Kadernota 2027 en 1e Firap
Tekst van het document
Winstwaarschuwing Voor programma 2C geldt dat de gemeentelijke invloed op tempo, planning en uitvoering in meerdere dossiers beperkt blijft doordat de realisatie sterk afhankelijk is van externe partijen, regionale samenwerking, subsidies, spoor- en wegbeheerders en bredere ontwikkelingen in het openbaar vervoer. De bestuurlijke ambities lopen daardoor niet automatisch gelijk op met de uitvoeringspraktijk. Ook de financiële ruimte blijft beperkt. In de Begroting 2026 is expliciet opgenomen dat die begroting beleidsarm is, dat de financiële ruimte beperkt is en dat het ravijnjaar niet verdwijnt maar opschuift naar 2028, terwijl de onzekerheid over de toekomst blijft bestaan. Dat betekent dat ook binnen bereikbaarheid in 2027 nadrukkelijk gestuurd moet worden op prioritering, fasering en financiële beheersbaarheid. Een extra aandachtspunt is nog de prijsontwikkeling als gevolg van externe (mondiale) ontwikkelingen.
Financieel overzicht programma 2 Overzicht financiële mutaties Onderstaande een overzicht van de financiële mutaties van dit programma en daarna per mutatie een korte toelichting. In onderstaande tabel zijn de mutaties met betrekking tot de Kadernota 2025 blauw gearceerd. De mutaties met nieuw beleid worden vet getoond. PO = programmaonderdeel, kn = kadernota, fr = financiële rapportage, aut = autonoom, nb = nieuw beleid, N = nadeel, V = voordeel, S = structureel, I = incidenteel. Omschrijving Bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
I/S
Mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027-2030 kn aut 2a 1 Indexatie subsidies
8 N
17 N
10 N
10 N
kn aut 2a 2 Schoorsteen Melco
4 N
4 N
4 N
4 N
4 N S
kn aut 2b 1 Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN)
0
60 N
60 N
60 N
60 N S
kn aut 2b 2 Greenport Noord-Holland Noord
2 N
2 N
2 N
2 N
2 N S
kn aut 2c 3 Kapitaallasten Programma 2
3 N
5 N
5 N
5 N
2 N S
17 N
89 N
81 N
81 N
78 N
Totaal mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027
10 N S
Financiële toelichting 2a.1 Indexatie subsidies De indexatie op jaarlijkse subsidies is in de Kadernota 2026 foutief berekend, waardoor er in de Kadernota 2027 een correctie moet plaatsvinden van 2.8%. Vorig jaar is uitgegaan van de indexatie van het Cpi (Inflatie, nationale consumentenprijsindex) van 2,6%. Waarbij werd verondersteld dat deze eerder al op 2,8% was vastgesteld. Hierdoor zijn alle budgetten van uitgaande subsidies afgeraamd met 0.2%. Terwijl de 2.6% indexatie een verhoging is van de jaarschijf en dus bovenop de eerder opgenomen indexatie van 2.8% komt. 2a.2 Schoorsteen Melco Aan de schoorsteen aan de Melcolaan zijn noodzakelijk onderhoud en inspecties vereist. 2b.1 Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN) Aanpassing bijdrage Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN) op basis van de conceptbegroting 2027-2030.
Kadernota 2027
28
2b.2 Greenport Noord-Holland Noord Het college heeft besloten om voor de periode 2026–2030 opnieuw een financiële bijdrage te verstrekken aan Greenport Noord-Holland Noord. Hiermee ondersteunt het college het regionale samenwerkingsverband van ondernemers, overheid en kennisinstellingen, gericht op het versterken van de agribusiness en het stimuleren van economische ontwikkeling in NoordHolland Noord. 2c.3 Kapitaallasten Programma 2 Wijziging kapitaallasten naar aanleiding van mutaties in de investeringen voor dit programma.
Kadernota 2027
29
Programma 3: Een leefbare gemeente 3A. Wonen en leefomgeving 1. Autonome ontwikkeling Wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting Het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting zorgt ervoor dat overheden kunnen sturen op hoeveel, waar en voor wie er gebouwd wordt. Het Rijk, provincies en gemeenten kunnen zo de regie hernemen op de volkshuisvesting en de woningbouwopgave in het bijzonder. Deze opgave is groot: ieder jaar moeten er 100.000 woningen worden gerealiseerd, waarvan twee derde betaalbaar en 30% sociale huurwoningen. Naar verwachting treedt deze wet per 1 juli 2026 in werking. De wet schrijft onder andere een verplicht volkshuisvestingsprogramma voor. Demografische veranderingen Het aantal huishoudens neemt toe en het feit dat het aantal huishoudens veel sterker stijgt dan het aantal inwoners duidt op gezinsverdunning. Dit hangt samen met de toenemende vergrijzing. Dubbele vergrijzing is het fenomeen waarbij niet alleen het aantal ouderen toeneemt, maar ook de gemiddelde leeftijd binnen deze groep stijgt. Dit leidt tot een forse groei van het aantal kwetsbare ouderen, wat enorme druk legt op geschikte en passende woonvormen en zorg(voorzieningen). Deze demografische veranderingen noodzaakt tot beleid gericht op langer thuis wonen en het realiseren van voldoende geschikte woningen voor ouderen en de groeiende groep kleine huishoudens.
2. Trends Afnemende investeringscapaciteit woningcorporaties De investeringscapaciteit van woningcorporaties staat onder druk door stijgende bouwkosten, hogere rentes en politieke maatregelen zoals huurbevriezing en vennootschapsbelasting. Dit leidt tot een afname van beschikbare middelen voor nieuwbouw en verduurzaming. Deze ontwikkeling heeft directe gevolgen voor het realiseren van de woningbouwopgave. Meer regionale en domein overstijgende afstemming De Wet versterking regie volkshuisvesting schrijft onder andere een verplicht volkshuisvestingsprogramma voor. Dit programma is breder dan alleen het beleidsveld wonen. Het volkshuisvestingsprogramma moet richting geven aan de lokale woningmarkt en bevat concrete doelen en maatregelen op het gebied van woningbouw, betaalbaarheid, de huisvesting van aandachtsgroepen, wonen&zorg, leefbaarheid en verduurzaming. Daarbij geldt dat deze opgave niet alleen lokaal speelt, maar ook op onderdelen regionaal moet worden afgestemd. Zo moet onder andere het aandeel sociale huur per gemeente regionaal worden afgestemd om gemiddeld op 30% sociale huur in de regionale woningbouwprogrammering uit te komen. Stikstof De stikstofproblematiek blijft de komende jaren een structureel knelpunt voor ruimtelijke ontwikkeling, vooral nabij Natura 2000-gebieden.
Gemeenten zijn daarbij afhankelijk van provinciale en rijksmaatregelen voor natuurherstel en vergunningverlening.
Kadernota 2027
30
Netcongestie Ook netcongestie vormt een groeiende belemmering. In delen van Noord-Holland is het elektriciteitsnet vol, waardoor nieuwe woonwijken, maatschappelijke voorzieningen en bedrijven niet tijdig kunnen worden aangesloten op het stroomnet. Dit leidt tot vertragingen in planvorming en realisatie, hogere kosten en soms zelfs het tijdelijk stilleggen van projecten.
3. Lopende beleidsopgaven Volkshuisvestingsprogramma Zodra de Wet Versterking regie op de volkshuisvesting in werking treedt wordt er een verplichting toegevoegd aan de Omgevingswet voor gemeenten, provincies en het rijk om een volkshuisvestingprogramma vast te stellen. Gemeenten moeten het volkshuisvestingprogramma regionaal én met de provincie afstemmen. De verplichting tot het hebben van een vastgesteld volkshuisvestingsprogramma gaat hoogstwaarschijnlijk in op 1 juli 2027. Tot die tijd behouden de huidige woonvisies hun werking. In 2026 is gestart met het opstellen van het volkshuisvestingsprogramma. Huisvestingsverordening Door de in werking treding van de Wet Versterking regie op de volkshuisvesting moet de Huisvestingsverordening worden aangepast. De actualisatie van de Huisvestingsverordening is medio 2026 gestart en de verordening moet uiterlijk 1 juli 2027 door de raad zijn vastgesteld. De actualisatie wordt regionaal opgepakt en moet ook met de provincie worden afgestemd. Doelgroepenverordening Een doelgroepenverordening biedt gemeenten de mogelijkheid bij omgevingsplannen te eisen dat een bepaald percentage sociale huurwoningen, middeldure huurwoningen en sociale koopwoningen, wordt gerealiseerd in nieuwbouwplannen. Het doel is ervoor te zorgen dat deze woningen beschikbaar blijven voor de beoogde doelgroepen, zoals lage en middeninkomens.
De huidige doelgroepenverordening moet worden geactualiseerd om beter gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheden en om beter aan te sluiten bij de te actualiseren Huisvestingsverordening (waarin de toewijzing van doelgroepen kan worden geregeld, zoals koopstarters). Groene Ring De uitvoering van de toekomstvisie Groene Ring krijgt de komende jaren vorm. In 2026 starten twee projecten met uitloop naar 2027: het fietspad langs de Kanaalweg en het wandelpad bij de Vennewatersweg. Hiermee wordt gewerkt aan een veilig en aantrekkelijk routenetwerk. Daarnaast worden verdere maatregelen verkend, zoals het versterken van ecologische verbindingen en het verbeteren van recreatieve routes, als stappen richting een toekomstbestendige Groene Ring.
Kadernota 2027
31
3B. Duurzaamheid en milieu 1. Autonome ontwikkeling Duurzaamheid Het Klimaatbeleid wordt grotendeels gestuurd door internationale afspraken, met name op EUniveau. De Rijksoverheid neemt die over in haar beleid en waar nodig in wetgeving. Belangrijke aanscherping is dat de EU een ‘tussendoel’ vastgesteld heeft: de CO2-uitstoot moet in 2040 met 90% zijn verminderd, op weg naar 100% in 2050. Die laatste 10% is voorzien voor ingewikkeld aan te passen industrieën en transport. Dat betekent dat de warmtetransitie (van het gas af) feitelijk al in 2040 vrijwel geheel moet zijn gerealiseerd. Het nieuwe kabinet heeft in haar coalitieakkoord afgesproken dat de financiering van de gemeente voor uitvoering van het Klimaatbeleid wordt gecontinueerd tot 2040. Belangrijk, omdat het gehele klimaatteam hiermee gefinancierd wordt. Tot en met 2030 was dat al vastgelegd. De krapte op het elektriciteitsnetwerk (netcongestie) dwingt de overheid (Rijk, ACM, netwerkbedrijven) tot het maken van keuzes. Nieuwe aansluitingen zijn voorlopig niet of beperkt mogelijk en uitbreiding van bestaande aansluitingen ook. Dat kan op bepaalde plaatsen ook de warmtetransitie in de weg gaan zitten. Anderzijds is het een stimulans voor het zoeken naar slimmere oplossingen. Milieu VTH-wetsvoorstel Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft het conceptwetsvoorstel Versterking VTHstelsel milieu bekend gemaakt.
Met dit wetsvoorstel wordt beoogd de kwaliteit en uniformiteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) op het terrein van milieu verder te versterken. Gedurende 2026 wordt duidelijk wat dit betekent voor de toekomstige ontwikkeling van de organisatie. Robuustheid OD NHN De Omgevingsdienst Noord-Holland Noord moet per 1 april 2026 voldoen aan de robuustheidscriteria uit het Interbestuurlijk Programma versterking Vergunning-, Toezicht- en Handhavingsstelsel (IBP-VTH). Om hieraan te voldoen heeft de OD NHN om extra financiële bijdragen gevraagd van de deelnemers wat effect heeft op de begroting 2027.
2. Trends Duurzaamheid De maatschappelijke aandacht voor verduurzaming wordt sterk beïnvloed door incidenten en gebeurtenissen op internationaal niveau. Klimaatadaptatie ondervindt invloed van klimaatrampen, zoals wateroverlast en overstromingen, droogte en hitte en afname van de biodiversiteit; energietransitie en ook duurzame mobiliteit vooral door oorlogen en de daarmee samenhangende prijsstijging van energie (zowel aardgas als benzine en diesel). De geopolitieke spanningen hebben zijn doorwerking in de vraag naar isolatie, warmtepompen en elektrische auto's. De markt speelt meestal snel en slim in op dit soort ontwikkelingen, waardoor het effect versterkt wordt.
Kadernota 2027
32
3. Lopende beleidsopgaven Duurzaamheid In 2027 bouwen we verder aan de realisering van het Programma Klimaat 2025 – 2030, zowel in organisatorische als uitvoerende zin. Afhankelijk van bovenstaande trends en ontwikkelingen zullen we op bepaalde onderdelen meer focus moeten leggen dan op anderen. Anderzijds is het een samenhangend en evenwichtig programma, waarmee we bouwen aan een duurzame, toekomstbestendige (gebouwde) omgeving. De eerste belangrijke mijlpaal komt in zicht: in 2030 moet 55% CO2-reductie gerealiseerd zijn en in 2040 90%. Dat vraagt om versnelling, maar ook concrete, meetbare acties. Die acties zijn verdeeld over de verschillende uitvoeringspijlers van het Klimaat programma. De voortgang van onze doelstellingen volgen we via openbare databronnen, projectdata en een regionale monitor die al deze data inzichtelijk maakt. Per pijler zijn doelstellingen en KPI’s opgesteld. Daarmee blijven we de voortgang op de geformuleerde doelen volgen op het pad richting 2030 en 2040 en – uiteindelijk – een duurzame, klimaatneutrale, circulaire en klimaat adaptieve gemeente. Meer over de ambities en doelstellingen van de verschillende pijlers, wijze van samenwerking, communicatie en participatie etc. is te lezen in het Programma Klimaat 2025-2030.
Veel inzet gaat zitten in uitvoering van de energietransitie en dan met name de warmtetransitie: het faciliteren van inwoners en ondernemers om over te stappen van aardgas naar elektriciteit. De vastgestelde Warmteprogramma's per gemeente geven daar richting aan, de wijkuitvoeringsplannen maken het concreet.
3C. Beheer en onderhoud 1. Autonome ontwikkeling Het beheer van groen en openbare ruimte in Heiloo vindt plaats binnen wettelijke kaders en vaste onderhoudscycli. Het in 2025 geactualiseerde groenbeheerplan geeft richting aan inrichting, beheer en kwaliteitsniveau van het gemeentelijk groen, met de thema’s identiteit, gezondheid, biodiversiteit en klimaatadaptatie als inhoudelijke basis. Daarnaast blijft Heiloo gebonden aan de verplichtingen uit de Boomveiligheidsregistratie 2016, waardoor registratie, inspectie en onderhoud van bomen zorgvuldig plaatsvindt. Ook binnen beheer en onderhoud wordt Heiloo geconfronteerd met stijgende kosten. Inflatie, prijsstijgingen van materialen en een groeiend areaal vergroten de druk op de beheerbudgetten verder. De instandhouding van kwaliteit blijft daarmee een autonome opgave die vraagt om voortdurende herprioritering binnen bestaande middelen. Daarnaast volgt uit de Begroting 2026 dat er binnen 3C al extra aandacht nodig was voor onder meer onderhoud van de gemeentewerf, de grondbank, boomveiligheidscontrole en actualisatie van onderhoudsplannen. Dat maakt duidelijk dat ook richting 2027 sprake blijft van een structureel zwaardere beheeropgave.
Kadernota 2027
33
2. Trends De gevolgen van klimaatverandering leiden tot een grotere urgentie voor klimaatadaptieve maatregelen in de openbare ruimte. Hittestress, droogte en intensievere neerslag vragen om vergroening, schaduwplekken en waterbergend vermogen. Binnen Heiloo is een positieve ontwikkeling zichtbaar op het gebied van biodiversiteit. De leefruimte voor bijen, vlinders en andere insecten neemt toe, wat onder meer blijkt uit de jaarlijkse Kleurkeur-rapportages en de nectarindex. Deze ontwikkeling onderstreept het belang van duurzaam groenbeheer en vergroot de relevantie van maatregelen die zijn gericht op ecologische versterking. De samenwerking met regionale partners zoals HHNK, Natuurmonumenten en Landschap Noord-Holland wordt steeds belangrijker bij vergroening en landschapsontwikkeling. Het realiseren van natuur- en klimaatdoelen vraagt in toenemende mate om integrale afwegingen tussen openbare ruimte, ecologie, veiligheid en recreatie.
3. Lopende beleidsopgaven De uitvoering van het geactualiseerde groenbeheerplan staat ook in 2027 centraal waarbij Heiloo blijft werken aan de instandhouding en versterking van het groene karakter van de gemeente. Daarbij worden maatregelen voortgezet die hittestress tegengaan en groene structuren versterken. De bescherming van waardevol groen, zoals houtwallen en beeldbepalende bomen, wordt verder verankerd via het Omgevingsplan. Het bomenbeheer wordt in 2027 verder geprofessionaliseerd. De registratie en bescherming van bomen, waaronder bomen in parkbossen en andere beeldbepalende structuren, vormen een belangrijke opgave. De gegevensuitwisseling en borging van boomveiligheid worden geoptimaliseerd op basis van de geldende richtlijnen. Daarbij is relevant dat in de Begroting 2026 expliciet is opgenomen dat voor de wettelijke zorgplicht een boomveiligheidscontrole nodig is en dat het groenbeheerplan structureel inzicht moet geven in de benodigde budgetten vanaf 2027. Vergroening van de openbare ruimte blijft daarnaast een doorlopende ambitie. Waar herinrichtingen plaatsvinden, dient vergroening structureel als uitgangspunt te worden meegenomen. Tegelijkertijd blijft de gemeente actief betrokken bij regionale verkenningen naar aanvullende vergroening en biodiversiteitsbevordering.
De samenwerking met HHNK, Natuurmonumenten en Landschap Noord-Holland wordt daarbij gebruikt om kansen voor water en vergroening binnen de gemeentegrenzen optimaal te benutten. Winstwaarschuwing Voor programma 3C geldt dat de ambitie om Heiloo groen, leefbaar en klimaatbestendig te houden onverminderd blijft bestaan, maar dat de uitvoerbaarheid ervan in toenemende mate onder druk kan komen te staan. Oplopende kosten, areaaluitbreiding, onderhoudsvraagstukken, boomveiligheid, klimaatopgaven en de noodzaak om tegelijk invulling te geven aan biodiversiteit en kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte leiden tot een grotere druk op middelen en uitvoeringsruimte. Daarnaast blijkt uit de Begroting 2026 dat binnen 3C al sprake was van extra onderhoudsbehoefte en aanvullende uitgaven, terwijl de bredere gemeentelijke financiële ruimte beperkt is en de onzekerheid na 2026 blijft bestaan. Dat betekent dat ook binnen beheer en onderhoud in 2027 nadrukkelijk op prioriteiten gestuurd moet worden.
Kadernota 2027
34
Financieel overzicht programma 3 Overzicht financiële mutaties Onderstaande een overzicht van de financiële mutaties van dit programma en daarna per mutatie een korte toelichting. In onderstaande tabel zijn de mutaties met betrekking tot de Kadernota 2025 blauw gearceerd. De mutaties met nieuw beleid worden vet getoond. PO = programmaonderdeel, kn = kadernota, fr = financiële rapportage, aut = autonoom, nb = nieuw beleid, N = nadeel, V = voordeel, S = structureel, I = incidenteel. Omschrijving Bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
I/S
kn aut 3a 1 Omgevingsplan
0
0
0
0
kn aut 3b 1 Afvalinzameling
0
0
0
0
0
S
fr aut 3b 2 Milieu
19 N
16 N
16 N
16 N
16 N
I
kn aut 3b 3 Omgevingsdienst NHN
17 V
90 N
86 N
61 N
61 N S 5 N S
Mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027-2030 220 V S
kn aut 3c 1 Gladheidsbestrijding
7 N
5 N
5 N
5 N
kn aut 3c 2 Grondsanering
18 N
18 N
0
0
kn aut 3c 3 Boomveiligheidscontrole
0
125 N
125 N
125 N
125 N S
kn aut 3c 4 Openbare ruimte
18 N
17 N
16 N
17 N
17 N S
kn aut 3c 5 Beestenboetje
0
6 N
6 N
6 N
6 N S
kn aut 3c 6 Kapitaallasten Programma 3 Totaal mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027-2030
0
I
584 V
76 V
21 N
22 N
122 N S
539 V
201 N
276 N
252 N
132 N
Financiële toelichting 3a.1 Omgevingsplan In de kadernota 2024 is budget aangevraagd en beschikbaar gesteld tot en met 2029 voor het opstellen van de omgevingsplannen. Hierbij wordt de door gekopieerde jaarschijf 2030 afgeraamd. Op dit moment wordt onderzocht wat er (financieel) nog nodig is voor de komende jaren en eventueel nog voor 2030 en verder. Dit wordt voor het einde van het jaar aan uw raad voorgelegd. 3b.1 Afvalinzameling Het aantal woonhuisaansluitingen binnen de BUCH-gemeenten neemt naar verwachting toe met 109. Om deze toename op te vangen is 0,85 fte extra capaciteit nodig en is aanvullend budget voor het wagenpark vereist. De totale kosten hiervoor bedragen in 2027 € 97.000. Het aandeel van de gemeente Heiloo is € 13.700. De mutaties als gevolg van de groei van het aantal woonhuisaansluitingen worden budgetneutraal verwerkt via de afvalstoffenheffing. De onderhouds- en verzekeringskosten van het wagenpark zijn de afgelopen jaren forst gestegen, wat ook zichtbaar is in de jaarrekening 2025. Daarnaast is het wagenpark uitgebreid vanwege de groei van het aantal woonhuisaansluitingen tot en met 2026. Hierdoor nemen de exploitatielasten toe met € 71.000. Ook wordt voortaan een bedrag van € 10.000 begroot voor het eigen risico bij schade. In 2026 worden deze kosten gedekt door een onttrekking uit de voorziening.
Vanaf 2027 worden zij structureel gedekt uit de afvalstoffenheffing.
Kadernota 2027
35
3b.2 Milieubeheer Heiloo maakt deel uit van de agglomeratie Alkmaar en is hierdoor op grond van Europese regelgeving verplicht een actieplan geluid vast te stellen. De Omgevingsdienst Noord-Holland Noord verzorgt het opstellen van dit actieplan. De kosten hiervoor vallen hoger uit dan eerder geraamd, waardoor een aanvullend budget benodigd is. Daarnaast is voor de uitvoering van wettelijke en beleidsmatige taken op het gebied van milieu aanvullende specialistische expertise noodzakelijk. Dit betreft onder meer vraagstukken rond stikstof, houtstook, luchtkwaliteit, geluid en bodem, die onder de Omgevingswet een belangrijke rol spelen. Verder moet de indexering van de kosten voor de geluidmeetpunten vanaf 2026 worden verhoogd. Deze indexatie was nog niet opgenomen in de begroting en leidt tot een extra last van € 1.467. 3b.3 Omgevingsdienst NHN De gemeente betaalt jaarlijks een vast bedrag aan de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. In het jaar daarna wordt dit bedrag verrekend met de werkelijk bestede uren. Over 2025 is meer betaald dan besteed, waardoor de gemeente geld terugkrijgt. Daarnaast is de bijdrage aan de Omgevingsdienst NHN geactualiseerd op basis van de conceptbegroting 2027-2030. 3c.1 Gladheidsbestrijding De winter van 2025/2026 heeft geleid tot aanzienlijk meer strooibeurten en een hoger zoutverbruik dan geraamd.
Om ook voor de komende winter voldoende zout in te kunnen kopen, wordt aanvullend budget gevraagd. Daarnaast wordt voorgesteld om structureel een lager bedrag te ramen, omdat door klimaatverandering niet de verwachting is dat dit budget jaarlijks in dezelfde mate wordt overschreden. 3c.2 Grondsanering Om de locatie van de grondbank in gebruik te kunnen nemen, is bodemsanering noodzakelijk. Hiervoor is een offerte ontvangen van € 36.000. Daarnaast is € 14.000 benodigd voor materialen. In het tweede kwartaal van 2026 wordt het gesprek met de omgevingsdienst gestart om een saneringsplan op te stellen. Aangezien de werkzaamheden jaar overschrijdend worden uitgevoerd, wordt het budget gelijkelijk verdeeld over 2026 en 2027. 3c.3 Boomveiligheidscontrole De gemeente Heiloo heeft meerdere bospercelen in eigendom. Op deze percelen dient periodiek een boomveiligheidscontrole te worden uitgevoerd. De jaarlijkse kosten bedragen € 125.000. Dit budget wordt vanaf 2027 structureel aangevraagd. Voor 2026 is het budget al toegekend. 3c.4 Openbare ruimte Het indexatiepercentage voor 2026 bedraagt 2,1%. Dit percentage is gebaseerd op CBSindexaties voor wegen- en grondwerkprojecten. Voorgesteld wordt dit percentage toe te passen op de grootboeknummers die betrekking hebben op werkzaamheden in de openbare ruimte.
3c.5 Beestenboetje Voor het Beestenboetje aan de Ter Coulsterlaan is jaarlijks onderhoud noodzakelijk. De hiervoor benodigde middelen worden opgenomen in de Kadernota. 3c.6 Kapitaallasten Wijziging kapitaallasten naar aanleiding van mutaties in de investeringen voor dit programma. Kadernota 2027
36
Programma 4: Een financieel gezonde gemeente 4. Een financieel gezonde gemeente 1. Autonome ontwikkeling Autonome ontwikkelingen zijn veranderingen waarop we geen directe invloed hebben en we niet omheen kunnen. De gevolgen kunnen niet wachten. Die veranderingen komen door wetgeving, hogere kosten door inflatie of door maatschappelijke ontwikkelingen. 2. Trends Herverdeling gemeentefonds De herverdeling van het gemeentefonds veroorzaakt voor vele gemeenten een zogenaamd 'ravijnjaar'. Het Rijk blijft belangrijke keuzes over de gemeentefinanciën uitstellen. Daarbij gaat het met name om: • de toekomstige financiering van de jeugdzorg en de Wmo; • het al dan niet oplossen van het ravijnjaar 2028; • de verdere invoering van de herijking van het gemeentefonds. Deze ontwikkelingen zorgen voor aanhoudende onzekerheid over de financiële positie van gemeenten. Eerder is aangekondigd dat de verdere invoering van de herijking van het gemeentefonds vanaf 2027 zou plaatsvinden, nadat meerdere onderzoeken waren afgerond. De meest recente signalen zijn echter dat de voorstellen van het ministerie niet volledig worden ondersteund door de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Beide organisaties adviseren om slechts een deel van de voorgestelde maatregelen per 2027 door te voeren.
Aangegeven is dat in de meicirculaire 2026 meer duidelijkheid zal worden gegeven over: • welke maatregelen wel of niet worden ingevoerd; • wat de financiële effecten daarvan per gemeente zijn. Dit betekent dat de onzekerheid rondom de gemeentefinanciën voorlopig blijft bestaan. Geo-politieke situatie De geopolitieke ontwikkelingen, zoals de oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten, zorgen voor voortdurende onzekerheid over de economische vooruitzichten. De hoge energie- en brandstofprijzen hebben invloed op: • de economische ontwikkeling; • de inflatie; • de bouwkosten; • en daarmee ook op de uitgaven van de gemeente. De exacte financiële effecten hiervan zijn op dit moment nog moeilijk in te schatten.
3. Lopende beleidsopgaven De kosten in het sociaal domein — met name jeugdhulp en Wmo — blijven structureel stijgen, terwijl de rijksvergoeding niet evenredig meegroeit. In 2025 is lokaal en regionaal een pakket maatregelen samengesteld met als doel de kosten voor jeugdhulp binnen drie à vier jaar te stabiliseren op het kostenniveau van 2023. De uitwerking hiervan loopt door in 2027, en het financiële effect is nog onzeker. Kadernota 2027
37
De meerjarenraming laat een oplopend tekort zien. Dit vraagt om structurele keuzes in de nieuwe raadsperiode.
Financieel overzicht programma 4 Overzicht financiële mutaties Onderstaande een overzicht van de financiële mutaties van dit programma en daarna per mutatie een korte toelichting. In onderstaande tabel zijn de mutaties met betrekking tot de Kadernota 2025 blauw gearceerd. De mutaties met nieuw beleid worden vet getoond. PO = programmaonderdeel, kn = kadernota, fr = financiële rapportage, aut = autonoom, nb = nieuw beleid, N = nadeel, V = voordeel, S = structureel, I = incidenteel. Omschrijving Bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
2030
I/S
Mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027-2030 kn aut 4a 1 OZB woningen
0
325 V
325 V
325 V
325 V S
kn aut 4a 2 OZB - niet woningen
100 V
100 V
100 V
100 V
100 V S
kn aut 4a 3 Rente langlopende leningen
132 N
131 N
107 N
9 N
37 V S
fr aut 4a 4 Dividenduitkering BNG bank
40 N
0
0
0
0
kn aut 4b 5 Regionaal Historisch Archief
10 V
0 V
4 V
8 V
8 V S
kn aut 4b 6 213a Onderzoeken
10 N
10 N
10 N
10 N
10 N S
kn aut 4b 7 Werkorganisatie BUCH
35 V 1.090 N 1.090 N 1.090 N 1.090 N S
kn aut 4b 8 Kapitaallasten Programma 4
192 N
12 N
3 V
4 V
228 N
818 N
775 N
673 N
Totaal mutaties 1e Firap 2026/Kadernota 2027-2030
I
42 V S 589 N
Financiële toelichting 4.1 OZB woningen De berekening is gebaseerd op het areaal woningen 2026 (opgave Cocensus) en het landelijk gemiddelde OZB-tarief 2026 van 0,0871%. Uitgangspunt is een veronderstelde stijging van de WOZ-waarden van 5%. Daarnaast wordt rekening gehouden met een aanvullende opbrengst als gevolg van areaaluitbreiding. Op basis hiervan wordt de OZB-opbrengst voor woningen geraamd op afgerond € 6,2 miljoen. 4.2 OZB – niet woningen Voor de OZB niet-woningen wordt rekening gehouden met een uitbreiding van het areaal. Deze areaaluitbreiding leidt tot een structureel hogere opbrengst uit OZB niet-woningen. 4.3 Rente langlopende leningen De rente op de geldleningen is geactualiseerd. 4.4 Dividend BNG Op basis van de jaarrekening 2025 heeft de BNG Bank, overeenkomstig de lijn van voorgaande jaren, een dividendvoorstel gedaan van 50% van de winst. Dit komt neer op € 1,41 per aandeel (vorig jaar € 2,51 per aandeel). De lagere dividenduitkering is het gevolg van een combinatie van lagere winstgevendheid, uitvoeren. Op de lange termijn draagt dit bij aan een stabiele en betrouwbare financieringspartner voor gemeenten en andere publieke instellingen.
Kadernota 2027
38
4.5 Regionaal Historisch Archief Op basis van de vastgestelde begroting van het Regionaal Historisch Archief wordt de bijdrage in 2027 verhoogd van € 5,78 naar € 6,27 per inwoner. Deze wijziging wordt in de kadernota als een voordeel gepresenteerd, vanwege een correctie op de begroting 2025 waarin de mutatie destijds dubbel is verwerkt. 4.6 213a-onderzoeken 213a-onderzoeken werden tot en met 2025 bekostigd vanuit de post onvoorzien van de individuele gemeenten. Aangezien 213a-onderzoeken sinds 2003 een wettelijke taak zijn, wordt nu voorgesteld deze kosten structureel te borgen. In de begroting van de BUCH-organisatie is hiervoor € 20.000 opgenomen. Voor individuele gemeentelijke onderzoeken wordt voorgesteld minimaal € 5.000 te reserveren. Geadviseerd wordt dit bedrag vast te stellen op € 10.000, zodat gemeenten voldoende flexibiliteit behouden om invulling te geven aan hun eigen 213a-onderzoek. 4.7 Werkorganisatie BUCH De bijdrage werkorganisatie BUCH is aangepast op basis van de conceptbegroting 2027-2030. 4.8 Kapitaallasten Programma 4 Wijziging kapitaallasten naar aanleiding van mutaties in de investeringen voor dit programma.
Kadernota 2027
39
Bijlage Stand reserves en voorzieningen na kadernota Reserves Bedragen x € 1.000
Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde
Omschrijving
31/12/25
AR - Algemene reserve
12.957
5.371
1.672
16.656
Totaal algemene reserve
12.957
5.371
1.672
16.656
2026
2026
31/12/26
2027
2027
31/12/27
2028
2028
31/12/28
16.656 0
0
16.656
2029
2029
31/12/29
16.656 0
0
16.656
2030
2030
31/12/30
16.656 0
0
16.656
69
894
16.656 0
0
16.656
69
825
Afschrijvingslasten: BR - Gebouw bibliotheek
1.168
69
1.099
69
1.031
69
962
BR - Gebouw muziekschool
21
13
8
4
4
4
0
BR - Trekkenwand De Beun
130
10
120
10
110
10
100
10
90
10
80
BR - Ondertunneling Vennewatersweg
931
17
914
17
897
17
881
17
864
17
847
BR - Hockeyveld de Terriers
18
4
13
BR - VZ huisvesting onderwijs
86
8
78
BR - A9
13 8
69
0
13 8
61
13 8
52
8
44
7.855
7.855 0
0
0
0
BR - Investeringen toekomstig Heiloo
988
988
988
988
988
988
BR - Fonds sociale woningbouw
132
132
132
132
132
132
Kadernota 2027
41
7.855
13
7.855
Overige:
7.855
0
7.855
Bedragen x € 1.000
Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa Toevoeg Onttrekk Boekwaa rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde ing ing rde
BR - Investeringen duurzaamheid scholen
100
100
100
100
100
100
BR Duurzaamheidsmaatr egelen
269
269
269
269
269
269
BR - Het Baafje
600
600
600
600
600
600
2.791
2.791
2.791
2.791
2.791
BR - Grote projecten grondexploitatie
2.777
14
BR - Bovenwijkse voorzieningen
2.670
220
BR - Instandhouding van sport- en cultuurvoorzieningen
332
BR - Oekraïners, asielzkrs, statushdrs en ontheemden
609
Totaal bestemmingsreserv es
18.685
234
200
18.718
166
154
18.730
0
153
18.576
0
149
18.427
0
149
18.279
Totaal reserves
31.642
5.605
1.872
35.375
166
154
35.386
0
153
35.233
0
149
35.084
0
149
34.935
47
2.843
166
46
2.962
46
2.916
45
2.871
45
2.826
32
300
300
300
300
300
609
609
609
609
609
Voorzieningen Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de Voorzieningen
31/12/25
2026
2026
31/12/26
2027
2027
31/12/27
2028
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico’s
Kadernota 2027
42
2028
31/12/28
2029
2029
31/12/29
2030
2030
31/12/30
Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de VZ - Pensioenen wethouders
1.576
103
78
1.601
103
1.704
0
Subtotaal
1.576
103
78
1.601
103
1.704
0
32
861
128
733
0 0
0
0
208
525
0 0
0
0
149
375
0 0
0
0
149
226
Voorzieningen bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven VZ Egalisatievoorzie ning riool
893
VZ - Bijdragen investeringen riolering
160
400
400
160
500
500
160
600
600
160
600
600
160
600
600
160
1.053
400
432
1.021
500
628
893
600
808
685
600
749
536
600
749
386
VZ - Onderhoud gemeentelijke gebouwen
1.033
403
602
834
403
408
829
403
348
884
403
263
1.024
403
263
1.164
Subtotaal
1.033
403
602
834
403
408
829
403
348
884
403
263
1.024
403
263
1.164
Subtotaal
Voorziening ter egalisering van kosten
Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden
Kadernota 2027
43
Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar Toevoegi Onttrekki Boekwaar de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de ng ng de VZ Afkoopsommen altijddurend onderhoud graven
249
VZ - Voorziening afvalstoffenheffin g
696
VZ Parkeerfonds
19
Subtotaal
965
17
108
873
17
64
826
17
115
728
17
152
593
17
152
458
4.627
923
1.220
4.329
1.023
2.804
2.548
1.020
1.271
2.297
1.020
1.164
2.153
1.020
1.164
2.008
Totaal
Kadernota 2027
17
35
231
73
623
17
35
213
29
594
19
17
35
195
80
514
19
17
35
177
117
397
19
44
17
35
159
117
280
19
19