Bijlage 3 Vormvrije mer beoordeling.pdf
Tekst van het document
Figuur 3 Principetekening infiltratiekratten (bron: brochure gemeente)
De zandlaag en grindlaag onder de lössleem is qua doorlatendheid voldoende gunstig en kan het aangeboden hemelwater goed afvoeren naar de omgeving. De grondwaterstand in natte omstandigheden (de GHG) zit voldoende diep en er is onder de lössleemlaag sprake van een voldoende dikke onverzadigde zone (zie hoofdstukken 3.2 en 3.3).
wsp.com
pagina 6/7
Omvangrijke oppervlakkige berging lijkt in het plan niet eenvoudig in te passen, een wadi zou bij een diepte van 0,6 m een oppervlak nodig hebben van 200 m2. Een greppel met een diepte van 0,4 m en een breedte van 0,8 m moet een lengte hebben van 360 m, waarvoor in het plangebied geen ruimte is. Infiltratiekratten kunnen worden gestapeld (meerdere lagen op elkaar) als dat mogelijk is om de bovenbelasting te dragen, onder verhardingen waarop geen voertuigen rijden is dat haalbaar, zoals een schoolplein. Bij twee lagen van ieder 0,4 m netto is een oppervlak van 150 m 2 benodigd, dit is in het plan goed in te passen. De kratten moeten worden aangelegd op grondverbetering onder het gehele oppervlak zodat het hemelwater goed in de bodem infiltreert en de kratten na een dag weer vrij beschikbaar zijn voor nieuwe buien. De kratten kunnen in overleg met de gemeente worden aangesloten op een overstort naar het riool. Ook kan worden afgestemd met de gemeente of de inhoud van de kratten niet vertraagd kan worden afgevoerd op het riool. Het realiseren van de benodigde waterberging is in dit plan haalbaar maar vereist wel de nodige inpassen in het plan. Dat is een stedenbouwkundige opgave. De voorkeur gaat uit naar afvoer van hemelwater naar de bodem. Daarmee kan droogte in andere jaargetijden worden beperkt.
6
OVERIGE ZAKEN
Verder zijn de volgende zaken van belang: − Hemelwater dat wordt afgevoerd naar de bodem mag niet verontreinigd zijn. Daarom moet het gebruik van uitlogende bouwmaterialen worden vermeden. − Het realiseren van de gewenste ontwatering en drooglegging zijn bij de hier aanwezige grondwaterstanden geen probleem. − Het plangebied heeft in de actuele situatie het nodige reliëf. Voorkomen moet echter worden dat gedurende zware buien hemelwater afstroomt in het plangebied en vanuit de omgeving naar het laagste punt en daar voor overlast zorgt. Geadviseerd wordt om daarmee in de concretisering van het plan rekening te houden. − Huishoudelijk afvalwater kan op het gemeentelijk riool worden geloosd. − Het is noodzakelijk om in het bestemmingsplan regels op te nemen waarmee de in stand houding en goede werking van voorzieningen voor de berging van hemelwater wordt geborgd.
wsp.com
pagina 7/7
BIJLAGE
1
wsp.com
BESTAANDE SITUATIE
pagina 8/7
BIJLAGE
2
wsp.com
NIEUWE SITUATIE
pagina 9/7
BIJLAGE
3
wsp.com
BOORPROFIELEN
pagina 10/7
Brjlage
Legenda boorstaat
GEOnrUS Lêgènda (contuÍm NEN 5í04) grlnd
w w W
geur
klei
Orlnd, rllilg
€rlnd, zwk zandlg
OÍlnd! mdig zandlg
Orlnd, stsÍk zandlg
Grlnd, ultorrt zandlg
w m zand
N
m m
Zand, kleiig
W
Wm
w w
Klslt zmk riltlg
Kl€|, maug Blltlg
Xloi, sterk slltig
olle Kloi, ultq8t silug
Klel, mdg zandig
Kloir stork ztrdlg
Zand, stdk sllfg
I
p.l.d.-waarde
(D
'o
Otr O tro Led[mkzandis
| >loo I trooo a >íoooo
Ledrr,stskzandtg
monsters
lesm
I
O goon olleffiter roacdo tl r$Eld(o ollo.Mtsr reacto
KlóI, zh,ak zendlg
Zand, zuk sll0g
Zild, maug slltlg
O geu grur O :mkkegill (} muge geur O strkogeur O ultffite geuÍ
Zeíd, uitst slltg
geroerd monstêÍ
overlge toevooglngen
ongےosd monster
Mk humeus
hlumrÍln9
voen Veen, ndnsraalam
mtig humus
lr€eÍ, zMk klolÍg
stsrk hum8us
V€on, itqk kloiig
zMk grindig
Vén, zmk zandlg
mtlg grlndlg
Vmn, stsk zandlg
sterk grlndlg
owrig
A à[rondsrbstanddel gÍondffiteEtand
= O
Oqniddsld laagsts grondmtoEtand
Io'o ffit3r
peilbuis bllnde buis
caslng
hoogsto grondffiterstand
gmlddelde grondmterstand laagsl€ gÍondmtoFtand zand aÍdlchtng
biltonl€t/mlkoll€t/kl€i afdichËng
grind afdichtlng
nlts
Pagina 1 van 1 2018.2 bijlage legenda boorstaat.docx
A
opdrachtnummer :G4200004.020 p.ojectomschÍijving
:
Heerlerbaan , vullingsweg 55, heerlen
GEONIUS borlngl
vB01
boringi
DBOl
lvlaaiveldhoogte
141,53 m.t,o.v. N.A.P
Maaiveldhoogte:
141,85 m.t.o.v. N.A.P.
Datum:
cm.-mv. t7-11-2020 8ij zso1
Datum:
rL-!L-2020
opmerking:
cm,-mv.
o.@ luin
klinker 141,50
ilak
Klinker
14't,50
Zand, mêlig grof, dak siltig
't41,00
Zand, matig grof, dak siltig
Zand, matig fijn, sterk sillig, grindig, spoÍen baksteen, gdjs
^
í41,00
Leem, slerk zandig, spoÍen gÍind, bruin
Leêm. matig zandig, spoíen gÍind Leem, matig zandig
Vast op slênen/gíind
boÍing:
DBO2
boring:
DBO3
lvlaaiveldhoogte:
14482 m.t.o.v. N.A.P.
Maaivêldhoogter
14t84 m.t.o.v. N.A.P.
Datum:
7L.1r-2020 Na 6 pogingen nergens dieperdan 1m mogelijk
cm. -mv.
cm, -mv,
Datum:
t!-1L-2020
OpmerkinE:
-\gtrieg_ 0.10-
,,.,:iil
Zand, matig gÍoí, flak siltig, eak gÍindig. beigegeel
Vast op gÍind
145,50 145,00
ru
o,m
^
^
glas zand, matig Íjn, &ak humeus, &ak grindig, sporon baksie€n, donkerbÍuin
zand, matig ijn. sterk siltig, grindig, sporon baksteen, bruin
verticale schaal
pagina I / 2
1: 100