CConstaterende datHellendoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

20251028 BB Koersdocument raad

Gemeenteraad 25 november 2025, gemeente HellendoornBij agendapunt: Koersdocument Hellendoorn 204018.509 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

11 alinea's met “bijeenkomst”: 310 318 325 327 328 336 338 341 342 344 347

7.2.1 Kansengelijkheid voor iedereen Hellendoorn kent van oudsher een sterke gemeenschapszin. Die verbondenheid willen we behouden en versterken in een tijd waarin de samenleving verandert. Vergrijzing, de uitstroom van jongeren en de komst van nieuwe inwoners stellen onze leefbaarheid, voorzieningen en sociale cohesie op de proef. Om toekomstbestendig te blijven, werken we samen aan een inclusieve gemeente waarin iedereen zich welkom en veilig voelt. Ambitie 14: Iedereen heeft dezelfde mogelijkheden om zich te ontwikkelen en deel te nemen aan de samenleving – op school, op de arbeidsmarkt en in de eigen woonomgeving. Kansengelijkheid betekent dat de plek waar je geboren bent, je achtergrond of inkomen niet mag bepalen welke kansen je krijgt. Wonen is de basis voor kansengelijkheid. We creëren een gevarieerd woningaanbod, zodat jong en oud, starter en senior, samen in de kernen kunnen wonen. Ook ontwikkelkansen en werk zijn belangrijke speerpunten. Daarmee versterken we de lokale economie én de persoonlijke zelfstandigheid. Samen met ondernemers en onze maatschappelijke partners realiseren we aan een toekomst waarin iedereen mee kan doen. Ambitie 15: We streven naar financiële bestaanszekerheid voor iedereen We stimuleren inwoners om gebruik te maken van regelingen waardoor zij over voldoende middelen beschikken om te voorzien in hun basisbehoeften.

We ondersteunen waar nodig en investeren ongelijk om gelijke kansen te creëren. Tot slot verbeteren we vanuit onze strategische visie op het maatschappelijk en sociaal domein onze integrale aanpak in het sociaal domein om inwoners nog beter te ondersteunen en ervoor te zorgen dat iedereen naar eigen vermogen kan meedoen in de samenleving.

7.2.2 Noaberschap en sociale basis Noaberschap is de kern van onze Hellendoornse gemeenschap. Het gaat om omzien naar elkaar, elkaar helpen en het gevoel hebben dat je erbij hoort. Ambitie 16: We bouwen voort op de kracht van de samenleving De komende jaren bouwen we voort op het Noaberschap. We versterken de sociale basis door te investeren in sterke netwerken, plekken van ontmoeting en wederkerige 31

betrokkenheid. Onze stip op de horizon is een samenleving waarin inwoners vanzelfsprekend naar elkaar omzien, samen activiteiten organiseren en steun vinden in hun omgeving. We stimuleren initiatieven die daaruit voortkomen, en ondersteunen inwoners om ze te realiseren. De gemeente blijft faciliterend en verbindend, maar de kracht ligt bij de mensen zelf. We koesteren de bestaande verbondenheid en geven ruimte aan vernieuwing.

Uit de vragenlijst voor de inwoners:

‘Noaberschap, omzien naar elkaar versterken’. ‘Ik hoor wel dat er mensen eenzaam zijn. Er moet hulp komen bij verbinding leggen tussen buurtbewoners.’

We stimuleren vrijwilligerswerk en mantelzorg, want zij vormen de ruggengraat van onze samenleving. Met ons vrijwilligersbeleid zetten we gericht in op het behoud, de waardering en ondersteuning van vrijwilligers. We helpen via onze netwerkpartners organisaties bij het vinden en binden van nieuwe vrijwilligers, zodat ook toekomstige generaties bijdragen aan een sterke sociale basis. De sociale basis is ook een basis voor veiligheid en vertrouwen. Door elkaar te kennen en samen te werken aan gemeenschapskracht, voorkomen we isolement en versterken we het gevoel van veiligheid. Jongeren krijgen daarbij extra aandacht, zodat de traditie van noaberschap ook in de toekomst blijft bestaan.

7.2.3 Alles voor iedereen toegankelijk en bereikbaar Een inclusieve gemeente vraagt dat voorzieningen voor iedereen toegankelijk en bereikbaar zijn – fysiek, digitaal en sociaal. Ambitie 17: We zorgen ervoor dat voorzieningen voor iedereen toegankelijk en bereikbaar zijn – fysiek, digitaal en sociaal We zorgen dat inwoners gemakkelijk gebruik kunnen maken van scholen, winkels, zorg, sportvoorzieningen en ontmoetingsplekken. Waar voorzieningen onder druk staan, zoeken we samen met partners naar toekomstbestendige alternatieven, zoals multifunctioneel gebruik van gebouwen of combinaties van functies. Gematigde groei kan ertoe leiden dat er voldoende draagvlak blijft voor voorzieningen, zoals basisscholen, huisartspraktijken en lokale winkels. Daarbij realiseren we ons dat we als gemeente op veel voorzieningen geen directe invloed hebben. Bij nieuwe woningbouw en herstructurering houden we nadrukkelijk rekening met doelgroepen: we zorgen dat voorzieningen en openbaar vervoer op passende afstand bereikbaar zijn, met name voor ouderen en minder mobiele inwoners, of dat er alternatieven zijn.

32

Digitale toegankelijkheid krijgt aandacht. We stimuleren via onze netwerkpartners digitale vaardigheden en zorgen dat gemeentelijke informatie en dienstverlening begrijpelijk en gebruiksvriendelijk zijn voor iedereen.

Uit de vragenlijst voor de inwoners:

‘Blijf klantvriendelijk. Denken in mogelijkheden en zet eigen burgers op 1, zodat we ook de gelukkigste inwoners blijven’

7.2.4 Positieve gezondheid Positieve gezondheid is niet de afwezigheid van ziekte, maar “een toestand van compleet lichamelijk, mentaal en sociaal welzijn”. Het gaat erom dat mensen zich kunnen aanpassen aan veranderingen en zoveel mogelijk zelf de regie houden over hun leven. Daarbij gaat het niet alleen om het lichaam, maar ook om hoe iemand zich voelt, wat hij of zij kan doen, en of iemand zich verbonden voelt met anderen en met de omgeving. Hellendoorn zet daarbij in op preventie (het voorkomen van ziekten), bevordering van een gezonde levensstijl en het ondersteunen van kwetsbare groepen. Positieve gezondheid heeft een nauwe relatie met thema’s als leefomgeving, sociale verbinding en eigen kracht van inwoners: gezondheid is verweven met meedoen en leven in een veilige, ondersteunende omgeving.

Ambitie 18: We werken aan een leefomgeving die een gezonde levensstijl bevorderd

Dat is een leefomgeving die uitnodigt om vaker naar buiten te gaan, een ommetje te maken en te voet of met de fiets boodschappen te doen. Een leefomgeving waarin het vanzelfsprekend is om met de fiets naar school of naar het werk te gaan. En een leefomgeving met voldoende sportmogelijkheden. In zo’n leefomgeving laat je de auto wat vaker laat staan. Wat op zijn beurt weer bijdraagt aan schonere lucht.

Uit het gesprek met de stakeholders: ‘De gezonde leefomgeving is een omgeving waarin mensen zich fijn voelen. Wat hebben mensen nodig om elkaar te ontmoeten en zich goed te voelen? Dat is voor iedereen anders. Het gedachtegoed van positieve gezondheid zou sterker neergezet kunnen worden’.

33

7.3 Vitaal buitengebied Het buitengebied van Hellendoorn is van grote waarde voor de leefbaarheid, economie en identiteit van onze gemeente. Het is een gebied waar landbouw en natuur elkaar ontmoeten, waar het landschap onze cultuur en geschiedenis vertelt en een plek waar mensen wonen, werken en recreëren. Het is ook een gebied dat zich onder andere door de bodem kenmerkt door verscheidenheid.

7.3.1 Goed rentmeesterschap In ons buitengebied komen nu en de komende 15-25 jaar verschillende ontwikkelingen bij elkaar. Het is een gebied dat in verandering is. We weten dat verschillende belangen – zoals landbouw, natuur, woningbouw, energieproductie en recreatie – er met elkaar kunnen gaan schuren. Dat roept vragen op als ‘Hoeveel ruimte vraagt de groeiopgave?’ ‘Hoeveel ruimte heeft de landbouw in de toekomst écht nodig? Hoe kunnen we landbouw combineren met natuur, recreatie, wonen en wellicht andere economische functies? En wat betekent dit voor het landschap? We willen die vragen open een zorgvuldig beantwoorden, samen met boeren, grondeigenaren en inwoners. Ambitie 19: We geven de kracht van het landschap en onze cultuurhistorie door aan volgende generaties We koesteren de cultuurhistorische waarden in onze dorpen en het buitengebied. Landschap en erfgoed zijn, net als groen en water, belangrijke aspecten bij de ontwikkeling van nieuwe woongebieden en voorzieningen. Dat betekent dat we zorgvuldig omgaan met de locatiekeuze, schaal en uitstraling van nieuwe ontwikkelingen, zodat het karakter van het landschap behouden blijft.

Dit rentmeesterschap is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle bij de natuur, het landschap en het buitengebied betrokken partijen: de gemeente, andere overheden, natuurorganisaties, ondernemers, agrarische collectieven, terreinbeheerders en inwoners. Dit rentmeesterschap is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle bij de natuur, het landschap en het buitengebied betrokken partijen: de gemeente, andere overheden, natuurorganisaties, ondernemers, agrarische collectieven, terreinbeheerders en inwoners.

Ambitie 20: We brengen de huidige staat van ons buitengebied in beeld Om goed onderbouwde keuzes te kunnen maken, voeren we een inventarisatie van de huidige staat van het buitengebied uit. Doel van deze inventarisatie is het verkrijgen van een actueel, integraal totaalbeeld van de situatie in het buitengebied. De actualisatie gaat naast landbouw ook over de natuur, toerisme enzovoort. Deze nulmeting levert input bij het maken van definitieve keuzen in de Omgevingsvisie Hellendoorn 2040 en vormt de gezamenlijke basis voor de nadere beleidsuitwerking voor een vitaal platteland.

34

Figuur 21: Welke kansen zie je voor de verbetering van ons platteland (resultaat vragenlijst inwoners)

Ambitie 21: In 2040 is ons buitengebied een vitaal landelijk gebied waar mensen goed kunnen leven, boeren en ondernemers kunnen ondernemen, de natuur tot bloei komt en waar recreanten welkom zijn Uiteindelijk werken we toe naar een duurzame balans tussen mens, natuur en economie in ons buitengebied. Hoe dat eruit zal zien, weten we nu nog niet. Maar we maken de keuzen niet alleen. Dat doen we met alle betrokken partijen.

Uit het gesprek met boeren:

‘Integraal kijken naar de gebieden en gebiedsgericht werken. Kijk ook hier naar mogelijkheden om het met elkaar te doen. Agrariërs participeren, zijn belangrijke beheerders van het landschap en leveren daaraan een positieve bijdrage”.

7.3.2 Boeren met toekomst

De leefbaarheid van het platteland is sterk verweven met de landbouw en agrarische activiteiten. Boeren vormen er een onmisbare schakel in het gemeenschapsleven. Ze produceren voedsel, zorgen voor werkgelegenheid en bieden soms ook ruimte aan sociale functies. Maar voor de boeren verandert er veel. Ze hebben en krijgen steeds meer te maken met strengere regels voor natuur, klimaat en water. Ze krijgen ook te maken met uitbreiding van de dorpen. 35

Uit de vragenlijst voor de inwoners:

‘Leefbaarheid buitengebied mèt agrarische bedrijven.’

Ambitie 22: Toekomstbestendige landbouw Een belangrijke voorwaarde om de boeren te behouden, is dat ze hun boterham kunnen blijven verdienen. We dragen daaraan bij door de woningbouwopgave te concentreren in en rond de kernen, ruimte te bieden voor innovatie, voor nevenactiviteiten en door maatwerk. We stimuleren initiatieven waarin landbouw, natuur en recreatie elkaar versterken. Extensieve en natuurinclusieve vormen van landbouw zien we daarbij niet als vervanging van traditionele bedrijven, maar als waardevolle aanvulling binnen een veelzijdige sector. We erkennen dat de weg naar een toekomstbestendige bedrijfsvoering voor elke ondernemer anders is. Ze pakken elk kansen en maken hun afwegingen. Onze boeren hebben ook al veel geïnnoveerd. En steeds meer boeren produceren niet meer alleen voedsel, ook natuur- en landschapsbeheer zijn onderdeel geworden van hun economische activiteit. We willen onze boeren ondersteunen in plaats van voorschrijven wat ze moeten doen: met voorspelbare regels, hulp bij vergunningen en in samenwerking met provincie en Rijk. We zetten daarbij in op behoud lokale familiebedrijven. We kijken hoe we grote bedrijven van buiten, zonder enige binding met onze gemeente, buiten kunnen houden.

Eerste verkenning ruimtebehoefte woningbouwopgave In deze verkenning gaan we er allereerst vanuit dat we minimaal 1.000 woningen binnen de bestaande dorpen realiseren. Ten tweede gaan we ervan uit dat we de woningen niet verspreid over het buitengebied realiseren maar aan de bestaande kernen. In die situatie is er tot 2050 ruimte nodig voor 4.000 woningen. Zetten we dat aantal af tegen een gemiddeld aantal van 25 te bouwen woningen per hectare (landelijk bouwen) dan is daarvoor 160 hectare grond nodig. Voor onze bedrijven is en de werkgelegenheid in de kernen is 15 hectare nodig tot 2050. In totaal gaat de ruimtevraag dan om 175 hectare. Omdat we ook rekening moeten gaan houden met bijvoorbeeld spuitzones en ook ruimte willen creëren voor nieuwe economische functies in het buitengebied, ronden we de ruimtebehoefte af op 200 hectare. Dat is 2 vierkante kilometer. Dat zou betekenen dat het aandeel landbouwgrond de komende 25 jaar afneemt van 7.783 naar 7.583 hectare. Een afname van 2,5%. De bebouwing neemt toe tot 1.173 hectare. Dat is een toename van 21% ten opzichte van het huidige bebouwde oppervlak. Daarvan zal een deel vooral een overgangszone zijn tussen de dorpen en het landbouwgebied. Procentueel neemt het aandeel landbouwgrond af met 1,5%. Of dat daadwerkelijk tot problemen leidt is afhankelijk van de behoefte aan landbouwgrond de komende 25 jaar.

Uit de inventarisatie van het buitengebied zal blijken waar het schuurt. Totale oppervlakte: 13.899 ha.

Landbouw

Natuur

Gebouwen

Water

1

Huidig ruimtegebruik ha.

7.783

4.865

973

139

2

Huidig ruimtegebruik

56%

35%

7%

1% 139 1%

3

Ruimtegebruik 2050 ha.

7.583

4.865

1.173

4

Ruimtegebruik 2050

55%

35%

8%

Figuur 22: Eerste verkenning ruimtebehoefte woningbouw

36

Een grote zorg van onze boeren is hoe de groei van het aantal inwoners, de bouw van 5.000 woningen en de ruimtevraag van de zittende bedrijven zich verhouden tot de ruimte die zij nodig hebben om goed te kunnen boeren. Een eerste stap om daar inzicht in te krijgen is te berekenen hoeveel ruimte er extra nodig is die woningen te realiseren. In figuur 21 is daarvoor een eerste verkenning opgenomen.

7.3.3 Bloeiende natuur en gezonde ecosystemen De natuur in Hellendoorn is veelzijdig en waardevol – van de Sallandse Heuvelrug tot de groene beekdalen tot het veen. Toch staat de kwaliteit van onze natuur onder druk, onder meer door verdroging, versnippering en stikstofuitstoot.

Uit de vragenlijst voor de inwoners:

‘Behoud onze groene omgeving, dat is het kenmerk van Hellendoorn.’

Ambitie 23: We willen dat onze natuurgebieden bloeien en de biodiversiteit toeneemt, met gezonde ecosystemen die bijdragen aan klimaatbestendigheid, gezondheid en recreatie. De huidige ruimte voor natuur blijft behouden. Onze inzet is gericht op het versterken van de natuur en de maatschappelijke waarde ervan te vergroten. We versterken bestaande natuur door herstelmaatregelen en biodiversiteitsbevordering. We kunnen de maatschappelijke waarde vergroten door de natuur te betrekken bij recreatie, educatie en lokale economie. We zorgen ervoor dat inwoners kunnen genieten van het buitengebied en de bereikbaarheid geoptimaliseerd wordt door (veilige) fietsroutes. Ambitie 24: Boeren die dat willen kunnen een betaalde bijdrage leveren aan herstel, bescherming én versterking van de natuur. We erkennen dat landbouw en natuur niet per definitie tegenpolen zijn. Extensieve landbouw, houtwallen en bloemrijke akkerranden dragen ook bij aan natuurkwaliteit. Boeren zijn belangrijke partners bij het beheer van het landschap en verdienen waardering en compensatie voor hun inzet. De landbouw is niet alleen een productiesector, maar wordt ook steeds meer een betaalde beheerder van natuur en landschap.

37

7.4 Toekomstbestendig ontwikkelen Alles wat we nu doen, kan gevolgen hebben voor de toekomst. Niet alleen richting 2040 maar ook ver daarna. Door toekomstbestendig en duurzaam te ontwikkelen houden we rekening met die gevolgen.

Uit de vragenlijst voor inwoners:

‘Meer verduurzamen, maar zonnepanelen op bestaande daken, niet in weilanden.’ ‘Geen windmolens in ons mooie dorp.’

Toekomstbestendig ontwikkelen betekent dat je bij het kiezen van plekken voor bepaalde functies en het bouwen of inrichten van gebieden al rekening houdt met die toekomst. Het gaat erom dat iets ook over twintig of meer jaar nog goed werkt en past bij wat mensen dan nodig hebben. Denk bijvoorbeeld aan levensloopbestendige woningen die geschikt blijven voor jong en oud. Denk aan maatschappelijke accommodaties en gebouwen die energiezuinig zijn, of wijken die kunnen omgaan met extreem weer. Je kijkt niet alleen naar wat nu nodig is, maar ook naar wat later belangrijk wordt. Duurzaam ontwikkelen richt zich meer op keuzes en ontwikkeling die de aarde zo min mogelijk belasten. Door bijvoorbeeld het hergebruiken van materialen en het gebruik van hernieuwbare energiebronnen zoals zonne- en windenergie.

7.4.1 Goed ondernemersklimaat voor maakindustrie, innovatie, toerisme en recreatie Een goed ondernemersklimaat is een omgeving waarin ondernemers kunnen starten, groeien en innoveren. Ze moeten er voldoende klanten, bezoekers en werknemers kunnen aantrekken. Daarvoor is letterlijk en figuurlijk ruimte nodig om een bedrijf te ontwikkelen. In Hellendoorn is geen ruimte meer voor grootschalige bedrijventerreinen en vakantieparken. We zoeken wel naar slimme oplossingen om onze lokale bedrijven en ondernemers te behouden (zie Werkgelegenheid de kernen). We onderzoeken ook hoe we onze dienstverlening naar onze ondernemers verder kunnen verbeteren. Ambitie 25: We gaan de bestaande werklocaties op ‘t Lochter beter benutten In de REB 2025 wordt het beter benutten van de bestaande bedrijventerreinen in de regio als één van de speerpunten voor economische groei beschreven. Met name op ’t Lochter 1 zou herstructurering en intensivering plaats moeten vinden. We werken samen met de ondernemers en de regio om daar plannen voor te maken.

38

Ambitie 26: We bieden ruimte aan de ontwikkeling van de Ten Cate campus en de innovatieomgeving rondom het stationsgebied Nijverdal We leveren daarmee een bijdrage aan het nieuwe economische profiel van de regio Twente en stimuleren de groei van de werkgelegenheid. Ambitie 27: We willen het toerisme gebruik laten maken van en laten bijdragen aan de lokale kwaliteiten — natuur, landschap, identiteit — zónder dat die kwaliteiten onder druk komen te staan We zijn een levendige gemeente met een bloeiende vrijetijdseconomie. Samen met alle betrokkenen zorgen we voor de juiste balans tussen economische activiteiten, natuur en beleving. We koesteren onze groene verbindingen tussen de kernen en het nationaal park. Ons verblijfs- en dagrecreatief aanbod is kwalitatief sterk. Het aanbod sluit aan op het verbeteren van het welzijn van bezoekers, waarbij plezier, ontspanning en respect voor de natuur hand in hand gaan. We zetten in op kwaliteitsimpulsen en het selectief uitbreiden van het aanbod. We versterken de balans tussen natuur en ondernemerschap. Deze ambitie vraagt ook om ruimte in het buitengebied. De inventarisatie buitengebied biedt straks de basis om het gesprek over de balans tussen natuur, landbouw, toerisme, de energietransitie en wonen in het buitengebied te voeren (zie opgave 3: vitaal buitengebied).

Daarna kunnen we passende keuzes maken over toeristische initiatieven in het buitengebied. Ambitie 28: We streven naar behoud van de milieukwaliteit in onze gemeente Een gezonde leefomgeving vanuit milieuperspectief is een omgeving waarin mensen kunnen wonen, werken en recreëren zonder dat de kwaliteit van lucht, water, bodem of geluid hun gezondheid schaadt. Vooralsnog is de milieuoverlast binnen onze gemeente beperkt. We scherpen de milieunormen voor geur, geluid en luchtkwaliteit daarom voorlopig niet aan. Wel zullen we de ontwikkelingen monitoren. Een opgave die steeds vaker wordt geagendeerd de blootstelling van mensen aan gewasbestrijdingsmiddelen. Met name mensen die dichtbij landbouwgrond wonen waar ze gebruikt worden, maken zich zorgen over hun gezondheid, vooral bij langdurige blootstelling. Een spuitzone zou oplossing kunnen bieden. Het is een strook grond tussen landbouwpercelen waar gewasbeschermingsmiddelen (zoals bestrijdingsmiddelen) worden gebruikt en plekken waar mensen wonen, spelen of recreëren. De zone moet voorkomen dat deze middelen zich verspreiden naar woningen, tuinen, scholen of natuurgebieden. Bij nieuwe ruimtelijke plannen zoals woningbouw aan de randen van de bestaande kernen, moet daarom goed worden gekeken naar afstand, gebruik van middelen en beschermende maatregelen.

39

7.4.2 Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit Hellendoorn is goed bereikbaar door haar ligging dicht bij de snelwegen A1, A35 en de provinciale N35 (zie Wiki van Hellendoorn 2025). Deze wegen verbinden de Hellendoorn met de Deventer, Zwolle, Twente en Duitsland. Wat betreft openbaar vervoer is Hellendoorn aangesloten op het regionale trein- en busnetwerk. In Nijverdal en Daarlerveen zijn treinstations. Vanuit Nijverdal kan gemakkelijk gereisd worden naar steden als Zwolle, Almelo en Enschede. Het station Daarlerveen is onderdeel van de route van Almelo naar Mariënberg. Hierdoor is Hellendoorn aantrekkelijk voor mensen die in de stad werken maar graag landelijk wonen, voor recreanten en de maakindustrie. Ambitie 29: Het mobiliteitsnetwerk groeit mee met de groei van het aantal inwoners van Hellendoorn We streven ernaar dat alle bestemmingen in de gemeente Hellendoorn voor autoverkeer goed bereikbaar zijn. Het is belangrijk dat de bereikbaarheid van Hellendoorn goed blijft, ook wanneer de bevolking in onze gemeente en de regio verder groeit. De ontwikkeling van de regio Twente vraagt om een verbreding van de N35, ook als Hellendoorn zelf niet zou uitbreiden. Op dit moment is de N35 deels nog een tweebaansweg. Sommige delen worden al verbeterd vanwege de toenemende verkeersdrukte, maar om de bereikbaarheid in de toekomst op peil te houden, zijn extra maatregelen nodig.

Daarnaast is het behoud van het intercitystation in Nijverdal essentieel. Dit station zorgt voor een snelle verbinding met de regio en de rest van het land en is daarmee een belangrijke voorwaarde voor de bereikbaarheid van onze woon- en werkgebieden op de lange termijn. Ambitie 30: We zetten in op gezond en duurzaam vervoer Natuurlijk mag je de auto gebruiken in Hellendoorn. Maar door het aanbieden van goede alternatieven proberen we het autogebruik op korte afstanden te ontmoedigen. Dat draagt bij aan positieve gezondheid en leidt tot verbetering van de milieukwaliteit (CO2 en stikstofreductie). We zetten in op snelle, veilige en comfortabele routes voor de fiets in combinatie met en voldoende ruimte voor fietsparkeren en -opladen. We willen ook de voetgangersvoorzieningen verbeteren. En we denken na over het aanscherpen van de parkeernormen. Dat laatste heeft niet alleen effect op het autogebruik, maar biedt ook meer mogelijkheden de schaarse ruimte voor andere functies te benutten. Ten behoeve van een goede milieukwaliteit stimuleren we deelauto’s en elektrisch rijden.

7.4.3 Energietransitie In Nederland wordt nog steeds veel energie opgewekt uit fossiele brandstoffen zoals aardgas, olie en steenkool. Het gebruik van deze energie zorgt voor veel CO₂-uitstoot. En CO₂-uitstoot draagt bij aan klimaatverandering. Daarom moeten we in Nederland het gebruik van fossiele brandstoffen verminderen. Dat kan door thuis minder energie te verbruiken. Maar dat alleen is onvoldoende. De energietransitie is de overstap naar energie uit duurzame bronnen, zoals zon, wind en warmte uit de aarde. Dit betekent dat we anders moeten gaan denken over hoe we 40

energie opwekken, gebruiken en opslaan. Het is een ingewikkelde opgave, waarbij techniek, ruimte, kosten én gedrag van mensen belangrijk zijn. Ambitie 31: We streven ernaar om in 2050 energieneutraal te zijn Dat betekent dat we dan evenveel duurzame energie opwekken als we gebruiken. Daarmee bedoelen we niet dat alle energie die we verbruiken ook lokaal moet worden opgewekt. De provincie Overijssel heeft de rol van regisseur van de regionale energietransitie op zich genomen. Ze verbindt partijen, wijst zoekgebieden aan, bewaakt de ruimtelijke kwaliteit en stimuleert duurzame initiatieven. Ambitie 32: We bouwen aan een betrouwbare en toekomstbestendige energievoorziening We zetten in op een duurzame energievoorziening die past bij de lokale omgeving en bijdraagt aan een energieneutraal Hellendoorn. Daarbij bieden we ruimte aan initiatieven die schone energie opwekken (liefst in combinatie met energieopslag), zodat vraag en aanbod beter op elkaar aansluiten. We ondersteunen inwoners en bedrijven bij verduurzaming van hun vastgoed. We werken waar mogelijk mee aan initiatieven uit de samenleving voor collectief eigendom van energiebronnen. En we geven invulling aan onze verantwoordelijkheden bij de warmtetransitie (de overgang van aardgas naar duurzame warmte).

Uit de vragenlijst voor inwoners:

‘Particuliere initiatieven t.a.v. verduurzamen toejuichen i.p.v. afwijzen op basis van verouderde wetten en beleid.’

7.4.4 Klimaatadaptatie

Het klimaat verandert. We krijgen steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden, zoals hitte, droogte en hevige regenval. Het verdrogen van de bodem vormt daarbij een grote zorg. De gevolgen van deze klimaatverandering zijn merkbaar in onze kernen en wijken, maar ook in de landbouw, de natuur en de infrastructuur. Klimaatadaptatie is de opgave om onze leefomgeving zo in te richten dat we beter kunnen omgaan met deze veranderingen. De bestaande omgeving is daar vaak nog niet goed op voorbereid. Daardoor kunnen er problemen ontstaan, zoals schade aan gebouwen, onveilige situaties en gezondheidseffecten bij hitte. Ambitie 33: We bouwen klimaatadaptief en natuurinclusief We willen niet alleen dat (nieuwe) woningen, bedrijven en openbare ruimtes goed zijn voorbereid op het veranderende klimaat maar ook dat ze bijdragen aan de natuur. Daarmee bedoelen we dat ze meer ruimte geven aan planten en dieren. Dat betekent dat we initiatiefnemers uitdagen om klimaatadaptief en natuurinclusief te bouwen. We ondersteunen klimaatadaptieve maatregelen van inwoners en bedrijven. 41

In nieuwe plannen en in het straatbeeld zie je dat bijvoorbeeld terug in groene daken en gevels die regenwater opvangen en verkoeling brengen of in bomen, kleurrijke bermen en groenstroken die zorgen voor schaduw en biodiversiteit. Zo bouwen we stap voor stap aan kernen en wijken die niet alleen mooi zijn om in te wonen, maar ook sterk, groen en leefbaar blijven in de toekomst. Ambitie 34: Water en bodem zijn onderdeel van de belangenafweging bij ruimtelijke ontwikkeling Bij iedere uitbreiding of herontwikkeling kijken we naar de geschiktheid vanuit het wateren bodemsysteem. We bouwen en plannen bij voorkeur op plekken die passen bij de natuurlijke ondergrond, waterstromen en bodemgesteldheid. Zo voorkomen we problemen met droogte, verzakking en wateroverlast, en versterken we de veerkracht van onze leefomgeving. Bij uitbreiding zijn water- en bodemsturend in belangrijke mate bepalend voor de ruimtelijke keuzen.

Uit het gesprek met stakeholders en de vragenlijst voor inwoners:

‘Bodem- en watersturend is belangrijk, zowel voor bouwen als voor gezondheid’

7.4.5 Circulaire economie De circulaire economie is een systeem, waarin producten en materialen zo lang mogelijk worden gebruikt, hergebruikt en gerecycled. Afval wordt zoveel mogelijk voorkomen. Producten gaan langer mee of zijn makkelijker te herstellen. Daardoor worden we minder afhankelijk van (schaarse) grondstoffen. Veel van de productieprocessen zijn nog niet ingericht om circulair te produceren. Ook ons koopgedrag sluit nog niet goed aan op hergebruik. De overgang naar een circulaire economie vraagt dus om aanpassingen in de manier waarop we ontwikkelen, produceren, consumeren en omgaan met materialen. Ambitie 35: Hellendoorn ontwikkelt zich tot een circulaire gemeente, waar we zorgvuldig omgaan met wat we hebben We werken zo toe naar een circulaire economie in 2050, in lijn met de landelijke doelstelling. We blijven inzetten op recycling en hergebruik. En waar mogelijk stimuleren we initiatieven uit de samenleving op het gebied van circulariteit.

42

DEEL 2 HET PROCES

43

8. Inleiding Onze samenleving verandert snel. We staan voor grote uitdagingen op het gebied van wonen, duurzaamheid, gezondheid en ons buitengebied. Om richting te geven aan deze ontwikkelingen bereidt de gemeente Hellendoorn, samen met inwoners en stakeholders, een brede omgevingsvisie voor. Die visie beschrijft onze ambities en koers voor de gemeente Hellendoorn op weg naar 2040.

8.1 Omgevingsvisie Hellendoorn 2040

In de omgevingsvisie staat straks wat de gemeente, inwoners, ondernemers en organisaties met elkaar belangrijk vinden voor de toekomst van de gemeente Hellendoorn. En wat we moeten doen, zodat het dan nog steeds goed leven en ondernemen is in onze gemeente. Dat kan over van alles gaan. Bijvoorbeeld over alles wat we buiten zien en ervaren. Denk aan de gebouwen, de ontmoetingsplekken, de natuur, de landbouw, de wegen en de voorzieningen. Maar het gaat ook over onze gezondheid en veiligheid. Over de zorg voor elkaar en de zorg voor mensen die extra hulp nodig hebben. Over hoe de gemeente haar rol vervult. En over hoe we onze gemeente goed door kunnen geven aan toekomstige generaties.

8.2 Stappenplan Omgevingsvisie

We bereiden de brede omgevingsvisie in zes stappen voor (zie figuur 1). We hebben al meerdere stappen gezet: 1. We zijn begonnen met het opstellen van een startnotitie (stap 1). Daarin hebben we aangegeven wat we gaan maken: een brede omgevingsvisie. We hebben ook de vragen waarop de omgevingsvisie in ieder geval antwoord moet geven vastgelegd. En we hebben beschreven hoe we de omgevingsvisie gaan maken en met wie. De gemeenteraad heeft dit document op 24 september 2024 vastgesteld. 2. We hebben de geschiedenis van de gemeente Hellendoorn en het lokaal, regionaal en landelijk beleid op een rij gezet (stap 2). Samen met cijfers over onze gemeente vormt dit de ‘Wiki van Hellendoorn’. 3. In november-december vorig jaar waren we buiten op straat om met inwoners te spreken. We hebben hen gevraagd naar de identiteit van onze gemeente en de kwaliteiten die behouden moeten worden voor de toekomst. Ook hebben we vragenlijsten voor inwoners en ondernemers uitgezet en organiseerden we een dialoogavond. De uitkomsten staan in ‘Het verhaal van Hellendoorn’ (stap 3). 4. De Wiki van Hellendoorn is op 11 februari 2025 vastgesteld door het college. Het definitieve besluit over het Verhaal van Hellendoorn is op 11 maart 2025 door het college genomen.

Ze vormden samen de basis voor de ordening van de grote opgaven van Hellendoorn en de drie toekomstverkenningen die in het dialoogdocument zijn opgenomen. 5. Het dialoogdocument ten slotte, is op 8 juli door het college bekrachtigd.

44

Figuur 23: Stappenplan Hellendoorn 2040 (bron: startnotitie)

8.3 Stap 5: Koers bepalen

Stap 5 vormt het hart van de voorbereiding van de brede omgevingsvisie. In deze fase hebben we de stap gezet van voorbereiding naar koersvorming: het zorgvuldig opbouwen van een proces waarin raad, organisatie en samenleving samen richting geven aan de toekomst van Hellendoorn. We zijn gestart met het uitwerken van de aanpak: het opstellen van een etappeplan en participatieplan waarin de werkwijze, rollen en planning zijn vastgelegd. Vervolgens is de raad aan de voorkant betrokken om richting te geven aan de onderwerpen waarover we het gesprek met de samenleving wilden voeren. Daarna is de participatie uitgevoerd: via vragenlijsten, gesprekken en bijeenkomsten met inwoners, jongeren, boeren, ondernemers en maatschappelijke partners hebben we kennis, waarden en verwachtingen opgehaald. De opbrengst uit die gesprekken is geanalyseerd, besproken binnen de organisatie en bestuurlijk gewogen door het college. Zo hebben we, op basis van feiten, waarden en samenhang tussen thema’s, de hoofdkoers bepaald: de missie, strategische keuzes en ambities die het de basis vormen voor de nadere uitwerking van de brede omgevingsvisie Hellendoorn 2040.

45

9. Zeven etappes om te komen tot de koers Voor stap 5, Koers bepalen, is een etappeplan opgesteld met zeven stappen om te komen van het Dialoogdocument tot de Koers Hellendoorn 2040. De uitvoering liep van 10 juli tot en met 25 november 2025. Het kernteam brede omgevingsvisie bereidde de verschillende etappes voor, in nauwe samenwerking met collega’s, de stuurgroep en het college. In de volgende paragrafen wordt toegelicht wat er in elke etappe is gedaan en wat dit heeft opgeleverd.

Figuur 24: Het etappeplan voor stap 5 – Koers bepalen (Bron: Participatieplan voor stap 5)

9.1 Etappe 1, Verkennen stap koers bepalen De eerste etappe stond in het teken van de verkenning: het voorbereiden van de stap Koers bepalen. In deze fase onderzochten we wat nodig was om tot een gedragen en uitvoerbare koers voor Hellendoorn 2040 te komen. Omdat de raad de koers in november 2025 zou vaststellen, was de beschikbare tijd beperkt. Dat vroeg om scherpe keuzes, een doordachte werkwijze en een strakke planning. Tussen 1 juli en 1 september 2025 werkten het kernteam, de stuurgroep, het Kompas en het college samen aan het verkennen van mogelijke methoden en aanpakken. We bundelden bestaande informatie en lopende initiatieven, zodat we konden voortbouwen op wat er al was. De nadruk lag niet alleen op inhoud, maar ook op de procesmatige kant: wie welke rol vervulde, hoe de besluitvorming zorgvuldig kon verlopen en hoe de verschillende stappen logisch op elkaar aansloten.

46

De verkenning draaide om leren en richting geven. We onderzochten verschillende methodieken voor koersontwikkeling en vertaalden die naar een aanpak die past bij de gemeente Hellendoorn. Daarmee legden we de basis voor een realistisch traject waarin samenwerking, focus en voortgang centraal staan. Deze fase resulteerde in twee producten: een etappeplan, vastgesteld door de stuurgroep, waarin de vervolgstappen, rollen en planning zijn vastgelegd, en een participatieplan, vastgesteld door het college, waarin is uitgewerkt hoe raad, organisatie en samenleving tijdens deze stap worden betrokken.

9.2 Etappe 2, Ontwerpen eerste toekomstbeeld In de tweede etappe werkten we aan het ontwerpen van een eerste toekomstbeeld: de strategische stap richting Hellendoorn 2040. Het Dialoogdocument vormde het vertrekpunt. De drie strategische keuzes die daarin door het college waren vastgelegd, boden richting en houvast om de koers verder te concretiseren. Tussen 8 juli en 19 augustus 2025 werkten het kernteam, de stuurgroep, collega’s en het college samen aan het schetsen van dit toekomstbeeld. We verkenden mogelijke ontwikkellijnen en brachten deze samen in één samenhangend perspectief. Daarmee maakten we zichtbaar wat de strategische keuzes in de praktijk betekenen en legden we een stevige basis voor het gesprek met de raad en de samenleving. De etappe had een strategisch karakter: het ging niet om het vastleggen van details, maar om het ontwikkelen van een gedeeld kader dat richting geeft aan de volgende stappen. Het resultaat was een eerste toekomstbeeld voor Hellendoorn 2040, waarin de belangrijkste ontwikkellijnen uit het Dialoogdocument waren samengebracht. Dit toekomstbeeld diende als vertrekpunt voor de volgende etappe.

9.3 Etappe 3, Raadsessie ‘Richting geven aan participatie’ In de derde etappe stond de raadsessie ‘Richting geven aan participatie’ centraal. De gemeenteraad heeft immers de eindverantwoordelijkheid voor het vaststellen van de Koers voor Hellendoorn 2040. Het doel van deze sessie was om de raad nadrukkelijk aan de voorkant te betrekken, zodat zij kon reflecteren op de bouwstenen die aan de samenleving zouden worden voorgelegd. De informatieronde vond plaats op 2 september 2025. Tijdens deze bijeenkomst besprak de raad de drie strategische keuzes uit het Dialoogdocument, de vier grote uitdagingen voor de toekomst en de hoofdlijnen van het eerste toekomstbeeld. Zo kreeg de raad inzicht in het draagvlak voor de gemaakte keuzes, de prioriteiten van de fracties en de kaders waarbinnen de participatie verder vorm moest krijgen. De bijeenkomst was opgezet als een reflectieve dialoog. Na een korte toelichting door de portefeuillehouder en projectleider gingen de fracties in gesprek aan de hand van 47

zeven inhoudelijke vragen. Daarbij deelden zij hun perspectieven op urgentie, wenselijkheid en prioritering van de ontwikkellijnen. De sessie bood ruimte voor reflectie, duiding en eventueel bijstelling van de eigen visie. De opbrengst van deze etappe was een toekomstbeeld dat de raad wilde voorleggen aan de samenleving als vertrekpunt voor het brede participatietraject.

9.4 Etappe 4, Externe participatie In de vierde etappe maakten we de stap van interne voorbereiding naar dialoog met de samenleving. Deze fase stond in het teken van het verbreden van het perspectief: het ophalen van kennis, waarden en verwachtingen om de koers voor Hellendoorn 2040 te verdiepen en te verankeren. We hebben daarbij vijf doelgroepen onderscheiden: inwoners, jongeren, boeren, ondernemers en stakeholders, elk met een eigen participatiestrategie, afgestemd op hun rol en invloed. Door per groep een passende aanpak te kiezen, konden we gerichte gesprekken voeren over de thema’s die voor hen het meest relevant zijn. De uitkomsten van deze gesprekken vormden samen de maatschappelijke basis voor het toekomstbeeld dat later intern is besproken en bestuurlijk verder is uitgewerkt.

9.4.1 Participatie inwoners Om de meningen, ideeën en wensen van inwoners te toetsen over de strategische keuzes, ambities en mogelijke ontwikkellijnen voor Hellendoorn 2040, is tussen 8 en 21 september 2025 een vragenlijst uitgezet onder inwoners van de gemeente Hellendoorn. De vragenlijst richtte zich op vier centrale thema’s: 1. Leefbare wijken en kernen – wonen, werkgelegenheid, voorzieningen, groen en veiligheid. 2. Iedereen doet mee – kansengelijkheid, noaberschap, bereikbaarheid en gezondheid. 3. Vitaal platteland – landbouw, natuur, landschap en cultuurhistorie. 4. Toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen – ruimte voor ondernemen, toerisme, klimaatadaptatie, energietransitie en circulaire economie. Het doel van de vragenlijst was om inzicht te krijgen in het draagvlak, de wensen en mogelijke alternatieven voor de verdere aanscherping van de ontwikkellijnen richting 2040. Inwoners werd gevraagd hoe zij aankijken tegen de groei van de gemeente, hoe die groei het best kan worden ingevuld, en waar volgens hen extra aandacht voor nodig is. De vragenlijst werd opgesteld door de gemeente, vervolgens uitgezet via verschillende gemeentelijke kanalen zoals de website, sociale media en de gemeentepagina. In alle kernen lagen daarnaast fysieke exemplaren die kosteloos per post konden worden geretourneerd.

De antwoorden zijn daarna geanalyseerd en samengebracht tot een representatief beeld van de meningen in de gemeente. In totaal vulden 1.151 inwoners de vragenlijst volledig in. 48

De resultaten zijn gewogen naar geslacht, leeftijd en wijk, zodat zij een zo goed mogelijke afspiegeling vormen van de bevolking. Hierdoor kunnen de uitkomsten als representatief worden beschouwd. Van de respondenten was 45% man en 55% vrouw. En de leeftijdsverdeling liep uiteen van 12% tussen 18 en 29 jaar tot 13% van 70 jaar en ouder. De meeste reacties kwamen uit Nijverdal (inclusief de Kruidenwijk, 61%) en Hellendoorn (14%), gevolgd door Daarle, Daarlerveen, Haarle en de buurtschappen Egede, Eelen, Hancate en Rhaan. Uit de resultaten blijkt dat inwoners vooral verwachten dat de gemeente de komende vijftien jaar inzet op wonen voor iedereen (61%), gevolgd door zorg voor jong en oud (27%). Veel inwoners vinden dat er meer woningen moeten worden gebouwd om de leefbaarheid te behouden, met name rijtjeshuizen en levensloopbestendige woningen voor starters, jongeren en ouderen. Over hoger bouwen lopen de meningen uiteen: een deel vindt dit passend in het centrum van Nijverdal, terwijl anderen juist datzelfde centrum noemen als plek waar niet hoger gebouwd zou moeten worden. Inwoners vinden het belangrijk dat de gemeente Hellendoorn zich duurzaam en toekomstbestendig ontwikkelt. Daarbij noemen zij vooral drie punten: betaalbare woningen en voorzieningen (95%), bescherming tegen droogte en overstromingen (86%) en energiezuinige woningen (80%).

Ook over het platteland is een duidelijk beeld opgehaald: inwoners vinden dat landbouw, natuur, recreatie en woningbouw daar met elkaar in balans moeten zijn. Binnen die balans worden natuur (82%), wonen (77%) en landbouw (76%) het vaakst genoemd als belangrijk. Over hun woonomgeving zijn inwoners overwegend positief. Bijna twee derde (63%) geeft aan de eigen wijk (heel) aantrekkelijk te vinden. Tegelijkertijd noemen zij verkeersveiligheid, parkeerruimte, voorzieningen en behoud van groen als belangrijke aandachtspunten. Wat betreft voorzieningen hechten inwoners het meest aan de supermarkt, huisarts en sportvoorzieningen in de buurt, terwijl uitgaan, kunst en cultuur en horeca gerust wat verder weg mogen liggen. Tot slot ziet meer dan de helft (55%) kansen voor het platteland in kleinschalige bouwprojecten in buurtschappen, 44% in (duurzaam) agrarisch ondernemerschap en 34% in verbetering van het openbaar vervoer. De hierboven beschreven resultaten vormen een selectie uit de totale analyse. De input van inwoners wordt ook benut in de volgende fase van het traject: de verdere uitwerking van de koers van Hellendoorn 2040 in een definitieve brede omgevingsvisie.

9.4.2 Dialoogsessie boeren De bijeenkomst met boeren vond plaats op 8 september 2025 in het gemeentehuis. Na een korte plenaire toelichting op het proces en de voorlopige koers van Hellendoorn 2040 gingen de deelnemers in twee groepen uiteen voor een open gesprek. Tijdens de groepsgesprekken is in brede zin gesproken over de toekomst van het buitengebied en de samenhang tussen landbouw, natuur, wonen en werken. Boeren gaven aan dat zij zich sterk verbonden voelen met het landschap en het buitengebied 49

als leef- en werkruimte. Daarbij benadrukten zij dat agrarische bedrijven alleen toekomstbestendig kunnen blijven wanneer er ruimte is voor ontwikkeling en aanpassing aan veranderende regelgeving, dierenwelzijnseisen en marktontwikkelingen. Ook het thema wonen kwam nadrukkelijk aan de orde. Deelnemers benadrukten dat woningbouw belangrijk is om de leefbaarheid van kernen te behouden, maar dat dit niet ten koste mag gaan van het agrarisch areaal. Zij pleitten voor zorgvuldig ruimtegebruik, met nadruk op inbreiding boven uitbreiding, en voor het bouwen voor de eigen lokale bevolking. Tegelijkertijd wezen zij op de toenemende druk op de ruimte in het buitengebied en de spanning tussen landbouw, natuur, woningbouw en recreatie. Overkoepelend kwam naar voren dat boeren vooral behoefte hebben aan duidelijkheid en samenhang tussen landelijke en gemeentelijke regels. Zij gaven aan dat de veelheid aan landelijke opgaven (zoals stikstof, natuur, energie en water) het moeilijk maakt om toekomstplannen te maken voor hun bedrijf. Van de gemeente verwachten zij dat zij lokale ruimte creëert binnen die landelijke kaders, door helder te communiceren over wat wel mogelijk is en waar ontwikkelruimte blijft. Ook werd benadrukt dat vroegtijdig en praktisch overleg bij ontwikkelingen die het buitengebied raken nog niet vanzelfsprekend plaatsvindt.

Boeren gaven aan dat zij vaak pas laat betrokken worden bij plannen of besluiten die direct invloed hebben op hun bedrijfsvoering. Zij vroegen de gemeente om deze afstemming structureler en eerder te organiseren, zodat beleidskeuzes beter kunnen aansluiten op de praktische realiteit van agrarisch ondernemen en de effecten voor grondgebruik en bedrijfscontinuïteit tijdig worden meegewogen. Aan het einde van de bijeenkomst kwamen de deelnemers weer plenair samen om de belangrijkste bevindingen uit de twee gespreksgroepen te delen. Hierdoor werd zichtbaar welke thema’s breed werden gedeeld en waar de perspectieven uiteenliepen. Deze terugkoppeling vormde een afronding van de bijeenkomst

9.4.3 Dialoogsessie ondernemers De bijeenkomst met ondernemers vond plaats op 18 september 2025 in het gemeentehuis. De bijeenkomst startte met een plenaire toelichting op de stand van zaken binnen het traject Hellendoorn 2040 en het eerste toekomstbeeld voor de gemeente. Daarbij werd stilgestaan bij de strategische keuzes richting 2040 en de rol van ondernemers in de ruimtelijke en economische ontwikkeling van Hellendoorn. Aansluitend vond één gezamenlijk gesprek plaats met vertegenwoordigers uit verschillende ondernemersverenigingen, bedrijventerreinen en sectoren. De bijeenkomst had een dialoogvorm, waarin ruimte was voor reflectie en het uitwisselen van ervaringen vanuit de praktijk. De gemeente begeleidde het gesprek en haalde op welke thema’s voor ondernemers van belang zijn bij het bepalen van de koers. In het gesprek kwam een breed scala aan onderwerpen aan bod, waaronder ruimte voor bedrijvigheid, woningbouw, bereikbaarheid, de energietransitie en de balans tussen economie, landbouw en natuur. Ondernemers spraken over de noodzaak van 50

voldoende ruimte voor groei van lokale bedrijven, maar benadrukten ook dat uitbreiding zorgvuldig moet gebeuren, passend bij de schaal van de gemeente Hellendoorn. Ondernemers onderschreven het uitgangspunt dat grootschalige bedrijvigheid regionaal moet worden opgepakt, zodat de gemeente Hellendoorn zich kan blijven richten op lokale, kleinschalige en duurzame bedrijvigheid die aansluit bij de schaal en identiteit van de gemeente. De energietransitie kwam herhaaldelijk terug als belangrijk aandachtspunt. Ondernemers gaven aan dat zij willen verduurzamen, maar dat dit in de praktijk wordt belemmerd door netcongestie, beperkingen op bedrijventerreinen en een gebrek aan investeringsruimte. Ook werd besproken dat de gemeente in de toekomst meer rekening zal moeten houden met nieuwe vormen van ondernemerschap, zoals circulaire, kleinschalige en hybride bedrijvigheid, waarvoor andere ruimtelijke oplossingen nodig zijn dan in het verleden. Ter afronding werden de belangrijkste punten uit het gesprek gezamenlijk samengevat. Daarbij werd zichtbaar welke thema’s breed leefden, zoals de noodzaak van voldoende bedrijfsruimte, de wens om praktische belemmeringen rond verduurzaming op te lossen en de erkenning dat de gemeente Hellendoorn vooral een plek is voor lokaal, duurzaam en toekomstgericht ondernemerschap.

9.4.4 Dialoogsessie jongeren De participatie met jongeren vond plaats op 22 september 2025 en kende twee sporen. In het eerste spoor zijn honderd jongeren tussen de 15 en 20 jaar willekeurig geselecteerd en uitgenodigd voor een gesprek met burgemeester Jorrit Eijbersen en wethouder Jan van den Bosch. Uiteindelijk nam één jongere deel aan dit gesprek. Zij had vooraf actief met vrienden gesproken om hun meningen en ideeën mee te nemen, waardoor het gesprek breder was dan alleen haar persoonlijke perspectief. In een open en persoonlijk gesprek deelde zij haar bevindingen over de toekomst van de gemeente Hellendoorn. Zij benadrukte vooral het belang van voldoende betaalbare woningen voor jongeren, veiligheid in de eigen woonomgeving, en meer toegankelijke plekken waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten buiten school of huis. Parallel hieraan vond op dezelfde dag een tweede participatiespoor plaats op Reggesteyn, waar wethouder Jan van den Bosch vier gastcolleges verzorgde aan verschillende klassen van de havo-, vwo- en tl-afdeling. In totaal namen ruim tachtig leerlingen deel aan deze interactieve lessen over de toekomst van Hellendoorn. Na een korte introductie over Hellendoorn 2040 en enkele stellingen over wonen, landbouw en natuur, werkten de leerlingen in groepen aan een denkopdracht:

51

▪

▪

De havo- en vwo-leerlingen dachten na over hoe Hellendoorn in 2040 een fijne plek kan blijven om te wonen, werken en ontspannen, en hoe de beschikbare ruimte eerlijk verdeeld kan worden tussen wonen, natuur en landbouw. De tl-leerlingen werkten aan de casus De laatste hectare. In deze oefening moesten zij beslissen wat de gemeente in 2040 zou moeten doen met het laatste stuk beschikbare grond van één hectare. Zij konden kiezen tussen woningbouw, landbouw, natuur of ondernemen, of een combinatie van deze functies.

De gesprekken leverden veel concrete ideeën op. Jongeren gaven overwegend aan dat wonen voor hen de hoogste prioriteit heeft, met de focus op betaalbare woningen voor jongeren en starters. Tegelijkertijd vonden zij het belangrijk dat natuur, groen en het dorpse karakter behouden blijven. Veel jongeren gaven aan later graag in de gemeente Hellendoorn te willen blijven wonen, mits er voldoende woonruimte en voorzieningen zijn die aansluiten bij hun leefwereld.

9.4.5 Dialoogsessie stakeholders De bijeenkomst met stakeholders vond plaats op 24 september 2025 in het gemeentehuis van Hellendoorn. Aan deze sessie namen ongeveer twintig vertegenwoordigers deel uit uiteenlopende maatschappelijke en regionale organisaties, waaronder zorg- en welzijnsinstellingen (zoals Evenmens en Aveleijn), onderwijsinstellingen, woningcorporaties, natuur- en milieuorganisaties (zoals Landschap Overijssel), ondernemersvertegenwoordigers, en regionale samenwerkingspartners. De bijeenkomst kende dezelfde opzet als die met de boeren: na een plenaire toelichting op het proces van Hellendoorn 2040 en de voorlopige koers, gingen de deelnemers in twee groepen uiteen voor een verdiepend gesprek. De gesprekken werden begeleid door medewerkers van de gemeente en waren gericht op dialoog, reflectie en het delen van perspectieven vanuit verschillende maatschappelijke invalshoeken. Tijdens de groepsgesprekken stond de vraag centraal hoe de vier ambities uit het toekomstbeeld zich vertalen naar de dagelijkse praktijk. De meeste deelnemers onderschreven de hoofdrichting, maar gaven aan dat sommige ambities, met name toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen, 52

breder en concreter kunnen worden ingevuld. Daarbij werd benadrukt dat duurzaamheid niet alleen ecologisch, maar ook sociaal en economisch van betekenis is. De samenhang tussen iedereen doet mee en vitale kernen en wijken werd als cruciaal gezien voor een toekomstbestendige gemeente. Een belangrijk gespreksthema was het nieuwe noaberschap: de veranderende manier waarop inwoners, organisaties en overheid samen verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. Deelnemers gaven aan dat de kracht van de gemeente Hellendoorn ligt in de betrokkenheid van inwoners en het sterke netwerk van maatschappelijke organisaties. Tegelijkertijd werd benoemd dat dit netwerk onder druk staat door veranderende zorgtaken en een afnemende vanzelfsprekendheid van onderlinge hulp. Het gesprek ging daarom ook over hoe de gemeente dit nieuwe noaberschap kan versterken: door ruimte te geven aan lokale initiatieven en samenwerking te faciliteren, maar ook door duidelijke verwachtingen en kaders te bieden. Daarnaast werd gesproken over de noodzaak om groei en leefbaarheid in balans te houden. Stakeholders benadrukten dat groei niet alleen moet gaan over het aantal woningen, maar vooral over de kwaliteit van de samenleving: voldoende voorzieningen, kansen voor jongeren, en een leefomgeving waar mensen elkaar blijven ontmoeten.

Overkoepelend kwam naar voren dat stakeholders grote waarde hechten aan samenwerking en realistische keuzes. Niet elke opgave kan tegelijk worden opgelost, maar door prioriteiten te stellen en samen te werken vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid, kan de gemeente Hellendoorn sterker en veerkrachtiger worden. Veel partijen gaven aan bereid te zijn om hieraan bij te dragen, mits er heldere richting en onderlinge afstemming blijft tussen gemeente en maatschappelijke partners. Aan het einde van de bijeenkomst kwamen de twee groepen weer plenair samen om de belangrijkste inzichten te delen. In deze gezamenlijke terugkoppeling werden de gedeelde waarden zichtbaar: het belang van samenhang, wederzijds vertrouwen en een eigentijdse invulling van noaberschap als basis voor de toekomst.

9.5 Etappe 5, Interne reflectie

In deze etappe hebben we de inbreng uit de samenleving verwerkt in participatieverslagen. Deze participatieverslagen hebben de desbetreffende deelnemers ook ontvangen, met de mogelijkheid om hierop te reageren. Daarnaast zijn de reacties van inwoners, jongeren, boeren, ondernemers en stakeholders samengebracht en geanalyseerd. Vervolgens zijn we met collega’s en het college in gesprek gegaan om te bepalen hoe we deze input konden verwerken in de koers. Op basis van deze gezamenlijke opbrengst is de koers voor Hellendoorn 2040 verder uitgewerkt tot het document wat nu voorligt.

9.5.1 Reflectiesessie ambtenaren Op 30 september 2025 vond in de ochtend een interne reflectiesessie plaats met collega’s uit verschillende teams van de organisatie. Het doel van deze bijeenkomst 53

was om de input uit de samenleving gezamenlijk en integraal te verwerken in de koers voor Hellendoorn 2040. De sessie vormde de schakel tussen de participatie met inwoners en partners enerzijds, en de bestuurlijke bespreking met het college en de raad anderzijds. Aan de bijeenkomst namen medewerkers deel van uiteenlopende vakgebieden. De centrale vraag was hoe de inbreng uit de samenleving het best kon worden verwerkt in de koers dat aan college en raad zou worden voorgelegd. Daarbij ging het om vragen als: Wat nemen we over, wat niet en waarom? Wat hoort thuis in de koers of omgevingsvisie, en wat past beter in een programma of uitvoeringsplan? En wat missen we nog in het toekomstbeeld? De reflectiesessie begon met een plenaire opening, waarin de opbrengsten uit de gesprekken met inwoners, boeren, ondernemers, jongeren en stakeholders kort werden gedeeld. Daarna gingen de deelnemers in groepen uiteen voor een verdiepend gesprek over de vier opgaven: leefbare kernen en wijken, iedereen doet mee, vitaal buitengebied en duurzaam en toekomstbestendig ontwikkelen. Op vier tafels lagen grote borden met deze opgaven, waarop per ontwikkellijn de ondersteunende signalen, aandachtspunten en wensen voor verandering uit de participatie waren weergegeven.

Collega’s gingen met elkaar in gesprek over wat zij vanuit hun eigen expertise konden onderschrijven, welke accenten zij wilden aanbrengen en waar nog nadere afweging nodig was. Bij elk bord konden deelnemers hun advies aan het college opschrijven: wat zij belangrijk vonden om mee te nemen, waar nuance nodig was en welke aandachtspunten zij wilden benadrukken. Omdat de tijd te kort was om alle borden uitgebreid te bespreken, kregen collega’s in de dagen na de sessie de mogelijkheid om hun aanvullingen en opmerkingen alsnog toe te voegen. De gezamenlijke reflectie en de opgeschreven adviezen vormden samen de basis voor een integraal advies aan het college over de verwerking van de participatie inbreng in de koers.

9.5.2 Reflectiesessie college Op 30 september 2025 vond in de middag een reflectiesessie met het college plaats. Deze bijeenkomst volgde op de ochtendsessie met ambtelijke collega’s, waarin de input uit de samenleving en de interne adviezen waren verzameld. Tijdens de collegesessie stond de vraag centraal hoe de geordende input verwerkt zou worden in het toekomstbeeld voor Hellendoorn 2040 en welke bestuurlijke richting daarbij wenselijk was. Het doel van deze reflectiesessie was om gezamenlijk te verkennen welke accenten en prioriteiten het college wil leggen bij de verwerking van de maatschappelijke inbreng. Daarbij ging het niet om de technische uitwerking, maar om het bepalen van de bestuurlijke koers: waar ligt de nadruk, welke keuzes sluiten het beste aan bij de ambities van het algemeen belang van de gemeente Hellendoorn, en welke elementen vragen nog nadere afweging? Het kernteam gaf een toelichting op de vier themaborden die in de ochtend waren voorzien van adviezen door de ambtelijke organisatie. Deze borden vormden de basis 54

voor het gesprek met het college. Per opgave (leefbare kernen en wijken, iedereen doet mee, vitaal buitengebied en duurzaam en toekomstbestendig ontwikkelen) besprak het college de opgehaalde signalen, de adviezen van medewerkers en de belangrijkste beleidsmatige keuzes. Op basis daarvan gaf het college richting aan hoe de maatschappelijke input vertaald kon worden naar (bestuurlijke) ambities. Daarbij werden duidelijke voorkeuren uitgesproken over de richting en prioriteiten binnen de koers. De sessie resulteerde in bestuurlijke richting voor de verdere verwerking van de maatschappelijke input. Deze keuzes zijn vervolgens vertaald in de ambities en accenten die terug te vinden zijn in het inhoudelijke deel van de koers Hellendoorn 2040.

9.6 Etappe 6 en 7, Besluitvorming college en raad

Met de reflectiesessies van collega’s en het college kwam de interne fase van het participatieproces tot afronding. De inzichten uit deze bijeenkomsten zijn samengebracht in de Koers Hellendoorn 2040: het gezamenlijke resultaat van de maatschappelijke inbreng, de ambtelijke reflecties en de bestuurlijke weging. Deze koers vormt het richtinggevende toekomstbeeld voor de gemeente en wordt als basis gebruikt voor de verdere uitwerking in de brede omgevingsvisie. De besluitvorming van het koersdocument vindt volgens het reguliere besluitvormingsproces plaats.

55

10. Afwegen van belangen In de gemeente Hellendoorn werken we aan een toekomst waarin ruimte is voor ontwikkeling en behoud. Dat vraagt om het zorgvuldig afwegen van belangen. Want achter iedere opgave schuilen waarden, zorgen en verwachtingen van mensen: van inwoners en ondernemers, van boeren en natuurliefhebbers, van jong en oud. Het afwegen van belangen is dan ook geen kwestie van rekensommen of tegen elkaar afwegen van standpunten. Het is een proces van luisteren, begrijpen en beoordelen, met oog voor samenhang, voor draagvlak en voor het algemeen belang. Niet iedereen krijgt wat hij of zij hoopt, maar iedereen moet kunnen herkennen dat de keuzes met zorg en aandacht zijn gemaakt. In dit hoofdstuk laten we zien hoe we die afweging hebben gemaakt, waarom bepaalde belangen zwaarder wogen dan andere en welke overwegingen hebben geleid tot de koers die in dit document is vastgelegd.

Figuur 25: De belangenafweging om te komen tot keuzes in het Koersdocument

56

10.1 Ophalen van belangen De belangenafweging begon bij het ophalen van signalen uit de samenleving. We hebben daarvoor breed gekeken en geluisterd: ▪ Naar alle 1.151 antwoorden van de vragenlijst; ▪ Naar de aanwezige boeren tijdens de dialoogsessie van 8 september 2025; ▪ Naar de aanwezige ondernemers tijdens de dialoogsessie van 18 september 2025; ▪ Naar de aanwezige jongere tijdens de dialoogsessie van 22 september 2025; ▪ Naar de aanwezige leerlingen van Reggesteyn tijdens het gastcollege van 22 september 2025; ▪ Naar de aanwezige stakeholders tijdens de dialoogsessie van 24 september 2025; ▪ Naar onze collega’s met hun inhoudelijke input; ▪ Naar regionale, provinciale en landelijke kaders, als de ROS en de nationale woningbouwopgave. Deze gesprekken en participatieprocessen hebben veel inzichten opgeleverd. Ze laten zien hoe sterk de verbondenheid met de omgeving in de gemeente Hellendoorn is, maar ook hoe verschillend de belangen kunnen zijn. Juist die diversiteit heeft ons geholpen om de afweging breed te benaderen en te voorkomen dat we in deelbelangen zouden denken. De resultaten uit de participatie, zoals beschreven in het vorige hoofdstuk, vormden een belangrijke basis. Ze gaven richting, maar lieten ook de spanning zien tussen individuele belangen en het bredere gemeenschappelijke perspectief.

10.2 Ordenen van belangen

Om de verschillende belangen, wensen en perspectieven uit de samenleving zorgvuldig te verwerken, is gewerkt met een gestructureerde analysemethode. Het doel was om de brede maatschappelijke inbreng overzichtelijk te ordenen en te duiden in relatie tot het toekomstbeeld van Hellendoorn 2040, zonder de nuance of diversiteit van de signalen te verliezen. Met behulp van een format is de input per opgave (leefbare kernen en wijken, iedereen doet mee, vitaal buitengebied en duurzaam en toekomstbestendig ontwikkelen) in kaart gebracht. Alle signalen uit de gesprekken en enquêtes zijn eerst geclusterd op thema, waarna per thema is gekeken hoe deze zich verhouden tot de richting van het toekomstbeeld. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen: ▪ Input die in lijn ligt met het eerste toekomstbeeld: wensen en behoeften die de voorgestelde koers ondersteunen of versterken; ▪ Input die vraagt om aanscherping of aanpassing: signalen die wijzen op andere accenten, zorgen of behoeften; ▪ Aandachtspunten en dilemma’s: thema’s waar verschillende belangen elkaar raken of waar spanning bestaat tussen maatschappelijke wens en praktische haalbaarheid. 57

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16149427/1