectmatige of structurele middelen nodig zijn in de begroting van 2026 en verder. Door een grondige evaluatie wordt inzicht verkregen in de behaalde resultaten en knelpunten, wat helpt bij het ontwikkelen van een toekomstvisie waarin deze thema’s mogelijk geïntegreerd kunnen worden. Bij de evaluatie worden de betrokken organisaties actief betrokken. Het college is van mening dit de reguliere werkwijze is. In deze begroting is een aantal voorstellen opgenomen om aanpakken structureel te maken. In 2026 doen we opnieuw een evaluatie wat al dan niet leidt tot nieuwe voorstellen bij de begroting 2027. Meedoenregelingen Het voorstel is om de bijdrage van de Meedoenregeling voor volwassenen te verhogen van € 147,-- naar € 250,--, zodat deelname aan bijvoorbeeld sportverenigingen financieel haalbaarder wordt.
Dit draagt bij aan maatschappelijke participatie en bevordert gezondheid en welzijn, vooral voor inwoners met een laag inkomen. De verwachte jaarlijkse kosten bedragen circa € 60.000,--, gezien het huidige aantal van 500 deelnemers en de mogelijke toename door betere bekendheid van de regeling. De Meedoenregeling is gestart in het voorjaar van 2025. Het college stelt voor om in 2025 te monitoren hoe deze regeling wordt benut. Mocht uit de monitoring blijken dat de huidige bijdrage van € 147,-- onvoldoende is om de doelstellingen van de regeling te realiseren, dan kan dit worden meegenomen bij het opstellen van het nieuwe beleid voor 2027. Formatie gebiedsambtenaar Het voorstel is om de formatie en het budget voor de functie van gebiedsambtenaar te verruimen, zodat de gemeente de bestuursvormen zoals wijkverenigingen en plaatselijke belangen beter kan ondersteunen. De uitbreiding van de formatie met 16 tot 24 uur per week en een structureel budget van € 15.000,-- zorgt ervoor dat de gebiedsambtenaar jaarlijks kan helpen bij het organiseren van activiteiten, het verbinden van structuren en het ondersteunen bij administratieve processen, wat bijdraagt aan de versterking van de leefbaarheid en onderlinge verbondenheid. Dit voorstel beoogt geen regie van de gemeente, maar biedt ondersteuning op basis van de behoeften van de gemeenschappen.
Het college staat hier in principe positief tegenover. De gebiedsambtenaar start in de zomer van 2025. Het college stelt voor om in de tweede helft van 2025 en begin 2026 ervaring op te doen met deze werkwijze binnen de huidige formatie. Halverwege 2026 kan vervolgens worden beoordeeld of uitbreiding wenselijk is, zodat dit – indien nodig – kan worden meegenomen in de begroting voor 2027. Vroegsignalering schulden - preventiecoach Het voorstel is om € 30.000,-- structureel beschikbaar te stellen voor het uitbreiden van de formatie van een preventiecoach voor vroegsignalering van armoede en schulden, met een inzet van 12 tot 16 uur per week. Het doel is om door proactief in te grijpen, inwoners vroegtijdig te ondersteunen, zodat ze niet verder in de schulden raken en gebruik maken van de beschikbare armoedemaatregelen. Deze preventieve aanpak voorkomt grotere problematiek en zorgt ervoor 20
dat de beschikbare middelen doelgerichter ingezet worden, waardoor de kosten op termijn kostenneutraal kunnen zijn. Deze activiteiten komen overeen met het instellen van het centrale punt voor ondersteuning voor inkomen, armoede en schulden. Dit voorstel is dus meegenomen. De rol van preventiecoach wordt in dit geval ingevuld door het sociaal raadslid. Herontwikkeling Lochter I en II Het voorstel is om het bedrijventerrein 't Lochter I en II te herontwikkelen, met als doel het verbeteren van de aantrekkingskracht en het vestigingsklimaat. Dit kan worden bereikt door de openbare ruimte op te knappen en in gesprek te gaan met pandeigenaren en het parkmanagement, mogelijk in combinatie met de uitbreiding van Lochter IV. De benodigde investering is meerjarig, met mogelijke dekking uit bestaande reserves en cofinanciering van de bedrijven op het terrein, terwijl er extra formatie nodig is voor de gesprekken en coördinatie. Het college onderschrijft het doel van dit voorstel. Dit vraagt echter wel om een goede uitwerking en gesprekken met de belanghebbenden. Het is daarom nu nog te vroeg om te kijken wat de mogelijkheden zijn. We pakken dit op en komen bij de begroting 2026 met een eerste analyse.
Verlagen grondprijzen Het voorstel is om de grondprijs van bouwgrond in gemeentelijk eigendom tijdelijk te verlagen voor inwoners met een minimum- tot modaal inkomen, voor een periode van drie jaar. Dit maakt woningbouw financieel haalbaarder voor lagere inkomens, stimuleert doorstroming op de woningmarkt en bevordert de bouw van betaalbare koopwoningen. Na drie jaar wordt de maatregel geëvalueerd om te beoordelen of deze het gewenste effect heeft gehad en of voortzetting wenselijk is. Dit onderwerp is ook aan de orde geweest bij het vaststellen van de begroting 2025. Vanuit het college is toen aangegeven dat dit niet mogelijk is in verband met de eisen uit de Wet Markt en Overheid. Bovendien blijkt uit onderzoek dat onze grondprijzen heel redelijk zijn. Om starters op de woningmarkt te helpen is in 2024 de starterslening ingesteld. Zoveel mogelijk aansluiten bij landelijke subsidies Er zijn veel subsidie vormen in Nederland. Deze worden niet alleen verstrekt door de gemeenten. Ook landelijke-, provinciale overheden, fondsen en maatschappelijke organisaties bieden subsidies. Deze subsidies zijn bedoeld om als opstart of ondersteuning te dienen bij verschillende opgaven of initiatieven. Daar waar sprake is van een overlap in subsidies, dient de gemeente Hellendoorn te verwijzen en mogelijk te ondersteunen in het verkrijgen van deze subsidies.