CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Kapitaalgoederen 2021-2022 incl. Beheerplannen Verhardingen, Kunstwerken, Oevers, Groen

Raadsvergadering 7 oktober 2021, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Nota kapitaalgoederen openbare ruimte, Beheerplannen verhardingen, kunstwerken, oevers, groen en gemeentelijke gebouwen 2021 -202220.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 (met doorkijk naar 2025) Grip op de assets in de leefomgeving

Gemeente Heerenveen

Projectnummer: 460309.100 Datum: 1 september 2021 Revisie: definitief concept 3.4

projectnummer 0460309.100 concept 12 juli 2021

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 (met doorkijk naar 2025) Grip op de assets in de leefomgeving

projectnummer 0460309.100 Definitief concept 1 september 2021

Auteurs A. Boek O. Hornstra E. Boverhoff

Opdrachtgever Gemeente Heerenveen Crackstraat 2 8441 ES HEERENVEEN

Colofon Projectgroep bestaande uit Richard Cöp Dennis Kramer Joan van der Weg Hanneke Huisman Jan Kraak Aale Boek (integraal) Ester Boverhoff (groen) Folkert Miedema (civiel) Oane Hornstra

datum vrijgave

beschrijving revisie Definitief concept

gecontroleerd Aale Boek

vrijgave Oane Hornstra

Inhoudsopgave

Blz.

Managementsamenvatting

2

1

Inleiding

5

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding Kwaliteitsplan Kapitaalgoederen en beheer 2016 – 2020 Waarom een Nota Kapitaalgoederen Projectscope: waar hebben we het eigenlijk over? Leeswijzer

5 6 6 7 7

2

Aanpak

9

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6

Algemeen Het beheerproces Meetlatten Differentiatie De relatie tussen beheerkosten en kwaliteitsniveaus (theorie) Voortzetting huidig beleid

9 9 10 11 12 13

3

Hoe staan we ervoor?

15

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Areaal Uitgangspunten en methodiek Evaluatie huidige beleid Kwaliteit Ontwikkelingen

15 19 19 21 25

4

Voortzetting huidig beleid

28

4.1 4.2 4.3

Algemeen Kapitaalgoederen (assets) speelvoorzieningen en openbare verlichting Beleid 2016

28 29 30

5

Vervolg

34

Bijlage 1 Audit Fysiek Domein

36

Bijlage 2 Impressie voortzetting huidige beleid

39

Bijlage 3 Kader voor beheer en onderhoud

41

Bijlage 4 Beheerplannen

44

4.1 Beheerplan Verhardingen 4.2 Beheerplan Kunstwerken 4.3 Beheerplan Oevers 4.4 Beheerplan Groen

45 45 45 45

Managementsamenvatting Aanleiding In de openbare ruimte vormen kapitaalgoederen (de assets van de leefomgeving) een belangrijk onderdeel. Dit geldt voor alle objecten in de openbare ruimte, zoals wegen, een brug, een speeltoestel maar ook voor bomen en gras. Deze onderdelen van de openbare ruimte dragen integraal bij aan het functioneren van de gemeente en haar gemeenschap in sociaal en economisch opzicht. Kortom: ze dragen bij aan gezonde en leefbare wijken en dorpen! Vanuit wetgeving heeft de gemeente een aantal belangrijke zorgplichten voor de openbare ruimte. Het inzicht in de staat van onderhoud van een object op basis van inspectie of kwaliteitsmeting is belangrijk voor het blijvend veilig kunnen gebruiken van de objecten en het kostenefficiënt inplannen van noodzakelijk onderhoud en het voorkomen van kapitaalvernietiging: daarom inspecteert de gemeente het areaal. Onderhoud en vervanging wordt daardoor gestuurd door reële inzichten in de werkelijke situatie buiten. ‘We zetten in op veilige, hele, schone wijken en dorpen waar het prettig wonen, leven en werken is. Hoofdlijnenakkoord Heerenveen 2018-2022 ‘Schoon, heel en veilig in beheer en onderhoud van de openbare ruimte.’ (Afwegingskader) Strategische Agenda 2022-2040 Om veilige, hele en schone wijken en dorpen te behouden, is het zo efficiënt mogelijk invullen van de levenscyclus van de kapitaalgoederen belangrijk.

De gemeente levert met doelmatig en efficiënt beheer direct een bijdrage aan het behalen van dit doel. Iedere gebruiker wil veiligheid (fysiek: geen uitstekende delen, gevaarlijke situaties door overhangend groen of kuilen en gaten in wegen), leefbaarheid (sociale veiligheid, doordat er bijvoorbeeld verlichting aanwezig is, geen enge bosjes, et cetera: het is prettig wonen) en kwaliteit (mooi en schoon) ervaren in de openbare ruimte. Daarnaast is het van belang dat de kapitaalgoederen voldoende worden beheerd om onder meer kapitaalvernietiging te voorkomen. Dit is een toets criterium van de provincie in haar toezichthoudende rol. Als onderdeel van de begroting is er dan ook sprake van een verplichte opname van de paragraaf ‘Onderhoud Kapitaalgoederen’. Doel De doelstelling van de Nota Kapitaalgoederen is om inzicht te geven:  In de huidige onderhoudskwaliteit van de openbare ruimte;  Inzicht te geven in de meerjarige opgaven en benodigde middeleninzet op basis van de gewenste kwaliteit (ambitie). De beoogde effecten van deze doelstelling zijn veilige, hele, schone wijken en dorpen, waar het prettig wonen, leven en werken is.

De basis onder deze nota en de keuzes die gemaakt worden, zijn gebaseerd op metingen van de huidige kwaliteit van het actuele areaal aan te beheren kapitaalgoederen (assets) en voortzetting van de in 2016 gekozen kwaliteitsniveaus voor de diverse kapitaalgoederen. De nota is vervolgens vertaald naar separate beheerplannen voor de verschillende beheerassets groen, 2

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

verharding, civiele kunstwerken en oevers. Deze zijn als bijlagen opgenomen in deze Nota Kapitaalgoederen. In deze nota wordt voor 2021 en 2022 inzicht gegeven wat er nodig is om het huidige beleid voort te zetten. In 2022 vindt er een herijking plaats van het huidige beleid en de middelen die daarvoor nodig zijn. Dan wordt een nieuwe nota opgesteld voor de periode 2023 – 2027. Hierbij zullen ook expliciet keuzes kunnen worden gemaakt ten aanzien van het te hanteren kwaliteitsniveau voor de periode 2023 en verder. Hoe ligt het erbij Voor het bepalen van de huidige kwaliteit van de openbare ruimte is gebruik gemaakt van de kwaliteitsgestuurde methodiek. Deze methodiek is gericht op de landelijke systematiek van CROW, vastgelegd in de 'Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte'. In deze catalogus staan de verschillende kwaliteitsniveaus voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte concreet beschreven met foto's, omschrijvingen en normen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen technische staat (heel en veilig) en verzorging (schoon/netjes). De onderhoudsstaat van de assets is in 2020 onderzocht. Zo wordt er regulier een aantal keer per jaar geschouwd, en zijn de wegen, kunstwerken en oevers technisch geïnspecteerd. De bij schouw en inspectie geconstateerde kwaliteit komt grotendeels overeen met de in 2016 vastgestelde kwaliteitsniveaus.

Wel zijn er in verhardingen nog achterstanden in m.n. woongebieden, bedrijventerreinen en het buitengebied. Voor groen behalen we gemiddeld een basisniveau voor zowel de technische staat (heel en veilig) en verzorging (schoon/netjes). Een beperkt deel van de kunstwerken en oevers scoort nog onvoldoende. Met de vaststelling van de huidige kwaliteitsniveaus (schouw en inspectie) en de in 2016 bepaalde ambitie (gewenste kwaliteitsniveau) is met behulp van het beheerssysteem Obsurv bepaald welke beheer-, onderhouds- en vervangingsopgaven er voor de komende jaren moeten worden uitgevoerd. Een precieze berekening van de opgave is voor 2021 en 2022 opgemaakt. Voor de periode daarna (2023-2025) zijn er meer afhankelijkheden (zoals projecten, nieuwe inzichten uit inspecties, etc.), waardoor de planning meer indicatief is. Daarnaast is de opgave voor 2023-2025 berekend aan de hand van de uitgangspunten van huidig beleid. De herijking van het beleid in 2022 kan leiden tot andere uitgangspunten en daarmee andere bedragen. In onderstaande tabel zijn de opgaven opgenomen. Onderdeel Kunstwerken Oevers Wegen Groen Bebording

2021 € 978.800 € 4.837.372 € 2.585.000 € 3.204.958 € 123.000

2022 € 923.012 €240.305 € 2.320.000 € 3.204.958 € 123.000

Gem. 2021-2022* € 950.000 € 2.540.000 € 2.450.000 € 3.200.000 € 120.000

Gem. 2023-2025* € 920.000 € 960.000 € 3.020.000 € 3.200.000 € 120.000

Gem. 2021-2025* € 930.000 € 1.580.000 € 2.790.000 € 3.200.000 € 120.000

* Gemiddelden zijn afgerond op €10.000

Vervolg In 2022 vindt een herijking plaats. Bij deze herijking wordt het beleidskader opnieuw afgewogen door de raad. Met inzicht in de meest actuele budgetten, het te beheren areaal, kwaliteit(keuze) en risico’s wordt dan een nieuwe Nota Kapitaalgoederen 2023-2027 opgesteld.

3

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

1. Inleiding

4

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

1

Inleiding

1.1

Aanleiding In de openbare ruimte vormen kapitaalgoederen (de assets van de leefomgeving) een belangrijk onderdeel. Dit geldt voor alle objecten in de openbare ruimte, zoals wegen, een brug, een speeltoestel maar ook voor bomen en gras. Deze onderdelen van de openbare ruimte dragen integraal bij aan het functioneren van de gemeente en haar gemeenschap in sociaal en economisch opzicht. Kortom: ze dragen bij aan gezonde en leefbare wijken en dorpen! We willen van A naar B om te werken en te ondernemen, maar ook een stukje fietsen of wandelen, en onze kinderen veilig naar school brengen en speelgelegenheid voor ontwikkeling en gezondheid bieden. Gebruikers hebben daarbij verschillende doelen: ontmoeten, ontspannen, sporten, spelen, etc... De openbare ruimte is dan ook van groot belang voor een leefbare gemeente en gemeenschap. Daarom is in 2016 gestart met de systematiek van beheren die ook ten grondslag ligt aan deze nota.. Daarnaast heeft de gemeente vanuit diverse wetgeving ook (zorg)plichten om in ieder geval veilig gebruik van de openbare ruimte voldoende te borgen. Nadat kapitaalgoederen aangelegd zijn is het belangrijk om een efficiënte, doelmatige beheerstrategie te hanteren om invulling te geven aan de levenscyclus van de asset. Het is van belang al in de planvorming rekening te houden met deze gehele levenscyclus (assetmanagement).

Het inzicht in de staat van onderhoud van een object op basis van inspectie of kwaliteitsmeting is belangrijk voor het blijvend veilig kunnen gebruiken van de objecten en het kostenefficiënt inplannen van noodzakelijk onderhoud en het voorkomen van kapitaalvernietiging: daarom inspecteert de gemeente het areaal. Onderhoud wordt daardoor gestuurd door reële inzichten in de werkelijke situatie buiten. ‘We zetten in op veilige, hele, schone wijken en dorpen waar het prettig wonen, leven en werken is. Hoofdlijnenakkoord Heerenveen 2018-2022 ‘Schoon, heel en veilig in beheer en onderhoud van de openbare ruimte.’ (Afwegingskader) Strategische Agenda 2022-2040

Figuur 1 Cover Hoofdlijnenakkoord & cover Strategische Agenda

Om veilige, hele en schone wijken en dorpen te behouden, is het zo efficiënt mogelijk invullen van de levenscyclus van de kapitaalgoederen belangrijk. De gemeente levert met doelmatig en efficiënt beheer direct een bijdrage aan het behalen van dit doel. Naast het gebruik of het natuurlijke verweer (verouderen) van de kapitaalgoederen, spelen ook externe ontwikkelingen of nieuwe kaders een rol bij de onderhoudsstrategie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan prijsstijgingen, het toepassen van zo mogelijk circulaire/duurzame producten, “werk met werk” maken en BBV voorschriften.

5

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Een ding is zeker en uitgangspunt bij het opstellen van dit beleid: iedere gebruiker wil veiligheid (fysiek: geen uitstekende delen, gevaarlijke situaties door overhangend groen of kuilen en gaten in wegen), leefbaarheid (sociale veiligheid, doordat er bijvoorbeeld verlichting aanwezig is, geen enge bosjes, et cetera: het is prettig wonen) en kwaliteit (mooi en schoon) ervaren in de openbare ruimte. Figuur 2 Uitsnede Hoofdlijnenakkoord

Daarnaast is het van belang dat de kapitaalgoederen voldoende worden beheerd om onder meer kapitaalvernietiging te voorkomen. Dit is een toets criterium van de provincie in haar toezichthoudende rol. Als onderdeel van de begroting is er dan ook sprake van een verplichte opname van de paragraaf ‘Onderhoud Kapitaalgoederen’. Dit uitgangspunt geeft, naast de financiële kaders, richting aan de manier waarop de kapitaalgoederen beheerd (kunnen) worden. In deze rapportage wordt uitgegaan van de voortzetting van de huidige beleidslijn zoals die in 2016 is vastgesteld.

1.2

Kwaliteitsplan Kapitaalgoederen en beheer 2016 – 2020 In 2016 is het “Kwaliteitsplan Kapitaalgoederen en beheer 2016-2020” vastgesteld. Destijds is er inzicht gegeven in drie beheerscenario’s. Er is gekozen voor het scenario ‘bewust beheer’. Dit scenario is onder andere tot stand gekomen met input van bewoners. Met dit scenario ging de afgelopen jaren extra aandacht naar de verzorgingsgraad van de openbare ruimte in centrumgebieden en werden bermen/kruidenrijk gras op een laag niveau (behalve langs ontsluitingswegen in bebouwde omgeving) beheerd. Bij vaststelling is gekozen voor onder meer eenmalige investeringen voor bomen, halfverhardingen en bermen. Dit alles om daarmee doelmatig invulling te kunnen geven aan het scenario ‘bewust beheer’.

1.3

Waarom een Nota Kapitaalgoederen De basis onder deze nota en de keuzes die gemaakt worden, zijn gebaseerd op metingen van de huidige kwaliteit van het actuele areaal aan te beheren assets. Zo geeft de kapitaalgoederennota u een handvat om efficiënt en doelmatig op de afgesproken doelen en vastgesteld ambitieniveau te kunnen sturen. De gekozen beleidsambitie wordt vervolgens vertaald naar de verschillende beheerplannen en/of separate beleidsnota’s (zoals bv. voor openbare verlichting). De doelstelling van een kapitaalgoederennota is om grip te houden op en sturing te bieden aan de kapitaalgoederen van de openbare ruimte voor de periode 2021 en 2022. De kapitaalgoederennota geeft aan hoe ambitieniveaus in onderhoudskwaliteit samenhangen met het daarbij passende beheerbeleid. Beheerplannen Als bijlagen bij dit document hebben we de beheerplannen per kapitaalgoed toegevoegd. Deze beheerplannen geven per kapitaalgoed inzicht in:  De afbakening van het areaal en het kader  Hoeveelheden areaal  Kwaliteit en proces (beleid, structuurelementen, planning & begroting)  Financiën 6

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

1.4

Projectscope: waar hebben we het eigenlijk over? De volgende onderdelen (kapitaalgoederen/assets) in de openbare ruimte worden in deze nota belicht: Civieltechnische kunstwerken & oevers  Bruggen  Tunnels/viaducten  Steigers  Duikers  Kadeconstructies/oevers

Meubilair  Straatmeubilair  Parkmeubilair Spelen  Speeltoestellen  Ondergronden

Wegen  Verharding  Openbare verlichting  Bebording Groen 

Verzorging van de openbare ruimte  Onkruid  Zwerfafval  Drijfvuil

Bomen, heesters en gras

Riolering is geborgd in het Watertakenplan wat in 2020 is vastgesteld. Het waterbeheer is opgenomen in het Watertakenplan en in overeenkomsten met het Wetterkip Fryslân.

1.5

Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de methodiek rondom het beheerproces toegelicht. In hoofdstuk 3 wordt inzicht gegeven in de huidige situatie. In dit hoofdstuk wordt gekeken naar het areaal, het beschikbare budget, de huidige kwaliteit en de ontwikkelingen. Ook wordt in dit hoofdstuk teruggekeken op het huidige beleid. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de voortzetting van het huidige beleid, Tot slot wordt in hoofdstuk 5 inzicht gegeven in de vervolgstappen.

7

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

2. Aanpak

8 Krompaed - Akkrum

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

2

Aanpak

2.1

Algemeen In dit hoofdstuk lichten wij toe hoe wij het cyclische beheerproces toepassen en welke meetlatten er gebruikt zijn om de huidige kwaliteit van het areaal in beeld te brengen. Daarnaast lichten wij toe waarom het efficiënt is om de kwaliteit per gebied of asset te differentiëren.

2.2

Het beheerproces In het optimale cyclische beheerproces vormen zes aandachtspunten de basis voor professioneel en efficiënt beheer. Deze aandachtspunten maken onderdeel uit van de theorie achter de IBORmethodiek. Beleid Om een bijdrage te leveren aan de gemeentelijke doelen die bijvoorbeeld voortkomen uit het hoofdlijnenakkoord, is het van belang een vertaling te maken naar specifiek beleid en financiële kaders voor beheer. Met deze Nota Kapitaalgoederen wordt de ambitie van beheer vastgesteld door het bestuur. De wereld van beheer verandert (eisen en wensen, bestuurlijke doelen) en ook de toestand van het areaal wijzigt door gebruik, het toegepaste beheer en onderhoud en externe invloeden. Het is daarom regel om beleid om de Figuur 3 Beheermodel Antea Group zoveel jaar te herzien. In dit geval wordt het huidige beleid doorgetrokken naar de jaren 2021 en 2022. In 2022 vindt vervolgens herijking plaats om nieuwe afspraken te maken voor 2023 en verder. Programmeren Het beleid wordt vertaald naar benodigde beheermaatregelen op korte- en middellange termijn en de financiële behoefte (programmeren). Hiermee ontstaat eveneens tijdig inzicht in aankomende vervangingspieken. In deze fase bieden afstemmingsmogelijkheden tussen de beheerdisciplines en andere domeinen en projecten kansen om de leefomgeving zo weinig mogelijk te belasten en “werk met werk” te maken.

Bijvoorbeeld tussen riolering en wegen, maar ook tussen de binnendienst en buitendienst. Ook afstemming met andere grootschalige (stedenbouwkundig/verkeer) projecten zoals herinrichtingen, herstructurering, functieverandering, verkeersmaatregelen en/of subsidieprojecten c.a. leidt tot aanpassing van de opgaven in soort-, omvang- en planning van (geplande)maatregelen. Deze (twee) stappen vormen in een ideale situatie de eerste fase van het beheerproces. Afspraken en inzichten worden met ‘beleid maken’ vastgelegd in de Nota Kapitaalgoederen, dit naast eventuele zelfstandige beleidsstukken en hierin te maken beleidskeuzes van de disciplines welke opgenomen zijn in de Nota Kapitaalgoederen. Hier dient een duidelijke (herleidbare en aantoonbare) koppeling te zijn tussen gemeentelijke doelen, beheerambities en de financiële behoefte. Dit betreft inzicht in dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingen (met betrekking tot de maatregelen en het budget). Vervolgens wordt de ambitie geprogrammeerd in een beheerplan. Zo is voor de komende jaren duidelijk welke maatregelen per discipline een 9

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

bijdrage leveren aan de strategische doelen. Beheerambities zijn niet geheel vrijblijvend in te vullen. Zo is een gemeente verplicht areaal op deugdelijke wijze te onderhouden, de veiligheid te borgen en kapitaalvernietiging te voorkomen. Zie hiervoor ook bijlage 3. Voorbereiden Met de programmering is duidelijk geworden welke activiteiten de komende jaren uitgevoerd moeten worden, om te voldoen aan het ambitieniveau. Deze werkzaamheden worden ondergebracht bij de eigen dienst, of worden met behulp van een bestek in de markt weggezet. Daarbij vindt een zogenaamde maatregeltoets plaats en wordt bv. vergelijkbaar als tijdens de programmeer fase ook gekeken of het mogelijk is om werkzaamheden te combineren. Realiseren en onderhouden De werkzaamheden worden uitgevoerd. Op het werk wordt toezicht gehouden, om te toetsen of de bestekvoorwaarden in acht worden genomen. De gemeente draagt de zorg dat het werk volgens de afgesproken kwaliteit wordt opgeleverd. Monitoring Jaarlijks wordt er op basis van inspecties en schouwen geanalyseerd of de toestand van de kapitaalgoederen op zich en de leefomgeving als geheel voldoet aan de vastgestelde ambities cq. de Nota Kapitaalgoederen en ander beheerbeleid. Evaluatie Deze informatie biedt mogelijkheden om de processen te verbeteren, financiën bij te stellen of beleid bij te sturen.

2.3

Meetlatten Kwaliteitsscenario’s worden opgesteld aan de hand van meetlatten die verschillende kwaliteitsniveaus weergegeven in norm, beschrijving en beeld. Deze kwaliteitsniveaus zijn per discipline aangegeven. In de standaard kwaliteitscatalogus is voor verschillende onderdelen van de openbare ruimte de kwaliteit vastgelegd in een 5-schaal: de kwaliteitsmeetlat. Om een indruk te krijgen is in het onderstaande figuur per kwaliteitsniveau een impressie gegeven van asfaltverharding.

Figuur 4 Voorbeeld meetlat: een niveau, een norm en een beeld

10

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Om een bepaalde kwaliteit in de openbare ruimte te realiseren zijn verschillende ambitieniveaus te onderscheiden. Deze zijn vastgelegd in de CROW-kwaliteitscatalogus1. De keuzemogelijkheden voor de gewenste kwaliteitsniveaus van de openbare ruimte zijn als volgt te typeren: Niveau Zeer hoog Hoog Basis Laag Zeer laag

Algemene beschrijving Uitstekend onderhouden, als nieuw Goed onderhouden, bijna niets op aan te merken Voldoende onderhouden, wel wat op aan te merken Sober tot voldoende, enige achterstanden bij het onderhoud Onvoldoende onderhouden, flinke achterstanden, kapot

Rapportcijfer Cijfer > 9,5 Cijfer 7,5 – 9,4 Cijfer 5,5 – 7,4 Cijfer 3,5 – 5,4 Cijfer < 3,4

Elk kwaliteitsniveau bevat omschrijvingen en criteria met meetbare en toetsbare normen. Daarmee zijn de kwaliteitsniveaus meetbaar, zodat de kwaliteitskeuzes eenduidig zijn vastgelegd en worden toegepast in beleid en realisatie en getoetst kunnen worden. De gemeente doet dit bijvoorbeeld al door het uitvoeren van een schouw binnen het groene areaal. Het uitganspunt is dat er bij laag en zeer lage niveaus onveilige situaties ontstaan door de staat van het onderhoud van het areaal.

2.4

Differentiatie De kwaliteit van de kapitaalgoederen hoeft niet overal gelijk te zijn. Het kan efficiënt zijn om te differentiëren in kwaliteit per gebied of asset, afgestemd op het gebruik en de gebruiker. Daarnaast kan met differentiatie beter ingespeeld worden op bepaalde doelen, bijvoorbeeld fietsgemeente. Gebiedsgericht Door verschillende structuurelementen te benoemen, wordt er per gebied gekeken wat de passende kwaliteit is. Deze structuurelementen verschillen van elkaar in functie, inrichting en gebruik. In deze nota onderscheiden wij de volgende structuurelementen (vastgesteld in 2016):  Bedrijventerrein  Centrumgebied  Groengebied  Hoofdweg  Woongebied  Buitengebied

Figuur 5 Structuurelementenkaart Gemeente Heerenveen

In de afbeelding hiernaast ziet u hoe de structuurelementen over de gemeente Heerenveen verdeeld zijn.

1

CROW bedenkt slimme en praktische oplossingen voor vraagstukken over infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer in Nederland

11

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Noot: In het kader van de Omgevingswet wordt ook gewerkt aan een gebiedsindeling t.b.v. de Omgevingsvisie voor de gemeente Heerenveen. Bij een volgende actualisering (2022 e.v.) kan mogelijk aansluiting worden gezocht bij de dan vastgestelde gebiedsindeling op basis van de Omgevingsvisie voor de gemeente Heerenveen.

2.5

De relatie tussen beheerkosten en kwaliteitsniveaus (theorie) De kwaliteit van de (nieuw aangelegde) infrastructuur verloopt logischerwijs in de tijd. In theorie begint nieuwe aanleg op een (zeer) hoog niveau en daalt de kwaliteit, tot het moment van ingrijpen. Het moment van onderhoud is gebaseerd op de minimaal geaccepteerde kwaliteit en dus op kwaliteitskeuzes in het beleid. In de praktijk wijkt het moment waarop er ingegrepen moet worden soms af van wat er op basis van de planning is voorspeld. Daarom is het van belang om regelmatig te monitoren. De relatie tussen het verloop van de kwaliteit en de onderhoudskosten is lastiger. De twee meest voorkomende situaties zijn: 

De kosten dalen bij een lagere kwaliteit (met dus een later ingrijpmoment). Een lagere kwaliteit accepteren betekent in dit geval minder inspanning leveren waardoor het onderhoud goedkoper is. De kosten dalen tot een bepaald niveau en gaan dan weer stijgen (zgn. U-profiel - zie onderstaande grafiek). Dit is een zeer veel voorkomend effect in het beheer en onderhoud. De term ‘economisch minimum’ wordt gebruikt voor het onderste punt van deze ‘U’. De kosten nemen toe bij een lagere kwaliteit doordat: 1.

2. 3.

Later ingrijpen, vraagt een onderhoudsmaatregel die duurder is dan de maatregel bij eerder ingrijpen voor een hogere kwaliteit. Dit is op basis van ervaring goed te voorspellen en in deze gevallen ligt het kiezen voor een lagere kwaliteit dus niet voor de hand. Een voorbeeld is het technisch onderhouden van asfalt (verhoogt risico op het ontstaan van kapitaalvernietiging). Ten gevolge van uitgesteld onderhoud is naarmate de tijd verstrijkt een steeds 'zwaardere' maatregel nodig om weer een goed basisniveau te bereiken. Dit mechanisme geldt niet voor alle onderdelen binnen de infrastructuur. Bijvoorbeeld niet voor verkeersborden, maar zeker wel voor asfaltverharding en onderdelen binnen het groenbeheer. Er meer niet gepland ingrijpen en onderhoud nodig is, zoals het uitvoeren van noodreparaties. Denk bijvoorbeeld aan winterschade. De kwaliteit zo ver daalt dat deze niet meer te verbeteren is met een beheermaatregel, maar vraagt om vervanging van de hele voorziening. Denk bijvoorbeeld aan het instorten van een weggedeelte.

Bovenstaande wordt geïllustreerd in de grafiek: Bij de laatste twee ingrijpmomenten is de voorspelbaarheid minder omdat het gaat om risico’s die wel of niet optreden. Omdat beheerders deze situaties proberen te voorkomen is er weinig praktijkervaring met dergelijke strategieën. De kosten ervan zijn daardoor niet goed in te schatten. Figuur 6 Ingrijpmomenten in de tijd

12

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Metafoor: onderhoud van een kozijn Het op tijd reinigen en schilderen van het kozijn verlengt de levensduur. Reinigen en schilderen zijn daarbij een relatief goedkope maatregel. 1) Zodra schoonmaakbeurten en schilderbeurten worden overgeslagen, of uitgesteld treedt het verval (er ontstaan kale plekken, er trekt vocht in en het gaat rotten) eerder in en is er een duurdere ingreep nodig om het kozijn weer in goede staat te brengen. 2) Rotte plekken worden uitgekapt en vervangen, gaten worden opgevuld met kneedbaar hout, er wordt bijgeschaafd. 3) Veel eerder dan gepland, is het kozijn aan volledige vervanging toe.

2.6

Voortzetting huidig beleid Voor het lopende en het komende jaar wordt het huidig beleid voortgezet. Voor het beleid na deze relatief korte periode wordt in 2022 een nieuwe nota opgesteld, waarbij door de raad expliciet, net als in 2016, een keuze kan worden gemaakt voor het toekomstig te voeren beleid voor beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen voor de jaren 2023 tot en met 2027.

13

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

3. Hoe staan we ervoor?

14

Mienewei - Akkrum

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

3

Hoe staan we ervoor? In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de huidige situatie: hoe staan we ervoor? De huidige hoeveelheden worden gepresenteerd die de basis vormen voor deze nota. Daarnaast wordt kort ingegaan op het beschikbare budget volgens de huidige begroting en het huidige beleid voor beheer en onderhoud. Er wordt ingegaan op:  Areaal  Beschikbaar budget  Evaluatie huidig beleid  Kwaliteit  Ontwikkelingen

3.1

Areaal In de volgende paragrafen wordt per asset inzicht gegeven in deze hoeveelheden (areaal). In vergelijking met de arealen die in 2016 zijn gehanteerd is er een verschil in hoeveelheden geconstateerd. Natuurlijk heeft dit deels te maken met nieuwe aanleg (een nieuwe wijk), omvormen (bijvoorbeeld van beschoeide oever naar natuurvriendelijk) of het opruimen van objecten (bijvoorbeeld het kappen van bomen). Ten opzichte van 2016 is er een grote wijziging in het administratieve bestand in het beheersysteem geweest. Er is sprake van een administratieve verbetering van de data in het beheersysteem, op basis van recente inventarisaties en inspecties. Daarmee wordt de data waar de beheerders mee werken en rekenen, steeds realistischer en volgens de actuele werkelijke situatie buiten. (Civiele) kunstwerken & oevers Het areaal (civieltechnische) kunstwerken bestaat uit 558 kunstwerken en 55 kilometer oever. De groep kunstwerken bestaat grotendeels uit:  Bruggen  Duikers2  Tunnels  Vlonders  Steigers  Viaducten De groep oevers bestaat grotendeels uit:  Beschoeiing  Damwand  Kade  Natuurlijke oever (onverdedigd)

Figuur 7 Areaaldiagrammen kunstwerken en oevers

2

duikers maken onderdeel uit van het watersysteem en zijn daarom deels meegenomen in het Watertakenplan.

15

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

De meeste kunstwerken liggen in het woongebied (47%). De meeste oevers bevinden zich eveneens in het woongebied, ruim 28 kilometer.

Figuur 8 Areaaltabel oevers en kunstwerken

In de afgelopen jaren (2016 – 2020) is het gehele areaal CT kunstwerken en Oevers in de gemeente Heerenveen opnieuw geïnspecteerd en geïnventariseerd. Hieruit is gebleken dat veel objecten niet, of niet goed, in het beheersysteem waren verwerkt. Dit heeft geresulteerd in een optimalisatie van het beheersysteem Obsurv. Hierdoor is er een toename te zien in het areaal. Ten opzichte van 2016 is het in het beheersysteem vastgelegde beheerareaal gewijzigd:  Er zijn ca. 260 meer kunstwerken bekend (in 2016 stonden er 294 kunstwerken in Obsurv). De grootste toename is onder vaste bruggen (85), gevolgd door duikers (83) en steigers (42).  Het totale areaal oevers is met ca. 20.000 m1 gestegen, waarvan de grootste stijging onder beschoeiingen (15.000 m1). Verharding De gemeente beheert in totaal ruim 3,9 miljoen vierkante meter aan verharding. Deze verharding heeft verschillende functies:     

Fietspad Voetpad Parkeren Rijbaan Overig (bv. inrit)

Figuur 9 Areaaldiagrammen verharding

16

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Het woongebied vertegenwoordigt het grootste volume aan areaal, namelijk 1,8 miljoen vierkante meter. De verharding bestaat voor 66% uit rijbanen. 6% van de verharding is aangemerkt als fietspad.

Figuur 10 Areaaltabel verharding

Ten opzichte van 2016 is het in het beheersysteem vastgelegde beheerareaal gewijzigd:  Asfalt met circa 16.000 m² toegenomen;  Beton met circa 2.700 m² afgenomen;  Elementen met circa 200.000 m² toegenomen. Terreinen sportvoorzieningen De gemeente is daarnaast ook verantwoordelijk voor het groot onderhoud en renovatie van verhardingen rondom sportterreinen. Dit betreft circa 52.000 m² en is als uitbreiding toegevoegd aan het areaal te beheren verhardingen. Deze arealen zijn meegenomen in de doorrekeningen. Het kleine onderhoud wordt door de verenigingen zelf uitgevoerd. Onderhoud viel onder de verantwoordelijkheid van de afdeling “sport en recreatie” maar het onderhoud aan de verhardingen was niet als structureel onderhoud geborgd. De nog gewenste/noodzakelijke aanpassingen aan de overgedragen arealen (i.c. P-terreinen Akkrum en Aldeboarn en verharding sportterreinen) worden betrokken bij de herijking in 2022. In de onderstaande grafiek zijn de arealen per accommodatie aangegeven.

Figuur 11 Hoeveelheden op sportvelden (m2)

De gele arcering betekent dat het beheer hier door de accommodatie zelf wordt uitgevoerd. 17

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Lichtmasten De gemeente heeft 9.800 lichtmasten in beheer, bestaande uit een mast, een of meerdere armaturen en een of meerdere lampen. De lichtmasten worden beheerd conform het lichtbeleidsplan 2020-2024. Zie ook paragraaf 4.2. Groen De onderstaande tabel geeft per beheergroep aan hoeveel stuks of m 2 er in de gemeente bijdragen aan een groene omgeving. Het groen is onderverdeeld in:  Bomen  Bos  Bosplantsoen  Gazon  Kruidenrijk gras/berm  Haag  Heesters  Houtwal  Rozen/vaste planten

Figuur 12 Areaaldiagrammen bomen en overig groen

De gemeente heeft ruim 40.000 bomen in beheer. 45% van de bomen staat in het woongebied. Het meeste groen komt voor in het woongebied. Dit komt met name door het grote aantal m² aan gras.

Figuur 13 Areaaltabel groen

Ten opzichte van 2016 is het in het beheersysteem vastgelegde beheerareaal gewijzigd:  Bomen met circa 2.500 stuks afgenomen;  Bos en bosplantsoen met circa 200.000 m² afgenomen;  Heesters met circa 11.000 m² afgenomen;  Houtwal met circa 30.000 m² afgenomen;  Hagen met circa 3.890 m1 toegenomen;  Gras (gazon en kruidenrijk gras/berm) met circa 345.000 m² toegenomen;  Rozen/vaste planten met circa 1.700 m² toegenomen. Deze wijzigingen zijn grotendeels het gevolg van de verbeterslag en actualisatie van de data in het beheersysteem. Een klein deel is ontstaan door omvorming. 18

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Spelen Binnen het speelbeleid worden 142 speel- en sportplekken beheerd met 495 speeltoestellen, 177 sporttoestellen, 86 speelaanleidingen, 155 ondergronden en 12 afscheidingen. Logischerwijs staan deze bijna allemaal in de woongebieden.

3.2

Uitgangspunten en methodiek In de begroting 2021 en verder zijn budgetten opgenomen voor onderhoud en vervangingsinvesteringen. De middelen voor het borstelen van de verharding (onkruidbestrijding) en van het onderhoud van meubilair (bankjes en afvalbakken) zijn daarbij opgenomen in het groen. Vegen van het straatvuil wordt gedekt binnen riolering (70%) en afval (30%) en kent daarmee zijn eigen dekkingsbron (rioolheffing versus afvalstoffenheffing). Het is belangrijk dat beleid waarin het onderhoud van de kapitaalgoederen geregeld wordt voldoet aan de algemeen geldende kaders en wetgeving (zie ook hoofdstuk 2 en bijlage 3. Dit wordt vanuit de rijksoverheid gevraagd van lokale overheden. Daarnaast is het zaak dat de financiële effecten van keuzes die op basis van deze nota worden gemaakt worden doorvertaald in de begroting. Daardoor is het essentieel dat er in de toegepaste normkostensystematiek uitgegaan wordt van een reële methode die aansluit bij de situatie in de praktijk. De normering bij de kwaliteitsniveaus (beelden, normen en beschrijvingen) zijn ervaringsnormen van Antea Group. Deze sluiten aan bij landelijke normen zoals CROW, RAW, Nederland Schoon, Alterra. Met behulp van de kwaliteitsniveaus is op elk niveau (bestuurder, beheerder en burger) sprake van dezelfde taal en duidelijke communicatie over en weer.

3.3

Evaluatie huidige beleid In 2016 is met de vaststelling van het ‘Kwaliteitsplan Kapitaalgoederen en beheer 2016-2020’ gekozen voor het scenario ‘bewust beheer’. In 2016 is de gemeente gestart met uitvoering op basis van dit toen vastgestelde scenario. Op basis van deze inspecties en het uitvoeren van een verzorgende schouw (2x per jaar) is in paragraaf 3.4. inzichtelijk gemaakt in hoeverre er aan de beoogde ambitie/doelstellingen uit het kwaliteitsplan 2016-2020 is voldaan. Bij de keuze in 2016 zijn veiligheid en het voorkomen van kapitaalvernietiging belangrijke uitgangspunten geweest. Hiervoor zijn destijds ook extra middelen vrijgemaakt. De reden voor het beschikbaar stellen van deze extra middelen kwam voort uit een lange voorgaande periode van bezuinigingen. De belangrijkste wijziging waar in 2016 op is ingezet is dat beheer en onderhoud plaatsvond volgens een methodiek waarbij de beheerstrategie is gestoeld op goede keuzes, in het licht van de te behalen doelen en het financiële kader. Er is destijds gestart met onderhoud op beeldkwaliteit en monitoring, bijvoorbeeld aan de hand van schouwen. Er is een overstap gemaakt van normatief onderhoud (bijvoorbeeld 20 keer maaien van het gazon) naar de beeldkwaliteit zoals die door de raad is vastgesteld.

Aan de hand van deze beeldkwaliteit kan worden getoetst of de kwaliteit van het onderhoud voldoende aansluit bij het gekozen niveau. Met deze keuzes wordt de veiligheid geborgd en wordt kapitaalvernietiging voorkomen. De beeldkwaliteit bepaalt het moment van uitvoering van het onderhoud en de omvang en soort maatregel. 19

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

De afgelopen jaren ging op basis van de gekozen ambitie extra aandacht naar de verzorgingsgraad van de openbare ruimte in centrumgebieden ten aanzien van zwerfafval en drijfvuil, de vulgraad van de afvalbakken (geen uitpuilende bakken) en onkruid op verharding. Bermen/kruidenrijk gras zijn de afgelopen jaren op een laag niveau onderhouden. In de centrumgebieden en langs ontsluitingswegen in de bebouwde omgeving is dit onderdeel wel op een basisniveau onderhouden. In onderstaand figuur 14 zijn de verschillende ambitieniveaus uit het huidige beleid schematisch weergegeven.

Figuur 14 Scenario huidige ambitie

20

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

In de vastgestelde periode van het kwaliteitsplan 2016 - 2020 zijn groen en verzorging een aantal keren per jaar gemonitord met een schouw en zijn de wegen om het jaar geïnspecteerd. Ook de kunstwerken en oevers zijn geïnspecteerd. Op basis van de resultaten heeft de gemeente stuurinformatie voor het deugdelijk beheren en vervangen van areaal. Na elke schouw of inspectie wordt beoordeeld in hoeverre de ambitie behaald is. Hier wordt vervolgens op bijgestuurd. Daarnaast biedt dit ook de mogelijkheid om de beheerdata in het beheersysteem actueel te houden. De openbare ruimte is immers altijd in beweging!

3.4

Kwaliteit Voor het bepalen van de huidige kwaliteit van de openbare ruimte is gebruik gemaakt van de kwaliteitsgestuurde methodiek. Deze methodiek is gericht op de landelijke systematiek van CROW, vastgelegd in de 'Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte'. In deze catalogus staan de verschillende kwaliteitsniveaus voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte concreet beschreven met foto's, omschrijvingen en normen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen technische staat en verzorging. Wegen De kwaliteit van de wegen is inzichtelijk gemaakt op basis van een 100% areaal dekkende visuele weginspectie. De gemeente voert deze inspectie elke 2 jaar uit, om inzicht te hebben in de huidige staat van de assets en hierop te kunnen anticiperen ten aanzien van de kwaliteitsontwikkeling in relatie tot het beschikbare budget. Tijdens de inspectie wordt elke m² verharding beoordeeld met een schadecijfer. De schadecijfers zijn vervolgens vertaald naar rapportcijfers. De laatste weginspectie is in het najaar van 2020 uitgevoerd. In de onderstaande tabel worden de rapportcijfers per type verharding gepresenteerd.

Figuur 15 Kwaliteit verharding in rapportcijfers

Toets aan het huidige beleid Het huidige beleidsuitgangspunt voor wegen is een gemiddeld basisniveau op alle assets binnen verharding en binnen alle structuurelementen.

Figuur 16 Toets aan de ambitie

21

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Bedrijventerreinen Op de bedrijventerreinen (asfalt; 287.000 m² en elementen; 129.000 m²) is het basisniveau (gemiddeld) niet gehaald. Er wordt respectievelijk een 5,2 en een 5,3 gescoord. Deze niveaus zitten tegen de ondergrens van een basisniveau aan. Buitengebied In het buitengebied is het beleidsuitgangspunt een basisniveau (gemiddeld) gehaald. De elementenverharding haalt dit basisniveau niet. Het areaal elementen in het buitengebied is echter beperkt ten opzichte van het totale areaal in dit gebied. Het aandeel gesloten verharding (asfalt en beton) is in het buitengebied namelijk veruit het grootst. Centra, groengebieden, hoofdwegen In deze gebieden is het uitgangspunt basisniveau gehaald. Woongebied Het uitgangspunt een gemiddeld basisniveau is hier net niet gehaald. Voor asfalt wel maar niet voor elementen (gemiddeld een 5,1). De hogere scores (blauw: zeer hoog en groen: hoog) voor beton en elementen betreft in alle gevallen een zeer klein aandeel van het areaal. Een onderhoudsmaatregel heeft hier gemiddeld genomen veel impact op het kwaliteitscijfer. Dit geldt ook voor het aandeel areaal aan asfalt in het centrum. Het areaal aan elementen in het groengebied omvat nog geen 1.000 m². Groen Net als voorgaande jaren is er ook in 2020 een schouw uitgevoerd.

Er zijn drie metingen uitgevoerd, in juni, september en november, om de kwaliteit van de technische staat (heel, veilig) en de verzorging (schoon, netjes) van het groen te monitoren. De resultaten van juni en september zijn in figuur 17 opgenomen.

Figuur 17 Technische staat in 2020

Over het algemeen scoren de groenonderdelen ten aanzien van de technische staat rond het rapportcijfer 7 (basisniveau). Dit past bij het huidige ambitieniveau basis.

22

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

De kwaliteit van de groenonderdelen verschillen op beide meetmomenten weinig van elkaar. De verschillen tussen de twee rondes ten aanzien van verzorging zijn eveneens niet noemenswaardig. Met uitzondering van de onkruidgroei wordt op alle (verzorgende) onderdelen een hoog niveau behaald. In het centrum is dit volgens beleid. In de overige gebieden is basis het uitgangspunt. Daarmee scoort de verzorging deels boven ambitieniveau. Dat hangt samen met de keuze voor de strategie waarbij in onderhoudsrondes een hoge basis of hoog wordt nagestreefd, waarna het niveau weer naar een lage basis mag zakken tot de volgende ronde. Onkruid scoort overal gemiddeld een ruim basisniveau.

Figuur 18 Verzorging in 2020

De kwaliteit van groen, met name ten aanzien van de verzorgingsaspecten, is sterk afhankelijk van het moment van schouw. Als er net geschoffeld is leidt dat tot hoog niveau, als het groenvak net voor een ronde zit, is de kwaliteit op dat moment wellicht laag. Ook groeizaamheid als gevolg van de weeromstandigheden is sterk bepalend.

Figuur 19 Verzorging overige onderdelen

23

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Kunstwerken & oevers Kunstwerken en oevers worden geïnspecteerd op basis van een NEN-normering en hanteert hierbij zes labels/kwaliteitsniveaus. 196 objecten scoren uitstekend. Veruit de meeste kunstwerken (243) scoren goed. 58 met redelijk en 16 met matig. In totaal scoren 29 kunstwerken slecht tot zeer slecht. Toetsing aan het beleid op basis van beeldkwaliteit is met deze inspectiemethode niet mogelijk. Wel wordt duidelijk dat er de afgelopen jaren veel werk is uitgevoerd aan de kunstwerken.

Figuur 20 Kwaliteitsoordeel kunstwerken

Figuur 21 Kwaliteitsoordeel oevers

Het grootste deel van de oevers scoren uitstekend tot redelijk. Dit betreft 37.616 strekkende meter. Dit past binnen het vastgestelde beleidsuitgangspunt van een basisniveau. 17.580 strekkende meter oever scoort matig, slecht of zeer slecht. Deze oevers hebben nog onderhoud nodig. Er is sprake van de nodige opgaaf voor vervanging. Waar mogelijk wordt bij vervanging gekeken naar aanbrengen van een natuurlijke oever in plaats van vervanging (nieuw voor oud) van de aanwezige constructie. 24

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

3.5

Ontwikkelingen Er spelen een aantal ontwikkelingen binnen het beheer van de openbare ruimte. In de onderstaande opsomming worden de belangrijkste benoemd. Deze ontwikkelingen hebben impact op het benodigde budget. In hoofdstuk 5 wordt hier rekening mee gehouden (tenzij hieronder anders vermeld. Overdracht oevers langs vaarwegen In 2014 zijn de vaarwegen in Friesland toebedeeld aan de verschillende overheden (provincie, Wetterskip en gemeenten). Hierbij zijn afspraken gemaakt over het toekomstige beheer en onderhoud en de overdracht. Het ging hierbij om de overdracht van het vaarweggedeelte (het zgn. natte profiel). Naast de overdracht van vaarwegen speelt ook nog de overdracht van oevers langs deze vaarwegen. Vertegenwoordigers van de genoemde overheden hebben de afgelopen jaren in gezamenlijke werkgroepen beoordeeld onder welke condities overdracht van oevers plaats kan vinden. Dit is een uitvoerig proces geweest. In januari 2021 hebben Provinciale Staten (PS) als bevoegd orgaan een principebesluit genomen. Inmiddels vindt nadere uitwerking en afstemming/overleg plaats als gevolg van dit besluit. Na (voldoende) overeenstemming en vaststelling kan vervolgens de werkelijke toedeling en/of overdracht aan de toekomstig beheerder plaatsvinden. Men koerst hierbij op 2022/2023.

Aangezien er nog afstemming moet plaatsvinden ten aanzien van de toedeling, overdracht en de voorwaarden waaronder, is er nog geen duidelijk beeld te geven van de omvang van het over te dragen areaal en de financiële consequenties hiervan. Na definitieve vaststelling door PS van de toedeling en overdracht worden de effecten inzichtelijk. Vooralsnog zijn in deze Kapitaalgoederennota dan ook nog geen arealen/bedragen opgenomen voor deze toedeling/overdracht. Indien mogelijk en verantwoord worden deze in een volgende herziening verwerkt. Mocht uitstel tot dat moment niet verantwoord zijn, dan worden via separate voorstellen of via de reguliere P&C-cyclus voorstellen tot het beschikbaar stellen van middelen voor onderhoud/vervanging voorgelegd. Klimaat: groen voor grijs Als gevolg van de klimaatverandering/opwarming van de aarde ontstaan negatieve effecten op onze omgeving. We krijgen steeds meer met extreme weertypes te maken, warme en droge perioden worden afgewisseld met extreem natte perioden Dit heeft effect op (het beheer en onderhoud van) onze leefomgeving. Om deze negatieve effecten zoveel mogelijk op te vangen wordt ingezet op maatregelen voor klimaatadaptatie en op het gebied van biodiversiteit. Een van de gevolgen van deze maatregelen is dat op diverse plaatsen, waar mogelijk, grijs (verharding) wordt vervangen door groen (bomen, beplanting, gazon).

De consequentie is dat het (bestaande) areaal verhardingen naar verwachting afneemt en het areaal groen toeneemt. Dit heeft effect op het beheer en onderhoud en de kosten. Bij herziening van de Nota Kapitaalgoederen worden (telkens) de daadwerkelijke aanpassingen meegenomen en financieel vertaald. Bij grote veranderingen tijdens de looptijd van een vigerende nota worden zo nodig separaat voorstellen uitgewerkt/voorgelegd.

Biodiversiteit Het geven van invulling aan biodiversiteit hangt samen met inrichting en omvorming van groen om soortdiversiteit te bereiken. Ook aanpassen van het maaibeheer en de natuurlijke bestrijding van de Eikenprocessierups maken hier onderdeel van uit. 25

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

Overige ontwikkelingen De bermen ten noorden van de A7 hebben veel last van verzakkingen, wat hogere beheerkosten met zich meebrengt. Door de warme en droge zomers van de afgelopen twee jaar verzakken de bermen (inklinking van veen). Het gaat hier om de bermen in het veengebied, dit is globaal gezien het gebied ten noorden van de rijksweg A7 (o.a. Tjalleberd, Gersloot, Aldeboarn en Akkrum). De ontwikkeling van Skoatterwâld, bedrijventerreinen en inbreidingen brengen areaaluitbreiding met zich mee en daarmee een verhoging van de beheerkosten. Het aandeel oude bomen in het bomenbestand neemt toe. Dit in combinatie met de toenemende verkeersdruk (ruimtebeslag) zorgt voor een toename van het benodigde onderhoud en daarmee de beheer- en/of vervangingskosten. Bij de herijking in 2022 wordt hier expliciet aandacht aan besteed. De bestrijding van invasieve soorten is nog niet in de fase van ‘controle’ beland. Na de eenmalige investering van € 500.000,- en de jaarlijkse beheerbijdrage (tot 2022) van € 25.000,- lijkt de controlesituatie ook dan nog niet bereikt. De bestrijdingskosten bedragen ca. € 100.000,- per jaar

26

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

4. Voortzetting huidig beleid

27 De Opstekker - Nes

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

4

Voortzetting huidig beleid

4.1

Algemeen Het huidig beleid (onderhoudsscenario) wordt voortgezet voor 2021 en 2022. Bij het opstellen van dit onderhoudsscenario is in 2016 gedifferentieerd onderhoud ingevoerd door te kiezen voor “bewust beheer”. Hierbij is afhankelijk van de ligging differentiatie op onderdelen in onderhoudsniveau doorgevoerd (zie paragraaf 4.3 figuur 22). Dit is over het algemeen het meest kosteneffectief, met beheersbare risico’s ten aanzien van kapitaalvernietiging, functionaliteit en veiligheid. Er is een korte motivatie gegeven ten aanzien van effect op de leefomgeving en de budgetbehoefte voor de komende 5 jaar is aangegeven.

Achtergrondinformatie met betrekking tot risico’s en kwaliteitsniveaus Ieder kwaliteitsniveau kent in meer of mindere mate risico’s, al naar gelang:  Het gebruik (bijvoorbeeld intensief bereden wegen);  De ligging (bijvoorbeeld buitengebied);  Het onderdeel (bijvoorbeeld fietspad). De beoordeling van de assets vindt plaats op basis van visuele inspecties (kunstwerken en verharding) en schouwen. De constructieve veiligheid van bijvoorbeeld kunstwerken is geen onderdeel van deze rapportage. In hoofdlijn geldt het volgende:  Risico’s zijn er bij niveau hoog en zeer hoog niet tot nauwelijks3;  Bij niveau basis zijn de risico’s hanteerbaar;  Bij het niveau laag is er sprake van risico's (denk aan: kans op gevaarlijke situaties, ongelukken, aansprakelijkheid en kapitaalvernietiging). De mate waarin dit risico zich voordoet, wordt daarbij beïnvloed door type asset, de ligging en/of het gebruik;  Bij het niveau zeer laag is er een exponentiele toename van hetgeen hierboven gesteld. De gemeente draagt bij aan de verkeersveiligheid van het weggebruik door de voorzieningen zichtbaar, heel en schoon te houden. Het gaat bijvoorbeeld om het tegengaan van scheuren en spoorvorming (aquaplanning), leesbare bebording, zichtbare markeringen en stabiele bermen.

Buiten deze reguliere omstandigheden is het garanderen van de verkeersveiligheid tijdens werkzaamheden, bijvoorbeeld door goede bebording of omleidingen, een belangrijk item. De mate van tevredenheid van burgers of de ergernis over de openbare ruimte, hangt samen met het aanzien, de (sociale) veiligheid en het comfort dat de gebruiker ervaart. Als het aanzien slordig is, bijvoorbeeld door een grote hoeveelheid zwerfafval, hoeft dit voor veiligheid nog geen consequenties te hebben. Aan de andere kant leiden gaten of spoorvorming in de verharding bijvoorbeeld tot de behoefte om het rijgedrag aan te passen. Dit kan wel degelijk van invloed zijn op het comfort en daarmee de tevredenheid.

3

Bijvoorbeeld voor bereikbaarheid, ongelukken of imagoschade gerelateerd aan de kwaliteit van het object bij normaal gebruik. Vanzelfsprekend heeft een weg op een hoog niveau in een woongebied wel risico als je er met 100 km/u overheen rijdt

28

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

4.2

Kapitaalgoederen (assets) speelvoorzieningen en openbare verlichting Het beheer, onderhoud en vervanging van de objecten binnen de onderdelen spelen en openbare verlichting zijn geborgd in separate plannen en budgetten. Om een volledigere scope van de leefomgeving in deze nota aan te geven wordt de stand van zaken met betrekking tot deze kapitaalgoederen/assets (kort) belicht in de onderstaande alinea’s. Spelen (speeltoestellen en ondergronden)4 Spelen vormt een niet onbelangrijk onderwerp binnen de kapitaalgoederen. De speelvoorzieningen moeten voldoen aan het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen en worden op basisniveau onderhouden. Bij de uitvoering van het speelplan vindt afstemming plaats met het gemeentelijke gezondheidsbeleid. Het speelplan draagt bij aan gezondheid bevorderend gedrag bij kinderen. Bij de vaststelling van het beleid in 2015, zijn geen extra middelen voor vervanging beschikbaar gesteld. Door speeltoestellen toch nog een keer te repareren wordt de vervangingstermijn zo lang mogelijk opgerekt. Binnen de kaders van het beleid en het bijbehorende budget is beperkt vervanging mogelijk. Het beleid (2015) gaat uit van het verminderen van het aantal speeltoestellen zodat uiteindelijk het budget passend wordt voor de instandhouding (beheer inclusief vervanging). In de praktijk stuit verminderen echter op grote weerstand.

Het verwijderen van speeltoestellen verloopt hierdoor moeizaam. Tegelijkertijd is er jaarlijks een toename van het aantal speeltoestellen in de openbare ruimte door uitbreiding woningbouw en bewonersinitiatieven. Ook bij bewonersinitiatieven is de gemeente verantwoordelijk voor de veiligheid en daarmee het onderhoud. Bij beide areaal uitbreidingen wordt niet voorzien in de instandhouding hiervan. Dit wordt nu opgevangen binnen het huidige budget. Instandhouding op basis van de berekeningen uit 2015 lijkt te ambitieus en een onhoudbare situatie. Er liggen forse opgaven voor de vervanging van speeltoestellen, waarin het huidige beleid met de beschikbare begroting niet voorziet. Het huidige (jaarlijkse) budget bedraagt .ca. € 200.000,-. In dit budget is geen rekening gehouden met vervangingen. Met de handhaving van dit budget is er een krimp noodzakelijk van 25% van het huidige areaal voor spelen. Zodra een speeltoestel niet meer met een onderhoudsmaatregel in stand kan worden gehouden, maar er vervanging noodzakelijk is, wordt het toestel opgeruimd. Dit stuit op weerstand van bewoners. Bij het aanleggen van nieuwe speelmogelijkheden in nieuwe wijken of vanuit bewonersinitiatieven is er geen sprake van een bijstellen van het onderhoudsbudget.

Hierdoor ontstaat nog een extra druk op de schaarse middelen en wordt het extra lastig om invulling te geven aan het beoogde (vastgestelde) beleid (25% krimp). Bij de uitvoering van het speelplan vindt afstemming plaats met het gemeentelijke gezondheidsbeleid. Het speelplan draagt bij aan gezondheid bevorderend gedrag bij kinderen. Openbare verlichting5 De gemeenteraad van gemeente Heerenveen heeft kaders gesteld op gebied van duurzaamheid, o.a. met de vaststelling van het Duurzaamheidsprogramma in 2019. In het huidige lichtbeleidsplan ‘de nachten worden nog mooier’ wordt binnen de kaders van het Duurzaamheidsprogramma 2019 verder gebouwd aan verduurzaming. Niet alleen op gebied van openbare verlichting maar binnen het hele spectrum van kunstlicht en donkerte. Door het toenemende gebruik van kunstlicht worden onze nachten er alleen maar lichter op en wordt de ‘donkere nacht’ steeds schaarser in een dichtbevolkt land als Nederland. De gemeente 4

Bron: Speelplan 2015 - 2020

5

Bron: Lichtbeleid 2020 - 2024

29

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

neemt haar verantwoordelijkheid voor haar oppervlak. Hoe is beschreven in het lichtbeleidsplan 2020-2024, waarbij de volgende visie wordt gehanteerd: ‘Binnen de gemeente Heerenveen bestaat een gezonde balans tussen kunstlicht en donkerte. Deze balans houdt rekening met sociale- en verkeersveiligheid, met sfeer en beleving van de ruimtelijke kwaliteit, maar ook met het verstorende effect dat kunstlicht in de nacht heeft op mens en dier. Ook bedrijven, particulieren en verenigingen zijn zich bewust van de lichthinder van de eigen bedrijfs-, tuin- of woningverlichting en hebben deze waar mogelijk aangepast of uitgeschakeld. Het hele areaal openbare verlichting is voorzien van energiezuinige verlichting. Kunstlicht schijnt zo min mogelijk direct of indirect naar de hemel.’ Om versneld te kunnen voorzien in de genoemde “energiezuinige verlichting” heeft de raad, naast de inzet vanuit het jaarlijks budget voor openbare verlichting, besloten een investeringskrediet van € 4.912.000,- beschikbaar te stellen waardoor versneld ombouw naar “energiezuinige verlichting” mogelijk is.

Buitengebied

Centra

Groengebied

Hoofdwegen

Woongebied

4.3

Bedrijventerrein

Vanaf 2029, wanneer het totale areaal is voorzien van energiezuinige verlichting, zijn de jaarlijkse kosten voor vervanging gedaald tot € 75.000,-/jaar. Na voltooiing zal een energiebesparing van 833.000 kWh worden gerealiseerd. Hiermee zal worden voldaan aan de wettelijke energiebesparing om tot 2024 jaarlijks 46.000 kWh te besparen.

Civieltechnische kunstwerken Bruggen

B

B

B

B

B

B

Kadeconstructies/oevers

B

B

B

B

B

B

Wegen Verharding

B

B

B

B

B

B

Fietspaden

B

B

B

B

B

B

Verkeerstekens Groen Bomen

B

B

B

B

B

B

B

B

B

B

B

B

Bosplantsoen

B

L

B

B

B

B

Bos

B

L

B

B

B

B

Houtwal

B

B

B

B

B

B

Halfverharding

B

B

B

B

B

B

Heesters

B

B

B

B

B

B

Wisselperken

B

B

B

B

B

B

Plantenbak

B

B

B

B

B

B

Rozen/vaste planten

B

B

B

B

B

B

Hagen

B

B

B

B

B

B

Gras (gazon)

B

B

B

B

B

B

Gras (kruidenrijk/bermen)

L

L

B

L

L

L

Hekken

B

B

B

B

B

B

Banken

B

B

B

B

B

B

Afvalbakken

B

B

B

B

B

B

Zwerfafval op verharding

B

B

H

B

B

B

Onkruid op verharding

B

B

H

B

B

B

Zwerfafval beplanting

B

B

H

B

B

B

Zwerfafval gazon

B

B

H

B

B

B

Onkruid beplanting

B

B

B

B

B

B

Onkruid bosplantsoen

B

B

B

B

B

B

Vulgraad afvalbak

B

B

H

B

B

B

Drijfvuil waterloop

B

B

H

B

B

B

Drijfvuil watervlakte

B

B

H

Beleid 2016 In het huidig beleid worden in zijn algemeenheid alle kapitaalgoederen op een basisniveau onderhouden. Dit geldt zowel voor de technische staat als de verzorgingsgraad. Daarmee is het veilig en is er geen sprake van kapitaalvernietiging. Aanvullend wordt specifiek de verzorgingsgraad in het centrumgebied op een hoog niveau uitgevoerd. Het bosplantsoen en het bos in het buitengebied wordt op een laag niveau (technisch) onderhouden. Het kruidenrijk gras/bermen wordt in de hele gemeente (met uitzondering van centra) op een laag niveau (technisch) onderhouden.

Meubilair

Verzorging

Op deze wijze is sprake van een goed en veilig niveau zowel in technische zin, alsook in verzorgend. Het beeld is over het algemeen goed.

30

B B B Figuur 22 Voortzetten huidig beleid

Nota Kapitaalgoederen 2021 & 2022 met doorkijk naar 2025 Grip op de assets in de leefomgeving projectnummer 0460309.100 31 augustus 2021

De voortzetting van het huidige beleid leidt tot de volgende budgetbehoefte ten aanzien van technische staat, vervanging (i.c. investeringen) en verzorging voor de komende jaren. 2021 CT kunstwerken technische staat vervanging

€ €

421.740 558.060

€ €

Gem. 2021-2022

Gem. 2023-2025* Gem. 2021-2025*

923.012

€ €

€ €

180.000 740.000

€ €

190.000 740.000

anders

€

€

250.000

€

150.000

€

558.060

€

923.012

€

740.000

€

490.000

€

590.000

verzorging

€

-

€

-

€

-

€

-

€

-

€

979.800

€

923.012

€

950.000

€

920.000

€

930.000

Oevers technische staat vervanging

€ €

4.837.372

€ €

240.305

€ € 2.538.840

€ €

70.000 880.000

€ €

40.000 1.540.000

anders

€

3.692.000

€

22.709

€

1.857.355

€

130.000

€

820.000

hout

€

1.145.372

€

217.596

€

681.485

€

750.000

€

verzorging

€

€

-

€

-

€

-

€

Groen (+ meubilair)

-

€

-

210.000 740.000

hout**

Wegen technische staat klein onderhoud vervanging verzorging

-

2022

€

-

720.000

-

€

4.837.372

€

240.305

€

2.538.840

€

960.000

€

1.580.000

€ € € €

545.000 150.000 1.890.000 -

€ € € €

610.000 100.000 1.610.000 -

€ € € €

580.000 130.000 1.750.000 -

€ € € €

2.290.000 230.000 500.000 -

€ € € €

1.600.000 190.000 1.000.000 -

€

2.585.000

€

2.320.000

€

2.450.000

€

3.020.000

€

2.790.000

€

3.204.958

€

3.204.958

€

3.200.000

€

3.200.000

€

3.200.000

technische staat

€

2.062.180

€

2.062.180

€

2.060.000

€

2.060.000

€

2.060.000

verzorging

€

1.142.778

€

1.142.778

€

1.140.000

€

1.140.000

€

1.140.000

€

123.000

€

123.000

€

120.000

€

120.000

€

120.000

Bebording

Figuur 23 Kostentabel voortzetting huidige beleid

Opmerking bij figuur 23: * Het gemiddelde van de jaren 2023 tot en met 2025 (en daarmee ook 2021-2025) betreft een indicatie op basis van voortzetting van huidig beleid en zijn afgerond op € 10.000. Bij de herijking in 2022 in combinatie met een nieuwe Nota Kapitaalgoederen 2023-2027 worden de exacte effecten voor die periode inzichtelijk gemaakt. Deze keuzes (bijvoorbeeld verhoging biodiversiteit) zullen van invloed zijn op de gepresenteerde cijfers in deze nota voor 2023-2025, vandaar dat hier nu gemiddelden zijn opgenomen. Naast de nog te maken keuzes in de nieuwe Nota Kapitaalgoederen zullen nieuwe inzichten, inspecties of voortgang van projecten ook van invloed zijn op de hier gepresenteerde cijfers. ** Hout en/of elektromechanische installaties Gevolgen voor/impact op de leefomgeving van het huidige beleid:  Het onderhoud van alle assets voldoet technisch grotendeels aan een gewaarborgd niveau ten aanzien van veilig gebruik. Voor bomen en bos in buitengebied, alsmede ten aanzien van de bermen gemeentebreed, nemen de risico’s toe ten aanzien van veilig gebruik; 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=5ea43c20-eecf-45eb-a5eb-8f41e2eb2f6f