CConstaterende datHeerenveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Evenementenbeleid 2026

Raadsvergadering 11 december 2025, gemeente HeerenveenBij agendapunt: Evenementenbeleid 202623.987 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Tijden

De eindtijden voor buitenevenementen en de muziek worden vermeld en toegelicht in het evenementenbeleid, onder paragraaf 4.3. Bij evenementen die daags na elkaar op dezelfde locatie plaatsvinden, moeten er tussen de eindtijd en de begintijd van de muziek minimaal acht uren van rust zitten. Dit moet een aaneengesloten rustperiode zijn. Dit betekent dat bij een eindtijd van bijvoorbeeld 01:00 uur ’s nachts, een begintijd mogelijk is van 9:00 uur de volgende ochtend en niet eerder.

67

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

4.3

Geluidnormen

Voor de bepaling van de geluidnormen maken we onderscheid tussen lichte - en normale muziekevenementen, de op- en afbouw, overig geluid en festiviteiten. Hierbij geldt dat:  Evenementen altijd gebruik moeten maken van BBT (Best Beschikbare Technieken) om geluidhinder zoveel mogelijk te beperken.  We geluidmetingen naar muziekgeluid uitvoeren volgens het meetprotocol beschreven in bijlage 1.  We andere geluidmetingen uitvoeren volgens de HMRI 1999.  We geluidnormen vastleggen op de gevel van omliggende woningen, de gevel van andere geluidgevoelige gebouwen, op vastgestelde referentiepunten (1 meter van de geluidbox) of ter plaatse van het Front of House.  Onderstaande normen gaan uit van: o Housemuziekspectrum; o en een gevelisolatiewaarde van 20 dB. Bij een andere muziekspectrum of isolatiewaarde stellen we de maximale grenswaarde overeenkomstig bij. 4.3.1 Licht muziekevenement (zie toelichting) Lichte muziekevenementen zijn kleinschalige (buurt)evenementen in de dag- en avondperiode. Hierbij is in de nachtperiode geen muziek toegestaan. Het muziekgeluid heeft slechts een ondersteunende functie in de sfeer. Er is meestal sprake van een hoge maatschappelijke betrokkenheid van de bezoekers en omgeving. Deze evenementen hebben een meldplicht en mogen worden gehouden volgens de algemene regels uit de algemene plaatselijke verordening.

We houden hierbij de volgende spelregels aan:  tijd van zondag tot en met donderdag: tussen 7:00 tot 23:00 uur;  tijd van vrijdag tot en met donderdag: tussen 7:00 tot 1:00 uur;  Maximum aantal per jaar 12 dagen;  Binnenactiviteiten: o ramen en deuren gesloten houden. o Maximaal geluidniveau (LAeq) in in- en aanpandig gelegen woning: 50 dB(A).  Buitenactiviteiten: o Maximaal geluidniveau (LAeq) van 104 dB(A) en 118 dB(C) op 1 meter van de geluidbox.

Indien de organisatie hieraan niet kan voldoen, beoordelen we het muziekgeluid volgens de algemene criteria waaraan we een nieuw of te wijzigen ‘normaal muziekevenement’ toetsen (paragraaf 4.3.2.).

68

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

4.3.2 Normaal (grootschalig) muziekevenement (zie toelichting) Een normaal muziekevenement moet voldoen aan de geluidsnormen zoals opgenomen in het locatieprofiel. Voor een aanvraag voor nieuwe of te wijzigen evenementen hanteren we de volgende uitgangspunten als standaardwaarde: Op de gevel van omliggende woningen, andere geluidgevoelige gebouwen of vastgestelde referentiepunten:  Voor de dag- en avondperiode is een geluidniveau van 70 dB(A) en 84 dB(C) toegestaan. Als grenswaarde geldt respectievelijk 85 dB(A) en 99 dB(C)  Voor de nachtperiode is een maximaal geluidniveau van 45 dB(A) en 59 dB(C) toegestaan. Waarbij Front of house (FOH) een ondersteunende grenswaarde geeft:  Er is een maximaal geluidniveau van 100 dB(A)* toegestaan voor bezoekers van 18 jaar en ouder.  Er is een maximaal geluidniveau van 114 dB(C)** toegestaan voor bezoekers van 18 jaar en ouder. * voor bezoekers van 16/17 jaar, 14/15 jaar en 13 jaar en jonger geldt resp. 97 dB(A), 93 dB(A) en 88 dB(A). ** voor bezoekers van 16/17 jaar, 14/15 jaar en 13 jaar en jonger geldt resp. 111 dB(C), 107 dB(C) en 102 dB(C). 4.3.3 Op- en Afbouw De tijden voor de op- en afbouw van evenementen staan in het evenementenbeleid (tussen 09:00 uur en 21:00 uur).

Voor de geluidsniveaus die we tijdens de op- en afbouw periode maximaal toestaan, gelden de volgende grenswaarden:  LAeq = 70 dB(A) in de dagperiode en 65 dB(A) in de avondperiode;  LAmax = 85 dB(A) in de dagperiode en 80 dB(A) in de avondperiode.

4.3.4 Overig geluid Voor de geluidniveaus van overig geluid tijdens het evenement (naast muziekgeluid en het geluid van de op- en afbouw) gelden de grenswaarden zoals in paragraaf 22.63 van het Omgevingsplan gemeente Heerenveen. Tabel 22.3.1 Waarde voor geluid op een geluidsgevoelig gebouw 07.00 - 19.00 uur

19.00 - 23.00 uur

23.00 - 07.00 uur

LAeq

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

LAmax

70 dB(A)

65 dB(A)

60 dB(A)

69

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Tabel 22.3.3 Waarde voor geluid in een geluidsgevoelige ruimte binnen een in- of aanpandig geluidsgevoelig gebouw 07.00 - 19.00 uur

19.00 - 23.00 uur

23.00 - 07.00 uur

LAeq

35 dB(A)

30 dB(A)

25 dB(A)

LAmax

55 dB(A)

50 dB(A)

45 dB(A)

Denk aan (nood)stroomaggregaten die gedurende het evenement noodzakelijk zijn als het elektriciteitsnet onvoldoende kan leveren. De locatie en afscherming hiervan zijn bepalend voor de geluidbelasting. 4.3.5 Incidentele- en collectieve festiviteiten Incidentele- en collectieve festiviteiten die plaatsvinden bij een bedrijf, worden onder de Omgevingswet gezien als een milieubelastende activiteit (voorheen inrichting Wet milieubeheer). Dit gebeurt voornamelijk bij horecabedrijven waarbij meer geluid wordt gevraagd dan normaal gesproken (volgens de zogenaamde ‘representatieve bedrijfssituatie’) nodig is. Hiervoor kan men een (digitale) melding doen. De exacte spelregels staan in de algemene plaatselijke verordening. Voor de spelregels verwijzen we naar paragraaf 4.3.1. voor lichte muziekevenementen. Het enige verschil met de lichte muziekevenementen zit hem in het toegestane aantal dagen. Hierbij maken we onderscheid tussen Heerenveen Centrum en de rest van de gemeente Heerenveen. In Heerenveen Centrum zijn maximaal twaalf collectieve dagen toegestaan. Voor het overige grondgebied maken we een opsplitsing tussen collectieve en incidentele festiviteiten. Incidenteel zijn er maximaal acht dagen per jaar toegestaan en in totaal met de collectieve dagen twaalf dagen per jaar.

4.3.6 Akoestisch onderzoek De gemeente Heerenveen (de vergunningverlener) bepaalt wanneer de organisator van een evenement in een akoestische rapportage duidelijk moet maken wat hij nodig heeft qua toegestane hoeveelheid geluid (van het evenement zelf, de op- en afbouw en het overige geluid). Zeker als de verwachting is dat de grenswaarden worden bereikt. Wij beoordelen dit als gemeente per ontheffing. Het akoestische onderzoek moet voldoen aan het meet- en rekenprotocol van bijlage 1. De richtlijn voor muzieklawaai komt uit de nota Limburg en is het referentieniveau plus tien dB in een woning. Hiermee accepteren we de status ‘veel hinder’. De bijbehorende gevelbelasting is zestig dB(A) en 74 dB(C). Als de aanvraag door de organisator of de vergunningverlener aannemelijk maakt dat de geluidbelasting bij een woning hoger of gelijk aan de zestig dB(A) is, vereisen we bij de aanvraag een akoestisch onderzoek. Is voor de desbetreffende locatie al actuele akoestische informatie beschikbaar, dan kan de vergunningverlener de onderzoeksplicht laten vervallen. 4.3.7 Niet-meet verklaring Er kunnen zich situaties voordoen waarbij uit het akoestisch onderzoek vooraf al blijkt dat er sprake is van een normoverschrijding bij een beperkt aantal geluidsgevoelige objecten.

In deze situaties kan een organisator van een evenement proberen een overeenkomst te sluiten met de individuele bewoners of eigenaren van deze geluidsgevoelige objecten. Dit kan bijvoorbeeld door hen te compenseren voor de tijdelijke hogere mate van geluidoverlast. Wij willen deze mogelijkheid als gemeente niet 70

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

van tevoren uitsluiten en toetsen de aanvragen waarbij sprake is van dergelijke overeenkomsten met als uitgangspunten:  De afspraken tussen een organisator en de omwonenden moeten altijd per individuele bewoner zijn gemaakt.  Alle bewoners van de woningen met een gevelwaarde boven de grenswaarde moeten met de overeenkomst akkoord zijn gegaan.  Het moet duidelijk zijn om welke geluidbelasting en tijdsduur het gaat. Bij de vergunningsaanvraag moet uit het akoestisch onderzoek (conform het meet- en rekenprotocol) blijken welke geluidbelasting wordt verwacht op de betreffende woningen.  De compensatie moet proportioneel zijn. Voor een compensatie van 24 uur vinden wij €150 per persoon een redelijk richtbedrag.

4.3.8 Stemgeluid Het stemgeluid van bezoekers van het evenement op het evenemententerrein is geen onderdeel van de (on)versterkte muziek en wordt dus niet in de beoordeling van de geluidniveaus opgenomen, tenzij dit in het bestemmingsplan anders is aangegeven. Stemgeluid op het evenemententerrein bestaat meestal uit het meezingen van de bezoekers. Dit specifieke geluidniveau is indirect afhankelijk van het geluidniveau van de muziek. Het uitgangspunt is dat het muziekniveau bepalend en hoger is dan het stemgeluid. De organisator heeft direct invloed op de muziek qua geluidniveau en geluidsspectrum, met de instellingen op de mengtafel. Hierop is toezicht en handhaving. Het stemgeluid nemen we daardoor niet in de beoordeling mee. Als de gronden in het bestemmingsplan bestemd zijn voor evenementen, is hier meestal al een locatieonderzoek uitgevoerd om een goede ruimtelijke ordening af te wegen. Hierin is ook het stemgeluid van bezoekers binnen en buiten het evenemententerrein beoordeeld. Daarvoor zijn mogelijk planregels opgesteld, die doorwerken in deze bijlage. Toelichting evenementengeluid Wanneer is een ontheffing artikel 4:6 van de APV nodig? Vanuit de gehoorveiligheid is gekozen voor een drempelwaarde bij muziekgeluid van 90 dB(A) en 104 dB(C) op een meter afstand van de muziekbox(en). Dit beschermt vooral jonge kinderen tegen gehoorschade.

Deze waarde is voor iedereen duidelijk herkenbaar en komt terug in het aanvraagformulier voor de ontheffing. Als een muziekevenement onder deze waarde blijft, is geen ontheffing nodig en gelden deze bronwaarden (APV). Het bevoegd gezag neemt dan geen gevel/immissie geluidnormen in dB(A) en dB(C) op. Het bronvermogen van de muziekbox bedraagt zo'n 100 dB(A). In onderstaande tabel wordt in deze worst-case de afnemende geluidbelasting op de gevel van een woning gegeven bij een toenemende afstand.

71

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Bronvermogen box LAeq = 100 dB(A) *)

Afstand muziekbox - gevel woning (m)

Demping (dB(A) **))

Geluidbelasting LAeq op gevel (dB(A))

6

25

75

11

30

70

20

35

65 (max dag)

35

40

60 (max avond)

60

45

55

100

50

50

*) Bij een lager bronvermogen met x dB(A) in de linkerkolom neemt de geluidbelasting in de rechterkolom ook met x dB(A) af **) afstandsverdubbeling geeft een demping van 6 dB(A) (zie bijlage) Bij de grenswaarde voor lichte muziekevenementen van 65/60 dB(A) in de dag/avondperiode (status ernstige hinder in de woning) moet de organisator de muziekbox op een minimale afstand van 20/35m in de dag/avondperiode van een woning plaatsen, met de muziek van de woning af gericht. De Nota Limburg (Nota evenementen met een luidruchtig karakter 1966) is het leidende uitgangspunt. De gevelwering van bestaande woningen is minimaal twintig dB volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving. Nieuwbouwwoningen zijn duurzamer en energiezuinig en hebben hierdoor een gevelwering van minimaal 25 dB. We leggen de geluidswering tijdens de vergunningverlening vast. Daar waar nodig moet de aanvrager deze berekenen of meten. Voor een licht muziekevenement gaan we voor de dag- en avondperiode uit van ‘spraakverstaanbaarheid’ en de grenswaarde voor ‘enige hinder’ uit de hinderkwalificatietabel in de woning. Het maximale binnenniveau in de dagperiode en avondperiode bedraagt 35 + 10 = 45 dB(A), resp. 30 + 10 = 40 dB(A). Als we rekening houden met gemiddelde gevelisolaties van 20 dB, mag men uitgaan van een gevelbelasting van maximaal 65 dB(A) in de dagperiode en 60 dB(A) in de avondperiode.

Voor een licht muziekevenement gaan we voor de nachtperiode uit van ‘slaapverstoring’ en de grenswaarde voor 'geen hinder’ uit de hinder-kwalificatietabel in de woning. Het maximale binnenniveau in de nachtperiode bedraagt 25 + 0 = 25 dB(A). Als we rekening houden met gemiddelde gevelisolaties van 20 dB, mag men uitgaan van een gevelbelasting van maximaal 45 dB(A). Er is dan geen sprake meer van muziekgeluid. Voor normale muziekevenementen gaan we voor de dag- en avondperiode uit van ‘spraakverstaanbaarheid’ en de grenswaarde van 50 dB(A) voor ‘onduldbare hinder’ uit de hinder-kwalificatietabel in de woning. Houden we rekening met gemiddelde gevelisolaties van 20 dB, dan mag men uitgaan van een gevelbelasting van maximaal 70 dB(A). Als een organisator een hogere waarde vergund wil krijgen, dan moet hij bij de aanvraag een aanvullend akoestisch onderzoek (laten) doen naar de benodigde gevelwering van de betreffende woning(en). 72

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Voor normale muziekevenementen gaan we voor de nachtperiode uit van ‘slaapverstoring' en de grenswaarde voor ‘geen hinder’ in de woning. Het maximale binnenniveau in de nachtperiode bedraagt 25 + 0 = 25 dB(A). Als we rekening houden met gemiddelde gevelisolaties van 20 dB, mag men uitgaan van een gevelbelasting van maximaal 45 dB(A). Er is dan geen sprake meer van muziekgeluid, hooguit achtergrondmuziekgeluid op grote afstand. Bij de geluidbelasting bij FOH rekent men vaak met een afstand van 20 tot 25 meter van het podium/opstelling boxen. Grofweg kunnen we rekenen met een afstandsdemping van 36 dB(A). Bij een ‘gehoorgrens’ voor volwassenen heeft het podium een maximaal bronvermogen van 100 + 36 = 136 dB(A) (en 150 dB(C)). Het oor ligt dan op de box. We gaan er hierbij vanuit dat de bezoeker de aangeboden gehoorbescherming vrijwillig draagt. dB(C) normering De dB(C) normering is afhankelijk van de optredende dB(A) waarde in combinatie met het optredende muziekspectrum. De aanvrager geeft dit aan. Volgens de 'NSG-Richtlijn muziekspectra in de horeca’ (maart 2015) accepteren we een muziekspectrum met bastonen overeenkomstig het pop/dance/house/ultrabass-spectrum. Het verschil tussen de dB(A) waarde en dB(C) waarde varieert volgens deze richtlijn positief tussen de zes en twintig dB.

Met de keuze van het spectrum ligt hiermee ook de te vergunnen dB(C) waarde op enig meetpunt vast. Bij een B-evenement met een housespectrum vergunnen we naast bijvoorbeeld een 75 dB(A) ook een 89 dB(C) grenswaarde. Dezelfde redenering geldt voor de grenswaarde FOH van 100 dB(A) en dus 114 dB(C) voor volwassenen. Omdat de grenswaarden A-gewogen zijn, drukken we het toelaatbare geluidniveau ook in dB(A) uit. Bij een A-gewogen geluidniveau wegen we de lage tonen minder mee dan de midden en hoge tonen. Dit betekent dat de bassen kunnen toenemen terwijl het totale Agewogen geluidniveau niet of nauwelijks verandert. De organisatie van het evenement en handhavers van een gemeente kunnen hierdoor moeilijk inschatten of het geproduceerde geluidniveau aansluit bij de uitgangspunten van het akoestisch onderzoek. Het hulpmiddel hierbij is het C-gewogen geluidniveau. In de C-weging beoordelen we de lage tonen zwaarder. Het verschil tussen het A- en C-gewogen geluidsniveau zegt hierdoor iets over de mate van lage tonen. In tabel 2 en hieronder geven we weer wat het verschil is tussen het A- en C-gewogen geluidsniveau per muziekspectrum. Toelichting akoestisch onderzoek Uitgangspunt is een drempelwaarde van 60 dB(A) en 74 dB(C) op de gevel van een omliggende woning. In de woning is er dan sprake van een geluidbelasting van 40->50 dB(A).

Vanuit de Nota Limburg is er dan sprake van een status ‘veel hinder' voor spraakverstaanbaarheid. Komt het muziekgeluid van het evenement boven deze waarde of wordt dit aannemelijk gemaakt, dan is bij de ontheffing een akoestisch onderzoek nodig. Op locaties waar vaker evenementen zijn gehouden, is deze akoestische informatie meestal al bekend. De vergunningverlener kan dan afzien van de onderzoeksplicht. Hij geeft de ontheffing dan af op basis van de bestaande informatie. Bij welke afstand wordt de drempelwaarde van 60 dB(A) bij een normaal muziekevenement bereikt? Wanneer bij een evenement de geluidbelasting op het podium 73

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

gemiddeld 125 dB(A) is, is een afstand van ongeveer vijfhonderd meter nodig om dit geluid te dempen naar 60 dB(A). Omdat binnen deze range vrijwel altijd woningen staan, geldt voor deze evenementen een onderzoeksplicht. In bijlage 4 is een tabel opgenomen die de afstandsdemping in dB weergeeft. Best Beschikbare Technieken Het uitgangspunt bij elk evenement is dat de geluidbelasting op omliggende woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen zo laag mogelijk is. Om dit te bereiken moet de organisator van het evenement:  Niet meer geluid produceren dan nodig is voor het betreffende evenement.  Geluidreducerende/-sturende maatregelen nemen die minimaal voldoen aan de Best Beschikbare Technieken (BBT). Het begrip ‘Beste Beschikbare Technieken’ (BBT) - voorheen bekend als ‘As Low As Reasonably Achievable’ (ALARA) - is afkomstig uit de milieuwetgeving. Op grond van artikel 2.14 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) moet bij de verlening van een vergunning worden meegewogen of een organisator van een milieubelastende activiteit de beste beschikbare technieken toepast. Voor de inhoud van het beginsel van BBT sluiten we aan bij de begripsbepalingen uit de Wabo. Door het treffen van BBT-maatregelen voorkomen we zoveel mogelijk onnodige geluidsemissie. Bij evenementen moet de organisator het BBT-principe (Best Beschikbare Technieken) toepassen.

Dit zijn technieken om de geluidsoverdracht naar de omgeving zoveel als mogelijk te beperken. De technieken die een organisator in ieder geval moet toepassen, zijn:  het opstellen van podia en speakers in de meest optimale richting.  Het zo laag mogelijk ophangen van gevlogen speakers.  Het zo goed mogelijk richten van speakers op het publiek.

 gebruik maken van cardioïde opgestelde subs in een 1:2 verhouding als: o dit nodig is om aan de geluidnorm te kunnen voldoen; o dit een reductie oplevert van ten minste vijf dB(A) op de gevel van een woning, ongeacht of al aan de geluidnorm wordt voldaan; o er woningen binnen 25 meter van de achterzijde van een podium liggen.

 Het kantelpunt of de cross-over tussen subs en topkasten ligt op of boven de tachtig Hertz.  Gevlogen subwoofers zijn niet toegestaan.  Zogenaamde ‘end fire’ technieken zijn niet toegestaan.  Het geluid onder de veertig Hertz moet worden afgefilterd met een verval van zes dB per tertsband*. * Affilteren is een maatregel om hinder van (zeer) lage tonen te verminderen. Het geluidniveau onder een bepaalde frequentie wordt verminderd met een filter die 74

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

naarmate de frequentie lager wordt, het geluidniveau steeds verder reduceert. Soundchecks Soundchecks vinden bij voorkeur plaats op de dag van het evenement zelf en duren niet langer dan dertig minuten per podium/area. Als het organisatorisch niet anders kan, kunnen soundchecks de dag voorafgaand aan het evenement plaatsvinden. Soundchecks worden niet voor 10:00 uur en niet na 22:00 uur gehouden. Voor soundchecks gelden dezelfde maximale geluidniveaus als in de ontheffing zijn opgenomen. Bijlagen bij geluid Bijlage 1: Meet- en rekenprotocol Bijlage 2: Overzicht van bronnen en literatuur Bijlage 3: Begrippenlijst Bijlage 4: Indicatie afstandsdemping vrije-veld situatie (HMRI 1999)

75

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Bijlage 1: Meet- en rekenprotocol

1. Inleiding Dit meet- en rekenprotocol (hierna: het protocol) is van toepassing op muziekgeluid van een evenementen in de open lucht die binnen gemeente Heerenveen worden gehouden. Het protocol is opgesteld om een eenduidige en heldere werkwijze te creëren voor het meten en rekenen met evenementengeluid in het algemeen en muziekgeluid in het bijzonder. Dit protocol is een onlosmakelijk onderdeel van de bijlage ‘Geluidnormen voor evenementen in de open lucht gemeente Heerenveen’ bij het evenementenbeleid. We werken het protocol periodiek bij op basis van ervaringen en voortschrijdende inzichten. De gemeente Heerenveen houdt bij de geluidmetingen de Handleiding meten- en rekenen industrielawaai 1999 (hierna: HMRI) aan als leidraad. De HMRI is echter opgesteld voor industrielawaai en hierdoor niet op alle onderdelen geschikt voor muzieklawaai van evenementen. In dit protocol staat hoe wij de HMRI toepassen bij de evenementen met als uitgangspunt ‘meten = weten’. 2. 2.1

Algemeen Beoordelingspunten

 De grenswaarden voor evenementengeluid gelden op de gevels van omliggende woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen (zoals ziekenhuizen, verpleeghuizen en scholen) of op vastgestelde referentiepunten.  Een (blinde) gevel zonder ramen en deuren beschouwen we niet als beoordelingspunt.  Een (dove) gevel zonder te openen delen beschouwen we wel als beoordelingspunt.  De beoordeling vindt plaats op alle verdiepingen van een gebouw waarop zich geluidsgevoelige ruimten bevinden. In het akoestisch onderzoek moet men hiervoor rekenpunten opnemen op alle relevante verdiepingen. Geluidmetingen kunnen zich beperken tot het aantal maatgevende beoordelingspunten dat blijkt uit het akoestisch onderzoek.  Om praktische redenen kan beoordeling plaatsvinden op referentiepunten. Hierbij moet worden berekend welk geluidniveau men als grenswaarde moet aanhouden.  Er wordt beoordeeld op een hoogte van anderhalve meter in de dag- en avondperiode.  Er wordt beoordeeld op een hoogte van vijf meter in de nachtperiode.

2.2

Beoordelingsgrootheid

We stellen de grenswaarden voor evenementengeluid in zowel LAeq als LCeq (het equivalente A/Cgewogen invallende geluidniveau). Bij het vaststellen van de beoordelingsgrootheid gelden de volgende correcties, die we verderop in het protocol nader toelichten:  Bij aanwezigheid van stoorgeluid, een stoorgeluidcorrectie C-stoor tot maximaal drie dB.  Bij aanwezigheid van gevelcorrectie, een gevelreflectiecorrectie Cg van drie dB.  Geen bedrijfsduurcorrectie Cb. 76

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

 Geen toeslagen voor muziek-, tonaal- en impulsgeluid (respectievelijk K1, K2 en K3).  In de regel geen meteocorrectie Cm (uitzonderingen per locatie zijn mogelijk). De beoordelingsgrootheid LAeq en LCeq wordt bepaald door geluidniveau dat gedurende minimaal drie minuten onafgebroken is gemeten en indien nodig wordt gecorrigeerd voor stoorgeluid, gevelreflectie en meteocorrectie. 2.3

Afronding getallen

De rekenkundige tussenresultaten worden gepresenteerd tot één cijfer achter de komma. De beoordelingsgrootheden worden opgegeven in hele dB's. Deze getallen worden afgerond volgens NEN 1047. Hierbij geldt, dat wanneer het af te ronden getal op een vijf eindigt, dit wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde gehele even getal. Dit betekent dat 40,5 dB wordt afgerond naar 40 dB en 45,5 dB naar 46 dB. 2.4

Eisen meetsysteem

Voor het verrichten van metingen volgens het protocol, moet het meetsysteem minimaal voldoen aan:  Een precisie geluidniveaumeter volgens de specificaties van IEC-publicatie 651: 1979, type I met een rondomgevoelige microfoon.  Een voorziening voor de bepaling van het equivalente geluidniveau op basis van continue integratie van het signaal (‘real time').  Octaafbandfilters (of tertsbandfilters) volgens de specificatie van IEC-publicatie 1260: 1995.De middenfrequenties van de octaafbanden dienen gekozen te worden overeenkomstig ISO 266: 1997 en de banden 31,5 Hz tot en met 8000 Hz te omvatten.  Een windkap of een windbol.  Een microfoonstatief tot vijf meter hoogte.  Er mogen digitale analyse- of monitoringssystemen worden gebruikt die door snelle bemonstering van tijdsignalen geluiddrukken kunnen meten. De microfoons, voorversterkers en functionaliteit van de software moeten voldoen aan de eisen van de genoemde IECpublicatie.  Voor en na iedere serie metingen moet het gehele meetsysteem, inclusief microfoons en kabels, op de voor de apparatuur voorgeschreven manier worden gekalibreerd met een akoestische ijkbron, die binnen een marge van een halve dB een constant signaal geeft.

Als na afloop van de meetserie bij het kalibreren blijkt dat het meetsysteem niet betrouwbaar is (de afwijking ten opzichte van het constante signaal is groter dan een halve dB), moet men de betreffende metingen, als het mogelijk is opnieuw uitvoeren.  Bij meerdaagse metingen moet men het meetsysteem dagelijks kalibreren.  Het gehele meetsysteem, inclusief de akoestische ijkbron(nen), moet tenminste iedere twee jaar uitgebreid en controleerbaar worden getest. Dit testcertificaat is onderdeel van de aanvraag. 77

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

3.

Uitvoeren geluidmetingen

3.1

Meetmethode

Geluidsmetingen tijdens evenementen worden volgens Methode II.1 van de HMRI uitgevoerd, met toevoegingen en/of uitzonderingen zoals in dit protocol zijn beschreven. Deze methode bestaat uit immissiemetingen die direct nabij de woningen (of andere geluidgevoelige gebouwen) of vastgestelde meetpunten worden verricht. Soms liggen woningen op grote afstand, waardoor metingen niet meer betrouwbaar zijn voor een goede handhaving. Dan kiezen we voor referentiepunten tussen het evenement en de woningen. In deze gevallen is dit referentiepunt ook het beoordelingspunt en geldt aldaar de nog vast te leggen geluidsnorm. Voor het meten van het C-gewogen geluidniveau, zwaait men bij handmatige metingen de microfoon rustig heen en weer over een afstand van ongeveer anderhalve meter. 3.2

Vereist kennisniveau

Van personen die namens de gemeente of namens een organisator van muziekevenement geluidmetingen uitvoeren, verwachten we dat zij aantoonbaar geschikt zijn om deze metingen goed, betrouwbaar en volgens dit meet- en rekenprotocol uit te voeren. Hun kennis en ervaring kan blijken uit een gevolgde relevante opleiding in combinatie met adequate werkervaring (PHB Milieugeluid/Akoestiek, specifieke gemeentelijke cursussen voor het meten van evenementengeluid en/of werkzame jaren bij een omgevingsdienst of akoestisch adviesbureau). 3.3

Beoordelings- en meethoogte

 De beoordeling van het invallende LAeq en LCeq gebeurt op de gevels van woningen op de hoogte waar zich geluidsgevoelige ruimten bevinden.  We meten zoveel mogelijk op de beoordelingspunten en doen dit in principe op anderhalve meter hoogte.  Ook metingen op een referentiepunt gebeuren op anderhalve meter hoogte.  Als een meethoogte van anderhalve meter onmogelijk is, kan hiervan worden afgeweken.

3.4

Meettijd en aantal metingen

Het gemiddelde A/C-gewogen geluidniveau (LAeq en LCeq) wordt bepaald over een (zuivere meet)tijd van minimaal drie minuten (ondanks dat evenementengeluid een fluctuerende bron is en volgens de HMRI zo lang moet worden gemeten tot de meettijd geen invloed meer heeft op de meetwaarde). Bij het monitoren van het geluid wordt het voortschrijdende gemiddelde (of lopend gemiddelde) bepaald, steeds over de laatste drie minuten. 3.5

Stoorgeluid

Stoorgeluiden kunnen de geluidmetingen sterk beïnvloeden. Hiervoor moet tijdens het uitvoeren van geluidsmetingen dan ook aandacht zijn. Het beoordelen van stoorgeluid kan door te meten op stille(re)momenten tijdens het evenement en/of door tegelijkertijd 78

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

onder gelijke omstandigheden het stoorgeluid te meten op een punt dat verder van de bron verwijderd is.  De beoordeling van stoorgeluid moet bij voorkeur spectraal worden uitgevoerd.  Als het stoorgeluidniveau tien dB of meer onder het signaalniveau ligt, mogen we er vanuit gaan dat het stoorgeluid de meting niet beïnvloedt. Cstoor is dan gelijk aan nul.  Als het stoorgeluid minder dan drie dB onder het signaalniveau ligt, is de meting niet betrouwbaar.  Als het stoorgeluidniveau tussen de drie en tien dB onder het signaalniveau ligt, moet een stoorgeluidcorrectie (Cstoor) worden toegepast door het stoorgeluid energetisch af te trekken van het gemeten geluidniveau.  De stoorgeluidcorrectie is beperkt tot drie dB op het totale geluidniveau of zeven dB in een octaafband. In het laatste geval mag door deze correctie het totale niveau niet met meer dan drie dB worden gecorrigeerd.  In het meetverslag (zie paragraaf 3.9) moet altijd worden omschreven in welke mate stoorgeluiden zijn waargenomen en hoe hiermee is omgegaan.

3.6

Gevelreflectie

Een deel van het geluid dat op een gevel terechtkomt, reflecteert. Hierdoor kan het geluidsniveau voor de gevel hoger zijn. De mate van reflectie hangt onder andere af van de hoek van inval, het materiaal van de gevel en het spectrum van het geluid. De geluidsnormen zijn gerelateerd aan het invallende geluidsniveau op de gevel. Dit betekent dat als er in de praktijk wordt gemeten inclusief reflectie van de gevel, er gecorrigeerd moet worden voor deze reflectie. Hoewel de hoeveelheid reflectie kan verschillen, kozen we voor één correctiewaarde van drie dB.  Bij voorkeur wordt het invallende geluidniveau gemeten zonder reflectie, bijvoorbeeld op een punt direct naast een woongebouw, op gelijkwaardige afstand van de bron. Er wordt dan geen correctie toegepast.  Als het nodig is, wordt het invallende geluidniveau direct voor de gevel van de betreffende woning gemeten.  Als het geluidniveau voor een gevel moet worden bepaald, wordt gemeten op een afstand van twee meter voor het verticale vlak.  Waar wordt gemeten met reflectie, wordt een correctie van min drie dB toegepast op de meetwaarde.  Vermijd situaties waar meerdere reflecties optreden zo veel mogelijk.  Voor het meten van het C-gewogen geluidniveau zwaaien we bij handmatige metingen de microfoon rustig heen en weer, over een afstand van zo’n anderhalve meter.

79

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

3.7

Meteocondities

Door meteorologische omstandigheden kan de geluidsoverdracht sterk variëren. Zeker over grotere afstanden (> vijftig meter). Maar door het kortdurende karakter van evenementen kunnen we met deze weersomstandigheden slechts zeer beperkt rekening houden.  Tijdens evenementen hoeft men niet onder ‘meteoraamcondities’ - zoals in de HMRI vermeld - te meten. Ook niet bij metingen op grotere afstanden dan vijftig meter.  In de regel wordt bij de beoordeling van het geluid geen meteocorrectie toegepast (Cm = nul dB).

3.8

Metingen preventie gehoorschade

 Voor metingen in het kader van preventie gehoorschade gelden de volgende regels:  Het gemiddelde A/C-gewogen geluidniveau (LAeq en LCeq) wordt bepaald over een (zuivere meet) tijd van vijftien minuten.  Bij het meten van het geluid wordt het voortschrijdende gemiddelde (lopend gemiddelde) bepaald, tekens over de laatste vijftien minuten.  Metingen worden uitgevoerd ter plaatse van de mengtafel (Front of house), op een hoogte van twee meter boven het vloerveld op maximaal 25 meter uit het podium.

3.9

Meetverslag

Het meetverslag moet in ieder geval de volgende onderdelen bevatten:  Naam, datum en omschrijving van het evenement.  Verwijzing naar de vergunning en dit protocol.  Situatieschets of luchtfoto met de ligging van het evenement en de meetpunten.  Overzicht van de meetposities, adressen en meethoogtes.  Omschrijving stoorbronnen per meetpositie/meting.  Omschrijving van de weersomstandigheden.  Toegepaste correcties met onderbouwing.  Overzicht van de meetresultaten, afgerond in hele getallen, per meetpositie.  Overzicht van de metingen ten behoeve van preventie gehoorschade.  Bij verslagen van monitoring: o Grafieken van het verloop per meetlocatie, per drie minuten (leesbaar); o Grafieken van het verloop van de windsnelheid en -richting (indien van toepassing).  Overzicht van de gebruikte apparatuur.  Meetverslag/directe metingen geluidsmeter/ monitorstation(s) als bijlage.

80

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

4. Uitvoeren berekeningen Dit gedeelte van het protocol geeft aan hoe men de geluidbelasting in de omgeving kan voorspellen in een akoestisch onderzoek. Hier worden ook de meest recente BBTmaatregelen bij betrokken. Met deze berekeningen wordt nagegaan of het evenement past bij de betreffende locatie en of de best beschikbare technieken worden toegepast. Evenementengeluid kunnen we natuurlijk niet tot op de enkele dB nauwkeurig onderzoeken. Vooraf voorspellen hoe veel geluid een evenement precies produceert is moeilijk en het zegt maar tot op zekere hoogte iets over de werkelijkheid. Het uitgangspunt van het akoestisch onderzoek is dat het geluidniveau bij het publiek niet harder mag zijn dan nodig (en nooit harder dan honderd dB(A) op 25 meter FoH) maar ook niet zo zacht dat het veel invloed heeft op de geluidbeleving. De onderstaande uitwerking moeten we zien als voorbeeld van hoe met een gangbaar rekenpakket (Geomilieu, module IL) een zo goed mogelijke inschatting kunnen maken van de geluidbelasting tijdens een evenement. 4.1

Rekenmethode

Voor de prognose van de geluidbelasting tijdens een gepland evenement wordt een akoestisch rekenmodel opgesteld. Dit model berekent de geluidoverdracht van een bron naar de ontvanger. De berekeningen moeten worden uitgevoerd volgens methode II.8 van de HMRI, met inachtneming van de toevoegingen en uitzonderingen van dit protocol. 4.2

Vereist kennisniveau

Van personen die namens een organisator van een evenement geluidsberekeningen uitvoeren, verwachten we dat zij aantoonbaar geschikt zijn om deze berekeningen deugdelijk, betrouwbaar en volgens dit meet- en rekenprotocol uit te voeren. Hun kennis en ervaring kan blijken uit een gevolgde relevante opleiding in combinatie met adequate werkervaring (PHB Milieugeluid/Akoestiek en werkzame jaren bij een akoestisch adviesbureau). 4.3

Rekensoftware

Er bestaan verschillende softwarepakketten voor het rekenen met geluid. Hierbij is er een onderscheid tussen software voor het berekenen van elektro-akoestische parameters en software voor het berekenen van de geluidsoverdracht. Het ene pakket is bedoeld voor hoe het FoH-systeem kan worden geconfigureerd voor het beste geluid bij het publiek. Het andere is bedoeld voor het prognosticeren van de geluidbelasting in de omgeving. Helaas zijn de functionaliteiten van de diverse beschikbare pakketten nog niet optimaal voor het rekenen met evenementengeluid. Ten tijde van het opstellen van het meet- en rekenprotocol wordt het rekenprogramma Geomilieu, module IL van DGMR als het meest toegepaste programma gezien voor het berekenen van de geluidsoverdracht van evenementengeluid. Om praktische overwegingen houden we het rekenprogramma Geomilieu aan als de ‘standaard’ om prognoseberekeningen mee uit te voeren. 5. Eisen akoestisch onderzoek Organisatoren van muziekevenementen moeten voorafgaand aan het evenement een akoestisch onderzoek laten uitvoeren. Dit moet bij de vergunningsaanvraag worden ingediend.

81

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Het onderzoek moet voldoen aan het meet- en rekenprotocol van de gemeente Heerenveen en de HMRI voor de onderdelen waarnaar in de HMRI wordt verwezen, of waar het protocol niet in voorziet. Het onderzoeksrapport moet helder en doelmatig zijn opgesteld en als volgt zijn ingedeeld: 

Inleiding o

Korte en bondige inleiding van het onderzoek.

Activiteiten evenement o

Omschrijving (type) evenement, aantal bezoekers, tijden, type muziek, etcetera.

o

Overzichtstekening milieubelastende activiteit en grens van het terrein.

o

Opgaaf aantal podia, omschrijving en specificaties geluidsystemen.

Omschrijving omgeving o

Luchtfoto met bebouwing uit het BAG-register en hierin aangeduid de ligging van het evenement en de woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen.

o

Bondige omschrijving van de meest relevante omgevingskenmerken.

Akoestisch rekenmodel o

Omschrijving toegepaste rekenmethodiek en software.

o

Verwijzing naar het meet- en rekenprotocol.

o

Omschrijving representatieve bedrijfssituatie van de directe hinder voor het geluid van het evenement, de op- en afbouw en overig geluidhinder.

o

Overzicht ingevoerde geluidsbronnen met bronvermogens en spectrale verdeling.

o

Varianten podia-opstellingen voor de meest gunstige speelrichtingen.Overzicht toegepaste maatregelen en beoogde reducties op basis van de BBT-Lijst.

o

Als bepaalde maatregelen niet doelmatig of mogelijk worden geacht, dient dit onderbouwd te worden.

Rekenresultaten o

Overzicht geluidbelasting op de beoordelingspunten in dB(A) en dB(C) inclusief gehanteerde correcties.

o

Altijd een rekenpunt op het Front of House in dB(A) en dB(C) (afstand afhankelijk van omvang FoH-gebied).

Meetplan o

Voorstel voor de meest relevante meetpunten in alle vier de windrichtingen (dit zijn minimaal drie meetpunten in een hoek van 120 graden ten opzichte van het evenemententerrein).

o

Het plan omvat een meetpunt bij de FoH van elk podium. Niet bij kleine podia die aantoonbaar geen bijdrage leveren aan de totale geluidbelasting op enige woning. 82

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Conclusie o

Bondige conclusie met toetsing geluidbelasting aan grenswaarden.

o

Opgaaf hoogste geluidbelasting op het maatgevende beoordelingspunt.

Bijlagen o

Plot met ligging bronnen en rekenpunten in het rekenmodel en plot ingezoomd op de bronnen.

o

Uitdraai rekenmodel met rekenresultaten.

o

Overzicht met invoergegevens, inclusief eigenschappen, rekenmodel met: ▪

Geluidsbronnen

▪

Schermen

▪

Bodemgebieden

o

Tekening indeling evenement.

o

Het rekenmodel dient als losse digitale bijlage ter controle meegestuurd te worden.

Bijlage 2: Overzicht van bronnen en literatuur  Bestaande wet- en regelgeving en andere relevante beleidsstukken.  Omgevingsplan Heerenveen  Beluit activiteiten leefomgeving (Bal).  Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Heerenveen.  Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).  De Zondagswet, 15 oktober 1953.  Evenementen met een luidruchtig karakter van ing. G.D. Cremers, uitgave van de Inspectie Milieuhygiëne Limburg, januari 1996.  Handleiding meten en rekenen industrielawaai, 1999.  Richtlijn Muziekspectra in horecabedrijven, een uitgave van de Nederlandse Stichting Geluidhinder, maart 2015.  Derde Convenant preventie gehoorschade muzieksector tussen het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de vereniging Nederlandse POP podia en festivals en de Vereniging van evenementenmakers (V.V.E.M), 5 december 2018.  Omgevingswet, 1 januari 2024.

Bijlage 3: Begrippenlijst Hieronder volgt een overzicht van definities over deze bijlage. De lijst is niet uitputtend, maar bedoeld om op sommige begrippen een nadere uitleg/verklaring te geven. 83

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Akoestisch onderzoek:

Een akoestisch onderzoek is een rapport van een geluidmeting of geluidberekening gemaakt door een akoestisch ingenieursbureau

ALARA beginsel:

As Low As Reasonably Achievable.

BBT:

Best Beschikbare Technieken.

dB(A):

Eenheid voor geluid (de decibel), gecorrigeerd naar de gevoeligheid van het menselijk oor (de Acorrectie).

dB(C):

Eenheid voor geluid (de decibel), de C-correctie is met name geschikt voor metingen van hoge geluidniveaus. Het frequentiespectrum onder de 500 Hz wordt veel beperkter gecorrigeerd dan bij de A-correctie, waardoor de bijdrage van het laagfrequent geluid in het optredende muziekspectrum beter wordt beoordeeld.

Equivalent geluidniveau:

Het energetisch gemiddelde van de fluctuerende geluiddrukniveaus van het ter plaatse gedurende een bepaalde periode optredende geluid (Leq).

Evenement:

Hiervoor wordt verwezen naar de definitie uit de algemene plaatselijke verordening van de gemeente Heerenveen.

Frequentieband:

Een aaneengesloten bereik van frequenties van geluid. Geluid is een materiële drukgolf.

Front of House (FOH):

Vastgesteld meetpunt bij de mengtafel/regietoren tussen 20 en 25 meter vanaf de geluidbron/podium.

Geluidhinder:

In deze bijlage gaat het over hinder door hoorbaar geluid bij mensen (tussen de 20 en 20.000 Hz).

Geluidontheffing:

Met het verlenen van een geluidontheffing wordt een bepaalde mate van hinder naar de omgeving toegestaan. De geluidontheffing wordt verleend op basis van artikel 4.6 van de APV.

Muziekgeluid:

Samenspel van zang en/of muziekapparaten (bijvoorbeeld muziekinstrumenten of muziekdragers), wel dan niet versterkt.

Onversterkte muziekgeluid:

Onder onversterkte muziek wordt in deze bijlage verstaan muziekgeluid dat niet door een elektronisch luidsprekerssysteem publiekelijk ten gehore wordt gebracht.

Soundcheck:

Het inregelen van de muziekinstrumenten.

Versterkte muziekgeluid:

Onder versterkte muziek wordt in deze bijlage verstaan muziekgeluid dat door een elektronisch luidsprekerssysteem publiekelijk ten gehore wordt gebracht. 84

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

85

Evenementenbeleid 2026 Gemeente Heerenveen

Colofon Opdrachtgever:

het college van burgemeester en wethouders

Opdracht:

Evenementenbeleid 2026

Versie:

0.8

Omvang:

86 86pagina’s

Opdrachtnemer:

Team Bijzondere Wetten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Heerenveen&id=609fcc88-85ec-4c11-a7a2-5934145a0d1c