20251028 BB Koersdocument raad
Tekst van het document
Koersdocument Hellendoorn 2040 Resultaat van stap 5 van het project Hellendoorn 2040
Samenvatting De gemeente Hellendoorn werkt samen met inwoners, ondernemers, verenigingen en regionale partners aan een brede omgevingsvisie voor de toekomst. Met dit koersdocument wordt de richting bepaald voor Hellendoorn in 2040: een gemeente die wil groeien om haar kwaliteiten te behouden. Het document is de vijfde stap in het proces en vormt de basis voor de uiteindelijke omgevingsvisie. Een mooie uitgangspositie Hellendoorn is een groene, sociale en ondernemende gemeente met sterke dorpen, een rijk verenigingsleven en een prachtig landschap. De geschiedenis van landbouw, industrie en noaberschap heeft een gemeenschap gevormd waarin mensen naar elkaar omzien en trots zijn op hun omgeving. De zeven kernkwaliteiten – natuur, landschap, dorpse woonomgeving, noaberschap, tradities, voorzieningen en gemeenschapszin – vormen het fundament van de koers richting 2040. De basis staat onder druk Toch staan deze kwaliteiten onder druk. De gemeente heeft te maken met vergrijzing, woningtekorten, teruglopende voorzieningen en grote ruimtelijke opgaven zoals stikstof, klimaat, energie en water. Een centrale missie De stip op de horizon is helder: Hellendoorn wil in 2040 een fijne plek zijn waar mensen graag wonen, werken, ondernemen en recreëren. Waar natuur en landschap, een gezonde leefomgeving en Noaberschap de basis vormen voor een gezond leven.
Waar ruimte is voor jong en oud, voor innovatie en traditie, en waar veiligheid, verbondenheid en duurzaamheid vanzelfsprekend zijn. Vier grote uitdagingen Om dat te bereiken zijn vier grote uitdagingen geformuleerd. De eerste is het bouwen aan leefbare kernen en wijken, met voldoende woningen, werkgelegenheid, voorzieningen, veiligheid en groen. De tweede is het versterken van een samenleving waarin iedereen mee kan doen, met aandacht voor kansengelijkheid, sociale verbinding en noaberschap. Toegankelijkheid en bereikbaarheid en een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag zijn daarvoor belangrijke voorwaarden. De derde uitdaging ligt in het ontwikkelen van een vitaal buitengebied. Daarin zijn landbouw, natuur, recreatie, energie en wonen met elkaar in balans zijn. De vierde uitdaging tenslotte, richt zich op toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen. Met ruimte voor bedrijven en toerisme, aandacht voor mobiliteit en aandacht voor milieu, energie, klimaat, bodem, water en circulaire economie. Groei als middel om sterk te blijven Om deze opgaven in samenhang met elkaar aan te kunnen pakken en onze missie te realiseren moeten we keuzen maken. Om ervoor te zorgen dat we in 2040 nog steeds een fijne gemeente zijn om in te worden, kiezen we ervoor te gaan groeien. Niet met het 2
doel om groter te worden, maar met het doel sterk te blijven. Want zonder groei van het aantal inwoners verdwijnen er meer voorzieningen. Zonder woningen verlaten meer jongeren de gemeente. En zonder voorwaartse ontwikkeling verliezen we op termijn ook een deel van onze werkgelegenheid. Tot 2050 wil Hellendoorn 5.000 nieuwe woningen realiseren, waarvan ten minste 3.000 voor 2040. We bouwen woningen in alle kernen. Daarbij ligt de nadruk op betaalbare woningen voor starters en ouderen, en op bouwen binnen of aansluitend aan de bestaande kernen. Groen, klimaatbestendig en natuurinclusief bouwen wordt de norm. Het voorzieningenniveau moet behouden blijven, met ruimte voor lokaal ondernemerschap, sport, cultuur en ontmoeting. Veiligheid, bereikbaarheid en een schone leefomgeving zijn belangrijke voorwaarden voor leefbaarheid. Ruimtelijke keuzen De keuze voor woningbouw in alle kernen betekent ook dat andere functies geen extra ruimte of zelfs minder ruimte zullen hebben. Hellendoorn koestert de waardevolle natuur, maar zien geen mogelijkheden er extra ruimte voor te maken. Er is ook geen ruimte voor nieuwe grootschalige bedrijventerreinen. En als het gaat om het toerisme, gaat kwaliteit boven kwantiteit. Dat doet recht aan de ruimte die nodig is voor een toekomstbestendige landbouw.
Want ook als er zoveel mogelijk woningen binnen de dorpen gerealiseerd worden, is uitbreiding van de dorpen noodzakelijk. Toekomstbestendige landbouw In het buitengebied spelen de landbouw, de natuur en recreatie een centrale rol. Boeren zijn niet alleen voedselproducenten, maar ook beheerders van landschap en natuur. De gemeente wil samen met hen werken aan een toekomstbestendige landbouw die economisch haalbaar en ecologisch verantwoord is. Er wordt ingezet op rentmeesterschap, biodiversiteit en samenwerking tussen boeren, inwoners en natuurorganisaties. Zo blijft het buitengebied vitaal, aantrekkelijk en in balans. Duurzaam economisch perspectief Hellendoorn werkt daarnaast aan een duurzaam economisch perspectief. De maakindustrie, het midden- en kleinbedrijf, toerisme en recreatie vormen de ruggengraat van de lokale economie. De gemeente streeft naar een goed ondernemersklimaat, met ruimte voor vernieuwing, innovatie en verduurzaming. In 2050 wil Hellendoorn energieneutraal zijn: de overstap naar duurzame energiebronnen wordt stap voor stap gerealiseerd. Water en bodem vormen daarbij het uitgangspunt voor toekomstige ruimtelijke keuzes, en circulariteit – het hergebruiken van grondstoffen – wordt een vanzelfsprekend onderdeel van de lokale economie. De koers naar 2040 is er dus op gericht om Hellendoorn groen, gezond en verbonden te houden.
Door samen te werken en zorgvuldig te groeien, blijft Hellendoorn een gemeente waarin mensen zich thuis voelen, de natuur wordt gekoesterd en de gemeenschap de kracht vormt van het geheel.
3
Aanbod aan de regio Hellendoorn is geen eiland. De gemeente is geografisch zowel onderdeel van de intern sterk verweven regio Twente, als van de regio Salland. Op allerlei manieren zijn de inwoners met beide regio’s verbonden. Bij de uitwerking van deze koers in de omgevingsvisie zoekt Hellendoorn de buurgemeenten, de regio en de provincie op. Alleen zo kan er gezorgd worden voor een evenwichtige ontwikkeling van het voorzieningenaanbod en bijdragen aan de regionale economie. Onze lokale groeiambitie is ook het aanbod van de gemeente aan de regio in het kader van de Regionale ontwikkelingsstrategie (ROS). De gezamenlijke gemeenten en de provincie werken samen om Twente te positioneren als een regio met goede leef- en woonomstandigheden, sterke verbindingen (regionaal, nationaal en internationaal), én een natuurlijke leefomgeving waarin kwaliteit van leven centraal staat. Daar dragen wij als groene woongemeente met een sterke toeristische functie graag aan bij. Hellendoorn groeit niet om groter te worden, maar om sterker te blijven – als gemeente die haar landschap, mensen en tradities met trots de toekomst in draagt. Vervolg De hierboven beschreven koers voor de omgevingsvisie is tot stand gekomen in samenwerking met inwoners, ondernemers, belangenpartijen en uitvoeringsorganisaties.
In stap 6 van het project Hellendoorn 2040 wordt de koers verder uitgewerkt in een brede omgevingsvisie. Daarbij maken we een vertaling van de koers naar een aantal deelgebieden, toetsen we de haalbaarheid van de ambities en stellen we een uitvoeringsstrategie op. De brede omgevingsvisie laat dus niet alleen zien wat we willen bereiken, maar ook met wie en hoe we dat doen. Op basis van de brede omgevingsvisie bepalen we vervolgen welke programma’s nodig zijn om de plannen echt uit te voeren. Deze programma’s vormen de schakel tussen de koers en de uitvoering. Verder bekijken we wat de visie betekent voor het omgevingsplan: welke regels moeten worden aangepast, waar ruimte kan ontstaan en welke kwaliteitseisen gelden. De ontwerp brede omgevingsvisie wordt in april/mei 2026 ter inzage gelegd. Daarna worden reacties verwerkt en wordt de visie in het derde kwartaal van 2026 voorgelegd aan de gemeenteraad.
4
1. Inhoud Samenvatting ........................................................................................................................... 1.
Inleiding ...........................................................................................................................1
2.
Een uitzonderlijke geschiedenis ........................................................................................3
3.
Een mooie uitgangspositie ................................................................................................6 3.1 Zeven kernkwaliteiten .....................................................................................................6 3.2 Een goede score op brede welvaart .................................................................................7 3.3 Kernen en buurtschappen met elk een eigen identiteit .....................................................7 3.3.1 Het dorp Hellendoorn – historie en gemeenschap .....................................................7 3.3.2 Nijverdal – ondernemend en veelzijdig ......................................................................8 3.3.3 Daarle – landelijk en hecht .......................................................................................8 3.3.4 Daarlerveen – lintdorp met arbeidersverleden ...........................................................9 3.3.5 Haarle – Sallandse charme .......................................................................................9 3.3.6 Buurtschappen – verbonden met de grond .............................................................. 10
4.
De basis staat onder druk ............................................................................................... 12 4.1 Een zoektocht naar ruimte ............................................................................................ 13 4.1.1 Fysieke ruimte ....................................................................................................... 13 4.1.2 Juridische ruimte ................................................................................................... 13 4.1.3 Financiële ruimte ................................................................................................... 13 4.1.4 Sociale ruimte ....................................................................................................... 13
5.
Hellendoorn de regio ...................................................................................................... 14 5.1 Groeiregio Twente ........................................................................................................ 14 5.2 Bruto Twents geluk ....................................................................................................... 15
6.
Eén missie, drie kernwaarden, vier
opgaven ................................................................. 16
6.1 Bouwen aan leefbare kernen en wijken .......................................................................... 17 6.2 Werken aan een samenleving waarin iedereen mee kan doen ........................................ 17 6.3 Ontwikkelen van een vitaal buitengebied ....................................................................... 18 6.4 Toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen............................................................... 18 6.5 Groei om onze kwaliteiten te behouden ......................................................................... 19 7.
Ambities richting 2040 .................................................................................................... 21 7.1 Bouwen aan leefbare kernen en wijken .......................................................................... 21 7.1.1 Voldoende en passende woningbouw ..................................................................... 21 7.1.2 Werkgelegenheid in de kernen ................................................................................ 26 7.1.3 (Dagelijkse) voorzieningen ...................................................................................... 27 7.1.4 Groen in de kernen/wijken ...................................................................................... 28
5
7.1.5 Veiligheid ............................................................................................................... 29 7.2 Iedereen doet mee ....................................................................................................... 31 7.2.1 Kansengelijkheid voor iedereen .............................................................................. 31 7.2.2 Noaberschap en sociale basis ................................................................................ 31 7.2.3 Alles voor iedereen toegankelijk en bereikbaar ........................................................ 32 7.2.4 Positieve gezondheid.............................................................................................. 33 7.3 Vitaal buitengebied ...................................................................................................... 34 7.3.1 Goed rentmeesterschap ........................................................................................ 34 7.3.2 Boeren met toekomst ............................................................................................. 35 7.3.3 Bloeiende natuur en gezonde ecosystemen ............................................................ 37 7.4 Toekomstbestendig ontwikkelen ...................................................................................
38 7.4.1 Goed ondernemersklimaat voor maakindustrie, innovatie, toerisme en recreatie ..... 38 7.4.2 Bereikbaarheid en duurzame mobiliteit ................................................................... 40 7.4.3 Energietransitie ...................................................................................................... 40 7.4.4 Klimaatadaptatie ................................................................................................... 41 7.4.5 Circulaire economie............................................................................................... 42 8.
Inleiding ......................................................................................................................... 44 8.1 Omgevingsvisie Hellendoorn 2040 ................................................................................ 44 8.2 Stappenplan Omgevingsvisie ........................................................................................ 44 8.3 Stap 5: Koers bepalen ................................................................................................... 45
9.
Zeven etappes om te komen tot de koers ......................................................................... 46 9.1 Etappe 1, Verkennen stap koers bepalen ....................................................................... 46 9.2 Etappe 2, Ontwerpen eerste toekomstbeeld .................................................................. 47 9.3 Etappe 3, Raadsessie ‘Richting geven aan participatie’ .................................................. 47 9.4 Etappe 4, Externe participatie ....................................................................................... 48 9.4.1 Participatie inwoners ............................................................................................. 48 9.4.2 Dialoogsessie boeren ............................................................................................. 49 9.4.3 Dialoogsessie ondernemers ................................................................................... 50 9.4.4 Dialoogsessie jongeren .......................................................................................... 51 9.4.5 Dialoogsessie stakeholders .................................................................................... 52 9.5 Etappe 5, Interne reflectie.............................................................................................
53 9.5.1 Reflectiesessie ambtenaren ................................................................................... 53 9.5.2 Reflectiesessie college........................................................................................... 54 9.6 Etappe 6 en 7, Besluitvorming college en raad ............................................................... 55
10.
Afwegen van belangen ................................................................................................ 56
10.1 Ophalen van belangen ................................................................................................ 57
6
10.2 Ordenen van belangen ................................................................................................ 57 10.3 Afwegen van belangen ................................................................................................ 58 11.
Vervolg ....................................................................................................................... 60
7
1. Inleiding De gemeente Hellendoorn werkt aan een brede omgevingsvisie. Daarin legt de gemeente haar ambities voor de lange termijn vast. De hoofdvraag daarbij is hoe we ervoor kunnen zorgen dat we ook in 2040 en daarna nog steeds goed kunnen wonen, ondernemen en ontspannen. De voorbereiding van de omgevingsvisie verloopt in een aantal stappen. Dit Koersdocument is het resultaat van stap 5 - Koers bepalen. Het koersdocument dient als basis voor het opstellen van de definitieve omgevingsvisie in stap 6. Dit koersdocument bestaat uit twee delen. In het eerste deel – De koers, beschrijven we de hoofdkoers voor de gemeente op weg naar 2040. Daarvoor kijken we eerst naar waar we vandaan komen, wat onze kwaliteiten zijn en welke ontwikkelingen en kansen we zien. Daaruit volgen een stip op de horizon en een aantal ontwikkellijnen om die stip te realiseren. Het tweede deel – Het proces gaat over de voorbereiding van de omgevingsvisie, de stappen die we gevolgd hebben om tot dit koersdocument te komen en de participatie daarbij. We gaan ook in op de vervolgstappen die we na de vaststelling van het koersdocument zullen zetten. De koers bevat de gewenste ontwikkeling van de gemeente Hellendoorn. Daar waar we in dit document Hellendoorn noemen, bedoelen we dan ook de gemeente.
Wanneer we verwijzen naar of uitspraken doen over het dorp Hellendoorn in onze gemeente, gebruiken we de term ‘het dorp Hellendoorn’.
1
DEEL 1 DE KOERS VOOR HELLENDOORN
2
2. Een uitzonderlijke geschiedenis De geschiedenis van de gemeente Hellendoorn gaat terug tot de vroege middeleeuwen. De eerste bewoners leefden in kleine nederzettingen en waren vooral actief in de landbouw. Dat agrarische verleden heeft diepe sporen achtergelaten in het landschap én in de cultuur van onze dorpen. Ook nu nog zien we dat terug in de opbouw van het buitengebied, de manier waarop mensen samenleven, en het sterke gevoel van verbondenheid met de omgeving. De bodem bepaalde in hoge mate hoe men leefde en werkte. De gemeente bestaat vooral uit zandgrond. Op die gronden zien we nu vooral veeteelt met als grondgebruik grasland en voedergewassen (vooral snijmais). In het verleden was er meer sprake van gemengde bedrijven met op het bedrijf melkkoeien, varkens en kippen. Er werden ook granen geteeld. In Daarlerveen is het veen afgegraven en is de bovenlaag vooral zand met in de bodem nog wel veenlagen. Akkerbouw komt vooral voor in het noordelijke deel van de gemeente, maar zien we ook gespreid door de gemeente. De inwoners leerden zich aan te passen aan hun omgeving, en dat zorgde voor een gemeenschap waarin de onderlinge band sterk was.
Figuur 1: Het Bouwhuis op landgoed Schuilenburg te Hellendoorn (Gemeentearchief Hellendoorn, HELL000220)
Noaberschap – burenhulp en sociale betrokkenheid – groeide vanuit deze manier van leven. Religie speelde daarbij een belangrijke rol. De kerk was niet alleen een plek van
3
geloof, maar ook van ontmoeting en samenhang. Dat gevoel van zorgen voor elkaar is nog steeds voelbaar in onze gemeente. In de tweede helft van de 19e eeuw veranderde het aanzien van het gebied ten zuiden van het dorp Hellendoorn ingrijpend. Met de opkomst van de textielindustrie ontstond er een nieuwe kern: Nijverdal. Deze plaats groeide snel uit tot het economische hart van de gemeente. Waar de andere dorpen hun agrarisch karakter grotendeels behielden, trok Nijverdal veel arbeiders en ontstond een echte industriekern. Na de Tweede Wereldoorlog werd er flink gebouwd: nieuwe woonwijken, bedrijventerreinen en infrastructuur gaven de gemeente een modern gezicht.
Figuur 2: Het uitgaan van de fabriek aan de Grotestraat op zaterdagmiddag. Bron: Historische Kring HellendoornNijverdal (NL-NvHKHN_B80868)
De textielindustrie bracht decennialang welvaart, maar vanaf de jaren zestig begon de neergang. Veel Twentse fabrieken sloten hun deuren. Ook in Nijverdal verdwenen duizenden banen toen bedrijven zoals Ten Cate getroffen werden door de textielcrisis. Als reactie daarop vanaf de jaren zestig industrieterrein ’t Lochter ontwikkeld om nieuwe bedrijvigheid aan te trekken. Hier vestigden zich bedrijven in onder andere metaalbewerking en kunststoffen, waarmee Hellendoorn zich ontwikkelde tot een centrum van moderne maakindustrie. Vanaf de jaren zeventig kwam er een nieuwe economische pijler bij: het toerisme. Met het Avonturenpark Hellendoorn, de Sallandse Heuvelrug en een aantrekkelijk buitengebied groeide Hellendoorn uit tot een geliefde plek voor recreatie. Steeds meer vakantieparken, campings en B&B’s vestigden zich in de regio. In de jaren tachtig en negentig werd in de Kruidenwijk flink gebouwd om de bevolkingsgroei op te vangen. Maar vanaf het begin van de 21ste eeuw stokte de groei. Door het nationaal en provinciaal beleid werd woningbouw vooral geconcentreerd in 4
grotere steden. Hellendoorn kreeg weinig ruimte voor nieuwbouw. Daardoor kwamen er minder nieuwe woningen bij. De afgelopen jaren werd de ruimte nog eens extra beperkt door de stikstofproblematiek.
Figuur 3: De ingang van de Kruidenwijk omstreeks de jaren 80. (Gemeentearchief Hellendoorn, NIJV000461)
De gevolgen van de stagnatie worden anno 2025 steeds duidelijker zichtbaar. Voorzieningen komen onder druk te staan, jongeren zien zich genoodzaakt langer thuis te wonen of trekken weg. Ook voor jonge gezinnen is het moeilijk om zich te vestigen in de gemeente. Deze gevolgen worden versterkt door het landelijke woningtekort. Toch blijft het karakter van de gemeente overeind: deels geworteld in de landbouw, deels geworteld in de industrie, gedragen door noaberschap, en met een sterk gevoel van verbondenheid met de natuur, het landschap en de gemeenschap.
5
3. Een mooie uitgangspositie Door onze ligging en onze geschiedenis is Hellendoorn een gemeente met veel bijzondere kwaliteiten. Volgens de inwoners en ondernemers is Hellendoorn een gezellige, vriendelijke gemeente met nuchtere, betrokken en sportieve inwoners. De gemeenschap kenmerkt zich door noaberschap, rijke tradities, humor en trots op de eigen taal en cultuur. Dat uit zich bijvoorbeeld in de zorg voor elkaar en de diverse evenementen die inwoners en ondernemers met elkaar organiseren. Onze gemeenschap leunt sterk op haar ontstaansgeschiedenis, de groene omgeving en haar ligging op de grens tussen Twente en Salland. Wat onze inwoners verbindt, is de groene omgeving waarin ze wonen. Ze zijn trots op het dorpse, het open agrarische landschap, de sociale netwerken en het bruisende verenigingsleven. Het is daarom geen wonder dat veel inwoners hun fijne leefomgeving willen behouden voor de toekomst. Niet alleen voor zichzelf en hun kinderen, maar ook voor de vele bezoekers.
Figuur 4: Bankje aan de Regge
3.1 Zeven kernkwaliteiten Als we naar onze gemeente als geheel kijken, zijn er 7 kenmerken die de leefkwaliteit bijzonder maken. Die noemen we onze kernkwaliteiten. Ze vormen onze identiteit en zijn het vertrekpunt voor onze koers op weg naar 2040 en verder, met als doel ze te 6
behouden en te versterken. In ‘Het Verhaal van Hellendoorn’ hebben we de kernkwaliteiten voor het eerst vastgelegd. Op basis van participatie bij de toekomstverkenningen en deze koers, zijn de kernkwaliteiten verder aangescherpt. De kernkwaliteiten zijn: 1. De natuur, de Sallandse Heuvelrug en het Reggedal 2. Het afwisselende agrarische (coulissen)landschap 3. De kernen en buurtschappen, met elk een unieke identiteit 4. Het wonen in een dorpse en groene omgeving met rust en ruimte 5. Het Noaberschap 6. De rijke tradities, het rijke verenigingsleven en de vele evenementen 7. De mix van lokale, stedelijke en nationale voorzieningen
Uit de vragenlijst voor de inwoners:
‘Met de ontwikkeling van het Reggedal is al veel gedaan aan natuur en recreatie.’
3.2 Een goede score op brede welvaart Verschillende onderzoeken onderschrijven onze mooie uitgangspositie (zie ‘De Wiki van Hellendoorn’). De meeste kernen en wijken scoren bovengemiddeld op de landelijke Leef-barometer. Volgens de Stichting Atlas Nederlandse gemeente is de gemeente Hellendoorn, gebaseerd op een uitgebreid onderzoek, op het moment van schrijven de gelukkigste gemeente van Nederland. De nationale Monitor Brede Welvaart tenslotte geeft aan dat de gemeente Hellendoorn op een heleboel onderwerpen hoog scoort in vergelijking met andere gemeenten. Op weg naar 2040 willen we dat zo houden.
3.3 Kernen en buurtschappen met elk een eigen identiteit De verschillende dorpen binnen de gemeente hebben elk hun eigen karakter en identiteit, gevormd door hun geschiedenis, ligging en manier van samenleven.
3.3.1 Het dorp Hellendoorn – historie en gemeenschap
Het dorp Hellendoorn is van oorsprong een agrarische nederzetting en heeft zich door de eeuwen heen ontwikkeld tot een levendig dorp met veel voorzieningen. De ligging aan oude handelsroutes en de nabijheid van de textielindustrie in Nijverdal zorgden voor groei in de 19e eeuw. Tegenwoordig combineert Hellendoorn een historische dorpskern met toeristische trekpleisters, zoals het Avonturenpark. De inwoners vormen een hechte gemeenschap waarin traditie, betrokkenheid en saamhorigheid centraal staan.
7
Figuur 5: Dorpsstraat te Hellendoorn, gezien in noordelijke richting. (Gemeentearchief Hellendoorn, HELL000101)
3.3.2 Nijverdal – ondernemend en veelzijdig
Nijverdal ontstond in de 19e eeuw dankzij de textielindustrie, met de fabriek van Ten Cate als belangrijkste motor. Hierdoor ontwikkelde het dorp zich tot het economische hart van de gemeente. Tegenwoordig is Nijverdal modern, goed bereikbaar en biedt het veel voorzieningen op cultureel, economisch en recreatief gebied. De aanwezigheid van het Nationaal Park De Sallandse Heuvelrug geeft het dorp ook een natuurlijke charme.
“Ik woon in een fijne buurt waarin men nog voor elkaar klaar staat en elkaar groet"
3.3.3 Daarle – landelijk en hecht Het esdorp Daarle heeft altijd een agrarisch karakter behouden. Het dorp is klein gebleven en de bewoners voelen zich sterk verbonden met het landelijke leven en elkaar. Met ongeveer 1.500 inwoners is Daarle een rustige, groene plek waar tradities belangrijk blijven.
8
Figuur 6: Zicht op de Hervormde Kerk te Daarle (Gemeentearchief Hellendoorn, DAARLE000016)
3.3.4 Daarlerveen – lintdorp met arbeidersverleden
Daarlerveen is ontstaan langs het kanaal Almelo–De Haandrik en dankt zijn groei aan de turfwinning in de 19e eeuw. Na deze periode werd het dorp vooral agrarisch. Het kenmerkt zich door zijn langgerekte vorm, open landschap en herkenbare rechte lijnen in het gebied. De gemeenschap is klein maar actief, met voorzieningen zoals een basisschool, Kulturhus en treinstation. In 2024 heeft de gemeenschap het Dorpsplan voor Daarlerveen, over de ontwikkeling van het dorp, opgeleverd.
3.3.5 Haarle – Sallandse charme
Haarle is een dorp met sterke wortels in Salland. Het ligt aan de voet van de Sprengenberg en heeft zijn agrarische karakter behouden. Met ruim 2.000 inwoners is het een dorp dat rust, natuur en traditie uitstraalt. De inwoners zijn trots op hun Sallandse cultuur, waarin saamhorigheid en liefde voor het buitenleven centraal staan. Dat blijkt ook uit het Dorpsambitieplan dat het Plaatselijk Belang in september 2025 aan de gemeente heeft aangeboden.
Figuur 7: Gezicht vanaf het kanaal op de G. Nijlandstraat te Daarlerveen omstreeks 1975 (Gemeentearchief Hellendoorn, DVEEN000002)
9
3.3.6 Buurtschappen – verbonden met de grond
De buurtschappen Marle, Egede, Hancate, Eelen en Rhaan vormen het hart van het buitengebied. Hier leeft de geschiedenis van de vroegere markgenootschappen voort, waarin boeren samen het land beheerden. De bewoners voelen zich sterk verbonden met hun omgeving en met elkaar. Kleinschaligheid, agrarische bedrijvigheid en onderlinge hulp vormen de kern van hun identiteit. Marle is het grootste buurtschap, heeft ongeveer 550 inwoners. Plaatselijk Belang Marle heeft eind 2024 in samenspraak met de inwoners van het buurtschap een Buurtschap Ontwikkelingsplan (BOP) gemaakt, als routekaart naar de toekomst, voor de leefbaarheid in Marle.
Figuur 8: De Christelijke School met de Bijbel aan de Hammerweg te Marle (Gemeentearchief Hellendoorn, Marle000004)
De buurtschappen Egede, Hancate, Eelen, en Rhaan werken sinds 1980 samen onder Plaatselijk Belang Egede, Hancate, Eelen en Rhaan, dat zich inzet voor het behoud van voorzieningen en de leefbaarheid voor de ongeveer 780 inwoners.
10
Figuur 9: Het dorsen van de rogge met een dorsmolen bij de familie Seigers in de buurtschap Egede. De hulp van buren was bij deze snelle manier van dorsen noodzakelijk. Bron: Historische Kring Hellendoorn-Nijverdal (NLNvHtB_030984).
11
4. De basis staat onder druk Het is niet vanzelfsprekend dat de zeven kwaliteiten voor de toekomst behouden blijven. Verschillende (toekomstige) ontwikkelingen zetten de leefbaarheid en de sociale samenhang in onze gemeente onder druk. Door de vergrijzing, individualisering en huishoudens-verdunning bijvoorbeeld, komt de zorg voor elkaar onder druk te staan. En door een tekort aan draagkracht en de groei van het digitale aanbod loopt het voorzieningenniveau in de kernen terug. ‘Het gaat ook over buurthuizen en verenigingen, die leunen op vrijwilligers. Die worden ouder en daarmee wordt het ook lastiger voor verenigingen’. Tegelijkertijd krijgen we te maken met (de gevolgen van) grote opgaven die de gemeentegrenzen overstijgen. Denk aan de betaalbaarheid van de zorg, het woningtekort, een toekomst voor de landbouw, de opvang van vluchtelingen en de energietransitie. Opgaven waaraan wij samen met onze inwoners, ondernemers en partners een bijdrage willen leveren. Een bijdrage die recht doet aan de wensen van de lokale gemeenschap (behouden van al het goede) en vraagt om flexibiliteit en scherpe keuzes.
Figuur 10: Hoe aantrekkelijk vind je jouw wijk om in te wonen? (Resultaat vragenlijst inwoners)
12
4.1 Een zoektocht naar ruimte De vraagstukken die op ons afkomen, leggen druk op de al beperkte ruimte die we hebben in de gemeente. Het gaat daarbij zowel om de fysieke ruimte, de juridische ruimte als de financiële ruimte om gewenste ontwikkelingen in gang te zetten. En het gaat om wat we ‘sociale ruimte’ zouden kunnen noemen. Daarmee bedoelen we de ruimte binnen de gemeenschap om ook het nieuwe te omarmen.
4.1.1 Fysieke ruimte De fysieke ruimte is schaars en de belangen zijn groot. Onze uitdaging is om te komen tot een evenwichtige inrichting, waarin ruimte is voor wonen, ondernemen, recreatie, de landbouw, de natuur en ontwikkelingen als de energietransitie. Voor elk van deze activiteiten zijn er ambities, maar het aantal vierkante meters blijft gelijk. Dat vraagt om zorgvuldige keuzes en een goede balans. Want niet alles wat we graag zouden willen past binnen de ruimte die we hebben.
4.1.2 Juridische ruimte
Onze juridische ruimte wordt beperkt door regels die opgelegd worden door hogere overheden. We hebben als gemeente niet overal zeggenschap over. De regels zijn gericht op het beschermen van bijzondere kwaliteiten, leggen ons verplichtingen op of geven ons instructies hoe te handelen. We plukken er de voordelen van, maar ze beperken ons ook in de keuzeruimte die we hebben. De regels pakken niet voor alle groepen in onze samenleving even gelukkig uit. Denk aan de keuzes van de provincie voor de productie van duurzame energie of de Europese regels voor de bescherming van de natuur.
4.1.3 Financiële ruimte De vraagstukken waarvoor we staan vragen ook om voldoende financiële ruimte. Daarmee bedoelen we dat we genoeg geld, tijd en mensen moeten hebben om plannen echt uit te voeren. Het gaat om financiële middelen voor investeringen, maar ook om ambtelijke capaciteit: voldoende medewerkers die projecten kunnen voorbereiden en begeleiden. Daarnaast is kennis en deskundigheid nodig om slimme keuzes te maken, subsidies aan te vragen en samen te werken met partners.
4.1.4 Sociale ruimte Naast fysieke, regel- en financiële ruimte is er ook sociale ruimte nodig om te voorkomen dat de leefbaarheid onder druk komt te staan. Daarmee bedoelen we de ruimte in de samenleving om verandering mogelijk te maken. Het gaat over de manier waarop inwoners, ondernemers en organisaties nieuwe ontwikkelingen ontvangen en zich verbonden voelen met de gemeenschap, de regio en grensoverschrijdende opgaven.
13
5. Hellendoorn de regio Hellendoorn is geen eiland. We zijn zowel onderdeel van de intern sterk verweven regio Twente, als van Salland. Op allerlei manieren zijn we met beide regio’s verbonden. Die verbondenheid merken we in het dagelijks leven: inwoners maken gebruik van voorzieningen over de gemeentegrenzen heen, zoals de middelbare school in Rijssen en Raalte en de winkels in Raalte en Vroomshoop. Tegelijkertijd bieden onze eigen dorpen en natuurgebieden mogelijkheden voor ontspanning voor inwoners uit heel Overijssel. En bij de bedrijven op ’t Lochter werken mensen uit Hellendoorn, maar ook van daarbuiten. We versterken elkaar dus op het gebied van wonen, voorzieningen, werken en recreatie. Bij de uitwerking van deze koers in de omgevingsvisie zoeken we onze buurgemeenten, de regio en de provincie op. Alleen zo kunnen we zorgen voor een evenwichtige ontwikkeling van het voorzieningenaanbod en de economie.
5.1 Groeiregio Twente Terwijl we als gemeente onze omgevingsvisie voorbereiden, komt de regio Twente enorm in beweging. Twente is benoemd als regio waar na 2030 sprake kan zijn van een verstedelijkingsopgave. Twente wordt daarmee gezien als een regio die moet groeien qua woningbouw, werkgelegenheid, voorzieningen en bevolkingsaanwas. Bij de voorbereiding van de Ruimtelijke Ontwikkelingsstrategie Twente (ROS) en in de Ruimtelijk Economische Bouwsteen Regio Twente 2040 worden de bouw van 60.000 woningen en het creëren van 55.000 banen wordt genoemd. De woningen zijn niet alleen bedoeld om de regionale vraag op te vangen, maar ook om bij te dragen aan de nationale woningbouwopgave. De regio Twente heeft samen met de provincie een Regionale Stedelijke Investeringsagenda (RSIA) en het position paper ‘Twente 2050’ opgesteld. Die vormen de basis voor de ruimtelijke ontwikkelstrategie Twente (ROS). Daarin wordt Twente gepositioneerd als ‘woon-’, ‘makers-’ en ‘leerparadijs’, met aandacht voor zowel stedelijke ontwikkeling als landelijke kwaliteit. De plannen benadrukken dat Twente moet groeien, maar dat groei moet samengaan met behoud van natuur, landschap, en dat bereikbaarheid (vervoer, OV, mobiliteit) en voorzieningen op peil gehouden moeten worden. Twente wil haar eigen karakter behouden: de groene leefomgeving, landschappelijke kwaliteiten en de balans tussen stad/dorps karakter.
Een groot deel van de groei zal daarom plaatsvinden in de steden Almelo, Hengelo en Enschede. Hellendoorn wil zich verbinden aan de ontwikkelstrategie door zich binnen de regio te positioneren als een groene woongemeente met een nationaal en regionale recreatief aanbod. Een goede bereikbaarheid, ook in de toekomst, is daarvoor een randvoorwaarde.
14
“Rust, ruimte, natuur en gemoedelijkheid, dat is waarom ik hier woon.” Met een passende groeiopgave kunnen we voorkomen dat inwoners moeten vertrekken vanwege gebrek aan passende huisvesting. En voorkomen dat het voorzieningenniveau verder verschraalt. Die gematigde groei kunnen we ook inzetten om onze kernkwaliteiten verder uit te bouwen: de landschappelijke kwaliteiten, onze natuur, recreatie, groen wonen en de kwaliteit van leven voor onze bewoners.
5.2 Bruto Twents geluk Bruto Twents Geluk is een tweede opgave in de regio Twente waarop we aangesloten zijn. Daarbij gaat het om hoe mensen hun leven écht ervaren, niet alleen op basis van inkomen of economische groei, maar ook op basis van welzijn, gezondheid, sociale relaties, zingeving en leefomgeving. De focus in de regionale plannen richt zich op gezondheid, toegankelijkheid, sociale cohesie en kwaliteit van de leefomgeving. Deze focus sluit goed aan bij de wensen van onze inwoners (zoals bleek uit de response op de vragenlijsten voor ‘Het Verhaal van Hellendoorn’ en voor deze Koers). Voor Hellendoorn betekent dit bijvoorbeeld aandacht voor veilige straten, goede voorzieningen (basisvoorzieningen, zorg, onderwijs), ontmoetingsplekken en behoud van de sociale participatie.
15
6. Eén missie, drie kernwaarden, vier opgaven We willen dat onze gemeente in 2040 en daarna nog steeds voor iedereen een fijne plek is om te wonen, te ondernemen, te werken en te ontspannen. Dat is onze missie. Gebaseerd op de huidige kernkwaliteiten van onze gemeente, de verwachte ontwikkelingen én de input uit de samenleving is dat een plek waar: 1. Natuur, landschap en cultuurhistorie belangrijke dragers zijn voor onze identiteit en recreatieve functie, 2. Mensen kunnen wonen, werken en ontspannen in een gezonde leefomgeving, en 3. Onze inwoners zich verbonden voelen met elkaar en Noaberschap gewoon is. Samen vormen deze drie kernwaarden het fundament voor de toekomst van Hellendoorn. Ze zijn de basis voor alles wat we doen en verbinden onze opgaven met de toekomst die we samen willen bouwen. Een gezonde leefomgeving definiëren we daarbij als een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag, waarin de gezondheid zo min mogelijk wordt belast en een leefomgeving die als veilig wordt ervaren. Om onze missie te realiseren, liggen vier grote uitdagingen op ons pad. Dat baseren we op de Wiki en het Verhaal van Hellendoorn en de uitkomsten van de participatie die we bij de voorbereiding van de koers hebben gekregen.
Figuur 11: Omgeving Sallandse Heuvelrug, Bron: Mike Rikken Bedrijfsfotografie
16
6.1 Bouwen aan leefbare kernen en wijken Een leefbare kern is een plek waar mensen graag wonen, zich veilig en thuis voelen en zich verbonden voelen met hun omgeving. Een plek met een eigen karakter. Jong en oud en mensen met verschillende achtergronden wonen er samen, kennen elkaar en ontmoeten elkaar. Dat kan op school zijn, in de supermarkt, bij de sportclub, bij de speelplek, in een dorpshuis, op een hangplek of op een andere laagdrempelige ontmoetingsplek. Ze kijken naar elkaar om en organiseren dingen met elkaar. Er zijn genoeg geschikte woningen, goede basisvoorzieningen en veilige routes om te reizen – lopend, op de fiets of met de auto. Ook is er ruimte voor groen, ontspanning en contact met de natuur.
Figuur 12: Aan welke zaken moet de gemeente vooral werken? (Resultaat vragenlijst inwoners)
6.2 Werken aan een samenleving waarin iedereen mee kan doen Met ‘Iedereen doet mee’ bedoelen we dat alle inwoners moeten kunnen deelnemen aan het dagelijks leven in de samenleving. Iedereen heeft bijvoorbeeld toegang tot onderwijs, werk, zorg, sport, vrijwilligerswerk en sociale contacten, ongeacht leeftijd, achtergrond, beperking of persoonlijke situatie. De fysieke leefomgeving kan daaraan bijdragen door ontmoeting te ondersteunen.
17
Uit de vragenlijst voor de inwoners:
‘Inrichting niet persé gericht op ouderen, maar op meerdere doelgroepen. Iedereen doet mee.’
6.3 Ontwikkelen van een vitaal buitengebied Een vitaal buitengebied is een buitengebied waar de inwoners goed kunnen wonen, werken en leven. Er zijn voldoende voorzieningen in de buurt, er is werkgelegenheid, het gebied is goed bereikbaar en heeft een sterke sociale samenhang. Tegelijk is er aandacht voor landbouw, natuur, landschap en recreatie. De kwaliteit van het buitengebied blijft in balans, zodat het aantrekkelijk blijft voor bewoners, ondernemers en bezoekers. Uit het gesprek met de boeren:
‘Woningbouw mag niet ten koste van de landbouw gaan. Rondom de kernen kunnen op specifieke plekken nog wel woningen worden gerealiseerd, maar met de huidige regels hebben de boeren alleen maar meer ruimte nodig om te kunnen blijven produceren’. We definiëren het buitengebied als het gebied buiten de kernen Nijverdal, Hellendoorn, Haarle, Daarle en Daarlerveen.
6.4 Toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen Alles wat we nu doen, kan gevolgen hebben voor de toekomst. Niet alleen richting 2040, maar ook ver daarna. Toekomstbestendig ontwikkelen betekent dat je bij het kiezen van plekken voor bepaalde functies en het bouwen of inrichten van gebieden al rekening houdt met die toekomst. Het gaat erom dat iets ook in de toekomst nog goed werkt en past bij wat mensen dan nodig hebben. Denk bijvoorbeeld aan maatregelen om de gevolgen van extreem weer te beperken en bouwen op droge grond. Denk aan het zorgvuldig benutten van de fysieke ruimte die we hebben en het duurzaam verbinden van woon- en werkgebieden. Of denk aan het beter benutten van de bestaande bedrijventerreinen. Ook maken we bij voorkeur keuzes die de aarde zo min mogelijk belasten. Door bijvoorbeeld het hergebruiken van materialen en het gebruik van hernieuwbare energiebronnen zoals zonne- en windenergie.
18
Uit het gesprek met de ondernemers:
‘Inbreiding bedrijventerrein is wenselijk, bedrijven van 3 ha of groter moeten naar het regionaal bedrijventerrein. Geldt voor nieuwe aanvragen. Als bestaande bedrijven willen groeien, en er is ruimte, dan staan we die groei toe. Met de revitalisering van het bestaande bedrijventerrein willen we nog enige ruimte creëren.
6.5 Groei om onze kwaliteiten te behouden Om deze opgaven in samenhang met elkaar aan te kunnen pakken en onze missie te realiseren moeten we keuzen maken. We staan als gemeente op een kruispunt. Onze dorpen zijn fijn om in te wonen, met sterke gemeenschappen, veel ruimte en een prachtig landschap. Maar deze kwaliteiten staan ook onder druk. We zien dat voorzieningen zoals scholen, winkels en verenigingen het moeilijk kregen. Jongeren vinden moeilijk een woning, blijven langer bij hun ouders wonen of trekken weg. Ook merken we in toenemende mate het effect van de klimaatverandering. De enorme regenbui van september 2024 in Nijverdal liet bijvoorbeeld zien dat de effecten van klimaatverandering ons ook raakten. Door al deze ontwikkelingen komen de leefbaarheid, de zorg voor ouderen en behoud van het dorpsleven onder druk te staan. Dat kunnen en dat willen we niet op zijn beloop laten. Daarom kiezen we groei van het aantal inwoners. Niet met het doel om groter te worden, maar met het doel sterk te blijven. Groei zien we als een middel om onze dorpen levendig, sociaal en aantrekkelijk te houden. Groei zien we als middel om onze missie te realiseren. Maar de groei roept ook zorgen op. Sommige inwoners en veel boeren maakten zich zorgen over veranderingen.
‘Zal ons dorp nog wel hetzelfde blijven?’ ‘Komen er straks mensen die hier niet passen?’ ‘Is er straks nog wel genoeg ruimte voor de landbouw?’ Deze zorgen zijn heel begrijpelijk en we nemen ze serieus. Maar zonder groei van het aantal inwoners verdwijnen er meer voorzieningen. Zonder woningen verlaten meer jongeren de gemeente. En zonder voorwaartse ontwikkeling verliezen we op termijn ook een deel van onze werkgelegenheid. Uit het gesprek met de boeren en de vragenlijst voor de inwoners:
‘Zal ons dorp nog wel hetzelfde blijven?’ ‘Komen er straks mensen die hier niet passen?’ ‘Is er straks nog wel genoeg ruimte voor de landbouw?’ Samen met onze inwoners, ondernemers, boeren, stichtingen, verenigingen, onze maatschappelijke partners (zorg, welzijn, de corporatie, ontwikkelaars, de regio en de 19
provincie zorgen we ervoor dat Hellendoorn ook in de toekomst, leefbaar, aantrekkelijk en eigen is. We willen ruimte geven aan nieuwe ideeën, aan jong en oud, aan ondernemers en boeren die wilden meedenken en meedoen.
Figuur 13: Meer inwoners, waar maak je je dan zorgen over (resultaat vragenlijst inwoners)
20
7. Ambities richting 2040 De vier grote uitdagingen uit hoofdstuk 6 hebben we vertaald in 17 ontwikkellijnen. Op elk van deze ontwikkellijnen zijn ambities geformuleerd. Deze ambities dragen gezamenlijk bij aan de het realiseren van onze missie. De 17 ontwikkellijnen zijn onderling sterk met elkaar verweven. In veel gevallen versterken ze elkaar. Zo draagt voldoende en passende woningbouw bij aan kansengelijkheid voor iedereen en is intensivering in plaats van uitbreiding van het grote bedrijventerrein (ruimte voor ondernemen) belangrijk om ruimte te behouden voor de landbouw (boeren met toekomst).
1. Passende woningen 2. Werkgelegenheid in de kernen 3. (Dagelijkse) voorzieningen 4. Groen in de kernen/wijken 5. Veiligheid
1. Kansengelijkheid voor iedereen 2. Noaberschap en sociale basis 3. Alles voor iedereen toegankelijk en bereikbaar 4. Positieve gezondheid Kernwaarden: Natuur en landschap Gezonde leefomgeving Noaberschap
1. Goed rentmeesterschap 2. Boeren met toekomst 3. Bloeiende natuur en gezonde ecosystemen
1. Goed ondernemersklimaat 2. Bereikbaarheid en mobiliteit 3. Energietransitie 4. Klimaatadaptatie 5. Circulaire economie
Figuur 14: De toekomst van Hellendoorn: een missie, drie kernwaarden, 4 strategische opgaven en 17 ontwikkellijnen
7.1 Bouwen aan leefbare kernen en wijken 7.1.1 Voldoende en passende woningbouw In de afgelopen vijftien jaar zijn er binnen onze gemeente (te) weinig nieuwe woningen gebouwd. In combinatie met de huishoudensverdunning, de vergrijzing van de bevolking en de stijgende vraag naar woningen in de regio, is er een tekort aan woningen ontstaan. Op korte termijn is er in elke kern behoefte aan meer woningen.
21
Figuur 15: In elke wijk moeten meer woningen gebouwd worden (resultaat vragenlijst inwoners)
Ambitie 1: We gaan tot 2050 5.000 woningen bouwen In de periode tot 2040 willen we minimaal 3.000 woningen realiseren om het woningtekort op te lossen, verdere verschraling van het voorzieningenniveau te voorkomen en een gezonde bevolkingsopbouw in de gemeente te borgen. De komende jaren moeten we flinke stappen zetten om dit waar te maken. In de ‘Routekaart versnelling woningbouw’ hebben we aangegeven hoe en waar we de eerste 1.000 woningen daarvan realiseren. Deze woningen worden gebouwd om in de eigen behoefte te voorzien. Ze moeten gerealiseerd zijn vóór 2033. In de periode 2033-2040 willen we ook 2.000 woningen realiseren. Die zijn bedoeld voor zowel de lokale als de regionale behoefte. In de periode 2040-2050 komen daar nog eens 2.000 woningen bij. Het tempo en het volume van de nieuwbouw na 2040 zijn deels afhankelijk van de vraag en het tempo van de schaalsprong van Twente. Met deze ambitie nemen we ook een deel van de regionale groeiambitie voor onze rekening. We bouwen dus alleen voor onze eigen inwoners, maar ook voor inwoners uit de regio en nieuwkomers. Te realiseren woningen
Tot 2040
1
Eigen behoefte tot 2033 (Routekaart)
2
Eigen behoefte 2033-2040
500-1.000
3
Regionale behoefte tot 2040
1.000-1.500
4
Eigen en regionale behoefte na 2040
2040-2050
Totaal
1.000
2.000 3.000
2.000
5.000
22
Uit de vragenlijst voor de inwoners:
‘Zonder nieuwe woningen bloedt een dorp leeg en vallen verenigingen en dus de leefbaarheid om’. ‘Er is al een mega woningtekort. Vooral sociale huurwoningen, maar ook betaalbare koopwoningen’.
Ambitie 2: We bouwen de woningen zoveel mogelijk binnen de dorpse contouren en in iedere kern In het centrum van Nijverdal realiseren we tot 2033 700 woningen. Aanvullend daarop werken we aan een overzicht van mogelijke verdichtings- en transformatielocaties in alle kernen.
Figuur 16: Waar mag iets hoger gebouwd worden? (Resultaat vragenlijst inwoners)
Waar de gebouwde omgeving het toelaat en op mobiliteitsknooppunten bouwen we meerlaags en in hogere dichtheden. Hoe hoog dat is, is sterk afhankelijk van de plek. We vinden het belangrijk dat historische structuren zoveel mogelijk behouden blijven. Alleen in Nijverdal lijkt ruimte voor middelhoge woongebouwen. Rondom het station en in het centrum kan bij wijze van accent mogelijk ook hoogbouw worden gerealiseerd.
Aantal woonlagen
Minimaal
Maximaal 3
1
Laagbouw
1
2
Middelhoog
4
5
3
Hoogbouw
6
10
23
Ambitie 3: Bij uitbreiding bouwen we zoveel mogelijk rond of aansluitend op de bestaande kernen Om voldoende woningen te realiseren, is ook nieuwbouw buiten de bestaande kernen noodzakelijk. We streven er daarbij naar de nieuwbouw zoveel mogelijk rond of aansluitend op de bestaande kernen te realiseren. Zo proberen we de impact van de woningbouwopgave op het buitengebied tot een minimum te beperken. We leggen in de omgevingsvisie we op hoofdlijnen vast waar ruimte is voor uitbreiding en waar dat niet kan. We onderscheiden daarbij gebieden waar gebouwd mag worden, waar misschien gebouwd kan worden en waar niet gebouwd mag worden. Daarvoor gaan we in iedere kern met de samenleving in gesprek. We nemen de natuurlijke kenmerken van water en bodem mee als één van de uitgangspunten voor de keuze waar we woningen realiseren en waar niet.
Figuur 17: Gebiedsindeling voor de uitwerking in de omgevingsvisie. Basis is de gebiedsindeling van het CBS. Die is opgetild naar zes deelgebieden
24
Ambitie 4: We realiseren een thuis voor iedereen Nu en in de toekomst is Hellendoorn aantrekkelijk voor mensen die ruimte, rust en verbondenheid zoeken, maar ook waarde hechten aan duurzaamheid, gezondheid en samenleven. Dat geldt voor jonge gezinnen, ouderen, thuiswerkers en vernieuwende ondernemers – mensen die willen bijdragen aan een vitale, groene en zorgzame leefomgeving. Binnen de gemeente is op dit moment vooral een tekort aan betaalbare woningen voor starters, jongeren en ouderen die willen doorstromen naar een kleinere woning. Ook de wachttijden voor sociale huurwoningen zijn lang. Daarom richten we ons de komende jaren bij de woningbouwprogrammering primair op het creëren van woonruimte voor deze groepen. Daarnaast willen we ook bouwen voor inwoners van buiten de gemeente. Nieuwe inwoners zijn belangrijk om de leefbaarheid in onze kernen te behouden en te versterken. Zij dragen bij aan een vitale gemeenschap, een goed voorzieningenniveau en een gezonde bevolkingsopbouw.
Figuur 18: Voor welke groepen moet vooral gebouwd worden? (Resultaat vragenlijst inwoners)
Uit het gesprek met een jongere:
‘Voor de jongeren moeten er appartementen gebouwd worden. Deze zijn goedkoper en zorgen ervoor dat ze snel een plek kunnen krijgen’. Door woningen levensloopbestendig te bouwen, zorgen we ervoor dat ze geschikt blijven voor verschillende doelgroepen en levensfasen. Ook stimuleren we woonvormen 25
die de gemeenschapszin versterken: plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en naar elkaar omzien. De daadwerkelijke invulling van deze opgave kan per kern of wijk verschillen, maar overal spelen samenhangende vraagstukken op het gebied van wonen, leefbaarheid en voorzieningen.
Figuur 19: Welke soort woningen zijn het hardst nodig (resultaat vragenlijst inwoners)
7.1.2 Werkgelegenheid in de kernen
Werkgelegenheid is van invloed op de sfeer, de leefbaarheid en de levendigheid in een kern. Het biedt onze inwoners kansen om dicht bij huis te werken en zo verbonden te blijven met hun omgeving. We zetten in op prettig wonen, groen en voorzieningen. Dit trekt niet alleen nieuwe inwoners aan, maar stimuleert ook nieuwe werkgelegenheid in de kernen. Ambitie 5: We richten ons op de groei van onze kleine en middelgrote bedrijven (MKB) Onze kleine en middelgrote bedrijven zijn de ruggengraat van de lokale economie. Ze dragen bij aan de diversiteit ervan. Lokale bedrijven creëren banen in de buurt, ook voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Jonge mensen kunnen via stages of startersbanen lokaal bij hen aan de slag. Lokale winkels, horeca, ambachtsbedrijven en diensten geven een plek karakter. Ze dragen bij aan het authentieke, onderscheidende profiel van het dorp. Veel lokale ondernemers sponsoren bovendien onze verenigingen, organiseren evenementen en nemen deel aan initiatieven. Ze zijn zichtbaar, aanspreekbaar en betrokken.
26
Ambitie 6: We creëren ruimte voor lokaal ondernemerschap, innovatie en werkgelegenheid We zien wonen als de motor voor de toekomst van de gemeente Hellendoorn. Maar als de bevolking gaat groeien, waarbij we uitgaan van een gezonde bevolkingsopbouw, stijgt de vraag naar werk. Daarom reserveren we bij en in iedere kern ruimte voor kleinschalige bedrijvigheid en creëren we meer ruimte voor werken aan huis. In en rond de kernen bieden we alleen ruimte aan bedrijven die een ruimtevraag van minder dan 1 hectare. Bedrijven met een ruimtevraag van 2-3 hectare kunnen op ’t Lochter terecht. Nieuwe bedrijven met een ruimtevraag van 3 ha of meer verwijzen we naar de grotere bedrijventerreinen in de regio. Daarmee sluiten we aan bij de REB.
Uit het gesprek met de ondernemers:
’Het in balans houden van alle thema’s is heel belangrijk. Ondernemers willen wel uitbreiden, maar hebben werknemers nodig. Daarvoor moeten er woningen komen’.
7.1.3 (Dagelijkse) voorzieningen
Onze gemeente telt een breed scala aan voorzieningen met voor elk wat wils. Er zijn nationale en regionale musea, sport- en recreatievoorzieningen gevestigd zoals het nationale park, het Avonturenpark, het Vrijheidsmuseum, diverse vakantieparken en zwembad het Ravijn. Nijverdal huisvest naast de wijkwinkelcentra Kruidenwijk en Groot Lochter ook (klein)stedelijke voorzieningen zoals het winkelgebied in het centrum, een bioscoop en theater ZINiN. Verspreid over de kernen en buurten zijn tal van lokale voorzieningen te vinden, gericht op onderwijs, sport, ontspanning, zorg en boodschappen. In verschillende kernen en wijken in de gemeente komt een aantal voorzieningen onder druk te staan. Het gaat bijvoorbeeld om de scholen, zorg, winkels en sportmogelijkheden. Oorzaken voor de druk op de voorzieningen zijn onder andere de veranderende vraag door de vergrijzing, het veranderend (koop)gedrag van inwoners en de vermindering van het aantal vrijwilligers. Dit kan gevolgen hebben voor het dagelijks leven en de samenhang in een kern. Ambitie 7: We streven naar het behoud van het huidige voorzieningenniveau en toekomstbestendige voorzieningen Het voorzieningenniveau wordt vooral bepaald door vraag en aanbod. De gemeente heeft in veel gevallen ook geen zeggenschap over het voortbestaan ervan.
Maar door slim te bouwen, functies te combineren en initiatieven te ondersteunen, kunnen we als gemeente bijdragen aan levende dorpen met een basis aan voorzieningen. Daarbij staat de functie voorop en niet het gebouw. Voor maatschappelijke voorzieningen en ruimte voor ontmoeting kunnen en moeten we ook ons maatschappelijke vastgoed inzetten. Voor buurthuizen en scholen bijvoorbeeld. Tenslotte is de gemeente eigenaar van een
27
aantal voorzieningen zoals de bibliotheek, wijk- en buurtcentra, speelplekken en parken.
Figuur 20: Welke voorzieningen vind je belangrijk om in de buurt te hebben (resultaat vragenlijst inwoners)
Om tot een goede voorzieningenstructuur gaan we onderzoeken of we kunnen werken met kengetallen. Zo krijgen we bij groei van het aantal inwoners en een veranderende bevolking meer inzicht in welke voorzieningen nodig zijn. Op basis van deze inzichten en de vraag van onze inwoners, kunnen we onze gemeentelijke accommodaties gerichter inzetten en onze opgave prioriteren.
7.1.4 Groen in de kernen/wijken
Naast de natuur en het landschap in het buitengebied hechten onze inwoners ook veel waarde aan voldoende groen in hun directe leefomgeving. Groen is van invloed op hoe prettig en gezond mensen hun omgeving ervaren. Groen vermindert stress, verhoogt beweging, bevordert sociaal contact, verlaagt kans op ziekten en versterkt ons geluksgevoel. Groen draagt ook bij aan biodiversiteit.
Uit de vragenlijst voor de inwoners: ‘zorgen dat de wijk schoon blijft, onderhoud openbare ruimte, behoud groene omgeving, woonruimte is belangrijk, maar mag niet ten koste gaan van natuur’.
28
Ambitie 8: als we verdichten en uitbreiden dan doen we dat groen Bij elke inbreiding en uitbreiding bouwen we aan een veerkrachtige en gezonde leefomgeving. Groen, water en klimaat zijn geen randvoorwaarden, maar dragers van de ruimtelijke kwaliteit. We passen de principes van natuurinclusief en klimaatadaptief bouwen toe. Dat betekent ruimte voor bomen, struiken en wadi’s, aandacht voor bodembehoud en natuurlijke afwatering, en plekken waar bewoners kunnen ontspannen en elkaar ontmoeten. Zo draagt iedere ontwikkeling – groot of klein – bij aan de vergroening van onze dorpen en wijken, en aan een leefomgeving die bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering. Ambitie 9: In de kernen gaat goed beheren boven uitbreiden van het openbare groen We gaan het bestaande gemeenschappelijke groen in de kernen waar nodig renoveren, versterken en beter beheren, met aandacht voor biodiversiteit, schaduw en wateropvang. Daarbij werken we planmatig: ‘basis op orde’, ‘klimaatadaptatie’ en ‘groen doen we samen’. We streven naar een samenhangende en goed onderhouden groene structuur die bijdraagt aan een aantrekkelijke, gezonde en veilige woonomgeving. Bij herinrichting geven we prioriteit aan het vitaal houden van het bomenbestand, het gebruik van klimaatbestendige beplanting en het vergroenen van versteende plekken.
Ambitie 10: Particuliere tuinen dragen bij aan een groen en klimaatbestendig Hellendoorn We stimuleren en ondersteunen inwoners om hun eigen tuin en erf groener, biodiverser en klimaatbestendiger te maken. Dit doen we door bewustwording te vergroten over het belang van particulier groen voor wateropvang, verkoeling en biodiversiteit, én door kleinschalige burgerinitiatieven actief te ondersteunen. Daarnaast stimuleren we samenwerking tussen buurten, scholen en verenigingen, zodat tuinen, erven en buurten samen een robuust groen netwerk vormen. Particulier en openbaar groen vullen elkaar zo aan en maken samen Hellendoorn groener, gezonder en veerkrachtiger.
7.1.5 Veiligheid
De gemeente Hellendoorn is een relatief veilige plek om te wonen, werken en recreëren. Toch wordt dat niet zo door iedereen beleefd. Met name ouderen geven aan dat zij zich op sommige locaties minder veilig voelen, bijvoorbeeld door toename van (te hard rijdend) verkeer of door de inrichting van de openbare ruimte. Jongeren vragen om goed verlichte fietsroutes in het buitengebied. Ook verschillen in leefstijlen — tussen jong en oud, of tussen inwoners en nieuwkomers — leiden soms tot spanningen. Ambitie 11: We voorkomen dat kwetsbaren slachtoffer of dader worden We zetten in op het weerbaar maken van onze inwoners. Een sterke sociale basis vormt de fundering voor sociale veiligheid: mensen die elkaar kennen, aanspreken en ondersteunen, dragen bij aan een veilige leefomgeving.
29
Ambitie 12: Inwoners voelen zich veilig in hun buurt of straat De openbare ruimte ontwerpen we met oog voor veiligheid. Dat betekent niet alleen dat we werken aan goede verlichting, scheiding van langzaam en snel verkeer, snelheidsbeperkende maatregelen en veilige oversteekplaatsen.
Uit de vragenlijst voor inwoners en de gesprekken op Reggesteyn:
‘Lantaarnpalen in het buitengebied moeten aangelaten worden. Voor vrouw alleen is het niet veilig in het donker te fietsen’. ‘Er moeten meer veilige fietsroutes komen in het buitengebied voor jongeren om te fietsen’.
We zorgen ook met elkaar voor een schone, hele en sociaal veilige omgeving. We bouwen bij voorkeur in gebieden die minder gevoelig zijn voor overstromingen. En we houden rekening met de gevolgen van groei voor de verkeersveiligheid, zodat Hellendoorn prettig en veilig bereikbaar blijft. Ambitie 13: De georganiseerde misdaad krijgt geen ruimte in Hellendoorn We hebben aandacht voor ondermijning en andere vormen van criminaliteit. Samen met inwoners, ondernemers, politie en andere partijen gaan we drugscriminaliteit, misbruik van vastgoed en andere vormen van misdaad en ondermijning tegen.
30
7.2 Iedereen doet mee Met Iedereen doet mee bedoelen we een gemeente waarin álle inwoners kunnen deelnemen aan het dagelijks leven. Iedereen heeft toegang tot onderwijs, werk, zorg, sport, vrijwilligerswerk en sociale contacten – ongeacht leeftijd, achtergrond, beperking of persoonlijke situatie. De fysieke leefomgeving draagt daaraan bij door ontmoeting te ondersteunen en gezond gedrag te stimuleren, terwijl negatieve effecten op gezondheid zoveel mogelijk worden beperkt.