CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Concept Eindrapportage Zicht op de Lelylijn

Commissie Leefomgeving 10 oktober 2024, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Eindrapport onderzoeken Lelylijn19.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Figuur 7.1 Omgevingsplaat (nog vorm te geven door Robbin/Bureau Pit)

In figuur 7.1 is een overzicht gegeven van de contacten en activiteiten met de omgeving van de Lelylijn. Doel van al deze contacten en activiteiten was het ophalen van kennis en informatie en het delen van onze (tussen)resultaten. Met de inbreng uit al deze gesprekken, bijeenkomsten en de raadpleging Lelylijn zijn de resultaten van het onderzoek verrijkt en hebben we een goed beeld gekregen van het draagvlak in de omgeving. Hieronder wordt dit nader toegelicht. i.

1e helft 2023: Raadpleging Lelylijn en ophalen gebiedskennis

Bij de start van het MIRT-onderzoek hebben 11.050 inwoners van (Noordelijk) Nederland zich uitgesproken over de doelstellingen, kansen, bedreigingen en alternatieven voor een treinverbinding tussen Noordelijk Nederland en de Randstad. Een belangrijke uitkomst was dat inwoners van heel Nederland een forse investering van belastinggeld acceptabel vinden als de Lelylijn veel tijdwinst oplevert. Volgens de deelnemers moet de Lelylijn een snelle verbinding zijn, die rekening houdt met de natuur, goed is voor het klimaat, de economie versterkt en banen dichterbij brengt. Foto bustour? plus quote In mei 2023 heeft het projectteam Lelylijn alle gemeenten langs het Bundelingstracé bezocht: Lelystad, Urk en Noordoostpolder, Fryske Marren en Súdwest Fryslân, Heerenveen, Leeuwarden, Smallingerland en Opsterland, Westerkwartier en Groningen. Aanvullen uit verslag van bustour

62

Ook de drie provincies, Flevoland, Fryslân en Groningen, zijn bezocht om het Lelylijn-onderzoek toe te lichten en aandachtspunten op te halen. ii.

2e helft 2023: Betrekken bestuurders en verwerken input raadpleging

Na de zomer van 2023 is een eerste ronde bestuurlijke informatiebijeenkomsten gehouden. Hierbij zijn de resultaten van de Lelylijn raadpleging gedeeld met bestuurders en volksvertegenwoordigers, net als de eerste mogelijke Lelylijn-alternatieven en de verkennende ‘Houtskoolschets voor het Ontwikkelperspectief’. aanvullen met inbreng/observaties bestuurlijke bijeenkomsten Naar aanleiding van de uitkomsten van de raadpleging Lelylijn zijn in oktober 2023 de projectdoelstellingen aangepast door de Stuurgroep. De vele opmerkingen en suggesties die zijn gedaan door de deelnemers aan het onderzoek zijn meegegeven als input voor het ruimtelijke onderzoek, het onderzoek naar de Lelylijn-alternatieven, het onderzoek naar brede welvaart en het internationale onderzoek. Tenslotte zijn de zorgen over landbouw en natuur en de inbreng van jongeren in het onderzoek aanleiding geweest om in 2024 met deze partijen nader in gesprek te gaan. iii.

1e helft 2024: Jongeren, Adviesraad Lelylijn en focusgroepen Brede Welvaart

Waar in het eerste jaar van het Lelylijn-onderzoek veel aandacht is uitgegaan naar de online bewonersraadpleging, het ophalen van gebiedskennis en het opstarten van de bestuurlijke informatievoorziening, zijn we in het tweede jaar van het onderzoek meer in contact getreden met het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en specifieke doelgroepen als jongeren, landbouw en natuurorganisaties. Aangezien een belangrijke doelstelling van de Lelylijn economische structuurversterking is voor (Noordelijk) Nederland zijn verschillende vertegenwoordigers van het bedrijfsleven gevraagd om in de Adviesraad Lelylijn plaats te nemen. Ook maatschappelijke organisaties, zoals natuurorganisaties, onderwijs- en zorginstellingen, en openbaar vervoer aanbieders zijn uitgenodigd in de Adviesraad. Partijen kunnen zo zelf aangeven wat hun belang is, wat zij wel of niet aan een Lelylijn kunnen hebben en reacties geven op de onderzoeksresultaten. Onze producten worden hierdoor beter en meer gedragen. De Raad van Advies is in 2024 4 keer bij elkaar gekomen. aanvullen met inhoud/observaties/foto? De aanleg van de Lelylijn zal pas op zijn vroegst rond 2040 starten. De jongeren van nu zijn dan de gebruikers. Omdat hun input van speciaal belang is, zijn jongeren actief bevraagd tijdens het MIRTproces.

Zo werden presentaties verzorgd voor scholieren waarbij interactieve discussies gevoerd werden over de afwegingen van de Lelylijn. Daarnaast namen jongeren deel in de focusgroepen Brede Welvaart en is de Studenten Advies Commissie (SAC) uit Groningen gevraagd om de standpunten van jongeren over de Lelylijn verder te onderzoeken. Hiervoor hebben zij de uitkomsten van de PWE benut en de standpunten van andere groepen vergeleken met die van jongeren: - Jongeren zien meer voordelen van de Lelylijn t.o.v. andere leeftijdsgroepen; - Jongeren hechten aan een betere bereikbaarheid en benadrukken het belang van OV; - Jongeren willen de kloof tussen het Noorden en de rest van Nederland kleiner maken; 63

-

Jongeren benadrukken het belang van snelle besluitvorming, transparante burgerparticipatie en toekomstgerichte keuzes.

Natuur en landbouw aanvullen Focusgroepen Brede Welvaart De Lelylijn is meer dan een spoorverbinding. De lijn moet niet alleen bijdragen aan economische versterking en verbetering van bereikbaarheid, maar aan de totale brede welvaart in Noordelijk Nederland. Daarom zijn we over brede welvaart het gesprek aan gegaan met inwoners uit de noordelijke regio’s. In hoofdstuk 5 Brede Welvaart zijn de uitkomsten van deze gesprekken weergegeven. De deelnemers aan deze zogeheten ‘focusgroepen brede welvaart’ waardeerden het om op deze manier met elkaar in gesprek te gaan. Sommige deelnemers gaven aan nieuwe inzichten te hebben opgedaan, anderen gaven aan in een vervolgfase graag opnieuw mee te praten, bijvoorbeeld over routes en stationslocaties. [Quote deelnemer focusgroep Brede Welvaart: Ik dacht dat de Lelylijn vooral een snelle trein naar de Randstad was, maar ik zie nu dat de Lelylijn ook de bereikbaarheid binnen de regio enorm verbetert.] Tot slot is in het eerste half jaar van 2024 opnieuw een ronde met bestuurlijke gesprekken en bestuurlijke informatiebijeenkomsten gedaan. Bestuurders hebben gereageerd op de ‘Denkrichtingen voor het Ontwikkelperspectief Lelylijn’ en hebben kennisgenomen van de eerste resultaten van het onderzoek naar de Lelylijn-alternatieven en de resultaten van de hierboven beschreven focusgroepen brede welvaart. iv.

2e helft 2024: Delen resultaten en ophalen aanbevelingen

In september 2024 zijn alle onderzoeken afgerond en de onderzoeksresultaten opgeleverd in opmaat naar besluitvorming over het vervolg eind 2024. Al deze resultaten zijn in september en oktober 2024 gepresenteerd aan colleges, volksvertegenwoordigers en de Adviesraad Lelylijn. [Later aanvullen reacties]

64

8. Conclusie

a. Samenvatting van de resultaten (tabel) Tabel invoegen

65

9. Aanbevelingen voor het vervolg Het MIRT- en NOVEX onderzoek Lelylijn heeft een schat aan informatie opgeleverd. Uit de verschillende onderzoeken die zijn gedaan, en de gesprekken daarover met bestuurders, volksvertegenwoordigers en de Adviesraad Lelylijn, en de inbreng van bewoners en andere partijen volgen 15 aanbevelingen voor het vervolg. Het is aan de bestuurders van Rijk en regio om hierover gezamenlijk een standpunt te bepalen in het BO MIRT. De minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat nemen het uiteindelijke vervolgbesluit. Onderstaande aanbevelingen gaan uit van een vervolgstap voor de Lelylijn. Dit kan zijn de start van de Verkenningsfase of nader onderzoek. 1. Samenwerking Rijk en regio: Het vervolg, een vervolgonderzoek of de Verkenningsfase, zal opnieuw een samenwerking van Rijk en regio moeten zijn. Dit is in de MIRT-onderzoeksfase nuttig gebleken en past bij de politiekbestuurlijke wil bij regionale en rijksoverheden om dit project verder te brengen. 2. (Bewoners)participatie: Het huidige onderzoek is van start gegaan met brede participatie. Aanbeveling is om dat in een volgende fase opnieuw te doen. Bewoners hebben aangegeven in een volgende fase graag mee te denken en bij een Verkenning is het bovendien wettelijk verplicht om in te zetten brede participatie.

De vraag aan de omgeving kan zijn welke alternatieven en/of routes zij voor de Lelylijn zien. 3. Lelylijn-alternatieven: Voor wat betreft het onderzoek naar de Lelylijn-alternatieven is het advies om: -

Het Bundelingsalternatief mee te nemen naar de volgende fase. Het Bundelingsalternatief trekt de meeste reizigers aan, laat qua rijtijden een enorme verbetering zien, zowel tussen de Randstad en Noordelijk Nederland als binnen Noordelijk Nederland en draagt daarmee veel bij aan de verbetering van de bereikbaarheid binnen de regio. Qua kosten ligt dit alternatief tussen beide andere alternatieven in. Tenslotte sluit het Bundelingsalternatief het beste aan bij de bestuurlijke opdracht, zoals vastgesteld op 7 december 2022: ‘’de partijen beogen een belangrijke stap te zetten in een nieuwe, rechtstreekse spoorverbinding tussen Lelystad, als poort naar de Randstad en Leeuwarden en Groningen als belangrijke bestemmingen in het noorden’’.

-

Het Zuidelijk alternatief mee te laten gaan naar de volgende fase. Dit alternatief trekt minder reizigers dan het Bundelingsalternatief, slaat Drachten en Heerenveen over, maar is qua rijtijden richting Groningen wel snel en ligt grotendeels op hoge zandgronden wat voor water bodem sturend en qua investeringskosten gunstig is.

-

Het Afsluitdijkalternatief niet verder te onderzoeken, maar beargumenteerd te laten afvallen in de Verkenningsfase. Dit alternatief kent het minste aantal reizigers, doorsnijdt de meeste natuur als gevolg van de lange passage door het IJsselmeer en kent de hoogste investeringskosten. Bovendien doet dit alternatief niks voor Noord-Flevoland en Zuidwest Fryslân waar de bereikbaarheid per trein suboptimaal is of zelfs ontbreekt.

66

4. Verdiepend onderzoek Lelylijn-alternatieven: In het onderzoek naar de alternatieven is een aantal plekken geïdentificeerd waar wegens de complexiteit en/of maatschappelijke gevoeligheid nader onderzoek nodig is: a. Groningen, stad in en aankomst hoofdstation b. Heerenveen, passage en station (relatie gebiedsontwikkeling) c. Emmeloord, station en gebiedsontwikkeling d. Passage Natura2000 gebieden zoals van Oordt’s Mersken, Oranjewoud, (aanvullen) ….. e. (aanvullen) 5. Meekoppelkansen integrale aanpak infrastructuur en gebiedsontwikkeling: De verwachting is dat er op een aantal van de hierboven genoemde plekken meekoppelkansen kunnen zijn met het omliggende gebied. a. Bij woningbouw gaat dit om herstructurering en verbetering van (bestaande) stationsomgeving(en). b. Bij economie ….. c. Bij inpassing van de infrastructuur in natuurgebieden kan….(voorbeeld uit gebiedspaspoorten toevoegen) 6. Vervolg NOVEX, ruimtelijke keuzes, afspraken en gebiedsontwikkeling: Hiervoor zijn nadere afspraken nodig tussen Rijk en regio, over aantallen, locaties, voorwaarden en hoe te koppelen aan de Lelylijn. Ook over soort woningbouw: Aanbeveling meer voor jongeren en ouderen. 7.

Internationaal: Aanbeveling is om verder te kijken naar de verbetering van Groningen - Bremen in het onderzoek Wunderline en in het vervolgonderzoek naar de Lelylijn verder te kijken naar mogelijkheden voor internationale verbindingen naar België en Frankrijk vanuit Groningen. 8. Brede Welvaart: De effecten op de brede welvaart zijn een belangrijk onderdeel van de Lelylijn. In de Verkenningsfase is een MKBA verplicht. We roepen op om in een MKBA ook nadrukkelijk de effecten op de brede welvaart mee te nemen. Een te eenzijdige fixatie op reizigersaantallen en het oplossen van knelpunten heeft de afgelopen 20-30 jaar bijgedragen aan het over-investeren in de Randstad en de grotere ongelijkheid in Nederland. De Lelylijn is juist bedoeld om dit recht te trekken en gebieden per spoor te ontsluiten die daar nu onvoldoende op zijn aangehaakt. De MKBA zal getoetst moeten worden op het goed in kaart brengen van deze zo gewenste effecten, die bovendien niet altijd in cijfers zijn uit te drukken (kansenongelijkheid, rechtvaardigheid). 9. Fasering: Onderzoek de mogelijkheid van fasering in besluitvorming en vervolg. Wat is logisch, mogelijk en nuttig qua toegevoegde waarde als de aanleg gefaseerd wordt? 67

10. Onderliggend Openbaar vervoer, voor- en natransport: De Lelylijn kan gaan functioneren als aanvulling op de backbone A6-A7-A32 en de bestaande spoorlijn via Zwolle. Aanbevolen wordt om een vervolgfase in samenwerking met aanbieders van vervoer en regionale overheden nader te bezien wat er nodig is om de bereikbaarheid per openbaar vervoer, maar ook per auto in combinatie met trein of trein en fiets goed te laten functioneren (hubs). Hierdoor kan heel Noordelijk Nederland profiteren van de Lelylijn, waardoor de bijdrage aan de Brede Welvaart alleen maar groter wordt. 11. Bestaand spoor: In de studie naar bestaand spoor (onderdeel Deltaplan Noordelijk Nederland) is onderzocht welke no-regrets er denkbaar zijn met het oog op de realisatie van de Lelylijn. Het verdient aanbeveling deze maatregelen in de vervolgfase verder uit te werken richting uitvoering met als doel de bereikbaarheid van Noordelijk Nederland ook de komende 10-15 jaar al te verbeteren. 12. Goederenvervoer: Het project Lelylijn heeft zich tot nu toe vooral gefocust op vervoer van personen. Op goederenvervoer is niet diep ingegaan. Wel is er een raming gepresenteerd waarbij goederenvervoer per spoor niet onmogelijk is. In de vervolgfase zou de vraag beantwoord moeten worden of het faciliteren van goederenvervoer nodig is of dat daarvan kan worden afgezien als dit een kostenverlagend effect heeft. 13.

Amsterdam – Almere – Lelystad: Uit het onderzoek komt naar voren dat door de komst van de Lelylijn de treinreizigers gunstiger verdeeld worden over deze en andere bestaande verbindingen tussen Amsterdam - Almere Lelystad. Aanvullen (relatie verstedelijkingsopgave oostelijke MRA) 14. 380 kV verbinding: Het project Lelylijn en de toekomstige 380 kV verbinding werken nauw samen om te bezien of en hoe samenloop kan plaatsvinden langs het tracé A6-A7-A32. Een nader onderzoek naar ondergrondse ligging van de 380 kV verbinding bij Heerenveen en Drachten komt eind 2024 beschikbaar. In het vervolg (begin 2025) zouden de projecten moeten besluiten of en in welke vorm samenloop haalbaar is of niet. 15. Defensie: …..(relatie/risico ruimteclaims Defensie en Lelylijn duiden)

68

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=5bcc3790-5983-41b2-af06-87727969cf88