CConstaterende datHeiloo
Koppel je AI →
Document · PDF

Kennemerstraatweg 436-436a Heiloo Bijlagen toelichting

Raadsvergadering 27 mei 2024, gemeente HeilooBij agendapunt: Bestemmingsplan en omgevingsvergunning Kennemerstraatweg 436-436a13.842 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo vastgesteld

bestemmingsplan Bijlagen bij de toelichting

Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo vastgesteld 27-05-2024

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

Inhoudsopgave

Bijlagen bij de toelichting

5

Bijlage 1

Ontwerp

7

Bijlage 2

Archeologisch onderzoek

37

Bijlage 3

Archeoligie: verkennend booronderzoek

73

Bijlage 4

Verkennend Bodemonderzoek

103

Bijlage 5

Quickscan Ecologie

179

Bijlage 6

Afdoend ecologisch onderzoek

191

Bijlage 7

Addendum Ecologie

203

Bijlage 8

Memo Ecologie

207

Bijlage 9

AERIUS

215

Bijlage 10

Onderzoek wegverkeerlawaai

265

Bijlage 11

Ontwerpbesluit Hogere Grenswaarden

299

Bijlage 12

Watertoets

303

Bijlage 13

Verslag 1e informatiebijeenkomst

311

Bijlage 14

Verslag 2e informatiebijeekomst

315

Bijlage 15

Nota vooroverleg en zienswijzen

319

Bijlage 16

Ontwerpbesluit aanvraag omgevingsvergunning

327

Bijlage 17

Definitive beschikking omgevingsvergunning

351

3

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

4

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

Bijlagen bij de toelichting

5

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

6

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

Bijlage 1 Ontwerp

7

Langhuisstolp met groen - Impressie

LANGHUISSTOLP MET GROEN

IMPRESSIE

9

CONCEPT

AANZICHT

AANZICHT NOORD

Concept - Aanzicht

AANZICHT WEST

10

OPTIES

BERGING

+ Een volledig losse berging geeft het beste zicht op de karakteristieke vorm van de stolp. + Meest strakke en duidelijke vertaling van de ‘klassieke stolp’.

Langhuisstolp + Karakteristieke uitbouw voor stolpen. + Zelfde type uitbouw als naastgelegen stolp Betsy’s hof. + Aangebouwde garage/berging bied de meeste flexibiliteit in het gebruik.

West-Friese stolp + Afgeleid van de karakteristieke vorm van een West-Friese stolp. - Doordat de berging niet te groot mag worden oogt het in zijaanzicht niet als een echte West-Friese stolp.

Opties - Berging

Losse berging

Betsy’s hof 11

PLATTEGROND

BESTAAND Te verplaatsen parkeerplaatsen

NB: Zie pagina 25 en 26 voor het verder uitgewerkte parkeerplan.

Plattegrond - Bestaand

Verplaatsen parkeerplaatsen

12

Woning - Stolp

WONING

STOLP

14

WONING

STOLP

Living

Garage

Slaapkamer 2

Slaapkamer 3

Techniek

16m

Badkamer Zolder

Badkamer Woonkeuken

7,75m

Woning - Stolp

Slaapkamer 1

3m

1:100

15

Woning - Vrijstaand

WONING

VRIJSTAAND

16

WONING

VRIJSTAAND

Woonkeuken Slaapkamer 2

Slaapkamer 3 Zolder

12m

Slaapkamer 1

Techniek Woning - Vrijstaand

Living

7m

1:100

17

Woning - Bebo’s + hoek

WONING

BEBO’S + HOEK

18

BIJLAGE

BODEM ONDERZOEK

De gestelde hypothese dat ter plaatse van deellocaties A en B verhogingen aan minerale olie in de grond en ter plaatse van deellocatie A lichte verhogingen aan minerale olie, vluchtige aromaten en VOCL in het grondwater konden worden verwacht is niet bevestigd. In zowel de grond als in het grondwater zijn geen verhogingen gemeten.

Zowel zintuiglijk als analytisch is zijn er geen bevindingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van een (sterke) verontreiniging met minerale olie in de bovengrond. Mogelijk dat deze grond in de tussentijd toch gesaneerd is (in eigen beheer). Hiervan zijn echter geen gegevens bekend bij de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord.

De grond is aanvullend onderzocht op PFAS. In mengmonster BG 2 is 4,2 μg/kg ds aan PFOS (een PFAS-verbinding) gemeten. Conform het beleid van de provincie Noord-Holland geldt er geen saneringsplicht, maar als deze grond vrijkomt bij graafwerkzaamheden is deze op basis van het Tijdelijk Handelingskader niet Ook ter plaatse van de deellocaties C en F zijn geen geschikt voor hergebruik elders. Deze grond zou dan verhogingen gemeten. De gestelde hypothese voor deze kunnen worden afgevoerd naar een grondreiniger of deellocaties zijn derhalve ook niet bevestigd. naar een locatie waar hergebruik op basis van lokaal beleid mogelijk is. Als er grootschalige afvoer van De gestelde hypothese dat ter plaatse van deellocaties grond gaat plaatsvinden, is het ons inziens nuttig om D en E verhogingen aan VOCL kunnen worden afperkend onderzoek te doen naar de verhoogde verwacht is wel bevestigd. In zowel het monster van de waarden van PFOS. bovengrond van deellocatie D als in het monster van de Aanbevolen wordt om de grond die tijdens de bovengrond van deellocatie E is een lichte verhoging aan werkzaamheden vrijkomt zo veel mogelijk te trichloormethaan gemeten. hergebruiken binnen de perceelsgrenzen. Indien dit niet mogelijk is kan de grond op basis van dit rapport De gestelde hypothese dat op het overige terrein worden afgevoerd naar een grondbank of grondreiniger.

deel geen verhogingen worden verwacht boven Als de grond wordt afgevoerd voor hergebruik elders, is lokale achtergrondwaarden zoals opgenomen in de (normaliter) eerst een keuring nodig (doorgaans incl. bodemkwaliteitskaart is bevestigd. In de grond zijn PFAS) conform het Besluit Bodemkwaliteit. Met name hooguit lichte verhogingen gemeten (na uitsplitsing). bij grotere partijen grond is dit laatste voordeliger dan In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties afvoeren naar een grondbank of -depot. De gemeente gemeten. beschikt over een bodemkwaliteitskaart, waardoor in sommige gevallen hergebruik mogelijk is zonder De sterke verontreiniging met minerale olie ter plaatse aanvullend onderzoek. van de voormalige bovengrondse stookolietank, die met het nulsituatie bodemonderzoek in 1994 is aangetoond, Tijdens het onderzoek is gebleken dat op de locatie een is met onderhavig onderzoek niet meer aangetroffen. overkapping met asbestverdachte platen aanwezig is.

Deze overkapping is niet voorzien van een goot. Het maaiveld onder de overkapping bestaat grotendeels uit betonnen industrieplaten waardoor de kans klein is dat er asbest in de bodem terecht is gekomen. Dit kan echter pas worden bevestigd met een verkennend asbestonderzoek die uitgevoerd kan worden wanneer de erfverharding is weggehaald. De hypothese dat de locatie asbestonverdacht is, kan derhalve niet worden verworpen. De overige onderzoeksresultaten vormen ons inziens geen belemmeringen voor de afgifte van een omgevingsvergunning. De afgifte van de omgevingsvergunning blijft echter een beleidsmatige afweging van de gemeente zelf.

Bijlage - Bodem onderzoek

Conclusie bodemonderzoek De milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie Kennemerstraatweg 436 te Heiloo is vastgelegd.

20

BIJLAGE

ECOLOGIE ONDERZOEK Conclusie ecologie onderzoek Voor Kennemerstraatweg 436 te Heiloo worden plannen voorbereid voor werkzaamheden op locatie. Het betreft slopen van de huidige bebouwing en nieuwbouw van woningen. Voor de ruimtelijke plannen wordt een ruimtelijke procedure doorlopen. Onderdeel van de procedure is een onderzoek naar de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten en het maken van een analyse van de mogelijke effecten op die soorten, als gevolg van de werkzaamheden. Het complex bestaat uit een gebouw met een commerciële functie en een bedrijfswoning. De werkzaamheden waarmee rekening moet worden gehouden worden is sloop nieuwbouw.

Noodzakelijke ontheffing c.q. vergunning Voor de ruimtelijke plannen is geen ontheffing van de Wet natuurbescherming noodzakelijk.

Bijlage - Ecologie onderzoek

Beschermde soorten Er zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen, huismus of gierzwaluw aangetroffen. Bij de buren zijn paarverblijven aangetoond. Deze mogen niet worden verstoord door verlichting. Ook het aanliggende natuurgebied mag niet worden verlicht.

21

BIJLAGE

KLIC MELDING

Bijlage - Klic melding

Elektra Gas Telecom Water Riool Technisch gebouw

22

PARKEREN

BESTAANDE SITUATIE Parkeerplaatsen bestaand Parkeerplaatsen bestaand - te verplaatsen

Op dit moment zijn er 19 parkeerplaatsen gesitueerd binnen de parkeerkoffer. Hiervan zullen 3 parkeerplaatsen verplaatst worden om ruimte te creëeren.

25

PARKEREN

NIEUWE SITUATIE Parkeerplaatsen bestaand Parkeerplaatsen verplaatst Parkeerplaatsen toegevoegd Er zijn 11 openbare parkeerplekken toegevoegd aan het plan. Conform eerder overleg zijn er 2 parkeerplekken op het perceel van de vrijstaande woning getekend en is er 1 parkeerplaats per stolpwoning getekend. In totaal bied het plan 15 parkeerplaatsen waar er 14,7 worden vereist.

26

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

Bijlage 2 Archeologisch onderzoek

37

Inhoud 1

Inleiding................................................................................................................................. 6 1.1 Algemeen ....................................................................................................................... 6 1.2 Huidige situatie .............................................................................................................. 7 1.3 Toekomstige situatie ....................................................................................................... 9 2 Archeologisch bureauonderzoek .............................................................................................12 2.1 Onderzoeksmethode ......................................................................................................12 2.2 Beleid en bestemmingsplan ............................................................................................13 2.3 Geologie, geomorfologie en bodemopbouw .....................................................................13 2.4 Historische gegevens .....................................................................................................17 2.5 Verstorende bodemingrepen in het verleden ...................................................................24 2.6 Bekende archeologische waarden

...................................................................................25 2.6.1 AMK-terreinen............................................................................................................25 2.6.2

Archis vondstmeldingen ..............................................................................................25

2.6.3

Archis onderzoeksmeldingen .......................................................................................25

2.6.4

Overige archeologische waarden .................................................................................28

2.6.5

Samenvatting bekende archeologische waarden ..........................................................29

3

Archeologische verwachting en selectieadvies .........................................................................30 3.1 Archeologische gespecificeerde verwachting ....................................................................30 3.2 Selectieadvies ................................................................................................................31 4 Bronnen ................................................................................................................................32 4.1 Digitale bronnen ............................................................................................................32 4.2 Literatuur ......................................................................................................................32

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

2

Bovenstaand advies dient beoordeeld te worden door de bevoegde overheid.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

4

1 3

1.1

Inleiding Algemeen

Dit archeologisch bureauonderzoek is uitgevoerd conform KNA 4.13 en BRL protocol 4002 door Buro de Brug in opdracht van De aanleiding tot dit onderzoek is de sloop van een stolpboerderij en de bijbehorende voormalige wasserij (“Hollands Roem”). Dit onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanwijziging. Nadien wordt nieuwbouw (stolp, vrijstaande woning en een rij woningen) gerealiseerd. De ontgravingen ten behoeve van de geplande werkzaamheden bereiken een oppervlakte van 593 m2 en een diepte is nog onbekend. De nieuwbouw wordt niet onderkelderd, waardoor kan worden aangenomen dat de bouwkuipen tot max. 1 m -mv worden aangelegd. De totale oppervlakte van het plangebied beslaat ca. 2.950 m². Het plangebied ligt aan de Kennemerstraatweg 436 te Heiloo binnen de gemeente Heiloo (Afbeelding 1). Volgens Bestemmingsplan ‘Zuid-oost’ (vastgesteld op 11 juli 2011) en het Bestemmingsplan Campina (vastgesteld op 10 mei 2010) geldt Waarde – Archeologie 2 binnen het plangebied, waarbij archeologisch onderzoek noodzakelijk is bij bodemingrepen dieper dan 0,5 m -mv en die tevens een oppervlakte van meer dan 75 m² beslaan. De gemeente Heiloo heeft geen archeologische verwachtingsof beleidskaart.

Het voorgaande maakt waarschijnlijk dat de bodemverstoringen die de geplande bodemingrepen met zich meebrengen de toegestane verstoringsmarges van oppervlakte en diepte zullen overschrijden. De voorgenomen werkzaamheden zouden een bedreiging kunnen vormen voor eventueel aanwezige archeologische resten. Gezien de aard en omvang van de bodemingrepen is een archeologisch (voor)onderzoek noodzakelijk.

3 Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, www.sikb.nl.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

6

Afbeelding 1. Locatie van het plangebied en het onderzoeksgebied.

1.2

Huidige situatie

Het plangebied ligt aan de Kennemerstraatweg 436 in het dorp Heiloo in de gemeente Heiloo in de provincie Noord-Holland (afb. 2). Aan de Kennemerstraatweg liggen veel woonhuizen, maar ook bedrijven zijn gevestigd aan deze weg. Binnen het plangebied staat een stolp met een wasserijgebouw en een garage met daarachter een parkeerplaats. Uit archiefonderzoek is gebleken dat de stolp in 1870/1871 is gebouwd, waardoor de stolp bouwhistorische waarden kan hebben. De wasserij en de garage zijn in de jaren ’70 van de vorige eeuw bijgebouwd. Het plangebied is momenteel voor ca. 952 m² bebouwd. Het plangebied is gelegen naast het bedrijf ‘De Browniehemel’ (op nummer 438) en een stuk grasland. Binnen het onderzoeksgebied (straal van 250 m) bevinden zich geen archeologische rijksmonumenten en geen AMK-terreinen. Wel zijn een gebouwde rijksmonumenten aanwezig: de stolp Betsy’s Hof uit 1913 (Kennemerstraatweg 434, rijksmonumentnr. 516002) en twee hekpijlers van

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

7

leeuwen (rijkmonumentnr. 21349). Ook is de achterliggende Ter Coulsterlaan een gemeentelijk monument (nr. 0399/H03). De grondwatertrap binnen het plangebied is VIIo, wat betekent dat het grondwater relatief diep is. Hierbij kan de gemiddeld hoogste grondwaterstand tussen 80-140 cm -mv worden aangetroffen en zit de gemiddeld laagste grondwaterstand op een diepte tussen 120-180 cm -mv. Op basis hiervan kan niet worden verwacht dat de gronden binnen het plangebied archeologisch gezien organische resten (hout, leer, etc.) goed hebben geconserveerd. 4 Over eventuele bodemverontreiniging binnen het plangebied is niets bekend.5

Afbeelding 2. De huidige inrichting gezien vanaf de Kennemerstraatweg (Google Maps).

Afbeelding 3. Een plattegrond van de huidige inrichting (

4 5

www.bodemdata.nl. Zie de Verstoringsbronnenkaart op www.rce.webgispublisher.nl.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

8

Afbeelding 4. De voorgenomen toekomstige impressie van de stolp (bron:

Afbeelding 5. De voorgenomen toekomstige impressie van de vrijstaande woning (bron:

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

10

2

Archeologisch bureauonderzoek

2.1

Onderzoeksmethode

Dit bureauonderzoek heeft tot doel - op basis van bestaande landschappelijke, archeologische en historische bronnen - een gespecificeerde archeologische verwachting te verkrijgen voor het plangebied. Op basis van de resultaten wordt een aanbeveling gedaan worden om de eventueel aanwezige archeologische waarden in het plangebied veilig te stellen. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de richtlijnen van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA versie 4.1). Voor het verzamelen van gegevens met betrekking tot reeds bekende archeologische- en bodemkundige waarden van het plangebied zijn de volgende bronnen geraadpleegd: Gemeentelijke waarden- en verwachtingenkaart archeologie

n.v.t.

Gemeentelijke archeologische beleidskaart

n.v.t.

Toelichting gemeentelijk archeologisch beleid

Bijlage 6 van de Nota Cultuurhistorie uit 2011/ Bestemmingsplannen www.ruimtelijkeplannen.nl

Bestemmingsplan Zuid-oost (vastgesteld op 11 juli 2011) en Bestemmingsplan Campina (vastgesteld op 10 mei 2010). Geologie (1:600.000) Bodemkunde (1:50.000)

Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN3)

TNO-NITG 2005; www.dinoloket.nl; kaart 2010 Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000, versie 2014, Alterra Geomorfologische kaart van Nederland, schaal 1:50.000, versie 2017, Alterra www.ahn.nl

Kadastrale minuutkaarten 1811-1832

beeldbank.cultureelerfgoed.nl

Kadaster

www.kadaster.nl

Grote Historische Atlas 1839-1859

Geudeke 1990

Bonnebladen 1870-1931 Nationaal Archief Noord-Hollands archief/ Regionaal Alkmaar Gemeentelijk archief Heiloo

Bureau Militaire Verkenningen www.nationaalarchief.nl www.noord-hollandsarchief.nl www.regionaalarchiefalkmaar.nl www.archieven.nl

Geomorfologie (1:50.000)

Archief

NIMH

www.nimh-beeldbank.defensie.nl/

Archeologische Monumentenkaart (AMK)

www.rce.webgispublisher.nl/Viewer.aspx?map= Archeologie%2Din%2DNederland www.zoeken.cultureelerfgoed.nl

Archis

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

12

2.2

Beleid en bestemmingsplan

De gemeente Heiloo heeft een eigen archeologiebeleid, dat in 2011 is opgesteld en onderdeel is van de Nota Cultuurhistorie. Echter wordt dit beleid niet meer gehanteerd. De gemeente Heiloo kent geen archeologische beleidskaart. Volgens Bestemmingsplan ‘Zuid-oost’ (vastgesteld op 11 juli 2011) en het Bestemmingsplan Campina (vastgesteld op 10 mei 2010) geldt Waarde – Archeologie 2; Artikel 17/ Artikel 9 Waarde – Archeologie - 2 9.1 Bestemmingsomschrijving De voor ‘Waarde - Archeologie - 2’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het behoud van de aldaar in of op de grond aanwezige archeologische waarden; b. de overige bestemmingen die op basis van het plan aan de gronden zijn toegewezen. 9.2 Bouwregels In afwijking van het bepaalde in de aangegeven andere bestemmingen mogen in of op deze gronden geen bouwwerken worden gebouwd, met uitzondering van: a. bouwwerken ter vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande oppervlakte van de bouwwerken met niet meer dan 75 m² wordt uitgebreid; b. bouwwerken ter vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande oppervlakte van de bouwwerken met meer dan 75 m² wordt uitgebreid, maar waarbij geen grondroerende werkzaamheden plaatsvinden dieper dan 0,50 m onder het maaiveld; c. bouwwerken met een oppervlakte van 75 m² of minder; d.

bouwwerken met een oppervlakte van meer dan 75 m² maar waarbij geen grondroerende werkzaamheden plaatsvinden dieper dan 0,50 m onder het maaiveld.

De voorgenomen nieuwbouw zal de 75 m2 overschrijden en zou daarmee een bedreiging kunnen vormen voor eventueel aanwezige archeologische resten in de ondergrond. Gezien de aard en omvang van de bodemingrepen is een archeologisch (voor)onderzoek noodzakelijk.

2.3

Geologie, geomorfologie en bodemopbouw

Bron Geologie6 (1:600.000) Bodemkunde7 (1:50.000) Geomorfologie8 (1:50.000)

Hoogteligging9

Informatie Na1: Lp. v. Schoorl/ Zandvoort; duin- en strandzand. Na10: Lp. v. Walcheren op Lp. v. Schoorl/ Zandvoort; zeeklei op duin- en strandzand. Niet gekarteerd door bebouwing. Extrapolerend vermoedelijk: Zn21: Vlakvaaggronden zonder ijzerhuidjes (leemarm/ zwak lemig) Niet gekarteerd door bebouwing. Extrapolerend vermoedelijk: 4B76ysE: Strandwal bedekt met duinzand en vervlakt of ontstaan door afgraving/ egalisatie (reliëfklasse 1,5-5 m). Hoogste punt in het plangebied: 0,91 m +NAP. Laagste punt in het plangebied: 0,73 m +NAP.

6

TNO-NITG 2005; www.dinoloket.nl; kaart 2010. Bodemkaart van Nederland, schaal 1:50.000, versie 2014, Alterra. 8 Geomorfologische kaart van Nederland, schaal 1:50.000, versie 2017, Alterra. 9 AHN, www.ahn.nl. 7

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

13

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

14

Afbeelding 7. Het plangebied op de paleogeografische kaarten van Vos met de bijbehorende legenda (bron: Vos 2018).

Het plangebied bevindt zich op een locatie die grotendeels gevormd is door landschapsprocessen die plaatsvonden vanaf ca. 10.000 jaar geleden tot nu; oftewel vanaf het Holoceen. In het begin van deze periode zorgde opwarming van het klimaat voor het smelten van de ijskappen wat resulteerde in een stijgende zeespiegel en een natter landschap. Vanaf ca. 7.000 voor Chr. ontstond in wat nu NoordHolland is een groot getijdengebied met kwelders, wadden, kreken en geulen door invloeden van de zee. Zand en klei werden afgezet doordat kreken en geulen diep in het achterland konden dringen. De sedimenten die toentertijd zijn afgezet behoren tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer. Ca. 5.000 voor Chr. nam de mate waarin sediment werd aangevoerd toe en de snelheid waarmee de zeespiegel steeg af. De huidige kustlijn in noordwestelijk Nederland werd door deze twee effecten gevormd. De kustlijn bestond gedurende deze periode uit een reeks strandwallen met noord-zuid oriëntatie, die het achterland van de zee afsloot. Tot het Laagpakket van Zandvoort binnen de Formatie van Naaldwijk behoren het meer schelphoudende en kalkrijke zand van deze strandwallen en strandvlaktes. Het plangebied ligt precies op de grens van strandwal naar strandvlakte (afb. 8). Rond 2.500 voor Chr. werd deze strandwal gevormd en was vanaf die periode al een aantrekkelijke bewoningslocatie.

Het achterland in het oosten begon te verzoeten en vervenen naar mate de strandwal steeds hoger werd en het afwateren belemmerde. Tussen de strandwallen vond ook veengroei plaats, vooral in de duinvalleien (afb. 7). Dit veen staat bekend als het Hollandveen Laagpakket (in de Formatie van Nieuwkoop). Vanaf ca. 800 na Chr. werd minder sediment afgezet. Delen van de kust en rivierdelta’s (die voor de kust uitstaken) erodeerde in deze periode door de afgenomen aanvoer in combinatie met golfwerking en getijdenwerking. Het zand dat bij deze erosie vrijkwam kwam op het strand terecht en verstoof. Dit resulteerde in de vorming van de jonge duinen, behorend tot het Laagpakket van Schoorl binnen de Formatie van Naaldwijk. Een dik pakket duinzand begroef het oude duinlandschap van strandwallen en de oude duinen. Het plangebied is gelegen op de oostflank van de strandwal Limmen-Heiloo-Alkmaar (4.300-3.900 jaar geleden ontstaan). Mogelijk was het laagpakket van Schoorl aanwezig in het plangebied, maar is dit niet meer te onderscheiden van de rest van de ondergrond. Op basis van de geologische gegevens wordt er binnen het plangebied (oud duin) zand verwacht van de strandwal en strandvlaktes behorende Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

15

tot het Laagpakket van Zandvoort en veen (ontstaan door vernatting) behorende tot het Hollandveen Laagpakket. 10 Op enkele decimeters onder het maaiveld zijn onder de stuifzandlagen inmiddels op meerdere plaatsen in de omgeving van het plangebied oude cultuurlagen en akkerlagen aangetroffen. Deze dateren vooral in de Bronstijd tot de Vroege/Midden IJzertijd. Vermoedelijk bereikte de oude duinen in de Late IJzertijd, mogelijk al in de 3de eeuw voor Chr. de huidige hoogte. In de omgeving zijn tevens bewoningssporen uit de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd vastgesteld. Zo liggen bijvoorbeeld het 17de-eeuwse landgoed ‘Ter Coulster’ en de noordelijker gelegen 17de-eeuwse buitenplaats ‘Nijenburg’ op de oostelijke flank van de strandwal.11 Boringen in het DINOloket zijn ten behoeve van bodemkundig en geologisch onderzoek in het recente verleden uitgevoerd en geven een eerste inzicht in de ondergrond. Op ca. 20 m ten zuidoosten van het plangebied is een grondboring zichtbaar geregistreerd in het DINOloket ‘B19A0484’, waarop te zien is dat de ondergrond tot ca. 1,6 m -mv bestaat uit zand. Vervolgens is er sprake van een dun laagje veen, waaronder weer zand zit tot 3,5 m -mv.12 Het plangebied is op de Bodemkaart van Nederland niet gekarteerd wegens bebouwing.

Extrapolerend kan worden vastgesteld dat binnen het plangebied vermoedelijk vlakvaaggronden aanwezig zijn zonder ijzerhuidjes (leemarm/zwak lemig). Vlakvaaggronden hebben een lichtgekleurde meestal humusarme bovengrond (A-horizont) en vertonen weinig tekenen van bodemvorming. Ze bestaan grotendeels uit grijs gekleurd zand en op de zandkorrels worden geen ijzerhuidjes gevonden. De ondergrond is wel vaag roestig en kan zowel kalkrijk als kalkloos zijn. Vlakvaaggronden komen met name voor in uitgestorven laagtes in stuifzandgebieden op voormalige zandplaten in jonge polders in Noord-Holland Zeeland en Flevoland. Op deze zandgronden kan een max. 40 cm dik klei-/zaveldek liggen.13 Op basis van de proefsleuf die in 2017 door Hollandia is gegraven (deels binnen het westelijke deel van het plangebied) bestaat de ondergrond van het plangebied daarentegen vermoedelijk uit (strandwal) zand, waar een dun laagje klei op is afgezet. Vervolgens is daarop de veengroei begonnen, waarin een stuifzandlaag kan worden onderscheiden. Nadien is het veenpakket (ca. 0,8 cm dik) overstoven geraakt met een ca. 1 m dik zandpakket oftewel met een stuifzandpakket.14 Op ca. 1 m -mv kan dus een intact veenpakket worden verwacht binnen het plangebied. Tot slot is op het Actueel Hoogtebestand Nederland zichtbaar dat het hoogste punt binnen het plangebied ca. 0,90 m NAP is en het laagste punt ca.

0,73 m NAP (afb. 8).15

10

Voor de beschrijving van de landschappelijke ontwikkeling is gebruik gemaakt van Rappol & Soonius 1994; Vos 2015; Vos 2018 en Luitjes & Tol 2022. 11 Tuinman & Salomons 2019, 12. 12 www.DINOloket.nl. 13 Bakker & De Schelling 1989. 14 Tuinman & Salomons 2019, 16. 15 www.ahn.arcgisonline.nl. Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

16

Afbeelding 8. Het plangebied op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN3).

2.4

Historische gegevens

Oudheidkundig onderzoek en enkele vondsten, zoals vijf sikkels van vuursteen en brons daterende uit ca. 1.000 voor Chr., benadrukken dat Heiloo vanaf de Bronstijd bewoond is geweest. Daarnaast zijn bij opgravingen aan het Maalwater, gelegen op de westelijke flank van de strandwal, in 2005 sporen aangetroffen vermoedelijk een rituele palencirkel. De structuur is met behulp van C14-datering gedateerd in 800 voor Chr. oftewel in de Vroege IJzertijd.16 Over de Romeinse tijd is bekend dat ons land deels werd bezet door de Romeinen. Zij hebben o.a. een fort gesticht bij het huidige Velsen. Dit verklaart mogelijk waarom er in Heiloo Romeinse vaatwerkscherven en munten zijn aangetroffen. Daarnaast zijn in de jaren ’20 van de vorige eeuw Romeinse weefgewichten ontdekt, wat duidt op bewoning in de omgeving van Heiloo rond 200 na Chr.17 De periode na de Romeinen, tussen 400-700 na Chr. is er weinig bekend over bewoning in en rondom Heiloo. Vermoedelijk is het noordelijk deel van Heiloo niet/nauwelijks bewoond terwijl het zuidelijke deel (waar buurschap Oesdom lag) wel bewoning kende. Dit wordt ondersteund door enkele

16

www.hvheiloo.nl.

17 www.hvheiloo.nl.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

17

bodemvondsten. Oesdom ontstond rond een kapel tegen de grens met het huidige Limmen en was tot 1509 een aparte bestuurlijke eenheid. Na 1509 is Oesdom onderdeel geworden van Heiloo.18 In het noordelijke deel van de strandwal, waar nu het Witte Kerkje staat, wordt in verband gebracht met een (Germaans?) heiligdom.19 Dit laatste verklaard vermoedelijk de naam ‘Heiloo’, want deze is voorchristelijk en betekent ‘een open plek in het bos met een heilige eik’ of ‘heilige hoogte’.20 De vertaling van ‘een heilig bos’ is mogelijk minder waarschijnlijk, omdat de strandwallen in de Middeleeuwen weinig bebossing kenden. De huidige bebossing is veel jonger en het ontstaan van het bos heeft vooral te maken met de eerste beplanting van het landgoed Nijenburg. 21 Heiloo ontstond waarschijnlijk vanaf 700 na Chr. rond een kerkje, dus de voorganger van de Witte Kerk.22 Prediker Willibrord zou rond dat jaar op de heilige plek een kerk stichten. Rondom de kerstening gaan verschillende verhalen, maar hier ontbreekt het ook aan schriftelijke en archeologische bronnen. Eén zo een verhaal heeft betrekking op het Heilooër bos wat identiek zou zijn aan het Baduhennawoud, waar de Friezen in de Slag van Baduhenna 1300 Romeinen vermoorden. 23 Archeologische vondsten bevestigen dit verhaal daarentegen niet.

Daar komt bij dat archeologisch onderzoek uit de strandwallenregio heeft aangetoond dat er sinds de Bronstijd geen sprake is geweest van een bosrijke omgeving.24 De lager gelegen gronden ten westen en oosten van Heiloo zijn tussen de 10de en 12de eeuw ontgonnen. In de eeuwen daaropvolgend vestigden zich adellijke families op de overgangen tussen de hogere en de lagere gronden (zoals in Ter Coulster, Ypenstein, etc.) vanwege het uitzicht op eventueel vijandelijke partijen, maar ook doordat hun versterkte huizen vaak een slotgracht hadden, die gevuld met water moesten worden vanaf hoger gelegen gronden. Deze versterkte huizen werden vanaf de 17 de eeuw vervangen door landgoederen, die het niveauverschil tussen strandwal en strandvlakte benutte om hun vijvers van stromend water te voorzien. Ook vestigden zich veebedrijven op deze overgangen. Karakteristieke stolpen werden voor het wooncomfort gebouwd op de hoger gelegen zandgronden en het vee kon in de lagere strandvlaktes grazen. 25 Ca. 500 m ten zuiden van het plangebied heeft Slot Ypenstein gelegen. ‘Ypenstein’ wordt voor het eerst in de historische bronnen genoemd in 1597 als familienaam.

Twee jaar eerder wordt Ypenstein wellicht nog ‘Willem Bardesius seate’ genoemd, wat duidt op een boerenbedrijf met geest-, hooi- en weiland van Willem Bardesius.26 In 1591 koopt Bardesius van Diederik van Sonov het grootste deel van zijn latere grondbezit.27 Echter is Bardesius vermoedelijk niet de bouwheer van het slot, want dat is zijn zoon Willem Bardesius II. Hij liet in 1616 kasteel Ypenstein bouwen, wat vermoedelijk op de plaats of in de nabijheid van de al bestaande boerderij/seate was gebouwd. 28 Officieel gezien is Ypenstein geen kasteel geweest, maar een buitenplaats met alleen een woonfunctie.29 In 1619 overleed Willem II, waarna Willem III de bouw voortzette, aldus de Alkmaarse geschiedschrijver Bruinvis. 30 Willem III voerde nog een verbouwing uit in 1630 en na hij overleed woonde zijn jongere broer Arend in het slot. Na zijn dood werd het slot inclusief ‘23 morgen grond, de singel, laan, Bouwhuis, plantage, boomgaard en andere stolpen’ verkocht aan Willem van Neck.31 Ten gevolge van de economische teloorgang wordt Ypenstein in 1749 geheel voor afbraak verkocht. De gracht, boomgaard, park en ruïnes van de hofmuur bleven na de afbraak nog enige tijd zichtbaar.32 Nu bevinden zich op de toegangspoort van landgoed

18

www.hvheiloo.nl. www.hvheiloo.nl 20 Künzel et al. 1988; www.oerij.eu.nl. 21 www.hvheiloo.nl 22 www.heiloo.nl. 23 www.hvheiloo.nl 24 Luitjes & Tol 2022; Dijksta et al. 2006; Moesker et al. 2021. 25 www.heiloo.nl 26 Luitjes & Tol 2022. 27 Haverman 1998; Haverman 1999. 28 Van Kempen 2000. 29 Janssen et al. 1996. 30 De Lange 1935. 31 Van Kempen 2000. 32 Haverman 1998. 19

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

18

Ter Coulster twee kleine leeuwen met wapenschilden die op de toegangspoort van Slot Ypenstein stonden.33 De hekpijlers zijn rijksmonumenten (nr. 21349). Op ca. 390 m ten oosten van het plangebied heeft het kasteel Ter Coulster gestaan. Dit terrein is tevens een AMK-terrein (monumentnr. 15003). Over de vroegste geschiedenis van het kasteel en de herkomst van het geslacht van ‘Van de(n) Cou(l)ster bestaat nog enige onduidelijkheid. Ter Coulster was in oorsprong vrij eigendom, dit in tegenstelling tot het feodale bezit (dat in leen werd gehouden). De oorsprong van de naam van het kasteel is niet zeker, maar mogelijkheid houdt het verband met het Oudfranse woord ‘cou(l)ture’ wat ‘een perceel bouwland’ of ‘veld’ betekent. De eerste vermelding van het huis Ter Coulster stamt uit 1404. In 1408 kocht Willem van den Coulster (senior) van hertog Willem VI van Beieren, graaf van Holland, de ambachtsheerlijkheid Heiloo en Oesdom. Willem van den Coulster, tweede heer van Heiloo van deze naam, droeg Ter Coulster in 1450, kort voor zijn dood, in leen op aan heer Willem IV van Egmond. Zodoende werd Ter Coulster alsnog het feodale leenstelsel ingetrokken en een achterleen van de Hollandse grafelijkheid. In 1517 zou het kasteel zijn afgebrand door ‘de Zwarte Hoop’ een bende Friese rebellen en Gelderse huurlingen onder leiding van de beruchte Pier Gerlofs Donia (Grutte Pier).

George van Cats (1632-1695), zoon van Theophilus en Maria, huwde in 1652 met Justina van Nassau (1635-1721), een kleindochter van Justinus van Nassau, buitenechtelijke zoon van Willem de Zwijger. Het echtpaar George van Cats (1632-1695) en Justina van Nassau (1635-1721) transformeerde Ter Coulster in een jachtslot en lustoord. Later liet Willem Maurits van Cats (1670-1743), die Ter Coulster een warm hart toedroeg, het huis wederom verbouwen en verfraaien. Na drie jaar familietwisten werden in december 1787 de bezittingen van Ter Coulster publiekelijk verkocht. Ter Coulster kwam in handen van enige steenkopers, die het oude huis in de jaren 1788-1790 vrijwel geheel met de grond gelijk lieten maken. Slechts een ruïneus gedeelte van het voorhuis bleef overeind. 34 Van het oude kasteel Ter Coulster resteert praktisch niets meer, althans zichtbaar. Bij de vijver links van de huidige boerderij, is nog een deel van de oude slotgracht met een verbindingsvaart naar het riviertje De Die te zien. De oude waterkelders van het slot werden eertijds gebruikt als gierkelder. Op de fundamenten van het oorspronkelijk kasteel Ter Coulster is aan het begin van de 19de eeuw een boerderij gebouwd. Deze werd in 1887 echter weer vervangen door een nieuwe boerderij op dezelfde plek, de huidige Ter Coulster Hof.

In de voorkant van deze boerderij is een inkeping te zien, waar vroeger de brug naar het kasteel begon. In het oog springend is de theekoepel van Ter Coulster. Mevrouw Van der Feen de Lille-Fontein Verschuir liet deze in 1891 bouwen. 35 Tot slot werd vanaf de 19de eeuw overgegaan op benutting van zandgronden op de strandwal (met name voor de akkerbouw en later de bollenteelt). Van latere agrarische fase resteren nog het kleine type stolp, pompgebouwtjes en bollenschuren, zoals bijvoorbeeld binnen het plangebied hebben gestaan. In de jaren ’30 van de vorige eeuw is de Kennemerstraatweg verbreed.36

33 Luitjes & Tol 2022. 34 www.hvheiloo.nl. 35 www.hvheiloo.nl. 36 www.hvheiloo.nl.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

19

Afbeelding 12. Het plangebied op een uitsnede van de kadastrale minuutplan van 1821 (collectie RCE).

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

23

2.6.4 Overige archeologische waarden De adviseur archeologie van de gemeente Heiloo ( wees op het onderzoek aan de Kennemerstraatweg 225-229 op ca. 300 m ten zuidwesten van het plangebied. In 2013 heeft Hollandia op die locatie een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd (2423158100) en in datzelfde jaar tevens een archeologische opgraving (2427621100). Uit dit onderzoek is gebleken dat de oostelijke strandwal en het aangrenzend duingebied bij Heiloo bijna 4000 jaar geleden al grotendeels in cultuur gebracht was. Tijdens deze opgraving is onder een dik veenpakket een oud oppervlak tevoorschijn gekomen met eergetouwkrassen (grondbewerking door een primitieve ploeg). In de omgeving zijn op meerdere plekken dergelijke akkersporen aangetroffen. In het geval van de Kennemerstraatweg 225-229 gaat het echter ook om een nederzetting die onder de akker is gevonden. Op basis van paalkuilen konden twee boerderijplattegronden worden geconstrueerd. In en boven de plattegronden zijn elf stukjes vuursteen aangetroffen en meer dan 10 stukjes dierlijk bot. De opgraving heeft nagenoeg geen aardewerk opgeleverd, waardoor de datering geheel gebaseerd is op radiokoolstofdateringen. Die dateringen hebben uitgewezen dat het gebouw rond 1950 v. Chr. bewoond was. Na 1850 v. Chr. was wonen op deze locatie onmogelijk, omdat het gebied in een veenmoeras veranderde.

De bovengenoemde datering kan in de Nederlandse archeologie beschouwd worden als een kennislagune, want nederzettingen daterende uit deze periode zijn schaars. Door vergelijking met enige bekende nederzettingen in Nederland en Noord-Duitsland blijken de plattegronden van Heiloo toch te passen in een wijdverbreide bouwtraditie. Dit onderzoek heeft daarom niet alleen waardevolle informatie over deze periode opgeleverd in de regio van Heiloo, maar ook over de overgang van het Neolithicum naar de Bronstijd. De uitkomst van dit onderzoek is een belangrijk referentiekader voor het archeologisch onderzoek aan de Kennemerstraatweg 436 vanwege het feit dat deze nederzetting zich op een relatief laag gedeelte van de strandwal bevindt. Hierom levert dit onderzoek nieuwe inzichten op over de bewoningsgeschiedenis van het gebied en heeft het consequenties voor de verwachtingsmodellen. Hierbij is de veenlaag indicatief, want als deze nog intact is en de hoogte ervan schommelt rond de 1.00 m NAP, dan is er een goede kans op de aanwezigheid van een oud oppervlak in de vorm van akkerlagen met eerdgetouwkrassen. Uit vergelijkbare locaties in de directe omgeving van het plangebied waar akkerlagen en vondsten zijn aangetroffen, is dit ook gebleken.

Een korte inventarisatie van laatneolithische en vroege-bronstijd vindplaatsen heeft daarnaast uitgewezen dat bewoningsresten in de regio van Kennemerland beslist niet ontbreken. De bekende vindplaatsen wijzen juist op een uitgestrekt en intensief gebruik van het cultuurlandschap. Vermoedelijk is de vindplaats Heiloo-Craenenbroeck niet de enige nederzetting in de omgeving geweest.42

42

De Koning 2016.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

28

Afbeelding 16. Bekende archeologische waarden in het onderzoeksgebied (bron: Archis3).

2.6.5 Samenvatting bekende archeologische waarden Op basis van de omliggende onderzoeken kan worden geconcludeerd dat het plangebied zich op de oostflank van de strandwal Limmen-Heiloo-Alkmaar bevindt, waarbij er sprake is van een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische waarden afkomstig uit de Bronstijd tot en met de Nieuwe Tijd.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

29

3

Archeologische verwachting en selectieadvies

3.1

Archeologische gespecificeerde verwachting

Het plangebied ligt op de oostelijke flank van de strandwal Limmen-Heiloo-Alkmaar. Deze strandwal kan vanaf het Laat Neolithicum bewoond zijn geweest. Vooral langs de flanken van strandwallen zijn sporen van bewoning uit de Bronstijd te verwachten. Deze sporen worden vermoedelijk gekenmerkt door een vegetatieniveau of vondstlaag, waarin vuursteen, houtskool, natuursteen en aardewerk kunnen voorkomen. Sporen uit deze tijd bestaan met name uit ploegsporen en runderpaden. Restanten van grafheuvels kunnen niet worden uitgesloten. Sporen van bewoning en/of menselijke activiteiten zijn vooral op plaatselijke natuurlijke verhogingen in de strandvlakte te verwachten, zoals op veenbulten en duintjes. Sporen/resten van rituele deposities worden juist in de laaggelegen delen verwacht, zoals de strandvlaktes. Daarnaast heeft men zich gedurende de IJzertijd gevestigd op het veen in de strandvlakte, waarvan sporen zich binnen het plangebied kunnen uitstrekken. Ook zijn vondsten en sporen uit de inheemsRomeinse periode over de gehele strandwal, strandwalflank en strandvlakte bekend. Hierbij gaat het om vindplaatsen die worden getypeerd door een vondstspreiding van aardewerk. Het zal vooral om losse boerderijen of huisplaatsen gaan of een verzameling van enkele bij elkaar. Binnen deze vindplaatsen kan hout(skool), natuursteen, aardewerk en metaal voorkomen.

Bovendien kunnen sporen van agrarisch gebruik voorkomen, zoals greppelsystemen en sporen van percelering. Uit de periode Vroege Middeleeuwen tot de Nieuwe Tijd zijn vondsten en sporen op de overgangszone tussen de strandwal en vlakte bekend. De lager gelegen gronden ten westen en oosten van Heiloo zijn tussen de 10de en 12de eeuw ontgonnen. In de eeuwen daaropvolgend vestigden zich adellijke families op de overgangen tussen de hogeren en de lagere gronden (zoals in Ter Coulster, Ypenstein, etc.). Vanaf de ontginningsperiode vestigden zich boeren in het gebied, waardoor een archeologisch niveau uit deze periode te verwachten valt. Deze is als een humeuze laag met een vondstspreiding van sporen en aardewerk van grondbewerking, zoals greppelsystemen en tuinbedden. Daarnaast zijn sporen van veenwinning uit deze periode te verwachten. In de directe omgeving van het plangebied is aardewerk waargenomen uit deze periode. Het plangebied bevindt zich bovendien dicht bij de locaties waar het kasteel Ter Coulster en slot Ypenstein hebben gelegen. Aan de hand van historisch kaartmateriaal kan worden geconcludeerd dat funderingsresten uit de Nieuwe Tijd (vanaf 1870) te verwachten zijn. Door de jaren heen is heel wat bebouwing gebouwd en gesloopt binnen het plangebied.

Dit kan tot verstoring van de ondergrond van het plangebied hebben geleid, waardoor tevens de eventueel aanwezige archeologische mogelijk zijn verstoord. Behalve de geplande vrijstaande woning (84 m2) valt de overig nieuwbouw grotendeels binnen het bestaande bouwvlak. Diepte en wijze van fundering is momenteel nog niet bekend. Wel is bekend dat eventuele archeologische niveaus op relatief grote diepte kunnen voorkomen (vanaf ca. 1 m -mv), waardoor de mate van verstoring gering kan zijn. De aard en omvang van deze verstoringen blijft echter onduidelijk. Periode Bronstijd

IJzertijd/ Romeinse tijd Middeleeuwen en Nieuwe tijd

Buro de Brug B23-556

Verwachti ng Hoog

Diepte

Omschrijving

Vanaf ca. 1 m mv

Hoog

Vanaf ca. 1 m mv Direct onder het maaiveld.

Nederzettingssporen, ploegsporen, cultuurlagen, sloten, greppels, kuilen, begravingen, vuursteen, aardewerk, botmateriaal, natuursteen, voorwerpen van gewei, been, hout, metaal, leer en archeobotanisch materiaal. Idem.

Hoog

Idem + muurwerk, funderingen, kelders, uitbraaksleuven, paalkuilen, water- en beerputten, glas, bouwmateriaal en aanplempingslagen

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

30

3.2

Selectieadvies

Het bureauonderzoek heeft aangetoond dat er verschillende verwachtingen binnen het plangebied gelden voor archeologische vindplaatsen. Een vervolgonderzoek zal moeten worden uitgevoerd om deze verwachting verder te toetsen. Daarom adviseert Buro de Brug in het plangebied een verkennend booronderzoek uit te voeren conform KNA 4.1 protocol 4002, om de bodemopbouw gedetailleerder in beeld te krijgen. Het verkennend booronderzoek zal meer inzicht geven in de exacte locaties waar (nog) vindplaatsen kunnen worden verwacht. Bovenstaand advies dient beoordeeld te worden door de bevoegde overheid.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

31

4

Bronnen

4.1

Digitale bronnen

www.legendageomorfologie.wur.nl www.archis.cultureelerfgoed.nl www.beeldbank.cultureelerfgoed.nl www.monumentenregister.cultureelerfgoed.nl www.zoeken.cultureelerfgoed.nl www.ahn.nl www.dinoloket.nl www.gahetna.nl www.kadaster.nl www.nimh-beeldbank.defensie.nl www.geologievannederland.nl www.hisgis.nl www.nationaalgeoregister.nl www.pdok.nl www.rijksoverheid.nl www.ruimtelijkeplannen.nl www.sikb.nl www.topotijdreis.nl www.bodemdata.nl www.rijksmonumenten.nl www.rce.webgispublisher.nl www.hvheiloo.nl www.noordhollands-archief.nl www.heiloo.nl www.regionaalarchiefalkmaar.nl www.oerij.eu www.uu.nl www.zuiderzeecollectie.nl www.tercoulster.nl www.boerderijenstichting.nl

4.2

Literatuur

Bakker, H. de & J. Schelling, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland. De hogere niveaus, Wageningen (PUDOC). Barends, S., et al., 1993: Het Nederlandse landschap: een historisch-geografische benadering, Utrecht. Benneker, S.M., 2019: Archeologisch proefsleuvenonderzoek Kennemerstraatweg 143, Heiloo, gemeente Heiloo, Hollandia-reeks 739, Zaandijk. Berendsen, H.J.A., 1997: Landschappelijk Nederland, Assen. Berendsen, H.J.A. & E. Stouthamer, 2001: Palaeogeographical development of the Rhine-Meuse delta, the Netherlands, Assen. Berendsen, H.J.A., 2004: De vorming van het land. Fysische geografie van Nederland, Assen. Breugel, A. van, 2011: Nota Cultuurhistorie, Heiloo. Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

32

Dijkstra, M.F.P., et al., 2006: Limmen – De Krocht, De opgraving van een middeleeuwse plattelandsnederzetting in Kennemerland, Amsterdam. Geudeke, P.W., et al., 1990: Grote Historische Atlas van Nederland 1:50.000 – 1: West-Nederland 18391859, Groningen. Haverman, A., 1998: Egelenborgh (GGZ Heiloo/Limmen), Heiloo. Haverman, A. (1999). Ypensteijn in Heiloo. Janssen, H.L, et al., 1996: 1000 jaar kastelen in Nederland. Functie en vorm door de eeuwen heen, Utrecht. Kempen, P.A.M.M., 2000: Kasteel Ypenstein, gemeente Heiloo; een archeologisch onderzoek, Amsterdam. Künzel, R.E., et al., 1988: Lexicon van Nederlandse toponiemen tot 1200, Amsterdam. Koning, J. de, 2016: Heiloo Craenenbroeck. Kennemerstraatweg 225-229. Een nederzetting uit de overgang van Neolithicum naar Bronstijd, Hollandia reeks nr. 570, Zaandijk. Lange, P.A. de, 1935: De mislukte aanslag op Mr. Bardesius, Heer van Ypenstein te Heiloo, in: Histrona 1 (6), p. 180-185. Lange, S. de, 2006: Inventariserend veldonderzoek op het GGZ-terrein Noord-Holland Noord aan de Kennemerstraatweg 464, AAC Notitie 26, Amsterdam. Luitjes, M.E., & M.A.R.J., Tol, 2022: Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek middels verkennende boringen op Landgoed Willibrordus in Heiloo, Hollandia reeks nr. 1031, Zaandijk. Moesker, T.P., et al.

2021: Van Kabeljauw tot Karrenwiel: Bewoningsresten uit de bronstijd tot Romeinse tijd op de strandwal in plangebied Zuiderloo te Heiloo (proefsleuven en opgraving), Leiden. Mulder, E.F.J. de, et al.: 2003: De ondergrond van Nederland, Groningen/ Houten. Rappol, M. & C. Soonius, 1994: In de bodem van Noord-Holland: geologie en archeologie, Amsterdam: Lingua Terrea. Tuinman, N.C., & K. T. Salomons, 2019: Inventariserend veldonderzoek middels proefsleuven Kanaalweg 32 in Heiloo, Hollandia-reeks 774, Zaandijk. Vos, P., 2015: Origin of the Dutch Coastal Landscape: Long-term landscape evolution of the Netherlands

during the Holocene, described and visualized in national, regional, and local palaeogeographical map series, Barkhuis.

Vos, P., et al., 2018: Atlas van Nederland in het Holoceen: Landschap en bewoning vanaf de laatste ijstijd tot nu, Amsterdam.

Buro de Brug B23-556

Bureauonderzoek Kennemerstraatweg 436 te Heiloo

definitief

33

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

72

bestemmingsplan Kennemerstraatweg 436-436a, Heiloo

Bijlage 3 Archeoligie: verkennend booronderzoek

73

781

Archol Rapport 781 Plangebied De Wasserij, gemeente Heiloo. Een inventariserend veldonderzoek (IVO-o verkennend booronderzoek)

Projectleiding: Auteur: Tekstredactie Beeldmateriaal:

Autorisatie Sr archeoloog:

ISSN 1569-2396 © Archol, Leiden 2023 Einsteinweg 2 2333 CC Leiden info@archol.nl Tel. 085 2006492

Colofon .............................................................................................................................................................................. 1 Inhoud ............................................................................................................................................................................... 2 Samenvatting .................................................................................................................................................................... 3 1 Inleiding ................................................................................................................................................................... 5 1.1 Aanleiding en doelstelling ................................................................................................................................ 5 1.2 Plangebied, huidig en toekomstig gebruik ....................................................................................................... 6 1.3 Onderzoeksopzet en organisatie ..................................................................................................................... 7 2 Archeologische verwachtingen .................................................................................................................................

9 3 Verkennend booronderzoek ................................................................................................................................... 12 3.1 Doel en vraagstellingen ................................................................................................................................. 12 3.2 Methodiek ..................................................................................................................................................... 12 3.3 Resultaten ..................................................................................................................................................... 13 4 Conclusies en aanbevelingen ...................................................................................................................................17 4.1 Conclusie ........................................................................................................................................................17 4.2 Selectieadvies ................................................................................................................................................17 Literatuur ........................................................................................................................................................................

19 Websites .......................................................................................................................................................................... 19 Figurenlijst ....................................................................................................................................................................... 19 Tabellenlijst ..................................................................................................................................................................... 19 Bijlage 1: Boorprofielen .................................................................................................................................................... 20

2

Archol BV heeft van Ory Projectontwikkeling BV de opdracht gekregen voor het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase door middel van boringen) voor het plangebied De Wasserij te Heiloo. De gemeente Heiloo heeft geen archeologische verwachtings-/ beleidskaart. Daarom geldt voor het plangebied ‘De Wasserij’ het bestemmingsplan ‘Zuid-oost’ (vastgesteld op 11 juli 2011) en het Bestemmingsplan Campina (vastgesteld op 10 mei 2010) Waarde – Archeologie 2, waarbij archeologisch onderzoek noodzakelijk is bij bodemingrepen dieper dan 0,5 m -mv en die tevens een oppervlakte van meer dan 75 m² beslaan. Omdat de voorgenomen bouw van woningen deze grenzen overschrijdt, is archeologisch vooronderzoek noodzakelijk Uit het reeds uitgevoerde archeologisch bureauonderzoek is gebleken dat op de locatie van de het plangebied De Wasserij sprake is van een hoge verwachting voor archeologische resten uit de perioden bronstijd, ijzertijd/ Romeinse tijd, en de middeleeuwen en Nieuwe tijd. Het booronderzoek heeft een eenduidig beeld geleverd van de lithostratigrafische opbouw van het plangebied. Deze stemt in grote lijnen overeen met de verwachtingen op basis van het bureauonderzoek. Er is een beter beeld verkregen van het verloop van de verschillende lithostratigrafische eenheden en de kenmerken daarvan en van de mate van bodemverstoring.

De top van de in het westen gelegen strandwalafzettingen ligt rond 2 m -mv (1,1 m -NAP). De top van de strandwal is donker gekleurd wat mogelijk wijst op de aanwezigheid van een akkerpakket of cultuurlaag uit de bronstijd. Centraal en in het oosten ligt een met een dunne kleilaag bedekte strandvlakte (top 2,55 m -mv/ 1,65 m -NAP) die waarschijnlijk te nat was voor bewoning. Boven de strandwal en -vlakte heeft zich een 0,6 m dik veenpakket ontwikkeld met her en der sporen van een veraarde top (op 1,45 m -mv/ 0,55 m -NAP). Deze veraarding is mogelijk een aanwijzing dat de top van het veen toen betreedbaar was. Vanwege het ontbreken van een duidelijke cultuurlaag lijkt van bewoning ter plekke echter geen sprake te zijn. Het stuifzandpakket daarboven is tot een diepte van ca. 0,7 m (ca. 0 m + NAP) verstoord, vermoedelijk als gevolg van agrarisch gebruik en de bebouwing vanaf het midden van de 19e eeuw. In het resterende, nog intact deel van het stuifzandpakket zijn geen oude bodemhorizonten of loopoppervlakken herkend. Deze zijn mogelijk opgenomen in de geroerde bovengrond. Het is evenwel niet uitgesloten dat in het westen van het plangebied (ter hoogte van de stolpboerderij) diepe delen van grondsporen (bijv. kuilen en diepe paalgaten) in de onderliggende intacte duinafzettingen bewaard zijn gebleven.

In het centrale en oostelijke deel van het plangebied is de verstoring van het stuifzand vermoedelijk dieper vanwege de hier gelegen zwaarder gefundeerde wasserij. De kans dat hier nog aan het stuifzand gekoppelde grondsporen aanwezig zijn is klein. Het stuifzandpakket is afgedekt met een 0,2 m dikke, sub-recente ophogingslaag. De vooraf gestelde hoge archeologische verwachtingen voor de verschillende lithostratigrafische niveaus kunnen op basis van de veldbevindingen voor wat betreft de top van het veen en de afdekkende duinafzettingen naar middelhoog worden bijgesteld. Het veenpakket toont mogelijk een potentieel archeologisch niveau in de veraarde top, maar geen duidelijke cultuurlaag (middelhoge verwachting). In het “afgetopte” stuifzandpakket daarboven ontbreken aanwijzingen voor oude bodemhorizonten of loopoppervlakken maar kunnen in het westen nog wel diepere delen van grondsporen verwacht worden (middelhoge verwachting). In het centrale en oostelijke deel is dat door de vermoedelijk grotere verstoringsdiepte waarschijnlijk niet het geval (lage verwachting). Alleen de hoge verwachting van de onderliggende top van de strandwal blijft gehandhaafd (westelijk deel plangebied). Aan de vastgestelde strandvlakte kan een lage verwachtingswaarde worden toegekend.

De voorgenomen bodemingrepen bestaan uit het uitgraven van drie bouwkuipen (nieuwe stolp, vrije woning en rijwoningen) met een totaal oppervlakte van circa 593 m ² en een diepte van circa 1 m -mv ( tot ca. 0,1 m -NAP), en het mogelijk aanbrengen van heipalen. De bodemingrepen zijn daarmee bedreigend voor het hoogste archeologische niveau: het stuifzandpakket. Verder is de kans aanwezig dat ook het onderste, potentiële archeologische niveau (de strandwalflank met een hoge verwachting) zal worden aangetast met heipalen. Waarschijnlijk betreft dit een verstoring met een relatief beperkte omvang. Archeologische resten in het stuifzandpakket zijn met name te verwachten in het westelijke deel van het plangebied (middelhoge verwachting), in het centrale en oostelijke deel van het plangebied zijn deze resten waarschijnlijk niet meer aanwezig. Ook de strandwalflank is in het westen van het plangebied gesitueerd. Om die reden adviseren wij archeologisch vervolgonderzoek voor het westelijke deel van het plangebied waar de nieuwe stolp en vrijstaande woning zijn voorzien. Voor het centrale en oostelijke deel van het plangebied adviseren wij geen vervolgonderzoek..

3

Een volgende stap in het proces van de Archeologische Monumentenzorg is voor het westelijke deel een proefsleuvenonderzoek zijn. Doel hiervan is het opsporen en waarderen van archeologische resten in de strandwalflank (ca. 2 m -mv) en de hoger gelegen archeologische niveaus. Wij adviseren om de proefsleuf aan te liggen in het onbebouwde deel van het adviesgebied. Op deze plek is ruimte voor een proefsleuf van ca. 12 x 3 m (Figuur 4-1). De aanleg van de proefsleuf dient plaats te vinden op basis van een Programma van eisen, dat voorafgaand aan het onderzoek ter beoordeling aan het bevoegd gezag dient te worden voorgelegd. De gemeente Heiloo neemt op basis van het advies een formeel besluit. Met betrekking tot deze aanbevelingen dient dan ook contact te worden opgenomen met het bevoegd gezag. Ondanks dat het verkennend booronderzoek met alle zorgvuldigheid is uitgevoerd, is niet uit te sluiten dat tijdens graafwerkzaamheden toch archeologische resten aanwezig kunnen zijn. Indien er bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht archeologische resten worden aangetroffen, dan dient hiervan conform artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet melding gedaan te worden bij het bevoegd gezag.

4

Archol BV heeft van Ory Projectontwikkeling BV de opdracht gekregen voor het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase door middel van boringen) voor de plangebieden: De Wasserij, Ambachtsweg 22-24 en De Driestal 22a (Figuur 1-1). Aanleiding voor het onderzoek is de geplande bouw van woningen, in de plangebieden. Van ieder plangebied wordt een apart rapport opgesteld. In dit rapport wordt plangebied De Wasserij beschreven. De gemeente Heiloo heeft geen archeologische verwachtings-/ beleidskaart. Daarom geldt voor het plangebied ‘De Wasserij’ het bestemmingsplan ‘Zuid-oost’ (vastgesteld op 11 juli 2011) en het Bestemmingsplan Campina (vastgesteld op 10 mei 2010). Volgens beide bestemmingsplannen geldt voor het plangebied Waarde – Archeologie 2, waarbij archeologisch onderzoek noodzakelijk is bij bodemingrepen dieper dan 0,5 m -mv en die tevens een oppervlakte van meer dan 75 m² beslaan.

Omdat de voorgenomen bouw van woningen deze grenzen overschrijdt, is archeologisch vooronderzoek noodzakelijk Uit het reeds uitgevoerde archeologisch bureauonderzoek is gebleken dat op de locatie van de het plangebied De Wasserij sprake is van een hoge verwachting voor archeologische resten uit de perioden bronstijd, ijzertijd/ Romeinse tijd, en de middeleeuwen en Nieuwe tijd.1 Doel van het onderzoek is vast te stellen of de werkzaamheden kunnen leiden tot aantasting van eventueel aanwezige archeologische waarden. Het verkennend veldonderzoek heeft tot doel inzicht te krijgen in de vormeenheden van het landschap en de gespecificeerde archeologische verwachting nader aan te scherpen of controleren.

Figuur 1-1 Ligging plangebied De Wasserij (bron: OpenTopo). 1

Honshorst & van Leeuwen 2023

5

Het plangebied bevindt zich in het oosten van Heiloo (Figuur 1-2). Het terrein bevindt zich ten oosten van de N203 (Kennemerstraatweg 436), de doorgaande weg die Heiloo met Alkmaar verbindt. Ten noorden van het plangebied ligt een groot weiland. Aan de zuidelijke en oostelijke grens van het plangebied grenst een woonwijk. Het terrein heeft een oppervlakte van ca. 2.950 m² en betreft een bebouwd terrein met een in oorsprong 19e -eeuwse stolpboerderij in het westen met daarachter (centraal en in het oosten) een oude wasserij en garage. In algemene zin kan uit worden gegaan van geringe verstoring onder de 19de-eeuwse stolpboerderij. Ter plaatse van de grote wasserij, die in de jaren 1971-1975 is aangelegd, zal vanwege de grotere gebouwhoogte naar verwachting sprake zijn van een diepere verstoring. Het maaiveld ligt volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) op ca. 0,9 m +NAP. In het plangebied wordt nieuwbouw (stolp, vrijstaande woning en een rij woningen) gerealiseerd na de sloop van de bestaande opstal (Figuur 1-3).De hiermee gepaard gaande graafwerkzaamheden hebben een gezamenlijke omvang van 593 m² en gaan tot ca. 1 m -mv (ca. 0,1 m -NAP). Daarnaast bestaat de kans dat de woningen op heipalen gefundeerd worden. Een palenplan is echter nog niet bekend. Ook de exacte invulling van de bouwplannen is nog niet duidelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heiloo&id=d3d42b58-87c0-4080-9353-026d8f0d04cf