Jaarstukken 2025 gemeente Heiloo
Tekst van het document
2. Risicoprofiel Om de risico's van onze gemeente in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. Uit de inventarisatie zijn vanuit de domeinen de risico's in beeld gebracht met een mogelijk financieel gevolg. Op basis van de ingevoerde risico's is een Monte-Carlosimulatie uitgevoerd. Dit wordt gedaan omdat het reserveren van het maximale bedrag ongewenst is. De risico's doen zich per slot van rekening niet allemaal tegelijk voor in hun maximale omvang.
Risicoprofiel Totaal grote risico's
€ 15.156.000
Overige risico's
€ 6.821.011
Totaal
€ 21.977.011
In het volgende overzicht presenteren we de 10 risico's met de meeste invloed op de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit.
Jaarstukken 2025
89
Tabel 1: Financiele risico's Nummer Risico
Gevolgen
Kans Financieel Invloed gevolg
Risk0008 A9: Plotselinge hogere kosten materialen
Verlies van controle over projectomvang.
70%
4.700.000
41,12%
Risk0008 Zandzoom: Plotselinge hogere kosten materialen
Verlies van controle over project omvang.
30%
3.150.000
11,81%
Risk0044 Stijging rente van geldleningen
- Hogere rentelasten - Druk op begroting - Minder ruimte voor investeringen
70%
492.000
4,30%
Risk0025 Fouten in of niet controleren van vergunningen
Veiligheidsrisico’s, juridische claims, reputatieschade, bestuurlijke aansprakelijkheid.
30%
1.000.000
3,75%
Risk0049 Toename programmakosten BUIG Meer inzet vanuit Zaffier met extra beschikbare middelen participatie en bijstand (uitvoering om mensen uit de bijstand aan het werk te helpen. Zaffier)
70%
400.000
3,50%
Risk0034 Jeugd: Eén of twee nieuwe De jeugdzorgkosten komen hoger uit dan begroot. In de cliënten met zeer hoge zorgkosten begroting is geen rekening gehouden met nieuwe dure cliënten. De kosten kunnen oplopen naar meer dan € 300.000 per cliënt.
50%
500.000
3,12%
Risk0053 Uitvoering van projecten starten later door externe omstandigheden
De uitvoering van civiele projecten worden vertraagd door faillissement van de aannemer, vondst van bommen of granaten, vondst van archeologische opgravingen of verontreinigde grond.
50%
500.000
3,12%
Risk0002 Ontwikkelpartner haakt af of gaat failliet tijdens project
Gemeente moet project alleen voortzetten of stoppen, met extra kosten en vertraging.
10%
2.150.000
2,69%
Risk0005 Vergunningverlening stokt door overschrijding stikstofnorm
Project ligt stil; vertraging en extra kosten voor gemeente.
10%
2.000.000
2,50%
Risk0032 Jeugd/Wmo: Toename hulpvragen nav sociaal maatschappelijke ontwikkelingen
Om aan de toenemende vraag te voldoen, is uitbreiding van consulenten binnen het sociaal team noodzakelijk, dit leidt tot hogere kosten. Het effect op de zorgkosten is als apart risico benoemd.
50%
264.000
1,65%
Jaarstukken 2025
90
Voor het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit gebruiken we het bedrag uit onderstaande tabel dat staat bij 90% zekerheid.
Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage
Bedrag in €
5%
€ 1.704.273
10%
€ 2.033.332
15%
€ 2.313.394
20%
€ 2.573.956
25%
€ 2.854.112
30%
€ 3.146.318
35%
€ 3.446.587
40%
€ 3.753.377
45%
€ 4.051.967
50%
€ 4.353.311
55%
€ 4.652.208
60%
€ 4.954.174
65%
€ 5.259.210
70%
€ 5.570.249
75%
€ 5.895.443
80%
€ 6.248.626
85%
€ 6.640.309
90%
€ 7.128.807
95%
€ 7.928.914
Bij de benodigde weerstandscapaciteit wordt, in geval van toepassing, opgeteld de benodigde weerstandscapaciteit die vanuit de gemeenschappelijke regelingen door de gemeente aangehouden hoort te worden. Samen geeft dit de totaal benodigde weerstandscapaciteit. Zie de tabel hieronder.
Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit Gemeente Heiloo
€ 7.129.000
Werkorganisatie BUCH
€ 335.000
Zaffier
€ 42.000
GGD
€ 20.000
Totaal
€ 7.526.000
Jaarstukken 2025
91
3. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende componenten: I. Reserves II. Onbenutte belastingcapaciteit III. Post onvoorzien
Reserves De reserves zijn in twee typen onder te verdelen: de algemene reserve en de bestemmingsreserves. Algemene reserve Van de reserves vormt de algemene reserve het deel dat kan worden aangewend ter financiering van opgetreden risico's. Bestemmingsreserves Alleen de bestemmingsreserve grote projecten wordt bij Heiloo meegenomen in de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit. Onbenutte belastingcapaciteit Een belangrijke inkomstenbron voor gemeenten is de OZB. Het is de individuele gemeente die de hoogte hiervan vaststelt. Er is geen limiet aan de OZB gesteld, een gemeente mag deze verhogen (of verlagen) naar eigen inzicht. Op het moment dat een gemeente in de financiële problemen komt en beroep doet op de artikel 12 status, eist het Rijk dat de OZB op een bepaald niveau wordt gebracht. Het verschil tussen het daadwerkelijke OZB-tarieven van een gemeente en het artikel 12 niveau, wordt de onbenutte belastingcapaciteit genoemd. Post onvoorzien Iedere gemeente moet in de begroting een budget voor onverwachte tegenvallers opnemen, de stelpost onvoorzien. Deze post kan worden ingezet als dekking voor onvoorziene kosten.
Tabel Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstand
Startcapaciteit in €
Algemene reserve
12.957.000
Resultaat 2025
5.371.000
Reserve grote projecten
2.777.000
Post onvoorzien
10.000
Totaal weerstandscapaciteit
21.115.000
Onbenutte belastingcapaciteit *) In de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit heeft heiloo een behoudend uitgangspunt door de onbenutte belastingcapaciteit niet mee te nemen.
Jaarstukken 2025
92
4. Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit De relatie tussen het beschikbare en benodigde weerstandsvermogen op basis van de gekwantificeerde risico’s drukken we uit in de weerstandsratio. In onderstaande tabel wordt weergegeven welke kwalificatie aan de verschillende waarden van de ratio’s wordt toegekend.
Tabel 5: Weerstandsnorm Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
> 2.0
uitstekend
B
1.4 - 2.0
ruim voldoende
C
1.0 - 1.4
voldoende
D
0.8 - 1.0
matig
E
0.6 - 0.8
onvoldoende
F
< 0.6
ruim onvoldoende
Op basis van de geïnventariseerde benodigd weerstandscapaciteit en het berekende beschikbare weerstandsvermogen is de weerstandsratio:
Bepaling weerstandsratio A
Benodigd weerstandscapaciteit (zie 2.Risicoprofiel)
7.526.000
B
Beschikbaar weerstandscapaciteit (zie 3. Beschikbare weerstandscapaciteit)
21.115.000
B/A
Weerstandsratio
2,8
De weerstandsratio neemt ten opzichte van de begroting toe van 1,48 naar 2,8. Dit verschil wordt met name veroorzaakt door een hogere beschikbare weerstandscapaciteit als gevolg van de positieve resultaten van de jaarrekeningen 2024 en 2025, die op het moment van het opstellen van de begroting 2025 nog niet bekend waren. Daarnaast is de benodigde weerstandscapaciteit iets afgenomen.
5. Kengetallen Deze kengetallen met de bijbehorende beoordeling geven op eenvoudige wijze inzicht in de financiële positie van onze gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: 1. Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. 2. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. 3. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe wendbaar een gemeente is. Als de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is een gemeente in staat om (structurele) tegenvallers op te vangen.
Jaarstukken 2025
93
4. Grondexploitatie In dit kengetal wordt de waarde van de bouwgrond gerelateerd aan de totale baten. 5. Belastingcapaciteit Deze indicator geeft aan hoe de belastingdruk zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde. De provincie heeft als financieel toezichthouder zogenaamde signaleringswaarden gedefinieerd. Deze signaleringswaarden moeten worden gezien als een hulpmiddel om het risico per kengetal in te schatten en zijn hiermee geen norm. De provincie onderscheidt drie categorieën: A: minst risicovol B: gemiddeld risico en C. meest risicovol. In de onderstaande tabellen tonen we de kengetallen met signaleringswaarden en uitkomsten van de verschillende kengetallen:
Signaleringswaarden kengetallen
Categorie A
Categorie B
Categorie C
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
1a. Netto schuldquote
< 90%
90 - 130%
> 130%
1b. Netto schuldquote gecorr. voor alle verstrekte leningen
< 90%
90 - 130%
> 130%
2. Solvabiliteitsratio
> 50%
20 - 50%
< 20%
3. Grondexploitatie
< 20%
20 - 35%
> 35%
4. Structurele exploitatieruimte
> 0%
0%
< 0%
5. Gemeentelijke belastingcapaciteit
< 95%
95 - 105%
> 105%
Kengetallen
Realisatie
Begroting
Realisatie
2024
2025
2025
1a. Netto schuldquote
33%
39%
27%
1b. Netto schuldquote gecorr. voor alle verstrekte leningen
32%
38%
27%
2. Solvabiliteitsratio
31%
31%
33%
3. Grondexploitatie
5%
-3%
3%
4. Structurele exploitatieruimte
2,5%
-0,4%
6,8%
5. Gemeentelijke belastingcapaciteit
103%
109%
109%
6. Saldo van baten en lasten (netto-exploitatiesaldo) Het saldo van baten en lasten als percentage van de inkomsten tot de structurele financiële ruimte van de gemeente om onvoorziene tegenvallers op te vangen of beleid te intensiveren. Een positief percentage duidt op overschotten terwijl een negatief percentage duidt op structurele tekorten.
Jaarstukken 2025
94
7. Netto schuld per inwoner Dit is de bruto schuld verminderd met de omvang van de geldelijke bezittingen en gedeeld door het aantal inwoners op 31 december van het begrotingsjaar. Met dit kengetal kunnen we de ontwikkeling van de schuld volgen. Met een hoog eigen vermogen zal de schuld per inwoner laag zijn. Een lage schuld kan ook veroorzaakt worden doordat er weinig geïnvesteerd wordt. En zo werkt het ook andersom, een hoge schuld per inwoner kan ontstaan als er veel investeringen lopen.
Realisatie
Begroting
Kengetallen
2024
2025
Realisatie 2025
6. Saldo van baten en lasten
4,2%
-0,1%
6,6%
7. Schuld per inwoner
903
1.117
804
6. Ontwikkelingen Oordeel provincie betreffende begroting 2026: De provincie heeft geconstateerd dat de (meerjaren)begroting structureel en reëel in evenwicht is. Hierdoor vallen we ook in 2026 net als in de jaren ervoor onder repressief toezicht.
7. Conclusie Weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit is ruim voldoende. Schuldquote De schuldquote is lager dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Dit komt voornamelijk doordat geplande investeringen nog niet zijn uitgevoerd. Hierdoor is het saldo op schatkistbankieren hoger, wat bijdraagt aan een lagere schuldquote. Solvabiliteit De solvabiliteit is ten opzichte van de begroting 2025 licht gestegen. Dit komt voornamelijk doordat het resultaat van het boekjaar positiever uitvalt dan begroot. Grondexploitatie De boekwaarde is ten opzichte van 2024 afgenomen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is hoger dan begroot door het hogere resultaat uit deze jaarrekening. Gemeentelijke belastingcapaciteit De gemiddelde woonlasten zijn ten opzichte van 2024 toegenomen. Dit wordt onder andere veroorzaakt door een verhoging van de onroerendezaakbelasting (OZB).
Jaarstukken 2025
95
Paragraaf C Beheer en onderhoud kapitaalgoederen Algemeen In onze gemeente maken de inrichting en het beheer van de openbare ruimte met alles wat daarin en daarop ligt, ook wel de kapitaalgoederen genoemd, een belangrijk onderdeel uit van onze taken. Dit legt dan ook een aanzienlijk beslag op de financiële middelen. Deze paragraaf geeft inzicht in het (beleid met betrekking tot het) onderhoud van de kapitaalgoederen van de gemeente.
a. Wegen Aan het wegbeheer wordt inhoud gegeven door regulier onderhoud en de reconstructies vanuit het vastgestelde Beleidsplan wegbeheer 2024-2033 (vastgesteld in januari 2025). Reconstructies van wegen en de vervangingsinvesteringen uit het meerjarig investeringsschema vinden, voor zover mogelijk, gelijktijdig plaats met rioolvervanging en aanleg van drainagesystemen om zo te komen tot een integrale kwaliteitsverbetering. Daarnaast wordt bij de programmering rekening gehouden met grote infrastructurele (verkeers-)reconstructieprojecten binnen de gemeente Heiloo. Binnen wegbeheer is er altijd sprake van een bepaalde mate van areaal dat de classificatie ‘onvoldoende’ krijgt. Het CROW adviseert een bandbreedte van 4 tot 9%. Heiloo zit op dit moment met 11% iets buiten deze bandbreedte en heeft dan ook de doelstelling om binnen de komende planperiode het percentage van de classificatie ‘onvoldoende’ te laten dalen. Met het geprogrammeerde onderhoud en de grootschalige investeringen (Vennewatersweg, Oosterzijweg, Zevenhuizerlaan, Stationsweg, Zeeweg, Heiloo Noord-West, Blockhovepark en de omvorming van asfaltfietspaden naar beton) is de verwachting dat deze bandbreedte benaderd wordt.
Het beleidsplan wegbeheer in Heiloo is er daarnaast op gericht om achterstallig onderhoud dat leidt tot kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties direct op te pakken dan wel niet te laten optreden door hier tijdig op te acteren. Om deze reden is er geen voorziening gevormd op basis van art 44 lid1a BBV.
Jaarstukken 2025
96
b. Kunstwerken Onderhoud aan civieltechnische kunstwerken wordt niet tot wegonderhoud gerekend. Voor dit onderdeel is een apart jaarlijks investeringsbudget beschikbaar en dit wordt ingezet naar aanleiding van behoefte die blijkt uit meldingen en inspecties. In 2023 heeft een instandhoudingsinspectie van alle kunstwerken plaats gevonden. Op basis van deze inspectie is het meerjarenonderhoudsplan geactualiseerd voor de planperiode 2025-2029 (vastgesteld in juni 2025). In dit meerjarenonderhoudsplan is een geactualiseerde beheerplanning en zijn investeringen voor noodzakelijke vervangingen opgenomen.
c. Riolering In 2023 is het Programma Water en Riolering (PWR) vastgesteld. Het PWR heeft een looptijd van 2023 tot en met 2026 en is opgesteld binnen de kaders van de Leidraad Riolering (Stichting Rioned), op basis van geldende wetgeving op het gebied van de Wet milieubeheer en aan de hand van uitgevoerde inspecties. Met het opstellen van een PWR is ook de relatie gelegd met de Omgevingswet. De beschrijving is hierbij meer afgestemd op het proces van omgevingsvisie, omgevingsprogramma, omgevingsplannen. Het PWR omvat onder meer het overzicht van onderhoudswerkzaamheden, onderzoeken en aanleg van nieuwe riolering voor de looptijd van het plan. Een onderdeel van het plan is toetsing op kostendekkendheid over een periode van 60 jaar. Binnen dit PWR is nadrukkelijk aandacht besteed aan belangrijke nieuwe beleidsontwikkelingen zoals klimaatadaptatie, de invoering van de Omgevingswet en de overstap naar risico gestuurd beheer. Naast het reguliere rioolbeheer zijn we met de andere waterkwaliteit- en kwantiteitbeheerders (regiogemeenten en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier) op zoek naar financiële en technische optimalisatie van het rioolbeheer en daaraan rakende beleidsvelden zoals water en klimaat. Dit doen we door gemeenschappelijke studies binnen het samenwerkingsverband.
Jaarstukken 2025
97
d. Water Met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier zijn afspraken gemaakt en vastgelegd in het kader van het Regionaal Waterplan. De hoofdthema’s waar het waterplan zich op richt zijn: veiligheid; Kaderrichtlijn Water (KRW), Waterbeheer 21e eeuw (WB21); grondwaterbeheer; herinrichting en uitbreiding stedelijk gebied; recreatie; en duurzaamheid en verbetering van de belevingswaarde van water. De relatie tussen water en ruimtelijke ordening zal bij deze thema’s aan de orde komen. Het Waterplan vormt een beleidsmatig kader voor diverse onderliggende plannen zoals het Baggerplan en het PWR en bevat een pakket aan maatregelen. De afgelopen jaren is circa 4 km natuurvriendelijke oevers aangelegd. Onderzoek heeft aangetoond dat de aanleg van natuurvriendelijke oevers bijdraagt aan de visstand en de biodiversiteit van het stedelijk water.
e. Groen en spelen Net als bij de onderdelen wegen en riolering, wordt ook aan het groenbeheer door middel van een beheerprogramma inhoud gegeven. Dit groenbeheerprogramma wordt gevoed met de uitgangspunten uit het Groenbeleidsplan Heiloo. In het derde kwartaal van 2024 is het nieuwe Groenbeleidsplan Heiloo 2024-2034 vastgesteld. In navolging van het nieuwe groenbeleidsplan is in 2025 het groenbeheerplan geactualiseerd. Vaststelling vindt plaats in het eerste kwartaal van 2026. Naar aanleiding van het bomenbeleid werken we jaarlijks de lijst met te beschermen monumentale en beeldbepalende bomen op openbaar en particulier terrein bij. Risico- en attentiebomen worden één keer per jaar gecontroleerd. Conform het Handboek bomen voor laanen straatbomen worden aan de hand van de één keer in de drie jaar uit te voeren boomveiligheidscontrole (BVC) onderhoudsmaatregelen uitgevoerd. Voor de speelruimtes in Heiloo is in juni 2020 het uitvoeringsplan speelruimtes 2020-2024 door het college vastgesteld. Hierin is gekozen voor instandhouding van de huidige speelplekken. Het uitvoeringsplan speelruimtes is in 2025 geactualiseerd en in januari 2026 vastgesteld.
Jaarstukken 2025
98
f. Accommodaties In 2019 is een actualisatie uitgevoerd. De geactualiseerde MJOP’s (meerjarenonderhoudsplannen) zijn geïmplementeerd in één uniform beheersysteem, te weten O-Prognose. Met dit beheersysteem kunnen we de jaarlijks benodigde middelen voor het beheer en onderhoud van alle gemeentelijke gebouwen berekenen. Aan de hand van de opgestelde meerjarenonderhoudsplannen voor onderhoud van de gemeentelijke gebouwen zijn rapporten uitgedraaid met de totalen per jaar per gebouw voor de komende tien jaren.
g. Openbare verlichting In 2023 is het Beleidsplan openbare verlichting 2023-2032 vastgesteld. Binnen dit beleidsplan is aan de hand van de areaalgegevens (kwantiteit en kwaliteit) een inschatting gemaakt van de onderhoudsbehoefte voor de komende planperiode. Bij alle grootschalige vervangingen van lichtmasten worden LED-armaturen en dimmers aangebracht. Hierdoor bespaart de gemeente op de energiekosten. Op deze manier dragen wij bij aan de doelstelling uit het Energieakkoord.
In de tabel op de volgende pagina staat een overzicht van alle beleidsvelden en belangrijkste aandachtpunten.
Jaarstukken 2025
99
Tabel onderhoud kapitaalgoederen Heiloo Categorie*
Beleidskaders
Gewenst Beheers- en Financiële Ramingen Raminge Is sprake Zo ja, zijn er kwaliteitsniv onderhoudspla consequen t.l.v. n volledig van toereikende eau nnen / Looptijd ties exploitatie / en reëel achtersta voorzieningen/res plannen conform voorziening in llig erves voor plannen en** begroting onderhou AOH?*** ?** d (AOH)?** *
Wegen (incl. kunstwerke n en verlichting)
Beleidsplan wegbeheer 2024‑2033
basis
2024‑2033
ja
exploitatie
ja
ja, maar wordt ingelopen
nee
Meerjarenprogra mma kunstwerken 2025 - 2029
basis
2025‑2029
ja
exploitatie
ja
nee
n.v.t.
Beleidsplan Openbare Verlichting 2023‑2032
basis
2023‑2032
ja
exploitatie
ja
nee
n.v.t.
Riolering
GRP 2023‑2026 'Streefbeelde n kwaliteit vrijvervalriole n'
2023‑2026
ja
exploitatie en voorziening
ja
nee
n.v.t.
Water
Regionaal Waterplan Bergen, Castricum en Heiloo
basis
2012‑2017
ja
exploitatie
ja
nee
n.v.t.
basis
2021‑2034
ja
exploitatie
ja
nee
n.v.t.
Groen (incl. Groenbeleidspla sportfacilitei n Heiloo 2024 ten) 2034 en Nota bomenbeleid 2008. Groenbeheerpla n 2021‑2031 Spelen
Uitvoeringsplan speelruimte 2020‑2024
basis
2020‑2024
ja
exploitatie
ja
nee
n.v.t.
Gebouwen (incl. onderwijs)
MJOP 2020‑2030
basis
2020‑2030
ja
exploitatie en voorziening
ja
nee
n.v.t.
* De genoemde categorieën zijn de kapitaalgoederen welke conform artikel 12 lid 1 van de Besluit begroting en verantwoording (BBV) minimaal dienen te worden opgenomen in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. De gemeente kan naar haar eigen inzicht / wens een verdere onderverdeling maken naar meerdere categorieën. ** Indien de ramingen in de exploitatie conform plannen zijn en volledig en reëel zijn opgenomen in de begroting, is het voldoende om onder het algemene deel van de paragraaf dit in één zin te vermelden. Deze twee kolommen kunnen dan achterwege blijven. *** Wanneer sprake is van achterstallig onderhoud, dient dit in de paragraaf vermeld te worden (inclusief in hoeverre er toereikende voorzieningen / reserves aanwezig zijn om deze achterstand weg te werken). Als er geen achterstallig onderhoud is, kunnen de laatste twee kolommen ook achterwege blijven.
Jaarstukken 2025
100