CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Integraal huisvestingsplan

Gemeenteraad 21 mei 2024, gemeente HellendoornBij agendapunt: Integraal Huisvestingplan onderwijs gemeente Hellendoorn 2024-205030.275 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

E

Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting Gemeente Hellendoorn

Opdrachtgever Gemeente Hellendoorn

Datum 27 maart 2024

Referentienummer 2230008/20240327Lke01

Auteur(s) Remco Bresser en Jarno Thole

Inhoudsopgave

4.3

5. 1.

2.

3.

4.

Inleiding

Perspectief per gebouw

18

20

3

5.1

Wanneer komt een gebouw in aanmerking?

20

5.2

Huisvestingsmaatregelen

20

1.1

Aanleiding en doel van het IHP

3

1.2

Werkwijze en proces

3

1.3

Leeswijzer

4

De (wettelijke) kaders en verantwoordelijkheden

Gebouwleeftijd

5.2.1

5

De keuze voor een maatregel

20

5.3

Criteria plan

21

5.4

Toelichting op de indicatoren

21

5.4.1

Energieprestatie (Weii)

21

2.1

De scope van het IHP

5

2.2

Samen verantwoordelijk voor onderwijshuisvesting

5

2.3

Kinderopvang

6

6.1

Daarle

57

2.4

De rol van het IHP en de verordening

6

6.2

Daarlerveen

57

6.3

Haarle

57

Visie op onderwijs en onderwijshuisvesting

6.

8

Bewegingsonderwijs

56

3.1

Kansengelijkheid en kwalitatief hoogstaand onderwijs

8

6.4

Hellendoorn

58

3.2

Van basisscholen naar kindcentra

8

6.5

Nijverdal

58

3.3

Op weg naar inclusiever onderwijs

10

6.6

Natte gymlessen

60

3.4

Flexibele onderwijsvoorzieningen

11

3.5

Duurzaam en toekomstbestendig

12

7.1

Financiële uitgangspunten

62

3.6

Ruimte en kwaliteit voor het bewegingsonderwijs

13

7.2

Ruimtelijke uitgangspunten

62

3.7

Aanbod per wijk/kern en in netwerkstructuur

14

7.3

Meerjarenplanning en investeringsbedragen

63

3.8

Van visie naar IHP

15

Huidige situatie en ontwikkelingen

16

4.1

Leerlingenaantallen

16

4.2

Ruimtesaldo

17

7.

Uitgangspunten en planning

62

Bijlage 1 – Factsheets Bijlage 2 – Leerlingenprognoses (Pronexus, 05-2022, 09/11-2022, 08-2023) Bijlage 3 – Routekaart Verduurzaming (deel 1)

De inhoud van deze uitgave is eigendom van ICS Adviseurs B.V. te Zwolle. Enkel de opdrachtgever waarmee ICS Adviseurs B.V. een overeenkomst is aangegaan, heeft een gebruiksrecht voor deze uitgave. De inhoud en omvang van dat gebruiksrecht zijn vastgelegd in de algemene voorwaarden van ICS Adviseurs B.V., gedeponeerd bij de Rechtbank Overijssel onder nummer 9/2021, dan wel in de overeenkomst zoals hiervoor bedoeld. Elk ander gebruik van deze uitgave, door opdrachtgever en of derden is uitgesloten, inhoudende dat niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, via internet, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van ICS Adviseurs B.V.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

2/65

1.2 Werkwijze en proces

1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doel van het IHP De gemeente Hellendoorn heeft zich ten doel gesteld om een actueel Integraal Huisvestingplan (IHP) voor het primair en voortgezet onderwijs in haar regio te ontwikkelen. Dit IHP biedt de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties een beleidsperspectief, geborgd in een gedragen en transparant uit te voeren meerjaren-huisvestingsplan. Het IHP geeft een actueel en zo compleet mogelijk beeld van de stand van zaken en ontwikkelingen op het gebied van de onderwijshuisvesting in de gemeente Hellendoorn. Onderwijs is de sleutel voor de ontwikkeling van een kind én van een samenleving. Om goed onderwijs te kunnen bieden zijn passende, duurzame en toekomstbestendige voorzieningen nodig. Het doel van dit IHP is om ook in de toekomst de kwaliteit van de onderwijsvoorzieningen te waarborgen. Het IHP fungeert als een leidraad en visiedocument voor huisvestingsmaatregelen op de langere termijn, namelijk 25 jaar, met een concreet uitvoeringsplan voor de komende 4 jaar. Het IHP geldt als koersdocument om een gestructureerde aanpak te bieden voor de huisvesting van de scholen zodat deze het onderwijsproces nu en in de toekomst maximaal faciliteren. Bovendien sluit het IHP aan op actuele landelijke ontwikkelingen, waaronder het Klimaatakkoord en het wetswijzigingsvoorstel van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

Dit wetsvoorstel verplicht gemeenten, in samenwerking met schoolbesturen, om een IHP voor ten minste 16 jaar op te stellen.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

3/65

Het voorliggende rapport is tot stand gekomen in nauwe samenwerking tussen de schoolbesturen, kinderopvangorganisaties KOSMO en SPGH en de gemeente Hellendoorn. Aan ICSadviseurs is de opdracht toevertrouwd om het proces van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) te begeleiden en het plan op te stellen. Tijdens het IHP-proces zijn de volgende fasen in verschillende processtappen doorlopen: ▪

Fase 1: Visie De schoolbesturen, kinderopvangorganisaties en de gemeente hebben samen een visie ontwikkeld op onderwijs en onderwijshuisvesting als grondslag voor toekomstbestendige, duurzame onderwijshuisvesting. Als eerste stap zijn de contouren van de onderwijsvisie verkend aan de hand van voor het Hellendoornse onderwijslandschap relevante thema’s. Er zijn richtinggevende uitspraken gedaan voor de komende 25 jaar. Naar aanleiding van deze uitspraken is met elkaar gediscussieerd wat dit betekent voor het onderwijs in de gemeente Hellendoorn voor de komende 4 jaar (korte termijn en een doorkijk voor de komende 25 jaar (de middellange en lange termijn). In een verdiepingssessie hebben de schoolbesturen deze visie vanuit onderwijskundig perspectief verder uitgewerkt. Het resultaat van deze sessie is input geweest om met alle betrokkenen tot een gezamenlijke en gedragen visie te komen. Tot slot hebben schoolbesturen, kinderopvangorganisaties en gemeente de vertaalslag gemaakt wat de visie betekent voor toekomstbestendige, duurzame Hellendoornse onderwijsvoorzieningen en de rol van de verschillende betrokkenen hierin. Duurzaamheid en de duurzaamheidsambitie, als het gaat om renovatie en nieuwbouw van de scholen in de gemeente Hellendoorn, is hierbij een belangrijk thema.

▪

Fase 2: Inventarisatie Van alle scholen is een brede inventarisatie uitgevoerd die heeft geresulteerd in een gedetailleerd overzicht met informatie over de schoolgebouwen. Deze nulmeting bevat openbaar beschikbare data, informatie van de gemeente én de schoolbesturen en een door het schoolbestuur ingevulde beoordeling van de technische en functionele gebouwkwaliteit. Naar aanleiding van de gebouwinventarisatie is voor ieder schoolgebouw een factsheet opgesteld en is de lokale context per schoolgebouw samen met het schoolbestuur verkend in een bilateraal gesprek. De factsheets zijn opgenomen als bijlage 1.

▪

Fase 3: Planvorming en financiën De basisinformatie (factsheets), lokale context (bilaterale gesprekken) en visie zijn samengevat in kansenkaarten. Ook de beoordeling van de schoolbesturen komt terug in de kansenkaarten. De kansenkaarten zijn op kern- of wijkniveau gepresenteerd en geven de kansen en knelpunten weer. De mogelijke scenario’s zijn per school weergegeven en met betrokkenen besproken. De scenario’s zijn vertaald naar mogelijke huisvestingsmaatregelen zoals renovatie en sloop/nieuwbouw en in één van de tijdvakken gepland. Hierbij is gezocht naar natuurlijke momenten voor de verduurzaming van schoolgebouwen. Per maatregel zijn de investeringskosten aan de hand van VNG-normbedragen financieel inzichtelijk gemaakt.

▪

Fase 4: Rapportage De resultaten van het gezamenlijk doorlopen proces zijn samengevat in voorliggende rapportage. In deze rapportage is voor ieder schoolgebouw het toekomstperspectief geschetst inclusief financiële consequenties en planning.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

4/65

▪

Fase 5: Implementatie Met het doorlopen van deze fase is de implementatie van acties uit het IHP geborgd door een uitvoeringsplan. Het uitvoeringsplan beschrijft de uit te voeren acties en bevat voorstellen voor planning, rolverdeling en financiën. Deze informatie is opgenomen in voorliggende rapportage.

1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 van het IHP zijn de scope en het wettelijke kader voor de taken en verantwoordelijkheden van zowel de gemeente als de schoolbesturen toegelicht. De gezamenlijke visie en ambitie voor het onderwijs en de onderwijshuisvesting worden beschreven in hoofdstuk 3, gevolgd door een analyse van de huidige situatie in hoofdstuk 4. Het 5e hoofdstuk biedt een overzicht per locatie met het bijbehorende scenario. De capaciteitstoets voor het bewegingsonderwijs komt aan bod in hoofdstuk 6. Tot slot worden in hoofdstuk 7 de financiële uitwerking en planning gepresenteerd.

2. De (wettelijke) kaders en verantwoordelijkheden

2.2 Samen verantwoordelijk voor onderwijshuisvesting

2.1 De scope van het IHP De scope van dit Integraal Huisvestingsplan betreft alle schoolgebouwen voor scholen in het basisonderwijs en speciaal basisonderwijs, het speciaal onderwijs, het voortgezet onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs in de gemeente Hellendoorn. Het IHP geeft: ▪ ▪

een meerjarenperspectief met maatregelen per schoolgebouw; een financiële vertaling van die maatregel(en) en een planning.

Daarnaast is getoetst of de capaciteit van de accommodaties ten behoeve van het bewegingsonderwijs toereikend is en blijft. Een koers voor 25 jaar Investeren in vastgoed vraagt om een lange-termijnvisie; dit IHP beslaat daarom een periode van 25 jaar. Dit zorgt voor een lange-termijnkoers en creëert daarmee duidelijkheid voor alle partijen. De wereld verandert echter voortdurend. Om deze reden is het belangrijk om dit plan tussentijds te actualiseren en scenario’s bij te stellen. Daarom: ▪

▪ ▪

bestaat dit plan uit 3 tijdblokken: het tijdvak van de eerste 4 jaar (korte termijn) is concreet, de andere 2 tijdvakken (middellange en lange termijn) bieden een doorkijk; wordt dit plan elke 4 jaar herijkt; worden feitelijke data als leerlingenprognoses en normbedragen elke 1 à 2 jaar geactualiseerd, bijvoorbeeld bij aanvang van een project.

Daarmee is het IHP een dynamisch document wat mee verandert met de tijd en de veranderende omstandigheden.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

5/65

Gemeente en schoolbesturen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de (kwaliteit van de) onderwijshuisvesting. De gemeente heeft de wettelijke zorgplicht om te voorzien in voldoende en kwalitatief goede huisvesting voor het (bewegings-)onderwijs. Daarnaast heeft de gemeente een rol in het in stand houden van het openbaar onderwijs. De zorgplicht is verankerd in de Wet op het primair onderwijs (WPO), de Wet op het voortgezet onderwijs (WVO) en de Wet op de expertisecentra (WEC). Zorgplicht gemeente De gemeente heeft een zorg voor (vervangende) nieuwbouw, uitbreiding, eerste inrichting en onderwijsleerpakketten, herstel van constructiefouten en herstel en vervanging bij schade door bijzondere omstandigheden (bijvoorbeeld vandalisme of weersomstandigheden). Gemeenten ontvangen via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds van het Rijk financiële middelen om te kunnen voldoen aan deze zorgplicht. Deze uitkering zal echter niet in alle gevallen toereikend zijn. De gemeente is vrij om deze middelen naar eigen inzicht te besteden en weegt daarvoor de investeringen in onderwijshuisvesting af tegen haar andere taken en verantwoordelijkheden. Verantwoordelijkheden schoolbesturen Schoolbesturen gaan over de inhoud van het onderwijs en zijn verantwoordelijk voor onderhoud, inpandige aanpassingen, exploitatie en beheer van onderwijshuisvesting.

Hiervoor ontvangen zij middelen van het Rijk als onderdeel van de lumpsumvergoeding. Voor het onderhouden van gymzalen geldt dat de schoolbesturen binnen het basisonderwijs verantwoordelijk zijn voor het klein- en binnenonderhoud (van gymzalen waarvan zij juridisch eigenaar zijn). Voor de uitvoering van dit onderhoud ontvangen zij een klokuurvergoeding. Het buitenonderhoud van de gymzalen in het primair onderwijs is een verantwoordelijkheid van de gemeente. Het voortgezet onderwijs is verantwoordelijk voor al het onderhoud aan de gymzalen (waarvan zij juridisch eigenaar zijn).

Levensduurverlengend renoveren Vanuit de wettelijke verplichtingen is het duidelijk dat de gemeente is belast met de verantwoordelijkheid voor nieuwbouw, terwijl (groot) onderhoud onder de verantwoordelijkheid van schoolbesturen valt. Momenteel bevindt zich een wetsvoorstel in de voorbereidende fase waarin levensduurverlengende renovaties mogelijk definitief worden vastgesteld. Hierbij hoort ook financiering vanuit de rijksoverheid die daarmee in overeenstemming is. Het wetsvoorstel stelt voor dat de verantwoordelijkheid voor renovaties bij gemeenten komt te liggen.

Ondanks deze ontwikkelingen wil de gemeente Hellendoorn niet vooruitlopen op de wetswijziging en beschouwt zij renovatie als een gedeelde verantwoordelijkheid van zowel de gemeente als de schoolbesturen. Als levensduurverlengende renovatie als huisvestingsmaatregel wordt ingezet, zullen gemeente en schoolbestuur gezamenlijk overleg plegen over de verdeling van de kosten. Visueel is dit weergegeven in Figuur 1.

2.3 Kinderopvang De ontwikkeling van Integrale Kindcentra met een doorgaande leerlijn wordt doorgezet. Daarbij hoort een naadloze aansluiting tussen kinderopvang, scholen en mogelijk jeugdhulpverlening. Dit IHP is daarom in samenwerking met kinderopvangorganisaties opgesteld. De gemeente heeft geen zorgplicht voor ruimte voor kinderopvang. Kinderopvangorganisaties zijn zelf verantwoordelijk voor hun eigen huisvesting en kunnen ruimte huren van een schoolbestuur met toestemming van de gemeente, de gemeente of derde partij of beschikken over eigen vastgoed. De gemeente ondersteunt in dit IHP de inhoudelijke samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang met het meedenken van gezamenlijke huisvesting binnen de wettelijke kaders van de Wet Markt en Overheid.

2.4 De rol van het IHP en de verordening Het Integraal Huisvestingsplan onderwijs (IHP) Het IHP biedt het kader voor de uitvoering en concretisering van het onderwijshuisvestingsbeleid. Dit zijn richtlijnen en een planning voor de huisvestingsvoorzieningen. De vigerende Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Hellendoorn (hierna: verordening) dient als basis voor het aanvragen van deze voorzieningen door het schoolbestuur. De wijze van uitvoering wordt uitgewerkt in een jaarlijks uitvoeringsprogramma, passend binnen de middelen die de Gemeenteraad hiertoe beschikbaar stelt in haar begroting. Het College van Burgemeester en Wethouders stelt het

Figuur 1 Verdeling van kosten, huidige situatie

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

6/65

uitvoeringsprogramma vast. Per project wordt door het betreffende schoolbestuur, kinderopvangorganisatie(s) en de gemeente Hellendoorn in gezamenlijkheid een plan opgesteld, op basis waarvan het College een investeringsbedrag kan toekennen. Het uitvoeringsprogramma van het IHP wordt jaarlijks in een ‘Bestuurlijk overleg lokaal onderwijsbeleid’ (BOLO) door gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties behandeld. De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs De verordening beschrijft de formele regels voor de wijze van berekenen van de ruimtevraag en het ruimteaanbod van (bewegings-)onderwijshuisvesting. Ook beschrijft de verordening de formele regels die gelden bij het aanvragen en toetsen van voorzieningen in de onderwijshuisvesting.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

7/65

3. Visie op onderwijs en onderwijshuisvesting De gemeente Hellendoorn streeft naar een toekomstgericht onderwijsaanbod dat niet alleen voldoet aan de huidige eisen, maar ook anticiperend is op toekomstige ontwikkelingen in het onderwijslandschap. Het inhoudelijk kader vormt de leidraad voor het ontwikkelen, verbeteren en beheren van onderwijsvoorzieningen in de gemeente. De visie op onderwijs en onderwijshuisvesting fungeert als het fundament waarop dit plan rust. Deze visie vormt de basis voor de keuzes en prioriteiten die in het IHP worden gemaakt.

3.1 Kansengelijkheid en kwalitatief hoogstaand onderwijs In de gemeente Hellendoorn wordt kwalitatief hoogstaand onderwijs, opvang en zorg aan alle kinderen geboden. Verschillende partijen rondom het kind, zoals onderwijs, opvang en zorg en welzijn, werken intensief samen om kinderen passend onderwijs en opvang te bieden. De samenwerking tussen partijen is erop gericht om, naast een kwalitiatief hoogstaand aanbod, de overgang tussen opvang, primair en voortgezet onderwijs voor kinderen goed te laten verlopen. De eerste stappen hierin zijn reeds gezet, maar de ambitie ligt hoger. Alle kinderen moeten gelijke kansen krijgen, niemand wordt buitengesloten. Ook voor kinderen met ondersteuningsbehoeften wordt er, in het kader van inclusie en voor zover de specifieke ondersteuningsbehoefte het toelaat, gezocht naar een passende plek binnen het reguliere onderwijs. Waar mogelijk komt de benodigde expertise en zorg naar de kinderen toe, zodat voor zoveel mogelijk kinderen thuisnabij opvang, onderwijs en zorg wordt geboden. Schoolbesturen onderstrepen onderling hun gedeelde verantwoordelijkheid voor elk kind. Ze streven ernaar om onderwijs voor leerlingen met specifieke behoeften beschikbaar te maken op elke school, indien mogelijk in de vorm van op maat gemaakte arrangementen. Een doorgaande ontwikkellijn van

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

8/65

0 - 18 jaar is daarbij het streven. Voor de leeftijdsgroep 0 – 12 jaar wordt het aanbod bij voorkeur samengebracht in één gebouw in de vorm van een kindcentrum. Kinderen die vanwege specifieke ondersteuningsbehoeften niet in het regulier onderwijs terecht kunnen, kunnen onderwijs (blijven) volgen in het (voortgezet) speciaal onderwijs.

3.2 Van basisscholen naar kindcentra Het uitgangspunt is dat kinderen zoveel mogelijk dichtbij huis naar school, kinderopvang en buitenschoolse opvang kunnen gaan en in hun nabije omgeving gebruikmaken van sport- en culturele voorzieningen, jeugdzorg en gezondheidsvoorzieningen. Iedere basisschool in de gemeente Hellendoorn is onderdeel van een kindcentrum. Een kindcentrum is een netwerk om het kind heen, zo mogelijk fysiek op één locatie waar kinderopvang, basisonderwijs en buitenschoolse opvang worden gecombineerd. Het doel is dat er een integraal aanbod is voor kinderen van 0 - 12 jaar. Dit hoeft niet perse in één gebouw, het kan ook in een netwerk worden aangeboden, maar vraagt wel duidelijke structurele en inhoudelijke samenwerking. Aanbod van kindcentra: ▪

In één gebouw: Het streven is om onderwijs van één of meer scholen en kinderopvang bij voorkeur samen te huisvesten in één gebouw, waarbij ruimte voor kinderopvang toekomstbestendig is. Het maakt de samenwerking gemakkelijker en daarbij kunnen faciliteiten makkelijker worden gedeeld. Daarnaast heeft het de voorkeur dat er in elk kindcentrum ruimte beschikbaar is voor specialisten die zijn gerelateerd aan het onderwijs. In de meeste gevallen betreft dit ruimtes die gedeeld worden gebruikt.

▪

In een netwerk: Het integreren van sport- en culturele voorzieningen in een netwerk met onderwijs kan een waardevolle bijdrage leveren aan het voorzieningenniveau voor kinderen. De sportvoorzieningen zijn

bijvoorbeeld sportverenigingen of ander sportaanbod aanvullend op het bewegingsonderwijs. Het bewegingsonderwijs is een wettelijke taak, gemeenten moeten zorgen voor voldoende voorzieningen voor het bewegingsonderwijs in de buurt van scholen. Door de aanwezigheid van sport- en culturele voorzieningen in de buurt van scholen wordt de toegang voor kinderen tot deze voorzieningen vergemakkelijkt en kunnen professionals makkelijker met een geïntegreerd aanbod komen. Dit kan kinderen aanmoedigen om deel te nemen aan fysieke activiteiten, kunst en cultuur, wat bijdraagt aan hun algehele ontwikkeling. Het begrip ‘rijke schooldag’ is op alle kindcentra in samenwerking met de faciliteiten vanuit het netwerk (o.a. sport en cultuur) realiteit in de gemeente Hellendoorn. Het succes van een kindcentrum (in een netwerk) berust op samenwerking tussen diverse organisaties, het inspelen op de behoeften van kinderen en gemeenschappen en een efficiënte planning. Het doel is het creëren van een inspirerende omgeving waarin kinderen hun volledige potentieel kunnen ontplooien. Hierin hebben ze toegang tot diverse leerkansen en ontwikkelingsmogelijkheden. Ouders kunnen eveneens rekenen op ondersteuning en toegankelijkheid. De ambitie is om in Nijverdal en Hellendoorn toe te werken naar een beperkt aantal kindcentra.

Idealiter bestaat een kindcentrum uit één of meerdere scholen van diverse omvang met een gevarieerd onderwijsaanbod. Schoolbesturen gaan met elkaar het gesprek aan over het onderwijsaanbod in Hellendoorn, Nijverdal en het buitengebied en welke ontwikkeling hier met het oog op de toekomst nodig is. Ze streven ernaar om een optimaal onderwijsaanbod te realiseren dat past bij de behoeften van de lokale gemeenschappen, waarbij rekening wordt gehouden met de beschikbare middelen en ruimte. Het uiteindelijke doel is om efficiënte, aantrekkelijke en hoogwaardige kindcentra te creëren die inspelen op de veranderende eisen en verwachtingen in de toekomst.

In onderstaande afbeelding is de verbondenheid tussen partners van het kindcentrum en ‘kindcentrum in netwerk’ weergegeven.

Figuur 2 Kindcentrum in één gebouw en in netwerk De ontwikkeling van deze toekomstbestendige kindcentra wordt geconcretiseerd wanneer in een gebied een concrete huisvestingsopgave aan de orde is. Hetzij doordat (ver)nieuwbouw noodzakelijk is, hetzij doordat er sprake is van een op te lossen ruimtelijk knelpunt (tekort of omvangrijke leegstand). In dat geval nemen de schoolbesturen en gemeente gezamenlijk de verantwoordelijkheid op zich om een integraal plan voor het betreffende gebied te ontwikkelen. Ook bij de ontwikkeling naar een toekomstbestendige structuur van kindcentra in de gebieden hechten de schoolbesturen en de gemeente aan een divers onderwijsaanbod. Doelstelling is om in de kernen alle huidige denominaties aan te blijven bieden. In paragraaf 3.7 is een kaart opgenomen die de gebieden aangeeft waaraan bij de ontwikkeling naar kindcentra wordt gedacht. De kaart is een vlekkenplan en is indicatief.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

9/65

3.3 Op weg naar inclusiever onderwijs Inclusiever onderwijs gaat ervan uit dat het onderwijs voor alle leerlingen toegankelijk is en niemand op basis van beperking, geslacht, geloof of welke andere reden dan ook wordt uitgesloten. Het verlangt een omgeving waarin diversiteit wordt omarmd en gevierd en waarin leerlingen met uiteenlopende capaciteiten en behoeften gelijke kansen krijgen om te leren, te groeien en te gedijen. Inclusiever onderwijs houdt in dat er aandacht is voor differentiatie, ondersteuning op maat en het slechten van barrières die leerlingen kunnen belemmeren in hun leerproces. Dit bevordert niet alleen de prestaties, maar draagt ook bij aan de ontwikkeling van begrip, empathie en respect voor anderen, wat belangrijk is voor een harmonieuze samenleving. Het doel is om een onderwijssysteem te creëren waarin reguliere scholen worden ondersteund om meer inclusief te worden, zodat kinderen met verschillende (leer)behoeften in dezelfde klaslokalen kunnen leren en groeien. Dit vergt inzet op verschillende gebieden, zoals ondersteunende diensten om alle leerlingen effectief te begeleiden. De overgang naar inclusiever onderwijs is een belangrijke stap naar gelijke kansen en de bevordering van begrip en tolerantie in de samenleving.

Het biedt kinderen met verschillende achtergronden en mogelijkheden de gelegenheid om samen te leren en te groeien, wat bijdraagt aan een meer inclusieve en rechtvaardige samenleving. Het streven is dat kinderen minder vaak hoeven uit te wijken naar specialistische voorzieningen, omdat het reguliere onderwijs hen passend en hoogwaardig onderwijs kan bieden. Dit is een uitdaging, maar het is een noodzakelijke stap in de richting van inclusiever onderwijs en een meer inclusieve samenleving. Leerlingen met uiteenlopende ontwikkelbehoeften ontmoeten elkaar dan, trekken samen op, spelen en leren samen. Tijd die kinderen nu soms doorbrengen in (lange) busritten naar specialistische voorzieningen, is dan voor meer kinderen niet meer nodig. Door samen op te groeien worden leerlingen beter voorbereid om zelfstandig te participeren in onze veelkleurige (toekomstige) samenleving. In de gemeente Hellendoorn bundelen de gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hun krachten om inclusiever onderwijs te

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

10/65

bevorderen. Ze streven naar een duurzaam en toekomstbestendig aanbod dat toegankelijk is voor alle kinderen. Daarom is het belangrijk dat schoolgebouwen in de gemeente een solide basis hebben, zowel qua ruimtes als inrichting. Bovendien worden actieve samenwerking en het benutten van elkaars expertise en faciliteiten gestimuleerd. Functionele behoeften voor inclusiever onderwijs: ▪

▪

▪

▪

Toegankelijkheid: Het is belangrijk dat de schoolgebouwen en faciliteiten zoveel mogelijk toegankelijk zijn voor alle kinderen, ongeacht hun beperkingen of specifieke onderwijsbehoeften. Dit betekent dat er bijvoorbeeld rekening moet worden gehouden met rolstoeltoegankelijkheid, gehoorondersteuning en visuele ondersteuning. Flexibiliteit: Het is belangrijk dat de schoolgebouwen en faciliteiten flexibel zijn en kunnen worden aangepast aan in de toekomst wijzigende behoeften van de kinderen en hun activiteiten. Dit betekent dat de aanwezige ruimtes kunnen worden omgebouwd tot klaslokalen, speelruimtes of therapieruimtes. Veiligheid: Het is belangrijk dat de schoolgebouwen en faciliteiten veilig zijn voor alle kinderen. Dit betekent dat er bijvoorbeeld voldoende vluchtwegen moeten zijn, dat er brandveiligheidsvoorzieningen aanwezig moeten zijn en dat de gebouwstructuur dusdanig is dat er voldoende toezicht kan worden gehouden op de kinderen. Samenwerking: Het is belangrijk dat de schoolgebouwen en faciliteiten geschikt zijn voor samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs. Dit betekent dat er bijvoorbeeld voldoende ruimtes moeten zijn waarin leerkrachten en begeleiders kunnen samenwerken en overleggen.

Door de ruimtelijke voorwaarden voor inclusiever onderwijs te combineren met duurzame, toekomstbestendige gebouwen, worden toekomstbestendige, inclusieve schoolomgevingen gecreëerd. Deze schoolomgevingen voldoen niet alleen aan de behoeften van alle leerlingen, maar dragen ook bij aan een groenere en meer milieubewuste toekomst. Dit sluit aan bij bredere inclusieve en duurzame doelstellingen.

Om specifieke ondersteuningsfuncties op scholen mogelijk te maken, is een aangepast en aanvullend (flexibel) gebruik van ruimtes vereist. Leerlingen kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van (neven)ruimtes om onder begeleiding, zelfstandig of in kleine groepen te werken. Het aanbieden van zorg en ondersteuning dichtbij en bij voorkeur op school vermindert de noodzaak voor kinderen en begeleiders om te reizen. Voor de opslag voor specifieke ondersteuningsfuncties is het leerlingenaantal van de school leidend. Voor een school tot 200 leerlingen wordt maximaal 35 m² BVO extra beschikt bij een aanvraag voor uitbreiding of vervangende nieuwbouw. Voor een school met 200 leerlingen of meer geldt een opslag van 60 m² BVO. Voorwaarde is dat de kavel deze opslag toestaat. Bij het toewijzen van ruimte in een al bestaand gebouw, wordt gekeken of deze opslag beschikbaar is in het betreffende gebouw.

3.4 Flexibele onderwijsvoorzieningen Maatschappelijke en demografische ontwikkelingen hebben invloed op de vraag naar onderwijshuisvesting. Binnen de gemeentegrenzen van Hellendoorn is er op basis van de huidige plannen sprake van een beperkte toename van nieuwe woningen, met een te verwachten toename van het aantal leerlingen als gevolg. Om in te spelen op toekomstige ontwikkelingen van het leerlingenaantal en mogelijke veranderingen in het gebruik is het noodzakelijk om flexibele huisvesting te realiseren. Flexibele schoolgebouwen zijn gebouwen die eenvoudig aanpasbaar zijn aan een veranderende ruimtevraag, inzetbaar zijn voor verschillende doeleinden en met beperkte ingrepen (deels) kunnen worden herbestemd.

De drempelwaarde voor een basisschool om in aanmerking te komen voor uitbreiding blijft gelijk aan het bepaalde zoals in de verordening is opgenomen. Mocht er voor een onderwijsgebouw extra ruimte worden aangevraagd, dan wordt gekeken of er eerder een opslag is toegekend en of de inzet van deze ruimte inderdaad tot inclusiever onderwijs heeft geleid. In de gemeente Hellendoorn is het voortgezet speciaal onderwijs momenteel verdeeld over drie locaties. Hoewel het VSO zich in de nabijheid van het SO bevindt, zijn zowel het VSO als het SO niet dicht bij het reguliere onderwijs gesitueerd. Deze situatie vormt de aanleiding voor een onderzoek naar het creëren van een toekomstbestendig aanbod voor het VSO, SO en SBO, in lijn met de visie op onderwijs en onderwijshuisvesting. Dit onderzoek zal zich richten op de gevolgen voor de huisvesting, het onderwijsaanbod en de samenwerking. Het onderzoek moet een brede reikwijdte hebben, waarbij ook de samenwerkingsverbanden, andere stakeholders en aangrenzende gemeenten worden geraadpleegd.

Highlights voor de huisvesting ▪ ▪

▪ ▪ ▪

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

11/65

Nieuwe of gerenoveerde onderwijshuisvesting faciliteert de vorming van doorgaande ontwikkellijnen van 0 – 13/18 jaar. Waar inhoudelijk meerwaarde wordt gezien in samenwerking tussen PO, VO en (V)SO, worden onderwijsvoorzieningen waar mogelijk bij elkaar gepositioneerd. Samenwerking met het bedrijfsleven leidt ertoe dat ook onderwijs buiten het schoolgebouw wordt aangeboden. Nieuw te bouwen scholen voldoen aan de eisen van integrale toegankelijkheid. We investeren in extra vierkante meters voor inclusiever passend onderwijs.

3.5 Duurzaam en toekomstbestendig

▪

Het streven naar toekomstbestendige onderwijshuisvesting benadrukt het belang van duurzaamheid. In overeenstemming met het Klimaatakkoord van Parijs (2015) en Europese regelgeving wordt van maatschappelijk vastgoed, waaronder onderwijshuisvesting, verwacht dat het verantwoord omgaat met beschikbare energiebronnen. Op deze manier wordt de invloed van klimaatverandering op de mens en het milieu zoveel mogelijk beperkt. Het IHP zal fungeren als leidraad voor het implementeren van bewezen duurzame systemen en het volgen van technologische ontwikkelingen. Het doel is om duurzame onderwijsfaciliteiten te creëren die zowel ecologisch als economisch verantwoord zijn. Het in stand houden en verduurzamen van bestaande schoolgebouwen én het bouwen van nieuwe schoolgebouwen zijn cruciale aspecten van het streven naar toekomstbestendige onderwijshuisvesting in de gemeente Hellendoorn. Om deze doelen te bereiken en duurzaamheid te bevorderen, zijn er verschillende belangrijke afspraken en overwegingen zoals hieronder beschreven: ▪

▪

Uniforme afspraken voor een duurzame meerjarenonderhoudsplanning (DMJOP): Ten behoeve van goede vastgoedplanning en -sturing is het essentieel om uniforme afspraken te maken over het periodiek opstellen van een duurzame meerjarenonderhoudsplanning volgens de NEN 2767 en het in stand houden van de gebouwen op minimaal conditiescore 3 (redelijke conditie). Deze planning helpt bij het inzichtelijk maken van de onderhoudsstaat van de schoolgebouwen en zet aan tot het behoud en de verbetering van de duurzaamheid van bestaande schoolgebouwen. Routekaart duurzaamheid: Gemeente en schoolbesturen vinden het belangrijk om gezamenlijk afspraken te maken om binnen 3 jaar een routekaart voor duurzaamheid te ontwikkelen. Deze routekaart sluit waar mogelijk aan op de duurzaamheidsplannen van de gemeente voor haar eigen vastgoed en volgt het model dat is ontwikkeld door PO-raad, VO-raad en de VNG. Dit zorgt voor samenhang en synergie in duurzaamheidsinspanningen. Deze routekaart is opgenomen in bijlage 3 van dit plan.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

12/65

Tijdens het eerste bestuurlijk overleg lokaal onderwijsbeleid (BOLO) van elk jaar wordt de voortgang besproken, zodat eenieder over 3 jaar zijn routekaart klaar heeft.

Duurzaamheid is tegelijk ook een complex thema binnen het IHP vanwege verschillende overwegingen en uitdagingen: ▪

▪

▪

▪

Aanvullende investeringen: Duurzaamheidsinitiatieven vergen vaak een hogere initiële investering. Wanneer de meer-investering zich vertaalt in lagere exploitatielasten, kunnen en mogen schoolbesturen bijdragen aan deze investering. BENG: Sinds 1 januari 2021 moeten de vergunningaanvragen voor alle nieuwbouw voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Deze bouwregels stellen eisen aan de maximale energiebehoefte, het fossiele energiegebruik en aan de opwek van hernieuwbare energie van gebouwen. Dit betekent dat bij nieuwe schoolgebouwen niet alleen rekening moet worden gehouden met een goede isolatie van de gebouwschil en energiezuinige installaties, maar ook met de toepassing van duurzame energie. ENG-verplichting: ENG (Energie Neutraal Gebouw) wordt voor nieuwbouw naar verwachting verplicht vanaf 2027. Om de klimaatdoelstellingen te halen is het ook noodzakelijk de bestaande vastgoedvoorraad te verduurzamen. Ondanks de ambitie om ook voor bestaande gebouwen (Bijna) Energie Neutrale Gebouwen te realiseren, kan de praktijk complex zijn. Uit onderzoek en in de praktijk moet blijken wat de mogelijkheden zijn en welke mate van duurzaamheid kan worden bereikt. Netcongestie: Netcongestie kan duurzaamheidsinitiatieven belemmeren, aangezien het de aansluiting op hernieuwbare energiebronnen kan vertragen.

Gemeente en schoolbesturen delen de ambitie om duurzaamheid te verankeren in toekomstige nieuwbouw- en renovatieprojecten. Uit verschillende eerdere scenariodoorrekeningen blijkt dat het funderend onderwijs de klimaatdoelstellingen niet haalt met de BENG-norm. Daarom ligt de nadruk op Energie Neutrale Gebouwen, het creëren van bewustwording bij leerlingen, het maken van verantwoorde materiaalkeuzes, het implementeren

van flexibele en losmaakbare bouwconstructies én het toepassen van gasloze oplossingen. Dit vereist creatieve budgetinzet en het delen van ‘Good Practices’ en/of een gezamenlijke aanpak om efficiëntie te bevorderen en synergie te creëren in het streven naar duurzaam onderwijs in de gemeente Hellendoorn.

▪

Voor het verduurzamen van schoolgebouwen kan gebruik worden gemaakt van door de overheid beschikbaar gestelde subsidies, zoals de DUMAVAsubsidie. DUMAVA staat voor "Duurzaam Maatschappelijk Vastgoed" en biedt financiële ondersteuning bij duurzaamheidsinitiatieven in onderwijshuisvesting.

3.6 Ruimte en kwaliteit voor het bewegingsonderwijs Ondanks dat bewegingsonderwijs doorgaans in aparte accommodaties wordt aangeboden, is het bewegingsonderwijs een integraal onderdeel van het onderwijsaanbod. In de jonge jaren wordt de basis gelegd voor een gezonde leefstijl met voldoende beweging en voor motorische en sociale vaardigheden. Voldoende, goed uitgeruste en goed bereikbare gymzalen zijn hiervoor noodzakelijk. Een samen met partners aan te bieden rijk aanbod van sportactiviteiten in de verlengde schooldag vergroot de sportparticipatie. Voor het thema bewegingsonderwijs zijn er diverse huidige en toekomstige vraagstukken en uitdagingen die aandacht vereisen: ▪

Voldoende ruimte en kwaliteit voor bewegingsonderwijs: Een voornaam doel is ervoor te blijven zorgen dat de beschikbare ruimte voldoende is en de kwaliteit blijft gehandhaafd om alle leerlingen een minimum aantal uren per week bewegingsonderwijs te bieden. Voor een basisschool bedraagt het aantal klokuren waarvoor de gemeente accommodatie beschikbaar moet stellen 1,5 klokuur per week per groep leerlingen van 6 jaar en ouder. Voor een school voor speciaal basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bedraagt het aantal klokuren waarvoor de gemeente accommodatie beschikbaar moet stellen ten minste 3,75 klokuur per week per groep leerlingen jonger dan 6 jaar en ten minste 2,25 klokuur per groep leerlingen van 6 jaar en ouder. Dit vereist niet

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

13/65

▪

▪

alleen voldoende gymzalen, maar er kan bijvoorbeeld ook worden gekeken naar de mogelijkheden voor geschikte buitenruimtes voor bewegingsonderwijs. Capaciteit en toegankelijkheid van gymzalen en hun afstand tot scholen: Het IHP dient rekening te houden met zowel de capaciteit van bestaande gymzalen als hun nabijheid tot scholen. Bij de locatiekeuze voor nieuwe huisvestingsplannen moet niet alleen rekening worden gehouden met de ligging en het gebruik van bestaande gymfaciliteiten, maar ook met de effecten van het gebruik op de capaciteit van de gymvoorziening. Deze overwegingen zijn eveneens van toepassing bij het plannen van nieuwe gymfaciliteiten en hun ligging ten opzichte van bestaande scholen. Daarnaast heeft het de voorkeur om faciliteiten op loopafstand van scholen te situeren, waarbij een maximale reisafstand, volgens de geldende verordening, wordt gehanteerd. Deze aanpak waarborgt de toegankelijkheid van de gymfaciliteiten voor alle leerlingen. Demografische veranderingen: Bij het plannen van bewegingsonderwijsfaciliteiten moeten de demografische veranderingen in de gemeente in overweging worden genomen, inclusief groei en krimp van het aantal leerlingen.

Het is van groot belang dat het bewegingsonderwijs niet alleen aan de huidige behoeften voldoet, maar ook flexibel genoeg is om zich aan te passen aan toekomstige veranderingen in de onderwijsbehoeften en wetgeving op het gebied van bewegingsonderwijs. Hierbij moet worden

▪

gestreefd naar duurzame en toegankelijke oplossingen voor alle leerlingen in de gemeente. Duurzame en toegankelijke oplossingen kunnen betekenen dat sportfaciliteiten niet alleen voor het bewegingsonderwijs worden gebruikt, maar ook openstaan voor de bredere gemeenschap. De sportfaciliteiten worden dan gebruikt door lokale sportverenigingen of buurtbewoners, waardoor zo optimaal mogelijk gebruik wordt gemaakt van de beschikbare ruimte en middelen. Een ander voorbeeld is het implementeren van moderne technologieën in het bewegingsonderwijs om de betrokkenheid van leerlingen te vergroten en hun lichamelijke activiteiten te volgen en te verbeteren. Voorbeelden hiervan zijn het gebruiken van tablets, camera’s en video’s in de gymles en beweeggames of videoregistratie aan te bieden.

▪ ▪

▪

Levensduurverlengende renovatie is in Hellendoorn een volwaardig alternatief en verlengt de levensduur van schoolgebouwen met minimaal 25 jaar. Renovatie heeft de voorkeur, als dit mogelijk is in combinatie met de onderwijsvisie. Energieneutraal bouwen is de ambitie voor nieuwbouw én levensduurverlengende renovatie en er wordt gestreefd naar Frisse Scholen klasse B. Voor alle projecten voortvloeiend uit dit IHP wordt eerst een plan opgesteld door het schoolbestuur en de gemeente. In het plan wordt een afweging gemaakt tussen BENG en ENG, renovatie en nieuwbouw. De afweging wordt gebaseerd op de te realiseren kwaliteit (duurzaamheid, onderwijsvisie), financiën (investering, kapitaallasten en exploitatie) en eventuele ruimtelijke aspecten (locatiekeuze, inpassing).

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

De gemeente Hellendoorn bestaat uit de kernen Daarle, Daarlerveen, Haarle, Hellendoorn, Nijverdal en enkele buurtschappen waaronder Egede, Rhaan en Marle. De ambitie is om aan ieder kind kwalitatief hoogstaand onderwijs en opvang nabij aan te bieden. Een passende organisatievorm, goede ketensamenwerking (onderwijs, opvang en zorg en welzijn), ouderbetrokkenheid en lokale betrokkenheid zijn voorwaarden om kwalitatief hoogstaand onderwijs en opvang in iedere kern aan te bieden en te kunnen blijven bieden. Naast een aanbod per wijk of kern en een goede spreiding speelt een divers aanbod van onderwijsdenominaties en onderwijsconcepten ook een rol. Gemeente en schoolbesturen streven naar het in stand houden en het versterken van onderwijsdiversiteit ten behoeve van keuzemogelijkheid voor ouders en voor kinderen de mogelijkheid tot verschillende ontwikkelroutes. Een goede spreiding van voorzieningen is van belang om de bereikbaarheid, de toegankelijkheid en de kwaliteit van onderwijsvoorzieningen te borgen. Binnen het IHP wordt gedacht in clusters van scholen waardoor een logische indeling bestaat op basis waarvan keuzes worden gemaakt over het behouden of het afstoten van gebouwen en over investeringen in nieuwbouw, vernieuwbouw of aanpassing van onderwijsvoorzieningen. Voor het definiëren van deze clusters gelden de volgende voorwaarden:

Highlights voor de huisvesting ▪

3.7 Aanbod per wijk/kern en in netwerkstructuur

▪

▪

De nabijheid van onderwijsvoorzieningen is van belang voor een goede en verkeersveilige bereikbaarheid voor kinderen en ouders. Hierbij worden onveilige verkeerssituaties of verkeersmatige obstakels zoveel mogelijk vermeden; Voor sommige voorzieningen is sprake van een gemeentebreed of regionaal karakter waarmee rekening wordt gehouden.

Dit IHP legt de focus op een gebiedsgerichte benadering bij het verkennen van verschillende scenario's voor schoolgebouwen binnen een specifiek gebied. De samenhang tussen de scholen wordt zorgvuldig beoordeeld, waarbij de visie op onderwijs en onderwijshuisvesting als leidraad dient. Het doel is om weloverwogen maatregelen te kiezen die in lijn zijn met de specifieke behoeften van het gebied en de betrokken scholen.

14/65

Onderstaand is een kaart van de gemeente Hellendoorn opgenomen met daarop de kindcentra-ontwikkeling geprojecteerd. De aanduidingen liggen in een bepaald gebied waarbinnen, op basis van de visie op onderwijs en onderwijshuisvesting, aan de ontwikkeling van scholen naar kindcentra wordt gedacht.

3.8 Van visie naar IHP De wettelijke zorgplicht van de gemeente en de gedeelde visie op onderwijs en onderwijshuisvesting vormen de basis voor het toekomstbeeld van de onderwijshuisvesting. De wettelijke zorgplicht heeft daarbij de prioriteit. De visie op onderwijs en onderwijshuisvesting is een gezamenlijk product van de gemeente Hellendoorn, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties en is richtinggevend voor het toekomstperspectief van de onderwijshuisvesting. In hoofdstuk 5 zijn de scholen en accommodaties voor het bewegingsonderwijs per gebied weergegeven, per schoolgebouw is een scenario beschreven.

Figuur 3 KC-ontwikkeling gemeente Hellendoorn

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

15/65

22 scholen met 25 locaties (speciaal) basisonderwijs, voortgezet (speciaal) onderwijs, speciaal onderwijs

4. Huidige situatie en ontwikkelingen

,

6 schoolbesturen en 2 kinderopvangorganisaties

Er zijn verschillende ontwikkelingen die leiden tot het aanpassen van onderwijshuisvesting. Bijvoorbeeld veranderingen in leerlingenaantallen, waardoor gebouwen te krap of te ruim zijn, of veroudering van de portefeuille. Dit hoofdstuk gaat dieper in op de demografische ontwikkeling en de omvang en staat van de huidige portefeuille.

,

4.572 kinderen (speciaal) basisonderwijs, voortgezet (speciaal) onderwijs, speciaal onderwijs

4.1 Leerlingenaantallen In de gemeente Hellendoorn zijn 19 scholen in het basisonderwijs, 1 school in het speciaal basisonderwijs, 1 school in het speciaal onderwijs, 1 school in het voortgezet onderwijs en 1 school in het voortgezet speciaal onderwijs. De school voor voortgezet speciaal onderwijs is verspreid over de gemeente op 3 locaties. Voor het voortgezet onderwijs wordt voor Reggesteyn een ‘vernieuwbouw’ aan de Noetselerbergweg gerealiseerd die naar verwachting in het schooljaar 2025 – 2026 in gebruik kan worden genomen. Naast de 6 schoolbesturen die actief zijn in de gemeente, hebben 2 kinderopvangorganisaties meegewerkt aan dit IHP. ▪

▪

Op peildatum 1 oktober 2023 gaan er in de gemeente Hellendoorn 2.908 leerlingen naar het (speciaal) basisonderwijs en speciaal onderwijs, 215 leerlingen naar het voortgezet speciaal onderwijs en 1.449 leerlingen naar het voortgezet onderwijs.1 Er zijn momenteel 2 scholen met een leerlingenaantal onder de opheffingsnorm (62 leerlingen), dit zijn de Jan Barbier school en De Marliaantjes. Beide scholen worden met de regeling voor de gemiddelde schoolgrootte2 in stand gehouden.

1 Volgens leerlingenprognoses, zie bijlage 2. 2 Op grond van artikel 143 WPO kunnen scholen waarvan het leerlingenaantal zich onder de

opheffingsnorm bevindt in stand worden gehouden wanneer de gemiddelde schoolgrootte van een bestuur ten minste 10/6e maal het gewogen gemiddelde van de opheffingsnormen van de gemeenten waarin het bestuur scholen heeft omvat.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

16/65

Ontwikkeling leerlingenaantallen ,

▪

▪

Tot en met 2029 wordt een stabiel aantal leerlingen in het speciaal (basis-) onderwijs en basisonderwijs verwacht. Vanaf 2030 is de prognose een groei naar totaal 3.383 leerlingen in 2038. In het voortgezet onderwijs vindt er momenteel een daling van het leerlingenaantal plaats. De daling zorgt tot 2035 in een afname van het aantal leerlingen van 11% t.o.v. 2024.

4.2 Ruimtesaldo In de grafiek hiernaast staat het ruimtesaldo weergegeven (peildatum 2024, o.b.v. leerlingenaantal 1-10-2023). Dit geeft aan of er een tekort (negatief ruimtesaldo) of een overschot (positief ruimtesaldo) aan vierkante meters (BVO) ruimte in de onderwijsgebouwen is (exclusief medegebruik). ▪

▪

▪

De normatieve ruimtebehoefte wordt conform de lokale verordening berekend. Deze voorziet in een vaste voet per vestiging en een variabel aantal vierkante meter per leerling. Schoolbesturen kunnen een aanvraag doen voor uitbreiding indien er sprake is van een structureel tekort, er voldaan is aan de drempelwaarde en er in schoolgebouwen in de omgeving geen ruimte beschikbaar is. De meeste gebouwen in de gemeente Hellendoorn beschikken echter over een overschot aan vierkante meters (groen). Een overschot heeft zowel positieve als negatieve effecten. Enerzijds beschikken bijna alle scholen daardoor namelijk over voldoende ruimte, anderzijds kunnen grote leegstanden voor structurele financiële tekorten op de huisvestingslasten bij schoolbesturen zorgen. Schoolbesturen krijgen namelijk een vergoeding per leerling en tekorten op de huisvesting gaan ten koste van andere (onderwijs)budgetten.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

17/65

Ruimtesaldo 2024 ,

▪

Scholen met een positief ruimtesaldo kunnen ruimtetekort hebben aan functionele oppervlakte. Dit komt voor als er bijvoorbeeld veel oppervlakte verloren gaat aan verkeersruimte, of andere ruimte, niet zijnde onderwijs vierkante meters.

4.3 Gebouwleeftijd De gemeente Hellendoorn schrijft de onderwijshuisvesting boekhoudkundig af in 60 jaar. Na een gebouwleeftijd van 40 jaar en ouder neemt de kans toe dat er sprake is van een dermate grote veroudering dat regulier onderhoud niet meer volstaat. In onderstaand overzicht is de leeftijdsopbouw van de portefuillle zichtbaar.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

18/65

De grafiek toont de leeftijd van alle schoolgebouwen in de gemeente Hellendoorn in leeftijdsgroepen. Hiermee wordt bedoeld het aantal jaar sinds de bouw of laatste levensduurverlengende renovatie. Er is een relatief grote groep oude gebouwen die (mogeljik) om een ingreep vragen. Van de 24 gebouwen zijn momenteel 10 gebouwen meer dan 40 jaar geleden gebouwd of voor het laatst levensduurverlengend gerenoveerd. De getoonde leeftijd betreft een indicatie voor de veroudering en staat van de portefeuille, het betreft uiteindelijk maatwerk per gebouw.

18/65

Perspectieven

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

19/65

5. Perspectief per gebouw

5.2 Huisvestingsmaatregelen In het IHP onderscheiden we de volgende type huisvestingsmaatregelen:

Voor elke school is op basis van de vastgestelde visie uit hoofdstuk 3 en de ontwikkelingen die beschreven zijn in hoofdstuk 4 een scenario opgesteld. In dit hoofdstuk wordt beschreven wat de criteria zijn voor een scenario, hoe de keuze tot stand komt en zijn de scenario’s per school weergegeven.

▪

In stand houden Bij dit scenario wordt er in de komende 25 jaar geen maatregel toegepast anders dan onderhoud door het schoolbestuur.

▪

Nieuwbouw Bij de keuze voor nieuwbouw wordt er op de huidige of een nieuwe locatie een gebouw gerealiseerd met een minimum levensduur van 40 jaar.

▪

Levensduurverlengend renoveren Bij levensduurverlengend renoveren wordt een bestaand gebouw gerenoveerd voor ten minste 25 jaar. Dit kan ook op een gedeelte van het gebouw van toepassing zijn, bijvoorbeeld voor een monumentaal gebouw in combinatie met nieuwbouw voor een ander gebouwdeel. Bij een levensduurverlengende renovatie is de ambitie om het gebouw te verduurzamen tot niveau ENG, met als ondergrens niveau BENG.

5.1 Wanneer komt een gebouw in aanmerking? De keuze om een gebouw levensduurverlengend te renoveren of te vervangen door nieuwbouw is een afweging op basis van verschillende aspecten zoals technische kwaliteit, functionele kwaliteit en de toekomstbestendigheid van de school. Bij een gebouw kan bijvoorbeeld de boekhoudkundige levensduur zijn verstreken, echter kan het gebouw functioneel aansluiten bij het onderwijs en technisch nog in goede conditie zijn. Wanneer een gebouw in aanmerking komt voor een huisvestingsmaatregel zijn er vaak meerdere van de volgende criteria van toepassing: ▪ ▪

▪ ▪ ▪

De afschrijvingstermijn van het gebouw is verstreken; Het gebouw voldoet niet meer aan de functionele eisen passend bij het onderwijsconcept en is niet met beperkte middelen door het schoolbestuur aan te passen; Het gebouw is met regulier onderhoud niet tot een redelijk kwaliteitsniveau te behouden (bijv. binnenklimaat of duurzaamheid); Het schoolbestuur heeft niet nalatig gehandeld en heeft gedurende de levensduur structureel onderhoud uitgevoerd aan het gebouw; De school voldoet aan de gewenste kwaliteit en is demografisch (leerlingenprognoses en opheffingsnorm) voldoende levensvatbaar voor de toekomst.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

20/65

5.2.1 De keuze voor een maatregel De keuze voor een specifieke maatregel kent maar beperkt harde criteria. Het betreft een afweging tussen verschillende criteria. Dit betreffen onder andere: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De technische staat van een gebouw; De mate waarin een gebouw functioneel aansluit bij het type onderwijs; De mogelijkheden van een bestaand gebouw om het functioneel aan te passen en te verduurzamen; De geschiktheid of omvang van de locatie; De boekwaarde van het gebouw.

De definitieve keuze wordt voorafgaand aan een project gemaakt in een plan.

5.3 Criteria plan Voor alle projecten voortvloeiend uit dit IHP wordt eerst een plan opgesteld door het schoolbestuur, de gemeente en kinderopvangorganisatie. In het plan wordt de huisvestingsmaatregel uitgewerkt en wordt ten minste een afweging gemaakt op: ▪ ▪ ▪

▪ ▪

Levensduurverlengende renovatie en nieuwbouw; Samenwerking en samenhang met andere scholen en accommodaties voor het bewegingsonderwijs in het betreffende gebied; Afweging op basis van circulariteit, mogelijk haalbare energieprestatie, onderwijsvisie, financiën (investering, kapitaallasten en exploitatie) en eventuele ruimtelijke aspecten (locatiekeuze, inpassing); Benodigde aanvullende m2’s voor inclusiever onderwijs binnen een reguliere school; Het te nemen programma voor kinderdagopvang, de financiering van dit programma en de toe te passen eigendoms- en beheerconstructie.

Indicatoren ruimtebehoefte In veel onderwijsgebouwen zijn er medegebruikers, bijvoorbeeld kinderopvang, een bibliotheek of een zorgorganisatie. Bij sommige organisaties is er sprake van dubbelgebruik, bijvoorbeeld als de buitenschoolse opvang gebruikmaakt van onderwijsruimte na schooltijd. In de grafiek met de ruimtebehoefte worden daarom de volgende gebruikers benoemd: ▪ ▪

Groen Dit betreft de normatieve ruimtebehoefte van de school; Grijs In het grijs staan medegebruikers met eigen ruimte, bijvoorbeeld kinderopvang of een bibliotheek. Medegebruikers met dubbelgebruik worden dus niet apart vermeld.

5.4.1 Energieprestatie (Weii)

De energieprestatie van een gebouw

5.4 Toelichting op de indicatoren Op de volgende pagina’s geeft dit IHP een samenvatting per schoollocatie. De pagina’s bevatten een aantal elementen: ▪ ▪ ▪ ▪

▪

▪

Een kaart waarop de ligging van de school in een bepaald gebied te zien is; Een beschrijving van de school, de leerlingenontwikkeling, de ruimtebehoefte, de kwaliteit en relevante ontwikkelingen; Een grafiek die de ruimtebehoefte en het normatieve ruimtesaldo weergeeft; Een beoordeling op kwaliteit van het gebouw. Hierbij zijn de beoordelingen op kwaliteit gebaseerd op de NEN 2767-schouwen per bouwdeel (en naar rato op basis van oppervlakte); Een beoordeling op financiën van de exploitatie. Zowel het MJOP als de verbruikslasten worden afgezet tegen benchmark exploitatielasten van ICSadviseurs, waaruit vervolgens een financiële beoordeling komt; Een beoordeling op duurzaamheid (energie), waarbij middels de verbruikscijfers via de Weii-methodiek een beoordeling wordt gegeven.

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

21/65

▪

▪

De Werkelijke Energie Intensiteit indicator (Weii) weergeeft de energieprestatie van een gebouw aan de hand van het energieverbruik en de oppervlakte van het gebouw. Een gebouw valt op basis van de energieprestatie in één van de zes getoonde klassen, van zeer onzuinig tot Paris Proof.

Weii-klassen Paris Proof Zeer zuinig Zuinig Gemiddeld Onzuinig Zeer onzuinig

Scenario’s Onderwijshuisvesting -Daarle-

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

22/65

CBS De Ark Daarle • Stichting Ieder kind telt Basisschool De Ark is gevestigd in Multifunctionele Accommodatie (MFA) De Ark. De Ark is gebouwd in 1977 en de school heeft in 2006 een uitbreiding en een renovatie gehad. Momenteel wordt de MFA gerenoveerd en bijna energieneutraal (BENG) gemaakt. Met de renovatie wordt ook de school voor een deel verplaatst in de MFA en voor een deel gesloopt. De ruimte voor de school is straks 1.230 m² BVO en is passend voor de school. Vanwege de lopende renovatie van het gebouw worden er geen maatregelen voorzien voor De Ark in de periode tot en met 2050. Op dit moment zijn er ongeveer 140 leerlingen op de school. Volgens de leerlingenprognose van Pronexus wordt verwacht dat dit aantal stabiel blijft richting 2038.

CBS De Ark Kwaliteit Financiën Weii:

Ruimtesaldo 2038: 431 m² bvo

Huisvestingsscenario In stand houden na renovatie (lopend project)

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

23/65

Scenario’s Onderwijshuisvesting -Daarlerveen-

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

24/65

PCBS De Veenbrug Daarlerveen • Stichting Ieder kind telt Door de gemeente Hellendoorn is vervangende nieuwbouw voor basisschool De Veenbrug op het programma voor 2023 geplaatst. Aan het schoolbestuur Ieder kind telt is door de gemeente budget toegekend voor de nieuwbouw. Het budget is volgens de verordening van de gemeente bepaald op basis van 102 leerlingen en een daarmee samenhangende ruimtebehoefte van 804 m² BVO. De nieuwe huisvesting is dan passend voor de school. Het bestaande schoolgebouw van De Veenbrug zal zo mogelijk pas worden gesloopt nadat het nieuwe schoolgebouw is gebouwd en in gebruik is genomen. Het nieuwe schoolgebouw wordt op hetzelfde perceel gebouwd naast het huidige schoolgebouw. Deze ontwikkeling is momenteel gaande. Vanwege de vervangende nieuwbouw worden er geen maatregelen voorzien voor De Veenbrug in de periode tot en met 2050, anders dan het in stand houden van het gebouw.

De Veenbrug

Kwaliteit Financiën Weii: Ruimtesaldo 2038: 56 m² bvo

Huisvestingsscenario In stand houden na oplevering vervangende nieuwbouw (lopend project)

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

25/65

Scenario’s Onderwijshuisvesting -Haarle-

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

26/65

RKBS Op Weg Haarle • Stichting Katholiek Onderwijs Twenterand Basisschool Op Weg is gevestigd in een gebouw dat in 1971 is gebouwd. De oppervlakte van het gebouw bedraagt 1.462 m² BVO. Op basis van de 130 leerlingen die momenteel op de school zitten is er sprake van een fors ruimteoverschot van ongeveer 600 m² BVO. Van dit ruimteoverschot wordt 67 m² BVO door SPGH voor de peuteropvang gebruikt. Volgens het schoolbestuur is de leegstand in het gebouw voornamelijk te vinden in de centrale hal en de kantoren voor ondersteuning en zorg. Over het algemeen beschouwt het schoolbestuur de kwaliteit van het gebouw als redelijk. Deze gemiddelde beoordeling is voornamelijk gebaseerd op matige scores met betrekking tot de technische staat van de installaties, de functionaliteit van de faciliteiten en het schoolplein, en een matige beoordeling van het binnenklimaat. De aanhoudende structurele leegstand, de gebouwkwaliteit en de ouderdom van het gebouw zijn aanleiding voor een maatregel op termijn.

Op Weg Kwaliteit

Financiën Weii: Zuinig Ruimtesaldo 2038: 533 m² bvo

Huisvestingsscenario Onderzoek: Het plan omvat allereerst een technische evaluatie op termijn van het gebouw door het schoolbestuur in samenwerking met de gemeente. Afhankelijk van de uitkomsten van de technische evaluatie wordt een onderzoek uitgevoerd naar renovatie en de mogelijkheid om overtollige ruimte af te stoten, vervangende nieuwbouw. 2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

27/65

Scenario’s Onderwijshuisvesting -Egede, Rhaan, Marle-

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

28/65

Jan Barbier school Hellendoorn • Stichting Ieder kind telt De Jan Barbier School is gevestigd in een gebouw dat in 1932 is gebouwd en vervolgens gerenoveerd en uitgebreid volgens de toen geldende normen in 2006, met een verdere uitbreiding in 2010. De oppervlakte van het gebouw bedraagt 697 m² BVO. Op basis van het aantal leerlingen die momenteel op de school zitten is er sprake van een fors ruimteoverschot van ongeveer 350 m² BVO. Over het algemeen beoordeelt het schoolbestuur de kwaliteit van het gebouw als matig tot redelijk. Deze gemiddelde beoordeling wordt voornamelijk beïnvloed door slechte tot matige scores op het gebied van de technische staat van het gebouw en de installaties, de functionaliteit van de klaslokalen en faciliteiten, evenals de matige beoordeling van het binnenklimaat. Bovendien is verkeersveiligheid bij deze school een belangrijk aandachtspunt.

Jan Barbier school

Kwaliteit Financiën Weii: Gemiddeld Ruimtesaldo 2038: 266 m² bvo

Huisvestingsscenario Onderzoek. Schoolbesturen Ieder kind telt en SCOT werken momenteel samen aan een onderzoek naar de mogelijkheid voor het realiseren van toekomstbestendig onderwijs in de kleine kernen en buurtschappen Egede, Rhaan en Marle. Dit onderzoek levert richtinggevende informatie op over hoe om te gaan met de gebouwen. 2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

29/65

De Marliaantjes Hellendoorn • Stichting Christelijk Onderwijs Twenterand e.o. Basisschool De Marliaantjes is gevestigd in een gebouw dat in 1977 is gebouwd. De oppervlakte van het gebouw bedraagt 659 m² BVO. Op basis van het leerlingenaantal is er sprake van een fors ruimteoverschot van ongeveer 200 m² BVO. Over het algemeen beoordeelt het schoolbestuur de kwaliteit van het gebouw als matig tot redelijk. Deze gemiddelde beoordeling wordt voornamelijk beïnvloed door slechte tot matige scores op het gebied van de technische staat van het gebouw en de installaties en de slechte beoordeling van het binnenklimaat. Daarnaast is verkeersveiligheid een belangrijk aandachtspunt. De school bevindt zich aan de doorgaande weg Hammerweg, wat extra waakzaamheid vereist bij het brengen en ophalen van leerlingen om onveilige situaties te voorkomen.

De Marliaantjes Kwaliteit

Financiën Weii: Gemiddeld Ruimtesaldo 2038: 228 m² bvo

Huisvestingsscenario Onderzoek. Schoolbesturen Ieder kind telt en SCOT werken momenteel samen aan een onderzoek naar de mogelijkheid voor het realiseren van toekomstbestendig onderwijs in de kleine kernen en buurtschappen Egede, Rhaan en Marle. Dit onderzoek levert richtinggevende informatie op over hoe om te gaan met de gebouwen. 2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

30/65

Scenario’s Onderwijshuisvesting -Hellendoorn-

2230008/20240327Lke01 | www.icsadviseurs.nl

31/65

Basisschool De Es Hellendoorn • Stichting Ieder kind telt Basisschool De Es is gevestigd aan de Noord Esweg in Hellendoorn. Het schoolgebouw dateert van omstreeks 1930 en is aangemerkt als beeldbepalend pand. In 1991 heeft de school een uitbreiding gehad, het gebouw is met deze uitbreiding niet gerenoveerd. Het gebouw heeft een oppervlakte van 990 m² BVO, deze capaciteit is onvoldoende voor het huidige en het voor de toekomst geprognosticeerde aantal leerlingen in de periode tot en met 2038. In de school wordt peuteropvang aangeboden door SPGH waarvoor onderwijsruimte in dubbel gebruik wordt gebruikt. Het schoolbestuur heeft de school in 2018 van binnen gerenoveerd en ook het dak geïsoleerd. Het schoolbestuur heeft de gebouwkwaliteit als matig tot goed beoordeeld. Met name aspecten als de technische staat van de buitenkant, de temperatuur in het gebouw en de verkeersveiligheid worden matig beoordeeld en verdienen aandacht. Begin 2024 heeft het schoolbestuur een aanvraag ingediend voor uitbreiding van de school met 330 m². Met de toevoeging van deze oppervlakte is de school passend voor het aantal leerlingen van de school.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13999704/1