CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3a - TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen_Motivering

Raadsvergadering 19 juni 2025, gemeente HeerenveenBij agendapunt: TAM-Omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan, Heerenveen (ROM)18.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Motivering

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen 8 mei 2025

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Inhoudsopgave

Motivering

4

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Begrenzing besluitgebied 1.3 Leeswijzer

4 4 5 6

Hoofdstuk 2 Wijziging omgevingsplan 2.1 Programma 2.2 Stedenbouwkundige motivering 2.3 Bedrijfswoning 2.4 Door te voeren wijzigingen in het omgevingsplan 2.5 Bruidsschat

6 6 9 12 12 13

Hoofdstuk 3 Participatie 3.1 Hoe was de voorbereiding 3.2 Wat vindt de omgeving? 3.3 Wat vinden de ketenpartners?

13 13 14 14

Hoofdstuk 4 Toetsing aan regelgeving en beleid 4.1 Instructieregels van het Rijk 4.2 Instructieregels van de provincie Fryslân 4.3 Gemeentelijk beleid

14 15 15 16

Hoofdstuk 5 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving 5.1 Omgevingsveiligheid 5.2 Waterparagraaf 5.3 Luchtkwaliteit 5.4 Geluid door activiteiten 5.5 Geluid door wegen 5.6 Lichthinder 5.7 Bodemkwaliteit 5.8 Ladder voor duurzame verstedelijking 5.9 Erfgoed 5.10 Natuur 5.11 Verkeer en parkeren 5.12 Duurzaamheid en gezondheid 5.13 M.e.r.-verantwoording

19 19 21 23 24 26 26 27 28 32 33 36 38 39

Hoofdstuk 6 Juridische vormgeving 6.1 Wijziging omgevingsplan 6.2 Artikelsgewijze toelichting

40 40 41

Hoofdstuk 7 Financiele haalbaarheid 7.1 Uitvoerbaarheid en kostenverhaal

43 43

Hoofdstuk 8 Evenwichtige toedeling van functies aan locaties 8.1 Wettelijk kader 8.2 Afweging

44 44 44

3

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Motivering Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Op 21 januari 2019 koos de gemeenteraad van Heerenveen voor de vestiging van een Van der Valk Hotel aan de Oranje Nassaulaan en de oprit naar de A32. Op basis van het besluit van de gemeenteraad is de schets die daarbij gepresenteerd is verder uitgewerkt. Van der Valk en de gemeente hebben in overleg twee modellen gemaakt voor de ontwikkeling van het project. Hierbij is in het bijzonder gekeken naar de positie, hoogte en oriëntatie en gevelbeeld van het gebouw. Ook het parkeren, de ontsluiting van de kavel en de verkeersveiligheid voor fietsers zijn aandachtspunten geweest. Qua inhoud zijn beide modellen gelijk. Er is ruimte voor maximaal 140 kamers, aangevuld met congres- en horecafaciliteiten en een inpandige bedrijfswoning. Vanaf 1 juli tot en met 17 september 2021 was er gelegenheid om een inspraakreactie te geven op de modellen. Deze reacties zijn betrokken bij het nemen van het principebesluit over het voorkeursmodel. Op 27 januari 2022 heeft de gemeenteraad van Heerenveen ingestemd met de ontwikkeling van Model 1. Model 1 is een langgerekt gebouw van ongeveer 30 meter hoog, parallel aan de Oranje Nassaulaan. Het voorkeursmodel is verder uitgewerkt en gereed om in procedure gebracht te worden. Om deze herontwikkeling mogelijk te maken, moet er afgeweken worden van het planologische regime en moet hiervoor het (tijdelijke) omgevingsplan gewijzigd worden.

Met dit wijzigingsbesluit wordt de beoogde nieuwbouw juridisch-planologisch mogelijk gemaakt. De wijziging heeft betrekking op regels die nodig zijn om de bouw van het nieuwe hotel met bijbehorende functies en buitenruime mogelijk te maken. Deze motivering gaat in op de achtergronden van dit wijzigingsbesluit, en de relatie met het wettelijk kader. Naast de motivering staat de toelichting op het omgevingsplan. De toelichting op het omgevingsplan gaat in op de technische kenmerken van het plan en bevat ook de juridische plantoelichting. Die toelichting is te vinden in het wijzigingsbesluit.

4

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Achtergrond: wat is een 'wijzigingsbesluit'? Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. De Omgevingswet zorgt voor veranderingen in de wet- en regelgeving rondom ruimtelijke ordening, bouwen, milieu en andere thema's die samenhangen met de fysieke leefomgeving. Een gevolg van de Omgevingswet is dat het instrument 'bestemmingsplan' komt te vervallen. Hiervoor in de plaats komt één omgevingsplan voor het hele grondgebied van de gemeente. Het gemeentelijke omgevingsplan zal, net als het bestemmingsplan, regels bevatten over ruimtelijke ordening, bouwen, aanleggen en slopen. Maar de reikwijdte van het omgevingsplan is breder: ook regels uit gemeentelijke verordeningen, die gaan over de fysieke leefomgeving, komen terecht in het omgevingsplan. Daarnaast zal het omgevingsplan regels over milieu bevatten. Het gaat daarbij vaak om regels die voorheen vanuit de rijksoverheid werden gesteld, zoals waarden voor geluid. Zulke oude rijksregels worden aangeduid als de 'bruidsschat'. Het omzetten van het oude naar het nieuwe stelsel kost tijd. Het omgevingsplan komt stapsgewijs tot stand. Zolang het definitieve omgevingsplan voor de gehele gemeente nog niet is vastgesteld, gelden nog de oude regels, zoals het oude bestemmingsplan. Die oude regels worden vanaf 1 januari 2024 aangeduid als 'het tijdelijke deel' van het omgevingsplan.

De komende jaren zal het tijdelijke deel van het omgevingsplan stapsgewijs worden vervangen door nieuwe regels in het omgevingsplan. Dat gebeurt met wijzigingsbesluiten. Dit wijzigingsbesluit vervangt de regels in het tijdelijk deel (de oude bestemmingsplannen) door nieuwe regels, die nodig zijn om de realisatie van de woningen mogelijk te maken.

1.2

Begrenzing besluitgebied

Het voorliggende wijzigingsbesluit heeft betrekking op de locatie bij de afslag Oranjewoud/A32 aan de Oranje Nassaulaan ter hoogte van het sportcomplex van de VV Heerenveen. De ligging en begrenzing van het besluitgebied blijken uit de geometrie in de vorm van een verbeelding en onderstaand figuur 1. Op onderstaande kaart is het besluitgebied omkaderd weergegeven.

5

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Figuur 1. Plangebied

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige en toekomstige situatie. De toekomstige situatie beschrijft de doelen voor het projectgebied, het initiatief en de strijdigheden met het omgevingsplan. Hoofdstuk 3 beschrijft hoe participatie heeft plaatsgevonden en hoe deze heeft bijgedragen aan het ontwerp. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 en 5 het project getoetst aan relevant beleidskader en aan relevante aspecten van de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de juridische vormgeving van het plan. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de haalbaarheid van het plan en vindt in hoofdstuk 8 de algehele eindconclusie plaats of het planvoornemen voldoet aan de criteria van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Hoofdstuk 2 2.1

Wijziging omgevingsplan

Programma

Het project betreft het realiseren van een nieuw duurzaam hotel (het hotel zal energieneutraal worden gebouwd) en bestaat uit: Hoofdgebouw, waarin plaats zal moeten zijn voor: ontvangstruimte, restaurantfuncties, bar, keuken, opslagruimten, machinekamers en sanitaire voorzieningen. maximaal 140 hotelkamers; Wellness/zwembad/fitnessfaciliteiten voor hotelgasten Congrescentrum (vergader- en werkplekken) met een maximale oppervlakte van 1.000 m2 bvo; Een restaurant met een maximale oppervlakte van 800 m2 bvo; Een bar met een maximale oppervlakte van 150 m2 bvo; Een terras met een maximale oppervlakte van 200 m2 bvo; Minimaal 222 parkeerplaatsen waarvan een deel halfverdiept;

6

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

1 bedrijfswoning voor bewoning door de exploitant, opgenomen in het gebouw. Het plan (Bijlage 1) voorziet in een footprint (bouwvlak) van circa 3.500 m2 met een laagbouw deel van maximaal 14,40 meter hoog en een hoogbouw deel van maximaal 33 meter hoog. Het projectgebied heeft een oppervlakte van circa 13.224 m2 waarbinnen naast het te realiseren gebouw de benodigde parkeerplaatsen in een groene setting worden gerealiseerd. De locatie wordt ontsloten op de Oranje Nassaulaan.

Figuur 2. Stedenbouwkundig opzet

7

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

8

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Figuur 3. Impressies (Bron: P.A.M. Teunissen architectenbureau B.V.)

2.2

Stedenbouwkundige motivering

2.2.1

Ruimtelijke analyse

De locatie van de beoogde ontwikkeling is gelegen aan de Oranje Nassaulaan, direct ten oosten van de rijksweg A32 bij de afrit Oranjewoud/Skoatterwâld. Deze plek markeert zowel de entree van de wijk Skoatterwâld als de meer grootschalige ontwikkelingen die in deze zone aan weerzijden van de rijksweg A32 het beeld van Heerenveen kenmerkt. De kavel wordt aan de noordzijde begrensd door het gezamenlijke sportcomplex van vv Heerenveen en sc Heerenveen. Ten zuiden van de Oranje Nassaulaan ligt de woonbuurt Oranjewoud Noord. De Oranje Nassaulaan is één van de twee ontsluitingswegen van de woonwijk Skoatterwâld. Deze kenmerken van de locatie, waarin verschillende werelden samenkomen, vraagt om een bijzondere functie die deze plek markeert. Skoatterwâld Het stedenbouwkundig plan voor Skoatterwâld kent een aantal kenmerkende ruimtelijke hoofdstructuren. De karakteristieke opzet van de wijk met de lanen ten zuiden van de 'Middenzone' en de singels ten noorden daarvan, de nullijn als ruimtelijk element en de ruim opgezette ontsluitingswegen zijn beeldbepalende ruimtelijke structuren van de wijk. Daarnaast zijn de gebieden voor verschillende voorzieningen ook kenmerkend voor de ruimtelijke en functionele opzet van de wijk. Naast de 'Middenzone' met veelal maatschappelijke voorzieningen, worden ook de beide entrees van de wijk geflankeerd door locaties met voorzieningen.

Langs de noordelijke entree, de Domela Nieuwenhuisweg, heeft dit geresulteerd in een (inmiddels leegstaand) tuincentrum en twee onderwijsinstellingen. De zone tussen de

9

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Domela Nieuwenhuisweg en de A32 is nog niet voorzien van een invulling. De oorspronkelijke gedachte was om ook hier ruimte te bieden aan meer maatschappelijke voorzieningen en voor kantoren. Bij de zuidelijke entree van de woonwijk, de Oranje Nassaulaan, is een vergelijkbare markering van de entree van de wijk bedacht. De eerste gedachte die hiervoor destijds op papier is gezet, is om deze plek te markeren met hoogwaardige kantoorpanden. Een gedachte die past bij het tijdsbeeld waarin de visie voor de wijk is opgesteld. Ontwikkelstrategie Skoatterwâld (2017) Mede door de financiële crisis bleef de ontwikkeling van Skoatterwâld enigszins achter. Dit is in 2017 aanleiding geweest voor het opstellen van een ontwikkelstrategie voor de woonwijk. In deze ontwikkelstrategie is de situatie tot dan toe in kaart gebracht en op basis van die inventarisatie een strategie bepaald voor de verdere doorontwikkeling van de wijk. Eén van de conclusies heeft betrekking op de zone langs de A32. In de basis is hier geen ruimte meer woningbouw vanwege de ligging nabij de snelweg. Daarnaast is geconcludeerd dat de entrees van de wijk, met name de noordelijke entree, versterkt moeten worden. In de visie op kantoorlocaties is bepaald dat de kantoren zich concentreren rondom het station, het stadion (Sportstad) en bij de entree van Heerenveen aan de KR Poststraat.

De entree bij Skoatterwâld is hierdoor niet meer in beeld als locatie voor de bouw van kantoren. Om entree van de wijk aan de Oranje Nassaulaan te versterken wordt gedacht aan functies gerelateerd aan Stad van Sport.

Figuur 4. Kaartbeeld Ontwikkelstrategie Skoatterwâld (2017)

10

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Gebiedsvisie A32 Langs de A32 liggen nog verschillende te ontwikkelen gebieden. Om de ruimtelijke (en programmatische) samenhang tussen deze verschillende ontwikkelgebieden onderling en die met de directe omgeving te borgen wordt er voor dit gebied een visie opgesteld. Ruimtelijke vraagstukken op gebied van onder andere mobiliteit, woningbouw, (sport)voorzieningen, groen en water, komen aan bod in deze visie. De planlocatie voor het hotel valt binnen de plangrens van deze visie. Voor deze gebiedsvisie is een uitgebreid participatie proces doorlopen en zal in het voorjaar van 2025 aan de gemeenteraad ter vaststelling worden voorgelegd. In de Gebiedsvisie A32(concept) wordt de planlocatie voor het hotel als volgt beschreven: Landschappelijk inpassing is voldoende om met de positionering aan de weg akkoord te kunnen gaan. Op een kaart zijn de verschillende ontwikkellocaties in de A32 zone weergegeven en is het besluitgebied aangeduid als 'Van der Valk'. 2.2.2

Bouwhoogte en inpassing

Het ruimtelijk beeld dat in eerste instantie werd geschetst ging uit van kantoorgebouwen met een bouwhoogte van maximaal 15 meter. Als markering van de entree van de wijk is een hoger gebouw aan de Oranje Nassaulaan voorstelbaar als deze op een goede manier wordt ingepast. Een grotere hoogte past in de grootschalige opzet van dit deel van Heerenveen, binnen de invloedsfeer van rijksweg en het stadiongebied aan de overzijde van de A32. Het nieuwe hotel presenteert zich parallel aan de Oranje Nassaulaan. De kopse gevels zijn hiermee op de A32 en op de wijk gericht. Met een hoogte van circa 30 meter is dit beduidend hoger dan bouwhoogte van 15 meter zoals die in het bestemmingsplan (2014) is vastgelegd, maar gezien de ruime setting en afstand van de beoogde nieuwbouw tot de bestaande woningen in Oranjewoud en Skoatterwâld is deze hoogte acceptabel en kan een gebouw van deze omvang, met een zorgvuldige architectonische uitwerking, op een goede manier worden ingepast in het straatbeeld. De criteria voor de architectonische uitwerking worden vastgelegd in een beeldkwaliteitsplan dat tezamen met het onderhavig TAM-omgevingsplan ter besluitvorming zal worden aangeboden. Het hotel wordt ontwikkeld ten noorden/ westen van de bebouwing in Oranjewoud en Skoatterwâld. Vanwege deze positie is de schaduwwerking van het gebouw op de omliggende woningen beperkt.

Enkel (kort) voor zonsondergang is er sprake van schaduwwerking op (een deel van de) omliggende bebouwing. De volledige bezonningsstudie is als Bijlage 2 bijgevoegd. 21 maart/september: de schaduw van de nieuwbouw raakt vanaf ca. 18:00 tot zonsondergang (ca. 19:00) enkele woningen in Oranjewoud Noord en Skoatterwâld 21 juni: de schaduw van de nieuwbouw raakt vanaf ca. 20:00 tot zonsondergang (ca. 22:00) enkele woningen in Oranjewoud Noord 21 december: de schaduw van de nieuwbouw raakt vanaf ca. 16:00 tot zonsondergang (ca. 16:30) enkele woningen in Skoatterwâld Op de kavel is ruimte voor groen, waaronder een groene afscheiding rondom het parkeerterrein en bomen verspreid over de kavel. Het groene karakter van de Oranje Nassaulaan blijft hiermee in stand. 2.2.3

Bereikbaarheid

Het hotel wordt aangesloten op de bestaande rotonde door daar een volwaardige extra afslag te maken. Net als op alle andere rotondes in Heerenveen moeten fietsers hier voorrang verlenen aan automobilisten. Op die manier ontstaat een gebruikelijke verkeerssituatie die voor alle verkeersdeelnemers herkenbaar is en voldoet aan de landelijke richtlijnen op het gebied van verkeersveiligheid. Daarnaast wordt de aansluiting van het fietspad Tusken de Fjilden enige meters verplaatst, om deze ook in de nieuwe situatie comfortabel en veilig aan te laten sluiten op de rotonde. Verder is er op de toegangsweg naar Van der Valk opstelruimte voor meerdere auto's, zodat deze het fietspad niet blokkeren als ze even

11

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

moeten wachten voor de toegangscontrole om het parkeerterrein op te rijden. Het parkeren wordt op eigen terrein opgelost. Een deel van het benodigd aantal parkeerplaatsen wordt onder het gebouw gerealiseerd.

2.3

Bedrijfswoning

In het ontwerp is ruimte gereserveerd voor een bedrijfswoning. Een bedrijfswoning is noodzakelijk om de volgende redenen: De directie van het hotel bevindt zich op (te) grote afstand en zal niet dagelijks in het bedrijf aanwezig zijn en slechts in staat zijn om op afstand leiding te geven. Voor een efficiënte bedrijfsvoering is het noodzakelijk ruimte voor een bedrijfswoning te reserveren; Voor elk hotel behorend tot het Van de Valk concern wordt o.a. een bedrijfsleider benoemd, (dus ook voor hotel Heerenveen) onder de voorwaarde dat hij/zij per datum indiensttreding in de beschikbare bedrijfswoning in of bij het hotel gaat wonen; De bedrijfsleider is daadwerkelijk en volledig bij de dagelijkse bedrijfsvoering betrokken. Aan de functie van bedrijfsleider is inherent verbonden het houden van algemeen toezicht in en om het bedrijf en het zorg dragen voor het algemeen welzijn en veiligheid van medewerkers, gasten en de directe omgeving van het hotel; Tijdens de nachtelijk uren is een nachtportier aanwezig. Bij het zich voordoen van bijzonderheden of calamiteiten dient de portier te allen tijde een beroep te kunnen doen op de bedrijfsleider. Dat is alleen mogelijk wanneer de bedrijfsleider in no time ter plaatse kan zijn. Verder dient de bedrijfsleider te fungeren als back-up voor de nachtportier.

2.4

Door te voeren wijzigingen in het omgevingsplan

De regels in het omgevingsplan moeten gezamenlijk bijdragen aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit betekent in elk geval dat moet worden voldaan aan alle instructieregels van het rijk en van de provincie die hiermee te maken hebben. Die instructieregels worden in hoofdstuk 4 besproken. Als gevolg van de voorliggende wijziging van het omgevingsplan komt een deel van het ruimtelijke plan (bestemmingsplan) dat deel uitmaakt van het tijdelijke deel van het omgevingsplan gedeeltelijk te vervallen. Het betreft hier een deel van het bestemmingsplan "2e en 3e Fase Skoatterwâld (2014). Hieronder is een uitsnede opgenomen van het vigerende ruimtelijke plan.

Figuur 5. Fragment verbeelding (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

De gronden in het besluitgebied hebben de bestemming “Uit te werken Maatschappelijke doeleinden en

12

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Kantoren" en "Groen". Binnen deze bestemmingen is het vestigen van een hotel met bijbehorende functies niet toegestaan. Voor de regels behorende bij deze bestemmingen, functie- en gebiedsaanduidingen verwijzen wij naar het Omgevingsloket. In de toekomstige situatie wordt de functie Horeca. De regels voor deze functies worden gebaseerd op de regels uit het bestemmingsplan. Omdat ze worden omgezet naar een omgevingsplan, zien ze er wel anders uit dan we gewend zijn.

2.5

Bruidsschat

Met het in werking treden van de Omgevingswet zijn veel rijksregels die in onder meer het Activiteitenbesluit, Besluit omgevingsrecht, Bouwbesluit en Woningwet vervallen. Als deze vervallen regels toch nodig zijn om de evenwichtige toedeling van functies aan locaties te borgen, moeten gemeenten deze opnemen in het omgevingsplan. Totdat gemeenten hierover een besluit hebben genomen, zijn deze regels opgenomen in de Bruidsschat. Hoofdstuk 1 (begripsbepalingen) en hoofdstuk 22 (inhoudelijke regels) van het tijdelijk omgevingsplan. De regels blijven van kracht tot het moment dat de gemeente deze regels met een besluit tot wijzigen van het omgevingsplan wijzigt of laat vervallen. Het wijzigingsbesluit voor de ontwikkeling van hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen brengt geen wijzigingen aan in de regels uit de bruidsschat; die regels blijven dus gelden.

Hoofdstuk 3 3.1

Participatie

Hoe was de voorbereiding

De eerste bekendmaking voor plannen voor een Van der Valk hotel in het besluitgebied stammen uit 2016. Op 17 november 2016 maken het college van burgemeester en wethouders bekend dat Van der Valk plannen heeft voor een hotel in Heerenveen. Beoogde locatie is aan de A32 bij Skoatterwâld en Oranjewoud. Alvorens een ontwikkelingsproces te starten, wil de gemeente, in overleg met het Van der Valk-concern, verkennen wat de mogelijke komst van een nieuw hotel betekent voor het ondernemersklimaat en de ontwikkelingskansen van Heerenveen. Dit heeft geleidt tot een uitvoerig partipatietraject dat samengevat is weergegeven op de tijdlijn zoals gepubliceerd op de website van de gemeente Heerenveen. Deze tijdlijn is te raadplegen via deze link. Het participatietraject heeft geleid tot een besluit van de gemeenteraad op 21 januari 2019. In deze raadsvergadering heeft de gemeenteraad drie keuzemogelijkheden rond een nieuw hotel besproken: het hotelplan aan de A32 bij Skoatterwâld, het hotelplan aan de A32 Stadion-Zuid of geen nieuw hotel. De gemeenteraad heeft gekozen voor het plan voor een Van der Valkhotel aan de A32 bij Skoatterwâld aan de Oranje Nassaulaan en de oprit naar de A32. Op basis van het besluit van de gemeenteraad is de schets die daarbij gepresenteerd is verder uitgewerkt.

Van der Valk en de gemeente Heerenveen hebben in overleg twee modellen gemaakt voor de ontwikkeling van het project. Hierbij is in het bijzonder gekeken naar de positie, hoogte en oriëntatie en gevelbeeld van het gebouw. Ook het parkeren, de ontsluiting van de kavel en de verkeersveiligheid voor fietsers zijn aandachtspunten geweest. Vanaf 1 juli 2021 tot en met 17 september 2021 was er gelegenheid om een inspraakreactie te geven op de modellen. Deze reacties zijn betrokken bij het nemen van het principebesluit door de gemeenteraad over het voorkeursmodel. Op 27 januari 2022 heeft de gemeenteraad van Heerenveen ingestemd met de ontwikkeling van Model 1. Model 1 is een langgerekt gebouw van ongeveer 30 meter hoog, parallel aan de Oranje Nassaulaan. Naar aanleiding van dit besluit is in 2021 gestart met de voorbereidingen voor een bestemmingsplanprocedure. Het is niet meer gelukt om het bestemmingsplan voor 1 januari 2024 als ontwerp ter visie te leggen en wordt het plan onder de Omgevingswet in procedure gebracht door middel van een TAM-omgevingsplan.

13

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

3.2

Wat vindt de omgeving?

Zoals uit de voorgaande paragraaf blijkt is de omgeving vanaf het begin af aan op de hoogte gehouden van de plannen door middel van brieven en de hiervoor genoemde website. Tijdens het laatste gehouden inspraakmoment in 2021 hebben de bewoners in de inspraakreacties aangegeven de indruk te hebben dat hun inbreng onvoldoende/niet is meegenomen in de besluitvorming, waardoor zij het participatieproces ervaren als minder betekenisvol. De reacties van de bewoners zijn altijd gedeeld met de raad en betrokken bij de besluitvorming. Daarnaast kunnen de bewoners op de volgende momenten nog participeren: 1. 2. 3.

Indienen van een zienswijze; Inspreken bij de raadscommissie; Beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak.

Daarnaast wordt de website voortdurend geactualiseerd en blijft de optie bestaan om 1:1 gesprekken te voeren. De direct omwonenden worden alle keren via een brief op de hoogte gebracht en gehouden. Voor de gevoerde participatie en besluitvorming verwijzen wij naar de link in paragraaf 3.1 en de Tijdlijn besluitvorming en participatie Van der Valk in Bijlage 3. Zienswijzen Het ontwerp TAM-Omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan heeft met ingang van vrijdag 31 januari 2025 voor een periode van zes weken met alle bijbehorende stukken voor eenieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode heeft eenieder de gelegenheid gehad om, door middel van een zienwijze, op het TAM-omgevingsplan te reageren. Tegen het ontwerpplan zijn in totaal 78 zienswijzen ingediend, waarvan 15 mondeling die tijdens een inloopavond zijn opgeschreven. Het merendeel van de schriftelijke zienswijzen is deels of geheel gelijkluidend. Deze zienswijzen zijn van een reactie voorzien in de zienswijzennota die onderdeel uitmaakt van het raadsbesluit. De inhoud van de zienswijzen geeft aanleiding om het TAM-omgevingsplan ten opzichte van het ontwerp TAM-Omgevingsplan gewijzigd vast stellen. Zo zijn de begrippen horeca, restauratieve voorzieningen en zalenverhuur toegevoegd en zijn de teksten in de motivering met betrekking tot de VNG Handreiking Activitieten en milieuzonering en de Aeriusberekening aanpast.

Tot slot hebben in het kader van de zienswijzen en de vaststelling ook updates plaatsgevonden van het behoefteonderzoek en het verkeersonderzoek. Uit deze updates is niet gebleken van feiten en omstandigheden die de (gewijzigde) vaststelling van het bestemmingsplan in de weg staan. Deze updates maken onderdeel uit van het raadsvoorstel en zijn als bijlage bij het raadsbesluit bijgevoegd.

3.3

Wat vinden de ketenpartners?

In het kader van vroegtijdige participatie is het voorontwerp TAM-IMRO Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen toegestuurd aan de Provincie Fryslan, Wetterskip, Rijkswaterstaat, Veiligheidsregio (Brandweer en GGD) en FUMO. De gemeente Heerenveen heeft een 'Participatienota bestuursorganen Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen' opgesteld waarin is ingegaan op de ontvangen reacties en is aangegeven hoe met de verschillende reacties is omgegaan. De participatienota is als Bijlage 4 bijgevoegd.

Hoofdstuk 4

Toetsing aan regelgeving en beleid

Er moet worden voldaan aan de instructieregels van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en de Omgevingsverordening van de provincie Fryslân. Ook mag het plan niet in strijd zijn met de waterschapsverordening van Wetterskip Fryslân. Tot slot moet het plan passen binnen het gemeentelijke beleid. In dit hoofdstuk worden deze aspecten afgewogen en waar nodig gemotiveerd.

14

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

4.1

Instructieregels van het Rijk

Het Rijk heeft instructieregels gegeven waar het omgevingsplan aan moet voldoen. De regels zijn hoofdzakelijk opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Niet alle instructieregels zijn relevant voor elk besluit tot wijziging van het omgevingsplan. In het wijzigingsbesluit zijn voor zover nodig regels opgenomen met het doel om aan de instructieregels te voldoen. Deze instructieregels richten zich op de volgende thema's: In hoofdstuk 5 van het Bkl is een groot aantal instructieregels opgenomen. Aan deze instructieregels moet worden voldaan. De meest relevante instructieregel betreft de regels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit betreft onder meer: het waarborgen van de veiligheid; het beschermen van de waterbelangen; het beschermen van de gezondheid en van het milieu; het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed; het behoud van ruimte voor toekomstige functies; het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen. De voor iedere aanvraag relevante instructieregels zijn nader uitgewerkt in hoofdstuk 5. In onderstaande kolom is aangeven in welke paragraaf in deze motivering nader is ingegaan op deze onderdelen. Thema

Paragraaf Bkl

Paragraaf motivering

Omgevingsveiligheid

5.1.2

5.1

Waterbelangen

5.1.3

5.2

Luchtkwaliteit

5.1.4.1

5.3

Geluid door activiteiten

5.1.4.2

5.4

Geluid van wegen, spoorwegen en industrieterreinen 5.1.4.2a

5.5

Trillingen

5.1.4.4

Niet van toepassing

Bodemkwaliteit

5.1.4.5

5.7

Geur

5.1.4.6

Niet van toepassing

Ladder voor duurzame verstedelijking

5.1.5.4

5.8

Cultureel erfgoed en werelderfgoed

5.1.5.5

5.9

Toegankelijkheid openbare ruimte

5.162

Niet van toepassing

Tabel 1: Thema's Bkl

Daarnaast zijn er instructieregels die van toepassing zijn afhankelijk van het project en/of de locatie. Deze instructieregels zijn niet van toepassing op onderhavig wijzigingsgebied.

4.2

Instructieregels van de provincie Fryslân

Met een ruimtelijke verordening stelt de provincie regels aan ruimtelijke plannen van gemeenten. De provincie richt zich hierbij op onderwerpen die van provinciaal belang zijn, zoals verstedelijking, natuur, nationale landschappen, water en glastuinbouw. Gemeenten krijgen op sommige terreinen meer beleidsvrijheid, terwijl ze op andere gebieden te maken krijgen met strikte provinciale richtlijnen. De regels in de verordening kunnen betrekking hebben op het hele provinciale grondgebied, delen of gebiedsgerichte thema's. De provincie kan in de omgevingsverordening instructieregels opnemen. Dat staat in paragraaf 2.5.1 van de Omgevingswet. Het doel van de instructieregel is dat wordt voldaan aan omgevingswaarden of dat andere doelstellingen van de provincie voor de fysieke leefomgeving worden bereikt (artikel 2.22 Omgevingswet).

15

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Omgevingsverordening Fryslân De omgevingsverordening Fryslân is op 1 januari 2024, tegelijkertijd met de Omgevingswet, in werking getreden. De omgevingsverordening sluit aan op de Omgevingswet en de werkwijze van de Omgevingsvisie. De omgevingsverordening van Fryslân bevat ook (instructie)regels voor het omgevingsplan. Hieronder staan de voor het planvoornemen relevante instructieregels. Thema

Artikel Relevant voor Verwijzing Omgevings wijzigingsbesluit? paragraaf verordening

Omgevingskwaliteiten als basis (archeologie)

2.1 lid 1

Ja

5.9

Gezond en veilig

2.5

Ja

5.2 en 5.12

Tabel 2: Overzicht relevante regels provincie

In bovenstaande tabel is aangegeven in welke paragrafen van deze motivering de thema's voor zover relevant voor dit wijzigingsbesluit nader zijn uitgewerkt.

4.3

Gemeentelijk beleid

4.3.1

Omgevingsvisie Heerenveen 2040

Met de omgevingsvisie werkt de gemeente Heerenveen aan het realiseren van de Global Goals. Deze zijn gebruikt bij het formuleren van de strategische doelstellingen van de gemeente. Er zijn kernkwaliteiten benoemd die relevant zijn voor het planvoornemen. Zo kent Heerenveen een uitstekende (boven)regionale bereikbaarheid (via snelweg, spoor en water) en daarbij behorend vestigingsklimaat en werkgelegenheid; en zijn de verschillende landschapstypen rond Heerenveen zeer herkenbaar, met name de (veen)ontginningen. De gemeente hanteert de volgende doelstelling: ‘In 2040 is Heerenveen een gezonde, ondernemende en duurzame gemeente waar het prettig wonen, werken en recreëren is.’ De gemeente wil tot 2050 een CO2 reductie van 95%. Een deel van de energie-opgave die wordt uitgewerkt in de Regionale Energiestrategie zal terecht komen in het landelijk gebied. Daarnaast speelt het landelijk gebied een rol bij de opgaven op het gebied van klimaatadaptatie en biodiversiteit. De gemeente geeft in haar omgevingsvisie aan koploper te zijn van circulaire economie in Noord-Nederland en is onder de noemer ‘Circular Valley’ bezig om dit thema onder de aandacht van ondernemers te brengen. De gemeente Heerenveen heeft de ambities voor 2040 vertaald naar strategische doelen voor 2030. Vaak spelen meerdere opgaven in hetzelfde gebied en liggen er kansen om deze in samenhang aan te pakken.

Heerenveen kiest voor het aanpakken van vier kernopgaven, waarin meerdere opgaven met elkaar samenhangen. We zetten in op de volgende vier kernopgaven: 1. 2. 3. 4.

Werken aan Heerenveen als (boven)regionaal centrum voor (top)sport, werk en voorzieningen. Bouwen aan toekomstbestendige woningen. Zorgen voor gezonde, klimaatbestendige en leefbare wijken en dorpen. Versterken van de kwaliteit en veerkracht van het landelijk gebied.

Heerenveen wil de banenmotor voor de regio zijn en blijven. Niet groeien om het groeien, maar omdat we willen zorgen voor toekomstbestendige werkgelegenheid op basis van onze kracht. Om het (top)sportprofiel en de bijbehorende economische spin-off op lange termijn vast te houden, is het belangrijk dat (de gebieden rondom) Sportstad en Thialf aantrekkelijk zijn en goed blijven functioneren. Een van deze gebieden is de A32 zone. In de omgevingsvisie is ingegaan op de integrale gebiedsontwikkeling A32-zone. Hierover is het volgende opgenomen:

16

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Op dit moment wordt gewerkt aan de aanpassing van de op- en afritten naar de A32. Dit leidt tot een verbeterde bereikbaarheid van het gebied grenzend aan de snelweg. In de A32-zone zijn de afgelopen jaren verschillende ontwikkelingen tot stand gekomen; bijvoorbeeld in het Sportstadgebied. Tegelijkertijd is er nog ruimte om dit strategisch gelegen en goed bereikbare gebied verder te ontwikkelen. De begrenzing van de A32-zone omvat Heerenveen Noordoost, de Fedde Schurerlocatie, het Sportstadgebied en de het deel van Skoatterwâld langs de A32. In het gebied spelen verschillende ideeën en ontwikkelingen die elkaar onderling beïnvloeden. In de komende jaren wordt ten oosten van de A32 een hotel gerealiseerd. Daarnaast zijn er wensen voor uitbreiding van de huidige sportvoorzieningen rondom Sportstad, maar liggen er ook mogelijkheden om woningbouw of commerciële functies toe te voegen. Daarom is het beter om deze ontwikkeling in onderlinge samenhang te bekijken. Ook de samenhang met de ontwikkeling van het centrum van Heerenveen is hierbij van groot belang. Het A32-gebied moet zich niet als concurrent van het centrum ontwikkelen op het gebied van woningbouw en economie. Met het vaststellen van de Centrumvisie Heerenveen is aangegeven dat woningbouw in het centrum prioriteit krijgt op de ontwikkeling van A32-zone.

Daarom wordt voor het A32-gebied op termijn een gebiedsprogramma gemaakt. Door voorliggend TAM-omgevingsplan wordt een positieve bijdrage geleverd aan de in de omgevingsvisie geformuleerde opgave om te werken aan aan Heerenveen als (boven)regionaal centrum voor (top)sport, werk en voorzieningen. 4.3.2

Economisch beleid 2020-2030 "Werken aan Heerenveen" (2019)

In haar Economisch beleid 2020-2030 zet de gemeente Heerenveen de speerpunten voor het economisch beleid voor de komende jaren uiteen. De gemeente Heerenveen wenst dat de Heerenveense economie in 2030 duurzaam en vitaal is. Dit wil de gemeente bereiken door in te spelen op diverse toonaangevende sectoren, het MKB te stimuleren en het versterken van het vestigingsklimaat. Daarnaast ziet de gemeente potentie in sectoren zoals de vrijetijdseconomie, toerisme en sport. Hotels of logies zijn in dit beleidsdocument niet expliciet benoemd. 4.3.3

Visie Detailhandel en Horeca (2022)

In de visie Detailhandel en Horeca verwoordt de gemeente Heerenveen de visie op hoofdlijnen voor detailhandel en horeca voor de komende jaren. De visie is een actualisatie van de detailhandelsstructuurvisie uit 2011 en is op 27 januari 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Voor de gemeente Heerenveen is de Europese Dienstenrichtlijn een belangrijke voorwaarde voor de verdere ontwikkeling van horeca en detailhandel in de gemeente. De richtlijn staat voor dat dienstverleners, waaronder horeca, zich vrij moeten kunnen vestigen binnen Europa. Dat betekent dat een gemeente alleen beperkingen aan deze richtlijn mag stellen wanneer: deze niet discrimineren: geen onderscheid naar nationaliteit of statutaire vestigingsplaats; deze noodzakelijk zijn: er is een dwingende reden voor de beperkingen in het kader van algemeen belang; deze evenredig zijn: de beperking moet passend zijn om het doel te bereiken en niet verder gaan nodig is om dit doel te bereiken. Met de visie Detailhandel en Horeca zet de gemeente Heerenveen in op het behoud en de versterking van bestaande horecaconcentraties; waarbij voor de vestiging van onder meer discotheken en hotels geldt dat er altijd sprake blijft van maatwerk. Concentratie van horeca binnen het centrum van Heerenveen betekent

17

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

geenszins dat horeca op andere locaties binnen of buiten het centrum niet meer mogelijk is. Buiten het centrum ligt de nadruk bij nieuwe initiatieven op dat deze qua concept, bijzondere locatie of doelgroep iets toevoegen aan het horeca-aanbod in het centrum van Heerenveen. Voor het Sportstadgebied geeft de visie aan dat "commerciële functies in het Sportstadgebied aanvullend [dienen] te zijn op de ontwikkeling van het centrum. In het sportstadgebied, gericht op de (boven) regionale markt, spelen verschillende ontwikkelingen. Zo is er naast mogelijke uitbreiding van de sportvoorzieningen, door de gemeenteraad een locatie bepaald aan de Oranje Nassaulaan voor de komst van een Van der Valk Hotel en bestaat de ambitie om commerciële functies toe te voegen om de positie van het sportstadgebied verder te versterken". Tevens is gesteld dat "bij verdere ontwikkeling op het gebied van horeca en detailhandel geen sprake mag zijn van een ontwikkeling die concurrerend is met het aanbod in het centrum en tot meer leegstand in het centrum [leidt]". In paragraaf 5.8 is hier in het kader van de Ladder voor voor duurzame verstedelijking op ingegaan. 4.3.4

Ontwikkelstrategie Skoatterwâld (2017)

In de Ontwikkelstrategie Skoatterwâld bepaalt de gemeente de ontwikkelrichting voor de nog te bebouwen ruimte in Skoatterwâld. De gemeente geeft hierin aan dat de verdere ruimtelijke ontwikkeling van het gebied, en in het bijzonder nabij de A32, nog ter discussie staat voor wat betreft de optimale ruimtelijke invulling. De ontwikkeling van een hotel is in de ontwikkelstrategie als optie opgenomen. 4.3.5

Woonvisie gemeente Heerenveen 2015-2020

De gemeenteraad van Heerenveen heeft op 22 juni 2020 besloten om de woonvisie 2015-2020 met tenminste 2 jaar te verlengen. Ter aanvulling op de woonvisie zijn er een aantal beleidsregels en een actueel woningbouwprogramma (zie paragraaf 4.3.6) toegevoegd aan de woonvisie. In het Addendum op de Woonvisie (2020) is een voorkeursvolgorde vastgelegd. Op basis van deze voorkeursvolgorde wordt het woningbouwprogramma verdeeld over centrumplannen, bestaande woningbouwlocaties en transformatie van bestaande (leegstaande bebouwing). Nieuwe inbreidingsplannen zijn alleen mogelijk als er voldoende woningbouwruimte in de woningbouwafspraken beschikbaar is. De gemeenteraad heeft op 1 december 2022 besloten om de huidige woonvisie 2015-2020 met addendum met 1 jaar te verlengen tot 31 december 2023. 4.3.6

Woningbouwprogramma

Bij het addendum op de woonvisie is een nieuwe woningbouwprogrammering opgenomen, die is vastgesteld op 6 juni 2020. De regio Zuidoost Fryslân heeft voor de periode 2020-2030 woningbouwafspraken voorgesteld aan de provincie. Hierbij geldt onder andere voor de gemeente Heerenveen dat woningbouw binnenstedelijk vrij is. Met andere woorden dit komt niet ten laste van het woningbouwprogramma. De realisatie van een inpandige bedrijfswoning op de locatie aan de Oranje Nassaulaan valt aan te merken als een binnenstedelijke ontwikkeling. De bouw van de bedrijfswoning is daarmee passend binnen het woningbouwprogramma.

18

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

4.3.7

Welstandsnota 2016

De ‘Welstandsnota 2016’ is vastgesteld door de gemeenteraad van Heerenveen op 21 december 2015. De welstandsnota bevat een gebiedsindeling, die wordt bepaald door het onderscheid in type gebieden met verschillende kwaliteiten. In het ene gebied ligt de nadruk meer op bescherming van bestaande waarden, in het andere meer op het faciliteren van ontwikkelingen/wijzigingen. Het plangebied is gelegen in gebied 5. Stedenbouwkundige hoofdlijnen Lange Lijnen en hoofdwegen. Omdat het huidige welstandsbeleid niet toereikend is voor het planvoornemen wordt een beeldkwaliteitsplan opgesteld als aanvulling op de welstandsnota om specifiek voor deze locatie het hotel in te passen in de omgeving en deze te verankeren in de stedenbouwkundige structuur. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat het gemeentelijke beleid geen belemmeringen oplevert voor het voorliggende TAM-omgevingsplan.

Hoofdstuk 5

Gevolgen voor de fysieke leefomgeving

5.1

Omgevingsveiligheid

5.1.1

Wettelijk kader

Omgevingsveiligheid beschrijft de risico's die ontstaan als gevolg van opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen en windturbines. Voor omgevingsveiligheid zijn regels opgenomen in paragraaf 5.1.2 Bkl. In deze paragraaf wordt ook gesproken over plaatsgebonden risico en groepsrisico. Hierin worden de grens- en standaardwaarden en aandachtsgebieden rond (zeer) (beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties besproken. Plaatsgebonden risico Grenswaarden voor kwetsbare of zeer kwetsbare gebouwen en locaties worden bij het ruimtelijk besluit in acht genomen. Voor het plaatsgebonden risico gelden, afhankelijk van de activiteit, vastgestelde afstanden of te berekenen afstanden (bijlage VII Bkl). Groepsrisico Bij het groepsrisico is sprake van 'aandachtsgebieden'. Aandachtsgebieden zijn gebieden rond activiteiten met gevaarlijke stoffen die zichtbaar maken waar mensen binnenshuis, zonder aanvullende maatregelen onvoldoende beschermd zijn tegen de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen (RIVM a, z.d.). Aandachtsgebieden zijn er voor brand, explosie en gifwolk. Het opnemen van aandachtsgebieden in een omgevingsplan is niet verplicht.

Naast vorengenoemde regels over veelvoorkomende situaties zijn de volgende aspecten van belang: beperkingen in het belemmeringengebied van buisleidingen; veiligheid rond opslaan, herverpakken en bewerken van vuurwerk en pyrotechnische artikelen voor theatergebruik; veiligheid rond het bewerken en opslaan van ontplofbare stoffen voor civiel gebruik en op militaire objecten; veiligheid rond luchthavens.

19

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

5.1.2

Onderzoek externe veiligheid

In de omgeving van het plangebied aan de Oranje Nassaulaan bevindt zich een hogedruk aardgasleiding van Gasunie, de rijksweg A32 waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt en een LPG-tankstation zodat inzicht in de externe veiligheidsrisico's nodig is. Door AVIV is een onderzoek externe veiligheid uitgevoerd. Onderstaand worden de conclusies van dit onderzoek weergegeven. Het volledige onderzoek is als Bijlage 5 bijgevoegd. Aandachtsgebieden De voorgenomen ontwikkeling ligt binnen het brandaandachtsgebied van aardgasleiding N-500-20. Er is vooralsnog geen brandvoorschriftengebied aangewezen. In hoofdstuk 5 van het onderzoek zijn enkele mogelijke maatregelen beschreven die ingezet kunnen worden. Uiteindelijk is het aan de gemeente of en welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico vormt geen belemmering voor de ontwikkeling van het plangebied. Belemmeringengebied De gekozen locatie ligt buiten het belemmeringengebied. 5.1.3

Aanzet tot verantwoording groepsrisico

Voor beide risicobronnen zijn de externe veiligheidsrisico's door AVIV in beeld gebracht (zie paragraaf 5.1.2). Geconcludeerd werd dat door de komst van het hotel het groepsrisico van de A32 niet wijzigt, maar dat het groepsrisico van de hogedruk aardgasleiding toeneemt en daardoor een volledige verantwoording vereist is. Door AVIV is een aanzet tot verantwoording groepsrisico opgesteld (Bijlage 6). In de rapportage is het volgende geconcludeerd. Door het aanvankelijke planvoornemen nam het groepsrisico toe. Naar aanleiding daarvan heeft de initiatiefnemer besloten het hotel (vrijwel volledig) buiten de 100%-letaliteitsafstand te realiseren. De toename van het groepsrisico is daardoor nihil. Op basis van de in hoofdstuk 2 van Bijlage 6 behandelde onderwerpen en het nog te ontvangen advies van de Veiligheidsregio kan het bevoegd gezag het groepsrisico verantwoorden. Als uitkomst van het vooroverleg met FUMO en Veiligheidsdienst (zie paragraaf 3.3 én de verantwoording groepsrisico (Bijlage 6) heeft de gemeente Heerenveen voor dit TAM-omgevingsplan voor zowel het brandaandachtsgebied als het explosieaandachtsgebied een voorschriftengebied aangewezen. Deze voorschriftengebieden hebben betrekking op de gehele aandachtsgebieden en liggen beide over een deel van het besluitgebied. Deze voorschriftengebieden zijn geborgd in de regels en geometrie behorende bij dit TAM-omgevingsplan.

Binnen het aandachtsgebied gelden aanvullende bouweisen voor de nieuwbouw van het hotel en hebben tot doel om mensen in een gebouw beter te beschermen tegen de effecten van een brand of explosie. Met het opleggen van deze legt de gemeente (mede) verantwoording af over het groepsrisico. 5.1.4

Conclusie

Het plan is wat betreft externe veiligheid niet evident onuitvoerbaar en kan op aanvaardbare wijze worden gerealiseerd.

20

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

5.2

Waterparagraaf

5.2.1

Wettelijk kader

Artikel 5.37 van het Bkl stelt dat in een omgevingsplan rekening wordt gehouden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. Naast de specifieke regels als gesteld in paragraaf 5.1.3 Bkl over onderdelen van het watersysteem in het omgevingsplan, worden voor een duiding van de gevolgen voor het beheer van het watersysteem, de opvattingen van het bestuursorgaan dat is belast met het beheer van die watersystemen betrokken. Denk bijvoorbeeld aan (instructie)regels (al dan niet ter nastreving van omgevingswaarden) uit de provinciale omgevingsverordening en de waterschapsverordening. 5.2.2

Onderzoek

Watertoets Op 23 november 2021 is de (digitale) watertoets doorlopen. Op basis van het planvoornemen heeft het Wetterskip Fryslân bepaald dat bepaalde aspecten van het plan een grote invloed heeft op het water of de wateraspecten (zoals dijken, gemalen, stuwen of persleidingen) in de omgeving dat de normale procedure moet worden gevolgd. In het resultaat van de watertoets staat aangegeven waar per onderdeel rekening mee moet worden gehouden. Hieronder worden de gegeven onderdelen uit de watertoets weergegeven en wordt ingegaan hoe hier rekening mee is gehouden in het plan. Het volledige advies is als Bijlage 7 aan de motivering toegevoegd. Toename verharding Door ruimtelijke ontwikkelingen neemt de hoeveelheid verhard oppervlak toe met als gevolg een versnelde afvoer van hemelwater. Het is nodig om deze versnelde afvoer te compenseren om de waterberging in een gebied in stand te houden. Dit geldt ook voor toevoegen van oppervlakteverharding die wel past binnen het omgevingsplan, maar waarvan de grond al meer dan vijf jaar braak ligt en waar in het verleden niet voor gecompenseerd is. Het is niet toegestaan zonder watervergunning neerslag versneld tot afvoer te laten komen indien daarbij meer dan 200 m2 onverharde grond in stedelijk gebied en 1.500 m2 in landelijk gebied wordt bebouwd of verhard.

Er geldt een vrijstelling van de vergunningsplicht wanneer wordt voldaan aan de compensatieregels genoemd in het wateradvies. De meest voorkomende manier van compenseren is het graven van extra oppervlaktewater. Bij het graven van extra oppervlaktewater hanteert het Wetterskip de volgende compensatienorm: Boezem 5%, dit heeft alleen betrekking op de Friese boezem; Polder 10%, Vrij afstromend, alternatieve maatregelen. Uiteraard is het toepassen van alternatieve maatregelen in het plan ook mogelijk. Afhankelijk van de maatregel kunnen andere normen gelden dan hier vermeld. Indien er niet wordt gecompenseerd door extra oppervlaktewater te graven waarbij bovenstaande percentages worden gehanteerd of indien er geen overeenstemming plaatsvindt in de watertoetsprocedure over alternatieve maatregelen dan dient een watervergunning bij het waterschap te worden gevraagd. Advies aanbrengen toename verharding en advies dempen en graven van oppervlaktewater Omdat het aantal vierkante meters verharding met meer dan 200 m2 toe neemt ten opzichte van de bestaande bebouwing in de bebouwde kom (stedelijk gebied) dan geldt de vergunningsplicht. Voor het dempen van oppervlaktewater is het beleid van Wetterskip Fryslân dat dit voor 100% gecompenseerd moet worden in hetzelfde peilgebied. Als input van de watertoets is aangegeven dat er door het planvoornemen 8.000 m2 aan verharding wordt

21

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

toegevoegd en er circa 2.700 m2 aan water wordt gedempt. Wetterskip Fryslân heeft als uitgangspunt dat 10% van de toename aan verhard oppervlak dient te worden gecompenseerd door middel van het inrichten van nieuwe waterberging. De totale compensatieopgave bedraagt daarmee 3.500 m2 . De toename aan verhard oppervlak en de gevolgen van demping leiden tot een compensatieplicht die vertaald is in zoeken van deze compensatie in een aangeduid gebied waar ruimte is tot theoretisch circa 1,3 ha compensatieruimte. De tekening met daarop het plangebied, te dempen water en het zoekgebied watercompensatie is in onderstaand figuur weergegeven en als Bijlage 8 bijgevoegd. De initiatiefnemer zal de benodigde watervergunning voor het dempen en graven tijdig aanvragen.

Figuur 6. Locatie hotel (rood kader) en zoekgebied compensatie (blauw kader)

Advies hoofdwater De hoofdwateren hebben een belangrijke aan-, af- en doorvoerfunctie en het wetterskip verzoekt initiateifnemers hier rekening mee te houden. Aan weerszijden van een hoofdwatergang ligt een beschermingszone 5 meter. De beschermingszone is nodig voor de bereikbaarheid voor beheer en onderhoud aan de hoofdwatergang. Werkzaamheden binnen de beschermingszone van hoofdwatergangen betreffen een vergunningsplichtige activiteit. Het water dat gedempt wordt is geen hoofdwatergang maar een overig water. De watergang aan de westzijde van het fietspad Tusken de Fjilden is wel een hoofdwatergang. Er vinden met dit plan geen werkzaamheden plaats in de beschermingszone van de hoofdwatergang, het beheer en onderhoud is daarmee geborgd. 5.2.3

Conclusie

Het plan is wat betreft water niet evident onuitvoerbaar en kan op aanvaardbare wijze worden gerealiseerd.

22

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

5.3

Luchtkwaliteit

5.3.1

Wettelijk kader

Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zijn er instructieregels van het Rijk over de kwaliteit van de buitenlucht (paragraaf 5.1.4.1 van het Bkl). Als een plan betrekking heeft op een milieubelastende activiteit die leidt tot een verhoging van de concentratie in de buitenlucht van luchtverontreinigende stoffen, kan deze alleen worden verleend als de omgevingswaarden voor deze stoffen in acht worden genomen (artikel 8.17 Bkl). Dit wil zeggen dat deze omgevingswaarden niet mogen worden overschreden. De kans op overschrijding is met name aanwezig als een activiteit in of nabij een aandachtsgebied plaatsvindt. In deze gebieden (aangewezen in artikel 5.51, lid 2, van het Bkl) bestaat een reële kans op (een dreigende) overschrijding van een omgevingswaarde. Onderzoek zal moeten uitwijzen of de activiteit daadwerkelijk leidt tot een overschrijding van de omgevingswaarden. Onderzoek is niet nodig als de activiteit niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Dit is het geval als activiteiten leiden tot een verhoging van de kalenderjaargemiddelde concentratie in de buitenlucht van zowel stikstofdioxide als PM10 van 1,2 ug/m3 of minder. Daarnaast zijn in artikel 5.54 Bkl standaardactiviteiten genoemd die niet in betekenende mate bijdragen.

Als een activiteit niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit, dan is het omgevingsaspect luchtkwaliteit geen belemmering. 5.3.2

Onderzoek

Voorliggend plan heeft geen betrekking op de aanleg van autowegen of tunnels en de gemeente Heerenveen is niet aangewezen als aandachtsgebied voor fijnstof. De instructieregels zijn derhalve niet van toepassing. Een project moet in beginsel worden getoetst aan de rijksomgevingswaarden voor de luchtkwaliteit. Een toetsing aan de rijksomgevingswaarden voor luchtkwaliteit is niet nodig als een project of activiteit maar weinig bijdraagt aan luchtverontreiniging. In juridische termen heet dat: niet in betekenende mate (NIBM). Er zijn twee mogelijkheden om aannemelijk te maken dat een project binnen de NIBM-grens blijft: 1.

2.

Motiveren dat het project binnen de getalsmatige grenzen van een aangewezen categorie blijft. Onder deze standaardgevallen NIBM vallen kantoren, woonwijken en het telen van gewassen. Dit moet dan wel onder een bepaalde omvang blijven (artikel 5.54 Bkl). Op een andere manier aannemelijk maken dat een project de 3%-grens niet overschrijdt. Soms kan een kwalitatieve beschrijving voldoende zijn. Veel mensen bepalen met de NIBM-tool op een eenvoudige en snelle manier of een project in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Soms zijn detailberekeningen nodig als aanvulling op de NIBM-tool. Dit hangt af van de uitkomst van de NIBM-tool.

Voor onderhavig project is mogelijkheid 2 aan de orde. Een aantal veelvoorkomende activiteiten dragen niet in betekenende mate (NIBM) bij aan de luchtverontreiniging. Daarom is het niet nodig deze 'standaardgevallen' te toetsen aan de rijksomgevingswaarden voor stikstofdioxide (NO2 ) en fijnstof (PM10 ). In Fryslân zijn geen knelpunten op het gebied van luchtkwaliteit. De huidige luchtkwaliteit langs wegen wordt bepaald aan de hand van de NSL-monitoringstool van de Rijksoverheid. Langs de Rijksweg A32 is sprake van een NO2 concentratie van 14 à 15 ug/m3 en een PM10 van 14 ug/m3 . De fijne fractie PM2,5 is bepaald op ongeveer 8 ug/m3 . De norm voor fijnstof is 40 ug/m3 voor de PM10 en 25 ug/m3 voor de PM2,5 . Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat er, ondanks de ligging nabij een autosnelweg, sprake is van een zeer goede luchtkwaliteit. Als aannemelijk is dat geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde vormen luchtkwaliteitseisen ook geen belemmering voor een plan. Hier is voor dit plan van uit gegaan.

23

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

Daarnaast is voor het planvoornemen gebruik gemaakt van de NIBM-tool. Uit paragraaf 5.11.2 blijkt het dat aantal verkeersbewegingen met 787 toe neemt door de realisatie van het hotel. In de NIBM-tool zijn de 787 verkeersbewegingen ingevoerd en is uitgegaan van zes vrachtwagens per dag voor bevoorrading. Dit komt neer op, naar boven afgerond, 1% vrachtbewegingen per dag. Met behulp van deze rekentool is de toename van de stoffen NO2 en PM10 bepaald.

Figuur 7. Berekening NIBM-tool

Uit de berekeningen met de nibm-tool blijkt dat het plan de grens van 3% (een toename van 1,2 µg/m3 NO2 of PM10 ) niet overschrijdt. Het project kan derhalve worden beschouwd als een nibm-project. Nader onderzoek naar de luchtkwaliteit vanwege de toename van het verkeer is niet noodzakelijk. Het project waarvoor het onderhavige TAM-omgevingsplan wordt opgesteld draagt niet bij aan verslechtering van de luchtkwaliteit. 5.3.3

Conclusie

Het project is niet in betekenende mate van invloed op de luchtkwaliteit en daarmee niet evident onuitvoerbaar en kan op aanvaardbare wijze worden gerealiseerd.

5.4

Geluid door activiteiten

5.4.1

Wettelijk kader

Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zijn er instructieregels van het Rijk over geluid van activiteiten (paragraaf 5.1.4.2 van het Bkl). Het omgevingsplan moet ervoor zorgen dat het geluid van activiteiten op geluidsgevoelige gebouwen (zoals woningen en woonschepen) aanvaardbaar is. Daartoe moet het omgevingsplan in beginsel hierover regels bevatten. Het gaat om ‘gewoon’ geluid in een stedelijke omgeving, dat wil zeggen de combinatie wonen met (lichte) bedrijvigheid. De benodigde regels over geluid zijn opgenomen in de bruidsschat (zie paragraaf 22.3.4). 5.4.2

Onderzoek

Om na te gaan of het geluid van activiteiten op het projectgebied aanvaardbaar is, is beoordeeld of het initiatief past binnen de uitgangspunten voor milieuzonering. De gemeente Heerenveen hanteert hierbij de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009) als richtlijn voor het bepalen van aanvaardbare afstanden tussen milieubelastende activiteiten en gevoelige functies. Deze publicatie is nog steeds van kracht, niet ingetrokken, en wordt in de praktijk én door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State erkend als juridisch houdbare leidraad.

24

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

In 2024 is de VNG Handreiking Activiteiten en milieuzonering gepubliceerd, die aansluit op de systematiek van de Omgevingswet en uitgaat van een flexibeler benadering op basis van milieugebruiksruimte in plaats van vaste richtafstanden. De toepassing hiervan is echter facultatief. Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze nieuwe systematiek toe te passen, maar zijn hiertoe niet verplicht. Bovendien is de nieuwe handreiking primair gericht op de planmatige inrichting van bedrijventerreinen. Voor binnenstedelijke situaties, zoals de ontwikkeling van voorliggend hotel in een gemengd stedelijk gebied, biedt de publicatie uit 2009 nog steeds een concreter en praktischer toetsingskader. Om die reden is aangesloten bij de methodiek van de publicatie uit 2009, waarin voor hotels in gemengd gebied een richtafstand van 0 meter wordt gehanteerd. Dit is hieronder nader uitgewerkt. De richtafstanden van de VNG-publicatie gelden tot het gebiedstype 'rustige woonwijk'. In bepaalde gevallen kan gemotiveerd worden dat er geen sprake is van een 'rustige woonwijk', maar een 'gemengd gebied'. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een lint in een dorpskern waar meerdere functies naast elkaar zitten. Of bij een gebied dat langs een drukke ontsluitingsweg ligt. Bij een 'gemengd gebied' kunnen de richtafstanden met 1 afstandsstap verkleind worden. Uitzondering hierop is de richtafstand voor externe veiligheid.

Deze wordt niet verkleind. In de directe omgeving van het plangebied is sprake van een sterke functiemenging van woningen, bedrijven, sportvelden, maatschappelijke functies en hoofdinfrastructuur. Hieruit kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van louter woongebied, maar van een gemengd gebied. In gemengde gebieden worden kleinere milieuafstanden aanvaardbaar geacht dan in een rustige woonwijk met uitsluitend woningen. Wanneer hiermee rekening wordt gehouden, mag de richtafstand met 1 afstandsstap verkleind worden Uitwaartse werking Op basis van de VNG-brochure moet een grootste afstand van 10 meter voor hotels, congrescentra en restaurants tot gevoelige functies worden gehanteerd in rustig woongebied. Voor een gemengd gebied geldt in dit geval een afstand van 0 meter. De dichtstbijzijnde woningen zijn op een minimale afstand van 65 meter gesitueerd. Aan de richtafstand wordt ruimschoots voldaan zowel in een rustig woongebied als gemengd gebied. En daarnaast moet het te realiseren hotel voldoen aan de regels voor geluid zoals opgenomen in de bruidsschat (voormalige activiteitenbesluit) zodat ook op deze wijze wordt voldaan aan de gestelde regelgeving op dit gebied. Inwaartse werking Ook functies uit de omgeving kunnen invloed hebben op de nieuwe ontwikkeling in het plangebied. Een hotel is geen geluidsgevoelig object maar de te realiseren bedrijfswoning wel.

Voor de hotelfunctie is nader onderzoek niet noodzakelijk. Voor de te realiseren bedrijfswoning is gekeken naar (bedrijfs)activiteiten in de omgeving die van invloed kunnen zijn op deze ontwikkeling. Aan de noordkant van het hotel is een veldsportcomplex met verlichting gelegen. Op basis van de VNG-brochure moet een grootste afstand van 50 meter worden aangehouden. Omdat er sprake is van gemengd gebied mag uitgegaan worden van een grootste afstand van 30 meter. Het te realiseren laagbouw gedeelte is gelegen op een afstand van circa 20 meter en het hoogbouw deel waar de bedrijfswoning in gesitueerd wordt op circa 35 meter. De bedrijfswoning wordt daarnaast gesitueerd aan de zuidzijde van het hotel waardoor het veldsportcomplex niet van invloed is op de bedrijfswoning. Er wordt voldaan aan de richtafstanden. 5.4.3

Conclusie

Voor hotelvoorzieningen in een gemengd stedelijk gebied geldt dat er doorgaans geen of zeer beperkte milieubelastende effecten zijn richting de omgeving. De milieugebruiksruimte van het hotel valt binnen de aanvaardbare normen voor deze locatie. De activiteit is daarmee ruimtelijk aanvaardbaar en past binnen de lokale milieuruimte die beschikbaar is op de locatie. Het plan is wat betreft geluid door activiteiten niet evident onuitvoerbaar en kan op aanvaardbare wijze worden gerealiseerd.

25

TAM-omgevingsplan Hotel Oranje Nassaulaan te Heerenveen

5.5

Geluid door wegen

5.5.1

Wettelijk kader

Veel functies in de fysieke leefomgeving hebben te maken met geluid. Ze maken geluid of ze worden eraan blootgesteld. Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zijn er instructieregels van het Rijk over geluid van wegen (paragraaf 5.1.4.2a van het Bkl). Het omgevingsplan moet ervoor zorgen dat het geluid van wegen op geluidsgevoelige gebouwen (zoals woningen) aanvaardbaar is. Bij het toelaten van nieuwe gemeentelijke wegen en bij het toelaten van nieuwe geluidgevoelige gebouwen, moet worden voldaan aan bepaalde waarden voor geluid. 5.5.2

Onderzoek

Een hotel is namelijk een niet geluidgevoelig gebouw, met uitzondering van de inpandig te realiseren bedrijfswoning. Door Geluidszaken is onderzoek uitgevoerd (Bijlage 9) naar de geluidbelasting vanwege wegverkeer op nieuw te bestemmen bedrijfswoning. De beschouwde bedrijfswoning is voorzien in de oosthoek van de hoogbouw op de 7e verdieping. Het plangebied ligt binnen het geluidsaandachtsgebied van Rijkswegen en gemeentelijke wegen en niet binnen andere geluidsaandachtsgebieden. De geluidbelasting vanwege gemeentelijke wegen op de bedrijfswoning voldoet op beide gevels precies aan de standaardwaarde van 53 dB. De geluidbelasting vanwege Rijkswegen op de bedrijfswoning voldoet op de zuidgevel niet aan de standaardwaarde van 50 dB voor Rijkswegen. De geluidbelasting bedraagt 55 dB. Op de oostgevel wordt wel voldaan. De geluidbelasting voldoet op alle gevels aan de grenswaarde van 60 dB. Er treedt geen cumulatie van geluid met andere bronnen op. Bron- en overdrachtsmaatregelen zijn in redelijkheid niet mogelijk. Met ontvangersmaatregelen kan het binnengeluidsniveau voldoen aan de eisen volgens het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. De gevelwering van de geluidbelaste gevel moet zodanig worden gedimensioneerd dat het binnengeluidsniveau voldoet aan de eis van 33 dB volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=962fdf7d-59e5-4713-ba3e-55d35dd5cee5