CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie op de RIB 12-03-2024 Stava EHO anon

Raadsvergadering . (video) 27 maart 2024, gemeente HeerlenBij agendapunt: Beslissing op bezwaar Eurohandelsonderneming BV18.737 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

'

Nãäerlano hiervoor te willen inschakelen;

ä.0.iun¡zooa onsewiieìgd wordt uitsevoçrd; s. viir"ili';;äñgJñ.iinrüi;ti;s;ilan met.rayoneooloog) akkoord 6. Gemeente Heerten *n pru¡Ë,äi.ilimnrig þverlesgen ên dã provincie bereid is om de conzij;';;i'ñui[j. Ë råveiån ¡nrichtinssvoõrsiel passen' òonform dit wijzigingsvoorstel aan te cept natuurco*p"nurr,é-ãi"iéei'riã,i"t

waohtên met de groenaanpla.lt v¡| het talud totdat overigens is de heer Ankiewicz vezocht te over d"e punten I vm 3 hierboven hebben gerneente un p*uiããü'ñäïãånwll*o*lnr¡dnti"dç-voorstet akt<oord ziJn met dit wiJzisinssvoorbeoordeerd .n ur.[äãlä'Ëäffi. ädr;ä;Ë;rt..el er"rincie inpassing gestart teñrden rnet de groene inrlchting/rañdschappeliike ster dient zo spoedig mogelijk o

r! î| 0

ui

"2-

Daarnaast.biedt de heer Ankiewioz aan om conform aar$pronKçliik en aanvullend inrichtingsplan. neer te lessçn' voetpad ¡ã gr.ppôi(är<rãziide) een haltuerliaid

ffitËi6ir

Procedsrevoorstel:

met provincie; * Gemeente bespreekt op korte termijn onderliggende memo/notitievan de uitkomst van dit overleg; de hoogte op dããrna * Gemeente brengt à" f,å", Ankiewici direct van hot aanvullende opstellen het voor verlenen - BiJ groen licht kan de heer Ankiewicz opdracht overleg een onderling in. en Eurohandelsonderneming inrichtingsvoorstet åñ irLt.n Uemeentq.

nadere afspraak räk*n ou"t"ãé i"tmln wãã¡op ait voerd.

15 januari 2009

wordt aangeleverd, beoordeeld en uitge-

N ENVIR.O N sdvocoten

Bijlage 3

()u* meente Heerlen

ID

postbus 1 6400 AA heerlen telefoon (045) 5ô05040 telefax {045) 5604490

verslag oplevering 1" deel landschappeliike inpassing Eurohandelsonderneming datum notulen: B december 2010

o ål

datum veldbezoek: 13 oktober 2010 aanwezig:

Ðe heer J. Ankiewicz {eigenaar), de heer P. Janssen (adviseur eigen

g ),

notulist;

Ter controte van de uitvoering van het door burgemeester en wethouders vastgestelde overeenkomst Natuurcompensatie Euiohandelsonderneming BV is een veldbezoek georganiseerd op 13 oktober 2010.

Het betreft het eerste gedeelte van de compensatíe, te weten het terrein ten westen van het bedrijf (l nrichtingseenheden 2,3,4, 5,6,7,8,).

òeconstãteerd is dat lret'plan in grote lijnen conform afspraak is uitgevoerd en dat er ten aanzien

van hei aanplanten van bomen en hagen zelfs extra inspanningen zijn geleverd. Er zijn op inrichtingseenheid 6 meer bomen en hagen geplant dan overeengekomen,

lnrichtingseenheden; 1. lnrichtingseenheid 1

Dit gedeelte wordt conform eerder gemaakte afspraak in de overeenkomst Natuurcompensatie uiterTijk in 2012 opgeteverd. Daarin wordt dan ook de verhoging van het mijnspoor opgenomen' Opmórking is wel'dat het verhogen van het miJnspoor wetticht wel met een ander materiaal kan géschiede-n (bijvoorbeeld katkrifk materiaal of schraal zand) voor de ontwikkeling van een interessante flora en fauna.

è .l

2. Beukenhaag eua lengte vðdoei de beukenhaag niet geheél conform het inrichtingsplan. ln het inrichtingsplan wordt uilgegaan van een aangesloten haag. ln de praktijk wordt de. haag ter hoogte van een toegangsþoórt onderbroken. Ei wordt nog bijgeplant ter hbogte van de toegangspoort nadat de toelanlsþoort Ìs verbreed. Tevens zullen niet aangeslagen_ planten worden ingeboet, Het tweede ged"eetie iwestzijde) is voor het grootste deel afgestorven. Afgesproken is dat dit haaggedeelte mâg íuôiC"n vàrvangän'door Hederal waardoor tevens het hekwerk begroeid zal rake¡, Van het derde Oeei iàp het taÏuC) was al eerder afgesproken dat er Hedera aangeplant werd, Deze is inmiddels goeO äàngeslagen. Er is over de hele lengte groen hekwerk geplaatst.

I ¿ Y.i

{c t! !l

t :.ì

z ,]; -i ,:: r':t

4

3, Limburgs haagmengsel goed Dit mengJel is aángepiant. De afgesproken maat fiAlå1 is niet gehaald doch het materiaal is dat het wordt Hedera. Verwacht aang.eplant.met afspraak is ãrná*riãg"n. Het ñekwerk hieiconform groen hekwerk lengte over de hele Ër is zalzijn. begroeid Hedera voiledig met 2011 hekúerk ãaar in geplaatst. 4. Afwateringssloot fn piaais vâñ net ptaatsen vãn schotten is de sloot vergravên zodat de slootbodem nu min of meer *"iårpà. iiõt, Hi"rooor btrlft de sloot waterhoudend en zijn schotten niet nodig. Er is vegetatieontwikkelind op gáng gekomen, zowel boven- als onder water'

0¡

(o

-2-

5. Wandel/fietsPad,

pad. is echter nu

H"i *äno.lltietspad is 3 meter breed en aangelegd met een grindondergrond' Het toegevoegde niet openbaar toeganketi1f. fot op fredel. nðeft ãpenbare toãgang overig.ens.weinig

de. toekomst moet waarde omdat net pa¿ óönouãi nU de steile beboste helling aan Oe zuidzijde. ln pad wordt openbaar aansluitend een wãf opennare openstetùrig ptàatsiinden wanneer concreãt

aangelegd. 6. Grasland

het ingezaaide Þe akker is omgevormd tot grasland, zoals afgesproken. Ðe kwaliteit van grastand wordt Dit onderzocht. worden moeten nader de ãloeiperiàde zoii,ìn forur"ng""l zal iñ wordt uitsluitend 1x per

Jãoi een"¡oer om niei gËmaaid en gàhooid. conform de beheersmaatregel provincie en ¡ñ m"i gémáaio Jn-éårroói¿. Hõt doetrype (ruigtekruld.en) zal b'rj voorkeur van de Ëãi 'æ*""nt" wîrden g."UrlgJ in een nooilancitypà, uitgaande van de ontwikkeling naar Glanshaverñooitand met een mãai-äfvoerregime van 1x per jaar in augustus/september'

7. Poel gemaakt dat het uitzetten Ten aanzien van inrichtingseenheid 7 is door de gemeente de opmerking met het doelte komen tot een van vis, zoals nu is gebeürd in de vorm van goudkarpers, niet strookt voor het voldoende steil te de oevers pãËulãii" van dpeãwatersalamander. Dañnaast i¡jn poel heeft nu het De álpenwatersalamander' ontwikkelen u.n o*u**äg;t"ii;, neràngrijt{ voor de door middel worden zullen oevers verflauwd dat de is ràiàxter van een grotã sieïUvàr. ntgerprót<en Omdat zal ontstaan' oeverbegroeiing ook meer ãn dat daardoor van het aanbrengen van stortsteen "vijver" wel de van het afuangen van de goudkarper geen sprake is zal in de laagte ten,westen.van pctel de zal van aanleg Voor åãn fo"f wordän gegraveñ ten behoev! van äe alpenwatersalamander, de van ten behoeve De werkomschrijvíng wel een aantegvergunniñg *ôet"n worden aangeiraagd. aanleg zal worden aangereikt door de gemeente' 8. Hoogstamboomgaard

Het aantal bomen en de maat is overeenkomstig het inriohtingsplan, De afgestorven

exemplaren

zullen dit najaar worden vervângen. C-ontrole op nqlçving beheerPlan

beheer/gewenstenatuurontwikkelingzalgezamentijkgeschieden

door de gemeenie Heedén en de provincie in meiljuni 2011' Bçste m.nr inqsPLenwijzig in g

ffingVande.bestemmingsplanwijzigingisinmiddelsínganggezel.Naar van de procedure medio 2011 plaatsvinden. ;,;*";ñiñöLã"ãÀ oni.ieteãart BankgArantie.

-ra.tie zal voor eenderde vervallen wãnneer de mitigerende/compenserende maatregelen banl<garantie vervalt ã*i"ánr.îmstig het lnr¡crrtiñdplân zijn uitgevoerd. Het resterende deel van de overeenkomstig

õã

zes jaar na realisatie uån oàã"'maatrågeleñ, als na veldcontrole het ínrichtings- en beheerplan is uitgevoerd. B-çëindiq en val de overe.çn K-o.m çt

blijkt dat het beheer

De overeenkomst zJGã einogen wanneer beide partijen ,schriftelijk verklaard hebben teg"nþr"ttu|e ls uitgevåerd confolm het inrichtingsplan en het beheerplan'

dat de

)t ENVIRON odvocoten

Bijlage 2

Llitspraak RËCHTBANK LIMBURG Z ittingsplaats Roermoncl

Besttrrrrsrecht

zaakntrnrnlers: ROE 241?61 en ROE 24 I 606

uitspraak vnn tle voorzieningenrechter van

I I l,lAIIT 202{

in rle z¿rken tussen

Ankieryicz & Nacken Onroerend Goed BV, Euro Beheer BV en Euro Handelsondernenring BV, uit Heerlen, verzoeksters (gernaclrtigclerl: Irr. R,J,J.ful.M. iVletsemakers. nlr. N.A. Riistelborgh en rìrr. Ph.W.A.M. van Rov) etl

het college valt burgenreester en rvethourlers varr tle gerneente Heerlen, verweercler (genraclrtigclen:

Procesverloo¡r

Bij clrie aflzonderlijke besluiten van ll jnli2023 (cle primaire besluiten) heeft verrveercler aan verzoeksters 27 lasten onclerdwangsorn opgelegcl i¡lhoudencle dat verweefder verzoelistets gelast onr lrinrren trvaalf ,'r,eken cle gecoustateerde overtrerlirrgen volledig cu bli.ivertd op te heffen op straFf'e van het velbeureu van een drvangsonr van € 1,500,- voor' ellie kalenclertveeli c[at cle ovet'treclirrg vooltclurrrt. ule( ee¡l ¡naxirrrr¡rrr vall € 15.000,-. Verzoekstet's lrebben tegen cle af?onclerlijke prinraíre besluiten bezrvaar gernaakt. Zij trebberr tevetls de voorzieniugenrectrter verzocht onÌ eerl voorlopige voorzienirrg te tlefïelr.

Bij rritsplaak van l2 cjecenrber 20211 heeft de voorzienin-eenreclrter het verzoeli olrr voot'lopige voot'ziettitrg vart verzoeksters \,oor zover dat zieË op last 24 toegewezen. De voorziettittgenrechtel lreeft cle primaire besluiten voor zover cleze zien op Iast 2.1 geschorst totclat op het bez.rvaar vatt verzoeksters is beslist. De voolzierringeureclrter heefï lret verzoek otn voorlopige voorziening vool het overige afþewezen.

Bij bestuit vatr 9 januari 2024 (lret bestlederr besluit) heeft r,eru'eelder het bezu.aar var'¡ verzoelisters tegen cle primaire besluiten orrgegrond verklaard. Daarnaast lreeft velrveercler' besloten otn cle begLrnsrigingsteirnijnen varì eerÌ aalrtal lasten onder clrvangsorn te rvijzi-ecn. Verzoeksters hebben tegen het bestreden besluit beroep ingestelcl. Zij hebberr teveus te¡l aanzien van de lasten l0 en 24 (ROË 24 l26I¡ en ten aanzien van de lasten 2. i en 23 (l{OE 24 / 606) de voclrzicningcnrechtel vcrzocht onr een voollopige voorzíenin-u te treffe¡r. Verlveerder heeft op de verzoeken gereageercl ntet eeu verlveel'schrift. I EC Ll :NL RBt..l Ìvl :202i :7468. :

zââknunrrners: ROB 241261 en ROE 24 / 6rJ6

2

De voorzieuirrgenrechter heeft ile verzoekerr op 4 rnaart 2024 op zittirr-u trehandelcl. Flielaan hebben deelgelronrerr: veftegenwoolcligels r,an verzoeksters (l(.L.C. Verst¡'alen, J,lvl. Alll<iewicz. t'l.t-{.M. Nacken. A,E,P,J. Janssen) de geurachti*uden varr verzoe ksters etr cle

gernachtigden va¡r ver*'eelcler.

Ovenvegingen Waar gaat deze zaak over'?

t. De bestoten vennoot.schap ELrro Handelsonclerrrerrring (El"lO) esp[oiteert sinds cle jalen negentig van de vorige eeul\, een tttirlcentrrrrtt aarr cle Renrtettti-eet'velcls'eg 70 irr l-leerlen. De besloten vennootschap Euro Beheer is cle bestur¡r'cler vatr deze onclernetnittg. De besloten venllr,rotsclrap Ankie*icz & Nackert Orlroelend Goed is de eigenaar van de percelen,

2,

Op 3 novenrber 2022 en 7 novenlber 2022 hebben toezichthoude'rs v¿ìr1 cle geuteente en cle Regionale Uitvoeringsclierrst (RUD) Zr¡icl-[,inrburg een groot aântal Fleerlelt overtrecf ingetì vatÌ wet- en legelgeving geconstateerd tel plaatse van ltet tuirrcetttt'u¡l ntet bijbehorende percelerr. Zij hebben lrun bevinclingen neergelegd in verschillende rappoúen. Naar aa¡lleiclilrg hierv'au lreeft verrveerdel vet'zoeksters bericht voonìe¡nerìs te zijn lastetr onclel dw'angsÒnl op te leggen, irrdien cle geconstateerde overtreclittgelt niet u'ordeu beëirrclìgcl.

3,

Verz-oekstel's hebben tegen cleze vool'llelÌrens een zierrsrvijze irtgediencl.

4.

Op 29.iuní 2023 heefl een herct'¡ntrole plaatsgevonden dool toeziclttltouders va¡r cle genleente I'leelle¡r en de RtJD Zt¡icl-[,inrbulg. Naar aanleicf ing van cle bevirtclingen tijdens tle hercontrole is verrveerdetover*qegaarl tot het llelnell van cle drie prinraire besluiten. Daarin gelast verrveerder verzoelisters binnen twaalf r.vekeu cle geconstateercle oveltlecÏitrgen volleclig en blijvenclop te heffen op straffe van het verber¡ren van een clwangsont vatt € t,500,- voor elke kalenderrveek dat de ove rlrecling voortdLtutl. l1ìet eelt nlaxirnurn vatt € 15.000.-. Het betref,t. voor zovel in lret kacler van cleze verzoeken om voorlo¡rige voorzierring relevant, de volgencle overtreclingen :

2. (rece¡t{ic ! kemtoor) Het onlvung,slg,eboutr en kur¡lot¡t i.t rrog .steecl,s op cle toculie tttttnt'ezig, in slrijcl nrcl urtikel 2.1, eerl;te licl, trunhcf'en onrter u en c', t'utt ele þI"uho in yerhÌntling ne l n'l ike l 6.2. l t'ut het be.ç le nnt ing.s¡.tlun " tlee ñet'he icle Zui4 " : 3. (tttinhui,t,i rtp.sletg,) Hel luit¡ltui,ç nrcl o¡tslug, í,s ttttg sleecll; op cle louilie umrv'ezig, in slriid ntet urlikel 2.1, eerste liel, umlta.f'en r¡neler c't,un clc I'Yuho ín verhit¡clittg nrct urtikel ó.2.1 trcu he ! h e s I e m n t i n g.s ¡t I tu " He e r I e r he i ct e Zu icl " : 10. (o¡tslugterrein./ ¡tut'keer¡tlucttÐ Hel ¡terceel i:; nogsleeds verhurtlen ittgerichl tctt tu'tikel 2.1, eer:;le lid, cremheJ en onder c', t:un he hoevc vttr opslug en ¡tcrkeren, in "'trijtlnrct de ll'uho itt t'et'hincling ne I urtikel 9.1, I en 9. 1.2 t,un ltcl bestemming,;¡tlun "Heet'lerheide

Zuitl":

zaal(nunlrrers: ROE 24 1261 en ROE 24 / 606

3

13. (ktuttine,'krutlt¡t>t') Het luinhui:;, íugct'icht ttl:; kut¡itte en kmtloot', is ttog,sleetl.s op tlc

loccttie crunvezig, itr.slrijcl nrct urtikel 2.1, eet',çle licl, uutlrc.f'ctt oncler c. vatt rle l'l'ubo in t'e rhintling nrct m'tikcl 6.2.1 vtut hct {te.slentntittg,,splcm "lleerlerheide Zuict":

2J. (t,erhu'tle weg) Hel ¡terc'eel i:; trog steeds verlttn'cl len beltoeve roì een weg, itt .tlt'ijd ntcl urtikcl 2.l,ecrslclid,acnheJ'enottderc,rclncle l\ruhoinverhintlingilwt(lrlikel 9.1,1ett 9. l. 2 t'tttt hcl hestenuuirtg,s¡tlcm " Hecrlerheitle Zuitl ". Pcr overtreding heeflt vçr\veerder aangegeverì hoe deze beeincligcl kart ',r'orclett. Bij cle lasten tell aanzien van cle bourvrverkerì noelnt velneercler als rnogelijkheicl het veru'iideren (lasten 2. 3 en 2i), het verptaatserr naar het in het lresternnringsplan opger]omen bourvvlak (lasten J en 23)of het vergunrritrgvrij rnaken van het lrot¡u'rverk cloor het terugbrengen van de totale o¡:pervlaliteaalr bou'rvrvelken (lasten 2 err 23). Biicle lasten ten aanzien vart cfe verltarclitrgen noetllt verrvee¡'cler als nrogeliikheid het r,,olleclig 1,ç¡lf ijdererr l'an de verharrling (lasten l 0 err 24) en van cle opslag (tast 10) err hel gebnriken van deze delen van het perceel enkel ten behoeve van groerl\joolzieningett (lasten l0 en 24).

5.

Vel'zoekstels zijrr het niet eens nret het hestreclen beslt¡it. \\iaarb¡iht¡n bez-"varen tegerr cle lasterr onclel drvangsorn ongegrottc[ zijn velklaarcl. Op ltetgeen verzoeksters hebben aanger,oerd in het kader van cle verzoekelt otn voorlopige I'oorzietring zal de voorzieningertt'echter hierua ittgaan. Spoedeisend belang

6.

Op glorrcl van artikel 8:B l, eelste licl. r,an de Algemerre u,et bestuurst'echt (Ar'vb) kan cle voorzietrirrgenreclrter varr de l¡estutrlsrechter clie bevoegcl is ol'bevoegcl karl rvorden ilt de hoof dzaak. o¡l verzoek een voorlopige t,oorzienirrg tretterr inclien orrvelrvijlcle spoecl. gelet op cle betlokkett belangen, clat vereíst.

.

Velrveelcler heeft ter zifting toegelicht dat de begLrrrstigingstertrrijrten van cle lasten l0 en 24 zijn verlengcltot l2 aprit 2024. Verrveerder heeft claarnaast per e-lnail van B fþbruari 2024 aall de voorzieningenrechter kenbaat'gemaakt clat cle begunstígirrgstermijnett van cle lasten 2- 3 en23 zijn vetlengd tot cle clag na cle uitspraak van cle 7

voolzieni ngent'ec lttet'.

8.

De voorzielringenrechter acht het spoedeisend belang aatrrvezig, ge let op de hiervoor genoerlcle begLrnstigirrgstertnijuelr clie op korte termijn zuilen verstrijken (clarr rvel clie gekoppeld zijn aan onderhavige uitspraak). Vetzoekstel's hebbeu voldoende toegelicht clat het voldoen aan (een cleel van) de lasten een irrgrijpencle rvijziging in cle becf ijßvoering vergt - clat geldt nlet nenle vool last 2 - clarr rvel clat dit het onclet{roud van lret groengebiecl ernstig bemoeilijkt *-dat gelclt voor last l0 (deels) err last 24. Over het spoedeisencl belang ten aanzien van last l0 bren,et de voorzieningenreclrter ottcler l5.l nog een nuancering aart,

De beoo¡cleling door de voorziç-ningenrechter

9.

Het oot'cleel vart cle voolzienirrgenrechter heeft een voorlopig karaktel en bindt rle rechtbank niet bij cle beoorcleling van ltet beroep.

zâaknurlìrìrers: ROE 24

l26l en ROE 24 I 606

,l

10,

Op gronclvan artikel 8:86. eersre lid, r,an cle Au'[r kan de voorz-ienitrgenrechter. inclien het verzoek rvorclt gedaan i¡rclien breroep bij cle bestuttrsrechter is irrgestelclerr cle voorzieningenlechter van oorcleeI is clat na cle zitting. bedoelcl ill artikel 8:8i, eet'ste licl. van cle Arvb lrader onclelzoek reclelijkerrvijs niet kan bijclragen aatr de beoordeling van cle zaal<. orrmidclelli.ik uitspraak cloen in cle hoofdzaak, Dit rvorcltook tr,el 'kot'tsltliten'genoentcl, De voorzieninge¡rrçchter zal in deze zaak niet overgaart tot kortslttiten elÌ overweegt daaltoe als votgt. Verzoeksters lrebben lrun velzoeker] olrl r,oorlopige voorziening gedaau hangetrde httlt beroep tegen lret bestreden besluit. Aarr clie voorn'aatde t¡it artikel 8:86, eetste lid, vart de Arvb is dus voldaan. Vel'zoeksters lrebbe¡r echter ht¡u verzoekett enltel gericht tegen vijf vatr cle 2T lasten terri'ütlrrtrr beloep ook op anclere fasten ziet en zij haclclen op het rnolllellt dat de zirting u,erclgehouclen nog niet alle gronden in het kader van het beroep ingedicncl. Vool'cle beoorcleling van het beroe¡l is clus nog nadet'onclerzoek nodig. Celet hierop zal de voolz.ieningeurechtel'darr ook lliet ook onnriclctelliik Lritspraak cloett ín cle hoofdznak. Deze

ruitspraaligaatdusallee¡loverc{evl'aa-qofclelasten?,3, l0,2Sen24geschorstlrloetell r.r,orclelr in cle periocle tot cle uirsplaak op het ber-oe¡r over he( bestreden beslt¡it. I n rvethj.n gtred i ne Onr gev irrqsrvet

ll.

Het bestl'eden besluit is *Qebaseelclopde Wet algemerte bepatingen otttgevittgsrecltt (Wabo) die ats gevolg van cle inrverkiugtreditrg van rle Omgevingswet op I jartuari 2A24 is velvallerr. Uit artikel 4.2J. eerste lid. van cle Invoeringsrvet Ontgevirtgstvet volgt clat het oucle lecht varr toepassing blijft op een bestuurlijke sanctie clie voor cle inrverkittgtt'eclittg vatt cle Onrgevilrgsrvet is opgelegd voor eeu oveftrecling clie voor cle itnverkingtrecling van de Omgevitrgslvet heeft plaatsgevortden, De lasten ottdet'clrvangsotn tvaat het in cleze zaak ottl gaat, zijn bestuurlijke sarrcties rlie op I I juli ?023, dus voor cle inu'erkingtreding vau de Onrger,ingslvet, zijrr opge[egc[ erl betrel'fen overtreclingen clie daarr'óór zijn aat]gevatrgetì, Dat betekent dat in cleze zaak, ooli aI is de beslissing o¡l bezvraat'genontetl na I janLrari 2024, rrog het oucle recht van toepassing is, nreet' in het bijzonder cle Wabo rnet bijbehorerrcle regel-eeving.

Last l0 en last 24: I'e rharclj.ugen (ROE 24 / 26 [ ) Lr er .s¡tt'uke t'iltr ean overlreding'.)

12.

T€r plaatse van cle percelerr gtllcl ten tijde van het bestredelr besluit lret bestenrrningsplan "Heerlerheide ZLlid', vastgesteld op 6 jarruari 2015 (hierrra: het bestentm ingsplan).

Ter plaatse van de verhaldingen rvaarop last t0 eu last 24 ben'el<king hebben. gelcltde bestemnring 'Groetr - Lanclschappetijk'. Op grond van a¡'tikel 9.1.1 ('Doeleirrden') vall cle besterrrrrin-gsplanregels zijn cle voor'Croeu - Larrdschappelijk' aatìge\\'ezetl grottclen voot'

zover lrier relevartt bestenld voor "gl'oertroorziettinge¡t" '

Opgroncl van artikel 9.1.2 ('lnrichting') van de planregelsziju ten behoeve van cleze besterrrmin,e, voor zovel hier relevant, tevetls toegelaten: "vet'hctn{ingen, :oul:; itt- en u i I ri t lett, ./i c t,s- e n/oJ' voe I pu¿{e

.'''.

In de planlegels is rriet geclefinieerd lvat orrclerogroetrvoolziettingetl'etl 'verhardingelt' rvorclt verstaarr.

zaal(nunrnrers: ROË 24 1261 en IIOE 241 606

13.

5

Verz.oekstels stellen dat *at betret't de laste¡¡ l0 en 24 geen sprake is van eett

overtrediug ornclat de verharclingeu op glorrcl varr lret bestentruirrgsplan zijn toegestaan, [{et betreffende paci client volgens verzoeksfers als in- e¡l uitrit en staât tett die¡rste r,atr cle groerrvoorzieningerr en het onclerhoucl daarvan. Het staat dr¡s ten clienste van cle bestetttrrring en is claaron niet irr strijcl met lret bestenrnringsplarr.

14. Verr.r'eerder stelt zich op het standpunt dat cle betrefl'encle vellrarclingen in strijd z-i-in met artikel 9,1.2 varr de plarrregels nu de verharding ¡liet clierrt ten behoeve van de besternnring 'Groen - Landsclrappelijl<'. Volgerrs venveerder kan iu reclelijkheicl niet geste[d u'olde¡r clat de rveg enke I (no-u) ten belroeve van cle groenvoorzienittg dient. Vetrveerder stelt inrnlers geconstateel'cl te hebben dat in cle loop der tijd steeds tneer groen heelt moeteu ¡rlaatsmal<en voor verhalding. Cezien cle ve¡ltoucling tussen verharcle grortden ett gt'oeu lian volgens ver\r'eerder rriet nreer gezegcl rvolcletr dat cle u,eg een fìrnctie heeft ciie past binnen cle bestenlrning. Dat cle verhardirrgeti ttiet ten behoeve van cle bestetnnrittg 'CroetrLandscha¡r¡relijk' gebluikt rvorclen. blijkt volgerrs verneercler ook uit het leir clat verzoekstels hebben erkencl clat het pacl nrede gebuikt'rvorclt te¡r behoeve van cle voorntalige stookplaats. 15. Naal het voorlopige oorcleel varl cle voorzierringerrrechter is het volledig verrvijcleren van de verharding, ook al is dit slechts als voorbeelc{ genoenrd orìr aan de last te vokloetr, te verstrckketrcl ollr de stlijd rrret lret bestenlmingsplan op te heftèn. Verweercler lreeft in c[it velbancl onvolcloende oog gehacl vool de rnogelijkhcici clat het pacl, zonder aanw'ezigheid varr parkeelplaats err stookpfaats.

past of katt passen binrren cle bestetnnling 'CroettLanclschappelijk'. De voorzieningerueclrter overlveegt ltiertoe als volgt. I 5. I

.

-fer

zitting is vastgestelcl clat aan last [ 0 (ondet protest) cleels u itvoering is gegeven

cle opslag en vel'harc[ing ter plaatse van / ten behoeve van cle ¡rarl<eerplaats zijn verrvijclerc{

e¡r lret gehrrrrik als parkeerplaats is beëincligd. Wat resteert is een pad clat samen nlet cle verhalclirrg van last 24 é,ón pacl vorrnt vanal'de zuiclkant van het terrein van ltet tuincentrunr tot uiteinclelijk (sarnerr nret eeu deeI van het pad. op gLondett met eel] ¡ratuurbeslentttring. waarop het bestreclen besluit rriet ziet) de Retrnenrigerveldleg. Als bijtage I bij cleze uitspraak zijn ter illr¡stratieeen uitsnecle van het bestenrmirtgsplarr ett een ILrchtfoto opgenorretl. f)e voolzieriingenreclrter beperkt zich in deze uitspraak tot het lesterencle cleel

van cle verharding, gelegen in cle bestenrnring 'Groen-LanclschappeIijk' (hierna ook: de omciat ten aatrzietr van lret overi-qe Ltitvoerirrg is gegeven aan last l0 en -{roenbeslenrrning), itr zoverre geerr sprake tneer is valt eell spoecieisencl belarrg.

I5.2, De betreffencle gronclen zi.in bestenrd voor groenvoorzienirrgerl, rraar tevens ziju verhardingen toegefateu, zoals in- en uitlitten en fìets- err/of voetpaclen. Hetpad is nreer dan eerr irr- en uítrit van de groerrvoorzienin-e: cle verlrardittg rnaakt onderdeel uit va¡l een pad clat vanaf de openbale rveg (Rennernigervelclrveg) doorloopt tot aan het terre in van het tuirrcerrtrr¡¡ll. [-[et gedeelte vanaf clie openbare weg loopt over cle besterlming 'Natuur' (waat' verlrardin-{err. zoals wegerl err paclen, zi,irr roegestaan) en claaura overcle bestetnnting'Gtoen - Lanclschappelijk tot aan cle bestemrning 'Verkeer - Verblijfsgebied' met aattduicling parkeerterrein op het zuicleli.ike deel van het ten'ein van het tuincentrutn. De lasten - voof zover gelet op hetgeen ondel' I 5. I is overrvogen hier aan de orcle * zien op liet deel van lret

zaâknur.rlnrers: ROE 24 1261 en ROË 24 I 606

6

pad hirrrrerr cle groenbestenrnring.l Gelet op hetgebruik van het u'oorcl'"zoals" in artikel 9. 1.2 van de plarrlegels zijn andere verhardingen dnlr fìets- etr voetpaclen en ilr- err uitlitterr rriet uitgesloten. Hef pacl heeft cle uiterlijke uitstraling en de kettrnerken van eert fiets- of voetpad en rnaakt toegang tot het geheel ten zt¡iden van dit pad gelegerr groeugebiecl nrogelijk. Naar voorlopig oordeel van cle voolzieningenrechter is de inlichting vatt eett relatief klein deel van het gloengebieclals pacl in beginsel toegestaan op -erottd vân altikel 9.1 .2 van de plaure-eels, Dat (halt)verlrarcling vau het pacl nodig is gelet op lret hoogteverschil acht de voorzieningenrechter ook aallnemelijk. Dat ten behoeve van de verhaldingerì groeri is verrvijdercl, doet niet alaan het feit dat artikel 9.1.2 r,erharclirrg toest¿ìat. Een bestenilningsplau kent geen realisatieverpliclrting zoclat het niet verplicht is om groenvoorzienin-uen te realiseren. Ook van een instandhoudingsverplichring is geen splake. Bovenclien staat de cloor vels'eercler genoerncle vern'ijcleriug van groen voor een groot deel los varr onclerliavige (nu rrog aarrrvezige) velharding waârop lret verzoel< om voollopige voorzienirrg ziet. Verzoekers hebben overigerrs op zitting aangegeven cle gebieden rvaar gloen is verrviidercl. rveer'(op nnìtuur[Üke rvijze) te rvillert lateu vet'gt'oenert,

15.3. Over cle vlaag of het pacl ten cl ienste staat van de groenbestentnring, overrveegt de voorzietringenrechter als volgt. Ter zitting lrebben verzoeksters toegelicht dat cle door' venveelriergenoerlde stookplaats iurriclclels rveg is en clat cleze ook al r,veg lvas ten tijcle vatr het bestreclen L¡esluit. Het pâd wordt dtrs niet (rneer) gebruíkt onl die stookplaats te kttnnert bereiken. De voorzienirrgerrreclrter is onvoldoerrc{e gebleken clat het pad ttu nog dient ten belroeve vati het tuincentn¡rrr c.q. de detaillrandelsbestemming van dat tui¡rcentt'ttm. zoals ver$'eerder lijkt te stellen. De in- en uitgang van claf tui¡rcentruur liggen aan cle noorclzijde varr het detailhanclelsterrein e¡r bezoekers kunrle¡r via het pad niet naar het tuincentrunt. Niet geblekerr is clat beclrijfsverkeer van liet tuincentlum gebruik rnaal<t van lret pad ortl van erl naar het tuincentrurr te rijden, auders datr v<lor onclerhot¡cl van ltet groengebiecl. Verzoeksters hebbe¡r vooralsnog volcloende aaunenreli.jk gernaakt dat het pacl irr ieder get,al thans dient ten behoeve van de toegang van het gloengebied voor onderlroud. Dat is eerr gebruik te¡r belroeve van de besternmirrg eu clLrs. zoucler onclerzoek ert nlotir,erirtg clie op een ander getrnrik duiden, toegestaan.

15.4. ln hoeverle een ex tLrnc toets van het bestreden besluit ertoe rnoet leiclerr dat het besluit op zich clestijcls telecht ís gerromen door verleercler, gelc"t op cle toen aan'uvezige en innriddels verrvijderde verharclirrg e¡r lret gebruik daarvan als parkeerplaats, laat de voorzieningenrechter tel beantlvoorcling aan de rechtbank in cle hoofdzaak. l)e voorzieningenrechter volstaat met de co¡rclusie clat gelet op het voorgaancle de last van volleclige venvijclering van de verharding te verstrekkencl is om cle ot'ertleding op te heffen. Ornclat cle lasten tû elr 24 er ook ttle stlekken dat cle thans resterende (half)verharcling nroet rvoLclen verrvijclerd. ter,,vijl er voldoende twijfèl is over de vraag of de hLridige irrrichtin-e als (hall)r,erlralcl pad en het gebruik varr dat pacl in strijcl is met lret besternmingsplan, is et' aarrleidiug die Iasten in zovelre te schorsen, zoclat r,erzoekstel's voorlopi-e geen pacl lroevett ,. u.¡lr,ijderen dat naar voorlopig oordeel err gelet op de huiclige motivering niet in strijcl is nlet het bestemnr iugsplan.

I De vlaag o¡l tvelk deeI van het pad last 24 precies ziet - partijen ve¡'schillen daarover van mening -laat de voorzieningenrechter in het midden nu dat voor onderhavige voorlopige beooldeling niet varr belang is.

zaakilummers: ROË 24 1261 eU ROE 241 606

15.5, Gelet op het voot'gaarrde zal cle voorzienirr-qenleclrtet het verzoek onr voorlopige voorziening t,arr verzoeksters voor zr¡vel dat ziet op last l0 err last 24 toerviizen, De voorzierringenreclrter schorst de prirnaire besluiten en het bestredeu beslr¡it voor rvat bctreft cle lasten l0 en 24 tot cle uitspraak in de hoofclzaak. Wat betrefi last l0 ziet cleze schorsirrg alleen op cle nu nog aârrlïezige verharding zoals omschreveu oncler 15.1. Last 2. last 3 e¡r.last 23: bou,çvrverken (ROE 24 / 606) Lr er sltruke r{ut eerl overlt'et{ing?

16.

Op groncl van het bestenrmingsplan gelclt ter plaatse varr cle bourvrverken cle besternnring 'Detaillranclel', Op groncl van artikel 6.2,1 van het besternntiugsplarr zijn geborru'etr uitsIuitend toegestaan binnert het boun'vlak. De bourvrverkerr waar de lasten op zien, zin gebouwerr en liggen btritert het bourvvlak. lJeze zijn clus rriet toegestaan op grorrd va¡r cle bourvlegels van cle detailhanclelsbesterlrning. 17

,

Verzoeksters stellen dat er voor s'at betteft cle lasfen 2, 3 en 23 geen sprake is varr

ee n overtre(ling, Daattoe stellen z.ij dat cle bourvrverkerr rvaarop de lasten zien, zijn

gelegaliseelcl rnet eerr bourvvergunnirrg verleencl op l0.itrni 2010.i Het ovelgarrgsrecht. zoals rreergelegd irr arfikel36 van het besteulntingsplan'Heerlerheicle Zuid', staat derhalve volgens velzoeksters aan ltandhaving iri de u,eg.

18. Verrveerder stelt ziclr op Iiet stanclpunt clat de betreffè¡lde boulvwerken rriet zi.jn gelegaliseercl rnet cle vergrrnning uit 20t0, orndat clie velgr"rnrring rriet zag op de onilerhavige bourvu,erken. t9. De rroorz-ienirrgenreclrter volgt r,elzoeksters niet in hurr ste llirrg clat met de lrourvvergunning uit 20l0 cle bourvlverken van de lasten 2,3 err 23 zijn vergunden gelegaliseelcl(en velvolgens als legale bouu,rverl<en orrclel het overgangsreclrt van het opvolgende bestemrringsplan 'Heerlerheicle Zuid' z-ijn kornen te vallen zodat geen sprake zou zi.iu vârì een overtreding). De voorzienin*geuleclrter over\\'eegt claart<;e als vol-ut, 19.1. De bou*'vergunnirrg is verlee¡rcl op basis van eerÌ op 30 juni 2008 ingectiende aallvraag, Op het aanvraagformulier staat als kclrte omschrijvirrg van het bourvplan: "åel geheel Òprich¡en vcm een betlrijli.;gebou\, ilrel kctntoor", Het huidige gebruik rvijzigt volgeus Itet aanvraagfbrr¡ulier van"hcutclelslerreirf'naar"ltttnelel nrct kculot¡r''. B¡j de aanvlaag zijrr tekeningen gevoegcl. clie ook ottclelcleel uitmaken van cle verleende vergtrnning. Op clie tel<eningerr is eer¡ "/ral nrcl kunloot"'getekettcl, op een plek rvaar ingevolge het bestenrmingsplatt'l'leerlerl¡eide Zuid' later het bouwvlak is -eelegd. Dit bounrverk is. zo is ook ter zìttirrg gebleken.

nooit gerealiseercl, De bij de aânvraâg behorencle bourvtekenirrgen z-ien enkel op cleze hal. op c[ie tekeningen aartgedLtid als "nieurvbourv overdekte opslag nret karrtoor".

I Op glond van artikel 40 van de Woninglvet (oud), met verlening van vrijstelling van het destijds geldende besternrrtingsplan op glond van artikel 19, eerste lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (oud).

7

zaâl(nrtJrlrners: ROF. 24 /261 en ROE 24 I 6A6

I

19.2. ln het besluit tot verleni¡rg varl cle boursvelgunrrirrg(eerste fase) sfaat: "Li hec./i o¡t 30.jurti 2008 een uünvî'il(tg lto¡nts,ergtutttittg ingeclientl yoot' he I boutyett t'uu een k¿tnIoor iltel een rx'ertlekte op.slag q/.çnrcele cle legulisulie v¿m cfe detetilhcutelelucliyileit o¡t hijhehorcrd lerrein, gelegcn ucut ¿{e RennentÌgervclcltcg 7(} te Heerlen. (...) De grondert :ullen in ctftrijkhg wort{att gebruíkl, nunclijk len behr¡ere y¿m ¿\e tuilhencleloctit'itcitctt, hijhehorentle honrtverkett (kur¡toot',4¡ul) en ile toeg¿tngsweg," Uir deze o¡lscl'¡r'ijvirrg blijkt niet dat cle velgtrnrtirtg is verleetrd voo¡'andere bouu,rveLken ctalr cfe (opslag)hal met kantoor Dat elclers in het besluit staât "/¡, de ltuitlige ,sitt¡ttîie zijn de gronden (...) omheinclnrcl een (...) uJ:ic'heitling. Overige uuttve:igc houtt'tyerketr hen'e./fÞtt een kunlotsrtmit, cen overclckfe op.rlugruinúe, een nevenkunlortr üntîex wrkoopruintle, e en owtkup¡ting vun zes :eec'onliliner,t. en een o¡t.slctgruintte" en dat op een luclrtfoto err tekenírrg van de bestaancle sitrratie deze btl¡rvttetlien staan, betekent rtiet dat cle vergurruin-e ook vool cleze bouvvr.vetken is velleend.

De t,er-qunrtiug client bl'rjkens cle tekst daarvarr onr het ttrincentltun in aangepaste vonlr op de huidige locatie te legaliseren, De toekorlstige situatie n'orclt aanvaalcf baar geacht onclet' nleer onldat "hotnnrc!'ken v'ot'clen bepe rkt lol één gehuutr ( k ur r I ts o r,/o p.s I u gA'e r koop'^ .1

19.3. lrr rle op 28 februari ?013 velleencle bot¡wvergunnirrg trveecle fase staat: '"U heeli qt 0l-06-2012 cen u(iln:t'u(tg, boutt'r'ergrnnirtg 2't".fine ingctliend in:uke hel legtii,set'etl t:(ttl detuillunclal en het houtrett vun een bedrijJ.igehom¡'(...) Op 0l-07-2008 hee.ft u een u(iltvt'cÍug. boutrvetgunning 1"" .fuse htgccliertcl hetrc.flÞnie het leguli.ret'e¡t v(tn de tuilhcuulel ctt hct houwen Ìun ecrt beth'ij/isgehoutt'. De:a uutn,ruug i,ç varlcend op Ì0-06-2010."

19.4. De voo¡-zienirrgenlectrtel karr uit lret voolgaancle geen anclere concltrsie trekken clan clat cle bouu,vergunrring ntet vriistellirrg enkel is verleericl voor de rrieulr,bourv van één bedrijt'sgebouw en voor het gebruik van de gronden voor detailhandelscloeleiucle¡r. Hienrree zijrr rriet cle bouu.n'erke¡r u,aarol: cle lastet:2,3 en 2l betreliking liebben verguncl, De tekst van cle ruinrtelijke onclerbour.\'it1g, waarop velzoeksters zich lreroepen, cloet hiernietaan af', nog claargelaten clat ook claaruit niet kan s,olclen afgeleicl clat de bornvu,erken ten aanzien wnÍ¡rvan nu lranc[havend rvolclt opgetreclen destijcls zijrr aangevraagd en velgund,

t9.5,

Voor rvat betreft de lastert 2. 3 en 2i is cle voorzieningerrrechter, gezien lret voorgaaucle, clan r:ok vatr oolcleel dat spr'ãke is van een oveftredin" Be gi nse Ip I ic' ltt Í ol lturul hctvi ng

20.

Gelet op hetalgemeerr belang clat gediencl is nret hanclhaving, zal in geval van ovefiredirìg van eerr rvettelijk voorsch¡'ìft het bestuursorgaarl clat lrevoegd is om met een last onder besturrlsclrvang of eerr last onclel drvangsorn op te freden. in de regel van cleze bevoegdheid gebruik lnoeten ma[<en. Slecllts oricfer bijzondere omstancliglreden mag van het bestuursorgaalr u'orden gevergd, dit niet le doen. Dit kalr zich vo<l'cloeu als co¡tcreet zicht op legalisering bestaat. Vercler kan handhavend optreden oneverlredig ziin in verhoucling tot de claarmee te clienen doe[en, zodat vatt optreden in clie conclete situatie rrioet rvorclen afgezierr.-i

r Direct claarachter sßar:"ll/el kunne¡t er meertlere gebtnnt'lje.r ctctrtt'e:ig:ijn in de \)or¡n vot'r denrcnstrttticntoctcllen". Daar gaat de rechtbank onder 22.4 nader op in. i Zie bijvoorbeetd cle uitspraak van cle Afdeling bestrrursreclrtspraak van de Raad van State (de Atdeling) van 24 ar¡gustus 2022. ECLI:NL:2022:2457 .

zaaknlrnn.ìers: ROE 24 I 261en ROE 24 / 606

9

Ev e n red i glte i d.s h e gi n :;e I

2l .

Verzoeksters stellert dat verrveerder niet lreeft onderke¡lcl clat het evenredigheiclsbeginsel aan handltaving in cle \rveg staât.

22.

De voolziettingeulechter'ù\'er\\¡eegt lrieloverals volgt

22.1. Bij de toetsing of een besluit evenredig is, kan geheken n,orclen lraar cle vraag of het besluit geschikt is om het beoogcle doel le bereiken. of het beslr¡it noodzakelijk is onr clat cloelte bereikert (rvaarbij ook beoorcleelcl çr,ordt of nleteen rli¡rcier^vergaande uraatregel korr rvorderr volstaan) en of het besluit in lret concrete geval evenrviclrtig is, dus of lret besluit als dat o¡: zichzelflgeschikt err noodzakelijk is, in cle gegeven onr.starrdigheclerr niet onrecleli.ik bezs'arencl is toor cle belanglrebbeu<le.(' De voorzieningenrechter ct¡ucerrtLeert ziclr hielna o¡: cle ttveecle en delcle vraâg:of het hancllravin-esbesluit in dit geval troodzaketijk isonl het beoogcle cloel te bereikett en olcle ttraatregel in t'lit conclete geval evenrviclrti,{ is.

22.2. Zoals tel zinirrg is besproken is liet (achterliggencle) cloeI van vel'wee¡'cler nret het hanclhavend optreden te¡r aanzierr va¡r cle bou\,r,u'etl<eu clat cle regels r¡it het bestemmingsplan tr,orclett nageleefl. Ve ru,eerder beroept zich in clat verbancl op lret algemeue belang clat iedereen de regels nroet naleven (ook gelet op lret gelijkheidsbeginsel) en clat prececlenttverking nroet tt'orclert toorko¡'llen. Verr.r,eerder heefi ter zitting desgevraagcl niet aangegeven dat er specifìeke (locatiegebonclert) re<lenen ziltr vool de harrdhavins. anclers clart zorgen voor nalevirìg vall het irl20l5 r,astgestelcle bestenrnringsplan: clit zijrr cle legels en daaraan ¡noet rvorcfett yolclaan. Beleidsnlatig zijrr er kennelijk geen (zrvaalwegende) leclenen getveest voor het handhavingstraject ten aanzien van cle bouwrverken binnen cle ?'$ cletailhanclelstresternnriug, 1'er z-inirrg is verder gebleken clat verrveerder geen klaclrten of tnelc{ingetr heeft onfvangen v¿ur olììr'r,onenclen, Zou'el r¡elztleksters als venveerder fie bben [revesligd dat el varttrit de ontgevin-e geen plobleurett bekenc[ zijrr nret het tuincentn¡nl in cle hLriclige onlvang en verschiiningsvorrrr.

22,3. Wat betreft het beste¡nmingsplan co¡rstateert de voorzieningenreclrter het volgencle. Het telrein vatt het tuicerrtrurn is positief besternd voor detailhandel en het zuidelijke cleel voor een palkeertellein. Behalve cle bourvvergrrntrirrg u¡t 2010, zijn er kennelijl< geerr achterliggeltde reclenen ge'Ìveest ottt het bourvvlak bin¡ten de cletailhandelsbesternnring op cle berlef'ferrde locatie ilr het besternnringsplan te situeren en cleze orr\/ang etl voul] te geven. Verzoeksters lrebben, al voordat de proceclure tot vaststelling vatr het bestemmingsplan 'HeerlerheideZuid' van sta¡'t giug. aarrgegevell dat de bourvvergunning rrit 2010 aclrte¡lraatd rvas. Zij lrebben tegen het orrtlverpbestentrningsplan daarorn een ziensrvijze irrgediend. nl¿ìâr deze later ook rveer ingetrokken. Het besternrningsplan is c{us onlrerroepelijk. Dat betekent dat vatt het betreff'elrcle bouwvlak uroet u'orden uitgegaan, nraar het voorgaande betelient ook clat, \ioor zovel cle voorzieningenrechter heefi kunrrerl r1¿gaan, Ilet bclLllvvlak eigerrlijk ool< anders gesitueercl lracl kunnen zijn (of zelfs groter hacl kunnen zijn) zonder dat claaftegen ru irnte I ij li- p lanologische bezrvaren bestaan.

6

Zíe <le uitspraak van de Af,delir.ìg van 2 fþbruari 2022, ECt..l:NL;llVS:2022:285. Uit de dossierstukken blijkt lvel van beleidsrnatige bezrva¡'en tegerr uitbreiding, rnaar dit ziet op ruitbreiding buiten de cletailhandelsbestenrrning. I Díe zijn el bijvoorbeeld weI voot'de vet'harclingen binnen de gloenbestenrrning: het voolkolnen van aantasting van het groetle karakter van het gebied. 7

zaaknrurlrìrers: ROE 24 l26l eu ROE 24 I 606

t0

22.4. De yoolzienirrgeurechtel stelt verdel vast dat het besËeur¡rrirrgsplnn 'Heerlerheide Zttid', voor wnt betreflt de bestenrmirr*e 'Detailhandel'. eerr su¡nrtliere regeling bevat," Zo zijn er geen specifìeke -qebl'uiksregels opgenornen, Ër is niets -ueregeld over opslag (zoals cle locatie en aard erl olnvâng hiervarr). Dit b€tekent drrs dat in begirrsel orrgelirrriteerd opslag en Lritstalling ten verkoop (van bijvoorbeeld blokhutten. tuinhuizen, schLrrtingen. hout err stenen) is toegestaan teri behoeve vau lret tuincentrunl. Verrveerder stelt overigens dat shos,nlodellen (bijvoorbeelcl van tuírilruis.jes err blokhutterr) uiet zijn toegestaan. rnaar dat deze rvel erpliciet gedoogd u.orcletr vartuit doelnratigheiclsoogpurrt. Hoeivel het cfe vraag is of dat standpr¡rìt juist is- het is cle vraag olslrownloclellen zifn aan te melketr als bouwu'erken bedoeld orn ter plaatse te tìr¡rctiortererr of als Lrítstallirig ten velkoop of opslag ten behoeve van het tuincentlurn - konrt ook die stellingrranre erop neer clat op het ter'¡'eill ook buiten het bourvvlali tuinhuisjes e¡r blokhutten nrogen staan, althans dat claartegen niet Iranclhavencl worclt op,{etreden. FIet bestenlrningsplan staat bovendien iu artikel6,2.2 bourvrverken. geerì gebour.r.err zijnde toe rlet als enige lirniet een bourvhoogte van ¡raxir-llaal 3.00 nleter.

Aarl de sittrering ert oppelvlakte hiervan u,orden geert eiserr gesteld. Dit betekent (in thcorie) clat het gehele bestemrningsvlak oveldekt ka¡r rvorden ten behoeve vau het tuincentrurn, z-olang eerr clergelijke ovelkappi¡rg nlaâr rna.xirnaal één r,r'and heeft. Kol'torn: oudanks cle legeling van concentratie vatr gebourven binnen hef bouvvvlak, stelt de bestemtnitrgst'ege ling heel rveinig be¡rerkirrgert aan de ruimtelijke uitstralirrg van het tuincentrum naarcle onrgeving toe. Daarnree lqonlt in het licht van het everlrecligheiclsbeginsel cle vraag op ¡lflar nut en noodzaak varr hanclhavend optledeu tegerr bourvrverken in cle vornr valr tr¡inhuizen (lasten 3 en 23) als vergelijl<bnre tuinhuizen larrss andere rveg (als opslag, als uitstalling ten verkoop of cloor een gedoogcorrstructie) rvel zijrr toegestaan. Ook gelet op cfe toegestatie overkappirrgen. clie aflrarrkelijk van de oppervlakte claarvan een everl grote of grotere ruinrtelijke rritstralirrg kr¡ulren hebben clan de bourvrvetken rvaartegen nu hanclhavencf rvorclt opgetleden, el gelet op cle toegestarre opslag clie. aflrankeliil< \,an de ornvang claarv¿rtt, ool< een glote nrinrtef ijlie uitstralirig liarr hcbberi, is het cle vraa-q rvefk ruírnfelijk-plarrologisch doeI met het lranclhavend optleclen rvordt bereikt.

22.5. Íloewel cle voorzieniugenlechter zeker begrip lreeft voor lret starrclpunt van verrveercler clat cle legeling uit het besternrningsplarr nageleefc[nroet rvorclen - dat

bestenrmingsplan is onherroepeliik en daar moete¡r verzoeksters zich dus aan houderr - zijrr er gelet op het voolgaarrde vvel vlaagtekens te z-etterr bij cle evenrecliglreid van hauclhavend optreclen. Dit is nret name gelegen in het doel van het handhavend optteclen en d¿ìarnree cle nooilzaak daarvan. Nu er vanuit cle orngeving geen verzoek om hanclhavirrg is geclaarl erì er valruit cle onrgeving geen problerreu bekenclzijn met het tuirrcentrum in cle huidige onr\1ftr1g en verschijuingsvorm, konrt het (naast het algernene belang van hartcllraving van vastgestelcle regels) aall op lret algemeeu belan-c dat ¡loet vorderen dat bebourviug in de vonn van gebourven buiten het bouwvlak ongervenst is. Dit is rvelislvaar in beginsel voldoencle genrotiveerd nret cle bestemrningsplarrregelirrg. mâar tegelijkertijd rvordt dat belang ondergraven cloor dezelfde bestemnringsplanrege lirtg clie zeel rui¡u is ten aanzierr va¡r arrdele bourvrverkerl en zeer surnrnier is ten aanzien van het toegestane gebruik irr de vonn van opslag en t¡itstalling ten verkoop. Sterker rìog. een dergelijke gebruiltsregeling orrtbreelit in het besternrlingspfan geheel. De locatie, de omvang en de vornr van het bouwvtak lijken bovendieu vooral te zijrr irrgegevett door cle bou'uvvergurtning uit 2010, lvaarvan verzoeksters stelleu dat die al lang achte¡'haald is,

e

l-let gelrele artilteI is als bijlage 2bij cleze uitsplaak gevoegd.

zâ¿rkrlumrneß: ROE 241261 en ROE 241 606

il

22.6. l'let r,oolgaande biedt naat'het oordeeI van de r,oolzierrirrgent'echter voldoencle aanknopirrgspr.lnten vool eerÌ onderling o\¡efleg tlrsserÌ velrveetcler en verzoehsters onl te kijken lroe het becÍrijf van verzoeksteff op een zoclanige rnauìer kan rvorden vormgegeverl clat clit beleicfsnratig. elr clus niet allee¡r ltiikend naar hel irt het verleclen vrìstgestelcle besterunringsplarr. passend is. De voorzieningcnrechtel is zich ervan bervr¡st dat el al ee¡t zeer lang trqiect is gerveest vân overleg en onderzoek naar legalisatienrogelijklreclen. clat irr 2015 is uitgenrond in cle vaststelling varr het besterrrrningsplarr rrret positieve bestetrtrttirrg. lvlaar zoals onder 22.5 gezegd biedt jLrist clie besternrlingsregeling aanl<rropingspunten olr cle heboLru'irlgs- er1 gebruiksregelirrg op het perceel opnieurv te bezien, rvaarbij rvellicht over en \!'eer voorcleel behaalcl kan rvorclen.

22J, NLr er gee tr spoecleiserrclc belangeu zijn, anders clan lret algernene belang van harrcllravirrg varì eerl rrinrtelijk-planologisclr regelirrg die ooit op cleze rvijze is vâstgestelcl. clie zich verzetten tegen het nog een tiid laten voortbestaan van de huidige situatie rvaar cle lasten 2, 3 e n 2i op zien. ziet cle voorzieuittgenrechtel in het voorgaancle aauleicling orn cle prinraire besluiten en het bestreclert besluit rvat betreli dez-e lasten te schorseu tot cle ruitspraak in de hoofclzaak. Partijen kr¡¡ulen de ttrssenliggende periocle desgervenst benutten onl itr ortclerling overleg rnet elkaar te tteclen. l/e rl ro tu e tt,s hegi nse I

23. Verzoekstels lretrben een beroep op hel \¡eltr(lurvcnslrcginsef geclaan. Zij stellen clat splake is valr een gereclrtvaarcligcl vertroLl\ven op gervekte verrvachtingeu clat niet Iralldhavencl zor¡ rvorcleri op-eetreclen. Gelet op het voorgaande konlt de voo¡'zierringenrechter' niet nreer toe aan bespreking van ltet beroep rlp het vel'tl'ou\velsbeginsel. (.' on c' I u:; i ¿ e n gevol ge n

?4.

Gelet op het voorgaaucle zal cle voorzieningeurechter c{e beide verzoeken onr voot'lopige voorziening toer.vijzetr. De voorzieningenrechter schorst het bestleclen besluit. voorzoverclatzietop cle lasten I0, zoals onclel l5.l elr 15.5 onrschreverì. en24 ende lasten 2. 3 en 23. tot cle uits¡:mak in cle lioofldzaak. De voorzieningerrrechter schorst tevens de primaire heslLrite¡l irr zoverre, omclat enkelschorsing van lret bestrederr beslrrit el'niet loe leiclt clat de lasten orrder drvangsonr zoals bij de prinraire besluiten opgetegcl zijrr gescholst.

24.1, Ornclat de voorz-ieningerrrecltter cle velzoeken toeu'i.ist. bepaalr de voorzieningerlrechter clat vervveercler aan verzoekstet's het ctoor lren betaalcle griffierecht vergoedt,

24.2. Omclat cle velzoeke¡r r.r,orclen toegewezen. krijgen l'erzoeksters een vergoeding voor' cle proceskosten clie zij hebben genraakt. Verweercler moet clíe vergoeding betalen. De

velgoediug rvorclt met toepassing van lret Besluit procesl<osten bestuursrecht als volgt berekencl. De bijstand cloor een gemachtigcle levert 3 pLtnten op (2 punterl voor het inc{ienen van cle verzoekschliften en I punt voor het verschijrren op de zitting). Die punten hebbett eerl !\'aatde van € 875,- bij een rvegingsfhctol L Toegekend lvorclt €2.625-.

zaâlr1urìrìlers: ROE 24 1261 en IìOË 24 / 606

t2

Beslissing De voorzienirtgen rec lrter ru'ijst cle verzoeken orn voorlopige voolziening toe: sclrorstcle prinraire besluiten en het beslreden besluit voorzoverdie zien op cle lasten I 0, uitsluitencl rvat betrell het thans nog resterencle pad. en 24 err de lasten 2, 3 en 23 tot de uitspraal< in cle hoofdzaakl draagt vern'eel'(ler op het betaafcle griffìelecht van € 742,- aan verzoeksters te vel'goeclen: veroorcleelt verrveercler irr cle proceskosten va¡r verzoeksters tot eerr beclrag van

€ 2.6?5-.

Deze uitsplaak is geclaan cloornrr. A. Snijders, voorzierringerr¡'echtet'. in aarrr.r,ezigheici varr

nrr.A.ni,M.Genclers,gtififier.DeLritspraal<isuitgesprokenir¡lretopenbaarop

De griff rer ís verltirrclercl cleze uits¡lraali le onclertekertell

II

voofztet il19Êr'r

Eerr afichrif't var cleze uitspraal< is verzonden aan partijen

op: 1 S I'lAÄftT t02{

Tegerr cleze uitspraak staat geen hoger beroep ofverzet open.

]{ÀÀtT202{

zaaknrnrlrners: ROE 24 1261 en ROE, 24 / 606

l3

Bijlage l: uitsnecle van het bestemnringsplan Heerlerheide Zuitl en een luchtfoto (lu'ott: Regels o¡t de kcttu'Í1

lT;;:;i

+;

fllrill

++ + +* +r+ t{t l+l

+++ + + ++ + , { t+r tlirl

i

I

+

I

I

t + + + +

++ t+

++

t.

rtl .tl +++ +++ !+ Ì

+

+ (

+

+

++++

+. I ¡l 1l

Y

)

I

+++++ ++++++* t'ì + +.t*++*.1+

+ +

++l*

t +

.1.

++

Rechtsboven cle cletaillrandelsbestemnrirrg en daaronder cle verkeersbestetnnring. Onclerin cle groenbesteurm ing.

Het pad loopt onder cle verkeersbestentming, bovenin de groenbestetnming

zaaknurrnlers: ROE 24 1261 en ROE 24 / 606

Bijlage 2: Planregels be.stemming Detailhantlel

Artikel 6 Detailltanclel 6, 1 Bestemmingsomschrijving

6.1.1 Doeleinden Oe voor'Detarlharldel' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

a. detailhandel; en daarnaast geldl dat:

b. ter plaalse van de aanduiding 'tu¡ncentrum' r.ritsluitend een tuincenlrunl is toegêstaan. 6.1.2 lnrichtlng Ten behoeve van deze bestemming ziin toegslaten:

a. gebouwen; b bouwwerken, geen gebouwen zijnde; c. verhardingen; d. groenvoorzleningen; e. voorziê¡ringen ten behoeve van de waterhuishouding; f. overige bijb€horende voorzieningen, zoals nutsvoorzieningen,

6,2 Bouwregels Binnen dezo bestemming mag worden gebouwd ten d¡enste van deze bestemm¡ng en met inachlneming van de volgende bepalingen, 6.2.1 Gebouwen Voor het bouwen van gêbouwen golden de volgends e¡sen: a- gebou'iven z¡jn uitslu¡tend toegeslaaÌt bhìt1en het bouiwlak;

b. de bóilwhoogte bedraagt maximaal de hoogte zoals aangeqêven ter plaatsê van do aanduiding'maximum bouwhoogle (m)'; c. het bebouwingspercentage bedraagt maxinlaal 100 o,/0 van het bcwwlak. 6.2,2 Bor¡ruwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen ziinde geldt de volgende eis: do bourvhoogle bedraagt rnaximaal 3,Û0 meter.

t4

)t E

NVIRO N odvocoten

Bijlage 3

)f ENVIRON odvocoten MEMO Datum

20 maart 2024

Onze referentie

D2O23TT

Inzake

Samenvatting uitspraak in de voorlopige voorziening inz Eurohandelsonderneming BV/Heerlen

Op 18 maaft 2024 heeft de Voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg uitspraak gedaan in de twee verzoeken om voorlopige voorziening die zijn ingediend door Euro Handelsonderneming BV e.a. (hierna: EHO) naar aanleiding van de beslissing op bezwaar van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerlen (hierna: het college).

in de beslissing op bezwaar heeft het college het bezwaar van EHO ongegrond verklaard. Het bezwaar was gericht tegen de besluiten van het college waarin het college aan EHO 27 lasten onder dwangsom had opgelegd wegens beweerdelijke overtredingen. EHO heeft naar aanleiding van de beslissing op bezwaar van 9 januari 2023 ten aanzien van vijf lasten de voorzieningenrechter verzocht om deze lasten te schorsen totdat de rechtbank Limburg in de bodemprocedure een uitspraak heeft gedaan over de

rechtmatigheid van de lasten. Het betreft lasten 2,3, LO,23 en24t a

Lasten 1O en 24 gaan over verhardingen die volgens het college in strijd met het geldende bestemmingsplan zouden zijn aangebracht. Dit betreft het onderhoudspad aan de zuidzijde van de inrichting die binnen de bestemming 'Groen - Landschappelijk'is gelegen, Het college heeft EHO gelast deze vermeende overtredingen te beëindigen door: o de verhardingen volledig te verwijderen; o de opslag op de verharding te staken (m.b.t. last 10); o deze delen van het perceel enkel ten behoeve van groenvoorzieningen te gebruiken.

a

Lasten 2, 3 en 23 gaan over bouwwerken die in strijd met het geldende bestemmingsplan zouden zijn gerealiseerd en in stand worden gelaten. Dit betreft onder andere het hoofdgebouw en het nevenkantoor annex verkoopruimte van EHO en daarmee twee cruciale bouwwerken voor de bedrijfsvoering' Het college heeft EHO gelast de gestelde overtredingen te beëindigen door: o de bouwwerken te verwijderen, of o deze te verplaatsen naar het bouwvlak zoals bepaald is in het bestemmingsplan (lasten 3 en 23), of o het vergunningvrij maken van de bouwwerken door het terugbrengen van de totale oppervlakte aan bouwwerken (lasten 2 en 23).

f)

õ (.) o

'ï L

{)

Mauritsloon 49

mr. R.J.J.M.M. Metsemokers

6129 EL Urmond

mr. N.A. Riisterborgh

ñ

ENVIRON odvocsten De Voorzieningenrechter heeft de verzoeken van EHO in zijn uitspraak g-eheel toeqewezen en zowel de beslissing op bezwaar van 9 januari 2024 alsook het primaire handhavingsbesluit van 11 juli 2O23 geschorst tot aan de uitspraak in

de bodemprocedure. Hierna zullen de overwegingen die tot dit oordeel hebben geleid, worden samengevat (met telkens de betreffende rechtsoverweging daarbij genoemd):

Spoedeisend belang a

EHO heeft een spoedeisend belang bij de schorsing van de lasten. Dit omdat de begunstigingstermijnen op korte termijn zouden eindigen en EHO volgens de

voorzieningenrechter aannemelijk heeft gemaakt dat het voldoen aan de lasten een ingrijpende wijziging van de bedrijfsvoering zou betekenen (r'o' B);

Lasten 1O en 24 a

a

a

Het volledig verwijderen van de verhardingen uit lasten 1O en 24 is te verstrekkend om de door het college gestelde strijd met het bestemmingsplan op te heffen. Het college heeft onvoldoende oog gehad voor de mogelijkheid dat het pad, zonder aanwezigheid van parkeerplaats en stookplaats, past binnen de bestemming 'Groen - Landschappelijk'en er dus helemaal geen sprake is van een overtreding (r.o. 15); De bestemming laat verhardingen, zoals in- en uitritten en fiets- en/of voetpaden toe. Het pad is meer dan een in- en uitrit van de groenvoorziening, Deze maakt onderdeel uit van een pad dat vanaf de (openbare) Rennemigerveldweg doorloopt tot aan het terrein van EHO. Het woord 'zoals' in de bestemmingsregel impliceert dat ook andere verhardingen dan in- en uitritten en fiets- en voetpaden zijn toegelaten. Het pad in kwestie heeft aldus de Voorzieningenrechter de uiterlijke uitstraling en de kenmerken van een fiets- of voetpad en maakt toegang tot het ten zuiden van dit pad gelegen groengebied mogelijk. De inrichting van een relatief klein deel van het gebied als pad is op basis van het bestemmingsplan toegestaan, aldus de Voorzieningenrechter (r.o. 15.2)l Het pad staat ook ten dienste van de groenbestemming. Het pad wordt niet (meer) gebruikt om een voormalige stookplaats te bereiken.

Verder vindt de rechter het niet aannemelijk dat het pad nu nog zou dienen ten behoeve van het tuincentrum c.q. detailhandelsbestemming, zoals het college dat propageerde' De in- en uitgang van EHO liggen immers aan de noordzijde van het terrein en bezoekers kunnen EHO niet via het pad bereiken, aldus de rechter. Dit laatste is ook logisch nu er een afgesloten poort aanwezig is tussen de inrichting van EHO en het groengebied. Ook maakt geen bedrijfsverkeer gebruik van het pad, anders dan voor groenonderhoud (r.o. 15'3);

2/s

)t

1 l

ËNVIRON odvocoten a

De Voorzieningenrechter concludeert ten aanzien van lasten 1O en 24 dat er voldoende twijfel is over de vraag of de inrichting als pad en het gebruik daarvan in strijd is met het bestemmingsplan en of er dus überhaupt sprake is van een overtreding (r.o. 15.4);

Lasten 213 en23 a

a

a

a

a

Ten aanzien van lasten 2, 3 en 23 oordeelt de Voorzieningenrechter dat weliswaar sprake is van overtredingen van het bestemmingsplan (r.o, 19.5), maar dat het zgn, evenredigheidsbeginsel aan handhaving in de weg staat; Het college beroept zich bij deze procedure op het algemeen belang dat iedereen de regels moet naleven. De rechter constateert echter dat er kennelijk geen (zwaarwegende) beleidsmatige redenen zijn geweest voor het handhavingstraject ten aanzien van de bouwwerken binnen de detailhandelbestemming. Het college heeft namelijk naar aanleiding van een vraag van de Voorzieningenrechter niet aangegeven dat er specifieke (locatiegebonden) redenen zijn voor de handhaving. Er zijn geen klachten of meldingen van omwonenden ontvangen, zo werd tijdens de zitting al vastgesteld door alle partijen (r.o. 22'2)i Hoewel het ter plaatse geldende bestemmingsplan en het daarin opgenomen bouwvlak onherroepelijk is, stelt de Voorzieningenrechter vast dat dit bouwvlak eigenlijk ook anders gesitueerd had kunnen zijn of zelfs groter had kunnen zijn zonder dat daar ruimtelijk-planologische bezwaren tegen bestaan (r,o. 22.3).

Ter info: De reden voor de huidige omvang en locatie van het bouwvlak in het bestemmingsplan is enkel gelegen in het feit dat het in 2010 vergund maar nooit gebouwde kantoorgebouw is opgenomen middels een bouwvlak in het bestemmingspla n; De Voorzieningenrechter stelt vast dat het bestemmingsplan wel een heel erg summiere regeling bevat voor de detailhandelsbestemming van EHO. Zo is er niets geregeld over opslag, zodat opslag van bijv. tuinhuizen en blokhutten in principe ongelimiteerd is toegestaan. Het bestemmingsplan staat bovendien bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toe binnen de gehele detailhandelsbestemming. Dat heeft tot gevolg dat de gehele inrichting c.q, bedrijfsperceel van EHO, ook buiten het bouwvlak, volgebouwd zou mogen worden met een overkapping / overkappingen van maximaal 3 meter hoog. Kortom: ondanks het vastgestelde bouwvlak, stelt het bestemmingsplan heel weinig beperkingen aan de ruimtelijke uitstraling van EHO naar de omgeving (r.o. 22.4).

Dat heeft tot gevolg dat erveel meer bouwwerken zouden kunnen worden dan de huidige feitelijke situatie die al meer dan 20 jaar aanwezig is; Het voorgaande maakt dan ook dat de Voorzieningenrechter vraagtekens heeft bij nut en noodzaak van handhavend optreden tegen bouwwerken in de vorm van tuinhuizen (lasten 3 en 23) als vergelijkbare tuinhuizen (bijv, als opslag) wél zijn toegestaan, De rechter vraag zich af welk ruimtelijk-

planologisch doel hier met handhavend optreden wordt bereikt (r.o.22'4);

3/s

)t

lr

ENVIRON advocoten a

Gelet daarop heeft de voorzieningenrechter vraagtekens bij de evenredigheid van het handhavend optreden tegen lasten 2, 3 en 23 en daarmee dus ook tegen het hoofdgebouw. Er ziin geen verzoeken om handhaving gedaan en er zijn geen problemen vanuit de omgeving bekend' Het komt in wezen neer op een algemeen belang dat bebouwing buiten het bouwvlak ongewenst is, Echter, dit belang wordt volgens de rechter ondergraven door de summiere regeling uit het bestemmingsplan zelf . Deze regeling geeft immers ruime bebouwings- en gebruiksmogelijkheden (r'o' 22'5);

Overleg EHO en gemeente a

a

De Voorzieningenrechter besluit dat zijn overwegingen voldoende

aanknopingspunten bieden voor een onderling overleg tussen de gemeente en EHO om te kijken hoe EHO op een zodanige manier kan worden vormgegeven dat dit beteÌdsmatig, en dus niet alleen kijkend naar het in het verleden vastgestelde bestemmÌngsplan, passend rs (r,o. 22.6); De Voorzieningenrechter geeft daarbij aan dat hij weet dat er al een lang traject aan vooraf is gegaan, dat uiteindelijk heeft geleid tot het nu geldende bestemmingsplan. Echter, biedt die summiere bestemmingsregeling volgens de rechter 'juist aanknopingspunten om de bebouwings- en gebruiksregeling op het perceel opnieuw te bezien, waarbij wetticht over en weer voordeel behaald kan worden' (r.o. 22.6).

Vertrouwensbeginsel a

De Voorzieningenrechter gaat niet in op het beroep op het vertrouwensbeginsel'

Dit omdat hij al op basis van de evenredigheidstoets aanleiding ziet om de lasten te schorsen. Kortom, zelfs zonder de gedane verklaringen onder ede van diverse oud wethouders en een raadslid is de rechter tot bovengenoemde conclusie gekomen,

Conclusie De Voorzieningenrechter schorst lasten 2,3,I0,23 en 24 totdat de rechtbank

uitspraak heeft gedaan in de bodemprocedure; Dat betekent dat EHO de verhardingen en bouwwerken gedurende een langslepende bodemprocedure in stand mag laten zonder dwangsommen te verbeuren.

4/s

)t

f"r f

ËNVIRON odvocoten Met vriendelijke groet, ENVIRON Advocaten

R.J.J.M,M, (Roel) Metsemakers & N.A' (Nina) Rijsterborgh

s/s

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=22a357ce-ee35-41f8-b22e-3437301c8a7f