CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Eindrapportage - Bijlagenbundel Kleinschalige opvang asielzoekers Heerenveen

Commissie Algemene Zaken 25 november 2024, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Stukken voor de commissie AZ deel II 9 januari en raadsvergadering 30 januari31.232 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Als er op die plaatsen iets wordt gerealiseerd, dan is voor de gemeenteraad belangrijk te weten wat de direct omwonenden voor idee hebben, hoe dat eruit zou moeten zien, hoe aan de locatie het beste vorm en inhoud kan worden gegeven. Dat is iets anders dan een peiling of men voor of tegen is. Het doel van deze avond is om te luisteren naar direct omwonenden. Dat gaat door middel van de methode deep democracy, waarbij op drie punten informatie verzameld wordt: * Waar moeten we op letten om ervoor te zorgen dat asielzoekers op deze locatie goed kunnen wonen? * Waar moeten we op letten om op deze locatie samen met elkaar te leven? * Wat is er nodig als we asielzoekerswoningen willen bouwen op deze locatie? - Een aanwezige vraagt wat de argumentatie was dat het grootschalige azc in Heerenveen-West niet is doorgegaan. De projectleider geeft aan dat de locatie Heerenveen-West in buurgemeente De Fryske Marren ligt. Er was sprake van om dit met twee gemeenten op te pakken. Dat leek lang het geval te zijn, maar eind vorig jaar, begin dit jaar liet De Fryske Marren blijken dit niet te willen doen. Inmiddels had de gemeenteraad van Heerenveen een aantal informatiebijeenkomsten gehouden, onder andere in Thialf.

Op basis van die zaken heeft de gemeenteraad in februari dit jaar gezegd dat een grootschalig asielzoekerscentrum niet passend is in de gemeente Heerenveen en er meer kleinschalige locaties in de gemeente moeten komen. Integratie gaat gemakkelijker bij een kleinschalig azc. - Gevraagd wordt wat de waarde van de inspraak van omwonenden is bij het uitwisselen van vooren nadelen en of die van invloed is op de besluitvorming. De projectleider geeft aan dat alles wat bij de participatieavonden vastgelegd wordt, met de aanwezigen wordt gedeeld en onder ogen komt van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad, samen met het voorstel dat er dan ligt. Het is uiteindelijk aan college en raad om op basis van alle informatie, ook de reacties die via de website binnenkomen, om een afweging te maken. - Gevraagd wordt hoe gekomen is tot deze aanvliegroute en deze setting. - Een aanwezige merkt op dat volgens de Spreidingswet 277 asielzoekers moeten worden opgevangen. Hij vraagt welke invloed de gemeente daarop heeft. 1

- In aanvulling daarop wordt opgemerkt dat de gemeente deze keuze heeft gemaakt om op voorhand van de Spreidingswet zelf de regie te pakken en zelf de locatie te kiezen. Nu is te zien dat er een ander politiek klimaat ontstaat en vervolgens gaat de gemeente toch door met dit proces. Waarom heeft de gemeente niet besloten om dit nog eens te herzien? Gespreksleidster merkt op dat deze inhoudelijke vragen bij de presentatie aan de orde zullen komen. Ze denkt dat het goed is om samen te kijken hoe men met elkaar in gesprek wil. - Gevraagd wordt of naast Participantenvereniging De Spil en de Wijkraad de scholen ook uitgenodigd zijn. - Opgemerkt wordt dat de scholen uitgenodigd zijn, maar hier nu niet vertegenwoordigd zijn. Gespreksleidster geeft aan dat de aanwezigen gehoor hebben gegeven aan de uitnodiging, en er geen loting heeft hoeven plaatsvinden. - Opgemerkt wordt dat er een heel selectief gezelschap is uitgenodigd. Niet iedereen bij haar uit de straat is uitgenodigd, terwijl dit wel op de hele straat impact heeft. Ze vraagt hoe de gemeente is gekomen tot de cirkel van 250 meter rondom de beoogde locatie. Gespreksleidster 2 geeft aan dat deze inhoudelijke vragen straks aan de orde zullen komen. Bij de methode deep democracy is er ruimte voor een actieve inbreng van de vragen.

De aanwezigen worden uitgenodigd om vrijmoedig met de gespreksleiding in gesprek te gaan, binnen een bepaalde structuur. Het gaat erom dat alle perspectieven boven tafel komen, zodat een goed beeld ontstaat van wat hier speelt en nodig is, mocht blijken dat dit een goede locatie zou kunnen zijn. Daarbij is goed luisteren naar elkaar heel belangrijk, ook als zaken botsen met de eigen mening of het eigen standpunt. - Opgemerkt wordt dat er wel vragen leven bij de aanwezigen, die wellicht beter eerst aan de orde kunnen komen. Gespreksleidster merkt op dat het goed is om te delen wat de intentie is van mensen om hier naartoe te komen. - Een aanwezige geeft aan dat zijn intentie in eerste instantie is om veel informatie te krijgen over de aanvliegroute en waarom wordt gekeken naar deze locatie. Hij denkt dat het goed is om met elkaar in gesprek te gaan, maar hij heeft behoefte om eerst meer informatie te krijgen. - Andere aanwezigen geven ook aan eerst meer informatie te willen hebben. - Opgemerkt wordt dat de Wijkraad een uitvraag gedaan heeft in de wijk en veel mails met vragen ontvangen heeft. Spreker zou deze vragen vanavond graag aan bod laten komen. Gespreksleidster geeft aan dat de projectleider de presentatie zal vervolgen, waarbij getracht zal worden de meest prangende vragen van aanwezigen te beantwoorden. De projectleider vervolgt zijn presentatie.

In februari van 2024 besluit de gemeenteraad dat de opvang van asielzoekers in de gemeente Heerenveen kleinschalig moet. De vraag is wat kleinschalig is. De Spreidingswet geeft aan dat er 277 plekken in de gemeente gevonden moeten worden. Het landelijke politieke beeld is nu echter om de Spreidingswet weer in te trekken. Het college heeft echter gezegd dat er een uitspraak van de gemeenteraad ligt van april 2023 dat zij opvang wil bieden aan asielzoekers en de Spreidingswet strikt genomen nog steeds geldig is, dus dat gekoerst wordt op uitvoering van de opdracht van de gemeenteraad van 277 plekken. De gemeenteraad heeft die opdracht tot nu toe nog niet bijgesteld. Het COA hanteert bij een kleinschalige opvang een grens van 150 personen per locatie. - Opgemerkt wordt dat op de website van het COA staat: rondom 150 personen, dus dat kan ook iets meer dan 150 zijn. De projectleider zegt dat niemand kan definiëren wat kleinschalig is. Bij zijn ronde langs de gemeenteraden is naar voren gekomen dat kleinschalig is als het azc goed genoeg past bij de omgeving waar het terecht komt. - Opgemerkt wordt dat de locatie waar het nu over gaat een groot grasveld is en de omgeving niet heel duidelijk gedefinieerd is. Het is lastig om dit gesprek te voeren, omdat niet precies duidelijk is waar het over gaat. 2

De projectleider zegt dat het beeld gaandeweg het onderzoek duidelijker moet worden. - Opgemerkt wordt dat de gemeenteraad besluit dat de opvang kleinschalig moet worden. Hij vraagt of dat door de inwoners van de gemeente zo teruggegeven is. Hij vraagt zich af of er draagvlak is in de samenleving voor dit besluit van de raad. De projectleider zegt dat dat niet onderzocht is, maar het college opdracht heeft gegeven om op onderzoek uit te gaan naar meerdere locaties voor kleinschalige opvang. De gemeenteraad heeft daarbij geluisterd naar signalen vanuit de samenleving tijdens het traject voor opvang in Heerenveen-West. De projectleider vervolgt zijn presentatie. Door de gemeenteraad wordt uitgegaan van maximaal 150 asielzoekers per locatie en van meerdere locaties (minimaal twee) in de gemeente, niet alleen in de kern Heerenveen, maar ook in de dorpskernen. De gemeenteraad heeft een aantal criteria meegegeven. Er moeten woningen komen naar het voorbeeld van het azc in Burgum. Als er straks geen asielzoekersplekken meer nodig zijn - er wordt gesproken over een periode van tien jaar - dan zouden de woningen beschikbaar kunnen komen voor inwoners. Daarbij moet gezorgd worden voor duurzaamheid en dat er genoeg voorzieningen in de buurt zijn, zoals sport, recreatie, bus, school, huisarts, etc.

Dat zijn harde, objectieve criteria, maar de locatie moet ook zo goed mogelijk zijn voor de mensen die er wonen en komen. Die zaken wegen mee in de totale afweging straks van wat een geschikte locatie is. Het COA vindt daar ook iets van, daar worden harde afspraken mee gemaakt. Er is in eerste instantie gekeken naar een groslijst van 31 locaties in de gemeente Heerenveen voor woningen naar het voorbeeld van Burgum. De opgave van 277 mensen vertaalt zich naar 35 woningen met in totaal acht mensen in een woning. Dat type woningbouw moet passend zijn op een locatie. Een aantal locaties is daarbij afgevallen. De gemeente heeft beleid op wonen en een van de beleidsafspraken daarin is dat in de kleinste dorpen dit soort voorzieningen niet passen. Gekeken is waar het qua ontwikkeltermijn realistisch is dat de opvang er binnen een jaar of vijf kan staan. Er wordt ook gekeken naar objectieve criteria zoals wie de grondeigenaar is en wat er in het bestemmingsplan staat. Zo kwam men tot negen geschikte locaties, waarvan vijf kansrijker zijn dan de andere. - Opgemerkt wordt dat om een locatie waar honderd asielzoekers wonen, een hek geplaatst wordt. Ze vraagt hoe dat zit op deze beoogde locatie. De projectleider geeft aan dat de opvang in Burgum groter is dan wat in Heerenveen moet komen, en daar geen hek omheen zit.

De 35 woningen komen niet op één plek, maar komen op minimaal twee plekken. Het COA zegt dat wanneer gekozen wordt voor een plek waar minder dan honderd mensen gehuisvest kunnen worden, het COA geen standaard beveiligingspakket biedt, en de gemeente dit zelf met de politie moet regelen. Bij huisvesting van meer dan honderd mensen op één plek, biedt het COA standaard een stuk beveiliging. - Opgemerkt wordt dat elke gemeente spreekt over woningen bouwen en gebrek aan woningen voor bijvoorbeeld starters en doorstromers. Ze vraagt zich af waarom mensen die van buiten komen aan de bovenkant van de huizenmarkt terecht komen, terwijl huurders die aan de onderkant van de woningmarkt zitten, graag zouden willen doorstromen naar nieuwe huizen. Waarom komen de plekken aan de onderkant van de woningmarkt niet beschikbaar voor asielzoekers? Dan ontstaat er vanzelf spreiding en komen mensen niet allemaal bij elkaar te wonen. De projectleider zegt dat het uitgangspunt van de gemeenteraad is om woningen te bouwen voor vluchtelingen die later zullen toegevoegd aan de woningmarkt. De gemeenteraad wil woonwijken creëren op plekken waar toch woningbouw beoogd is, waarbinnen asielzoekers opgevangen kunnen worden. De mensen waar het om gaat zijn geen statushouders, maar zitten nog in de procedure of ze in Nederland mogen blijven.

Bij de opvang wordt ook gekeken naar kosten en beveiliging, daarom kiest het COA voor centreren op een aantal locaties en niet voor spreiding van mensen in een wijk. - Opgemerkt wordt dat het COA geen ruimte voor zeggenschap geeft aan gemeenten. Hij vraagt zich af in hoeverre de gemeente kan bepalen wat hier geplaatst wordt. Hoe kan voorkomen worden dat hier hetzelfde gebeurt als in bijvoorbeeld het centrum in Ter Apel? 3

De projectleider legt uit dat het centrum in Ter Apel een aanmeldcentrum is en daarmee een andere functie heeft dan een regulier asielzoekerscentrum. De uitdaging daar is om de mensen uit veilige landen er zo snel mogelijk uit te selecteren en terug te laten gaan. Het COA geeft aan te beogen om in kleinschalige locaties mensen te plaatsen die zelfstandig kunnen functioneren, het liefst gezinnen. - Opgemerkt wordt dat de gemeente Leeuwarden nu voorwaarden stelt. Vraag is of de gemeente afspraken met het COA kan maken dat hier alleen gezinnen komen. De projectleider denkt niet dat het COA die afspraak aangaat. De gemeenteraad gaat wel afspraken maken met het COA over de opvang op basis van het onderzoek en de gesprekken die gevoerd zijn. - Opgemerkt wordt dat de opvanglocatie in Burgum een gezinslocatie is. Hij geeft aan dat de gemeente zou moeten kunnen stellen dat op een locatie alleen gezinnen worden opgevangen. De projectleider zegt dat deze voorwaarden niet vastgelegd zijn en de gemeente niet kan garanderen welke mensen wel en niet op deze locatie zullen komen. - Opgemerkt wordt dat mensen bij elkaar in een woning komen te wonen, bijvoorbeeld een gezin en een aantal veiligelanders. Dat lijkt haar geen goede situatie toe.

De projectleider zegt dat het COA wel nadenkt over wie bij elkaar in een woning kunnen wonen, om overlast te voorkomen, maar er kan geen garantie worden gegeven over wie hier komt te wonen. - Opgemerkt wordt dat belangrijk is dat Heerenveen ook duidelijke eisen stelt, net als Leeuwarden, ook gezien de situatie in Oost-Groningen. De projectleider constateert dat de gemeente Heerenveen duidelijk richting het COA moet zijn. De projectleider vervolgt zijn presentatie. Van de negen geschikte locaties in de gemeente zijn vijf als zeer kansrijk aangemerkt. Dat zijn locaties waar de gemeente eigenaar van de grond is. De locatie in Skoatterwâld is interessant voor woningbouw. De situatie is dat SC Heerenveen en VV Heerenveen grote behoefte hebben aan uitbreiding van hun sportvelden en een optie hebben om met een plan te komen om op deze locatie hun sport te beoefenen. Zij hebben met de gemeente de afspraak gemaakt dat zij op 1 januari 2025 met een haalbaar plan komen en dat blijft gelden. Als de locatie volledig wordt gevuld met sport, dan is deze buiten beeld voor asielzoekerswoningen. Als de sportclubs niet tot een haalbaar plan kunnen komen, dan wordt deze locatie sowieso ingezet voor grootschalige woningbouw en voor asielzoekerswoningen. Er is ook een combinatie denkbaar tussen sportvoorzieningen en een stukje woningbouw.

- Gevraagd wordt hoe het zit met de snelweg en de regels die er zijn voor huizen die dicht op de snelweg staan. De projectleider zegt dat daar veel regels voor zijn. Als op de locatie bouwkundig de juiste voorzieningen getroffen worden qua geluidswering, dan is de bouw toegestaan. - Opgemerkt wordt dat de gemeente bij de keuze voor de locatie rekening houdt met de bewoners, maar elke wijk anders opgebouwd is. De gemeente kan niet zeggen dat een bepaald type mensen niet in een wijk wordt gezet omdat dat niet goed zou zijn voor de synergie in een wijk. De projectleider zegt dat de gemeente bij het COA kan aangeven vooral gezinnen in de woningen te willen hebben. En er wordt gekeken hoe een situatie van tien, vijftien of negentien woningen in Skoatterwâld of Akkrum zou passen. - Gevraagd wordt hoe rekening wordt gehouden met bestaande wijken en de samenstelling van de wijken. Hij kan zich voorstellen dat in een wijk waar al behoorlijk wat vluchtelingen wonen, daar niet meer vluchtelingen bij geplaatst worden; en dat een wijk waar niet veel vluchtelingen wonen, niet ineens volgestopt wordt met vluchtelingen, maar dat daarover wordt nagedacht. De projectleider zegt dat de aanwezigen vanavond ook meedoen aan dat goed nadenken. - Een aanwezige merkt op dat hij deze locatie vrij breed vindt. Er is ook een groenstrook. Hij vraagt hoe exact deze locatie is.

De projectleider geeft aan dat de locatie niet groter is dan de vlek op de kaart in de presentatie. Bij woningbouw moet sowieso goed naar stedenbouwkundige voorwaarden gekeken worden, zoals aanrijdroutes. Dit is een mogelijke locatie, maar hoe het eruit komt te zien is nog niet bekend. 4

De projectleider vervolgt zijn presentatie. De gemeente zit nog in de onderzoeksfase, er is nog niets besloten. In de onderzoeksfase wil de gemeente in gesprek met betrokkenen. Halverwege oktober moet er een ambtelijk advies aan het college van burgemeester en wethouders komen. Het college neemt begin november een besluit en legt een voorstel voor aan de gemeenteraad. Eind november komt dat voorstel in de raadscommissie en in januari moet de gemeenteraad een besluit nemen. Op de website van de gemeente staat alles duidelijk beschreven. De inbreng op deze participatieavonden is cruciaal in het besluitvormingsproces. De hoofdvragen die vanavond behandeld worden zijn ook te vinden op een formulier op de website, dus iedereen kan op die vragen reageren. In november kunnen inwoners inspreken bij de raadscommissie. Als de raad in januari het besluit heeft genomen, zal voor de betreffende locaties een klankbordgroep worden opgericht. Vijf locaties zijn als kansrijk aangemerkt en vrij arbitrair is door de gemeente gezegd dat direct omwonenden mensen zijn die misschien zicht op de locatie hebben. Daarbij is een cirkel van 250 meter rondom de locatie gehanteerd. Daarbij is ook gekeken naar looproutes die asielzoekers naar het centrum of openbaar vervoer zullen nemen, wat ook arbitrair is.

Rondom deze locatie zijn 273 inwoners en twaalf instanties aangeschreven, waarvan 28 personen zich hebben aangemeld. - Opgemerkt wordt dat een bepaalde categorie mensen zich niet heeft aangemeld, omdat die het niet eens zijn met het proces. De projectleider merkt op dat dat jammer is, omdat ze dan vanavond hun inbreng niet kunnen geven. Mensen die vanavond aanwezig zijn, krijgen het verslag van deze avond op hun mailadres. - Opgemerkt wordt dat niet duidelijk is welke thema's of criteria het zwaarst wegen bij het maken van het advies aan het college. Gespreksleidster geeft aan dat dit punt later op de avond aan de orde kan komen. - Opgemerkt wordt dat tot nu toe alleen over woningen gesproken is, waarbij is aangegeven dat er criteria vanuit het COA gelden. De vraag is hoe het COA erop stuurt dat het niet alleen woningen worden. Het gaat ook over voorzieningen, zoals leslokalen, of bebouwing die nodig is om de veiligheid te garanderen. De projectleider geeft aan dat het COA alleen voorzieningen opzet op een locatie met meer dan 350 mensen. Bij een kleinschalige locatie zegt het COA dat de gemeente voorzieningen die nodig zijn moet bieden. De gemeenteraad heeft in de opdracht aangegeven dat gezocht moet worden naar locaties waar men zo veel mogelijk gebruik kan maken van de bestaande voorzieningen.

In de definitieve onderhandeling met het COA, afhankelijk van de locaties die gekozen worden en het aantal mensen die daar beoogd worden, zal gekeken worden naar welke voorzieningen in de wijk al aanwezig zijn en welke er nog bij moeten. - Opgemerkt wordt dat er een A32-visie in ontwikkeling is die meegenomen zou moeten worden in het proces. Er is een werkgroepsessie geweest waaraan Plaatselijk Belangen en dergelijke bijdragers input hebben geleverd, ook over dit stuk. Niet over de opvang van asielzoekers, maar wel over wat gevaren zijn van twee toegangswegen en dat soort aspecten. Die twee trajecten lopen naast elkaar, maar dat zou gezamenlijk moeten. 3. Deep democracy De aanwezigen gaan staan om op een actieve manier mee te kunnen doen aan deze methode. Zij gaan eerst allen aan één kant van de ruimte staan. Startvraag: Waarom is dit juist een goede locatie of waarom is dit juist een slechte locatie voor asielzoekerswoningen? Gespreksleidster 1: Waarom zou dit geen goede locatie voor asielzoekerwoningen zijn?

5

- Opmerking: Er zijn hier zoveel scholen en dan ga je hier zoveel asielzoekers opvangen, die spanningen kunnen veroorzaken. Er zijn fietsroutes waar eindeloos veel kinderen langsgaan, ook 's avonds, vlakbij tunneltjes waar het ook in de wintermaanden niet fijn langsgaan is. Aan het begin van een wijk waar iedereen langskomt, waar iedereen langs moet. Je hebt totaal niet een andere mogelijkheid om te zeggen: daar ga ik even niet langs. We hebben het ook nog over voorzieningen, winkelvoorzieningen, we zitten hier in een wijk met ik weet niet hoeveel duizenden woningen, die allemaal geen winkel hebben. Dus die voorzieningen zijn matig. Een huisarts is hier ook niet, een bus is hier ook niet, dus die voorzieningen zijn er voor ons ook niet. En voor asielzoekers zijn ze ineens heel belangrijk. Waar zijn wij dan gehoord over wat wij nodig hebben? Iedereen moet daarlangs. Ik woon aan de eerste straat, ik zie iedereen voorbijgaan, ik loop daar alle dagen met mijn hond. Daar gaan zoveel fietsers langs. Meisjes met naveltruitjes, die laat je langs al die mensen gaan die daar asiel vinden en niets te doen hebben en zo? Hoeveel ouders van kinderen zijn hier die daar op school gaan? - Opmerking: Ik ben zelf moeder en ik sluit me volledig aan bij de veiligheidszorgen over de twee tunnels.

Ik vind ze zelf al heel unheimisch, ik vind ze te donker, één toegangsweg, ik vind dat echt zwaar wegen met het nemen van het besluit. En daarnaast de scholen. Mijn kinderen zitten hier op school. Er zijn postcodestops, omdat het niet past. We bouwen al naar achteren uit. Ik vraag me echt af of hier voldoende voorzieningen zijn qua scholen. En op de school tegenover de beoogde locatie zitten kwetsbare kinderen uit kwetsbare omgevingen. Ik vraag mij af of je die moet blootstellen aan kwetsbare flippies. - Opmerking: Als je daar voor onze woningen een asielzoekerscentrum neerzet, ik weet niet wat dat met mijn woningwaarde doet en met de toekomst van mijn woning en mijn omgeving, dus voor mij is het ook financieel zwaarwegend. Ik denk, als ze daar een azc voor zetten, de eerste makelaar die komt haalt er een ton vanaf. Hoe word ik daarvoor gecompenseerd? - Opmerking: Ik wil eigenlijk een aanvulling geven op mevrouw daar. Ik zag dat de herkomst was Irak, Syrië, Turkije, Jemen en nog een land. Klopt dat? - Opmerking: Zeventig, tachtig procent komt uit Syrië. De projectleider geeft aan dat dat het landelijke beeld momenteel van de instroom in Nederland is. - Vervolg opmerking: Laat me dit meegeven met de term veiligheid. Ik heb 5,5 jaar gewoond in ..., dus ik heb met mensen uit Irak, Syrië, Emirati, Almanie, enzovoort samengewerkt.

De opvattingen over gedrag zijn daar fundamenteel anders dan die wij hier in Nederland hebben. 24/7 woonde ik daar. Ik heb daar nog niets van gehoord, maar het speelt wel heel erg voor deze mevrouw hier. En kinderen, ik hoor het woord naveltruitje, dat kan een gigantische impact en trigger zijn voor mensen die daar geplaatst worden. Jemen is zwaar fundamentalistisch. Daar heb ik naast gewoond, Jemen. Irak en Syrië zijn zwaar fundamentalistisch. We hebben onlangs wat in het nieuws gehad over een moord op een meisje. Twee Syrische zonen in opdracht van hun vader. Het is natuurlijk een incident, maar ik kan nu zeggen vanuit mijn eigen ervaring dat de opvatting van deze mensen op basis van een religieuze achtergrond, en dat is prima, heel erg moeilijk zijn te rijmen met onze achtergronden. Dus ik zou bijna zeggen: u speelt met vuur. U zei net: ik heb geen sturing als gemeente op het feit dat het COA daar mensen plaatst. Daar wil ik wel sturing op houden, toen werd Leeuwarden genoemd, er werd nog een gemeente genoemd, maar ik krijg de indruk: wacht eventjes, er staat in uw vraag: wat kunnen wij doen om de veiligheid te garanderen. Maar ik hoorde ook in uw betoog: nee, wij kunnen niet zoveel doen om de veiligheid te garanderen, want daar gaat het COA over. Dat zei u net zelf.

De projectleider geeft aan dat het COA iets doet, maar dat onverlet laat dat de gemeente en lokale politie ook hun taken en inbreng hebben. 6

- Vervolg opmerking: Ik denk dat mijn inbreng duidelijk is. Ik heb mijn eigen ervaring, 5,5 jaar wonen en werken in die regio, 24/7 gewerkt met deze mensen, daar is niets mis mee, maar het strookt heel moeilijk met onze eigen opvattingen hier. En dat geeft spanning en we merken dat dagelijks, het geeft ongelooflijk veel spanning. Gespreksleidster 2 resumeert: U zegt het is een slechte locatie, want het geeft allemaal spanningen. - Opmerking: Ik wil toch even iets aangeven. Ik vind het heel lastig hoor. Dit zijn ook een aantal politieke keuzes die landelijk zijn gemaakt, en ook in de gemeenteraad. Ik vind het heel lastig om dat nu hierin mee te nemen. Dat ligt eigenlijk op een ander vlak. Nederland heeft ervoor gekozen om asielzoekers op te gaan nemen. Die discussie loopt eroverheen. Dat vind ik erg lastig. Ik snap het sentiment over veiligheid, maar ja, of het nu terecht is dat je dat hier hoort, vind ik heel lastig. Simpel gezegd, als je het hier niet wilt, Nederland heeft ergens voor gekozen, dat betekent dat je iemand anders ermee opzadelt en is dat terecht dan? - Opmerking: Het uitgangspunt was: het kijken naar een zo geschikt mogelijke locatie. Het uitgangspunt is dat de meningen worden verzameld ook. Gespreksleidster 1: Dat kan ook betekenen dat we het grondig met elkaar oneens zijn. We zijn nu aan het kijken waarom het een slecht idee is.

Zijn er ook hele andere dingen te benoemen waarom het een slecht idee is om het op deze plek te doen? - Opmerking: Ik vind deze een beetje lastig. Straks ga ik aan de andere kant hetzelfde zeggen. Er is geen idee, er is geen plan. Hoe kan je dit nu goed of fout vinden? Ik weet niet waar ik ja of nee tegen zeg. Ik wil het plan weten voordat ik ja of nee zeg. De projectleider zegt dat de gemeente en politie verantwoordelijk zijn voor de veiligheid, en dat geldt denk ik voor alle vijf locaties. Aan de ene kant gaan we bezuinigen als gemeente op het integrale veiligheidsplan. En ik heb de adviezen van de politie gelezen. Die stroken niet met het azc naar binnen halen. Dus die vind ik echt lastig, want die klopt echt niet. De gemeente en de politie kunnen het niet waarborgen, want die zeggen: we hebben de capaciteit niet. Gespreksleidster 1: Dus het is een slecht idee, omdat de politie de veiligheid niet kan waarborgen. Zijn er nog andere dingen te zeggen aan deze kant? - Opmerking: Ik ben ook vader van drie kinderen, dus ik wil ook onderstrepen dat dat ook mijn zorg is. Ook gezien veel speeltuintjes. Dat is ook een politieke kwestie. Dat gaat elkaar ook wel ergens ontmoeten. Daarover heb ik ook terecht mijn zorg. Maar over de veiligheid, dat kun je ook omdraaien. Ik zie ook veel feestterrein waar men mee opgezadeld wordt. Ook met een andere cultuur. Ook voetbalpubliek.

Dus ook veiligheid andersom. - Opmerking: Ik heb hetzelfde punt. Gespreksleidster 1: Zullen we even kijken naar de andere kant, of er ook voordelen te benoemen zijn van deze locatie? Dan mogen jullie allemaal even aan deze kant komen. Jullie hoeven niets te zeggen. Gespreksleidster 2: Wat is een voordeel als een azc hier geplaatst kan worden? - Opmerking: Ik wil iets uit het verleden inbrengen. Ik begrijp al jullie argumenten. Ik heb zelf ook vier kinderen, inmiddels opgegroeid. Dus wat ik nu ga zeggen, daarmee ben ik geen tegenstander tegen de andere argumenten. Gespreksleidster 2: Het kan allebei zijn. 7

- Vervolg opmerking: Dat wil ik wel hier gezegd hebben, want het is niet zo dat ik een voorstander ben. Toen wij hier in de wijk kwamen wonen twintig jaar geleden, we zijn van de eerste straat, was er een asielzoekerscentrum net aan de andere kant van de snelweg en de kinderen van dat asielzoekerscentrum hebben met mijn jonge kinderen ook op deze school, toen dat nog een noodgebouw was, gezeten. Ik heb ook hele mooie ervaringen. Mijn kinderen speelden met die kinderen, ze kwamen bij mij thuis, we hadden contact met ouders. Een vader was vrijwilliger bij het zwembad. Ik denk nu nog wel, en dat hoor ik ook terug bij de kinderen, dat ik het ook wel mooi vind dat mijn kinderen met kinderen uit andere culturen, met zo'n verleden, opgegroeid zijn. Wij hebben daar toen geen slechte ervaringen mee gehad. Het ging heel goed samen. Er zijn ongetwijfeld incidenten geweest, maar dit kan ook een andere kant zijn. - Opmerking: Er zijn verhalen van verschillende gemeenten. Ik heb jarenlang in .. gewoond, daar zijn op een gegeven moment asielzoekers uit Bosnië gekomen. Die kwamen ook gewoon op school. Onze kinderen hebben daar ook mee gespeeld en dat was allemaal prima. Maar dat kwam omdat ze in een woning kwamen, in een wijk, en niet met 150 op één plek en vooral niet tegenover een school. Gespreksleidster 2: We gaan niet reageren op elkaar.

Het is vooral even van belang dat we vandaag hier nu even kijken: wat maakt dat het een goede locatie is. Zijn er argumenten waarom dit een goede locatie is? Wie heeft daarover een idee? - Opmerking: Die keuzes zijn al gemaakt door de gemeente. Gespreksleidster 2: Zien jullie ergens een argument waarom dit een goede plek is? - Opmerking: Er liggen al een paar plannen. Maar dit gaat met stoom en kokend water binnen een paar maanden. Er loopt al vier jaar een bezwaar om een supermarkt in Bos Tuin en Dier te maken. Dat kan niet. Als je het dan wel doet, waarom kan het dan wel zo snel. - Opmerking: Omdat er financiën van het COA tegenover staan. Ik denk dat de gemeente een financieel belang heeft, dat hier niet genoemd wordt. Onder het mom van humane opvang organiseren, heeft men gewoon een financiële agenda. - Opmerking: Daar benoem je wel iets positiefs, want ze krijgen geld mee van het COA. - Opmerking: Ook ons belastinggeld, dat is voor de gemeente. Gespreksleidster 2: Wat ik hoor is: De gemeente krijgt er veel geld voor, waar ze ook iets mee kunnen. Is dat een voordeel? - Opmerking: De voorziening kan in de wijk gerealiseerd worden met het geld dat binnenkomt. Gespreksleidster 2: Wat ik hier hoor zeggen is: Als er meer geld komt, dan kunnen we misschien met dat geld die voorziening wel maken. Dat kan een plus zijn.

- Opmerking: Ik vind het een hele ingewikkelde zaak waarom dit een goede locatie is. We hebben feitelijke criteria gehoord zoals een bushalte en dergelijke. Maar wat zijn die feitelijke criteria? In mijn beleving is een huisarts ver weg, is een bushalte heel ver weg van Skoatterwâld. Dus wat zijn die criteria? Ik kan niet zo goed bedenken waarom ik dit een goede locatie vind. En tegelijkertijd denk ik helemaal niet dat wij die extra voorzieningen krijgen, want het is ook een maatschappelijk en politiek probleem dat het COA alleen maar gaat investeren in dat stukje gebied, dus dat gaat de gemeente nooit doen. Dat voordeel kan ik niet zien. - Opmerking: Het lijkt me sterk dat we nu een supermarkt gaan krijgen. 8

- Opmerking: Jullie hebben meer van dit soort sessies gedaan. Gespreksleidster 1: Dit is de eerste avond. - Vervolg opmerking: O, dit is de eerste. Ik zou willen vragen, hebben jullie vanuit de andere sessies misschien ook argumenten waarom je voor zou moeten zijn? - Opmerking: Plus, ik denk ook, je kunt niet zeggen of je het positief of negatief vindt, want we weten nog niets. Ik zie een blauwe plek en that's it. Dus waarom kun je praten over of iets goed of slecht is. Ik vind het een heel vaag gegeven waar je het over hebt. Zijn het twee woningen? Het kunnen er misschien meer zijn. Zijn het er vijftien? Komt er een groot hek om de tuin zo meteen? Komen er slagbomen langs? We weten het helemaal niet. Is het over vijf jaar, of over tien jaar of over één jaar? Gespreksleidster 1: Misschien moeten we even gaan kijken nu we deze twee kanten hebben verkend; aan welke voorwaarden zou het moeten voldoen om een kansrijke locatie te kunnen zijn? Misschien kunnen we die vraag verkennen. - Opmerking: Daar wil ik wel wat op zeggen. Welke voorwaarden je ook aan het COA stelt, ze komen toch. Hotels overnemen, beginnen met verbouwen, omdat er een vergunning is. Dat wordt allemaal gedoogd. Er zijn in heel wat gemeenten problemen met het COA. Dan zegt het COA gewoon: We kunnen niet anders, we moeten iets met die mensen, en dat doen ze dan.

Je kunt hier wel van alles gaan bedenken, maar als de partijen samen zich daar niet aan houden. Doe dan gezinnen. Dat is gebaseerd op vertrouwen. En er is niets zo permanent in Nederland dan een tijdelijk asielzoekerscentrum. Dat staat er over twintig, dertig jaar nog. Je kunt wel afspraken willen maken, maar als een partij niet welwillend is, niet transparant is, want dat is ook bij het COA zo, wat voor zin heeft het dan om hier over voorwaarden te praten? Gespreksleidster 1: Misschien moet we even gaan kijken wie deze mening nog meer deelt. Zou je een stap naar voren willen doen? - Vervolg opmerking: Ik heb een zwager wiens broer werkt bij DTenV. Als zij naar het COA toegaan en aangeven: Wij gaan hier die Algerijn uitzetten, wat sowieso heel moeizaam is, want die mensen willen niet terug, wat doen ze dan? Dan gaan ze naar het COA en zeggen ze tegen het COA: Dan en dan gaan we een vreemdeling ophalen en dan wordt die uitgezet. Dan komen ze die dag en dan is hij weg. Dan heeft het COA getipt van: Denk erom, ze komen je dan en dan halen, onderhands gaat dat door en dan is hij weg. Dan komt hij drie weken later weer bovendrijven. Wat moet je daarmee? Je kunt die organisatie niet op die manier vertrouwen. Gespreksleidster 1: Ik ben benieuwd wie daar nog meer zo over denkt. De stelling is: Het COA is onbetrouwbaar. Wie vindt dat nog meer? Die mag erachter komen staan.

Bijna alle deelnemers scharen zich achter deze mening. Gespreksleidster 2: Als je een andere mening bent toegedaan, dan blijf je hier staan. - Opmerking: Dat wil dus niet zeggen dat het COA betrouwbaar is, dat dat genotuleerd wordt. Wij zijn neutraal. Gespreksleidster 1: De statements worden zeker genoteerd. Gespreksleidster 2: We gaan even verder kijken. Als je hier staat komen we misschien naar je toe en gaan we vragen: Hoe kijk jij daar tegenaan? Op dezelfde manier. Hetzelfde statement en dan vragen 9

we: Herken je dat? En wie dat herkent mag erachter komen staan. En als vanzelf komen we dan op: Wat is er dan nog meer nodig? Een betrouwbaarder COA misschien. - Opmerking: Dat is een hele andere stelling. Vind je het COA onbetrouwbaar? Dat kan ik niet beoordelen. Stel dat je zegt: Is er een betrouwbaarder COA nodig? Dat ben ik met je eens. Ik wil een betrouwbaarder COA en ik wil aan meneer van de gemeente de vraag stellen dat door de gemeente afspraken gemaakt worden met het COA, en dat die nagekomen worden. En als de gemeente zegt: Ik wil alleen families, dat dat een afspraak is. Dat goede en eenduidige afspraken gemaakt worden. Gespreksleidster 2: Oké. Je mag erachter komen staan. Ik wil dat wij andere afspraken met het COA maken en ik wil dat die nagekomen worden, dat het COA betrouwbaar is. - Vervolg opmerking: En een betrouwbare gemeente. - Opmerking: Dat zien we in Leeuwarden nu ook, dat gaat sluiten inderdaad. Gespreksleidster 2: Wie dat ook vindt, mag hierachter komen. En als je een ander idee hebt, dan... - Opmerking: Ik denk dat dat de essentie van het hele verhaal is, dat ze terug naar de tekentafel moeten. De Spreidingswet is in 2023 uitgeroepen, maar is nu eigenlijk passé, die kan in de koelkast. En de gemeente moet terugkomen op haar besluit. Dit is gewoon verspilling van tijd. Niets ten nadele van jullie hoor.

Maar het draagvlak onder de mensen, dat is er haast niet. We kunnen hier wel uren staan, ik vind het prima hoor, maar de point is: het verandert gewoon, het gaat gewoon veranderen. De Spreidingswet is er niet meer. Die gaat zo meteen de koelkast in en we gaan over naar centrale opvang, zoals Marjolein Faber dat aangegeven heeft. Dus ik vind eigenlijk dat de gemeente een beslissing heeft genomen op basis van hun eigen belangen. Ik geloof dat de wethouder van de PvdA zei dat er heel veel draagvlak onder de bewoners is. Ik weet niet uit welk onderzoek dat is gebleken. Ik ben niet tegen asielzoekers hoor, die opvang moet gewoon blijven bestaan, maar zoals de gemeente dit gespeeld heeft met de huidige situatie. Die moet gewoon terug naar de tekentafel. Gespreksleidster 1: Eigenlijk zeg je: Stop hier maar mee, het is onzin dat we hier staan. Ik wil even kijken wie het daar nog meer mee eens is en uitnodigen om hierachter te komen staan. Jij zegt eigenlijk: Er is totaal geen draagvlak hier, ga maar terug naar de tekentafel, want hier kunnen we niks mee. - Vervolg opmerking: Nee, de essentie van het verhaal is: de gemeente is het aangegaan. Gespreksleidster 1: Wie vindt dat nog meer? Die mag erachter komen staan. Gemeente, ga terug naar de tekentafel, want er is hier geen draagvlak.

Wie vindt dat nog meer? - Opmerking: Ik heb ook een rol als Wijkraad, ik heb eigenlijk twee petten op, ik vertegenwoordig mensen. Gespreksleidster 1: Jullie staan aan deze kant. Denken jullie dat... - Opmerking: Ik wil nog even aanvullen. Op zich is het zo dat de Spreidingswet nog geldt. Dat is ook wat de projectleider zei. Maar misschien over een paar maanden niet meer. Maar over een paar maanden zit er misschien een ander Kamerlid. Dat zou kunnen. Om het helemaal van tafel te gooien, vind ik te veel. Maar je zou ook kunnen zeggen, het politieke klimaat is dusdanig, wacht even af. Om het echt totaal weg te gooien vind ik ook wat overdreven. Het risico kan zijn, als je niks doet en de wet blijft gewoon bestaan, dat je de dingen gewoon hoort, waar je dan veel te weinig invloed op hebt. 10

- Opmerking: Begin dan op die locaties die al jaren in het beleid staan om een azc te bouwen. Gespreksleidster 2: Een oproep aan de gemeente: maak een pas op de plaats, status quo, dat is wat nu belangrijk is. Wie dat herkent, mag erachter komen staan. Dan kunnen we gelijk even kijken wie dat nog meer vindt, dan hebben we gelijk dit statement binnen. We zijn aan het ophalen. Is er nog een ander idee? - Opmerking: Ik wil nog een perspectief toevoegen. We hebben de Spreidingswet, maar ik zie daar ook de koppeling met de visie A32. Ik heb ook de sportvelden onthouden, op 1 januari 2025, een enorm snelle tijdslijn. Zijn dat niet hele belangrijke onderwerpen, waardoor we aan de gemeenteraad moeten zeggen: pas op de plaats en kijk kritisch naar of deze plek überhaupt wel daarvoor geschikt is, want er lopen twee hele andere trajecten. Ik zie locatie 5, Bos Tuin en Dier, is niet geschikt, maar onderzoek dat ook nog maar een keer. Gespreksleidster 1: Wie is het daarmee eens? - Opmerking: Ik ben het er zeker mee eens, met één aanvulling in relatie tot de tijdslijn die we zien. Men wil in oktober een advies inbrengen, dan komt in november een voorgenomen besluit. Dat is superkort over zo'n cruciaal onderwerp. Het loopt inderdaad ook parallel met wat in de zomer is opgestart. - Opmerking: Het zal juridisch ook heel lastig worden voor de gemeente, denk ik.

Gespreksleidster 1: Dus jullie boodschap is heel helder van: neem er meer tijd voor, zet het even on hold. Kijk ook naar de andere ontwikkelingen die er zijn. Bekijk het integraal. En tegelijkertijd hoor ik jullie ook zeggen: als we helemaal niets doen, dan overkomt het ons. Gespreksleidster 2: Zullen we eens kijken of nog een ander perspectief hiernaast te zetten is. Jij staat hier. - Opmerking: Eigenlijk stond ik hier niet. Het punt waarom ik deze kant opgelopen ben, dat vind ik simpeler. Er werd gesteld: Omdat de regering het anders gaat doen, moeten we hier pas op de plaats maken. Dan denk ik: de gemeente kan daar wel een beslissing in nemen, als zij de asielzoekers wel wil opnemen, doe dat dan. Maar als je dan gaat kijken van: er zijn nog allerlei andere projecten die lopen, dacht ik: dat is wel een argument. Dan zeg ik: we hebben zoveel dingen lopen op dit moment in zo'n kort traject. Kijk dan wat er verder allemaal nog ligt, en ga niet alleen deze gesprekken voeren, maar kijk ook naar die gesprekken die daar opgeschreven worden, en kijk of je beslissingen kunt nemen waarbij je alles betrekt. De regering vind ik niet leidend, maar de andere argumenten vind ik wel sterk. Gespreksleidster 2: Die hebben we net opgehaald met elkaar. Zijn er nog andere perspectieven? - Opmerking: Ik heb nog wel een prangende vraag.

Zijn er nog andere locaties in beeld geweest als zijnde azc-locaties? Daar is beleid op gemaakt, daar is op voorgesorteerd, daar maakt men de beslissingen op. En nu is het: dat staat nog wel ergens tussen. Maar waarom gaan we zo driftig zoeken naar allerlei andere locaties, terwijl die er ook nog steeds zijn? Gespreksleidster 1: Zijn we dan eraan toe dat we nog een laatste rondje vragen willen doen aan de projectleider of zijn er nog dingen die jullie aan input mee willen geven? - Opmerking: Het begint een beetje opgedrongen te voelen. We gaan zo meteen op de stoel zitten en dan krijgen we weer twintig vragen en wat iedereen ervan vindt. Het is allemaal wel heel onzeker en onduidelijk, terwijl wel een tijdsschema geformuleerd wordt wat best heel snel wil. Hoe groot is de 11

inspraak eigenlijk? Krijgen we nu inspraak en vervolgens over twee maanden is alles afgesloten. Terwijl vragen niet beantwoord kunnen worden omdat er nog veel onduidelijk is. We kunnen eigenlijk geen mening formuleren nu, want we weten eigenlijk niets, we weten niets van grootte, waar precies en hoe en wat. Gespreksleidster 1: Dat sluit eigenlijk aan bij de opmerking: gemeente ga terug naar de tekentafel, kom met een concreter plan en ga dan weer met ons in gesprek. Is dat eigenlijk wat je wilt zeggen? - Vervolg opmerking: Ja, het is nu allemaal wel heel kort dag. Gespreksleidster 2: Zullen we even checken of dat voor meer mensen geldt? Kom terug hier met een concreet plan, zodat we echt weten waar we het over hebben. Wie dat ook vindt, mag hierachter komen staan. - Opmerking: Voor alle locaties dan. Gespreksleidster 2: Voor alle locaties. Alle deelnemers scharen zich achter deze mening. Gespreksleidster 2: Dat is heel duidelijk. En wat is er nodig, mocht het hier wel komen? - Opmerking: Ik wil nog een punt inbrengen. De toegankelijkheid van de wijk. We bouwen nog steeds honderdvijftig woningen achterin deze wijk. We hebben twee ontsluitingen, waar aan de ene zijde Van der Valk moet komen, en met aan de andere kant de blauwe vlek. De gemeente heeft een gebiedsvisie rondom het stadion en wil parkeren daar uitsluiten en overhevelen naar onze kant, naar Skoatterwâld.

Dus daar speelt nog het een en ander. Daar komen verkeersstromen op gang. We hebben hier wat gehad op de A32 met werkzaamheden, toen stonden ze hier in de file. Gespreksleidster 2: Dus jouw punt is, ik wil een extra toegangsweg. - Vervolg opmerking: Ik wil een toegankelijke wijk houden en ook in het kader van calamiteiten dat men de wijk in en uit kan komen. Gespreksleidster 2: Dus u wilt eigenlijk een extra toegangsweg om in ieder geval de doorstroming op orde te houden. - Vervolg opmerking: Voor ons en de calamiteiten. Gespreksleidster 2: Wie dat ook vindt, mag hierachter komen staan. Bijna alle deelnemers scharen zich achter deze mening. Gespreksleidster 2: Wat is er nog meer nodig, aan deze kant? - Opmerking: In het kader van het thema veiligheid vind ik echt de twee tunnels richting het centrum unheimisch door de bebossing. Dat is nu al zo. Dat vind ik echt essentieel, dat die toegangswegen richting de voorzieningen veel overzichtelijker worden, verlicht. - Opmerking: En ook dat er meer controle komt, handhaving, want er rijden gewoon auto's doorheen. Daar wordt nooit naar gekeken, maar het mag niet.

12

Gespreksleidster 2: De tunnels moeten verbeterd worden, lichter, ruimer, veiliger. Wie dat herkent, mag hierachter komen staan. Dat is wat we nodig hebben, extra. Bijna alle deelnemers scharen zich achter deze mening. Gespreksleidster 2: We zijn aan het ophalen. - Opmerking: Ik vind het concept van woningen prachtig en kleinschalig is prachtig, maar als er geen veiligheid geboden wordt in de zin van beveiliging, dan is het thema dan veel groter dan nu. In hoeverre is het voor mij als vrouw 's avonds laat nog vertrouwd om alleen naar Sportstad te gaan, of word dan ik gedwongen om overal in mijn auto naartoe te gaan? Gespreksleidster 2: Ik vind het belangrijk dat op alle fronten de veiligheid voorop moet staan. Hebben jullie een voorstel of een idee? - Opmerking: Ik pleit voor dan wel een hek en veiligheidsmaatregelen daaromheen. - Opmerking: Ze kunnen ze niet opsluiten. Gespreksleidster 2: Zo veel mogelijk veiligheidsmaatregelen, dat is heel erg van belang. - Opmerking: De gemeente doet haar best met het COA, die krijgt daar cadeaubonnen voor, bewakingscamera's, noem maar op, maar het is allemaal te reactief, te laat, zolang je mensen die overlast geven kan uitzetten, maar dat in de praktijk niet gebeurt, kan het COA helemaal niks vastleggen. Wat we hier willen natuurlijk is een mix van gezinnen. Er zijn afspraken, maar het COA doet dat niet meer.

Het COA deed dat vroeger wel, maar het COA heeft te veel mensen die in een asielprocedure zitten, die niet terug willen want ze krijgen geen papieren. Het gaat mondjesmaat. Je kunt deze dingen allemaal wel willen, je kunt het allemaal uitspreken, je kunt het juridisch vastleggen met het COA, maar als het puntje bij het paaltje komt, sta je er als gemeente voor en moet je het zelf regelen. Dus wat je er ook over zegt, wat je er ook over afspreekt met het COA, dat gaat gewoon niet nagekomen worden. Gespreksleidster 2: Maar ik hoor jou wel zeggen: Stel het lukt niet met het COA, gemeente, jij moet daar zelf initiatief in nemen. - Vervolg opmerking: Ik zou tegen de gemeente zeggen: Voordat je dit gaat doen, ga eerst in gesprek met andere gemeenten waar een azc staat, Budel, Ter Apel, Westerwolde, en kijk van wat zijn daar nu de dingen die wij hebben geleerd uit de samenwerking met het COA. Kunnen we daar afspraken mee maken en dan zeggen: is het een betrouwbare organisatie waarmee je afspraken kan maken. - Opmerking: Volgens mij heeft de projectleider in het begin al gezegd dat je met het COA geen harde afspraken kunt maken. Gespreksleidster 2: Is er nog iets anders? - Opmerking: Ik heb nog een aanvulling. Het ging over de tunnel. Een tunnel blijft een tunnel. Die kun je lichter maken of een stuk breder, maar het blijft gewoon een tunnel.

Dat als argument, ik snap het wel, maar je houdt altijd een tunnel, want je moet onder de snelweg door. Hoe breed of hoe licht je ’m ook maakt, het blijft een tunnel. Ik denk niet dat het heel veel uitmaakt. Het gevoel blijft hetzelfde.

13

- Opmerking: Ik wil nog even aanvullen op het perspectief dat als de gemeente verantwoordelijkheid moet pakken, dat dan die bezuinigingen op de veiligheid en politie ook meegewogen moeten worden. Gespreksleidster 1: Dus we hebben nu verschillende aspecten rondom veiligheid benoemd. - Opmerking: Het pingpongt wat heen en weer. De startvraag was voordeel of nadeel. En volgens mij stonden we allemaal aan die kant. En ik snap vanuit de werkvorm dat je zoekt naar oplossingen voor deze locatie. En dan sluit ik aan bij wat meneer daarachter zei: dan word je een beetje gedwongen ook door de dynamiek en door de vraagstelling om iets positiefs te zeggen over het idee dat er ligt. Ik ben dus heel benieuwd hoe dat uiteindelijk in de verslaglegging en in de weging terechtkomt. Op het moment dat we principieel vinden dat er geen voordelen zijn, want dat was de startvraag, is alles wat daarna gezegd wordt volgens mij niet meer aan de orde. Dat is daarmee van tafel. Dan sluit ik me aan bij die meneer: terug naar de tekentafel is dus niet terug naar de tekentafel om te kijken van waar gaan we ze dan plaatsen of zo, nee, terug naar de tekentafel is een heroverweging van het besluit. Dat is volgens mij de boodschap die afgegeven wordt. Ik wil ervoor waken dat dat in jullie verslag terechtkomt, want daar ga ik niet voor tekenen.

Want er is gezegd van dit is een oplossingsrichting en dit is een mogelijkheid, zo wordt het nu een beetje gemanipuleerd, en daar ben ik pertinent tegen. Dat wil ik ook genotuleerd hebben. Gespreksleidster 1: Misschien dat we even kunnen kijken in hoeverre dit gedragen wordt. Wie herkent dit? Alle deelnemers scharen zich achter deze mening. - Opmerking: De veiligheid van de tunnels wordt genoemd, maar ik wil noemen dat om deze locatie heen ook veel onbewoond gebied is, waar geen toezicht is vanuit woningen als er iets gebeurt. Als er een kind roept of zo, dat hoor je niet en zie je niet, want er is daar geen woning verder. Dus het is een hele geïsoleerde plek. Of dat nu zo gunstig is, dat denk ik niet. - Opmerking: Dat is wel waar iedereen langsfietst. Dat is natuurlijk wel zo. Iedereen die vanuit de wijk naar Sportstad gaat of 's avonds terug van de bioscoop fietst, komt er wel langs. - Vervolg opmerking: Als daarachter of op het parkeerterrein iets gebeurt, heeft niemand daar toezicht op. Terwijl als er voor mij in de straat wat gebeurt, dan hebben we nog kans dat ik wat hoor of zie, zodat je daar wat aan kan doen. Gespreksleidster 1: Is alles gezegd voor nu wat er gezegd moet worden? - Opmerking: Ik wil eigenlijk nog wel benadrukken dat we zorg over de waarde van ons huis hebben.

Dat vind ik een heel groot ding, het gaat zeker effect hebben als dit een mogelijke locatie wordt. Ik vind het heel zorgelijk. - Opmerking: Ja, en je bent hier gaan wonen met een bepaald idee, dat mensen kinderen krijgen of kinderen hebben, dat je in een kindvriendelijke buurt bent gaan wonen, wat opeens verandert. - Opmerking: Het is het aangezicht van de wijk. - Opmerking: We wonen hier zo rustig en we hebben de ruimte, dat is het idee. Gespreksleidster 2: Is er nog iets anders wat nog niet gezegd is vanavond?

14

- Opmerking: Het is eerder benoemd, de selectieprocedure van wie hier vanavond wel of niet inspraak heeft. Ik denk dat wij dat kunnen beamen, ik heb zelf ook contact gehad, het is zo'n black box van wat wordt benoemd. Wat gaan jullie eigenlijk doen vanavond? Is er al iets georganiseerd? Wat is de exacte locatie überhaupt? Die was tot vanavond nog niet bekend. En het is eigenlijk nog steeds een vlek. - Opmerking: Als je kijkt naar criteria, als je nu die blauwe plek hebt, het cirkeltje dat gepubliceerd is gaat vanaf dit punt. Als je daar zit, dat snap ik ook niet helemaal, dan zit je er toch ook in? - Opmerking: Het is de ingang van de wijk. Het gaat de hele wijk aan. Waarom uitgaan van 250 meter? - Opmerking: Aan de andere kant vind ik het heel positief dat hier naar elkaar wordt geluisterd. Dat wil ik ook gezegd hebben. Alleen, wat je krijgt, en dat is een beetje een emotioneel argument, ik snap dat dat niet negatief bedoeld is, maar er wordt gezegd dat men niet op zoek is naar draagvlak vanavond. Dat snap ik, begrijp ik. Dat is denk ik niet de bedoeling. Maar voor mensen, als je dat zegt: wij zijn niet op zoek naar draagvlak, nou moet je kijken. Als je kijkt naar dit gedeelte, dan komt eerst de communicatie. Er wordt gezegd: ingang van de wijk. Dan wordt volgens mij iets gezegd over grasvelden. Dat zou daar kunnen, het is best wel breed.

En dan is er nu een tekening met straten van mensen die worden uitgenodigd. Heel gefragmenteerd. Ik denk, als je het gewoon heel rationeel bekijkt dat het niet zo bedoeld is, maar als je al voelt voor jezelf, volgens mij wordt het gewoon zo besloten, dat het voor een hele grote groep mensen moeilijk is om dat gevoel weg te poetsen. Ik zeg niet dat het zo bedoeld is. Ik vind het heel goed, het gesprek ook. Ik ben er zelf ook niet per se op tegen, zeg ik erbij, als de veiligheid heel goed is. Gespreksleidster 2: Wat zou jouw voorstel zijn nu je dit weet, wat zou je zeggen, wat zou je nu mee willen geven? - Vervolg opmerking: Had het anders gedaan, want je hoort heel veel mensen nu al zeggen: ik word niet serieus genomen. Dat is helemaal niet de bedoeling, volgens mij, hier. - Opmerking: We hebben een brief gekregen en op het moment dat de brief er was, was ook op de website helemaal niet duidelijk hoe het zou komen. Stuur dan een brief wanneer al die informatie duidelijk is. Dan weet je veel beter waarop je kan reageren. - Opmerking: Volgens mij stond het een week eerder in de krant. Daar heeft de gemeente volgens mij een steek laten liggen. Dat hebben ze later gedaan. Dus de onrust zit er al in.

Vervolgens is er een inspraakavond op het gemeentehuis en voor heel veel mensen die hier nu niet zijn en wel in de wijk wonen, is er een hele drempel, want die hebben het voortraject niet meegekregen. Ik kan me voorstellen dat er mensen zijn die zeggen: ik doe het niet. Gespreksleidster 1: Dit is een hele goede die je zegt, want vanavond is er dialoog en gaan we met elkaar in gesprek om op te halen. Geografisch, dat is een keus, een feitelijke objectieve keus. Ik denk dat jullie wel vrij representatief zijn voor nog een grotere cirkel eromheen, want dat is onze ervaring ook met groepen. Het gaat erom dat we alle invalshoeken met deze groep boven tafel krijgen. Ik denk dat dat met deze groep aardig lukt, want jullie kennen ook weer mensen. Missen jullie nog invalshoeken die jullie zouden willen inbrengen? - Opmerking: Er zouden hier twee instanties zijn, de Wijkraad en De Spil, en ik zou echt het perspectief van alle scholen ook mee willen nemen, ook van de mbo-school. Dat perspectief moet echt mee naar de gemeenteraad.

15

Gespreksleidster 1: Dat is een hele mooie. Eigenlijk zeg jij: gemeente, ga nog expliciet in gesprek rondom deze locatie met deze partijen. - Vervolg opmerking: Kijk maar eens om 13.50 bij de kwetsbare school. Het staat daar bomvol met auto's en taxi's. Dat is nu al niet goed geregeld. Dat is echt iets dat je moet meenemen in het gesprek. - Opmerking: Daar wil de gemeente ook niets aan doen. We hebben er al over gebeld, dan zeggen ze van: stuurt u maar een foto. Ik moet bewijslast leveren. Wij krijgen brieven dat we niet in het gras mogen parkeren in onze straat. En bij de school staan wel duizend auto's en niemand komt kijken. Wat doet de gemeente dan? De gemeente doet niets. - Opmerking: Aanvullend hierop, vanuit het Wijkpanel wordt gezegd dat het niet mag. Vervolgens doet SC Heerenveen het wel. De gemeente zegt: wij hebben geen capaciteit voor handhaving. Gespreksleidster 2: Zullen we kijken wat er nog niet is gezegd wat wel gezegd moet worden, dan wel een voorstel dat je wilt meegeven of een idee dat je wilt meegeven. - Opmerking: Ik wil nog wel een voorstel doen. Ik sluit me helemaal aan bij de groep. Er is gekozen voor dit format, we zijn de vertegenwoordiging van een groep. Ik vind het ook heel fijn om de informatie nu te krijgen. Nu ook dit gehoord is, voel ik wel een grote behoefte door een groot deel van de groep of we dit groter moeten doen. Het is een tweede kans.

We hebben dit gehoord en we willen meer informatie waar we het over hebben. Misschien dat een deel niet vertegenwoordigd is omdat dat nog onduidelijk is. Het is ook een mooie kans om op te nemen: we gaan het nu opschalen, ook gezien de ligging, de ingang van de wijk. Alle mensen in de wijk worden ermee geconfronteerd. Dat is ook een mooie kans om mee te nemen vanuit de groep: moeten we dan nu grootschaliger gaan informeren, ook met wat we nu weten. Gespreksleidster 1: Er zijn, zoals de projectleider al zei, 273 mensen uitgenodigd, en jullie hebben daar gehoor aan gegeven. - Opmerking: Er zijn mensen niet gekomen, omdat ze bijvoorbeeld niet wisten dat dit de locatie was. Mensen zeggen nu: o, komt het daar? O, jee! - Opmerking: Mijn partner heeft zich aangemeld, maar hij heeft geen uitnodiging ontvangen. Er zijn dus wel meer meningen, ook al zijn we één gezin. Gespreksleidster 2: We zitten nu in het voorstadium. Ik heb gehoord dat er zorgen zijn van: ik weet nog niet hoe het eruit ziet, en: ik wil graag dat meer mensen inspraak hebben. Dit is ook een oproep, denk ik, aan de gemeente om te zeggen: als je in een verder gevorderd stadium bent, kom dan terug. - Opmerking: Voor het inspreken bij de raad, moet je hier toch wel weten waar het überhaupt over gaat. Want eigenlijk weten we nu nog niks. Gespreksleidster 2: Als ik de oproep samenvat, is het nu nog te vroeg.

Er is straks inspraak, maar alle mensen moeten veel eerder, voordat de inspraakavond is, weten wat de locatie is en wat de afwegingscriteria zijn en de juiste informatie hebben. - Opmerking: Ik wil nog iets aanvullen. We hebben deze werkvorm gehad, maar het is mij compleet onduidelijk wat voor type verslag er naar de gemeenteraad gaat. Er is door ... een heel duidelijk statement samenvattend gemaakt, met daaromheen al onze discussie. Welke weging zit er in dat verslag? Dat is nog steeds lastig. 16

- Opmerking: Krijgen wij dat te zien? Is het een concept voordat het definitief wordt? - Opmerking: Krijgen we het verslag te zien of krijgen we de notulen te zien? De projectleider: Het verslag dat vanavond wordt gemaakt, wordt straks verwerkt tot een leesbaar stuk en dat komt naar jullie toe. - Opmerking: Maar dat leesbare deel is afhankelijk van hoe degene het omschrijft? Gespreksleidster 2: Je hebt de weging al gezien. De weging wordt ook meegenomen. Je kon zien hoeveel mensen erachter stonden die dat ook vonden. We nemen gelijk de weging van vanavond mee. - Opmerking: Ik wil het nog even over het verslag hebben, want jullie hebben aangegeven dat het naar ons wordt verstuurd. Maar wat is dan de status van het verslag? Als iemand iets heeft gezegd, maar het staat er niet in, kunnen we dat aangeven? Of krijgen we een verslag waar we verder niets meer over te zeggen hebben? - Opmerking: Ligt het verslag dan al bij de raad of gaat het eerst in concept naar ons toe? Gespreksleidster 1: Zullen we weer gaan zitten, dan kunnen we dit onderdeel afronden. De deelnemers gaan zitten. 4. Vragen en opmerkingen - Opgemerkt wordt dat is gezegd dat er onduidelijkheid is en dat de Wijkraad ook heeft teruggekregen dat er met name veel angst is omdat het niet duidelijk is. Mensen gaan dingen zelf invullen en daardoor ontstaat een bepaald sentiment dat in de wijk leeft.

Het zou goed voor de wijk zijn om daar gehoor aan te geven. De projectleider noteert de opmerking. - Een aanwezige merkt op dat er eerder een enquête is geweest om te inventariseren, waarbij de Wijkraad ook betrokken was. Dat ging over de behoefte aan eventueel een supermarkt. De aanwezigen geven vanavond feedback en de informatie is welkom. Hij verwacht straks een goede terugkoppeling, ook van de andere locaties, hoe men tot deze weging is gekomen om wel of niet iets te doen. Dat is in het vorige traject niet gebeurd. Er moet een informatieve brief komen met wegingen hoe men tot een besluit is gekomen. De projectleider geeft aan dat het opschrijven van de objectieve zaken gedaan kan worden. Het is belangrijk dat het verslag zo goed mogelijk gemaakt wordt. De dames van Deep Democracy Noord zullen dan bekijken of de lijn van het verhaal juist is. Dan wordt het verslag naar de deelnemers gestuurd en kan daarop gereageerd worden, zonder ellenlang heen en weer te schrijven over punten en komma's. Het statement van ... heeft hij opgeschreven. - Een aanwezige merkt op dat wanneer de notulen worden opgesteld aan de hand van deze werkvorm, niet naar boven komt wat de stelling is geweest die vanavond het meest gedragen is, nl. die van ... . Volgens haar moet daar kritisch naar gekeken worden.

Dit is een werkvorm om een goed en respectvol gesprek met inwoners te voeren, maar ze denkt niet dat de werkvorm de structuur voor de notulen moet zijn.

17

- Een aanwezige merkt op dat de gespreksleiders van Deep Democracy Noord daar een grote rol in kunnen hebben, want zij hebben aangegeven om gemotiveerd achter een stelling te gaan staan. Dan denkt ze dat hun observaties daarbij van belang zijn om mee te nemen. Gespreksleidster 1 doet de belofte dat haar collega en zij in alle zorgvuldigheid hiernaar gaan kijken, dat het verslag zo goed mogelijk recht doet aan hetgeen vanavond gezegd is en de manier waarop. De projectleider geeft aan dat de aanwezigen aan het begin van de avond de gelegenheid hebben gehad om vragen te stellen. De kleuring van wat er vanavond is losgekomen moet ook in het verslag. - Opgemerkt wordt dat het sentiment dat hier vanavond leeft, dat 99% het niet in deze wijk ziet gebeuren, moet worden meegenomen. - Opgemerkt wordt dat de Wijkraad inbreng heeft meegekregen, waarover nog niet gesproken is vanavond. Hij vraagt hoe die inbreng zijn beslag in het verslag krijgt. Gespreksleidster 2 geeft aan dat het verslag van de Wijkraad wordt meegenomen. Op de website staat ook een format waarmee mensen hun inbreng kunnen geven. Al die inbreng wordt meegenomen. - Opgemerkt wordt dat een aspect nog onderbelicht is gebleven. Er is veel onduidelijk, er is een vlek en men weet nog niet precies wat er komt. Als het azc er komt, wat gaan de gemeente en het COA dan doen om de participatie te helpen? Een gratis proces.

Mogen mensen wel of niet werken? De projectleider geeft aan dat de gemeenteraad heeft aangegeven dat als de locaties gekozen worden, dat er een afvaardiging van die locatie moet zijn, die kan meepraten over hoe het er concreet uit komt te zien en ingevuld gaat worden. Asielzoekers mogen werken. Er is een paar maanden geleden nog een gerechtelijke uitspraak geweest die dat verruimd heeft. Er zal een beroep worden gedaan op vrijwilligers die willen helpen mensen te ontvangen, te laten integreren en dergelijke. Er zal contact zijn met de scholen, de huisarts, de sportvoorzieningen om samen activiteiten te ontplooien om elkaar te helpen. Dit is inderdaad nog een vlek, maar als het azc hier zal komen en de vlek ingetekend gaat worden, dan moet de klankbordgroep daarbij betrokken zijn. - Opgemerkt op dat men de mensen die hier komen iets te bieden moet hebben. Het lijkt hem niet goed om mensen alleen hier te ‘parkeren’. De combinatie van gemeente en COA zal moeten zorgen dat daar veel actie op gezet gaat worden, naast de handhaving en dergelijke. De projectleider geeft aan dat gezocht wordt naar werkvormen die dat mogelijk maken. - Opgemerkt wordt dat de scholen vanavond missen. Spreker verzoekt de gemeente om de scholen actief te benaderen en uit te vragen. Gespreksleidster 1 merkt op dat dat genoteerd is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=9101d16b-8fd2-4a3f-9014-3a4998d64741