Eindrapportage Kleinschalige opvang asielzoekers Heerenveen
Tekst van het document
4.5.1
Als je door de bril kijkt van: Meerdere locaties. Amendent-45 spreekt over meerdere locaties (minimaal twee). In dat geval vallen Feanplantsoen, Bos, Tuin en Dier en Jubbega vooralsnog af. De eigenaren voelen daar niet voor. Ook de Pastorielaan valt dan af want daarover zijn in het verleden bestuurlijk toezeggingen gedaan m.b.t. statushouders c.q. asielzoekers. Dat betekent dat kleinschaligheid via meerdere locaties alleen mogelijk is op de vijf overige locaties (Heerenveen Noordoost, Skoatterwâld Wachtkamer, De Greiden schoollocatie De Roerganger, Akkrum Feansterdyk/Ombocht, Nieuwehorne De Fjilden).
4.5.2
Als je door de bril kijkt van: Eén locatie. Kiest de gemeente alsnog voor centrale opvang op één locatie dan valt Pastorielaan om dezelfde reden af. Voor de locaties Akkrum en Jubbega geldt dat ze dan te klein zijn. En mogelijk ook Skoatterwâld afhankelijk van de precieze invulling met sportvoorzieningen. Op de andere locaties is wel ruimte voor 35 asielzoekers-woningen. Daarbij biedt Feanplantsoen dan goede mogelijkheden omdat er een aanbod ligt van de eigenaar. Voor de overige locaties geldt hoe groter het aantal te bouwen woningen hoe beter omdat dat gunstiger uitwerkt op de financiële haalbaarheid. Een aantal van 35 asielzoekerswoningen t.o.v. totaal 50 of 53 woningen in respectievelijk De Greiden of Nieuwehorne leidt tot een andere businesscase dan 35 asielzoekerswoningen t.o.v. totaal 100 woningen op Bos, Tuin en Dier of zelfs 250 woningen in Heerenveen Noordoost. Kijken we door deze bril dan zijn Feanplantsoen (want er ligt een aanbod) en Heerenveen Noordoost (want 35 t.o.v. 250 woningen) de meest voor de hand liggende locaties. blad 21 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
4.5.3
Als je door de bril kijkt van: Permanente beveiliging. Het COA biedt permanente beveiliging als een locatie meer dan 100 plekken biedt; omgerekend 13 woningen of meer. Bij kleinere aantallen zal de gemeente (mede-) verantwoordelijkheid moeten nemen voor de beveiliging. Wil de gemeente permanente beveiliging dan moeten er minimaal 13 woningen per locatie worden geplaatst. In dat geval kunnen er maximaal twee locaties worden ingericht. Bij drie of meer locaties zullen er immers altijd locaties ontstaan met minder dan 13 woningen (35/3 = 11,6).
4.5.4
Als je door de bril kijkt van: We willen ruimte houden voor woningen voor reguliere woningzoekenden. Ook Heerenveen heeft een forse woningbouwopgave voor de huidige inwoners van de gemeente en voor anderen die zich permanent willen vesfigen. Daar komen de benodigde 35 woningen voor asielzoekers nog bovenop. In dorpen als Akkrum en Nieuwehorne zijn er de komende jaren beperkte mogelijkheden voor nieuwbouw (Akkrum 15 bij Ombocht en Nieuwehorne De Fjilden 53). Indien daar asielzoekerswoningen worden geplaatst (minimaal 13 vanwege de permanente beveiliging) dan blijft er weinig ruimte over voor de reguliere woningzoekenden. Voor de gezamenlijke locafies in Heerenveen geldt dat minder, omdat daar totaal honderden woningen staan gepland. Kijkend door deze bril dan vallen de locafies Akkrum en Nieuwehorne af.
4.5.5
Als je door de bril kijkt van: Meest vergaande kleinschaligheid maar dan zonder permanente beveiliging Als de gemeente ervoor kiest om de kleinschaligheid zo ver mogelijk door te voeren dan ligt een verdeling van 5 x 7 asielzoekerswoningen voor de hand; op elke locafies 7 woningen. Nadeel daarvan is dat elk van de vijf locaties dan minder dan 13 asielzoekerswoningen krijgt zodat er geen permanente beveiliging door het COA zal worden geleverd; dat zal de gemeente dan (mede) zelf moeten regelen. Dat betekent extra inspanningen voor de gemeente hoewel de omvang daarvan nog niet is vast te stellen.
4.5.6
Als je door de bril kijkt van: Minimale kosten voor de gemeente De waarschijnlijk meest goedkope variant voor de gemeente is die waarbij een private eigenaar op zijn gronden asielzoekerswoningen realiseert en met het COA een overeenkomst sluit. De private locaties waarop dit in theorie mogelijk is zijn Feanplantsoen en Bos, Tuin en Dier (locatie Jubbega is te klein want slechts ruimte voor 12 woningen). De eigenaar van Feanplantsoen heeft weliswaar belangstelling en ook al enigszins uitgewerkte plannen getoond maar wenst dan één opvanglocatie te realiseren voor alle 35 woningen. Namens de eigenaar van Bos, Tuin en Dier is rond de zomer 2024 interesse getoond maar die partij heeft zich inmiddels teruggetrokken. Ook dan zou het overigens de realisatie van alle 35 woningen op één locatie betreffen. Voor de locaties in bezit van de gemeente geldt dat één locatie (waarschijnlijk) minder kosten voor de gemeente met zich meebrengt dan meerdere locaties (denk aan effecten op één of op meerdere grondexploitaties, denk aan concentreren op één plek heeft veelal efficiëncy-voordelen). Amendement-45 schrijft echter minimaal twee locaties voor. Om dan de kosten voor de gemeente te minimaliseren zou gekozen moeten worden voor maximaal twee locaties. En dan ook nog het liefst zo dicht mogelijk bij elkaar.
Dat maakt de kans groter dat het COA toch alle voorzieningen kan (wil) bieden.13 En daarmee wordt het voor de gemeente minder duur.
4.5.7
Als je door de bril kijkt van: Huisartsenzorg Bij reguliere azc’s is het COA verantwoordelijk voor het regelen van zorg aan asielzoekers. COA-medewerkers informeren asielzoekers over de Nederlandse gezondheidszorg en begeleiden minder zelfredzame bewoners bij hun gang naar de zorg. Op elk azc houdt een huisarts spreekuur. En met vragen over hun gezondheid kunnen de bewoners van een azc 24/7 bellen met een medisch contactcentrum (Praktijklijn). 13
Het COA staat open voor deze gedachte (twee locaties dicht bij elkaar die het COA als één beschouwd en waar het COA dan het volledige voorzieningenpakket gaat bieden).
blad 22 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
Het spreekuur wordt bemand door de Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA), een landelijke huisartsenpraktijk van Arts en Zorg. Er is een locatie in, of dichtbij, elk regulier azc. Daar werkt een huisarts samen met een praktijkverpleegkundige, een praktijkondersteuner voor geestelijke gezondheidszorg en een praktijkassistent. Als het nodig is, verwijst de huisarts door naar andere zorgverleners zoals een medisch specialist. Voorzieningen
Richtafstanden
Zorg: huisarts, tandarts, ziekenhuis, gezondheidscentrum
15 loopminuten van de locatie, acceptabel is 30 loopminuten
Mondzorg Wat betreft mondzorg hebben volwassen asielzoekers alleen bij ernstige pijn- en/of kauwklachten recht op tandheelkundige hulp. Kinderen hebben recht op uitgebreidere mondzorg, inclusief een jaarlijkse preventieve controle. Afspraken kunnen via de Praktijklijn gemaakt worden bij een gecontracteerde tandarts. Bij kleinschalige azc’s kan de verantwoordelijkheid voor de zorg bij de gemeente komen te liggen. Dit is afhankelijk van de situatie en dus maatwerk. Mocht de gemeente verantwoordelijk worden voor de zorg, dan betekent dit extra druk op de huisartsen binnen de gemeente Heerenveen. Jeugdhulp Gemeenten zijn conform de Jeugdwet sinds 1 januari 2019 verantwoordelijk voor passende jeugdhulp aan asielzoekerskinderen. In de jeugdhulp aan asielzoekerskinderen staat de behoefte van het kind centraal. Het (nog) niet hebben van een verblijfsvergunning staat het leveren van jeugdhulp aan een asielzoekerskind niet in de weg. De zorgprofessional maakt de afweging wat verantwoorde en passende hulpverlening is. De context van de asielprocedure en -opvang dienen hierin meegenomen te worden. Bijvoorbeeld: de urgentie/ernst van de hulpvraag en de duur van het verblijf kunnen van invloed zijn op het hulpaanbod. Gemeenten dienen hierover in gesprek te gaan met de partners op de COA-locatie.
De situatie rondom de locaties De huisartsenpraktijk in Akkrum heeft nadrukkelijk aangegeven geen ruimte te hebben voor extra patiënten. De huisarts in Nieuwehorne zou enkele tientallen extra patiënten kunnen bedienen maar zeker geen 100 (wat het geval zou zijn bij 13 asielzoekerswoningen). Dit geldt ook voor Heerenveen. De huisartsen schrijven: “Wij schaften in voor alle huisartsenprakfijken dat de zorg voor asielzoekers niet door hen kan worden geboden. Goede zorg kunnen verlenen aan (nieuwe) pafiënten binnen Heerenveen is al een uitdaging, laat staan voor een nieuwe doelgroep. Vooropgesteld dat het niet gaat over willen. Wij willen niets liever dan zorgen voor mensen”. Men gaat de vraag begin december nog wel formeel voorleggen aan de Huisartsengroep Heerenveen. Maar men geeft ons mee “erop te anficiperen dat wij de zorg niet kunnen bieden”. Enige veerkracht lijkt dus weliswaar aanwezig maar grotere aantallen asielzoekers die relatief vaker een zorgbehoefte hebben (mentaal, trauma’s) lijkt niet goed mogelijk. Indien wordt gekozen voor centrale opvang op één locatie is het aan het COA om de huisartsenzorg te laten regelen. En bij kleinschalige opvang op twee locaties die dicht genoeg bij elkaar liggen zou het COA dit mogelijkerwijs ook kunnen (willen) bieden.14
4.5.8
Als je door de bril kijkt van: Onderwijs Kinderen die in asielzoekersopvang wonen gaan naar basisscholen in de gemeente. Dat kan afhankelijk van het aantal kinderen op de locafie zelf of bij een "moederschool". Onderwijs is daarmee alfijd een voorziening
die door de gemeenten geregeld dient te worden. Dus zowel bij reguliere als kleinschalige azc’s. De verantwoordelijkheden van de gemeente houden in elk geval in15: -
Toezien op de leerplicht: net als voor alle andere kinderen geldt ook een leerplicht voor asielzoekerskinderen; Onderwijshuisvesting: de gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting en inrichting van de onderwijsvoorzieningen;
14
Zie voetnoot 5.
15
Infosheet gemeenten nieuwkomersonderwijs.pdf (COA.nl)
blad 23 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
-
Overleggen met COA en schoolbesturen: onder meer om gezamenlijk afspraken te maken over de wijze waarop het onderwijs wordt georganiseerd; Leerlingenvervoer: van leerlingen in het primair onderwijs. De afspraken hierover worden vastgelegd in de bestuursovereenkomst tussen het COA en de gemeente. Voor leerlingen in het voortgezet onderwijs geldt dat de jongeren zelfstandig naar school gaan met de fiets of het openbaar vervoer.
Asielzoekerskinderen in de basisschoolleeftijd gaan over het algemeen eerst naar een gespecialiseerde klas waar ze intensief taalonderwijs krijgen (taalklas). Zodra ze er klaar voor zijn, kunnen ze doorstromen naar een reguliere basisschool. Kinderen in de leeftijd van 12 tot 18 jaar krijgen onderwijs in internationale schakelklassen (ISK). Dat zijn meestal afdelingen op reguliere scholen voor voortgezet onderwijs die anderstalige leerlingen in circa twee jaar voorbereiden op het Nederlandstalige (reguliere) onderwijs.16 Zowel de taalklassen als de ISK in gemeente Heerenveen zitten momenteel zo goed als vol. Uitbreiding zal daarom noodzakelijk zijn. De gemeente kan voor de huisvesfingskosten van dit basisonderwijs voor asielzoekerskinderen een beroep doen op de zogenaamde OHBA-regeling. 17 Het COA voert deze regeling uit. Hierin zit bekosfiging voor het terrein, gebouw, onderwijsleerpakket, meubilair, gym uren, verzekeringen en ozb. Kinderen die naar het voortgezet onderwijs gaan, genieten onderwijs in een Internafionale Schakelklas (ISK). Deze is in Heerenveen reeds operafioneel. De situatie rondom de locaties De schoollocatie in Akkrum biedt fysieke ruimte voor extra leerlingen. In Nieuwehorne kan bij de beoogde nieuwbouw rekening worden gehouden met extra leerlingen. In De Greiden is voor de geplande nieuwbouw van de Roerganger geen rekening gehouden met extra leerlingen.
Voor het eerste jaar taalles zou mogelijk in Akkrum een taalklas kunnen worden opgezet maar de vraag is of er dan voldoende leerlingen zullen zijn. Voor alle situaties geldt dat leerlingen na een eerste jaar taalklas instromen in de reguliere klassen. Dat vereist specifieke expertise bij leerkrachten en die is nog niet in voldoende mate aanwezig. Voor het voortgezet onderwijs is de locatie van de asielzoekerswoningen minder doorslaggevend omdat leerlingen met eigen vervoer naar de school kunnen komen.
4.5.9
Als je door de bril kijkt van: Effect op de verkoopwaarde bij nieuwbouwlocaties Het bouwen van asielzoekerswoningen als onderdeel van een groter aantal nieuw te bouwen woningen kan een dempend effect hebben op de grondexploitatie. Asielzoekerswoningen zouden de verkoopprijs van die andere woningen mogelijk negatief beïnvloeden. In hoeverre dit daadwerkelijk optreedt en in welke mate is moeilijk te constateren. Makelaardij Hoekstra is gevraagd om hier enige duiding over te geven (bijlage 6.7). Zij verwachten dat dit effect minder op zal treden bij inbreidingslocaties dan bij uitbreidingslocaties. Ze adviseren vervolgens om bij uitbreidingslocaties te streven naar een gelaagde wijkopbouw met maximaal 15% asielzoekerswoningen en 85% woningen bestaande uit sociale huur, betaalbare koop en duurdere koop. Wat betekent het voor de locaties als je door deze bril kijkt? Een kleinschalige locatie voor zo’n 150 personen en dus 19 asielzoekerswoningen (15%) vereist dan ruimte voor nog eens 108 woningen (85%). Totaal dus 127 woningen. Kijkend naar de negen locaties dan is dit mogelijk op Heerenveen Noordoost en eventueel op Skoatterwâld (afhankelijk van de omvang van de sportvoorzieningen). Een kleinschalige opvang voor zo’n 100 personen en dus 13 asielzoekerswoningen (vanwege permanente beveiliging) (15%) vereist een totaal aantal woningen van 87 (100%).
Dit zou passen op opnieuw Heerenveen Noordoost en Skoatterwâld en verder op Bos, Tuin en Dier (als de eigenaar daartoe bereid is). Centrale opvang met één locatie waarop 35 asielzoekerswoningen komen (15%) vereist een totaal van 233 woningen (100%). Dat is alleen op Heerenveen Noordoost mogelijk. Kijkend door deze bril betekent dat de andere locaties afvallen omdat ze niet kunnen voldoen aan de verhouding 15%/85%. 16 17
COA - Onderwijs kinderen | www.COA.nl OHBA: Onderwijs-Huisvestings-Budgetten-Asielzoekers
blad 24 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
4.5.10 Als je door de bril kijkt van: Effect op de woningwaarde van bestaande woningen Er bestaat zeer veel zorg bij huidige woningbezifters over de mogelijke waardedaling van hun woning wanneer er asielzoekerswoningen in de buurt komen. Hierover blijkt veel onduidelijkheid te bestaan. Er zijn onderzoeken die stellen dat er weinig tot geen waardedaling optreedt. Er zijn onderzoeken die stellen dat grote azc’s (500 of meer) in dunbevolkte gebieden tot wel 9% waardedaling kunnen leiden terwijl er geen opvallende daling meetbaar is bij azc’s met minder dan 500 opvangplekken.18 Onderzoek van ESB uit februari 2023 over de jaren 1990 – 2015 concludeert19: - na opening van een azc daalt de huizenwaarde binnen een straal van twee kilometer nu meer dan rond de eeuwwisseling; - de huizenwaarde daalt sterker als er al vóór de komst van het azc relatief vaker rechts-populistisch gestemd werd; - kleinschaligere azc’s en azc’s in gemengdere wijken hebben minder invloed op de woningwaarde. Hierbij is het van belang op te merken dat alle onderzoeken betrekking hebben op jaren vóór 2017. Dus in jaren waarin de krapte op de woningmarkt lang niet zo fors was als nu. Makelaardij Hoekstra zegt hierover dat de primaire reacfie van de markt zal zijn dat het een negafief effect heeft op de waarde van de woning en de verkoopbaarheid.
Of er daadwerkelijk sprake is van een waardedaling van nog te bouwen- of reeds bestaande woningen en hoe groot deze waardedaling is valt op voorhand niet te zeggen. Dit is ook sterk afhankelijk van de plaats en/of wijk waar dit speelt. Zo zal het effect in bijvoorbeeld een nieuwbouwwijk of een kleine (dorps)kern groter zijn dan in een bestaande wijk in een meer stedelijke omgeving. Kijkend door deze bril is het niet mogelijk om onderscheid te maken tussen de locafies.
4.5.11 Als je door de bril kijkt van: Begeleiding door COA Het COA biedt niet alleen onderdak aan asielzoekers, maar begeleidt hen ook. Die begeleiding gaat over onderwerpen als zelfzorg, dagstructuur, welbevinden, de toekomst, etc. Om de mensen goed te kunnen begeleiden, ziet het COA de asielzoekers bijna elke dag van de week. Bijvoorbeeld bij de informatiebalie, op het azc-terrein, bij kamerbezoeken, programma’s en vrijwilligerswerk op de locatie. Of tijdens één-op-ééngesprekken met de op het azc aanwezige woonbegeleiders of casemanagers. Tijdens al die dagelijkse contacten kijken ze hoe het met asielzoekers gaat en welke begeleiding zij nodig hebben. Betere begeleiding draagt bij aan snellere integratie, betere begeleiding helpt onveilige situaties tussen asielzoekers voorkomen. Bij opvang met minder dan 150 plekken biedt het COA een ambulant begeleidingsteam óf moeten mensen voor begeleiding reizen naar de zgn ‘hoofdlocatie’. Bij centrale opvang op één locatie is er volwaardige begeleiding aanwezig. In de gesprekken met het COA is ook de vraag gesteld of het COA bereid is om twee locafies dicht bij elkaar (lees: in Heerenveen) te beschouwen als één locafie en daarvoor dat het volledige voorzieningenpakket te leveren. Het COA staat open voor deze opfie.
Kijkend door deze bril zouden de locafies Heerenveen Noordoost en Skoafterwâld gezamenlijk door het COA als één locafie kunnen worden beschouwd met daarbij het volledige voorzieningenpakket. Deze beide locafies liggen daarvoor dicht genoeg bij elkaar. Verder betekent deze bril dat ook locafies met ruimte voor 35 woningen in beeld komen (Feanplantsoen, Heerenveen Noordoost, De Greiden, Bos, Tuin en Dier, Nieuwehorne en eventueel Skoafterwâld (afhankelijk van de sporfinvulling).
4.5.12 Als je door de bril kijkt van: Veiligheid / Politie Veiligheid en overlast zijn terugkerende thema’s als het gaat om de komst van een azc. Ook tijdens de inloopbijeenkomsten en inspraaksessie in gemeente Heerenveen kwamen deze onderwerpen veelvuldig naar 18
U vindt de persberichten en artikelen over deze onderzoeken als bijlage 6.8.
19
Lokaal draagvlak voor asielzoekerscentra varieert sterk - ESB
blad 25 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
voren. Mensen maken zich zorgen over hun veiligheid en zijn bang dat de komst van een azc zorgt voor extra overlast in de buurt. Uit onderzoek van nu.nl onder 30 gemeenten met een groot azc, blijkt dat de meeste gemeenten hiervan geen of weinig overlast ervaren20. Dit beeld komt overeen met eerdere conclusies uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC). Uit dit onderzoek kwam naar voren dat de aanwezigheid van een azc geen aantoonbaar effect heeft op de omvang van de buurtcriminaliteit en de individuele kans op slachtofferschap21. Op enkele plekken is wel meer overlast door een azc. Denk hierbij aan Ter Apel en Budel, waar in de media veel aandacht voor is. Maar deze vorm van opvang is onvergelijkbaar met het type azc waar in Heerenveen locaties voor gezocht worden. Ter Apel is een aanmeldcentrum. Vrijwel alle asielzoekers die in Nederland komen moeten zich hier aanmelden. Daarna gaan ze naar een centrale ontvangstlocatie in Ter Apel of in Budel. Op deze locaties verblijven meer mensen uit veilige landen dan op reguliere azc’s. Deze groep ‘veiligelanders’ (mensen die op basis van hun herkomstland weinig kans op asiel maken) is verhoudingsgewijs vaker betrokken bij incidenten dan andere asielzoekers22. In gemeente Heerenveen wordt gezocht naar 2 of meer locaties voor een kleinschalig azc.
Bovendien zullen hier veel minder asielzoekers worden opgevangen dan in Ter Apel en Budel. Ter Apel heeft een capaciteit van 2.000 opvangplekken en Budel 1.500. In Heerenveen gaat het om maximaal 277 plekken, verdeeld over 2 of meer locaties. Toolbox aanpak overlastgevende en/of criminele asielzoekers Zoals benoemd veroorzaakt de overgrote meerderheid van de asielzoekers in Nederland geen problemen. Een relatief kleine groep zorgt echter wel voor overlast, zoals winkeldiefstal, vernieling en bedreiging. Overlastgevers simpelweg uitzetten tijdens de asielprocedure kan niet, onder meer vanwege internationale wet- en regelgeving. Daarom worden de overlastgevers dicht op de huid gezeten met een mix aan landelijke en lokale maatregelen23. Ook is er een toolbox ontwikkeld, waarnaar wordt verwezen in amendement 45. In die toolbox staan alle instrumenten op een rij voor gemeenten, winkeliers, medewerkers in de migratieketen, openbaar vervoerders en andere partijen die te maken kunnen krijgen met overlast veroorzaakt door asielzoekers24. Het gaat om ruim 70 maatregelen: van de inzet van cameratoezicht en extra beveiliging tot het opleggen van een meldplicht of gebiedsverbod. De aanpak van overlast vereist nauwe samenwerking tussen bovenstaande partijen, de politie en het Openbaar Ministerie. De toolbox biedt hiertoe handvatten.
Meer specifiek over de Heerenveense locaties Amendement-45 vraagt van de politie om zienswijzen aan te leveren over de locaties in de gemeente Heerenveen. Op districtsniveau Fryslân heeft de politie echter als beleid niet langer dergelijke zienswijzen te leveren. Er gaat volgens de politie een te bepalend, te sturend effect vanuit, de zienswijzen worden te leidend in de afwegingen. Er liggen nog zienswijzen over enkele van deze locaties vanuit de vorige besluitvormingsronde. Het rechtstreeks van toepassing verklaren van die vorige zienswijzen op de huidige locaties vraagt voorzichtigheid. De locaties mogen dan hetzelfde zijn, de aantallen asielzoekers zullen bij kleinschaligheid fors kleiner zijn (150 plekken nu bij kleinschaligheid op meerdere locaties of 277 plekken bij opvang op één locatie ten opzichte van 450 plekken in de vorige besluitvormingsronde). Om toch zicht te krijgen op veiligheidsaspecten heeft het Team Veiligheid van de gemeente een analyse uitgevoerd voor de vijf locaties die zijn bezocht in het kader van de vroegtijdige participatie (Skoatterwâld, Heerenveen Noordoost, De Greiden, Akkrum en Nieuwehorne). De analyse is als bijlage 6.9 toegevoegd aan de rapportage.
Het advies van Team Veiligheid is als volgt: Op basis van de uitgevoerde analyse en de geschetste risico's, zijn wij van mening dat bij de keuze voor de locatie van een AZC in onze gemeente zorgvuldig gekeken moet worden naar de grootte van de 20
Meeste gemeenten met grote azc's ervaren geen overlast van asielzoekers | Asiel | NU.nl
21
Van perceptie naar feit Asielzoekers en buurtcriminaliteit (wodc.nl)
22
COA - Is het waar dat alle bewoners uit veilige landen voor overlast zorgen? | www.COA.nl
23
Toolbox voor lokale aanpak overlastgevende asielzoekers | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl
24
Toolbox-maatregelen-overlast-asielzoekers-2024.pdf
blad 26 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
plaats en het aantal inwoners. Dit is belangrijk omdat de sociale cohesie en acceptatie van een AZC sterk afhankelijk kunnen zijn van de verhouding tussen het aantal inwoners en het aantal bewoners dat wordt opgevangen. Wanneer het aantal bewoners niet in verhouding staat tot het aantal inwoners, bestaat het risico dat sociale structuren onder druk komen te staan en dat de bereidheid tot integratie en acceptatie afneemt. Een te grote instroom van bewoners ten opzichte van het inwonertal kan leiden tot een gevoel van overbelasting bij de lokale bevolking. Om dit te voorkomen, is het van belang dat de omvang van het AZC in redelijke verhouding staat tot de grootte van de plaats. Op deze manier blijft de druk op sociale voorzieningen beheersbaar en wordt de kans op sociale spanningen geminimaliseerd. Daarnaast is het belangrijk te benadrukken dat de cijfers met betrekking tot overlast en misdrijven in de onderzochte locaties geen aanleiding geven tot bezwaren tegen de vestiging van een AZC. Uit onze analyse blijkt dat in de geselecteerde locaties geen significant hoge cijfers zijn geregistreerd die tot grote zorgen zouden moeten leiden. Zo laten de overlastmeldingen in sommige gebieden zelfs een dalende trend zien, en blijven de geregistreerde misdrijven per inwoner in de meeste gevallen onder het gemiddelde van de gehele gemeente.
Dit geeft ons vertrouwen dat met de juiste maatregelen de komst van een AZC beheersbaar is en geen buitensporige negatieve effecten zal hebben op de openbare orde en veiligheid. Het is echter ook belangrijk om te benadrukken dat de plannen op dit moment nog niet erg concreet zijn. Hierdoor is het lastig om nu al specifieke maatregelen te bepalen voor de verschillende mogelijke locaties. Wij adviseren daarom om, zodra de locatie concreter is ingetekend en er meer inzicht is in de samenstelling van de asielzoekers, een deugdelijk veiligheidsplan op te stellen. Dit plan zou moeten inspelen op de specifieke kenmerken van de locatie en de bewoners, zodat risico's effectief kunnen worden beheerd. Tot slot, gelet op de ervaring met AZC's in andere gemeenten en de beschikbare veiligheidsmaatregelen, zien wij op dit moment geen onoverkomelijke obstakels voor de vestiging van een AZC in een van de onderzochte locaties, mits er rekening wordt gehouden met bovenstaande aanbevelingen en een passend veiligheidsbeleid wordt opgesteld. Kijkend door deze bril lijken de dorpen Nieuwehorne en Akkrum minder voor de hand liggend om er minimaal 100 (vanwege permanente beveiliging) asielzoekers te plaatsen.
4.5.13 Als je door de bril kijkt van: activiteiten en werkgelegenheid Voor asielzoekers is het cruciaal dat ze zinvol bezig kunnen zijn. Vooral na een periode van zes maanden begint de moedeloosheid over de procedure toe te slaan. Dat in combinatie met eventuele trauma’s maakt de kans op psychische (en daaruit voortvloeiende sociale) problemen groot. Dan is het van groot belang dat men actief kan zijn, dat men zinvol bezig kan zijn, dat men mogelijk ook een bijdrage aan de Nederlandse samenleving kan leveren. Voldoende voorzieningen om actief te zijn, voldoende verenigingen en ook voldoende mogelijkheden op werk hebben dan een positieve invloed. Kijkend door deze bril zijn de kansen groter in Heerenveen dan in de dorpen.
4.5.14 Als je door de bril kijkt van: Belangen van het COA Het COA komt met enige regelmaat negatief in het nieuws. Ook in Friesland zijn daar (recente) voorbeelden van. Tegelijkertijd kunnen we niet om het COA heen, zij zijn de uitvoeringsorganisatie voor de asielopvang. Het is daarom van belang stevige afspraken te maken met het COA. Maar afspraken maken betekent ook het samen eens worden. En dat vereist erkenning van elkaars belangen. Voor het COA is belangrijk om optimale opvang te realiseren. Dat wil zeggen optimale begeleiding, optimale beveiliging, optimale zorg en optimaal onderwijs. Voor het COA is daarbij ook een optimale bedrijfsvoering belangrijk. En gezien het huidige kabinet moet er rekening worden gehouden met vergroting en versobering. De gesprekken met het COA tot nu toe laten zien dat het COA er constructief in staat. Het liefst heeft men centrale opvang op één locatie maar kleinschalige opvang op meerdere locaties blijkt zeker bespreekbaar. Men is bereid mee te denken in een variant van twee locaties. Daarbij zou één van de twee de hoofdlocatie kunnen zijn waar ook de COA-faciliteiten komen. Vanuit dat perspectief ziet het COA dan graag twee locaties in de buurt van elkaar; lees in Heerenveen.
blad 27 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
Kijkend door deze bril zouden ook hier de locafies Heerenveen Noordoost en Skoafterwâld gezamenlijk door het COA als één locafie kunnen worden beschouwd met daarbij het volledige voorzieningenpakket. Deze beide locafies liggen daarvoor dicht genoeg bij elkaar.
4.5.15 Als je door de bril kijkt van: de mate van acceptatie bij omwonenden Met een kleinschalige opvang wordt gehoopt op meer acceptafie onder omwonenden. Kijkend naar de gespreksavonden, de webformulieren, de ingekomen brieven en de demonstrafieve acfies is echter nog geen hogere acceptafie merkbaar. De reacfies die we van omwonenden van de vijf potenfiële locafies hebben ontvangen zijn overwegend ongerust, verontwaardigd en laten een lage acceptafie zien. Het is van belang daarbij te realiseren dat uit onderzoek blijkt dat bijna driekwart van de Nederlanders het een goed idee vindt dat gemeenten door de spreidingswet kunnen worden gedwongen asielzoekers op te vangen. En tweederde van de respondenten vindt het prima als er een azc bij hen in de gemeente komt.25 Dat we deze mensen minder snel horen, is geen uitzondering. Veel van hen zullen tot de ‘zwijgende meerderheid’ behoren.26 De ervaring leert verder dat als een azc er eenmaal staat en enige fijd open is, van de weerstand weinig over lijkt te blijven.27 Uit onderzoek blijkt zelfs dat mensen bij wie in de buurt een asielzoekerscentrum wordt geopend, een posifievere houding naar asielzoekers ontwikkelen.28
4.5.16 Als je door de bril kijkt van: snellere/betere integratie Met kleinschalige opvang wordt ook gehoopt op een snellere/betere integrafie van asielzoekers. Het lijkt er echter op dat dit om een mate van kleinschaligheid vraagt van hooguit enkele woningen in een buurt; iets wat beter lijkt te passen bij statushouders. De kans dat die langjarig in een wijk blijven wonen is groter. Dat maakt dat de investering van huidige bewoners in de integratie van statushouders als zinvoller wordt gevoeld dan hun investering in asielzoekers. Dit werd ook zo uitgesproken tijdens de bijeenkomst in Akkrum
25
https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/driekwart-nederlanders-staat-achter-spreidingswet
26
https://www.nemokennislink.nl/publicaties/een-stem-voor-het-stille-midden/
27
Positiever denken over asielzoekers? Ga een tijdje naast ze wonen - De Correspondent
28
DP17294 The effect of exposure to ethnic minorities on ethnic preferences | CEPR
blad 28 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
5.
Conclusie Er zijn uit een groslijst negen passende locaties geselecteerd voor de totaal 35 asielzoekerswoningen. Er is vanuit vier perspectieven naar deze locaties gekeken. Er zijn vervolgens meerdere relevante aspecten beschreven (brillen) die telkens een andere blik bieden en daardoor tot andere locatievoorkeuren leiden. Ja, kleinschaligheid kan en ja, ook op meerdere locaties maar levert het op waarop wordt gehoopt? Op basis van dit alles concluderen we dat kleinschaligheid via meerdere locaties mogelijk is maar dat de beschreven brillen de vraag oproepen of die kleinschaligheid wel de gewenste meerwaarde op gaat leveren ten opzichte van één locatie met 35 asielzoekerswoningen (277 plekken). De gehoopte positieve effecten op de acceptatie zijn vooralsnog niet gebleken. En de gehoopte snellere integratie vraagt hele kleine aantallen (één of twee woningen in een wijk) en lijkt meer passend voor statushouders. Verder vereist het voldoen aan de benodigde omstandigheden om kleinschaligheid haalbaar te maken (zorg, beveiliging, begeleiding) meer inspanning van de kant van de gemeente. Het kiezen van locaties vraagt politiek-bestuurlijke afwegingen Dus zoals gezegd: Ja, kleinschaligheid kan en ja, ook op meerdere locaties. Welke locaties het moeten worden hangt af van de bril(len) die je het zwaarste laat wegen.
Noch de toegepaste criteria noch de participatiebijeenkomsten noch de webformulieren zijn voldoende onderscheidend om daarop de locatiekeuze te baseren. Het komt dus neer op politiek-bestuurlijke afwegingen om te bepalen welke bril(len) de doorslag gaan geven. Ter ondersteuning van die afwegingen ligt er deze rapportage met negen locaties waar kleinschalige opvang in de vorm van woningen mogelijk is. De verkenning levert inzicht in diverse criteria en aspecten die relevant zijn bij een keuze voor locafies voor kleinschalige opvang van asielzoekers. Deze verkenning maakt echter geen keuze. Daarvoor zijn de criteria en aspecten onderling onvoldoende weegbaar. Een onafhankelijk bureau als Antea Group is niet de geëigende parfij om te bepalen welke bril(len) zwaarder moeten wegen dan andere. Deze verkenning biedt wel een basis voor de ambtelijke advisering en vervolgens de bestuurlijke (college) en polifieke (raad) besluitvorming om die keuze te maken.
blad 29 van 30
Verkenning van de mogelijkheden van kleinschalige asielzoekersopvang op meerdere locaties Gemeente Heerenveen projectnummer 0493117.100 25 oktober 2024 revisie 01
6.
Los bijgevoegde bijlagen
6.1
Amendement-45 en raadsbrief 14 mei 2024
6.2
Kaarten locaties groslijst
6.3
Kaart negen locaties
6.4
Kaarten voorzieningen per kern
6.5
Verslagen gespreksavonden
6.6
Overzicht webformulieren
6.7
Memo Makelaardij Hoekstra
6.8
Mediaberichten waardedaling bestaande woningen
6.9
Memo Team Veiligheid
blad 30 van 30
Over Antea Group Antea Group is het thuis van 1500 trotse ingenieurs en adviseurs. Samen bouwen wij elke dag aan een veilige, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Je vindt bij ons de allerbeste vakspecialisten van Nederland, maar ook innovatieve oplossingen op het gebied van data, sensoring en IT. Hiermee dragen wij bij aan de ontwikkeling van infra, woonwijken of waterwerken. Maar ook aan vraagstukken rondom klimaatadaptatie, energietransitie en de vervangingsopgave. Van onderzoek tot ontwerp, van realisatie tot beheer: voor elke opgave brengen wij de juiste kennis aan tafel. Wij denken kritisch mee en altijd vanuit de mindset om samen voor het beste resultaat te gaan. Op deze manier anticiperen wij op de vragen van vandaag en de oplossingen voor morgen. Al 70 jaar.
Contactgegevens Monitorweg 29 1322 BK Almere Postbus 10044 1301 AA Almere
Copyright © Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, elektronisch of op welke wijze dan ook, zonder schriftelijke toestemming van de auteurs. De informatie die in dit rapport is opgenomen is uitsluitend bestemd voor geadresseerde(n) en kan persoonlijke of vertrouwelijke informatie bevatten. Gebruik van deze informatie, door anderen dan de geadresseerde(n) en gebruik door hen die niet gerechtigd zijn van deze informatie kennis te nemen, is niet toegestaan. De informatie is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt door de geadresseerde, voor het doel waarvoor dit rapport is vervaardigd. Indien u niet de geadresseerde bent of niet gerechtigd bent tot kennisneming, is openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden niet toegestaan, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group en wordt u verzocht de gegevens te verwijderen en direct een melding te maken bij security@antegroup.nl. Derden, zij die niet geadresseerd zijn, kunnen geen rechten aan dit rapport ontlenen, tenzij na schriftelijke toestemming door Antea Group.
www.anteagroup.nl