CConstaterende datHeerlen
Koppel je AI →
Document · PDF

B. Aanvraag Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek.

Raadsvergadering 24 september 2025, gemeente HeerlenBij agendapunt: Drie nieuwe woonpijlers: Investeren, Koesteren en Reguleren (Aanvraag Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp)13.213 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Geschiktheid De Wbmgp is uitermate geschikt voor het reguleren van kwetsbare verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg. De geschetste realiteit van feiten, cijfers en hartenkreten toont aan hoe onmisbaar de toepassing van de Wbmgp is. Sterker nog de missie van het Nationaal Programma Heerlen-Noord staat of valt met het doorbreken van de concentratie van armoede en kwetsbaarheid. De centrale missie van het Nationaal Programma Heerlen-Noord luidt: ‘De volgende generatie jeugd groeit gezonder op, heeft betere ontwikkelkansen, heeft meer werkperspectief en een fijnere leef- en woonomgeving. We groeien met Heerlen-Noord naar het Nederlandse gemiddelde’. Deze missie is niet haalbaar zonder de concentratie van armoede en kwetsbaarheid te doorbreken. De Wbmgp is het krachtigste instrument dat ons land kent om die doorbraak op lokaal niveau gebiedsgericht te bewerkstelligen en vormt als zodanig een onmisbare uitbreiding op het bestaande instrumentarium Grip op Wonen. Artikel 8 en 9 Artikel 8 en 9 hebben direct invloed op de samenstelling van onze buurten en de druk op onze voorzieningen. Met toepassen van artikel 8 willen we de verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg met een door de politie vastgesteld overlastprofiel of crimineel verleden en/of zonder inkomen uit werk naar de aangewezen buurten en straten reguleren.

Onderstaande tabel laat zien dat het aandeel van mensen zonder inkomen uit werk in verreweg de meeste aangewezen buurten grote afwijkingen vertoont ten opzichte van het Heerlense en zeker het Nederlands gemiddelde. Uitschieters in negatieve zin zijn in dit verband: Hoensbroek-Centrum, Weggebekker, Versiliënbosch, Passart, Zeswegen, Hoppersgraaf, Meezenbroek en Dr. Schaepmanplein en omgeving. Buurten Terschuren Hoensbroek-Centrum Nieuw Lotbroek-Zuid De Koumen Weggebekker Uterweg Nieuw-Einde Versiliënbosch Vrieheide

Bijstand (per 1.000 inwoners) 107 130 81 95 214 45 98 135 59

11 Zie het laatste deel van Bijlage 3.

43

Passart Heerlerheide Kom Zeswegen Schandelen Hoppersgraaf Meezenbroek Schaesbergerveld Eikenderveld Dr. Nolensplein e.o. Dr. Schaepmanplein e.o. GEMEENTE HEERLEN NEDERLAND

142 91 131 100 120 147 80 90 82 157 71 35

Artikel 10 Uit onderstaande tabel blijkt dat de aan te wijzen buurten veelal slechter scoren dan het Heerlens gemiddelde. Buurten

Terschuren Hoensbroek-Centrum Nieuw Lotbroek-Zuid De Koumen Weggebekker Uterweg Nieuw-Einde Versiliënbosch Vrieheide Passart Heerlerheide Kom Zeswegen Schandelen Hoppersgraaf Meezenbroek Schaesbergerveld Eikenderveld Dr. Nolensplein e.o. Dr. Schaepmanplein e.o. GEMEENTE HEERLEN

Bedreiging per 1.000 inwoners 4 3 3 Onbekend 13 2 4 0 5 6 1 4 3 8 5 3 3 1 2

Mishandeling per 1.000 inwoners 0 7 1 Onbekend 23 5 2 5 1 2 4 5 5 19 6 2 2 6 3

Vernieling per 1.000 inwoners 6 8 4 Onbekend 26 4 4 15 9 12 12 8 11 19 5 5 6 9 6

Inbraak per 1.000 inwoners 4 2 0 Onbekend 24 5 1 3 0 2 1 1 4 4 6 2 2 4 1

3

4

7

2

Ten aanzien van het aspect overlast zijn de cijfers in onderstaande tabel veelal slechter dan het Heerlens gemiddelde. Buurten Terschuren Hoensbroek-Centrum Nieuw Lotbroek-Zuid De Koumen

Verward persoon per 1.000 inwoners 10 11 3 Onbekend

Jeugdoverlast per 1.000 inwoners 0 15 2 Onbekend

Drugs/drankoverlast per 1.000 inwoners 6 11 2 Onbekend

44

Weggebekker Uterweg Nieuw-Einde Versiliënbosch Vrieheide Passart Heerlerheide Kom Zeswegen Schandelen Hoppersgraaf Meezenbroek Schaesbergerveld Eikenderveld Dr. Nolensplein e.o. Dr. Schaepmanplein e.o. GEMEENTE HEERLEN

3 8 14 7 5 12 13 3 16 25 4 6 13 8 8

0 1 7 4 3 3 16 20 8 11 3 2 3 5 5

3 6 8 5 9 5 5 6 9 36 6 10 8 3 4

10

5

7

Door gebruik te maken van artikel 10 Wbmgp willen wij voorkomen dat personen die overlastgevend en/of crimineel gedrag vertoonden een woning toegewezen krijgen in de betreffende buurten en straten. Als instrument voor het toepassen van artikel 10 willen wij gebruik maken van politiegegevens en van alle te onderzoeken gedragingen zoals bepaald in artikel 10a van de Wbmgp. Deze voorkeur voor het gebruik voor politiegegevens ten opzichte van een Verklaring omtrent het gedrag (VOG) heeft te maken met de beperkte screening bij het gebruik van een VOG. Bij een VOG wordt alleen gekeken naar gedragingen die hebben geleid tot een sanctie of straf. De politie neemt bij een toetsing ook incidenten mee die wel overlastgevend zijn, maar niet hebben geleid tot een strafrechtelijke vervolging. Juist deze gegevens kunnen helpen om overlastgevers niet te huisvesten in de meest kwetsbare gebieden. Conclusie Inzet van de Wbmgp zal bijdragen aan een betere balans van werkenden en nietwerkenden, sociale problematiek en veerkracht en bewoners met of zonder overlastgevend verleden. Om die reden wordt de gecombineerde toepassing van de artikelen 8, 9 en 10 Wbmgp gezien als geschikte maatregel in de aan te wijzen buurten, straten en complexen.

Subsidiariteit Welke maatregelen worden al ingezet? In deze aanvraag richten wij ons met name op die buurten, straten en complexen die er in termen van veerkracht slecht tot zeer slecht voor staan. Het zijn juist deze buurten die gebukt gaan onder een grote mate van overlast, onveiligheid en kwetsbaarheid.

45

Veerkracht is het vermogen van een gemeenschap om te herstellen van tegenslagen en zich aan te passen aan veranderende omstandigheden. Een buurt of wijk met veerkracht kan schokken opvangen en sneller en effectiever reageren op problemen. Door de gemeente Heerlen is een integraal pakket maatregelen ontwikkeld onder de naam Grip op Wonen om de veerkracht in kwetsbare wijken duurzaam te versterken. Met dit pakket wordt allereerst ingezet op het herstellen van een gezond woonklimaat: misstanden worden actief bestreden, woonoverlast en malafide verhuur worden teruggedrongen en de spreiding van verschillende doelgroepen wordt bevorderd. In 2024 startte de nieuwe Huisvestingsverordening waarin de huisvestingsvergunning is geïntroduceerd. Voortaan mogen bepaalde particuliere huurwoningen alleen worden bewoond door mensen met een aantoonbare maatschappelijke of economische binding met Heerlen, waarbij onderwijzers, verpleegkundigen en politieagenten voorrang genieten. Via een opkoopbescherming wordt bovendien voorkomen dat betaalbare koopwoningen worden opgekocht door beleggers om vervolgens te verhuren. Zo blijven deze woningen beschikbaar voor mensen die zelf een huis willen kopen. De Huisvestingsverordening is primair gericht op de bestrijding van schaarste (woningen en beroepsgroepen) en leidt niet direct tot een verbetering van de leefbaarheid.

Voorrang geven aan huishoudens met economische of maatschappelijke binding is mogelijk maar blijft beperkt tot maximaal 50 procent van de beschikbare sociale huurwoningen. Daarnaast is het reguleren van kwetsbare en/of overlastgevende verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg voorbehouden aan de Wbmgp. De Doelgroepenverordening stelt specifieke woonruimte beschikbaar voor groepen waarvoor ze zijn gebouwd. Door koop- en huurwoningen te reserveren in de segmenten waar de vraag het grootst is, bestrijdt de gemeente frictie en bevordert zij de realisatie en het behoud van broodnodige woningen. Deze regeling werkt flankerend aan het omgevingsplan en sluit naadloos aan op de opkoopbescherming uit de Huisvestingsverordening. De doelgroepenverordening (uitwerking via het Omgevingsplan) is met name bedoeld om te borgen dat er voldoende betaalbare woningen worden gebouwd en dat deze woningen ook worden toegewezen aan de huishoudens die hier het meest behoefte aan hebben. De doelgroepenverordening is niet van toepassing op de bestaande woningen en is daarmee ook niet van invloed op de samenstelling van onze buurten. De Wbmgp biedt juist wel de mogelijkheid om kwetsbare verhuisbewegingen naar bestaande woningen te reguleren. Daarnaast biedt de Leegstandsverordening een middel om leegstand in te dammen. Leegstaande panden worden gesignaleerd. Via zowel preventieve als

46

Commentaar [OV1]: Is dit 'of' of 'en'? Commentaar [MF2R1]: of

handhavingsinstrumenten (van aanwijzing van gebruikers tot boetes) wordt verloedering bestreden. Ook wordt hiermee bijgedragen aan het verkleinen van het tekort aan woningen. De effecten beperken zich tot individuele panden en straten. De Wbmgp maakt het juist mogelijk om de concentratie van armoede en kwetsbaarheid te doorbreken. Op het terrein van verhuur is de Verhuurverordening van kracht met het doel om verhuur in kwetsbare wijken en de huisvesting van arbeidsmigranten onder strikte voorwaarden te brengen. Daarmee sluit de gemeente aan op landelijke huurwetgeving en kan zij daadwerkelijk goed verhuurderschap afdwingen. De Verhuurverordening stelt de gemeente in staat malafide verhuurders aan te pakken en geeft grip op het particuliere verhuursegment. Toch blijven kwetsbare verhuisbewegingen van buiten Parkstad Limburg buiten het bereik en wordt de verordening pas effectief in combinatie met de toepassing van de Wbmgp. De Beleidsregel Huisvesting Aandachtsgroepen biedt een duidelijk kader om initiatieven voor de huisvesting van aandachtsgroepen (voor zover betrekking hebbende op collectieve huisvestingsvormen) te beoordelen in relatie tot leefbaarheid en sociale veerkracht in een buurt. De beleidsregel maakt duidelijk waaraan moet worden voldaan bij de huisvesting van aandachtsgroepen.

Dit zijn uitstromers uit een instelling voor klinische GGZ, uitstromers uit detentie en forensische zorg voor zover direct aansluitend aan hun ontslag uit detentie, (dreigend) dakloze mensen, uitstromers uit de jeugdhulp met verblijf en pleegzorg en arbeidsmigranten (short stay). Deze beleidsregel draagt bij aan een eerlijke spreiding van bepaalde aandachtsgroepen en versterkt daarmee de leefbaarheid. Toch blijft de kwetsbare verhuisbeweging van buiten de regio Parkstad Limburg ongereguleerd. De Wbmgp biedt een cruciale aanvulling. Daarnaast heeft de gemeente Heerlen een Keurmerk Huisvesting Arbeidsmigranten ontwikkeld. Dit keurmerk versterkt de reguleringsmogelijkheden en kan worden verkregen als aan aanvullende kwaliteitseisen (boven op de nationale SNF-norm12) wordt voldaan. Daarnaast geldt als voorwaarde voor het verkrijgen van het keurmerk dat minstens 80 procent van de bewoners werkzaam is bij een werkgever in Heerlen of regio Parkstad Limburg. Het keurmerk zet een positieve standaard en stimuleert verhuurders om vrijwillig te investeren in kwaliteit. Het keurmerk is echter niet afdwingbaar en mist daarmee de effectiviteit van wettelijke sturingsinstrumenten. De Wbmgp biedt juist de juridische basis om de kwetsbare verhuisbewegingen van buiten Parkstad Limburg te beperken.

Voor kamerbewoning heeft Heerlen in 2023 duidelijke voorwaarden gesteld met de Beleidsregel Kamerbewoning Heerlen 2024, zodat onzelfstandige woonruimten enkel verantwoord en gebalanceerd kunnen worden toegevoegd. Hierbij is nadrukkelijk aandacht voor de kwaliteit en bevat de beleidsregel duidelijke spelregels om overconcentratie van kamerbewoning te voorkomen. Tegelijkertijd wordt met het Facetbestemmingsplan ‘Woningsplitsing en kamerbewoning’ aanwas van nieuwe kamerverhuur aan banden gelegd door een verbod op woningsplitsing. Tot slot zorgt de Beleidsregel Minimale Eisen Woonkwaliteit voor een eenduidig toetsingskader bij nieuwbouw, splitsing en transformatie, waarbij zowel de woningkwaliteit als de impact op de directe omgeving centraal staan. Toch is ook deze maatregel uitsluitend gericht op nieuwe initiatieven en biedt geen grip op de kwetsbare verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg. De Wbmgp kan hier wél op sturen. 12 https://www.normeringflexwonen.nl/de-norm

47

Heerlen heeft enorme ruimtelijke kansen. We willen deze ten volste benutten. De gemeente Heerlen kiest bewust voor nieuwbouw als instrument. De doelstelling is het woonklimaat in Heerlen in de komende decennia in balans te brengen en onze gemeenschappen stabieler, gezonder en sterker te maken. Dit vereist een woonprogrammering waarbij wordt ingezet op het realiseren van gemengde wijken waarbij de krimpgedachte plaats maakt voor een streven naar gezonde groei. De ambitie is om 7.000 woningen te realiseren voor 2050 om te kunnen groeien naar een stad van 100.000 inwoners. De kwantitatieve groei is bovendien nodig om de ruimtelijke kwaliteit van onze buurten en gemeenschappen te versterken. In het NPLV-gebied Heerlen-Noord worden voor 2030 meer dan 1.500 woningen gerealiseerd. Hierbij wordt gestuurd op toevoeging in het midden- en hogere segment, zonder verdringing van bestaande bewoners. Dit principe van ‘mengen zonder te verdringen’ vormt de kern van het Nieuw Heerlens Woonfundament dat gemeentebreed wordt toegepast en regionaal is afgestemd binnen de regio Parkstad Limburg. De woningbouwprojecten (waaronder de transformatie van het centrum van Hoensbroek of de herontwikkeling van de groevegebieden) dragen bij aan sterkere en gezondere gemeenschappen.

Woningbouw wordt daarbij integraal ingezet als ordenend principe dat ruimtelijke samenhang herstelt, verbindingen tussen wijken versterkt en barrières tussen bebouwing en het landschap doorbreekt. Dit gaat hand in hand met investeringen in bereikbaarheid, mobiliteit en de versterking van woon- en leefkwaliteit.13 De opgave sluit aan bij bredere regionale woningbouwprogramma’s en voorziet niet alleen in fysieke woningproductie, maar levert ook een structurele bijdrage aan het verbeteren van het sociaal en economisch perspectief in een van de meest kwetsbare stedelijke gebieden van Nederland. Heerlen neemt deel aan enkele samenwerkingsverbanden: Beschermd Thuis Parkstad is een samenwerkingsverband dat zorgt voor voorzieningen voor mensen die vanwege psychische of psychosociale problemen 24 uur per dag toezicht of ondersteuning in de directe nabijheid nodig hebben. Een onderdeel van het aanbod zijn kleinschalige woonunits voor cliënten met de voorwaarde dat cliënten zowel behandeling als begeleiding accepteren. De units zijn in Heerlen buiten de reguliere woonomgeving gesitueerd. Loket Housing is een samenwerkingsverband van woningcorporaties, gemeenten en zorginstellingen in Parkstad, Maastricht en de Westelijke Mijnstreek en vormt het centrale toegangsloket in Zuid-Limburg voor mensen vanaf 18 jaar, die een huisvestingsvraag én een begeleidingsvraag hebben.

Loket Housing bemiddelt hen naar een passende woning waarbij de corporaties woningen beschikbaar stellen. Het doel is om wonen en zorg op maat te bieden, zodat de bewoner langdurig kan blijven wonen op de woonplek. Het Nationaal Programma Heerlen-Noord werkt integraal aan vijf thema’s: wonen, werken, leren, veiligheid en gezondheid. Binnen het thema wonen zijn de doelen: ▪ Het aandeel bewoners woonachtig in een passende, duurzame en betaalbare woning groeit naar het landelijk gemiddelde. Hiertoe worden met name interventies gericht op de woningvoorraad doorgevoerd waarbij moet worden gedacht aan het uitvoeren van een integraal Volkshuisvestingsfonds-uitvoeringsplan, het bijdragen aan een groot aantal nieuwbouwambities en het opstellen van een Bidbook voor de mijnkoloniën;

13 Zie ook het Perspectief op Noord van Francine Houben: https://www.heerlen-

noord.nl/perspectiefopnoord

48

▪

De fysieke inrichting van Heerlen-Noord draagt bij aan een gezonde leefomgeving. Hiertoe worden met name interventies gericht op de wijk- en leefomgeving doorgevoerd waarbij moet worden gedacht aan interventies gericht op het bestrijden van energiearmoede, het opstellen van diverse handelingsperspectieven en het gericht werken aan de samenstelling van buurten en wijken op basis van het principe ‘mengen zonder verdringen’ alsmede de toepassing van de WBMGP.

Heerlen kent daarnaast tientallen sociale interventies waaronder: ▪ de aanpak Sociaal Veilig, gericht op zowel preventie als repressie; ▪ het interventieteam met controles op overlast, illegale prostitutie, drugs en arbeidsmigranten; ▪ Preventie met Gezag tegen jeugdcriminaliteit; ▪ Buurtgericht Werken ter versterking van gemeenschappen; ▪ De Rijke Schooldag voor het bevorderen van de talenten en ontwikkeling van kinderen; ▪ Frisse Wind als bewonersfonds voor gemeenschapsversterking. Daarnaast zijn er reguliere taken van de gemeente. Niet gelimiteerd tot: ▪ Laagdrempelige opsporing en handhaving: hierbij werken multi-disciplinaire teams van boa’s en politie samen met buurtcoaches en jongerenwerkers om hotspots van overlast preventief te bezoeken en te monitoren; ▪ Opschoondagen: op vaste momenten worden kleinschalige en grootschalige buurtactiedagen georganiseerd om zwerfafval te verwijderen, ongewenste lokalen aan te pakken en bewoners te betrekken bij het opknappen van hun leefomgeving; ▪ Flexibel cameratoezicht en situatietactieken: mobiele en tijdelijke camerasystemen worden op strategische plekken ingezet, parallel aan onopvallende controles op verloederde panden en illegale activiteiten; ▪ Ondersteuning van bewonersinitiatieven: door buurtbudget beschikbaar te stellen worden, stimuleren we kleinschalige projecten – van buurtbijeenkomsten tot tijdelijke ontmoetingsplekken

– waarbij inwoners zelf de regie nemen over hun leefklimaat; ▪ Integrale aanpak verloedering: van het regulier weghalen van overhangend groen en het opknappen van achtertuinen tot het begeleiden van particuliere verhuurders bij verbeteringen in woonkwaliteit; ▪ Gerichte woonruimte- en marktinterventies: door gerichte inzichten uit de lokale woonruimteverdeling combineren we preventieve opschoning van kamerverhuur met samenwerking in de regio om mensen die niet in aanmerking komen elders passende huisvesting te bieden. Tevens vinden tal van fysieke interventies in de gebieden plaats: ▪ herinrichting en reconstructie van wegen en openbare ruimte; ▪ het opknappen en verfraaien van wooncomplexen, uiteraard inclusief verduurzamingsmaatregelen; ▪ projecten gericht op vergroening en klimaatadaptieve maatregelen; ▪ sloop- en nieuwbouwprojecten; ▪ transformatie van voormalige winkelpanden; ▪ het opkopen van panden (inponden); ▪ het opstellen van handelingsperspectieven voorafgaand aan het uitvoeren van fysieke maatregelen. Conclusie De gemeente Heerlen en partners werken op veel verschillende manieren aan de veerkracht en leefbaarheid in de wijken. Ondanks al deze inspanningen en maatregelen kent de stad nog steeds veel buurten waarin de structurele problematiek zich blijft opstapelen.

49

Desondanks kent het pakket duidelijke beperkingen. Juist op het punt van de kwetsbare verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg schiet het huidige instrumentarium tekort. De Wbmgp biedt hier uitkomst en is daarmee een noodzakelijke aanvulling. Heerlen heeft tot op heden geen mogelijkheden onbenut gelaten om de leefbaarheid in buurten te verbeteren. De gebiedsaanwijzing op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp is een aanvulling op alle voorgenoemde maatregelen. Daarmee wordt voldaan aan de eisen van subsidiariteit.

Proportionaliteit De gemeente Heerlen kiest in de aangewezen gebieden bewust voor een samenhangende benadering die zich richt op het versterken van de sociale en economische structuur. Het uiteindelijke doel is om deze gebieden toekomstperspectief te bieden en de leefbaarheid duurzaam te verbeteren voor de huidige en toekomstige bewoners. In deze paragraaf gaan wij in op de woningvoorraad waarop de gemeente voornemens is de selectieve woningtoewijzing toe te passen. Omvang van de aanvraag Deze aanvraag richt zich op 19 buurten en 44 aanvullende straten. Het betreft in totaal rond de 13.500 huurwoningen, waarvan bijna 80 procent van de woningen in bezit zijn corporaties en de overige huurwoningen in particulier bezit zijn. De regio Parkstad Limburg wordt als woningmarktregio gehanteerd, omdat hierbinnen verreweg de meeste verhuisbewegingen plaatsvinden. De omvang van deze aanvraag is gebaseerd op diepgravende analyses van de leefbaarheidssituatie in Heerlen. Die situatie kent unieke historische oorzaken waaronder intergenerationele armoede als gevolg van de mijnsluiting en de concentratie van armoede door de kwetsbare verhuisbewegingen van buiten de regio Parkstad Limburg. De problematiek in grote delen van de stad is urgent, structureel en van een schaalgrootte die als on-Nederlands kan worden beschouwd.

Dit rechtvaardigt stevige interventies en verklaart de omvang en de aard van de voorgestelde maatregelen. Effect op de woningtoewijzing Op basis van data-analyse van de bestaande woondynamiek zal door de toepassing van artikelen 8 en 10 van de Wbmgp het aantal kwetsbare verhuizingen van buiten Parkstad Limburg naar de geselecteerde Heerlense buurten en straten met circa 320 per jaar afnemen. Afgezet tegen een totaal van ongeveer 1.300 vrijkomende huurcontracten in diezelfde gebieden. Hoewel deze groep (320) gedurende de looptijd van de Wbmgp niet in aanmerking komt voor woningtoewijzing in het Wbmgp-gebied, bieden vrijkomende huurwoningen in de rest van Heerlen, Parkstad Limburg en Limburg ruim voldoende alternatief. Binnen de gemeente Heerlen blijft grofweg de helft van de huurwoningen onverminderd toegankelijk. De Heerlense Wbmgp-aanvraag heeft immers betrekking op negentien buurten en een aantal aanvullende straten, terwijl Heerlen in totaal 57 buurten telt. De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning in Heerlen bedraagt 23 maanden, hetgeen aanzienlijk korter is dan het landelijke gemiddelde van meer dan 70 maanden. Deze uitzonderlijk korte wachttijd draagt eveneens bij aan de beschikbaarheid van alternatieve huisvesting in Heerlen. In de regio Parkstad Limburg komen er jaarlijks 2.500 corporatiewoningen vrij.

Voor heel Limburg bedraagt dit ongeveer 13.000 vrijkomende huurcontracten. Bovendien wordt verwacht dat het aanbod aan sociale huurwoningen regionaal en landelijk de komende jaren

50

aanzienlijk toeneemt. Op basis van de Woondeal worden tussen 2025 en 2030 (eveneens de looptijd van de Wbmgp) in Zuid-Limburg 5.091 extra sociale huurwoningen gerealiseerd; voor heel Limburg gaat het om 10.155 extra woningen. Dit betekent dat in de bredere regio ruim voldoende alternatieve huisvesting beschikbaar is voor de genoemde groep van 320. Dat alternatieve aanbod zal bovendien in veel gevallen veel dichter bij de locatie van vertrek liggen dan een woning in Wbmgp-gebied. Een kwart van de kwetsbare verhuizingen naar Heerlen komt immers uit de rest van Limburg (niet zijnde Parkstad Limburg) en 34 procent zelfs van buiten onze provincie. In relatie tot die laatste groep is het goed te benadrukken dat er landelijk tussen 2025 en 2030 naar verwachting liefst 290.000 nieuwe sociale huurwoningen bijgebouwd zullen worden, hetgeen de ruime beschikbaarheid van alternatieve huisvesting voor de betreffende 320 huishoudens andermaal onderstreept. Van belang is nogmaals te benadrukken dat de artikelen 8 en 10 Wbmgp louter van toepassing zullen zijn op inwoners van buiten Stadsregio Parkstad Limburg (dat heet, conform Wbmgp, korter dan zes jaar in Stadsregio Parkstad Limburg wonen). Inwoners van Parkstad zelf (minimaal zes jaar hier woonachtig) kunnen dus ook onder de Wbmgp verhuizen naar de aangewezen gebieden.

Om de proportionaliteit van de aanvraag verder te duiden, wordt in onderstaande tabel de omvang van de aanvraag als percentage afgezet tegen de totale huurwoningvoorraad van de gemeente Heerlen alsmede de totale huurwoningvoorraad in de regio Parkstad Limburg, de regio Zuid-Limburg en Limburg als geheel. Dit laat onderstaande tabel zien:

Particuliere huurwoningen Huurwoningen corporaties Totaal

Wbmgpgebied 2.993

Woningvoorraad Heerlen % 38

Woningvoorraad Parkstad % 16

Woningvoorraad Zuid-Limburg % 8

Woningvoorraad Limburg % 5

10.334

61

27

12

7

13.327

54

23

11

7

Het proportionaliteitsvraagstuk raakt tevens aan de volkshuisvestelijke verantwoordelijkheid van de omliggende regio’s. In subregio’s waar het aanbod van sociale huurwoningen (met name onder de aftoppingsgrens) structureel tekortschiet, is het van cruciaal belang deze achterstand doelgericht en versneld te verkleinen. Dit sluit direct aan bij de Wet Versterking regie volkshuisvesting die gemeenten en regio’s verplicht om te sturen op voldoende en passende woningen. Deze wet legt bovendien nadruk op het creëren van evenwichtige en toekomstbestendige woonmilieus door middel van regionale samenwerking. Regio’s met een structureel tekort moeten zich extra inspannen om het aandeel betaalbare woningen op peil te brengen. Door in te zetten op deze wettelijke opdracht wordt uitvoering gegeven aan de Rijksdoelstellingen. Zoals het versterken van de solidariteitsgedachte door het gezamenlijk dragen van verantwoordelijkheid voor een eerlijke spreiding van kansen op huisvesting. Ook in de regionale prestatieafspraken in Parkstad Limburg (als uitwerking van de Regionale Woonvisie) is vastgelegd dat kwetsbare wijken met leefbaarheidsproblematiek tijdelijk worden ontzien bij de toewijzing van nieuwe kwetsbare huishoudens. In de Regionale Woonvisie zijn daarnaast afspraken gemaakt over een meer evenwichtige verdeling van de sociale huurvoorraad binnen de regio Parkstad Limburg.

Dit principe is verder verankerd in de Toekomstvisie wonen, welzijn en zorg Parkstad Limburg. Ook in deze visie wordt ingezet op afstapeling van overconcentraties van

51

kwetsbaarheid. Deze aanvraag sluit daarop naadloos aan en draagt daarmee bij aan het regionale beleid ten aanzien van spreiding en leefbaarheidsherstel. Conclusie Op basis van de uitgevoerde analyse blijkt dat er in Heerlen, de regio Parkstad Limburg, Zuid‑Limburg en Limburg ruimschoots alternatieve huisvestingsmogelijkheden beschikbaar blijven. Daarnaast sluit de aanvraag aan bij lokale, regionale en nationale beleidsdoelen. Gezien deze overwegingen wordt geconcludeerd dat de aanvraag voldoet aan de proportionaliteitseis voor toepassing van de artikelen 8, 9 en 10 Wbmgp.

Monitoring, effect en beëindiging Monitoring en evaluatie De Wbmgp wordt voor vier jaar aangevraagd voor alle hierboven genoemde aan te wijzen buurten en straten in Heerlen. We verwachten dat in deze periode de leefbaarheid in deze buurten en straten beter wordt. De effecten van de wet worden gemonitord en daarover wordt gerapporteerd. In deze paragraaf worden de te verwachten effecten en de opzet van de monitoring beschreven. Het rapport ‘Monitoring en evaluatie selectieve woningtoewijzing Wbmgp’ vormt de basis voor de monitoring.14 De gemeente Heerlen zal voor de monitoring samenwerken met de andere alliantiepartners van het Nationaal Programma Heerlen-Noord zoals woningcorporaties en de politie. Er vindt bovendien op regelmatige basis bestuurlijk overleg plaats waarbij de te monitoren aspecten worden besproken. In lijn met het jaarplan Nationaal Programma Heerlen-Noord en de gemaakte afspraken in het kader van de Woontop zal de uitvoering van de Wbmgp worden georganiseerd onder de vlag van een Integraal Woonhandhavingsteam (IWH-team). Dit multidisciplinaire team, bestaande uit gemeente, woningcorporaties en politie, vormt de centrale uitvoeringsstructuur waarin monitoring, interventies en kennisdeling samenkomen. Via het IWH-team zullen gedifferentieerde trajecten voor corporatie- en de particuliere huursector worden aangestuurd.

Daarnaast heeft de gemeente Heerlen toegang tot de microdata van het CBS. Op basis van een groot aantal kenmerken is inzichtelijk te maken hoe verhuisbewegingen naar de aangewezen buurten en straten eruitzien. Door dit jaarlijks te herhalen wordt inzichtelijk hoe de balans als gevolg van de invoering van de Wbmgp verbetert.15 Een onderdeel van de monitoring betreft de managementinformatie uit Thuis in Limburg (Til). Til is het zoekportaal voor woningzoekenden en faciliteert de operationele verhuur voor de betrokken woningcorporaties. Ten behoeve van de adequate uitvoering van de Wbmgp vergen selectie, prioritering en uiteindelijke toewijzing om een aanpassing van de ICTinfrastructuur. Verder wordt gebruik gemaakt van de tweejaarlijkse Parkstad-monitor. Hierin komen ervaringen van inwoners uit Parkstad Limburg aan bod. Daarnaast worden overlastmeldingen team toezicht en handhaving en de politie ook meegenomen in de monitoring. 14 Monitoring en evaluatie selectieve woningtoewijzing Wbmgp | Rapport | Rijksoverheid.nl 15 Er wordt gekeken naar bijvoorbeeld gezinssamenstelling, leeftijd, herkomstgemeente, inkomen,

type arbeid, zorg, gezondheid en sociaal kapitaal.

52

Tot slot wordt er gebruik gemaakt van ervaringen van professionals in de wijken en buurten. Dit geldt bijvoorbeeld voor medewerkers van woningcorporaties, welzijnsorganisaties, onderwijsinstellingen en GGD. Te verwachten effecten Voor alle aan te wijzen buurten en straten wordt een verbetering door de invoering van de wet voorzien. Op basis van de omvang en reikwijdte worden in de aangewezen buurten en straten de volgende effecten verwacht: ▪ verbetering van de positie van de gebieden op de Veerkrachtkaarten; ▪ verbeteren van de negatieve afwijkingen Leefbaarometer t.o.v. het Nederlands gemiddelde; ▪ verbetering van de SES-WOA scores; ▪ verhoging van de arbeidsparticipatie; ▪ verlaging van het aantal misdrijven en overlastmeldingen. In andere gemeenten zijn de volgend effecten na toepassing van de Wbmgp zichtbaar16: ▪ Positieve verandering in de bevolkingssamenstelling: sommige gemeenten constateren een stijging van het aandeel bewoners met inkomen uit arbeid, een daling van het aandeel huishoudens met bijstandsuitkering of een verbetering in sociaaleconomische kenmerken, zoals een toename van de economisch zelfstandigen.

Andere gemeenten constateren in dit verband een sterkere afname van het aandeel bijstandsontvangers; ▪ Verbetering van de leefbaarheid en veiligheid: in dit kader wordt melding gemaakt van een stijging van de veiligheidsindex in de aangewezen wijken, minder misdrijven en meldingen van overlast en ook minder meldingen van incidenten zoals ruzie en overlast. Door bewoners wordt aangegeven dat ze meer rust en erkenning voelen en zich veiliger voelen in de wijk; ▪ Meer grip op kwetsbare verhuisbewegingen: in dit kader wordt aangegeven dat corporaties meer controle krijgen op wie in de huurwoningen komt. Ook ervaren professionals dat onderlinge relaties in de wijk ‘opengebroken’ werden en de veiligheid toenam; ▪ Preventieve werking: woningzoekenden die weten dat ze niet door de screening komen, reageren vaak niet op woningen in de Wbmgp-gebieden. Zo worden ongewenste verhuisbewegingen voorkomen zonder dat er een toets hoeft plaats te vinden; ▪ Geen toename van leegstand: in vrijwel alle gemeenten waar de Wbmgp is toegepast, werd geen extra leegstand ervaren. In sommige wijken steeg zelfs het aantal reacties op woningen. Duur maatregelen Op basis van monitoring van de Wbmgp zal worden afgewogen of de maatregelen worden voortgezet. Deze toekomstige afweging is gebaseerd op een vergelijkbare aanpak van overleg en besluitvorming zoals toegepast bij deze aanvraag.

De verwachting is dat door investeringen en interventies in de aangewezen buurten en straten de Wbmgp op termijn niet meer nodig is. We werken toe naar het Nederlands gemiddelde op het gebied van leefbaarheid en veiligheid. Dat is een cruciaal onderdeel in onze generatielange inhaalrace. We streven immers naar een stad waar ieder kind gezond en veilig opgroeit, waar buurten bruisen van

16 Op basis van evaluaties uit bestaande Wbmgp-gebieden.

53

trots en verbondenheid en waar levenskansen niet afhangen van de postcode waarin je bent geboren.

54

Bijlagen Bijlage 1 – Onderzoek Concentratie van armoede https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/bestaanszekerheid-in-werk-en-wijk/ https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/concentratie-van-armoede/ https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/gemeenschapsontwikkeling/ https://www.limburger.nl/regio/heerlen/stichting-leergeld-parkstad-ziet-groei-van-stillearmoede-en-instroom-eenoudergezinnen-uit-randstad/76412163.html

55

Bijlage 2 – Lijst van buurten en straten toepassing Wbmgp Separate bijlage

56

Bijlage 3 – Bewonersbetrokkenheid Bewoners a) De bewonerscoalitie van het Nationaal Programma Heerlen-Noord is nauw betrokken. Twee gekozen vertegenwoordigers zijn bovendien lid van de Alliantieraad van het Nationaal Programma Heerlen-Noord. b) Academie voor Sociale Stedelijke Ontwikkeling: daarnaast is de onderliggende problematiek, waaronder de concentratie van armoede uitgebreid besproken in de themadagen van de Academie voor Sociale Stedelijke Ontwikkeling (een samenwerking van de Open Universiteit, de Universiteit Maastricht, Pharos, Zuyd Hogeschool en het Nationaal Programma Heerlen-Noord). De Academie hanteert de methode ‘praktijk-theorie-praktijk’. Wat is het probleem? Wat zegt de wetenschap? Wat gaan we doen? Het thema ‘concentratie van armoede’, ‘stapeling van problemen’ en ‘kwetsbare verhuisbewegingen’ was tot dusverre een belangrijk en terugkerend thema. Zie onder andere hier: - https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/bestaanszekerheid-in-werk-en-wijk/ - https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/concentratie-van-armoede/ - https://www.academie.heerlen-noord.nl/editie/gemeenschapsontwikkeling/ Aan de themadagen van de Academie nemen elke keer tussen de 200 en 400 mensen deel.

c) Burgerberaad, gemeenteraad, buurtbijeenkomsten De werkgroep Veiligheid van de deelnemers aan het Burgerberaad heeft een aparte avond belegd met vertegenwoordigers van het Nationaal Programma Heerlen-Noord om extra geïnformeerd te worden over cijfers en analyses. De gemeenteraad van Heerlen nam een motie aan met een dictum waarin onder andere staat: zo verregaand mogelijke toepassing van de Wbmgp voor te bereiden en aan te melden bij de Rijksoverheid; Zie: https://heerlen.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/dc252bd5-df5b-4009-943738ea1e1bff7b?documentId=826f804e-9508-40c0-a835-299080b29810 Daarnaast vonden er vele buurtbijeenkomsten plaats waarin veiligheid, leefbaarheid en armoede belangrijke gespreksonderwerpen waren. d) Nieuwsreportages met bewoners Dit is wat bewoners van de wijk Passart-Heerlerheide over de concentratie van armoede zeggen: - kort fragment: https://nos.nl/nieuwsuur/video/2516890-inwoners-heerlen-noord-balen-vande-vele-arme-nieuwkomers-in-hun-wijk - hele reportage: https://nos.nl/nieuwsuur/video/2516947-heerlen-is-een-heel-groteopvanglocatie-voor-iedereen-met-problemen Ook in de artikelen van De Limburger over onder andere de Hoofdstraat in Hoensbroek en de voormalige mijnwerkersbuurt Versiliënbosch komen verhalen en klachten van bewoners over de stapeling van problemen en de verhuisbewegingen van ver buiten de regio uitgebreid aan bod.

Zo wordt er in buurten actief gepleit voor het “afstapelen van problemen” en de “concentratie van kwetsbaarheden” zoals voorzieningen voor kwetsbare inwoners. “De emmer is wel erg vol.” - Vraagtekens rond draagvlak voor ggz-locatie in Hoensbroek na bewonersbijeenkomst: ‘De emmer is wel erg vol’ | De Limburger - Snuffelende ratten staan symbool voor de verloedering van de Hoofdstraat in Hoensbroek: ‘Kom eens een maand in mijn flatje wonen!’ | De Limburger

57

- MET ggz Heerlen eind juni definitief naar nieuwe locatie maar onduidelijkheid over pand Hoofdstraat blijft | De Limburger

58

Bijlage 4 – Analyse Veerkrachtkaarten Stadsregio Parkstad Limburg Separate bijlage.

59

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerlen&id=37331da9-8807-4a7f-b60c-c3fa639996e3