CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Ombuigingenbundel

Raadsvergadering 7 juli 2025, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Perspectiefnota 2026 en Voorkeursscenario Gezonde Financiële Positie27.358 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

​

Ombuigingenbundel Gezonde Financiële Positie

​ Juni 2025

1

Ombuigingenbundel Gezonde Financiële Positie

Versie Juni 2025

| 2 | Ombuigingenbundel

Inhoudsopgave Domein Bedrijfsvoering 1. Btw-compensatiefonds stap 1​

6

2. Btw-compensatiefonds stap 2​

9

3. College van Burgemeester en Wethouders​

12

4. Gemeentelijke organisatie​

15

5. Investeringsbegroting ICT​

18

6. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 1​

20

7. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 2​

25

8. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 3​

30

9. Onroerendezaakbelasting gebruikers optie 1​

35

10. Onroerendezaakbelasting gebruikers optie 2​

40

11. Onroerendezaakbelasting gebruikers optie 3​

45

12. Stelpost indexatie stap 1​

50

13. Stelpost indexatie stap 2​

52

Domein Leefomgeving 14. Accountmanagement en ondernemersdienstverlening​

54

15. Beheer bermen, maaien en bomen​

57

16. Beleidsadvisering Ruimtelijke ontwikkeling​

61

17. Betaald parkeren achter de K.R. Poststraat​

64

18. Betaald parkeren Sportstad​

67

19. Biodiversiteit​

71

20. Duurzaamheid circulaire economie​

75

21. Beleidsontwikkeling economische ontwikkeling stap 1​

78

22. Beleidsontwikkeling economische ontwikkeling stap 2​

82

23. Beleidsuitvoering economische ontwikkeling stap 1​

85

24. Beleidsuitvoering economische ontwikkeling stap 2​

88

25. Economische ontwikkeling grondexploitaties​

91

26. Energielasten​

93

27. Forensenbelasting​

95

28. Hondenbelasting​

99

29. Initiatieven ondernemers- en vestigingsklimaat stap 1​

102

30. Initiatieven ondernemers- en vestigingsklimaat stap 2​

104

31. Inkomsten parkeergarage​

106

32. IPF en F4 samenwerking​

108

33. Leges bijzondere wetten stap 1​

111

34. Leges bijzondere wetten stap 2​

114

35. Leges heffen bij de intaketafel​

117

36. Onderhoudsniveau elementenverharding buitengebied​

119

37. Onderhoudsniveau fietspaden​

121

| 3 | Ombuigingenbundel

38. Onderhoudsniveau groen bedrijventerreinen​

123

39. Onderhoudsniveau groen groengebieden/parken en centrum​

126

40. Verhogen parkeerbelasting straat parkeren​

129

41. Parkeervergunningen stap 1​

132

42. Parkeervergunningen stap 2​

134

43. Planschade​

137

44. ‘Schoon belonen Heerenveen’​

139

45. Specifieke uitkering CDOKE stap 1​

141

46. Specifieke uitkering CDOKE stap 2​

144

47. Stedenbouwkundige advisering​

147

48. Stelpost veenweideprogramma​

150

49. Straatmeubilair​

152

50. Subsidie Fairtrade​

154

51. Subsidie klimaatadaptatie stap 1​

156

52. Subsidie klimaatadaptatie stap 2​

159

53. Subsidie regiomarketing: Het Andere Friesland​

162

54. Subsidie Regiomarketing 'n Gouden Plak​

165

55. Subsidies Economische Zaken​

168

56. Subsidies evenementen​

171

57. Technische ombuigingen Leefomgeving​

174

58. Toerekening kosten riolering aan grondexploitatie​

177

59. Toeristenbelasting​

180

60. Uitvoeringsbudget Verkeersveiligheid en Verkeersmaatregelen​

184

61. Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen​

186

62. Wijk- en dorpenbudgetten stap 1​

190

63. Wijk- en dorpenbudgetten stap 2​

193

64. Wijk- en dorpsmanagement stap 1​

196

65. Wijk- en dorpsmanagement stap 2​

199

Domein Mens & Maatschappij 66. (Internationale) evenementen​

202

67. Armoede en bestaansrecht​

205

68. Frysk Taalbelied​

209

69. Huurtarieven sportaccommodaties​

212

70. Individuele inkomenstoeslag (IIT)​

214

71. Inkomensgrens Jeugdfonds Sport & Cultuur​

218

72. Inkomensgrens Stichting Leergeld​

222

73. Maatschappelijke accommodaties​

226

74. Meedoen en Gezondheid​

229

75. Opgroeien in een Kansrijke Omgeving​

233

76. Opvoeden en opgroeien​

235

77. Peuteropvangbudget en OAB-SPUK middelen​

238

| 4 | Ombuigingenbundel

78. Preventief aanbod jeugd​

241

79. Regulier onderhoud sportaccommodaties​

244

80. Sociaal Medische Indicatie (SMI)​

246

81. Sportstimulering​

249

82. Sportstimulering en cultuur​

254

83. Subsidie stichting Chris en Voorkom​

258

84. Subsidie Oranjewoudfestival (OWF)​

261

85. Subsidie sportproject jongeren​

264

86. Subsidie Topsport Noord​

268

87. Subsidie Utingeradeelhal​

271

88. Subsidiebudget Leefbaarheid en Meedoen stap 1​

274

89. Subsidiebudget Leefbaarheid en Meedoen stap 2​

277

90. Subsidiebudget LHBTIQ en emancipatiebeleid​

280

91. Subsidiebudget Maak het! stap 1​

283

92. Subsidiebudget Maak het! stap 2​

286

93. Technische ombuigingen Mens & Maatschappij​

289

94. Uitstroompremie​

292

95. Dotatie voorziening sportvelden​

294

96. Waarderingssubsidies​

296

| 5 | Ombuigingenbundel

1. Btw-compensatiefonds stap 1 Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Algemene dekkingsmiddelen

Taakveld

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds

Grootboeknummer

600029

Kostensoort

8411000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel ​ Het Btw-compensatiefonds (BCF) is een regeling van de rijksoverheid waarmee gemeenten en andere decentrale overheden de btw die zij betalen over uitgaven voor niet-belastbare activiteiten, zoals onderwijs, sport, en cultuur, kunnen terugvragen. Het fonds voorkomt dat de btw een kostenpost is voor activiteiten van algemeen belang. Voor dit fonds is jaarlijks een plafond vastgesteld; als de werkelijke uitgaven onder dit plafond blijven, ontstaat er ruimte. Deze ruimte wordt later vrijgegeven en toegevoegd aan het gemeentefonds, waar gemeenten vrij over kunnen beschikken. Bij overschrijding van dit plafond wordt het bedrag onttrokken aan het gemeentefonds. Dat is tot op heden nog niet gebeurd. ​ Historisch gezien werd de vrijval van het BCF als incidenteel beschouwd, mede omdat het een onzeker bedrag was. De VNG en de provincie hebben voor de begroting 2025 aangegeven dat gemeenten deze vrijval structureel mogen opnemen in de meerjarenbegroting, mits dit beperkt blijft tot de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond. Dit biedt gemeenten meer ruimte om deze middelen als extra dekkingsmiddel in te zetten. Voor de Themabegroting 2026 geldt dan dat de realisatie 2024 gehanteerd dient te worden, aangezien het bedrag voor 2025 later bekend wordt. Bedragen x € 1.000 2022 September 2022: voorschot 2022 Mei 2023: afrekening 2022

2023

2024

942 -9

September 2023: voorschot 2023

1.105

Mei 2024: afrekening 2023

647

September 2024: voorschot 2024

1.361

Mei 2025: afrekening 2024

-351

Totaal

2025

933

1.752

1.010

NB

Ontwikkeling Btw-compensatiefonds 2022-2025

Voor de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond wordt 2024 gehanteerd. Dit betekent voor de gemeente Heerenveen een bedrag van € 1.010.000.

| 6 | Ombuigingenbundel

Met dit ombuigingsvoorstel wordt voorgesteld om gebruik te maken van de mogelijkheid om de jaarlijkse verrekening van het Btw-compensatiefonds (BCF) structureel op te nemen in de begroting. We stellen voor om 90% van de toegestane ruimte op te nemen, wat neerkomt op ongeveer € 909.000. Dit bedrag kan in de loop van de jaren fluctueren doordat de aanvragen uit dit fonds fluctueren en het overschot daardoor hoger of lager kan zijn. Jaarlijks zal een aanpassing worden gedaan op basis van de meest recente cijfers. Waarom kiezen we voor 90%? ●​ Beheersing van risico’s: Door 90% van de gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond te benutten, houden we rekening met mogelijke veranderingen in de ontwikkeling van het fonds. Dit voorkomt een te optimistische begrotingsraming. ●​ Fluctuaties: We zien dat de inkomsten uit het Btw-compensatiefonds de afgelopen jaren erg fluctueren. Door nu een lager bedrag op te nemen wordt het risico van een te hoge raming verminderd. ●​ Aansluiting bij richtlijnen: Dit percentage ligt binnen de kaders van de afspraken met de toezichthouders en volgt het advies van de provincie om de meest recent gerealiseerde ruimte als uitgangspunt te nemen. ●​ Verantwoorde financiële sturing: De buffer van 10% biedt flexibiliteit om tegenvallers op te vangen, zonder dat dit directe gevolgen heeft voor de begroting.

Wettelijke taak van de gemeente De gemeente heeft geen wettelijke verplichting met betrekking tot het BCF, maar dient zich wel te houden aan de richtlijnen van het Rijk, de provincie en de toezichthouders. Dit betekent dat bij het opnemen van de vrijval van het BCF in de begroting en meerjarenraming uitsluitend de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond mag worden geraamd. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: er is een risico dat de werkelijke vrijval uit het BCF in een bepaald jaar lager uitvalt dan geraamd. Als dit het geval is, kan het verschil leiden tot een begrotingstekort, doordat de geraamde middelen dan niet volledig beschikbaar zijn. Om dit risico te beheersen, wordt voorgesteld om 90% van de toegestane ruimte (= bedrag voorgaand jaar) op te nemen.

| 7 | Ombuigingenbundel

Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

0

0

0

0

Verhoging baten

€ 909.000

€ 909.000

€ 909.000

€ 909.000

Effecten formatie

2026

2027

2028

2029

Effect op formatie in €

0

0

0

0

Aantal Fte

0

0

0

0

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

0

0

0

0

Verhoging baten

€ 909.000

€ 909.000

€ 909.000

€ 909.000

Totaal financieel effect

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 8 | Ombuigingenbundel

2. Btw-compensatiefonds stap 2 Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Algemene dekkingsmiddelen

Taakveld

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds

Grootboeknummer

600029

Kostensoort

8411000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel ​ Het Btw-compensatiefonds (BCF) is een regeling van de rijksoverheid waarmee gemeenten en andere decentrale overheden de btw die zij betalen over uitgaven voor niet-belastbare activiteiten, zoals onderwijs, sport, en cultuur, kunnen terugvragen. Het fonds voorkomt dat de btw een kostenpost is voor activiteiten van algemeen belang. Voor dit fonds is jaarlijks een plafond vastgesteld; als de werkelijke uitgaven onder dit plafond blijven, ontstaat er ruimte. Deze ruimte wordt later vrijgegeven en toegevoegd aan het gemeentefonds, waar gemeenten vrij over kunnen beschikken. Bij overschrijding van dit plafond wordt het bedrag onttrokken aan het gemeentefonds. Dat is tot op heden nog niet gebeurd. ​ Historisch gezien werd de vrijval van het BCF als incidenteel beschouwd, mede omdat het een onzeker bedrag was. De VNG en de provincie hebben voor de begroting 2025 aangegeven dat gemeenten deze vrijval structureel mogen opnemen in de meerjarenbegroting, mits dit beperkt blijft tot de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond. Dit biedt gemeenten meer ruimte om deze middelen als extra dekkingsmiddel in te zetten. Voor de Themabegroting 2026 geldt dan dat de realisatie 2024 gehanteerd dient te worden, aangezien het bedrag voor 2025 later bekend wordt. Bedragen x € 1.000 2022 September 2022: voorschot 2022 Mei 2023: afrekening 2022

2023

2024

942 -9

September 2023: voorschot 2023

1.105

Mei 2024: afrekening 2023

647

September 2024: voorschot 2024

1.361

Mei 2025: afrekening 2024

-351

Totaal Ontwikkeling Btw-compensatiefonds 2022-2025

| 9 | Ombuigingenbundel

2025

933

1.752

1.010

NB

Voor de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond wordt 2024 gehanteerd. Dit betekent voor de gemeente Heerenveen een bedrag van € 1.010.000. Er is een ombuigingsvoorstel genaamd, Btw-compensatiefonds stap 1, waarmee wordt voorgesteld om 90% van de toegestane ruimte op te nemen, wat neerkomt op ongeveer € 909.000. Met dit voorstel, Btw-compensatiefonds stap 2, wordt voorgesteld om ook de resterende 10% structureel in de begroting op te nemen. Dit komt neer op een extra verhoging van de baten van € 101.000. Dit bedrag kan in de loop van de jaren fluctueren doordat de aanvragen uit dit fonds fluctueren en het overschot daardoor hoger of lager kan zijn. Jaarlijks zal een aanpassing worden gedaan op basis van de meest recente cijfers. Wettelijke taak van de gemeente De gemeente heeft geen wettelijke verplichting met betrekking tot het BCF, maar dient zich wel te houden aan de richtlijnen van het Rijk, de provincie en de toezichthouders. Dit betekent dat bij het opnemen van de vrijval van het BCF in de begroting en meerjarenraming uitsluitend de meest recent gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond mag worden geraamd. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Organisatorische gevolgen Classificatie: hoog Toelichting: er is een risico dat de werkelijke vrijval uit het BCF in een bepaald jaar lager uitvalt dan geraamd.

Als dit het geval is, kan het verschil leiden tot een begrotingstekort, doordat de geraamde middelen dan niet volledig beschikbaar zijn. Indien ervoor wordt gekozen om 100% van de gerealiseerde ruimte onder het BCF-plafond te benutten, brengt dit een groter financieel risico met zich mee. Fluctuaties in de ontwikkeling van het fonds kunnen ertoe leiden dat de uiteindelijke afrekening lager uitvalt dan de oorspronkelijke inschatting, waardoor er mogelijk een tekort ontstaat. Hoewel de provincie deze benadering toelaat en binnen de kaders van het toezicht geen formele belemmering oplegt, vereist het een zorgvuldige afweging. Het ontbreken van een buffer betekent dat eventuele tegenvallers direct impact hebben op de begroting. Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

0

0

0

0

Verhoging baten

€ 101.000

€ 101.000

€ 101.000

€ 101.000

Effecten formatie

2026

2027

2028

2029

Effect op formatie in €

0

0

0

0

Aantal Fte

0

0

0

0

| 10 | Ombuigingenbundel

Totaal financieel effect

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

0

0

0

0

Verhoging baten

€ 101.000

€ 101.000

€ 101.000

€ 101.000

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 11 | Ombuigingenbundel

3. College van Burgemeester en Wethouders Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Mensen, middelen en bestuur

Taakveld

0.10 Bestuur

Grootboeknummer

600065

Kostensoort

4110000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Ja

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel ​ De gemeente Heerenveen heeft op dit moment vijf FTE wethouders. Gemeenteraden hebben de vrijheid om te bepalen hoeveel wethouders er binnen de gemeente nodig zijn. Bij de vorige verkiezingen in 2022 is het aantal wethouders uitgebreid van drie naar vijf. Dit werd ingegeven door de toenemende complexiteit van bestuurlijke opgaven en de wens om wethouders vaker en actiever in contact te brengen met inwoners en ondernemers. Daarnaast had de burgemeester de wens geuit om zijn portefeuille te depolitiseren, waardoor deze taken zijn verdeeld over de wethouders. Het terugbrengen van het aantal FTE wethouders is een mogelijke optie. Dit ombuigingsvoorstel stelt voor om na de gemeenteraadsverkiezingen in 2026 het aantal wethouders te verlagen naar vier FTE. Dit zou een structurele kostenbesparing opleveren op het gebied van salariskosten en ambtelijke ondersteuning. Aangezien het college na de verkiezingen opnieuw geformeerd wordt, is dit een logisch moment om deze reductie door te voeren. De vermindering van een wethouder zal dan ook een belangrijk aandachtspunt zijn bij de onderhandelingen over de bestuurlijke inrichting van de gemeente. Wettelijke taak van de gemeente Op grond van artikel 36 van de Gemeentewet bepaalt de gemeenteraad het aantal wethouders.

Het aantal voltijd wethouders bedraagt ten hoogste twintig procent van het aantal raadsleden, met dien verstande dat er niet minder dan twee wethouders zullen zijn. Voor de gemeente Heerenveen met 31 raadsleden bedraagt het maximum aantal wethouders daarmee 6. De benoeming en samenstelling van het college van burgemeester en wethouders moeten voldoen aan de wettelijke vereisten, waarbij de raad afweegt hoeveel wethouders nodig zijn voor een effectieve bestuurlijke uitvoering. Dit voorstel beoogt een vermindering van het aantal wethouders wat binnen de wettelijke eisen past. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: redelijk Toelichting: Het terugbrengen van het aantal wethouders van vijf naar vier bespaart kosten, maar betekent ook minder bestuurlijke capaciteit en mogelijk vertraging in de uitvoering van beleid. Hoewel dit nog steeds meer is dan de oorspronkelijke drie, waardoor enige

| 12 | Ombuigingenbundel

verbetering in zichtbaarheid en bereikbaarheid behouden blijft, kan de afname leiden tot minder directe betrokkenheid bij inwoners en organisaties. Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: een vermindering van het aantal wethouders heeft niet alleen gevolgen voor de bestuurlijke inrichting, maar ook voor de financiële en personele aspecten. Wethouders die om welke reden dan ook moeten stoppen, kunnen aanspraak maken op wachtgeld conform de regels van de Algemene pensioen en uitkeringswet politieke ambtsdragers (Appa). Voor deze wachtgeldverplichtingen is binnen de begroting een voorziening getroffen, zodat de financiële gevolgen beheersbaar blijven. Dit betekent dat er mogelijk tijdelijk extra kosten zijn, afhankelijk van de duur en voorwaarden van de wachtgeldregeling. Een kleiner college betekent niet automatisch minder bestuursondersteuning. De formatie bestuursadviseurs (4 fte) is als onvoldoende ervaren en daarom tijdelijk uitgebreid tot voorjaar 2026. Het bestuurssecretariaat (4,6 fte) ondersteunt niet alleen het college, maar ook op onderdelen de directie, en kampt met structurele werkdruk. Minimaal 5 tot 6 fte is nodig. Minder wethouders zorgt hoogstens voor een betere balans, maar rechtvaardigt geen formatieverlaging. Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

Effecten formatie

2026

2027

2028

2029

€ 125.000

€ 125.000

€ 125.000

€ 125.000

1

1

1

1

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€ 125.000

€ 125.000

€ 125.000

€ 125.000

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

Effect op formatie in € Aantal FTE

Totaal financieel effect

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie

| 13 | Ombuigingenbundel

Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst). Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 14 | Ombuigingenbundel

4. Gemeentelijke organisatie Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Mensen, middelen en bestuur

Taakveld

0.4 Ondersteuning organisatie

Grootboeknummer

Diverse

Kostensoort

Diverse

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel Als onderdeel van het project Gezonde Financiële Positie heeft een analyse plaatsgevonden van alle bedrijfsvoeringsbudgetten in het domein Bedrijfsvoering. Binnen dit domein bevinden zich met name de overheadactiviteiten van de organisatie. Overhead betreft alle ondersteunende activiteiten binnen een organisatie die niet direct bijdragen aan de primaire processen, maar wel noodzakelijk zijn voor het goed functioneren van de organisatie. Voor de gemeente omvat dit taken zoals facilitaire diensten, financiën, HR, bestuursondersteuning, belastingen en ICT. Deze functies zorgen ervoor dat de organisatie efficiënt kan opereren en haar doelen kan behalen. De totale begrote overheadlasten van de gemeente in 2026 bedragen € 26.349.000, wat neerkomt op 11,9% van de totale gemeentelijke lasten. Om mogelijke ombuigingen te identificeren, is binnen de werkgroep ‘ondersteuning organisatie’ een analyse uitgevoerd van de budgetten van de ondersteunende afdelingen. Hierbij is ook specifiek gekeken naar de mate van keuzevrijheid binnen deze budgetten. Deze analyse biedt een realistisch inzicht in de mogelijkheden en beperkingen om tot besparingen te komen. Binnen de andere werkgroepen zijn ook de bedrijfsvoeringsbudgetten van de domeinen Mens & Maatschappij en Leefomgeving geanalyseerd.

Organisatiebreed zijn er mogelijkheden om werkzaamheden anders in te richten, te versimpelen of in sommige gevallen te beëindigen. Dit vraagt om een fundamentele en integrale blik op wat de gemeente wel en niet (meer) doet / faciliteert binnen haar gemeentelijke organisatie en hoe dit op een zo efficiënt mogelijke manier kan worden georganiseerd. Taakstelling als ombuigingsvoorstel Gezien de organisatiewijziging die recent is doorgevoerd, wordt voorgesteld om een taakstelling vanaf 2026 op te nemen, en deze door de concerndirectie te laten invullen. Dit biedt de organisatie in 2025 de mogelijkheid om ervaring op te doen met de nieuwe structuur. Dit stelt de organisatie in staat om de taakstelling op een weloverwogen manier in te vullen, zonder dat er vooraf ondoordachte bezuinigingen worden doorgevoerd. Een voorbeeld hiervan is het beleidskader voor facilitaire diensten, dat in 2025 wordt opgesteld, waarbij ook rekening wordt gehouden met de noodzaak om de lasten te verlagen. Daarnaast worden mogelijke efficiency voordelen en innovaties verkend, zoals het

| 15 | Ombuigingenbundel

slimmer inzetten van digitale hulpmiddelen, waaronder AI-toepassingen, en het kritisch heroverwegen van bestaande abonnementen en licenties. Taakstelling van € 1.500.000 vanaf 2026 De voorgestelde taakstelling is gebaseerd op het aandeel van de overhead in de totale gemeentelijke lasten. Bij een begrotingstekort van circa € 7,5 miljoen zou een taakstelling van 11,9% normaal gesproken neerkomen op circa € 900.000. Gezien echter het bredere bereik van het voorstel, dat niet alleen het domein Bedrijfsvoering betreft maar ook de domeinen Mens & Maatschappij en Leefomgeving, en het oplopende tekort richting 2029, wordt voorgesteld om met ingang van 2026 een taakstelling van € 1.500.000 te hanteren. Op basis van de uitgevoerde budgetanalyses wordt deze taakstelling als haalbaar en realistisch beschouwd. Invulling taakstelling door de concerndirectie De verantwoordelijkheid voor de realisatie van deze taakstelling ligt bij de concerndirectie. Door de invulling zorgvuldig en passend af te stemmen op de nieuwe structuur én met aandacht voor efficiency, wordt de stabiliteit en effectiviteit van de organisatie gewaarborgd. De concerndirectie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taakstelling binnen de gemeentelijke organisatie, waarbij zij handelt binnen de kaders die door de raad zijn gesteld.

Om tot een zorgvuldige en realistische invulling van de taakstelling te komen, wordt in 2025 een plan van aanpak opgesteld. Hierin wordt ingegaan op de concrete uitwerking van de taakstelling, de monitoring van voortgang, en de wijze waarop medewerkers en de OR bij dit proces worden betrokken. Dit waarborgt dat de taakstelling niet alleen financieel, maar ook organisatorisch verantwoord wordt ingevuld. De raad en het college worden geïnformeerd over de voortgang en de uitkomsten. Wettelijke taak van de gemeente De gemeente heeft wel een wettelijke verplichting om bepaalde werkzaamheden uit te voeren. Hier wordt bij de realisatie van de taakstelling rekening mee gehouden. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Toelichting: dit ombuigingsvoorstel richt zich voornamelijk op de interne organisatie, waardoor de maatschappelijke gevolgen naar verwachting laag blijven. De mate van maatschappelijke gevolgen wordt bepaald door de wijze waarop de taakstelling wordt ingevuld. Dit kan variëren afhankelijk van de keuzes en de mate waarin veranderingen worden doorgevoerd. Het uitgangspunt is om zoveel mogelijk te voorkomen dat ombuigingen worden doorgevoerd die een maatschappelijke impact hebben. Organisatorische gevolgen Classificatie: redelijk Toelichting: de mate van organisatorische gevolgen wordt bepaald door de wijze waarop de taakstelling wordt ingevuld.

Dit kan variëren afhankelijk van de keuzes en de mate waarin veranderingen worden doorgevoerd. Het uitgangspunt is om zoveel mogelijk te voorkomen dat ombuigingen worden doorgevoerd die een grote impact hebben op de organisatie en haar processen.

| 16 | Ombuigingenbundel

Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€ 1.500.000

€ 1.500.000

€ 1.500.000

€ 1.500.000

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

2026

2027

2028

2029

€0

€0

€0

€0

0

0

0

0

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€ 1.500.000

€ 1.500.000

€ 1.500.000

€ 1.500.000

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

Effecten formatie Effect op formatie in € Aantal Fte Totaal financieel effect

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming Geen aanvullende communicatie X

Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): medewerkers van de gemeentelijke organisatie.

| 17 | Ombuigingenbundel

5. Investeringsbegroting ICT Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Middelen, mensen en bestuur

Taakveld

0.4 Overhead

Grootboeknummer

Diverse

Kostensoort

Diverse

Raakvlak Raadsagenda

Nee

Raakvlak Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel Naar aanleiding van de Perspectiefnota 2024, die in de zomer van 2024 is vastgesteld, is afgesproken om de investeringsbegroting voor ICT in de komende jaren met 10% te reduceren. Door slim te plannen en investeringen waar mogelijk te faseren of anders te positioneren binnen exploitatie of investeringen, is dit gelukt. Met dit ombuigingsvoorstel wordt uitvoering gegeven aan deze doelstelling. De beoogde besparing wordt in diverse jaren gerealiseerd. Binnen de doelstelling worden een aantal belangrijke zaken nog steeds gerealiseerd, zoals: ●​ de introductie en ondersteuning van de digitale werkomgeving van de toekomst; ●​ het onderbrengen van audiovisuele middelen voor de raadzaal en reserveringssystemen voor vergaderzalen en werkplekken bij I&I, zodat ad hoc financiering niet meer nodig is; ●​ de vervanging van de audiovisuele middelen in de raadzaal en het voorzien van een aantal vergaderruimten van de juiste faciliteiten; ●​ de implementatie van een nieuw systeem voor werkplekreservering ter vervanging van Table Air; ●​ en de invoering van een nieuw reserveringssysteem voor vergaderzalen. De wijzigingen in de kredieten die voortvloeien uit de schuivingen in planning en de verdeling tussen exploitatie en investeringen, worden bij de meerjarenbegroting aan de raad voorgelegd (conform de financiële verordening).

Wettelijke taak van de gemeente Dit betreffen geen wettelijke taken. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing

| 18 | Ombuigingenbundel

Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€ 99.075

€ 81.591

€ 22.487

- € 1.039

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

Effecten formatie

2026

2027

2028

2029

Effect op formatie in €

€0

€0

€0

€0

0

0

0

0

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€ 99.075

€ 81.591

€ 22.487

- € 1.039

Verhoging baten

€0

€0

€0

€0

Aantal Fte

Totaal financieel effect

Door schuivingen in de planning en door een wisselende verdeling tussen exploitatie-uitgaven en investeringen, verschilt het bedrag per jaar. De bedragen van 2026 tot en met 2029 staan in de tabel. In 2030 bedraagt het effect - € 10.936, in 2031 € 4.863 en 2032 € 1.919. De grootste verlaging in lasten vindt daarmee plaats in de eerste jaren. Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 19 | Ombuigingenbundel

6. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 1 Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Algemene dekkingsmiddelen

Taakveld

0.61 OZB woningen & 0.62 OZB niet-woningen

Grootboeknummer

600017 en 600018

Kostensoort

8401000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel De onroerendezaakbelasting (OZB) is een gemeentelijke belasting gebaseerd op de waarde van onroerend goed, zoals woningen en bedrijfspanden. Deze waarde, de WOZ-waarde, wordt jaarlijks vastgesteld door gemeentelijke taxateurs volgens de Wet waardering onroerende zaken. De gemeenteraad bepaalt de tarieven van de OZB. Wie betaalt OZB? ​ Eigenaren van woningen en bedrijfspanden betalen OZB over hun eigendom, terwijl gebruikers van niet-woningen, zoals huurders van bedrijfsruimten, ook een deel van de belasting betalen. Huurders van woningen betalen geen OZB. De belasting wordt geheven op basis van de situatie op 1 januari van het betreffende jaar, waardoor veranderingen later in het jaar niet worden meegenomen. Waar wordt de OZB voor gebruikt? ​ De OZB-opbrengsten worden gebruikt voor gemeentelijke voorzieningen zoals wegen, scholen, sportfaciliteiten, riolering en het onderhoud van schone wijken. Hoewel het grootste deel van de gemeentelijke inkomsten afkomstig is van het Rijk, dragen inwoners en ondernemers in Heerenveen via de OZB ongeveer 7,8% bij aan de totale baten van de gemeentelijke begroting. Soort

Huidige tarief 2025

Begrote inkomsten 2025

OZB woningen eigenaren

0,1091% van de WOZ-waarde

OZB woningen gebruikers

Geen OZB

OZB niet-woningen eigenaren

0,3617% van de WOZ-waarde

€ 5.171.860

OZB niet-woningen gebruikers

0,2868% van de WOZ-waarde

€ 3.688.378

€ 8.432.581 €0

Totaal

€ 17.292.819

Huidige begroting en tarieven 2025 en voorstel voor verhoging

Het voorstel is om de OZB-opbrengsten vanaf 2026 te verhogen met 10% voor eigenaren (zowel woningen als niet-woningen). Dit betekent een totale verhoging van € 1.360.444.

| 20 | Ombuigingenbundel

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025 Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Jaar

Tarief eigenaren woningen

Toelichting

2020

0,1328%

-2%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,1248%

2%

Reguliere indexatie

2022

0.1175%

1%

Reguliere indexatie

2023

0,1025%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,1087%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,1091%

2%

Reguliere indexatie

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025; eigenaren woningen

Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Jaar

Tarief eigenaren niet-woningen

2020

0,3382%

-4%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,3443%

4%

2% indexatie + correctie +2% n.a.v. Perspectiefnota 2020

2022

0.3653%

1%

Reguliere indexatie

2023

0.3735%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,3587%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,3617%

2%

Reguliere indexatie

Toelichting

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025; eigenaren niet-woningen

Bovenstaande tabellen laten de ontwikkeling van het OZB-tarief voor eigenaren van (niet-)woningen zien, inclusief de jaarlijkse aanpassingen. De aanpassingen zijn grotendeels gebaseerd op reguliere indexatie. In 2020 werd het tarief verlaagd volgens het hoofdlijnenakkoord 2018-2022. Vanaf 2021 is de OZB jaarlijks geïndexeerd, met variërende percentages. Ook heeft in 2021 een correctie plaatsgevonden van 2% bij de niet-woningen om de tariefsverlaging van het jaar daar voor gedeeltelijk terug te draaien. Het is belangrijk te benadrukken dat de ontwikkeling van het tarief niet los kan worden gezien van andere factoren, zoals de WOZ-waarde van woningen en het gemeentefonds (accres). Een stijging of daling van de WOZ-waarden heeft invloed op de totale OZB-opbrengst en kan de tariefsontwikkeling beïnvloeden. Daardoor zijn de tarieven niet één-op-één vergelijkbaar tussen de jaren. Wettelijke taak van de gemeente Gemeenten hebben de wettelijke bevoegdheid, maar niet de plicht, om OZB te heffen. Deze bevoegdheid is vastgelegd in de Gemeentewet. Het is aan de gemeenteraad om te beslissen of en in welke mate OZB wordt geheven. Hoewel het geen wettelijke verplichting is, wordt

| 21 | Ombuigingenbundel

OZB door vrijwel alle gemeenten in Nederland geheven omdat het een belangrijke bron van eigen inkomsten vormt. Welke tarieven hanteren andere gemeenten? In de provincie Fryslân hanteren gemeenten verschillende tarieven voor OZB. Onderstaande tabel presenteert een overzicht van de tarieven voor 2025 bij andere Friese gemeenten. In het kader van het ravijnjaar kan het zijn dat ook andere gemeenten de OZB-tarieven zullen verhogen bij de begroting 2026.

Gemeente

Tarief 2025 eigenaar woning

Tarief 2025 eigenaar niet-woning

Tarief 2025 Gebruiker niet-woning

Tarief 2025 Gebruik woning

Gemiddelde WOZ waarde in 2024

Achtkarspelen

0,12250%

0,24710%

0,31210%

Geen OZB

€ 271.000

Ameland

0,06600%

0,15110%

0,12090%

Geen OZB

€ 348.000

Dantumadiel

0,13950%

0,30760%

0,23930%

Geen OZB

€ 308.000

De Fryske Marren

0,08500%

0,29050%

0,21840%

Geen OZB

€ 341.000

Harlingen

0,09530%

0,31010%

0,23450%

Geen OZB

€ 247.000

Heerenveen

0,10190%

0,36170%

0,28680%

Geen OZB

€ 325.000

Leeuwarden

0,10721%

0,48401%

0,38806%

Geen OZB

€ 249.000

Noardeast-Fryslân

0,12480%

0,29540%

0,22490%

Geen OZB

€ 283.000

Ooststellingwerf

0,07480%

0,09880%

0,08430%

Geen OZB

€ 310.000

Opsterland

0,07980%

0,18690%

0,15160%

Geen OZB

€ 338.000

Schiermonnikoog

0,09980%

0,22600%

0,18190%

Geen OZB

€ 403.000

Smallingerland

0,10700%

0,35040%

0,28060%

Geen OZB

€ 287.000

Súdwest-Fryslân

0,10680%

0,32820%

0,26260%

Geen OZB

€ 300.000

Terschelling

0,08500%

0,41700%

0,32800%

Geen OZB

€ 437.000

Tytsjerksteradiel

0,14240%

0,28040%

0,24110%

Geen OZB

€ 294.000

Vlieland

0,06452%

0,21075%

0,20575%

Geen OZB

€ 399.000

Weststellingwerf

0,08970%

0,22580%

0,22010%

Geen OZB

€ 309.000

Waadhoeke

0,11680%

0,24600%

0,16840%

Geen OZB

€ 257.000

Gemiddeld

0,10049%

0,27876%

0,23052%

€ 317.000

Tarieven gehanteerd door gemeenten in Fryslân

In vergelijking met andere gemeenten in Fryslân hanteert Heerenveen voor 2025 een OZB-tarief van 0,10190% voor eigenaren van woningen, wat iets hoger ligt dan het gemiddelde van 0,10049%. Voor eigenaren van niet-woningen ligt het tarief in Heerenveen met 0,36170% aan de hogere kant, vergeleken met het gemiddelde van 0,27876%. Er zijn echter enkele gemeenten die hogere tarieven hanteren. Leeuwarden heeft bijvoorbeeld een OZB-tarief voor eigenaren van woningen van 0,10721% en Dantumadiel een tarief van 0,13985%, beide hoger dan die van Heerenveen. Het is echter belangrijk om te benadrukken dat de WOZ-waarde van invloed is op de hoogte van de belastinglasten. Een hoger OZB-tarief bij een lagere WOZ-waarde kan namelijk

| 22 | Ombuigingenbundel

leiden tot lagere lokale lasten dan een lager tarief met een hogere WOZ-waarde. In Heerenveen bedraagt de gemiddelde WOZ-waarde € 325.000, wat redelijk in lijn ligt met het provinciale gemiddelde van € 317.000. Dit betekent dat de daadwerkelijke belastingdruk, zowel voor woningen als niet-woningen, sterk afhankelijk is van de WOZ-waarde en dus niet alleen van het tarief. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: redelijk Toelichting: Een verhoging van de OZB met 10% heeft een impact op de eigenaren van onroerend goed in onze gemeente. De tarieven worden vastgesteld op basis van de begrote opbrengsten die de gemeente nodig heeft en de WOZ-waarden van de panden in de gemeente. Bij een WOZ-waarde van € 325.000 bedroeg de OZB van een woning € 354,58. Met een stijging van 10% komt hier € 35,50 bij. Voor een niet-woning betekent een stijging van 10% met een WOZ-waarde van € 325.000 een stijging van € 117,55 (was € 1.175,53). Hoewel deze verhoging een impact kan hebben, denken we dat de belastingdruk voor de meeste eigenaren beheersbaar zal blijven. Naast deze verhoging van 10% vanaf 2026 (optie 1) zijn er ook voorstellen voor de onroerendezaakbelasting met een stijging van 5% vanaf 2026 en 3% vanaf 2027 (optie 2 en 3). Als ervoor wordt gekozen om meerdere varianten door te voeren, zullen de gevolgen voor inwoners en ondernemers navenant toenemen.

Mensen kunnen geen bezwaar maken tegen het OZB-tarief, alleen tegen de WOZ-waarde, die de basis vormt voor de berekening. De WOZ-waarde wordt bepaald op basis van wettelijke normen en objectieve criteria, zoals verkoopcijfers van vergelijkbare woningen. Een verlaging van de WOZ-waarde verlaagt alleen het te betalen bedrag, niet het tarief zelf. Bij de tariefsverhoging kunnen inwoners inspreken bij de gemeenteraad, maar geen formeel bezwaar maken. Alleen bij een extreem hoge verhoging kan bestuurlijk of juridisch worden ingegrepen. Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€ 1.360.444

€ 1.360.444

€ 1.360.444

€ 1.360.444

2026

2027

2028

2029

€0

€0

€0

€0

0

0

0

0

Effecten formatie Effect op formatie in € Aantal Fte

Totaal financieel effect Verlaging lasten

| 23 | Ombuigingenbundel

2026

2027

2028

2029

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€ 1.360.444

€ 1.360.444

€ 1.360.444

€ 1.360.444

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 24 | Ombuigingenbundel

7. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 2 Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Algemene dekkingsmiddelen

Taakveld

0.61 OZB woningen & 0.62 OZB niet-woningen

Grootboeknummer

600017 en 600018

Kostensoort

8401000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel De onroerendezaakbelasting (OZB) is een gemeentelijke belasting gebaseerd op de waarde van onroerend goed, zoals woningen en bedrijfspanden. Deze waarde, de WOZ-waarde, wordt jaarlijks vastgesteld door gemeentelijke taxateurs volgens de Wet waardering onroerende zaken. De gemeenteraad bepaalt de tarieven van de OZB. Wie betaalt OZB? ​ Eigenaren van woningen en bedrijfspanden betalen OZB over hun eigendom, terwijl gebruikers van niet-woningen, zoals huurders van bedrijfsruimten, ook een deel van de belasting betalen. Huurders van woningen betalen geen OZB. De belasting wordt geheven op basis van de situatie op 1 januari van het betreffende jaar, waardoor veranderingen later in het jaar niet worden meegenomen. Waar wordt de OZB voor gebruikt? ​ De OZB-opbrengsten worden gebruikt voor gemeentelijke voorzieningen zoals wegen, scholen, sportfaciliteiten, riolering en het onderhoud van schone wijken. Hoewel het grootste deel van de gemeentelijke inkomsten afkomstig is van het Rijk, dragen inwoners en ondernemers via de OZB ongeveer 7,8% bij aan de totale baten van de gemeentelijke begroting. Huidige begroting en tarieven 2025 en voorstel voor verhoging Soort

Huidige tarief 2025

Begrote inkomsten 2025

OZB woningen eigenaren

0,1091% van de WOZ-waarde

OZB woningen gebruikers

Geen OZB

OZB niet-woningen eigenaren

0,3617% van de WOZ-waarde

€ 5.171.860

OZB niet-woningen gebruikers

0,2868% van de WOZ-waarde

€ 3.688.378

€ 8.432.581 €0

Totaal

€ 17.292.819

Huidige begroting en tarieven 2025

Het voorstel is om de OZB-opbrengsten vanaf 2026 te verhogen met 5% voor eigenaren (zowel woningen als niet-woningen). Dit betekent een totale verhoging van € 680.222.

| 25 | Ombuigingenbundel

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025 Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Jaar

Tarief eigenaren woningen

Toelichting

2020

0,1328%

-2%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,1248%

2%

Reguliere indexatie

2022

0.1175%

1%

Reguliere indexatie

2023

0,1025%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,1087%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,1091%

2%

Reguliere indexatie

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025; eigenaren woningen

Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Jaar

Tarief eigenaren woningen

Toelichting

2020

0,3382%

-4%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,3443%

4%

2% indexatie + correctie +2% n.a.v. Perspectiefnota 2020

2022

0.3653%

1%

Reguliere indexatie

2023

0.3735%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,3587%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,3617%

2%

Reguliere indexatie

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025; eigenaren niet-woningen

Bovenstaande tabellen laten de ontwikkeling van het OZB-tarief voor eigenaren van (niet-)woningen zien, inclusief de jaarlijkse aanpassingen. De aanpassingen zijn grotendeels gebaseerd op reguliere indexatie. In 2020 werd het tarief verlaagd volgens het hoofdlijnenakkoord 2018-2022. Vanaf 2021 is de OZB jaarlijks geïndexeerd, met variërende percentages. Ook heeft in 2021 een correctie plaatsgevonden van 2% bij de niet-woningen om de tariefsverlaging van het jaar daarvoor gedeeltelijk terug te draaien. Het is belangrijk te benadrukken dat de ontwikkeling van het tarief niet los kan worden gezien van andere factoren, zoals de WOZ-waarde van woningen en het gemeentefonds (accres). Een stijging of daling van de WOZ-waarden heeft invloed op de totale OZB-opbrengst en kan de tariefsontwikkeling beïnvloeden. Daardoor zijn de tarieven niet één-op-één vergelijkbaar tussen de jaren. Wettelijke taak van de gemeente Gemeenten hebben de wettelijke bevoegdheid, maar niet de plicht, om OZB te heffen. Deze bevoegdheid is vastgelegd in de Gemeentewet. Het is aan de gemeenteraad om te beslissen

| 26 | Ombuigingenbundel

of en in welke mate OZB wordt geheven. Hoewel het geen wettelijke verplichting is, wordt OZB door vrijwel alle gemeenten in Nederland geheven omdat het een belangrijke bron van eigen inkomsten vormt. De WOZ-waarde van een onroerend goed is een objectieve, op marktwaarde gebaseerde schatting die door de gemeente jaarlijks wordt vastgesteld. De gemeente moet daarbij de wetgeving volgen en mag de waarde niet naar eigen inzicht aanpassen. Welke tarieven hanteren andere gemeenten? In de provincie Fryslân hanteren gemeenten verschillende tarieven voor OZB. Onderstaande tabel presenteert een overzicht van de tarieven voor 2025 bij andere Friese gemeenten. In het kader van het ravijnjaar kan het zijn dat ook andere gemeenten de OZB-tarieven zullen verhogen bij de begroting 2026.

Gemeente

Tarief 2025 eigenaar woning

Tarief 2025 eigenaar niet-woning

Tarief 2025 Gebruiker niet-woning

Tarief 2025 Gebruik woning

Gemiddelde WOZ waarde in 2024

Achtkarspelen

0,12250%

0,24710%

0,31210%

Geen OZB

€ 271.000

Ameland

0,06600%

0,15110%

0,12090%

Geen OZB

€ 348.000

Dantumadiel

0,13950%

0,30760%

0,23930%

Geen OZB

€ 308.000

De Fryske Marren

0,08500%

0,29050%

0,21840%

Geen OZB

€ 341.000

Harlingen

0,09530%

0,31010%

0,23450%

Geen OZB

€ 247.000

Heerenveen

0,10190%

0,36170%

0,28680%

Geen OZB

€ 325.000

Leeuwarden

0,10721%

0,48401%

0,38806%

Geen OZB

€ 249.000

Noardeast-Fryslân

0,12480%

0,29540%

0,22490%

Geen OZB

€ 283.000

Ooststellingwerf

0,07480%

0,09880%

0,08430%

Geen OZB

€ 310.000

Opsterland

0,07980%

0,18690%

0,15160%

Geen OZB

€ 338.000

Schiermonnikoog

0,09980%

0,22600%

0,18190%

Geen OZB

€ 403.000

Smallingerland

0,10700%

0,35040%

0,28060%

Geen OZB

€ 287.000

Súdwest-Fryslân

0,10680%

0,32820%

0,26260%

Geen OZB

€ 300.000

Terschelling

0,08500%

0,41700%

0,32800%

Geen OZB

€ 437.000

Tytsjerksteradiel

0,14240%

0,28040%

0,24110%

Geen OZB

€ 294.000

Vlieland

0,06452%

0,21075%

0,20575%

Geen OZB

€ 399.000

Weststellingwerf

0,08970%

0,22580%

0,22010%

Geen OZB

€ 309.000

Waadhoeke

0,11680%

0,24600%

0,16840%

Geen OZB

€ 257.000

Gemiddeld

0,10049%

0,27876%

0,23052%

€ 317.000

Tarieven gehanteerd door gemeenten in Fryslân

In vergelijking met andere gemeenten in Fryslân hanteert Heerenveen voor 2025 een OZB-tarief van 0,10190% voor eigenaren van woningen, wat iets hoger ligt dan het gemiddelde van 0,10049%. Voor eigenaren van niet-woningen ligt het tarief in Heerenveen met 0,36170% aan de hogere kant, vergeleken met het gemiddelde van 0,27876%.

| 27 | Ombuigingenbundel

Er zijn echter enkele gemeenten die hogere tarieven hanteren. Leeuwarden heeft bijvoorbeeld een OZB-tarief voor eigenaren van woningen van 0,10721% en Dantumadiel een tarief van 0,13985%, beide hoger dan die van Heerenveen. Het is echter belangrijk om te benadrukken dat de WOZ-waarde van invloed is op de hoogte van de belastinglasten. Een hoger OZB-tarief bij een lagere WOZ-waarde kan namelijk leiden tot lagere lokale lasten dan een lager tarief met een hogere WOZ-waarde. In Heerenveen bedraagt de gemiddelde WOZ-waarde € 325.000, wat redelijk in lijn ligt met het provinciale gemiddelde van € 317.000. Dit betekent dat de daadwerkelijke belastingdruk, zowel voor woningen als niet-woningen, sterk afhankelijk is van de WOZ-waarde en dus niet alleen van het tarief. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Een verhoging van de OZB met 5% heeft een impact op de eigenaren van onroerend goed in onze gemeente. De tarieven worden vastgesteld op basis van de begrote opbrengsten die de gemeente nodig heeft en de WOZ-waarden van de panden in de gemeente. Bij een WOZ-waarde van € 325.000 bedroeg de OZB € 354,58. Met een stijging van 5% komt hier € 17,75 bij. Voor een niet-woning betekent een stijging van 3% met een WOZ-waarde van € 325.000 een stijging van € 58,78 (was € 1.175,53).

Hoewel deze verhoging een impact kan hebben, denken we dat de belastingdruk voor de meeste eigenaren beheersbaar zal blijven. Naast deze verhoging van 5% vanaf 2026 (optie 2) zijn er ook voorstellen voor de onroerendezaakbelasting met een stijging van 10% vanaf 2026 en 3% vanaf 2027 (optie 1 en 3). Als ervoor wordt gekozen om meerdere varianten door te voeren, zullen de gevolgen voor inwoners en ondernemers navenant toenemen. Mensen kunnen geen bezwaar maken tegen het OZB-tarief, alleen tegen de WOZ-waarde, die de basis vormt voor de berekening. De WOZ-waarde wordt bepaald op basis van wettelijke normen en objectieve criteria, zoals verkoopcijfers van vergelijkbare woningen. Een verlaging van de WOZ-waarde verlaagt alleen het te betalen bedrag, niet het tarief zelf. Bij de tariefsverhoging kunnen inwoners inspreken bij de gemeenteraad, maar geen formeel bezwaar maken. Alleen bij een extreem hoge verhoging kan bestuurlijk of juridisch worden ingegrepen. Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€ 680.222

€ 680.222

€ 680.222

€ 680.222

2026

2027

2028

2029

€0

€0

€0

€0

Effecten formatie Effect op formatie in €

| 28 | Ombuigingenbundel

Aantal Fte

0

Totaal financieel effect

2026

0

2027

0

2028

0

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€ 680.222

€ 680.222

€ 680.222

€ 680.222

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

Geen aanvullende communicatie Interne communicatie (bijvoorbeeld intranetbericht of bijeenkomst) Externe communicatie (bijvoorbeeld telefonisch contact, mail, brief of bijeenkomst).

Geïnformeerde(n): niet van toepassing.

| 29 | Ombuigingenbundel

8. Onroerendezaakbelasting eigenaren optie 3 Basisgegevens Domein

Bedrijfsvoering

Thema

Algemene dekkingsmiddelen

Taakveld

0.61 OZB woningen & 0.62 OZB niet-woningen

Grootboeknummer

600017 en 600018

Kostensoort

8401000

Koppeling met Raadsagenda

Nee

Koppeling met Hoofdlijnenakkoord

Nee

Omschrijving van het ombuigingsvoorstel De onroerendezaakbelasting (OZB) is een gemeentelijke belasting gebaseerd op de waarde van onroerend goed, zoals woningen en bedrijfspanden. Deze waarde, de WOZ-waarde, wordt jaarlijks vastgesteld door gemeentelijke taxateurs volgens de Wet waardering onroerende zaken. De gemeenteraad bepaalt de tarieven van de OZB. Wie betaalt OZB? ​ Eigenaren van woningen en bedrijfspanden betalen OZB over hun eigendom, terwijl gebruikers van niet-woningen, zoals huurders van bedrijfsruimten, ook een deel van de belasting betalen. Huurders van woningen betalen geen OZB. De belasting wordt geheven op basis van de situatie op 1 januari van het betreffende jaar, waardoor veranderingen later in het jaar niet worden meegenomen. Waar wordt de OZB voor gebruikt? ​ De OZB-opbrengsten worden gebruikt voor gemeentelijke voorzieningen zoals wegen, scholen, sportfaciliteiten, riolering en het onderhoud van schone wijken. Hoewel het grootste deel van de gemeentelijke inkomsten afkomstig is van het Rijk, dragen inwoners en ondernemers via de OZB ongeveer 7,8% bij aan de totale baten van de gemeentelijke begroting. Huidige begroting en tarieven 2025 en voorstel voor verhoging Soort

Huidige tarief 2025

OZB woningen eigenaren

0,1091% van de WOZ-waarde

OZB woningen gebruikers

Geen OZB

OZB niet-woningen eigenaren

0,3617% van de WOZ-waarde

€ 5.171.860

OZB niet-woningen gebruikers

0,2868% van de WOZ-waarde

€ 3.688.378

Totaal

Begrote inkomsten 2025 € 8.432.581 €0

€ 17.292.819

Met dit ombuigingsvoorstel wordt voorgesteld om de OZB-opbrengsten vanaf 2027 te verhogen met 3% voor eigenaren (zowel woningen als niet-woningen). Dit betekent een verhoging van € 408.133.

| 30 | Ombuigingenbundel

Historie van eerdere verhogingen 2020-2025 Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Jaar

Tarief eigenaren woningen

2020

0,1328%

-2%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,1248%

2%

Reguliere indexatie

2022

0.1175%

1%

Reguliere indexatie

2023

0,1025%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,1087%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,1091%

2%

Reguliere indexatie

Jaar

Tarief eigenaren woningen

2020

0,3382%

-4%

Verlaging conform hoofdlijnenakkoord 2018-2022

2021

0,3443%

4%

2% indexatie + correctie +2% n.a.v. Perspectiefnota 2020

2022

0.3653%

1%

Reguliere indexatie

2023

0.3735%

3,3%

Reguliere indexatie

2024

0,3587%

3,1%

Reguliere indexatie

2025

0,3617%

2%

Reguliere indexatie

Aanpassing t.o.v. voorgaand jaar (excl. accress en waarde ontwikkeling)

Toelichting

Toelichting

Bovenstaande tabellen laten de ontwikkeling van het OZB-tarief voor eigenaren van (niet-)woningen zien, inclusief de jaarlijkse aanpassingen. De aanpassingen zijn grotendeels gebaseerd op reguliere indexatie. In 2020 werd het tarief verlaagd volgens het hoofdlijnenakkoord 2018-2022. Vanaf 2021 is de OZB jaarlijks geïndexeerd, met variërende percentages. Ook heeft in 2021 een correctie plaatsgevonden van 2% bij de niet-woningen om de tariefsverlaging van het jaar daarvoor gedeeltelijk terug te draaien. Het is belangrijk te benadrukken dat de ontwikkeling van het tarief niet los kan worden gezien van andere factoren, zoals de WOZ-waarde van woningen en het gemeentefonds (accres). Een stijging of daling van de WOZ-waarden heeft invloed op de totale OZB-opbrengst en kan de tariefsontwikkeling beïnvloeden. Daardoor zijn de tarieven niet één-op-één vergelijkbaar tussen de jaren. Welke tarieven hanteren andere gemeenten? In de provincie Fryslân hanteren gemeenten verschillende tarieven voor OZB. Onderstaande tabel presenteert een overzicht van de tarieven voor 2025 bij andere Friese gemeenten. In het kader van het ravijnjaar kan het zijn dat ook andere gemeenten de OZB-tarieven zullen verhogen bij de begroting 2026.

| 31 | Ombuigingenbundel

Gemeente

Tarief 2025 eigenaar woning

Tarief 2025 eigenaar niet-woning

Tarief 2025 Gebruiker niet-woning

Tarief 2025 Gebruik woning

Gemiddelde WOZ waarde in 2024

Achtkarspelen

0,12250%

0,24710%

0,31210%

Geen OZB

€ 271.000

Ameland

0,06600%

0,15110%

0,12090%

Geen OZB

€ 348.000

Dantumadiel

0,13950%

0,30760%

0,23930%

Geen OZB

€ 308.000

De Fryske Marren

0,08500%

0,29050%

0,21840%

Geen OZB

€ 341.000

Harlingen

0,09530%

0,31010%

0,23450%

Geen OZB

€ 247.000

Heerenveen

0,10190%

0,36170%

0,28680%

Geen OZB

€ 325.000

Leeuwarden

0,10721%

0,48401%

0,38806%

Geen OZB

€ 249.000

Noardeast-Fryslân

0,12480%

0,29540%

0,22490%

Geen OZB

€ 283.000

Ooststellingwerf

0,07480%

0,09880%

0,08430%

Geen OZB

€ 310.000

Opsterland

0,07980%

0,18690%

0,15160%

Geen OZB

€ 338.000

Schiermonnikoog

0,09980%

0,22600%

0,18190%

Geen OZB

€ 403.000

Smallingerland

0,10700%

0,35040%

0,28060%

Geen OZB

€ 287.000

Súdwest-Fryslân

0,10680%

0,32820%

0,26260%

Geen OZB

€ 300.000

Terschelling

0,08500%

0,41700%

0,32800%

Geen OZB

€ 437.000

Tytsjerksteradiel

0,14240%

0,28040%

0,24110%

Geen OZB

€ 294.000

Vlieland

0,06452%

0,21075%

0,20575%

Geen OZB

€ 399.000

Weststellingwerf

0,08970%

0,22580%

0,22010%

Geen OZB

€ 309.000

Waadhoeke

0,11680%

0,24600%

0,16840%

Geen OZB

€ 257.000

Gemiddeld

0,10049%

0,27876%

0,23052%

€ 317.000

In vergelijking met andere gemeenten in Fryslân hanteert Heerenveen voor 2025 een OZB-tarief van 0,10190% voor eigenaren van woningen, wat iets hoger ligt dan het gemiddelde van 0,10049%. Voor eigenaren van niet-woningen ligt het tarief in Heerenveen met 0,36170% aan de hogere kant, vergeleken met het gemiddelde van 0,27876%. Er zijn echter enkele gemeenten die hogere tarieven hanteren. Leeuwarden heeft bijvoorbeeld een OZB-tarief voor eigenaren van woningen van 0,10721% en Dantumadiel een tarief van 0,13985%, beide hoger dan die van Heerenveen. Het is echter belangrijk om te benadrukken dat de WOZ-waarde van invloed is op de hoogte van de belastinglasten. Een hoger OZB-tarief bij een lagere WOZ-waarde kan namelijk leiden tot lagere lokale lasten dan een lager tarief met een hogere WOZ-waarde. In Heerenveen bedraagt de gemiddelde WOZ-waarde € 325.000, wat redelijk in lijn ligt met het provinciale gemiddelde van € 317.000. Dit betekent dat de daadwerkelijke belastingdruk, zowel voor woningen als niet-woningen, sterk afhankelijk is van de WOZ-waarde en dus niet alleen van het tarief.

| 32 | Ombuigingenbundel

Wettelijke taak van de gemeente Gemeenten hebben de wettelijke bevoegdheid, maar niet de plicht, om OZB te heffen. Deze bevoegdheid is vastgelegd in de Gemeentewet. Het is aan de gemeenteraad om te beslissen of en in welke mate OZB wordt geheven. Hoewel het geen wettelijke verplichting is, wordt OZB door vrijwel alle gemeenten in Nederland geheven omdat het een belangrijke bron van eigen inkomsten vormt. De WOZ-waarde van een onroerend goed is een objectieve, op marktwaarde gebaseerde schatting die door de gemeente jaarlijks wordt vastgesteld. De gemeente moet daarbij de wetgeving volgen en mag de waarde niet naar eigen inzicht aanpassen. Maatschappelijke gevolgen Classificatie: laag Een verhoging van de OZB met 3% heeft een impact op de eigenaren van onroerend goed in onze gemeente. De tarieven worden vastgesteld op basis van de begrote opbrengsten die de gemeente nodig heeft en de WOZ-waarden van de panden in de gemeente. Bij een WOZ-waarde van € 325.000 bedroeg de OZB € 354,58. Met een stijging van 3% komt hier € 10,64 bij. Voor een niet-woning betekent een stijging van 3% met een WOZ-waarde van € 325.000 een stijging van € 35,57 (was € 1.175,53). Hoewel deze verhoging een impact kan hebben, denken we dat de belastingdruk voor de meeste eigenaren beheersbaar zal blijven.

Naast deze verhoging van 3% vanaf 2027 (optie 3) zijn er ook voorstellen voor de onroerendezaakbelasting met een stijging van 10% en 5% vanaf 2026 (optie 1 en 2). Als ervoor wordt gekozen om meerdere varianten door te voeren, zullen de gevolgen voor inwoners en ondernemers navenant toenemen. Mensen kunnen geen bezwaar maken tegen het OZB-tarief, alleen tegen de WOZ-waarde, die de basis vormt voor de berekening. De WOZ-waarde wordt bepaald op basis van wettelijke normen en objectieve criteria, zoals verkoopcijfers van vergelijkbare woningen. Een verlaging van de WOZ-waarde verlaagt alleen het te betalen bedrag, niet het tarief zelf. Bij de tariefsverhoging kunnen inwoners inspreken bij de gemeenteraad, maar geen formeel bezwaar maken. Alleen bij een extreem hoge verhoging kan bestuurlijk of juridisch worden ingegrepen. Organisatorische gevolgen Classificatie: laag Toelichting: niet van toepassing Financieel effect Effecten exploitatie

2026

2027

2028

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€0

€ 408.133

€ 408.133

€ 408.133

2026

2027

2028

2029

€0

€0

€0

€0

Effecten formatie Effect op formatie in €

| 33 | Ombuigingenbundel

Aantal Fte

Totaal financieel effect

0

2026

0

2027

0

2028

0

2029

Verlaging lasten

€0

€0

€0

€0

Verhoging baten

€0

€ 408.1332

€ 408.133

€ 408.133

Communicatie In samenwerking met de griffie en het communicatieteam verzorgen we de algemene communicatie rondom de gemeenteraadsbesluitvorming over alle ombuigingsvoorstellen, zowel vóór als na de besluitvorming. Daarnaast is per ombuigingsvoorstel vastgesteld welke communicatie nodig is voorafgaand aan de besluitvorming door de gemeenteraad, afhankelijk van de impact en de betrokken doelgroepen. Zo communiceren we op maat. In de onderstaande tabel wordt aangegeven of en hoe er gecommuniceerd is over het betreffende ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming. Er wordt enkel extern gecommuniceerd indien het ombuigingsvoorstel is opgenomen in het voorkeursscenario. Wijze van communiceren over dit ombuigingsvoorstel voorafgaand aan besluitvorming X

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=209c34bf-0544-4095-9103-0aba41834972