CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

Burgerberaad Heerlen een proces- en effectevaluatie__641589__

Raadsvergadering 25 februari 2026, gemeente HeerlenBij agendapunt: Evaluatie pilot burgerberaad en toekomst burgerberaad15.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Een belangrijk doel van deze fase was om te laten zien dat de inbreng van inwoners serieus werd genomen. Heldere communicatie over de opvolging helpt om vertrouwen te versterken en mensen te laten zien dat hun deelname verschil kan maken. Daarom moet de gemeente blijven communiceren over het burgerberaad, richting monitorgroep, collega’s en partners van de gemeente, de inwoners uit de klankbordgroep en alle andere inwoners.

24

2.9 Wat heeft het gekost en opgeleverd? Een burgerberaad is geen goedkoop instrument, althans niet bij een stadsbreed burgerberaad zoals dat in Heerlen heeft plaatsgevonden. De voorbereiding kostte veel tijd en omdat er nog weinig kennis van het burgerberaad was, is er ondersteuning bij een externe partij ingekocht. Er moest een locatie gehuurd worden, catering verzorgd worden en technische voorzieningen geregeld worden voor de registratie van het burgerberaad. Al met al heeft het burgerberaad zo’n € 128.815,30 gekost aan geld en ongeveer 1.2 fte gedurende een dik jaar aan menskracht. De deelnemers kregen een vergoeding van € 50 per bijeenkomst. Men heeft er veel vrije tijd in gestoken en heeft soms zelfs vrij moeten vragen van werk. Ook zijn er vervoerskosten gemaakt. Voor sommige mensen heeft de bijdrage wellicht het verschil gemaakt tussen wel of niet meedoen aan het burgerberaad. Het heeft ook mensen met een kleine beurs de kans gegeven om mee te doen. Alle uren die de deelnemers in het burgerberaad hebben gestoken beschouwende, is de vergoeding redelijk. Achteraf wordt pas echt duidelijk wat het burgerberaad ons op heeft geleverd, als de adviezen zijn uitgevoerd. Die winst is niet altijd en niet alleen in geld uit te drukken, maar hopelijk ook in een verbetering van de leefbaarheid van onze buurten en het geluk van onze inwoners.

We voeren weliswaar al een deel van de adviezen uit, toch zijn deze niet geheel overbodig. Blijkbaar weten onze inwoners niet dat we dit doen of moeten we de geboden activiteit verder verbeteren. Een minder breed thema had wellicht veel concretere en bruikbare adviezen voor het gemeentelijk bestuur opgeleverd. Dan waren de opbrengsten van het burgerberaad ook sneller duidelijk en concreet geweest. Dat is nu niet het geval. Daarom moet er bij de opvolging van de adviezen aandacht zijn voor wat de voorgestelde actie de gemeente oplevert. Dit zorgt tevens voor een verdere evaluatie van het burgerberaad. Of de gemeente nu alle adviezen gaat oppakken of niet, deze adviezen komen volledig van onze inwoners zonder enige sturing van de gemeente. En daarin zit een mooi, maar vooraf niet gecalculeerd deel van de winst, in ieder geval bij de deelnemers van het burgerberaad. Mensen die vooraf niet betrokken waren bij de gemeente, zijn dat nu wel geworden. We hebben mensen gehoord die nog nooit meegedacht hebben met de gemeente of hun buurt, waardoor de meningen en adviezen veel diverser waren dan gebruikelijk. Mensen waren ook aangenaam verrast dat de gemeente hun mening belangrijk vond. Het participatieproces heeft mensen in hun kracht gezet, ze zijn gegroeid tijdens het burgerberaad. Ook heeft men vriendschappen gesloten en is het vertrouwen in elkaar enorm gegroeid.

In deze tijden van polarisatie en eenzaamheid is dat een belangrijke verworvenheid van het burgerberaad. Daar waar het in de samenleving vaak niet lukt om begrip voor elkaar te hebben en elkaar als mens te zien, is dat tijdens het burgerberaad heel goed gelukt. Dat is een onbetaalbare winst en daar moeten we goed van leren voor de rest van ons werk als gemeente.

25

3. Wat ging er goed? De gemeente Heerlen had geen ervaring met het burgerberaad. Het was een nieuwe werkwijze en daarom was het ook een zoektocht naar de volgende stappen op het pad. In vogelvlucht geven we nog kort even aan wat er goed ging in het eerste burgerberaad en wat we achteraf gezien beter hadden kunnen doen. We zijn onder andere tevreden over de volgende punten: 1. Goede voorbereiding en samenwerking Heerlen had nog geen ervaring met een burgerberaad en is er met een open vizier ingestapt. Gaandeweg de rit is er veel geleerd. De voorbereiding van het burgerberaad was zorgvuldig. Er is een jaar gewerkt aan de opzet, met aandacht voor betrokkenheid van inwoners en raadsleden in de voorbereiding. Er was aandacht voor de keuze van het thema, de communicatie, de selectie van deelnemers en de samenwerking met de organisatie G1000 en een aantal betrokken inwoners. De gemeente, de klankbordgroep en G1000 hebben samen gezorgd voor een duidelijk plan van aanpak. De klankbordgroep, waarin inwoners en gemeentebestuurders zaten, speelde een belangrijke rol bij het ontwikkelen van dit plan. Er was veel betrokkenheid en enthousiasme om er een mooi en nuttig burgerberaad van te maken. Het was een boeiend leerproces voor alle participanten. Hadden er zaken anders of beter gekund? Natuurlijk, het burgerberaad was een nieuw concept voor Heerlen en het was pionieren.

Maar het was een mooi burgerberaad en de geleerde lessen nemen we mee voor de toekomst. 2. Representatieve selectie van deelnemers De deelnemers werden zo eerlijk en objectief mogelijk geloot met behulp van een objectief computerprogramma. Daardoor ontstond een groep die een zo goed mogelijk beeld gaf van de bevolking van Heerlen: mensen van verschillende leeftijden, achtergronden en uit verschillende delen van de stad. Opvallend was dat 89% van de deelnemers nog nooit eerder had meegedaan aan een inspraakavond of op een andere manier een mening had gegeven aan de gemeente. Dat betekent dat het burgerberaad veel nieuwe mensen bereikte, wat de representativiteit van het burgerberaad verbeterde. 3. Positieve sfeer en betrokken deelnemers De sfeer tijdens de bijeenkomsten was over het algemeen erg goed. Deelnemers voelden zich gehoord en veilig om hun mening te geven. Er was wederzijds respect, en iedereen kreeg de kans om te praten. Veel deelnemers waren gemotiveerd en trots dat ze mochten meedenken over hun stad. De deskundigen en inspiratoren gaven nuttige informatie en de tafelleiders zorgden voor structuur en rust in de gesprekken. Daardoor ontstonden waardevolle discussies en dachten mensen op een positieve manier mee met de gemeente. 4. Procesgeluk Deelnemers leerden elkaar kennen en er zijn zelfs vriendschappen ontstaan.

Daar waar in het begin onderdelen van het burgerberaad nog eng gevonden werden, zoals het geven van een presentatie over het uitgewerkte subthema van de werkgroep, zagen we de deelnemers groeien. Op de laatste bijeenkomst stonden er zelfverzekerde groepen die op een heldere manier hun adviezen presenteerden. Deelnemers waren blij dat ze hun

26

mening mochten geven en dat daarnaar geluisterd werd. Het proces heeft gezorgd voor meer bewustzijn en begrip tussen inwoners onderling. Meerdere mensen gaven aan dat het ‘procesgeluk’ – samen met anderen nadenken over Heerlen – minstens zo belangrijk was als de adviezen zelf. Niet alleen de deelnemers aan het burgerberaad waren blij met het proces. Ook de klankbordleden geven aan veel geleerd te hebben van het proces. Procesgeluk is een belangrijke factor geweest in het burgerberaad Heerlen. 5. Duidelijke en toegankelijke organisatie Het burgerberaad was goed georganiseerd. De bijeenkomsten waren gepland op vaste dagen, met voldoende tijd om te praten, informatie te krijgen en adviezen te formuleren. De locatie – Hoeve de Aar – was goed bereikbaar en laagdrempelig. De catering werd zeer gewaardeerd; er was genoeg eten en er werd rekening gehouden met wensen en allergieën. Deelnemers kregen ook een vergoeding, wat het voor meer mensen mogelijk maakte om mee te doen. 6. Voldoende adviezen De deelnemers hebben veel werk verzet. Uiteindelijk zijn er vijftig adviezen opgesteld, waarvan er dertig door het burgerberaad zijn aangenomen. De adviezen gingen bijvoorbeeld over een buurtbrievenbus, burgerberaden per stadsdeel en het beter benutten van leegstaande panden.

De adviezen hadden meer gericht kunnen zijn op de keuzes de gemeente moet maken, maar lieten wel zien dat inwoners goed begrijpen wat er leeft in de stad en wat zij belangrijk vinden.

27

4.

Wat kan beter?

Zoals gezegd waf het burgerberaad een totaal nieuwe werkwijze voor de gemeente Heerlen. Ook is niet alles te voorspellen. Er ging veel goed, maar er zijn ook zaken die verbetering behoeven, onder andere: 1. Communicatie en bekendheid Ondanks flyers, abri’s, een geluidsauto in de wijken, een website en berichten in de krant, wisten veel inwoners niet wat het burgerberaad precies was of hoe ze konden meedoen. De communicatie bereikte niet alle doelgroepen, vooral jongeren en inwoners met een taalachterstand hadden het burgerberaad niet op het vizier. Ook mensen met beperkte digitale vaardigheden hadden moeite met alle online informatie. Sommige inwoners hadden de uitnodiging daardoor niet goed begrepen. Hoe de communicatie anders of beter had gekund, weten we eerlijk gezegd niet. Er zijn veel verschillende manieren van communicatie ingezet. Wellicht had een ruimere reactieperiode ervoor kunnen zorgen dat meer mensen van het burgerberaad hadden gehoord en hadden we nog meer de wijken in moeten gaan. 2. Meer inclusie Hoewel de loting eerlijk was, is het mogelijk dat vooral mondige inwoners hebben gereageerd op de uitnodiging om deel te nemen aan het burgerberaad. Mensen met een migratieachtergrond of (taal)beperking waren enigszins ondervertegenwoordigd, zij hebben minder gereageerd op de uitnodiging.

Mogelijk was voor hen niet duidelijk wat het burgerberaad was en waar het toe diende. Bovendien kwamen tolken soms niet opdagen (of de tolk juist wel en de deelnemer niet), waardoor enkele deelnemers niet goed konden meedoen. 3. Duidelijkheid voor de klankbordgroep De klankbordgroep heeft een zeer waardevolle bijdrage geleverd. Niet alleen kwam het idee voor een burgerberaad van de inwoners uit de klankbordgroep, maar ook hebben zij gedurende de voorbereiding veelvuldig meegedacht. De samenwerking met de gemeente verliep goed, maar niet altijd soepel. Sommige leden voelden zich niet altijd gehoord of voldoende betrokken bij belangrijke beslissingen, zoals de keuze voor de begeleidende partij (G1000) of de leeftijdsgrens voor deelnemers. Ook bestond af en toe het idee dat de mening van de betrokken bestuurders belangrijker werd gevonden dan de mening van de inwoners die deelnamen aan de klankbordgroep. Men had te weinig het gevoel van gelijkwaardigheid. 4. Organisatie Hoewel Hoeve de Aar een gezellige en toegankelijke plek was, bleek de akoestiek slecht. Groepen konden elkaar soms niet goed verstaan, en er was weinig privacy. De maatregelen die de zeer welwillende uitbater genomen heeft, hielpen niet voldoende. Het was een mooie locatie met een goede verzorging, maar de akoestiek was een belangrijk nadeel. De deskundigenbijeenkomst was druk en chaotisch.

Ook was er soms te weinig tijd om een goed gesprek met de aanwezigen te voeren en zich in elkaars meningen te verdiepen. Tijdens de gesprekken waren er te weinig tafelleiders om alle groepen goed te begeleiden. De aanwezigen hadden soms meer uitleg en begeleiding nodig dan dat

28

G1000 in andere gemeenten gewoon was. Sommige tafels hadden geen gespreksleider, waardoor discussies minder gestructureerd verliepen. Bij een eventueel volgend burgerberaad is het belangrijk om voldoende begeleiders in te zetten en een rustigere locatie te kiezen. 5. Hoge uitval Van alle geïnteresseerden zijn er 145 ingeloot. Achteraf gezien hadden dit meer mensen mogen zijn. De uitval in Heerlen was namelijk groter dan gemiddeld. Meer mensen hadden moeite om het burgerberaad te volgen vanwege gezondheidsproblemen, werk of omdat het burgerberaad toch te ingewikkeld gevonden werd. Als er meer mensen waren ingeloot, was er een grotere groep overgebleven tijdens de rit en zou het burgerberaad nog representatiever zijn geweest. Wel zijn er bij 2e bijeenkomst extra mensen ingevoegd, maar vooral bij de laatste bijeenkomst waren er veel uitvallers. Veel van de gevallen uitvallers hebben wel meegewerkt aan de adviezen, waardoor ook op het eind de adviezen door een zo representatief mogelijke groep zijn opgesteld. 6. Nazorg en opvolging Een terugkerend punt van kritiek is de nazorg. Er moet meer en regelmatiger worden gecommuniceerd over de voortgang. Ook verdient het aanbeveling om de klankbordgroep die meegeholpen heeft in de voorbereiding regelmatig, bv. 2x per jaar, op de hoogte te houden worden van de vorderingen.

De leden maken geen deel uit van de monitorgroep, zij waren immers geen deelnemers aan het burgerberaad, maar hebben wel meegeholpen in de voorbereiding. Het is daarom goed om contact te houden met hen.

29

5. Conclusie Het burgerberaad heeft laten zien dat inwoners bereid zijn om samen te werken en mee te denken over de toekomst van hun stad. Deelnemers waren enthousiast en voelden zich betrokken. De belangrijkste les is dat goede voorbereiding, open communicatie en opvolging essentieel zijn. Een burgerberaad werkt het beste als: - De groep representatief en goed begeleid is. - De gemeente de adviezen serieus neemt. - Er duidelijke terugkoppeling is naar alle inwoners. De organisatie, sfeer en betrokkenheid van het burgerberaad Heerlen waren sterke punten. Deelnemers voelden zich serieus genomen, en veel van hen deden voor het eerst actief mee aan lokale democratie. Het werd zeer gewaardeerd dat hun mening van belang was voor de stad. Tegelijkertijd zijn er ook duidelijke leerpunten. De inclusie van jongeren en minder goed bereikbare groepen kan beter. Daarnaast is het belangrijk dat de gemeente en de politiek duidelijk laten zien wat er met de adviezen gebeurt en ook zorgen voor een goede voortgang. Of het goed was dat er een breed thema gekozen is, daar zijn de meningen zeer verdeeld over. Het was voor de gemeente wellicht beter geweest als er een concreet en minder breed thema gekozen was, zodat men gerichter met de adviezen aan de slag kon gaan.

Het burgerberaad in Heerlen was uiteindelijk een waardevolle en leerzame ervaring, vooral ook voor de deelnemers, maar ook voor de gemeente. Het burgerberaad heeft niet alleen ideeën opgeleverd, maar ook gezorgd voor verbinding en vertrouwen tussen inwoners en tussen de gemeente en inwoners. De geleerde lessen kunnen ingezet worden in allerlei vormen van burgerparticipatie. Zo kan het echt bijdragen aan een stad waar inwoners en bestuur samen werken aan een leefbare toekomst. Tijdens de gesprekken die gevoerd zijn om tot een evaluatie van het burgerberaad te komen, bleek dat de meningen van betrokkenen soms ver uit elkaar lagen, zelfs diametraal tegenover elkaar staan. Vooral de verschillen tussen de mening van inwoners en van bestuursleden was duidelijk, onder andere op het gebied van themakeuze en de uitkomsten van het burgerberaad. Dat laat zien dat het burgerberaad weliswaar een brug heeft geslagen tussen de gemeente en de inwoners, maar dat er nog genoeg werk te doen is om elkaar nog beter te leren begrijpen.

30

DEEL 2 - Effectevaluatie Hoe hebben deelnemers het burgerberaad ervaren?

31

6.

Effecten

In het vorige hoofdstuk zijn de ervaringen van betrokkenen over het burgerberaad uitgebreid beschreven. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de effecten die het burgerberaad heeft op de inwoners, oftewel een evaluatie van het burgerberaad. De voornaamste vraag is: “Wat zijn de effecten van deelname aan het burgerberaad op de inwoners?” Er wordt achtereenvolgens ingegaan op de methode van deze evaluatie (2.2.1), motieven voor deelname (2.2.2), verwachtingen van deelnemers (2.2.3), vertrouwen en inspraak in de politiek (2.2.4), buurtparticipatie (2.2.5), waardering (2.2.6) en nonrespons (2.2.7).

6.1 Methode Om een beeld te krijgen van de effecten van de deelname aan het burgerberaad is aan de deelnemers een online vragenlijst voorgelegd op 3 momenten: vóór de start van het burgerberaad, tussentijds en achteraf (na de laatste bijeenkomst). Deze online enquête bevatte vragen over: motivatie om aan het burgerberaad deel te nemen, houding tegenover (gemeentelijke en landelijke politiek), attitude t.o.v. het burgerberaad, verwachtingen en vertrouwen. Daarnaast hadden deelnemers ook de mogelijkheid om een papieren vragenlijst in te vullen. Aan de deelnemers werd gevraagd om vóór de eerste bijeenkomst van het burgerberaad de (online) vragenlijst in te vullen (de zgn. ‘T0’). Het invullen duurde 5 tot 10 minuten. In totaal zijn er 145 uitnodigingen verstuurd en hebben er 106 deelnemers meegedaan. Na de eerste en laatste bijeenkomst is opnieuw dezelfde vragenlijst verstuurd aan de aanwezige deelnemers (resp. ‘T1’ en ‘T2’). Op deze wijze konden de effecten van deelname aan het burgerberaad (bijv. over vertrouwen in de politiek of de verwachtingen die men had over het burgerberaad) in kaart gebracht worden. Tabel 6.1 geeft het aantal respondenten per meting weer. Tabel 6.1: Respons per meting 0-meting (T0) Tussenmeting (T1) Eindmeting (T2)

Bruto (benaderd) 145 82 67

Netto (respons) 106 (73%) 67 (82%) 50 (75%)

6.2 Motieven voor deelname Voorafgaand aan de eerste bijeenkomst van het burgerberaad (0-meting) is aan de deelnemers gevraagd of ze weleens gehoord hebben over een burgerberaad. Eén op vijf (22%) antwoordt hierop bevestigend. Daarnaast geeft één op de negen (11%) aan dat ze weleens meegepraat of meegedacht hebben met de gemeente Heerlen (bijv. in de vorm van een enquête). De ervaring met en kennis over het burgerberaad is dus zeer gering.

32

De belangrijkste redenen voor deelnemers om deel te nemen aan het burgerberaad zijn de mogelijkheid om invloed te kunnen uitoefenen op de leefbaarheid van de gemeente Heerlen (62%), hun mening te kunnen geven over leefbaarheid (51%) en het gevoel betrokken te zijn bij de eigen gemeente (41%). Zie figuur 6.2. Figuur 6.2: Stellingen over motieven om deel te nemen aan het burgerberaad

Voornaamste reden om deel te nemen aan het burgerberaad, in % Ik heb geen specifieke reden

2%

Andere reden

3% 8%

Omdat ik een vergoeding krijg Om nieuwe mensen te ontmoeten

18%

Om meer te leren over de gemeentelijke politiek

18%

Ik zie het als plicht om een bijdrage te leveren aan de...

27%

Om meer te leren over hoe een burgerberaad werkt

28% 41%

Ik voel me betrokken bij de gemeente

51%

Om mijn mening over de leefbaarheid te geven

62%

Invloed uitoefenen op de leefbaarheid van de gemeente... 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

6.3 Verwachtingen van deelnemers De verwachtingen van deelnemers aan het burgerberaad zijn onder te verdelen in drie dimensies. Binnen deze dimensies zijn stellingen geformuleerd, waarbij de deelnemers konden aangeven in welke mate ze het hiermee eens/oneens waren. Deze zijn: •

•

Houding ten aanzien van het burgerberaad: ✓ Het is voor mij duidelijk wat het doel is van het burgerberaad ✓ Ik vind het duidelijk wat er van mij verwacht wordt tijdens het burgerberaad ✓ Ik voel me betrokken bij het vraagstuk over leefbaarheid ✓ Ik weet niet zo goed wat ik van het burgerberaad moet verwachten ✓ Het burgerberaad is van de deelnemers (inwoners) ✓ Het burgerberaad is van de gemeente, niet van de deelnemers ✓ Ik sta positief tegenover het burgerberaad in Heerlen Zeggenschap en invloed van inwoners: ✓ Ik verwacht dat de stem van inwoners gehoord wordt binnen het burgerberaad ✓ Ik verwacht dat door het burgerberaad kennis van inwoners gebruikt wordt die normaal gesproken onbenut blijft ✓ Ik verwacht dat het burgerberaad inwoners invloed geeft op de leefbaarheid van de gemeente Heerlen ✓ Ik verwacht dat de adviezen van de inwoners meegenomen worden in het gemeentelijk beleid rondom leefbaarheid

33

Vertrouwen in het proces: ✓ Ik heb vertrouwen dat de gemeente wat gaat doen met de uitkomsten van het burgerberaad ✓ Ik heb vertrouwen in de manier waarop de gemeente het burgerberaad organiseert Houding ten aanzien van het burgerberaad Het leeuwendeel van de deelnemers staat positief tegenover het burgerberaad (ca. 90% op alle meetmomenten). Ook de betrokkenheid bij het vraagstuk over de leefbaarheid wordt als zeer hoog ervaren: 87% op T0 en 95% op T2. Met betrekking tot de verwachtingen over het burgerberaad zien we dat het voor één op de drie deelnemers (35%) duidelijk is wat van hen verwacht wordt tijdens het burgerberaad op T0. Dit aandeel is op T1 en T2 gestegen naar ruim 80%. Verder valt op dat de helft van de deelnemers vóór de start van het burgerberaad (T0) van mening is dat het burgerberaad van de deelnemers c.q. inwoners is. Dit aandeel is na de laatste sessie van het burgerberaad (T1) gestegen naar 59%. Tegelijkertijd zien we dat het aandeel deelnemers dat het (zeer) eens is met de stelling dat het burgerberaad van de gemeente is (niet van de deelnemers) aanzienlijk gestegen is in de loop van de tijd: van 8% op T0 naar ca. 20% op T1 en T2. Dit heeft er waarschijnlijk mee te maken dat inwoners zich steeds bewuster ervan geworden zijn dat de gemeente aan zet is bij de opvolging/implementatie van de resultaten en dat het burgerberaad daarom óók van de gemeente is.

Figuur 6.3 geeft de resultaten op alle stellingen weer.

Figuur 6.3: Stellingen houding t.a.v. het burgerberaad

Houding t.a.v. het burgerberaad, % (zeer) mee eens 67%

Het is voor mij duidelijk wat het doel is van het burgerberaad 35%

Ik vind het duidelijk wat er van mij wordt verwacht tijdens het burgerberaad

87% 88%

Ik weet niet zo goed wat ik van het burgerberaad moet verwachten

16% 21%

8%

Het burgerberaad is van de gemeente, niet van de deelnemers

95%

56%

51%

Het burgerberaad is van de deelnemers (inwoners)

95%

81% 84%

Ik voel me betrokken bij het vraagstuk over leefbaarheid

62% 59%

20% 21% 91% 87% 87%

Ik sta positief tegenover het burgerberaad in Heerlen 0% T0

88%

10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% T1

T2

34

Zeggenschap en invloed van inwoners Het leeuwendeel van de deelnemers (80% of hoger) verwacht dat door het burgerberaad de kennis van inwoners gebruikt wordt die normaal gesproken onbenut blijft, dat de stem van de inwoners gehoord wordt binnen het burgerberaad, dat het burgerberaad inwoners invloed geeft op de leefbaarheid van de gemeente Heerlen en dat de adviezen van de inwoners meegenomen worden in het gemeentelijke beleid rondom leefbaarheid. De verschillen tussen de metingen T0, T1 en T2 zijn klein. Het meest opvallende is de verwachting die de deelnemers hebben over de adviezen die meegenomen worden in het gemeentelijke beleid rondom leefbaarheid: het aandeel deelnemers dat verwacht dat deze adviezen daadwerkelijk meegenomen worden is na afloop van de bijeenkomsten van het burgerberaad gestegen: had op T0 nog 86% van de deelnemers deze verwachting, op T1 is deze verwachting gestegen naar 95%. Zie figuur 6.4.

Figuur 6.4: Stellingen zeggenschap en invloed van inwoners

Zeggenschap en invloed van inwoners, % (zeer) mee eens 86% 83%

Ik verwacht dat de adviezen van de inwoners meegenomen worden in het gemeentelijke beleid rondom leefbaarheid

95% 90%

Ik verwacht dat het burgerberaad inwoners invloed geeft op de leefbaarheid van de gemeente Heerlen

84%

Ik verwacht dat door het burgerberaad kennis van inwoners gebruikt wordt die normaal gesproken onbenut blijft

86% 83% 82%

Ik verwacht dat de stem van inwoners gehoord wordt binnen het burgerberaad

87% 87% 87%

89%

50% 55% 60% 65% 70% 75% 80% 85% 90% 95% 100% T0

T1

T2

Vertrouwen in het proces Ruim driekwart van de deelnemers vertrouwt erop dat de gemeente wat gaat doen met de uitkomsten van het burgerberaad (74% op T0). Een nóg hoger aandeel (84%) heeft vertrouwen in de manier waarop de gemeente het burgerberaad organiseert. Kijken we naar de ontwikkeling in de tijd dan zien we dat het vertrouwen toegenomen is (resp. 85% en 92% op T2). Zie figuur 6.5.

35

Figuur 6.5: Stellingen vertrouwen in het proces

Vertrouwen in het proces, % (zeer) mee eens 84% 82%

Ik heb vertrouwen in de manier waarop de gemeente het burgerberaad organiseert

92%

74% 70%

Ik heb vertrouwen dat de gemeente wat gaat doen met de uitkomsten van het burgerberaad

85%

0% T0

10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% T1

T2

6.4 Vertrouwen en inspraak in de politiek Aan de deelnemers is ook op de drie verschillende tijdstippen gevraagd in welke mate ze geïnteresseerd zijn in de landelijke en de lokale (Heerlense) politiek. Vóór de start van het burgerberaad (T0) bleek de interesse in de landelijke én de Heerlense politiek nagenoeg identiek te zijn: ca. 3 op de 4 deelnemers waren best wel/heel geïnteresseerd. Kijken we naar de ontwikkeling in de tijd dan valt op dat de interesse in de Heerlense politiek gestegen is na afloop (T2) van het burgerberaad: van 74% (61% “best wel geïnteresseerd” en 13% “heel geïnteresseerd”) vóór de start van het burgerberaad naar 91% (73% “best wel geïnteresseerd” en 18% “heel geïnteresseerd”). Deze positieve ontwikkeling zien we in minder sterke vorm terug bij de geïnteresseerdheid in de landelijke politiek (73% op T0; 80% op T2). Zie figuur 6.6.

Figuur 6.6: Interesse in de landelijke en Heerlense politiek

Interesse in landelijke en Heerlense politiek, in % Landelijke politiek 50%

Best wel geinteresseerd Heel geinteresseeerd

17% 18%

58%

Politiek gemeente Heerlen Best wel geinteresseerd

61% 13% 15%

Heel geinteresseeerd 0%

62%

23%

10%

70%

73%

18%

20%

30% T0

T1

40%

50%

60%

70%

80%

T2

36

Vertrouwen in de landelijke en Heerlense politiek Het vertrouwen in zowel de landelijke als de Heerlense politiek is na afloop van het burgerberaad enorm gestegen. Deze positieve ontwikkeling in vertrouwen is het sterkst waarneembaar voor de Heerlense politiek: vóór de start van het burgerberaad gaf 20% van de deelnemers aan dat ze veel/compleet vertrouwen hadden in de Heerlense politiek. Na afloop van het burgerberaad is dit vertrouwen meer dan verdubbeld naar 46%. Het vertrouwen in de landelijke politiek wordt door de deelnemers aanzienlijk lager ervaren, ondanks dat het relatief gezien flink gestegen is na afloop van het burgerberaad: van 3% vóór de start van het burgerberaad naar 12%. Zie figuur 6.7. Figuur 6.7: Vertrouwen in de landelijke en Heerlense politiek Landelijke politiek

Vertrouwen in landelijke en Heerlense politiek, in % 3%

Veel / compleet vertrouwen

6%

12%

Gemiddeld vertrouwen

36% 35%

41%

Politiek gemeente Heerlen 20%

Veel / compleet vertrouwen

29%

46%

Gemiddeld vertrouwen

52%

0%

10%

20%

30%

T0

T1

40%

64%

55%

50%

60%

70%

T2

De toename in vertrouwen in de landelijke en Heerlense politiek wordt nog eens onderstreept door de positieve resultaten op de vraag aan de deelnemers of ze meer vertrouwen in de politiek, in anderen en in de gemeente Heerlen gekregen hebben. Opvallend is de zeer sterke toename van het vertrouwen in anderen na afloop van het burgerberaad (van 28% op T0 naar 63% op T1). Zie figuur 6.8. Figuur 6.8: Stellingen meedoen burgerberaad en vertrouwen

Stellingen: Door mee te doen aan het burgerberaad: % (zeer) mee eens 33% 32%

Heb ik meer vertrouwen gekregen in de politiek

41% 45%

Heb ik meer vertrouwen gekregen in de gemeente 28%

Heb ik meer vertrouwen gekregen in anderen 0%

10%

T0

T1

20%

30%

54%

57%

40%

50%

60%

63%

63%

70%

T2

37

Inspraak in de politiek Aan de deelnemers is ook een aantal stellingen voorgelegd over de invloed die ze denken te hebben op de gemeentepolitiek. Een ruime meerderheid geeft vóór de start van het burgerberaad aan dat de gemeente meer moet investeren in inspraakmomenten zoals het burgerberaad (86%) en dat politici zich moeten laten leiden door de mening van het volk (66%). Na afloop van het burgerberaad zien we dat nóg meer deelnemers deze laatste stelling onderschrijven (77%). Ook de verwachte invloed die deelnemers zelf denken te hebben op de gemeentepolitiek is na afloop van het burgerberaad gestegen: op T0 denkt 61% zelf weinig invloed te hebben, terwijl dit aandeel op T2 gehalveerd is tot 31%. Zie figuur 6.9. Figuur 6.9: Stellingen inspraak over landelijke en Heerlense politiek

Stellingen over inspraak in politiek, % (zeer) mee eens 49% 45% 50%

Ik ben goed in staat om een actieve rol te spelen in de gemeentepolitiek Mensen zoals ik hebben weinig invloed op de gemeentepolitiek

52%

31%

61%

86% 87% 88%

De gemeente moet meer investeren in inspraakmomenten zoals dit burgerberaad 66% 64%

Politici moeten zich laten leiden door de mening van het volk

T0

20%

30%

T1

T2

40%

50%

60%

70%

77%

80%

90%

100%

Verder is aan de deelnemers aanvullend een open vraag voorgelegd over wat ze verwachten dat er gebeurt met de resultaten van het burgerberaad. Het leeuwendeel van de deelnemers geeft aan dat ze hopen dat er “iets” gedaan wordt met hun adviezen. Van alle open antwoorden, zijn de volgende aspecten het meest frequent genoemd: • Serieus nemen van de adviezen/ideeën en deze meenemen in de besluitvorming; • Overnemen van de adviezen; de gemeenteraad onderneemt actie; • Luisteren naar wat inwoners nodig hebben in de meest brede zin van het woord.

6.5 Buurtparticipatie Aan de deelnemers is gevraagd of ze actiever in de buurt zijn geworden sinds de aanmelding van het burgerberaad. Dit is zeker het geval: Het aandeel deelnemers dat hierop bevestigend antwoordt is verviervoudigd: van 8% op T0 naar 31% op T2. Zie figuur 6.10.

38

Figuur 6.10: Actiever in buurt sinds burgerberaad

Actiever in buurt sinds burgerberaad, in % 50% 40%

31%

30%

25%

20% 10% 0%

8%

T0

T1

T2

6.6 Waardering Ten slotte is aan de deelnemers gevraagd om het burgerberaad Heerlen te beoordelen met een rapportcijfer. Voor de start van het burgerberaad beoordeelden de deelnemers het burgerberaad met een 7,1 als ruim voldoende. Na afloop is de waardering zelfs goed te noemen: met een 8 als gemiddeld rapportcijfer. Zie figuur 6.11.

Figuur 6.11: Rapportcijfer burgerberaad

Rapportcijfer burgerberaad (0 = zeer laag; 10 = zeer hoog) 10 9.5 9 8.5 8 7.5 7 6.5 6 5.5 5

7.6

8

7.1

T0

T1

T2

39

6.7 Non-respons Gedurende de bijeenkomsten van het burgerberaad hebben we te maken gehad met uitval van deelnemers, de zogenaamde ‘non-respons’ (N = 42). Het is interessant om te achterhalen wat de redenen van deze ‘non-respons’ groep zijn voor het voortijdig beëindigen van het burgerberaad. Daarom zijn deze 42 personen benaderd met de vraag wat hun voornaamste redenen waren om niet meer deel te nemen aan de (vervolg)sessie van het burgerberaad. Van deze 42 personen hebben uiteindelijk 16 personen gereageerd. ‘Privé-omstandigheden’ werd door tien personen als meest frequent genoemde reden genoemd (bijv. ziekte, begrafenis). Verder gaven vier personen als reden ‘proces viel tegen’ (bijv. “kon de inhoud niet meer volgen”), 1 persoon gaf aan ‘zich te weinig gehoord te voelen’ en 1 persoon haakte tussentijds af vanwege de locatie die niet aan de wensen voldeed.

40

BIJLAGEN 1. Vragenlijst effecten burgerberaad (0-meting) 2. Verantwoording procedure loting

41

Bijlage 1: Vragenlijst burgerberaad

42

43

44

45

46

47

Bijlage 2: Verantwoording procedure loting In het 4e kwartaal van 2024 hebben 10.000 Heerlenaren een uitnodiging gekregen om mee te doen aan het burgerberaad. Uit de groep (aantal: 568) die zich aangemeld hebben, zijn uiteindelijk 145 personen ingeloot op basis van een aantal achtergrondkenmerken. Dit zorgt ervoor dat het burgerberaad een goede afspiegeling is van de Heerlense samenleving. Uiteindelijk hebben 109 Heerlenaren deelgenomen aan de eerste bijeenkomst van het burgerberaad dat begin 2025 van start is gegaan. Uitgangspunt Het beoogde eindresultaat van de lotings- en selectieaanpak is een groep Heerlenaren die representatief is op basis van de vier gekozen kenmerken en daarbinnen de gekozen categorieën. Het is niet haalbaar om een perfecte afspiegeling te waarborgen. De gemeente Heerlen streeft daarom naar een deelnemersgroep waarin de Heerlenaar zichzelf kan herkennen. De gemeente beoogt een representatieve afspiegeling van Heerlenaren te vormen op basis van de volgende kenmerken: • Leeftijdscategorie • Geslacht • Stadsdeel • Opleiding De deelnemersgroep is samengesteld door middel van loting in twee rondes met behulp van een getrapte steekproef. Bij de aanpak en uitwerking van deze steekproef zijn team Informatiemanagement, burgerzaken en de G1000 geraadpleegd om zo tot een weloverwogen steekproef te komen.

De eerste steekproeftrekking (1e loting) is door team burgerzaken gedaan. De uiteindelijke selectie (2e loting) is door de G1000 verricht. Steekproeftrekking (1e loting) Team burgerzaken van de gemeente Heerlen trok een willekeurige steekproef uit de gemeentelijke Basisadministratie Personen (BRP) op basis van leeftijd, geslacht en stadsdeel. 10.000 inwoners van 16 jaar en ouder kregen per brief een uitnodiging om zich in te schrijven voor het burgerberaad. Bij het trekken van de steekproef werden de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Totaal aantal: 10.000 • Leeftijd 16 jaar en ouder • Maximaal één brief per huishouden (ontdubbelen op huishouden) • Inwoners die onderdeel zijn van institutionele huishoudens worden uitgesloten Om te bepalen in hoeverre deelnemers een afspiegeling zijn van de bevolking van Heerlen, is inzicht nodig in de samenstelling van deze bevolking. Via het BRP is informatie bekend en beschikbaar bij de gemeente over de leeftijd, geslacht en stadsdeel van Heerlenaren. Informatie over opleidingsniveau is via het CBS verkregen. In tabel I wordt de verdeling van de hierboven genoemde achtergrondkenmerken weergegeven voor de afzonderlijke fasen van het selectieproces vóór en tijdens het burgerberaad.

48

Tabel I: Verdeling achtergrondkenmerken, in % Aandeel in Heerlense bevolking 16+ Leeftijd 16-20 4,4% 20-29 13,6% 30-45 21,5% 45-65 32,5% 65+ 28,1% Stadsdelen Hoensbroek 25,0% Heerlerheide 25,0% Heerlen-Centrum 25,0% Heerlen-Zuid 25,0% Geslacht Vrouw 50,1% Man 49,9% Andere onbekend2 Opleidingsniveau Lager 33,9% Middelbaar 43,3% Hoog 22,8%

Aanmeldingen (N = 568)

Selectie/2e loting (N = 109)

Start burgerberaad

Einde burgerberaad

3,2% 6,3% 17,3% 38,2% 35,0%

12,4% 11,0% 20,0% 30,3% 26,2%

10,9% 11,9% 13,9% 35,6% 27,7%

6,3% 10,9% 15,6% 37,5% 29,7%

17,4% 15,7% 29,9% 37,0%

24,8% 24,8% 25,5% 24,8%

19,8% 19,8% 27,7% 32,7%

17,2% 20.3% 28,1% 34,4%

41,4% 50,5% 8,1%

48,3% 48,4% 3,4%

50,5% 43,6% 5,9%

54,7% 42,2% 3,1%

15,0% 32,2% 52,8%

33,8% 42,8% 23,4%

28,7% 42,6% 28,7%

26,6% 48,4% 25,0%

2 Er zijn geen feitelijke registratiecijfers van het aantal Heerlenaren dat zich niet als man of vrouw identificeert.

49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=a13a7100-f365-4a4d-aa0b-815922b5db72