CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptnotulen raadsvergadering d.d. 25 februari 2026

Raadsvergadering 30 maart 2026, gemeente HeerlenBij agendapunt: Vaststellen notulen raadsvergadering d.d. 25 februari 202649.620 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

maken de uitvoering van het Heerlense beleidsplan Zekerheid als Vertrekpunt weer lastiger. Hoe goed dit beleidsplan ook is – dat is het ook wel – wordt het kwetsbaarder als het kabinet Jetten I de sociale zekerheden en zorgvoorzieningen verder afbreken. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Voorzitter? De voorzitter Interruptie van de heer Leers. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Ik heb niet het idee dat dit kabinet al jaren aan de macht is, maar in het raadsvoorstel zie ik in alinea twee staan: in onze stad leeft 1 op 10 huishoudens van een bijstandsuitkering. Het aantal mensen met problematische schulden ligt fors boven het landelijk gemiddelde en ook kinderarmoede komt twee keer zo vaak voor als elders in Nederland. De heer Bayraktar, SP Dat is niet een interruptie. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Ik hoef die alinea niet af te maken, maar dat is niet iets van het kabinet Jetten. Ik heb het idee dat dit al meer dan 10 jaar, misschien wel 20 jaar – ik weet niet hoelang de SP in Heerlen al de scepter zwaait – aan de orde is. De heer Bayraktar, SP Klopt. De voorzitter Meneer Bayraktar, even wachten. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Dus mijn vraag via u aan de heer Bayraktar, waarom wijst u zo naar Den Haag, terwijl er ook kennelijk in Heerlen een hele hoop niet goed is gegaan? De voorzitter Meneer Bayraktar.

De heer Bayraktar, SP Het beleid dat we hier in Heerlen hebben kunnen we absoluut niet los zien van wat daar in Den Haag aan plannen gemaakt wordt, dus dat heeft wel degelijk met elkaar te maken. Als het door de Rijksoverheid in Den Haag al moeilijk gemaakt wordt, dan zouden we het dus hier ook moeten voelen. Dus in die zin vind ik wel persoonlijk dat we de afgelopen jaren de sociale voorzieningen wel degelijk hebben verbeterd. Dat laat de media ook zien. Maar dit is nog niet het einde. Het blijft maar door nieuwe beleidsplannen moeilijker gemaakt worden. Dus dat betekent dat je continu moet blijven strijden voor het verbeteren van de bestaanszekerheid van onze burgers. De voorzitter Nog een interruptie van de heer Leers.

Pagina 42 van 94

De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Dank u wel, meneer de voorzitter. Maar herinner ik me het dan niet goed dat als uw oud partijgenoot en fractiegenoot de heer Meyer Heerlen zelfs als de meest sociale stad van Nederland bestempelde, dat het één dan toch niet met het ander strookt? Want hoe kun je dan de meest sociaalste stad van het land zijn als je het kennelijk heel erg zwaar voor de kiezen hebt? Dan is er met sociaal toch kennelijk iets aan de hand? Want dan hecht ik daar een andere waarde aan. De heer Bayraktar, SP Ik heb het zojuist proberen uit te leggen met heel veel woorden. De voorzitter Ik wijs er ook even op dat we niet de regeringsverklaring in Den Haag moeten gaan overdoen. De heer Bayraktar, SP Dat zou ik ook niet willen, maar ik wil mijn kritische noot wel geven. In die zin wil ik hem best wel maar één keer beantwoorden door heel kort te zeggen: natuurlijk worden we hierin het continu moeilijk gemaakt. Dat moet u, denk ik, ook wel zeker beseffen. Mag ik doorgaan? De voorzitter Natuurlijk. Gaat u door. De heer Bayraktar, SP Ik ben volgens mij ergens gebleven, dus ga ik het maar allemaal uit m’n hoofd doen. De bezuinigingen raken zoals gezegd vooral mensen met lage inkomens, ouderen en arbeidsongeschikten. Dat zijn mensen die nu al elke euro moeten omdraaien, meneer Leers.

Volgens het CPB leidt de kabinetsplanning tot meer armoede, meer stress en meer onzekerheid. Voorzitter, wat de heer Leers net zei: waar één op de tien huishoudens moeite heeft met rondkomen in Heerlen, zijn deze kabinetsplannen natuurlijk extra schadelijk. Ze vergroten de problemen die wij lokaal proberen op te lossen. Ze leggen extra druk op onze voorzieningen en op onze inwoners. Daarom wil de SP dit ook niet hier in de raad benoemen. De koers van het neoliberale plus kabinet Jetten maakt het moeilijker om lokaal te doen wat nodig is voor onze aanzienlijk grote groep mensen met lage inkomens. Voorzitter, ondanks het nieuwe kabinetsbeleid laat dit college met het beleidsplan Zekerheid als Vertrekpunt zien dat dit kiest voor menselijkheid, preventie en het versterken van bestaanszekerheid. De SP stemt daarom zoals gezegd aan het begin van mijn bijdrage in met dit raadsvoorstel. Natuurlijk zou ik dus ook wel toch – in de commissievergaderingen heb ik daar geen antwoord op gekregen en mocht ik niet in debat gaan, heb ik begrepen – de vertegenwoordigers van de kabinetten hier in deze raad vragen hoe zij hier eigenlijk tegen overstaan. Dank u wel. Dit was het. De voorzitter Meneer Leers had nog een interruptie. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Voorzitter, dat vroeg ik mij ook af. Het CDA, de VVD en D66 worden er nogal doorheen gehaald hier.

Dat zijn hier de lokale coalitiepartners. Dus hetgeen wat de heer Bayraktar zich afvraagt, vraag ik mij inmiddels ook af. Dus dame en heren …

Pagina 43 van 94

De voorzitter Wat fijn. Ik vraag me dat niet af, omdat we in de gemeenteraad van Heerlen zitten waar het over de lokale politiek gaat. Ik geef mevrouw Heine die gewoon het woord had gevraagd, netjes het woord. Gaat uw gang. Mevrouw Heine-Van Dartel, CDA Voorzitter, dit is een duidelijk verhaal, zeker wat betreft de voorbeelden die in het stuk genoemd worden. Dan is het duidelijk wat er allemaal nodig is om mensen die buiten hun schuld in de problemen zijn gekomen weer een menswaardig bestaan te geven in onze maatschappij en goed op weg te helpen. Dat één op de tien burgers in onze stad van een bijstandsuitkering moeten leven, is triest. Daarom moet er ook alles aan gedaan worden om dat te verbeteren. Dat zal beslist niet hier aan het lokale CDA liggen, want wij zullen alles steunen om dit te verbeteren. Wat betreft het college, zit het CDA daar ook in. De voorzitter Dank u wel. Meneer Nefjodov. De heer Nefjodov, GroenLinks Voorzitter, GroenLinks steunt het beleidsplan. Inhoudelijk nodig en goed voor de sociale stad die Heerlen is. Tegelijkertijd vinden we de laagtijdelijkheid ondanks de terugwerkende kracht achteraf een beetje zorgelijk. Het gaat namelijk om een wettelijke plicht, de WGS, die we inmiddels twee maanden lang zouden hebben geschonden. Met zo’n beleidsvacuüm riskeren we dan ook onze geloofwaardigheid richting provincie en Rijk.

Dat is iets wat het college normaliter – zo ken ik ze althans – hoog in acht neemt. Daarom een vraag aan het college: waarom was hier niet ruimschoots eerder mee begonnen en welke maatregelen neemt het college om ervoor te zorgen dat het niet nog eens gebeurt? Zoals gezegd staat GroenLinks achter de inhoud en zullen we daarom het voorstel ook volmondig steunen, maar wensen we dus wel graag een verantwoording voor die laattijdigheid. De voorzitter Dank u wel. Meneer De Groot. De heer De Groot, Ouderenpartij Heerlen Dank u, voorzitter. Ik citeer even uit het document. De financiële bestaanszekerheid van onze inwoners vormt het vetrekpunt. Dat betekent minder bureaucratie, meer maatwerk en meer vertrouwen in het versterken van de menselijke maat. Door vroeg in te grijpen, helder te communiceren en intensiever samen te werken met partners, willen we voorkomen dat inwoners verder in de problemen raken. Het is een harstikke goed uitgangspunt. Laat dat duidelijk zijn. Dat onderschrijft de OPH trouwens ook voor het hele document. Maar één ding willen we wel nog meegeven, namelijk dat het natuurlijk ook zo is dat daar waar mensen zelfstandig – daar hebben we ook een groep mensen die niet de verantwoordelijkheid kunnen nemen om zelf te voorzien in hun bestaanszekerheid – zijn, moet dit ook zeer zeker toegepast worden.

Maar laten we ook wel oog hebben voor de eigen verantwoordelijkheid van mensen. Dat doen we ook al, maar laten we dat in ieder geval ook niet uit het oog verliezen dat ook mensen die om wat voor reden dan ook aan de kant staan, daar waar ze kunnen, hun eigen verantwoordelijkheid moeten oppakken en we daar als gemeente ook op moeten toezien. Dank u.

Pagina 44 van 94

De voorzitter Dank u wel. Dan ga ik naar de wethouder. Wethouder Vrusch, gaat uw gang. Wethouder Vrusch Dank u wel, meneer de voorzitter. Het is een belangrijk stuk, het stuk inkomen- en armoedebeleid. Het mooiste aan het stuk vind ik eigenlijk het vertrekpunt. Dat is dat wij inwoners centraal stellen. Het klinkt haast zo simpel, zou ik haast zeggen, maar het is zo van belang om juist die invalshoek te kiezen, want we zeggen hiermee eigenlijk: we gaan naar de inwoners toe. We gaan wel werken aan het vertrouwen. We gaan werken aan die communicatie waarvan inwoners, maar ook andere partijen zo nadrukkelijk aangeven hoe belangrijk het is. Daar hangen een aantal concrete punten aan vast, maar één van de eerste waarvan ik zeg: daar gaan we stappen in zetten, is dat stukje integrale toegang. Dat is het naar de inwoners toegaan, het weghalen van schotten en juist gezamenlijk door beleid heen kijken hoe we de inwoner het beste voorruit kunnen helpen. Het tweede punt wat nadrukkelijk in het stuk benoemd staat, is het gedeelte omtrent kinderarmoede en dat we door blijven gaan. Niet alleen de gemeente, maar samen met andere partijen zoals bijvoorbeeld een stichting Leergeld om juist de kansengelijkheid van de allerkleinsten in onze stad te bevorderen. Dit is niet alleen voor kinderen, maar ook bij onderwijs en wanneer jeugdigen opgroeien.

Denk daarna ook aan de volgende stappen, opleiding en werk. Dat vraagt om een gezamenlijke beweging, want met een gemeente alleen, krijgen we de achterstanden niet altijd opgelost. We moeten integraal beleid gaan voeren. Willen we armoede oplossen? Dan vraagt dit beweging op het gebied van werk, inkomen en wonen, maar we moeten dat vooral samen met partners doen om een beweging op gang te krijgen waarin wij niet alleen, maar gezamenlijk tegen armoede wordt gestaan in onze stad. De eerste stappen erin zijn ook gezet. Daarom hebben we het stuk ook niet alleen, maar gezamenlijk geschreven met 50 partners die door het proces heen groeiden. We hebben er met inwoners over gesproken en zien ook bijvoorbeeld de kracht van buurtverenigingen die spontaan aanhaakten en zeiden: wij willen helpen om jullie dichter bij de inwoners te laten komen. Ik denk dat dat linken zijn die onmiskenbaar zijn in dit stuk. Om dan ook meteen de vraag van GroenLinks te beantwoorden: het heeft dus ook wat vertraging opgelopen, juist omdat we met iedereen spraken en nog feedback kregen. We wilden dat hier het beste beleid kwam. Ondertussen heeft u het over die twee maanden waarin het met terugwerkende kracht wordt teruggezet. Daarin is het beleid in de uitvoering gewoon gecontinueerd zoals het in december 2025 stond.

In die zin hebben we ook geen risico gelopen of nadelen gehad voor onze inwoners, want alle regelingen die jaarlijks worden geüpdatet op het gebied van inkomen zijn los van dit beleid sowieso doorgezet. De Ouderenpartij heeft het ook over het stukje eigen verantwoordelijkheid in deze. Waar dat kan, passen we dat uiteraard toe. We willen juist dat onze inwoners zelf op eigen benen komen te staan. Als dat niet lukt, dan moeten we ook gaan begeleiden. Vaak zien we dan dat het niet alleen een financieel punt is, maar dat er wellicht ook een ander vraagstuk onder ligt, zoals zorg of andere zorgen waarmee we eerst moeten uithelpen om vervolgens dit te kunnen tackelen. Afrondend meneer de voorzitter: we hebben natuurlijk ook de adviezen gekregen. Dat is niet alleen van inwoners, maar ook van een MO adviesraad. Met de eerste stappen zijn we uiteraard bezig. Dat is: hoe communiceren we het nou richting onze inwoners? Hoe maken we duidelijk waar zij voor hulp kunnen aankloppen? We zijn bezig met het ontwikkelen van deze flyers. Die gaan over moeite hebben met rondkomen waarin punten in onze stad staan genoemd met concrete dagen en openingstijden waarin iemand zo naar binnen kan lopen om hulp te vragen over de buurtsteunpunten, over de gemeenten en over het Financieel Maatje

Pagina 45 van 94

waarin mensen per direct meer informatie kunnen vinden op het moment dat ze ergens tegenaanlopen. Waar de uitdaging de komende jaren in zit, is om eerder erbij te komen. Dat is dus niet wanneer mensen schulden hebben en niet wanneer ze al heel lang rondlopen, maar dat we iedereen zo ver krijgen om bij de eerste zorgen zich al te melden. Daarmee rond ik af. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Ik vraag mij af waarom wij dermate voor de hand liggende dingen pas concluderen aan het eind van deze periode. Ik vraag mij af hoe dat kan, want het is allemaal zo simpel dat je zegt: waarom werd dat nog niet gedaan? Of zie ik dat dan helemaal verkeerd? U zegt: ontschotting, korter op de burger, meer helpen en noem maar op. Dat wil toch iedereen voor alles in elk geval? Maar we gaan het nu pas doen. Wethouder Vrusch Ik mag hopen dat dit voor iedereen geldt. Zoals ik al in het begin opende: het klinkt heel simpel, maar dat is het af en toe niet. Het stukje ontschotting heeft ook te maken met wetgeving. Dus als iemand bijstand aanvraagt, dan zit dat in die koker. Als iemand voor bijvoorbeeld een scootmobiel een zorgaanvraag doet, dan zit dit in een totaal andere. Juist het samenbrengen daarvan of het nou wonen of zorg is of een veiligheidsvraagstuk betreft: alles wat in één gezin gebeurt, gaat via zo veel wetgeving en zo veel collega’s.

Om dat per huishouden samen te brengen, is echt een uitdaging. Ik denk dat een voorbeeld waarin dat excellent lukt, bijvoorbeeld de doorbraakmethode is. Het is juist waarin we een pilot zijn gestart om een unieke situatie te creëren. Ga per gezin maar één persoon helpen. Dat werkt ontzettend goed. Daar halen wij ook onze inspiratie en voorbeelden vandaan om dat voor meer gezinnen uit te gaan rollen. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Voorzitter, ik heb één korte vraag. De voorzitter Interruptie van de heer Leers. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Wanneer bent u tot het inzicht gekomen om dit op deze manier aan te gaan pakken? De voorzitter Gaat uw gang. Wethouder Vrusch Ik denk een halfjaar nadat ik hier als wethouder heb mogen starten, omdat we toen zo veel verhalen van inwoners hoorden, omdat ik vaak in de zorg heb meegelopen en vanuit die hoek dus ook heel veel achter voordeuren kwam en met inwoners sprak waarbij armoede en financiën uiteindelijk ook op tafel kwamen. Dat heeft ertoe geleid dat we zeggen: we gaan dit stuk gezamenlijk met mensen en partijen uit onze stad schrijven en niet alleen met de gemeente. De voorzitter Laatste interruptie. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie)

Pagina 46 van 94

Dank u wel. Begrijp ik dan dat uw voorganger dit heeft laten liggen en u nu hier op een hele andere manier mee omgaat? Wethouder Vrusch Een andere manier sowieso, maar het is niet dat het niet gebeurde. Ik bedoel, wij gingen van tevoren ook al naar de wijken toe. Er werden al financiële hulpvragen mee geholpen op de buurtsteunpunten. Dat gebeurt al sinds jaar en dag. Maar de link naar inwoners toe om nog meer erop te gaan zitten, zien wij nu. Dat zien wij nu ook, omdat er af en toe zo veel nieuwe mensen onze stad instromen dat je af en toe weer vanaf nul moeten beginnen. Maar dat we een effectief beleid hebben waarmee bijvoorbeeld de bijstandscijfers al sinds 2012 zakken, is natuurlijk al langer aan de gang. De voorzitter Is er een behoefte aan een tweede termijn? Mevrouw Butink, gaat uw gang. Tweede termijn Mevrouw Butink, Jongerenpartij Heerlen Dank u. Ik was daarnet even iets te laat, dus staat u mij toe? Er zijn net al een hoop vragen beantwoord. We hebben nog een aantal vragen, maar ik zou ze graag toch even kort willen inleiden. Wij zijn in de basis positief, want de verschuiving van armoede verzachten naar armoede voorkomen en vroeg signalering en minder bureaucratie vinden wij de juiste richting. Zeker voor jonge gezinnen is financiële onzekerheid iets dat lang doorwerkt. Tegelijkertijd valt of staat dit plan met de uitvoering.

Die ambities zijn mooi, maar die moeten we ook waarmaken. Wat ons opvalt, is dat inkomenszekerheid centraal staat, maar dat die inkomens nauwelijks worden benoemd - daar heb ik dadelijk een vraag over – terwijl we juist werken aan de meest duurzame vorm van zekerheid. We zien dat nog onvoldoende terug voor hoe dat dit in dit plan voorkomt dat werken financieel onaantrekkelijk wordt. De Ouderenpartij gaf dat zojuist ook al aan. Daarnaast vragen we ook aandacht voor de taalvaardigheid. B1 is een goede stap, maar voor een deel van de doelgroep nog steeds te ingewikkeld. Hoe wordt hiermee omgegaan of kan dit nog aangepast worden? Tot slot, de verkenning van een pilot rondom een vorm van inkomen zoals ze dat in Wageningen doen. Gezien het beperkte lokale draagvlak als we kijken naar de stemwijzer die recent door ons allen is ingevuld, dan heeft dat slechts voor zes zittende raadszetels een draagvlak. Gezien het feit dat wij vinden dat dit vooral een landelijke verantwoordelijkheid is, vragen wij ons af waarom dit nu al in deze visie staat en niet aan de volgende raad wordt overgelaten. Dan nog enkele concrete vragen.

Hoe ziet u de centralisatie van voorzieningen in relatie tot bestaande initiatieven zoals vrijwilligersorganisaties en de voedselbank? Ziet u bijvoorbeeld kansen voor bundeling in een Heerlenpas- of app? Hoe wordt die inkomensval expliciet meegenomen in het uitvoeringsplan en kunt u toezeggen dat eventuele uitwerking van die pilot rondom die vorm van basisinkomen aan een volgende raad wordt overgelaten? Dank u wel. De voorzitter Dank u wel. U heeft ook nog een tweede termijn? Gaat uw gang, mevrouw Géron.

Pagina 47 van 94

Mevrouw Géron, Partij voor de Dieren Ik was ook in de eerste termijn te laat. We vinden dit een prachtig plan en zeker als we horen: Zekerheid als Vertrekpunt. Dat is heel anders dan ons armoede- en schuldenvisiebeleid van jaren geleden. We vertrouwen erop dat het bieden van deze inkomenszekerheid voldoet. We kijken uit naar het uitvoeringsdocument en steunen dit plan uiteraard. De voorzitter Dank u wel. Wethouder Vrusch. Wethouder Vrusch Dank u wel, meneer de voorzitter. Ik hoor zowel bij Partij voor de Dieren als bij de Jongerenpartij terug dat de uitvoeringsplannen hierin echt van belang zijn. Dat ben ik helemaal met u eens. Daar hebben we het in de commissie ook al uitvoerig over gehad dat die ook nog destijds ter informatie naar de raad toe gegaan is. Een aantal dingen die daarin terug zullen komen, is dat we ernaar kijken om bijvoorbeeld een jongerenperspectieffonds op te richten, juist die samenwerking faciliteren tussen al die partners die hierbij willen aanhaken en bijvoorbeeld ook het signaleringsnetwerk verstevigen, wat ook deel is van zo’n uitvoeringsplan waarin we juist ook samen met de stad willen kijken wat dingen zijn die daarin terugkomen. Het heet inderdaad het stuk inkomen duurzaam en de zekerheid als vertrekpunt waar wij het in eerdere commissies het hadden gehad over bestaanszekerheid. Dat verschil is expres gemaakt, want bestaanszekerheid is heel breed.

Dat gaat over meedoen. Het gaat ook over cultuur. Het gaat over je plek in de maatschappij. Dat valt haast niet alleen in dit beleidsstuk te plakken. Daarom dat we hier hebben gefocust op inkomen. Dit is namelijk ook de tak wat het nu betreft waarmee we hele sterke lijnen hebben gelegd naar al die andere zaken. Eén daarvan is bijvoorbeeld de taalvaardigheid waar u het over heeft. We hebben op een andere tak het programma van SCHUNK waarin we vorig jaar 200 gezinnen hebben geholpen met een heel uitgebreid programma om te leren lezen, maar dat moeten we zelf natuurlijk ook vertalen in onze brieven. Een half jaar of een jaar geleden stuurden wij ook nog brieven met: kom op een ken-je-klant-gesprek. De eerste regel was: volgens de Participatiewet … Als dat al in je eerste regel staat, dan haak ik zelf ook al af. Dus we zijn die slag aan het maken om dat allemaal in een andere taal te zetten. De taalvaardigheid blijft altijd een uitdaging. Ook als iemand een andere taal zou hebben bijvoorbeeld, hoe gaan we daar dan mee om? Gelukkig hebben we een uitstekende telefoondienst waarbij mensen ook gewoon bellen wanneer ze vragen hebben. Dat is heel goed, maar het belangrijkste daarin is het persoonlijke contact. Dan hangt het dus niet van een brief of een tekst af, maar dan kan je met iemand in gesprek. Dan kan er namelijk veel meer kleur worden toegelicht die voorbij taal gaat.

U haalt ook al Wageningen aan. Wij laten dat juist aan een volgend college, dan wel raad over. Wat wij hierin oproepen, is: laten we onderzoeken hoe dat zit. Het gaat hier over een meedoenbudget in Wageningen. Dat betekent dat zij al die losse regeltjes juist gezamenlijk hebben gezet. Dat gaat daarmee niet meer over een losse wasmachine of een losse regeling. Nee, we kijken hierin hoe dat samenzit. Daar zetten zij juist op in, wat ervoor zorgt dat mensen niet elke keer alles hoeven aan te vragen. Vanuit bijstand wordt bijvoorbeeld automatisch uitgekeerd, maar hoe zit het met de mensen die via het UWV binnenkomen? Op dat soort vraagstukken zou een keer een antwoord moeten komen. Wageningen is daarin één voorbeeld van hoe het zou kunnen. Bestaande initiatieven worden dan ook gebundeld. De voedselbank was bijvoorbeeld ook uitgenodigd en erbij als het gaat om dit beleidsplan. Dat zou je nog meer dan nu bij elkaar willen zetten. Ik merk dat de Buurtsteunpunten hierin een hele fijne schakel zijn. Dat is lokaal en in de wijk. Daar mogen anderen ook gebruik van maken,

Pagina 48 van 94

zoals het Financieel Maatje, maar ook daar wil je nog meer bundelen. We willen juist gaan faciliteren dat die partijen elkaar beter kunnen vinden. De voorzitter Dank u wel. Wenst u stemming over dit voorstel? Dat is niet het geval. Dan is het voorstel aanvaard. 11. Woonfonds 11.1 20260225 MOTIE GL PvdD PvdA FD JPH OPH D66 - wonen boven winkels De voorzitter Meneer Van den Berg. Eerste termijn De heer Van den Berg, VVD Voorzitter, dank u wel. In november 2024 vroegen wij als VVD samen met D66 het college om te onderzoeken of Heerlen een groeifonds kon inrichten om mensen aan onze stad te binden door wonen en werken sterker met elkaar te verbinden. In onze motie vroegen we specifiek om een instrument dat huisvestingslasten kan verlagen voor nieuwe werknemers die zich in Heerlen vestigen om zo economische groei te stimuleren en werkgevers te helpen personeel aan te trekken. Vandaag zien we hoe dit zaadje is uitgegroeid tot een concreet en robuust onderdeel van het Heerlens woonbeleid, namelijk het Woonfonds. Voorzitter, dat verdient waardering, want het Woonfonds is geen losstaand potje. Het past precies in de koers die de raad eerder vaststelde. Investeren, koesteren en reguleren. Het is een koers waarmee we sturen op gezonde groei en een evenwichtige woningvoorraad.

Waarom werkt het Woonfonds voor de VVD? Het voorstel dat voor ons ligt doet drie dingen waar de VVD sterk waarde aan hecht. Het maakt onrendabele, maar maatschappelijk noodzakelijke projecten toch mogelijk. Heerlen heeft te veel verouderde en te goedkope woningen en te weinig woningen in het midden- en hogere segment. Daardoor stokt de doorstroming en vertrekken gezinnen en werkenden uit de stad. Het Woonfonds pakt precies dat probleem aan door de onrendabele top van projecten te verkleinen. Het werkt zakelijk, transparant en doelgericht. De verordening legt duidelijke criteria vast. Projecten moeten aantoonbaar bijdragen aan de drie pijlers, moeten een onderbouwde business case hebben en moeten onafhankelijk worden beoordeeld. Dat borgt financiële discipline en effectiviteit. Het koppelt wonen en werken precies zoals onze motie beoogde. In de rib over woonwerkarrangementen van vorige week zien we dat werkgevers zoals Zuyderland, Meander, Universiteit Maastricht, Boston Scientific en anderen nu actief woningen koppelen aan vacatures. Bij een baan een sleutel. Het Woonfonds kan deze ontwikkeling verder versterken, bijvoorbeeld door projecten mogelijk te maken die gericht zijn op het aantrekken of behouden van werkende Heerlenaren. Voorzitter, dat is precies de beweging waar Heerlen sterker van wordt.

We willen verder voorruit kijken, want hoe benutten we het Woonfonds maximaal? Vanuit die positieve grondhouding heeft de VVD nog enkele vragen ter verdere aanscherping. Hoe wordt inzichtelijk gemaakt hoeveel private en maatschappelijke investeringen elke euro in het Woonfonds daadwerkelijk losmaakt? Als er meerdere aanvragen tegelijk binnenkomen, krijgen projecten die bijdragen aan doorstroming, middenhuur en herstructurering in kwetsbare gebieden dan prioriteit?

Pagina 49 van 94

Het raadsvoorstel verkent of werkgevers in de toekomst kunnen bijdragen aan het fonds. Kunnen projecten waarin een directe koppeling zit tussen wonen en het aantrekken van personeel zoals de zorg, onderwijs of techniek versneld worden behandeld? De markt verandert snel. Rente, bouwkosten, regelgeving. Hoe zorgen we dat het fonds wendbaar blijft zonder telkens volledig te moeten herzien? Voorzitter, tot slot. We begonnen deze reis met een eenvoudige vraag. Hoe maken we Heerlen aantrekkelijker voor mensen die hier willen wonen en werken? Onze motie over het groeifonds was een stap in die richting. Vandaag zetten we een veel grotere stap. Het Woonfonds geeft Heerlen de slagkracht om te investeren in de toekomst en in hun woningvoorraad die groei mogelijk maakt zonder de financiële voorzichtigheid uit het oog te verliezen. De VVD zal daarom voor dit raadsvoorstel stemmen en ziet uit naar de verdere uitwerking in de komende ribs en de koppeling met werkgevers en partners. Dank u wel. De voorzitter Dank u wel. Meneer Nefjodov. De heer Nefjodov, GroenLinks Dank u wel. Voorzitter, iedereen ziet het in Heerlen. Lege bovenverdiepingen met de rolluiken omlaag, terwijl starters en senioren woonruimte zoeken. Het is tijd voor minder donker glas en meer licht achter al die ramen. Het Woningfonds is het duwtje dat zulke projecten net wel kan laten slagen.

Maar dan moeten we wel scherp kiezen waar de impact het grootst is. Daarom is de motie van winkelgebied naar leefgebied ingediend. Het bouwt voort op eerder beleid en roept op tot de synergie met het Woonfonds, wat onder meer het omvormen van leegstaande verdiepingen en plinten aan de rand van het kernwinkelgebied stimuleert. Dat levert in één keer drie winsten op. Meer woningen, levendigere en sociaal veiligere straten en een centrum dat meer kansen kan bieden aan ondernemers. Kortom, met de motie roepen we op tot concrete stappen om werk te maken van dit beleid en waar te maken op die plekken waar de Heerlenaar dat kan zien en meemaken. De voorzitter Interruptie van de heer Leers en de heer Jacobs. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Voorzitter, dank u wel. Vorige week was er een reportage van Pointer. Die ging over wonen boven winkels en waarom dat wel lukt, maar zeker ook niet lukt. Ik vroeg mij af of de opstellers van deze motie die reportage hebben gezien en of ze niet na het zien van die reportage tot de conclusie kwamen dat het toch allemaal niet zo makkelijk is als dat wij allemaal hopen en dat sommige dingen die je wil in de praktijk niet lukken? Dat is dan niet omdat de wil er niet is, maar gewoonweg omdat het niet kan. Hoe ziet u deze motie in het licht van die reportage van Pointer van vorige week? De voorzitter Meneer Nefjodov.

De heer Nefjodov, GroenLinks De reportage van Pointer van vorige week heb ik niet gezien. Ik zag enkele mede-indieners wel ja knikken. Misschien dat zij wat meer zeggen, maar ik heb de reportage niet gezien. De voorzitter

Pagina 50 van 94

Nog een interruptie van de heer Jacobs. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) Dank u, voorzitter. Via de voorzitter aan meneer Nefjodov, als ik de motie goed begrijp, wilt u dan ook private partijen die dus kantoorruimte hebben in de stad gaan subsidiëren, net zoals met dat Woonfonds gebeurt? Want als dat zo is – tenminste, zo lees ik het in de motie, want die wilt u onder het Woonfonds zetten – dan neem ik aan dat het ook gesubsidieerd wordt c.q. dat er een geldlening wordt verstrekt? Of heb ik de motie verkeerd begrepen? De heer Nefjodov, GroenLinks Kunt u de vraag anders uitleggen? Ik snapte hem niet helemaal. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) U zegt dat het ombouwen van kantoren naar woningen stokt. Dus roept deze motie nu op om dit soort initiatieven ook onder het Woonfonds te zetten en dit ook te gaan subsidiëren? Want volgens mij gaat daar het raadsvoorstel van het Woonfonds over. De heer Nefjodov, GroenLinks De motie gaat over de onrendabele top in de breedste zin van het woord. Het is in aansluiting op het Woonfonds. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) We gaan dan … De voorzitter Laatste. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) Sorry. De voorzitter Gaat uw gang hoor, meneer Jacobs. Laatste interruptie. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) Dan een aanvullende vraag. Dat was dan ja.

De bedoeling waar die motie toe oproept is ook om private partijen in het centrum te gaan subsidiëren. Zullen we gewoon heel Heerlen gaan subsidiëren? Dat is misschien nog de meest makkelijke oplossing. De heer Nefjodov, GroenLinks Daar kunnen we het zeker over hebben. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) Of bent u het niet met mij eens? We gaan heel Heerlen subsidiëren. Waar we het geld vandaan halen, kijken we dan wel naar. De voorzitter U heeft een gezellig gesprek met elkaar, maar volgens mij liep dat via mij. Heeft u antwoord gegeven?

Pagina 51 van 94

De heer Nefjodov, GroenLinks Laat ik het zo zeggen. Het is natuurlijk een beetje een cynische vraag, maar daar kan ik ook met een cynisch antwoord op terugzeggen dat ik er altijd voor opensta om het te hebben over een basisinkomen. Maar dan gaan we het hebben over een ander onderwerp qua het subsidiëren van iedereen. De voorzitter We zitten weer in Den Haag, geloof ik. Interruptie, meneer De Groot? Ja. Gaat uw gang. De heer De Groot, Ouderenpartij Heerlen (interruptie) Richting de heer Nefjodov. Als ik kijk naar de motie die wij gezamenlijk hebben ingediend, dan hebben we daar in ieder geval onder de constateringen aangeven dat er ondanks toezeggingen voor de gemeenteraad nog te weinig waarneembaars concreets is gebeurd om wonen boven winkels daadwerkelijk een impuls te geven. Ik neem aan dat de heer Nefjodov ook het met mij eens is – hij zit ook al een tijd in de raad – dat wij in de vorige periode onder andere de wethouder Peters diverse keren bij heel veel commissievergaderingen hebben zien ageren dat er wat moet gebeuren met betrekking tot dat wonen boven winkels. Daar moet nu eindelijk echt eens een keer actie op komen, keer op keer. Inmiddels zit de wethouder vier jaar in het college. Wat denkt u dat de wethouder hier concreet aan gedaan heeft, meneer Nefjodov? Bent u het met mij eens dat daar toch eigenlijk bijna niks gebeurd is? Dat is dan even los van de lastigheden.

Dat kan ook na onderzoek allemaal naar voren komen. Daar ben ik het helemaal mee eens, maar we moeten er toch naar kijken om het maximale resultaat hieruit te halen? Hoe kijkt u daar tegenaan? De heer Nefjodov, GroenLinks Aansluitend op wat u aan het eind zegt: ik zie dat er wel wat is gebeurd, bijvoorbeeld bij wijze van die raadsinformatiebrief van 2023, maar zoals ook in de motie werd geformuleerd: voor de raad is er waarneembaar nog onvoldoende gebeurd. Dus aansluitend op uw laatste zin of er het maximale is uitgehaald: nee, mijns inziens is er niet het maximale uitgehaald, wat aanleiding heeft gegeven voor deze motie die u nu ook mede-indient inderdaad. De voorzitter Wilde mevrouw Géron ook nog een interruptie doen? Mevrouw Géron, Partij voor de Dieren (interruptie) Ja. Over of er nog genoeg gebeurd is: ik denk dat wij die motie net hier neergelegd hebben om dit onder de aandacht te houden. Dit is iets van de lange adem, maar we moeten er wel aan blijven werken. Het is nodig om onze stad een veel levendiger aanzien te geven. Mag ik nog even reageren op meneer Jacobs, voorzitter? Kort. De voorzitter Dat gaat wel heel ingewikkeld worden. Dan gaan we weer terug naar vier interrupties terug. Dat ga ik niet doen. Ik ga naar mevrouw Heine. Mevrouw Heine-Van Dartel, CDA Dank u, voorzitter.

Wij hadden onze twijfels in de commissie over het Woonfonds, maar de uitleg van de wethouder was voldoende om dat voorstel te steunen. Wat betreft de motie, willen we eerst graag uitleg van de wethouder, omdat het Woonfonds hier eigenlijk niet voor is bestemd. Moet het beleid dan aangepast worden en wil de wethouder dat ook? Dank u.

Pagina 52 van 94

De voorzitter Dank u wel. Dat is helder. Dan ga ik naar meneer Reijnders. Ik kreeg het signaal dat hij het woord zou voeren. Dat is niet het geval. Heeft nog iemand de behoefte om het woord te voeren? Anders ga ik naar de wethouder. Meneer Leers, gaat uw gang. De heer Leers, Hart-Leers Meneer de voorzitter, dank u wel. Ook in de raadscommissie heb ik gesteld dat ik het volgende apart vind. Ik zal het even citeren zoals het in dit voorstel neergeschreven is. Dan moet ik wel het goede citeren, natuurlijk. Dat had ik net bij de hand. “Als de raad het mandaat niet verruimt naar 1 miljoen, moeten garantstellingen boven 250.000 euro telkens via een afzonderlijk raadsbesluit worden vastgesteld.” Dit brengt extra doorlooptijd met zich mee en kan leiden tot vertraging bij projecten. Voordat je in Nederland de ene steen op de andere hebt, dan ben je in de meest gebruikelijke gevallen een hele tijd verder. Als je in zo’n traject de conclusie trekt dat er geld bij moet, dan heb je volgens mij nog tijd genoeg om dat gangbaar binnen de raad te regelen. Maar als je nu zegt: het moet allemaal sneller – dat tot op heden kennelijk allemaal nog niet is gelukt – en je wil van die 250.000 zomaar naar een miljoen, dan zeg ik wat mij betreft: dat gaat wel erg snel met heel veel geld. Ik begrijp niet wat er dan mis kan gaan, omdat trajecten al tergend langzaam zijn en heel erg lang duren.

Ik zit met het idee dat hier iets anders achter zit en dat er wellicht al projecten op de plank liggen die graag gerealiseerd willen worden en waarvan men nu denkt: die 250.000 euro is ons net wat te veel. Als we dat miljoen hebben, dan kunnen we rits rats van alles erdoorheen duwen en dan heeft die raad het nakijken, terwijl wij hier toch degenen zijn die uiteindelijk het besluit zouden moeten nemen en zeker als het over dergelijke zaken gaat. In het verleden heb ik dat al vaker gezien. Ik heb daarbij ook al vaker gezien dat het niet goed was om dat zo aan te pakken. Dan afsluitend wat betreft de motie: ik heb het over de reportage gehad van Pointer. Ik vind het apart dat de opsteller van de motie de reportage van Pointer niet kent. Ik zou in ieder geval aanraden om die eens te bekijken. Die is volgens mij nog geen week oud. Ik zou daaraan willen toevoegen dat als je in de coalitie je eigen wethouder aanspoort om snel iets te doen, dan wil ik u herinneren aan het feit dat ik meermaals een voorstel heb gedaan over de zes appartementen die boven het voormalige pand van de Rabobank liggen. Dat is eigendom van de gemeente Heerlen. Die zijn casco, daar zit een lift naast, een trap naast en noem maar op. Die staan daar al jaren leeg. Die zijn van onze gemeente Heerlen.

Wat let de gemeente Heerlen om daar snel werk van te maken? De afgelopen vier jaar is het in ieder geval niet gelukt. Of daar op korte termijn werk van wordt gemaakt, zet ik vraagtekens bij. Dat is één voorstel van 366 lege woningen in het centrum. De voorzitter Interruptie van de heer De Groot. De heer De Groot, Ouderenpartij Heerlen (interruptie) Dank u, voorzitter. Is de heer Leers het dan met mij eens dat precies dit voorbeeld de motie zoals die is opgesteld, rechtvaardigt? Hier gaat het dan weliswaar niet over wonen boven winkels, maar wel wonen boven een gemeenschappelijke ruimte. Dat is toch precies datgene wat de intentie is van deze motie? De heer Leers, Hart-Leers

Pagina 53 van 94

Meneer de voorzitter, het belet de gemeente toch helemaal niet om die woningen al lang in de markt te hebben gezet? Dat is ook met deze motie of zonder deze motie de afgelopen jaren niet gebeurd. Dan een tegenvraag. Heeft uw wel de reportage van Pointer gezien? De heer De Groot, Ouderenpartij Heerlen (interruptie) Ik heb hem ook niet gezien, maar ik ga hem wel bekijken. Dank voor de tip. De voorzitter Zendtijd voor politieke partijen. Zendtijd voor reclame voor allerlei programma’s. Goede tijden, slechte tijden. Meneer Jacobs, gaat uw gang. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Meneer de voorzitter, ik vind dit toch … Ik weet niet wat u met goede tijden, slechte tijden bedoelt. Ik was even in een discussie, maar ik neem aan dat u Pointer toch een andere waarde meegeeft dan goede tijden, slechte tijden. De voorzitter Ik geef het dezelfde waarde mee als elk tv-programma. Je moet ernaar kijken en er vooral kritisch op zijn. Gaat uw gang. De heer Jacobs, Forum voor Democratie Meneer Nefjodov kon mij niet goed antwoord geven op de vraag die ik hem had gesteld. Misschien kunnen de andere mede-indieners van die motie dat. Meneer De Groot zei net: ik vind het een hele goede motie om te onderzoeken waarom het wonen boven winkels niet van de grond komt, zoals meneer Leers ook aangeeft.

Maar waarom moet dit dan gekoppeld worden aan dat fonds? Want op het moment dat je het koppelt aan het fonds, dan zeg je ook: je komt eventueel ook in aanmerking voor subsidiëring. Moeten we niet een stap naar voren? Waarom komt het überhaupt niet tot stand? Hebben we die subsidies überhaupt nodig? Ik weet het niet. Maar waarom tekent u dan die motie mee? Laat het dan bij een onderzoek. Waarom komt dat nou niet van de grond? Waarom moeten we dat meteen koppelen aan een subsidie? De voorzitter Meneer De Groot. De heer De Groot, Ouderenpartij Heerlen Ik wil daar wel op reageren, voorzitter. Natuurlijk is het zaak om onderzoek te doen naar waarom dat inderdaad zo stroef loopt of niet gerealiseerd is. Absoluut. Alleen het Woonfonds zoals we dat hopelijk dadelijk gaan vaststellen, kan een bijdrage leveren aan de realisatie van die doelstelling. Dat is de insteek van deze motie. Als het niet nodig zou zijn, prima, maar tot nu toe zijn de resultaten bedroevend wat dat betreft. Neem het voorbeeld van de heer Leers. De voorzitter Meneer Nefjodov. De heer Nefjodov, GroenLinks Gewoon even ter verduidelijking over die motie en het Woonfonds. Wat we met de motie proberen op te zoeken, is niet zozeer een verbreding van het Woonfonds an sich. Wat we proberen te bereiken met de motie, is dat waar mogelijk ten behoeve van de uniformiteit van

Pagina 54 van 94

het beleid, wordt gezocht naar mogelijke synergiën tussen enerzijds het beleid op het wonen boven winkels en anderzijds wat we eventueel in aanvulling daarop kunnen doen met het Woonfonds. Het één hoeft het ander niet uit te sluiten. Het breidt het Woonfonds ook niet uit. We verzoeken gewoon om zo vergaand mogelijk te zoeken naar die synergie ten behoeve van die uniformiteit. Meer is dat eigenlijk niet. De voorzitter Dank u wel. We gaan naar de wethouder. We beginnen bij wethouder Gelderblom en later ook nog wethouder Peters. Wethouder Gelderblom Voorzitter, we hadden nog wat collegiale afstemming over de volgorde, maar ik ga inderdaad beginnen. Dan begin ik bij de VVD die terecht verwees naar de motie rondom het groeifonds die ze een poos geleden samen hadden ingediend met D66. Die heeft zeker een belangrijke rol gespeeld bij het inspireren van wat hier nu voorligt. Er is hard aan gewerkt door veel partijen en ook in brede samenwerking met onder andere de vrienden van alliantie Heerlen Noord. De eerste vraag van de VVD luidt als volgt: hoe wordt inzichtelijk gemaakt hoeveel private of maatschappelijke investering elke euro uit het Woonfonds daadwerkelijk losmaakt? Je zou kunnen zeggen dat je dit dus eigenlijk ziet bij de aanvraag van de bijdrage aan het Woonfonds.

Waarom? Omdat die aanvraag inzichtelijk zal maken wat op dit moment het tekort is op een hele ontwikkeling, waarbij ik ook even verwijs naar het feit dat het vaak zo zal zijn dat wellicht een gedeelte van de ontwikkeling wel uit kan, maar een gedeelte waar het gaat over transformatie, het wegwerken van een puist in een wijk of een probleempand et cetera als zodanig niet uit kan en in combinatie dan in aanmerking komt voor een bijdrage uit het Woonfonds. Op het moment dat je inzichtelijk hebt wat het publieke tekort is dat je wegneemt, weet je ook wat je daardoor losmaakt, want het project kan dus losgaan, omdat je die onrendabele top wegneemt. Dus de rest van de investering gaat daadwerkelijk plaatsvinden, omdat we een project over de streep trekken. Dus ik denk dat je dat op die manier en ook binnen dat kader per aanvraag duidelijk gaat zien. Die kun je dus ook vervolgens bij elkaar optellen. Dan heb je een beetje een idee van wat er wordt losgemaakt. Uiteindelijk als je die redenering doortrekt, is er natuurlijk als het goed is een veel groter positief maatschappelijk effect, namelijk een gezondere samenstelling van een gemeenschap of misschien wat meer opbrengend vermogen dat een buurteconomie kan stutten.

Dat moeten we niet eens willen proberen, denk ik, daadwerkelijk te gaan meten, maar het is wel goed om erbij stil te staan dat dit soort dingen met elkaar samenhangen en dat dit precies die opwaartse spiraal is die we vanuit het bijdragen aan een fysieke interventie langs de sociale, economische en voorruit, misschien uiteindelijk zelfs ook culturele as, hopen gestalte te geven. De tweede vraag is: als er meerdere vragen tegelijkertijd binnenkomen, kan het college dan toezeggen – even in mijn parafrase – dat projecten die bijdragen aan doorstroming, middenhuur en herstructurering in kwetsbare gebieden prioriteit krijgen? Onze veronderstelling is dat als het goed is dat de projecten die binnen gaan komen, voldoen aan ieder geval een paar van die drie prioritaire aspecten, zeker waar het gaat over de middenhuur. Dat staat nu ook heel expliciet in de verordening, maar we hebben ook uitgebreid met elkaar gewisseld dat dit één van die ontbrekende segmenten is, dus we zouden heel graag zien dat daar waar een kamerverhuurpand door bijvoorbeeld een particuliere eigenaar getransformeerd moet gaan worden waarbij een bijdrage vanuit het Woonfonds wordt gevraagd, dan hopen wij natuurlijk vooral dat er ook in het segment dan een opwaartse beweging gaat zitten. Dus eigenlijk is het Woonfonds in heel veel opzichten als zodanig een

Pagina 55 van 94

prioritering van deze projecten, want we hadden een belangrijk gedeelte van de gelden die we nu hier op deze manier voor gaan inzetten, ook voor bijvoorbeeld het lagere segment kunnen gebruiken. Vrij bewust doen we dat niet. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) Aan de wethouder. Begrijp ik het nou goed? Het klinkt misschien een beetje cru, maar ik wil het toch gezegd hebben. U heeft het over die pandjesbaas die die kamers heeft of de huisjesmelkers zoals ze in dit huis worden genoemd. Diezelfde huisjesmelkers gaat u nu dus subsidiëren. Wat vindt u daarvan? Dat is toch de omgedraaide wereld? Want nu moeten ze een wijk gaan dragen en nu komen ze in aanmerking voor subsidie, terwijl het eerst – ik zeg niet dat het van u kwam – volgens een aantal mensen hier in de raad toch die smerige huisjesmelkers zijn. Wethouder Gelderblom Het gaat van kwaad tot erger qua kwalificaties. Smerige huisjesmelkers heb ik inderdaad niet gezegd, dus nee. Volgens mij is wat we zeggen dat als er mensen zijn die door sommigen zoals de heer Jacobs smerige huisjesmelkers zouden kunnen worden genoemd, dan willen wij graag helpen om die mensen hun leven te laten beteren.

Dan kunnen we bijvoorbeeld zeggen: als u nu graag van uw smerige huisjesmelkerspand – nogmaals, ik neem afstand van de kwalificatie – een mooi pand wil maken met een paar mooie levensloopbestendige woningen voor senioren wil maken, zodat die doorstroom in beeld komt en misschien het middenhuursegment waar we nu te weinig van hebben, en inzichtelijk kunt maken dat vanwege de staat van dat pand het echt meer kost dan je rendabel kunt maken in de eerste aanleg. Als dan de vraag is: kunnen jullie me dan daar niet bij helpen, beste gemeente, dan zeggen wij dus: – althans, mits u instemt zo meteen – ja, daar kunnen wij bij helpen. Dan sla je een aantal vliegen in één klap. Dan heb je die smerige huisjesmelker in één keer tot een hele brave verhuurder gemaakt. De heer Jacobs, Forum voor Democratie (interruptie) U weet dat ik de huisjesmelkers hier verdedig. Ik vind huisjesmelkers een hele smerige term. Maar nogmaals, ik wil het even in beeld krijgen wat de gedachtegang is, want die huisjesmelkers hebben die mensen jarenlang uitgemolken in die kleine kamertjes zonder licht en met maar één keuken. Vervolgens krijgen diezelfde huisjesmelkers die tien jaar meerdere mensen hebben uitgemolken nu subsidie. Ik vind dat een beetje een vreemd verhaal.

Kunt u de redenering van mij volgen? Wethouder Gelderblom Het kost mij enige moeite, maar ik heb vooral nog nooit iemand die echt afstand wil nemen van die term zo vaak die term horen gebruiken, dus dat werkt een beetje op mijn … Ik snap wat u wil zeggen. Volgens mij is het zo dat we het juist met elkaar eens zijn, want aan het feit dat iemand zo lang op dezelfde manier op een vrij cynische manier ook misbruik heeft gemaakt van een pand, van de omgeving en van de mensen die daar woonden, moet een einde komen. Je kunt er heel erg veel stampij over maken, zeggen dat dit niet meer moet en dat het anders zou moeten. Dat doen we ook met z’n allen, maar het is vooral natuurlijk belangrijk in het belang van die omgeving, in het belang van die mensen zelf en in het belang van de stad dat je ook gewoon met concrete handvatten komt om er wat aan te doen. Dat hebben we zeker gedaan met Grip op Wonen. Dat doen we met de Parkstadwet, maar dat gaat natuurlijk in hoge mate over wat je niet meer wil zien aan initiatieven en wat je niet meer wil zien qua verschijningsvormen, maar dit is nu een mooie gelegenheid waarbij we het met

Pagina 56 van 94

elkaar hebben over wat je wel wil zien, waar je wel naartoe wil gaan en ook wat je daar dan aan bijdraagt in samenwerking met je partners. Volgens mij is dat de kern van het voorstel dat nu voorligt. De voorzitter Interruptie van de heer Leers. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Als ik het nu goed begrijp, dan maak je het aan de ene kant bijna onmogelijk om nog onroerend goed rendabel te kunnen verhuren vanwege wetgeving, belastingmaatregelen en noem maar op. Aan de andere kant ga je diezelfde onroerend goed-mensen subsidie geven om er wat anders van te maken waar je waarschijnlijk dan ook geen rendement van kan maken. Dan ben je toch als landelijke overheid de lokale overheid aan het dwarsbomen of misschien zelfs andersom? Dan moeten we toch eerder misschien naar Den Haag toe en zeggen: we moeten structureel iets anders doen dan dat we in Heerlen de boom optuigen en zeggen dat we extra geld geven? Wethouder Gelderblom De vraag van de heer Leers begon met de vraag … Als ik het goed begrijp en dat is dan, denk ik, toch niet helemaal het geval, want wat we hier doen is dus niet het onmogelijk maken om het verhuren rendabel te maken, maar het in toenemende mate – gelukkig, zou ik zeggen – onrendabel geworden huisjesmelken begeleiden naar een rendabele vorm van fatsoenlijke verhuur waar mensen ook echt op zitten te wachten.

Dat kan in allerlei verschijningsvormen, maar daar waar Heerlen vooral behoefte aan heeft, is toch echt die middenhuur voor groepen die nu te vaak buiten onze stad moeten gaan kijken. Daar kunnen ze een steuntje in de rug bij gebruiken. Voor de goede orde: dat steuntje in de rug heb je vaak nodig in de fase waarin je flink moet investeren. Dat komt dan vaak uiteindelijk goed in de exploitatie. Alleen als de investering te hoog is aan de voorkant voor vaak ook wat kleinere pandeigenaren om ze vriendelijk te betitelen, dan kan het helpen om ze van de wal te krijgen en dan komt het daarna in die exploitatie wel weer een keer goed. Die kloof proberen we hier eigenlijk te dichten. Dat is best wel bijzonder, wil ik er ook aan toevoegen, want elders in het verleden en misschien ook wel eerder in het verleden van deze stad ging het vooral over wat we niet willen. Dan kun je blijven herhalen, maar we zijn nu dus ook bezig om dingen op te lossen in goede samenwerking met iedereen die van goede wil is of dat wordt. De voorzitter Nog een interruptie, meneer Leers. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Als je dan gaat upgraden … Dat vind ik allemaal prima. U vindt dan mij aan uw kant om te zeggen: we maken er wat beters van.

Wat doe je dan met die mensen aan de onderkant van de markt die nu zijn aangewezen op die woningen die u en anderen willen upgraden? Waar gaan die mensen naartoe? Want zij kunnen het niet trekken om dat hogere niveau te kunnen betalen. Of gaan we daar een extra subsidietraject voor optuigen? Wethouder Gelderblom Dat is een hele goede vraag. Er zijn, denk ik, twee antwoorden op. Ten eerste is het zo – dat onderschatten we nog met z’n allen – dat het passend aandeel voor de sociale huur meer dan 100% is. Wat betekent dat? Dat voor de mensen die nu in Heerlen op zoek zijn naar goedkope

Pagina 57 van 94

en betaalbare huurwoningen voor meer dan 100% een passend aandeel vinden in het aanbod. Wat dat betreft binnen Heerlen in dat specifieke segment is er voldoende aanbod. Sterker nog, meer dan 100% passend aandeel. Wat betekent dat? Dat we nu dus ook de tekorten oplossen die we landelijk zien in de woningnood voor gemeenten die te weinig sociale huur realiseren. Dat betekent dus dat als wij nog meer sociale huur zouden gaan realiseren boven wat we al procentueel doen op dit moment – we hebben namelijk met elkaar afgesproken dat wel die sociale stad blijven die het aandeel sociale huur wat we nu hebben handhaven – dan blijven wij toch ook de volkshuisvestelijke opgave van andere gemeenten oplossen. Dat is precies waarvan we met de Parkstadwet zeggen: dat gaan wij dus niet meer doen, want wat we daarmee ook in de hand werken is niet alleen de concentratie van kwetsbaarheid in onze buurten, maar ook dat mensen die vaak in een penibele situatie zitten aan de andere kant van het land in een per definitie rijkere gemeente niets anders kunnen dan maar naar de andere kant van het land zonder vangnet te gaan. Die dynamiek moeten wij doorbreken en ook wat we hier doen, draagt daaraan bij. De voorzitter Meneer Reijnders ook een interruptie. De heer Reijnders, SP (interruptie) Dank u, voorzitter. Veel belovende teksten, daar wordt de SP erg blij.

Tegelijkertijd gaan we hier mengen, maar we gaan nooit verdringen. Nu weet ik niet of het allemaal in zo’n vaart zal lopen, maar wordt dan ook gemonitord? Want als wij op een gegeven moment op die 100% zitten, dan zou je eigenlijk moeten zeggen: een beetje pas op de plaats maken. Wethouder Gelderblom Wat wij doen – dat is wat ik net aanhaalde – is dat we dus nooit door die … Wij willen die sociale stad blijven, zoals ik net zei. Dat betekent dat wij het huidige deel corporatiehuur handhaven. Dat betekent dat we in onze nieuwbouwplannen dus wel degelijk … Dat is ook vaak de reactie op het punt van de heer Leers over of we niet met alle sociale nieuwbouw moeten stoppen. Dan zeggen wij dus: nee, want je wil dat aandeel stabiel houden. Als je dus in totaliteit toe gaat nemen, moet je ook in dat sociale segment blijven bijbouwen. Anders word je een minder sociale stad en dat willen we niet, maar je wil niet langer dat het overgrote gedeelte van je woningbouwprogrammering waar u onlangs een update over heeft gekregen ook weer uit sociale huur bestaat, want dan gaat dat aandeel alleen maar toenemen en dan kom je dus nooit tot die gemengde buurten.

Dus hoe voorkomen we dat we niet alleen mengen, maar ook verdringen? Dan klopt de zin die ik net zei, maar om het helderder te zeggen: hoe voorkomen we dat we gaan verdringen? Dat is dus de afspraak die we met elkaar in het Woonfundament hebben gemaakt, waarbij we zeggen: we zakken niet door die grens. Die bewaken we ook in onze nieuwbouwprogrammering. U heeft laatst een update gekregen over de woningbouwprogrammering. Die laat zien dat we kwantitatief – het is niet niks in de afgelopen vier jaar – zijn verdubbeld qua woningbouwprogrammering. Daarmee laten we zien dat die groei niet alleen een gedachte is, maar dat dit ook begint te lukken. Maar nog veel belangrijker dan de groei als zodanig, want dat is geen doel op zichzelf, dat het ook een gebalanceerde groei begint te worden en dat er diversiteit komt in die woningbouwprogrammering. Dat blijven we – want dat was ook de vraag – zeker monitoren en ook bewaken, want daar waar we initiatieven krijgen, gaan we ook precies op deze basis daarnaar kijken. Als we dus doorschieten op een zeker moment waarbij er helemaal niets sociaals meer zou bijkomen – het duurt inderdaad nog wel een tijdje voordat we daar aankomen, maar stel dat dit gebeurt – dan

Pagina 58 van 94

gaan we zeggen: wacht even, we willen wel – in ons geval is dat die 36% procent corporatiehuur – bewaken, want dat is ook onze gemeenschap. Die zal ook ongeveer hetzelfde blijven. De voorzitter Interruptie van de heer Van den Berg. Nee? Wethouder Gelderblom De derde vraag van de VVD luidt als volgt: het raadsvoorstel verkent of werkgevers in de toekomst kunnen bijdragen aan het fonds. Kunnen projecten waarin een directe koppeling zit tussen wonen en het aantrekken van personeel zoals de zorg, onderwijs of techniek versneld worden behandeld? Ja, dat is precies het idee. Ik moet ook zeggen dat … De update die we daar laatst over hebben gestuurd werd ook aangehaald, de rib over de woonwerkarrangementen. Daarin zien je heel erg dat we dit nu aan het verkennen zijn. Dat doen we nu op basis van echt vrij kleine aantallen, omdat we samen met werkgevers willen verkennen hoe we hier elkaar in vinden en hoe we slimme ruitjes creëren om het op z’n Cruijffiaans te zeggen. Dat doen we nu bijvoorbeeld samen met Weller, waarbij Weller dan een aantal verpleegkundigen een mooie woning heeft geleverd, waardoor er een baan en een sleutel bij elkaar kwam. We hebben een aantal andere voorbeelden van werkgevers genoemd die dat ook succesvol hebben gedaan.

Maar wat je uiteindelijk wil – dat staat dus ook in het raadsvoorstel, maar het is fijn dat ik de gelegenheid krijg om dat wat nader te toelichten – is natuurlijk dat juist in een aantal segmenten en zeker ook voor de soms wat ontbrekende groepen in onze stad, dat die niet een sociale huurwoning zoeken, maar een koopwoning. Ook daarvoor wil je zorgen dat een baan aan een sleutel kan worden gekoppeld. Daarin hebben we onlangs bij het Parkstedelijk woonberaad de open uitnodiging gedaan dat wij bezig zijn met die woonwerkarrangementen en dat we met een Woonfonds komen. Willen jullie op basis van die ingrediënten samen met ons ook aan de ontwikkelende kant kijken of je niet specifiek kunt gaan programmeren – met andere woorden, met woningbouwinitiatieven kunt komen – die inspelen op de personeelsbehoefte van de werkgevers die ook graag mee willen doen? Dat is precies de gedachte. Dat is wel – ook goed om te markeren – fundamenteel anders dan hoe volkshuisvesting in Nederland de afgelopen decennia is vormgegeven. Het is eigenlijk een 21ste eeuwse vorm van wat ooit met de mijnkoloniën is gerealiseerd en op een eigentijdse wendbare manier, maar dat is wel het grotere plaatje.

Nogmaals, het Woonfonds is echt wel een onmisbare scharnier in dat spel, want je moet ook dingen die aan de voorkant onmogelijk lijken - omdat je te veel tegelijkertijd lijkt te willen doen - als overheid in samenwerking met je partners los gaan trekken. Dat is waar we hierop voorsorteren. De laatste vraag van de VVD was: de markt verandert snel. Rente, bouwkosten en regelgeving. Hoe zorgen we dat het fonds wendbaar blijft zonder telkens volledig te moeten herzien? Ten eerste is het natuurlijk nooit een ramp om af en toe ook als je ziet dat dingen niet goed werken, wel te herzien. Hoe voorkom je dat dit te vaak moet? Eén van de dingen die we natuurlijk hebben voorgesteld is dat punt over hoeveel ruimte we straks hebben om ook echt projecten in behandeling te nemen. Daar helpt de bestedingsruimte bij die we hebben opgenomen, want dat geeft je meer slagkracht. Maar wat ook heel belangrijk is, is dat we nu weliswaar een vrij … Ik bedoel, het is wel een gedetailleerd en doorgewerkt stuk, maar er zit ook nog wat ruimte in voor nadere uitwerking en dat heeft precies te maken met wat de heer Van den Berg vraagt. Je wil namelijk ook een adviescommissie waarin je verschillende expertises bij elkaar laat komen. Dat staat ook in het voorstel. Bijvoorbeeld ook expertise vanuit de markt, ook expertise vanuit het corporatiewezen en ook expertise vanuit de overheid

Pagina 59 van 94

vanuit die regelgeving kant wil je in gezamenlijkheid initiatieven laten beoordelen, zodat die inzichten bij elkaar komen. Dat moeten we niet allemaal met elkaar willen dichttimmeren. Je moet zo’n adviescommissie ook waarderen in z’n professionaliteit en daar vervolgens als college dan in meegaan. Dus ik denk dat je met die insteek ook wat wendbaarheid inbouwt. Een ander aspect is natuurlijk wat we hier nu voorstellen in zekere zin en zeker waar het gaat over de subsidiëring, een vrij conventionele manier is om initiatieven los te trekken. Uiteindelijk is het proactief programmeren met ontwikkelaars om wat mogelijk te maken om de toename van werkgelegenheid in het wat hogere echelon van bijvoorbeeld Medlands te huisvesten. Daar heb je dit niet voor nodig. Daar heb je een hele andere vorm van samenwerking voor nodig. Dus waar de heer Van den Berg echt naar vraagt, gaat ook voorbij dit voorstel, maar je ziet wel in dit voorstel hoe we daarnaar kijken. Dan een vraag van het CDA, althans, ik heb die als zodanig geïnterpreteerd: kan het Woonfonds worden ingezet voor de transformatie van bovenruimte van winkels naar woningen? Dat is dus het Woonfonds in de vorm zoals we die vanavond dan zullen vaststellen. Of vergt dat een hele aanpassing van het beleid? Het laatste is niet het geval.

Dus ik zie helemaal voor me hoe je inderdaad dit Woonfonds ook met dit voorstel kunt gaan inzetten voor wonen boven winkels. Ik denk wel – dat zag ik ook in de motie en dacht daarbij dat ik me daar iets bij kan voorstellen – dat je daar ook eigenstandig ruimte voor vrij moet maken en een eigenstandig traject voor moet inrichten, want het is niet zo dat je met het vaststellen van het Woonfonds in één keer als vanzelf dat los gaat trekken. Dus je moet daar apart middelen, capaciteiten en dergelijke voor gaan organiseren, maar er is wel degelijk een overlap. Dit voorstel gaat wel degelijk, denk ik, ook helpen om wonen boven winkels te versnellen, mits je dat goed gebruikt. Dan tot slot de vraag van Hart-Leers. Is de reden achter het opgenomen bedrag van een miljoen – dat stipte ik net al even aan – dat er allemaal plannen op de plank liggen die we dan opeens en ik citeer: “vanuit het college geld uit kunnen delen met het Woonfonds?” Nee, dat is niet de reden. De reden is inderdaad die we ook in de commissie uitgebreid hebben gewisseld, dus ik zal dit niet helemaal gaan herhalen, want dat zou aanmatigend zijn. De reden is dat het weliswaar zo is dat de totale looptijd van een vastgoedtraject jaren in beslag neemt. Maar je hebt wel degelijk vaker bottleneck momenten waarbij je investeerders moet aanhaken.

Het kan zomaar zo zijn dat het dan enorm helpt om inderdaad niet een hele raadsperiode of zelfs een reces te overbruggen, maar dat je wel degelijk in positie bent als college om dan daarin mee te bewegen. Ik voeg daar ook nog aan toe als het mag van de heer Leers dat we ook in de commissie met elkaar hebben gewisseld dat ik echt wel begrijp waarom er wat aarzeling over bestaat. Dat vind ik in ons bestel gezonde aarzeling. Volgens mij – dat zei ik al – kunnen redelijke mensen op een redelijke manier daarover van inzicht verschillen. Maar dat alles in acht nemend heeft het college er goed aan gemeend te doen om het op deze manier voor te stellen. De voorzitter Interruptie van de heer Leers. De heer Leers, Hart-Leers (interruptie) Dank u wel. Hoe vaak is de wethouder in de afgelopen vier jaar er mee in aanraking gekomen dat hij niet kon wat hij wilde, meer geld nodig had en daarvoor naar de raad moest? Dus een voorbeeld zoals dat hier gesteld wordt. Is dat 1 keer, 10 keer, 100 keer of 0 keer? Wethouder Gelderblom

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=c53ffc5a-8d7b-4f17-bd18-4f9d721d1514